Agendabundel
Tekst van het document
Bundel - Commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen van 6 februari 2025 1 2 3
3.1
3.2 3.3 3.4 4
5
6
7
Opening Vaststellen van de agenda van 6 februari 2025 Vaststellen van ingekomen agenderingen (Procedure) Deze punten worden alleen procedureel behandeld. De leden van de commissie bespreken of, op welke wijze en voor hoe lang zij deze raadsvoorstellen en onderwerpen willen bespreken. Na vaststelling van dit behandeladvies, wordt het stuk voor een volgende vergadering geagendeerd. Behandelvoorraad PROCEDUREEL Commissie EDVW 6 februari 2025 Lange Termijnagenda cie EDVW 6 februari 2025 Ingekomen agenderingen Commissie EDVW PROCEDUREEL 6 februari2025 Raadsvoorstel Zienswijze Afvalverwijdering Utrecht (AVU) Programma- en productbegroting 2026 AVU Dossier 4483 voorblad Raadsvoorstel Zienswijze Afvalverwijdering Utrecht (AVU) Prorgamma- en productbegroting 2026 AVU Zienswijzebrief Programma en productbegroting AVU 2026 Aanbiedingsbrief bij de ontwerpbegroting 2026 AVU Ontwerpbegroting 2026 Technische sessie Verduurzaming Maatschappelijk Vastgoed Werkbezoek aan (projecten) potentiële partners publiek warmtebedrijf Agenderingen ter plaatse op basis van de lijst ingekomen raadsbrieven Raadsbrieven cie EDVW 19 december 2024 tm 30 januari 2025 Verslagen Ter vaststelling: Conceptverslag bijeenkomst commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen 9 januari 2025.
2025.01.09 Gemeente Utrecht - Commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen Toezeggingen/Moties Ter vaststelling. Motielijst cie EDVW 6 februari 2025 Toezeggingenlijst cie EDVW 6 februari 2025 Ingekomen stukken Openbare lijst van ingekomen stukken voor de commissie EDVW 6 februari 2025 Nr. 1 Eisenoverhandiging Woonzekerheid (290125) Nr. 2 Eisen Woonzekerheid EDVW (290125) LIS-STUK 1 Eisenoverhandiging Woonzekerheid (290125) LIS-STUK 2 Eisen Woonzekerheid EDVW (290125) Openbare lijst LIS cie 6-2-25 Afdoeningsvoorstel nr.2 Afdoeningsvoorstel nr.1 Raadsbrief Voortgang Uitvoeringsprogramma elektriciteitsinfrastructuur en netcongestie 2023-2026 Wethouder: Maatoug, beleidsterrein: Energie en Klimaat Indicatieve behandeltijd: 90 minuten Geagendeerd door Charlotte Passier (Volt), Cees Bos (Stadsbelang Utrecht), David Bosch (UtrechtNu!), Anneloes Krul (Partij voor de Dieren), Jantine Zwinkels (CDA), Lars van Rooij (Student & Starter), Ralph Peters (D66), Joachim Cornielje (PvdA), Rachel Heijne (GroenLinks), Gertjan te Hoonte (VVD) en Lenno van Straalen (ChristenUnie) De agenderende fracties willen het debat aangaan over de maatschappelijke gevolgen van wachtlijsten voor huishoudens en MKB: mogelijke alternatieve scenario’s, maatschappelijke en sociaal/economische consequenties en hoe hierop voor te bereiden, nieuwe bouwnormen, projecten waar we op kunnen bijsturen met
andere ontwerpprincipes, lokale kaders voor netbewust bouwen, prestatieafspraken met woningbouwcorporaties, mogelijkheden regelbare opwek, etc. Dossier 4499 voorblad Memorandum Energy Board provincie Utrecht inzake Kamerbrief Netcongestie FGU Memorandum 2 december 2024 aan Raden en Staten
8
9
10
Raadsbrief Voortgang Uitvoeringsprogramma elektriciteitsinfrastructuur en netcongestie 2023-2026 Raadsbrief goed verhuurderschap en discriminatiemonitor 2024 Wethouder: De Vries, beleidsterrein: Wonen en Volkshuisvesting Indicatieve behandeltijd: 60 minuten Geagendeerd door Rick van der Zweth (PvdA), Meike Hellevoort (GroenLinks), Anneloes Krul (Partij voor de Dieren), Jantine Zwinkels (CDA), Floor Steinmetz (BIJ1), Miraç Usta (DENK), Gertjan te Hoonte (VVD) en Ruben Snijder (Student & Starter) De fracties van de PvdA, GroenLinks, CDA, Partij voor de Dieren, Bij1, VVD en Denk willen de Raadsbrief goed verhuurderschap en discriminatiemonitor 2024 agenderen voor de commissie EDVW. Wat de fracties van PvdA, GroenLinks, CDA, Partij voor de Dieren, Bij1 en Denk betreft moet er een verhuurdersvergunning worden ingevoerd om te sturen op betaalbaarheid, leefbaarheid en kwaliteit van de particuliere huursector. De fracties signaleren enkele misstanden in de huurmarkt die met de verhuurdersvergunning kunnen worden aangepakt: Momenteel is het de verantwoordelijkheid van bewoners om bezwaar te maken tegen te hoge huurprijzen terwijl dit met de vergunning vooraf kan worden geregeld. Er is nu geen mogelijkheid om te sturen op fatsoenlijke huisvesting voor arbeidsmigranten terwijl dit via de vergunning kan worden geeist.
Er zijn louche huisjesmelkers actief als Utrechtse verhuurder terwijl middels een BIBOB-toets deze mogelijk geweerd kunnen worden. Er nu pas op kwaliteit (incl. onderhoud) kan worden gestuurd wanneer de bouwveiligheid in gevaar is, terwijl met de vergunning vooraf een onderhoudsplan kan worden gevraagd. De fracties willen in debat over deze misstanden en de mogelijke oplossingen hiervoor. De PvdA zal het voorstel doen voor het invoeren van de vergunning. Het CDA wil in debat over hoe het zich verhoudt tot landelijke regels en beleidsontwikkelingen. De fractie van GroenLinks wil graag enkele opmerkingen plaatsen bij de discriminatiemonitor. Daarnaast wil de VVD het woord voeren over verschillende onderwerpen uit de brief. Dossier 4497 voorblad Eindrapport Discriminatie op de Utrechtse woningmarkt Raadsbrief goed verhuurderschap en discriminatiemonitor 2024 (1) SV 2024, nr. 218 Kansen voor de verhuurvergunning (met antwoord) Raadsvoorstel Vaststelling TAM (Tijdelijke Administratieve Maatregel) - omgevingsplan Warmtesysteem Papendorp Wethouder: Eerenberg, beleidsterrein: Ruimtelijke Ordening Indicatieve behandeltijd: 30 minuten Het TAM-omgevingsplan Warmtesysteem Papendorp is een wijziging op het omgevingsplan van de gemeente Utrecht.
Door het vaststellen van het plan wordt is een regeling opgenomen die het aansluiten van nieuwbouw op het collectieve warmtesysteem verplicht stelt. Deze plicht is nodig om een collectief rendabel warmtesysteem mogelijk te maken. Het TAM-omgevingsplan heeft ter inzage gelegen van vrijdag 27 september 2024 tot en met donderdag 7 november 2024. Er zijn geen zienswijzen ingediend. Dossier 4420 voorblad Raadsvoorstel TAM-omgevingsplan Warmtesysteem TAM-omgevingsplan Warmtesysteem Papendorp Plankaart TAM-omgevingsplan Warmtesysteem Papendorp Link naar TAM-omgevingsplan op RO publiceer Ontwikkelingen Alchemist OPG-terrein Merwedekanaalzone Wethouders: De Vries en Eerenberg, beleidsterreinen: Vastgoed en Ruimtelijke projecten: Groot Merwede Indicatieve behandeltijd: 60 minuten Geagendeerd door Titus Stam (PvdA), Dirk-Jan van Vliet (D66), Fred Dekkers (GroenLinks), Rik van der Graaf (ChristenUnie), Gertjan te Hoonte (VVD) en Maarten van Heuven (Partij voor de Dieren) In de raadsbrief update ontwikkelingen Alchemist OPG-terrein Merwedekanaalzone gaf het college aan dat de maatwerkgesprekken tussen de Alchemist en de gemeente over de servicekosten niet tot een minnelijke oplossing is gekomen. Dit heeft ertoe geleid dat de Alchemist huurachterstanden heeft opgelopen en de gemeente een bodemprocedure tegen de Alchemist heeft gestart.
De agenderende partijen willen in de commissie in gesprek met de wethouder over de gevolgen van deze procedure op de veelal maatschappelijke partijen die bij de Alchemist huren en huisvesting vinden. Daarnaast wil de commissie in gesprek over het effect op de uitvoering van M8/2018 en M12/2018 om bestaande waardevolle creatieve, sociale en sportieve initiatieven in de ontwikkeling van de Merwedekanaalzone te behouden. Dossier 4496 voorblad M12 Behoud waardevolle initiatieven in de Merwedekanaalzone M8 Samen Stad Maken in de Merwedekanaalzone Raadsbrief Vervolg update ontwikkelingen Alchemist op het OPG-terrein
Merwedekanaalzone Raadsbrief Vervolg update ontwikkelingen huurder Alchemist OPG-terrein Merwedekanaalzone en kort geding 11 Toekomst van Ravellaan 96 en huidige bewoners Wethouder: De Vries, beleidsterrein: Wonen en Volkshuisvesting, Vastgoed Indicatieve behandeltijd: 90 minuten Geagendeerd door Ruben Snijder (Student & Starter), Gertjan te Hoonte (VVD), Anneloes Krul (Partij voor de Dieren), Meike Hellevoort (GroenLinks), Berdien van der Wilt (D66), Titus Stam (PvdA), Rik van der Graaf (ChristenUnie), Victor Paalman (Horizon), Charlotte Passier (Volt), David Bosch (UtrechtNu!), Jantine Zwinkels (CDA) en Floor Steinmetz (BIJ1) Er is veel onrust onder de bewoners van Ravellaan 96, waaronder studenten en kwetsbare jongeren, die in een gemeentelijk pand wonen. Hun huurcontracten lopen in mei af en kunnen volgens de verhuurder niet worden verlengd. Gezien de grote druk op de woningmarkt willen de agenderende partijen in gesprek om te onderzoeken hoe de zorgen van deze bewoners verlicht kunnen worden. Het verlies van hun woonruimte zonder alternatieven of ondersteuning is zorgelijk, zeker gezien de lange geschiedenis van De Ravel als maatschappelijke hub en de kwetsbare positie van veel bewoners. De bewoners hebben momenteel geen zicht op alternatieve huisvesting binnen de oververhitte woningmarkt. De agenderende fracties willen daarom graag een debat voeren over deze situatie.
Dit debat zal onder meer ingaan op: • Hoe de gemeente de wetgeving over leegstand en tijdelijke verhuur interpreteert en de gevolgen daarvan voor de bewoners. • Toekomstige plannen voor leegstandsbeheer en de gevolgen voor panden zoals Ravellaan 96. • Mogelijkheden voor de huidige bewoners om in het pand te blijven of elders in de stad woonruimte te vinden. • De rol van de gemeente als eigenaar en hoe zij samen met de verhuurder invulling geeft aan goed verhuurderschap. • Maatregelen die het college neemt om te voorkomen dat deze huurders dak- of thuisloos raken. Over deze situatie is een raadsbrief gestuurd en er zijn schriftelijke vragen gesteld. De commissie verzoekt het college om de antwoorden ruim vóór de behandeling te leveren. De agenderende fracties zullen zowel de raadsbrief als de antwoorden betrekken in het debat. Dossier 4498 voorblad Raadsbrief tijdelijke en definitieve invulling Ravellaan 96 Startdocument Ravellaan 96 Beantwoording SV2024 nr 217 over Toekomst van Ravellaan 96 en bewoners 12 Raadsbrief Uitvoering Motie 315 Hand in eigen boezem Dit agendapunt wordt in beslotenheid besproken.
Wethouder: De Vries, beleidsterrein: Vastgoed Indicatieve behandeltijd: 45 minuten Geagendeerd door Fred Claasen (GroenLinks), Titus Stam (PvdA), Dirk-Jan van Vliet (D66) De agenderende fracties willen graag in debat over de panden die het college gaat verkopen ter invulling van de motie Hand in eigen boezem. In de raadsbrief van 24 september geeft het college aan op korte te starten met verkoop en om middellange en langere termijn met een gedegen voorstellen te komen. Op 9 december ontvingen de raad een geheim overzicht van panden die op korte termijn verkocht kunnen worden. Deze geeft aanleiding om nu al een aantal opmerkingen mee te geven aan het college. Dossier 4510 voorblad Raadsbrief tijdelijke en definitieve invulling Ravellaan 96 Startdocument Ravellaan 96 Raadsbrief Uitvoering Motie 315 Hand in eigen boezem Raadsbrief financiële gegevens tbv uitvoering motie 315 'Hand in eigen boezem'
Behandelvoorraad Commissie Energie(transitie), Duurzaamheid Vastgoed en Wonen PROCEDUREEL commissie van 6 februari 2025 Energie en Klimaat, Circulaire Economie, Milieu en Emissieloos vervoer, Vastgoed, Wonen en Volkshuisvesting, Buurt- en wijkgericht werken, Samen voor Overvecht
Wethouder De Vries Raadsvoorstel Beleidsnota Vastgoed 2025-2030
Achterstallig onderhoud in Overvecht Geagendeerd door Mirac Usta (DENK), David Bosch (UtrechtNu!), Gert Dijkstra (EenUtrecht), Gertjan te Hoonte (VVD), Lenno van Straalen (ChristenUnie), Jantine Zwinkels (CDA), Charlotte Passier (Volt) en Titus Stam (PvdA) Raadsbrief Uitvoeringsprogramma wooncoöperaties 2024-2028 Geagendeerd door Lenno van Straalen (ChristenUnie), Meike Hellevoort (GroenLinks), Jantine Zwinkels (CDA), Gert Dijkstra (EenUtrecht), Floor Steinmetz (BIJ1), Berdien van der Wilt (D66), Titus Stam (PvdA) en Anneloes Krul (Partij voor de Dieren)
Geagendeerd voor een RIB op 4 maart (60 minuten) en commissiedebat op 13 maart (120 minuten). Geagendeerd voor een RIB op 4 maart (60 minuten) en commissiedebat op 13 maart (60 minuten). Geagendeerd voor een commissiedebat op 13 maart (90 minuten).
Commissie EDVW tot zomerreces 2025 • 13 maart • 10 april • 22 mei • 26 juni veegcommissie RIB EDVW tot zomerreces 2025 • 4 maart • 1 april • 13 mei • 17 juni Dagdelen commissie Ochtend 10.00 - 13.00 uur (180 min - 30 min opening = 150 min beschikbaar) Middag 14.00 uur - 16.45 uur (165 min beschikbaar) Avond 20.00 – 23.00 uur (180 min beschikbaar)
Lange Termijnagenda commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen 6 februari 2025 Onderwerp
Beleidsveld
Kaders publiek
Energie en
warmtebedrijf
Klimaat
Planning
Fatale
Datum
Beoogd
Beoogd
Beoogd
Aangeboden/
aanbieden
termijn
aangeboden
kwartaal
kwartaal
kwartaal
Gestopt
aan raad
Raadsb
commissie
commissie
raadsbeh
esluit
procedureel
inhoudelijk
andeling
2025 Q2
2025 Q2
2025 Q3
2025 Q1
Toelichting wijziging planning
Dit voorstel is toegezegd voor Q4 2024, maar zoals vermeld in de raadsbrief 'Plan van aanpak publiek warmtebedrijf', kan dat ook Q1 2025 worden, omdat we voldoende tijd willen nemen om de inbreng van de raad goed te kunnen verwerken.
Aanpassing
Circulaire
afvalstoffenverorde
Economie
2024 Q2
23-04-
2024 Q2
2024 Q2
2025 Q1
2025 Q2
2025 Q2
2025 Q1
2025 Q2
2025 Q2
2024
ning n.a.v. actualisatie VNG modelverordening en aanpassing definitie van een huis-aan-huisblad Beleidsnota Wonen
Wonen en Volkshuisve sting
Wijziging
Wonen en
Huisvestingsverord
Volkshuisve
ening 2025
sting
Aangeboden
Lange Termijnagenda commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen 6 februari 2025 Evaluatie en
Wonen en
aanpassing
Volkshuisve
leegstandsverorden
sting
2024 Q3
2024 Q4
2024 Q4
Gestopt
2024 Q2
2024 Q3
2024 Q3
Gestopt
ing Inzet Fonds
Wonen en
betaalbare koop
Volkshuisve
voor betaalbaar en
sting
collectief wonen Herijking Regionale
Energie en
Energiestrategie
Klimaat
Klimaatvisie
Energie en
2025 Q2
2025 Q2
2025 Q3
2025 Q4
2025 Q2
2025 Q2
2025 Q2
2025 Q3
Zoals gemeld in de raadsbrief
Klimaat
'Planning en proces Klimaatvisie' van 17 september 2024, verwachten we de klimaatvisie in april 2025 ter besluitvorming aan te bieden.
Nota wijk- en
Buurt- en
buurtaanpak 2024
wijkgericht
en verder
werken
Raadsvoorstel
Wonen en
Nieuwe
Volkshuisve
betaalbaarheidsgre
sting
ns koopwoningen en prijsgrens zelfbewoningsplich t en antispeculatiebeding
2024 Q3
2024 Q2
09-042024
2024 Q3
2024 Q3
Gestopt
2024 Q2
2024 Q2
Aangeboden
Lange Termijnagenda commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen 6 februari 2025 Beleidsnota
Vastgoed
2024 Q4
Vastgoed
19-12-
2025 Q1
2025 Q1
Aangeboden
2024 Q2
2024 Q2
Aangeboden
2024
Zienswijze Ontwerp
Milieu en
Programmabegroti
Emissieloos
ng 2025
Vervoer
Beleidsnota
Energie en
Warmte
Klimaat
Raadsvoorstel
Milieu en
Gebiedsplan
Emissieloos
Gebiedsgericht
Vervoer
2024 Q2
27-062024
2025 Q2
2025 Q3
2025 Q4
2025 Q4
2026 Q4
2026 Q4
2027 Q1
2027 Q1
2024 Q4
2024 Q4
Aangeboden
2024 Q4
2024 Q4
Aangeboden
2025 Q1
2025 Q2
2025 Q2
2024 Q4
2025 Q2
2025 Q1
2025 Q1
2025 Q2
2025 Q2
Grondwaterbeheer Beleidsnota
Energie en
opwekgebieden
Klimaat
2024 Q3
17-092024
schone energie Beleidsnota
Milieu en
Luchtkwaliteit
Emissieloos
2024 Q3
18-102024
Vervoer Zienswijze
Circulaire
ontwerp-
Economie
begrotingswijzigin g AVU 2025 Beleidsnota Utrecht
Circulaire
Circulair
Economie
Zienswijze
Circulaire
programma- en
Economie
Aangeboden
Lange Termijnagenda commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen 6 februari 2025 productbegroting AVU 2026
Agenderingen Commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen Vast te stellen op 6 februari 2025
Stukken afkomstig van het college Datum: 21-01-2025 Jaarlijks levert de AVU een conceptprogrammabegroting aan bij de deelnemende gemeenten. De raden worden Soort stuk: Raadsvoorstel daarbij in de gelegenheid gesteld hun zienswijze kenbaar Zienswijze Afvalverwijdering te maken, alvorens het AB AVU de begroting vaststelt. De Utrecht (AVU) Programma- en zienswijze is in concept opgesteld door het college. De productbegroting 2026 AVU raad kan de zienswijzebrief amenderen.
Voorstel: 1. Agenderen voor de commissie EDVW van 13 maart 2025 2. Tijd: 60 minuten
Wethouder: Schilderman Beleidsterrein: Circulaire economie
Datum: 27-01-2025 Soort stuk: Technische sessie verduurzaming maatschappelijk vastgoed Wethouder: De Vries Beleidsterrein: Vastgoed
Beste raadsleden, Zoals aangekondigd in de raadsbrief Uitkomst pilot CO2reductiemethode verduurzamen maatschappelijk vastgoed van 19 december 2024 organiseren we graag een technische sessie om u te informeren over het energetisch verduurzamen van het maatschappelijk vastgoed. Tijdens de technische sessie gaan we in op de opgave en uitdagingen waar we voor staan en geven we een doorkijk richting de toekomst aan de hand van de VNG-routekaart voor het maatschappelijk vastgoed. Graag nodigen we jullie uit voor de technische bijeenkomst op: Datum: Dinsdag 11 of donderdag 18 maart Tijdstip: 19.30 – 20.30 of 20.30 – 21.30
Voorstel: 1. Agenderen voor de MGOR/VBF RIB-avond van 11 maart of dinsdagavond 18 maart (Raad in de Wijk binnenstad) Gezien de raakvlakken met de beleidsnota vastgoed die op de commissieagenda van 13 maart staat gaat de voorkeur van de organisatoren uit naar 11 maart.
Plaats: ntb
2. Tijd: 60 minuten
Uw aanmelding en vragen die u tijdens de bijeenkomst graag toegelicht ziet, kunt u voor donderdag 6 maart toesturen naar secretariaatvgu@utrecht.nl t.a.v. Gea van Gorkom. Datum: 03-01-2025 Soort stuk: Werkbezoek aan (projecten) potentiële partners publiek warmtebedrijf Wethouder: Maatoug Beleidsterrein: Energie en Klimaat
Voorlopig Programma Datum: woensdag 26 maart 2025 Vertrek bus vanaf Jaarbeurs: 8.30 uur HVC - Dordrecht Tijd Inhoud 9.30 uur Aankomst op HVC kantoor, welkom met koffie / thee 9.45 uur Presentatie HVC 10.45 uur
Gemeente(n) over samenwerking met HVC
11.15 uur 12.00 uur 13.00 uur
Bezoek locatie(s) Lunch Vertrek bus naar Delft
Voorstel: 1. Werkbezoek aan (projecten) potentiële partners publiek warmtebedrijf op woensdag 26 maart.
Netverder - Delft Tijd Inhoud 13.30 uur Aankomst in Delft / Green Village 13.45 uur Presentatie Netverder 14.30 uur
EBN en provincie Utrecht • Korte presentatie EBN • Toelichting door provincie Utrecht
2
15.15
Korte pauze
15.30
Gemeente Delft over samenwerking met Netverder
16.00 uur
Bezoek Geothermie locatie campus TU Delft (als mogelijk) Vertrek naar Utrecht
17.00 uur
Stukken afkomstig van commissieleden
3
Commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen Dossiernummer
4483
Vertrouwelijk
Nee
Vergaderdatum
6 februari 2025
Agendapunt
3.1
Titel
Raadsvoorstel Zienswijze Afvalverwijdering Utrecht (AVU) Programma- en productbegroting 2026 AVU
ID
4703
Behandelend ambtenaar
Anneke Buijze
Telefoon
0639276829
anneke.buijze@utrecht.nl
Datum collegebesluit Geocodering Thema Portefeuillehouder
Wethouder Schilderman
Beleidsveld
Circulaire Economie
Referendabel
Nee
Reden niet referendabel
Sub i: Raadsvoorstel over de Wet gemeenschappelijke regeling.
Raadsadviseur (lijst) Behandelvoorstel Resultaat commissiebehandeling Resultaat raadsbehandeling Geagendeerd
Vergaderdatum
Commissie Energie(transitie),
6 februari 2025
Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen Commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen Voorgesteld besluit
13 maart 2025
Voorstel aan de gemeenteraad
Zienswijze Afvalverwijdering Utrecht (AVU) Programma- en productbegroting AVU 2026 Beleidsveld Organisatieonderdeel Opsteller Kenmerk Vergaderdatum Raad Referendabel Geheim
Circulaire economie Stadsbedrijven Anneke Buijze 30105740 Volgt Nee (artikel 1:2 lid 2 onder i Verordening raadgevend referendum) Nee
Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor te besluiten: 1. De bijgevoegde brief aan AVU vast te stellen waarmee geen zienswijze op de programma- en productbegroting 2024 wordt ingediend en waarin de raad aangeeft: a. het eens te zijn met het door AVU gevoerde beleid; b. dat de begroting van AVU voor 2026 realistisch is.
Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris,
de burgemeester,
Samenvatting In de ter vaststelling voorliggende brief geeft uw raad het Dagelijks Bestuur van Afvalverwijdering Utrecht (AVU) aan dat ze wel eens is met het door AVU gevoerde beleid, financiën en proces. De raad waardeert de wendbaarheid die AVU laat zien nu er veel veranderingen plaatsvinden in de afvalsector.
Context Aanleiding De gemeenschappelijke regeling Afvalverwijdering Utrecht (AVU) heeft op 14 januari 2025 aan uw raad de ontwerp programma- en productbegroting 2026 toegestuurd. Tot en met 1 mei kunnen de raden van de deelnemende gemeenten hun zienswijzen indienen op de door het Dagelijks Bestuur voorlopig vastgestelde programma- en productbegroting 2026. Juridische context Conform artikel 33 van de statuten van de gemeenschappelijke regeling Afval Verwijdering Utrecht, worden de gemeenteraden in de gelegenheid gesteld om hun zienswijzen op de ontwerpbegroting ter kennis te brengen van het algemeen bestuur. Krachtens artikel 34 van de Wet gemeenschappelijke regelingen dient de begroting uiterlijk 1 augustus voorafgaande aan het jaar waarvoor deze geldt te zijn vastgesteld en ingezonden aan de Gedeputeerde Staten van Utrecht. De Programma en productbegroting is op 14 januari toegestuurd. De termijn om een zienswijze in te dienen is 12 weken, volgens artikel 35 lid 1 Wgr. De uiterste termijn waarop gemeenteraden hun zienswijzen bij AVU kunnen indienen is 1 mei 2025. AVU voldoet hiermee aan de gestelde termijnen en heeft voldoende tijd geboden om een zienswijze in te dienen. Beslistermijn Het besluit moet voor 1 mei 2025 genomen worden, zodat AVU dit kan agenderen voor de vergadering van het Dagelijks Bestuur van 28 mei 2025.
Beoogd effect De zienswijze van uw raad wordt betrokken bij de vaststelling van de programma- en productbegroting 2026 van de AVU. Eerdere besluitvorming en informatievoorziening aan de raad Jaarlijks wordt de programma- en productbegroting voor het daaropvolgende jaar vastgesteld.
Beslispunten, Argumenten en Kanttekeningen/Risico’s Beslispunt 1
De bijgevoegde brief aan AVU vast te stellen waarmee geen zienswijze op de programma- en productbegroting 2024 wordt ingediend en waarin de raad aangeeft: a. het eens te zijn met het door AVU gevoerde beleid; b. dat de begroting van AVU voor 2026 realistisch is.
Argumenten 1.1
Over het gevoerde beleid zijn geen opmerkingen. AVU is een beleidsarme organisatie die geen beleid ontwikkelt. De kaders zijn daarom beperkt en afgebakend. AVU adviseert gemeenten over beleidsmatige vraagstukken en vertegenwoordigt onze belangen naar contractpartners. Daarmee is AVU nog niet beleidsvormend voor de gemeenten. AVU bevindt zich in een werkveld waar veel veranderingen gaande zijn, zoals het terugtrekken van private inzamelaars uit de markt. In de begrotingstekst laat AVU zien dat ze hierop anticipeert en zich zo wil positioneren om van toegevoegde waarde te blijven voor de deelnemende gemeenten. AVU blijft hier de komende tijd ook aan werken.
2
1.2
De begroting van AVU voor 2026 is realistisch. De begroting wordt opgesteld op basis van kosten die in 2026 te verwachten zijn voor de taken die aan AVU overgedragen zijn. AVU heeft als kerntaak het beheren van de inzamel- en verwerkingscontracten van de deelnemende gemeenten. In de zienswijzebrief als reactie op de begroting 2025 en begrotingswijziging 2024 is AVU verzocht te komen met bezuinigingsvoorstellen. In de begroting legt de AVU uit dat de verwerkingstarieven en de aangeleverde hoeveelheden afval voor 98,7% de totale kosten bepalen. De verwerkingstarieven liggen vast gedurende de looptijd van de contracten. De overige 1,3% van de kosten van de AVU bestaan uit andere kosten, zoals personeelskosten. De hele AVU organisatie bestaat uit slechts 3 fte personeel. Hier kan niet extra op gekort worden zonder dat de primaire taken van AVU (aanbesteden afval/grondstoffenstromen) in het geding komen. De grootste posten zijn niet beïnvloedbaar door de AVU maar alleen door de deelnemende gemeenten en betreffen afvalverwerkingskosten. De begroting is daardoor slechts in beperkte mate beïnvloedbaar. De contracten voor onze grootste afvalstromen, (grof) restafval en gft, lopen op 31 december 2026 af. AVU is tijdig gestart met inventarisatie van de mogelijkheden om de verschillende afvalstromen bij verwerkers onder te brengen.
Kanttekeningen/Risico’s 1.1
Mogelijk kan een rechtszaak over lachgas leiden tot een begrotingswijziging of afrekening voor de verwerking van lachgascilinders uit restafval. Schadevergoeding als gevolg van schade door lachgascilinders in het afval en kosten voor het verwijderen van lachgascilinders uit het afval zijn nog onbekend. Sinds het landelijke lachgasverbod in werking is getreden, ervaren wij dat er lachgascilinders in ons restafval zitten. Dat brengt extra kosten met zich mee bij de verwerking. Echter, de gesprekken hierover worden nog gevoerd tussen AVU en de verwerker. Bovendien is er nog geen duidelijkheid over wie aansprakelijk is voor de gevolgen van het landelijke lachgasverbod. AVU vertegenwoordigt daarom de Utrechtse gemeenten in de bodemprocedure tegen de staat, die vanuit de branchevereniging Nederlandse Vereniging voor Reinigingsdiensten (NVRD) georganiseerd wordt. Hiermee wordt de Staat aansprakelijk gesteld voor de schade en kosten die gemeenten maken als gevolg van het landelijke lachgasverbod. Het is niet zeker wanneer er uitspraak zal zijn in deze zaak, en ook de uitkomst is onzeker. Het is dus mogelijk dat als deze zaak door de NVRD verloren wordt, AVU alsnog de kosten voor de lachgascilinders in het afval moet betalen. In dat geval zal dit mogelijk leiden tot een begrotingswijziging, of er zal een afrekening volgen.
Het is voor AVU niet mogelijk om hier in de begroting al rekening mee te houden.
Financiën De in de begroting geraamde hoeveelheden te leveren afvalstoffen in 2026 stemmen overeen met de opgave die de gemeente Utrecht aan AVU heeft gedaan. Na afloop van het begrotingsjaar worden de kosten verrekend op basis van de daadwerkelijk afgeleverde hoeveelheden afvalstoffen. De kosten worden meegenomen bij het vaststellen van de gemeentelijke begroting en de afvalstoffenheffing.
Vervolg -
Na akkoord van de raad wordt de zienswijzebrief ontwerp programma- en productbegroting 2026 verzonden aan het Dagelijks Bestuur van de AVU. De begroting en de zienswijzen worden besproken in het Algemeen Bestuur van de AVU. De wijze waarop de zienswijzen bij de begroting worden betrokken wordt direct na de behandeling ervan aan de gemeenteraden medegedeeld door AVU.
3
Communicatie Er is niet in aanvullende communicatie voorzien.
Niet referendabel De Verordening raadgevend referendum gemeente Utrecht is niet van toepassing omdat dit een raadsvoorstel betreft in het kader van de Wet gemeenschappelijke regeling (artikel 1:2 lid 2 onder i Verordening raadgevend referendum gemeente Utrecht).
Bijlagen Bijlagen besluitvorming - Zienswijzebrief programma- en productbegroting AVU 2026 Bijlagen informatief - Aanbiedingsbrief bij de ontwerpbegroting 2026 - AVU ontwerpbegroting 2026
4
Gemeenteraad Postadres Postbus 16200, 3500 CE Utrecht Telefoon 14 030 www.utrecht.nl/gemeenteraad
VERSIE VOOR BESLUITVORMING
Afvalverwijdering Utrecht F. van Dijk Postbus 3250 3760 DG SOEST
Behandeld door
Anneke Buijze
Datum
volgt
Doorkiesnummer
14030
Ons kenmerk
30105741
anneke.buijze@utrecht.nl
Onderwerp
Zienswijzebrief begroting AVU 2026
Bijlage(n) Uw kenmerk Uw brief van
Verzonden 14 januari 2025
Bij antwoord datum, kenmerk en onderwerp vermelden
Beste heer van Dijk, Per brief van 14 januari 2025 heeft de secretaris van AVU ons de Programma en productbegroting 2026 toegestuurd. Met deze brief reageren wij hierop. Beleid AVU is een kleine bureau-organisatie die organiseert dat het afval van 25 Utrechtse gemeenten wordt afgevoerd en verwerkt. AVU voert dus alleen deze taak uit, en vormt zelf geen beleid. Er zijn geen beleidsmatige ontwikkelingen die van invloed zijn op de programma- en productbegroting. In de begroting spreekt u wel over de AVU als platform voor de gemeenten. Het is goed dat de AVU vooruitkijkt en zich positioneert om van toegevoegde waarde te blijven voor de deelnemende gemeenten, in een werkveld waar we grote veranderingen op ons af zien komen. Wij zijn ons ervan bewust dat de ambities die wij hebben op duurzaamheid, kwaliteit en circulariteit van ingezamelde grondstoffen niet als gemeente individueel te behalen zijn. Wij zien daarom ook de toegevoegde waarde om in AVU-verband op de huidige provinciebrede schaal samen te werken en zo in te spelen op de ontwikkelingen in de afval- en grondstofketen. Financieel Ten aanzien van het financiële aspect van de programma- en productbegroting hebben we geen opmerkingen. AVU heeft als kerntaak het beheren van de inzamel- en verwerkingscontracten van de deelnemende de gemeenten.
In de zienswijzebrief als reactie op de begroting 2025 en begrotingswijziging 2024 hebben wij u verzocht te komen met bezuinigingsvoorstellen. In uw begroting legt u uit dat de AVU een organisatie is met een zeer lage overhead (1,3%) ten opzichte van de totale begroting. De hele AVU organisatie bestaat uit slechts 3 fte personeel. Hier kan niet extra op gekort worden zonder dat de primaire taken van AVU (aanbesteden afval/grondstoffenstromen) in het geding komen. De grootste posten zijn niet beïnvloedbaar door de AVU maar alleen door de deelnemende gemeenten en betreffen afvalverwerkingskosten. Wij herkennen dit en stimuleren onze inwoners daarom om afval zo veel mogelijk te scheiden middels Het Nieuwe Inzamelen. Een volgende stap daarbij is het uitbreiden van de mogelijkheden om gfe in te zamelen. Dit zal ons verder helpen om het aandeel restafval, en daarmee de totale verwerkingskosten verder terug te brengen.
Gemeenteraad Datum Ons kenmerk
volgt 30105741
De markt voor de verwerking van deze afvalstromen is krap. AVU is tijdig gestart met het inventariseren van de mogelijkheden voor het in de markt zetten van onze afvalstromen, waarbij ze het onderwerp duurzaamheid niet uit het oog verliest. Dat waarderen we. Vooral omdat ontwikkelingen zich rap opvolgen, laat AVU ook zien dat ze zich wendbaar kan opstellen.
Hoogachtend, Gemeenteraad van Utrecht,
de griffier, Miguel Israel
de voorzitter, Sharon A.M. Dijksma
2/2
AVU Lange Brinkweg 81 Postbus 3250 3760 DG Soest t 035-6032303
Soest, 8 januari 2025
Aanbiedingsbrief bij de ontwerpbegroting 2026 Geachte leden van de Raad, Uitvoering gevend aan de artikelen 34 en 35 van de statuten van de gemeenschappelijke regeling Afval Verwijdering Utrecht, bieden wij u de ontwerpbegroting 2026 aan. Deze is door het Dagelijks Bestuur op 8 januari 2025 voorlopig vastgesteld, waarna de raden van de deelnemende gemeenten in de gelegenheid worden gesteld om zienswijzen kenbaar te maken. Wij verzoeken u uw zienswijzen voor 1 mei 2025 schriftelijk en ter attentie van het Algemeen Bestuur van de AVU in te dienen, of aan te geven dat u geen zienswijzen indient. Begrotingsgegevens In de ontwerpbegroting 2026 is uitgegaan van de afvalhoeveelheden1 die in de begroting 2025 zijn opgenomen. Hierbij is wel gekeken of deze in lijn liggen met de werkelijke hoeveelheden van 2024. Omdat de ontwerpbegroting 2026 al in oktober 2024 wordt opgesteld, kan het voorkomen dat gegevens die door derden moeten worden verstrekt, nog niet voorhanden zijn of door gewijzigd gemeentelijk beleid alsnog wijzigen. De ervaring leert dat de gegevens meestal voor de behandeling van de begroting in het Dagelijks Bestuur, voorafgaand aan de definitieve vaststelling door het Algemeen Bestuur, - voor de begroting 2026 is dit op 28 mei 2025 -, bekend zijn.
Waar dit niet het geval is, wordt op basis van jarenlange ervaring een inschatting gemaakt, of wordt indexering van de bekende gegevens (hoeveelheden en tarieven) toegepast. Voor het wijzigen van begrotingsgegevens voor zover het hoeveelheden afval betreft, behoeven overigens geen zienswijzen te worden ingediend, deze wijzigingen kunnen ambtelijk worden afgedaan met de AVU. De tarieven voor de verwijdering en de verwerking van afval zijn langjarig in contracten vastgelegd, er vindt alleen een jaarlijkse indexatie plaats. Op het verbranden van restafval geldt van Rijkswege een extra heffing per ton, de afvalstoffenbelasting. Deze stijgt jaarlijks met als doel de hoeveelheid afval die wordt verbrand terug te dringen. In 2026 moet voor het eerst CO2-heffing worden betaald over de per ton verbrand afval uitgestoten hoeveelheid CO2. Deze heffing, - ook opgelegd door de Rijksoverheid -, bedraagt in 2026 enkele euro’s, maar loopt richting 2030 snel op. De beide heffingen leiden aldus tot een hoger begrotingstotaal voor 2026 in vergelijking met 2024 en 2025. Inhoudelijk In de begroting zelf zijn in een apart hoofdstuk “Uitgangspunten Programma- en Productbegroting” de uitgangspunten verwoord, waarnaar wij u graag verwijzen. In deze aanbiedingsbrief willen wij met betrekking tot de productbegroting een algemene toelichting geven en de opvallende ontwikkelingen kort nader beschouwen.
Over het algemeen vertonen de hoeveelheden huishoudelijk restafval, grof huishoudelijk restafval en gftafval weinig schommelingen over de jaren. Belangrijk om te melden is dat afwijkingen tussen de begrote en de werkelijke hoeveelheden van 2 á 3% normaal zijn. Hoewel er door alle gemeenten wel naar wordt gestreefd, is gemiddeld genomen nog geen scherpe daling van de hoeveelheid restafval ingezet. Ook voor wat betreft het gft-afval zijn de hoeveelheden redelijk stabiel. Afwijkingen als gevolg van
1 Waar over hoeveelheid wordt gesproken in deze aanbiedingsbrief, betreft het tonnage, geen volume.
1
weersomstandigheden kunnen 5 á 10% van de jaarlijkse hoeveelheid gft-afval tussen opeenvolgende jaren belopen, die zijn echter niet te voorspellen. De hoeveelheid ingezameld verpakkingsglas lijkt zich na een aanvankelijke daling in de achterliggende jaren enigszins te stabiliseren. Sorteerproeven uit 2023 wijzen echter uit dat 4% van het aangeboden restafval verpakkingsglas is, glas dat in de glasbak terecht hoort te komen. Verbetering is hier nog mogelijk. De hoeveelheid ingezameld oud papier en karton blijft licht dalen. Er worden er gestaag minder kranten en tijdschriften gelezen en er worden ook steeds minder reclamefolders verspreid, waarmee een deel van de daling is verklaard. Daarnaast neemt als gevolg van het internet-winkelen het aantal kartonnen verpakkingen toe. Dat betekent dat het gemiddelde volumegewicht van het oud papier en karton afneemt, hetgeen zich ook vertaalt in een daling van de hoeveelheid. Glas en oud papier en karton zijn zogenaamde opbrengsten-stromen, - de afnemers betalen een vergoeding per ton. Voor wat betreft glas waarbij de inzamelkosten per ton hoger zijn dan de opbrengsten en deze laatste contractueel vastliggen voor enkele jaren, betekent meer of minder glas een evenredige verhoging of verlaging van de begrote kosten voor de inzameling en verwerking van glas. Bij oud papier ligt dit wat genuanceerder.
De marktopbrengst eind 2024 beweegt zich tussen € 80 en € 85 per ton. De uiteindelijke opbrengst is afhankelijk van zowel de hoeveelheid ingezameld oud papier en karton en de marktopbrengst per ton. Een lagere hoeveelheid tegen een lagere marktopbrengst werkt dubbel negatief door, terwijl een hogere hoeveelheid tegen een hogere marktopbrengst dubbel positief doorwerkt (en alle nuances hiertussen). Voorspellingen blijven altijd moeilijk waardoor de AVU ook voor 2026 conservatief blijft ramen, momenteel met een papierprijs van € 50,00 per ton, waarbij voor veel gemeenten een positieve netto-papieropbrengst (opbrengsten - kosten) in 2026 kan worden opgetekend. Voor het begrotingsjaar 2026 blijven de beheerkosten (kosten voor het AVU-bureau) voor wat betreft de opzet in lijn met de voorgaande jaren. De lichte stijging wordt voornamelijk veroorzaakt door de stijging van de personele kosten als gevolg van Cao-afspraken en de stijging van de accountantskosten. Kostenbesparingen Het jaar 2026 wordt voor veel gemeenten een financiële uitdaging. Daarom wordt in de begroting 2026 aandacht besteed aan kostenbesparing. De AVU-kosten betreffen voor 98,7% de contracten voor de verwijdering en de verwerking van het afval en de grondstoffen en voor 1,3% de AVU-organisatie zelf. Besparingen op de contractkosten zijn daarom het meest effectief.
In de contracten zijn de tarieven meerjarig vastgelegd, waardoor de enige te beïnvloeden variabelen de afvalhoeveelheden zijn. Restafval (ook grof) is de meest dure huishoudelijke afvalstroom om te verwerken. Dit komt voornamelijk door de afvalstoffenbelasting en de CO2-heffing per ton, boven op de verwerkingstarieven. Gft-afval, glas, oud papier en karton en pmd worden goedkoper verwerkt, waardoor een toename van deze afval- en grondstofstromen ten laste van het restafval door betere afvalscheiding juist zou moeten worden nagestreefd. Afvalinzameling en afvalscheiding zijn autonoom gemeentelijk beleid. Mogelijke knoppen waaraan kan worden gedraaid zijn: ● ● ● ●
Preventie middels voorlichtingscampagnes; Stimuleren van hergebruik via kringloop, repaircafé, tweedehandswinkel of andere initiatieven zoals een circulair ambachtscentrum; Sturing door drempelverhoging zoals omgekeerd inzamelen (grondstoffen huis aan huis, restafval wegbrengen naar een centraal inzamelpunt); Sturing met financiële prikkel door middel van diftar (betalen per aanbieding van restafval).
De meest effectieve manier om de hoeveelheid restafval te verminderen is het invoeren van een diftarsysteem. Hierbij zijn meerdere variaties mogelijk, afhankelijk van het gemeentelijke beleid en de gemeentelijke voorkeuren. Een gemiddeld huishouden in de provincie Utrecht produceert 350 kg restafval per jaar, terwijl de VANG-doelstellingen in 2020 al voor een gemiddeld gezin ongeveer 220 kg beoogden. Uit landelijke cijfers2 blijkt dat veel diftar-gemeenten de VANG-doelstellingen aantikken. Diftar is geen wondermiddel, wel behoort afhankelijk van de uitgangspositie waarin een gemeente zich bevindt 2 Afvalstoffenheffing 2023 / Rijkswaterstaat Water, Verkeer en Leefomgeving, 2024.
2
een besparing van 20% - 25% op de hoeveelheid restafval tot de mogelijkheden. Rekenvoorbeeld fictieve Gemeente Utrechts Groen Aantal inwoners : Totaal restafval: AVU-bijdrage per inwoner (2026) Begrotingstarief restafval (2026): Gewenste besparing op de AVU-bijdrage:
50.000 8.000 ton € 41 € 165 5% Totaal: € 102.500
De gewenste besparing is te bereiken door de jaarlijkse hoeveelheid restafval met 620 ton restafval, - circa 8% -, te verminderen. Gegeven de landelijke resultaten en mogelijke maatregelen, is deze besparing te realiseren, bijvoorbeeld met de invoering van een diftarsysteem. De maatregelen en de acties om de hoeveelheid restafval terug te dringen vragen afhankelijk van de huidige invulling van de afvalinzameling in de gemeente wel om een andere werkwijze waarbij investeringen zijn benodigd, maar daarnaast ook aanpassingen van de openbare ruimte, van de afvalinzameling en van gedrag van inwoners. Landelijke ervaringen leren wel dat de vaak incidentele investeringen opwegen tegen het structurele effect dat ermee wordt bereikt. In de toekomst zal het terugverdieneffect zelfs alleen maar toenemen door de forse stijging van de verwerkingskosten als gevolg van de sterk oplopende CO2-heffing. Kostenbesparingen die binnen de invloedsfeer van de AVU liggen, zijn beperkt tot de eisen die bij de aanbesteding van verwerkingscontracten kunnen worden gesteld. Ook hier betreft het voornamelijk de verwerkingscontracten voor het restafval. Bepalend voor de CO2-uitstoot is de samenstelling van het restafval.
Momenteel wordt onderzocht of voorscheiding van het restafval waarbij componenten met een hoge CO2-bijdrage worden verwijderd voordat het restafval daadwerkelijk wordt verbrand, effectief is. Naast vermindering van de uitstoot en de CO2-heffing, wordt als gevolg van een minder te verbranden hoeveelheid ook de te betalen afvalstoffenbelasting hierdoor minder. Kadernota Gezien het feit dat de AVU-begroting voor het grootste deel, - 98,7% -, wordt bepaald door hoeveelheden welke de deelnemende gemeenten opgeven, de tarieven contractueel zijn vastgelegd en de AVU zelf geen beleid ontwikkelt, zijn de kaders beperkt en afgebakend. Er is daarom gekozen om deze kaders niet in een aparte kadernota te beschrijven, maar om deze te combineren met de ontwerpbegroting. Financiële kaders Een apart hoofdstuk “Uitgangspunten Programma- en Productbegroting” is gewijd aan de uitgangspunten welke zijn gehanteerd bij het opstellen van deze ontwerpbegroting. In hoofdstuk 2 van deze ontwerpbegroting voor 2026 worden de financiële kaders beschreven waarop de productbegroting is gebaseerd. In de Wet Gemeenschappelijke Regelingen is vastgelegd dat deze financiële kaders voor 15 april van het jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar aan de raden van de deelnemende gemeenten moeten worden toegezonden. Daaraan wordt met het toezenden van deze ontwerpbegroting 2026 op of omstreeks 15 januari 2025 voldaan.
Met deze ontwerpbegroting 2026 gaan wij ervan uit u een reëel inzicht te geven in de te verwachten financiële ontwikkelingen binnen de gemeenschappelijke regeling AVU. Hoogachtend, Namens het Dagelijks Bestuur, Was getekend F.A. van Dijk, Secretaris 3
PROGRAMMA– EN PRODUCTBEGROTING 2026 Ontwerpbegroting
Vastgesteld door het Algemeen Bestuur op 25 juni 2025
Inhoudsopgave Aanbieding ......................................................................................................................................4 Leeswijzer .......................................................................................................................................5 Inleiding ..........................................................................................................................................6 De AVU en de actuele afvalwereld .............................................................................................6 De AVU als aanbestedende dienst...............................................................................................7 De AVU als platform voor de gemeenten ...................................................................................9 De AVU in CirkelWaarde ...........................................................................................................9 De AVU voor kostenbesparing..................................................................................................10 Deel I: Programmabegroting 2026................................................................................................13 Inleiding ........................................................................................................................................13 Hoofdstuk 1:
Programma’s ...........................................................................................................14 Programma 1: Huishoudelijk restafval, grof huishoudelijk restafval en gft ..............................14 Programma 2: Glas en Oud papier ............................................................................................16 Programma 3: Overhead ............................................................................................................17 Hoofdstuk 2: Financieel beleid .....................................................................................................18 §1. Omschrijving kosten en baten .............................................................................................18 §2. Meerjarenbegroting: Indexatie ............................................................................................19 §3. Meerjarenbegroting: Afvalstoffenbelasting en CO2-heffing ...............................................19 §4. Meerjarenbegroting 2026-2029 ...........................................................................................21 §5. Geprognosticeerde balans 2026-2029 .................................................................................22 §6.
Verschillenanalyse ...............................................................................................................23 Hoofdstuk 3: Overige informatie ..................................................................................................24 §1. Inleiding ...............................................................................................................................24 §2. Weerstandsvermogen en risicobeheersing...........................................................................24 §3. Bedrijfsvoering ....................................................................................................................25 §4. Verbonden Partijen ..............................................................................................................25 §5. Treasury c.q. financiering ....................................................................................................26 Grafiek : Ontwikkeling afvalhoeveelheden ...............................................................................30 Deel II: Productbegroting .............................................................................................................31 Inleiding ........................................................................................................................................31
2
Hoofdstuk 1: Uitgangspunten van de productbegroting ...............................................................32 Hoofdstuk 2: Hoeveelheden, tarieven en kosten...........................................................................34 §1. Hoeveelheden per AVU-deelnemer.....................................................................................34 §2. Tarieven voor AVU-deelnemers .........................................................................................35 §3. Tarieven en kosten voor huishoudelijk rest- en grof afval ..................................................36 §4. Tarieven en kosten voor gft-afval ........................................................................................37 §5. Kosten injectienaalden/oude medicijnen .............................................................................37 §6. Infrastructurele kosten .........................................................................................................38 §7.
Kosten sorteeranalyses ........................................................................................................38 Hoofdstuk 3: Beheerskosten .........................................................................................................39 Deel III: Overige activiteiten welke de AVU uitvoert ..................................................................40 Administratie kunststof verpakkingen, drankenkartons en blik ................................................40 Textiel ........................................................................................................................................40 Bijlagen .........................................................................................................................................41
3
Aanbieding Voor u ligt de begroting 2026 - 2029 van de Afvalverwijdering Utrecht. Deze geeft een getrouw beeld van de financiële verwachtingen bij de vastgestelde kaders. De omschreven hoofdtaak van de AVU - het organiseren van de verwijdering en de verwerking van de huishoudelijke afvalstoffen – wordt al jaren volgens een vaste blauwdruk uitgevoerd en is op hoofdlijnen niet aan grote veranderingen onderhevig. Dit heeft tot gevolg dat de kaders ook weinig veranderlijk zijn. Het grootste deel van de uitgaven - 98,7% -, ligt vast in de vorm van “hoeveelheden x tarieven”. Op de hoeveelheden heeft de AVU geen invloed, die worden door de gemeenten opgegeven en de tarieven liggen contractueel langjarig vast, echter wel met een mogelijkheid om te indexeren of bij te stellen als externe omstandigheden dat rechtvaardigen. De beïnvloedbare uitgaven belopen zo’n 1,3%. Echter een groot gedeelte daarvan, - zo’n 80% -, bestaat uit loonkosten en vaste lasten, welke zonder ingrijpende gevolgen voor de kleine organisatie ook niet heel beïnvloedbaar zijn. Hierdoor kan beeld ontstaan dat de begrotingen door de jaren heen ook diezelfde onveranderlijkheid als de kaders zouden laten zien. Dat is ten dele waar. De geopolitieke en de economische ontwikkelingen van de afgelopen jaren zorgden al voor oplopende loonkosten in de afvalbranche en hoge energietarieven.
Heden leiden deze ook tot stagnatie van de afzet van gerecyclede grondstoffen. Het lijkt erop dat deze trend zich voortzet. Dit vertaalt zich via indexatie in hogere verwerkingstarieven voor afvalstoffen en lagere opbrengsten voor recyclebare grondstoffen. Fiscale, politiek-gestuurde maatregelen zullen de komende jaren zorgen voor fors oplopende heffingen op het verbranden van afval en op CO2-uitstoot. Deze heffingen worden contractueel doorberekend en komen dan ook rechtstreeks ten laste van de verwerkingstarieven. Bij het doen van uitspraken, aannames en schattingen op de middellange termijn om te komen tot een evenwichtige begroting voor 2026 worden alle ontwikkelingen meegenomen, voor zover deze bekend zijn of worden voorzien. De verwachting is dan ook dat de tarieven in de komende jaren zullen blijven stijgen, waarbij aangenomen wordt dat de belasting-component hiervan het leeuwendeel zal gaan uitmaken. Vermindering van de hoeveelheid te verbranden restafval en verbetering van de kwaliteit van de grondstofstromen blijven daarom de belangrijkste opdrachten voor de komende jaren.
4
Leeswijzer Deel I omvat de Programmabegroting 2026. Daarin wordt achtereenvolgens ingegaan op: • • • • •
een omschrijving van de activiteit (de “wat” vraag); de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan de activiteit (de “hoe” vraag); kosten en baten; een aantal paragrafen, welke op basis van de comptabiliteitsvoorschriften (BBV) verplicht moeten worden opgenomen.
Deel II omvat de Productbegroting 2026, waarin onder meer zijn opgenomen kerngegevens en specificaties van de door de gemeenten (individueel) te betalen vergoedingen. Deel III betreft activiteiten die niet voor alle gemeenten worden uitgevoerd: de inzameling en de verwerking van textiel en overige activiteiten die niet onder de kostenverevening vallen.
Tenzij uitdrukkelijk anders vermeld, zijn alle in deze begroting weergegeven bedragen exclusief BTW.
5
Inleiding De AVU is de gemeenschappelijke regeling van 25 Utrechtse gemeenten1. Met een kleine bureauorganisatie die “in een notendop gezegd”, de regeling uitvoert en organiseert dat het afval dat de gemeenten inzamelen op een verantwoorde wijze wordt afgevoerd en wordt verwerkt. In de gemeenschappelijke regeling zijn de onderlinge afspraken tussen de gemeenten vastgelegd, kortom het “wat en het hoe”. De AVU betekent meer voor de gemeenten, naast het vervullen van haar basistaak adviseert zij de gemeenten over allerhande afvalonderwerpen én vergaart zij kennis op het vakgebied. Kennis, die de gemeenten weer ten goede komt.
De AVU en de actuele afvalwereld De afvalsector staat de laatste jaren onder hoge druk. Geopolitieke ontwikkelingen in de afgelopen jaren leidden al tot hoge energiekosten die samen met toegenomen personele kosten de verwerkingstarieven flink deden stijgen. Desondanks is de afzet van gft-compost op een constant niveau en kunnen het ingezamelde verpakkingsglas en oud papier ook probleemloos als grondstoffen worden afgezet na sortering en bewerking. Actueel zijn met name afzetproblemen voor de pmd- en textielsectoren. Goedbedoelde Europese en nationale politieke initiatieven om te komen tot meer circulariteit van ingezamelde grondstoffen in 2030 lijken vooralsnog te stranden en wetgeving laat op zich wachten. De stok achter de deur ontbreekt waar het gaat om het nemen van verantwoordelijkheid door producenten. Met name plastic- en textielrecyclingbedrijven hebben moeite om het hoofd boven water te houden, meerdere zijn er al omgevallen. Bedrijven die vol goede intenties waren gericht op circulariteit. Of het nou gaat om het recyclen van plastic verpakkingen, of om de keten van gedragen kleding en textiel, het is van essentieel belang dat zowel op Europees als nationaal niveau de urgentie van deze problematiek wordt erkend.
Gemeenten spelen hierbij een rol, bijvoorbeeld in het informeren van inwoners over het scheiden van plastic verpakkingen of over de noodzaak van de keuze voor kwaliteitskleding boven goedkope, snel geproduceerde troep. Een stijgende vraag naar gerecycled pmd en textiel zal de keten vervolgens een impuls geven en positieve effecten hebben tot en met de gemeentelijke inzameling. Factoren die deze vraag positief beïnvloeden zijn wetgeving, een betere kwaliteit van grondstoffen en de vraag naar producten waarin gerecyclede grondstoffen zijn verwerkt door de consumenten. Wereldwijd zijn er initiatieven om te komen tot efficiënt grondstofgebruik en duurzame afvalverwerking. Deze ontwikkeling is cruciaal omdat wereldwijd de gemiddelde levensstandaard de komende decennia eerst zal toenemen. In de meer welvarende landen hebben we inmiddels geleerd dat meer welvaart eerst meer afval betekent, vooral het aantal kort-cyclische producten neemt toe. Er wordt overigens wel een punt bereikt in de welvaartsontwikkeling waarbij de hoeveelheid restafval zich stabiliseert, maar wereldwijd zal er dus in de komende periode eerst meer afval zijn. De vrees bestaat dat de lineaire economie die wereldwijd nog de boventoon voert, zal leiden tot tekorten aan grondstoffen.
Het is daarom belangrijk dat er instrumenten worden ontwikkeld die ertoe leiden dat meer welvaart betekent dat er juist minder afval komt en dat
1
De gemeente Vianen is na de herindeling met de gemeenten Leerdam en Zederik tot gemeente Vijfheerenlanden per 1/1/2021 geen AVU-deelnemer meer. Deze gemeente neemt nu deel in de g.r. Gevudo.
6
circulariteit en duurzaamheid als sleutelwoorden bij de verwerking van het afval de hoogste prioriteit krijgen. Overheden moeten kritischer worden en zullen met wetgeving en gerichte aanpak de problematiek met betrekking tot de afvalfase van producten moeten oplossen. Dat alle ketenpartners hierbij een grote verantwoordelijkheid hebben, moge duidelijk zijn. Zo kennen we de in Nederland afvalstoffenbelasting op iedere ton te verbranden afval en Europees de CO2-heffing welke ook bij afvalverwerking is opgelegd en financiële consequenties gaat krijgen vanaf 2026. Buiten het feit dat het niet meer dan normaal is om ernaar te streven zo min mogelijk afval te produceren en te verbranden uit het oogpunt van duurzaamheid, is dit ook economisch gezien belangrijk. Als met dit soort maatregelen een omslag in denken wordt bereikt en voor producenten al dan niet gedwongen door uitgebreide producenten verantwoordelijkheid (UPV) in de fabricage en samenstelling van producten én in de wijze waarop in de afvalfase ervan met die producten duurzaam en circulair het uitgangspunt wordt, is dat wereldwijde winst. De AVU zet zich in om bij te dragen aan deze ontwikkelingen in de afvalwereld (zie ook bladzijde 9: De AVU in CirkelWaarde).
De AVU als aanbestedende dienst De basistaak van de AVU, het afvoeren en verwerken van het door 25 Utrechtse gemeenten ingezamelde afval bestaat uit het overslaan het afval uit de kraakperswagen in grote transportvrachtwagens of in schepen, waarna het naar de verwerkers gaat. Het plaatje laat zien waar het afval van de AVU-gemeenten wordt overgeslagen. De overslagwerkzaamheden in Utrecht zijn uitbesteed aan AVR, dit bedrijf is ook eigenaar van deze overslaglocatie. Deze opdracht wordt periodiek Europees aanbesteed. Zowel in Amersfoort als in Ede is met respectievelijk ROVA (AVU is
7
aandeelhouder) en BV Afvaloverslag (een gezamenlijke BV van AVU en ACV Ede) een dienstverleningsovereenkomst gesloten voor de overslag en het transport naar de verwerkers, dat betekent dat deze werkzaamheden niet worden aanbesteed. Voor de verwerking van huishoudelijk restafval en grof huishoudelijk restafval is een overeenkomst gesloten met de bedrijven AVR en Attero die voor deze opdracht een combinatie hebben gevormd. Het huishoudelijk restafval dat in Utrecht wordt overgeslagen, wordt verwerkt door AVR in Rozenburg, het huishoudelijk restafval van de overslagen Amersfoort en Ede wordt verwerkt door Attero in Wijster. Het grof huishoudelijk restafval van alle gemeenten wordt onder de verantwoordelijk van AVR en Attero in onderaanneming verwerkt door Renewi in Nieuwegein.
Het gft-afval wordt verwerkt door Attero, op 2 locaties. Het gft-afval van de overslagen Amersfoort en Ede wordt (deels) vergist en gecomposteerd in Wilp en het gft-afval dat in Utrecht wordt overgeslagen wordt in Wijster tot compost verwerkt. Daarnaast organiseert de AVU de verwijdering van door inwoners bij apotheken of milieustraten ingeleverde oude medicijnen en injectienaalden. Deze dienstverlening is opgezet om te voorkomen dat deze afvalstoffen in het restafval, in andere afvalstromen of op straat terechtkomen en om te voorkomen dat deze via bijvoorbeeld de riolering in het milieu terechtkomen. Stadsbedrijven Utrecht verzorgt deze dienstverlening voor de AVU op basis van een dienstverleningsovereenkomst. Oude medicijnen en injectienaalden worden op afroep opgehaald bij milieustraten, apotheken en apotheekhoudende huisartsen. De verwerking ervan wordt door Renewi gedaan. Ook glas en oud papier behoren tot de aan de AVU overgedragen afvalstromen. De inzameling van het glas uit de glascontainers wordt voor 14 gemeenten uitgevoerd door Stadsbedrijven Utrecht, op basis van een dienstverleningsovereenkomst met de AVU. Voor de overige gemeenten wordt de glasinzameling verzorgd door ROVA, RMN of ACV. Het glas wordt op basis van een contract
8
verwerkt door het bedrijf Maltha in Heijningen. Voor de inzameling van het oud papier heeft de AVU een contract met het bedrijf Remondis. Gemeenten die niet zelf de inzameling in eigen beheer of op een andere wijze laten verzorgen, kunnen hiervan gebruikmaken. Het oud papier wordt op basis van een contract in de regio verwerkt door het bedrijf Smurfit Kappa op de locatie Renkum. Andere afval- en grondstofstromen vallen buiten de regeling, maar ook die kan de AVU overnemen op verzoek van de gemeenten. De AVU besteedt de contracten voor inzamelmiddelen, transport en verwerking periodiek Europees aan en beheert deze vervolgens voor de gemeenten. Het blijven echter wel contracten tussen de gemeenten en de opdrachtnemers. Voorbeelden hiervan zijn de textielcontacten van 11 AVU-gemeenten en de contracten voor de afvoer en de verwerking van de milieustraatstromen voor inmiddels 9 gemeenten. Tevens draagt de AVU zorg voor de financiële afwikkeling, wat inhoudt dat de opdrachtnemers dienen te worden betaald en dat de kosten en (in het geval van glas en oud papier) de opbrengsten worden doorberekend aan de gemeenten. Hiervoor wordt naast de financiële administratie ook een registratie van hoeveelheden bijgehouden.
De AVU als platform voor de gemeenten Gemeenten staan voor de uitdaging om hun bijdragen te leveren aan diverse maatschappelijk relevante en gewenste transities met als gemeenschappelijk doel een duurzame samenleving. Bij de transitie van het afvalbeheer leggen de gestelde duurzaamheidsdoelen, kwaliteitseisen van de te recyclen grondstoffen en fiscale maatregelen van de Rijksoverheid op het verbranden van afval forse druk op de beleids- én financiële capaciteit van de gemeenten. Tegelijk worden er steeds hogere eisen gesteld aan de duurzaamheid van het huishoudelijk afvalbeheer, een wettelijke zorgplicht van elke gemeente. Transities stoppen niet bij de grenzen van de eigen organisatie, de sector of markt. Het sleutelwoord blijkt telkens weer samenwerking te zijn. Samenwerking is het fundament, niet om veranderingen het hoofd te bieden, maar om deze met open vizier tegemoet te treden en te omarmen. Samenwerking in AVU-verband op de huidige provinciebrede schaal, biedt goede kansen en mogelijkheden om zowel bestuurlijk, strategisch als operationeel in te spelen op de actuele en toekomstige ontwikkelingen van de afval- en grondstoffenketen, ervaringen te delen en gezamenlijk initiatieven te ontplooien.
De AVU is daarmee voor de deelnemende gemeenten het samenwerkingsplatform waar het de afvalketen betreft en wil zich door ontwikkeling zodanig positioneren dat dit platform in de toekomst van toegevoegde waarde blijft voor zowel gemeenten als publieke inzamelorganisaties.