Agendabundel
Tekst van het document
Bundel - Commissie Onderwijs, Werk en Economie van 20 januari 2022
1 2 3
Opening Vaststellen van de agenda van 20 januari 2022 Vaststellen van ingekomen agenderingen (Procedure) Deze punten worden alleen procedureel behandeld. De leden van de commissie bespreken of, op welke wijze en voor hoe lang zij deze raadsvoorstellen en onderwerpen willen bespreken. Na vaststelling van dit behandeladvies, wordt het stuk voor een volgende vergadering geagendeerd. 2022 01 20 Behandelvoorraad OWE.docx Agenderingen Commissie Onderwijs, Werk en Economie 20 januari 2022.doc
3.1
Initiatiefvoorstel Ongelijk investeren voor Gelijke kansen Dossier 2397 voorblad Raadsvoorstel Initiatiefvoorstel Ongelijk investeren voor Gelijke kansen_.docx Uitgangspuntennotitie Ongelijk investeren voor gelijke kansen.docx
3.2
Nagekomen agenderingen mede op basis van de lijst ingekomen raadsbrieven Overzicht ingekomen raadsbrieven tbv commissie OWE d.d. 20 januari 2022.docx Nagekomen agenderingen Commissie Onderwijs, Werk en Economie 20 januari 2022.doc
3.2.1 3.2.2
Perspectief bieden voor Utrechtse ondernemers als gevolg van de coronacrisis. Memo Procedureverzoek Wensen en bedenkingen- Borgstelling International School Utrecht Memo Procedureverzoek Wensen en bedenkingen - Borgstelling International School Utrecht.docx.pdf
3.2.3
Memo Voorrang verzoek agendering compensatie precario en leges Memo Voorrang verzoek agendering compensatie precario en leges.docx.pdf
4
Toezeggingen/Moties Lijst toezeggingen-moties-brieven OWE dd21 december 2021(inclusief voortgangsinformatie).pdf
5
Verslag 9 december 2021 Verslag commissie Onderwijs Werk en Economie d.d. 9 december 2021.docx
6
Brede brugklassen en brede scholengemeenschappen Wethouder: Klein, Beleidsterrein: Onderwijs Indicatieve Behandeltijd: 60 minuten Geagendeerd door: Hester Assen (PvdA), Mohamed Saiah (D66), Sebastiaan Rood (GroenLinks), Ruurt Wiegant (SP), Esma Kendir (Student & Starter) Brede brugklassen en brede scholengemeenschappen gaan niet perse hand in hand maar beide worden genoemd en soms ingezet om kansengelijkheid te bevorderen. De fracties willen in de commissie in debat over de mate waarin Utrecht hier wel of niet op inzet en of dit geïntensiveerd moet worden.
3 Vaststellen van ingekomen agenderingen (Procedure) 1 2022 01 20 Behandelvoorraad OWE.docx
Commissie Onderwijs, Werk en Economie (t.b.v. de commissie 20 januari 2022) Onderwijs, MBO, Bibliotheek en laaggeletterdheid, Onderwijshuisvesting, Werk & Inkomen, Economische zaken, Citymarketing, Toerisme, Evenementenbeleid, La Vuelta
Behandelvoorraad Wethouder Klein Onderwijs
120 minuten
Initiatiefvoorstel Ongelijk investeren voor gelijke kansen Hester Assen (PvdA) Procedureverzoek Wensen en bedenkingen - Borgstelling International
Xx minuten
School Utrecht
Wethouder Verschuure Economische Zaken
Xx minuten
Raadsvoorstel Wijziging verordeningen precariobelasting, leges en leges omgevingsvergunning 2022 voor tijdelijke terrassen in verband met Corona’.
Te verwachten raadsvoorstellen (op basis van de lange termijnagenda) Onderwijs Financiering nieuwbouw ISU op Science Verwacht Q4 2021 Park Verzoek college (in LTA) is behandeling in Q1 vanuit maatschappelijk oogpunt; “als cofinanciering beschikbaar komt is snelle besluitvorming voor realisatie dringend gewenst” Noot: Het college gaf (raadsbrief 25 november jl) aan dat conform het Kader Geldverstrekkingen een dergelijk besluit d.m.v. een voorhangprocedure bij de raad wordt neergelegd, met voldoende tijd dit te bestuderen en eventueel van reactie te voorzien. Ambtelijk is toegelicht dat dit betekent dat het niet de vorm van
een raadsvoorstel maar raadsbrief krijgt. Het college geeft in de raadsbrief van 17 december aan dat zodra zij een besluit heeft genomen over de borgstelling, dit conform het Kader Geldverstrekkingen d.m.v. een voorhangprocedure met de raad wordt gedeeld. Zij hoopt de raad in januari nader te kunnen berichten over de borgstelling.
1 Agenderingen Commissie Onderwijs, Werk en Economie 20 januari 2022.doc
Agenderingen Commissie Onderwijs, Werk en Economie (Ter vaststelling op 20 januari 2022) Stukken vanuit de Raadsleden/Presidium Datum, soort stuk en onderwerp, wethouder
Verzoek (wat vraagt de afzender?)
Datum: 21 december 2021
Afzender: Hester Assen
Soort stuk: Initiatiefvoorstel Ongelijk investeren voor gelijke kansen
De initiatiefnemer Hester Assen, stelt de raad voor om de uitgangspuntennotitie Ongelijk investeren voor gelijke kansen vast te stellen en deze binnen de gemeente Utrecht in brede zin leidend te laten zijn binnen alle beleidsterreinen, met speciale aandacht voor o.m. onderwijs, jeugd, volksgezondheid en werk en inkomen. Ze vraagt om in beleidsdocumtenten duidelijk te maken hoe ongelijk geïnvesteerd wordt voor gelijke kansen en verzoekt het college een uitvoeringsplan hierover op te stellen.
Wethouder: Klein Beleidsterreinen: Onderwijs, Jeugd, gezondheid en W&I Commissiegriffier: Willemien Kok
Behandeladvies griffie (+ datum, + behandelduur+uitnodigingen+ meepraters/toehoorders) Voorstel: 1. Agenderen voor de commissie Onderwijs, Werk en Ecomomie 2. Tijd: 120 minuten
3.1 Initiatiefvoorstel Ongelijk investeren voor Gelijke kansen 1 Dossier 2397 voorblad.pdf
Commissie Onderwijs, Werk en Economie Dossiernummer
2397
Vertrouwelijk
Nee
Vergaderdatum
20 januari 2022
Agendapunt
3.1
Titel
Initiatiefvoorstel Ongelijk investeren voor Gelijke kansen
ID
2567
Behandelend ambtenaar Telefoon E-mail Datum collegebesluit Geocodering Thema Portefeuillehouder Beleidsveld Referendabel Reden niet referendabel Raadsadviseur (lijst) Behandelvoorstel Resultaat commissiebehandeling Resultaat raadsbehandeling Geagendeerd
Vergaderdatum
Gemeenteraad
23 december 2021
Commissie Onderwijs, Werk en
20 januari 2022
Economie Voorgesteld besluit
1 Raadsvoorstel Initiatiefvoorstel Ongelijk investeren voor Gelijke kansen_.docx
Voorstel aan de gemeenteraad
Initiatiefvoorstel Ongelijk investeren voor gelijke kansen Beleidsveld Opsteller Kenmerk Vergaderdatum Raad Geheim
Onderwijs, Jeugd, gezondheid en W&I Hester Assen (PvdA) Volgt Nee
Raadslid Hester Assen stelt de raad voor te besluiten: 1. De uitgangspuntennotitie Ongelijk investeren voor gelijke kansen vast te stellen; 2. Deze uitgangspuntennotitie binnen de gemeente Utrecht in brede zin leidend te laten zijn binnen alle beleidsterreinen (ook omdat beleidsterreinen communicerende vaten zijn), met speciale aandacht voor (maar niet beperkt tot) onderwijs, jeugd, volksgezondheid, werk en inkomen; 3. Bij elk beleidsdocument waaronder raadsbrieven en -voorstellen in een aparte paragraaf te verduidelijken en verantwoorden hoe het leidend principe ‘Ongelijk investeren voor gelijke kansen’ gerealiseerd wordt; 4. Het college op te dragen de uitgangspuntennotitie te vertalen en uit te werken in een uitvoeringsplan op inhoud en proces in een raadsvoorstel en de raad dit uiterlijk Q3 2022 toe te zenden.
Samenvatting Inwoners met een opleiding van vmbo, mbo1 of de eerste drie jaar van havo of vwo (zonder vervolgopleiding) en migratieachtergrond scoren op bijna alle aspecten van de (brede) welvaart ondergemiddeld1. Deze achterstanden nemen toe, en worden door de impact van corona en de coronamaatregelen verder aangejaagd. Gezien de negatieve gevolgen van ongelijkheid voor inwoners en de samenleving, moet juist de lokale politiek en het bestuur er alles aan gelegen zijn om hier stevig op in te zetten. Gemeenten kunnen op lokaal niveau risico’s wegnemen en kansen en beschermende factoren bieden. Dit kan door ongelijk te durven investeren, om te komen tot meer gelijke uitkomsten en eerlijke kansen. Met dit initiatiefvoorstel maken we de inzet op kansengelijkheid via het principe ‘Ongelijk investeren in gelijke kansen’ meer leidend bij al het lopende en nieuwe beleid. Deze inzet en inspanningen moeten leiden tot het wegnemen van drempels en tot het bieden van perspectief voor onze jeugdigen en inwoners om bestaanszekerheid te hebben, in goede gezondheid te leven, zich te ontwikkelen, ontplooien en mee te kunnen doen in de samenleving. In de uitgangspuntennotitie beschrijven we de kaders en richtlijnen hiervoor.
Het scherper formuleren hoe we dit leidend principe tot uitvoering brengen, helpt bij de toepassing ervan, maakt het beter mogelijk om te monitoren hoe dit principe wordt toegepast en welke opbrengsten we hiermee realiseren.
Context We streven naar een samenleving waarin het voor iedereen mogelijk moet zijn om een goed leven te leiden. Vooral in een stad als Utrecht, die op diverse ranglijsten hoog scoort. Zo hebben we de hoogst opgeleide bevolking van het hele land en staan we als economische regio in de top van Europa. Helaas profiteert niet iedere Utrechter daarvan. Interdisciplinair wetenschappelijk onderzoek toont consequent aan dat inwoners met een lage Sociaal Economische Status (SES) op verschillende gebieden (gezondheid, onderwijs, werk en inkomen en 1 https://longreads.cbs.nl/monitor-brede-welvaart-en-sdgs-2021/verdeling-van-brede-welvaart/
wonen) minder goed af zijn dan inwoners met een hoge SES. De monitor Brede Welvaart laat zien dat welvaart in brede zin het meest samenhangt met opleidingsniveau en migratieachtergrond. Inwoners met een opleiding van vmbo, mbo1 of de eerste drie jaar van havo en vwo (zonder vervolgopleiding) en migratieachtergrond scoren op bijna alle aspecten van de (brede) welvaart ondergemiddeld2. Ze hebben een achterstandspositie in welzijn, materiële welvaart, gezondheid, arbeid en vrije tijd, wonen, de samenleving, veiligheid en milieu/leefomgeving. Deze achterstanden nemen toe, en worden door impact van corona en de coronamaatregelen verder aangejaagd. Alhoewel veel wordt gestuurd met nationaal beleid, kan en moet juist ook de gemeente Utrecht zich inzetten om de onacceptabele verschillen in de stad te verkleinen. Gezien de negatieve gevolgen van ongelijkheid voor inwoners en de samenleving, moet juist de lokale politiek en het bestuur er alles aan gelegen zijn om hier stevig op in te zetten. Gemeenten kunnen op lokaal niveau risico’s wegnemen en kansen en beschermende factoren bieden. En zo de huidige onlogische verschillen tussen risico’s en kansen weer meer in evenwicht brengen. Dit kan door ongelijk te durven investeren, om te komen tot meer gelijke uitkomsten en eerlijke kansen. Utrecht toont op veel manieren werk te (willen) maken van kansengelijkheid.
Echter, de hardnekkigheid van dit vraagstuk vraagt om een nog stevigere inzet. Recenter is in raadsdebatten en –bijeenkomsten het leidend principe ‘Ongelijk investeren voor gelijke kansen’ benoemd als middel om bij te dragen aan kansengelijkheid. Dit uitgangspunt wordt breed omarmd om op basis hiervan als gemeente steviger te investeren in gelijke kansen en uitkomsten. Tegelijkertijd is momenteel onduidelijk of en wanneer dit principe, binnen de verschillende beleidsterreinen toegepast wordt. Om de controlerende taak van de raad uit te kunnen voeren is behoefte aan meer kaderstelling zodat er meer zicht is hoe dit leidend principe uitgevoerd wordt en de raad vanuit haar taken kan toezien op de uitvoering van dit leidend principe. Beoogd effect Het doel van deze uitgangspuntennotitie is het komen tot stevigere keuzes en inzet in Utrecht op het gebied van gelijke kansen. Deze inzet en inspanningen moeten leiden tot het wegnemen van drempels en bieden van perspectief voor onze jeugdigen en inwoners om bestaanszekerheid te hebben, in goede gezondheid te leven, je te ontwikkelen, ontplooien en mee te kunnen doen in de samenleving. In deze notitie beschrijven we de kaders en richtlijnen hiervoor. Dit doen we door het leidend principe ‘Ongelijk investeren voor gelijke kansen’ centraal te stellen en hier scherpe uitgangspunten voor te benoemen.
Het scherper formuleren hoe we dit leidend principe tot uitvoering brengen, helpt bij de toepassing ervan, maakt het beter mogelijk om te monitoren hoe dit principe wordt toegepast en welke opbrengsten we hiermee realiseren. Eerdere besluitvorming en informatievoorziening aan de raad - Raadsbrief 6 juli 2021 over het NPO, waarin wethouder Klein aangeeft ten aanzien van het lerarentekort ongelijk te investeren. - Raadsbrief 9 juni 2021, coronabrief, waarin college ten aan zien van logopedie aangeeft ´Voorop staat dat we vooral de meest kwetsbare kinderen en gezinnen willen bereiken en hiervoor ook ongelijk investeren waar dat kan. - Antwoorden op SV 2021-96, onder andere antwoord op vraag 5. - Raadsbrief 30 april 2021, 2e voortgangsrapportage Gezondheid voor iedereen waarin wethouder Eerenberg aangeeft “U kunt van ons verwachten dat we voortaan op deze manier in relevante beleidsstukken laten zien hoe we oog hebben voor verschillen tussen doelgroepen en /of wijken en hoe we ongelijk investeren om gezondheidsverschillen te verkleinen dan wel kansengelijkheid te vergroten”.
Beslispunten, Argumenten en Kanttekeningen/Risico’s Beslispunt 1
De uitgangspuntennotitie Ongelijk investeren voor gelijke kansen vast te stellen.
Argumenten 2 https://longreads.cbs.nl/monitor-brede-welvaart-en-sdgs-2021/verdeling-van-brede-welvaart/
2
1.1
De verschillen in de stad worden groter en daarom moeten we steviger investeren in groepen in een kwetsbare positie. De hardnekkigheid en complexiteit van dit vraagstuk vraagt om een nog stevigere inzet. Als we dit nu niet doen, zullen we een stad zijn en blijven met grote verschillen tussen arm en rijk, met een blijvende groep kwetsbare inwoners die in slechte omstandigheden leeft en niet mee kan en groeiende polarisatie met alle gevolgen van dien voor de leefbaarheid en veiligheid van de stad
1.2
Het ontbreekt momenteel aan kaders en richtlijnen voor toepassing van het leidend principe ‘Ongelijk investeren voor gelijke kansen’. Dit leidend principe wordt breed omarmd, maar de toepassing blijkt nog complex te zijn in de praktijk. Richtinggevende uitgangspunten helpen om tot uitvoering te komen.
Kanttekeningen/Risico’s 1.1 Deze kaders en richtlijnen in deze uitgangspuntennotitie geven onvoldoende inhoudelijk richting voor het vervolg. Het doel van deze uitgangspuntennotitie is de inzet op kansengelijkheid op verschillende gebieden vergroten en versterken en niet inhoudelijk bepalen wat er moet gebeuren. De inhoudelijke uitwerking vraagt om een vervolgaanpak waarbij op basis van een uitgebreidere analyse samen met onze partners, inwoners en andere betrokkenen wordt onderzocht wat ons (inhoudelijk) te doen staat. 1.2
Ongelijk investeren voor bepaalde groepen kan leiden tot verdeeldheid. Bij de keuze om extra te investeren voor bepaalde groepen wordt ook de keuze gemaakt om dit voor andere groepen niet te doen. Het is van belang dat in de afweging van de keuzes die gemaakt worden zorgvuldig gekeken wordt naar dit effect en hoe hier mee om te gaan.
1.3
Onvoldoende inzicht in de mate waarin we kansengelijkheid daadwerkelijk kunnen bevorderen. Gezien de kwetsbare positie van bepaalde groepen in de stad en de kansenongelijkheid die speelt op verschillende gebieden, blijft gerichte inzet van belang. Deze notitie is er juist op gericht om beter in beeld te brengen wat we doen, wat we in de uitvoering tegenkomen, welke opbrengsten we zien en hoe we onze inzet kunnen verbeteren.
Beslispunt Deze uitgangspuntennotitie binnen de gemeente Utrecht in brede zin leidend te laten zijn 2 binnen alle beleidsterreinen (ook omdat beleidsterreinen communicerende vaten zijn), met speciale aandacht voor (maar niet beperkt tot) onderwijs, jeugd, volksgezondheid, werk en inkomen. Argumenten 2.1 Bredere benadering van kansengelijkheid wenselijk gezien kansenongelijkheid op verschillende gebieden speelt. Deze brede benadering maakt het ook mogelijk om in het totaal van wat we doen in beeld te brengen of we voldoende inzetten op gelijke kansen in de stad. Beslispunt Bij elk beleidsdocument waaronder raadsbrieven en -voorstellen in een aparte paragraaf te 3 verduidelijken en verantwoorden hoe het leidend principe ‘Ongelijk investeren voor gelijke kansen’ gerealiseerd wordt. Argumenten 3.1
De raad heeft nu onvoldoende inzicht in hoe ingezet wordt in kansengelijkheid, wat we in de praktijk tegenkomen en wat dit voor onze inwoners betekent. Door actief de raad te informeren, kan de raad haar controlerende taak beter uitvoeren.
3
Kanttekeningen Hiermee kan dit leidend principe in raadsstukken een ‘verplicht onderdeel’ worden in plaats 3.1 van een inhoudelijke aanleiding om de raad te informeren over de uitvoering. Het is van belang om ook hier uit te gaan van een lerende aanpak. Als blijkt dat deze werkwijze niet werkt in de praktijk, dan kunnen we op dit punt een wijziging doorvoeren.
Financiën Op basis van deze uitgangspuntennotitie kunnen er nog geen uitspraken gedaan worden over de financiële gevolgen. De financiële vertaling dient terug te komen in de nadere uitwerking.
Vervolg Met deze notitie geeft de gemeenteraad richting hoe het college van B&W het principe ‘Ongelijk investeren in gelijke kansen’ meer gericht tot uitvoering zou moeten brengen en de wijze waarop de raad hier een richtinggevende rol in wil vervullen. Uitvoering van deze notitie vraagt gezien de complexiteit van dit vraagstuk, de dilemma’s en vragen die spelen om een nadere uitwerking van het college. Het gaat dan om het verder aanscherpen en analyseren van waar kansenongelijkheid in Utrecht het meest speelt, welke beleidskeuzes dit vraagt om drempels weg te nemen en perspectief te bieden, welke mitigerende maatregelen nodig zijn gezien de gevolgen van bepaalde keuzes en hoe we sturing en monitoring vormgeven. Passend bij het Utrechts sturingsmodel geven we dit proces samen met onze partners in de stad vorm middels een lerende aanpak. De vervolgstap op deze uitgangspuntennotitie is dan ook een nadere uitwerking door het college van deze lerende aanpak.
Participatie De raadsgriffie en adviseurs van de afdeling Maatschappelijke ontwikkeling hebben meegedacht in de totstandkoming van dit initiatiefvoorstel (ambtelijke bijstand).
Bijlagen Ter vaststelling: Bijlage 1: Uitgangspuntennotitie Ongelijk investeren voor gelijke kansen
4
1 Uitgangspuntennotitie Ongelijk investeren voor gelijke kansen.docx
Uitgangspuntennotitie Ongelijk investeren voor gelijke kansen
Hester Assen Raadslid PVDA 15 december 2021
1
1. Aanleiding We streven naar een samenleving waarin het voor iedereen mogelijk moet zijn om een goed leven te leiden. Vooral in een stad als Utrecht, die op diverse ranglijsten hoog scoort. Zo hebben we de hoogst opgeleide bevolking van het hele land en staan we als economische regio in de top van Europa. Helaas profiteert niet iedere Utrechter daarvan. Interdisciplinair wetenschappelijk onderzoek toont consequent aan dat inwoners met een lage Sociaal Economische Status (SES) op verschillende gebieden (gezondheid, onderwijs, werk en inkomen en wonen) minder goed af zijn dan inwoners met een hoge SES (bijlage 1). De monitor Brede Welvaart laat zien dat welvaart in brede zin het meest samenhangt met opleidingsniveau en migratieachtergrond. Inwoners met een opleiding van vmbo, mbo1 of de eerste drie jaar van havo of vwo (zonder vervolgopleiding) en migratieachtergrond scoren op bijna alle aspecten van de (brede) welvaart ondergemiddeld1. Ze hebben een achterstandspositie in welzijn, materiële welvaart, gezondheid, arbeid en vrije tijd, wonen, de samenleving, veiligheid en milieu/leefomgeving. Deze achterstanden nemen toe, en worden door impact van corona en de coronamaatregelen verder aangejaagd.
Deze verschillen ontstaan omdat bovengenoemde groepen in hun hele leven (al vanaf de geboorte, en eigenlijk 9 maanden daarvoor) meer risico’s lopen op achterstanden op alle gebieden, en er (te) weinig kansen/beschermende factoren tegenover deze risico’s staan. Je ziet in de praktijk eigenlijk dat de groepen met de meeste risico’s de minste kansen hebben, en vice versa. Resultaat hiervan is de tweedeling in de stad, waarbij er aan het eind van het leven een verschil in levensverwachting van 7 jaar ontstaat, en een verschil van 15 jaar in goede gezondheid. De verschillen tussen bijvoorbeeld Tuindorp en Overvecht, slechts gescheiden door een spoorbrug, laten dit ook in Utrecht duidelijk zien. In Overvecht ligt het aantal mensen met een HBO en/of universitaire opleiding 40% lager. Het gemiddeld inkomen ligt in Overvecht 15.000 euro lager, er zijn 3600 meer mensen met een uitkering en de woningen zijn er 3,5 ton minder waard. Mensen leven er gemiddeld 5 jaar minder lang en 12 jaar minder lang in goede gezondheid. De percentages eenzame mensen en mensen met overgewicht liggen 15 en 16% hoger. Een vergelijking zoals deze en de ongelijkheid in kansen die erachter schuil gaat, is niet exclusief voor Tuindorp en Overvecht, maar is voor meer van onze Utrechtse buurten en wijken te maken.
Dit laat helaas zien dat de plek waar je wieg staat ook in Utrecht nog steeds mede bepaalt welke kansen je krijgt in het leven (Gezondheidsmonitor en Kerncijfers CBS). Alhoewel veel wordt gestuurd met nationaal beleid, kan en moet juist ook de gemeente Utrecht zich inzetten om de onacceptabele verschillen in de stad te verkleinen. Gezien de negatieve gevolgen van ongelijkheid voor inwoners en de samenleving, moet juist de lokale politiek en het bestuur er alles aan gelegen zijn om hier stevig op in te zetten. Gemeenten kunnen op lokaal niveau risico’s wegnemen en kansen en beschermende factoren bieden. En zo de huidige onlogische verschillen tussen risico’s en kansen weer meer in evenwicht brengen. Dit kan door ongelijk te durven investeren, om te komen tot meer gelijke uitkomsten en eerlijke kansen. Utrecht toont op veel manieren werk te (willen) maken van kansengelijkheid. Inzetten op groepen in een kwetsbare positie wordt op diverse beleidsterreinen toegepast. De stad is partner van de Gelijke Kansen Alliantie, in de Utrechtse Onderwijs Agenda is Gelijke kansen een pijler en het programma Kansrijke start is er op gericht kinderen de eerste 1000 dagen van hun leven een gelijke kans te bieden op een goede start.
Ook bij de uitvoering van de Participatiewet, de armoede-en schuldenaanpak en op het gebied van het tegengaan van discriminatie op de woningmarkt, wordt extra inzet gepleegd. Echter, de hardnekkigheid van dit vraagstuk vraagt om een nog stevigere inzet. Als we dit namelijk nu niet doen, zullen we een stad zijn en blijven met grote verschillen tussen arm en rijk, met een blijvende groep kwetsbare inwoners die in slechte omstandigheden leeft en niet mee kan en groeiende polarisatie met alle gevolgen van dien voor de leefbaarheid en veiligheid van de stad.
1 https://longreads.cbs.nl/monitor-brede-welvaart-en-sdgs-2021/verdeling-van-brede-welvaart/
2
Recenter is in raadsdebatten en –bijeenkomsten het leidend principe ‘Ongelijk investeren voor gelijke kansen’ benoemd als middel om bij te dragen aan kansengelijkheid. Dit uitgangspunt wordt breed omarmd om als gemeente steviger te investeren in gelijke kansen en uitkomsten. Tegelijkertijd is momenteel onduidelijk of en wanneer dit principe, binnen de verschillende beleidsterreinen toegepast wordt. Wanneer dit principe wordt toegepast moet duidelijk zijn waarom dit wordt toegepast, op welke manier en hoe inzichtelijk gemaakt kan worden dat dit principe wordt toegepast. 2. Doel uitgangspuntennotitie Het doel van deze uitgangspuntennotitie is het komen tot stevigere keuzes en inzet in Utrecht op het gebied van gelijke kansen. In deze notitie beschrijven we de kaders en richtlijnen hiervoor. Dit doen we door het leidend principe ‘ongelijk investeren voor gelijke kansen’ centraal te stellen en hier scherpe uitgangspunten voor te benoemen. We zien namelijk dat dit leidend principe wordt omarmd, maar in de praktijk blijkt het een complexe opgave te zijn om hier keuzes op te maken. Deze uitgangspunten zijn een leidraad voor de gemeente Utrecht om het gebruik van dit leidend principe bij bestaand beleid en nieuw beleid toe te passen.
Het scherper formuleren hoe we dit leidend principe tot uitvoering brengen, helpt bij de toepassing ervan, maakt het beter mogelijk om te monitoren hoe dit principe wordt toegepast en welke opbrengsten we hiermee realiseren.
3. Analyse investeren in kansengelijkheid 3.1 Definiëring gelijke kansen Een éénduidige definitie voor gelijke kansen bestaat niet. Vaak wordt het begrip gelijke kansen in relatie gebracht met gelijke kansen in het onderwijs. In het G4 rapport tegen kansenongelijkheid wordt een bredere definitie gehanteerd voor kansenongelijkheid: ‘(Kansen)ongelijkheid is het door systeem, omgeving of instituties gevormde ongewenste verschil in het verwerven en benutten van capaciteiten of gebruiken van voorzieningen. Dit kan objectief worden vastgesteld. Daarnaast erkennen we dat dit ook subjectief kan worden ervaren’. Opleidingsniveau en migratieachtergrond blijken sterk bepalend te zijn voor de kansen in het leven, maar om te onderzoeken of er sprake is van kansenongelijkheid dienen ook (beschermende) factoren meegenomen te worden zoals sociaal kapitaal en levensstijl. Het SCP beschrijft vier kapitaalvormen die mensen als hulpbron kunnen hebben: persoonskapitaal (fysiek, mentaal, esthetisch), economisch kapitaal (opleiding, vaardigheden, arbeidssituatie, beroepsniveau, inkomen, vermogen), cultureel kapitaal (taal, communicatie, ICT, cultuur, reputatie) en sociaal kapitaal (sociale steun, instrumentele steun via kapitaalkrachtig en invloedrijk netwerk)2. De verschillen en scheidslijnen in de stad worden veelal gevormd door de ongelijke beschikking over met name economisch kapitaal.
Inkomen, vermogen en opleidingsniveau bepalen aan welke kant iemand zich bevindt. De scheidslijnen versterken zich door de steeds groter wordende rol van sociaal kapitaal en het ontbreken van inclusieve structuren in onze systemen en organisaties. Denk hierbij aan een jongere met een migratieachtergrond die ondanks een hoge opleiding het moeilijk heeft op de arbeidsmarkt. Als we vanuit de leefwereld van inwoners naar dit vraagstuk kijken dan komen we tot een aantal basisvoorwaarden die nodig zijn in het leven om mee te kunnen doen, je eigen keuzes te maken, regie te nemen over je leven en jezelf te ontwikkelen tot de persoon wie je zelf wilt zijn: -
Aanwezigheid van bestaanszekerheid; Aanwezigheid van een gezonde en veilige leefomgeving; Aanwezigheid van kansen, prikkels en goede educatie om je volop te ontwikkelen; Aanwezigheid van sociale steun en een ondersteunend netwerk; Een goed vangnet en goede aansluiting van hulp, zorg en ondersteuning zo nodig om mee te kunnen doen;
Deze analyse sluit aan bij het factorenmodel van de G4 (bijlage 2).
2 SCP (2014) Verschil in Nederland.
3
3.2 Complexiteit in de aanpak gelijke kansen Kansenongelijkheid is een complex maatschappelijk vraagstuk dat zich veelal voordoet op verschillende levensdomeinen tegelijkertijd en wordt voor een groot deel intergenerationeel overgedragen. Investeren in gelijke kansen staat dan ook hoog op de landelijke en lokale agenda. Vanuit deze ambitie wordt er ingezet op tal van interventies. Zo heeft de Gelijke kansen alliantie (GKA) een bundel gemaakt van 151 interventies voor gelijke kansen. Tegelijktijdig zien we dat er rondom de begrippen kansengelijkheid, kansenongelijkheid en gelijke kansen een steeds grotere behoefte ontstaat aan het maatschappelijk debat hierover. Het gaat dan onder andere om de volgende vragen en dilemma’s: -
Voor wie willen we gelijke kansen? Op welke groepen in de stad moeten we ons richten? Wat zijn gelijke kansen en wanneer zijn kansen gelijk? Leiden gelijke kansen ook tot gelijke uitkomsten? Welke gevolgen heeft extra investeren op een specifieke doelgroep voor de andere groepen in de stad? Is er een bepaalde gewenste drempelwaarde op de leefgebieden? Vanuit welke invalshoek benaderen we gelijke kansen? Welke oorzaken liggen ten grondslag aan kansenongelijkheid en in hoeverre zijn die beïnvloedbaar? Welke kansen zien we om de ambitie voor kansengelijkheid te realiseren en in hoeverre is het effect hiervan meetbaar? Wat is de keerzijde van de focus op gelijke kansen? In hoeverre leidt dit tot prestatiedruk en streven naar een hoge opleiding/hoog inkomen als ideaalbeeld? En wordt door investering in gelijke kansen niet de indruk gewekt dat wanneer je niet het hoogst haalbare bereikt, dit iemands eigen verdienste is?
In een complex maatschappelijk vraagstuk als kansenongelijkheid zullen deze vragen en dilemma’s blijven bestaan. Een taalkundige discussie voeren over wat we onder gelijke kansen verstaan of hoe we het anders zouden moeten formuleren, kan waardevol zijn maar brengt ons nu niet verder. Wat ons wel verder brengt is vanuit een goede analyse focussen op de achterliggende bedoeling en ambitie rondom gelijke kansen en hier als gemeente verdere stappen in zetten. Onze insteek is niet dat we ‘investeren in gelijke kansen’ zien als de oplossing waarmee we het ingewikkelde maatschappelijke vraagstuk als groeiende ongelijkheid en verschillen in de stad op kunnen lossen. Echter, we geloven er wel in dat onze inzet en inspanningen kunnen leiden tot het wegnemen van drempels en bieden van perspectief voor onze jeugdigen en inwoners om bestaanszekerheid te hebben, zich te ontwikkelen, ontplooien en mee te kunnen doen in de samenleving. Het met elkaar in de raad en de stad in gesprek blijven over wat we doen op gelijke kansen, wat we daarin tegenkomen, waar we tegen aan lopen en beter kunnen doen, is een belangrijk onderdeel van de uitvoering van deze notitie.
4
4. Uitgangspunten ongelijk investeren voor gelijke kansen We willen ernaar toe dat we in Utrecht de volgende uitgangspunten hanteren bij de uitvoering van het leidend principe ‘Ongelijk investeren voor gelijke kansen’: 1.
We investeren ongelijk voor onze inwoners, gezinnen en kinderen die te maken hebben met kansenongelijkheid met als doel het wegnemen van drempels en het bieden van perspectief voor o.a. bestaanszekerheid, ontwikkeling, ontplooiing, gezondheid en meedoen.
2.
We passen dit principe toe in brede zin binnen verschillende domeinen zoals o.a. werk/inkomen, gezondheid, onderwijs en wonen en domeinoverstijgend over deze domeinen.
3.
Toepassing van dit leidend principe betekent dat bij investeringen en inzet die we plegen we in verhouding meer en gerichter inzet plegen ten behoeve van inwoners die te maken hebben met kansenongelijkheid.
4.
Ongelijk investeren is leidend bij nieuwe investeringen die we doen vanuit bijvoorbeeld extra middelen die we ontvangen en nieuwe kansen die ontstaan in de stad.
5.
Er is geen blauwdruk hoe ongelijk investeren vorm krijgt en welke keuzes er gemaakt worden. Echter we borgen het door het principe integraal onderdeel te laten zijn van de uitvoering en besluitvorming op alle relevante domeinen en beleidsterreinen.
6.
We sluiten aan bij de behoeften van de kinderen, gezinnen en inwoners waar het over gaat en vullen niet vooraf in welke interventies nodig zijn. We betrekken ouders en kinderen bij het ontwerp van nieuwe oplossingen of doorontwikkeling van het bestaande.
7.
Bij al onze uitvoerende taken (inkomen, schulden, armoede) nemen we dit leidend principe in acht. Daar waar we vanuit een opdrachtgeversrol en partnerrol samenwerken met onze partners in de stad geven we dit leidend principe samen verder vorm met hen.
8.
We doorbreken het stigma in de manier van kijken naar inwoners in een kwetsbare positie, met een bepaalde achtergrond of die in bepaalde wijken wonen. De leefomstandigheden maken dat mensen extra ondersteuning nodig hebben en/of een meer gerichtere aanpak. We zien de kracht en het vermogen van mensen en zetten in op versterking hiervan.
9.
In elk beleidsstuk maken we inzichtelijk hoe we het leidend principe ‘ongelijk investeren voor gelijke kansen’ hebben toegepast en waarom we dat op die manier hebben gedaan.
10.
We werken met een lerende aanpak waarbij we kortcyclisch evalueren wat het effect van de inspanningen zijn voor onze inwoners en passen onze aanpak waar nodig aan.
5
5. Uitvoering en monitoring Om tot gerichte inzet te komen op het gebied van gelijke kansen is een brede uitvoering van het leidend principe ‘Ongelijk investeren voor gelijke kansen’ nodig met waar nodig een domeinoverstijgende aanpak. Dit omdat kansenongelijkheid vaak op meerdere domeinen speelt en er ook een relatie is tussen de factoren die tot kansenongelijkheid leiden. Dit is ook de reden dat dit initiatiefvoorstel zich niet alleen richt op bijvoorbeeld gelijke onderwijskansen. De focus ligt op het wegnemen van drempels en het creëren van meer perspectief op de verschillende levensgebieden door als gemeente meer gericht te investeren. Dit kan een vertaling krijgen door keuzes te maken bij bestaand beleid en nieuw beleid, bijvoorbeeld via een gerichte buurtaanpak, gerichte interventies in bepaalde domeinen, doorontwikkeling van bestaande activiteiten en interventies etc. In het vorige hoofdstuk beschreven we tien uitgangspunten die hier richtinggevend en ondersteunend aan zijn. Met deze notitie geeft de gemeenteraad richting hoe het college van B&W het principe ‘Ongelijk investeren in gelijke kansen’ meer gericht tot uitvoering zou moeten brengen en de wijze waarop de raad hier een richtinggevende rol in wil vervullen. Uitvoering van deze notitie vraagt gezien de complexiteit van dit vraagstuk, de dilemma’s en vragen die spelen, om een nadere uitwerking van het college.
Het gaat dan om het verder aanscherpen en analyseren van waar kansenongelijkheid in Utrecht het meest speelt, welke beleidskeuzes dit vraagt om drempels weg te nemen en perspectief te bieden, welke mitigerende maatregelen nodig zijn gezien de gevolgen van bepaalde keuzes en hoe we sturing en monitoring vormgeven. Passend bij het Utrechts sturingsmodel geven we dit proces samen met onze partners in de stad vorm middels een lerende aanpak. De vervolgstap op deze uitgangspuntennotitie is dan ook een nadere uitwerking door het college van deze lerende aanpak.
6
Bijlage 1. Kansenongelijkheid G4 analyse
7
Bijlage 2. G4 analyse naar oorzaken kansenongelijkheid
8
3.2 Nagekomen agenderingen mede op basis van de lijst ingekomen raadsbrieven 1 Overzicht ingekomen raadsbrieven tbv commissie OWE d.d. 20 januari 2022.docx
Ingekomen raadsbrieven 23 november t/m 21 december 2021 – commissie OWE Nr.
Ontvangstdatum
Beleidsveld
Onderwerp
1
21-12-2021
Onderwijs
Raadsbrief Aanbesteding van nieuwbouwprojecten onderwijshuisvesting
2
17-12-2021
Onderwijs
Raadsbrief Stand van zaken Borgstelling nieuwbouw ISUtrecht
3
17-12-2021
Onderwijs
Raadsbrief Sluiting scholen december 2021
4
15-12-2021
Onderwijs
Raadsbrief Peiling personeelstekorten primair onderwijs
5
01-12-2021
Onderwijs
Raadsbrief Stand van zaken School voor Persoonlijk Onderwijs Utrecht
6
30-11-2021
Onderwijs
Raadsbrief Halfjaarlijkse voortgang voorschoolse educatie
7
30-11-2021
Onderwijs
Raadsbrief Stand van zaken segregatiemonitor
8
25-11-2021
Onderwijs
Raadsbrief Stand van zaken huisvesting scholen
9
10-12-2021
Werk en inkomen
Raadsbrief Verruimingen voor jongvolwassenen op gebied van Werk en Inkomen
10
03-12-2021
Werk en inkomen
Raadsbrief Tweede voortgangsrapportage Ondernemingsplan UW en advies Berenschot
11
03-12-2021
Economische Zaken
Raadsbrief Bedrijfsplan WOM Noordwest
12
03-12-2021
Economische Zaken
Raadsbrief Update kwetsbare winkelgebieden
13
30-11-2021
Economische Zaken
Raadsbrief Jaarplan Utrecht Marketing 2022
Aandachtspunt
1 Nagekomen agenderingen Commissie Onderwijs, Werk en Economie 20 januari 2022.doc
Nagekomen agenderingen Commissie Onderwijs, Werk en Economie (Ter vaststelling op 20 januari 2022) Stukken vanuit de Raadsleden/Presidium Datum, soort stuk en onderwerp, wethouder
Verzoek (wat vraagt de afzender?)
Datum: 17 januari 2022
Afzender: Ralph Peters (D66), Martijn van Dalen (VVD), Esma Kendir (S&S), David Bosch (PVV), Cees Bos (SBU), Bert van Steeg (CDA) en Fred Dekkers (GroenLinks), Ilse Raaijmakers (PvdA)
Onderwerp: Perspectief bieden voor Utrechtse ondernemers als gevolg van de coronacrisis. Wethouders: Verschuure en Voortman Beleidsterreinen: Economische zaken, Werk & inkomen Commissiegriffier: Willemien Kok
De agenderende fracties constateren dat – als gevolg van de coronacrisis – de rek bij Utrechtse ondernemers er volledig uit is. Zij worden echter wel gecompenseerd d.m.v. de landelijke steunpakketten, maar dit is geen volledige compensatie. Tijdens de commissiebehandeling willen wij met het college van B&W en andere partijen in gesprek gaan over de manieren waarop wij Utrechtse ondernemers die onevenredig hard geraakt zijn perspectief kunnen bieden als hun sector weer open kan. De reden waarom de agenderende fracties dit onderwerp op zeer korte termijn willen agenderen zit hem in de zeer urgente behoefte aan perspectief voor ondernemers. In het meest positieve scenario mogen volgende week alle sectoren weer open (onder restrictie). Voordat dat zo ver is, is het goed om als gemeente wat het college binnen de lokale regels kan doen om ondernemers te ondersteunen als hun sector weer open mag.
Voor de horeca kan bijvoorbeeld gedacht worden aan versoepeling van de regels rondom de tijdelijke terrassen. Daarnaast willen de agenderende fracties bespreken wat de gemeente financieel kan betekenen voor deze ondernemers. Denk hierbij bijvoorbeeld aan maatregelen rondom het heffen van gemeentelijke belastingen. Tot slot willen wij kijken hoe ondernemers en gemeente samen kunnen
Behandeladvies griffie (+ datum, + behandelduur+uitnodigingen+ meepraters/toehoorders) Voorstel: 1. Agenderen voor de commissie Onderwijs, Werk en Economie 2. Tijd: 90 minuten
optrekken bij het organiseren van festiviteiten rondom Utrecht 900.
Aanvullende agendering GroenLinks en PvdA: GroenLinks ondersteunt het voorstel voor een debat in de commissie OWE. Wat GroenLinks betreft zijn en blijven tijdelijke extra terrassen gekoppeld aan eventuele 1,5 meter maatregelen. GroenLinks wil extra aandacht voor groepen die nu nog niet of weinig gecompenseerd worden zoals ondernemers die in het jaar voor corona geen of weinig omzet hadden omdat ze later gestart zijn of verbouwing hadden. En ze wil extra aandacht voor ZZP’ers onder meer in cultuursector. Zij wil van het college horen wat de stand van zaken is met coronapakketten.
2
3.2.2 Memo Procedureverzoek Wensen en bedenkingen- Borgstelling International School Utrecht 1 Memo Procedureverzoek Wensen en bedenkingen - Borgstelling International School Utrecht.docx.pdf
MEMO aan de commissie Onderwijs, Werk en Economie Datum Behandeld door Doorkiesnummer E-mailadres Kenmerk Onderwerp Beleidsveld
18 januari 2022 Onno James 14 030 o.james@utrecht.nl 9570014 Procedureverzoek Wensen en bedenkingen - Borgstelling International School Utrecht Onderwijs
Geachte leden van de commissie Onderwijs, Werk en Economie (OWE), In de raadsbrief van 17 december 2021 informeerden wij u over de voortgang rondom de nieuwbouwlocatie voor de International School Utrecht (ISUtrecht). Zoals in de raadsbrief gemeld zal de raad bij dit besluit in staat gesteld worden haar wensen en bedenkingen te uiten. De raad krijgt in dergelijke gevallen tot twee weken na ontvangst van de brief de tijd om haar eventuele wensen en bedenkingen schriftelijk kenbaar te maken aan het college. In de gebruikelijke procedure kan daarna het college in een brief hierop een reactie geven en kan een gesprek in de raadscommissie plaats vinden. Bij het uitblijven van wensen en bedenkingen kan het onderwerp volgens de gebruikelijke werkwijze van de agenda afgehaald worden. Het college neemt vanuit haar bevoegdheid uiteindelijk een besluit met inachtneming van wensen en bedenkingen. Verzoek aan commissie OWE Als over de laatste zaken overeenstemming is bereikt verwachten wij u de brief met borgstellingsovereenkomst uiterlijk 1 februari, maar zoveel eerder als mogelijk, toe te kunnen sturen. Vanwege de gemeenteraadsverkiezingen zal de commissie OWE op donderdag 17 februari haar laatste vergadering van deze raadsperiode houden.
Omdat uw commissie de behandelvoorraad hiervoor deze week vaststelt, wil ik u vragen op deze agenda daarop vooruitlopend een moment te reserveren voor een debat over (eventuele) wensen en bedenkingen.
Met vriendelijke groet,
Anke Klein Wethouder Onderwijs
3.2.3 Memo Voorrang verzoek agendering compensatie precario en leges 1 Memo Voorrang verzoek agendering compensatie precario en leges.docx.pdf
MEMO aan de commissie Onderwijs, Werk en Economie Datum Behandeld door Doorkiesnummer E-mailadres Kenmerk Onderwerp Beleidsveld
18 januari 2022 I.I. Koningstein 0302869887 i.koningstein@utrecht.nl 9558465 Voorrang verzoek agendering compensatie precario en leges Economische Zaken
Geachte leden van de commissie Onderwijs, Werk en Economie (OWE), Op 21 december 2021 besloot het college om de invordering van leges voor de tijdelijke exploitatievergunning, tijdelijke omgevingsvergunning en precario op te schorten tot einde van 2022, en aan de IRM Ruimte de opdracht te geven om uiterlijk 1 april 2022 een voorstel voor te bereiden om de extra kosten voor precario en leges exploitatievergunning en omgevingsvergunning te compenseren. Dit voorstel ligt op 1 februari in het college. Urgentie Horecaondernemers bevinden zich in een nijpende situatie. In deze onzekere tijd is het van belang hen duidelijkheid te bieden waar dat mogelijk is. Daarom willen wij graag snel een uitspraak van de raad of zij het voorstel steunen om de precario en leges voor het uitgebreide terras, net als in 2021, te compenseren. Het vaststellen van de tarieven voor precario en leges is een raadsbevoegdheid. Verzoek aan commissie OWE Vanwege de gemeenteraadsverkiezingen zal de commissie OWE op donderdag 17 februari haar laatste vergadering van deze raadsperiode houden. Om ondernemers snel duidelijkheid te geven, wil ik u vragen op de agenda alvast een moment te reserveren voorde agendering van de ‘Wijziging verordeningen precariobelasting, leges en leges omgevingsvergunning 2022 voor tijdelijke terrassen in verband met Corona’.
Met vriendelijke groet, Klaas Verschuure
Lijst toezeggingen-moties-brieven OWE dd21 december 2021(inclusief voortgangsinformatie) nummer datum agendapunt portefeuille onderwerp
streefdatum, antwoord, stavaza
(105/655) 21/M370 (115/655) 21/M349 (125/655) 21/T403
Raad 11-11-21
Programmabegroting 2022
Raad 11-11-21
Programmabegroting 2022
30-06-22 (antwoord niet aangegeven) 31-03-22 (antwoord niet aangegeven) 28-01-22 (antwoord niet aangegeven)
(168/655) 21/T355
Raad 08-07-21
(198/655) 21/T322
cie. S&R 01-07-21 Raadsbrief Utrecht Marketing Economische Zaken
De wethouder zegt toe om in 2023 de opdracht met UM te evalueren en die te bespreken met de raad (Q1 2024).
(207/655) 21/T313
cie. M&S 23-0621
VJN 2021
Economische Zaken
De wethouder komt eind 2022 met een evaluatie van de 30-12-22 buurtconciërge richting de raad en neemt in deze brief ook (antwoord niet aangegeven) een quick scan mee van de uitkomsten van de aanpak van de kwetsbare winkelgebieden en of deze verbreed moet worden.
(272/655) 21/M233
Raad 15-07-21
9 Debat Utrecht Marketing
Economische Zaken
M233 Een herkenbare naam voor alle activiteiten en doelen van Utrecht Marketing
16-12-21 Afgedaan met het versturen van de brief 'Jaarplan Utrecht Marketing 2022' op 30 nov jl. met als kenmerk 4913409/ 2021.11.30.DA. Naar dit betreffende jaarplan werd verwezen in de brief 'Opdrachtverlening Utrecht Markteting 2022-2025' verstuurd op 7 okt jl. met als kenmerk 4913409/ 2021.10.05.DA. Feitelijk was toen de motie al beantwoord. Met het versturen van het jaarplan is hier nu volledig aan tegemoet gekomen.
(391/655) 21/M51
Raad 25-03-21
raadsvoorstel Aanvullende bijdrage La Vuelta Holanda
Economische Zaken
M51 Geen extra bijdrage naar Vuelta
30-09-21 (stand van zaken) Er wordt een zevende tussenrapportage voorbereid waarin ook een paragraaf risicomanagement wordt opgenomen. Motie kan daarmee worden afgedaan. Verwachting oplevering tussenrapportage begin 2022 (zie brief "zesde kwartaalrapportage La Vuelta Holanda" verstuurd aan de raad op 13-10 met als kenmerk 9325192).
(448/655) 20/M458
Raad 17-12-20
RV Voortzetting Economische Wijkontwikkelmaatschappij Zaken Noordwest en collegevoorstel Intentieovereenkomst
M458 Wijkontwikkelingsmaatschappij tijdig evalueren en versterken met partners
31-12-21 Afgedaan met de brief (met bijlage) 'Bedrijfsplan WOM Noordwest' verstuurd aan de raad op 3 dec. jl met als kenmerk 9431385.
4 Toezeggingen/Moties 1 Lijst toezeggingen-moties-brieven OWE dd21 december 2021(inclusief voortgangsinformatie).pdf
Vragenuur 02-09- Vragen van de heer Van 21 Heuven (PvdD) inzake vliegen naar de regio Utrecht Voorjaarsnota 2021 en 1e Bestuursrapportage 2021
Economische Zaken Economische Zaken Economische Zaken
M370 Een duidelijk kader voor horeca
Economische Zaken
Wethouder Verschuure zal de raad eind 2021 laten weten 31-12-21 hoe de regeling voor de zes genoemde kwetsbare Afgedaan met brief 'Update kwetsbare winkelgebieden' aan winkelgebieden werkt en of het dan mogelijk is de regeling uit de raad verstuurd op 3 dec jl. met als kenmerk 9371697. te breiden naar meer winkelgebieden.
M349 Ook ondernemers in contactberoepen met een werkplek zijn kwetsbare ondernemers Wethouder Verschuure zegt toe dat de kaart op de website van Utrecht Region zal worden aangepast.
29-03-24 (antwoord niet aangegeven)
Lijst toezeggingen-moties-brieven OWE dd21 december 2021(inclusief voortgangsinformatie) nummer datum agendapunt portefeuille onderwerp Economische Zaken
De wethouder zegt toe dat hij in Q2 2021 via een raadsbrief de raad informeert over de uitwerking KPI over de maatschappelijke meerwaarde
streefdatum, antwoord, stavaza
(491/655) 20/T459
cie. S&R 18-11-20 Programmabegroting 2021
(503/655) 20/T409
cie. S&R 12-11-20 Raadsvoorstel Voortzetting Economische Wijkontwikkelmaatschappij Zaken Noordwest en collegevoorstel Intentieovereenkomst
De wethouder zegt toe een evaluatie over 5 jaar (ook van het 28-11-25 instrument wom) uit voeren en op te nemen in het (antwoord niet aangegeven) (aangepaste en met de raad gedeelde) bedrijfsplan (met de nieuwe partners).
(504/655) 20/T408
cie. S&R 12-11-20 Raadsvoorstel Voortzetting Economische Wijkontwikkelmaatschappij Zaken Noordwest en collegevoorstel Intentieovereenkomst
De wethouder zegt toe het aangepaste bedrijfsplan van de WOM NW in april 2021 aan de raad toe te sturen
30-09-21 Afgedaan met de brief (met bijlage) 'Bedrijfsplan WOM Noordwest' verstuurd aan de raad op 3 dec. jl met als kenmerk 9431385.
(555/655) 20/T242
Raad 16-07-20
Kaderbrief
Economische Zaken
M229 Utrecht verklein het risico op een nieuwe pandemie
31-07-21 Deze toezegging is door het college, bij de commissie behandeling van de PB 2022, aangepast naar toezegging 21/T458. Deze toezegging komt derhalve te vervallen.
(493/655) 20/T439
cie. M&S 18-1120
Programmabegroting 2021
Middelbaar T.a.v. de buurtteams en het ROC en inzet van de regio hierbij, 01-12-21 Beroepsonderwijs informeert de wethouder (samen met wethouder Eerenberg) (stand van zaken) Wordt meegenomen in de de raad najaar 2021 over hoe de gesprekken met de regio zijn voortgangsrapportage mbo. Verzoek deze datum aan te verlopen. passen naar Q1 2022.
(54/655) 21/T453
Raad 27-10-21
Programmabegroting
Onderwijs
(97/655) 21/M397 (161/655) 21/T363
Raad 11-11-21
Programmabegroting 2022
Onderwijs
Raad 08-07-21
Voorjaarsnota 2021 en 1e Bestuursrapportage 2021
Onderwijs
in Q1 komt er een brief over de kwalitatieve duiding/de trends van het leerlingenverzuim en schooluitval
30-09-21 (stand van zaken) De ROM Regio Utrecht rapporteert voor het eerst in het jaarverslag over 2021 over de impact van de investeringen op brede welvaart. Het jaarverslag wordt eind Q2 2022 gepubliceerd en naar de gemeenteraad gestuurd. Hiernaast ontwikkelt de ROM een aanvullende prestatieindicator die past bij het thema brede welvaart. Deze prestatie-indicator wordt opgenomen in het jaarplan voor 2023, dat in december 2022 naar de gemeenteraad wordt gestuurd.
20-01-22 (stand van zaken) de toezegging was om in Q1 te beantwoorden, graag datum aanpassen naar eind Q1 (31-32021) M397 Breng laaggeletterdheid in beeld en neem dit op in de 31-03-22 Staat van het Onderwijs (antwoord niet aangegeven) Wethouder Klein zal samen met de partners in de Utrechtse 05-11-21 onderwijsagenda in Q4 met voorstellen komen om de staat (stand van zaken) In de brief met kenmerk 9395535 van 27 van het onderwijs te monitoren en vervolgstappen te zetten, oktober is een update gegeven. Verdere berichtgeving volgt als dit lukt in de tijd. Ze zal in ieder geval een update geven in Q1 van 2022. Graag datum aanpassen. voor de begrotingsbehandeling
Lijst toezeggingen-moties-brieven OWE dd21 december 2021(inclusief voortgangsinformatie) nummer datum agendapunt portefeuille onderwerp VJN 2021
streefdatum, antwoord, stavaza
(209/655) 21/T307
cie. M&S 23-0621
Onderwijs
De wethouder kijkt samen met wethouder Eerenberg hoe ze 23-05-22 vanaf de Voorjaarsnota 2022 de Multifunctionele (antwoord niet aangegeven) accommodaties (MFA’s) bij Onderwijs inzichtelijk kan maken.
(290/655) 21/LIS46
Raad 14-07-21
Onderwijs
LIS raad 15 juli 2021. NUOVO over spoedaanvraag in de zin 25-08-21 van artikel 19 van de Verordening Voorzieningen Huisvesting (stand van zaken) Deze spoedaanvraag wordt volgens de Onderwijs Gemeente Utrecht iz uitbreiding van de huisvesting verordening opgepakt. We zullen de raad hierover bij de van X11. Raad ontvangt een afschrift van het antwoord. volgende voortgangsrapportage onderwijshuisvesting berichten. Het college informeert de raad in het 3e kwartaal van 2021 30-09-21 over de uitkomsten van onderzoek dat de Universiteit Utrecht (stand van zaken) We stellen voor de resultaten (als ze dan in opdracht doet naar de effecten van de manier van lesgeven beschikbaar zijn) mee te nemen in de "staat van het in de lockdown. In deze brief komt ze ook terug op hoe de onderwijs" die we in Q1 zullen opleveren. Graag datum gemeente weet hoe de ontwikkeling van leerlingen gaat en aanpassen naar Q1 hoe we als gemeente daarop kunnen acteren. Naar aanleiding van de gesprekken die de gemeente met kleinere schoolbesturen voert over de wenselijkheid van ondersteuning van de gemeente (antwoorden op SV 202195), gaat het college in de brief ook in op wat voor hen wordt gedaan en of dit lukt
(357/655) 21/T170
cie. M&S 29-0421
Onderwijsachterstanden als gevolg van Corona;
(402/655) 21/T105
Raad 18-02-21
Raadsvoorstel Gemeentelijke Onderwijs bijdrage aan een stedelijk aanmeldbeleid basisonderwijs.
Wethouder Klein zal in de eerste evaluatie meenemen of er differentiatiemogelijkheden zijn tussen scholen die gericht zijn op de buurt en scholen die gericht zijn op de hele stad.
18-03-22 (antwoord niet aangegeven)
(403/655) 21/T103
Raad 18-02-21
Raadsvoorstel Gemeentelijke Onderwijs bijdrage aan een stedelijk aanmeldbeleid basisonderwijs.
Wethouder Klein zal de relatie tussen het aanmeldbeleid en de huisvestingsvraag goed in de gaten houden en de raad hierover blijven informeren.
18-03-22 (antwoord niet aangegeven)
(407/655) 21/T92
Raad 21-01-21
Verordening huisvesting scholen
Onderwijs
(408/655) 21/T91
Raad 21-01-21
Verordening huisvesting scholen
Onderwijs
Wethouder Klein zal met de schoolbesturen in gesprek blijven 31-03-22 over het gebruik van gymzalen in de avonduren en de (stand van zaken) Voortgangsrapportage verschijnt pas eind weekenden en daarover terugkoppelen in de 2022, dus graag datum aanpassen voortgangsrapportage. Wethouder Klein zal in de tweejaarlijkse 31-03-22 voortgangsrapportages over onderwijshuisvesting concreet (stand van zaken) voortgangsrapportage verschijnt pas eind ingaan op het dubbelgebruik van schoolgebouwen 2022 dus graag datum aanpassen
(409/655) 21/T90
Raad 21-01-21
Verordening huisvesting scholen
Onderwijs
Onderwijs
Wethouder Klein zegt toe de gedeelde visie makkelijker vindbaar en makkelijker leesbaar te maken op de website.
31-12-21 (antwoord niet aangegeven)
Lijst toezeggingen-moties-brieven OWE dd21 december 2021(inclusief voortgangsinformatie) nummer datum agendapunt portefeuille onderwerp
streefdatum, antwoord, stavaza
(416/655) 21/M40
Raad 18-02-21
RV Gemeentelijke bijdrage aan Onderwijs een stedelijk aanmeldbeleid basisonderwijs
M40 Maak werk van segregatiemonitor primair onderwijs
31-10-21 (stand van zaken) Zie ook raadsbrief over sociaal economische segregatie van 30-9-2021. Datum aan passen naar eind Q4 2021 De eerste evaluatie/monitoring van het aanmeldbeleid is een 30-09-22 jaar nadat het aanmeldbeleid gestart is. De raad wordt daar (antwoord niet aangegeven) dan over geïnformeerd
(424/655) 21/T61
cie. M&S 11-0221
Raadsvoorstel Gemeentelijke Onderwijs bijdrage aan een stedelijk aanmeldbeleid basisonderwijs
(434/655) 21/LIS7
Raad 28-01-21
Onderwijs
LIS raadsvergadering 4 februari 2021. Mevrouw L. H. over 29-10-21 buurtinitiatief Rubenslaanschool. Behandeladvies griffie: ter Beantwoord met brief 9279890 die op 30 september aan de afdoening in handen stellen van het college. De raad ontvangt raad is verzonden. een afschrift van het antwoord.
(595/655) 20/M36
Raad 06-02-20
Utrechtse Onderwijsagenda
Onderwijs
M36 Aanpak onder- en overadvisering in het onderwijs
(646/655) 18/T144
cie. M&S 19-0618
VJN 2018 - Tienercollege
Onderwijs
De wethouder onderzoekt in hoeverre het Tienercollege segregatie tegengaat en stuurt hierover voor eind 2018 een brief naar de raad.
(47/655) 21/T460
Vragenuur 30-09- Vragen van mevrouw Werk en Inkomen Wethouder Voortman zal in de komende armoedemonitor 21 Raaijmakers (PvdA) en de heer het thema energiearmoede expliciet aan de orde stellen. Bosse (PvdA) inzake Bestrijden energiearmoede
(48/655) 21/T459
Vragenuur 30-09- Vragen van mevrouw Werk en Inkomen 21 Raaijmakers (PvdA) en de heer Bosse (PvdA) inzake Bestrijden energiearmoede
(50/655) 21/T457
Raad 27-10-21
Programmabegroting
Werk en Inkomen In de volgende voortgangsrapportage actie-agenda Utrecht 24-03-22 schuldenvrij (maart 2022) informeert de wethouder de raad (antwoord niet aangegeven) over ervaringen van de rondkomingsgesprekken en de coronaschuldensanering.
(51/655) 21/T456
Raad 27-10-21
Programmabegroting
Werk en Inkomen In de dashboardbrief over Q4 komt de wethouder terug op de 23-12-21 premie van de U-polis en de vraag of we daar als gemeente (stand van zaken) Verzending via dashboardbrief Q4 houdt in iets op een eventuele stijging van de premie moeten doen. Ze dat de brief in Q1 2022 naar de gemeenteraad verstuurd komt terug op energiearmoede en woonlasten. wordt.
(52/655) 21/T455
Raad 27-10-21
Programmabegroting
Werk en Inkomen In de reguliere dashboardbrief over Q4 komt de wethouder terug op de corona dienstverleningsvisie t.a.v. jongeren van afgelopen jaar.
30-09-21 (stand van zaken) We komen in januari met een antwoord op deze vragen. Graag datum aanpassen. 01-11-21 (stand van zaken) We geven hier in januari een antwoord op, ook in relatie tot motie 36 over over- en onderadvisering. Graag datum aanpassen 31-12-21 (stand van zaken) Deze kan worden afgedaan. Energiearmoede is onderwerp in volgende armoedemonitor en met Nibud is afgesproken dat deze ook terugkomt in de minimaeffectrapportage (MER). Beide zijn in Q1 2022
Wethouder Voortman zal checken of bij de begeleiding van 31-12-21 een overstap naar een goedkopere leverancier ook wordt (antwoord niet aangegeven) nagegaan of de nieuwe leverancier duurzaam en groen is, en daar bij de raad op terugkomen.
23-12-21 (stand van zaken) Lijkt portefeuille W&I. MO heeft geen dashboardbrief. Zo niet, dan graag even contact want toezegging is vrij summier.
Lijst toezeggingen-moties-brieven OWE dd21 december 2021(inclusief voortgangsinformatie) nummer datum agendapunt portefeuille onderwerp
streefdatum, antwoord, stavaza
(77/655) 21/T430
Raad 23-09-21
Cie M&S Agendapunt 5
Werk en Inkomen De wethouder komt in Q2 van 2022 met een dashboardbrief 02-06-22 met daarin verwerkt de volgende punten: (antwoord niet aangegeven) - nagegaan wordt of de selectie van de producten (destijds in 2018) bij het inlichtingenbureau nog juist/actueel is; - de communicatie over de controle van persoonsgegevens wordt nog duidelijker gemaakt naar inwoners; - toetsing aan het Utrechts waardenmodel/Uthiek wordt gewaarborgd.
(113/655) 21/T415 (119/655) 21/LIS61
Raad 11-11-21
Programmabegroting 2022
Werk en Inkomen M352 Structurele energieregeling
(160/655) 21/T365
Raad 08-07-21
Voorjaarsnota 2021 en 1e Bestuursrapportage 2021
Werk en Inkomen Wethouder Voortman zal meer aandacht te hebben voor 31-12-21 jongeren die geraakt zijn door corona en/of schulden en de (antwoord niet aangegeven) raad daarover op de hoogte houden via de dashboardbrieven.
(181/655) 21/T340
cie. M&S 06-0721
Jaarstukken 2020
Werk en Inkomen - De raad in het dashboardbrief W&I over Q4 2021 te 31-03-22 informeren wat we in Utrecht doen om jongeren te bereiken (antwoord niet aangegeven) die aanspraak kunnen maken op de bijstand en/of werkloos zijn (tot 27 jaar specifiek) en dit ook op te nemen in de jaarstukken 2021. - De raad in het dashboardbrief W&I over Q4 2021 (in Q1 2022) te informeren omtrent de inzet van het werkgeversinstrumenten (genomen maatregelen).
(191/655) 21/T330
cie. M&S 01-0721
Raadsvoorstel Visie Digitale Stad 2021-2025
Werk en Inkomen In de dashboardbrief Werk en Inkomen Q4 2021 zal de 31-12-21 wethouder aandacht besteden aan de mogelijkheden om (antwoord niet aangegeven) internetaansluitingen toegankelijk te maken voor iedereen. Tevens zal de wethouder de raad in deze brief infomeren over de resultaten van de rondgang langs providers.
Raad 25-10-21
30-06-22 (antwoord niet aangegeven) Werk en Inkomen LIS raad 18/11/21. De heer B. van D. over Bestuurscultuur 06-12-21 stadhuis I Steekproef' TOZO. Raad ontvangt een afschrift van (stand van zaken) Met betrokkene is op 9 dec. jl. contact het antwoord. opgenomen. Zaak wordt verder ambtelijk afgehandeld.
Lijst toezeggingen-moties-brieven OWE dd21 december 2021(inclusief voortgangsinformatie) nummer datum agendapunt portefeuille onderwerp VJN 2021
streefdatum, antwoord, stavaza
(208/655) 21/T311
cie. M&S 23-0621
Werk en Inkomen De wethouder komt in Q3 2021 in een brief bij de raad terug op het convenant over beschermingsbewind.
30-09-21 (stand van zaken) Bij deze toezegging is iets misgegaan. Het convenant is nog in conceptfase en nog niet voorgelegd aan de beoogd convenantpartners. Hierin is geen vertraging ontstaan, dit is altijd al de planning geweest. Bovendien leent dit onderwerp zich eerder voor terugkoppeling in de dashboardbrief van q4, dan dat hier een aparte raadsbrief aan wordt gewijd.
(274/655) 21/LIS48
Raad 21-07-21
Werk en Inkomen LIS raad 16/9 OV-servicewinkel Qbuzz over U pas en ov chipkaart. Raad ontvangst een afschrift van het antwoord.
23-09-21 (stand van zaken) Vd zomer reeds afgehandeld door bijgaand bericht te sturen naar betrokkenen . Zie bijlage. Kan hiermee worden afgerond. 23-12-21 (antwoord niet aangegeven)
(303/655) 21/T229
Raad 08-07-21
5. Voorjaarsnota 2021 en 1e Bestuursrapportage 2021
(360/655) 21/T162
Raad 08-04-21
Initiatiefvoorstel Krijgen waar Werk en Inkomen Wethouder Voortman zal terugkomen op de financiële 23-07-21 je recht op hebtagendapunt) gevolgen van het voorstel, waaronder het prijskaartje dat (antwoord niet aangegeven) mogelijk zal hangen aan de routekaart en het verder invoeren van premediation.
(361/655) 21/T161
Raad 08-04-21
Initiatiefvoorstel Krijgen waar Werk en Inkomen Wethouder Voortman zal in de routekaart meenemen dat in je recht op hebt. brieven altijd een duidelijke plek wordt genoemd waar mensen terechtkunnen.
(362/655) 21/T160
Raad 08-04-21
Initiatiefvoorstel Krijgen waar Werk en Inkomen Wethouder Voortman zal schri elijk terugkomen op het niet je recht op hebt. naleven van de beslagvrije voet.
(383/655) 21/T129
cie. M&S 01-0421
Raadsvoorstel Wijziging Verordening U-pas
(525/655) 20/T363
Raad 18-03-20
Beantwoording SV 2020, nr. 041 over Toekomst van UW
Werk en Inkomen Het ondernemingsplan UW loopt t/m december 2022. Wij zullen in Q4 -2021 uw raad opnieuw informeren over de voortgang en actuele ontwikkelingen. Het nieuwe ondernemingsplan zal uw raad in Q3-2022 ontvangen.
(553/655) 20/T251
Raad 23-01-20
LIS / Raadsbrief Interventieproject Wijkgerichte aanpak Overvecht
Werk en Inkomen De wethouder zal na afloop van het interventieproject 02-08-21 Wijkgerichte aanpak Overvecht ( naar verwachting eind 2e (stand van zaken) Door de verlenging van de lockdown, kwartaal 2021 informeren over de behaalde projectresultaten hebben er sinds maart 2020 nog geen huisbezoeken plaatsgevonden en staat het project tot nadere orde on hold.
Werk en Inkomen M190 Sterke lobby voor afschaffing of bijstelling van kostendelersnorm
23-07-21 (antwoord niet aangegeven)