Agendabundel
Tekst van het document
Bundel - Commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen van 13 juni 2024 1 2 3
3.1
3.2
3.3 3.4 4
5
6 7
8
9
Opening Vaststellen van de agenda van 13 juni 2024 Vaststellen van ingekomen agenderingen (Procedure) Deze punten worden alleen procedureel behandeld. De leden van de commissie bespreken of, op welke wijze en voor hoe lang zij deze raadsvoorstellen en onderwerpen willen bespreken. Na vaststelling van dit behandeladvies, wordt het stuk voor een volgende vergadering geagendeerd. Behandelvoorraad PROCEDUREEL Commissie EDVW 13 juni 2024 Ingekomen agenderingen Commissie EDVW PROCEDUREEL 13 juni 2024 Raadsvoorstel Verordening Leningregeling Asbestdaken Dossier 4094 voorblad Raadsvoorstel Asbestdakenleningen Verordening Leningregeling Asbestdaken gemeente Utrecht Raadsvoorstel Intrekken warmteplan Zuilense Vecht Raadsvoorstel Intrekken warmteplan Zuilense Vecht. Intrekkingsbesluit gemeente Utrecht - Warmteplan Zuilense Vecht - DROP Verslag Marktconsultatie Warmtesysteem Zuilense Vecht Memo Raad over RV Intrekken warmteplan voor commissie EDVW Technische sessie Toegankelijk maken Utrechts Vastgoed Agenderingen ter plaatse op basis van de lijst ingekomen raadsbrieven Raadsbrieven cie EDVW 16 mei tm 6 juni 2024 Verslagen Ter vaststelling: Conceptverslag bijeenkomst commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen 23 mei 2024 2024.05.23 Conceptverslag commissie EDVW Toezeggingen/Moties Ter vaststelling.
Motielijst cie EDVW 13 juni 2024 Toezeggingenlijst cie EDVW 13 juni 2024 Ingekomen stukken Geen. Raadsvoorstel Zienswijze RUD programmabegroting 2025 Wethouder: Oosters, beleidsterrein: Milieu en Emissieloos vervoer Indicatieve behandeltijd: 15 minuten Met het voorstel wordt de gemeenteraad in de gelegenheid gesteld om een zienswijze kenbaar te maken ten aanzien van de door de Regionale Uitvoeringsdienst Utrecht (RUD) toegezonden ontwerp Programmabegroting 2025. De raad wordt met de voorliggende zienswijzebrief voorgesteld te besluiten dat zij geen bedenkingen heeft ten aanzien van de inhoud van de ontwerp Programmabegroting 2025. Dossier 4059 voorblad Raadsvoorstel Zienswijze RUD programmabegroting 2025 Zienswijzebrief Ontwerp Programmabegroting 2025 RUD Utrecht Begeleidende brief zienswijze deelnemers ontwerp Begroting 2025 RUD Utrecht na AB Programmabegroting RUD 2025 Raadsvoorstel Wijzigingbesluit van de Legesverordening gemeente Utrecht 2024 voor ontheffingen van de nul-emissiezone voor bedrijfs- en vrachtauto's Wethouder: Oosters, beleidsterrein: Milieu en Emissieloos vervoer Indicatieve behandeltijd: 15 minuten Het voorstel betreft het wijzigen van de Legesverordening Utrecht 2024, zodat daarin de tarieven worden opgenomen voor het heffen van leges voor het afhandelen van ontheffingsaanvragen voor de nul-emissiezone bedrijfs- en vrachtauto’s.
Dossier 4093 voorblad Raadsvoorstel Wijziging legesverordening nul-emissiezone bedrijfs- en vrachtauto Wijzigingsbesluit legesverordening nulemissie (schoon) Raadsvoorstel vaststelling Afvalstoffenverordening; Collegevoorstel concept Nadere regel en concept Aanwijzingsbesluit Afvalstoffenverordening en concept Nadere regel Afvalscheidingsstations
10
Wethouder: Schilderman, beleidsterrein: Circulaire Economie Indicatieve behandeltijd: 30 minuten Met het vaststellen van de voorliggende afvalstoffenverordening voldoet de gemeente aan de verplichtingen voor het afvalbeleid die voortvloeien uit de recente wijzigingen van de Omgevingswet, de wet Dieren en besluit Gescheiden Inzameling Huishoudelijke Afvalstoffen (GIHA). De voorliggende Afvalstoffenverordening volgt de modelverordening van de VNG. Dossier 4062 voorblad Raadsvoorstel Vaststelling Afvalstoffenverordening 2024 Afvalstoffenverordening gemeente Utrecht - DROP Nadere regel Afvalstoffenverordening gemeente Utrecht - DROP Toelichting bij de Afvalstoffenverordening gemeente Utrecht Aanwijzingsbesluit Afvalstoffenverordening Utrecht - DROP Bijlage bij Nadere regel Afvalstoffenverordening gemeente Utrecht Nadere regel Afvalscheidingsstations - DROP Raadsvoorstel Nieuwe betaalbaarheidsgrens koopwoningen en prijsgrens zelfbewoningsplicht en anti-speculatiebeding Wethouder: De Vries, beleidsterrein: Wonen en Volkshuisvesting Indicatieve behandeltijd: 90 minuten Met het raadsvoorstel wordt de betaalbaarheidsgrens voor nieuwbouwwoningen niet langer gekoppeld aan de NHG-grens, maar aan de betaalbaarheidsgrens van het Rijk. Daarnaast wordt de reikwijdte van het anti-speculatiebeding gelijkgetrokken met de reikwijdte van de opkoopbescherming.
Dossier 3819 voorblad Raadsvoorstel Nieuwe betaalbaarheidsgrens koopwoningen en prijsgrens zelfbewoningsplicht + anti-speculatiebeding Addendum actieplan betaalbare koopwoningen
Behandelvoorraad Commissie Energie(transitie), Duurzaamheid Vastgoed en Wonen PROCEDUREEL te bespreken bij de commissie van 13 juni 2024 Energie en Klimaat, Circulaire Economie, Milieu en Emissieloos vervoer, Vastgoed, Wonen en Volkshuisvesting, Wijk- en Buurtaanpak, Samen voor Overvecht
Wethouder Oosters Raadsvoorstel Verordening Leningregeling Asbestdaken
Wethouder Eerenberg Raadsvoorstel Intrekken warmteplan Zuilense Vecht
Voorstel: Te agenderen voor de cie van 12 september met een voorgestelde behandeltijd van 15 minuten.
Voorstel: Te agenderen voor de cie van 12 september met een voorgestelde behandeltijd van 45 minuten.
commissie EDVW 20 juni jaarverslag en evt. uitloop 13 juni. 12 september 1e reguliere commissie na het zomerreces. Bijeenkomsten EDVW 2024 tot zomerreces • 20 juni sessie Ortec met stream, tijdstip volgt • 25 juni werksessie Wonen (RIB-avond ROG) Dagdelen commissie Ochtend 10.00 - 13.00 uur (180 min - 30 min opening = 150 min beschikbaar) Middag 14.00 uur - 16.45 uur (165 min beschikbaar) Avond 20.00 – 23.00 uur (180 min beschikbaar)
Agenderingen Commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen Vast te stellen op 13 juni 2024
Stukken afkomstig van het college Datum: 23-5-2024 Met het vaststellen van de verordening wordt het voor eigenaren van asbestdaken in de gemeente Utrecht Soort stuk: Raadsvoorstel mogelijk een lening aan te vragen om een asbestdak te Verordening Leningregeling vervangen en zo mogelijk, aanvullende Asbestdaken duurzaamheidsmaatregelen te nemen.
Voorstel: 1. Agenderen voor de commissie EDVW van 12 september 2024 2. Tijd: 15 minuten
Wethouder: Oosters Beleidsterrein: Milieu en Emissieloos vervoer Commissiegriffier: Mariska de Vos Datum: 6-6-2024
Geachte leden van de raad,
Soort stuk: Memo RV Intrekken warmteplan Zuilense Vecht
Binnenkort ontvang u ter besluitvorming het raadsvoorstel ‘Intrekken warmteplan Zuilense Vecht’, dat gezamenlijk met gemeente Stichtse Vecht is opgesteld. Het college van de gemeente Stichtse Vecht moet nog instemmen met het voorstel. In afwachting van de instemming van gemeente Stichtse Vecht verzoek ik u het voorstel alvast mee te nemen in het proceduredeel van de commissie EDVW van juni en in de beleidscyclus van september, zodat de planvorming doorgang kan vinden. Indien besluitvorming in het college van Stichtse Vecht heeft plaatsgevonden sturen wij u het voorstel zo spoedig mogelijk toe.
Wethouder: Eerenberg Beleidsterrein: Ruimtelijke Ordening (afspraak is dat warmteplannen, gelet op het onderwerp, in de cie EDVW worden besproken)
Met vriendelijke groet,
Voorstel: 1. Agenderen voor de commissie EDVW van 12 september 2. Tijd: 45 minuten
Commissiegriffier: Mariska de Vos
Eelco Eerenberg
Datum: 3-6-2024
In de raadsbrief van 27 mei 2024 hebben we uw raad geïnformeerd over de voortgang voor het toegankelijker maken van gemeentelijk maatschappelijk vastgoed. Graag informeren wij u verder over dit onderwerp in een technische sessie waarbij we ingaan op de complexiteit van het vraagstuk en de voortgang op de uitvoering. Het voorstel is om deze technische sessie te plannen op dinsdag 3 september, mits er geen RIB's gepland worden op deze avond.
Soort stuk: Uitnodiging technische sessie Toegankelijk maken Utrechts vastgoed Wethouder: De Vries
Voorstel: 1. Agenderen voor de RIBavond EDVW van 3 september 2024 2. Tijd: 60 minuten
Beleidsterrein: Vastgoed Commissiegriffier: Mariska de Vos
2
Commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen Dossiernummer
4094
Vertrouwelijk
Nee
Vergaderdatum
13 juni 2024
Agendapunt
3.1
Titel
Raadsvoorstel Verordening Leningregeling Asbestdaken
ID
4307
Behandelend ambtenaar
Waard, Eddie van der
Telefoon
030 - 28 64760
e.van.der.waard@utrecht.nl
Datum collegebesluit Geocodering
Stad Utrecht
Thema
Volksgezondheid en milieu
Portefeuillehouder
Wethouder Oosters
Beleidsveld
Milieu en Emissieloos Vervoer
Referendabel Reden niet referendabel Raadsadviseur (lijst)
Mariska de Vos/Cie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen/06 38628458
Behandelvoorstel Resultaat commissiebehandeling Resultaat raadsbehandeling Geagendeerd
Vergaderdatum
Commissie Energie(transitie),
13 juni 2024
Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen Voorgesteld besluit
Voorstel aan de gemeenteraad
Vaststellen Verordening Leningregeling Asbestdaken Beleidsveld Organisatieonderdeel Opsteller Kenmerk Vergaderdatum Raad Referendabel Geheim
Milieu en Emissieloos Vervoer Ontwikkelorganisatie Ruimte Eddie van der Waard 12245066 Volgt Ja Nee
Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor te besluiten: 1. De Verordening Leningregeling Asbestdaken gemeente Utrecht vast te stellen en daarmee het aanvragen te faciliteren van leningen door particulieren voor het verwijderen van asbestdaken groter dan 35 m2 (en, zo mogelijk, het aanbrengen van extra duurzaamheidsmaatregelen).
Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris,
de burgemeester,
Samenvatting Met het vaststellen van de Verordening Leningregeling Asbestdaken wordt het voor eigenaren van asbestdaken in de gemeente Utrecht mogelijk een lening aan te vragen om een asbestdak te vervangen en zo mogelijk, aanvullende duurzaamheidsmaatregelen te nemen (isolatie, zonnepanelen). De gemeente neemt een administratieve rol op zich met het toetsen van aanvragen aan de criteria in de Verordening. De lening zelf wordt door het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse Gemeenten (SVn) verstrekt en geadministreerd. De regeling is tot stand gekomen op initiatief van de provincie Utrecht. De gemeente Utrecht sluit zich met dit besluit aan bij diverse andere gemeenten in de regio die de faciliterende rol met het toetsen van aanvragen op zich hebben genomen.
Context Aanleiding De stimulering van de aanpak van asbestdaken is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van gebouweigenaren, gemeenten, provincies en Rijk. Om eigenaren van asbestdaken te stimuleren hun asbestdak te vervangen, heeft de provincie in 2021 het programma “Asbestdaken op nul in 2030” vastgesteld. Sindsdien zijn diverse stimuleringsactiviteiten gestart. Om de financieringsdrempel te verlagen hebben Gedeputeerde Staten een leningregeling vastgesteld. Deze leningregeling is vooral bedoeld voor particuliere eigenaren van asbestdaken groter dan 35 m , die over weinig of onvoldoende middelen beschikken om dakvervanging zelf te financieren. Deze daken mogen alleen door gecertificeerde asbestsaneringsbedrijven worden verwijderd (de regeling stimuleert daarmee ook de werkgelegenheid). SVn stelt verschillende leningvormen beschikbaar, gemeente en provincie kunnen niet afwijken van deze leningvormen. Deze leningen zijn conform de productspecificaties en het kredietbeleid van SVn. 2
Dankzij deze verschillende leningvormen kan iedere dakeigenaar tegen een aantrekkelijke rente (zie actuele rentetarieven Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse Gemeenten (SVn)) een lening voor de dakvervanging afsluiten. Als zij hun asbestdak laten vervangen biedt dat een koppelkans voor het aanbrengen van dakisolatie en het plaatsen van zonnepanelen op het nieuwe dak. Daarvoor kan geld worden bijgeleend. Ook voor sloop van het hele gebouw met een asbestdak kan geld worden geleend. Voor senioren en de minst draagkrachtige eigenaren zijn speciale leningvormen beschikbaar (Verzilverlening en Maatwerklening). Gemeenten zijn voor inwoners het logische eerste aanspreekpunt voor hulp bij de asbestdaksanering en vervullen daarom een belangrijke rol in het aanvraagproces. Net als bij andere leningen van het SVn kunnen eigenaren bij de gemeente een aanvraag indienen. De gemeente toetst of de aanvraag aan het bestedingsdoel voldoet aan de hand van de criteria in de Verordening. Vervolgens stuurt de gemeente een toewijzingsbrief aan de dakeigenaar. Met deze brief kan de dakeigenaar een lening bij SVn aanvragen. SVn doet de kredietbeoordeling, verstrekt de lening, administreert de rente en aflossing, beheert de leningenportefeuille en verantwoordt de bestedingen aan de provincie. Gemeenten hoeven zelf geen geld voor de leningen beschikbaar te stellen.
Indien een aanvraag niet aan de criteria voldoet, stuurt de gemeente een afwijzingsbrief aan de eigenaar. De gemeente Utrecht sluit zich met dit besluit aan bij diverse andere gemeenten in de regio die de administratieve rol met het toetsen van aanvragen op zich hebben genomen. Gemeentelijke financiën Gemeentelijke financiën hebben geen invloed op dit besluit: de leningen worden verstrekt door het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse Gemeenten (SVn) en de inzet die ten laste komt van eigen middelen, gemeentelijke middelen voor de toetsing van aanvragen, is zeer beperkt (zie ook onder ‘Financiën’). Juridische context De gemeenteraad is bevoegd gemeentelijke verordeningen vast te stellen conform artikelen 147 en 149 van de Gemeentewet. De provincie stelt het kapitaal voor de uitgifte van leningen beschikbaar aan SVn. De gemeente verstrekt geen (recht op) gelden, er is geen sprake van een gemeentelijke subsidie en/of lening. De 2
beoordeling van een aanvraag is bedoeld om te toetsen of de te verstrekken lening een doelmatige besteding van (provinciale) overheidsmiddelen is. De toewijzing op een aanvraag geeft de aanvrager het recht om een lening aan te vragen bij SVn. Hierop is de Algemene wet bestuursrecht (Awb) van toepassing. SVn beoordeelt of de lening kan worden verstrekt en sluit vervolgens een leningovereenkomst met de aanvrager af. Hierop is het Burgerlijk Wetboek van toepassing. SVn staat onder toezicht van de Autoriteit Financiële Markten. Er is geen sprake van risico’s op ongeoorloofde staatssteun omdat het voordeel van de leningen niet ten goede komt aan ondernemingen, alleen aan particulieren. De verwachting is dat er bij de gemeente geen bezwaar gemaakt wordt tegen eventuele afwijzing van aanvragen, en de afdeling Juridische Zaken niet extra belast wordt met het afhandelen van bezwaren. Beslistermijn Er is geen specifieke beslistermijn voorzien Beoogd effect Het effect van het vaststellen van de Verordening is dat de gemeente leningaanvragen kan toetsen aan de criteria in de Verordening en daarmee eigenaren van asbestdaken faciliteert in het aanvragen van een lening bij SVn. Het uiteindelijke effect is dat dit tot minder asbestdaken in de gemeente leidt.
Eerdere besluitvorming en informatievoorziening aan de raad Na het door de Eerste Kamer in 2019 tegengehouden asbestdakenverbod, is het programma asbestdaken en de middelen hiervoor in de gemeente Utrecht stopgezet. Uit interviews ter inventarisatie van de behoeften van eigenaren van asbestdaken na beëindiging van deze aanpak, bleek dat leningen en de integratie met duurzamere dakoplossingen, zoals zonnepanelen en/of groene daken, het meest gunstig waren voor de eigenaren. Deze lening voldoet aan deze behoefte. De onderstaande raadsbrieven betreffen de reeds afgeronde aanpak van asbestdaken, en zijn hier ter informatie vermeld. De nu voorliggende Verordening staat hier los van. Raadsbrief ‘versnellingsaanpak asbestdaken’ (maart 2019) Raadsbrief ‘reactie op toezegging inzet middelen project asbestdaken’ (januari 2020)
Beslispunten, Argumenten en Kanttekeningen/Risico’s Beslispunt 1
De Verordening Leningregeling Asbestdaken gemeente Utrecht vast te stellen en daarmee het aanvragen te faciliteren van leningen door particulieren voor het verwijderen van asbestdaken groter dan 35 m2 (en, zo mogelijk, het aanbrengen van extra duurzaamheidsmaatregelen).
Argumenten 1.1
De Verordening legt de toetsingscriteria voor de lening vast. Het is nodig om de Verordening ter besluitvorming aan de gemeenteraad voor te leggen, zodat de basis wordt vastgelegd voor het toetsen aan de criteria in de Verordening en het afgeven van een toewijzingsbrief. Met deze brief kunnen aanvragers zelfstandig een lening bij SVn aanvragen. De provincie heeft een model-Verordening gemaakt, die door de deelnemende gemeenten 1-op-1 overgenomen kan worden, waardoor alle gemeenten op basis van dezelfde criteria aanvragen toetsen.
1.2
Asbestdaken kunnen een gevaar voor de gezondheid vormen. Asbestdaken kunnen gaan verweren en het gevaar bestaat dat er dan asbestvezels vrijkomen. Hoe ouder een dak, hoe meer asbest er in de omgeving vrijkomt. De vezels in asbest zijn kankerverwekkend en gevaarlijk als ze worden ingeademd. Het verwijderen van asbestdaken draagt aan een schonere leefomgeving en milieu doordat er minder asbest in onze leefomgeving is. 3
Daarin vinden we het belangrijk dat de sanering van asbestdaken blijft doorgaan, ook al bestaat er geen verbod op deze daken (een voorstel daartoe is in 2019 door de Eerste Kamer verworpen). Bewustwording, ontzorgen en helpen zijn de doelstellingen van de samenwerking. 1.3
De lening verlaagt de drempel voor asbestdakvervanging en kan het nemen van aanvullende duurzaamheidsmaatregelen stimuleren. In de gemeente Utrecht zijn nog ongeveer 600 asbestdaken groter dan 35 m2, met name in de buitengebieden van Utrecht. In 2020 heeft de gemeente door middel van interviews de behoefte van deze dakeigenaren in kaart gebracht. Hieruit bleek dat de eigenaren het meest gebaat zijn bij leningen en koppeling met duurzamere daken, zoals zonnepanelen of een groen dak. Vanwege financiële redenen kunnen enkele particulieren niet de stap maken om hun asbestdak te vervangen en blijft asbest in onze leefomgeving aanwezig. Met het beschikbaar komen van een leningregeling voor particulieren wordt de (financierings)drempel voor asbestdakvervanging verlaagt. De leningen kunnen, naast asbestdakvervanging ook worden gebruikt om duurzame maatregelen te realiseren zoals dakisolatie, zonnepanelen, een groen dak en zelfs de sloop van het gebouw. Hiermee voldoen we aan de behoefte van de dakeigenaren.
1.4
Als de gemeente niet meewerkt kunnen eigenaren van asbestdaken geen lening aanvragen. Diverse gemeenten in de provincie Utrecht hebben reeds een Verordening vastgesteld en de lening beschikbaar gesteld, andere gemeenten zijn dit op korte termijn van plan. Deelnemende gemeenten maken gebruik van de modelverordening van de provincie, waardoor overal dezelfde toestingscriteria worden gehanteerd. Mede gezien de beperkte inzet van ambtelijke uren die de lening met zich meebrengt voor de gemeente zou het jammer zijn als Utrecht als grootste gemeente niet meedoet.
Kanttekeningen/Risico’s 1.1
Het aantal aanvragen per jaar (en daarmee het aantal uren dat de gemeente aan toetsing moet besteden en kosten voor de RUD voor het behandelen van de sloopmeldingen) is variabel. In de gemeente Utrecht zijn ongeveer 600 asbestdaken groter dan 35m . Het is moeilijk om vooraf te voorspellen hoeveel aanvragen er komen. De provincie schat in dat er gemiddeld vijf tot tien aanvragen per jaar worden ingediend. Voor de afhandeling daarvan is dekking (zie hieronder). 2
Financiën De totale kosten van het beoordelen van een aanvraag en uitvoering van de sloopmelding zijn ongeveer €1.000 per aanvraag. Vanuit het programma Aantrekkelijke, groene leefomgeving en Erfgoed, onderdeel Leefomgeving en Ondergrond is jaarlijks €10.000 dekking beschikbaar. Dit betekent dat we jaarlijks ruimte hebben voor het behandelen van ongeveer 10 aanvragen. De provincie heeft voor de leningen 5 miljoen euro gereserveerd en draagt, samen met het Rijk, alle risico’s. De gelden worden rechtstreeks aan SVn beschikbaar gesteld; de gemeente speelt hierin geen rol. Het leningaanbod loopt tot en met 2028 of eindigt eerder als het provinciale budget is beleend (en er geen aanvullend budget beschikbaar komt). Meer saneringen van daken leiden tevens tot meer werk op gebied van de wettelijke taak voor het beoordelen van sloopmeldingen en asbestinventarisaties die daar onderdeel van uitmaken. Deze wettelijke taak wordt door de RUD uitgevoerd. Bij de RUD worden momenteel ongeveer 1.800 aanvragen per jaar behandeld, de RUD heeft capaciteit voor 2.000 aanvragen. Door deze lening is de verwachting dat de RUD niet in capaciteitsproblemen komt.
4
Vervolg De verordening wordt gepubliceerd in het Gemeenteblad en op Overheid.nl en treedt vijf weken na bekendmaking in werking. De Algemeen Directeur neemt na vaststelling en bekendmaking van de verordening een ondermandaatbesluit. Daarmee worden functionarissen bij de Ontwikkelorganisatie Ruimte (Opgave Gezond Leefklimaat) bevoegd tot het nemen van de goedkeuringsbeslissingen. Dit besluit geldt tot 1 januari 2025, het mandaat wordt in de Mandaatregeling 2025 definitief geregeld.
Participatie Er heeft geen gemeentelijke participatie plaatsgevonden over dit voorstel. Omdat de regeling door de provincie is opgezet, is er op dat niveau (door de provincie) wel gesproken met belanghebbenden.
Communicatie Om eigenaren over de beschikbaarheid van de leningen te informeren is een communicatieplan opgesteld. De provincie heeft een set communicatiemiddelen en een communicatiehandreiking beschikbaar gesteld, om de doelgroep te informeren over de mogelijkheid om een gunstige lening af te sluiten voor asbestdakvervanging, dakisolatie en zonnepanelen. Hiermee kunnen artikelen worden geplaatst op de gemeentelijke website, huis-aan-huisbladen en sociale media. Op de gemeentelijke website komt een pagina met uitleg over de regeling en een digitaal aanvraagformulier.
Bijlagen Bijlagen besluitvorming - Verordening Leningregeling Asbestdaken gemeente Utrecht Bijlagen informatief -
5
Verordening Leningregeling
Asbestdaken gemeente Utrecht De raad van de gemeente Utrecht; -
gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van <datum>; gelet op de artikelen 147 en 149 van de Gemeentewet:
Overwegende dat de gemeente Utrecht het verwijderen van asbestdaken wil stimuleren en ondersteunen;
Besluit de volgende verordening vast te stellen:
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Paragraaf 1.1 Definities Artikel 1 Definities Deze verordening verstaat onder:
•
(Lening)aanvraag: een verzoek van een aanvrager om een Asbestdaklening te krijgen.
•
Asbestdaklening (consumptief/hypothecair), Asbestdak Verzilverlening en Asbestdak Maatwerklening: de mogelijke leningvormen voor een Asbestdaklening.
•
Asbestdaklening: een lening ten behoeve van de financiering van de door het college aanvaarde werkelijke kosten van maatregelen.
•
College: het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Utrecht.
•
Provincie: het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Utrecht.
•
Maatregelen: maatregelen en voorzieningen zoals bedoeld in artikel 3.
•
Werkelijke kosten: de in artikel 4 omschreven totale kosten van materialen en
werkzaamheden of de kosten van de investering voor zover noodzakelijk voor het treffen van maatregelen, vermeerderd met afsluitkosten en eventueel financieringskosten voor het verkrijgen van de lening, inclusief BTW. •
SVn: stichting Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse gemeenten,
gevestigd te Amersfoort. Financiële dienstverlener, geregistreerd onder AFM– vergunningnummer 12013647. •
Toewijzing: het besluit van het college op basis waarvan de aanvrager een aanvraag kan doen voor de Asbestdaklening bij SVn.
Hoofdstuk 2 Specifieke bepalingen Paragraaf 2.1 Specifieke bepalingen Artikel 2 Toepassingsbereik
Deze verordening is uitsluitend van toepassing op leningaanvragen voor een Asbestdaklening.
Voor alle leningvormen geldt: i.
De Asbestdaklening is uitsluitend bedoeld voor het treffen van maatregelen
aan woningen en/of bijgebouwen in de gemeente Utrecht zoals omschreven in artikel 3. ii.
De aanvrager is eigenaar-bewoner van de onder I. van dit artikel bedoelde gebouwen.
iii.
De Asbestdaklening kan nooit meer bedragen dan de werkelijke kosten zoals omschreven in artikel 4, verminderd met van derden ontvangen of nog te ontvangen tegemoetkomingen (subsidies) in deze kosten.
iv.
De Asbestdaklening wordt niet verstrekt aan een onderneming.
Specifiek voor de Asbestdaklening consumptief geldt: a. De aanvrager (of één van beide aanvragers) is jonger dan 76 jaar op het moment van de aanvraag.
b. De Asbestdaklening consumptief bedraagt minimaal € 2.500,- en kan nooit meer bedragen dan €25.000,-.
c. Het rentepercentage voor de Asbestdaklening consumptief wordt vastgesteld door de Provincie.
d. De looptijd voor de Asbestdaklening consumptief bedraagt maximaal 10 jaar
bij een lening van maximaal € 10.000 en maximaal 15 jaar bij een lening vanaf € 10.001.
e. De Asbestdaklening consumptief is annuïtair. Specifiek voor de Asbestdaklening hypothecair geldt: a. De Asbestdaklening hypothecair bedraagt minimaal € 2.500,- en kan nooit meer bedragen dan € 75.000,-.
b. Het rentepercentage voor de Asbestdaklening hypothecair wordt vastgesteld door de Provincie.
c. De looptijd van de Asbestdaklening hypothecair bedraagt maximaal 10 jaar bij een lening van maximaal € 25.000 en maximaal 20 jaar bij een lening vanaf € 25.001.
d. De Asbestdaklening hypothecair is annuïtair. Specifiek voor de Asbestdak Verzilverlening geldt: a. De minimale leeftijd is 10 jaar vóór de wettelijke AOW-leeftijd, de leningvorm kent geen maximum leeftijd. Indien er 2 aanvragers zijn geldt dit voor beiden.
b. De Verzilverlening bedraagt minimaal €2.500,- en kan nooit meer bedragen dan € 100.000,-.
c. Het rentepercentage voor de Verzilverlening wordt vastgesteld en gepubliceerd door SVn.
d. De Verzilverlening is een oplopende schuld.
e. De looptijd van de lening is tot aan het moment van verkoop woning met een maximum van 75 jaar.
Specifiek voor de Asbestdak Maatwerklening geldt: a. Het toepassingsbereik is gelijk aan de Asbestdaklening hypothecair, met dien verstande dat aanvrager niet voldoende inkomen heeft om in aanmerking te komen voor een Asbestdaklening.
Artikel 3 Maatregelen 1. De Asbestdaklening kan worden verstrekt voor de volgende maatregelen: a. inventarisatie van een asbestdak door een gecertificeerd bedrijf; b. onderzoek in het kader van de natuurtoets; c. de sanering van een asbestdak, inclusief de daarbij behorende eindcontrole; d. de sloop van een gebouw met een asbestdak; e. het aanbrengen van een nieuw dak inclusief isolatie; f. het verstevigen, verbeteren of vernieuwen van de draagconstructie van het dak in verband met bijvoorbeeld de plaatsing van zonnepanelen;
g. de aanschaf en het plaatsen van zonnepanelen inclusief de bijbehorende technische voorzieningen;
h. de voorbereiding en het saneren van bodemverontreiniging bij een asbestdak als gevolg van erosie van het asbestdak binnen 2 meter van het gebouw.
2. Het college kan de in het eerste lid vermelde lijst van maatregelen uitbreiden en/of inkorten, enkel op verzoek van de Provincie.
Artikel 4 Werkelijke kosten 1. Het te lenen bedrag is maximaal de optelling van de volgende kosten:
a. kosten voor materialen, werkzaamheden en verplichtingen voor, of behorende bij het saneren van het asbestdak en of verticale gevel;
b. kosten voor materialen en werkzaamheden voor het aanbrengen van een vervangend dak, gevelpanelen of verticale gevel;
c. kosten voor het versterken van de dakconstructie; d. kosten voor materialen en werkzaamheden voor het aanbrengen van
isolatiemateriaal ten behoeve van het vervangende dak of verticale gevel;
e. kosten van onderzoek en advies met betrekking tot de sanering of het nieuw te plaatsen dak of de verticale gevel;
f. kosten voor materialen en werkzaamheden voor het slopen van het gebouw of de verticale gevel, het afvoeren van materiaal en het egaliseren van het terrein;
g. legeskosten voor de noodzakelijke vergunningen; h. kosten ten behoeve van de financiering; i. kosten voor het schoonmaken of het verwijderen van riet gelegen onder een asbestdak;
j. kosten van de voorbereiding en het saneren van bodemverontreiniging bij
een asbestdak als gevolg van erosie van het asbestdak binnen 2 meter van het gebouw;
k. kosten voor materialen en werkzaamheden voor het aanbrengen van zonnepanelen.
2. Tot de in het eerste lid bedoelde kosten mogen niet worden gerekend: a. kosten voor het geschikt maken van het gebouw of het terrein voor een nieuwe functie;
b. kosten voor een energieprestatiecertificaat;
c. eigen uren die de aanvrager maakt ten behoeve van het asbestsaneringsproject.
3. De kosten van de voorbereiding en het saneren van bodemverontreiniging,
zoals bedoeld in het eerste lid onder j, bedragen maximaal 20% van de onder a. tot en met i. van de in lid 1 bedoelde kosten.
Artikel 5 Toewijzingsbudgetplafond
De Provincie stelt het budgetplafond vast voor het toewijzen van Asbestdakleningen. Het budgetplafond kan verschillen per leningvorm. Asbestdakleningen zijn alleen
beschikbaar voor zover het vastgestelde budgetplafond hiervoor toereikend is. Indien het vastgestelde budgetplafond niet meer toereikend is, wordt de aanvraag door of namens het college afgewezen. Artikel 6 Bevoegdheid college
Het college toetst de aanvraag aan artikel 2, 3, 4 en 5 en is bevoegd om, met
inachtneming van het bepaalde in deze verordening, de aanvraag toe of af te wijzen en, na toewijzing, aanvrager naar SVn te verwijzen voor het aanvragen van de Asbestdaklening.
Artikel 7 Procedure aanvraag en toewijzing 1. Een aanvraag voor een Asbestdaklening wordt schriftelijk bij het college
ingediend op een door de gemeente beschikbaar gesteld formulier via een door de gemeente aangewezen website/portal en gaat onder opgave van: a. de te treffen maatregelen; b. een financiële onderbouwing van de kosten zoals bedoeld in artikel 4, bijvoorbeeld offertes;
c. een planning van de uitvoering van de werkzaamheden. Het college bevestigt de ontvangst van de aanvraag binnen twee weken. 2. Indien de aanvraag niet alle gegevens bevat die het college voor het nemen van een beslissing noodzakelijk acht, stelt het college de aanvrager in de
gelegenheid de aanvraag binnen een termijn van vier weken te completeren.
3. Indien de aanvraag niet binnen de aangegeven termijn is gecompleteerd, kan het college besluiten de aanvraag buiten behandeling te laten.
4. Het college handelt aanvragen in volgorde van binnenkomst af. 5. Wanneer een aanvrager op grond van artikel 4:5 van de Algemene wet
bestuursrecht de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, geldt als datum van ontvangst van de aanvraag, de datum waarop de aanvraag is aangevuld.
6. Het college neemt binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag, dan wel na het compleet worden daarvan, een beslissing en deelt die middels een toewijzings- of afwijzingsbesluit mee aan de aanvrager.
7. Uit overschrijding van de in het zesde lid bedoelde termijn kan de aanvrager niet afleiden dat zijn aanvraag is of wordt gehonoreerd.
8. Tegen de toewijzing danwel de afwijzing kan bezwaar en beroep gemaakt worden volgens de Algemene wet bestuursrecht.
Artikel 8 Afwijzen aanvraag/intrekken toewijzing 1. Het college wijst een aanvraag voor een Asbestdaklening af, indien: •
het budgetplafond, zoals bedoeld in artikel 5, niet toereikend is om de aanvraag te honoreren; of
•
de aanvraag niet past binnen het toepassingsbereik zoals bedoeld in artikel 2; of
•
er niet is voldaan aan de bij of krachtens deze verordening gestelde voorschriften en/of bepalingen.
2. Het college trekt een toewijzing Asbestdaklening in, indien: •
de lening is toegewezen of vastgesteld op grond van onjuiste gegevens; of
•
de lening niet binnen 6 maanden na toewijzing tot stand komt; of
•
SVn de lening aanvraag heeft afgewezen
Artikel 9 Financiële toets, verstrekken en beheer Asbestdaklening door SVn 1. De toewijzing door het college betreft een reservering voor een
Asbestdaklening uit het door de Provincie hiervoor beschikbaar gestelde budget, zoals bedoeld in artikel 5.
2. De toewijzing voor het aanvragen van een Asbestdaklening vormt het startpunt voor een autonome (financiële) toetsing door SVn.
3. De verordening is in overeenstemming met de productspecificaties Stimuleringslening (consumptief/hypothecair), Verzilverlening of Maatwerklening van SVn.
4. SVn stelt de definitieve hoogte van de Asbestdaklening vast, zodanig dat er in ieder geval niet wordt afgeweken van het bedrag van de toewijzing.
5. Bij een positieve financiële toets brengt SVn een offerte uit. Bij een negatieve financiële toets, wijst SVn de leningaanvraag af en brengt de aanvrager en gemeente hiervan op de hoogte.
6. SVn verstrekt en beheert een geoffreerde Asbestdaklening
(consumptief/hypothecair), Verzilverlening of Maatwerklening. Indien de aanvrager het niet eens is met de financiële toets van SVn, kan deze een
klachtenprocedure starten bij SVn en vervolgens eventueel bij het KIFID of zich wenden tot de bevoegde burgerlijke rechter. Artikel 10 Nadere regels
Het college kan voor de uitvoering van deze verordening nadere regels vaststellen. Artikel 11 Hardheidsclausule
Indien vanwege bijzondere omstandigheden een strikte toepassing van deze verordening naar het oordeel van het college zou leiden tot een onredelijke beslissing, kan het college gemotiveerd afwijken van het bepaalde in deze verordening.
Hoofdstuk 3 Slotbepalingen
Artikel 12 Inwerkingtreding
Deze verordening treedt in werking vijf weken na bekendmaking in het Gemeenteblad.
Artikel 13 Citeertitel
Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening leningregeling asbestdaken gemeente Utrecht”.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van <datum>.
De burgemeester, Sharon A.M. Dijksma
De griffier, Merel van Hall
Voorstel aan de gemeenteraad
Intrekken Warmteplan Zuilense Vecht Beleidsveld Organisatieonderdeel Opsteller Kenmerk Vergaderdatum Raad Referendabel Geheim
Ruimtelijke Ordening Ontwikkelorganisatie Ruimte Bob van Dijck 12325884 Volgt Ja Nee
Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor te besluiten: 1. Het Warmteplan Zuilense Vecht in te trekken voor zover dit het grondgebied van de Gemeente Utrecht betreft, waarmee de aansluitplicht voor nieuwbouw in Zuilense Vecht op een collectief warmtesysteem komt te vervallen. 2. Af te wijken van het door de raad vastgestelde Stedenbouwkundige Programma van Eisen Zuilense Vecht betreffende het voornemen om een concessie te verlenen op basis van het Warmteplan met als voorkeurssysteem een Warmte-koudeopslag in combinatie met Thermische Energie Oppervlaktewater gezamenlijk voor beide gemeentes Stichtse Vecht en Utrecht. 3. Ter realisatie van een collectief energiesysteem dat gebruik maakt van bodemenergie een stimulerende rol aan te nemen en op die manier de woningbouwcorporatie en de ontwikkelaars te bewegen tot samenwerking hierbij, en daarmee af te zien van de beoogde regisserende rol van de gemeente bij het realiseren van het energiesysteem middels een concessieverlening aan een warmtebedrijf. Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris,
de burgemeester,
Samenvatting Op 16 juni 2022 heeft uw raad het gezamenlijk met de gemeente Stichtse Vecht gemaakte warmteplan Zuilense Vecht vastgesteld voor zover dit het grondgebied van de Gemeente Utrecht betreft. Gelijktijdig is uw raad akkoord gegaan met het gezamenlijk aanbesteden van het collectieve warmtesysteem Zuilense Vecht door gemeente Utrecht en Stichtse Vecht. Bij de voorbereiding van de aanbesteding voor de concessie van het warmtesysteem Zuilense Vecht op basis van het Warmteplan is gebleken dat het verlenen van een concessie aan een warmtebedrijf voor het relatief beperkte aantal woningen in Zuilense Vecht (ca 300 in Utrecht en 150 in Stichtse Vecht) niet realistisch is. Uit een marktconsultatie die wij, mede ingegeven door ervaringen elders in de stad, hebben uitgevoerd, is gebleken dat de kans op een succesvolle concessieverlening zeer klein is. Daarnaast blijken de te maken beheerkosten bij een concessie-aanbesteding niet op wegen tegen het relatief beperkte aantal woningen in deze gebiedsontwikkeling. Daarom stellen wij voor het Warmteplan Zuilense Vecht voor ons grondgebied in te trekken. B en W van Stichtse Vecht zal, in afstemming met de gemeente Utrecht, haar gemeenteraad eveneens voorstellen het Warmteplan voor haar grondgebied in te trekken, waardoor de gezamenlijke aanbesteding van een collectief warmtesysteem komt te vervallen.
Voor het Utrechtse deel van de woningen willen wij met een stimulerende rol bewerkstelligen dat er in Zuilense Vecht (in het Utrechtse deel) één of twee collectieve lage temperatuur warmtesystemen gerealiseerd worden (met o.a. een Warmte-koudeopslag) door samenwerking tussen toekomstige ontwikkelaar(s) en woningbouwcorporatie(s).
Context Aanleiding Het project Zuilense Vecht bestaat uit een, samen met de gemeente Stichtse Vecht, te realiseren Sportief Park en een tweetal woonbuurten van in totaal 450 woningen. Destijds hebben wij, na onderzoek, bewust gekozen om ondanks het relatief beperkte aantal woningen te gaan voor een gezamenlijke concessie voor het warmtesysteem Zuilense Vecht op basis van een Warmteplan. Achterliggende gedachte was, dat als dit zou lukken het ook een mooi voorbeeld zou kunnen zijn voor andere kleinere woningbouwplannen. Na de marktconsultatie moeten wij nu helaas constateren dat dit niet het geval is. Om door te kunnen met de realisatie van de ca. 300 woningen in Utrecht stellen wij u zodoende voor het Warmteplan in te trekken en daarmee de weg vrij te maken voor de stimulerende rol die we zullen nemen in de 1 op 1 uitgifte van grond aan woningbouwcorporatie Woonin (ca 100 woningen) en de tenders voor ontwikkelaars (ca 109 woningen) om tot een duurzaam warmtesysteem te komen voor de Utrechtse woningen in Zuilense Vecht. In de raadsbrief van 26 april 2024 over warmtesystemen voor nieuwbouw informeerden wij uw raad over de samenhang en de verschillen tussen (grootschalige) woningbouwprojecten, waaronder Zuilense Vecht, in de context van ons besluit om een voorstel voor te bereiden voor het oprichten van een publiek warmtebedrijf.
Ook kondigden wij in die brief dit raadsvoorstel aan. Juridische context Het college is op grond van artikel 160 lid 1 sub b bevoegd beslissingen van de gemeenteraad voor te bereiden. De raad heeft in 2022 het Warmteplan Zuilense Vecht vastgesteld conform de bevoegdheid opgenomen in het Bouwbesluit 2012. Vanwege de inwerkingtreding van de Omgevingswet zijn vastgestelde warmteplannen van rechtswege onderdeel geworden van het omgevingsplan, het vaststellen van een omgevingsplan is tevens een raadsbevoegdheid. Feitelijk is het warmteplan nog steeds een losstaand document naast het omgevingsplan, er zijn nog geen regels uit het warmteplan opgenomen in het omgevingsplan. Daarom wordt de juridisch meest zuivere weg gekozen door de raad voor te stellen het warmteplan in te trekken. Door het intrekken van het Warmteplan verdwijnt de aansluitplicht voor nieuwbouw in Zuilense Vecht op het warmtesysteem dat we via een concessie aan een warmtebedrijf wilden verlenen. De (Europese) aanbesteding van de concessie zal hierdoor ook geen doorgang vinden. Er is na vaststelling door de gemeenteraad geen bezwaar/beroep/rechtsgang mogelijk tegen het raadsbesluit. Na besluitvorming door de raad dat het warmteplan wordt ingetrokken zal een tussen de gemeente Utrecht en gemeente Stichtse Vecht gesloten Addendum over het Warmtesysteem worden beëindigd. 2
Gemeentelijke financiële situatie Eventuele bezuinigingen hebben geen invloed op de uitkomst van besluitvorming (voorliggend besluit heeft geen financiële effecten, beleid en doelstellingen blijven overeind). Beslistermijn De gemeenteraad van Stichtse Vecht zal het Warmteplan voor haar grondgebied naar verwachting ook intrekken, en wij willen zorgen dat beide gemeenteraden dit besluit ongeveer gelijktijdig kunnen nemen. Planning voor agendering is 5 september in de commissie ROG en 26 september in de raad. Beoogd effect Het effect van het intrekken van het warmteplan is dat het oorspronkelijk beoogde warmtesysteem samen met Stichtse Vecht niet zal worden gerealiseerd. ` Het effect in vervolg hierop is de realisatie van een (of meerdere) collectief lage temperatuur energiesysteem(en) voor de woningbouw in Zuilense Vecht, gebaseerd op bodemenergie, waarmee de volgende doelen worden nagestreefd: 1. De koeling van gebouwen is goed geregeld. 2. Efficiënt, omdat de overtollige warmte van de zomer in de winter kan worden gebruikt. 3. Netbewust, omdat energieopslag een effectieve manier is om de (piek)netbelasting te beperken. 4. Ruimtelijke kwaliteit en kwaliteit leefomgeving: warmtepompen in combinatie met bodemenergie maken geen gebruik van een buitenunit, zoals lucht-warmtepompen en airco’s.
Deze buitenunits hebben een negatief effect op het stadsbeeld, maken geluid en, in het geval van airco’s, verwarmen ze de omgevingstemperatuur op momenten van hittestress. Wij zullen toezien op de optimale benutting van de (schaarse) bodemruimte voor de WKO's. Het gevolg van het intrekken van het Warmteplan is dat de markt aan zet komt voor het realiseren van een warmtevoorziening voor de nieuwbouw. Wij willen nu met een stimulerende rol bewerkstelligen dat er in Zuilense Vecht in het Utrechtse deel één of twee collectieve lage temperatuur warmtesystemen gerealiseerd worden (met o.a. een Warmte-koudeopslag) door samenwerking tussen toekomstige ontwikkelaar(s) en woningbouwcorporatie(s) Eerdere besluitvorming en informatievoorziening aan de raad - 26 april 2024 Raadsbrief Speelveld Warmtetransitie en voorbereidingen publiek warmtebedrijf Utrecht -7 december 2023 Raadsbesluit bestemmingsplan Zuilense Vecht -STVV Vaststellingsrapport bij Raadsbesluit Zuilense Vecht - 15 juni 2023 Raadsbrief Stedenbouwkundig Plan (SP) -Stedenbouwkundig Plan (SP) (Door college vastgesteld) -16 juni 2022 Raadsbesluit Warmteplan Zuilense Vecht -Warmteplan Zuilense Vecht -20 mei 2021 Raadsbesluit Vaststelling Grex IPvE en SPvE Zuilense Vecht
Beslispunten, Argumenten en Kanttekeningen/Risico’s Beslispunt 1
Het Warmteplan Zuilense Vecht in te trekken voor zover dit het grondgebied van de Gemeente Utrecht betreft, waarmee de aansluitplicht voor nieuwbouw in Zuilense Vecht op een collectief warmtesysteem komt te vervallen.
Argumenten 1.1
Uit een marktconsultatie blijkt dat een concessieverlening op basis van het warmteplan Zuilense Vecht te grote risico’s kent voor warmtebedrijven Uit de marktconsultatie Warmtesysteem Zuilense Vecht (bij 10 warmtebedrijven, zie informatieve bijlage) kan worden geconcludeerd dat marktpartijen grote risico’s zien
3
in het aangaan van een concessie voor het warmtesysteem Zuilense Vecht en daarom niet zullen inschrijven op een aanbesteding hiervoor. Dit heeft te maken met zaken als: Aansluitpercentage, vollooprisico, omvang van het project, contractvorm, bestaande bouw, grondgebonden woningen, energieprestatie en wet- en regelgeving. 1.2
Een concessieverlening is gelet op het beperkte aantal van 450 woningen niet haalbaar en niet betaalbaar Het aanbesteden en beheren van een concessie kost 2-3 miljoen euro over een looptijd van ± 35 jaar. Deze kosten zijn er niet als we het concessiemodel verlaten, omdat er dan geen sprake is van een overeenkomst tussen gemeente en warmtebedrijf. In zowel een model met als zonder concessie worden overeenkomsten afgesloten tussen warmtebedrijf en gebouweigenaren over de levering van warmte. Die zijn in beide gevallen even duur om af te sluiten en te beheren. Een concessiemodel gaat dus gepaard met hogere kosten. Deze kosten moeten gedragen worden door de gemeente of verhaald worden op het warmtebedrijf, die deze kosten op haar beurt verhaalt op de gebouweigenaren en/of de afnemers van warmte. Hierdoor wordt het collectieve systeem duurder, met als gevolg dat de kans toeneemt dat er niet wordt aangesloten op het collectieve systeem (ontwikkelaar kiest voor een eigen, net zo duurzaam warmtesysteem). Dit risico werkt op haar beurt weer kostenverhogend voor het collectieve systeem, omdat het risico van minder aansluitingen wordt ingeprijsd door potentiële concessiehouders/ warmtebedrijven.
Kanttekeningen/Risico’s 1.1
Met dit voorstel vermindert de sturing die de gemeente kan geven aan de ontwikkeling van het warmtesysteem. Het realiseren en exploiteren van warmte (en koude) wordt hiermee in handen van de markt gelegd. Verschil met een concessie(overeenkomst) is dat er in principe geen afspraken kunnen worden gemaakt over bijvoorbeeld betaalbaarheid, betrouwbaarheid en klanttevredenheid. Uit de marktconsultatie blijkt helaas dat hierop sturen zal worden ingeprijsd door de energiemarkt, waardoor de kosten voor een gezamenlijk systeem dermate hoog worden dat hier onvoldoende dekking voor is. In deze tijden van bezuinigingen is het vinden van extra budget niet realistisch en dus kiezen we ervoor om via een stimulerende rol te pakken om alsnog een duurzame energieoplossing voor Zuilense Vecht haalbaar te maken door te sturen op samenwerking tussen woningbouwcorperatie(s) en ontwikkelaars.
Beslispunt 2
Af te wijken van het door de raad vastgestelde Stedenbouwkundige Programma van Eisen Zuilense Vecht voor wat betreft het voornemen om een concessie te verlenen op basis van het Warmteplan met als voorkeurssysteem een Warmte-koudeopslag in combinatie met Thermische Energie Oppervlaktewater gezamenlijk voor beide gemeentes Stichtse Vecht en Utrecht.
Argumenten 2.1
In het door de raad vastgestelde Stedenbouwkundig Programma van Eisen en het door het college vastgestelde Stedenbouwkundig Plan voor de woningbouw wordt nog uitgegaan van een collectieve warmtevoorziening voor beide gemeentes via een concessieverlening. Het SPvE en SP zijn documenten die bij de uitgifte van de gronden in het gebied een kaderstellende rol spelen. In deze stukken wordt nog uitgegaan van een concessieverlening op basis van het warmteplan met als voorkeurssysteem een WKO in combinatie met TEO gezamenlijk voor beide gemeentes. Het SPvE en het SP hoeven niet te worden gewijzigd. Wel zullen wij bij de uitgifte van de gronden de wensen voor cq de eisen aan het warmtesysteem en de daarbij behorende ruimte-
4
behoefte voor zaken als technische ruimtes binnen de bebouwing (niet in de openbare ruimte) en de ruimte voor kabels en leidingen aangeven. Beslispunt 3
Ter realisatie van een collectief energiesysteem dat gebruik maakt van bodemenergie een stimulerende rol aan te nemen en op die manier de woningbouwcorporatie en de ontwikkelaars te bewegen tot samenwerking hierbij, en daarmee af te zien van de beoogde regisserende rol van de gemeente bij het realiseren van het energiesysteem middels een concessieverlening aan een warmtebedrijf.
Argumenten 3.1
Met het nemen van een stimulerende rol om ontwikkelaar(s) en de woningbouwcorporatie te bewegen om samen te werken bij ontwikkelen van een collectief energiesysteem verwachten wij een alternatief te kunnen bieden dat realiseerbaar, betaalbaar en toch duurzaam is. Vanuit duurzaamheid en netcongestie heeft gebruik van bodemenergie de voorkeur. Er is aan Utrecht zijde ruimte in de ondergrond voor in ieder geval twee onafhankelijke collectieve open bodemenergiesystemen, waarbij ook voor regeneratie voldoende duurzame opties zijn mits er actief gestuurd wordt op de ruimtelijke inpassing. De gemeente zal stimuleren dat ontwikkelaars met elkaar gaan samenwerken in de selectie van één gezamenlijk warmtebedrijf, zonder dat er een contractuele relatie is tussen de gemeente en het warmtebedrijf. Onze invloed is groter in projecten met een gemeentelijke GREX zoals Zuilense Vecht, waarbij we bij uitgifte van onze grond kunnen sturen op een beperkt aantal ontwikkelaars en samenwerking met de woningcorporatie voor de realisatie van een gezamenlijk collectief systeem met gebruik van bodemenergie. Wij zijn bezig met de voorbereidingen voor het oprichten van een publiek warmtebedrijf. Wij willen graag in een positie komen dat het warmtesysteem van Zuilense Vecht te zijner tijd kan worden overgenomen door het publieke warmtebedrijf.
Wij zullen stimuleren dat deze optie gerealiseerd kan worden in gesprek met de ontwikkelaars en Woonin. Onze stimulerende rol zullen wij vormgeven door: 1. Gronduitgifte aan de woningbouwcorporatie combineren/afstemmen met tender(s) voor ontwikkelaars. Het realiseren van een collectief bodemenergiesysteem is financieel het meest interessant vanaf een aantal van ca. 175 woningen. Om alsnog tot een collectief bodem-energiesysteem te komen, is het wenselijk dat partijen in het gebied gaan samenwerken. In het bouwplan zaten onder meer 3 kleinere tenders, welke gecombineerd zullen worden tot 1 tender. Hiermee wordt het aantal partijen in het gebied verkleind. Daarnaast stemmen we deze tender af met de 1 op 1 gronduitgifte aan Woonin zodat beide partijen gezamenlijk kunnen optrekken in de realisatie van een collectief bodemenergiesysteem. De gemeente zal een stimulerende rol spelen door partijen proactief bij elkaar te brengen. De gesprekken met Woonin hierover verlopen positief. Dit gaat in eerste instantie om de combinatie van de kavel voor Woonin en de drie naastgelegen bouwblokken. Vervolgens zullen wij bezien hoe wij voor de ca 19 grondgebonden woningen parallel aan de Amsterdamsestraatweg en het later te realiseren initiatievenblok het warmtesysteem op een duurzame manier uitbreiden of realiseren. 2. Slim formuleren van eisen/gunningscriteria bij gronduitgifte.
In de selectieleidraad van de tender en de 1 op 1 uitgifte aan Woonin zal de gemeente onderzoeken hoe de eisen/gunningscriteria zo slim mogelijk geformuleerd 5
kunnen worden. Denk aan het gebruik van bodem, energieprestatie, betaalbaarheid, betrouwbaarheid, transparantie, gebruik van materiaal, bereidwilligheid om met andere partijen op te trekken, planning, etc. 3. Toezien op de verdeling van de schaarse ruimte voor bodemenergie Indien nodig, kan met een bodemenergieplan gestuurd worden op de locatie en capaciteit van de bronnen zodat er zo veel mogelijk gebruik gemaakt kan worden van bodemenergie. 3.2
Met het voorstel kunnen wij een alternatief bieden dat snelle bouw van de woningen (met een elektriciteitsaansluiting) waarschijnlijker maakt Stedin heeft aangegeven dat het oorspronkelijk beoogde gezamenlijk met Stichtse Vecht te realiseren WKO/TEO warmtesysteem niet in aanmerking komt voor een uitzonderingspositie op de wachtrij voor een elektriciteitsaansluiting. Daarmee zouden we in de wachtrij komen en jaren vertraging oplopen. Alle opties hebben het risico dat er vanwege netcongestie geen elektriciteitsaansluiting verkregen wordt. Het wel of niet verkrijgen van een elektriciteitsaansluiting is daarom geen leidend argument bij het advies om geen concessie aan te besteden. Ook omdat de situatie met netcongestie steeds verandert, willen wij zeker niet een weinig duurzame (individuele) energieoplossing voorstellen waarvan later nog maar moet blijken of die wel of niet een elektriciteitsaansluiting zal krijgen. Op dit moment zijn kleinverbruikaansluitingen voor woningen nog wel te krijgen; grootverbruikaansluitingen voor woningen komen op een wachtlijst. Zowel met een kleinverbruik- als grootverbruikaansluiting lijkt realisatie van een collectief systeem haalbaar. Mogelijk volstaan voor de 100 woningen van Woonin alleen kleinverbruikersaansluitingen als per portiek een warmtepomp wordt geïnstalleerd die aangesloten is op de WKO.
De WKO hoeft dan alleen maar te pompen en de warmtepompen zijn klein genoeg voor een kleinverbruikaansluiting.
Financiën Met het intrekken van het warmteplan is de gemeente niet meer verantwoordelijk voor en risicodrager van de concessieverlening. Nu we kiezen voor een stimulerende rol zal het warmtesysteem met minder kosten voor rekening en risico van de woningbouwcorporatie en ontwikkelaars gerealiseerd worden. De (voorbereidings)kosten die tot nu toe ten behoeve van (de aanbesteding van) het collectieve warmtesysteem zijn gemaakt (totaal ca € 165.000) worden 50/50 verdeeld tussen de gemeenten Utrecht en Stichtse Vecht. De gemeente Utrecht dekt de kosten uit de grondexploitatie Zuilense Vecht.
Vervolg Wij zijn in gesprek met woningbouwcorporatie Woonin over de 1 op 1 uitgifte van een deel van onze grond ten behoeve van sociale woningbouw en middenhuur. Hiertoe zijn wij bezig met de voorbereiding van een ontwikkelingsovereenkomst waarin wij ook afspraken maken over het warmtesysteem waaronder de mogelijkheid dat het warmtesysteem van Zuilense Vecht te zijner tijd kan worden overgenomen door het publieke warmtebedrijf. Wij zullen de tenders voor ontwikkelaars van de overige woningen voorbereiden. Ook hierbij maken wij afspraken over de energievoorziening en zullen we stimuleren tot samenwerking tussen partijen voor het realiseren van een meer collectief energiesysteem. Na het raadsbesluit kunnen wij verder met de voorbereidingen voor tenderen en uitgifte van de grond. Wij zullen het “Addendum samenwerkingsovereenkomst 3e fase gebiedsontwikkeling Zuilense Vecht, Warmtesysteem” met de gemeente Stichtse Vecht ontbinden daar deze overeenkomst destijds een apart beslispunt was. Na het raadsbesluit zullen wij Stichtse Vecht melden dat het Addendum wordt beëindigd nu er geen concessieovereenkomst tot stand is gekomen voor 31 december 2023.
6
Participatie Wij hebben veel overleg gevoerd met Woonin over de te realiseren woningen en het benodigde energiesysteem waarbij wij van elkaars expertise en onderzoeken gebruik hebben gemaakt. Ook de markconsultatie kan een vorm van participatie worden genoemd. De voorgelegde keuzes zijn daarmee mede gebaseerd op input van warmtebedrijven en Woonin.
Communicatie Via de (gebruikelijke) tenderprocedure worden potentiële ontwikkelaars op de hoogte gesteld. Via de reguliere kontakten informeren wij woningbouwcorporatie Woonin. Het intrekkingsbesluit wordt op de gebruikelijke wijze via het Gemeenteblad bekend gemaakt.
(Niet)Referendabel De Verordening raadgevend referendum gemeente Utrecht is van toepassing.
Bijlagen Besluitvorming: - Intrekkingsbesluit Warmteplan Zuilense Vecht Informatief: - Marktconsultatie Warmtesysteem Zuilense Vecht
7
Besluit tot intrekking van
Warmteplan Zuilense Vecht De raad van de gemeente Utrecht •
Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 28 mei 2024
Overwegende dat: •
op 16 juni 2022 heeft uw raad het gezamenlijk met de gemeente Stichtse Vecht gemaakte
warmteplan Zuilense Vecht vastgesteld voor zover dit het grondgebied van de Gemeente Utrecht betreft. Gelijktijdig is uw raad akkoord gegaan met het gezamenlijk aanbesteden van het collectieve warmtesysteem Zuilense Vecht door gemeente Utrecht en Stichtse Vecht. •
Bij de voorbereiding van de aanbesteding voor de concessie van het warmtesysteem Zuilense Vecht op basis van het Warmteplan is gebleken dat het verlenen van een concessie aan een
warmtebedrijf voor het relatief beperkte aantal woningen in Zuilense Vecht (ca 300 in Utrecht en 150 in Stichtse Vecht) niet realistisch is. •
Uit een marktconsultatie die - mede ingegeven door ervaringen elders in de stad - is uitgevoerd, is gebleken dat de kans op een succesvolle concessieverlening zeer klein is. Daarnaast blijken de te
maken beheerkosten bij een concessie-aanbesteding niet op te wegen tegen het relatief beperkte aantal woningen in deze gebiedsontwikkeling. •
B en W van Stichtse Vecht, in afstemming met de gemeente Utrecht, haar gemeenteraad eveneens zal voorstellen het Warmteplan voor haar grondgebied in te trekken, waardoor de gezamenlijke aanbesteding van een collectief warmtesysteem komt te vervallen.
•
Voor het Utrechtse deel van de woningen kan met een stimulerende rol bewerkstelligd worden dat er in Zuilense Vecht één of twee collectieve lage temperatuur warmtesystemen gerealiseerd worden (met o.a. een Warmte-koudeopslag) door samenwerking tussen toekomstige ontwikkelaar(s) en woningbouwcorporatie(s).
Besluit tot intrekking van het warmteplan Zuilense Vecht voor zover dit het grondgebied van de Gemeente Utrecht betreft, waarmee de aansluitplicht voor nieuwbouw in Zuilense Vecht op een collectief warmtesysteem komt te vervallen.
Dit besluit treedt in werking vijf weken na bekendmaking van het raadsbesluit.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van <datum>
De burgemeester Sharon A.M. Dijksma
De griffier, Merel van Hall
Verslag marktconsultatie Warmtesysteem Zuilense Vecht
7 september 2023 Versie 1.0 Definitief
Utrecht.nl
Inhoud 1
2
Inleiding
3
1.1
Algemeen
3
1.2
Doel van de marktconsultatie
3
1.3
Aanpak
3
Uitkomsten marktconsultatie
Verslag marktconsultatie Warmtesysteem Zuilense Vecht | 7 september 2023
5
2/10
1
Inleiding
1.1
Algemeen
Gemeente Utrecht en gemeente Stichtse Vecht1 werken samen aan het project Zuilense Vecht. Doel is om de sportparken Daalseweide en Zuilen/Elinkwijk te herontwikkelen waardoor een deel van de sportparkgronden beschikbaar komt voor woningbouw. Hiermee wordt ook ruimte gecreëerd voor een open, groene, beweegvriendelijke langzaam verkeer verbinding met meer en gevarieerde sportgelegenheid tussen de bestaande wijken Zuilen en OpBuuren (Stichtse Vecht). In het plan is ruimte voor 300 woningen en ca 1400 m2 aan plintfuncties (voorzieningen) aan de zijde van Utrecht en maximaal 150 woningen aan de zijde van Stichtse Vecht. De nieuwbouw wordt naar verwachting in 2028 opgeleverd. Deze 450 nieuwbouwwoningen en voorzieningen worden van warmte en koude voorzien door middel van een collectief warmtesysteem. Gemeente onderzoekt tevens of het zich loont om een koppeling te maken met een aantal woningen aan de Amsterdamsestraatweg en met bestaande wijk Op Buuren Dorp (± 500 woningen met bouwjaar 2009-2015). Met deze marktconsultatie wil de gemeente een beter beeld vormen van hoe de markt voor ontwerp, financiering, realisatie en exploitatie (alles voor eigen rekening en risico van een marktpartij) van warmtesystemen eruitziet. Deze inzichten helpt de gemeente om zo goed mogelijk de opdracht te beschrijven en om een juiste inkoopstrategie en aanbestedingsprocedure te kiezen.
1.2
Doel van de marktconsultatie
De gemeente wil graag weten hoe zij de opdracht zo interessant, overzichtelijk en behapbaar mogelijk kan maken voor de markt. Aan welke randvoorwaarden zou de uitvraag moeten voldoen om in te schrijven. Welke eisen moet de gemeente stellen? Of welke eisen juist niet. En welke tips hebben marktpartijen verder voor de gemeente om deze opdracht zo optimaal mogelijk in de markt te zetten?
1.3
Aanpak
Op 3 juli 2023 heeft de gemeente de marktconsultatie gepubliceerd. Deze marktconsultatie bestond uit een marktconsultatieleidraad met informatieve bijlagen. Er is (schriftelijk) informatie opgehaald middels een invulformulier met vragen. De volgende tien partijen hebben dit invulformulier ingevuld en ingediend: - Eteck Warmte Holding B.V. - Visser & Smit Hanab B.V. - Vaanster B.V. - Duurzaam Opgewekt B.V. 1 Hierna samen te noemen: “de Gemeente”. In deze marktconsultatie wordt met “de Gemeente” bedoeld het
samenwerkingsverband Gemeente Utrecht en Gemeente Stichtse Vecht. Gemeente Utrecht is hierin de penvoerder en fungeert als enig aanspreekpunt.
Verslag marktconsultatie Warmtesysteem Zuilense Vecht | 7 september 2023
3/10
-
BAM Energie & Water B.V. Essent Energy Infrastructure Solutions B.V. NetVerder B.V. Eneco Warmte & Koude B.V. Heijmans Energie B.V. Equans Energy Solutions B.V.
De gemeente heeft geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om nadere toelichting te vragen via mondelinge gesprekken. In het volgende hoofdstuk is de informatie die is opgehaald per vraag zo goed mogelijk samengevat. Graag bedanken we de deelnemers aan deze marktconsulatie heel hartelijk voor de geleverde bijdrage. De opgehaalde informatie is voor de gemeente zeer waardevol.
Verslag marktconsultatie Warmtesysteem Zuilense Vecht | 7 september 2023
4/10
2
Uitkomsten marktconsultatie
Vraag 1
Om een beeld te krijgen van uw organisatie: welke kennis en ervaring heeft u op het gebied van warmtesystemen (ontwerp, aanleg, beheer, onderhoud)? Samenvatting antwoorden: De gemeente heeft tien reacties ontvangen. De marktpartijen die gereageerd hebben zijn ondernemingen die zich bezighouden met het ontwerpen, realiseren, beheren, financieren en exploiteren van warmtesystemen. Vraag 2
Het uitgangspunt van de gemeente voor de aanbesteding is een concessieovereenkomst met een looptijd van circa 30 jaar. a. Wat zijn volgens u de belangrijkste aspecten voor de haalbaarheid van een project met deze omvang? b. Is een concessieovereenkomst naar uw mening ook de meest logische keuze? Kunt u dit nader toelichten? Samenvatting antwoorden: a. Belangrijkste aspecten voor de haalbaarheid van een project met deze omvang: Alle marktpartijen wijzen erop dat voldoende zekerheid over aansluiting van afnemers op de collectieve energievoorziening en goede afspraken over het vollooprisico van belang zijn voor de haalbaarheid van het project. Ook een teveel aan eisen / contractuele afspraken is een belangrijk aspect. Verder noemen marktpartijen regelmatig de risicoverdeling (beperken risico’s markt) en (het terugverdienen van) de (realisatie)kosten. Naast deze aspecten worden nog een aantal aandachtspunten genoemd zoals de inwerkingtreding van de warmtewet, prijsfluctuaties, organisatie en de haalbaarheid van een aquathermiebron. b. Over de vraag of een concessieovereenkomst de meest logische keuze is zijn de meningen verdeeld. Drie van de tien marktpartijen zijn positief over deze keuze. Vier van de tien marktpartijen geven aan dat zij een concessieovereenkomst geen goede keuze vinden.