Beantwoording SV 2020 nr 072 over Veiligheid op en rond Utrechtse scholen.pdf
Tekst van het document
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE RAADSVRAGEN 2020, NUMMER 072
Datum Van Behandeld door Doorkiesnummer E-mailadres Kenmerk Beleidsveld
21 april 2020 College B&W Tanja Heijkamp 030-2869922 t.heijkamp@utrecht.nl 7461287 Openbare Orde en Veiligheid
Geachte leden van de raad, Hierbij ontvangt u de beantwoording van de schriftelijke raadsvragen jaargang 2020 nummer 072 van raadsleden Rajkowski, Meerding en Gilissen (allen VVD) van 30 maart 2020 over Veiligheid op en rond Utrechtse scholen. De gestelde vragen zijn onderaan bijgevoegd. Vraag 1 Herkent het college de trend dat scholen steeds vaker met ernstige veiligheidsincidenten te maken krijgen? Zo nee, waarom niet? Antwoord 1 Wij herkennen zeker dat er incidenten op scholen voorkomen, echter niet dat er sprake is van een toename met ernstige veiligheidsincidenten. Vraag 2 Hoeveel veiligheidsincidenten waren er de afgelopen drie jaar op en rond scholen voor basis- en voortgezet onderwijs in onze gemeente? Om hoeveel meldingen gaat het en in hoeveel gevallen is er ook daadwerkelijk aangifte gedaan? Antwoord 2 Er is in de politiesystemen niet een categorie “veiligheidsincident op en rond scholen”. In de politiesystemen is gekeken naar aangiften van geweldsdelicten (zoals mishandeling en bedreiging) waarbij een bijzondere locatie aangevinkt is, nl. “school”. Daar komen de volgende cijfers uit: Aangiften geweldsdelicten 2107 2018 2019 Basisonderwijs 4 5 7 Voortgezet onderwijs 13 13 15 Vraag 3 Kan het college het aantal meldingen en aangiftes uitsplitsen naar aard, oorzaak en opvolging van de melding/aangiftes? Zo nee waarom niet? Antwoord 3 Nee, zie ons antwoord onder vraag 2.
Vraag 4 Hoe gaan Utrechtse scholen om met veiligheidsincidenten? Zijn er protocollen en/of afspraken en wie ziet erop toe dat deze worden nagekomen en nageleefd? Hoe past het concept ‘Vreedzame School’ hierin? Antwoord 4 In Utrecht werken we met het convenant Veiligheid in en om de school. Hierin staat beschreven hoe te handelen bij veiligheidsincidenten. Convenantspartners zijn alle VO- en MBO-scholen in Utrecht, Politie, Jongerenwerk, Halt, Buurtteam en de gemeente Utrecht. Scholen zijn o.a. verplicht aangifte te doen in geval van diefstal, vandalisme of brand. Daarnaast zijn scholen wettelijk verplicht om een sociaal veiligheidsplan te hebben waarin ze hun aanpak beschrijven. Ook vanuit Vreedzaam is er een plan voor scholen beschikbaar. Dit plan sluit aan bij de lessen die de kinderen krijgen en de cultuur die ontstaat in een Vreedzame School. Elke school geeft hieraan een eigen invulling, passend bij haar eigen specifieke cultuur en werkwijze.
Vraag 5 Zijn er afspraken over het doen van aangifte door de school bij vermeende incidenten? Zo nee, waarom niet? Antwoord 5 Ja, in het convenant Veiligheid in en om de school is hierover het volgende opgenomen: Strafbare handelingen in het schoolgebouw en op het schoolterrein, gericht tegen schoolpersoneel, leerlingen, bezoekers en eigendommen leiden in alle gevallen tot melding bij politie en, na overleg tussen school en politie, eventueel tot aangifte. De politie zal in kennis worden gesteld indien er onveilige of onprettige situaties ontstaan door bijvoorbeeld ernstige pesterijen (ook via social media). Vraag 6 Is het college het met ons eens dat er bij geweldsincident, drugs- of wapenbezit altijd aangifte wordt gedaan? Zo nee, waarom niet Antwoord 6 Zie ook ons antwoord bij vraag 5. School is niet altijd de partij die aangifte kan doen. Als bijvoorbeeld een leerling is geslagen door een andere leerling dient de leerling of zijn/haar ouders/verzorgers aangifte te doen. Na het gebruik van ernstig geweld en het toebrengen van letsel adviseert de politie de ouders/verzorgers om aangifte te doen. Vraag 7 In welke gevallen worden de buurtteams of jeugdzorg ingeschakeld? Welke afspraken zijn hierover gemaakt en worden die volgens het college ook voldoende nageleefd? Antwoord 7 In Utrecht werken we middels de kernpartneraanpak.
Kernpartners vanuit de Jeugdgezondheidszorg, Leerplicht, Samenwerkingsverband van de scholen en Buurtteam staan dicht om de zorgstructuur heen. Zij ondersteunen en versterken school en gezin van een leerling over wie zorgen bestaan. De kernpartner die zich ernstig zorgen maakt om een leerling, meldt dit bij Veilig Thuis. Als het nodig blijkt wordt SAVE ingezet voor de hulpverlening in het gezin. Deze aanpak werkt goed, partijen weten elkaar bij deze signalen goed te vinden. Vraag 8 Bij incidenten op school is een bijkomend probleem dat daders en slachtoffers elkaar na een incident nog steeds tegen zullen komen. In hoeverre wordt er bij incidenten rekening gehouden met dit gegeven? 2
Antwoord 8 In het convenant Veiligheid in en om de school staat het creëren van een veilig klimaat in en om de school voorop. Scholen stemmen met de partners uit dit convenant af hoe in dit soort situaties te handelen. Voorbeelden hiervan zijn: het voeren van gesprekken, het nemen van maatregelen (zoals schorsing van een leerling) of het inzetten van een begeleidings- of hulpverleningstraject. Vraag 9 Deelt het college het uitgangspunt dat bij een ernstig incident de dader wordt verwijderd en niet het slachtoffer? Zo nee, waarom niet? Antwoord 9 Zie ons antwoord bij vraag 8. Vraag 10 Welke waarborgen zijn er dat daders en slachtoffers na een incident niet ongewenst met elkaar worden geconfronteerd? Antwoord 10 Zie ons antwoord bij vraag 8. Vraag 11 Mocht verwijdering aan de orde zijn, welk rol speelt de gemeente bij het zorgen dat leerlingen in elk geval zo snel mogelijk op een andere school terecht kunnen? Antwoord 11 Leerlingen die thuiszitten naar aanleiding van een verwijdering vallen onder de doelgroep thuiszitters. Voor deze groep hebben wij specifieke afspraken. Een verwijdering is een besluit van het bevoegd gezag van de school om de leerling, wegens een bepaalde gedraging, niet meer toe te laten tot de lessen en tot de school. Het bevoegd gezag zal een andere school/instelling moeten vinden die bereid is de leerling toe te laten.
Tot die tijd is de school verantwoordelijk voor het bieden van onderwijs. Vraag 12 Welke rol ziet het college voor zichzelf als het gaat om het voorkomen van incidenten en het bevorderen van de veiligheid op en rond school? Antwoord 12 Wij overleggen regelmatig met de scholen en andere ketenpartners over het creëren van een veilig klimaat in en om de school; het convenant Veiligheid in en om de school is hiervoor de basis. Vraag 13 Is het college van mening dat de bestaande afspraken met de scholen(koepels) voldoen? Zo ja, waaruit blijkt dat? Zo nee, is het college bereid dit onderwerp opnieuw op de agenda te plaatsen van het bestuurlijk overleg met de stichtingen? Antwoord 13 Ja. Momenteel evalueren wij het convenant Veiligheid in en om de school met de ketenpartners, waaronder ook scholen (koepels). Mogelijk leidt de evaluatie tot aanpassing van het convenant.
Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris, de burgemeester
3
SCHRIFTELIJKE VRAGEN “Veiligheid op en rond Utrechtse scholen” Raadsleden Queeny Rajkowski, Tess Meerding en Dimitri Gilissen (allen VVD) (d.d. 30 maart 2020) De laatste tijd bereiken de fractie van de Utrechtse VVD meerdere gevallen van incidenten op Utrechtse scholen voor basis- en voortgezet onderwijs. Een deel van deze incidenten is eerder al via de media naar buiten gekomen. Ook in artikelen in het NRC Handelsblad en het AD van eind februari spreken scholen in andere grote steden hun zorgen uit over de toenemende mate van onveiligheid. Het gaat dan om incidenten met vuurwerk, wapens, maar ook agressie naar leerkrachten en tussen ouders en/of leerlingen onderling. De Utrechtse VVD maakt zich zorgen over deze trend en deze incidenten en heeft hierover de volgende vragen: 1. Herkent het college de trend dat scholen steeds vaker met ernstige veiligheidsincidenten te maken krijgen? Zo nee, waarom niet? 2. Hoeveel veiligheidsincidenten waren er de afgelopen drie jaar op en rond scholen voor basisen voortgezet onderwijs in onze gemeente? Om hoeveel meldingen gaat het en in hoeveel gevallen is er ook daadwerkelijk aangifte gedaan? 3. Kan het college het aantal meldingen en aangiftes uitsplitsen naar aard, oorzaak en opvolging van de melding/aangiftes? Zo nee waarom niet? School moet een plek zijn waar leerlingen, ouders en leerkrachten zich veilig voelen.
Incidenten vergroten het gevoel van onveiligheid en het niet correct opvolgen van incidenten brengt het risico met zich mee dat dit het gevoel van onveiligheid en rechtvaardigheid alleen maar verder aantast. 4. Hoe gaan Utrechtse scholen om met veiligheidsincidenten? Zijn er protocollen en/of afspraken en wie ziet erop toe dat deze worden nagekomen en nageleefd? Hoe past het concept ‘Vreedzame School’ hierin? 5. Zijn er afspraken over het doen van aangifte door de school bij vermeende incidenten? Zo nee, waarom niet? 6. Is het college het met ons eens dat er bij geweldsincident, drugs- of wapenbezit altijd aangifte wordt gedaan? Zo nee, waarom niet? 7. In welke gevallen worden de buurtteams of jeugdzorg ingeschakeld? Welke afspraken zijn hierover gemaakt en worden die volgens het college ook voldoende nageleefd? Bij incidenten op school is een bijkomend probleem dat daders en slachtoffers elkaar na een incident nog steeds tegen zullen komen. 8. In hoeverre wordt er bij incidenten rekening gehouden met dit gegeven? 9. Deelt het college het uitgangspunt dat bij een ernstig incident de dader wordt verwijderd en niet het slachtoffer? Zo nee, waarom niet? 10. Welke waarborgen zijn er dat daders en slachtoffers na een incident niet ongewenst met elkaar worden geconfronteerd? 11.
Mocht verwijdering aan de orde zijn, welk rol speelt de gemeente bij het zorgen dat leerlingen in elk geval zo snel mogelijk op een andere school terecht kunnen? De VVD is van mening dat de gemeente een bijzondere rol heeft om de veiligheid op en rond scholen te bevorderen en scholen daarbij zoveel mogelijk te steunen en ondersteunen?
4
12. Welke rol ziet het college voor zichzelf als het gaat om het voorkomen van incidenten en het bevorderen van de veiligheid op en rond school? 13. Is het college van mening dat de bestaande afspraken met de scholen(koepels) voldoen? Zo ja, waaruit blijkt dat? Zo nee, is het college bereid dit onderwerp opnieuw op de agenda te plaatsen van het bestuurlijk overleg met de stichtingen?
5