Agendabundel
Tekst van het document
31
Toelichting budgetafwijkingen/grote mutaties Onderstaande tabel geeft de verschillen weer ten opzichte van begrotingsjaar 2021 (als basisjaar). De afwijkingen worden weergegeven wanneer deze groter zijn dan 0,1 miljoen euro dan wel 10% van het totale budget per subdoelstelling. x € 1.000 I/S 2022 2023 2024 2025 Baten Overige baten 0 0 0 0 Totaal baten 0 0 0 0 Lasten Utrecht 900 I 230 -840 -920 -920 Voor de viering van Utrecht 900 zijn per jaar wisselde bedragen toegekend Vervallen fractiebijdrage S 0 -220 -220 -220 Vanaf 2023 vervalt de extra toegekende fractiebijdrage die voor 4 jaar was toegekend Vervallen budget 7e wethouder S -60 -125 -125 -125 Na de gemeenteraadsverkiezingen vervalt het budget voor de 7e wethouder dat voor 4 jaar was toegekend Loon- en prijsindex Raadsorganen S 217 217 217 217 Conform gemeentelijke systematiek Overige lasten -48 -13 -13 -13 Totaal lasten 339 -981 -1061 -1061 Saldo baten en lasten -339 981 1061 1061
Verbonden Partijen Deze subdoelstelling heeft geen verbonden partijen.
Subdoelstelling 2.2 Bewoners zijn betrokken bij hun buurt, wijk en stad door actief te zijn in de eigen omgeving en/of invloed uit te oefenen op gemeentelijke plannen, beleid en uitvoering Indicatoren subdoelstelling
Effectindicator E2.2.1 Percentage inwoners dat het idee heeft dat de gemeente iets heeft gedaan met hun bijdrage om het beleid te beïnvloeden.
Reali Nulsatie meting 2020 27% (2010) Inw.enq.
Doelstelling 2021 40%
Doelstelling 2022 40%
Doelstelling 2023 41%
Doelstelling 2024 41%
E2.2.1
Percentage inwoners dat op een of meerdere manieren heeft geparticipeerd om beleid, plannen of activiteiten van de gemeente te beïnvloeden
17,7% (2017)
Inw.enq.
23%
23%
24%
24%
E2.2.2
Percentage inwoners dat een (burger)initiatief heeft genomen
4,7% (2017 Inw.enq.
6%
6%
7%
7%
32
Analyse
Percentage inwoners dat het idee heeft dat de gemeente iets heeft gedaan met hun bijdrage om het beleid te beïnvloeden.
Door uitvoering van het vastgestelde actieprogramma Samen stad maken op de Utrechtse manier, willen we bereiken dat het percentage stijgt ten opzichte van de laatste meting in 2019. Omdat de Inwonersenquête eens in de twee jaar verschijnt kunnen we voor 2020 geen gerealiseerde gegevens tonen. In 2019 was de waarde 34%.
Percentage inwoners dat op een of Door uitvoering van het vastgestelde actieprogramma Samen stad meerdere manieren heeft maken op de Utrechtse manier, willen we bereiken dat het percentage geparticipeerd om beleid, plannen of stijgt ten opzichte van de laatste meting in 2019. Omdat de activiteiten van de gemeente te Inwonersenquête eens in de twee jaar verschijnt kunnen we voor 2020 beïnvloeden geen gerealiseerde gegevens tonen. In 2019 was de waarde 22%.
Percentage inwoners dat een (burger)initiatief heeft genomen
Door initiatieven te stimuleren en te versterken, willen we bereiken dat het percentage stijgt ten opzichte van de laatste meting in 2019. Omdat de Inwonersenquête eens in de twee jaar verschijnt kunnen voor 2020 geen gerealiseerde gegevens tonen. In 2019 was de waarde 5%.
Wat willen we bereiken? Effectdoelstelling E2.2.1 Bewoners en organisaties kunnen invloed uitoefenen op gemeentelijke plannen, beleid en uitvoering Mensen voelen zich meer betrokken bij de stad. Onze participatie past bij de vraag die voorligt en (doel)groepen die we willen bereiken. Daardoor kunnen nog meer verschillende Utrechters meedenken en meebeslissen over onderwerpen die hen aangaan en wordt hun kracht, kunde en kennis benut. Effectdoelstelling E2.2.2 Bewoners en organisaties hebben ruimte om initiatieven te ontwikkelen en uit te voeren De kracht en inzet van initiatiefnemers en initiatieven willen we zoveel mogelijk helpen ontwikkelen en benutten. Initiatieven hebben we nodig in de stad. Voor de onderlinge steun en informele zorg, voor een schone en veilige buurt, voor inzet bij cultuur of sport, en voor lokale kennis bij het maken of toetsen van nieuwe plannen.
Wat gaan we daarvoor doen? Prestatiedoelstelling P2.2.1 De gemeente zorgt dat meer verschillende bewoners en organisaties, ook die niet snel meepraten, denken of doen, tijdig en op maat zijn betrokken bij gemeentelijke plannen, beleid en uitvoering In 2022 werken we verder aan de uitvoering van het actieprogramma ‘Samen stad maken op de Utrechtse manier’ dat op 21 november 2019 is vastgesteld. Doelstelling van het actieprogramma is dat meer verschillende Utrechters kunnen meedoen, meer mensen zich betrokken voelen bij de stad Utrecht en plannen, beleid en projecten een kwaliteitsimpuls krijgen. Per project en traject onderzoeken we welke participatiewijze het beste past. Daarbij maken we gebruik van de Utrechtse participatieleidraad. Met de halfjaarlijkse voortgangsrapportages informeren we over de voortgang en relevante ontwikkelingen. Voor veel mensen bieden websites, apps, sociale media en andere digitale kanalen een laagdrempelige manier om van zich te laten horen en om informatie te krijgen. Door de drempel te verlagen om mee te doen creëren we de mogelijkheid voor meer Utrechters om betrokken te zijn bij hun straat, buurt of wijk. De digitale participatie heeft door corona een vlucht genomen. We willen wat we hebben bereikt in 2022 vasthouden en versterken.
Daarom gaan we door met ons digitale participatieplatform Denkmee Utrecht! waar verschillende vormen van online participatie bij elkaar zijn gebracht met het oog op herkenbaarheid en toegankelijkheid.
33
We bieden ruimte aan de stad om buurtbudgetten gericht in te zetten. Iedere buurt kan binnen het beleidskader en budgetkader van het Initiatievenfonds op aanvraag en initiatief van bewoners een buurtbudget aanvragen. Vanaf 2022 stimuleren we gefaseerd buurtbudgetten in kwetsbare buurten. Dat doen we samen met inwoners. We beginnen in Utrecht Zuid. We werken buurtbudgetten met buurtbewoners verder uit in soort van een menukaart, gebaseerd op de ervaringen met buurtbudgetten in de afgelopen jaren. Met het gemeente brede participatienetwerk, de interne portal participatie en initiatief en met trainingen werken we aan het vakmanschap van onze medewerkers op het gebied van participatie en daarmee aan de continue ontwikkeling en kwaliteit op het gebied van participatie. De wijkbureaus zijn een laagdrempelige plek in onze dienstverlening aan inwoners en ondernemers. Inwoners kunnen terecht met vragen, meldingen of ideeën over hun leefomgeving en kunnen terecht op het wijkspreekuur van de wijkwethouder. Op wijkbureaus waar het gebouw geschikt is, hebben we een servicepunt ingericht. Het wijkbureau is ook een netwerkplek voor medewerkers en professionals in de wijk waar kennis en kunde over de Utrechtse buurten samenkomt en wordt uitgewisseld.
Het ontsluiten en analyseren van kwalitatieve en kwantitatieve gegevens helpt ons en onze maatschappelijke partners om het werk in Utrechtse buurten gericht en effectief in te zetten. We hopen dat in 2022, mensen van het wijkbureau ook weer kunnen werken op locaties in de buurt. Door Corona was dat in 2020 en 2021 maar beperkt mogelijk. Prestatiedoelstelling P2.2.2 De gemeente faciliteert bewoners en organisaties bij hun initiatieven in buurt, wijk en stad en benut de kracht, kennis en kunde van de stad Samen met de stad gaan we aan de slag met de actielijnen uit het actieprogramma ‘Samen stad maken initiatief’ in de volgorde die de raad in het najaar van 2021 zal vaststellen. Initiatiefnemers die contact leggen met de gemeente zoeken naar een voor hun logische ingang passend bij hun initiatief. Daardoor komen initiatieven op verschillende plekken in onze organisatie binnen. Daarnaast hebben we met het mailadres initiatief@utrecht.nl en de webpagina uw initiatief ook een gemeentebrede ingang. De meeste initiatiefnemers worden snel geholpen en hun initiatieven passen in onze regelingen en programma’s. Voor initiatieven waarvoor dat niet geldt en initiatieven die vastlopen, werken we met het Groene golf-team aan een goede, snelle besluitvorming. In het Groene golf-team zijn alle organisatieonderdelen vertegenwoordigd.
Dat maakt dat initiatieven integraal worden beoordeeld bij het nemen van een besluit. Daarvoor gebruiken we de driehoek publieke waarde die kijkt naar de waarden legitimiteit, rendement en betrokkenheid. Initiatiefnemers kunnen ook ondersteuning krijgen van partners in de stad zoals de Vrijwilligerscentrale Utrecht en de Utrechtse uitdaging en VoorjeStadsie. Met het Initiatievenfonds moedigen we mensen aan om zich vrijwillig in te zetten voor elkaar, de buurt, wijk of stad. Eigen inzet en draagvlak zijn daarbij belangrijke pijlers. Inwoners kunnen mondeling, op papier en online een aanvraag doen. Als het nodig is gaan we ook naar de mensen toe. Kinderen en jongeren kunnen een aanvraag doen door te bellen, appen of het sturen van een filmpje naar een speciaal voor dat doel ingesteld telefoonnummer. Voor initiatiefnemers die loonkosten hebben en daarvoor een bijdrage krijgen uit het Initiatievenfonds geldt dat zij maximaal drie jaar een bijdrage kunnen krijgen uit het fonds. Vanaf het begin praten we met initiatiefnemers over de eindigheid van financiële ondersteuning uit het Initiatievenfonds. Initiatiefnemers en gemeente hebben het over hun verwachtingen en kijken samen naar de ideeën en mogelijkheden voor als de ondersteuning uit het Initiatievenfonds stopt.
Initiatieven die per 1 januari 2023 geen aanvraag meer kunnen doen bij het Initiatievenfonds, geven we voor 1 juni 2022 uitsluitsel over de mogelijkheden voor ondersteuning. We informeren u over die uitkomst met een raadsbrief voor de Voorjaarsnota zoals we dat ieder jaar doen. Uit de afgelopen jaren blijkt dat er voor initiatiefnemers met loonkosten na drie jaar verschillende uitkomsten zijn. Sommige initiatieven gaan op eigen kracht verder, anderen dragen met hun doelstelling bij aan een programma en krijgen van daaruit ondersteuning en sommige stoppen. Initiatieven met een driejaarstermijn die na drie jaar nog ondersteuning willen van de gemeente en die bijdragen aan 34
meerdere beleidsdoelen wegen we met de driehoek publieke waarde op betrokkenheid, rendement en legitimiteit. Als een initiatief publieke waarde heeft, zoeken we naar flexibiliteit en ruimte binnen de regels van de bestaande programma’s, soms met een tijdelijke financiële ondersteuning als overbrugging naar een meerjarige financiële ondersteuning. Bij de toekenning van financiële ondersteuning worden initiatieven gewogen ten opzichte van andere activiteiten die de gemeente ondersteunt en die hetzelfde of een vergelijkbaar doel dienen. Daardoor betekent een aanvraag doen niet automatisch dat een aanvraag ook (volledig) wordt toegekend. Als er geen ruimte is, doen we een voorstel bij de Voorjaarsnota 2022.
Wat mag dat kosten? x € 1.000 Rekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020 2021 2022 2023 2024 2025
Omschrijving Baten 01-2-2-1
94
0
0
0
0
0
94
0
0
0
0
0
9.399
10.525
10.075
10.078
10.078
10.078
Totaal lasten
9.399
10.525
10.075
10.078
10.078
10.078
Saldo baten en lasten Mutaties reserves Toevoeging reserves Onttrekking reserves
-9.305
-10.525
-10.075
-10.078
-10.078
-10.078
0 0
0 597
0 0
0 0
0 0
0 0
Geraamd resultaat
-9.305
-9.928
-10.075
-10.078
-10.078
-10.078
Totaal baten Lasten 01-2-2-1
Bewoners betrekken
Bewoners betrekken
Financiële toelichting Hieronder lichten wij de financiële ontwikkelingen per doelstelling toe. Bewoners betrekken Baten Niet van toepassing. Geen afwijking begroting Lasten De begrote lasten in 2022 zijn 0,45 miljoen euro lager dan in 2021. Dit heeft een incidenteel karakter. In de begroting 2021 is namelijk het budget van 0,55 miljoen euro van het bestedingsvoorstel voor ‘spel en bewegen’ verwerkt, en het budget voor de transitie wijken (0,047 miljoen euro). In 2022 valt dit budget weer weg (0,597 miljoen euro). Zonder deze incidentele budgetten, neemt de (structurele) begroting in 2022 toe ten opzichte van 2021 met (0,147 miljoen euro). Dit saldoverloop ontstaat door de volgende mutaties: • Loon en prijscompensatie en overige incidentele budgetten (0,357 miljoen euro). • Budget voor buurtbudgetten (0,02 miljoen euro) vanaf 2022 voor projectorganisatie- en communicatiebudget om het (digitale) samenwerkingsproces in kwetsbare buurten goed te organiseren en moeilijk bereikbare groepen te bereiken. • Voor het vernieuwen van de participatie is voor zowel 2019, 2020 als 2021 jaarlijks een extra investering van 0,13 miljoen beschikbaar gesteld. • Voor U in de Wijk is voor zowel 2020 als 2021 0,1 miljoen euro beschikbaar gesteld (bij de Voorjaarsnota 2019).
35
Aanvullend op de hierboven genoemde begrotingsmutaties (2022 ten opzichte van 2021) wordt binnen de begroting 2022 budget gereserveerd uit het Initiatievenfonds voor: • Utrecht 900 jaar (0,6 miljoen euro) • U in de wijk 0,1 miljoen euro. Bij de Voorjaarsnota 2019 is voor zowel 2020 als 2021, 0,1 miljoen euro beschikbaar gesteld in afwachting van de visie lokaal mediabeleid. Dat bedrag valt weg in 2022. De toekomstvisie op het gefinancierde lokale media en omroep wordt in 2022 naar de raad gestuurd. Door U in de wijk in 2022 nog een jaar te subsidiëren wordt voorkomen dat U in de wijk moet stoppen voordat duidelijk is of U in de wijk een functie kan hebben in het lokale mediabeleid, en zo ja welke.
Toelichting budgetafwijkingen/grote mutaties Onderstaande tabel geeft de verschillen weer ten opzichte van begrotingsjaar 2021 (als basisjaar). De afwijkingen worden weergegeven wanneer deze groter zijn dan 0,1 miljoen euro dan wel 10% van het totale budget per subdoelstelling. x € 1.000 I/S 2022 2023 2024 2025 Baten Overige baten 0 0 0 0 Totaal baten 0 0 0 0 Lasten Bestedingsvoorstel "spel en bewegen" (550) S -597 -597 -597 -597 en transitie Wijken (47) Dit budget is in de begroting 2021 verwerkt en vervalt weer vanaf 2022 Vervallen budget vernieuwing participatie S -130 -130 -130 -130 Vanaf 2022 vervalt het extra budget dat voor 3 jaar was toegekend Vervallen budget U in de Wijk S -100 -100 -100 -100 Vanaf 2022 vervalt het extra budget dat voor 2 jaar was toegekend Buurtbudgetten S 20 20 20 20 Beschikbaar budget vanaf 2022 voor projectorganisatie- en communicatie Loon- en prijscompensatie S 314 314 314 314 Volgens gemeentelijke systematiek Overige lasten 43 46 46 46 Totaal lasten -450 -447 -447 -447 Saldo baten en lasten 450 447 447 447
Verbonden Partijen Deze subdoelstelling heeft geen verbonden partijen.
36
Subdoelstelling 2.3 De kwaliteit van de dienstverlening aan bewoners is adequaat Indicatoren subdoelstelling
Effectindicator E2.3.1 Klanttevredenheid balie Burgerzaken (schaal 1-10)
Nulmeting
Reali satie 2020 n.v.t.
Doelstelling 2021 8
Doelstelling 2022 8
Doelstelling 2023 8
Doelstelling 2024 8
E2.3.2
Klanttevredenheid Klant Contact Centrum (schaal 1-10)
6,8 (2015)
7,6
7,6
7,6
7,6
7.6
E2.3.3
Digitale klanttevredenheid (schaal 1-10)
6,1 (2015)
7,7
7,6
7,6
7,6
7,6
Analyse Voor alle kanalen geldt dat we streven naar een waardering die voor het desbetreffende kanaal landelijk wordt gezien als ‘goed’. De streefcijfers zijn afgemeten naar andere gemeenten/overheden zijn het de maximale reële scores gegeven de beschikbare budgetten. Bij de balie wordt een Klanttevredenheid balie Burgerzaken klantwaardering van een 8 gezien als een hoge score. Met deze score (schaal 1-10) houden we de dienstverlening aan de balie op peil Klanttevredenheid Klant Contact Centrum (schaal 1-10)
Een 7,6 is ook in de commerciële dienstverlening een hoge score.
Digitale klanttevredenheid (schaal 1-10)
Net als bij telefonie wordt voor digitale dienstverlening een klantwaardering van een 7,6 gezien als een hoge score
Prestatieindicator P2.3.1 Burgerzaken voldoet aan de kwaliteitseisen op het terrein van beheren van gegevens, processen en privacy-aspecten (auditnorm BZK)
Nulmeting 90% (2010)
Reali satie 2020 93%
Doelstelling 2021 90%
Doelstelling 2022 90%
Doelstelling 2023 90%
Doelstelling 2024 90%
P2.3.2
Percentage telefonische contactpogingen dat leidt tot een contact (bereikbaarheidsnorm)
93% (2010)
88,4
95%
95%
95%
95%
P2.3.4
Realisatie Webrichtlijnen
n.n.b.
n.v.t.
36/38
36/38
36/38
36/38
37
Analyse
Burgerzaken voldoet aan de kwaliteitseisen op het terrein van beheren van gegevens, processen en privacy-aspecten (auditnorm BZK)
Met een score van 90% voor de zelfevaluatie Basisregistratie Personen (BRP), Paspoort en Nederlandse Identiteitskaart (PNIK) en Registratie Niet-Ingezetenen (RNI) scoren we volgens de definities van RvIG (Rijksdienst voor Identiteits Gegevens) voldoende. Het verhogen van de score naar 100% is deels technisch niet haalbaar (andere werkwijze dan de toets veronderstelt) of de kosten zijn niet in verhouding tot de toegevoegde waarde.
Percentage telefonische contactpogingen dat leidt tot een contact (bereikbaarheidsnorm)
Tot nu toe hebben we de bereikbaarheidsnorm expliciet opgenomen als doelstelling. Dit geeft ten onrechte het beeld dat dit een cruciaal element is in de klanttevredenheid. We sturen op een samengesteld pakket van factoren (waar de bereikbaarheid deel van uitmaakt) die samen de klanttevredenheid bepalen. Daarom zullen we bij de volgende voorjaarsnota voorstellen om deze ‘losse’ indicator te laten vervallen en de totale klanttevredenheid als indicator te hanteren. De bereikbaarheid in 2020 was over het algemeen op niveau. De dagen van en kort na nieuwe of veranderende corona maatregelen zijn extreem druk geweest en was er een lange wachttijd. Daardoor is het jaargemiddelde relatief laag.
Realisatie Webrichtlijnen
De webrichtlijnen-score komt tot stand door middel van een externe audit. Op een aantal punten zijn we afhankelijk van externe leveranciers of technische belemmeringen waardoor het behalen van de 100% op korte termijn niet haalbaar is.
Wat willen we bereiken? Effectdoelstelling E2.3.1 Burgerzakenproducten worden adequaat en volgens wettelijke vereisten geleverd Iedere inwoner krijgt de diensten en producten waar hij/zij recht op heeft en die voldoen aan de wettelijke vereisten. We zoeken daarbij de maximale ruimte in wet- en regelgeving om dit te realiseren. Daartoe investeren we in het kennisniveau van onze medewerkers en geven hen meer ruimte en -tijd voor de menselijke maat. Tegelijkertijd zijn we de poortwachter om ervoor te zorgen dat degenen die daar géén recht op hebben ook geen producten en diensten geleverd krijgen. Daar waar wet- en regelgeving achterblijft bij de maatschappelijke werkelijkheid spannen we ons maximaal in om wet- en regelgeving te moderniseren. Effectdoelstelling E2.3.2 Bewoners en bedrijven zijn tevreden over het contact met de gemeente Binnen onze dienstverlening staat de Utrechter centraal. Wij willen een begripvolle en inclusieve gemeente zijn. Vanaf 2022 zal in de dienstverlening méér nog dan voorheen inspanning geleverd worden om de menselijke maat een prominentere plaats te laten innemen in de dienstverlening. Uiteraard streven we er daarbij naar om de kosten voor inwoners van Utrecht zo laag mogelijk te houden. Om dit te realiseren sluiten aan bij de behoeften van de bezoekers.
Hiervoor zorgen we ervoor dat bij het ontwikkelen van nieuwe functionaliteit of content we eerst zo goed mogelijk de behoefte van de gebruiker analyseren. Daarnaast toetsen we tijdens de ontwikkeling en oplevering of hetgeen we gemaakt hebben ook echt aan de verwachtingen voldoet. Dit doen we onder andere met behulp van data en een continu draaiend klanttevredenheidsonderzoek, aangevuld met klantreizen en het opvolgen van klachten, suggesties en alle andere signalen.
38
Effectdoelstelling E2.3.3 Utrecht levert betere publieksdienstverlening tegen zo laag mogelijke kosten De maatschappij verandert in een hoog tempo en daarmee de behoefte van inwoners en ondernemers over de manier waarop zij gebruik willen en kunnen maken van onze dienstverlening. Om aansluiting te houden bij deze veranderingen en dienstverlening te leveren die dicht bij de verwachtingen van de inwoners staat, blijven we doorlopend vernieuwen. We streven naar een dienstverlening waarbij alle zaken via alle kanalen, dus ook digitaal, geregeld kunnen worden. Zo sluit de dienstverlening aan bij technische mogelijkheden die onze maatschappij biedt, maar ook bij de algemene ontwikkelingen die door de landelijke overheid worden geboden. We zullen in 2022 verder doorwerken aan de ontwikkeling van GEM (virtuele assistent) en andere nieuwe dienstverlenings-voorzieningen die nu in de Common Ground worden ontwikkeld. Op deze manier bieden wij inwoners een betrouwbare, inclusieve en moderne manier van zaken doen met de overheid en wordt ook de aansluiting met ketenpartners voor inwoners eenvoudiger.
Wat gaan we daarvoor doen? Prestatiedoelstelling P2.3.1 Leveren van een betrouwbaar, actueel en juist bestand van persoonsgegevens De basis voor veel producten en diensten van de overheid (gemeentelijke en landelijke overheden) vormt de administratie van persoonsgegevens. Burgerzaken is hier verantwoordelijk voor en borgt de kwaliteit van de basisregistratie persoonsgegevens (BRP) en de burgerlijke stand. Dat doen we, naast de steekproefsgewijze kwaliteitsmetingen, onder andere door te investeren in het op peil houden van de kennis van medewerkers en door voortdurend aandacht te geven aan onderwerpen als adres- en identiteitsfraude en het voorkomen van vormen van dwang (bijvoorbeeld mensenhandel). Daarmee ondersteunen we ook de landelijke afnemers en binnengemeentelijke organisatieonderdelen door een betrouwbaar en actueel bronbestand van persoonsgegevens beschikbaar te stellen voor de uitvoering van publiekrechtelijke taken. De rol van afdeling Burgerzaken als bewaker van persoonsgegevens wordt met meer dan 500 afnemers steeds belangrijker. Om die reden doet Burgerzaken onder andere proactief mee in het project landelijke Aanpak Adreskwaliteit (LAA). Dit landelijke project combineert en verfijnt data uit adresbestanden van verschillende overheidsinstellingen en legt deze naast de BRP-gegevens.
Risicoadressen die uit deze datavergelijkingen naar voren komen worden met afdeling Burgerzaken gedeeld en worden onderzocht. Burgerzaken, Werk en Inkomen (WenI) en Vergunningen Toezicht en Handhaving (VTH) hebben zich tot doel gesteld om in 2022 1000 risicoadressen te onderzoeken. Dit doelaantal is bepaald in overleg met de projectorganisatie van LAA en is gebaseerd op doelaantallen van vergelijkbare gemeenten. Door het onderzoeken van LAA-risicoadressen kunnen we gericht adres-, woon- en uitkeringsfraude aanpakken, maar ook actie ondernemen waar misstanden worden geconstateerd. In het handhavingsprogramma en de –verantwoording rapporteren we specifiek over de resultaten op het gebied van adresfraude en identiteitsfraude. De tijdelijke financiering (0,260 miljoen euro) is eind 2020 gestopt. De oorspronkelijke opzet was dat er een interne businesscase was om deze kosten terug te verdienen door gericht te sturen op het stoppen van ten onrechte verstrekte bijstandsuitkeringen. Nog afgezien van de onwenselijkheid om een businesscase te baseren op ‘fraudeaanpak’, is de businesscase in de financiële zin binnen de gemeente niet sluitend te krijgen. Veel financiële baten komen ten gunste van andere deelnemende partijen, zoals de belastingdienst. Er is geen twijfel over het maatschappelijk belang van deze aanpak in het licht van ‘zorg achter de voordeur’ en ‘tegengaan ondermijning’.
Het Kabinet wil deelname van gemeenten aan de LAA dan ook wettelijk verplichten. Tegelijkertijd zijn wij in gesprek met de LAA-organisatie om met het in werking treden van deze wetgeving (2022) de financiële verdeling van kosten en baten beter in balans te krijgen, opdat we als gemeenten een kostendekkende vergoeding krijgen voor de personele inzet. Gezien het maatschappelijk belang zullen we de LAA continueren en zullen we met de deelnemende organisatieonderdelen incidenteel de 0,260 miljoen euro uit de bestaande uitvoerings-budgetten dekken.
39
Burgerzaken investeert in het optimaliseren van haar poortwachtersfunctie. Met een extra inzet op training van de medewerkers én inzet van moderne ICT-oplossingen is het mogelijk om bij ons aangeleverde valse brondocumenten nog beter te herkennen. Zo kunnen we de optimale bijdrage leveren aan het terugdringen van criminaliteit en ondermijning. Burgerzaken doet mee in en organiseert diverse vernieuwing- en verbeterprojecten en werkt actief samen in werkgroepen van gemeenten in de regio, in G4 verband, VNG en met de 100.000+ gemeenten. Daarbij richt de vernieuwing zich met name op een betrouwbare en veilige manier van digitaliseren van de processen voor de inwoners (zoals de digitale huwelijksplanner en geboorteaangifte), dataminimalisatie, privacy by design en het faciliteren van een betrouwbaar digitaal identiteitsmiddel voor de inwoners. Deze vernieuwing wordt vormgegeven op basis van de uitgangspunten van de Common Ground. Reisdocumenten Sinds het begin van de coronacrisis is het aantal aanvragen voor verlopen reisdocumenten sterk teruggelopen. In eerste instantie omdat we als overheid hebben aangedrongen op uitstel van de aanvraag. Maar ook toen dit niet meer aan de orde was, bleef de vraag naar nieuwe reisdocumenten, ook rond de zomervakantie, zo’n 30% achter op de verwachte aantallen (verlopen) reisdocumenten.
We verwachten in het najaar deze achterstand weggewerkt te hebben, maar dat blijft onzeker. Uiteraard is ook nog niet aan te geven in welke mate we in 2021 en 2022 te maken zullen hebben met efficiencyverlies door de RIVM-richtlijnen. Met de huidige (medio 2021) richtlijnen hebben we ongeveer 30% efficiencyverlies t.o.v. de reguliere situatie. In deze begroting gaan we ervan uit dat beide zaken in 2021 voor het grootste deel zijn opgelost en dat we in 2022 geen extra kosten hiervoor hoeven te maken. Staatloosheid In het licht van ‘gelijke kansen creëren voor iedereen' maakt Utrecht zich hard voor de aanpak van staatloosheid. Utrecht wil maximaal gebruik maken van haar lokale uitvoeringsruimte en beleidsvrijheid om mensen die moeite hebben met het aantonen hun nationaliteit of staatloosheid te ondersteunen. Om die reden gaat Utrecht in 2021 en 2022 een aanpak ontwikkelen en capaciteit vrijmaken om ook de huidige dossiers nogmaals goed te onderzoeken. Utrecht neemt hiermee het voortouw om samen met een aantal gemeenten en cruciale ketenpartners en belangenbehartigers een aanpak te ontwikkelen om mensen beter te kunnen helpen. Hierbij staat het goed informeren van inwoners, het opbouwen kennis en netwerk rond complexe dossiers en het goed begeleiden van mensen die hun nationaliteit of staatloosheid willen aantonen centraal.
Hiermee wil Utrecht landelijk een trend te zetten in de oplossing van dit probleem. Verkiezingen De eisen die gesteld worden aan verkiezingen en de manier waarop die worden vormgegeven veranderen sterk en doorlopend. Voorbeelden daarvan zijn de eisen op het gebied van de toegankelijkheid, veranderende ICT-toepassingen, centrale stemopneming, veranderingen in de kieswet of de manier waarop de proces-verbalen worden vastgelegd en gepubliceerd. Dit vereist een doorlopende aandacht voor en voorbereiding van verkiezingsprocessen. Vandaar dat we werken met een versterkt en vast kernteam dat hiervoor verantwoordelijk is de kwaliteit kan borgen. Voor de aankomende zes jaar is voor elk jaar een verkiezing gepland. Het is uiteraard onduidelijk of en in welke mate we in maart 2022 nog te maken hebben met aanvullende wensen en eisen op het gebied van de pandemie. In die onzekerheid zullen we ons in ieder geval voorbereiden op de 1,5 meter richtlijn. In september zullen we een voorstel aan u voorleggen om de verkiezingen in alle opzichten robuuster toekomstbestendiger te organiseren.
40
Prestatiedoelstelling P2.3.2 Geven van duidelijke en eenduidige informatie aan bewoners Inwoners en ondernemers mogen van de gemeente een eenduidige werkwijze, een helder serviceniveau en goede kwaliteit verwachten. Daarbij vinden wij het vanzelfsprekend dat de dienstverlening zo is ingericht dat deze toegankelijk en bereikbaar is voor alle inwoners van Utrecht. Hierbij is informatie eenvoudig, actueel, makkelijk vindbaar en communiceren we in begrijpelijke taal. We maken het mogelijk om onze informatie via verschillende kanalen te raadplegen en maken gebruik van (social-) media om de inwoners en ondernemers te attenderen op actuele ontwikkelingen. We zijn in 2021 gestart met kleine en meer integrale dienstverleningsteams binnen het KCC. Deze zogenaamde miniteams werken volgens de lijnen "voorkomen is beter dan beantwoorden" en "mogelijk maken wat nodig is" aan verbetering van de dienstverlening met de menselijke maat. Ook is er een datateam geformeerd om meer inzicht te krijgen in daadwerkelijke klantvraag waarmee we gerichte aanpassingen kunnen doorvoeren in onze dienstverlening. Deze zaken zullen in 2022 verder worden uitgebouwd tot een gemeentebreed verbeterproces.
Prestatiedoelstelling P2.3.3 Met kanaalsturing leiden we onze inwoners naar de meest passende kanalen gegeven vraag, situatie en moment We zetten doelgericht instrumenten in, zoals data en onderzoek om inwoners en ondernemers optimaal toe te leiden naar het meest passende kanaal. Dat wil zeggen: het kanaal dat op dat moment het best past bij de vraag en de situatie van de inwoner. Die voorkeur is leidend. Om dit te realiseren herontwerpen we de dienstverleningsprocessen waar nodig en stimuleren we het gebruik van het digitale kanaal door het onder de aandacht te brengen en het digitale proces te vereenvoudigen. Ook de inzet van de chat-functie, video-bellen en de virtuele assistent zijn waardevolle aanvullingen voor de digitale processen. Voor hen die dit lastig of op enig moment niet passend vinden houden we uiteraard de andere kanalen open en ontwikkelen we slimme hulpmiddelen, zoals assistentie bij aanvraag van DigiD. Dit doen we niet omdat we de inwoner in óns digitale kanaal willen 'duwen', maar omdat de inwoner met name op andere maatschappelijke gebieden beperkt wordt door gebrek aan digitale vaardigheden. In 2022 zal ook een deel van de website ook Engelstalig ontsloten worden volgens de wetgeving ‘Single Digital Gateway’ en de Dienstenwet.
Prestatiedoelstelling P2.3.4 Onze website is toegankelijk conform doelstelling Agenda 22 We werken dagelijks aan het ontwikkelen van een toegankelijke website die aansluit bij de doelstellingen van Agenda 22. Daarbij werken we er naartoe dat de Utrechtse websites voldoen aan de wet digitale toegankelijkheid om ook op dit gebied een inclusieve gemeente te zijn. Het schrijven op B1 niveau is een onderdeel van deze wet en passen we in al onze nieuw te ontwikkelen websites toe. Met het doorvoeren van de wet digitale toegankelijkheid werken we aan het beter bruikbaar, beter uitwisselbaar, duurzamer en toegankelijker maken van onze website voor verschillende bezoekers, browsers, zoekmachines en apparaten.
41
Wat mag dat kosten? x € 1.000 Rekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020 2021 2022 2023 2024 2025
Omschrijving Baten 01-2-3-1
4.606
5.538
5.230
5.035
7.744
7.744
111
68
68
68
68
68
12
0
0
0
0
0
4.730
5.606
5.298
5.103
7.813
7.813
8.702
9.707
9.533
9.267
10.773
10.774
8.642
8.986
9.235
9.188
9.207
9.210
1.092
1.182
1.145
1.145
1.150
1.150
Totaal lasten
18.437
19.874
19.912
19.599
21.130
21.134
Saldo baten en lasten Mutaties reserves Toevoeging reserves Onttrekking reserves
-13.707
-14.268
-14.614
-14.496
-13.318
-13.321
732 206
58 242
0 0
0 0
0 0
0 0
Geraamd resultaat
-14.234
-14.084
-14.614
-14.496
-13.318
-13.321
01-2-3-2 01-2-3-3
Totaal baten Lasten 01-2-3-1 01-2-3-2 01-2-3-3
Juist bestand persoonsgegevens Informatie aan bewoners Publieksdienstverlening
Juist bestand persoonsgegevens Informatie aan bewoners Publieksdienstverlening
Financiële toelichting Hieronder lichten wij de financiële ontwikkelingen per doelstelling toe. Juist bestand persoonsgegevens Baten De begrote baten in de begroting 2022 dalen met 0,3 miljoen euro ten opzichte van de begroting 2021. Dit wordt grotendeels veroorzaakt door de reisdocumentendip. We bevinden ons nog steeds in de reisdocumentendip cyclus. Vanaf 2024 herstelt het aantal vragen zich weer tot 2029, waarna de aanvraagdip zich vervolgens herhaalt. Naar verwachting gaat er ruim 50 jaar overheen voor de cyclus van piek- en dipjaren is uitgevlakt." Lasten De begrote lasten in 2022 dalen ten opzichte van de begroting 2021 met 0,174 miljoen euro. Dit betreft een saldo dit lichten we hieronder toe: De afname in de begroting 2022 (0,5 miljoen euro) betreft de volgende onderdelen: • Daling (0,128 miljoen euro) door minder begrote rijksafdrachten leges. • Daling (0,250 miljoen euro) door het wegvallen van het incidentele projectgeld voor studenteninschrijvingen. • Daling (0,092 miljoen euro) door een incidenteel budget voor verkiezingen gedekt uit de reserve verkiezingen: In 2021 zijn de kosten voor de verkiezingsborden, de Vibes en de mobiele bus die gemaakt zijn bij de Tweede Kamerverkiezing (Conform amendement A2020/153) incidenteel uit de reserve verkiezingen gedekt en daarmee verwerkt in de begroting 2021. • Daling overige posten ( 0,03 miljoen euro).
42
De toename in de begroting 2022 ten opzichte van de begroting 2021 (0,328 miljoen euro) komt doordat: • Bij de voorjaarsnota middelen beschikbaar zijn gesteld voor burgerzaken: “Uitvoering op juiste niveau" 0,185 miljoen in 2022 Projectbudget Staatloosheid (2021 en 2022: 0,331 miljoen euro). Meerkosten BRP (0,121 miljoen euro structureel vanaf 2021) • Verwerking van de loon en prijscompensatie voor 2022 (0,143 miljoen euro structureel). Informatie aan bewoners Lasten De begrote lasten in 2022 stijgen ten opzichte van de begroting 2021 met 0,249 miljoen euro. Dit betreft de volgende onderdelen: • Bij de Voorjaarsnota 2021 zijn middelen beschikbaar gesteld voor het KCC: “Uitvoering op juiste niveau" 0,130 miljoen in 2022 extra web redacteuren 0,150 miljoen euro structureel vanaf 2021 • Verwerking van de loon en prijscompensatie in 2022 (0,119 miljoen euro structureel) Publieksdienstverlening Niet van toepassing. < 0,1 miljoen euro
Toelichting budgetafwijkingen/grote mutaties Onderstaande tabel geeft de verschillen weer ten opzichte van begrotingsjaar 2021 (als basisjaar). De afwijkingen worden weergegeven wanneer deze groter zijn dan 0,1 miljoen euro dan wel 10% van het totale budget per subdoelstelling. x € 1.000 I/S 2022 2023 2024 2025 Baten Afwijking 1, Product Burgerzaken I -308 -503 2.206 2.206 Reisdocumentendip daling begrote inkomsten (vanaf 2024 weer stijging Totaal baten -308 -503 2.207 2.207 Lasten Afwijking 1, product Burgerzaken I -174 -440 1.066 1.067 Saldo: onder andere daling begrote lasten rijksafdracht (vanaf 2024 weer stijging), wegvallen incidentele budgetten studenteninschrijvingen en verkiezingen, toename middelen uit VJN voor Uitvoering Burgerzaken op juiste niveau brengen en verwerking loon en prijscompensatie Afwijking 2, product KCC S 249 202 221 224 Middelen uit VJN voor uitvoering op orde KCC en verwerking lLoon en prijscompensatie Afwijking 3, product PDV S 0 -0 0 0 geen majeure afwijking Overige lasten -37 -37 -31 -31 Totaal lasten 38 -275 1.256 1.260 Saldo baten en lasten -346 -228 951 947
Verbonden Partijen Bijdrage aan Het Utrechts Archief: 3,548 miljoen euro, waarvan 0,2 miljoen euro voor het E-depot.
43
Ruimtelijke ontwikkeling, Wonen en Erfgoed Algemene programmadoelstelling Utrecht is een aantrekkelijke stad. We zien dat steeds meer mensen in Utrecht willen wonen en werken. De huidige verwachting is dat Utrecht in 2040 ongeveer 455.000 inwoners telt, dat is een groei van bijna 100.000 inwoners. Om deze extra inwoners te mogen verwelkomen zijn er zo’n 60.000 extra woningen en 70.000 arbeidsplaatsen nodig. De groei benutten we om gezond stedelijk leven voor iedereen te versterken waarbij we kiezen voor een balans tussen de bestaande stad en de groei van de stad. Wat ‘Gezond stedelijk leven voor iedereen’ betekent voor het ruimtelijk toekomstperspectief is uitgewerkt in de Ruimtelijke Strategie Utrecht 2040 (RSU 2040). NB: Op het moment van indienen van deze begroting is de RSU 2040 nog niet in werking getreden omdat er een verzoek is gedaan om een referendum te organiseren. We werken aan gezond stedelijk leven voor iedereen langs een aantal grote opgaven op het gebied van wonen, economie, energie, mobiliteit, zorg, openbare ruimte en klimaat. Ook en vooral omdat de stad zich snel ontwikkelt willen we dat de stad van iedereen blijft. Dat betekent onder andere het inclusieve karakter van de stad behouden, gemengd en betaalbaar wonen, gemengde wijken en voldoende, diverse en hoogwaardige voorzieningen die aansluiten op de behoefte van de (toekomstige) bewoners en gebruikers.
Daarnaast is er ruimte nodig om te werken en te studeren, en zijn aanpassingen in de stad nodig om beter op het veranderende klimaat in te spelen en willen we een stad die bereikbaar is. Dit vraagt om zorgvuldige en integrale afwegingen op zowel stedelijk, gebieds- als projectniveau. Samen met inwoners, organisaties, bedrijven en andere overheden investeren we in goede en innovatieve oplossingen voor de gezonde stad van vandaag en morgen. In het Meerjaren Perspectief Ruimte (MPR) en de Peilstok als onderdeel van de tweede bestuursrapportage geven we prognoses af voor het aantal in aanbouw te nemen woningen en de verschillende segmenten. Naar verwachting worden in 2021 tussen de 2.800 en 3.100 woningen in aanbouw genomen en zal dit aantal in 2022 en 2023 verder toenemen. Het percentage sociale huurwoningen in de plancapaciteit bedraagt ongeveer 32%. Het aandeel middenhuurwoningen blijft achter bij de vraag naar woningen in het middenhuur/-koop segment. We zetten dan ook extra in op het toevoegen van woningen binnen dit segment.
45
Doelenboom
Grafiek lasten en baten
46
Investeringen Geen investeringen.
Verplichte BBV indicatoren Om een eenduidig beeld te vormen over de beleidsresultaten van de gemeente en gemeenten onderling te kunnen vergelijken zijn er een aantal wettelijke verplichte indicatoren bij de programma’s opgenomen.
Indicator Nieuw gebouwde woningen
Eenheid Aantal per 1.000 woningen
Bron
2017
2018
2019
8. Vhrosv
14,9
16,3
16,0
De gegevens uit deze tabel komen van de website Cijfers per gemeente Meerjarige beleidsvoornemens die zijn opgenomen in beleidsnota's, -visies of -kaders: • Ruimtelijke Strategie Utrecht 2040 • Agenda stad: Resetting cities (pdf, 513 kB) • Agenda stad: City Deal Health Hub • Agenda Stad: City Deal Healthy Hub Boost • Utrechts visie regilieus erfgoed (pdf, 8 MB) • Grondprijzenbrief 2019 • Het Utrechts grondbeleid • Meerjarenperspectief Ruimte 2020 • Woonvisie Utrecht (pdf, 5,6 MB) • Bestedingskader Investeringsimpuls Ruimtelijke Strategie Utrecht (pdf, 50 kB) • Omgevingsvisie Utrecht • Erfgoedagenda • Utrechts PlanProces (UPP) • Derde voortgangsrapportage Samen Stad Maken • Nota Visie Digitale Stad
1. De ruimtelijke ontwikkeling van de stad (als gevolg van de groei) versterkt gezond stedelijk leven (GSL) voor iedereen Subdoelstelling 1.1 Herontwikkeling van de fysieke leefomgeving draagt bij aan gezond stedelijk leven (GSL) voor iedereen. Indicatoren subdoelstelling
Effectindicator E1.1.1 Algemeen buurtoordeel stad (inwonersenquete) E1.1.2
Nulmeting
Toegekende subsidie voor Europese 3,61 miljoen projecten (in euro) (2009)
Reali satie 2020
Doelstelling 2021 7,3
Doelstelling 2022 7,3
Doelstelling 2023 7,3
Doelstelling 2024 7,3
4,6 miljoen
4 miljoen
4 miljoen
4 miljoen
5 miljoen
47
Analyse
Algemeen buurtoordeel stad (inwonersenquete)
De afgelopen jaren is het algemene buurtoordeel voorzichtig toegenomen van 7,1 in 2016 naar 7,3 in 2019. Inwoners geven ‘de buurt’ gemiddeld een 7,3.
Toegekende subsidie voor Europese projecten (in euro)
Het bedrag dat wordt gerealiseerd fluctueert en is afhankelijk van diverse factoren zoals indieningsmogelijkheden, omvang van de aanvragen, beoordelingsproces (in jaar x ingediende aanvragen kunnen in jaar x+1 worden goedgekeurd). Ook is de concurrentie van aanvragen van andere organisaties groot. Wij richten ons dan ook op het ontwikkelen van kwalitatief sterke aanvragen die bij kunnen dragen aan het realiseren van de opgaven van de stad.
Prestatieindicator P1.1.1 Aantal uitgevoerde evaluaties (markttoets) van projecten waarvan in het desbetreffende jaar de omgevingsvergunning bouw is verleend
Nulmeting
Reali satie 2020
Doelstelling 2021 3
Doelstelling 2022 3
Doelstelling 2023 3
Doelstelling 2024 3
Analyse Aantal uitgevoerde evaluaties (markttoets) van projecten waarvan in het desbetreffende jaar de omgevingsvergunning bouw is verleend
Sinds 2021 willen we jaarlijks samen met initiatiefnemers van 2 á 3 ruimtelijke projecten evalueren hoe het project van weerszijden is verlopen. Onderwerpen die hierbij aan de orde komen zijn doorlooptijden, escalatie bij knelpunten, aanspreekpunt en het integraal afwegen van de ambities van college en raad.
Wat willen we bereiken? Effectdoelstelling E1.1.1 Evenwichtige en integrale ruimtelijke ontwikkeling draagt op zowel stedelijk niveau als op wijk- en buurtniveau bij aan de leefbaarheid. Wij willen gezond stedelijk leven voor iedereen versterken. De groei en verstedelijking van de stad moet in balans zijn met oog voor de kwaliteit en leefbaarheid voor inwoners en bezoekers. In 2022 gaat de planvorming of bouw van verschillende grote projecten van start. Er wordt volop gewerkt aan het realiseren van nieuwe stadswijken, buurten en projecten, zoals het Stationsgebied, de Merwedekanaalzone, Cartesiusdriehoek, Wisselspoor en de vele ontwikkelingen in Leidsche Rijn en Vleuten de Meern. De energietransitie, de mobiliteitssprong en de kwaliteit van de openbare ruimte moeten bij uitstek in deze ontwikkelingen geïntegreerd worden. Per locatie maken we onder andere afspraken over de gewenste woningmix zodat we werken aan gemengde wijken en de verschillende segmenten beter spreiden over de stad, zoals in Woonvisie is vastgelegd. Daarnaast onderstrepen wij het belang van een kwalitatief goede openbare ruimte voor gezond stedelijk leven. Dit doen wij door telkens te kijken naar voldoende groen, ontmoetingsplekken en mogelijkheden tot bewegen en recreatie. Ruimtelijke Strategie Utrecht 2040 Inmiddels is de Ruimtelijke Strategie Utrecht 2040 (RSU2040) in de Raad behandeld.
Op het moment van indienen van deze begroting is de RSU 2040 nog niet in werking getreden omdat er een verzoek is gedaan om een referendum te organiseren. Zolang de RSU 2040 nog niet in werking treedt, geldt de RSU uit 2016, die vooruitkijkt naar 2030. Bij de prestatiedoelstellingen ‘Het opstellen van ruimtelijke kaders (RSU, omgevingsvisie (deelgebied), stedenbouwkundige plannen, bouwenveloppen, SPvE's en bestemmings- en omgevingsplannen en ‘Het voorbereiden en realiseren van bouwrijpe grond en de aanleg en inrichting van bijbehorende openbare
48
ruimte’ gaan we onder andere op gebiedsniveau in op de gebiedsontwikkelingen en projecten (particuliere initiatieven en grondexploitaties) die bijdragen aan de stedelijke ambities. Meerjaren Perspectief Ruimte In het Meerjaren Perspectief Ruimte (MPR) brengen wij de ruimtelijke opgaven voor de korte (1-4 jaar) én (middel)lange termijn in samenhang in beeld. Thema’s zoals Wonen, Gezond Leefklimaat, Werk voor iedereen en Duurzame Mobiliteit worden in zeven gebieden en wijken van de stad daardoor steviger met elkaar verbonden en afgezet tegen de ambities uit de RSU. We schetsen de stand van zaken van de grondexploitaties en de Investeringsimpuls Ruimtelijke Strategie en sturen bij waar nodig. Op de bijbehorende website staan alle grote ruimtelijke projecten uit de stad bij elkaar op kaart. Effectdoelstelling E1.1.2 Utrecht ontvangt subsidies Met behulp van (Europees) subsidiegeld ondersteunen we de agenda van gezond stedelijk leven en de ambities, zoals onder andere verwoord in onze koers, de Regionaal Economische Agenda, het Mobiliteitsplan 2040 en de Regionale Energie Strategie (RES). In de investeringsstrategie RSU is geschetst dat voor het realiseren van deze ambities Europese subsidies en fondsen een essentiële dekkingsbron zijn. Voor Europese subsidies is internationale samenwerking vaak een voorwaarde.
Het hebben van een goed internationaal netwerk is van groot belang om zelf de nodige partners te vinden, maar ook om door anderen voor deelname aan subsidieprojecten benaderd te worden. Samen met kennisinstellingen en partners in de regio, nationaal en internationaal ontwikkelen we innovatieve aanpakken die bijdragen aan het realiseren van onze ambities en benutten we subsidiemogelijkheden om deze aanpakken door te ontwikkelen.
Wat gaan we daarvoor doen? Prestatiedoelstelling P1.1.1 Het opstellen van ruimtelijke kaders (RSU, omgevingsvisie (deelgebied), stedenbouwkundige plannen, bouwenveloppen, SPvE's en bestemmings- en omgevingsplannen) Omgevingswet Op 1 juli 2022 treedt de Omgevingswet in werking. De Omgevingswet heeft als doel de dienstverlening aan de inwoner in het fysieke domein te verbeteren in 3 fasen. Bij inwerkingtreding van de wet is het proces van het begeleiden van initiatieven, vergunnen, toezichthouden en handhaven (de zogenaamde keten ‘van initiatief tot in gebruik name’) aangepast aan de Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging bouwen. Ook werken initiatiefnemers en overheden met het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) en krijgt de gemeente van rechtswege een tijdelijk omgevingsplan (= alle bestemmingsplannen plus gedecentraliseerde rijksregels ‘bruidsschat’). Gemeenten hebben tot 2025 voor een omgevingsvisie die geschikt is voor het DSO en 2030 om een integraal omgevingsplan te hebben. Dan moet ook de andere manier van werken volledig zijn ingevoerd. Om dit te realiseren heeft de gemeenteraad in december 2019 het Plan van aanpak invoering Omgevingswet vastgesteld voor de periode 2019-2029. Uitgangspunt is te voldoen aan de gestelde wettelijke eisen en verbeterdoelen van de Omgevingswet die goed aansluiten bij de ambities van de gemeente.
Om op 1 juli 2022 aan de wettelijke eisen te voldoen en het Plan van aanpak uit te voeren, willen we komend jaar de volgende resultaten behalen: • Keten ‘van initiatief tot in gebruik name’ aanpassen aan de Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging bouwen, onder meer werkprocessen en financiering; • Digitaal Stelsel Omgevingswet vullen en testen; • Basis voor het omgevingsplan gereed zetten door het Crisis- en herstelwet bestemmingsplan met regels voor bouwen en gebruik uit te breiden met andere onderwerpen. Na inwerkingtreding van de wet volgt een eerste wijziging van het omgevingsplan; • Medewerkers leren werken met de nieuwe wetten en werkwijze.
49
Bestemmingsplannen actualisering bestemmingsplannen Sinds 2016 is de gemeente Utrecht aangewezen als experimenteergemeente op grond van de Crisis- en herstelwet. Dit betekent dat wij, tot op zekere hoogte, mogen anticiperen op en experimenteren met de Omgevingswet die op 1 juli 2022 in werking treedt. In 2018 is de actualiseringsplicht voor bestemmingsplannen al vervallen. Het gevolg is dat de actualisering flexibel kan worden opgepakt zonder risico op legesderving. In 2021/2022 gaan we door met de omzetting van de beheersverordeningen in de stad in bestemmingsplannen, zodat we op 1 juli 2022 alleen bestemmingsplannen hebben die op dat moment onderdeel uitmaken van het tijdelijk omgevingsplan van de gemeente Utrecht. Ook is er een kleine locatie op Lage Weide waarvoor nog geen actueel planologisch kader geldt. Dit gebied voorzien we in 2021/2022 van een bestemmingsplan. Met deze werkwijze sorteert de gemeente voor op de komst van de Omgevingswet. Ontwikkelbestemmingsplannen Ruimtelijke ontwikkelingsprojecten worden in een aantal gevallen geïnitieerd door de gemeente zelf, maar vooral door ontwikkelaars, woningbouwcorporaties en particuliere investeerders. De meeste van dergelijke projecten passen niet binnen de geldende bestemmingsplannen. Om die projecten mogelijk te maken wordt een bestemmingsplan opgesteld.
Voorafgaand hieraan, wordt het Utrechts Plan Proces (UPP) doorlopen. De kosten voor deze ontwikkelbestemmingsplannen worden betaald door de initiatiefnemers. Op dit moment verhalen we deze kosten op grond van de Legesverordening. Wanneer de Omgevingswet in werking treedt worden de kosten van het wijzigen van het omgevingsplan voor nieuwe ontwikkelingen via kostenverhaal betaald en niet meer via leges. Als dat op 1 juli 2022 zo is, dan zal de Legesverordening hier tijdig op aangepast worden en zal de begroting voor 2023 en de jaren daarna op dit punt aangepast worden. Dit betekent niet dat we deze opbrengsten niet meer verwachten, maar dat deze op een andere manier bij ons binnenkomen. We streven ernaar om voor alle gewenste ontwikkelingen zo snel mogelijk een bestemmingsplan te maken. Als de wet op 1 juli 2022 in werking treedt gaan we tot mei 2022 door met het ter inzage leggen van bestemmingsplannen volgens de huidige wetgeving. Wel maken we hierbij, waar wenselijk en voor zover mogelijk, gebruik van de mogelijkheid om op grond van de Crisis – en Herstelwet al inhoudelijk vooruit te lopen op de Omgevingswet. Gebiedsontwikkelingen Gebiedsontwikkeling en projecten leveren een bijdrage aan onze ambities ten aanzien van gezond stedelijk leven voor iedereen. In het MPR geven we hier jaarlijks een uitgebreid overzicht van.
Hieronder geven we per gebied de belangrijkste ontwikkelingen en mijlpalen voor 2022 weer. De binnenstedelijke grondexploitaties, het Stationsgebied en de bouwopgave Leidsche Rijn komen terug in de volgende paragraaf bij de prestatiedoelstelling 1.1.2 ‘Het voorbereiden en realiseren van bouwrijpe grond en de aanleg en inrichting van bijbehorende openbare ruimte’. Zuidwest (inclusief Merwedekanaalzone) De wijk Zuidwest is volop in ontwikkeling en groeit de komende jaren het sterkst in de stad. We gaan verder met verdichten in de Merwedekanaalzone. Dit vraagt een goede inbedding van alle nieuwe ontwikkelingen in en rondom de wijk en integraal samenwerken met partners, zoals woningcorporaties. We werken aan de verdere verstedelijking, in afstemming met infra ontwikkelingen. In Zuidwest richten we ons in 2022 op: • Vaststelling omgevingsvisie en omgevingsprogramma Kanaleneiland en Transwijk. Om de volgende fase van de ontwikkeling van Kanaleneiland en Transwijk richting te geven is, samen met de woningcorporaties, gestart met het opstellen van de Omgevingsvisie Kanaleneiland & Transwijk die in 2022 wordt vastgesteld. De Omgevingsvisie wordt de basis voor de verdere ontwikkeling van de wijk, met meer aandacht voor langzaamverkeer routes, het klimaatadaptief maken van (delen van) de wijk etcetera.
Ook willen we in 2022 starten met de uitvoering van het Omgevingsprogramma, waaronder het opstellen van een visie voor de verbetering van Park Transwijk. 50
•
•
•
•
•
Voor de langere termijn ligt de focus onder andere op de A12 Ontwikkelingszone, waarvan onder andere de Woonboulevard en Westraven deel uit maken. In 2022 werken we aan gebiedsstudies en het opstellen van een ontwikkelingsstrategie voor dit gebied. Het goed inpassen van (de effecten van de) Merwedekanaalzone binnen de wijk Zuidwest, waarbij bijvoorbeeld fietspaden, infrastructuur en groen belangrijk zijn. In 2021 zijn alle woningen aan de Wilhelminawerf opgeleverd (167 woningen). In 2022 volgt het woonrijp maken van overige grond, het graven van een binnenhaven en de bouw van de brug in de Kanaalweg. Verder zullen nog 144 woningen op het Defensieterrein worden opgeleverd. Door middel van de vaststelling van de partiële herziening van het bestemmingsplan Defensieterrein willen we het mogelijk maken om nog 350 betaalbare woningen te kunnen toevoegen aan het programma. Door vaststelling van het bestemmingsplan fase 1 Merwede in 2022 in de gemeenteraad zorgen we voor de condities zodat er in eerste instantie circa 4.000 nieuwe woningen worden gerealiseerd (op termijn doorgroei naar 6.000 woningen); waarvan 25% in het betaalbare segment huur en koop en 30% sociale huur; en een veelzijdig programma aan voorzieningen zoals winkels, twee basisscholen, een middelbare school, horeca, twee gezondheidscentra, sporthal en cultuurhuis.
In Merwede zetten we in op gezonde en duurzame mobiliteit. Dagelijkse voorzieningen zijn op loopafstand. Vanaf de oplevering van de eerste woning is er deelmobiliteit (Mobility as a Service) beschikbaar. De openbare ruimte wordt hoogwaardig ingericht: groen tenzij en autovrij. Gelijktijdig met de behandeling van het bestemmingsplan wordt het gebied bouwrijp gemaakt. In deelgebied 6 onderzoeken wij - waar mogelijk samen met individuele grondeigenaren - hoe we een gezamenlijke ontwikkelvisie voor het deelgebied kunnen opstellen met een eenduidig toekomstbeeld en aandacht voor de vraagstukken rondom mobiliteit en de daaraan gekoppelde fasering. Daarnaast bewaken we de voortgang van de lopende projecten, zoals de woningbouwplannen voor Eendrachtlaan 10. Ook richten wij ons in 2022 op diverse Idocs, bouwenveloppen, SPvE’s en bestemmingsplannen. Onder andere voor projecten Krachtstation, twee Zusters, Beneluxlaan 901, Livingstonelaan 609, Reitdiepstraat en andere nieuwe initiatieven. Het afronden van de herinrichting van de noordzijde van Kanaleneiland en het voorbereiden van de herinrichting van de Bernadottelaan en omgeving.
USP en Rijnsweerd In Utrecht Science Park en Rijnsweerd werken we in 2022 aan de doorontwikkeling van beide gebieden. Voor het Utrecht Science Park betekent dat het versterken van het kenniscluster en verbeteren van de levendigheid. Voor Rijnsweerd (nu kantorengebied) is dat de transformatie van een eenzijdig werkgebied naar een woon-werkgebied. Dat doen we door verder te werken aan IDOC’s, bouwenveloppen en bestemmingsplannen in lopende projecten en nieuwe initiatieven. In 2022 verwachten we onder andere het volgende te bereiken: • De vaststelling van de Omgevingsvisie USP 2040. • Het in procedure brengen van het bestemmingsplan voor de International School Utrecht. • Het in procedure brengen van het bestemmingsplan High Five om daarmee 900 studentenwoningen mogelijk te maken. • Een SPVE voor de herontwikkeling van het gebied Archimedeslaan 16. • Duidelijkheid over de toekomstige plek van het Ronald Mc Donaldhuis in het Utrecht Science Park. West/Noordwest In de wijken West en Noordwest werken we in 2022 verder aan het versterken van een leefbare en groene leefomgeving. Met name de nieuwe stadswijken Cartesiusdriehoek en Wisselspoor (2e Daalsedijk) zijn van belang voor de groei van de stad. Er is daarbij veel aandacht voor een gedifferentieerd woningbouwprogramma en groen. Daarmee proberen we deze ontwikkelingen optimaal te benutten ten behoeve van het gezond stedelijk leven.
51
We verwachten in 2022 onder andere de volgende mijlpalen in wijken West en Noordwest: • Het vaststellen van de bestemmingsplannen Zuilense Vecht en Oudenoord 330-370. • Start bouw Cartesiusdriehoek (bouwfase 2), 2e Daalsedijk deelgebieden 2 t/m 4 (bouwfase 1), Johan Wagenaarkade 1-10b, Minister Talmastraat 20-22 en Oudenoord 330-370. • Start herontwikkeling van het Muntgebouw. • Oplevering van de Muinck Locatie en Dickensplaats. Overvecht In Overvecht blijven we in 2022 werken aan een gemengde wijk waarin het plezierig en veilig wonen is. We werken daarbij intensief samen met onze partners zoals Samen voor Overvecht en Werkplaats Overvecht. In 2022 verstevigen wij de leefbaarheid van de wijk onder andere met de volgende ontwikkelingen: • Overvecht Centrum: Opstellen Masterplan voor integrale ontwikkeling Overvecht Centrum. • De MIX: start van de bouw van 180 middel dure huurwoningen. • Rosendael: bestemmingsplanprocedure voor de bouw van zorg- en ouderenwoningen • Ivoordreef: bestemmingsplanprocedure voor de bouw van circa 310 woningen in een divers programma. • Samen voor Overvecht en de Regio Deal vitale wijken: extra inzet op integrale wijkverbetering door het realiseren van de tien Kansen (onder andere Centrum Overvecht, Groene Lint, Ivoordreef, etcetera) en andere projecten in de wijk, waaronder de vernieuwing van de openbare ruimte rond corporatiewoningen.
• Samen met Werkplaats Overvecht verder vorm geven aan initiatieven. Afhankelijk van de uitkomst van de haalbaarheidsstudies wordt een gebiedsontwikkeling rond THEMA-dreven en TiZa-dreven verder uitgewerkt tot haalbare plannen. • Taagdreef en omgeving: na intensieve participatierondes wordt in 2022 gestart met de herinrichting van de openbare ruimte. • Amazonekwartier: er vindt een vervolg van de planvoorbereiding plaats voor de herinrichting van de Amazondreef ter hoogte van de bussluis en omliggende straten. • Voor Park de Watertoren wordt het inrichtingsplan samen met stakeholders afgerond en de uitvoering voorbereid. • Visie op het knooppunt Station-Centrum als uitwerking van de RSU 2040 opstellen. Noordoost/Oost/Zuid De ambitie in de wijken Noordoost, Oost en Zuid is om aantrekkelijke en gemengde woon- en leefgebieden toe te voegen en te versterken. Hierbij hebben we aandacht voor een hoogwaardige inrichting van de openbare ruimte en het creëren van aantrekkelijke routes binnen de stad en naar het omliggende landschap, waarbij ontmoeten, bewegen en gezonde mobiliteit ons uitgangspunt is. Stimuleren van lopen, het gebruik van de fiets en de opwaardering van het openbaar vervoer is nodig om het gebied bereikbaar te houden. Er wordt gestreefd naar efficiënt gebruik van de ruimte door dubbel grondgebruik en meervoudig gebruik van gebouwen.
In 2022 richten wij ons in de wijk Noordoost op: • Op de hoek van de Jan van Galenstraat en de Kardinaal de Jongweg wordt een gebouw met circa 104 (huur) appartementen, een supermarkt en (twee tot vijf) dagwinkels met bijbehorende parkeervoorzieningen en de herinrichting van openbare ruimte gerealiseerd. Hiervoor wordt in 2022 het SPvE ter besluitvorming aangeboden en de planologische juridische procedure voor opgestart. • Het SPvE voor de Kögllaan 26 wordt ter besluitvorming aangeboden. Dit is de volgende stap om te komen tot de bouw van circa 173 woningen dan wel wooneenheden, waarvan 120 onzelfstandige studentenwoningen, 40 appartementen van 55 m² go in de sociale huur, dertien appartementen van ongeveer 75 m² go in de middenhuur en circa 170 m² bvo commerciële of maatschappelijke ruimte. • Voor de twee panden aan de Aartsbisschop Romerostraat 330-338 wordt een SPvE opgesteld. Het plan voorziet in het toevoegen van 70 appartementen, voornamelijk in het betaalbare huursegment, sociale huur en middenhuur. Een kwaliteitsimpuls en extra vergroening van de omliggende openbare ruimte is onderdeel van de plannen.
52
•
Nimeto gaat haar schoolgebouw verbouwen en het schoolplein herinrichten en vergroenen. De school levert de verbouwing en de herinrichting van het schoolplein medio 2022 feestelijk op, dan bestaat de school 100 jaar. Aansluitend wordt de Smijerslaan voorzien van een kwaliteitsimpuls: de riolering wordt vernieuwd, het hemelwater wordt afgekoppeld en daarna wordt de straat klimaatadaptief heringericht volgens het inrichtingsprincipe 'groen-tenzij' met toevoeging van extra bomen.
In 2022 richten wij ons in de wijk Oost op: • De Kwekerij: Fase 1 (318 sociale huurwoningen) is in 2020 opgeleverd. In 2021/2022 worden in de tweede fase van De Kwekerij 244 woningen opgeleverd. De planontwikkeling van fase 3 (278 woningen) wordt vervolgd. • Fockema Andreaelaan11: Mei 2020 heeft de raad ingestemd met het ter beschikking stellen van een voorbereidingskrediet voor het onderzoek naar de bouw van circa 35 á 40 woningen. De locatie was eerder in beeld voor de bouw van twee gymzalen voor het Bonifatiuscollege. Het voorstel was de gymzalen boven het brugklasgebouw te realiseren, zodat FA 11 beschikbaar kwam voor een andere functie. De financiële haalbaarheid staat onder druk. De raad wordt hierover geïnformeerd. • Aanpak Rubenskwartier: De vervanging van de riolering is aanleiding om een IPvE voor de openbare ruimte op te stellen. Ook wordt onderzocht of afstemming kan plaatsvinden met de diverse particuliere bouwontwikkelingen in het gebied. In 2022 richten wij ons in de wijk Zuid op: • De uitwerking en uitvoering van het IPvE-FO voor de vergroening van de openbare ruimte Rotsoord wordt verder opgepakt. Het vergroenen en herinrichten van het deel van Heuveloord vanaf Ravenoord tot Rotsoord is in 2022 gereed. Voor het laatste deel is in het 1e kwartaal van 2022 het VO klaar, vervolgens start de uitvoering medio 2022.
• Voor de Kop van Smaragd wordt de Bouwenvelop in 2022 vastgesteld. De herontwikkeling voorziet in het toevoegen van 86 woningen in een gemengd woonprogramma, waarvan 43% gereguleerde huur, met een commerciële plint bestaande uit vijf units van in totaal 920 m2 op de begane grond. Deze ontwikkeling is een kwaliteitsimpuls voor het winkelcentrum Smaragdplein. • Befu-terrein: zoals bekend zijn door de stikstofproblematiek en de daarmee samenhangende vernietiging van het Tracébesluit (TB) Ring Utrecht door de Raad van State, het project Befu (en Pagelaan) gepauzeerd. Inmiddels loopt een beroepsprocedure bij de Raad van State over het (tweede) TB Ring Utrecht en ook bestuurlijk is in de Tweede Kamer het dossier controversieel verklaard. Door deze juridische en bestuurlijke voortdurende onzekerheid van de geluidsanering A12 door het Rijk, kan het SPvE Befu ten behoeve van de bouw van 76 woningen niet verder in besluitvorming worden gebracht. Het SPvE heeft juli 2019 ter inzage gelegen en is sinds die tijd “on hold”. Vanuit deze achtergrond wordt onderzocht of een alternatieve tijdelijke invulling op deze locatie tot de mogelijkheden behoort. • Brennerbaan 106: In Lunetten wordt de planontwikkeling van Portaal aan de Brennerbaan 106 vervolgd met het vaststellen van het SPvE en bestemmingsplan. Aan de Brennerbaan worden mogelijk 200 sociale huurwoningen toegevoegd.