CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Raadsinformatiebijeenkomst 29 augustus 2023, gemeente Utrecht13.040 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

28 “Een apotheker medische kennis van zaken heeft en dit veilig gebruik stimuleert.” “It offers personalised advice to individuals and their medical needs.” “Het voor therapeutisch gebruik de mogelijkheid biedt om goede voorlichting te verstrekken. Voor recreatief gebruik voelt dit voor mij te... ‘klinisch’.”

Sommige deelnemers die tegen verkoop via een apotheek waren, zeiden dat MDMA in normale apotheken moest worden verkocht en niet in een apotheek die specifiek was voor de stof. Anderen vonden dat recreatieve MDMA niet in een medische omgeving moet worden verkocht. Ten slotte waren sommigen bang dat verkoop in een apotheek (te) hoge drempels zou geven:

“Graag XTC bij de normale apotheek aanbieden, niet een aparte apotheek; dat kan stigma induceren.” “Ik niet snap waarom je drank wel anoniem kunt halen, maar dit zo via de zorg zou moeten.” “Teveel overheidsregulatie en daarmee mogelijke restricties. Beleid verandert ten aanzien van maatschappelijke opinies, en voordat je het weet komt er een XTC-paspoort dat alleen vanwege medische redenen kan worden uitgegeven of komen mensen die bepaalde middelen gebruiken (SSRI, HIV remmers, etc) niet in aanmerking voor aankoop.”

Degenen die zeiden dat de apotheek in de toekomst “misschien” MDMA zou mogen verkopen, zeiden dat er meer onderzoek nodig was voordat ze een keuze maakten, dachten dat een apotheek een plek zou zijn om MDMA alleen voor therapeutisch gebruik te verkopen, en of gaven de voorkeur aan een smartshop-scenario vanwege de lagere drempel die het biedt:

“Er eerst nog meer onderzoek gedaan moet worden.” “Niet voor recreatief gebruik, slechts voor therapeutische doeleinden.” “Mij lijkt persoonlijk een shop fijner, hier ga je ook sneller denken dat artsen/personeel je gaan veroordelen.”

Met betrekking tot de club rechtvaardigden degenen die voorstander waren van de verkoop van MDMA op een dergelijke plek hun keuze door uit te leggen dat dit de omgeving is waar MDMA-gebruik plaatsvindt en dus ook een plek om schade te verminderen:

29 “Dat de omgeving is waarin je gebruikt.” “Het is een omgeving met XTC-gebruikers. Iedereen heeft dezelfde vibe dus dat voorkomt botsingen. Daarnaast krijgen mensen een glaasje water tegen uitdroging en uitleg over de effecten van XTC.”

Degenen die tegen de verkoop van MDMA in de club waren, waren bang dat de omgeving niet ideaal zou zijn in termen van preventie of handhaving, en dat de laagdrempelige toegang samen met het gebruik van andere stoffen zou kunnen leiden tot impulsief gebruik. Ze vonden dat MDMA buiten de feestomgeving moet worden verkocht of zagen deze verkooplocatie als de minder geschikte van de drie scenario’s om gereguleerde MDMA verkoop mogelijk te maken:

“We zouden het beter vinden als mensen op voorhand XTC zouden moeten kopen, omdat de keuze dan bewuster is.” “Weinig kans tot preventie en mix met andere middelen.” “Dit lijkt mij de minst goede vorm van verkoop.”

Ten slotte benadrukten degenen die zeiden dat de club die MDMA verkoopt in de toekomst “misschien” open zou mogen zijn, de noodzaak van strengere regels om overconsumptie te voorkomen, inclusief controle of verbod op alcoholgebruik. Zij benadrukten echter ook de moeilijkheden om die regels te handhaven:

“Alleen onder strenge regels. Je wilt voorkomen dat men impulsief besluit te gebruiken.” “Deze vind ik iets lastiger, daar de drempel door bijv. alcohol wel érg laag kan komen te liggen. Speciale ‘XTC-friendly’ feesten zouden wel uitkomst bieden.” “Ik denk dat het een goed idee is om XTC te legaliseren. Voor mij is dit hetzelfde concept als een biertje bestellen in de kroeg. Echter denk ik wel dat er uiteindelijk veel verantwoordelijkheid bij de club en haar personeel komt te liggen. Daarom vraag ik mij af of dit haalbaar is.”

30

Focusgroepdiscussies In hoeverre vallen de resultaten van het onderzoek onder de bezoekers van de XTC-winkel samen met de gedachtenvorming onder experts13? Om dit te onderzoeken organiseerden we twee focusgroepdiscussies. Waar we in het bijzonder in geïnteresseerd waren was of de gedachtenvorming onder experts een draagvlak had onder jonge XTC-gebruikers, zoals die vertegenwoordigd waren in de bezoekers van de XTC-winkel. Sommige experts hadden zich immers al publiekelijk uitgesproken ten gunste van de regulering van MDMA voor recreationeel gebruik. Andere experts daarentegen waren sceptisch en meer terughoudend. Dat laatste bleek al meteen uit de organisatie van de focusgroepen zelf. Het is blijkbaar een grote stap voor veel experts om zich uit te laten over een controversieel politiek onderwerp zoals de regulering van XTC. Expliciet werd door een van de deelnemers uitgesproken dat zij bang was in een bepaald kamp te worden ingedeeld, ondanks het feit dat ze een genuanceerd standpunt innam en niet uitgesproken voor of tegen was.

We benadrukten dan ook tegenover de experts dat de gedachtenvorming in de focusgroepen niet de bedoeling had een bepaald politiek standpunt te ondersteunen, maar integendeel, dat we juist de verschillende kanten van de controverse wilden exploreren; dat er ook geen ‘conclusies’ zouden worden getrokken in de zin van ‘experts ondersteunen dit of dat beleid’; en dat de deelname aan de focusgroepen anoniem zou worden gehouden. Niettemin bleek het niet gemakkelijk deelnemers te werven. Een derde focusgroep, over de juridische en criminele aspecten van de MDMA-markt, waarvoor we met name mensen uit de kringen van politie en justitie vroegen moest daarom helemaal worden afgezegd. Twee focusgroepen bleven over: de eerste voor academische en onafhankelijke drugsonderzoekers, de tweede voor beroepsbeoefenaren uit de preventie en gezondheidszorg. Aan de eerste groep namen vijf experts mee: een minimale omvang en een van de aanwezigen was niet zozeer drugsonderzoeker als wel strafrechtspecialist. Drie ervan hadden eerder deel uitgemaakt van een denktank die aanbevelingen had geformuleerd voor de regulering van MDMA. Dit bleek dan ook een zeer homogene groep wat betreft de opvattingen: drie hadden alles al bedacht en de andere twee waren het zeker niet met ze oneens.

Hiermee bedoelen we ervaren beroepsbeoefenaren en wetenschappers die zich beroepsmatig bezighouden met de drugsmarkten, de gezondheidseffecten van MDMA, en/of wettelijke en juridische aspecten inclusief de zogenaamde “strijd tegen de georganiseerde misdaad”. 13

31 In het algemeen waren de deelnemers van deze groep voor een vierde scenario dat niet in de XTC-winkel was gepresenteerd: een soort sobere staatswinkel waarin mensen beperkt en met het toedienen van heel veel informatie mochten kopen en laten bezorgen. Het achterliggende idee hier was dat verkoop weliswaar legaal zou moeten zijn, maar de omstandigheden waaronder zo onaantrekkelijk mogelijk om aanschaf te ontmoedigen. Deze experts waren dus minder gecharmeerd van de favoriete outlets van de bezoekers, namelijk de apotheek en de smartshop. Verkoop op clubs/evenementen sloten ze daarentegen niet uit, om de zwarte markt te ontmoedigen. Ze waren ook niet bang te bevoogdend te zijn en bepleitten een nationale gezondheidscampagne. Verder suggereerden ze nog een try-out in de zin van de voorgenomen lokale cannabisexperimenten. Op een aantal punten overlapten hun ideeën met die van de bezoekers van de XTC-winkel: ze wilden pillen in neutrale verpakking met relatief lage dosis (bijvoorbeeld van 60, 80 en 100 mg), een leeftijdslimiet van 18 jaar, en geen of hele beperkte reclame. De tweede focusgroep bracht vier experts werkzaam in de preventie- en gezondheidszorg samen: drie ervan actieve beroepsbeoefenaren bij verschillende preventie- en voorlichtingsinstellingen, en een gepensioneerde arts uit de verslavingszorg. De laatste (nr.

4) bleek in zijn meningen enigszins af te wijken van de drie eersten. Zo verwierpen de eerste drie het smartshopscenario, omdat zij zich tegen commerciële XTC-verkoop keerden: een commerciële verkoper wil immers zijn afzet vergroten, en dat moet niet de bedoeling zijn. Nr. 4 wees daarentegen op het eveneens commerciële coffeeshopmodel waarmee we in zijn ogen goede ervaringen hebben. Een apotheekscenario werd door nrs. 1-3 al positiever beoordeeld, al wees nr. 4 erop dat het een beetje vreemd is om in een apotheek pillen voor niet-medische doeleinden te verkopen. Het clubscenario werd ook negatief beoordeeld: een XTC-booth op een party werd nog overwogen, maar er zou toch enige tijd tussen aanschaf en consumptie moeten zitten om impulsief gebruik te voorkomen. Het belangrijkste criterium was echter, aldus een van de deelnemers: ‘wat we willen is dat niet iedereen zomaar 2 pillen kan pakken en afrekenen…’ Er moeten volgens deze groep daarom drempels voor verkoop zijn: het liefst een leeftijdsgrens van 21 jaar (of zelfs 25 jaar), hoewel handhaving daarvan moeilijk zou zijn; pillen met lage dosering van 60 mg; de pillen iets duurder tot twee keer zo duur als vergelijkbare zwarte markt-pillen; de pillen geproduceerd door een ‘staatslab’ (bij dit laatste had nr. 4 weer een afwijkende mening: ‘beetje vreemd voor de staat om MDMA te gaan maken.

32

‘club/festival scenario’

Farmaceutische industrie kan dit gewoon. Misschien wil de industrie niet produceren door a) slecht imago en b) geen geld te verdienen (...) Maar controle kan gewoon door Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit.’ De consensus in groep II lag uiteindelijk dicht bij groep I: drugs alleen verkopen in gespecialiseerde winkels (soort XTC-shop); producten niet in zicht in de winkel; sobere inrichting; schoon; licht; wit; veel informatie; geen harde muziek; geen bezorging ; geen verkoop in parties/clubs; en goede voorlichtingscampagnes (die ook al bestaan voor scholen). De meningen van de experts staan staat dus enigszins haaks op de wensen van de bezoekers, waaronder verkoop in een partysetting weliswaar de minst favoriete optie was, maar toch nog door zestig procent werd gesteund (hoewel ook door 25% afgewezen). De vraag is hiermee hoe een beperking van legale retail van XTC tot een staatswinkel naar Scandinavisch model (onder strikte staatslicentie, met hoge prijzen/belasting en hoge drempels voor verkoop) gehandhaafd zou kunnen worden.

33 Observaties en gesprekken met bezoekers Bezoekersdialogen Zoals eerder vermeld werden er op de locatie van de XTC-winkel met regelmaat observaties gedaan en exitgesprekken gehouden door het ‘personeel’ van de XTC-winkel. Dit was met name bijzonder informatief bij bezoekers die de tour samen met anderen deden en met elkaar overlegden over hun antwoorden. Wat met name opviel was dat bezoekers bijzonder goed in staat waren om complexe afwegingen te maken en dat zij daarbij vaak niet alleen zichzelf als uitgangspunt namen maar juist ook kwetsbare mensen meenamen in hun beslissingen. Waar veel bezoekers goed op de hoogte waren over de voor- en nadelen van het gebruik van XTC, kwam het gesprek vaak op de noodzaak om kwetsbare mensen te beschermen en daarbij dus drempels op te werpen op de verkoop. Hierbij werd veel gesproken over jonge (minderjarige) mensen en mensen met psychische kwetsbaarheden. Bezoekers waren begaan met gezondheid en ‘safe use’ of ‘responsible use’ en gaven veelvuldig aan dat zij een groot verschil zien tussen MDMA en middelen zoals cocaïne (waarbij cocaïne als vele malen risicovoller werd gewaardeerd). Een aanzienlijk aantal bezoekers gaf aan een moreel dilemma te ervaren rond het eigen (huidige) gebruik en het besef bij te dragen aan een crimineel systeem.

Hierbij werd overigens ook door een aantal vrouwen genoemd dat zij risico’s ervaarden tijdens het maken van een ‘deal’ waarbij zij bijvoorbeeld in een auto stapten van een onbekende man om pillen te kopen. Vanuit deze redenaties vonden mensen het (beter/anders) reguleren van XTC bijzonder welkom. Tegelijkertijd gaf een ander deel van de bezoekers aan dat de criminele aanvoerlijn van XTC juist zeer ver van hen afstond. Velen hadden hier nog niet over nagedacht. De XTC-winkel droeg in die zin ook bij aan de bewustwording rond de aanbodkant van de huidige XTC-handel. Enkele bezoekers gaven aan dat zij geen urgente noodzaak zagen voor de regulering van XTC, omdat zij gemakkelijk aan hun pillen konden komen en niet het gevoel hadden dat zij iemand kwaad deden met hun gebruik. De handeling om XTC te verkrijgen is momenteel dermate laagdrempelig, dat sommige bezoekers nauwelijks bewust waren van de ‘illegaliteit’ van hun handelen. Wat voor deze groep met name een eyeopener bleek te zijn was de milieuschade die samengaat met de illegale XTC-productie. Dit is voor de - overwegend jonge doelgroep - een belangrijk thema en uiteindelijk een belangrijke factor in de afwegingen over de regulering van XTC. In een exitgesprek met bezoekers vroeg het personeel systematisch naar het voorkeursscenario van bezoekers.

Hierbij gaf het overgrote merendeel van de bezoekers aan dat zij op een verkooppunt uit zouden komen dat ergens tussen de smartshop en de apotheek uit zou komen. Marketing werd door vrijwel iedereen als onwenselijk gezien, maar te hoge drempels vonden bezoekers ook niet goed. Een aantal bezoekers waren positief over een ‘coffeeshop-loket’: sommige coffeeshops hebben sinds het rookverbod gekozen voor een pure verkoopfunctie (zonder gebruik op locatie), waarbij de verkoper een voorlichtende rol op zich kan nemen.

Conclusies

34

Binnen dit onderzoek stond de vraag centraal: onder welke voorwaarden vinden bezoekers van de XTC-winkel en drugsdeskundigen gereguleerde verkoop van XTC acceptabel in onze maatschappij? Met het ‘ervaringsgerichte’ publieksonderzoek ‘de XTC-winkel’ evalueerden de onderzoekers de maatschappelijke reacties en commentaren op de drie scenario’s van gereguleerde verkoop van MDMA. Het XTC-winkelproject was een pilotproject waaruit geen definitieve conclusies kunnen worden getrokken. Het leverde echter wel een aantal resultaten op die indicaties geven voor de ontwikkeling van de maatschappelijke discussie rond de regulering van MDMA, en voor verder onderzoek om deze discussie te onderbouwen met een meer solide evidence-base. Een eerste belangrijke conclusie is dat noch de bezoekers van de XTC-winkel, noch de deelnemers aan de focusgroepen onder ‘legalisatie’ of ‘regulering’ het volledig vrijgeven van de verkoop van MDMA verstaan. Beide groepen zijn voor restricties op die verkoop. Restricties die in feite de beschikbaarheid van MDMA zouden verminderen: immers, in de praktijk is op de huidige illegale markt MDMA gemakkelijk verkrijgbaar voor elke potentiële gebruiker. Een tweede conclusie is echter dat er wel degelijk verschillen in de aanbevelingen voor en de acceptatie van de verschillende verkoopscenario’s waren tussen de beide groepen (bezoekers en drugsdeskundigen).

Dit ligt deels aan een interessante discrepantie in de opvattingen van de experts. Zowel de academische experts als de onderzoekers uit de praktijk van preventie- en gezondheidszorg konden zich namelijk enerzijds wel vinden in de regulering van de verkoop van MDMA, maar anderzijds vonden ze dat dat op zo’n manier moet dat het eigenlijke gebruik ontmoedigt wordt en de verkoop zo klein mogelijk wordt gehouden. Vandaar dat de experts in de focusgroepen zich bijna algemeen konden vinden in het idee van een vierde scenario met een gespecialiseerde maar onaantrekkelijke retail outlet met door de overheid geproduceerde MDMA. De bezoekers van de XTC-winkel waren voor een belangrijk deel zelf gebruikers, en in meerderheid voor of verkoop door de apotheek, of door een smartshop. Maar ook verkoop op feesten en clubs kon nog op acceptatie door tegen de zestig procent van de bezoekers rekenen. Hoewel we het vierde scenario niet aan hen hebben voorgelegd kwam tijdens exitgesprekken met bezoekers vaak een voorkeur naar voren voor een verkooppunt dat ‘ergens tussen de smartshop en de apotheek’ inzat. Nader onderzoek naar de draagkracht van het door de drugsdeskundigen voorgedragen vierde scenario onder de daadwerkelijke kopers is gewenst. Een te hoge drempel zou het voortbestaan van een aanzienlijke illegale markt als een logisch gevolg hebben.

Een derde conclusie is dat de bezoekers van de XTC-winkel maatregelen voor restricties op verkoop duidelijk toejuichten. Zo waren ze voor een minimumleeftijdsgrens, voor het verzekeren van de veiligheid en het beperken van de maximale doses in pillen, en voor maatregelen om marketing en reclame tegen te gaan. Ook de gebruikers bleken hun verantwoordelijkheid te willen nemen om het gebruik van MDMA zo veilig mogelijk te houden. Noch bezoekers noch deskundigen zijn voorstander van een volledige vrije markt waarin geen regels worden gesteld. De mate van acceptatie voor gereguleerde verkoop onder strikte voorwaarden lijkt, op basis van onze bevindingen, onder deze groepen aanzienlijk.

35 Reflectie op secundaire doelstellingen van de XTC-winkel Naast de centrale onderzoeksvraag had de XTC-winkel een drietal aanvullende doelstellingen. Via de XTC-winkel wilden we een maatschappelijke en politieke dialoog genereren. Daarbij wilden we door de inzet van kunst het gesprek rond reguleren de-polariseren en bezoekers en politici concrete toekomstscenario’s voor te leggen. Hiernaast wilden we met de XTC-winkel de bewustwording onder het algemeen publiek over de Nederlandse MDMA-problematiek en mogelijke oplossingsrichtingen verbreden. Ten slotte bood de XTC-winkel een kans om op een creatieve manier voorlichting te bieden over MDMA en de risico’s voor de gebruiker.

Maatschappelijke dialoog De XTC-winkel is er goed in geslaagd om een nieuwe dimensie in het maatschappelijk debat rond de regulering van XTC te bewerkstelligen. Het gesprek in de XTC-winkel was productief, volwassen en diepgaand, en polarisatie in gesprekken kon worden voorkomen. Het ‘ervaringsgerichte’ publieksonderzoek slaagde er hiernaast in positieve media-aandacht te genereren tot en met een publicatie in The Guardian14 aan toe. Naast de reguliere bezoekers van de XTC-winkel werden ook groepen - deels op uitnodiging - ontvangen. Het ging hier om groepen lokale politici (uit Utrecht en Amsterdam), nationale politici (waaronder Minister Kuipers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport), ambtenaren en beleidsmakers, groepen (internationale) studenten en scholieren. Bij de ontvangst van deze groepen viel een tweetal zaken met name op. Door het gesprek op locatie weg te halen van een debat tussen voor- en tegenstanders van regulering, slaagde het publieksexperiment er bijzonder goed in om mensen door te laten denken over scenario’s voor een toekomst waar deze beslissing al gemaakt was. Onder alle scenario’s lag de aanname dat de productie van MDMA onder staatscontrole was gebracht ofwel via gecertificeerde en gecontroleerde bedrijven gebeurde. Dit maakte dat bezoekers gefocust konden denken over de uitwerking van het beleid na deze politieke beslissing.

Het gesprek op locatie was daardoor buitengewoon genuanceerd en productief. Ook felle tegenstanders van regulering waren bereid om mee te denken in dit gedachtenexperiment en zij gaven aan tot nieuwe inzichten te zijn gekomen. De inzet van kunst en immersief design lijkt dus een belangrijke rol te kunnen spelen in het doorbreken van een impasse in het debat over een complex thema als het reguleren van drugs. Een tweede belangrijke bevinding tijdens de groepsgesprekken was de realisatie dat ‘regulering’ iets heel anders is dan het ‘vrijgeven aan de vrije markt’. De vele keuzes die gemaakt kunnen worden na de legalisering van een middel als XTC was een eyeopener voor een groot aantal bezoekers/groepen. De XTC-winkel liet zien welke knoppen er ingedrukt kunnen worden na legalisering en de mate van controle over processen die daarmee verkregen zou worden processen en keuzes die nu overgelaten worden aan mensen werkzaam in het illegale circuit. Reguleren wordt kennelijk vaak gezien als een radicale daad waarbij controle losgelaten wordt. Dit in tegenstelling tot de opzet van de XTC winkel, waar beleidsmakers en politici invloed zouden hebben op een groot aantal verkoopcondities. Deze nieuwe kijk op ‘regulering’ was een steeds terugkomend thema tijdens de groepsbezoeken.

14

https://www.theguardian.com/world/2022/aug/18/high-street-dutch-ecstasy-shop-shows-possible-way-for-drug-reform-xtc

Voorlichtende functie en het genereren van bewustwording

36

Op locatie is geen voor en na-test gedaan om te onderzoeken in welke mate mensen kennis opdeden tijdens een bezoek aan de XTC-winkel. Het feit dat vrijwel iedereen gezamenlijk de tour doorliep leidde echter tot bijzonder interessante gesprekken tussen bezoekers. Deze gesprekken centreerden rond kennisuitwisseling of het delen van persoonlijke ervaringen, maar focusten ook regelmatig op reflecties rond beleid en de gevoelde noodzaak om kwetsbare mensen in de maatschappij (beter) te beschermen tegen de risico’s van druggebruik. Daarbij zagen bezoekers een grote meerwaarde in gereguleerde verkoop: niet alleen kan goede voorlichting gegeven worden, deze voorlichting kan ook op maat gemaakt worden. Op basis van de ervaringen in het exploiteren van de XTC-winkel kan gesteld worden dat de secundaire doelstellingen ruimschoots behaald zijn. In een vervolg op de XTC-winkel zou het interessant zijn om de mate waarin mensen zich bewuster worden van risico’s rond gebruik en de problemen rond productie en (illegale) verkoop door een bezoek aan de XTC-winkel meetbaar te maken.

‘Minister Ernst Kuipers (VWS) en de Utrechtse wethouder Eelco Eerenberg bezoeken de xtc-winkel’

Aanbevelingen voor vervolgonderzoek

37

Ondanks de beperkingen in de onderzoeksopzet in Utrecht geeft de XTC-winkel buitengewoon boeiende inzichten. Op basis van de bevindingen binnen dit publieksonderzoek zijn er een aantal interessante thema’s geïdentificeerd voor vervolgonderzoek. Een eerste zijn de beleidskeuzes rond de gereguleerde productie van MDMA. Ook hier is een scala aan scenario’s te bedenken: van productie onder volledige staatscontrole tot een systeem van certificering of monitoring. Binnen de huidige onderzoeksopzet hebben we hiernaast niet nauwkeurig kunnen kijken naar de impact die regulering zou hebben op criminaliteit en de zwarte markt. De experts die wij spraken in onze focusgroepen gaven nu aan dat de impact van regulering - mits dit niet in een bredere internationale context gebeurt - laag zal zijn. Ten tweede kan de opzet van het huidige experiment aangescherpt worden. Een belangrijke toevoeging zou het genoemde ‘vierde’ scenario zijn. Daarbij is een vergelijking tussen de percepties van consumenten/bezoekers en die van deskundigen interessant om te onderzoeken hoe laag of hoog de drempel voor aanschaf van MDMA zou moeten zijn om te voorkomen dat gebruikers hun middel op de illegale markt blijven kopen. Voor een volgende editie van de XTC-winkel zouden we een meer divers publiek naar de winkel willen laten komen, waaronder een grote groep ‘nooit-gebruikers’.

In de survey kunnen we naar meer onderscheidende socio-demografische categorieën vragen, zoals woonplaats en land, iemands positie in het politieke spectrum, ideeën over druggebruik en mate van ervaring met drugs. Ook zouden we meer mogelijkheid kunnen geven tot open antwoorden, zouden we de volgorde van het bezoek aan de verschillende scenario’s kunnen laten rouleren, bezoekers allemaal individueel de vragen kunnen laten beantwoorden, en kunnen vragen of mensen verwachten dat zij meer MDMA zouden gaan gebruiken – iets wat een grote zorg is onder deskundigen – als MDMA gereguleerd zou worden. In een vervolgstudie zou het daarnaast interessant zijn om te meten in hoeverre een kunstinstallatie als de XTC-winkel ingezet kan worden voor voorlichting en bewustwording.

Gebruik van MDMA Basisinformatie Datum Gespreksleider Tijd Zaal Soort bijeenkomst Werkvorm

29 augustus 2023 Cees Bos 21.30 – 22.30 uur Grote Trouwzaal Bespreken rapport Raadsleden gaan in gesprek met experts, ambtenaren en andere betrokkenen Eelco Eerenberg Dit onderwerp is nog niet geagendeerd voor een debat in de gemeenteraad. Wilt u nog informatie delen met raadsleden, stuur dit naar raadsinformatiebijeenkomst@utrecht.nl Website gemeente en facebook Naam, evt. organisatie

Portefeuillehouder Vervolg

Links naar Deelnemers

Programma 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.

Introductie onderzoek door X van Mainline foundation en Poppi Drugsmuseum Presentatie opzet onderzoek en uitkomsten van UU Vragen raadsleden Vervolgstappen Vragen van raadsleden LEAP Vragen raadsleden

Motivatie Agendeerders Nadia Stylianou (D66), Anton Stam (Volt), Vincent Stevens (Student & Starter), Mahaar Fattal (GroenLinks) en Stefan Gaillard (Stadsbelang Utrecht). Afgelopen zomer konden mensen een bezoek brengen aan de (fictieve) xtc-winkel waar een heus ervaringsgericht publieksonderzoek is gedaan. Er is samen met Poppi drugs museum en de Universiteit Utrecht een rapport uitgebracht over de uitkomsten van het publieksonderzoek. De fracties van D66, Volt, Student & Starter, GroenLinks en Stadsbelang Utrecht worden hierover graag geïnformeerd en zoeken naar mogelijkheden om als Utrecht stappen te zetten op dit dossier. Doel van de RIB: 1

• Een nadere toelichting op de bevindingen uit het publieksonderzoek van het Poppi Drugs Museum. • Recente inzichten op te doen rond de beleidsoptie om een drugs zoals mdma/xtc (anders) te reguleren en de verwachte impact op criminaliteit, milieu en gezondheid.

Bijdrage(n) Naam en (evt). organisatie

2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=83eaace1-18f8-49f5-b62d-7406baa4ea93