Agendabundel
Tekst van het document
Bundel - Vragenuur van 25 september 2025 MV.1 Een breed toegankelijke maaltijdvoorziening? - Bert van Steeg (CDA) en Beau Nederhand (Volt) MV 1 Een breed toegankelijke maaltijdvoorziening MV.2 Geen sloopmelk op Utrechtse scholen - Louise de Vries en Saskia Oskam (Partij voor de Dieren) MV 2 Geen sloopmelk op Utrechtse scholen Win-win voor onderwijs en sociale veiligheid in Lunetten - Bert van Steeg (CDA), David Bosch MV.3 (UtrechtNu!), Venita Dada-Anthonij (D66) en Maartje Vermeulen (GroenLinks) MV 3 Win-win voor onderwijs en sociale veiligheid in Lunetten Onzekerheid over coffeeshopvergunning: liever maatwerk dan aanscherping - Bram Janmaat en MV.4 Maarten Koning (D66), Mahaar Fattal (GroenLinks), Anton Stam (Volt), Felice Cicero (Student & Starter) en Louise de Vries (Partij voor de Dieren) MV 4 Onzekerheid over coffeeshopvergunning, liever maatwerk dan aanscherping MV.5 Stop ontruiming tentenkamp Blauwkapel! - Noura Oul Fakir (BIJ1) en Hanane Bittich (LINK) MV 5 Stop ontruiming tentenkamp Blauwkapel! Utrechtse huisartsen verplicht tot een online apotheek? - Hester Assen (PvdA), Maartje Vermeulen MV.6 (GroenLinks), Claire Derckx (Stadsbelang Utrecht) en Rien van den Hoek (UtrechtNu!) MV 6 Utrechtse huisartsen verplicht tot een online apotheek maatschappelijke functie Azotod behouden? - Maartje Vermeulen (GroenLinks) en Titus Stam MV.7 Blijft (PvdA) MV 7 Blijft
maatschappelijke functie Azotod behouden Strakke lege schappen? De binnenstad verdient beter - Mariam Al-Saqaff (VVD), Rien MV.8 van den venstertijden, Hoek (UtrechtNu!) en Hans Geleijns (D66) MV 8 Strakke venstertijden, lege schappen De binnenstad verdient beter
Mondelinge vragen Een breed toegankelijke maaltijdvoorziening? 18 september 2025 De maaltijdvoorziening biedt inwoners die zelf niet meer, of minder goed, in staat zijn voor een eigen maaltijd te zorgen de mogelijkheid om toch een goede maaltijd te krijgen. Deze voorziening werd een aantal jaar geleden weggehaald bij U Centraal waardoor het netwerk voor verspreiding van maaltijden is weggevallen. Sinds die tijd hebben we verschillende signalen ontvangen dat het krijgen van een maaltijd niet goed verloopt. Zo was een inwoner in Overvecht weken bezig om maaltijden te regelen, maar werd daarbij niet geholpen door het buurtteam. De fracties van CDA en Volt zijn van mening dat de dienstverlening ook in de nieuwe situatie eenvoudig en toegankelijk moet zijn en hebben de volgende vragen:
Vragen: 1) Herkent het college de signalen dat inwoners die een vorm maaltijdvoorziening willen gebruiken van het kastje naar de muur worden gestuurd tussen gemeentelijke instanties? Hoe kan het dat inwoners die afhankelijk zijn van de maaltijdvoorziening niet direct door het buurtteam worden geholpen? 2) Welke invloed heeft de overgang naar de nieuwe maaltijdvoorziening gehad op de beschikbaarheid van maaltijden voor gebruikers hiervan? Welke evaluatie van de overgang van de maaltijdvoorziening naar de nieuwe werkwijze heeft er plaatsgevonden? 3) Hoe zal het college er voor zorgen dat inwoners snel geholpen worden door het buurtteam en niet weken moeten zoeken naar het juiste loket?
Gesteld door: • •
Bert van Steeg, CDA Utrecht Beau Nederhand, Volt
Mondelinge vragen Geen sloopmelk op Utrechtse scholen 25 september 2025
Vragen: Gisteren, 24 september, was het Wereldschoolmelkdag. Die dag is naar verluidt in het leven geroepen in de jaren dertig van de vorige eeuw om het melkoverschot terug te dringen. Een zogeheten Crisis-Zuivelbureau werd opgericht en zorgde ervoor dat Nederlandse schoolkinderen dagelijks melk dronken, met de ongefundeerde bewering dat dit een gunstige invloed op de intellectuele prestaties van kinderen zou hebben. Koemelk is niet duurzaam. Achter een glas melk gaat enorm veel dierenleed en milieuschade schuil. De schoolmelk heeft 0 Beter Leven-sterren van de Dierenbescherming. Koeien worden gedwongen om veel meer melk te geven dan goed voor hen is en leven onder beroerde omstandigheden. Bovendien is melk drinken niet noodzakelijk voor een gezond voedingspatroon. Daarom wordt deze melk ook wel ‘sloopmelk’ genoemd. Scholen kunnen gratis aanspraak maken op schoolmelk, mits ze het bijgeleverde lesmateriaal afnemen. Bij de ontwikkeling van dit lesmateriaal is er geen onafhankelijk kennisinstituut betrokken, alleen de zuivelindustrie zélf, met steun van de Europese Unie. De Partij voor de Dieren maakt zich daar zorgen over, want onderwijsmateriaal hoort onafhankelijk en objectief te zijn. Eerder dit jaar startte de PvdD een campagne tegen gratis sloopmelk op Amsterdamse scholen.
Partij voor de Dieren Amsterdam vroeg ook haar stadsbestuur om de invloed van de zuivellobby in het onderwijs te beperken door bezwaar te maken richting de Europese Unie. En dat gaat het Amsterdamse stadsbestuur dan ook doen. Het zou mooi zijn als Utrecht volgt. Daarom de volgende vragen: 1. Deelt het college de mening dat schoolmateriaal onafhankelijk en objectief hoort te zijn, en dat het daarom onwenselijk is dat scholen gekleurd lesmateriaal gebruiken? Zo nee, waarom niet? 2. Is het college het met de Partij voor de Dieren eens dat de zuivellobby hiermee kinderen en hun ouders onterecht leert dat zuivel essentieel is voor een gezond voedingspatroon? Zo nee, waarom niet? 3. Het Amsterdamse college heeft vorige week toegezegd haar zorgen over het schoolmelkprogramma kenbaar te maken richting het Europees Parlement. Is het Utrechtse college hier ook toe bereid, en ook om hierin samen op te trekken met het Amsterdamse college? Zo nee, waarom niet? 4. Ziet het college mogelijkheden om dit ook bij de Utrechtse scholen zélf kenbaar te maken? Zo ja, op welke manier(en)?
Gesteld door: •
Louise de Vries en Saskia Oskam, Partij voor de Dieren
Mondelinge vragen Win-win voor onderwijs en sociale veiligheid in Lunetten 25 september 2025
Vragen: Bewoners in de wijk Lunetten van wie kinderen naar basisschool De Spits gaan, maken zich zorgen om de overlast als gevolg van, met name, drugsgerelateerde activiteiten rond de basisschool. Hierover is contact geweest met de school en een deel van de oplossing zou kunnen zijn dat stichting JOU een deel van het schoolpand huurt, dat op dit moment leegstaat. JOU staat hier voor open en op die manier kan een bijdrage worden geleverd aan de sociale veiligheid rond de school en wordt onderwijsgeld niet onnodig verspild. Daarnaast zou het passen bij de ambitie van de gemeente om in te zetten op meervoudig ruimtegebruik en het terugdringen van leegstand, zoals recent vastgesteld in de beleidsnota Onderwijshuisvesting. Tot op heden is dit echter nog niet mogelijk vanwege een lopend huurcontract met de gemeente.
De fracties van CDA, UtrechtNu!, D66 en GroenLinks hebben hierover de volgende vragen: 1) Herkent u de overlast rond de school en de relatie met drugsgerelateerde criminaliteit? Klopt het dat er een beeld is van de groep die het betreft? Welke informatie kan hierover worden gedeeld? 2) Welke stappen zijn gezet om de veiligheid rond de school te vergroten en welke stappen zullen nog worden gezet? 3) Ziet het college, net als ouders en de school zelf, mogelijkheden om stichting JOU een plek te geven in het leegstaande gedeelte van het schoolgebouw? Deelt het college de mening dat dit past bij de ambitie om in te zetten op meervoudig ruimtegebruik en het terugdringen van leegstand? Zo ja, op welke manier gaat zij gehoor geven aan deze wens en welke stappen moeten worden gezet?
Gesteld door: • • • •
Bert van Steeg, CDA Utrecht David Bosch, UtrechtNu! Venita Dada-Anthonij, D66 Maartje Vermeulen, GroenLinks
Mondelinge vragen Onzekerheid over coffeeshopvergunning: liever maatwerk dan aanscherping 25 september 2025
Vragen: Voor de zomer meldde een ondernemer zich bij de gemeente met een concreet plan voor een nieuwe coffeeshop aan de Biltsestraatweg, aan de rand van de stad. Dit plan past goed bij ons beleid om coffeeshops beter over de stad te spreiden en zo de druk op de binnenstad te verlichten. In gesprekken met de gemeente is echter duidelijk geworden dat een vergunning moeilijk ligt, omdat er in de buurt een tijdelijke opvanglocatie voor asielzoekers zit. Uit de beantwoording van eerdere schriftelijke vragen blijkt dat de vergunning als minder kansrijk wordt ingeschat, vanwege de kwetsbaarheid van de bewoners en de aanwezigheid van kinderen en jongeren. Wij begrijpen dat hier zorgvuldig naar gekeken moet worden. Tegelijkertijd roept dit vragen op: overal in de stad wonen immers kwetsbare mensen en kinderen. Als dit een harde reden wordt om een vergunning te weigeren, waar kan een coffeeshop zich dan nog wél vestigen? En belangrijker nog, werkt dit dan ook andersom? Zou een tijdelijke opvanglocatie voor asielzoekers dan niet meer in de buurt van een coffeeshop (of club of kroeg) kunnen worden gerealiseerd? Maakt dat toekomstige locaties voor opvang niet nagenoeg onmogelijk? Onze fracties staan voor een stad die dit soort situaties oplost met heldere afspraken en maatwerk, niet met een bot afstandscriterium.
De burgemeester heeft in haar antwoorden gehint op het aanscherpen van het coffeeshopbeleid, maar dat is volgens ons de verkeerde weg. Daarom hebben de fracties van D66, GroenLinks, Volt, Student & Starter en Partij voor de Dieren de volgende vervolgvragen: 1. Ziet de burgemeester de nabijheid van deze opvanglocatie op dit moment als een doorslaggevende belemmering voor het verlenen van een coffeeshopvergunning, of is zij bereid om via maatwerkafspraken een oplossing te vinden? 2. Hoe gaat de burgemeester zorgen voor een helder en snel proces, zodat deze ondernemer, en toekomstige ondernemers, weten waar ze aan toe zijn voordat ze onomkeerbare investeringen doen? 3. Kan de burgemeester toezeggen dat zij afziet van het aanscherpen van het coffeeshopbeleid met een afstandscriterium tussen coffeeshops en opvanglocaties, en in plaats daarvan kiest voor beoordeling per geval, zodat zowel opvanglocaties als coffeeshops zich in Utrecht kunnen blijven vestigen?
Gesteld door: • • • • • •
Bram Janmaat, D66 Maarten Koning, D66 Mahaar Fattal, GroenLinks Anton Stam, Volt Felice Cicero, Student & Starter Louise de Vries, Partij voor de Dieren
Mondelinge vragen: Stop ontruiming tentenkamp Blauwkapel! 25 september 2025 In Utrecht woont momenteel een groep mensen in tenten en een vouwwagen langs de spoorlijn bij Blauwkapel. Het gaat om een diverse groep: arbeidsmigranten uit EU-landen die hun paspoort kwijt zijn geraakt, vaak door toedoen van werkgevers, maar ook andere dak- en thuislozen die door omstandigheden nergens terechtkunnen. Voor hen is dit kamp geen luxe, maar een laatste redmiddel om überhaupt te kunnen overleven. In plaats van passende alternatieven te bieden, heeft de gemeente echter een civiele procedure gestart om het terrein te laten ontruimen. Daarmee dreigt Utrecht mensen die toch al in een uiterst kwetsbare positie verkeren nog verder weg te duwen. De fractie van BIJ1 stelt daarom de volgende vragen aan het college:
Vragen: 1. Heeft de gemeente Utrecht de checklist gelijke behandeling toegepast op de bewoners van dit kamp, en kan zij uitsluiten dat de gemeente momenteel haar plicht tot opvang verzaakt? a. Indien de checklist níet is toegepast: waarom is dan gekozen voor een juridische ontruimingsprocedure in plaats van het starten met implementatie en het faciliteren van passende opvang of alternatieven?
2. Erkent het college dat de trajecten van Stichting Barka, terugkeer of begeleiding naar werk, voor veel bewoners geen passend of structureel alternatief bieden? Er is namelijk niet gegarandeerd toegang tot onderdak, opvangplekken zijn beperkt, en werk dat aan huisvesting wordt gekoppeld maakt bewoners extra kwetsbaar. Erkent het college dat er dus feitelijk géén werkbare opties zijn geboden? Zo nee, waarom niet?
3. Hoe voorkomt het college dat incidenten, zoals het aantreffen van een gestolen fiets, leiden tot stigmatisering van de hele groep, en welke verantwoordelijkheid neemt het om solidariteit en begrip vanuit de stad te bevorderen? 4. Is het college bereid de juridische procedure tot ontruiming te staken totdat er menswaardige alternatieven beschikbaar zijn?
Gesteld door: ● Noura Oul Fakir, BIJ1 ● Hanane Bittich, LINK
Mondelinge vragen: Utrechtse huisartsen verplicht tot een online apotheek? 25 september 2025 Goede wijkgerichte samenwerking in de eerstelijnszorg is van groot belang voor de gezondheid van inwoners. Huisartsen, apothekers en andere zorgverleners in de wijk bouwen samen aan een netwerk waarin snel geschakeld kan worden, zeker bij kwetsbare of acute situaties. We geloven in een samenleving waarin mensen op elkaar kunnen rekenen, en waarin zorgverleners samenwerken om iedereen de zorg te bieden die nodig is. In Utrecht zien we daar gelukkig mooie voorbeelden van, waar de zorg dichtbij is in de wijk en de zorgverleners betrokken zijn bij hun patiënten. Online apotheken doen hier afbreuk aan. Recent is er een zorgwekkend signaal richting ons gekomen van een huisarts uit Utrecht Oost die wordt verplicht om met online apotheken samen te werken. Intensieve samenwerking met apothekers is uiteraard al jarenlang de norm, tot grote meerwaarde voor patiënten. Maar deze samenwerking komt onder druk te staan door de toenemende rol van online apotheken, die geen binding hebben met de wijk en niet deelnemen aan lokale overleggen. Deze huisarts wordt juridisch onder druk gezet om recepten actief naar online apotheken te sturen, ondanks de negatieve impact daarvan op de zorgkwaliteit.
Tegelijkertijd spreken landelijke beleidsdoelen over ’fysiek waar het moet’ en het belang van een sterke eerste lijn. De Partij van de Arbeid heeft daarom de volgende vragen:
Vragen: 1. Is het college bekend met de knelpunten die ontstaan door de toename van online apotheken in de wijkgerichte zorg? 2. Deelt het college de zorgen dat deze ontwikkeling de samenwerking binnen de eerste lijn – die zo belangrijk is voor goede, toegankelijke zorg – onder druk zet? 3. Is het college bereid om hierover in gesprek te gaan met huisartsen, apothekers en zorgverzekeraars in de stad om te kijken wat lokaal mogelijk is om deze samenwerking te beschermen? 4. Ziet het college mogelijkheden om in regionaal of landelijk overleg (bijv. via de GGD of IZA) aandacht te vragen voor de negatieve impact van landelijke regelgeving op lokale samenwerking in de zorg? 5. Kan het college onderzoeken of er ondersteuning mogelijk is om wijkgerichte zorgverleners – zoals huisartsen en apothekers – beter te positioneren ten opzichte van commerciële zorgaanbieders die geen binding hebben met de wijk?
Gesteld door: • • • •
Hester Assen, PvdA Maartje Vermeulen, GroenLinks Claire Derckx, Stadsbelang Utrecht Rien van den Hoek, Utrechtnu!
Mondelinge vragen: Blijft maatschappelijke functie Azotod behouden? 25 september 2025 Het voormalig Azotod is verkocht aan kerkgenootschap ‘Best Live Church’. Naast muziek waren hier ook activiteiten zoals de jeu de boules. Bij de verkoop was de veronderstelling dat er ruimte zou blijven voor maatschappelijke activiteiten. Inmiddels hebben we begrepen dat dit niet goed loopt en dat de Jeu de Boules vereniging moet uitwijken naar IJsselstein, terwijl vrijwel alle 80 leden uit De Meern komen en ze liever op hun baan bij Azotod blijven. De fracties van GroenLinks en PvdA hebben hierover de volgende vragen.
Vragen: 1. Klopt het dat er met de kerk afspraken zijn gemaakt over het behoud van maatschappelijke functies van het gebouw van het oude Azotod in De Meern? 2. In hoeverre is het voor verenigingen of bewoners uit de buurt nog mogelijk om in het gebouw activiteiten te organiseren? 3. Is het college bekend met de problemen die de Jeu de Boules vereniging ondervindt om in de Meern een plek te behouden? 4. Is het college bereid om met partijen te spreken om te kijken wat mogelijk is om de Jeu de Boules Vereniging weer een plek te kunnen geven in De Meern en bij voorkeur op een hun oude baan, die ze in zelfbeheer hadden?
Gesteld door: • •
Maartje Vermeulen, GroenLinks Titus Stam, PvdA
Mondelinge vragen Strakke venstertijden, lege schappen? De binnenstad verdient beter 24-09-2025
Vragen: Per 1 januari 2026 worden de venstertijden voor laden en lossen uitgebreid naar de volledige Utrechtse binnenstad, inclusief straten buiten het huidige voetgangersgebied zoals de Mariaplaats en Twijnstraat. Deze maatregel komt bovenop de invoering van de zero-emissiezone op 1 januari 2025. Hoewel VVD, UtrechtNu! en D66 het belang van verduurzaming erkennnen, maken wij ons grote zorgen over de praktische uitvoerbaarheid van dit beleid. Ondernemers, winkeliers en groothandels die de ruggengraat vormen van onze binnenstad worden geconfronteerd met een combinatie van strengere regels, beperkte toegangstijden en forse investeringen in elektrisch vervoer. Dit alles gebeurt binnen een krap tijdsbestek. Hoe houden we de stad leefbaar en economisch vitaal? En hoe zorgen we er voor dat daarbij wel sprake is van een goede balans zodat het ook uitvoerbaar is? De balans tussen duurzaam beleid en ondernemersrealiteit lijkt te zijn doorgeslagen. Om deze reden stellen de indieners de volgende vragen aan het college: 1. Het college geeft aan dat vanaf 1 januari 2026 de venstertijden voor laden en lossen worden uitgebreid naar het gehele gebied binnen de singels, inclusief gebieden zoals de Mariaplaats en de Twijnstraat.
Kan het college aangeven op welke wijze dit beleid in de praktijk haalbaar is voor met name kleinere ondernemers en groothandels, die vaak afhankelijk zijn van leveringen op flexibele tijden? 2. Ondernemers worden geconfronteerd met een combinatie van maatregelen: uitbreiding van de venstertijden en de zero-emissiezone, waarvan nu een overgangsperiode tot 2028 geldt. Dat lijkt nu omzeild te worden. Acht het college het verantwoord om binnen deze relatief korte termijn zulke ingrijpende veranderingen door te voeren? Hoe zorgt het college ervoor dat ondernemers hierop tijdig en realistisch kunnen inspelen? 3. Is het college zich bewust van het risico dat deze maatregelen juist kunnen leiden tot verminderde bevoorradingsmogelijkheden, hogere kosten voor ondernemers, en daarmee afname van de levendigheid in de binnenstad? Zo ja, wat vindt het college hiervan? 4. De indieners staan achter een duurzamere stad, maar waarschuwen voor het doorschieten van beleid dat ondernemers en de economische motor van onze binnenstad verlamt in hun uitvoering. Hoe bewaakt het college de balans tussen duurzame ambities en een leefbare, bereikbare en economisch vitale stad? Hoe bewaakt het college dat de concurrentiepositie van onze ondernemers niet verslechterd? Op welke manier betrekt zij ook de ondernemers hierbij?
Gesteld door: • •
Mariam Al-Saqaff, VVD Rien van den Hoek namens David Bosch, UtrechtNu!
•
Hans Geleijns, D66