Beantwoording SV 2020 nr 254 over School nabij LPG-tankstation.pdf
Tekst van het document
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE RAADSVRAGEN 2020, NUMMER 254 Datum Van Behandeld door Doorkiesnummer E-mailadres Kenmerk Beleidsveld
12 januari 2021 College B&W Saskia Nieuwenhuizen en Arjan van Rijn 030-2860008 s.nieuwenhuizen@utrecht.nl 2798265 Ruimtelijke Ontwikkeling
Geachte leden van de raad, Hierbij ontvangt u de beantwoording van de schriftelijke raadsvragen jaargang 2020 nummer 254 van raadslid Heijne (GroenLinks) van 31 oktober 2020 over School nabij LPG-tankstation. De gestelde vragen zijn onderaan bijgevoegd. Vraag 1 Uit de beantwoording van de wethouder blijkt dat de vergunning voor de uitbreiding van de school kon niet kon worden geweigerd. Waarom niet? Klopt het dat het college het niet wenselijk vond om de vergunning af te geven? Als het college volgens de regels een vergunning moet afgeven die zij niet wenselijk acht, welke mogelijkheden zijn er dan om te zorgen dat dergelijke vergunningen niet meer afgegeven hoeven worden? Antwoord 1 Elke aanvraag om omgevingsvergunning moet op grond van de Wabo getoetst worden aan het bestemmingsplan, de bouwverordening, het bouwbesluit en de redelijke eisen van welstand. Als een aanvraag hieraan voldoet, zoals de uitbreiding van de school, dan moet de vergunning verleend worden en mag deze niet geweigerd worden (ook bekend als het “limitatief-imperatief” stelsel). Omdat wij het inderdaad niet wenselijk vonden om deze vergunning te verlenen, hebben wij contact opgenomen met de aanvrager. De aanvrager persisteerde in zijn aanvraag en wilde dat wij een beslissing op de aanvraag zouden nemen. Dit hebben wij vervolgens gedaan.
In de vergunning die verleend is aan de Stichting Primair onderwijs is expliciet aandacht gevraagd voor het geven van voorlichting aan de gebruikers van het pand, zodat zij op de hoogte zijn van het potentiele gevaar van uit de omgeving en in het geval van een calamiteit over een goede instructie beschikken en weten hoe te handelen. Vraag 2 Er wordt bekeken op welke termijn de situatie afgebouwd kan worden. In welke richting denkt u als u het heeft over het afbouwen van de situatie? Op welke termijn zou de situatie afgebouwd, of liever, opgeheven kunnen worden? Antwoord 2 Met BP is regelmatig constructief overleg gevoerd over beëindiging van de verkoop van LPG. In 2017 heeft BP aan de gemeente een voorstel gestuurd voor het sluiten van een convenant over het opheffen van de LPG verkoop in de stad met daarin onder andere het voorstel voor door de gemeente
betalen vergoedingen voor het staken c.q. beperken van LPG verkoop. Ook de locatie aan de Meerndijk is hierin opgenomen. Wij hebben uiteindelijk in maart 2020 de voorwaarden waaronder dit convenant kan worden gesloten vastgesteld. Wij zullen uw raad (indien nodig onder geheimhouding) informeren zodra hierover overeenstemming is bereikt. Dit is naar verwachting medio 2021. Vraag 3 Volgens de informatie die ik heb kunnen vinden, ligt de school in het invloedsgebied van het LPG tankstation. Klopt het dat de school in het invloedsgebied van het LPG tankstation ligt? Antwoord 3 In het gebied liggen drie verschillende risicobronnen: het vulpunt, de opslagtank en de afleverzuilen. Voor het externe veiligheidsrisico zijn het lpg vulpunt en de ondergrondse lpg tank maatgevend. Om het vulpunt en de opslagtank ligt een invloedsgebied (in de vorm van een cirkel tot een afstand van 150 meter). In deze invloedsgebieden liggen diverse (gevoelige) bestemmingen. De school De Apollo 11 ligt in het invloedsgebied van het lpg vulpunt en van de lpg opslagtank. Vraag 4 Het grootste risico bij een LPG tankstation is wanneer een LPG-tankwagen het opslagvat komt vullen. Als je venstertijden (in dit geval: buiten schooltijden) afspreekt met de ondernemer dan beperk je het risico voor de school aanzienlijk.
Zijn er dergelijke venstertijden afgesproken? Zo nee, waarom niet? En bent u bereid met de ondernemer in gesprek te gaan om dergelijke afspraken te maken? Antwoord 4 Er zijn geen venstertijden afgesproken met de ondernemer, omdat daar geen grondslag voor is, het past namelijk binnen het BEVI (Besluit Externe Veiligheid Inrichtingen). Omdat schooltijden een groot deel van de dag beslaan en er dus vanuit de regelgeving geen grondslag voor is, zijn venstertijden hier niet haalbaar. Er is dus geen aanleiding om daarover met de ondernemer in gesprek te gaan. Vraag 5 Ik ga er vanuit dat de LPG-tankwagen een speciale route moet volgen. Klopt dat? Zo ja, loopt die route langs de school? Zo ja, is deze route te veranderen? En als de LPG tankwagen geen speciale route hoeft te volgen? Waarom niet? Wat is er voor nodig om te zorgen dat de tankwagen niet langs de school (of andere kwetsbare locaties) rijdt? Antwoord 5 Voor het vervoer van LPG wordt een ontheffing verleend. In deze ontheffing is onder andere vastgelegd welke route er gereden moet/mag worden. Over het algemeen is dit de kortste route vanaf de snelweg naar het vulpunt en vervolgens weer terug naar de snelweg of naar de vastgestelde route voor het vervoer van gevaarlijke stoffen, waarbij zoveel mogelijk de kwetsbare locaties worden gemeden. In dit geval loopt de kortste route niet langs de school.
Vraag 6 De wethouder geeft aan dat er samen met het schoolbestuur is gekeken naar zaken, zoals het geven van voorlichting over gevaarlijke situaties en het omgaan met calamiteiten. Daar zijn afspraken over gemaakt. Welke afspraken zijn precies gemaakt? Met wie zijn die afspraken gemaakt? Is de veiligheidsregio hier bij betrokken? Is de ondernemer van het tankstation daarbij betrokken? Worden de noodsituaties in relatie met het LPG-tankstation wel eens geoefend? Antwoord 6 Bij situaties waar het groepsrisico verandert adviseert de RUD en de VrU. In de vergunning die verleend is aan de Stichting Primair onderwijs is expliciet aandacht gevraagd voor het geven van voorlichting aan de gebruikers van het pand, zodat zij op de hoogte zijn van het potentiele gevaar van uit de omgeving en in het geval van een calamiteit over een goede instructie 2
beschikken en weten hoe te handelen. Ook is het schoolbestuur verzocht de gebruikers van de school goed te informeren over vluchtwegen en regelmatig te oefenen met ontruimen. Daarnaast heeft de branche zelf ook maatregelen genomen. De LPG-branche heeft afgesproken haar LPG-autogastankwagens te voorzien van een hittewerende bekleding. De bekleding vertraagt het ontstaan van een warme BLEVE (Boiling Liquid Expanding Vapour Explosion). Bij een plasbrand zorgt de bekleding ervoor dat het ten minste 75 minuten duurt voordat het kan resulteren in een BLEVE. Hierdoor is er meer tijd om de brand te bestrijden, zodat een warme BLEVE voorkomen kan worden. Ook kan deze tijd benut worden om de omgeving te waarschuwen. De aanwezigen kunnen zichzelf en de verminderd zelfredzame mensen in veiligheid brengen, voordat er eventueel een BLEVE plaatsvindt.
Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris,
de burgemeester,
3
Schriftelijke vragen school nabij LPG tankstation 31 oktober ’20
Gesteld door: Rachel Heijne, GroenLinks
Vragen Tijdens het vragenuur van 3 september werden vragen gesteld over een ondernemer die diverse afwijzingen had gehad op vergunningaanvragen, de vraag was of dit te maken had met de EV regelgeving ivm een nabijgelegen LPG tankstation. Tijdens het vragenuur bleek echter ook dat de Apollo 11-school is uitgebreid conform het daarvoor geldende bestemmingsplan. Daarbij gaf de wethouder ook aan dat hij het een onwenselijke situatie vindt dat deze school zich nabij de LPGopslag en het bijbehorende vulpunt bevindt. Dit roept bij GroenLinks de volgende vragen op: 1. Uit de beantwoording van de wethouder blijkt dat de vergunning voor de uitbreiding van de school kon niet kon worden geweigerd. Waarom niet? Klopt het dat het college het niet wenselijk vond om de vergunning af te geven? Als het college volgens de regels een vergunning moet afgeven die zij niet wenselijk acht, welke mogelijkheden zijn er dan om te zorgen dat dergelijke vergunningen niet meer afgegeven hoeven worden? 2. Er wordt bekeken op welke termijn de situatie afgebouwd kan worden. In welke richting denkt u als u het heeft over het afbouwen van de situatie? Op welke termijn zou de situatie afgebouwd, of liever, opgeheven kunnen worden? 3. Volgens de informatie die ik heb kunnen vinden, ligt de school in het invloedsgebied van het LPG tankstation.
Klopt het dat de school in het invloedsgebied van het LPG tankstation ligt? 4. Het grootste risico bij een LPG tankstation is wanneer een LPG-tankwagen het opslagvat komt vullen. Als je venstertijden (in dit geval: buiten schooltijden) afspreekt met de ondernemer dan beperk je het risico voor de school aanzienlijk. Zijn er dergelijke venstertijden afgesproken? Zo nee, waarom niet? En bent u bereid met de ondernemer in gesprek te gaan om dergelijke afspraken te maken? 5. Ik ga er vanuit dat de LPG-tankwagen een speciale route moet volgen. Klopt dat? Zo ja, loopt die route langs de school? Zo ja, is deze route te veranderen? En als de LPG tankwagen geen speciale route hoeft te volgen? Waarom niet? Wat is er voor nodig om te zorgen dat de tankwagen niet langs de school (of andere kwetsbare locaties) rijdt? 4
6. De wethouder geeft aan dat er samen met het schoolbestuur is gekeken naar zaken, zoals het geven van voorlichting over gevaarlijke situaties en het omgaan met calamiteiten. Daar zijn afspraken over gemaakt. Welke afspraken zijn precies gemaakt? Met wie zijn die afspraken gemaakt? Is de veiligheidsregio hier bij betrokken? Is de ondernemer van het tankstation daarbij betrokken? Worden de noodsituaties in relatie met het LPG-tankstation wel eens geoefend?
5