Agendabundel
Tekst van het document
Bundel van de Commissie Onderwijs, Werk en Economie van 4 november 2021
1 2 2.1 2.2 2.3
Opening Vaststellen van de agenda en agenderingen Vaststellen van de agenda van 4 november 2021 Vaststellen van de agenderingen (ingekomen agenderingen ) Geen. Agenderingen ter plaatse op basis van de lijst ingekomen raadsbrieven, ter informatie Compleet overzicht raadsbrieven commissie OWE d.d. 4 november 2021.docx
2.4
Lange Termijnagenda raadsvoorstellen - Najaar 2021 - met Prioritering Q1 en Q4 Lange Termijnagenda raadsvoorstellen - Najaar 2021 - met Prioritering Q1 en Q4.pdf
3
Verslagen Geen. Toezeggingen/Moties Lijst toezeggingen-moties-brieven OWE dd29 oktober 2021(inclusief voortgangsinformatie).pdf
4 5
Raadsbrief Plan van aanpak tegen stagediscriminatie mbo-studenten Wethouder: Verschuure, Beleidsterein: MBO Indicatieve behandeltijd: 90 minuten Geagendeerd door: Groen:Links (Melody Deldjou Fard) CU (Rachel Streefland), DENK (Mahmut Sungur), D66 (Mo Saiah) S&S (Myrthe van Mil) CDA (Bert Kos) , PvdA (Hester Assen). Met de motie 130 ‘Plan van aanpak tegen stagediscriminatie mbo-studenten’ van juli 2019 is het startsein gegeven voor een plan van aanpak stagediscriminatie, als onderdeel van het mbo uitvoeringsplan, ambitie 3: Gelijke kansen op de arbeidsmarkt. Tijdens de commissievergadering M&S van 25 juni 2020 is de toezegging (20/T178) gedaan om de raad in Q1 te informeren over de resultaten van het onderzoek naar stagediscriminatie, waarin mystery guests zouden worden betrokken. In opdracht van de GemeenteUtrecht en de mbo-instellingen heeft onderzoeksinstituut Verwey-Jonker dit onderzocht door middel van praktijktesten, diepte-interviews en enquêtes bij studenten en groepsgesprekken met onderwijsprofessionals en werkgevers. Zij hebben als eerste in Nederland objectief stagediscriminatie aangetoond. De resultaten en denkrichtingen zijn gedeeld in rapport Ongelijke kansen op de stagemarkt. Het onderzoek laat zien dat studenten van Utrechtse mbo-instellingen te maken hebben met discriminatie bij het zoeken naar een stage en tijdens de stage.
Discriminatie is een hardnekkig probleem. Het college is voornemens om het ‘Plan van aanpak tegen stagediscriminatie mbo-studenten’ verder vorm te geven. Agenderende fracties willen met de wethouder in gesprek om het onderzoeksrapport te bespreken. Ook willen zij de denkrichtingen van de verschillende politieke partijen meegeven als input voor de verdere uitwerking van het plan van aanpak. Hierbij zijn de volgende bespreekpunten belangrijk: Onderzoeksrapport Verwey-Jonker instituut; Plan van aanpak stagediscriminatie mbo; Rol van het college; Rol van onderwijsinstellingen en werkgevers; Concreet tijdspad om het plan te maken en uit te rollen Dossier 2198 voorblad Raadsbrief Gelijke kansen op de mbo-stagemarkt.pdf Onderzoeksrapport Ongelijke kansen op de stagemarkt.pdf
6
Winkelcentrum De Gaard Valetonlaan
Wethouders: Verschuure en Van Hooijdonk Beleidsterrein: Economie, Verkeer & mobiliteit, Wijkgericht werken & participatie Indicatieve behandeltijd: 60 minuten Agendeerders: VVD (Martijn van Dalen), CDA (Jantine Zwinkels), PvdA (Rick van der Zweth) en Stadsbelang Utrecht (Cees Bos)
6.1
Het winkelcentrum De Gaard in Tuindorp is na een langdurige verbouwing geopend. Het winkelcentrum is zo ingericht dat het winkelend publiek langs (lokale) winkels loopt richting de supermarkt. Voor een levendig winkelcentrum en het voortbestaan van (lokale) winkels is het nodig dat de stroom bezoekers langs deze winkels loopt. Hiervoor is ook de afspraak gemaakt dat 70% van het winkelend publiek via de hoofdingang door de passage naar de supermarkt loopt. De parkeerterreinen zijn hier ook op ingericht. Echter, er is gebleken dat een groot gedeelte van de bezoekers (50%) de achteringang neemt. Deze is dichter bij de ingang van de supermarkt. Dit leidt tot minder bezoekers via de hoofdingang en gaat ten koste van de zichtbaarheid van de (lokale) winkeliers. Daarnaast leidt dit tot parkeeroverlast bij de bewoners bij de achteringang (op de stoep parkeren, etc.). Het omdraaien van de rijrichting van de Valetonlaan is hiervoor een oplossing. Dat zorgt ervoor dat bezoekers op de grote (hiervoor bedoelde) parkeerterreinen parkeren, waardoor de grootste stroom bezoekers via de hoofdingang loopt (en kleinere winkels potentiële klanten kunnen ontvangen) èn er geen parkeeroverlast meer is bij de achteringang. Hiervoor hebben een groot aantal partijen een RIB met betrokkenen georganiseerd en zij willen nu over de oplossing in debat. Het college weigert deze oplossing uit te voeren.
Doel van de commissiebehandeling is om in een debat onderling argumenten hierover uit te wisselen, met als doel ondernemers en inwoners te helpen. SV 2021 nr. 52 Omdraaien rijrichting Valetonlaan simpele oplossing voor betere vitaliteit winkelcentrum De Gaard (met antwoord) Dossier 2199 voorblad Beantwoording SV 2021 nr 52 over Omkeren rijrichting Valetonlaan.pdf
7
De antwoorden van de schriftelijke vragen ‘Meedenken bij of tegenhouden van initiatieven’ (2021, nr. 196) Beleidsterrein: Economie Wethouder Verschuure Indicatieve behandeltijd: 90 minuten Agendeerders: ChristenUnie (Jan Wijmenga), VVD (Dimitri Gilissen), D66 (Maarten Koning), PVV (Henk van Deún), CDA (Jantine Zwinkels) en PvdA (Rick van der Zweth), Fred Dekkers (GroenLinks) De fracties van de ChristenUnie, VVD, D66, PVV, CDA, PvdA en GroenLinks willen naar aanleiding van de beantwoording van de schriftelijke vragen ‘Meedenken bij of tegenhouden van initiatieven’ (2021, nr. 196) en ‘stop met spelbreken, laten we poffertjes eten’ (2021, nr. 208) graag in debat met het college over de invulling van profiel 12 uit het Horecakader. Het college legt dit profiel heel beperkt uit, waardoor initiatieven nu snel buiten de boot vallen. De fracties willen met het college in gesprek over de voorwaarden die aan profiel 12 gekoppeld zijn, of hier versoepeling in mogelijk is, en in algemene zin willen zij ook in debat over de wijze waarop met initiatieven van ondernemers omgegaan wordt. De fractie van GroenLinks wil graag in gesprek of lichte horeca op deze locatie kan (via de regeling voor lichte horeca in de wijken) en wil daarbij de Ontwikkelvisie voor het Noorderpark betrekken. Beantwoording SV2021 nr 196 over Meedenken bij of tegenhouden van initiatieven.pdf
8
Raadsbrief Toezegging maatschappelijke banen, nieuwe instrumenten en ontwikkelingen Wethouder Voortman, Beleidsterrein: Werk en Inkomen Indicatieve tijd: 75 minuten Geagendeerd door: PvdA (Van der Zweth), GroenLinks (Kleinrensink), PVV (Van Deun) en SP (Wiegant) De fracties agenderen graag de raadsbrief Toezegging maatschappelijke banen en nieuwe instrumenten, Dashboard W&I 2021-Q2 en voortgangsrapportage Werkbeweging 2021-04 voor de commissie. Doel van de agendering is het bespreken van de mogelijkheden voor het creëren van werk voor mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt. De fracties willen graag ideeën uitwisselen m.b.t. de mogelijkheden om mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt naar werk te begeleiden. Dit gaat o.a. over extra inspanningen rondom de Banenafspraak, de inzet op nieuw beschut werk, de mogelijkheid om bestaande instrumenten (zoals loonkostensubsidie) anders in te zetten en basisbanen. Het college heeft regionaal en landelijk onderzoek gedaan naar het vormgeven van de business case om maatschappelijke banen (ofwel basisbanen) te creëren en stelt dat het creëren van maatschappelijke banen op dit moment geen haalbare kaart is, vooral vanwege financiële belemmeringen. De agenderende fracties zijn van mening dat de gemeente er alles aan moet doen om mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt aan het werk te helpen.
Basisbanen zijn daar een uitstekend instrument voor. De agenderende fracties willen bespreken op welke manier het, los van een landelijke stelselwijziging, mogelijk is om in Utrecht basisbanen te creëren. Ook spreken de fracties graag over de mogelijkheden om gedeeltelijk te gaan werken en welke stappen hier verder in gezet kunnen worden om belemmeringen voor mensen hierop weg te nemen. Raadsbrief Toezegging maatschappelijke banen en nieuwe instrumenten.pdf Bijlage Context_ Lokaal Onderzoek_ landelijke ontwikkelingen_ businesscase.pdf
Raadsbrieven 30 augustus tot en met 10 oktober 2021 Nr.
Ontvangstdatum
Beleidsveld
Onderwerp
1
07-10-2021
Economische Zaken
Raadsbrief Opdrachtverlening Utrecht Marketing 2022-2025
2
01-10-2021
Economische Zaken
Raadsbrief Burgeragendering evenementengeluid
3
16-09-2021
Economische Zaken
Raadsbrief Vangnet kwetsbare ondernemers OZB-verhoging
4
02-09-2021
Economische Zaken
Raadsbrief Uitwerking maatregelenpakket 3 - nadere regels
Aandachtspunt
omscholing en marktgroepen Nr.
Ontvangstdatum
Beleidsveld
Onderwerp
5
30-09-2021
Onderwijs
Raadsbrief Herzien besluit sloop Rubenslaan
6
30-09-2021
Onderwijs
Raadsbrief Sociaaleconomische segregatie in het onderwijs
7
30-09-2021
Onderwijs
Raadsbrief Stand van zaken huisvesting International School
8
30-09-2021
Onderwijs
Raadsbrief Voortgang Aanmeldbeleid
9
29-09-2021
Onderwijs
Raadsbrief Resultaten gesprek over seksuele intimidatie in het
10
29-09-2021
Onderwijs
Raadsbrief Voortgang Plan van Aanpak Rekenkamerrapport 'Leren
11
16-09-2021
Onderwijs
Raadsbrief Stand van zaken binnenklimaat schoolgebouwen
12
09-09-2021
Onderwijs
Raadsbrief Toename personeelstekort primair onderwijs
13
31-08-2021
Onderwijs
Raadsbrief Voortgang aanbevelingen raadstoets onderwijs
Nr.
Ontvangstdatum
Beleidsveld
Onderwerp
14
22-09-2021
Werk en inkomen
Raadsbrief Aanpak maatregelenpakket 3 – nadere regel
Utrecht en X11
onderwijs
om mee te kunnen doen'
stimulering inkomsten- & bestaanszekerheid Utrechtse Ondernemers
15
14-09-2021
Werk en inkomen
Aandachtspunt
Raadsbrief Dashboard Werk en Inkomen tweede kwartaal 2021
Aandachtspunt
2.4 Lange Termijnagenda raadsvoorstellen - Najaar 2021 - met Prioritering Q1 en Q4 1 Lange Termijnagenda raadsvoorstellen - Najaar 2021 - met Prioritering Q1 en Q4.pdf
Prioritering raadsvoortellen -> raadsbesluit Q4 2021 + raadsbesluit Q1 2022 Voorstellen die al in de commissie zijn behandeld met prioritering voor novemberraad
Voorstellen met fatale termijn: wettelijke termijn of ver strekkende juridische, maatschappelijke, financiële gronden als de termijn niet gehaald wordt Voorstellen met urgentie : uit maatschappelijk oogpunt zeer gewenst Voorstellen dringend gewenst Aan de raad Voorstellen met samenhang inwerkingtreding omgevingswet
Beleidsveld
Onderwijs
Portefeuillehouder Onderwerp raadsvoorstel
Anke Klein
Financiering Nieuwbouw ISU op Science park
Aanbieden door B&W
Commissie behandeling
Raads behandeling
Planning Najaar 2021
Planning Najaar 2021
Planning Najaar 2021
2021-4
2022-1
2022-1
Toelichting prioriteit
Prioriteit Urgent Q1
Al cofinanciering beschikbaar komt, is snelle besluitvorming voor realisatie dringend gewenst.
Lijst toezeggingen-moties-brieven OWE dd29 oktober 2021(inclusief voortgangsinformatie) nummer datum agendapunt portefeuille onderwerp
streefdatum, antwoord, stavaza
(8/616) 21/T403
Vragenuur 02-09- Vragen van de heer Van Economische 21 Heuven (PvdD) inzake vliegen Zaken naar de regio Utrecht
Wethouder Verschuure zegt toe dat de kaart op de website van Utrecht Region zal worden aangepast.
28-01-22 (antwoord niet aangegeven)
(58/616) 21/T355
Raad 08-07-21
Wethouder Verschuure zal de raad eind 2021 laten weten 31-12-21 hoe de regeling voor de zes genoemde kwetsbare (antwoord niet aangegeven) winkelgebieden werkt en of het dan mogelijk is de regeling uit te breiden naar meer winkelgebieden.
(93/616) 21/T322
cie. S&R 01-07-21 Raadsbrief Utrecht Marketing Economische Zaken
De wethouder zegt toe om in 2023 de opdracht met UM te evalueren en die te bespreken met de raad (Q1 2024).
(102/616) 21/T313
cie. M&S 23-0621
VJN 2021
Economische Zaken
De wethouder komt eind 2022 met een evaluatie van de 30-12-22 buurtconciërge richting de raad en neemt in deze brief ook (antwoord niet aangegeven) een quick scan mee van de uitkomsten van de aanpak van de kwetsbare winkelgebieden en of deze verbreed moet worden.
(103/616) 21/T312
cie. M&S 23-0621
VJN 2021
Economische Zaken
De wethouder komt bij de begroting met een uitwerkingsvoorstel van de compensatieregeling OZB.
(175/616) 21/M233
Raad 15-07-21
9 Debat Utrecht Marketing
Economische Zaken
M233 Een herkenbare naam voor alle activiteiten en doelen van Utrecht Marketing
(304/616) 21/M51
Raad 25-03-21
raadsvoorstel Aanvullende bijdrage La Vuelta Holanda
Economische Zaken
M51 Geen extra bijdrage naar Vuelta
4 Toezeggingen/Moties 1 Lijst toezeggingen-moties-brieven OWE dd29 oktober 2021(inclusief voortgangsinformatie).pdf
Voorjaarsnota 2021 en 1e Bestuursrapportage 2021
Economische Zaken
29-03-24 (antwoord niet aangegeven)
13-09-21 Afgerond met het versturen van de raadsbrief 'Vangnet kwetsbare ondernemers OZB-verhoging' op 16 september 2021 met kenmerk 9248199. 16-12-21 (stand van zaken) In de brief 'Opdrachtverlening Utrecht Marketing 2022-2025' verstuurd op 7 oktober jl. (kenmerk 4913409/ 2021.10.05.DA) is aangegeven dat ná de verificatievergadering in november het jaarplan 2021 van Utrecht Marketing ter informatie aan de raad wordt gestuurd. Dit jaarplan wordt op 19 november besproken met de wethouders Klein en Verschuure. Zo snel mogelijk na 19 november maar uiterlijk 10 december wordt het jaarplan naar de raad gestuurd. 30-09-21 (stand van zaken) Er wordt een zevende tussenrapportage voorbereid waarin ook een paragraaf risicomanagement wordt opgenomen. Motie kan daarmee worden afgedaan. Verwachting oplevering tussenrapportage begin 2022 (zie brief "zesde kwartaalrapportage La Vuelta Holanda" verstuurd aan de raad op 13-10 met als kenmerk 9325192).
Lijst toezeggingen-moties-brieven OWE dd29 oktober 2021(inclusief voortgangsinformatie) nummer datum agendapunt portefeuille onderwerp RV Voortzetting Economische Wijkontwikkelmaatschappij Zaken Noordwest en collegevoorstel Intentieovereenkomst
streefdatum, antwoord, stavaza
(369/616) 20/M458
Raad 17-12-20
(417/616) 20/T459
cie. S&R 18-11-20 Programmabegroting 2021
(432/616) 20/T409
cie. S&R 12-11-20 Raadsvoorstel Voortzetting Economische Wijkontwikkelmaatschappij Zaken Noordwest en collegevoorstel Intentieovereenkomst
De wethouder zegt toe een evaluatie over 5 jaar (ook van het 28-11-25 instrument wom) uit voeren en op te nemen in het (antwoord niet aangegeven) (aangepaste en met de raad gedeelde) bedrijfsplan (met de nieuwe partners).
(433/616) 20/T408
cie. S&R 12-11-20 Raadsvoorstel Voortzetting Economische Wijkontwikkelmaatschappij Zaken Noordwest en collegevoorstel Intentieovereenkomst
De wethouder zegt toe het aangepaste bedrijfsplan van de WOM NW in april 2021 aan de raad toe te sturen
30-09-21 (stand van zaken) Momenteel lopen er vergevorderde gesprekken met een nieuwe partner. Al met al heeft dit meer tijd nodig gehad dan voorzien (corona). Om het beleid voor de komende jaren te bepalen, is input van en afstemming met nieuwe aandeelhouder(s) wenselijk. Naar verwachting zal dit tweede helft van dit jaar afgerond kunnen worden, en zal het bedrijfsplan in Q4 aan de raad gezonden worden.
(494/616) 20/T242
Raad 16-07-20
M229 Utrecht verklein het risico op een nieuwe pandemie
31-07-21 (stand van zaken) Het Rijk is bezig een expertteam op te richten en vervolgens een rapport over dit onderwerp samen te stellen. Zodra dat rapport er is kunnen we interpreteren wat een lokale vertaling zou kunnen zijn. We verwachten dat het rapport van het Rijk in Q4 beschikbaar komt.
Kaderbrief
Economische Zaken
Economische Zaken
M458 Wijkontwikkelingsmaatschappij tijdig evalueren en versterken met partners
31-12-21 (stand van zaken) We zullen deze motie beantwoorden bij het versturen van het Bedrijfsplan (zie toezegging 20/T408) in Q4 van dit jaar.
De wethouder zegt toe dat hij in Q2 2021 via een raadsbrief de raad informeert over de uitwerking KPI over de maatschappelijke meerwaarde
30-09-21 (stand van zaken) De ROM Regio Utrecht rapporteert voor het eerst in het jaarverslag over 2021 over de impact van de investeringen op brede welvaart. Het jaarverslag wordt eind Q2 2022 gepubliceerd en naar de gemeenteraad gestuurd. Hiernaast ontwikkelt de ROM een aanvullende prestatieindicator die past bij het thema brede welvaart. Deze prestatie-indicator wordt opgenomen in het jaarplan voor 2023, dat in december 2022 naar de gemeenteraad wordt gestuurd.
Lijst toezeggingen-moties-brieven OWE dd29 oktober 2021(inclusief voortgangsinformatie) nummer datum agendapunt portefeuille onderwerp Raad 09-07-20
Actule moties
Economische Zaken
(381/616) 20/T560
Raad 03-12-20
Programmabegroting 20212024
Middelbaar M405 Meer MBO stageplekken Beroepsonderwijs
(420/616) 20/T439
cie. M&S 18-1120
Programmabegroting 2021
Middelbaar T.a.v. de buurtteams en het ROC en inzet van de regio hierbij, 01-12-21 Beroepsonderwijs informeert de wethouder (samen met wethouder Eerenberg) (antwoord niet aangegeven) de raad najaar 2021 over hoe de gesprekken met de regio zijn verlopen.
(510/616) 20/T178
cie. M&S 25-0620
Aanpak racisme en discriminatie
Middelbaar De wethouder zegt toe mbt MBO stages de raad in Q1 2021 Beroepsonderwijs te informeren over de resultaten van een onderzoek dat na de zomer start. Hierin worden mystery guests betrokken.
(606/616) 18/M93
Raad 05-07-18
VJN 2018 / Jaarrekening 2017 Middelbaar M 93 MBO-Campus Lage Weide Beroepsonderwijs
(50/616) 21/T364
Raad 08-07-21
Voorjaarsnota 2021 en 1e Bestuursrapportage 2021
Onderwijs
M140 soepele vergunningen bij versoepelingen
streefdatum, antwoord, stavaza
(508/616) 20/M140
wethouder Klein zal de coördinatie op zich nemen van het aantrekken en begeleiden van zij-instromers en nieuwe instromers in het onderwijs, te beginnen met informatievoorziening op een centrale plek, uiterlijk in november, maar zo mogelijk eerder.
31-12-20 In de antwoorden van SV 158 is in het antwoord op vraag 2,3 en 4 (en deels vraag 5) aangegeven hoe we invulling geven aan deze motie (doen wat mogelijk is en staan in contact met de evenementenbranche, maar we blijven gebonden aan de epidemiologisch ontwikkelingen, wetgeving en capaciteit van nood en hulpdiensten). Voorbeelden van de ruimte die we zoeken zijn de EK schermen (antwoord vraag 5) en de UTrechtse Introductietijd (UIT) (zie brief in de bijlage). Daarmee voldoen we aan de motie zoals in de raad is vastgesteld.
27-05-21 (antwoord niet aangegeven)
09-09-21 (stand van zaken) In de voortgangsrapportage behorend bij de brief van 7 april 2021 met als kenmerk 8705773 is de raad geïnformeerd dat het onderzoek is uitgevoerd en dat de resultaten van dit onderzoek met de raad worden gedeeld in Q2, 2021. 04-07-19 (stand van zaken) Op 5 juli 2019 heeft de raad het eindrapport haarbaarheidsonderzoek ontvangen bij de aanbiedingsbrief met kenmerk 6485500. Daarnaast is in de voortgangsrapportage die op 7 april 2021 is aangeboden bij de brief met kenmerk 8705773, informatie opgenomen van aanvullende activiteiten naar het onderzoeken van de mogelijkheden voor een mbo campus op lage weide. Daarmee is de raad geïnformeerd en is deze motie afgehandeld. 30-11-21 Deze toezegging is beantwoord met brief met kenmerk 9361757 verzonden op 27 oktober 2021
Lijst toezeggingen-moties-brieven OWE dd29 oktober 2021(inclusief voortgangsinformatie) nummer datum agendapunt portefeuille onderwerp
streefdatum, antwoord, stavaza
(51/616) 21/T363
Raad 08-07-21
Voorjaarsnota 2021 en 1e Bestuursrapportage 2021
Onderwijs
Wethouder Klein zal samen met de partners in de Utrechtse onderwijsagenda in Q4 met voorstellen komen om de staat van het onderwijs te monitoren en vervolgstappen te zetten, als dit lukt in de tijd. Ze zal in ieder geval een update geven voor de begrotingsbehandeling
(107/616) 21/T308
cie. M&S 23-0621
VJN 2021
Onderwijs
(108/616) 21/T307
cie. M&S 23-0621
VJN 2021
Onderwijs
De wethouder gaat in een brief in op de inbedding van de 25-10-21 brede schoolacademie in het regulier onderwijs en als vervolg Deze toezegging is beantwoord met de raadsbrief over het de wijze waarop het nu wordt ingezet in het voortgezet Nationaal programma Onderwijs van 6 juli 2021 onderwijs. De wethouder kijkt samen met wethouder Eerenberg hoe ze 23-05-22 vanaf de Voorjaarsnota 2022 de Multifunctionele (antwoord niet aangegeven) accommodaties (MFA’s) bij Onderwijs inzichtelijk kan maken.
(193/616) 21/LIS47
Raad 14-07-21
Onderwijs
LIS raad 15 juli 2021. ISU Parents Passende tijdelijke en 25-08-21 permanente huisvesting voor de International School Utrecht. Antwoordbrief is op 30 september 2021 verzonden. Afschrift Raad ontvangt een afschrift van het antwoord. aan de raad is op 8 oktober 2021 verzonden.
(194/616) 21/LIS46
Raad 14-07-21
Onderwijs
(263/616) 21/T171
cie. M&S 29-0421
Onderwijsachterstanden als gevolg van Corona;
Onderwijs
(264/616) 21/T170
cie. M&S 29-0421
Onderwijsachterstanden als gevolg van Corona;
Onderwijs
LIS raad 15 juli 2021. NUOVO over spoedaanvraag in de zin 25-08-21 van artikel 19 van de Verordening Voorzieningen Huisvesting (stand van zaken) Deze spoedaanvraag wordt volgens de Onderwijs Gemeente Utrecht iz uitbreiding van de huisvesting verordening opgepakt. We zullen de raad hierover bij de volgende voortgangsrapportage onderwijshuisvesting van X11. Raad ontvangt een afschrift van het antwoord. berichten. De raad ontvangt in het 3e kwartaal van 2021 de 30-09-21 voortgangsrapportage Utrecht Leert! Deze voortgangsrapportage is verzonden op 27 oktober, en heeft kenmerk 9361757 Het college informeert de raad in het 3e kwartaal van 2021 30-09-21 over de uitkomsten van onderzoek dat de Universiteit Utrecht (stand van zaken) Het onderzoek van Oberon en UU heeft in opdracht doet naar de effecten van de manier van lesgeven vertraging opgelopen. Hiermee is afdoening voor eind derde in de lockdown. In deze brief komt ze ook terug op hoe de kwartaal niet mogelijk. Verzoek dit op te schuiven naar eind gemeente weet hoe de ontwikkeling van leerlingen gaat en vierde kwartaal hoe we als gemeente daarop kunnen acteren. Naar aanleiding van de gesprekken die de gemeente met kleinere schoolbesturen voert over de wenselijkheid van ondersteuning van de gemeente (antwoorden op SV 202195), gaat het college in de brief ook in op wat voor hen wordt gedaan en of dit lukt
(279/616) 21/T157 (294/616) 21/T136
Raad 20-05-21
Uitvoeringsplan Utrechtse Kindcentra LIS raad 8 april 2021
Onderwijs
Raad 08-04-21
Onderwijs
M74 Een brede school moet ook een kindcentrum kunnen worden Het college informeert de raad na het zomerreces 2021 opnieuw over de stand van zaken ten aanzien van het binnenklimaat van schoolgebouwen.
05-11-21 (stand van zaken) In de brief met kenmerk 9395535 van 27 oktober is een update gegeven. Verdere berichtgeving volgt in Q2 van 2022. Graag datum aanpassen.
31-12-21 (antwoord niet aangegeven) 16-09-21 beantwoord met de raadsbrief van 16-09-2021 over "stand van zaken binnenklimaat scholen"
Lijst toezeggingen-moties-brieven OWE dd29 oktober 2021(inclusief voortgangsinformatie) nummer datum agendapunt portefeuille onderwerp
streefdatum, antwoord, stavaza
(315/616) 21/T105
Raad 18-02-21
Raadsvoorstel Gemeentelijke Onderwijs bijdrage aan een stedelijk aanmeldbeleid basisonderwijs.
Wethouder Klein zal in de eerste evaluatie meenemen of er differentiatiemogelijkheden zijn tussen scholen die gericht zijn op de buurt en scholen die gericht zijn op de hele stad.
18-03-22 (antwoord niet aangegeven)
(316/616) 21/T103
Raad 18-02-21
Raadsvoorstel Gemeentelijke Onderwijs bijdrage aan een stedelijk aanmeldbeleid basisonderwijs.
Wethouder Klein zal de relatie tussen het aanmeldbeleid en de huisvestingsvraag goed in de gaten houden en de raad hierover blijven informeren.
18-03-22 (antwoord niet aangegeven)
(320/616) 21/T95
Raad 21-01-21
Verordening huisvesting scholen
Onderwijs
31-03-22 beantwoord in brief 8967311
(321/616) 21/T94
Raad 21-01-21
Verordening huisvesting scholen
Onderwijs
Wethouder Klein zal in de voortgangsrapportage de consequentie te laten zien als de telling voor het bijzonder onderwijs op 1 oktober blijft staan. Wethouder Klein zal bij nieuwbouw en renovatie specifiek melden hoe het diervriendelijk bouwen wordt toegepast en daaraan ook aandacht besteden in de tweejaarlijkse voortgangsrapportages
(322/616) 21/T93
Raad 21-01-21
Verordening huisvesting scholen
Onderwijs
Wethouder Klein zal in het eerste kwartaal van dit jaar de raad informeren over het verbeteren van het binnenklimaat in de bestaande schoolgebouwen, het onderhoud van de ventilatiesystemen en de controle daarop.
(323/616) 21/T92
Raad 21-01-21
Verordening huisvesting scholen
Onderwijs
(324/616) 21/T91
Raad 21-01-21
Verordening huisvesting scholen
Onderwijs
Wethouder Klein zal met de schoolbesturen in gesprek blijven 31-03-22 over het gebruik van gymzalen in de avonduren en de (antwoord niet aangegeven) weekenden en daarover terugkoppelen in de voortgangsrapportage. Wethouder Klein zal in de tweejaarlijkse 31-03-22 voortgangsrapportages over onderwijshuisvesting concreet (antwoord niet aangegeven) ingaan op het dubbelgebruik van schoolgebouwen
(325/616) 21/T90
Raad 21-01-21
Verordening huisvesting scholen
Onderwijs
Wethouder Klein zegt toe de gedeelde visie makkelijker vindbaar en makkelijker leesbaar te maken op de website.
(333/616) 21/M40
Raad 18-02-21
RV Gemeentelijke bijdrage aan Onderwijs een stedelijk aanmeldbeleid basisonderwijs
M40 Maak werk van segregatiemonitor primair onderwijs
(341/616) 21/T61
cie. M&S 11-0221
Raadsvoorstel Gemeentelijke Onderwijs bijdrage aan een stedelijk aanmeldbeleid basisonderwijs
31-03-22 beantwoord met brief 8967311
31-03-21 Datum is aangepast in toezegging t136.
31-12-21 (antwoord niet aangegeven)
31-10-21 (stand van zaken) Zie ook raadsbrief over sociaal economische segregatie van 30-9-2021. Datum aan passen naar eind Q4 2021 De eerste evaluatie/monitoring van het aanmeldbeleid is een 30-09-22 jaar nadat het aanmeldbeleid gestart is. De raad wordt daar (antwoord niet aangegeven) dan over geïnformeerd
Lijst toezeggingen-moties-brieven OWE dd29 oktober 2021(inclusief voortgangsinformatie) nummer datum agendapunt portefeuille onderwerp
streefdatum, antwoord, stavaza
(342/616) 21/T60
cie. M&S 11-0221
Raadsvoorstel Gemeentelijke Onderwijs bijdrage aan een stedelijk aanmeldbeleid basisonderwijs
Ten aanzien van het aanmeldbeleid informeert het college de 01-10-21 raad na de zomer van 2021 over hoe de verkenning loopt en (antwoord niet aangegeven) hoe het contact verloopt tussen organisaties (zoals Centra voor jeugd en gezin) en jonge ouders en hoe dit verder wordt vormgegeven.
(348/616) 21/T50
Raad 04-02-21
Raadsbrief Stand van zaken Rubenslaan
Onderwijs
Een aantal varianten van het schoolgebouw aan de Rubenslaan wordt nader onderzocht. Het college verwacht het eindadvies in het 2e kwartaal van 2021.
(353/616) 21/LIS7
Raad 28-01-21
Onderwijs
29-10-21 LIS raadsvergadering 4 februari 2021. Mevrouw L. H. over buurtinitiatief Rubenslaanschool. Behandeladvies griffie: ter (stand van zaken) wordt meegenomen in beantwoording van afdoening in handen stellen van het college. De raad ontvangt T50, daarmee ook verzoek om deze datum op te schuiven een afschrift van het antwoord. naar eind oktober 2021
(418/616) 20/T445
cie. M&S 18-1120
Programmabegroting 2021
Onderwijs
De wethouder komt in de eerste helft van 2021 met een raadsbrief met een verkenning naar de middelen vanuit het 3e pakket voor onderwijsachterstanden. Hierin wordt ingegaan op inzet op het extra omscholen en matchen van mensen.
30-06-21 Deze toezegging is beantwoord met de brief over maatregelpakket 3 van 8 april 2021 met kenmerk 8694509
(487/616) 20/M199
Raad 16-07-20
Jaarstukken 2019
Onderwijs
M199 Overnemen aanbevelingen raadstoets onderwijs
(496/616) 20/T235 (500/616) 20/T223
Raad 16-07-20
Kaderbrief
Onderwijs
M210 Motie Laat ieder kind digitaal mee doen
Raad 09-07-20
Aanpak racisme en discriminatie
Onderwijs
M149 Geef structureel aandacht aan het koloniale (slavernij)verleden in het onderwijs
30-09-21 Deze motie is uitgevoerd door middel van raadsbrief 9044388 over "voortgang aanbevelingen raadstoets" van 31 augustus 2021 01-10-21 (antwoord niet aangegeven) 31-08-21 (stand van zaken) graag datum aanpassen naar 31-8-2021
(541/616) 20/M36
Raad 06-02-20
Utrechtse Onderwijsagenda
Onderwijs
M36 Aanpak onder- en overadvisering in het onderwijs
(607/616) 18/T144
cie. M&S 19-0618
VJN 2018 - Tienercollege
Onderwijs
(49/616) 21/T365
Raad 08-07-21
Voorjaarsnota 2021 en 1e Bestuursrapportage 2021
29-10-21 (stand van zaken) graag datum aanpassen naar eind oktober. Onderzoek door extern bureau wordt bijna afgerond (is aan raad gecommuniceerd in brief 8835523
30-09-21 (stand van zaken) Het onderzoek van partijen betrokken bij de povo-procedure rond over- en onderadvisering loopt, verzoek om datum op te schuiven naar december 2021
De wethouder onderzoekt in hoeverre het Tienercollege 01-11-21 segregatie tegengaat en stuurt hierover voor eind 2018 een (stand van zaken) graag datum aanpassen naar 31-10-2021 brief naar de raad. 31-12-21 Werk en Inkomen Wethouder Voortman zal meer aandacht te hebben voor jongeren die geraakt zijn door corona en/of schulden en de (antwoord niet aangegeven) raad daarover op de hoogte houden via de dashboardbrieven.
Lijst toezeggingen-moties-brieven OWE dd29 oktober 2021(inclusief voortgangsinformatie) nummer datum agendapunt portefeuille onderwerp
streefdatum, antwoord, stavaza
(75/616) 21/T340
cie. M&S 06-0721
Jaarstukken 2020
Werk en Inkomen - De raad in het dashboardbrief W&I over Q4 2021 te 31-03-22 informeren wat we in Utrecht doen om jongeren te bereiken (antwoord niet aangegeven) die aanspraak kunnen maken op de bijstand en/of werkloos zijn (tot 27 jaar specifiek) en dit ook op te nemen in de jaarstukken 2021. - De raad in het dashboardbrief W&I over Q4 2021 (in Q1 2022) te informeren omtrent de inzet van het werkgeversinstrumenten (genomen maatregelen).
(85/616) 21/T330
cie. M&S 01-0721
Raadsvoorstel Visie Digitale Stad 2021-2025
31-12-21 Werk en Inkomen In de dashboardbrief Werk en Inkomen Q4 2021 zal de wethouder aandacht besteden aan de mogelijkheden om (antwoord niet aangegeven) internetaansluitingen toegankelijk te maken voor iedereen. Tevens zal de wethouder de raad in deze brief infomeren over de resultaten van de rondgang langs providers.
(104/616) 21/T311
cie. M&S 23-0621
VJN 2021
Werk en Inkomen De wethouder komt in Q3 2021 in een brief bij de raad terug 30-09-21 op het convenant over beschermingsbewind. (stand van zaken) Bij deze toezegging is iets misgegaan. Het convenant is nog in conceptfase en nog niet voorgelegd aan de beoogd convenantpartners. Hierin is geen vertraging ontstaan, dit is altijd al de planning geweest. Bovendien leent dit onderwerp zich eerder voor terugkoppeling in de dashboardbrief van q4, dan dat hier een aparte raadsbrief aan wordt gewijd.
(105/616) 21/T310
cie. M&S 23-0621
VJN 2021
13-09-21 (antwoord niet aangegeven)
(177/616) 21/LIS48
Raad 21-07-21
Werk en Inkomen De wethouder komt in de tweede BERAP terug bij de raad met een rapportage over de effecten van de investeringen in maatregelenpakket 3 Werk en Inkomen LIS raad 16/9 OV-servicewinkel Qbuzz over U pas en ov chipkaart. Raad ontvangst een afschrift van het antwoord.
(207/616) 21/T229
Raad 08-07-21
5. Voorjaarsnota 2021 en 1e Bestuursrapportage 2021
Werk en Inkomen M190 Sterke lobby voor afschaffing of bijstelling van kostendelersnorm
23-12-21 (antwoord niet aangegeven)
(269/616) 21/T162
Raad 08-04-21
Initiatiefvoorstel Krijgen waar Werk en Inkomen Wethouder Voortman zal terugkomen op de financiële 23-07-21 je recht op hebtagendapunt) (antwoord niet aangegeven) gevolgen van het voorstel, waaronder het prijskaartje dat mogelijk zal hangen aan de routekaart en het verder invoeren van premediation.
(270/616) 21/T161
Raad 08-04-21
Initiatiefvoorstel Krijgen waar Werk en Inkomen Wethouder Voortman zal in de routekaart meenemen dat in je recht op hebt. brieven altijd een duidelijke plek wordt genoemd waar mensen terechtkunnen.
23-07-21 (antwoord niet aangegeven)
(271/616) 21/T160
Raad 08-04-21
Initiatiefvoorstel Krijgen waar Werk en Inkomen Wethouder Voortman zal schriPelijk terugkomen op het niet je recht op hebt. naleven van de beslagvrije voet.
23-07-21 (antwoord niet aangegeven)
23-09-21 (antwoord niet aangegeven)
Lijst toezeggingen-moties-brieven OWE dd29 oktober 2021(inclusief voortgangsinformatie) nummer datum agendapunt portefeuille onderwerp
streefdatum, antwoord, stavaza
(296/616) 21/T129
cie. M&S 01-0421
Raadsvoorstel Wijziging Verordening U-pas
Werk en Inkomen De wethouder zegt toe dat de in de dashboardbrief in het 4e 31-12-21 kwartaal van 2021 aan de raad terugkoppelt wat de effecten (antwoord niet aangegeven) van de invoering van het gezinstegoed zijn.
(456/616) 20/T363
Raad 18-03-20
Beantwoording SV 2020, nr. 041 over Toekomst van UW
Werk en Inkomen Het ondernemingsplan UW loopt t/m december 2022. Wij zullen in Q4 -2021 uw raad opnieuw informeren over de voortgang en actuele ontwikkelingen. Het nieuwe ondernemingsplan zal uw raad in Q3-2022 ontvangen.
(492/616) 20/T251
Raad 23-01-20
LIS / Raadsbrief Interventieproject Wijkgerichte aanpak Overvecht
Werk en Inkomen De wethouder zal na afloop van het interventieproject 02-08-21 Wijkgerichte aanpak Overvecht ( naar verwachting eind 2e (stand van zaken) Door de verlenging van de lockdown, kwartaal 2021 informeren over de behaalde projectresultaten hebben er sinds maart 2020 nog geen huisbezoeken plaatsgevonden en staat het project tot nadere orde on hold.
(495/616) 20/T241
Raad 16-07-20
Kaderbrief
Werk en Inkomen M226 Geen sollicitatieplicht maar omscholing
14-10-21 (stand van zaken) De Raad zal de voortgangsrapportage eind november/ begin december 2021 ontvangen.
01-06-21 In de op 14 september 2021 gepubliceerde Raadsbrief Dashboardbrief WenI tweede kwartaal is opgenomen: "Omscholing richting toekomstbestendige beroepen: Voor de invulling van motie M226 Geen sollicitatieplicht maar omscholing verwijzen wij u naar de raadsbrief Uitwerking maatregelenpakket 3 – nadere regels omscholing en marktgroepen d.d. 2 september 2021 (Kenmerk: 9204963). Per september zijn er twee subsidieregelingen van kracht die er op gericht zijn meer mensen te laten instromen in toekomstbestendige sectoren. Enerzijds door initiatieven vanuit werkgevers en onderwijs te steunen en anderzijds door inwoners van Utrecht te helpen bij hun overstap naar ander werk met persoonlijk advies en ondersteuning in (opleidings)kosten. De regelingen hebben als doel om de mismatch te verkleinen tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt. Binnen de begeleiding is aandacht voor de stappen richting toekomstbestendig werk en wordt in een gesprek met de werkzoekende gekeken wat voor deze persoon de meest passende route naar werk is. We werken hierbij vanuit vertrouwen. Zolang iemand scholing volgt dan heeft dat prioriteit en richten we ons op het volgen van de opleiding en niet op het naleven van de sollicitatieplicht."
Lijst toezeggingen-moties-brieven OWE dd29 oktober 2021(inclusief voortgangsinformatie) nummer datum agendapunt portefeuille onderwerp
streefdatum, antwoord, stavaza
(539/616) 20/T36
cie. M&S 13-0220
Handhaving Werk en Inkomen Werk en Inkomen De wethouder zegt toe dat zij na afloop van het project een 26-07-21 onafhankelijk onderzoek uit laat voeren waarin ook een (stand van zaken) In verband met de lockdown -waardoor maatschappelijke kosten (en baten) analyse uitgevoerd wordt het LSI project on hold staat, staat ook de en naar de schaalbaarheid en toepasbaarheid in andere planning/organisatie van het onafhankelijke onderzoek wijken gekeken wordt en stuurt deze voor de zomer 2021 aan hiermee on hold. de raad toe.
(563/616) 19/T432
cie. M&S 30-1019
PB 2020 - BbZ
Werk en Inkomen Het onderzoek over de BBZ komt in het 2e kwartaal van 2020 30-06-21 naar de raad. (stand van zaken) Dit onderzoek is on hold gezet omdat midden tijdens het veldwerk (interviews) de coronacrisis uitbrak. Gedurende de crisis hebben ondernemers wel iets anders aan hun hoofd dan na te denken over de reguliere dienstverlening van de gemeente en is het bovendien lastig om hun mening over reguliere dienstverlening te scheiden van hun mening over crisisdienstverlening en coronamaatregelen van de gemeente. Voorstel is om pas medio 2021 weer met de onderzoekers in gesprek te gaan over het opnieuw leven inblazen van dit onderzoek.
5 Raadsbrief Plan van aanpak tegen stagediscriminatie mbo-studenten 1 Dossier 2198 voorblad.pdf
Commissie Onderwijs, Werk en Economie Dossiernummer
2198
Vertrouwelijk
Nee
Vergaderdatum
4 november 2021
Agendapunt
5
Omschrijving
Raadsbrief Plan van aanpak tegen stagediscriminatie mbo-studenten
ID
2368
Behandelend ambtenaar
R.C. van der Meulen
Telefoon
0302862888
renee.van.der.meulen@utrecht.nl
Datum collegebesluit Geocodering Thema Portefeuillehouder
Wethouder Verschuure
Beleidsveld
Middelbaar Beroepsonderwijs
Referendabel Reden niet referendabel Raadsadviseur (lijst)
Willemien Kok/Asiel en integratie, Cultuur, MBO, Onderwijs, Sport/06-24862310
Behandelvoorstel Resultaat commissiebehandeling Resultaat raadsbehandeling Geagendeerd
Vergaderdatum
Commissie Onderwijs, Werk en
4 november 2021
Economie Voorgesteld besluit
1 Raadsbrief Gelijke kansen op de mbo-stagemarkt.pdf
Burgemeester en wethouders Postadres Postbus 16200, 3500 CE Utrecht Telefoon 14 030 www.utrecht.nl
Aan de gemeenteraad
Behandeld door
R.C. van der Meulen
Datum
11 juni 2021
Doorkiesnummer
0302862888
Kenmerk
8851327
renee.van.der.meulen@utrecht.nl
Onderwerp
Gelijke kansen op de mbo-stagemarkt
Bijlage(n)
1
Beleidsveld
Middelbaar beroepsonderwijs
Geachte leden van de raad, Met deze brief informeren we u over de uitkomsten van het onderzoek naar stagediscriminatie in het mbo. Daarom is in de bijlage het onderzoek bijgevoegd. We hebben dit onderzoek van september 2020 tot en met januari 2021 laten uitvoeren door het Verwey-Jonker instituut. We willen hiermee de aard en omvang van discriminatie op de Utrechtse mbo-stagemarkt in beeld brengen. Vooropgesteld willen wij gezegd hebben, dat we stagediscriminatie en discriminatie in het algemeen onacceptabel vinden. Aanleiding Met motie 130 ‘Plan van aanpak tegen stagediscriminatie mbo-studenten’ van juli 2019 is het startsein gegeven voor een plan van aanpak stagediscriminatie, als onderdeel van het mbo uitvoeringsplan, ambitie 3: Gelijke kansen op de arbeidsmarkt. Tijdens de commissievergadering M&S van 25 juni 2020 is de toezegging (20/T178) gedaan de raad in Q1 te informeren over de resultaten van het onderzoek naar stagediscriminatie, waarin het instrument mystery guests wordt betrokken. In opdracht van de Gemeente Utrecht en de mbo-instellingen heeft onderzoeksinstituut Verwey-Jonker dit onderzocht door middel van praktijktesten, diepte-interviews en enquêtes bij studenten en groepsgesprekken met onderwijsprofessionals en werkgevers. Zoals we hebben aangegeven in de voortgangsrapportage MBO Uitvoeringplan van 7 april jl.
komen we bij deze terug op de toezegging het definitieve rapport van dit onderzoek met daarop volgende acties in Q2 met uw raad te delen. Onderzoeksopzet en conclusies Het Verwey-Jonker instituut heeft de feitelijke en ervaren stagediscriminatie onder mbo-studenten onderzocht. De feitelijke discriminatie is onderzocht door middel van praktijktesten als uitwerking van het instrument mystery guests. Hiervoor zijn 577 sollicitaties verstuurd naar 288 vacatures. Daarnaast is de ervaren stagediscriminatie onderzocht door het afnemen van 637 enquêtes, 16 diepte-interviews bij studenten en het organiseren van groepsgesprekken met onderwijsprofessionals en werkgevers.
Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk
11 juni 2021 8851327
Het onderzoek laat zien dat studenten van Utrechtse mbo-instellingen te maken hebben met discriminatie bij het zoeken naar een stage en tijdens de stage. De belangrijkste uitkomsten zijn: 1. Er sprake is van discriminatie op grond van gender: vrouwelijke studenten hebben een grotere kans op een positieve reactie van een stagebedrijf dan mannelijke studenten die dezelfde productieve kenmerken hebben. Met name in de bouw en techniek is de positieve1 discriminatie van vrouwelijke studenten groot. Bij wet is deze vorm van positieve discriminatie toegestaan wanneer in een bepaalde functie binnen een bedrijf aanzienlijk minder vrouwen dan mannen werken. 2. Er sprake is van discriminatie op grond van migratieachtergrond: studenten met een naam die verwijst naar een migratieachtergrond hebben minder kans op een positieve reactie dan studenten met dezelfde productieve kenmerken die geen migratieachtergrond hebben. In de sector zorg en welzijn is echter geen sprake van discriminatie op deze grond. 3. Er sprake is van discriminatie van moslimstudenten in de sector ICT en van positieve discriminatie van moslimstudenten in de sector zorg en welzijn. Uit de enquêtes blijkt dat ongeveer een kwart van de mbo-studenten tijdens het zoeken van een stage discriminatie heeft ervaren of hierover een vermoeden heeft. Tijdens de stage ervaart één op de acht discriminatie.
In beide gevallen gaat het vooral om discriminatie op basis van opleidingsniveau, het land waar hun ouders of grootouders geboren zijn, hun geloof, hun kleding en/of uiterlijk en huidskleur. Uit de enquêtes en interviews blijkt dat mbo-studenten vaak twijfelen over hun eigen discriminatie-ervaringen, dat zij behoeften hebben aan meer voorlichting en een soort stappenplan en/of een onafhankelijke vertrouwenspersoon bij wie ze terecht kunnen. Voor een nadere toelichting op het onderzoek en de uitkomsten verwijzen we u graag naar het bijgevoegd onderzoeksrapport. Aanbevelingen en vervolgacties Verwey Jonker beveelt aan in te zetten op een integrale aanpak met drie samenhangende pijlers van antidiscriminatiebeleid: a) Bewustwording en professionalisering; b) Voorkomen en bestrijden van stagediscriminatie; c) Ondersteunen van studenten bij een vermoeden van discriminatie. De aanbevelingen werken we samen met de mbo’s, Samenwerkingsorganisatie Beroepsonderwijs Bedrijfsleven (SBB) en gemeente de komende maanden verder uit in een plan van aanpak om een veilig stage- en schoolklimaat te versterken. Een aantal acties is al in gang gezet. We ontwikkelen met de mbo’s, gemeente en de SBB een routekaart om onderwijsprofessionals en mbo-studenten inzicht te geven in wat ze kunnen doen als ze discriminatie vermoeden.
Daarnaast leiden de mbo’s vertrouwenspersonen op om handelingsbekwaamheid rondom het thema discriminatie te vergroten. Brede aanpak arbeidsmarktdiscriminatie In motie 130 heeft uw raad ook verzocht om in samenwerking met de portefeuille Diversiteit het plan van aanpak stagediscriminatie uit te voeren. Stagediscriminatie is een vorm van arbeidsmarktdiscriminatie. Het vraagt niet alleen inzet van gemeente en onderwijsinstellingen, maar ook van werkgevers. Er wordt deze zomer een expertmeeting georganiseerd om samen met publieke en private organisaties te verkennen hoe we elkaar kunnen versterken in de aanpak van arbeidsmarktdiscriminatie en het realiseren van gelijke kansen. 1 Bij de term discriminatie en positieve discriminatie wordt geredeneerd vanuit de minderheidsgroep: het benadelen van deze
groep is discriminatie ten opzichte van de normgroep; het bevoordelen van de minderheidsgroep ten opzichte van de normgroep wordt positieve discriminatie genoemd.
2/3
Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk
11 juni 2021 8851327
Separaat aan deze expertmeeting gaan wij al in gesprek met de partners van het MBO Uitvoeringsplan en enkele grote werkgevers, om de resultaten en aanbevelingen van het onderzoek te bespreken. Dit gesprek vindt plaats voor het zomerreces. We houden u uiteraard ook in de voortgangsrapportage van het MBO Uitvoeringsplan in Q1 2022 op de hoogte over de verdere ontwikkelingen. Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris,
de burgemeester,
3/3
1 Onderzoeksrapport Ongelijke kansen op de stagemarkt.pdf
Onderzoek naar objectief vastgestelde en ervaren stagediscriminatie in het mbo in Utrecht
Ongelijke kansen op de stagemarkt
Iris Andriessen, Maaike van Rooijen, Mehmet Day, Arda van den Berg, Eva Mienis en Naomi Verweij
Ongelijke kansen op de stagemarkt Onderzoek naar objectief vastgestelde en ervaren stagediscriminatie in het mbo in Utrecht Iris Andriessen Maaike van Rooijen Mehmet Day Arda van den Berg Eva Mienis Naomi Verweij
Utrecht, maart 2021
2
Inhoud Samenvatting 1
4
Inleiding 7 Aanleiding7
2 Onderzoeksvragen en opzet van het onderzoek
11
Deel A Objectief vastgestelde discriminatie op de Utrechtse mbo-stagemarkt
12
3 Opzet van de praktijktests om discriminatie objectief vast te stellen 3.1. Discriminatie objectief vaststellen via praktijktests 3.2. Uitvoering praktijktests Utrechtse mbo-stagemarkt 3.3. Analyses 4 Uitkomsten van de praktijktests Discriminatie op de Utrechtse mbo-stagemarkt 4.1. Beschrijvende resultaten 4.2. Positieve discriminatie van vrouwelijke studenten, vooral in bouw en techniek 4.3. Minder kans op stage met migratieachtergrond 4.4. Moslimdiscriminatie in sector ICT, positieve discriminatie van moslims in zorg en welzijn 4.5. Conclusie: discriminatie op de stagemarkt
13 13 14 17 19 19 19 21 22
Deel B Ervaren discriminatie van mbo-studenten
26
5 Opzet van de vragenlijst en interviews 5.1. De vragenlijst 5.2. Semigestructureerde diepte-interviews
27 27 29
6 Ervaren discriminatie van mbo-studenten 6.1. Zoeken naar een stage 6.2. Ervaringen tijdens de stageperiode 6.3. Ondersteuning 6.4. Conclusies ervaren discriminatie
30 31 36 39 41
7 Algemene conclusies en aanbevelingen 7.1. Discriminatie op de mbo-stagemarkt 7.2. Aanbevelingen
43 43 44
8 Literatuur
49
Bijlage 1 Onderzoeksvragen Bijlage 2. Ethische overwegingen praktijktests Bijlage 3. Vragenlijst voor mbo-studenten Bijlage 4. Verschillen in het zoeken naar een stage
51 52 54 63
24 25
3
Samenvatting Stages spelen een cruciale rol in het mbo en zijn vaak de eerste opstap naar werk. Uit landelijke onderzoeken komen signalen naar voren dat stagediscriminatie binnen het mbo een structureel probleem is. De gemeente Utrecht heeft de ambitie om alle mbo-studenten gelijke kansen te bieden op de arbeidsmarkt, en heeft het Verwey-Jonker Instituut gevraagd onderzoek te doen naar de aard en omvang van discriminatie op de Utrechtse mbo-stagemarkt en daarnaast aanknopingspunten te formuleren om stagediscriminatie aan te pakken. Van stagediscriminatie is sprake als studenten nadelig worden behandeld bij het zoeken of lopen van een stage omdat zij tot een bepaalde groep behoren of daartoe gerekend worden (Köbben, 1985; Veenman, 1990, 2003). We maken in dit onderzoek onderscheid in objectief vastgestelde en ervaren discriminatie. Met behulp van praktijktests kunnen we discriminatie objectief vaststellen. Praktijktests zijn een vorm van veldexperimenten waarbij achtereenvolgens twee identieke cv’s en motivatiebrieven van fictieve studenten naar een beschikbare stageplek worden gestuurd. Deze fictieve studenten verschillen op één persoonskenmerk. In het huidige onderzoek is dat een van de volgende kenmerken: geslacht, migratieachtergrond of religie. Met de test wordt vastgesteld of deze gelijkwaardige studenten gelijk of ongelijk worden behandeld.
Naast deze feitelijke discriminatie onderscheiden we ervaren discriminatie. De waarde van het in kaart brengen van discriminatie-ervaringen van studenten ligt in de gevolgen die deze ervaringen hebben voor de gezondheid en het welbevinden van die studenten. Zoals het bekende Thomas-theorema luidt: if men define situations as real, they’re real in their consequences. We kijken hierbij breder naar meer discriminatiegronden, waaronder seksuele oriëntatie,
chronische aandoeningen, het niveau van de opleiding en andere leerbehoeften, bijvoorbeeld door dyslexie, autisme of ADHD. Het gaat hierbij niet altijd om wettelijk beschermde gronden, maar studenten kunnen wel ervaren dat zij op basis van deze kenmerken anders worden behandeld en daarvan negatieve gevolgen ondervinden. In dit gedeelte van het onderzoek gaat het uitdrukkelijk om de ervaringen van studenten zelf, zonder dat duidelijk is wat er feitelijk aan die ervaring ten grondslag ligt. Het is dus mogelijk dat studenten een gebeurtenis als discriminatie ervaren, terwijl daar feitelijk geen sprake van is. Het is andersom echter ook mogelijk dat studenten iets niet als discriminatie ervaren, terwijl dat feitelijk wel is. Objectief vastgestelde discriminatie via de praktijktests In vier sectoren zijn praktijktests uitgevoerd: ICT, zorg en welzijn, bouw en techniek en zakelijke dienstverlening. De keuze voor deze sectoren is onder meer gebaseerd op een verdeling naar stereotiepe ‘mannen’- en ‘vrouwen’-sectoren, en op het gegeven dat er in deze sectoren geen groot tekort was aan stageplaatsen. Binnen elke sector zijn voor drie of vier opleidingen steeds twee gelijkwaardige cv’s en motivatiebrieven opgesteld. Of een student een migratieachtergrond had bleek uit de naam van de student.
We gebruikten hiervoor veel voorkomende namen met een Surinaamse, Antilliaanse, Marokkaanse of Turkse herkomst. De gender van de fictieve student werd aangeduid door de naam van de student; aanvullend is in de motivatiebrief ook verwezen naar de gender door een zin toe te voegen als ‘ik ben een enthousiaste jongen/meisje’. Tot slot wilden we kijken in welke mate er discriminatie is van studenten die moslim zijn. Aan de helft van alle tests is hiertoe vrijwilligerswerk toegevoegd aan de cv’s. De fictieve studenten zonder migratieachtergrond kregen vrijwilligerswerk bij een religieus neutrale organisatie, zoals het buurthuis of de sportvereniging. De fictieve studenten met een migratieachtergrond hadden vrijwilligerswerk op hun cv dat qua taken en verantwoordelijkheden 4
vergelijkbaar was. Dit vrijwilligerswerk deden deze studenten echter bij een religieuze organisatie, namelijk een moskee. In de maanden oktober, november en december 2020 werden 577 sollicitaties verstuurd naar 288 vacatures. De vacatures werden voornamelijk gevonden op de website stagemarkt.nl (281 vacatures), waar stagebedrijven hun vacante stageplekken posten. De reacties op deze sollicitaties zijn geregistreerd en gecategoriseerd in een positieve reactie op de sollicitatie (waarbij er een kans bestaat dat de student de stageplek krijgt) en een negatieve reactie (geen kans op deze stageplek). In de wetenschappelijke literatuur wordt naar deze variabele vaak verwezen onder de naam ‘callback’. In analyses is vervolgens gekeken of er verschil bestaat in de kans op een positieve reactie tussen gelijkwaardige studenten die verschillen naar gender, migratieachtergrond of religie. Concluderend kunnen we stellen dat: 1.
2.
3.
Er sprake is van discriminatie op grond van gender: vrouwelijke studenten hebben een grotere kans op een positieve reactie van een stagebedrijf dan mannelijke studenten die dezelfde productieve kenmerken hebben. Met name in de bouw en techniek is de positieve discriminatie van vrouwelijke studenten groot. Bij wet is deze vorm van positieve discriminatie toegestaan wanneer in een bepaalde functie binnen een bedrijf aanzienlijk minder vrouwen dan mannen werken. Er sprake is van discriminatie op grond van migratieachtergrond: studenten met een naam die verwijst naar een migratieachtergrond hebben minder kans op een positieve reactie dan studenten met dezelfde productieve kenmerken die geen migratieachtergrond hebben. In de sector zorg en welzijn is echter geen sprake van deze discriminatie. Er sprake is van discriminatie van moslimstudenten in de sector ICT en van positieve discriminatie van moslimstudenten in de sector zorg en welzijn.
Ervaren discriminatie van mbo-studenten Op basis van de SCP-vragenlijst over ervaren discriminatie (Andriessen et al., 2020) en eerdere onderzoeken naar stagediscriminatie, hebben we een korte vragenlijst opgesteld. Middels een pilot onder mbo-studenten hebben we de lijst aangepast en definitief gemaakt. Studenten waren ongeveer tien minuten bezig met het invullen van de digitale vragenlijst. In totaal hebben 637 mbo-studenten de vragenlijst ingevuld. 32 studenten hebben de vragenlijst niet volledig ingevuld. Aanvullend hebben we met 16 studenten diepte-interviews gehouden over hun ervaringen.
Discriminatie-ervaringen bij het zoeken naar een stage en tijdens de stage Ongeveer een kwart van de mbo-studenten (150 individuele studenten van de 614 respondenten) in onze studie heeft aangegeven tijdens het zoeken van een stage bij een of meerdere situaties discriminatie te hebben ervaren óf hierover te twijfelen. Wanneer we kijken naar ervaren discriminatie tijdens de stage zien we dat een achtste van de studenten (68 individuele studenten van de 546) bij een of meerdere situaties discriminatie heeft ervaren en/of hierover twijfelt. Bij zowel het zoeken naar een stage als de stage zelf waren de meest voorkomende discriminatiegronden: opleidingsniveau, het land waar hun (groot)ouders geboren zijn, geloof, hun kleding en/of uiterlijk, en huidskleur. De discriminatie-ervaringen zijn vaak met twijfel omgeven. Studenten weten niet zeker of de negatieve ervaring die ze hadden te maken had met discriminatie of vinden het woord te zwaar. Ook wordt discriminatie vaak gekoppeld aan uitsluiting op grond van de etnische of culturele achtergrond en racisme, en is er schroom om ervaren uitsluiting op andere gronden discriminatie te noemen. Studenten geven aan dat ze door discriminatie studievertraging oplopen. Daarnaast laat de ervaren discriminatie sporen na op hun welbevinden. Studenten voelen zich eenzaam en niet (meer) veilig op hun stage. Voor een 5
substantieel deel van de studenten heeft het ook effect op hun toekomstbeeld: door hun discriminatie-ervaring hebben ze minder vertrouwen een (passende) baan te vinden. Ondersteuningsbehoeften van studenten Slechts een kwart van de studenten bespreekt hun discriminatie-ervaring met een onderwijsprofessional, zo blijkt uit de surveyresultaten. Uit de interviews komt naar voren dat studenten het idee hebben dat er weinig met hun verhaal wordt gedaan wanneer ze dit delen met de opleiding. Ook hebben ze niet het vertrouwen dat de opleiding het probleem kan oplossen, mede vanwege eerdere ervaringen met de onderwijsinstelling. Daarnaast geven studenten aan dat ze niet weten bij wie ze überhaupt terechtkunnen. Alle geïnterviewden missen voorlichting vanuit de scholen. Studenten geven aan dat ze tijdens de voorbereidingen op de stageperiode meer informatie hadden willen krijgen van school. Er is behoefte aan een realistisch verhaal dat niet alleen positieve verhalen bevat over het leren van het vak in de praktijk, maar ook informatie over mogelijke vervelende situaties waaronder racisme en discriminatie. Er is een duidelijke roep om meer aandacht voor dit onderwerp binnen de schoolmuren.
Naast voorlichting wordt de behoefte genoemd aan een soort stappenplan (in het geval dat studenten met discriminatie worden geconfronteerd) en/of een onafhankelijke vertrouwenspersoon bij wie ze terechtkunnen.
van stagediscriminatie. Ook vragen ze zich soms af of het wel echt om discriminatie gaat (Felten et al., 2021). In de groepsgesprekken die wij hielden met onderwijsprofessionals, werkgevers en beleidsmakers kwam deze twijfel over de feitelijkheid van de ervaringen van studenten ook veelvuldig naar voren. Vanuit die scepsis worden vaak oplossingen aangedragen die zich richten op de studenten zelf, zoals het beter toerusten, voorbereiden en empoweren van mbo-studenten om hun een gelijke uitgangspositie te bieden op de stagemarkt. Wij ondersteunen deze ideeën als onderdeel van het bieden van gelijke kansen op stages en op de arbeidsmarkt. Discriminatie is echter iets anders. Bij discriminatie gaat het om het ongelijk behandelen van gelijke gevallen. De praktijktests laten ondubbelzinnig zien dat hiervan sprake is. Als we stagediscriminatie willen verminderen, is er meer bewustwording en een sense of urgency nodig bij onderwijsprofessionals, werkgevers en beleidsmakers om echt een verandering in gang te zetten. Discriminatie is een complex probleem dat een brede, integrale aanpak vergt. We bevelen daarom aan om in te zetten op drie samenhangende pijlers van antidiscriminatiebeleid: (A) bewustwording en professionalisering, (B) voorkomen en bestrijden van stagediscriminatie en (C) ondersteunen van studenten bij een vermoeden van discriminatie.
Alle drie de schakels zijn nodig om stagediscriminatie effectief aan te pakken.
Algemene conclusie & aanbevelingen Dit onderzoek laat zien dat studenten van Utrechtse mbo-instellingen te maken hebben met discriminatie bij het zoeken naar een stage en tijdens de stage. Dit is objectief aangetoond met behulp van praktijktests en verdiept via vragenlijstonderzoek en diepte-interviews. Eerder onderzoek liet zien dat onderwijsprofessionals en stagebegeleiders moeite hebben met het herkennen 6
1
Inleiding
Aanleiding De gemeente Utrecht heeft de ambitie om alle mbo-studenten gelijke kansen te bieden op de arbeidsmarkt (Gemeente Utrecht, 2020). Middels de motie 130/2019 heeft de gemeente hoge urgentie gegeven aan de aanpak van stagediscriminatie in Utrecht, omdat stages vaak de eerste opstap zijn naar werk. Uit landelijke onderzoeken komen signalen dat stagediscriminatie binnen het mbo een structureel probleem is (Klooster, Koçak & Day, 2016; SBB, 2015). De mate waarin dit ook zo ervaren wordt door onderwijsinstellingen in Utrecht verschilt (KBA, 2019). Vooral grotere onderwijsinstellingen erkennen dat stagediscriminatie plaatsvindt. Doordat concrete cijfers van aard en omvang ontbreken, is het moeilijk voor hen om concreet en centraal beleid te ontwikkelen en meer urgentie te geven aan de aanpak van deze problematiek. De gemeente Utrecht heeft het Verwey-Jonker Instituut gevraagd onderzoek te doen naar de aard en de omvang van stagediscriminatie en daarnaast aanknopingspunten te formuleren om stagediscriminatie aan te pakken.
verboden. De Algemene wet gelijke behandeling (AWGB) benoemt verschillende beschermde kenmerken waarop geen direct onderscheid gemaakt mag worden. Op het terrein van onderwijs zijn dit godsdienst/levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, afkomst, geslacht, zwangerschap, nationaliteit, hetero- of homoseksuele gerichtheid (biseksuele gerichtheid), burgerlijke staat en handicap of chronische ziekte.1 Andere kenmerken, zoals inkomen of opleidingsniveau, zijn daarmee geen juridisch beschermde gronden. Mensen kunnen zich echter wel op zulke kenmerken gediscrimineerd voelen. Uit onderzoek blijkt dat definities van discriminatie sterk verschillen en dat er ook veel onduidelijkheid over bestaat (Den Ridder, Andriessen & Dekker et al., 2017). Die onduidelijkheid geldt niet alleen de verschijningsvormen van discriminatie (wanneer is iets pesten en wanneer discriminatie), maar ook de juridisch beschermde gronden. De vraag is waarom inkomen of een ander kenmerk waar je niets aan kan doen (bijvoorbeeld kaalheid) geen discriminatiegrond is. Vanuit een sociaalwetenschappelijk perspectief is het daarom waardevol om ook aandacht te besteden aan andere gronden dan de juridisch beschermde kenmerken waarop mensen discriminatie kunnen ervaren.
Specifiek voor de stagemarkt zijn er signalen dat mbo-studenten bijvoorbeeld discriminatie ervaren op basis van hun opleidingsniveau (Van Rooijen & De Winter-Koçak, 2018). In dit onderzoek gaan we daarom ook na in hoeverre mbo-studenten discriminatie ervaren en op welke kenmerken.
Wat is stagediscriminatie? Discriminatie kan als volgt worden gedefinieerd: het nadelig behandelen van personen omdat zij tot een bepaalde groep behoren of daartoe gerekend worden (Köbben, 1985; Veenman, 1990, 2003). Toegepast op stagediscriminatie gaat het dus om de vraag of bepaalde mbo-studenten minder kans hebben op een stageplek omdat zij tot een bepaalde groep - bijvoorbeeld een etnische of religieuze groep - behoren of daartoe gerekend worden. Discriminatie is bij wet
1
Een handicap /chronische ziekte valt onder de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte.
7
Discriminatie bij het zoeken naar een stage en tijdens de stage
Wat is bekend over stagediscriminatie in Nederland?
Stagediscriminatie kan plaatsvinden bij het zoeken naar een stage (pre-entry) en tijdens de stage zelf. In de eerste vorm is sprake van discriminatie tijdens het werving- en selectieproces door stagebedrijven als zij mbo-studenten afwijzen op basis van factoren die niet relevant zijn voor het uitoefenen van de stage, zoals hun culturele of etnische achtergrond, chronische beperking of seksuele voorkeur. Een aanwijzing voor het bestaan hiervan, is het verschil in het aantal keer dat studenten met migratieachtergrond moeten solliciteren voordat ze een stageplek hebben gevonden en de duur van hun zoektocht in vergelijking met studenten zonder migratieachtergrond (Van Rooijen & De Winter-Koçak, 2018).