CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Commissie Ruimtelijke Ordening en Grondzaken (2022-2026) 15 juni 2023, gemeente Utrecht46.900 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

5

10

Mevrouw Bode (Volt) zegt dat het plan er prachtig uitziet. Tegelijkertijd is het ook wat bevreemdend dat zo’n karakteristiek deel van de stad zo onherkenbaar getransformeerd wordt. Volt is blij dat er minder en grotere woningen komen, want daardoor wordt de leeftijd zowel binnen als buiten beter. Tegelijkertijd zijn er zorgen over de gezinswoningen. Aan de wethouder wordt gevraagd of daar meer van kunnen worden gerealiseerd, zodat mensen daar ook kunnen blijven wonen na uitbreiding van het huishouden. Naast toekomstige bewoners zijn er ook huidige bewoners. Over de placemaking is al veel gezegd. Dat ligt erg gevoelig en juist in die situatie moeten geen extra zorgen over ontstaan. Volt is benieuwd naar de reactie van de wethouder daarop. Naast toekomstige woningen zijn er ook huidige woningen. In de omgeving is er de ontmanteling van een bouwplaats, er zijn enkele grote woningbouwprojecten die stagneren. Hoe beschouwt de wethouder het risico van het niet-bouwen of het halverwege stoppen van de bouw? Ook in het kader van het slopen van woningen met het risico dat er geen nieuwe voor terug komen. De voorzitter geeft het woord aan EenUtrecht voor hun inbreng.

15

20

25

30

35

40

45

50

55

De heer Dijkstra (EenUtrecht) zegt dat EenUtrecht het een ongelofelijk slecht plan vindt. Niet gezond, niet leefbaar en absoluut niet groen genoeg. Het is veel te dicht bebouwd. In het stedenbouwkundig plan is aangegeven dat dit de meest dichtbebouwde plek van het land gaat worden. Meer dan 300-350 woningen op een hectare. EenUtrecht zou willen afspreken dat er maximaal 1500 woningen komen. Dat betekent nog steeds een dichtheid van rond de 150 woningen per hectare en nog steeds een van de dichtst bebouwde plekken van dit land. Om dat gezond, leefbaar en groen te houden is een hele uitdaging. Voor de andere duizend woningen moet met spoed richting Rijnenburg worden gekeken. We mogen blij zijn als alle plannen die er nu liggen ook voldoende bebouwd gaan worden in dat tempo. Hier een beter plan maken lijkt EenUtrecht beter dan er op gokken dat die 2500 woningen allemaal op tijd gebouwd gaan worden. Op de tweede plaats zoomt EenUtrecht in op het groen. Volgens de stukken van de gemeente wordt er 34 vierkante meter buurtgroen per woning gerealiseerd. Na omrekening resulteert een totaal van 85.000 vierkante meter. Dat zijn 17 voetbalvelden voor deze 2500 woningen. Aan de wethouder vraagt EenUtrecht hoe ver het plan nu wegblijft van die 85.000 vierkante meter.

EenUtrecht vindt overigens dat 34 vierkante meter aan de schrale kant is en pleit voor circa 60 vierkante meter groen per woning. Hetzelfde geldt voor het aantal bomen. Eén of twee bomen per woning wordt bij lange na niet gehaald. Dat maakt het mede een slecht plan. EenUtrecht mist sociaal-culturele ruimtes voor ontmoeting en verbinding. Als voorbeelden worden Podium Oost en het Zimihc theater genoemd. EenUtrecht stelt voor om 500 vierkante meter te reserveren voor deze specifieke functie. Aan de wethouder wordt gevraagd of hij ervoor open staat om daar naar te kijken. Voor wat betreft placemaking is EenUtrecht ervoor om de omwonenden mee te nemen in wat er tijdelijk gebeurt, aangezien zij veel last van bouwverkeer zullen krijgen. Kies hierbij voor een oplossing die al anticipeert op de toekomstige oplossing van het park. Ga niet iets doen waarmee je nu al de buurt tegen je opzet, maar doe iets waarmee zij in meerderheid kunnen instemmen. Betreffende parkeren en bereikbaarheid deelt EenUtrecht de zorgen van het CDA en de VVD. Verder mist EenUtrecht een participatieparagraaf voor de komende periode, en verzoeken zij de wethouder om daar ook iets over op te nemen. Het is belangrijk dat de omwonenden nadrukkelijk worden betrokken en zwaarwegend kunnen meebepalen als het gaat om bepaalde effecten voor de eigen buurt.

Daarbij valt te denken aan bouwoverlast, het invullen van parkeerroutes, het invullen van lokale voorzieningen die relevant zijn voor die omliggende buurten. EenUtrecht vraagt de wethouder hoe hij hierin staat. Tenslotte merkt EenUtrecht op dat het onduidelijk is waarover de raad gaat beslissen. De twee besluiten die zijn voorgelegd zijn redelijk vaag geformuleerd. EenUtrecht zou de raadsvoorstellen in het vervolg veel specifieker geformuleerd willen zien. Er zouden hardere randvoorwaarden in het besluit moeten worden opgenomen over het aantal woningen, de verdeling van type woningen, het maximaal aantal woningen, maximale bouwhoogtes, minimale vierkante meters groen, minimale vierkante meters sociaal-culturele voorzieningen voor ontmoeting en verbinding, minimale vierkante meters voor buurtspel en –sport, en ook hoe de participatie in de komende fase gegarandeerd en ingezet wordt. Daarmee wordt een duidelijker signaal afgegeven naar de markt en het zal helpen tegen het verder opdrijven van prijzen. Kan de wethouder toezeggen dat het raadsvoorstel op deze manier wordt aangevuld en aangepast? De voorzitter geeft het woord aan DENK voor hun inbreng. 15

5

De heer Usta (DENK) geeft aan dat DENK blij is met meer woningen. Met het huidige tekort aan woningen is het bouwen van minder woningen dan eerst was voorzien geen goed idee. DENK vraagt de wethouder of hij het eens is met de noodzaak van veel meer woningen en dat er, in de hoogte of in de breedte, meer moet worden gedaan om dit te realiseren. Met de verhoging van het percentage sociale huur is DENK blij. Zij sluiten zich verder aan bij de zorgen van de VVD over mobiliteit en parkeren. Daarover vraagt DENK een reflectie van de wethouder. De heer Van der Zweth (PvdA) meent dat DENK vaak aandacht vraagt voor het bouwen van niet te kleine huurwoningen. Dat gebeurt nu, maar de consequentie is dat er minder woningen komen. Hoe ziet DENK dit?

10

De heer Usta (DENK) antwoordt dat idealiter én meer sociale huur én een groter oppervlak gewenst is. Het een hoeft het ander niet uit te sluiten, volgens DENK. De voorzitter geeft het woord aan CU voor hun inbreng.

15

20

25

De heer Van der Graaf (CU) zegt dat het plan voor het Beurskwartier langzaam concreet wordt. Dit voorstel ziet er op grote lijnen goed uit en volgt eerdere besluitvorming in de raad. Voor wat betreft placemaking steunt CU de vragen die zijn gesteld over een passende invulling, waarbij de huidige en toekomstige bewoners betrokken moeten worden. Ook het idee van het park vindt CU goed. Zij horen graag de visie van de wethouder daarop. Bij de placemaking wordt wel een fysiek informatiecentrum gemist waarover in de raad een motie breed is aangenomen. Dat zou kunnen helpen om op een laagdrempelige manier met de huidige en toekomstige bewoners in contact te komen over de werkzaamheden, meldingen en klachten, en die snel en op een duidelijke manier te behandelen. Is de wethouder bereid om dit een plek te geven in de placemaking? Verder merkt CU op dat het een uniek mobiliteitsconcept is, zo dichtbij Utrecht Centraal. De focus op lopen, fietsen en deelauto’s is dan ook een terecht uitgangspunt. Het punt dat deelauto’s voor iedereen betaalbaar en bereikbaar moet zijn vindt CU niet nadrukkelijk terug. Kan de wethouder aangeven op welke manier dat wordt geborgd? De voorzitter geeft het woord aan de PVV voor hun inbreng.

30

35

40

45

De heer Daniëls (PVV) is blij dat er in het voorstel extra ruimte komt voor sociale huur met een fatsoenlijk woonoppervlak. PVV is ook blij dat de Korenbeurs een mooie plek krijgt in de plannen. Volgens PVV scheelt er helaas ook wat aan de huidige plannen. Van een gigantische parkeerplaats wordt overgestapt op een nagenoeg autovrije wijk. Het contrast kan bijna niet groter zijn. Er komen grote aantallen bewoners bij in een gebied waar het openbaar vervoer al piept en kraakt en waar de vraag de komende jaren waarschijnlijk niet bijgebeend kan worden. Het is dan een onwijs idee om mensen daar afhankelijk van te maken. De aangetaste mobiliteit, dure afvalinzameling, veelheid aan puntjes die gescoord moeten worden om alle positieve buzzwords van toepassing te laten zijn en de moeilijke marktomstandigheden voor zowel investeerders als bouwers maken dat er grote risico’s aan de haalbaarheid van het project zijn. De PVV vraagt hoe het college heeft nagedacht over de haalbaarheid en de impact van al deze aspecten. Er is ingepland dat het een heel gezellig gebied wordt, alsof dat per decreet kan worden uitgevaardigd. Het is echter dicht bij het station, waar veel bezoekers niet lokaal zijn. Het gevoel van veiligheid zal ook iets minder hoog zijn dan in andere wijken. Het gevoel dat het ‘ons buurtje’ is ziet de PVV hier minder ontstaan.

De PVV vraagt dan ook hoe die buurtzin en gezelligheid vorm gaat krijgen. Door de te verwachten relatief hoge prijzen en de weinig lokaal gebonden kopers en huurders zal een mengelmoes ontstaan van tijdelijke bewoners en boomknuffelende hipsters die van deze stad een nog anoniemer en gezichtsloze brij maken. Dat is wel de achterban van de collegepartijen maar de PVV heeft daarover haar twijfels. De voorzitter geeft het woord aan Student & Starter voor hun inbreng.

50

Mevrouw Oudejans (Student & Starter) is blij met de komst van het plan. Parkeerplekken worden omgetoverd tot een mooie plek om te wonen en te recreëren. Ook zijn zij blij met placemaking. Vanuit de bewonersgroep sociale huur horen zij enthousiaste verhalen. Student & Starter sluit zich aan bij eerdere oproepen om zowel huidige als toekomstige bewoners hierbij te betrekken. Mooi dat er ten opzichte van het bestemmingsplan meer sociale woningen komen, en ook mooi dat er 16

5

10

15

20

studentenwoningen gerealiseerd gaan worden. Toch vraagt Student & Starter zich af waarom, in tijd van woningnood, de ambities over het aantal woningen in dit plan verlaagd zijn ten opzichte van het bestemmingsplan. Er moet gezocht worden naar ruimte om het aantal van 2500 naar 3000 omhoog te krikken. Waarom wordt de ambitie niet op 3000 gezet, om er pas van af te wijken bij zwaarwegende redenen? Een deel van de pijnpunten lijkt te zitten in het verwachte verschil in de grootte van de woningen. Kan de wethouder toezeggen om de grootte van de sociale huurwoningen gelijk te houden zodat hier ook in geoptimaliseerd kan worden? Verder is er ruimte te vinden bij de studentenwoningen. Onzelfstandige studentenwoningen zijn wenselijk en ze verzwaren in de ruimte ten opzichte van zelfstandige huisvesting. Student & Starter vraagt de wethouder deze overweging mee te nemen en meer onzelfstandige studentenhuisvesting te realiseren. De heer Te Hoonte (VVD) heeft de indruk dat de coalitie een akkoord heeft gesloten dat er echte woningen moeten zijn in alle prijsklassen, waarvoor een minimummaat wordt gehanteerd. Inmiddels hebben vier coalitiepartijen daarover iets gezegd, maar het is niet duidelijk waar ze als collectief heen willen. Aan Student & Starter wordt gevraagd of dit allemaal uitwerking van het coalitieakkoord betreft.

Mevrouw Oudejans (Student & Starter) bevestigt dat de 65 vierkante meter in het coalitieakkoord staat. In het plan staat dat zowel kleinere als grotere sociale huurwoningen gerealiseerd gaan worden. Student & Starter verzoekt om niet groter dan 65 vierkante meter te bouwen. In het plan wordt de indruk gewekt dat er ook boven de 65 vierkante meter zal worden gebouwd. De heer Te Hoonte (VVD) merkt op dat de 65 vierkante meter een gemiddelde is, in bvo’s. Volgens de VVD is het de opdracht van de coalitiepartijen aan hun eigen college om minimaal 65 vierkante meter aan woonoppervlakte te realiseren. Aan Student & Starter wordt gevraagd of zij dus kleinere woningen willen.

25

30

35

Mevrouw Oudejans (Student & Starter) geeft aan dat de 65 vierkante meter in de vorige bestuursperiode is vastgesteld, toen Student & Starter nog niet in de coalitie zat. Een gemiddelde betekent dat er ook boven de 65 vierkante meter gebouwd kan worden. Dat lijkt Student & Starter niet wenselijk. De heer Te Hoonte (VVD) vraagt of Student & Starter dan beseft dat ze dan ook de steun van de andere partijen gaan kwijtraken. Vorige week is besloten over het toewijzen van woningen, waaronder woningen die groter waren dan een bepaalde oppervlakte. Als die woningen niet meer gebouwd worden, dan is niet duidelijk waarom de VVD dat soort voorstellen steunt. De VVD geeft aan dat het totaal onduidelijk is wat de coalitiepartijen voorstellen. De heer Dekkers (GL) vraagt ook een verduidelijking van Student & Starter. Een gemiddelde van 65 vierkante meter woonoppervlak komt overeen met ongeveer 80 bvo. Student & Starter wil niet groter, dus geen gezinswoningen, maar ook niet kleiner. Mevrouw Oudejans (Student & Starter) antwoordt dat 65 vierkante meter inderdaad het maximum is zodat kan worden geoptimaliseerd naar 3000 woningen. Als het mogelijk is om die 3000 woningen te halen én grotere woningen dan 65 vierkante meter te realiseren, dan kan dat.

40

45

Zij vervolgt haar inbreng met de opmerking dat de Fietsersbond heeft aangegeven dat er in het plan niet genoeg ruimte is voor de fietser. Welke manieren ziet de wethouder om de fietsverbindingen op of onder de sporen van Dichterswijk richting de Nicolaas Beetsstraat te verbeteren of te vergroten? Student & Starter sluit zich aan bij de vraag van GL om te kijken naar de onderdoorgang bij Kinepolis. Verder is in het plan opgenomen dat er zonnepanelen geplaatst moeten worden op daken die hoger zijn dan 25 meter. Aan de wethouder wordt gevraagd om te bekijken of het mogelijk is om deze daken te combineren met groen en eventueel recreatie wanneer dit past. Student & Starter sluit zich ook aan bij de vraag van D66 over het toevoegen van sport, en de vraag van de PvdA om sportvelden in de buurt toe te voegen.

50

De voorzitter meldt dat alle partijen hun inbreng hebben kunnen leveren. Zij schorst de vergadering voor tien minuten. 17

- Schorsing – De voorzitter hervat het debat. Zij merkt op dat eigenlijk ook agendapunt 8 in de ochtend afgerond zou worden. Dat gaat niet meer lukken. Zij verzoekt de commissieleden met klem om hun best te doen om in ieder geval dit agendapunt voor de lunch af te ronden. 5

Zij geeft het woord aan wethouder Eerenberg voor de beantwoording van de vragen. Wethouder Eerenberg geeft aan dat er circa 70 opmerkingen, vragen en reflecties zijn gegeven. Hij zal zijn best doen om die compact te beantwoorden.

10

15

20

25

30

Hij begint met de opmerking dat hij zich echt niet kan vinden in de perceptie dat de bewoners het vertrouwen in de gemeente kwijt zijn. Hij geeft een bloemlezing van wat de gemeente doet: er staat een container ingericht door een van de kunstenaars die woonachtig is in het gebied. In die container wordt met de bewoners geparticipeerd volgens het door hen opgestelde participatieplan. Een grote groep bewoners is, gefaciliteerd door de gemeente, op reis geweest naar bijvoorbeeld Amsterdam. Daar zijn zij geïnformeerd over voorbeelden van hoe er collectief een gebouw kan worden gedaan. De uitkomsten van die reis zijn leidend in de gesprekken die de gemeente voert. Er zijn meerdere contactpersonen voor de bewoners waarvan mobiele telefoonnummers gedeeld zijn. De gemeente houdt af en toe kantoor in de container, die inmiddels als een soort huiskamer functioneert. Een heel aantal bewoners hebben het telefoonnummer van de wethouder. Juist omdat deze bewoners een groot offer brengen is aan hen gevraagd wat zij willen met de vrijgekomen ruimte in hun achtertuin. Daar zijn verschillende participatiebijeenkomsten over geweest, waarbij de bewoners hebben aangegeven dat er snel een park van moet worden gemaakt waar hun kinderen kunnen spelen en wat geen pretpark wordt. Dat is dus helemaal in lijn met wat in de commissie wordt gezegd.

Met bewoners die zorgen hebben wordt altijd in gesprek gegaan. Over het algemeen kunnen de zorgen ook echt weggenomen worden. Men wil voorspelbaarheid in de placemaking, invloed op de placemaking en enige mate van rust. Dat is ook waar de wethouder voor staat. Er zijn spelregels voor bouwoverlast waar de bouwers in het gebied zich aan houden. Er is één geval bekend waarbij eerder is begonnen met een boring dan toegestaan. Daar is de gemeente op gewezen door de bewoners, en de bouwondernemer is daar vervolgens op aan gesproken. Daarmee wordt de pijn van de sloop voor de bewoners niet weggenomen, maar de gemeente heeft echt een goed contact met de bewoners. Het informatiecentrum waar CU naar vraagt is er in feit al. Aan de muur hangen schetsen van de plannen, en ook het participatieplan is daar aan de muur opgehangen. De heer Van Heuven (PvdD) geeft aan dat er ook bewoners zijn die niet klagen omdat ze teleurgesteld zijn in het hele proces. Aan de wethouder wordt gevraagd hoeveel inwoners hij denkt dat er ontevreden zijn, en niet meer meedoen met de participatie.

35

40

Wethouder Eerenberg antwoordt dat er een bewonerscommissie is dat mandaat heeft om namens de bewoners te spreken. Hij heeft het idee dat de bewonerscommissie dat uitstekend doet. Bij de participatiebijeenkomsten die in het verleden zijn geweest zag de wethouder goed gevulde zalen. Hij heeft dus echt niet het beeld dat de gemeente hierin een grote groep bewoners verloren is. Er is een groep die het echt oneens is met het plan en daarmee worden gesprekken gevoerd. Er worden ook heel positieve signalen opgevangen, bijvoorbeeld van de bewonerscommissie namens alle bewoners. De heer Van der Graaf (CU) vraagt tot wanneer het informatiecentrum daar zal blijven staan, en of het ook een rol kan spelen in de komende periode.

45

Wethouder Eerenberg antwoordt dat dat nog niet duidelijk is. Het zal er in elk geval blijven staan totdat de ontwikkeling van het Ondaatje gaat beginnen. De wethouder vindt het een goede suggestie om het informatiecentrum dan te verhuizen naar de overkant van de straat. De heer Dijkstra (EenUtrecht) vraagt of de bewoners een bepalende stem hebben over de tijdelijke invulling.

50

Wethouder Eerenberg antwoordt bevestigend, en merkt daarbij op dat dat geen nieuw inzicht is dat uit dit debat volgt maar dat het al zo is georganiseerd. 18

5

10

15

De wethouder vervolgt met de beantwoording van de vragen over de bouwhoogte en het aantal vierkante meters. Het stedenbouwkundig plan is een invulling van het bestemmingsplan. Daarin is geen ruimte om hoger te bouwen. Als de raad dat toch wil moet een heel traject opnieuw worden ingezet, wat veel tijd gaat kosten. Ook fysiek is dat ingewikkeld. De gebouwen die op 70 meter zijn afgetopt zijn gebouwen die qua brandveiligheid in een lagere klasse zitten. Hogere gebouwen moeten een flink stuk hoger zijn om de investeringen in betere brandveiligheid terug te kunnen verdienen. Op dit moment kunnen de twee torens van 90 meter hoogte aan de kostenkant worden opgelost in het gebied. Als men toch hoger wil dan 70 meter moet er fors hoger gebouwd worden. Dat betekent dat er nieuwe studies moeten worden gedaan en dat er meer schaduwwerking ontstaat. In theorie kunnen de woningen kleiner. Bij het vaststellen van het bestemmingsplan heeft de raad echter het omgekeerde gezegd, in meerderheid. Om zonder de hoogte in te gaan significant meer woningen aan het plan toe te voegen moet dat kader los worden gelaten. De wethouder zegt wel toe dat er geoptimaliseerd wordt. Dat betekent dat de gangen wat smaller worden en de hoekjes bij de lift slimmer worden ingericht. Op die manier kan wellicht 100 à 200 extra woningen worden gevonden.

De heer Dekkers (GL) geeft aan dat juist in de duurdere segmenten de woningen groter geworden zijn. Kan in die segmenten niet terug worden gegaan naar een iets kleinere oppervlakte?

20

25

Wethouder Eerenberg komt daar later uitgebreider op terug. Een exacte berekening wordt schriftelijk aan de raad aangeleverd. In zijn algemeenheid zal dat geen grote aantallen opleveren, want er moet rekening worden gehouden met de percentages voor sociale woningbouw, middenwoningen en daarboven. Op het moment dat er veel duurdere woningen kleiner gemaakt worden, dan moeten die kleinere woningen in de sociale categorie gestopt worden. Dan zitten de verschillende woningen echter op de verkeerde plek in de torens. Er is goed gestudeerd binnen de kaders die door de raad in meerderheid zijn vastgesteld. Als de raad het anders wil, dan moet er een nieuwe opdracht aan het college worden gegeven. De voorzitter vraagt wanneer de brief over de vierkante meters verwacht kan worden.

30

Wethouder Eerenberg geeft aan dat dit behandeld wordt als een technische vraag, zodat sneller een antwoord kan worden gegeven. De heer Bakker (D66) constateert dat in het plan staat dat er geoptimaliseerd kan worden tot 500 extra woningen. De wethouder leek dat aantal net iets te nuanceren. De visie van D66 is niet om die extra 500 woningen eruit te persen, maar een extra 100 woningen binnen de gestelde kaders zou zeer welkom zijn.

35

40

45

50

Wethouder Eerenberg beaamt dat het college alles op alles zal zetten om het aantal woningen te optimaliseren. Als de raad de kaders wil aanpassen om een ontwerp te maken met een significant hoger aantal woningen, dan zal aan de vierkante meters per woning moeten worden gedraaid. Hij vervolgt de beantwoording door te benadrukken dat dit plan zich kenmerkt door kwaliteit. Zo is er gekozen voor hoge plafonds, wat goed is voor de bezonning van woningen. Naar aanleiding van de raadsuitspraak in de vorige periode is het plan wat grootser opgezet dan oorspronkelijk het idee was. Er is gekozen voor woningen met een goede kwaliteit die juist past bij de hoge dichtheid. De raad moet oppassen voor het ten nadele beïnvloeden van die kwaliteit. Vervolgens kaart de wethouder de vragen over bereikbaarheid aan. Het klopt dat er in het stedenbouwkundig plan een aantal zaken niet is benoemd, omdat die al in het bestemmingsplan zijn opgenomen. Dit betreft bijvoorbeeld de parkeerplekken, de aantallen en de hub. I die zin is er een keuze gemaakt voor het ‘wat’ in het bestemmingsplan en het ‘hoe’ in het stedenbouwkundig plan. Voor het aantal deelauto’s is een groeimodel voorzien, waarbij een factor twee kan worden toegepast binnen de bestaande parkeercapaciteit. Bovendien kunnen er deelauto’s in het omliggende gebied geplaatst worden.

Dat gaat ook gebeuren omdat daarmee de bewoners van de Dichterswijk een alternatief hebben voor hun eigen mobiliteitsbehoefte. De heer Te Hoonte (VVD) zegt dat het hem stoort dat niet uit de plannen is te halen dat er overcapaciteit in de parkeergarage zit waardoor er nog deelauto’s bij kunnen. Uit het 19

bestemmingsplan blijkt bovendien dat er minimaal het dubbele aantal aan deelauto’s moet zijn, ook bij de start van het blok. VVD zou graag zien dat het aangepast wordt en dat er 200 deelauto’s komen. 5

Wethouder Eerenberg antwoordt dat het goed zou zijn om de tekst van het bestemmingsplan erbij te pakken. Als de tekst in het plan tot verwarring leidt, dan is het goed om met een vervangende tekst te komen waardoor het helder is. De heer Te Hoonte (VVD) zegt dat het bestemmingsplan aangeeft hoeveel er moeten zijn, en die zijn er niet. Dat moet dus aangepast worden. De VVD wil de garantie dat het in het gebied zit en dat het fysiek mogelijk is om de volledige hoeveelheid van het bestemmingsplan te plaatsen.

10

Wethouder Eerenberg merkt op dat wat in het bestemmingsplan staat moet matchen met het stedenbouwkundig plan. De deelauto’s zullen zo worden geplaatst dat ze ook voor omliggende wijken nuttig zijn. De heer Te Hoonte (VVD) wil graag de bevestiging dat er meerdere deelauto-aanbieders in het gebied zullen zijn.

15

20

25

30

35

40

Wethouder Eerenberg antwoordt dat dit een uitwerking is voor een volgende fase. De wens voor zoveel mogelijk vrijheid en concurrentie is bekend, maar er moet dan ook worden gekeken naar de juiste schaalbaarheid hiervoor. De heer Van Steeg (CDA) geeft aan dat het, als het plaatsen van deelauto’s een groeimodel is, onmogelijk is om te zien of het past bij het bestemmingsplan. Het is in dit plan dan onmogelijk om te zien hoe groot de parkeerbehoefte dan is, ook als het bestemmingsplan erbij wordt gehaald. Is de wethouder het daarmee eens? Wethouder Eerenberg begrijpt dat dit een puzzel is, maar het inzicht is er wel. Er zit een waaier aan parkeeroplossingen in het bestemmingsplan, variërend van een hub met een ander prijsbeleid naar hoe dichterbij je je auto wilt parkeren, hoe duurder het wordt. Er zit ook een inschatting in dat een heel aantal mensen die hier zullen wonen helemaal geen behoefte zullen hebben aan een eigen auto of een deelauto. De berekening zal worden toegestuurd. Niemand heeft een glazen bol, dus het is niet te zeggen of veel mensen een deelauto gaan gebruiken. De gegevens zijn er wel, maar deze zijn inderdaad gefragmenteerd. De wethouder zal dit handzaam samenbrengen en toesturen. Over de ontsluiting via de Croeselaan of de Van Zijstweg merkt de wethouder op deze afweging op basis van tellingen is gemaakt.

Bij de Van Zijstweg is ook een fietspad, evenals een tram en veel meer auto’s dan op de Croeselaan. Die kruising is dus ook heel ingewikkeld. Bovendien is het risico op congestie op de Van Zijstweg groter als daar meer auto’s worden toegevoegd. Dan zal Rijkswaterstaat zich melden in verband met de doorstroming vanaf de A2, evenals de grote kantorengebruikers in het stationsgebied. De kruising met de Croeselaan is minder complex dan die met de Van Zijstweg. De heer Te Hoonte (VVD) merkt op dat de kruising met de Van Zijstweg is aangelegd voor het gebruik van het parkeerterrein met 2000 parkeerplekken. Dat aantal gaat nooit worden gehaald met de deelauto’s. De auto’s moeten dan alsnog over de kruising met de Croeselaan. Als daar analyses van zijn, dan moeten die terug naar de raad. Wethouder Eerenberg licht toe dat er een verkeerskundige analyse onder ligt die zal worden gedeeld.

45

50

Hij vervolgt met de vragen over de samenhang met de Jaarbeurs. Daarover is al een debat geweest wat de wethouder niet zal herhalen. De wethouder deelt de zorgen hierover. De Jaarbeurs heeft zijn strategie om begrijpelijke redenen aan moeten passen. Dat is teleurstellend. Daardoor gaan de projecten uit elkaar lopen. Zij hebben zich wel gecommitteerd aan de overeenkomsten die in het verleden zijn gesloten, waaronder de centrumboulevard. Het tempo waarin het er zal komen is nu echter in het ongewisse. In de tussentijd gaat de gemeente gewoon door. Zolang de Jaarbeurs zich nog aan het heroriënteren is moet er iets in de tijdelijkheid gebeuren. Voor de creatieve ondernemers in de stad is gedacht aan containers of iets met 20

5

houtbouw dat redelijk flexibel is. De suggestie van D66 om dat een groener karakter te geven neemt de wethouder ter harte. De wethouder weet net wanneer de Jaarbeurs klaar is met zijn heroriëntatie. Zij hebben uitgesproken dat zij, zodra hun financiële positie dat weer toestaat, zij weer plannen willen maken die mooi aansluiten op onze plannen. Alles wat de commissie daarover zegt deelt de wethouder zeer. De heer Van Steeg (CDA) vraagt of het college weet hoe het plan van het college past bij dat van de Jaarbeurs, als zij weer verder gaan met hun plannen.

10

15

20

Wethouder Eerenberg antwoordt dat het plan zo is aangepast dat de Beursstraat met tijdelijkheid kan worden opgelost. Dat geeft wat flexibiliteit om te kijken wat de Jaarbeurs gaat doen. Op een aantal punten, bijvoorbeeld geluidsisolatie, moet de Jaarbeurs ook wat doen. De wethouder wil dat te zijner tijd in een strategie en een samenhang oppakken. In vergelijking met het masterplan van voor corona zal het plan van de Jaarbeurs waarschijnlijk gefaseerder zijn. Wanneer dit gaat plaatsvinden weet de wethouder niet. De heer Van Steeg (CDA) zegt dat het nu lijkt of we afhankelijk zijn van wanneer de Jaarbeurs komt. Kan het college niet aangeven dat bepaalde delen gewoon nodig zijn om verder te komen? Wethouder Eerenberg antwoordt dat die gesprekken er wel zijn met de Jaarbeurs. Dat gaat over puzzelstukjes. Dat gaat ook over de centrumboulevard, waarvan het college aangeeft dat dat uiteindelijk een ontsluiting richting Welgelegen moet worden. Het gaat ook over de Beursstraat, waarbij het belangrijk is dat de bewoners ongehinderd hun woningen kunnen bereiken als de Jaarbeurs over gaat tot ontwikkeling. Het gaat ook over de bioscoop. Dit zijn een aantal puzzelstukjes die in elkaar moeten passen, waarbij er nog steeds veel ruimte voor de Jaarbeurs is om bijvoorbeeld de volgorde aan te passen of het ontwerp van de hallen.

De heer Van Steeg (CDA) vraagt of er dus momenten in het proces zijn waarop de Jaarbeurs een aantal dingen geregeld moet hebben anders kan de gemeente niet verder.

25

Wethouder Eerenberg antwoordt dat de gemeente gewoon doorbouwt. Het is uiteindelijk aan de Jaarbeurs om iets te maken dat daarop aansluit.

30

Hij gaat verder met de beantwoording van de vraag over de groene oversteek tussen de twee parken. Dat is ingewikkeld. Als er een drukke beurs is zullen er heel veel mensen vanuit het station deze oversteek kruisen. Een groene parkachtige omgeving verhoudt zich slecht tot het faciliteren van grote bezoekersstromen, aan de ene kant voor het groen en aan de andere kant voor de veiligheid. Hier voor verder op gestudeerd waarbij wordt geprobeerd om het maximale mogelijk te maken.

35

De heer Van Heuven (PvdD) vindt het jammer dat het maximale niet nu al in de stukken staat. De PvdD blijft die zorg houden, zeker ook omdat in de reactienota wordt gesproken over de zelfredzaamheid van de natuur. Dat is onvoldoende. Die hele faunapassage zou dan ook kunnen mislukken. PvdD wil de zekerheid dat dit wel een goede oplossing gaat worden.

40

45

50

Wethouder Eerenberg geeft aan dat hij de ingewikkeldheid van dat punt niet weg kan nemen. Misschien kan PvdD daarbij helpen door te zeggen hoe dat zou kunnen. Een ononderbroken groene faunapassage is moeilijk te combineren met de Jaarbeursbezoekers die snel naar het station willen. Hiervoor worden ecologen en groenontwerpers aan het werk gezet om het maximale mogelijk te maken. Hij vervolgt de beantwoording van de vragen over het groene park. De wethouder zegt toe dat er speelobjecten worden geplaatst waar kinderen echt op willen spelen. Er gaan ook sportfaciliteiten in het park komen. Dat zal geen atletiekbaan worden maar wel kinesthetics of iets dergelijks. Er al worden gezorgd voor goede informatie over sportmogelijkheden in omliggende gebieden. Er kunnen commerciële sportmogelijkheden aangeboden worden in de plinten. Of er met het groen, spelen en sporten wordt voldaan aan de normen is vaker onderwerp van discussie. Als al deze woningen als laagbouw zouden worden gepland, dan zou dat ongeveer 70 hectare aan groen kosten. Doordat nu compact wordt gebouwd in een omgeving met veel kwaliteit wordt elders 70 hectare groen bespaard. Het voorliggende plan voldoet niet helemaal aan de stedelijke norm, dat 21

wordt toegegeven in het plan. Er zijn wel meer plekken in de stad die niet voldoen aan de stedelijke norm, als de gemiddeldes uiteindelijk maar worden gehaald. Hetzelfde geldt voor boomnormen: het is niet gezegd dat voor elke woning de boom om de hoek moet staan. Als je naar een bos wilt zul je ergens anders heen moeten. 5

Mevrouw Bode (Volt) haalt het niet halen van de groen- en boomratio aan, en vraagt waar de plekken zijn waar Utrecht dan zal overschieten om het gemiddelde wel te halen.

10

Wethouder Eerenberg verwijst naar Ockhuizen, waar agrarische grond wordt omgezet naar natuur. Ook Zuilense Vecht krijgt een grote kwaliteitsimpuls. Alles ten noorden van de NRU kan nog wat liefde gebruiken. Het gebied rondom Lunetten-Koningsweg, Maarschalkerweerd. In het voorliggende plan worden veel woningen gebouwd in een groene omgeving. Meer dan dat zit er niet in, en gelukkig kunnen al die mensen op al die andere plekken recreëren en van het groen in onze stad genieten. De heer Dijkstra (EenUtrecht) vraagt of de wethouder de benaming ‘groene wijk’ kan laten vallen. Het plan probeert zo groen mogelijk te zijn maar het wordt geen groene wijk.

15

Wethouder Eerenberg zegt dat het gebied dat nu parkeerterrein is echt een park wordt met woontorens erin. Dan wordt er toch echt gewoond in een groene omgeving. De Dichterswijk wordt steeds groener met dank aan actieve bewoners. De Croeselaan is verregaand vergroend. De omgeving is dus groen en wordt steeds groener, maar er wordt wel met relatief veel mensen in dat park gewoond.

20

De heer Dijkstra (EenUtrecht) zegt dat de wethouder zelf net toegeeft dat deze nieuwe buurt niet zal voldoen aan de eisen die de gemeenteraad stelt aan de noodzakelijke hoeveelheid buurtgroen. Dan moet eerlijk gezegd worden dat het geen groene wijk wordt, maar dat er wel veel groen is.

25

30

35

Wethouder Eerenberg vindt dit een groene wijk, want er komen twee parken bij die eerder niet in de stad waren. Zoals de PvdD aangaf is getracht om ecologie, natuurinclusie en groen leidend te laten zijn. Het wordt een hoogwaardige kwaliteit groen waar mensen ook in kunnen sporten en spelen. De wethouder zal blijven volhouden dat je dan in een groene omgeving woont, en er zijn plekken elders in de stad die groener zijn en plekken die minder groen zijn. Hij gaat verder met de vragen over het breder inzetten van mini-hubs en conciërges. Dat is precies de bedoeling, zij kunnen helpen met wat hand- en spandiensten. Voor wat betreft de afvalverwerking geeft de wethouder aan dat dit de pilot is. Er wordt afval vermalen in de keuken en dit wordt niet op het riool geloosd. Omdat particulieren het wel in het riool lozen kunnen deze afvalvermalers niet aan hen worden verkocht. In deze buurt zal een apart systeem worden geïnstalleerd en wordt het afgekoppeld van het riool. Daarmee resteert iets composteerbaars, waar duurzamer is. De heer Te Hoonte (VVD) heeft begrepen dat het water dat resteert wel op het riool wordt geloosd, en dat het niet eerst wordt gezuiverd. Wethouder Eerenberg geeft aan dat het wel de bedoeling is dat het eerst wordt gezuiverd. Relatief weinig vervuild water wordt dan in het riool geloosd.

40

45

De heer Te Hoonte (VVD) zegt dat er dus plastic in meevermalen wordt. Hij vraagt om wat meer uitleg dan wat nu in het plan staat. Wethouder Eerenberg zegt dat ook dit onderdeel nog verder wordt onderzocht. Het is de bedoeling dat het wordt vermalen in het appartement. Daarna worden de groene componenten gescheiden van de niet-groene en van het water. Het water wordt vervolgens geloosd, het groen wordt gebruikt voor compost en de reststroom al restafval worden. Zodra er meer over bekend is zal de wethouder dat aan de commissie doen toekomen.

22

De heer Te Hoonte (VVD) wil hierover ook een punt van orde maken. Omdat er nu naar wordt gevraagd wordt duidelijk dat dit een pilot is. De VVD wil hier graag actiever over geïnformeerd worden. Het kost anders veel zoektijd en spreektijd in het debat. 5

Wethouder Eerenberg zegt dat de pilot in de Grondstoffennota is vermeld. Daarin wordt specifiek verwezen naar het Beurskwartier. De heer Van Steeg (CDA) zegt dat het dus niet zeker is dat de vermalers daadwerkelijk gebruikt gaan worden. In beslispunt 2 staat dat wordt uitgegaan van voedselvermalers. Dat is een vrij brede beschrijving. Als dat onzeker is, waarom staat dat dan in het beslispunt?

10

15

20

25

30

Wethouder Eerenberg antwoordt dat ervan uit wordt gegaan dat zo’n soort systeem heel duurzaam is en veel woongemak kan toevoegen. Er is een wettelijke belemmering, want eigenlijk mag het niet. Dat is echter bedoeld voor particulieren thuis en niet voor deze schaal. Omdat er voldoende bewijs is dat dit op een schone en duurzame manier kan worden toegepast wordt dat hier mogelijk gemaakt. Daar is pilotruimte voor nodig. Wanneer de onderzoeken anders uitwijzen komt de wethouder terug bij de raad. Het lijkt toch echt dat dit mogelijk is en dat dit een win-winsituatie kan zijn. Zeker omdat er hier veel mensen in een gebouw zijn waardoor dit goed kan worden georganiseerd. Op de vraag waarom er onder de 25 meter geen zonnepanelen komen antwoordt de wethouder dat daar geen zon meer schijnt. Voor wat betreft het kopgebouw op de Graadt van Roggenweg geeft de wethouder aan dat dat een particuliere ontwikkeling is. De eigenaar kijkt of het mogelijk is om woningen toe te voegen. Zodra de wethouder hierover meer informatie heeft zal hij dat laten weten. Verder bespreekt de wethouder de keuze voor kleinere afvalwagens in plaats van de huidige grotere. Het college denkt dat kleinere wagens de toekomst zal zijn. Deze zijn makkelijker te verduurzamen.

Het is ook best een ontwerpopgave om ervoor te zorgen dat hele grote vrachtwagens veilig en goed in kunnen draaien om afval ondergronds op te halen. Betreffende de zone rondom de school geeft de wethouder aan dat daar qua veiligheid sterk op wordt gelet tijdens de bouwperiode. Er zal worden gezorgd voor barrières, hekken en verkeersregelaars. Die zorgen deelt het college. Croeselaan 91 moet een alzijdig gebouw worden. Daarover zal in een volgende stap meer duidelijk worden. De opdracht is zeker dat er geen drie achterkanten komen. Het gebouw komt straks centraal in het park dus het moet een mooi pand worden. De voorzitter constateert dat de wethouder nog circa acht vragen te beantwoorden heeft. Ze besluit om de vergadering te schorsen en na de lunchpauze verder te gaan met de beantwoording van de vragen.

35

- Schorsing –

40

45 23

Verslag openbare middagvergadering commissie Ruimtelijke Ordening en 5 Grondzaken Datum Locatie Verslag door 10

15

25 mei 2023 Stadhuis Raadszaal, Stadhuisbrug 1, Utrecht mevrouw M. de Mul (Notuleerservice Nederland)

Aanwezigen

De voorzitter dhr. J. Vasters, wethouder dhr. E. Eerenberg, de leden dhr. H. Bakker (D66), mw. L. Bode (Volt), dhr. F. Claasen (GroenLinks), dhr. F. Dekkers (GroenLinks), dhr. G. Dijkstra (EenUtrecht), dhr. R. van den Enk (Student & Starter), dhr. R. van der Graaf (ChristenUnie), dhr. M. van Heuven (Partij voor de Dieren), dhr. G. te Hoonte (VVD), mw. L. Snippe (Partij voor de Dieren), dhr. H. Stellinga (CDA), dhr. M. Usta (DENK), dhr. J. Vintges (VVD), dhr. D. van Vliet (D66), dhr. P. Zwanenberg (GroenLinks), dhr. R. van der Zweth (PvdA), de commissiegriffier F. de Kok

20

Verslag commissie Ruimtelijke Ordening en Grondzaken

25

7 Raadsvoorstel Vaststelling Stedenbouwkundig Plan Beurskwartier ............................................24 8 Raadsvoorstel Benoeming voorzitter Commissie Welstand en Monumenten .............................30 9 Raadsvoorstel Verordening nadeelcompensatie .........................................................................33 11 Beantwoording SV 2023, nr. 6 inzake Aan de Slag in Welgelegen ...........................................35

7 Raadsvoorstel Vaststelling Stedenbouwkundig Plan Beurskwartier 30

De voorzitter heropent de vergadering. Hij geeft het woord aan de wethouder voor de verdere beantwoording van de gestelde vragen.

35

Wethouder Eerenberg gaat in op de vraag van de PvdA waarom gekozen is voor een relatief kleine supermarkt met een specialistisch profiel. Daar is een onderzoek naar gedaan door DPO. Er zitten wat grotere supermarkten in de nabijheid. Er is een laddertoets doorlopen waardoor op een kleinere supermarkt uit is gekomen. Vervolgens gaat de wethouder in op de vraag van Volt over gezinswoningen. Er zijn al behoorlijk veel gezinswoningen op hoogte, zeker in vergelijking met andere plannen. Bij de optimalisatie wordt bekeken of er ook extra ruimte is voor gezinswoningen. 24

5

10

Op de vraag wanneer er wordt gesloopt antwoordt de wethouder dat afgesproken is dat er pas gesloopt zal worden als het Ondaatje er is, zodat er voor de bewoners een alternatief is. Het proces van het Ondaatje is dus bepalend voor het tempo van het geheel. Betreffende de combinatie van zonnepanelen met groene daken geeft de wethouder aan dat dat zeker zal gebeuren, daar waar dat kan. In zekere zin levert dit echter conflicterende wensen op want de kwaliteit van het groen onder een zonnepaneel is niet altijd optimaal. Er is hier een rendementsafweging gemaakt: daar waar zonnepanelen renderen gaan zonnepanelen voor. Het aantal bomen dat er gaat komen is nog niet bekend, want de parken moeten nog worden ontworpen. Alle bomen die er nu staan blijven staan, behalve de bomen waarvan de deskundige zegt dat ze een korte levensduur hebben. De heer Van Heuven (PvdD) vraagt naar een inschatting van het aantal bomen dat blijft staan. Wethouder Eerenberg antwoordt dat dat nog niet gegeven kan worden. Er moet eerst goed getoetst worden. Het aantal zal in een vervolgstap bekend worden.

15

20

25

30

35

Hij gaat vervolgens in op de beantwoording van de vraag of de horecaondernemers terug kunnen komen. Ook voor deze ondernemers is een sociaal afsprakenkader gemaakt waarin staat dat zij voorrang hebben op de nieuwe horecalocatie in het Beurskwartier. Over de markt deelt de wethouder de mening van D66 dat deze buitengewoon spannend is. Grofweg tweederde van de productie die voor dit jaar was begroot valt weg omdat prijzen tegen vallen, consumenten huizen niet afnemen en beleggers terugtrekkende bewegingen maken. Aan de andere kant is het ook van belang om de pijplijn aan plannen te blijven vullen. In dit plan is de verkaveling relatief klein, waardoor ook kleine ontwikkelaars kunnen instappen. De grond is in eigendom van de gemeente, waardoor er veel knoppen zijn waaraan gedraaid kan worden als bijvoorbeeld de markt tegenzit. Daarmee wordt ook het opdrijven van de prijzen tegengegaan, want de gemeente zal de grond niet aan een tussenpartij verkopen maar rechtstreeks aan de ontwikkelaar. De hartenkreet van PVV over veiligheid vindt de wethouder terecht. Over de opmerking van Student & Starter over de kritiek van de Fietsersbond op het plan zegt de wethouder dat er goede fietsparkeerplekken worden ingericht. Het hele gebied is eigenlijk exclusief ingericht voor de voetganger en de fiets.

De wethouder zal contact zoeken met de Fietsersbond want zij hebben kennelijk een zorg die hij niet kent. Voor wat betreft de onderdoorgang onder Kinepolis zegt de wethouder dat dat voorlopig niet gerealiseerd zal worden, maar wellicht in toekomstige stappen met de Jaarbeurs. Betreffende het fietsparkeren bij Kinepolis laat de wethouder weten dat de Jaarbeurs verplicht is om voldoende fietsparkeerplekken in hun omgeving te realiseren voor hun bezoekers. De heer Dekkers (GL) vraagt of daar termijnen voor zij afgesproken. Wethouder Eerenberg antwoordt dat daar in het verleden wel over is gesproken maar aangezien alles aan de kant van de Jaarbeurs verschuift is niet duidelijk wat de afspraken precies zijn. Hij zal hierop terugkomen in de tweede termijn.

40

Hij vervolgt zijn beantwoording door in te gaan op de zekerheden rondom groen. Er zijn een heleboel regels over groen in het bestemmingsplan opgenomen, waaronder over groenblauwe verbindingen. De groene bestemmingen zijn gewoon groen en de verbindingen zitten erin. Als voorbeeld noemt de wethouder de wadi’s in het plan. De wethouder concludeert dat hij de vragen daarmee heeft beantwoord. De voorzitter vraagt of er gemiste vragen zijn, zodat die geïnventariseerd kunnen worden.

45

50

Mevrouw Bode (Volt) vraagt naar de inschatting van de wethouder dat er stagnatie komt in de bouw, aangezien dat bi een aantal projecten in de stad al gebeurt. De heer Dekkers (GL) vraagt naar het parkeren ten westen van het Merwedekanaal. Dit staat wel in het bestemmingsplan, maar niet in het stedenbouwkundig plan. Waarom is dat er niet in opgenomen? Verder vraagt hij of er inderdaad geen evenementen in het Croesepark zullen plaatsvinden. 25

De heer Te Hoonte (VVD) refereert aan het aantal ingangen aan de Croeselaan en vraagt naar het aantal extra rondrijbewegingen dat daar toe leidt, in het kader van duurzaamheid.

5

De heer Dijkstra (EenUtrecht) vraagt of de wethouder bereid is om 500 vierkante meter voor sociaal-culturele ontmoeting en verbinding open te houden. Verder vraagt EenUtrecht of in de besluitvorming van de raad de maximale aantallen woningen, bouwhoogtes en aantal vierkante meters groen specifieker vastgelegd kan worden. De heer Stellinga (CDA) vraagt naar de splitsing tussen middenhuur en betaalbare koop enerzijds, en vergroting van de hoeveelheid middenhuur anderzijds. Verder vraagt het CDA naar de toegankelijkheid van woningen voor mindervaliden.

10

De heer Van der Graag (CU) vraagt naar de borging van de betaalbaarheid van de elektrische deelauto’s die er komen. De voorzitter geeft het woord aan de wethouder voor de beantwoording van de vragen.

15

20

25

30

35

40

45

50

Wethouder Eerenberg gaat als eerste in op het risico op de stagnatie van de bouw. Dat is nu zonder meer aan de hand, maar dit plan staat iets verder in de toekomst. Door te kiezen voor een kleine verkaveling kan er bij dit project misschien juist tempo worden gemaakt. Met een van de woningcorporaties wordt bekeken of zij een grotere bijdrage in dit plan kunnen doen dan wel hun aandeel in het plan alvast bouwen, zodat er in ieder geval alvast begonnen wordt. Het is een ingewikkelde markt en het is een ingewikkelde tijd, dus het zal zeker stuurmanskunst vragen. Voor wat betreft het parkeren ten westen van het Merwedekanaal zegt de wethouder dat in het stedenbouwkundig plan soms onderdelen uit het bestemmingsplan wel zijn herhaald, soms zijn er onderdelen als voorbeelden uitgelicht, en soms niet. De wethouder stelt voor om een volgende keer een oplegger bij het stedenbouwkundig plan te voegen om de verbinding met het bestemmingsplan strakker te maken. Verder zegt de wethouder dat voor de placemaking het uitgangspunt is dat er geen evenementen in het Croesepark zullen plaatsvinden. Voor de toekomst is er nog geen uitspraak over gedaan. Kijkend naar de locatie, met veel geluidweerkaatsende hoogbouw, kan de wethouder zich niet voorstellen dat daar evenementen met veel lawaai zullen plaatsvinden.

Over het rondrijden als de ingang aan de Croeselaan wordt gerealiseerd zegt de wethouder dat dit niet helemaal is doorgerekend op CO2-niveau. Als de Van Zijstweg, die significant drukker is, vast staat dan heeft dat ook negatieve effecten op luchtkwaliteit en duurzaamheid. Als een deel van de bewoners via de ingang aan de Croeselaan gaat dan helpt dat spreiding van drukte en een verbeterde doorstroom, wat een positief effect heeft op de duurzaamheid. Door het gebruik van elektrische (deel)auto’s zal de luchtkwaliteit in ieder geval al verbeteren. De wethouder geeft aan dat er in het plan 5000 vierkante meter sociaal-maatschappelijke ruimte is opgenomen. Dit betreft onder andere ruimte voor huisartsen. De wethouder stelt voor dat EenUtrecht met ambtelijke ondersteuning bekijkt wat de 5000 vierkante meter inhoudt, waarna zij kunnen bepalen of dat voor hen voldoende is. In het participatieproces mogen bewoners meepraten over de invulling van deze vierkante meters. De heer Dijkstra (EenUtrecht) heeft gelezen dat die 5000 vierkante meter over de gehele breedte aan sociale voorzieningen gaat. Hij vreest dat die ruimte vooral gevuld wordt door yoga, sport, de huisarts et cetera, waardoor er geen ruimte meer zal zijn voor sociaal-culturele ontmoeting.

Hij vraagt of er in het plan een hoekje van 500 vierkante meter vrijgehouden kan worden zodat toekomstige bewoners daar gezamenlijke invulling aan kunnen geven. Wethouder Eerenberg antwoordt dat er 350 vierkante meter in het Ondaatje zit voor sociaalculturele ontmoeting. Dat is niet alleen voor de bewoners van het Ondaatje, ook andere bewoners van het Beurskwartier kunnen daar gebruik van maken. In het plan wordt deelgebruik van ruimtes gestimuleerd. De wethouder geeft aan dat dit in zijn visie dan ook voldoende in het plan zit. Hij vervolgt met de beantwoording van de vraag over het uitgebreider vastleggen van onderwerpen in het stedenbouwkundig plan. De wethouder geeft aan dat er al veel is vastgelegd in het bestemmingsplan, waar het stedenbouwkundig plan een uitwerking van is. In de geheim aangeleverde grondexploitatie is verder de hele doorrekening opgenomen. 26

De heer Te Hoonte (VVD) komt terug op de ontsluiting via de Croeselaan. Hij vraagt of de wethouder kan toezeggen dat de kruising die nu op de Van Zijstweg is met de busbaan, tweemaal, behouden blijft totdat de uitwerking met de Croeselaan af is, zodat er geen discussie met de provincie ontstaat over het kruisen van een busbaan. 5

10

15

20

25

Wethouder Eerenberg antwoordt dat hij hier in de tweede termijn op terug zal komen. Hij gaat verder met de beantwoording van de vraag over de betaalbaarheid van de deelauto’s. Dat wordt aan de markt overgelaten. Het hebben van een auto is erg duur, waardoor het gebruik van deelauto’s al gauw betaalbaarder is. Voor wat betreft de toegankelijkheid voor minder-validen zegt de wethouder dat de woningen daaraan via het bouwbesluit voldoen. Er is ook contact geweest met Solgu. Voor parkeren is de minihub onder het gebouw aangepast op parkeren voor minder-validen. Op de vraag van het CDA of er meer middenhuur kan komen antwoordt de wethouder dat het plan is dichtgerekend met de kaders die zijn afgesproken. Als het onderdeel middenhuur groter moet, dan moet iets anders minder groot en dan gaat alles schuiven. Dat kan de wethouder niet toezeggen, alleen als de raad de kaders aanpast of het college de tijd geeft om opnieuw alles uit te zoeken. De wethouder vraagt om een toelichting op de vraag van het CDA over de knip tussen middenhuur en betaalbare koopwoningen. De heer Stellinga (CDA) licht toe dat de Rekenkamer een vernietigend rapport heeft gepubliceerd over middenhuur. Zij doen daarin de aanbeveling om een knip aan te brengen tussen middenhuur en betaalbare koop. Het college heeft dat overgenomen. In het voorliggende plan wordt deze knip echter niet gemaakt.

Wethouder Eerenberg antwoordt dat dit stedenbouwkundig plan er eerder was dat het Rekenkamer-rapport. Daarom is dat advies er niet in verwerkt. De vraag of er alsnog een knip in aangebracht kan worden wil de wethouder in de tweede termijn beantwoorden. De heer Stellinga (CDA) betreurt het argument dat deze visie er eerder was dan het Rekenkamer-rapport. Het gaat hier wel om 2500 woningen. Als we iets willen met de aanbeveling van de Rekenkamer, als we iets willen met de middenhuur in deze stad dan kan met deze 2500 woningen wel iets worden bereikt.

30

Wethouder Eerenberg antwoordt dat dingen elkaar soms kruisen in de tijd. Hij ziet dat het meerwaarde heeft, maar of het in deze fase van het plan alsnog kan worden toegepast wil hij eerst overleggen. De heer Stellinga (CDA) vraagt of de toezegging uitsluitend betrekking heeft op de knip tussen betaalbare koop en middenhuur, en niet op de vergroting van het aandeel van beide.

35

40

Wethouder Eerenberg antwoordt dat hij heeft aangegeven dat het college in dat geval terug moet naar de tekentafel. Volgens de wethouder is het veel effectiever om te focussen op nieuwe plannen en daarin aandacht te vragen voor middenhuur, dan aan het college te vragen om dit plan opnieuw uit te werken met een andere verdeling van de wooncategorie. De heer Stellinga (CDA) betreurt dat de raad pas aan de bal komt op het moment dat de tekentafel al klaar is. De voorzitter wil naar de tweede termijn en inventariseert welke fracties nog vragen hebben. Dat zijn Volt en D66.

45

Mevrouw Bode (Volt) merkt op dat er normen voor bomen en groen worden gehanteerd om het prettig en gezond leefbaar te houden. Keer op keer wordt daar niet aan voldaan. Wat is dan de waarde van deze normen? De wethouder heeft met een opsomming aangegeven dat er groene gebieden buiten Utrecht zijn die dit opvangen. Gisteren is in een onderzoek bevestigd dat als je groen en blauw in je nabije omgeving hebt het fijner wonen is voor mensen in een stad. Wat hebben de bewoners van het Beurskwartier eraan als er buiten de ring groen toegankelijk voor mensen wordt gemaakt? 27

De heer Dijkstra (EenUtrecht) ziet een tegenstelling in de visie van Volt: enerzijds zijn zij enthousiast over het plan, anderzijds zien zij een tekort aan groen. Dat laatste is inherent aan de grote hoeveelheid woningen die er gebouwd gaan worden. Wil Volt meer groen, ook als dat betekent dat het aantal woningen moet verminderen? 5

10

15

Mevrouw Bode (Volt) weet niet of er dan minder woningen moeten komen. Volt is blij dat er minder woningen komen dan aanvankelijk gepland was. Dit gaat over groen in de nabije omgeving. De plekken die door de wethouder zijn genoemd zijn ver weg. Zij vraagt de wethouder waar de mensen naar toe kunnen in de nabijheid van hun woning. De heer Dijkstra (EenUtrecht) wil Volt wijzen op het feit dat er in de eigen normen van de gemeente 34 vierkante meter buurtgroen moet zijn. Als dat wordt omgerekend naar de 2500 geplande woningen is exact het aantal hectares nodig dat überhaupt beschikbaar is. Volt zal moeten kiezen voor het een of het ander, maar niet voor allebei. Mevrouw Bode (Volt) ziet het Beurskwartier niet als een afgeschermd gebied. Zij wil graag een reactie op het totaal. Als er wordt verdicht in de binnenstad en het groen wordt in de randen gelegd, waar kunnen de bewoners dan naar toe? Men gaat niet een half uur fietsen om te picknicken of een wandeling te maken. De heer Dekkers (GL) zegt dat de wethouder antwoordde op de vraag waar groen zou komen. Maar er is in de buurt best wel groen: Croeselaan, het Ringpark, het Rondje Stadseiland, park Oog in Al.

20

25

Mevrouw Bode (Volt) gaat verder met haar inbreng door aan te geven dat groen waarde heeft vanuit menselijk perspectief maar ook waarde van zichzelf. Een human touch is niet altijd nodig en gewenst. Groene gebieden een andere naam geven en toegankelijk maken voor mensen is geen toevoeging van groen. Volt maakt zich zorgen over het behalen van de klimaatambities. Er is meer groen nodig, niet alleen buiten maar ook binnen de stad. Volt wil hierover graag een reflectie van de wethouder. De voorzitter geeft het woord aan D66 voor hun vragen. De heer Bakker (D66) geeft aan dat er wordt overwogen om een motie in te dienen over de optimalisatie van het maximale aantal woningen binnen de gestelde kaders. Voor wat betreft de sportvoorzieningen vraagt D66 zich af hoe en waar dat zal worden teruggezien.

30

35

De voorzitter vraagt of er nog andere vragen zijn voor de tweede termijn en geeft et woord aan het CDA. De heer Stellinga (CDA) zegt dat de wethouder doet alsof alles terug moet naar de tekentafel. Hoe reflecteert de wethouder op het feit dat deze visie gemaakt is na het bestemmingsplan Beurskwartier 1 uit 2021? In deze visie wordt het percentage sociale huur opgehoogd van 20 naar 35 ten opzichte van wat in het bestemmingsplan staat. Er zit dus een duidelijke wijziging in, die toen wel kon en nu niet meer. Het CDA wil daar graag een reflectie op van de wethouder. De heer Van der Zweth (PvdA) merkt op dat in het bestemmingsplan de verhoging van het percentage sociaal ook al was opgenomen. Gaat de vraag van het CDA over de oppervlaktes?

40

De heer Stellinga (CDA) zegt dat hij het bestemmingsplan anders heeft gelezen, en heeft gezien dat het wel degelijk verhoogd is van 20 naar 35 procent. Hij vraagt om opheldering van de wethouder. De voorzitter schorst de vergadering voor enkele minuten. - Schorsing –

45

De voorzitter geeft het woord aan de wethouder voor de beantwoording van d vragen in de tweede termijn. 28

Wethouder Eerenberg gaat in op de kruising met de busbaan en geeft aan dat die blijft zoals het nu is. De heer Te Hoonte (VVD) heeft een punt van orde en verzoekt om de vergadering te schorsen. De voorzitter schorst de vergadering voor een minuutje. 5

- Schorsing – De voorzitter geeft de VVD het woord. De heer Te Hoonte (VVD) geeft aan dat hij zojuist ambtelijk een ander antwoord heeft gekregen dan wat de wethouder aangeeft, namelijk wel verplaatsen. Hij vraagt aan de wethouder om aan te geven hoe het zit.

10

Wethouder Eerenberg laat weten dat in de informatie die wordt nagezonden ook hier dieper op in zal worden gegaan. De wethouder heeft het beeld dat het kruisen van de busbaan zo blijft. Hij hoort de VVD nu zeggen dat de kruising in het concept-ontwerp op een andere plek zal komen. Wellicht zijn die twee zaken wel verenigbaar met elkaar. De wethouder merkt op dat hij niet precies weet wat de VVD met de ambtenaar heeft besproken.

15

De heer Te Hoonte (VVD) stelt voor dat dit in de brief wordt meegenomen, en dat de verkeersonderzoeken over de kruisingen worden meegestuurd. Wethouder Eerenberg meldt dat hij dat inmiddels had toegezegd.

20

25

30

35

40

45

Hij gaat verder met de beantwoording van de vragen van Volt. Hij geeft aan dat veel normen breder moeten worden gezien dan de postzegel van een buurt of een ontwikkeling. De mensen die in het Beurskwartier gaan wonen komen in een groene omgeving. Er is op heel veel andere plekken in de stad groen. De wethouder benadrukt dat dit een heel efficiënte manier is om mensen te laten wonen. Als woningen elders in Utrecht gerealiseerd zouden moeten worden zou dit veel meer grond kosten. Dat is ook onderdeel van de afweging. Betreffende de vraag van het CDA geeft de wethouder aan dat er 25 procent middenwoningen worden ontwikkeld. Het CDA vraagt om een knip te maken in die 25 procent tussen het huurdeel en het koopdeel. Er moet worden nagekeken wat er allemaal is afgesproken, dus ook hierop zal de wethouder schriftelijk terugkomen. Hij zegt toe dat als het mogelijk is om binnen het afgesproken segment een knip aan te leggen zonder consequenties voor het plan, dan zal het college dat doen. Het debat over meer middenhuur is in de eerste termijn en in de vragenronde aan de orde geweest. Er is meer sociale huur in het plan gekomen dan enkele jaren geleden het plan was, omdat de raad vroeg om meer sociale huur in het stationsgebied. Dat kan mogelijk gemaakt worden in dit plan.

De heer Stellinga (CDA) corrigeert zichzelf door aan te geven dat de overgang van 25 naar 30 in de overgang van de Omgevingsvisie naar het bestemmingsplan zit, en wordt daarna in dit stedenbouwkundig plan overgenomen. Het CDA blijft zitten met het feit dat er in deze overgangen wel een aanpassing kan worden gedaan in de hoeveelheid sociale huur, maar niet voor de middenhuur. Als raad zou het CDA graag willen bijsturen en wijzigingen kunnen aanbrengen. Het argument dat het daar nu te laat voor is wordt echter steeds gebruikt. Voor het CDA is een teruggang naar de tekentafel dan maar een optie. Wethouder Eerenberg zegt dat hij hetzelfde antwoord zal geven bij elke andere partij die hem vraagt of het aandeel sociaal omhoog kan. Het aandeel middenhuur kan best omhoog, maar dan moet er worden teruggegaan naar de tekentafel en dan moet worden bekeken of dat financiële consequenties heeft. De wethouder adviseert om dat niet bij dit project te doen, maar te bezien of de politieke doelen bij een ander project kunnen worden waargemaakt. Maar als u een raadsmeerderheid vindt om meer middenhuur te realiseren, dan is dat de nieuwe realiteit voor het college.

29

De heer Stellinga (CDA) vraagt wat het verschil is met de situatie die er was toen het bestemmingsplan Beurskwartier 1 werd vastgesteld. Toen is de knip namelijk wel gemaakt.

5

10

Wethouder Eerenberg antwoordt dat het proces toen een stap eerder was. Bovendien lag er een politiek debat aan ten grondslag, waarbij er een behoorlijke financiële bijdrage gedaan moest worden om meer sociale huur mogelijk te maken in dit gebied. De raad heeft toen de afweging gemaakt om dat te doen. De raad kan alles nog veranderen aan dit plan, maar de wethouder geeft aan dat hij dat niet verstandig vindt. De heer Stellinga (CDA) zegt dat hij dit argument ook altijd bij de vaststelling van omgevingsvisies krijgt, en dat is dan nog een stadium eerder. Hij vraagt zich af wat er nodig is, maar verwacht daarop geen antwoord. De heer Van der Zweth (PvdA) merkt op dat er voor de behandeling van dit agendapunt royaal over de tijd heen wordt gegaan. Er is de ambitie om de agendapunten 8, 9 en 11 ook in dit middagdeel te doen. Hij doet een collegiale oproep om dit agendapunt snel af te ronden. De voorzitter geeft het woord aan de wethouder voor de verdere beantwoording van de vragen.

15

20

Wethouder Eerenberg beantwoordt de vraag van D66 over het park. Naar verwachting zal het ontwerp van het park over een jaar klaar zijn. Dat wordt samen met huidige en nieuwe bewoners gemaakt. In dat ontwerp kan worden bekeken of het spelen en sporten er goed in is verwerkt. Dan wordt ook meer duidelijk over Croeselaan 91. Dit kan dan worden beoordeeld en eventueel worden geagendeerd. De wethouder somt op welke technische informatie wordt nagezonden: verkeer Van ZijstwegCroeselaan inclusief duurzaamheid, oversteek busbaan en locatie van deze oversteek, informatie over deelauto’s, woningaantallen inclusief vierkante meters. De voorzitter concludeert dat dit agendapunt hiermee is afgehandeld. Hij stelt voor om dit als Bpunt naar de raad te geleiden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=2dbdb1f5-21c8-4a1c-b660-d07221043b01