Agendabundel
Tekst van het document
Bundel van de Commissie Stad en Ruimte van 15 april 2021
1 2 3
Opening Vaststellen agenda en inventarisatie te bespreken agendapunten Raadsvoorstel bedrijfsuitbreiding De Trip B.V. Aanvang: 10.00 uur; DIGITAAL Indicatie behandeltijd: 90 min. Beleidsveld: Ruimtelijke Ontwikkeling - wethouder Verschuure Het is doel is om een besluit te kunnen nemen over het wel of niet instemmen van het niet afgeven van een verklaring van geen bedenkingen voor de uitbreiding van De Trip. Dossier 1666 voorblad Raadsvoorstel Weigering specifieke verklaring van geen bedenkingen bedrijfsuitbreiding De Trip B.V..docx (Ontwerp) Weigering specifieke verklaring van geen bedenkingen bedrijfsuitbreiding De Trip B.V..docx Raadsbrief Vervolg besluitvorming uitbreiding De Trip B.V.docx Toelichting procedure uitbreiding De Trip B.V..docx 1. 4 mei 2016 Mer beoordelingsbesluit Provincie De Trip BV.pdf 2. 30 mei 2016 Bij aanvraag omgevingsvergunning overzicht tabellen opslagcapaciteit.pdf 3. 30 mei 2016 Aanvraag omgevingsvergunning.pdf 3a. 30 mei 2016 Aanvraag omgevingsvergunning (bijlagen bij aanvraag) De Trip (deel 1 van 2).pdf 3b. 30 mei 2016 Aanvraag omgevingsvergunning (bijlagen bij aanvraag) De Trip (deel 2 van 2).pdf 4. 7 juni 2016 Bevestiging aanvraag omgevingsvergunning Gedeputeerde Staten.pdf 5. 27 maart 2018 Verzoek aanvulling akoestisch rapport.pdf 6. 22 mei 2018 Akoestisch Rapport De Trip BV.pdf 7. 22 mei 2018 Beschrijving aard en omvang wijzigingen.pdf 8.
22 mei 2018 Overzicht tabellen opslagcapaciteit uit ruimtelijke onderbouwing aanmeldingsnotitie m.e.r..pdf 9. 22 mei 2018 Wijziging Indeling Inrichting De Trip BV.pdf 10. 25 mei 2018 Melding activiteitenbesluit De Trip BV.pdf 11. 19 april 2019 Second opinion Milieudienst DCMR.pdf 12. 20 september 2019 Advies uitbreiding bedrijfsactiviteiten Sophialaan 7 (HZ_ADVIES-1617957).docx 13. 13 februari 2020 Ingekomen brief De Trip B.V..pdf 14. 19 juni 2020 Second opinion De Trip, DCMR.pdf 15. 30 oktober 2020 Ruimtelijke onderbouwing Sophialaan 7 te Utrecht, BRO.pdf 16. 13 november 2020 Beoordeling aangepaste ruimtelijke onderbouwing DCMR.pdf 17. 27 november 2020 Aanvullend advies gemeente aangepaste ruimtelijke onderbouwing De Trip.pdf 18. 30 oktober 2020 Overzicht afval-, grond- en hulpstoffen en vrijkomende (bedr)afvalstoffen, M-Tech, 30 okt 2020.pdf
3.1
Mailberichten over de Trip Mailbericht_De Trip.pdf Bijlage bij mailbericht_De Trip.pdf Mail Milieugroep Zuilen over Tweede observatie nav RIB de Trip van 6-4-21.pdf 20210414_Trip_1.pdf 20210414_De Trip18 febr 2016 mil cat RUD_2.pdf 20210414_Reactie op bezwaarschrift (JZ)_3.pdf 20210414_Schriftelijke toelichting raadsbijeenkomst d.d_4.pdf 20210414_Sophialaan 7_1.pdf
3.2
Geluidsmeting De Trip. Geluidsmeting_De Trip.pdf
4
De Meern Zuid en LPG Aanvang: 11.35 uur; DIGITAAL Indicatie behandeltijd: 60 min. Beleidsveld: Ruimtelijke Ontwikkeling - wethouder Verschuure Geagendeerd door G. te Hoonte (VVD), R. Heijne (GroenLinks), D. Bosch,(PVV) en C. Bos (StadsbelangUtrecht) Op 3 september 2020 zijn door de Utrechtse VVD vragen gesteld over de mogelijke rechtsongelijkheid bij uitvoering van een bestemmingsplan in De Meern. Op 2 oktober 2020 is daarover aanvullende informatie in de vorm van een raadsbrief vertrekt. In reactie hierop zijn door de fracties van de VVD en Stadsbelang Utrecht Schriftelijke vragen gesteld (SV 2020 nr 271) over het gebied rondom het tankstation in De Meern en de effecten daarvan op het gebruik van diverse gebouwen en locaties. Door de GroenLinks fractie (2020/254) zijn tevens vragen gesteld over de nabijheid van een LPG-tankstation bij de school. De fracties van VVD, Stadsbelang Utrecht, PVV en GroenLinks willen in een commissievergadering graag met de overige raadsleden en het college in gesprek over de beantwoording van de diverse vragen. Daarbij willen de raadsleden in het bijzonder met het college in gesprek over de ontstane situatie, het handelen van de gemeente hierin en de uitspraken van het college naar de toekomst toe.
Ook willen de raadsleden graag met het college en de raadsleden in gesprek hoe met de huidige gebruikers en initiatieven in het gebied omgegaan wordt en wat de wensen van de fracties daarin zijn. Ook willen de raadsleden met het college en de raad in gesprek waarom het gebied gezien de blijkbaar bestaande milieutechnische problemen en de effecten daarvan op het gebruik van functies niet tot nauwelijks aandacht krijgt in de ‘Omgevingsvisie’, zowel niet in gebiedsgerichte beleid voor Vleuten-De Meern als in de RSU en de concept RSU2040. Ook in het “Onderzoek werklocaties en uitwerkingsrichting” krijgt het gebied geen aandacht. De raadsleden willen graag weten op welke wijze dan kan en wordt besloten of initiatieven in het gebied binnen de visie passen en op welke wijze richting wordt gegeven aan toekomstige ontwikkelingen in het gebied. De raadsleden willen daarbij met het college in gesprek of het wenselijk is tot een gedragen (integrale) visie voor het gebied te komen en langs welke route deze plaats kan/gaat vinden. Tot slot willen de fracties graag met het college in gesprek over de voortgang in het dossier ‘LPG-tankstation’ op deze locatie. MV 2 Rechtsongelijkheid bij uitvoering bestemmingsplan.pdf Vraag 2 Verslag Vragenuur_ 2020-09-03 vastgesteld.pdf
4.1
Beantwoording SV 2020, nr. 254 over School nabij LPG-tankstation Dossier 1771 voorblad Beantwoording SV 2020 nr 254 over School nabij LPG-tankstation.pdf
4.2
Beantwoording SV 2020 nr. 271 Vervolgvragen over het gebied rond de Meerndijk tussen C.H. Letschertweg en Van Heemskerklaan en De Dompelaar Dossier 1773 voorblad Beantwoording SV 2020 nr 271 over Vervolg gebied rond de Meerndijktussen C.H. Letschertweg en Van Heemskerklaan en De Dompelaar .pdf Bijlage 1 - Kaart met LPG cirkels vanaf vulpunt en LPG-tank.pdf Bijlage 2 - Antwoordbrief over Gebruik panden afwijking bestemmingsplan_Geredigeerd.pdf
4.3
Raadsbrief Reactie op vervolgvragen Rechtsongelijkheid bij uitvoering bestemmingsplan Dossier 1772 voorblad Raadsbrief Reactie op vervolgvragen Rechtsongelijkheid bij uitvoering bestemmingsp.pdf
5
Raadsvoorstel Vaststelling Grex IPvE en SPvE Zuilense Vecht Aanvang: 14.00 uur; DIGITAAL Indicatie behandeltijd: 120 min. Beleidsveld: Ruimtelijke Ontwikkeling - wethouder Verschuure De gemeente Utrecht wil samen met de gemeente Stichtse Vecht het gebied Zuilense Vecht verbeteren. Dit gebied ligt op de grens van beide gemeenten. Op dit moment zijn er binnen het gebied verouderde sportparken. Beide gemeenten willen de sportparken vernieuwen, de parken een meer openbaar karakter geven en meer vergroenen. Daarnaast zouden er 200 tot 300 woningen moeten worden gebouwd waarvan 35 sociale huur, 25 % middenhuur en 40 % vrije sector. In januari 2020 is door de gemeenteraad in verband met deze plannen een gebiedsplan vastgesteld, waarna het college het plan verder is gaan uitwerken. Voor de herinrichting van het gebied heeft het college een Integraal Programma van Eisen en Functioneel Ontwerp opgesteld. Daarnaast is een Stedenbouwkundig Programma van Eisen voor de Utrechtse woonbuurt Zuilense Vecht opgesteld. Het college stelt de raad voor beide stukken vast te stellen. Het college stelt verder het financiële kader voor de realisatie van deze plannen vast te stellen. Daarvoor moet een grondexploitatie (GREX) worden geopend.
Het college stelt verder voor het plan deels te financieren uit de opbrengsten van de erfpachtconversieregeling 2017 Dossier 1669 voorblad Raadsvoorstel vaststelling GREX IPvE en SPvE Zuilense Vecht.docx IPvE-FO Zuilense Vecht.pdf
SPvE Zuilense Vecht.pdf Reactienota SPvE Utrecht Zuilense Vecht.pdf Reactienota IPvE Zuilense Vecht.pdf hoofdlijnenplanning Zuilense Vecht.pdf Beheerparagraaf Zuilense Vecht.pdf 6
Raadsvoorstel Specifieke (ontwerp)verklaring van geen bedenkingen kunstwerk bibliotheek Neude 11 Aanvang: 16.05 uur; DIGITAAL Indicatie behandeltijd: 90 min. Beleidsveld: Ruimtelijke Ontwikkeling - wethouder Verschuure De omgevingsvergunning voor het plaatsen van een kunstwerk op de luifel van de bibliotheek aan de Neude kan alleen worden verleend indien gebruik wordt gemaakt van de algemene verklaring van geen bedenkingen die de gemeenteraad in 2010 heeft afgegeven. Bij dit raadsbesluit is afgesproken de raad toch om een specifieke verklaring te vragen indien er sprake is van bestuurlijk gevoelige aanvragen. Daarom vraagt het college in dit raadsvoorstel aan de raad een specifieke ontwerpverklaring af te geven. Het college stelt verder voor, indien dit ontwerp na terinzagelegging geen zienswijzen oplevert deze verklaring als definitief te bezien. Dossier 1620 voorblad Raadsvoorstel Specifieke (ontwerp)verklaring van geen bedenkingen kunstwerk bibliotheek Neude 11.docx Ruimtelijke onderbouwing kunstwerk bibliotheek Neude 11.doc Specifieke (ontwerp)verklaring van geen bedenkingen kunstwerk bibliotheek Neude 11.docx Tekening nieuw gevelaanzicht bibliotheek Neude 11.pdf
7
Besluit eerste Wijziging Huisvestingsverordening in verband met wet toeristische verhuur Aanvang: 20.00 uur; DIGITAAL Indicatie behandeltijd: 60 min. Beleidsveld: Economische Zaken - wethouder Verschuure Het voorstel dat voorligt is om: * De eerste wijziging van de Huisvestingsverordening Regio Utrecht 2019, gemeente Utrecht, vast te stellen met daarin een aantal aanpassingen zoals beschreven in het voorstel. * Het college de bevoegdheid te geven op een nader te bepalen tijdstip voor vakantieverhuur ook een meldplicht per verhuring in te stellen. * Vooralsnog geen gebruik te maken van de mogelijkheid om, naast een registratieplicht en een meldplicht per verhuring, ook een vergunningplicht in te stellen voor particuliere vakantieverhuur op grond van artikel 23c Huisvestingswet.
Dossier 1670 voorblad Raadsvoorstel Besluit eerste Wijziging Huisvestingsverordening ivm wet toeristische verhuur (april 2021).docx Besluit eerste Wijziging Huisvestingsverordening regio Utrecht 2012 (april 2021).docx Huisvestingsverordening Regio Utrecht 2019, wijzigingen zichtbaar (april 2021).docx Raadsbrief Uitbreiding wet toeristische verhuur per 1 juli 2021.docx STREKT TER VERVANGING Raadsvoorstel Besluit eerste Wijziging Huisvestingsverordening ivm wet toeristische verhuur (na S&R).pdf STREKT TER VERVANGING Besluit eerste Wijziging Huisvestingsverordening regio Utrecht 2019 (na S&R).pdf STREKT TER VERVANGING Huisvestingsverordening Regio Utrecht 2019, wijzigingen zichtbaar (na S&R).pdf
8
Muntkade en meer recreatieplekken in de stad
Aanvang: 21.30 uur; DIGITAAL Indicatie behandeltijd: 45 min. Beleidsveld: Groen - wethouder Van Hooijdonk Geagendeerd door T. Sturkenboom (Student & Starter),T. Meerding (VVD), S. Schilderman (D66), C. Bos ( Stadsbelang Utrecht), J. Zwinkels ( CDA). Naar aanleiding van mondelinge vragen en de overgenomen actuele motie Raad eerst aan zet voor betere recreatieplek, willen de agenderende fracties met andere fracties en het college in debat over de situatie op de landtongen bij de Muntsluis en het voornemen van het college om hier hekken te plaatsen. De Muntsluis is een populaire plek voor Utrechters om te ontspannen en elkaar te ontmoeten, vooral in de zomer. Bewoners ervaren hierdoor helaas verschillende vormen van overlast. Ook zien bewoners graag verbeteringen in de veiligheid rondom de muntsluis. De fracties betrekken hierbij graag de nog te verzenden maar reeds toegezegde brief over recreatie en de hekken bij de Muntsluis. De fracties willen verschillende alternatieven bespreken om overlast te beperken en te kijken naar wat mogelijk is om de Muntsluis voor zowel recreanten als bewoners aangenaam en toegankelijk te houden. Dit vraagt bijvoorbeeld wellicht om aanpassingen in de openbare ruimte, inzet van meer handhaving en communicatie om recreanten te verleiden naar andere recreatieplekken te gaan.
Ook willen de fracties ingaan op het bredere vraagstuk hoe we in de stad omgaan met onze recreatieplekken. Met de groei van de stad (en meer hoogbouw in de toekomst) wordt de vraag om meer recreatieplekken namelijk groter en worden bestaande plekken drukker. De agenderende fracties willen bijvoorbeeld met elkaar het debat voeren over hoe we in de stad meer recreatieplekken kunnen realiseren en wat daarvoor nodig en wenselijk is. M47 Raad eerst aan zet voor betere recreatieplek.pdf 8.1
Raadsbrief Balans tussen recreatie en rust bij de Muntsluis Dossier 1797 voorblad Raadsbrief Balans recreatie en leefbaarheid Muntsluis.pdf
8.2
MV 4, 4 maart 2021, Gemeente heeft het gemunt op recreatie MV 4, 4 maart 2021, Gemeente heeft het gemunt op recreatie.pdf Verslag 20210304 Vragenuur.doc-pag. 5-6
3 Raadsvoorstel bedrijfsuitbreiding De Trip B.V. 1 Dossier 1666 voorblad.pdf
Commissie Stad en Ruimte Dossiernummer
1666
Vertrouwelijk
Nee
Vergaderdatum
15 april 2021
Agendapunt
3
Omschrijving
Raadsvoorstel bedrijfsuitbreiding De Trip B.V.
ID
1717
Behandelend ambtenaar
Bert Wijburg
Telefoon
030-286 4732
b.wijburg@utrecht.nl
Datum collegebesluit Geocodering
Noordwest
Thema
Ruimtelijke ordening
Portefeuillehouder
Wethouder Verschuure
Beleidsveld
Ruimtelijke Ontwikkeling
Referendabel
Nee
Raadsadviseur (lijst)
Frank de Kok/Ruimtelijke Ontwikkeling, Vastgoed, Erfgoed/06-20011476
Geagendeerd
Vergaderdatum
Raadsinformatiebijeenkomst
6 april 2021
Commissie Stad en Ruimte
15 april 2021
Gemeenteraad
22 april 2021
Voorgesteld besluit
1 Raadsvoorstel Weigering specifieke verklaring van geen bedenkingen bedrijfsuitbreiding De Trip B.V..docx
Voorstel aan de gemeenteraad
Weigering specifieke verklaring van geen bedenkingen bedrijfsuitbreiding De Trip B.V. Beleidsveld Organisatieonderdeel Opsteller Kenmerk Vergaderdatum Raad Geheim
Ruimtelijke ontwikkeling, milieu en emissieloos vervoer Vergunningen Toezicht en Handhaving Bert Wijburg/Wilfred Matser 8598981 volgt Nee
Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor te besluiten: 1. De ontwerp weigering specifieke verklaring van geen bedenkingen voor de omgevingsvergunning voor de van de bedrijfsactiviteiten van De Trip B.V. op het adres Sophialaan 7 te Utrecht vast te stellen waarmee de bedrijfsuitbreiding van De Trip B.V. wordt geweigerd, én deze verklaring definitief vast te stellen indien geen zienswijzen tegen de ontwerp-verklaring bij de Provincie worden ingediend.
Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris,
de burgemeester,
Samenvatting Het college stelt de raad voor om de door de provincie Utrecht gevraagde specifieke verklaring van geen bedenkingen voor de bedrijfsuitbreiding van De Trip B.V. te weigeren. De uitbreiding voorziet in de vestiging van een vuiloverslagstation.
Context Aanleiding De Trip B.V. is gevestigd aan de Sophialaan 7 in Utrecht. Het bedrijf ligt op het bedrijventerrein Lage Weide en richt zich onder meer op de overslag, het opbulken en het bewerken van grond en hulpstoffen. De ingenomen grond en groenproducten worden omgezet/bewerkt voor nieuwe producten (recycling). Aanvraag omgevingsvergunning Op 30 mei 2016 heeft De Trip B.V. bij Gedeputeerde Staten van Utrecht een aanvraag ingediend voor uitbreiding van de huidige bedrijfsactiviteiten op het adres Sophialaan 7. De aanvraag is op 25 mei 2018 gewijzigd. De uitbreiding ziet op de vestiging van een vuiloverslagstation en (aanvankelijk) ook puinbreekactiviteiten. Hierdoor komt het bedrijf in een zwaardere milieucategorie. Op dit moment is categorie 4.1 toegestaan. Door de uitbreiding wordt dat zwaarder, zoals ook uit de aanvraag blijkt, t.w. categorie 4.2 Juridisch kader Rol van Gedeputeerde Staten Door de voorgenomen uitbreiding wordt het bedrijf milieuvergunningsplichtig. Het bevoegde gezag voor de vergunningverlening is het college van Gedeputeerde Staten. Om die reden is de vergunning ook bij het college van Gedeputeerde Staten ingediend.
Planologisch afwijkingsbesluit Het plan van De Trip BV is in strijd met het bestemmingsplan, omdat: - de bedrijfsactiviteiten: deze vallen in een hogere milieucategorie dan ter plaatse is toegestaan (maximaal categorie 4.1); - de drempelwaarde van het Besluit milieueffectrapportage overschrijden; - nieuwe geurrelevante inrichtingen (waaronder uitbreiding van bestaande) niet zijn toegestaan. Voor het verlenen van medewerking is een planologisch afwijkingsbesluit (een procedure ex artikel 2.12 eerste lid aanhef en onder a onder 3 van de Wabo) vereist. Hierbij speelt uw raad een belangrijke rol. Rol gemeenteraad Voor het opheffen van de planologische strijdigheid is instemming van de gemeenteraad vereist in de vorm van een specifieke verklaring van geen bedenkingen. De Wet algemene bepalingen omgevingsrecht schrijft dit dwingend voor. Bij een weigering van de specifieke verklaring van geen bedenkingen door uw raad moeten Gedeputeerde Staten de aanvraag voor een omgevingsvergunning afwijzen. In de bijlage Toelichting procedure wordt hierop nader ingegaan. Nadere toelichting op uitbreiding De voorgenomen uitbreiding ziet op de vestiging van een vuiloverslagstation en (aanvankelijk ook) puinbreekactiviteiten. Het bedrijf wil haar bedrijfsactiviteiten uitbreiden.
De uitbreiding voorziet in een opslagcapaciteit voor dakafval, metalen, geïmpregneerd en/of zwaar vervuild hout (C-hout) en asbesthoudende en daarmee gevaarlijke stoffen (nieuw). Ten opzichte van de huidige situatie komt DCMR Milieudienst Rijnmond op een extra jaarcapaciteit van 145.550 ton (399 ton per dag). Hierdoor komt het bedrijf, zoals gesteld, in een zwaardere milieucategorie. Eerder voorstel tot weigering van de verklaring van geen bedenkingen In verband met de complexe milieutechnische beoordeling van dit dossier is er herhaaldelijk advies ingewonnen bij de DCMR Milieudienst Rijnmond (DCMR). Deze advisering is door ons betrokken bij ons eerdere voorstel tot weigering van de specifieke verklaring van geen bedenkingen aan uw gemeenteraad zoals dat besproken in de commissie Stad en Ruimte dd. 30 januari 2020.
2
Daags voor deze commissiebehandeling verzocht De Trip BV om uitstel van behandeling van het raadsvoorstel. De Trip BV gaf aan haar plannen te willen aanpassen teneinde een weigeringsbesluit te voorkomen. Op voorstel van de portefeuillehouder RO heeft de raadscommissie ingestemd met uitstel van behandeling van het raadsvoorstel. Dit voor een nadere beoordeling van de aangekondigde aanpassing door De Trip B.V. Aanpassingen door de Trip B.V. In de aangepaste ruimtelijke onderbouwing geeft De Trip B.V. de volgende reducering aan van hun bedrijfsactiviteiten -t.o.v. hun eerdere aanvraag- aan: • intrekken activiteit puinbreken; • intrekken activiteit vuiloverslagstation voor wat betreft inname van gemengd afval; • geen inname van gemengd afval en RKG-slib en beperktere opslag van gevaarlijk bouw- en sloopafval en • geen incidentele aanvoer van schepen in de avond- en nachtperiode. Hernieuwde beoordeling De hernieuwde beoordeling van de gewijzigde plannen heeft langere tijd gevergd dan destijds voorzien. Dit is deels te wijten aan de Trip BV zelf (onduidelijke omschrijving van aanpassing in de ruimtelijke onderbouwing) en deels doordat de DCMR als externe deskundige instantie vanwege coronamaatregelen prioriteit gaf aan de advisering van bestaande klanten. De DCMR heeft 2x geadviseerd: 30 oktober 2020 en 13 november 2020. Beide adviezen zijn bij dit voorstel gevoegd.
Ondanks aanpassingen van de zijde van De Trip B.V. blijft er volgens de DCMR sprake van een 4.2. milieubedrijfscategorie. Alles afwegende stellen wij uw raad voor om geen medewerking te verlenen. Hieraan liggen -kort samengevat- onderstaande motieven ten grondslag: 1. De bestaande bedrijfsactiviteiten van De Trip zijn al ruimschoots boven de drempelwaarde en hiervoor is nog geen vergunning verleend; de aangevraagde bedrijfsactiviteiten overschrijden deze drempelwaarde nog meer; 2. De relatief dichte ligging dichtbij woongebied Zuilen in relatie met de milieueffecten; 3. Het gemeentelijk planologisch beleid t.a.v. inwaartse zonering; de uitbreiding staat hiermee op gespannen voet. 4. Er is geen zekerheid dat de aangevraagde uitbreiding de natuurlijke kenmerken van het Natura 2000-gebied "Oostelijke Vechtplassen" niet zal aantasten (stikstof). Gezien de omvang van de uitbreiding kunnen naar onze mening belangrijke nadelige milieugevolgen op voorhand niet worden uitgesloten. De bedrijfseconomische belangen van de Trip B.V. wegen naar onze mening ook niet op tegen de hierboven aangegeven belangen die gediend zijn met het voorkomen van een zwaardere bedrijfscategorie dan planologisch is toegestaan, t.w. milieucategorie 4.1. Om bovengenoemde redenen stellen wij u voor om ondanks de voorgestelde aanpassingen door de Trip BV de gevraagde verklaring van geen bedenkingen te weigeren.
Eerdere besluitvorming en informatievoorziening aan de raad - 1 november 2019 aanbieding raadsvoorstel en concept besluit tot weigering specifieke verklaring van geen bedenkingen; - 22 januari 2020 raadsbrief beantwoording nadere technische vragen met 6 bijlagen - Op 30 januari 2020 is het raadsvoorstel in de commissie Stad en Ruimte besproken. Uiteindelijk is besloten dat de aanvrager de gelegenheid krijgt zijn aanvraag aan te passen (waardoor overwogen kan worden om de gevraagde bedrijfsuitbreiding wel toe te staan). - 3 maart 2020 Raadsbrief Verzoek om uitstel behandeling raadsvoorstel uitbreiding bedrijfsactiviteiten De Trip B.V.
3
Beslispunten, Argumenten en Kanttekeningen/Risico’s Beslispunt 1
De ontwerp weigering specifieke verklaring van geen bedenkingen voor de omgevingsvergunning voor de van de bedrijfsactiviteiten van De Trip B.V. op het adres Sophialaan 7 te Utrecht vast te stellen waarmee de bedrijfsuitbreiding van De Trip B.V. wordt geweigerd, én deze verklaring definitief vast te stellen indien geen zienswijzen tegen de ontwerp-verklaring bij de Provincie worden ingediend.
Argumenten 1.1
De uitbreiding is in strijd met het vastgestelde bestemmingsplan en het daarin opgenomen inwaartse zoneringsbeleid. Een groot deel van de aangevraagde bedrijfsactiviteiten is zwaarder dan categorie 4.1. In het bestemmingsplan is voor het bedrijventerrein een inwaartse zonering toegepast. Dit houdt in dat de meest hindergevende bedrijven op de grootst mogelijke afstand van gevoelige objecten worden toegestaan. De Trip B.V. ligt aan de rand van het bedrijventerrein langs het Amsterdam-Rijnkanaal. Net als omliggende bedrijven langs het Amsterdam-Rijnkanaal is daar maximaal milieucategorie 4.1 toegestaan. DCMR Milieudienst Rijnmond heeft voor het bedrijf de jaarcapaciteit bepaald en komt tot een toename van 145.550 ton (399 ton per dag). In totaal komt de capaciteit dan op 1.113 ton per dag. Voor wat betreft de geluidsbelasting heeft de DCMR Milieudienst Rijnmond niet kunnen beoordelen of de bedrijfsactiviteiten passen binnen milieucategorie 4.1. Volgens de DCMR Milieudienst Rijnmond is de kans groot dat deze milieucategorie wordt overschreden. Dit betekent dat de bedrijfsactiviteiten naar aard en invloed op de omgeving ook niet zijn gelijk te stellen zijn met milieucategorie 4.1. Afwijken van het recent vastgestelde bestemmingsplan is niet wenselijk. Het geldende bestemmingsplan Lage Weide staat geen milieubedrijf in categorie 4.2 toe.
Het uitgangspunt is om het juridisch-planologische kader van het vastgestelde bestemmingsplan ‘Lage Weide’ (vastgesteld 29 november 2018) voor de komende periode te waarborgen.
1.2
De bedrijfseconomische belangen wegen niet op tegen de inwaartse zonering en risico op overlast in de nabijgelegen woningen Door de uitbreiding van de bedrijfsactiviteiten zal de hinder op de omgeving toenemen. De gronden van De Trip B.V. liggen op korte afstand van de woonwijk Zuilen. Als er woningbouwplannen in de Zuilense Vecht worden gerealiseerd, zullen ook de bewoners hiervan hinder ervaren. Vanuit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening achten wij de aangevraagde uitbreiding niet passend binnen de omgeving. Wij kennen een hogere waarde toe aan het woon- en leefklimaat van de nabije omgeving dan aan de bedrijfseconomische belangen van De Trip B.V. Bovendien zijn er in de nabije omgeving locaties die wel geschikt zijn voor milieucategorie 4.2. De Trip B.V. kan ervoor kiezen zich te verplaatsen naar een dergelijke locatie.
1.4
De uitbreiding van de bedrijfsactiviteiten leidt mogelijk tot extra stikstofdepositie Wij hebben geen zekerheid dat de aangevraagde bedrijfsuitbreiding de natuurlijke kenmerken van het Natura 2000-gebied “Oostelijke Vechtplassen” niet zal aantasten. Volgens de ruimtelijke onderbouwing zal de totale bijdrage van de inrichting 0,11 mol N/ha/jaar bedragen in het Natura 2000-gebied “Oostelijke Vechtplassen”. Dit betekent dat de aanvraag in strijd is met artikel 2.7, eerste lid, en 2.8, derde lid, van de Wet natuurbescherming.
1.5
Ondanks aanpassingen door De Trip B.V. blijft er sprake van een milieucategorie 4.2. Het inzamelen, op- en overslaan en bewerken van buiten de inrichting afkomstige afvalstromen zijn activiteiten die als milieubedrijfscategorie 4.2 (vuiloverslagstation) 4
gekwalificeerd moeten worden. Ook de DCMR heeft hierover een heldere conclusie getrokken: ondanks aanpassingen blijft er sprake van een bedrijfscategorie 4.2. Gezien de omvang van de uitbreiding kunnen naar onze mening belangrijke nadelige milieugevolgen niet worden uitgesloten.
Financiën Niet van toepassing.
Vervolg Uw besluit zal aan het college van Gedeputeerde Staten worden medegedeeld.
Participatie Er heeft geen participatie plaatsgevonden over dit voorstel.
Communicatie Het ontwerp raadsvoorstel en de ontwerp weigering verklaring van geen bedenkingen wordt (door het college van Gedeputeerde Staten) gedurende zes weken ter inzage gelegd. Het staat een ieder vrij om zijn of haar zienswijze kenbaar te maken. Indien er zienswijzen worden ingediend is een tweede raadsconsultatie vereist. Na beoordeling van de eventuele ingekomen zienswijzen ontvangt de raad een voorstel voor een reactie op de ingekomen zienswijzen. Na de beslissing van de raad neemt het college van Gedeputeerde Staten een beslissing op de aanvraag.
Niet-Referendabel Het betreft een raadsvoorstel inzake de vaststelling of wijziging van een bestemmingsplan (artikel 3 lid 2 onder f Verordening raadgevend referendum gemeente Utrecht). Uit de toelichting op de verordening blijkt dat een verklaring van geen bedenkingen, benodigd voor (wabo-)projectbesluiten, ook onder de werking van artikel 3 lid 2 onder f valt. Dit raadsbesluit is daarmee niet-referendabel.
Bijlagen Bijlagen besluitvorming - Ontwerp raadsbesluit weigering verklaring van geen bedenkingen (maart 2021) Bijlagen informatief - Raadsbrief Vervolg besluitvorming uitbreiding De Trip B.V. - Toelichting procedure uitbreiding De Trip B.V. - Bijlagen inhoudelijk: 1. 4 mei 2016 Mer beoordelingsbesluit Provincie De Trip BV; 2. 30 mei 2016 Bij aanvraag omgevingsvergunning overzicht tabellen opslagcapaciteit; 3. 30 mei 2016 Aanvraag omgevingsvergunning; a. Bijlagen bij aanvraag omgevingsvergunning De Trip (deel 1 van 2); b. Bijlagen bij aanvraag omgevingsvergunning De Trip (deel 2 van 2); 4. 7 juni 2016 Bevestiging aanvraag omgevingsvergunning Gedeputeerde Staten; 5. 27 maart 2018 Verzoek aanvulling akoestisch rapport; 6. 22 mei 2018 Akoestisch Rapport De Trip BV; 7. 22 mei 2018 Beschrijving aard en omvang wijzigingen; 8. 22 mei 2018 Overzicht tabellen opslagcapaciteit uit ruimtelijke onderbouwing aanmeldingsnotitie m.e.r. ; 9. 22 mei 2018 Wijziging Indeling Inrichting De Trip BV; 10. 25 mei 2018 Melding activiteitenbesluit De Trip BV; 11. 19 april 2019 Second opinion Milieudienst DCMR; 12. 3 maart 2020 Raadsbrief verzoek om uitstel behandeling raadsvoorstel uitbreiding; 13. 13 februari 2020 Ingekomen brief De Trip B.V.; 14. 19 juni 2020 Second opinion De Trip, DCMR Milieudienst Rijnmond; 15. 30 oktober 2020 Ruimtelijke onderbouwing Sophialaan 7 te Utrecht, BRO; 16.
30 oktober 2020 Overzicht afval-, grond- en hulpstoffen en vrijkomende (bedrijfs)afvalstoffen, M-Tech; 17. 13 november 2020 Beoordeling aangepaste ruimtelijke onderbouwing DCMR; 18. 27 november 2020 Aanvullend advies gemeente aangepaste ruimtelijke onderbouwing De Trip. 5
1 (Ontwerp) Weigering specifieke verklaring van geen bedenkingen bedrijfsuitbreiding De Trip B.V..docx
(Ontwerp) Weigering specifieke verklaring van geen bedenkingen Bedrijfsuitbreiding De Trip B.V.
De raad van de gemeente Utrecht, Gelet op: de bij Gedeputeerde Staten van Utrecht ingediende aanvraag om omgevingsvergunning van De Trip BV, gevestigd aan de Sophialaan 7 te Utrecht, om uitbreiding van het gebruik van de huidige bedrijfsactiviteiten; de aanvraag om omgevingsvergunning is gedateerd 30 mei 2016 (kenmerk gemeente HZ_Advies-1617957) met wijziging op 25 mei 2018 en alle daarbij behorende stukken; het gegeven dat Gedeputeerde Staten van Utrecht bevoegd gezag is voor de beslissing op de aanvraag om omgevingsvergunning: in het kader daarvan Gedeputeerde Staten heeft verzocht om een planologische beoordeling van de aanvraag om af te wijken van het bestemmingsplan in de vorm van een (specifieke) verklaring van geen bedenkingen (vvgb); de beslissing tot het al dan niet verlenen van deze verklaring expliciet is voorbehouden aan de gemeenteraad; de beslissing over de verklaring van geen bedenking naar aanleiding van de behandeling in de commissie Stad en Ruimte dd. 30 januari 2020 is opgeschort in verband met aanpassingen van het plan door De Trip B.V.; het raadsbesluit voor Gedeputeerde Staten juridisch bindend is voor wat betreft het nemen van een beslissing op de aanvraag om omgevingsvergunning voor wat betreft het opheffen van de planologische strijdigheid, t.w. het afwijkingsbesluit ex artikel 2.12, lid 1, sub a, onder 3 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;
de Wet ruimtelijke ordening en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; Overwegende dat: het bouwplan betrekking heeft op forse uitbreiding van een bestaand bedrijf in grond en groenrecycling producten (verzamel en opslaglocatie en bewerking van grondstoffen t.b.v. recycling) op het bedrijfsterrein lage Weide; er een algemeen gemeentelijk en bedrijfsbelang is gediend met bedrijfseconomische ontwikkeling op het bedrijfsterrein Lage Weide; een dergelijke ontwikkeling echter wel dient plaats te vinden binnen toelaatbare ruimtelijke afwegingskaders; voor het gebied het bestemmingsplan “Lage Weide” op 29 november 2018 is vastgesteld waarin de het beleid met betrekking tot inwaarse zonering is opgenomen;
de voorgestelde uitbreiding met dit bestemmingsplan in strijd is nu dit bestemmingsplan (1) geen bedrijfscategorie 4.2 toestaat, (2) geen nieuwe geurrelevante inrichting toestaat en (3) geen vestiging/uitbreiding van m.e.r. (beoordelings)plichtige activiteiten toestaat; de omgevingsvergunning enkel verleend kan worden indien de activiteit niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening en de motivering van het besluit een goede ruimtelijke ordening bevat; het geldende bestemmingsplan Lage Weide maximaal bedrijfs/milieucategorie 4.1 toestaat en dit ook uitgangspunt moet blijven; na uitbreiding sprake is van een milieucategorie 4.2 inrichting; zowel het voorheen geldende als het huidig (nog niet onherroepelijke) bestemmingsplan een dergelijke categorie op deze locatie niet toestaat; de voorgestelde uitbreiding in volle omvang buiten iedere twijfel valt buiten een 4.1.
milieucategorie danwel daarmee gelijk te stellen valt; Ten aanzien van de milieu effecten (algemeen) het geldende bestemmingsplan geen uitbreiding van inrichtingen als bedoeld in bijlage C of D van het besluit milieueffectrapportage waarbij de desbetreffende drempelwaarde wordt overschreden, toestaat; de drempelwaarde van 50 ton per dag of meer (categorie D.18.1) in de huidige situatie al beduidend overschreden wordt; in verband daarmee een beoordeling heeft plaatsgevonden naar de milieu- aspecten ( o.a. luchtkwaliteit, stikstof, geluid, volksgezondheid) die in het belang van een goede ruimtelijke ordening noodzakelijk is; gezien de omvang van de uitbreiding kunnen belangrijke nadelige milieugevolgen niet worden uitgesloten; ondanks de aanpassingen door de Trip B.V.
er sprake blijft van een milieubedrijfscategorie 4.2; Ten aanzien van de milieueffecten in het in het bijzonder: er sprake is van voorzienbare -al dan niet incidentele- overschrijding van de geluidsnormen; op voorhand geen negatieve gevolgen in het kader van stikstof uitstoot voor het natura 2000 gebied Oostelijke Vechtplassen kan worden uitgesloten en de hierop betrekking hebbende berekening nog gebaseerd is op niet meer bruikbare versie van de Aeris Calculator; het gemeentelijk beleid gericht is op inwaartse zonering van milieubedrijven teneinde een potentiele overlastgevende milieugevolgen en daarmee aantasting van het woon en leefklimaat te voorkomen; de aanvraag voor uitbreiding van De Trip hiermee strijdig is met dit beleid nu deze is gelegen aan de rand van de het bedrijventerrein met bestaande en geplande nieuwe woningbouw aan de overzijde van het Amsterdamrijnkanaal; het bedrijfseconomisch belang van de aanvrager dat is gediend met de voorgestelde uitbreiding niet opweegt tegen het algemene gemeentelijk belang die van een goede ruimtelijke ordening welke zietop op voorkoming van aantasting van het woon en leefklimaat in zijn algemeenheid en die van het woongebied Zuilen in het bijzonder;
in de ruimtelijke onderbouwing van de aanvrager aandacht geen enkele aandacht is besteed aan de maatschappelijke uitvoerbaarheid van het plan, noch met eventuele reacties vanuit omwonenden en andere belanghebbenden; in tegenstelling tot het gestelde in de ruimtelijke onderbouwing is er naar ons oordeel geen sprake van een interne herstructurering van bestaande processen binnen het bedrijf, maar een aanzienlijke uitbreiding van de bedrijfsactiviteiten; de door De Trip BV voorgestelde aanpassingen zijn (deels) niet in overeenstemming met de aangepaste ruimtelijke onderbouwing; negatieve ruimtelijke en milieugevolgen als gevolg van de voorgestelde uitbreiding op voorhand niet kunnen worden uitgesloten; tot dusverre nog geen planschade verhaalsovereenkomst is afgesloten en daarmee de economische uitvoerbaarheid nog niet is aangetoond;
Ten aanzien van de eindbeoordeling: er gelet op het vorenstaande uit een oogpunt van goede ruimtelijke ordening overwegende bezwaren bestaan tegen het verlenen van een specifieke verklaring van geen bedenking ten behoeve van de aanvraag omgevingsvergunning voor De Trip BV;
Gelet op het voorstel van het college dd. 9 maart 2021 en de daaraan ten grondliggende ambtelijke en externe adviezen van de DCMR;
Besluit: 1.
De gevraagde specifieke verklaring van geen bedenkingen voor het mogelijk maken van de
uitbreiding van de bedrijfsactiviteiten van de Trip B.V. aan de Sophialaan 7 te weigeren. Deze concept weigering wordt definitief indien daartegen gedurende de ter inzage legging geen zienswijzen worden ingediend.
Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad, gehouden op,
de griffier,
de voorzitter,
Merel van Hall
Sharon A.M. Dijksma
1 Raadsbrief Vervolg besluitvorming uitbreiding De Trip B.V.docx
Burgemeester en wethouders Postadres Postbus 16200, 3500 CE Utrecht Telefoon 14 030 www.utrecht.nl
Aan de gemeenteraad
Behandeld door
L.J. Wijburg
Datum
2 maart 2021
Doorkiesnummer
(030) 286 4732
Kenmerk
8333992
b.wijburg@utrecht.nl
Onderwerp
Vervolg besluitvorming uitbreiding De Trip B.V.
Bijlage(n)
geen
Beleidsveld
Ruimtelijke ontwikkeling, milieu en emissieloos vervoer
Geachte leden van de raad, Op 30 januari 2020 heeft de raadscommissie Stad en Ruimte gesproken over het raadsvoorstel om de door de Trip B.V. gewenste bedrijfsuitbreiding te weigeren. Uw raad heeft ons verzocht om in overleg te treden met de aanvrager om te bezien of het mogelijk is de aanvraag aan te passen (waardoor er mogelijk wel medewerking zou kunnen worden verleend). Hieronder informeren wij u over dit proces en gaan wij in op het door ons voorgestelde vervolg op deze aanvraag. Separaat ontvangt u een aangepast raadsvoorstel tot weigering van de specifieke verklaring van geen bedenkingen bedrijfsuitbreiding De Trip BV. Algemeen De Trip B.V. heeft op 30 mei 2016 een aanvraag om omgevingsvergunning ingediend bij Gedeputeerde Staten van Utrecht. Die aanvraag voorziet in een uitbreiding van de bedrijfsmatige activiteiten, t.w. een vuiloverslagstation en puinbreken tot 100.000 ton per jaar. Het college van Gedeputeerde Staten is het bevoegd gezag om op de aanvraag te beslissen. Gedeputeerde Staten hebben hun bevoegdheid om op de aanvraag te beslissen gemandateerd aan de Regionale Uitvoeringsdienst (RUD). Verklaring van geen bedenkingen De aanvraag is in strijd met het geldende bestemmingsplan Lage Weide. De voornaamste reden: het bestemmingsplan staat geen milieucategorie 4.2 toe.
De RUD heeft namens de Provincie een planologisch oordeel van de gemeenteraad gevraagd: de afgifte van een specifieke verklaring van geen bedenkingen. De gemeenteraad is het bevoegde bestuursorgaan om over een dergelijke verklaring van geen bedenkingen te besluiten. Dat vergt een ruimtelijke beoordeling en afweging. De ruimtelijke gevolgen met inbegrip van milieu, de economische en ruimtelijke belangen moeten tegen elkaar worden afgewogen. Het juridisch kader waarbinnen deze planologische afweging moet plaatsvinden staat in artikel 6.5 lid 2 van het Besluit omgevingsrecht: een goede ruimtelijke ordening. Uw raad beslist hierover.
Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk
9 maart 2021 8333992
Strijdigheden met het bestemmingsplan Ter plaatse geldt bestemmingsplan “Lage Weide”. Het plan is in strijd met het bestemmingsplan omdat: - de gevraagde activiteiten vallen in milieucategorie 4.2, terwijl op grond van het bestemmingsplan maximaal milieucategorie 4.1 is toegestaan (bestemming “Bedrijventerrein”, artikel 3.1 bestemmingsplan Lage Weide); - omdat de uitbreiding van de activiteiten valt onder uitbreiding van een inrichting als bedoeld in categorie C of D van het Besluit milieueffectrapportage en de betreffende drempelwaarde wordt overschreden (artikel 3.6.2 bestemmingsplan Lage Weide); - de aangevraagde bedrijfsactiviteit vuiloverslagstation binnen een categorie valt, waarop de geurregeling Lage Weide (januari 2018) van toepassing is (artikel 3.6.1 bestemmingsplan Lage Weide). Commissiebehandeling Stad en Ruimte dd. 30 januari 2020 Ons raadsvoorstel tot weigering van de specifieke verklaring van geen bedenking met bijlagen is besproken in uw commissie Stad en Ruimte dd. 30 januari 2020. Voorafgaand aan die vergadering hebben enkele fracties nog aanvullende technische vragen gesteld. Die vragen zijn in een aanvullende raadsbrief dd. 22 januari 2020 beantwoord. De belangen die gediend zijn met inwilliging van het plan (economisch, bedrijfsmatig, circulaire economie) wegen naar onze mening niet op tegen de nadelige gevolgen.
Deze zijn kort samengevat: - de bestaande bedrijfsactiviteiten De Trip zijn al ruimschoots boven de drempelwaarde (en hiervoor is nog geen vergunning verleend); de aangevraagde bedrijfsactiviteiten overschrijden deze drempelwaarde nog meer; - de relatief dichte ligging dichtbij woongebied Zuilen in relatie met de milieueffecten en gemeentelijk beleid t.a.v. inwaartse zonering waarmee de uitbreiding op gespannen voet staat. - nadelige gevolgen voor het milieu kunnen niet worden uitgesloten; - er is geen zekerheid dat de aangevraagde uitbreiding de natuurlijke kenmerken van het Natura 2000-gebied "Oostelijke Vechtplassen" niet zal aantasten (stikstof). Uitstel behandeling Tijdens de commissiebehandeling op 30 januari 2020 heeft u ingestemd met het opschorten van de besluitvorming door de gemeenteraad. Dit om de aanvrager in de gelegenheid te stellen om tot aanpassing van diens plannen over te gaan. Helaas heeft de afhandeling daarvan langere tijd gevergd dan destijds voorzien. De reden daarvan is deels gelegen in de onduidelijke omschrijving van de voorgestelde aanpassingen in relatie tot de vereiste ruimtelijke onderbouwing door De Trip BV. Daarnaast heeft de DCMR Milieudienst Rijnmond als (externe) deskundige instantie vanwege de coronamaatregelen in maart 2020 aangegeven dat zij keuzes moesten maken waardoor zij zich moesten focussen op de bestaande klanten.
De adviesvraag van de gemeente Utrecht kreeg niet de hoogte prioriteit. Uiteindelijk heeft de DCMR in juni geadviseerd. Vervolgens heeft de aanvrager nogmaals een poging ondernomen om de aanvraag aan te passen. Zo is de ruimtelijke onderbouwing op 30 oktober 2020 na inschakeling van een ander advies bureau (BRO) door de Trip BV aangeleverd. De tweede en laatste advisering van DCMR dateert van 13 november 2020. De eindconclusie van de DCMR Milieudienst Rijnmond blijft ongewijzigd: ondanks aanpassingen van de zijde van De Trip (zie hieronder) blijft er sprake van een 4.2. milieubedrijfscategorie.
2/4
Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk
9 maart 2021 8333992
Aanpassingen t.o.v. eerder plan Aanpassing van De Trip B.V. van de bedrijfsactiviteiten ten opzichte van eerdere omschrijving: • intrekken activiteit puinbreken; • intrekken activiteit vuiloverslagstation voor wat betreft inname van gemengd afval; • geen inname van gemengd afval en RKG-slib en beperktere opslag van gevaarlijk bouw- en sloopafval; • geen incidentele aanvoer van schepen in de avond- en nachtperiode. Beoordeling Wij stellen vast dat ondanks de aanpassingen er sprake blijft van een bedrijfscategorie 4.2. De eindconclusie van de DCMR is hier helder over. In de aangepaste ruimtelijke onderbouwing wordt weliswaar gesteld dat de activiteit ‘Vuiloverslagstations’ wordt ingetrokken, maar dit blijkt geenszins uit de in de ruimtelijke onderbouwing vermelde activiteiten. Het inzamelen, op- en overslaan en bewerken van buiten de inrichting afkomstige afvalstromen zijn activiteiten dient op grond van het ingewonnen worden gekwalificeerd als activiteiten behorende bij een vuiloverslagstation, dat tot milieucategorie 4.2 behoort. Evenmin is gebleken dat het bedrijf naar aard en invloed op de omgeving gelijk is te stellen met milieucategorie 4.1. Gezien de omvang van de uitbreiding kunnen naar onze mening belangrijke nadelige milieugevolgen niet worden uitgesloten.
Dit is tevens ook een van de afwegingen die aan ons eerder afwijzend standpunt voor het verlenen van medewerking aan dit bouwplan ten grondslag hebben gelegen. Wij blijven van mening dat het belang van de aanvrager bij inwilliging van diens aanvraag niet opweegt tegen de negatieve ruimtelijke effecten en ons ruimtelijk beleid dat ten grondslag ligt aan beperking van zwaardere milieucategorie bedrijven dan 4.1. Om die reden stellen wij u opnieuw voor de gevraagde specifieke verklaring van geen bedenkingen niet af te geven. Bijgaand treft u het (aangepaste) concept weigeringsbesluit aan. Vervolg Indien uw raad instemt met dit voorstel zal het besluit tot weigering van de specifieke verklaring van geen bedenking aan het college van Gedeputeerde Staten worden medegedeeld. Uw besluit is bindend voor het college van Gedeputeerde Staten. Dit is bepaald in artikel 2.20a van de Wabo. Wij zullen het concept weigeringsbesluit gedurende 6 weken ter inzage leggen. Gedurende die periode kunnen er zienswijzen worden ingediend. Wij sluiten op voorhand niet uit dat De Trip zich tegen dit weigeringsbesluit zal verzetten. Overige dossiers Volledigheidshave maken wij nog melding van een tweetal andere dossiers inzake de Trip B.V. waarover wij een beslissing moeten nemen. Handhavingsverzoek De Stichting Milieugroep Zuilen heeft ons college verzocht om handhavend op te treden tegen de Trip B.V.
ten aanzien van het gebruik van de keerwanden. De Stichting is van oordeel dat de exploitatie strijdig is met het bestemmingsplan. Wij hebben het verzoek om handhaving afgewezen. Hiertegen heeft de Stichting een bezwaarschrift ingediend. In verband met het uitblijven van een beslissing op dit bezwaarschrift is de gemeente in gebreke gesteld. Zij zijn daarin in het gelijk gesteld door de bestuursrechter. Wij hebben op 18 januari 2021 een beslissing genomen op het bezwaarschrift. Ook na heroverweging zien wij geen aanleiding om handhavend op te treden wegens overtreding van de door de Stichting aangevoerde bestemmingsplanvoorschriften.
3/4
Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk
9 maart 2021 8333992
Naast de planologische regelgeving gelden ook de milieuvoorschriften. Bij handelen door de Trip BV buiten de vergunde en toegestane milieumeldingen zal (alsnog) handhavend worden opgetreden. Elke melding van omwonenden die hierop is gericht wordt serieus onderzocht. Beslissing op bezwaar tegen omgevingsvergunning voor keerwanden De Trip B.V. In onze raadsbrief dd. 22 januari 2020 hebben wij u geïnformeerd over een ander bouwdossier van de Trip B.V. Het betreft een vergunning voor de keerwanden dd. 20 november 2015. Deze vergunning was aanvankelijk verleend, maar naar aanleiding van ingediende bezwaren door de Stichting Milieugroep Zuilen door ons ingetrokken. In de daarop volgende juridische procedure door De Trip B.V. heeft de Rechtbank Midden Nederland de gemeente gecorrigeerd: het besluit van de gemeente tot intrekking van de vergunning is vernietigd en herroepen (uitspraak: de gemeente heeft onvoldoende gemotiveerd waarom de gemelde bedrijfsactiviteiten voor de keerwanden niet blijven binnen milieucategorie 4.1). De reden om de beslissing op het bezwaarschrift aan te houden is gelegen in het feit dat in 2016 een aanvraag ingediend is gericht op de uitbreiding van bedrijfsactiviteiten. De beslissing (van het college van Gedeputeerde Staten) kleurt de beslissing op de aanvraag voor de keerwanden in.
Zodra uw raad een beslissing heeft genomen kan de beslissing op bezwaar tegen de keerwanden inhoudelijk verder gebracht worden. Dit zal opnieuw een besluit van uw raad vragen (een specifieke verklaring van geen bedenkingen).
Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris,
de burgemeester,
4/4
1 Toelichting procedure uitbreiding De Trip B.V..docx
Toelichting procedure De Trip B.V., gevestigd aan de Sophialaan 7 (bedrijventerrein Lage Weide) heeft een aanvraag om
omgevingsvergunning ingediend bij het college van Gedeputeerde Staten. De Trip B.V. is een bedrijf in overslag en bewerking van afval/grond/hulpstoffen en wil haar bedrijfsactiviteiten uitbreiden. Toelichting proces en positie gemeenteraad
Hieronder willen wij de rol van het College van Gedeputeerde Staten en die van uw raad bij de besluitvorming op de aanvraag om omgevingsvergunning kort toelichten.
Gewenste uitbreiding bedrijfsactiviteiten
De uitbreiding voorziet onder andere in een verhoging en uitbreiding van de opslagcapaciteit, inname van stoffen (ook gevaarlijke stoffen), de vestiging van een overslagvuilstation en puin breken tot een maximum van 100.000 ton per jaar. Voor een volledig overzicht van de gevraagde uitbreiding verwijzen wij naar de bijlagen behorende bij de aanvraag.
Wijziging bevoegd gezag
Als gevolg van de voorgenomen uitbreiding valt het bedrijf in een hogere milieucategorie en is een
milieuvergunning vereist. Het college van Gedeputeerde Staten is bevoegd om op de aanvraag voor de gewenste uitbreiding te beslissen.
Planologisch kader
De door aanvrager gewenste uitbreiding van de bedrijfsactiviteiten is op drie onderdelen in strijd met het bestemmingsplan “Lage Weide”, omdat de bedrijfsactiviteiten: -
vallen in een hogere milieucategorie dan ter plaatse is toegestaan (maximaal categorie 4.1);
-
nieuwe geurrelevante inrichtingen (waaronder uitbreiding van bestaande) niet zijn toegestaan.
-
de drempelwaarde van het Besluit milieueffectrapportage overschrijden;
Om mee te kunnen werken aan de gevraagde omgevingsvergunning heeft Gedeputeerde Staten de instemming van uw raad nodig in de vorm van een zogenaamde “specifieke verklaring van geen bedenkingen”.
Bevoegdheid gemeenteraad
Het oordeel van uw raad is doorslaggevend. Enkel in het geval uw raad instemt met het afwijken van de regels van het bestemmingsplan kan Gedeputeerde Staten positief beslissen op de aanvraag.
Nader toegelicht: de rol van Gedeputeerde Staten en gemeenteraad
Het betreft hier een aanvraag om omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 onder c
(planologisch strijdig gebruik) en artikel 2.1 lid 1 onder e (milieu inrichting) van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo).
Het college van Gedeputeerde Staten is het bevoegd gezag om op de aanvraag te beslissen. Dit op grond van de bepalingen in hoofdstuk 3 (bevoegd gezag) van het Besluit omgevingsrecht.
De strijdigheid met het bestemmingsplan Lage Weide kan worden opgeheven met een planologisch afwijkingsbesluit ex artikel 2.1. lid 1 onder c van de Wabo. Bij besluitvorming daarover heeft uw gemeenteraad een beslissende en doorslaggevende rol.
De wetgever heeft er bewust voor gekozen om een ander bestuursorgaan (in dit geval uw
gemeenteraad in plaats van Gedeputeerde Staten) te laten beslissen over een onderdeel van de vergunning (planologisch afwijkingsbesluit). Hoe ziet het proces er stapsgewijs uit?
A. Weigering specifieke verklaring van geen bedenkingen
Indien uw raad besluit tot weigering van de verklaring van geen bedenkingen (= zoals wij nu
aan u voorstellen) heeft dit tot gevolg dat de omgevingsvergunning niet kan worden verleend. De omgevingsvergunning zal door het college van Gedeputeerde Staten dan moeten worden
geweigerd. Uw besluit is namelijk juridisch bindend voor het college van Gedeputeerde Staten. Dat is bepaald in artikel 2.20a van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.
Het concept besluit weigering omgevingsvergunning met uw ontwerp weigering verklaring van geen
bedenkingen zullen dan door Gedeputeerde Staten gedurende 6 weken ter inzage worden gelegd. In die periode kan een ieder zienswijzen indienen. Onze verwachting is dat er in ieder geval een zienswijze door De Trip B.V. zal worden ingediend.
De eventuele zienswijzen- voor zover gericht zijn tegen de ontwerp weigering van de verklaring van
geen bedenkingen- zullen door Gedeputeerde Staten aan uw raad ter beoordeling worden voorgelegd.
Dat betekent dat het bouwplan op dat moment voor een 2e keer aan uw raad wordt voorgelegd voor de definitieve besluitvorming over het -al dan niet- afgeven van een verklaring van geen bedenkingen.
B.
Afgeven specifieke verklaring van geen bedenkingen
Indien uw raad positief besluit tot afgifte van de verklaring van geen bedenkingen, dan zal het college van Gedeputeerde Staten de procedure tot vergunningverlening in gang zetten. Ook in dat geval volgt tervisielegging met de mogelijkheid tot het indienen van zienswijzen. Wij verwachten in dat geval
zienswijzen van omwonenden en mogelijk de Stichting Milieugroep Zuilen. Deze Stichting heeft in het
verleden vaker tot aan de Raad van State geprocedeerd tegen uitbreidingsplannen van de Trip B.V. De zienswijzen zullen ook dan ter beoordeling aan uw raad worden voorgelegd. Samengevat
De wettelijke procedure voor uw raad valt procedureel uiteen in twee fasen (besluitvorming over fase 1 ligt nu voor): 1. 2.
Besluit over het afgeven van een ontwerp weigering verklaring van geen bedenkingen;
Besluit over het afgeven van een definitieve weigering verklaring van geen bedenkingen indien zienswijzen zijn ingediend.
1 1. 4 mei 2016 Mer beoordelingsbesluit Provincie De Trip BV.pdf
ffi ÉÉ)Êi
PROVINCIE:: UTRECHT
De Trip BV,
Postbus 1458, 3439 NA Nieuwegein
DATUM NUMMER
4 mei2016 8184703C 22 december 2015
BMI Buurman
TEAM REFERENTIE DOORKIESNUMMER
0302583168
UW NUMMER
E-MAILADRES
Trix. buu rman@provincie-utrecht.
BIJLAGE
ONDERWERP
Mer-beoordelingsbesluit De Trip BV
UW BRIEF VAN
nI
Geachte mevrouw van Schaik,
Wij hebben uw schr¡ftelijke mededeling (verder: aanmeldingsnotitie) voor de uitbreiding van de act¡v¡te¡ten in de inrichting aan de Sophialaan 7 op 13 april 2016 ontvangen van de RUD Utrecht. lnleidine De inrichting van De Trip BV aan de Sophialaan 7, wordt gebruikt voor de opslag, het opbulken en deels be-/verwerken van goederen - waaronder afualstoffen van derden - die worden toegepast of vrijkomen in de grond-, weg- en waterbouw en sport en cultuurtechniek. Na het opbulken en be-/verwerken worden de grondstoffen en materialen opnieuw ingezet of ingezet voor nuttige toepassing. De Trip BV is een dochterbedrijf van Jos Scholman, een aannemingsbedrijf in de grond-, wêB- en waterbouw en sport- en cu ltu u rtech niek.
De aanmeldingsnotitie heeft betrekking op de beoordeling van de m.e.r.-plicht in het kader
van een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor het onderdeel milieu (oprichtingsvergunning) op grond van de Wabo. De aanvraag is ingediend bij de Regionale Uitvoeringsdienst Utrecht. Procedure De aanmeldingsnotitie in het kader van de m.e.r.-beoordeling is door M-tech Nederland BV opgesteld en op 14 april 2016 door de RUD ingediend bij de provincie Utrecht. Uit artikel 7.L7, eerste lid, van de Wet milieubeheer volgt dat wij binnen zes weken na ontvangst van de aanmeldingsnotitie moeten besluiten of er voor de wabovergunning een milieueffectrapportage moet worden gemaakt.
PROVINCIE-UTRECHT.NL
Fys¡eke Leefomgev¡ng Archimedeslaan 6 Postbus 80300, 3508 TH Utrecht T 030-25891 1 1
17160
Beoordelingsplicht en toetsingskader Uit artikel 7.2, eerste lid, onder b, artikel 7.L6 en artikel 7.17 van de Wet milieubeheer in samenhang bezien met artikel 2, tweede lid, van het Besluit milieueffectrapportage en categorie D 18.1van de bijlage bij het Besluit milieueffectrapportage, volgt dat wij moeten bepalen of er, vanwege de belangrijke nadelige gevolgen die de voorgenomen activiteit voor het milieu kan hebben, een milieueffectrapport moet worden gemaakt. ln onderdeel D, categorie 18.1van de bijlage bij het Besluit milieueffectrapportage is bepaald dat een m.e.r.- beoordelingsplicht geldt voor de oprichting, wijziging of uitbreiding van een installatie voor de verwijdering van afval met een capaciteit van 50 ton per dag of meer. De omgevingsvergunning ingevolge de Wabo is het besluit waarvoor de merbeoordeling is uitgevoerd. Het algemene uitgangspunt b¡j de beoordeling is dat er geen MER behoeft te worden opgesteld, tenzij de voorgenomen activiteit belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu kan hebben. Op grond van artikel 7.t7, derde lid, van de Wet milieubeheer dient het bevoegd gezag bij zijn beslissing rekening te houden met de in bijlage lll bij de EEG-richtlijn betreffende de milieubeoordeling van bepaalde openbare en particuliere projecten aangegeven criteria. Die criteria hebben betrekking op: 1. Kenmerken van de activiteit 2.
Plaats waar de activiteit plaatsvindt 3. De kenmerken van het potentiële effect van de activiteit
Beoordelins Bij de beoordeling van de vraag of er ten behoeve van de aanvraag voor de omgevingsvergunning voor het onderdeel milieu ingevolgde de Wabo een MER moet worden opgesteld, is uitgegaan van de omstandigheden en onderzoeken/rapportages zoals beschreven in de "Aanmeldingsnotitie voor de m.e.r.-beoordelingsplicht ten behoeve van De Trip BV" d.d. 22 december 2015. Bij de beoordeling is ook het "Akoestisch onderzoek in het kader van de aanvraag van een vergunning ingevolge de wet algemene bepalingen omgevingsrecht voor De Trip BV te Utrecht, d.d. 1 april 20L6", betrokken. Op grond van de aanmeldingsnotitie en het akoestisch onderzoek hebben wij het volgende geconstateerd.
L. Kenmerken van de activiteit De inrichting de Trip BV is gelegen aan de Sophialaan 7 te Utrecht en valt in de huidige situatie onder het Activiteitenbesluit, de aanvraag voor de toekomstige situatie betreft de
vergunningplichtige situatie.
2
De effecten voor wat betreft water De waterbehoefte en de aard en omvang van de afvalwaterstromen die binnen de inrichting vrijkomen zijn beperkt. Afvalwater wordt opgevangen en geloosd op het vuilwaterriool of het gemeentelijk riool. Er zijn geen negatieve effecten met betrekking tot
water vanwege de activiteit. De effecten voor
betreft veilisheid De beperkte opslag van gevaarlijke stoffen vindt plaats conform de PGS-richtlijnen, op vloeistofkerende voorzieningen en onder een afdak. Er is geen verhoogd risico door de opslag van brandbaar materiaal vanwege de situering op het industrieterrein en de uitsluiting van de mogelijkheid om gevoelige bestemmingen direct naast de opslag te realiseren. Het onderdeel veiligheid leidt niet tot een negatief milieueffect. De effecten voor wat betreft natuur
De activiteit wordt gerealiseerd binnen de bestaande inrichtingsgrenzen en heeft geen invloed op flora en fauna in de directe omgeving. De stikstofdepositie vanwege de activiteit op Natura -2000 gebied, de Oostelijke Vechtplassen (minimale afstand is 2.8 km) bedraagt maximaal 0,11 mol N/ha/jaar. Hiervoor is een melding in het kader van de Natuurbeschermingswet gedaan. Ten opzichte van de situatie vóór 20L5 treedt een significante verbetering op. Conclusie Op basis van het voorgaande kan ten aanzien van de kenmerken van de potentiële effecten
van de voorgenomen activiteit worden geconcludeerd dat er geen sprake is van nadelige gevolgen voor het milieu. Besluit
Wij concluderen dat de voorgenomen activiteit geen belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu kan hebben. Wij besluiten daarom, gelet op artikel 7.2, eerste lid onder b, in samenhang bezien met artikel 7.L7, eerste lid van de Wet milieubeheer, dat het niet noodzakelijk is dat er voor de Omgevingsvergunning voor het onderdeel milieu ingevolge de Wabo een milieueffectrapport (MER)wordt gemaakt. Kenniseeving ln het kader van de te volgen m.e.r.-beoordelingsprocedure doen wij digitaal mededeling van dit besl uit in www.officiëlebekendm kin nl rovinciaal Blad en in de Staatscourant). Het besluit en de aanmeldingsnotitie liggen gedurende 6 weken, van 9 mei tot 20 juni 20L6 ter inzage in het Provinciehuis aan de Archimedeslaan 6, te Utrecht. De stukken kunnen elke werkdag van 09.00 - 16.00 uur worden ingezien bij het Servicecentrum. ln deze periode liggen de stukken ook ter inzage bij de gemeente Utrecht, Stadskantoor, Stadsplateau L, 5" etage, balie 28.
Bezwaar Dit besluit is een beslissing betreffende de procedure tot het voorbereiden van een besluit als bedoeld in artikel 2.LL, eerste lid, onder e, van de Wabo. Op grond van artikel 6:3 van de Algemene wet bestuursrecht is dit besluit niet vatbaar voor bezwaar of beroep, tenzij dit besluit een belanghebbende, los van het voor te bereiden besluit, rechtstreeks in zijn belang treft. lndien u rechtstreeks in uw belang wordt getroffen, kunt u uw bezwaarschrift
5
binnen 6 weken (tot 20 juni 2016) indienen bij gedeputeerde staten van de provincie Utrecht, t.a.v. de secretaris van de Adviescommissie Bezwaarschriften G.S., postbus 80300, 3508 TH Utrecht. Voor zover belanghebbenden geen bezwaar of beroep tegen het voorbereidingsbesluit kunnen instellen, kunnen zij hun bezwaren of beroep tegen dit besluit kenbaar maken in het kader van de inspraak en/of rechtsbeschermingsprocedures, zoals die openstaan in de procedure van de vergunningverlening. Voor nadere inlichtingen over de m.e.r-beoordelingsprocedure kun u terecht bij de provincie Utrecht, mevr T. Buurman ( 030 2583168). Voor informatie over de te volgen procedure voor de Wabovergunning kunt u terecht bij de Regionale Uitvoerings-dienst Utrecht, dhr. S. Dool (030 7O23t3L / 0655498099,emai1: www.rudutrecht.nl) Hoogachtend, Gedeputeerde Staten van Utrecht, namens hen,
Mevrouw drs. H.E.C Koninkx-Schipper, Afdeling Fysieke Leefomgeving, Teamleider Bodem en Milieu.
6
1 2. 30 mei 2016 Bij aanvraag omgevingsvergunning overzicht tabellen opslagcapaciteit.pdf
1 3. 30 mei 2016 Aanvraag omgevingsvergunning.pdf
Gegevens bevoegd gezag Referentienummer
Formulierversie 2016.01
Datum ontvangst
Aanvraaggegevens Ingediende aanvraag/melding Aanvraagnummer
1689957
Aanvraagnaam
De Trip BV
Uw referentiecode
15.13078.005
Ingediend op
30-05-2016
Soort procedure
Uitgebreide procedure
Projectomschrijving
Betreft een revisievergunningaanvraag.
Opmerking
aanvraag bevat geen bouwonderdeel
Gefaseerd
Nee
Blokkerende onderdelen weglaten
Ja
Persoonsgegevens openbaar maken
Ja
Kosten openbaar maken
Ja
Bijlagen die later komen
-
Bijlagen n.v.t. of al bekend
-
Bevoegd gezag
Datum aanvraag: 30 mei 2016
Naam:
Gemeente Utrecht
Bezoekadres:
<div>Meer informatie over bouwen, wonen en ondernemen vindt u op onderstaand genoemde website.</div>
Postadres:
Vergunningen, Toezicht en Handhaving Afdeling Vergunningen Postbus 8406 3503 RK Utrecht
Telefoonnummer:
030-286 0000
E-mailadres algemeen:
MidOfficeMailimporterPRD@utrecht.nl