Beantwoording schriftelijke vragen 2023 nr. 175 Algemene gehandicaptenparkeerplaatsen
Tekst van het document
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE RAADSVRAGEN 2023, NUMMER 175
Datum Van Behandeld door Doorkiesnummer E-mailadres Kenmerk Beleidsveld
31 oktober 2023 College B&W L. Egberts 030 286 6706 l.egberts@utrecht.nl 11721960 Mobiliteit
Geachte leden van de raad, Hierbij ontvangt u de beantwoording van de schriftelijke raadsvragen jaargang 2023 nummer 175 van Charlotte Passier (Volt), Marijn de Pagter (VVD), Jantine Zwinkels (CDA), Titus Stam (PvdA), Nadia Stylianou (D66) van 21 september 2023 over ‘Algemene gehandicaptenparkeerplaatsen’. De gestelde vragen zijn onderaan bijgevoegd. Vraag 1 Is het college ermee bekend dat er diverse problemen zijn met gehandicaptenparkeerplaatsen in de stad qua aantallen, kwaliteit, vindbaarheid en bereikbaarheid? Zo ja, wat doet het college om deze problemen te verhelpen? Zo nee, waarom niet? Antwoord 1 Ja. In de door uw raad vastgestelde module Parkeren en Toegankelijkheid, onderdeel van de Parkeervisie, staat dat het aanbod aan algemene gehandicaptenparkeerplaatsen moet aansluiten bij de behoefte van de doelgroep. Hiervoor moeten we inventariseren of extra gehandicaptenparkeerplaatsen nodig zijn in gebieden waar veel bezoekers komen en waar we parkeerplaatsen opheffen. Daarnaast zetten we in drukke gebieden (zoals de binnenstad) in op clustering van gehandicaptenparkeerplaatsen om de vindbaarheid te verbeteren en zoekverkeer te verminderen. We hebben daarbij specifieke aandacht voor het aanbod van gehandicaptenparkeerplaatsen bij (bijzondere) voorzieningen (zoals theaters, musea en gezondheidscentra).
Vraag 2 Welke (andere) klachten heeft het college de afgelopen jaren ontvangen over de gehandicaptenparkeerplaatsen in Utrecht? Antwoord 2 We weten (via SOLGU) dat we de (online) informatie over algemene gehandicaptenparkeerplaatsen en de vindbaarheid daarvan, zoals de plattegrond op de gemeentelijke website, moeten verbeteren. Hier werken we nu aan.
Vraag 3 Zijn er naar het oordeel van het college voldoende gehandicaptenparkeerplaatsen? Antwoord 3 Mensen met een gehandicaptenparkeerkaart mogen in Utrecht op alle reguliere parkeerplaatsen gratis parkeren. Op locaties waar de parkeerdruk hoog is, is het voor parkeerders vaak moeilijk om een vrije parkeerplaats te vinden, met voldoende in- en uitstapruimte. Op die locaties is het vooral van belang dat er voldoende algemene gehandicaptenparkeerplaatsen zijn. We moeten nog onderzoeken in hoeverre we extra algemene gehandicaptenparkeerplaatsen moeten aanleggen en/of gehandicaptenparkeerplaatsen kunnen verplaatsen omdat die bijvoorbeeld niet (meer) op logische plekken liggen. We willen volgend jaar een start maken met deze inventarisatie. Vraag 4 Welke cijfers heeft het college over de behoefte aan gehandicaptenparkeerplaatsen en het gebruik van de gehandicaptenparkeerplaatsen? Is het college bereid hier, bijvoorbeeld in samenwerking met SOLGU, onderzoek naar te doen? Antwoord 4 We hebben geen cijfers over de bezetting van algemene gehandicaptenparkeerplaatsen of de behoefte aan gehandicaptenparkeerplaatsen. Over de algemene gehandicaptenparkeerplaatsen in de binnenstad hebben we contact met SOLGU. Op basis van hun inbrengkunnen we extra algemene gehandicaptenparkeerplaatsen aanleggen, of bestaande plekken verplaatsen.
Afhankelijk van de locaties waar het om gaat, kunnen we dit koppelen aan het opheffen van parkeerplaatsen in de binnenstad, om werk met werk te maken. Vraag 5 Hoe bepaalt het college de locaties van gehandicaptenparkeerplaatsen en hoe houdt het college rekening met de kwaliteit en toegankelijkheid? Antwoord 5 We kijken naar de aard van de voorziening, de clustering van voorzieningen, vergelijkbare voorzieningen in de buurt, en al aanwezige gehandicaptenparkeerplaatsen in de directe omgeving. Ook ontvangen we signalen van gebruikers en via SOLGU wanneer er een algemene gehandicaptenparkeerplaats op een locatie ontbreekt of niet goed is ingericht. We betrekken SOLGU bij de aanleg van algemene gehandicaptenparkeerplaatsen voor de kwaliteit en toegankelijkheid van de specifieke parkeerplek. Vraag 6 Welke criteria hanteert het college bij het aanleggen van een gehandicaptenparkeerplaats? Antwoord 6 Bij een verzoek voor het aanleggen van een algemene gehandicaptenparkeerplaats pasten we lange tijd maatwerk en praktijkkennis toe. We werken op dit moment aan de afronding van de ‘beleidsregel gehandicaptenparkeerplaatsen’, die eenduidige richtlijnen bevat voor de aanleg van gehandicaptenparkeerplaatsen. Die gaan bijvoorbeeld over aantallen afhankelijk van de soort voorziening (zoals buurt- of gezondheidscentrum), locatie, parkeerdruk en de inrichting (zoals afmetingen).
We streven ernaar de beleidsregel begin komend jaar te publiceren. De richtlijnen die daarin staan hanteren we bij de aanleg van gehandicaptenparkeerplaatsen. Vraag 7 Welke bestaande gehandicaptenparkeerplaatsen voldoen niet aan die criteria? Op welke termijn zorgt het college ervoor dat die alsnog voldoen?
2
Antwoord 7 We hebben tot nu toe geen criteria gehad die we toepassen op de inrichting van algemene gehandicaptenparkeerplaatsen. Bij het in beeld brengen van het huidige aanbod aan algemene gehandicaptenparkeerplaatsen en de behoefte van de doelgroep, zullen we uiteraard ook naar de kwaliteit kijken aan de hand van de richtlijnen van de beleidsregel. Daarbij is niet overal de juiste maatvoering direct haalbaar, zoals in de historische binnenstad. We kijken in die gevallen naar een oplossing op maat en mogelijkheden in de toekomst, zoals bij herinrichtingen waarbij we de plek gelijk goed inrichten. We delen via onze website informatie over de inrichting van gehandicaptenparkeerplaatsen, zodat gebruikers vooraf kunnen opzoeken of een plek voor hen geschikt is. Vraag 8 Op welke manier peilt het college de tevredenheid over gehandicaptenparkeerplaatsen? Antwoord 8 Via SOLGU, maar ook door signalen van bewoners en bezoekers van de stad weten we waar behoefte is aan een algemene gehandicaptenparkeerplaats of juist niet (omdat de voorziening waarvoor die aanwezig was er niet meer is). Vraag 9 (H)erkent het college dat busjes die regelmatig worden gebruikt niet altijd terecht kunnen in parkeergarages en er dus altijd behoefte blijft aan gehandicaptenparkeerplaatsen op straat? Antwoord 9 Ja.
We weten dat er (aangepaste) busjes zijn die niet in alle parkeergarages terecht kunnen vanwege hoogtebeperkingen. Vraag 10 Gedoogt het college het parkeren van bijvoorbeeld rolstoelbussen op stoepen? Zo ja, op welke wijze? Zo nee, waarom niet? Antwoord 10 Parkeren op de stoep is niet toegestaan, hierbij is geen uitzondering voor rolstoelbussen. Door parkeren op de stoep kan de verkeersveiligheid en de toegankelijkheid in het gedrang komen. Voetgangers, zeker mensen met een rollator, rolstoel of een kinderwagen worden gehinderd als op de stoep wordt geparkeerd. Ook kan het zicht voor andere weggebruikers ontnomen worden, waardoor gevaarlijke verkeerssituaties kunnen ontstaan. Direct in- en uitstappen bij halen en brengen wordt in praktijk wel toegestaan. Vraag 11 Op welke manier wordt ervoor gezorgd dat er voldoende ’gehandicaptenparkeerplaatsen zijn/blijven in autoluwe/autovrije gebieden, ook buiten parkeergarages? Antwoord 11 In de module Parkeren en Toegankelijkheid is opgenomen dat bij gebiedsontwikkelingen, die veelal autoluw ontwikkeld worden, vooraf goed toegankelijke en betaalbare mobiliteitsoplossingen geregeld en vastgelegd moeten zijn voor de doelgroep. Wanneer een parkeergarage geen goede oplossing is voor de doelgroep, moet er een passend alternatief geboden worden.
Hoe dat alternatief er uit ziet is maatwerk en afhankelijk van de kenmerken van het specifieke gebied. Een mogelijkheid is om alsnog in de openbare ruimte een gehandicaptenparkeerplaats aan te leggen. In bestaande gebieden zoals (het voetgangersgebied in) de binnenstad, met parkeergarages die lastig achteraf aan te passen zijn, moeten op straat uiteraard voldoende algemene gehandicaptenparkeerplaatsen zijn. Hiervoor bekijken we het huidige aanbod en de behoefte aan algemene gehandicaptenparkeerplaatsen en zorgen we indien nodig voor extra plekken. 3
Vraag 12 Is het college het met de indieners eens dat het wenselijk is om op voldoende plekken in de binnenstad aan de rand van de binnenstad voldoende ’gehandicaptenparkeerplaatsen te hebben? Zo ja, hoe zorgt het college hiervoor? Antwoord 12 Ja, het is wenselijk om in de binnenstad voldoende algemene gehandicaptenparkeerplaatsen te hebben. Zie antwoord op vraag 4 hoe we daarvoor zorgen. Vraag 13 Wat waren de resultaten van de genoemde proef? Antwoord 13 In een tweejarige proef zijn op 50 algemene gehandicaptenparkeerplaatsen sensoren geplaatst met als doel om de bruikbaarheid van sensortechniek te testen. Hiermee wilden we kijken of de techniek betrouwbaar genoeg is om uit te rollen op (bijzondere) parkeerplaatsen op straat. Het resultaat was dat de sensoren goed werken en de technologie geen belemmering is voor concrete toepassing van sensoren, maar dat beheer en onderhoud van de sensor beter geregeld moest worden. Het meten van de bezetting op algemene gehandicaptenparkeerplaatsen was niet primair het doel van de proef. Wel wilden we tijdens de proef verkennen in hoeverre de sensorinformatie nuttig was voor de doelgroep, gebruikers van gehandicaptenparkeerplaatsen. Daarom hebben we tijdens de proef de sensorinformatie gekoppeld aan een bestaande (externe) app met informatie over gehandicaptenparkeerplaatsen. De app is gebruikt door een kleine testgroep.
Deze hebben we specifiek hiervoor gevraagd, omdat er nauwelijks gebruikers waren van de app. Het aantal respondenten op de vragen over de app in de verstuurde enquête was helaas te klein om daar conclusies over te kunnen trekken. De app is nauwelijks doorontwikkeld en sluit niet aan bij de behoeftes van de gebruikers. Uit de reacties kwam wel naar voren dat goede (digitale) vindbaarheid van algemene gehandicaptenparkeerplaatsen belangrijk is, logische rijroutes en informatie over de inrichting van de parkeerplek (zoals grootte en langs- of haaksparkeren). Daar ligt onze focus nu, samen met het laten aansluiten van het aanbod algemene gehandicaptenparkeerplaatsen bij de behoefte van de doelgroep. Vraag 14 Is de proef ook uitgeprobeerd voor gehandicaptenparkeerplaatsen in garages? Zo nee, kan het college dat alsnog doen? Antwoord 14 Nee, met de proef is gekeken naar de techniek en de mogelijke bruikbaarheid van sensoren voor andere parkeerplaatsen op straat. Er is geen voornemen om een proef te doen met sensoren in garages. Vraag 15 Is het college bereid op de website aan te geven hoeveel gehandicaptenparkeerplaatsen er zijn per garage én daarbij live aan te geven hoeveel daarvan op dat moment nog beschikbaar zijn? Antwoord 15 Op de website van de gemeente staat per gemeentelijke parkeergarage hoeveel algemene gehandicaptenparkeerplaatsen er zijn.
Deze webpagina is ook te benaderen via de plattegrond gehandicaptenparkeerplaatsen door een gemeentelijke garage aan te klikken. We zullen nagaan hoe we het aantal parkeerplaatsen meteen zichtbaar kunnen maken, zodat doorklikken niet nodig is. Slimme technologie kan het parkeren in garages, als alternatief voor het parkeren op straat, aantrekkelijker maken voor de doelgroep. In plaats van het toepassen van sensoren, denken we eerder aan automatische toegang voor mensen met een gehandicaptenparkeerkaart. Dit is nu 4
technisch nog niet mogelijk, maar we hebben wel aandacht voor mogelijkheden die digitalisering biedt. In de eerste plaats is het belangrijk dat de aantallen en locaties van gehandicaptenparkeerplaatsen aansluiten bij de behoefte.
Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris,
de burgemeester,
5
Schriftelijke vragen Algemene Gehandicaptenparkeerplaatsen 21 september 2023
Vragen: Op 17 mei 2023 is de raad middels de raadsbrief Autoluwe binnenstad – opheffen parkeerplekken geïnformeerd over de stand van zaken van het opheffen van parkeerplekken in de binnenstad. De ambitie van dit college richt zich op een autoluwere binnenstad, waarbij stapsgewijs het aantal parkeerplekken verminderen. Met als doel om meer ruimte te creëren voor ontmoeten, lopen, verblijven, fietsen en groen in de binnenstad. Echter zijn er ook zorgen, met name op het gebied van toegankelijkheid. Volt, VVD, PvdA, Utrecht Solidair en het CDA hebben al eerder aandacht gevraagd voor dit thema in de openbare ruimte, bijvoorbeeld via het Initiatiefvoorstel “Utrecht onbeperkt toegankelijk” en de motie M253 Utrecht Standaard Toegankelijk. Veel mensen met een beperking zijn afhankelijk van de auto om ergens te komen en zijn daarmee ook afhankelijk van algemene gehandicaptenparkeerplaatsen in de stad. Er zijn diverse problemen met de huidige gehandicaptenparkeerplaatsen. Zo zijn er op sommige plekken te weinig, zijn ze van lage kwaliteit (ruimte achter en naast de parkeerplaatsen), zijn ze lastig vindbaar of bereikbaar. Op sommige plekken in de stad zijn met name gehandicaptenparkeerplaatsen in parkeergarages, terwijl er voor dit doel ook altijd behoefte blijft aan parkeerplaatsen op straat. De fracties Volt, VVD, CDA, PvdA en D66 hebben daarom de volgende vragen:
1. Is het college ermee bekend dat er diverse problemen zijn met gehandicaptenparkeerplaatsen in de stad qua aantallen, kwaliteit, vindbaarheid en bereikbaarheid? Zo ja, wat doet het college om deze problemen te verhelpen? Zo nee, waarom niet? 2. Welke (andere) klachten heeft het college de afgelopen jaren ontvangen over de gehandicaptenparkeerplaatsen in Utrecht? 3. Zijn er naar het oordeel van het college voldoende gehandicaptenparkeerplaatsen? 4. Welke cijfers heeft het college over de behoefte aan gehandicaptenparkeerplaatsen en het gebruik van de gehandicaptenparkeerplaatsen? Is het college bereid hier, bijvoorbeeld in samenwerking met SOLGU, onderzoek naar te doen? 5. Hoe bepaalt het college de locaties van gehandicaptenparkeerplaatsen en hoe houdt het college rekening met de kwaliteit en toegankelijkheid? 6. Welke criteria hanteert het college bij het aanleggen van een gehandicaptenparkeerplaats? 7. Welke bestaande gehandicaptenparkeerplaatsen voldoen niet aan die criteria? Op welke termijn zorgt het college ervoor dat die alsnog voldoen? 8. Op welke manier peilt het college de tevredenheid over gehandicaptenparkeerplaatsen? 9. (H)erkent het college dat busjes die regelmatig worden gebruikt niet altijd terecht kunnen in parkeergarages en er dus altijd behoefte blijft aan gehandicaptenparkeerplaatsen op straat? 6
10. Gedoogt het college het parkeren van bijvoorbeeld rolstoelbussen op stoepen? Zo ja, op welke wijze? Zo nee, waarom niet? 11. Op welke manier wordt ervoor gezorgd dat er voldoende ’gehandicaptenparkeerplaatsen zijn/blijven in autoluwe/autovrije gebieden, ook buiten parkeergarages? 12. Is het college het met de indieners eens dat het wenselijk is om op voldoende plekken in de binnenstad aan de rand van de binnenstad voldoende ’gehandicaptenparkeerplaatsen te hebben? Zo ja, hoe zorgt het college hiervoor? Het college heeft op de website een overzicht van de gehandicaptenparkeerplaatsen. Daarop staat niet het aantal gehandicaptenparkeerplaatsen per garage. Daarnaast is er naar verluidt enkele jaren geleden een proef geweest waarbij via sensoren gemeten werd of een gehandicaptenparkeerplaats bezet was. Online zou dan zichtbaar zijn of de plek vrij of bezet is.
13. Wat waren de resultaten van de genoemde proef? 14. Is de proef ook uitgeprobeerd voor gehandicaptenparkeerplaatsen in garages? Zo nee, kan het college dat alsnog doen? 15. Is het college bereid op de website aan te geven hoeveel gehandicaptenparkeerplaatsen er zijn per garage én daarbij live aan te geven hoeveel daarvan op dat moment nog beschikbaar zijn?
Gesteld door: • • • • •
Charlotte Passier, Volt Marijn de Pagter, VVD Jantine Zwinkels, CDA Titus Stam, PvdA Nadia Stylianou, D66
7