CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen (2022-2026) 20 juni 2024, gemeente Utrecht33.612 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Daarmee is de storting van de 2/3 van de door de corporaties af te dragen meerwaarde bij verkoop of integrale herontwikkeling in de voorziening Meerwaarde prestatieafspraken woningcorporaties komen te vervallen. De hiervoor in de begroting opgenomen bedragen zijn afgeraamd vanaf 2023 terwijl de verkopen nog niet beëindigd waren. De ontvangen meerwaardeafdracht bedraagt 3,773 miljoen euro. Voor de overige conversies en bestemmingswijzigingen erfpacht is in de begroting een baat opgenomen van 1,711 miljoen euro. De hieronder toegelichte opbrengst van 5,890 miljoen euro leidt tot een voordeel van 4,179 miljoen euro op de begroting:  Voor het aanpassen van de bestaande erfpachtovereenkomsten na een bestemmingswijziging zijn 16 meerwaardeafdrachten van in totaal 4,482 miljoen euro in rekening gebracht.  Een aantal erfpachters heeft gebruik gemaakt van de mogelijkheid om de canon eeuwigdurend af te kopen en heeft hiervoor een afkoopsom betaald van in totaal

Coalitie

I/S

Verschil actueel / realisatie

I

-172

I

1.552

I

819

I

1.752

I

3.773

I

4.179

50

x € 1.000 Baten

1,408 miljoen euro. Hiervan vielen er 24 onder de Conversieregeling Erfpachten 2017 en 5 onder de overige conversieregelingen. In motie 191/2017 draagt de gemeenteraad het college op om de opbrengst uit de Conversieregeling Erfpachten 2017 te reserveren voor Betaalbaar wonen. In 2023 bedroeg de opbrengst minus de uitvoeringskosten 0,815 miljoen euro. Als gevolg van conversie van erfpachtrechten waarbij de canon eeuwigdurend wordt afgekocht daalt de opbrengst binnen het erfpachtbeheer structureel. Het saldo van de vervallen erfpachtrechten bedraagt 0,021 miljoen euro. Incidentele opbrengst op verkoop overtollig gemeentelijk bezit dat niet past in een beleidsdoel Hogere erfpachtopbrengsten door een herziening van een canon Strategische verwervingen Zowel de baten als lasten in verband met het beheer van de strategische verwervingen zijn 1,034 miljoen euro hoger. Bedrijfsmiddelen Netwerken en Marktbenaderingen heeft meer baten gerealiseerd. De Ruimtelijke Strategie Utrecht heeft een Europese subsidie opbrengst voor het project Nebstar gerealiseerd. Omgevingsrecht Er zijn minder baten uit de omgevingsvergunningen (WABO) gerealiseerd. Overige baten 2. De bebouwde omgeving is veilig, leefbaar In 2023 heeft de gemeenteraad een nieuwe verordening vastgesteld. Daarin is opgenomen, dat voortaan kamerverhuur aan 3 personen vergunningvrij is.

Dit betekent dat vergunningvrij is uitgebreid en hierdoor minder handhavingsmogelijkheden zijn. Dit heeft op het opleggen van bestuurlijke boete. In 2023 is de wet Opkoopbescherming in werking getreden (zelfbewoningsplicht). In de verordening is opgenomen dat het niet hebben van een vergunning voor Opkoopbescherming beboetbaar is. Dit stelt de gemeente Utrecht in de gelegenheid om bestuurlijke boete op te leggen. Dit zorgt ervoor dat dit tekort incidenteel van aard. Minder leges geïnd dan geprognosticeerd bij de Tweede bestuursrapportage Overige baten 3. Voldoende passend betaalbare huisvesting Voor huisvesting van kwetsbare doelgroepen realiseren we minder baten dan begroot, door scope uitbreiding kunnen we de kosten niet verrekenen met de specifieke uitkering.

Coalitie

I/S

Verschil actueel / realisatie

I

3.278

S

375 1.034

I

105

I

-122

-88 I

-139

I

-157 0

I

-197

4. Behouden, beheren, benutten van erfgoed

51

x € 1.000 Baten

Coalitie

De afwijking komt voornamelijk door gewijzigde regelgeving. De archeologische werkzaamheden nemen toe en dit leidt tot hogere legesopbrengsten. Overige baten Totaal baten

I/S

I

Verschil actueel / realisatie 253

100 15.927

x € 1.000 Lasten

1. Herontwikkeling fysieke leefomgeving Het verschil tussen begroting en realisatie van de grondexploitaties is opgebouwd uit het geprognosticeerd eindresultaat van de grondexploitaties en de gerealiseerde lasten en baten in 2023 (cashflow). Voor een gedetailleerde toelichting op de ontwikkeling van de geprognosticeerde eindresultaten verwijzen wij naar het Meerjaren Perspectief Ruimte 2024. Resultaat grondexploitaties In 2023 is 5,515 miljoen euro gedoteerd aan de voorziening voor de negatieve grondexploitaties om de risicovoorzieningen op het, voor het Meerjaren Perspectief Ruimte, benodigde niveau te brengen. Conform besluit bij de tweede bestuursrapportage 2021 is dit resultaat onttrokken uit de reserve grondexploitaties Grondexploitatie Leidsche Rijn De gerealiseerde lasten zijn 8,851 miljoen euro lager dan begroot door uitgestelde civieltechnische en plankosten in de volgende deelprojecten:  Leidsche Rijn Centrum ad 5,5 miljoen euro;  Hoofdinfrastructuur ad 3,0 miljoen euro;  Verwerving ad 2,1 miljoen euro;  Hoofdwatersysteem ad 1,6 miljoen euro;  Rijnvliet ad 1,4 miljoen euro;  Hooggelegen ad 0,5 miljoen euro. Daarnaast zijn er ook gerealiseerde lasten die hoger zijn dan begroot:  Geluidswal Woerden ad 0,6 miljoen euro;  Infrastructuur restprojecten ad 0,6 miljoen euro;  Leeuwesteyn Noord ad 0,6 miljoen euro.

Verder is de verrekening met de balanspost onderhanden werk 4,4 miljoen euro hoger dan begroot. Dit is een verrekening met de balans en zijn geen werkelijke kosten. Binnenstedelijke grondexploitaties

Coalitie

I/S

Verschil actueel / realisatie

I

-5.515

I

8.851

I

-2.189

52

x € 1.000 Lasten

De totale gerealiseerde lasten zijn 2,189 miljoen euro hoger dan begroot:  De gerealiseerde lasten in de binnenstedelijke grondexploitaties zijn 14,301 miljoen euro lager dan begroot.  De verrekening met de balanspost onderhanden werk is 11,534 miljoen euro hoger dan begroot.  De overige lasten zijn 4,956 miljoen euro hoger dan begroot. Door verschuivingen in de planning zijn de gerealiseerde lasten in de grondexploitaties 14,3 miljoen euro lager dan begroot. Dit betreft voornamelijk de grondexploitatie Beurskwartier (lagere kosten voor verwerving, sloop, milieu en bouw- en woonrijp maken). De verrekening met de balanspost onderhanden werk is 11,5 miljoen euro hoger dan begroot. Dit zijn geen uitgaven, maar betreft de verrekening van lasten en baten van de grondexploitaties met de balans. De overige lasten zijn per saldo 5 miljoen euro hoger dan begroot. Dit betreft een storting in de voorziening onderhanden werk om de waardecorrectie op de post bouwgrond in exploitatie op het juiste niveau te brengen (6,9 miljoen euro hoger), gemaakte kosten voor planbegeleiding die we nog in rekening gaan brengen bij ontwikkelaars (3,0 miljoen euro lager) en het resultaat op strategische verwervingen, anticiperende verwervingen, voorraadfunctie en overige kosten grondexploitaties (1,1 miljoen euro hoger).

Grondexploitatie Stationsgebied De gerealiseerde lasten zijn 0,175 miljoen euro lager dan begroot: - De gerealiseerde lasten in de grondexploitatie Stationsgebied zijn 7,161 miljoen euro lager dan begroot. - De verrekening met de balanspost onderhanden werk is 6,987 miljoen euro hoger dan begroot. De gerealiseerde lasten in de grondexploitatie in 2023 zijn 7,161 miljoen euro lager door verschuivingen in de lasten van in uitvoering genomen werken, zoals de omgeving Jaarbeursplein, Catharijnesingel, Forum Noord en de omgeving Sijpesteijn. De verrekening met de balanspost onderhanden werk is 6,987 miljoen euro hoger dan begroot. Dit zijn geen uitgaven, maar betreft de verrekening van lasten en baten van de grondexploitatie met de balans. Ruimtelijke herontwikkelingsplannen De omzet op intentie- en anterieure overeenkomsten gesloten met ontwikkelende partijen in de stad was in 2023 hoger dan verwacht. Onderdeel van deze overeenkomsten is het verhalen van de plankosten. Zowel de baten als de lasten zijn 1,552

Coalitie

I/S

Verschil actueel / realisatie

I

175

I

-1.454

53

x € 1.000 Lasten

miljoen euro hoger dan begroot. Door diverse afwijkingen zijn de overige lasten 0,098 miljoen euro lager dan begroot. Investeringsimpuls RSU In het Meerjaren Perspectief Ruimte 2023 (MPR 2023) is de (her)programmering van de middelen uit de reserve Investeringsimpuls RSU vastgesteld door de gemeenteraad. De gerealiseerde lasten zijn 3,912 miljoen euro lager dan begroot:  Voor 0,612 miljoen euro van de afwijkingen geldt dat daadwerkelijke besteding van deze middelen in 2024 of verspreid over de komende jaren plaatsvindt.  De begrote onttrekking uit de reserve betaalbaar wonen voor 3,300 miljoen euro is niet aangewend. SISA Gebiedsontwikkeling De gerealiseerde lasten zijn 1,752 miljoen euro hoger dan begroot. De kosten bestaan voornamelijk uit kosten voor deelprojecten:  Onderwijs ad 0,572 miljoen euro;  Veiligheid ad 0,306 miljoen euro;  Groene Voet ad 0,361 miljoen euro;  Overvecht ad 0,198 miljoen euro;  Monitoring en Kennisdeling ad. 0,211 miljoen euro;  Overige projecten ad. 0,104 miljoen euro. Stedenbouw en planologie Vertraging op diverse projecten in de openbare ruimte heeft geleid tot lagere bestedingen aan speelvoorzieningen (o.a. Lumbrusplein, Jeremiestraat en Poolsterhof). Ook is een aantal geplande speelprojecten nog niet uitgevoerd (Tolsteelplantsoen, Welgelegen, Basilicumstraat) vanwege langer openstaande vacatures in de huidige arbeidsmarkt.

Erfpacht Voor de conversies en bestemmingswijzigingen erfpacht in de begroting een last opgenomen van 0,765 miljoen euro. De hieronder toegelichte gerealiseerde lasten van 1,790 miljoen euro leiden tot een nadeel van 1,025 miljoen euro op de begroting:  De behandelkosten van het aanpassen van de erfpachtovereenkomsten ten behoeve van conversies en bestemmingswijzigingen bedragen 0,448 miljoen euro.  Als bij sloop-nieuwbouw door woningcorporaties sprake is van verdichting kan die meerwaarde weer binnen de locatieontwikkeling worden ingezet. In 2023 heeft de gemeente 1,216 miljoen euro hieraan bijgedragen.  De afschrijving op de boekwaarde van de erfpachtgronden als gevolg van het vervallen van de canonopbrengsten bedraagt 0,126 miljoen euro.

Coalitie

I/S

Verschil actueel / realisatie

I

3.912

I

-1.752

I

497

I

-1.025

54

x € 1.000 Lasten

Hogere lasten dan geraamd door het afschrijven van de boekwaarde van een aanzienlijke verkoop van overtollig gemeentelijk bezit dat niet past in een beleidsdoel. Een overschrijding op de project-, handhaving- en beheerkosten; met name de ontwikkeling van het contractbeheer en opstellen nieuwe erfpachtvoorwaarden. Strategische verwervingen Zowel de baten als lasten in verband met het beheer van de strategische verwervingen zijn 1,034 miljoen euro hoger. Bedrijfsmiddelen De inzet voor de Ruimtelijke Strategie Utrecht is 0,4 miljoen euro lager uitgevallen. De kosten van de kennisagenda en het maken van (toekomst)scenariostudies vallen 0,3 miljoen euro lager uit, de bijdrage aan de U10 voor het regionaal economisch perspectief is 0,1 miljoen euro lager. Ook de kosten van het versnellen en verbeteren van het UPP vallen 0,1 miljoen euro lager uit en de kosten van de invoering Omgevingswet die ten laste van de Ruimtelijke Strategie Utrecht komen vallen 0,1 miljoen euro lager uit. Daarentegen zijn de kosten van de Nota Omgevingskwaliteit en Beleid Dakopbouwen van 0,2 miljoen euro ten laste van de Ruimtelijke Strategie Utrecht gebracht. Overige lasten 2. De bebouwde omgeving is veilig, leefbaar Bij het programma 'Beschermen van de bestaande woningvoorraad' zijn incidentele middelen beschikbaar voor de implementatie van de wet goed verhuurderschap en de leegstandsverordening.

Overige lasten 3. Voldoende passend betaalbare huisvesting Bij de Voorjaarsnota 2023 hebben we aangegeven een realisatieteam vorm te geven voor extra inzet op de groeiende problematiek m.b.t. huisvesting aandachtsgroepen en kwetsbare doelgroepen in combinatie met de stagnatie van de woningbouw en de complexiteit mbt realiseren van tijdelijke woningen (schaarste ruimte, businesscase, doorplaatslocaties etc). De dekking voor het realisatieteam valt deels onder het programma Ondersteuning op maat. De kosten zijn verantwoord op het programma Ruimtelijke ontwikkeling, Wonen en Erfgoed. 4. Behouden, beheren, benutten van erfgoed De voornaamste oorzaken voor de hogere lasten zijn meer archeologische werkzaamheden door gewijzigde regelgeving, het professionaliseren van de interne processen omtrent archeologie en er is meer personele inzet dan begroot. Overige lasten Totaal lasten

Coalitie

I/S

I

Verschil actueel / realisatie -143

S I

-375 92 -1.034

I

438

20 I

145

20 I

-150

I

-333

8 188

55

x € 1.000 Mutatie reserve

Onttrekking Bij de Tweede bestuursrapportage 2021 heeft de raad besloten om de resultaten op afgesloten en lopende grondexploitaties alsmede kosten waarvoor binnen de reserve grondexploitatie bedragen zijn gereserveerd nog in het lopende jaar te verrekenen met de reserve grondexploitatie. Op basis van dit besluit zijn diverse baten en lasten met betrekking tot de grondexploitaties verrekend met de reserve grondexploitatie. De hogere onttrekkingen uit de reserve grondexploitaties bestaan uit:  5,515 miljoen euro in verband met de dotatie aan de voorziening negatieve grondexploitaties om de risicovoorziening op het, voor het Meerjaren Perspectief Ruimte, benodigde niveau te brengen  0,894 miljoen euro resultaat op strategische en anticiperende verwervingen  0,186 miljoen euro in verband met de jaarlijkse inkooptaakstelling op grondexploitaties  0,041 miljoen euro resultaat op diverse afgesloten projecten  0,017 miljoen euro in verband met voorbereidingskosten met betrekking tot het Atleeplantsoen.  0,005 miljoen euro resultaat op een anterieure overeenkomst in Leidsche Rijn.

Overige toevoegingen reserves Storting De hogere dotaties aan de reserve grondexploitaties bestaan uit:  6,600 miljoen euro tussentijdse winstneming op de grondexploitaties Leidsche Rijn (5,900 miljoen euro), Merwedekanaalzonde deelgebied 4: Defensieterrein (0,530 miljoen euro) en Oudenrijn West (0,170 miljoen euro);  0,378 miljoen euro resultaat op een anterieure overeenkomst in Leidsche Rijn  0,241 miljoen euro in verband met de onttrekking aan de voorziening negatieve grondexploitatie Stationsgebied om de risicovoorziening op het, voor het Meerjaren Perspectief Ruimte, benodigde niveau te brengen;  0,125 miljoen euro resultaat op voorraadfunctie  0,113 miljoen euro dotatie van de robuuste posten in de grondexploitatie Leidsche Rijn.  0,004 miljoen euro resultaat op diverse afgesloten projecten Overige toevoegingen reserves Totaal mutatie reserves

Coalitie

I/S

I

Verschil actueel / realisatie 6.658

8 -7.461 I

-194 -989

Risico's Belangrijkste bestaande strategische risico's

56

Risico 1: Ongunstige marktomstandigheden zoals stijgende rente, stijgende bouwkosten, schaarste bouwmaterialen en beschikbaarheid personeel (zowel markt als gemeente) zetten het bouwtempo onder druk. Als gevolg hiervan neemt de woningbouwproductie af.  Stand van zaken risico:  Nog steeds van toepassing (is al opgetreden).  Netcongestie: We merken in toenemende mate dat ook netcongestie een negatief risico vormt op de woningbouwproductie.  Stand van zaken maatregelen:  Nog steeds van toepassing. Risico 2: Beperkingen met betrekking tot stikstofdepositie leiden tot vertraging of afstel van ruimtelijke projecten.  Stand van zaken risico:  Nog steeds van toepassing.  Stand van zaken maatregelen:  De bouwvrijstelling is inmiddels van tafel en zowel in de bouw- als gebruiksfase is geen stikstofbijdrage toegestaan. Per project wordt bekeken wat eventuele mogelijkheden zijn om te versnellen en hoe het project door te laten gaan.  We hebben een lijst is inmiddels is opgesteld. Risico 3: Bijdragen vanuit derden (waaronder Rijk en andere overheden) zijn onvoldoende om de opgaven en ambities uit de RSU 2040 te kunnen realiseren.  Stand van zaken risico:  Nog steeds van toepassing.

 Stand van zaken maatregelen:  Nog steeds van toepassing Risico 4: Een tekort aan grond en locaties, oplopende bouwprijzen, schaarste aan bouwmaterialen en krapte op de arbeidsmarkt vormen een risico voor een snelle voortgang van de bouw. Als gevolg kunnen bepaalde doelgroepen zich niet meer in Utrecht vestigen.  Stand van zaken risico:  Nog steeds van toepassing.  Stand van zaken maatregelen:  Nog steeds van toepassing. Risico 5: Stapeling van wet-en regelgeving om de wooncrisis aan te pakken leidt tot grote complexiteit met als gevolgen; ondoorzichtigheid van regelgeving voor inwoners en ondernemers, grote druk op beleidscapaciteit en handhavingscapaciteit en langere doorlooptijd van procedures.  Stand van zaken risico:  Nog steeds van toepassing.  Stand van zaken maatregelen:  Nog steeds van toepassing. Nieuwe strategische risico's Nieuw Risico 1: De kabinetswissel maakt dat ingezette activiteiten wellicht een andere wending krijgen. Onder het vorige kabinet is in 2021 de Nationale Woon- en Bouwagenda en de zes programma’s op wonen, bouwen en verduurzamen een samenhangende aanpak geïntroduceerd vanuit de Rijksoverheid. Een deel van de maatregelen en wetgeving is doorgevoerd of inwerking getreden. Met de kabinetswissel is het mogelijk dat er ander keuzes gemaakt worden over de nog uit

57

te voeren maatregelen. Voor wonen zijn op dit moment twee aspecten relevant: de Wet regie op de volkshuisvesting en de Wet betaalbare huur. Het eerste aspect betreft het risico enerzijds dat we de voorbereidingen ongedaan moeten maken en dat we opnieuw moeten zoeken naar lokale oplossingen voor de bestaande problemen op de woningmarkt. Anderzijds blijft er onduidelijk bestaan onder investeerders, verhuurders en ook woningzoekenden waar zij op kunnen rekenen waardoor zij andere keuzes maken of investeringen doen of uitstellen. Het tweede aspect betreft dat met een intrekking of een fundamentele koerswijziging wij mogelijk geen instrumenten hebben om de Utrechtse wooncrisis aan te pakken.  Stand van zaken maatregel:  Lobby voor continuering programma's en maatregelen.  Opnieuw lobby voor aanpassing WWS-puntenstelsel zodat middenhuur betaalbaar blijft in Utrecht.

Investeringen Zie de paragraaf investeringen voor een toelichting op de investeringen.

Verbonden partijen Omschrijving

Doel

NV Maatschappij tot Stadsherstel Utrecht

Verwerven, restaureren, onderhouden, beheren en exploiteren van monumenten. De Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel NV richt zich vanaf de oprichting met name op restauratie en behoud van voor de markt incourante objecten. Het verlenen van milieuvergunningen en toezicht en handhaven van milieuregels

Regionale uitvoeringsdienst (RUD)

x € 1.000 Bijdrage gemeente Utrecht 0

2.318

Zie voor detailinformatie de paragraaf Verbonden Partijen

58

Subsidies Doelstelling

Omschrijving

Begroting Realisatie 2023 2023

x € 1.000 Verschil

Doelstelling 1: Herontwikkeling van de fysieke leefomgeving draagt bij aan gezonde groei met kwaliteit en in balans Lesgeven in een grootstedelijke context

Lesgeven in een grootstedelijke context

400

260

140

Ruimtelijke plannen

Bijdrage aan lokaal platform/ initiatieven voor onderzoek, debat, en infovoorziening over architectuur, stedenbouw en landschap

79

75

4

479

335

144

72

34

38

300

0

300

6.297

3.977

2.320

20

0

20

6.689

4.011

2.678

Totaal doelstelling 1 Doelstelling 3: Voldoende passende en betaalbare huisvesting voor alle bewoners en woningzoekenden Doelgroepen

Investeringsimpuls meerwaardeafdracht

Stedelijke huurders participatie en vertegenwoordiging, informatiepunt studentenhuisvesting Fonds Toevoegen Woonruimte voor uitbreiding woonvoorraad bestaande bouw Investeringsimpuls meerwaardeafdracht

Initiatieven Schepenbuurt en Cartesiusweg

Initiatieven Schepenbuurt en Cartesiusweg

Toevoegen Woonruimte

Totaal doelstelling 3 Doelstelling 4: Monumenten en cultuurhistorische waarden Exploitatie Domunder

Ondersteuning Exploitatie Domunder

40

40

0

Publieksbereik Erfgoed

Ondersteuning activiteit Open Monumenten Dag Utrecht en Kerken kijken Utrecht

70

66

4

110

106

4

7.278

4.452

2.826

Totaal doelstelling 4 Totaal Ruimtelijke ontwikkeling, Wonen en Erfgoed Zie voor het totaaloverzicht alle subsidies per programma de bijlage subsidies.

59

Beleidsnota's Beleidsdocument

Vastgesteld

Toelichting

Ruimtelijke Strategie Utrecht 2040 Woonvisie Utrecht beter in Balans Het Utrechtse Grondbeleid

2021

Strategische visie voor de stad voor de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving. Overkoepelende visie op het woonbeleid in de gemeente Utrecht. Beleidsnota van het Grondbeleid

Grondprijsbrief 2023

2023

Actieplan Middenhuur (incl. gewijzigde voorwaarden) Actieplan Betaalbare koop

2022

Actieplan Utrechtse Wooncoöperaties

2021

2019 2017

2021

Plan van Aanpak huisvesting en 2019 ondersteuning kwetsbare groepen Huisvestingsverordening

2023

Actieplan Studentenhuisvesting

2023

Leegstandsverordening

2023

Erfgoednota

07-11-2021

Utrechtse visie religieus erfgoed 09-05-2017 Beleidsregel zonnepanelen op beschermde monumenten

07-12-2023

Actualisatie van de geldende grondprijzen voor het jaar 2023 Actieplan om prijs en kwaliteit langjarig te borgen bij de bouw van nieuwe middenhuurwoningen. Actieplan om het woningaanbod in het betaalbare koopsegment in Utrecht te beschermen en te vergroten. Actieplan om meer ruimte te bieden aan bewonersinitiatieven en mensen die duurzaam betaalbaar willen wonen, door de coöperatieve woningsector een volwaardige positie te geven. Plan van aanpak om urgente kwetsbare doelgroepen binnen korte termijn een passende woonruimte en passende ondersteuning aan te bieden. Omdat nieuwbouw tijd vraagt en omdat de woningnood hoog is, is de urgentie om de bestaande voorraad te blijven reguleren hoog. Dit doet Utrecht met de huisvestingsverordening op basis van de Huisvestingswet 2014. Een actieplan om het aanbod studentenhuisvesting, met de nadruk op onzelfstandige eenheden, te vergroten. Een verordening in om de langdurige leegstand van woonruimten te bestrijden. Het Utrechts beleid voor het erfgoed in de gemeente. Visie vanuit de gemeente Utrecht op het religieus erfgoed binnen de gemeente. Regels over hoe om te gaan met zonnepanelen op monumenten en op panden in het beschermde stads- en dorpsgezicht.

60

Duurzaamheid Portefeuillehouder(s): Lot van Hooijdonk, Eva Oosters en Susanne Schilderman Ambitie:

We werken samen toe naar een duurzame, leefbare en circulaire stad. De klimaatcrisis vraagt om stevige maatregelen. Dit doen we bijvoorbeeld door gebruik te maken van alle mogelijkheden voor duurzame energieproductie bijvoorbeeld met zonnepanelen, windmolens en energie uit de bodem. En door met bewoners en ondernemers in gesprek te gaan om aan de slag te gaan met het besparen van energie. En door over te stappen op duurzame manieren van koken en verwarmen. We werken daarom samen met onze partners in de stad aan de uitbreiding van de warmtenetten en we zorgen dat het elektriciteitsnetwerk versterkt wordt. Gezond stedelijk leven betekent dat onze inwoners recht hebben op een gezond leefklimaat en een duurzame, circulaire leefomgeving. En vooral: dat onze kinderen opgroeien in een leefbare stad, met schone lucht en bodem, minder afval, lagere geluidniveaus en het stimuleren van een circulaire economie die bijdraagt aan de klimaatdoelen. Voor een duurzame leefomgeving is het belangrijk dat de gezondheid van onze inwoners verbetert als gevolg van onze gecontinueerde inzet op de fysieke leefomgeving, ook bij een verdere groei en inbreiding van de stad. De komende jaren gaan we volop door met onze inzet richting een circulaire en gezonde stad. Dat gaat niet vanzelf.

We hanteren het uitgangspunt ‘de vervuiler betaalt’ en nemen maatregelen, onder andere op het gebied van luchtkwaliteit en geluidoverlast. Zo realiseren we een duurzame, leefbare en circulaire stad.

Wat hebben we bereikt? Doelstelling 1: Energieverbruik gebouwde omgeving in 2050 met 35% afgenomen t.o.v. 2020, alle mogelijkheden voor duurzame energieproductie zijn benut en energie-infrastructuur is aangepast op duurzame bronnen We ondersteunen bewoners en bedrijven bij het isoleren van hun gebouwen om energie te besparen. We hebben een breed aanbod om hen te ondersteunen in de stappen die ze daarvoor kunnen nemen; van energieadviezen t/m duurzaamheidsleningen. We werken samen met de partners in de stad door de energie-infrastructuur aan te passen en de overgang van duurzame energiebronnen binnen de gemeentegrenzen mogelijk te maken. Dit ligt in lijn met de afspraken die gemaakt zijn in het nationale klimaatakkoord en sluit aan bij internationale klimaatdoelstellingen. Bij het realiseren hiervan zijn we wel afhankelijk van actiebereidheid van externe partijen, wet en regelgeving van het Rijk, en voldoende financiële middelen zodat de energietransitie voor het merendeel van de bewoners betaalbaar is. Wat hebben we bereikt in 2023? De klimaatcrisis vraagt om stevige maatregelen. De doelstelling bestaat uit drie onderdelen waarvan in 2023 voor zowel onderdeel 1 ‘het verlagen van het energieverbruik’ en onderdeel 2 ‘alle mogelijkheden voor duurzame energieproductie’ flinke stappen voorwaarts zijn gezet.

Het programma besparen heeft mede door de hoge gasprijzen een flinke boost gekregen, er zijn meer energieboxen (3015), duurzaamheidsleningenleningen (403) en adviesgesprekken (808) verstrekt dan het jaar 2022. Met middelen van het Rijk zijn daarnaast sociale huurwoningen sneller geïsoleerd (1115), is een witgoedregeling koelkast voor U-pashouders uitgevoerd (983) en met dank aan de middelen van de provincie Utrecht hebben 302 woningeigenaren

61

met een laag inkomen spouwmuurisolatie gekregen. Met een voucherregeling voor het MKB zijn 105 bedrijven geholpen bij het isoleren van hun pand. In september 2023 is het eerste zonnepark Meijewetering geopend. Voor Ockhuizen is het IPVE vastgesteld (november 2023) en voor de windmolens Rijnenburg is het bestemmingsplanprocedure voorbereid, zodat het vaststellingsproces in 2024 kan starten. Voor onderdeel 3 ‘aanpassen energie-infrastructuur aan duurzame bronnen zijn op diverse vlakken stappen gezet bijvoorbeeld voor een verkenning naar een actieve rol, het nemen van oplossingsgerichte maatregelen ten aanzien van netcongestie in een uitvoeringsprogramma en is in de buurten Kanaleneiland Zuid, Wilhelminapark/Oudwijk, Oog in Al en Dichterswijk/Rivierenwijk met de Buurtaanpak Aardgasvrij gestart. Het is nog niet gelukt om tot afspraken over een duurzaam warmtealternatief voor Overvecht Noord te komen. In 2024 streven we de benodigde afspraken hiervoor af te ronden. Doelstelling 2: Utrecht werkt aan een gezonde, stillere en veilige leefomgeving We willen in 2050 als stad volledig circulair zijn en we willen dat in 2030 50% minder primaire grondstoffen worden gebruikt. Milieubelasting door de bouw van nieuwe woningen moet zo snel mogelijk afnemen, zodat we daarmee bijdragen aan de klimaatdoelen.

Ons actieprogramma Utrecht Circulair 2020-2023 is een eerste stap in de transitie van Utrecht naar een circulaire stad. Eind 2023 ligt er een Visie Utrecht Circulair 2023-2030, waarin we de richting aangeven naar volledig circulair in 2050. We blijven aan de wettelijke EU-grenswaarden voor luchtkwaliteit voldoen. Omdat luchtverontreiniging de eerste milieugerelateerde ziekmaker is willen we verder gaan en de WHOadvieswaarden-2021 zo snel mogelijk bereiken. Geluid is de tweede milieugerelateerde ziekmaker. Daarom streven we naar een ambitiewaarde bij geluidnormen die minder ruim is dan de landelijke wettelijke - richtlijnen. Waar nodig nemen we extra maatregelen om deze ambitie te realiseren. We dragen daarmee bij aan het verlagen van het gemiddeld percentage mensen dat vaak overlast van verkeerslawaai ervaart. We streven naar het beheersen en beperken van risico’s die ontstaan bij gebruik, opslag en vervoer van gevaarlijke stoffen zodat de leefomgeving veilig is. We zorgen dat de laadinfrastructuur gelijke tred houdt met de toename van emissieloze voertuigen. Wat hebben we bereikt in 2023? De Visie Circulair 2050 is vastgesteld door het college. Het upcyclenetwerk is versterkt en zijn de voorbereidingen getroffen voor twee upcycle locaties. Sinds 2023 werken we met het regionaal convenant ‘toekomst bestendig bouwen’.

We hebben het manifest ‘Het Nieuwe Normaal' ondertekend en de Green Deal Lage Weide voorbereid. Uit de landelijke luchtkwaliteitsrapportage (december 2023) bleek dat er voor het jaar 2022 in Utrecht geen (potentiële) overschrijdingen waren van de Europese grenswaarden voor fijnstof (PM2,5 en PM10) en voor stikstofdioxide (NO2). Resultaten over 2023 worden eind 2024 bekend. Over onze luchtkwaliteitsmaatregelen rapporteren we in het Programma Bereikbaarheid. De (voorlopige) berekende (jaargemiddelde) resultaten over het jaar 2022 staan in de tabel hieronder (uitgedrukt in microgram/kubieke meter):

62

EUgrenswaarden Waarden in μg/m3

WHOadvieswaarden WHOWHO2005 2021

Resultaten 2022 Gemeente Utrecht

Fijnstof (PM10))

40

20

15

Grootschalige achtergrond Minimum– Maximum (Gemiddeld) 16,7-19,3 (18,2)

Langs drukke wegen Minimum– Maximum (Gemiddeld) 16,8-21,2 (18,9)

Fijnstof (PM2,5)

25

10

5

9,0-11,2 (10,1)

9,1-11,7 (10,3)

Stikstofdioxide (NO2)

40

40

10

11,8-23,0 (16,9)

13,2-33,1 (22,1)

Met de verdere uitrol van de oplaadinfrastructuur droegen we bij aan het gelijke tred maken met de toename van emissieloos voertuigen (zie hiervoor Programma Bereikbaarheid). Doelstelling 3: Een schone bodem en regie op de ondergrond dragen bij aan gezond stedelijk leven De ondergrond is een (onzichtbare) schatkamer en is de basis van onze stad. Hij is van belang voor onze voedsel- en warmtevoorziening, veiligheid, welzijn en vormt een archief van ons verleden. Veel eigenschappen van de ondergrond zijn randvoorwaardelijk voor een goed functionerende stad. Denk aan het draagvermogen, het bodemleven als basis voor ons groen en de biodiversiteit, buffering van regenwater of - op grotere diepte - de winning of buffering van warmte en drinkwater. Onze ondergrond vormt echter ook een delicaat systeem, heeft beperkte ruimte en verdient daarom bescherming. Om werk te kunnen maken van een kwaliteitsslag in dit deel van de openbare ruimte gaan we regie voeren op de ondergrond. We werken aan inzicht en innovaties, we maken vaart met een visie en uitvoeringsprogramma rond de ordening van de ondergrond, we stellen deze in 2024 vast, en gaan hierop tijdig en integraal sturen in projecten. De basis voor de wettelijke bescherming van archeologische resten in de bodem is de Verordening op de Archeologische Monumentenzorg met de daarbij behorende Archeologische Waardenkaart.

Zo maken we slim gebruik van de ondergrond, door deze in samenhang te benutten, beter te maken te beschermen en te beheren. Waar mogelijk houden we ondergrondse ruimte vrij om toekomstige ontwikkelingen mogelijk te maken. We zorgen dat de bodem en het grondwater geschikt zijn voor het gewenste gebruik (zoals schoon drinkwater) en dat bodem- en grondwaterverontreinigingen geen milieuhygiënische risico’s vormen voor mens, dier en milieu. We werken aan een gestage verbetering van de kwaliteit van de bodem en het grondwater. Wat hebben we bereikt in 2023? We werkten aan de Visie op de Ondergrond. Deze visie helpt ons om regie te voeren op de ondergrond en beter te werken aan de kwaliteit van de (ondergrondse) openbare ruimte. Ondergrond is tijdig en in samenhang ingebracht in ruimtelijke projecten. Het 3D model van de ondergrond is verder uitgebouwd als basis om duurzame oplossingen met de ondergrond in te brengen bij gebiedsontwikkelingen. Voor de Nedereindse Plas is het onderzoek naar instabiliteit van de westoever afgerond. Effectindicatoren In onderstaande tabel zijn de Effectindicatoren opgenomen voor meer gedetailleerde informatie klik hier.

63

Indicatoren

Doelstelling

DoelRealisatie stelling

Reali- Doelsatie stelling

Nulmeting 2022 2022 2023 2023 Energieverbruik gebouwde omgeving in 2050 met 35% afgenomen t.o.v. 2020, alle mogelijkheden voor duurzame energieproductie zijn benut en energie-infrastructuur is aangepast op duurzame bronnen

2024

Volgt medio 2024

% minder CO2 reductie uitstoot ten opzichte van 2010

t.o.v. basisjaar 2010

Aantal afgesloten panden van het aardgas

n.v.t.

750

volgt

1.000

Percentage duurzaamheid stadswarmtenet Utrecht

n.v.t.

40%

56%

50%

n.v.t.

22%

57 GWh

65 GWh

87 GWh

77 GWh

-26% tov 2015

1646

1.500

Volgt medio 2024 Volgt medio 2024 Volgt medio 2024

67 GWh

≤22%

30%

≤22%

PM10: min=17; gem Dalende =19; max =21 PM2,5: trend min=9; gem=10; max=12

Dalende trend

verwacht in 2024

Dalende trend

Jaargemiddelde concentratie fijnstof 2011 (PM10). Wettelijke norm: 40 µg/m³ Aantal overschrijdingsdagen fijnstof (PM10). Wettelijke norm: maximaal 35 2011 dagen overschrijding van daggemiddelde van 50 µg/m³

max. 21 μg/m³

Min=17; gem=19; max=21

max. 21 μg/m³

verwacht eind 2024

max. 20 μg/m³

max.10 dagen

9 dagen

max.10 dagen

verwacht eind 2024

max. 9 dagen

Jaargemiddelde concentratie fijnstof (PM2,5). Wettelijke norm: 25 µg/m³

max. 13 μg/m³

min.=9; gem.=10; max.=12

max. 12 μg/m³

verwacht eind 2024

max. 12 μg/m³

Jaargemiddelde concentratie stikstofdioxide (NO2). Wettelijke norm: 40 2011 µg/m³

max. 34 µg/³

min.=13; gem.=22 max.=33

max. 33 µg/³

Verwacht eind 2024

max. 32 µg/³

Stedelijke verkeersemissies (index emissie 2015=100) Stikstofoxiden

Onbekend

Dalende trend

PM

Dalende trend

Verwacht eind 2024

Dalende trend

Stedelijke verkeersemissies (index emissie 2015=100) Direct uitgestoten NO2

Onbekend

Dalende trend

PM

Dalende trend

Verwacht eind 2024

Dalende trend

Stedelijke verkeersemissies (index emissie 2015=100) Fijn stof PM10

Onbekend

Dalende trend

PM

Dalende trend

Verwacht eind 2024

Dalende trend

Stedelijke verkeersemissies (index emissie 2015=100) Fijn stof PM2,5

Onbekend

Dalende trend

PM

Dalende trend

Verwacht eind 2024

Dalende trend

Stedelijke verkeersemissies (index emissie 2015=100) Roet/EC

Onbekend

Dalende trend

PM

Dalende trend

Verwacht eind 2024

Dalende trend

Totale milieuschaduwprijs per euro/m2 bruto- vloeroppervlak

Onbekend

0,58

0,63

0,56

0,63

0,54

GWh/jaar duurzame electriciteitsopwekking, door pvinstallaties op grote daken GWh/jaar duurzame electriciteitsopwekking, door pvinstallaties op kleine daken

n.v.t.

55%

67 GWh

Utrecht werkt aan een gezonde, stillere en veilige leefomgeving Het percentage inwoners dat vaak overlast van verkeerslawaai ervaart

2010

WHO advieswaarden 2005 fijnstof PM10 (=20 μg/m³) en PM2,5 (=10 μg/m³) 2015 realiseren

Onbekend

≤22%

*Uitgebreidere informatie over indicatoren die betrekking hebben op deze doelstelling is te vinden in de Utrecht Monitor 2023

Wat hebben we gedaan? In de Programmabegroting 2023 hebben we de activiteiten onderverdeeld naar:  Wat hebben we gedaan in 2023?  Wat doen we altijd?

64

 Meerjarige trajecten. Hiermee hebben we onderscheid gemaakt tussen onze opgaven en 'wat we altijd doen'. Wat hebben we afgelopen jaar gedaan?

Deze activiteiten hebben we uitgevoerd zoals in de Programmabegroting 2023 opgenomen. Doelstelling 1: Energieverbruik gebouwde omgeving in 2050 met 35% afgenomen t.o.v. 2020, alle mogelijkheden voor duurzame energieproductie zijn benut en energie-infrastructuur is aangepast op duurzame bronnen.  Mogelijke deelname Stedin: besluit genomen geen deelname in Stedin (raadsbrief van 20 december 2023).  Start buurtaanpak blok 1 en vervolgonderzoek aardgasvrije wijkaanpak: Blok 1 is gestart in meerdere wijken (raadsbrief 27 juni 2023).  In 3000 tot 5000 woningen zijn energiebesparende maatregelen toegepast: raadsbrief, 18 december 2023).  Onderzoek mogelijkheden ontwikkelbedrijf: Uitgevoerd (raadsbrieven 7 juni en 27 juni 2023) Uitvoering geven klimaatberaad: Het Klimaatpanel is opgestart. Er zijn vijf bijeenkomsten met het Klimaatpanel geweest.Met de volgende thema’sx: Energie besparen, Groene stad, Buurtaanpak aardgasvrij, mobiliteit en de Klimaatvisie. Doelstelling 2: Utrecht werkt aan een gezonde, stillere en veilige leefomgeving.  Actieprogramma Utrecht Circulair 2020-2023: is uitgevoerd. De Visie Utrecht circulair 2050 is vastgesteld door het college en er is een start gemaakt met de beleidsnota Utrecht circulair 2030.

 Compenserende voorwaarden: het is gelukt om meer maatregelen tegen geluidoverlast te realiseren dan wettelijk verplicht is door aan te sturen op een ambitiewaarde lager dan de wettelijke grenswaarde, zoals in het hoogbouwkavel Leidsche Rijn Centrum Noord.  Geluid en Trillingen: de beleidsnota Geluid en Trillingen is ter besluitvorming aan de raad aangeboden.  Geluidniveau: onze maatregelen op gebied van geluid en trillingen dragen bij aan het realiseren van ons streven naar een maximaal geluidsniveau van 63 dB, strenger dan de wet voorschrijft.  Verbeteren bestaande geluidknelpunten: op verschillende (delen van) wegen is de maximumsnelheid aangepast van 50 naar 30 km/u. Bijvoorbeeld op de Van Heuven Goedhartlaan, de Neckardreef en de Keulsekade. Voor de herinrichting van de Taagdreef en Rhônedreef is besloten om stille klinkers te gaan toepassen. Met de herinrichting van de westelijke stadsboulevard zijn veel rijstroken ingeruild voor groene invulling en zijn bijvoorbeeld de Cartesiusweg en de St. Josephlaan voorzien van een geluidreducerend wegdek.  Grenswaarden trillingen: bij projecten zoals de Thomas à Kempisplantsoen en het hoogbouwkavel Leidsche Rijn Centrum Noord zijn in het bestemmingsplan grenswaarden voor trillingen opgenomen.  Omgevingsveiligheid: de beleidsnota is in 2023 ter besluitvorming aan de raad aangeboden.

 Luchtmaatregelenpakket: zie programma Bereikbaarheid.  Schone Lucht Akkoord: we werkten samen met de Rijksoverheid, provincies en gemeenten aan verdere verbetering van de luchtkwaliteit. De nadruk lag op verschoning van de binnenvaart en mobiele werktuigen, en vermindering van houtstookemissies. Doelstelling 3: Een schone bodem en regie op de ondergrond dragen bij aan gezond stedelijk leven.

65

 

 

Gezonde levende bodem: we hebben een eerste verkenning naar bodemleven bij diverse typen groen gedaan. Draagvlak partners: we namen deel aan gebiedsteams en organiseerden de “Twee Weken van de Ondergrond”. We betrokken ook externe partners bij het opstellen van de Visie ondergrond. Inzicht kennisbank: het 3D model van de ondergrond is verder uitgebouwd. Bestemmingsplan archeologische waardenkaart: de geactualiseerde archeologische waardenkaart en bijbehorende regels zijn ondergebracht in het chw bestemmingsplan Algemene regels dat op 2 februari 2023 door uw raad is vastgesteld. In het kader van de Omgevingswet is de geactualiseerde archeologische waardenkaart geborgd in beheer (IPM) met onderliggende kenniskaarten. Ontwikkelen innovaties: het 3D model van de ondergrond (ontwikkeld in samenwerking met de gemeente Amsterdam) draagt bij aan deze doelstelling.

Deze activiteiten hebben we afwijkend of anders gerealiseerd dan opgenomen in de Programmabegroting 2023. Doelstelling 1: Energieverbruik gebouwde omgeving in 2050 met 35% afgenomen t.o.v. 2020, alle mogelijkheden voor duurzame energieproductie zijn benut en energie-infrastructuur is aangepast op duurzame bronnen.  500 woningen in Overvecht- Noord van het aardgas af: Deze activiteit is niet geheel volgens plan uitgevoerd, omdat het maken van afspraken over het duurzame warmtealternatief voor Overvecht Noord Aardgasvrij niet zijn afgerond in 2023 (raadsbrief, 3 november 2023). Via de wijziging van het bestemmingsplan (onder de Crisis- en Herstelwet), zijn in 2023 ruim 350 woningen van het aardgas gegaan door elektrisch te gaan koken.  Plan van aanpak gereed voor bedrijventerreinen aardgasvrij: Deze activiteit is niet volgens plan uitgevoerd, omdat er meer tijd nodig was om ondernemers te betrekken bij het opstellen van het plan van aanpak. In het voorjaar van 2024 is het plan van aanpak gereed.  publieke rol in warmtenetten: Deze activiteit is niet volgens plan uitgevoerd omdat er meer tijd nodig was voor het opbouwen van de benodigde kennis over publiek- private samenwerkingen en de busines case voor warmtesystemen.

In 2023 is deze kennis opgebouwd, evenals ervaring opgedaan met het uitgeven en beheren van concessies voor warmte-koudesystemen voor nieuwbouw en zijn we met Eneco in gesprek onder welke voorwaarden ze met de gemeente samen willen werken in een publiek-privaat warmtebedrijf, zoals de aangekondigde wetgeving vraagt. We verwachten in 2024 onze publieke rol in warmtenetten te kunnen bepalen.  Realiseren zonnepark geluidswal A12: Deze activiteit is niet volgens plan uitgevoerd omdat in 2023 duidelijk werd dat Sunrock het zonnepark geluidswal A12 niet conform vergunning en de bieding in de gunning kon realiseren. We ronden het onderzoek naar de stappen die we kunnen zetten in 2024 af, omdat we nog steeds de wens hebben om op deze geluidswal een zonneveld te realiseren (raadsbrief 19 oktober 2023).  Planologische besluitvorming voor windmolens Rijnenburg en Reijerscop. We voeren deze activiteit niet volgens plan uit omdat de verwerking en afronding van het definitieve bestemmingsplan meer tijd kost dan verwacht door nieuwe informatie. In 2023 heeft het Ontwerp bestemmingsplan windpark Rijnenburg en Reijerscop ter inzage gelegen en commissie m.e.r. heeft advies uitgebracht (raadsbrieven 26 mei 2023 en 8 september 2023). We ronden de beantwoording van de zienswijzen nu af en leggen in 2024 het definitieve bestemmingsplan voor.

 In 3000 tot 5000 woningen zijn energiebesparende maatregelen toegepast: We weten niet of dit gehaald is omdat een deel van de mensen ook zelf maatregelen toepast, en we niet van

66

deur tot deur inventariseren. Wat we bereikt hebben met onze gemeentelijke acties is te lezen in: raadsbrief, 18 december 2023). Doelstelling 2: Utrecht werkt aan een gezonde, stillere en veilige leefomgeving.  Beleidsnota Luchtkwaliteit: Eind 2023 is besloten deze nota uit te breiden met een maatregelenvoorstel, waardoor de nota minimaal een half jaar vertraging opgelopen heeft. Onderzoek naar (kosten)effectieve luchtmaatregelen is gestart.  we beoordeelden circa 150-200 bouwaanvragen, waarbij we toetsten of de onderbouwing aan de eisen voldeed voor het verlenen van de omgevingsvergunning (bijvoorbeeld op gebied van stikstofdepositie). Doelstelling 3: Een schone bodem en regie op de ondergrond dragen bij aan gezond stedelijk leven.  Visie Ondergrond: Het opstellen van de visie vroeg meer tijd dan verwacht. Hierdoor kon de visie in 2023 nog niet ter inzage worden gelegd, zoals gecommuniceerd in de Raadsbrief van 4 april 2023.  Extra activiteit: we werkten aan de Bodembelastingskaart voor Ontplofbare Oorlogsresten.  Extra activiteit: de PFAS sanering op de Sartreweg is in voorbereiding; in samenwerking met de Universiteit Utrecht zijn we een ‘living lab’ over PFAS gestart; we gaven opdracht voor historisch onderzoek naar nog onbekende PFAS-aandachtslocaties.

 We onderzochten nieuw aangetroffen verontreinigingen; een bodemsanering op een moestuincomplex is in voorbereiding; de bodemsanering van het BEFU-terrein is uitgevoerd.  Bodem beschermen lood en gebiedsgericht grondwaterbeheer: het uitvoeringsprogramma voor lood is in concept gereed. Ook zijn we gestart met het opstellen van bodemenergiebeleid en met het actualiseren van het Gebiedsplan gebiedsgericht grondwaterbeheer.  Overdragen taken RUD: dit kost meer tijd dan verwacht. De overdracht van bodemtaken naar de RUD is (gefaseerd) voorbereid. Wat hebben we van ‘wat we altijd doen’ gedaan?

Deze activiteiten hebben we uitgevoerd zoals in de Programmabegroting 2023 opgenomen. Doelstelling 1: Energieverbruik gebouwde omgeving in 2050 met 35% afgenomen t.o.v. 2020, alle mogelijkheden voor duurzame energieproductie zijn benut en energie-infrastructuur is aangepast op duurzame bronnen.  Uitvoeren 200 energiecontroles: Er zijn 226 energiecontroles uitgevoerd. Een toelichting op deze aantallen volgt in het jaarlijkse handhavingsverslag op Toezicht en Handhaving | Gemeente Utrecht”.  Duurzaamheidsverslag en Voortgangsrapportage: Er wordt gerapporteerd over de stand van zaken in het Duurzaamheidsverslag en Voortgangsrapportage Energie van de stad 2023 (medio mei 2024). Doelstelling 2: Utrecht werkt aan een gezonde, stillere en veilige leefomgeving  Ruimtelijke ontwikkelingen: we adviseerden over duurzaamheid, circulariteit en milieuaspecten bij ruimtelijke ontwikkelingen. Op projectniveau zijn ambities integraal afgewogen.  Duurzaamheidsverslag: het jaarlijkse Duurzaamheidsverslag, waarin we gedetailleerd rapporteren over de stand van zaken met betrekking tot duurzaamheid, is gepubliceerd in het voorjaar.  Utrecht Circulair: conceptueel en biobased bouwen en verbouwen is meer geïntegreerd in de planprocessen.

67

Omgevingsveiligheid: we leverden input voor het register externe veiligheid, dat de risicokaart heeft vervangen. Voor de omzetting van de gegevens naar het register zijn de geregistreerde risicovolle activiteiten opnieuw beoordeeld en waar nodig aangepast.

Doelstelling 3: Een schone bodem en regie op de ondergrond dragen bij aan gezond stedelijk leven  Wet bodembescherming: onze bevoegd gezagtaken uit de Wet bodembescherming zijn uitgevoerd conform programma.  Bodem- en grondwatergegevens: we zijn bezig met een automatiseringsslag met betrekking tot de ontsluiting van bodem- en grondwatergegevens.  Landelijke ontwikkelingen bodemonderzoek: we hebben de landelijk ontwikkelingen rond nieuwe stoffen gevolgd en op gebied van PFAS proactief bodemonderzoek gedaan.  Omgevingswet: we wisselden met diverse partners (RIVM, Provincie, GGD, HDSR) kennis uit rond nieuwe stoffen, implementatie van de Omgevingswet, en bereidden bodemonderzoek voor.  Ondergrondmodel: het 3D model van de ondergrond is verder uitgebouwd.  Archeologische waardenkaart: de Archeologische waardenkaart is geactualiseerd.

Deze activiteiten hebben we afwijkend of anders gerealiseerd dan opgenomen in de Programmabegroting 2023. Doelstelling 1: Energieverbruik gebouwde omgeving in 2050 met 35% afgenomen t.o.v. 2020, alle mogelijkheden voor duurzame energieproductie zijn benut en energie-infrastructuur is aangepast op duurzame bronnen.  Ontwikkelingen netcongestie in de regio Utrecht: opstellen van een uitvoeringsprogramma netcongestie. Vanwege de ontwikkelingen in onze regio voor netcongestie is een uitvoeringsprogramma elektriciteitsinfrastructuur en netcongestie opgesteld. Hierin is in beeld gebracht wat de impact van netcongestie op dit moment is en de oplossingen waarin de gemeente kan bijdragen in zowel de ruimtelijke ontwikkelingen voor elektriciteitsinfrastructuur en een netbewuste stad zijn (raadsbrief 18 december 2023).  Aanpak energiearmoede. Vanwege de hoge gasprijzen in de winter van 2022 en 2023 is extra inzet gepleegd om bewoners en bedrijven en in onze eigen gebouwen energiebesparende maatregelen te (laten) nemen (raadsbrieven 14 februari 2023, 19 mei 2023 en 8 november 2023). Doelstelling 2: Utrecht werkt aan een gezonde, stillere en veilige leefomgeving  Bij ontwikkellocaties toetsten en adviseerden we op omgevingsveiligheid.

Extra bescherming wordt geboden door maatregelen voor te schrijven, zoals afsluitbare mechanische ventilatie, rekening te houden met vluchtroutes en door terughoudend om te gaan met het toestaan van (te) grote groepen personen op risicovolle locaties. Geadviseerd is voor zowel kleine wijzigingen rondom het spoor als voor bijvoorbeeld het gebied Papendorp, Merwedekanaalzone en de plannen voor windturbines in Rijnenburg en Reijerscop.  We volgden de ontwikkelingen rond de aantallen transporten met gevaarlijke stoffen over het spoor nauwgezet. Uit de realisatiecijfers van ProRail blijkt dat er nog steeds meer transporten plaatsvinden dan toegestaan volgens het Basisnet Spoor. Vanwege deze overschrijdingen (binnen de gemeente Utrecht, maar ook elders in het land) werkt het ministerie aan de herijking van het Basisnet, het zogenaamde robuust Basisnet.

68

Wat hebben we voor de meerjarige trajecten gedaan?

Deze activiteiten hebben we uitgevoerd zoals in de Programmabegroting 2023 opgenomen. Doelstelling 1: Energieverbruik gebouwde omgeving in 2050 met 35% afgenomen t.o.v. 2020, alle mogelijkheden voor duurzame energieproductie zijn benut en energie-infrastructuur is aangepast op duurzame bronnen.  Uitvoering programma's onder de klimaatvisie: In 2023 is de startnotitie Klimaatvisie vastgesteld (7 december 2023). Op basis hiervan stellen we in 2024 de Klimaatvisie en eventuele uitvoeringsprogramma's vast.  Uitvoering van het programma energie besparen gebouwde omgeving. In raadsbrief 18 december 2023 is een actualisatie van het uitvoeringsprogramma van 2024 bijgevoegd.  Uitvoering van de Transitievisie warmte vindt via de Buurtaanpak Aardgasvrij plaats. De actualisatie van de Transitievisie warmte (in voorgestelde wetsvoorstel warmteprogramma) is gestart in 2023.  Uitvoering van de Regionale Energiestrategie 1.0 en start van de herijking in 2025 is gestart (raadsbrief 11 april 2023 en raadsbrief 19 december 2023). Doelstelling 2: Utrecht werkt aan een gezonde, stille en veilige leefomgeving  MPG-waarden: vanaf 2023 wordt het convenant toekomstbestendige woningbouw ingezet in de stad. De grondstoffenstroom is in kaart gebracht door een grondstoffen analyse en daarmee kan beter gestuurd worden op vermindering in gebruik.

 Luchtkwaliteitsmaatregelen: over onze luchtkwaliteitsmaatregelen rapporteren we in het Programma Bereikbaarheid.  Luchtmeetnet: onderzoek naar meten met sensoren is gestart, een voorstel wordt opgenomen in het nieuwe Uitvoeringsprogramma Luchtkwaliteit. Gedurende 2023 is met ons meetnet stikstofdioxide gemeten. Resultaten worden eind 2024 bekend. Doelstelling 3: Een schone bodem en regie op de ondergrond dragen bij aan gezond stedelijk leven  Gebiedsplan Gebiedsgericht Grondwaterbeheer: we werkten aan de actualisatie van het Gebiedsplan, én regulier werk dat voortvloeit uit het huidige Gebiedsplan is uitgevoerd.  Nazorgactiviteiten: we stellen een evaluatie- en nazorgplan op voor de Nedereindse Plas. We zijn gestart met onderzoek naar verplaatsing van de waterzuiveringsinstallatie. Het onderzoek naar de instabiliteit van de westoever is afgerond. Er volgen geen fysieke maatregelen. In het Griftpark zijn we begonnen met het project Bestparc fase 2. Hiervoor worden drie pilots uitgevoerd in het park en één pilot bij de zuivering aan de Brailledreef.  Digitale tools: volgens plan uitgevoerd.

Deze activiteiten hebben we afwijkend of anders gerealiseerd dan opgenomen in de Programmabegroting 2023. Doelstelling 1: Energieverbruik gebouwde omgeving in 2050 met 35% afgenomen t.o.v. 2020, alle mogelijkheden voor duurzame energieproductie zijn benut en energie-infrastructuur is aangepast op duurzame bronnen.  Uitvoering programma zon op dak en netoplossingen: Deze activiteit is niet volledig volgens plan uitgevoerd vanwege netcongestie in onze regio. In 2023 is daarom meer ingezet op het mogelijk maken van innovatieve en slimme oplossingen.

69

Wat heeft dat gekost? x € 1.000 Omschrijving

Actuele Realisatie Nominale Actuele Realisatie Verschil begroting 2022 begroting begroting 2023 actueel/ 2022 2023 2023 realisatie

Actuele begroting 2024

Baten Energieverbruik gebouwde omgeving daalt Gezonde stillere en veilige leefomgeving Schone bodem en regie op de ondergrond

2.037

1.074

1.139

8.790

5.789

-3.001

8.398

549

742

15

159

329

170

17

1.563

1.352

208

3.270

3.137

-133

1.906

4.149

3.167

1.363

12.219

9.255

-2.965

10.321

8.725

7.309

9.698

17.175

14.441

2.734

20.243

7.348

7.652

7.256

7.829

8.109

-281

8.075

3.876

3.318

2.911

6.653

6.534

119

6.150

Totaal Lasten

19.949

18.279

19.865

31.656

29.084

2.572

34.468

Saldo baten en lasten Mutaties reserves

-15.800

-15.112

-18.503

-19.437

-19.830

-393

-24.147

Toevoeging reserves

141

141

141

4.111

4.111

0

141

Onttrekking reserves

695

735

710

657

657

0

710

-15.247

-14.518

-17.934

-22.891

-23.284

-393

-23.578

Totaal Baten Lasten Energieverbruik gebouwde omgeving daalt Gezonde stillere en veilige leefomgeving Schone bodem en regie op de ondergrond

Totaal

Toelichting In de jaarstukken 2023 geven we een toelichting op verschillen ten opzichte van de actuele begroting 2023, indien deze groter zijn dan 0,1 miljoen euro dan wel 10% van de baten of lasten van de doelstelling. Kleinere verschillen worden toegelicht als ze politiek relevant zijn. x € 1.000 Baten

1. Energieverbruik gebouwde omgeving daalt Voor de Specifieke Uitkering Energiearmoede, Nationaal Isolatieprogramma, CDOKE en de provinciale subsidie voor isolatievouchters zijn minder middelen besteed, zie toelichting lasten. Het herstel van een foutieve verantwoording van de BTW op de specifieke uitkering Energiearmoede heeft eenmalig geleid tot lagere baten vanuit de specifieke uitkeringen van het rijk. Hierdoor zijn de hiermee samenhangede kosten onbedoeld ten laste van het resultaat op gemeentelijke middelen gekomen. Vanuit Europa zijn EFRO middelen ontvangen voor de uitgifte van energievouchers voor klein MKB die nog niet waren begroot. Overige baten

Coalitie

I/S

Verschil actueel / realisatie

I

-2.937

I

-267

I

244 -41

70

x € 1.000 Baten

Coalitie

2. Gezonde stillere en veilige leefomgeving Hogere baten en lasten op de Europese subsidieprojecten Overige baten 3. Schone bodem en regie op de ondergrond Voor verschillende opgaven/projecten (waaronder lood, PFAS, niet genormeerde stoffen) is de uitvoering doorgeschoven naar 2024. Hierdoor zijn er minder rijksmiddelen uit de specifieke uitkering besteed. Vanuit het Rijk zijn middelen ontvangen voor verschillende projecten binnen het gebiedsplan, waaronder de bodemsanering van het BEFU-terrein. Hierdoor zijn zowel de baten als de lasten hoger. Voor verschillende Griftpark projecten (waaronder de teerpompen en BestParc) heeft de onderzoeksperiode langer geduurd dan was ingeschat. Hierdoor verschuift de uitvoeringskant van deze projecten naar 2024. Voor BestParc heeft het Rijk toestemming gegeven om de subsidiebaten ook nog in 2024 te gebruiken. De voorbereidingen voor de depotkeuring Nedereindseplas hebben langer geduurd dan ingeschat, ook zijn de kosten voor nazorg lager uitgevallen. Hierdoor zijn er minder rijksmiddelen uit de specifieke uitkering besteed. Overige baten Totaal baten

I/S

Verschil actueel / realisatie

I

138 32

I

-271

I

1.562

I

-1.322

-102

-2.965

x € 1.000 Lasten

1. Energieverbruik gebouwde omgeving daalt Voor de Specifieke Uitkering Energiearmoede, Nationaal Isolatieprogramma zijn minder middelen besteed doordat er beperkt subsidies zijn verleend aan woningcorporaties die isolatiemaatregelen koppelen aan de onderhoudsplanning. Ook zijn minder subsidies verstrekt aan particulieren onder de witgoedregeling. Vanwege een faillissement van de uitvoerende partij moesten er nieuwe afspraken gemaakt worden. Vanuit de incidentele rijksmiddelen voor de uitvoeringskosten Klimaatakkoord (CDOKE) zijn enkele activiteiten pas later in het jaar opgestart, doordat het aantrekken van personeel in de huidige arbeidsmarkt meer tijd kost. Vanuit de provinciale middelen zijn er minder isolatievouchers verstrekt. Niet alle woningen bleken geschikt voor de aangeboden maatregelen en een deel van de maatregelen kon niet meer in 2023 worden uitgevoerd vanwege de natuurkalender. Vanuit EFRO middelen zijn kosten gemaakt voor het verstrekken van energievouchers, zie toelichting baten Overige lasten 2. Gezonde stillere en veilige leefomgeving Op de onderdelen Milieu, Lucht en Geluid, Klimaatadaptatie en Circulair zijn er meer kosten gemaakt voor beleidsuitwerking en

Coalitie

I/S

Verschil actueel / realisatie

I

1.800

I

873

I

341

I

-244 -36

I

-305

71

x € 1.000 Lasten

advisering aan de gebiedsopgaven. Ook heeft de materiaalstroomanalyse van de stad uitgevoerd voor de visie Circulair geleid tot hogere kosten. Het maken van afspraken met de samenwerkingspartners voor de realisatie van twee stedelijke upcyclecentra heeft meer tijd gekost, waardoor er minder middelen zijn besteed. Overige lasten 3.Schone bodem en regie op de ondergrond De lasten voor de wettelijke taken en bevoegd gezag zijn hoger dan geraamd. Dit komt onder meer doordat het opstellen van de Visie Ondergrond meer tijd vroeg dan gedacht en ook het overdragen van taken aan de RUD kost meer tijd. Voor het gebiedsplan zijn de lasten hoger dan oorspronkelijk begroot. Dit verschil is grotendeels te verklaren door subsidieregelingen die verkregen zijn in 2023. Voor verschillende Griftpark projecten (met name de pilot teerpompen en BestParc) zijn de lasten lager uitgevallen dan verwacht, zie toelichting baten. De kosten voor de depotkeuring en nazorg van de Nedereindseplas zijn lager uitgevallen dan verwacht, zie toelichting baten. Overige lasten Totaal lasten

Coalitie

I/S

I

Verschil actueel / realisatie

115

-91 I

-578

I

-1.195

I

1.673

215

4 2.572

Risico's Belangrijkste bestaande strategische risico's Risico 1: Doordat er steeds meer energie opgewekt wordt, is netcongestieproblematiek in de regio Utrecht ontstaan. Hierdoor kunnen we (grote) opwek- projecten (zon op dak, zonneveld en wind) mogelijk niet tijdig aansluiten op het net met als gevolg dat we minder duurzame elektriciteit kunnen opwekken.  Stand van zaken risico:  De netcongestie problematiek is het afgelopen jaar toegenomen. De inschattingen van TenneT en Stedin over de toename van de opwek en het verbruik en de ontstane krapte moesten meerdere keren worden bijgesteld. Naast problematiek voor opwek is er nu ook netcongestie op afname van elektriciteit voor grootverbruikers. De verwachting is dat vanaf 2026 het stroomnet in sommige buurten in het westen van Utrecht zo overbelast raken dat ook alle nieuwe kleinverbruikers in die gebieden last van netcongestie krijgen.  Maatregel:  In RESU16 verband wordt samen met Stedin naar een programmering van opwekprojecten gekeken in relatie met de investeringen die worden gedaan in het oplossen van de knelpunten in het elektriciteitsnetwerk. De gemeente zelf kijkt of we met maatregelen zoals slimme opslag of het stimuleren van oplossingen ‘achter de meter’ de belasting op het net kunnen verminderen.

72

Stand van zaken maatregel:  De gemeente probeert samen met netbeheerder Stedin te voorkomen dat er ook netcongestie voor kleinverbruikers komt. Naast bovenstaande maatregelen is extra capaciteit ingezet om meer oplossingen voor netcongestie uit te werken. Een uitvoeringsprogramma elektriciteitsinfrastructuur en netcongestie is in uitvoering (raadsbrief 18 december 2023). Ook is extra inzet gepleegd om de problematiek onder de aandacht van het rijk te brengen. Het rijk heeft ondertussen een extra maatregelpakket netcongestie aangekondigd (Kamerbrief (18 oktober 2023).

Risico 2A: Het Rijk is bezig met het opstellen van verschillende wetten (Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw) en Wet collectieve warmtevoorziening (Wcw) waarin de regierol voor gemeenten stevig wordt verankerd. Het rijk verwacht dat deze wetten per 1-1-2024 in werking kunnen treden. Als deze wetgevingstrajecten vertraging oplopen, kunnen wij als gemeente minder snel dan verwacht onze regierol pakken waardoor we niet kunnen versnellen.  Stand van zaken risico:  Door de val het kabinet in zomer 2023 en de uitslag van de verkiezingen is de verwachting dat de wetgeving vertraging oploopt. Formeel is de inwerkingtreding van de Wet gemeentelijk instrumenten warmtetransitie 1 juli 2024 en het wetsvoorstel collectieve warmtevoorziening (Wcw) op 1 januari 2025 voorzien. De verwachting is dat de inwerkingtreding zeker een half jaar vertraging oploopt. Een verdere vertraging in 2024 is niet uitgesloten.  Maatregel:  Lobbyen samen met VNG op de tijdige invoering van deze wetten met de juiste bevoegdheden voor gemeenten.  Stand van zaken maatregel:  We blijven samen met onze partners (G4, G40 en VNG) bij het rijk erop aandringen om de wetgeving zo snel mogelijk in te voeren met de juiste bevoegdheden voor gemeenten.

Bij het voorbereiden van besluiten over een publiek warmtebedrijf houden we rekening met een periode waarin de Wcw nog niet volledig in werking is getreden. Risico 2B: De energietransitie moet voor het merendeel van de bewoners betaalbaar zijn anders gaan bewoners en bedrijven niet aan de slag. Als de betaalbaarheid voor bewoners van de transitie niet is opgelost, kan er niet gestart worden met de wijkuitvoeringsplannen.  Stand van zaken risico:  Dit risico is nog steeds actueel.  Maatregel:  We lobbyen samen met VNG bij het Rijk om te zorgen dat er voldoende financiële middelen (zoals subsidies of financiële arrangementen of kostendalingen in technieken) voor iedereen beschikbaar zijn om de overstap naar duurzame energie te maken. Deze hoeveelheid aan middelen hebben we als gemeente niet. Hier moet het Rijk voor zorg dragen.  Stand van zaken maatregel:  Het Rijk heeft subsidies beschikbaar gesteld voor warmtebedrijven (Warmtenetten investeringssubsidies, WIS) die niet afdoende blijken om de onrendabele top voor bewoners (voldoende) af te dekken. De lobby richting rijk het afgelopen jaar meer gericht geweest op het veranderen van het gehele speelveld om de overstap naar een duurzaam alternatief aantrekkelijk te maken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=bc567bd6-4951-44ad-a53f-40f841576c8c