CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën (2022-2026) 1 juli 2025, gemeente Utrecht38.246 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

Bundel - Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën van 1 juli 2025 1 1.a

1.b

2.c 2.d

2.e

2.f

3

Opening Raadsvoorstel Voorjaarsnota en Bestuursrapportage 2025 Dossier 4687 voorblad Raadsvoorstel Voorjaarsnota en 1e Bestuursrapportage 2025 Voorjaarsnota en Eerste bestuursrapportage 2025 (inclusief Erratum juni 2025) Bewonerssamenvatting Voorjaarsnota 2025 Eerste Technische wijzigingen 2025 Subsidiestaat 2025 BRONbestand (13 mei 2025) - DROP Subsidiestaat 2026 BRONbestand (13 mei 2025) - DROP Raadsvoorstel Meerjaren Perspectief Ruimte 2025 Dossier 4678 voorblad Raadsvoorstel Meerjaren Perspectief Ruimte 2025 Meerjaren Perspectief Ruimte 2025 Bijlage Projectenlijst 5e tranche maatregelen (openbare versie) Bijlage voortgang woningbouwprojecten 100+ MPR 2025 Bijlage Lijst projecten sociale huur en middenhuur projecten 2025 Raadsbrief Voortgangsrapportage Nota Kapitaalgoederen 2025 Raadsbrief Voortgangsrapportage Nota Kapitaalgoederen 2025 Voortgangsrapportage Nota Kapitaalgoederen 2025 Raadsbrief Programma Water en Riolering Utrecht 2026-2030 Dossier 4664 voorblad.pdf Raadsbrief Programma Water en Riolering 2026-2030 Programma Water en Riolering Utrecht 2026-2030 Raadsbrief Meerjaren Investeringsprogramma beheer openbare ruimte (MJIP) 2026-2035 Dossier 4686 voorblad.pdf Raadsbrief Meerjaren Investeringsprogramma beheer openbare ruimte (MJIP) 2026-2035 Meerjaren Investeringsprogramma beheer openbare ruimte (MJIP) 2026-2035 Raadsbrief Grondprijzenbrief 2025 Dossier 4601

voorblad.pdf Raadsbrief Grondprijzenbrief 2025 Tabel grondprijzen 2025 Raadsbrief Beantwoording schriftelijke raadsvragen en erratum Voorjaarsnota 2024 en Eerste bestuursrapportage 2024 Raadsbrief Beantwoording schriftelijke raadsvragen en erratum concept Voorjaarsnota en Eerste bestuursrapportage 2025 Beantwoording Schriftelijke vragen Voorjaarsnota en Eerste Bestuursrapportage 2025 Erratum Voorjaarsnota en Eerste bestuursrapportage 2025

Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën Dossiernummer

4687

Vertrouwelijk

Ja

Vergaderdatum

1 juli 2025

Agendapunt

1.a

Titel

Raadsvoorstel Voorjaarsnota en Bestuursrapportage 2025

ID

4909

Behandelend ambtenaar Telefoon E-mail Datum collegebesluit Geocodering Thema Portefeuillehouder Beleidsveld Referendabel Reden niet referendabel Raadsadviseur (lijst) Behandelvoorstel Resultaat commissiebehandeling Resultaat raadsbehandeling Geagendeerd

Vergaderdatum

Gemeenteraad

5 juni 2025

Commissie Veiligheid, Bestuur en

1 juli 2025

Financiën Commissie Veiligheid, Bestuur en

2 juli 2025

Financiën Gemeenteraad Voorgesteld besluit

10 juli 2025

Voorstel aan de gemeenteraad

Voorjaarsnota 2025 en Eerste bestuursrapportage 2025 Beleidsveld Organisatieonderdeel Opsteller Kenmerk Vergaderdatum Raad Referendabel Geheim

Financiën Bedrijfsvoerings- en Strategienetwerk Thomas van Tiel en Jurjen Bakker 30252302 10 juli 2025 Nee (artikel 1:2 lid 2 onder e Verordening raadgevend referendum) Ja, een of meer bijlage(n)

Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor te besluiten: 1. De Voorjaarsnota 2025 vast te stellen overeenkomstig het voorliggende ontwerp, waarin de volgende onderdelen: a. Het financiële vertrekpunt, zoals opgenomen in paragraaf 2.1 (met daarin financiële mutatieoverzichten); b. Knelpunten en bijsturingen, zoals opgenomen in paragraaf 2.3; c. Wijziging in de groeikadersystematiek, zoals toegelicht in paragraaf 3.3; d. Toevoeging van de bijdragen die de gemeente ontvangt uit de door het Rijk aangekondigde ‘Realisatiestimulans woningbouw’ aan de reserve Grondexploitaties, zoals opgenomen paragraaf 3.3; e. De financiële strategie inclusief de kasschuif, zoals opgenomen in hoofdstuk 4 (met daarin financiële mutatieoverzichten); f. Vrijval van reserves, zoals opgenomen in paragraaf 4.1; g. Hervormingen en bezuinigingen, zoals opgenomen in paragraaf 4.2; h. Inschattingen inkomsten Rijk, zoals opgenomen in paragraaf 4.3. 2. De Eerste bestuursrapportage 2025 vast te stellen waarmee de Programmabegroting 2025 wordt gewijzigd voor: a. De bijstellingsvoorstellen voor de baten en lasten van de verschillende programma's inclusief de bijbehorende reservemutaties zoals toegelicht in hoofdstuk 7; b. De bijstellingsvoorstellen voor de investeringsprojecten zoals toegelicht in hoofdstuk 7.7.

De investeringskredieten worden verhoogd met 41,9 miljoen euro exclusief de vertrouwelijke kredieten voor 12,974 miljoen euro, zoals toegelicht in de bijlage ‘GEHEIM Investeringsprojecten Ontwikkelen en Wonen’; c. De aanpassing van de begroting met de corresponderende posten, zoals toegelicht in hoofdstuk 9. 3. Voor de locatie voor de uitvoering van de Koudweerregeling een afschrijvingstermijn van 5 jaar te hanteren. 4. De ‘Eerste technische wijziging 2025 Raad’ vast te stellen, waarmee technische mutaties en de administratieve verwerking van besluiten van de gemeenteraad worden opgenomen in de Programmabegroting 2025 en de meerjarenraming. 5. Hiermee de Voorjaarsnota 2025 en Eerste bestuursrapportage 2025 vast te stellen en te verwerken in de Programmabegroting 2026 en verder.

Burgemeester en wethouders van Utrecht,

de secretaris,

de burgemeester,

Geheimhouding Het college heeft tijdelijke geheimhouding opgelegd op de bijlage ‘GEHEIM Investeringsprojecten Ontwikkelen en wonen voor iedereen’ op grond van artikel 87 van de Gemeentewet om redenen genoemd in artikel 5.1 lid 2 sub b en i van de Wet open overheid totdat aanbestedingen zijn uitgevoerd en de onderhandelingen zijn afgerond. De bijlagen bevat financiële informatie voor de gemeentelijke inzet en de strategie per project. Deze informatie kunnen marktpartijen gebruiken bij aanbestedingen en onderhandelingen met de gemeente. Het is van belang dat marktpartijen geen inzage krijgen in onze financiële mogelijkheden, de inzet per project en strategische doelen die de gemeente daarmee wil bereiken. Daarom mag deze informatie niet openbaar worden.

2

Samenvatting De Programmabegroting 2025 liet een sluitend financieel beeld zien. Recente ontwikkelingen zoals loon- en prijsontwikkelingen en compensatie daarvoor via het gemeentefonds maar ook andere onvermijdelijke ontwikkelingen die om bijsturing vragen, veranderen het beeld. Het financiële vertrekpunt van de Voorjaarsnota 2025 vraagt om keuzes om het structureel tekort op te lossen. De financiële strategie die we hebben uitgewerkt om tot een sluitend financieel beeld te komen, bestaat uit onderstaande onderdelen: • Financieel-technisch beleid • Hervormingen en bezuinigingen • Inschattingen inkomsten Rijk Hiermee is de begroting weer structureel sluitend. Met de Eerste bestuursrapportage 2025 informeert het college de raad over het effect van actuele ontwikkelingen op de uitvoering van de Programmabegroting 2025 van de gemeente Utrecht, zowel beleidsmatig als financieel. In deze bestuursrapportage wordt specifiek ingegaan op: • De ontwikkelingen na de programmabegroting • De voortgang op de uitvoering van het coalitieakkoord

Context Aanleiding Onderdeel van de Utrechtse begrotingscyclus zijn de voorjaarsnota en de bestuursrapportages. In de voorjaarsnota wordt meerjarig vooruitgekeken en worden de ontwikkelingen geschetst, indien nodig wordt beleid aangepast of geïntensiveerd en wordt het financiële beeld geactualiseerd. De voorstellen in de Voorjaarsnota 2025 zijn de basis voor het opstellen van de Programmabegroting 2026. Tegelijk met de Voorjaarsnota 2025 wordt u ook de Eerste bestuursrapportage 2025 over de eerste drie maanden van dit begrotingsjaar voorgelegd. In deze bestuursrapportage rapporteert het college over de uitvoering voor het jaar 2025 van de programma’s en investeringsprojecten, over grote ontwikkelingen die de uitvoering mogelijk beïnvloeden en worden voorstellen gedaan om de begroting budgetneutraal bij te stellen. Juridische context De gemeenteraad heeft het budgetrecht, dit wil zeggen de bevoegdheid om financiële middelen toe te wijzen aan de verschillende gemeentelijke taken en ervoor te zorgen er geen financieel tekort is. Dit is opgenomen in artikel 189 en verder van de Gemeentewet. Conform de Financiële Verordening van de gemeente Utrecht biedt het college aan de raad in het lopende jaar twee bestuursrapportages aan en ieder jaar vóór 1 juni een voorjaarsnota die de basis vormt voor de programmabegroting van het volgende jaar (jaar t+1).

Het instellen van reserves en het toevoegen en onttrekken van bedragen aan de reserves is een raadsbevoegdheid, dit overeenkomstig de nota Reserves. Beslistermijn Conform artikel 2 Beleidscyclus lid 2 van de Financiële Verordening stelt de raad de Voorjaarsnota 2025 en Eerste bestuursrapportage 2025 uiterlijk op 14 juli 2025 vast, net als de jaarstukken en het MPR. Beoogd effect De Voorjaarsnota 2025 geeft inzicht in de actuele financiële ontwikkelingen, zowel beleidsmatig als financieel, op basis waarvan de integrale afweging kan plaatsvinden van middelen en beleidsmaatregelen. De voorjaarsnota biedt een basis voor een reële en sluitende Programmabegroting 2026. Met het vaststellen van de mutaties uit de Eerste bestuursrapportage 2025 wordt de Programmabegroting 2025 aangepast aan de actuele ontwikkeling en worden de uitgaven van het college voor deze ontwikkelingen rechtmatig. Eerdere besluitvorming en informatievoorziening aan de raad Programmabegroting 2025; Gemeenteraad 7 november 2024

3

Beslispunten, Argumenten en Kanttekeningen/Risico’s Beslispunt 1

De Voorjaarsnota 2025 vast te stellen overeenkomstig het voorliggende ontwerp, waarin de volgende onderdelen: a. Het financiële vertrekpunt, zoals opgenomen in paragraaf 2.1 (met daarin financiële mutatieoverzichten); b. Knelpunten en bijsturingen, zoals opgenomen in paragraaf 2.3; c. Wijziging in de groeikadersystematiek, zoals toegelicht in paragraaf 3.3; d. Toevoeging van de bijdragen die de gemeente ontvangt uit de door het Rijk aangekondigde ‘Realisatiestimulans woningbouw’ aan de reserve Grondexploitaties, zoals opgenomen paragraaf 3.3; e. De financiële strategie inclusief de kasschuif, zoals opgenomen in hoofdstuk 4 (met daarin financiële mutatieoverzichten); f. Vrijval van reserves, zoals opgenomen in paragraaf 4.1; g. Hervormingen en bezuinigingen, zoals opgenomen in paragraaf 4.2; h. Inschattingen inkomsten Rijk, zoals opgenomen in paragraaf 4.3.

Argumenten 1.1

Er zijn onvermijdelijke ontwikkelingen binnen en buiten Utrecht die het financieel beeld van de gemeente beïnvloeden Sinds de vaststelling van de Programmabegroting 2025 hebben zich ontwikkelingen voorgedaan die het financiële beeld beïnvloeden. Deze zijn onvermijdelijk, zoals actualisatie van de inkomsten van het Rijk, inkomsten voor groei van de stad, stijgende prijzen en knelpunten. Op basis van deze ontwikkelingen wordt de financiële vertrekpositie bepaald, het financiële vertrekpunt van deze voorjaarsnota.

1.2

De inhoudelijke ontwikkelingen die aandacht en bijsturing vragen zijn onvermijdelijk, onuitstelbaar en onoplosbaar of zijn noodzakelijk De gemeentelijke begroting staat voortdurend onder spanning door ontwikkelingen die onvermijdelijk op ons afkomen, zoals de consequenties van wettelijke verplichtingen. Als de kostenstijging niet langer kunnen worden uitgesteld en ook niet kunnen worden opgevangen binnen de programma’s of door bijsturen van beleid dan moeten ze worden geaccepteerd en moet de begroting hiermee worden aangepast. Zo blijft de begroting reëel sluitend. Knelpunten voldoen aan drie criteria: ze zijn onvermijdbaar (de activiteit is een wettelijke taak of verplichting), onuitstelbaar (de activiteit moet starten in 2025/2026) en onoplosbaar (niet binnen bestaande doelstelling- of programmabudgetten op te vangen). Een aantal bijsturingen is niet volledig onvermijdelijk, onuitstelbaar en onoplosbaar, maar heeft een dusdanige urgentie dat deze wel opgevolgd dienen te worden.

1.3

Het meerjarenbeeld voldoet aan de uitgangspunten van het financiële beleid Een meerjarenbegroting moet voldoen aan financiële randvoorwaarden. Ook onze toezichthouder, de provincie Utrecht, ziet daarop toe. Van belang is een begroting met een structureel evenwicht. Met de bijsturingen in deze voorjaarsnota is de begroting weer sluitend en structureel in evenwicht.

Kanttekeningen/Risico’s 1.1

Bij het opstellen van de voorjaarsnota is uitgegaan van het voorlopige resultaat van de Jaarstukken 2024 en Bestedings- en dekkingsvoorstellen De controle van de accountant is nog niet afgerond en kunnen nog tot correcties leiden, waardoor het uiteindelijke rekeningresultaat kan wijzigen. De bestedingsen dekkingsvoorstellen worden gelijktijdig met de Jaarstukken 2024 ter

4

besluitvorming aan uw raad voorgelegd. Bij afwijkende besluitvorming wijzigt ook het beschikbare bedrag uit het jaar 2024 voor integrale afweging. 1.2

Het later of niet geheel realiseren van de financieel begrote bedragen voor maatregelen leidt direct tot een tekort en noodzaak voor aanvullende maatregelen Het vertrekpunt van de Voorjaarsnota 2025 laat een structureel tekort zien. In deze voorjaarsnota worden de nodige voorstellen gedaan, zodat de begroting weer sluitend is. De voorgestelde maatregelen uit de financiële strategie (financieel-technisch beleid, bezuinigingen, inschattingen inkomsten Rijk en aanvullende taakstellingen) moeten tijdig en geheel gerealiseerd worden om de begroting sluitend te houden. Het later of niet geheel realiseren van de begrote bedragen leidt direct tot een tekort en noodzaak voor aanvullende maatregelen.

Beslispunt 2

De Eerste bestuursrapportage 2025 vast te stellen waarmee de Programmabegroting 2025 wordt gewijzigd voor: a. De bijstellingsvoorstellen voor de baten en lasten van de verschillende programma's inclusief de bijbehorende reservemutaties zoals toegelicht in hoofdstuk 7; b. De bijstellingsvoorstellen voor de investeringsprojecten zoals toegelicht in hoofdstuk 7.7. De investeringskredieten worden verhoogd met 41,9 miljoen euro exclusief de vertrouwelijke kredieten voor 12,974 miljoen euro, zoals toegelicht in de bijlage ‘GEHEIM Investeringsprojecten Ontwikkelen en Wonen’; c. De aanpassing van de begroting met de corresponderende posten, zoals toegelicht in hoofdstuk 9.

Argumenten 2.1

Door de bijstellingsvoorstellen en corresponderende posten te verwerken in de Programmabegroting 2025 wordt deze geactualiseerd Met het aanpassen van de begroting aan de actuele verwachtingen voorkomen we ongewenste afwijkingen bij de Jaarstukken 2025. De bijstellingsvoorstellen zijn budgetneutraal. Tegenover de corresponderende posten staan verkregen bedragen van het Rijk voor specifieke onderwerpen. Dekking voor de bijstellingsvoorstellen van investeringsprojecten vindt plaats binnen de programmabudgetten.

Beslispunt 3

Voor de locatie voor de uitvoering van de Koudweerregeling een afschrijvingstermijn van 5 jaar te hanteren.

Argumenten 3.1

De aangepaste afschrijvingstermijn komt overeen met de looptijd van de overeenkomst In (het erratum op) de Tweede bestuursrapportage 2024 is besloten tot het verstrekken van een krediet voor een locatie voor de uitvoering van de Koudweerregeling. Gezien de aard van de investeringen is de gebruikelijke afschrijvingstermijn 10 jaar. Omdat er voor dit pand een huurovereenkomst is afgesloten voor 5 jaar, wordt in bijlage 2 bij de Eerste bestuursrapportage voorgesteld om hiervoor een afwijkende afschrijvingstermijn te hanteren van 5 jaar. De kosten passen binnen de beschikbare middelen in het programma Gezonde en levendige stad.

Beslispunt

5

4

De ‘Eerste technische wijziging 2025 Raad’ vast te stellen, waarmee technische mutaties en de administratieve verwerking van besluiten van de gemeenteraad worden opgenomen in de Programmabegroting 2025 en de meerjarenraming.

Argumenten 4.1

Met dit besluit wordt de Programmabegroting 2025 en de meerjarenraming geactualiseerd De begrotingswijziging is opgebouwd uit technische mutaties zonder beleidsgevolgen (techniek) en waar nodig de administratieve verwerking van eerdere besluiten. De wijzigingen zijn opgenomen in de bijlage ‘Eerste technische wijzigingen 2025 Raad’.

Beslispunt 5

Hiermee de Voorjaarsnota 2025 en Eerste bestuursrapportage 2025 vast te stellen en te verwerken in de Programmabegroting 2026 en verder.

Argumenten 5.1

De Voorjaarsnota 2025 is de basis voor de Programmabegroting 2026 In de zomer van 2025 wordt de Programmabegroting 2026 opgesteld die in het najaar van 2025 aan de raad wordt voorgelegd. Om de bestuurlijke wensen uit te kunnen werken in de begroting is vaststelling van de uitgangspunten, zoals opgenomen in de voorjaarsnota en eerste bestuursrapportage, nodig.

5.2

In het kader van begrotingsrechtmatigheid is het conform de BBV verplicht om van afwijkingen die tijdig bekend en gemeld te verwerken in de begroting Overschrijdingen die tijdig bekend zijn maar niet worden verwerkt in een begrotingswijziging zijn onrechtmatig. Door het vaststellen van deze bestuursrapportage worden de verwachte afwijkingen onderdeel van de begroting. Daarmee zijn deze uitgaven van het college rechtmatig

5.3

Directe verwerking in de begroting is de gebruikelijke werkwijze De Adviescommissie Controle & Financiën heeft geadviseerd raadsbesluiten waar nodig direct te vertalen in de begroting en deze niet meer in een aparte begrotingswijziging door de raad te laten bekrachtigen. Vanaf 2022 voeren wij dit advies uit voor de producten van de begrotingscyclus.

Financiën De Programmabegroting 2025 liet een sluitend financieel beeld zien. Recente ontwikkelingen zoals loon- en prijsontwikkelingen en compensatie daarvoor via het gemeentefonds maar ook andere onvermijdelijke ontwikkelingen die om bijsturing vragen, veranderen het beeld. Het financiële vertrekpunt van de Voorjaarsnota 2025 vraagt om keuzes om het structureel tekort op te lossen. De financiële strategie die we hebben uitgewerkt om tot een sluitend financieel beeld te komen, bestaat uit onderstaande onderdelen: 1. Financieel-technisch beleid 2. Hervormingen en bezuinigingen 3. Inschattingen inkomsten Rijk 4. Kasschuif Hiermee is de begroting weer structureel sluitend. Bedragen x € 1.000 Programmabegroting 2025 Autonome ontwikkelingen

2025

2026

2027

2028

2029

Structureel

0

0

0

0

0

0

12.675

-5.196

-7.883

-8.227

-7.024

-7.660

6

Groeikader - baten

0

2.514

2.731

2.279

2.184

2.184

Groeikader - lasten

-704

-2.661

-4.951

-8.376

-8.376

-8.376

Knelpunten

-18.152

-30.089

-23.594

-18.857

-14.740

-12.240

Bijsturingen

-13.133

-3.250

-3.300

-2.250

-1.850

-1.850

Startsaldo Voorjaarsnota 2025

-19.314

-38.682

-36.997

-35.431

-29.806

-27.942

1. Financieel-technisch beleid

5.836

0

0

0

0

0

2. Hervormingen en bezuinigingen

858

3.168

6.629

8.822

9.062

8.820

3. Inschattingen inkomsten Rijk

25.094

31.501

30.952

19.186

19.122

19.122

4. Kasschuif

-12.474

4.013

-584

7.423

1.622

0

Financiële strategie

19.314

38.682

36.997

35.431

29.806

27.942

0

0

0

0

0

0

Eindsaldo Voorjaarsnota 2025

Vervolg Na de Eerste bestuursrapportage 2025 volgt in het najaar de Tweede bestuursrapportage 2025 en komend voorjaar de Jaarstukken 2025. De jaarstukken zijn het laatste verantwoordingsmoment over de Programmabegroting 2025. Na de Voorjaarsnota 2025 volgt in het najaar de Programmabegroting 2026. Vervolgens volgen in 2026 in het voorjaar de Eerste bestuursrapportage 2026, in het najaar de Tweede bestuursrapportage 2026 en in voorjaar van 2027 de Jaarstukken 2026.

Samen stad maken (voorheen: Participatie) Er heeft geen participatie plaatsgevonden over dit voorstel, met uitzondering van op een aantal hervormingen, zie paragraaf 4.2 onderdeel “Peilen” in de Voorjaarsnota 2025. De voorjaarsnota is een richtinggevend document. Participatie is (mogelijk) relevant op het moment dat er uitwerking plaatsvindt van de gemaakte keuzes. De eerste bestuursrapportage betreft een aanpassing van de programmabegroting op basis van onvermijdelijke ontwikkelingen. Hieruit volgen geen beleidsrelevante keuzes waarvoor participatie nodig is.

Communicatie Communicatie verloopt via verschillende lijnen. We publiceren een bewonerssamenvatting van de voorjaarsnota in DUIC. De tekst van die bewonerssamenvatting publiceren we ook als webpagina op Utrecht.nl, met daarbij hyperlinks naar aanvullende informatie en documenten. Via de socialmediakanalen verspreiden we de highlights van de voorjaarsnota en linken die naar de informatie op Utrecht.nl. De lokale media nodigen we uit bij de presentatie van de voorjaarsnota en we plaatsen een nieuwsbericht (persbericht) op Utrecht.nl. We informeren inwoners en partners in de stad die te maken krijgen met de (bezuinigings)maatregelen uit de voorjaarsnota.

(Niet)Referendabel De Verordening raadgevend referendum gemeente Utrecht is niet van toepassing omdat dit een raadsvoorstel betreft over de vaststelling van de gemeentelijke begroting en rekening (artikel 1:2 lid 2 onder e Verordening raadgevend referendum gemeente Utrecht).

Bijlagen Bijlagen besluitvorming  Voorjaarsnota 2025 en Eerste Bestuursrapportage 2025  Eerste technische wijziging 2025 Raad Bijlagen informatief  Subsidiestaat 2025  Subsidiestaat 2026  GEHEIM Investeringsprojecten Ontwikkelen en wonen voor iedereen 7

Voorjaarsnota en Eerste bestuursrapportage 2025

Inhoudsopgave Voorwoord

4

Deel 1 | Voorjaarsnota 2025

5

1. Grote uitdagingen, stevige maatregelen

6

1.1 Een andere wereld

6

1.2 Financiële ontwikkelingen

8

1.3 Uitdagingen in meerdere opgaven

9

2. Financieel vertrekpunt en toelichting

13

2.1 Inleiding

13

2.2 Toelichting op het startsaldo

13

2.3 Knelpunten en bijsturingen

16

2.4 Niet-ingepaste onderwerpen

24

3. Inhoudelijke ontwikkelingen die aandacht en bijsturing vragen

26

3.1 Hervormingen sociaal domein

26

3.2 Asiel en integratie

27

3.3 Investeringen in de groei van de stad

29

3.4 Netcongestie

36

4. Financiële strategie

38

4.1 Financieel-technisch beleid

38

4.2 Hervormingen en bezuinigingen

39

4.3 Inschattingen inkomsten Rijk

43

Bijlagen Bijlage 1 | Hervormingen en bezuinigingen: totaallijst

47

Bijlage 2 | Hervormingen en bezuinigingen: per maatregel toegelicht

49

Bijlage 3 | Hervormingen en bezuinigingen: afgevallen maatregelen

61

Bijlage 4 | Eerste monitor hervormingen en bezuinigingen (voortgang t/m 2024)

67

2

Deel 2 | Eerste bestuursrapportage 2025

70

5. Inleiding

71

6. Majeure ontwikkelingen en bijstellingen

72

6.1 Majeure ontwikkelingen/ bijstellingen

72

6.2 Overige ontwikkelingen

72

7. Budgettair neutrale bijstellingen

73

7.1 Onttrekkingen en stortingen in (Bestemmings)reserves

73

7.2 Verhogen baten en lasten

74

7.3 Verlagen baten en lasten

77

7.4 Verschuiven gelden binnen een programma

78

7.5 Verschuiven gelden naar ander programma

79

7.6 Overhevelen via algemene dekkingsreserve

79

7.7 Bijstellingen investeringskredieten

80

8. Voortgang uitvoering coalitieakkoord

87

8.1 Mijlpalen in Q3 en Q4 2024

87

8.2 Wijzigingen in de planning

89

9. Corresponderende posten

91

10. Instellen reserves

95

Bijlagen Bijlage 1 | Planning uitvoering coalitieakkoord

97

Bijlage 2 | Aanpassing afschrijvingstermijn

99

Bijlage 3 | Budgetneutrale bijstellingen

100

Bijlage 4 | Geheime bijlage

117

3

Voorwoord Raadsvoorstel kenmerk: 30252302 Utrecht, 15 mei 2025 Voor u ligt de Voorjaarsnota 2025 van de gemeente Utrecht, inclusief de Eerste bestuursrapportage 2025. De voorjaarsnota maken we jaarlijks ter voorbereiding op de programmabegroting voor het komende jaar. Met de voorjaarsnota actualiseren we het financiële beeld en leggen we waar nodig nieuwe keuzes voor.

De secretaris, Michiel J. Ruis

De burgemeester, Sharon A.M. Dijksma

4

Deel 1 | Voorjaarsnota 2025

5

1. Grote uitdagingen, stevige maatregelen 1.1 Een andere wereld Een dag voor het sluiten van het coalitieakkoord, op 1 mei 2022, werden de allerlaatste coronamaatregelen afgeschaft. We konden weer naar het café en naar het museum. En nog belangrijker: we konden weer normaal bij en met elkaar zijn. Natuurlijk waren de meest ingrijpende maatregelen toen al enige tijd afgeschaft, maar nu was het echt: de wereld was weer open. Hoe anders ziet de wereld er vandaag uit. Instabiel, meer gesloten en in zichzelf gekeerd dan in de voorbije decennia. Het is oorlog op ons continent en ook de oorlog in Gaza raakt onze stad. In eerste instantie de inwoners van Utrecht met familie en vrienden in oorlogs- en conflictsituaties. En de vele mensen die naar Utrecht komen om zich hier veilig te weten. Maar ook onze onderlinge verbondenheid wordt geraakt: waar we eens schouder-aan-schouder stonden voor Oekraïne zorgen andere conflicten en oorlogen er nu voor dat mensen tegenover elkaar komen te staan. Zachte waarden zijn in de verdrukking. Overal in de wereld. Ook in Utrecht. Maatschappelijke en financiële ontwikkelingen Dit is de laatste voorjaarsnota van dit college. We begonnen voortvarend, optimistisch en scherp aan wind zeilend: dit college wil investeren in de toekomst. Het einde van de coronaperiode en een zeer ambitieus coalitieakkoord gaven ook voldoende redenen voor optimisme.

Het was Utrecht, in tegenstelling tot veel andere gemeenten, bovendien ook lang gelukt om de groeiende kosten van onder meer de zorg en de bezuinigingen van het Rijk het hoofd te bieden. Vanaf de Voorjaarsnota 2023 keerde de wal het schip en had ook Utrecht te maken met een stijgend tekort op de begroting. Nieuwe ontwikkelingen en ook keuzes van het Rijk betekenden de afgelopen jaren nieuwe (financiële) uitdagingen voor inwoners en voor de gemeente. Denk aan de energiecrisis en netcongestie. En aan de onzekerheid over de kabinetsmaatregelen op het gebied van onder meer Jeugd, Asiel en Opvang en de Landelijke Vreemdelingen Voorziening. Feit is helaas ook, dat voor sommigen inwoners en ondernemers de coronacrisis nog lang, zelfs tot vandaag, door (heeft) (ge)werkt. En natuurlijk de dreiging van het ravijnjaar. Drie bewogen jaren In onze laatste voorjaarsnota kijken we dus terug op drie bewogen jaren en dat zien we ook terug in de financiële getallen. We hebben, inclusief het coalitieakkoord, structureel voor ruim 90 miljoen euro extra geïnvesteerd in de stad. Dat is bijvoorbeeld gegaan naar het tegengaan van ongelijkheid, bestrijden van de woningnood en maatregelen om te klimaatcrisis in de stad aan te pakken. In deze voorjaarsnota stellen we onder meer voor om te investeren in de LVV en in een gecoördineerde aanpak EU-arbeidsmigranten.

Ook hebben we de afgelopen drie jaar voor ruim 80 miljoen euro aan structurele knelpunten opgelost, bijvoorbeeld voor de Jeugdzorg, om een aantrekkelijkere werkgever te worden voor BOA’s en om het programma Wervengebied goed uit te kunnen voeren. Daarnaast zijn we geconfronteerd met 125 miljoen euro aan prijsstijgingen. Dit kwam onder andere door hoge inflatie, stijgende energiekosten en de gemeentelijke CAO. Om dit alles te kunnen dekken, hebben we ongeveer 80 miljoen euro aan concrete en structurele bezuinigingen en hervormingen doorgevoerd, waarbij we altijd oog hebben gehouden voor de gevolgen in de stad. We hebben onder andere zeer kritisch gekeken naar onze eigen gemeentelijke organisatie en naar de stapeling van ambities en de groei van de organisatie. Ook hebben we zo'n 20 procent van onze reserves aangesproken.

6

Dat was helaas niet voldoende. Daarom hebben we onze inkomsten met zo'n 50 miljoen euro structureel moeten verhogen. De keuze in de Voorjaarsnota 2024 om de lasten van inwoners en bezoekers te verzwaren, hebben we niet licht genomen. Dit hebben we gedaan volgens het principe van de zwaarste lasten voor de sterkste schouders. Naast deze grote maatregelen, zijn we de afgelopen jaren fors blijven werken aan Utrecht. Jaarlijks besteden we 2 miljard euro om Utrecht duurzaam en leefbaar te ontwikkelen. Bovendien zetten we ook in financieel lastige tijden altijd een stap extra op thema’s waarvan wij zelf willen bepalen wat de humanitaire ondergrens is, zoals bij de opvang van vluchtelingen. Kansengelijkheid, betaalbaar wonen en duurzaamheid zijn en blijven onze prioriteiten en worden altijd zoveel mogelijk ontzien. Onzekerheid over structurele inkomsten Rijk Ook deze Voorjaarsnota 2025 vraagt om stevige maatregelen om financieel gezond te blijven en om te kunnen blijven investeren in Utrecht en haar inwoners. In ons laatste jaar als stadsbestuur willen we de stad natuurlijk zo goed en stabiel mogelijk achterlaten voor inwoners en ondernemers. Daarom zorgen we voor een evenwichtig huishoudboekje voor de nieuwe gemeenteraad en het nieuwe college.

Het creëren en bewaken van die financiële stabiliteit is een opgave op zichzelf, gelet op de onzekerheid die het Rijk creëert en de huidige ontwikkelingen in de wereld. Maar het is wel een opgave waarvoor we gesteld staan. We hebben, met de VNG en vele andere partijen, hard gelobbyd voor een demping van het ravijn in het gemeentefonds. We zijn voorzichtig optimistisch over het feit dat het kabinet zorgen van gemeenten serieus neemt, waardoor er nu meer geld voor gemeenten beschikbaar komt om jeugdzorguitgaven deels te dekken en om de terugval in het gemeentefonds deels te dempen. Maar hoewel de voorjaarsnota van het Rijk de meest urgente financiële problemen voor gemeenten de komende jaren verzacht, zijn zeker niet alle problemen opgelost. Het is helaas realiteit dat het financiële beeld voor alle gemeenten de komende jaren niet rooskleurig is, vooral als gevolg van het afvlakken van het gemeentefonds. Er blijft daardoor een gat in de gemeentefinanciën. Hier leggen we ons niet bij neer en we blijven ons onvermoeibaar inzetten voor een structurele oplossing door het Rijk. Koersvast: vasthouden aan prioriteiten en uitgangspunten Zolang deze structurele oplossing uitblijft, zullen gemeenten, gemeenteraden en inwoners hun verantwoordelijkheid moeten pakken.

Wij zullen als gemeente onze ambities bij moeten stellen en dat geldt dus ook voor de verwachtingen die inwoners en ondernemers van de gemeente hebben; we kunnen als gemeente in deze financieel lastige tijden niet meer alles op dezelfde manier blijven doen. De financiële tegenwind laat onverlet dat de belangrijkste prioriteiten en uitgangspunten nog steeds actueel zijn. We zijn daarom ook trots op de inzet van de afgelopen jaren: het coalitieakkoord is nagenoeg in uitvoering. Zoals we vanaf het begin hebben beloofd, voeren we steeds een duurzaam financieel beleid. Dat betekent dus ook dat we zorgen dat de volgende gemeenteraad niet met een achterstand begint. De stad groeit in balans, we blijven investeren in bijvoorbeeld groen en maatschappelijke voorzieningen. We investeren ongelijk voor gelijke kansen en we zijn er altijd voor diegenen die dit het hardste nodig hebben. We hebben bovendien extra aandacht voor het tegengaan van polarisatie in onze stad. Voor de vrijheid van meningsuiting en voor de vrijheid om van mening te verschillen. Nu de gemeente een stap terug moet doen, vragen we aan de stad, aan inwoners en ondernemers, om een stap vooruit te doen. Utrechters zijn veelal creatief en initiatiefrijk en hebben een groot verantwoordelijkheidsgevoel.

Samen vormen we een gemeenschap van gemeente, inwoners, ondernemers en partners die verantwoordelijkheid willen en durven nemen om de uitdagingen het hoofd te bieden. Maar misschien wel het belangrijkste principe is dat we altijd besturen in de geest van Sint Maarten, de beschermheilige van onze gemeenschap en de voorvechter van zachte waarden: barmhartig, rechtvaardig, gelijkwaardig.

7

1.2 Financiële ontwikkelingen In deze Voorjaarsnota 2025 laten we zien hoe de financiële situatie van de gemeente is veranderd sinds de Programmabegroting 2025. We brengen in kaart welke (autonome) ontwikkelingen de financiële situatie hebben beïnvloed. Een belangrijk onderdeel van deze Voorjaarsnota 2025 is de uitwerking van de eerder aankondigde hervormingsbezuinigingen. In deze voorjaarsnota staan ook de knelpunten die weggenomen moeten worden omdat ze onvermijdelijk, onoplosbaar en onuitstelbaar zijn. Financieel beeld Voorjaarsnota 2025 In de Programmabegroting 2025 hebben we een sluitend financieel beeld gepresenteerd. Door autonome en onvermijdelijke ontwikkelingen hebben we op dit moment een structureel tekort van 27,9 miljoen euro. Dit zijn ontwikkelingen zoals de september- en decembercirculaire 2024, loon- en prijsontwikkelingen, het achterblijven van de verwachte gemeentefondsuitkering voor de groei van de stad en het uitblijven van passende compensatie van het Rijk voor inburgering. Daarnaast gaat het ook om het brandveilig houden van onze gebouwen, de groei van de vraag naar en de kosten van jeugdhulp, de gevolgen van netcongestie en het opvangen van prijsstijgingen in contracten voor het beheer van onze stad. Hoofdstuk 2 geeft het financiële vertrekpunt van deze voorjaarsnota gedetailleerd weer.

Financiële strategie Om op korte en op langere termijn het tekort op te lossen, is een financiële strategie uitgewerkt. Daarbij is het uitgangspunt dat Utrecht financieel stabiel beleid voert en dus een sluitende begroting presenteert, ook om te kunnen blijven investeren in de stad. De financiële strategie bestaat uit de volgende onderdelen: • • •

Financieel-technisch beleid Hervormingen en bezuinigingen Inschattingen inkomsten Rijk en overig

Financieel-technisch beleid Met dit onderdeel kijken we naar mogelijkheden van financieel-technische aard, zoals de inzet van het eigen vermogen (reserves) om met name het tekort voor de korte termijn op te lossen. Ook is inbegrepen de inzet van de beschikbare weerstandscapaciteit boven de norm van 1,0 voor het weerstandsvermogen conform motie 415. Hervormingen en bezuinigingen In de Voorjaarsnota 2024 was het tekort op de gemeentelijke begroting opgelopen tot 76 miljoen euro. Er is daarom een aantal stevige maatregelen genomen om dat tekort op te lossen, waaronder 25 miljoen euro hervormingsbezuinigingen. Bij de invulling van deze hervormingsbezuinigingen hebben we vooral kritisch naar de gemeente en de gemeentelijke organisatie gekeken: wat kan minder en wat kan beter? De hervormingsbezuinigingen hebben de volgende uitgangspunten: zo min mogelijk impact op de stad, de uitvoering zoveel mogelijk ontzien, prioriteren van beleid en werk, de vitale organisatie bewaken en hervormen vóór bezuinigen. Als gevolg van de financiële situatie is het nodig om bovenop de 25 miljoen euro aan hervormingsbezuinigingen ook 8,8 miljoen euro extra bezuinigingsmaatregelen te nemen. Deze voorstellen voldoen in mindere mate aan de eerdergenoemde uitgangspunten. De lasten voor inwoners worden, naast de reguliere indexatie, niet verhoogd. 8

In deze Voorjaarsnota 2025 staan alle hervormingsbezuinigingsvoorstellen en extra bezuinigingen. Deze tellen op tot een structureel bedrag van 33,8 miljoen euro in 2029 (waarvan 25 miljoen euro reeds is verwerkt in de Programmabegroting 2025) en zullen vanaf 2026 in werking treden. Inschattingen inkomsten Rijk In deze voorjaarsnota worden aanvullende middelen vanuit het Rijk geraamd voor jeugd, inburgering en de landelijke vreemdelingenvoorziening. De aanvullende middelen voor jeugd zijn gebaseerd op de extra middelen die het Rijk aankondigt bij zijn voorjaarsnota. In diezelfde voorjaarsnota worden extra rijksmiddelen beschikbaar gesteld voor de demping van de terugval van het gemeentefonds in 2026 (‘het ravijn'). Ook hiermee is rekening gehouden in deze voorjaarsnota. Tabel 1: Overzicht financieel beeld en financiële strategie Bedragen x € 1.000

2025

2026

2027

2028

2029

Structureel

0

0

0

0

0

0

12.675

-5.196

-7.883

-8.227

-7.024

-7.660

Groeikader - baten

0

2.514

2.731

2.279

2.184

2.184

Groeikader - lasten

-704

-2.661

-4.951

-8.376

-8.376

-8.376

Knelpunten

-18.152

-30.089

-23.594

-18.857

-14.740

-12.240

Bijsturingen

-13.133

-3.250

-3.300

-2.250

-1.850

-1.850

Startsaldo Voorjaarsnota 2025

-19.314

-38.682

-36.997

-35.431

-29.806

-27.942

1. Financieel-technisch beleid

5.836

0

0

0

0

0

858

3.168

6.629

8.822

9.062

8.820

3. Inschattingen inkomsten Rijk

25.094

31.501

30.952

19.186

19.122

19.122

4. Kasschuif

-12.474

4.013

-584

7.423

1.622

0

Financiële strategie

19.314

38.682

36.997

35.431

29.806

27.942

0

0

0

0

0

0

Programmabegroting 2025 Autonome ontwikkelingen

2. Hervormingen en bezuinigingen

Eindsaldo Voorjaarsnota 2025

Financiële positie Utrecht is een gemeente met een grote investeringsambitie zodat we kunnen groeien in balans. De omvang van het investeringspakket heeft gevolgen voor de financiële kengetallen van de gemeente. Bij de Programmabegroting 2025 werd dit wederom zichtbaar omdat de signaalwaarde voor de solvabiliteit in zicht kwam. Om deze reden wordt vooruitlopend op de Programmabegroting 2026 nu al gekeken naar de impact van de keuzes op de ontwikkeling van de solvabiliteit en de netto-schuldquote in de komende jaren. Met het programma Grip op Investeringen maken we een zo adequaat mogelijke inschatting van de daadwerkelijke investeringsuitgaven in de komende jaren. In paragraaf 3.3 gaan wij hier nader op in. Bij de Programmabegroting 2026 zullen de financiële kengetallen en het weerstandsvermogen zoals gebruikelijk opnieuw geactualiseerd worden.

1.3 Uitdagingen in meerdere opgaven In deze Voorjaarsnota 2025 staat een aantal grote opgaven die om bijsturing vragen en daarom om financiële en inhoudelijke keuzes. Financiën en inhoud voor deze opgaven in de Voorjaarsnota 2025 worden uitgebreid toegelicht in hoofdstuk 3.

9

Hervormingen sociaal domein Wij hebben de afgelopen jaren een stevige basis gelegd voor een Gezond Stedelijk Leven voor Iedereen. Utrecht is een stad waarin het met veel mensen goed gaat. Er zijn ook mensen die zorg en ondersteuning nodig hebben en die mensen kunnen op ons rekenen. De afgelopen jaren zijn we geconfronteerd met de stijgende kosten van de zorg, een stijgende vraag naar zorg en met een personeelstekort, vooral in het kader van de Wmo en voor onze jeugd. Om te zorgen dat de zorg beschikbaar en betaalbaar blijft, is in 2023 besloten tot hervormingen in het sociaal domein. De afgelopen tijd hebben we voortgebouwd op de maatregelen die zijn ingezet in 2024. In een brief die u parallel aan deze voorjaarsnota wordt aangeboden informeren we u over de laatste stand van zaken met betrekking tot de hervormingen sociaal domein. Als gevolg van de genomen maatregelen verwachten we de bezuinigingstaakstelling voor het zorg- en ondersteuningsaanbod voor volwassenen te halen. Bij de zorg en ondersteuning van jeugdigen verwachten we een structureel tekort, ondanks onze hervormingen. Dit komt vooral doordat de duur en intensiteit van trajecten in de jeugdzorg stevig blijven stijgen. Als gevolg van het kabinetsbeleid zijn er nog veel financiële onzekerheden.

We gaan ervan uit dat het Rijk zijn financiële verplichtingen nakomt, zodat wij nu en in de toekomst jeugdzorg kunnen blijven bieden. Meer over de hervormingen sociaal domein leest u in hoofdstuk 3.1. Asiel en integratie De plannen en het beleid van dit kabinet op het gebied van asiel en integratie staan op onderdelen haaks op het Utrechtse beleid. Met de huidige plannen dreigt het kabinet zelfs door de humanitaire ondergrens te gaan en daarmee de universele rechten van de mens te schenden. Dat is voor Utrecht als mensenrechtenstad niet acceptabel. Utrecht loopt dus niet weg van haar verantwoordelijkheid voor vluchtelingen, statushouders en EUarbeidsmigranten. We blijven consequent barmhartig, humanitair en solidair beleid voeren. In een brief van 20 maart 2025 hebben we de gemeenteraad geïnformeerd over de impact van het huidige kabinetsbeleid op asiel en migratie voor Utrecht en hoe we daarmee omgaan. Ook in deze Voorjaarsnota 2025 laten we zien, dat we alles doen wat we kunnen binnen de afnemende financiële mogelijkheden. Dit betekent concreet dat we ons hard blijven maken voor de Landelijke Vreemdelingen Voorziening (LVV), Asiel & Integratie en Inburgering. Utrecht neemt altijd haar verantwoordelijkheid en daarom blijven we het kabinet er stevig op aanspreken als het voor zijn verantwoordelijkheid weg blijft lopen.

Het Rijk moet als stelselverantwoordelijke zorgen voor een reële compensatie voor de opvang, begeleiding en inburgering van vluchtelingen en statushouders. Gemeenten voelen zich hierin gesteund door veel politieke partijen. Meer over de maatregelen op het gebied asiel en migratie in deze Voorjaarsnota 2025 leest u in hoofdstuk 3.2. Groei in balans Utrecht is de afgelopen jaren hard gegroeid, vooral als gevolg van autonome ontwikkelingen: in Utrecht worden meer kinderen geboren, dan dat er Utrechters overlijden. Deze som is in Utrecht veel groter dan in andere gemeenten. Dit maakt dat we samen hard werken om te zorgen voor voldoende betaalbare woningen. Met ons nieuwe volkshuisvestingsbeleid 2025 – 2030 willen we meer mensen de kans geven op betaalbare woonruimte. Ook willen we dat meer mensen gaan wonen in een woning die bij hun situatie past.

10

Dit college kiest vanaf het begin voor het principe Groeien in Balans. Dit betekent concreet dat de groei van het aantal woningen en arbeidsplaatsen gepaard gaat met de groei van groen, duurzame mobiliteit en energie en maatschappelijke voorzieningen. De afgelopen jaren hebben we veel ambities waar kunnen maken: we willen dat Utrecht een leefbare, betaalbare, duurzame en gezonde stad is en blijft, met oog voor de bestaande inwoners en met een verwelkomende houding richting nieuwe Utrechters. Zoals ook uit deze Voorjaarsnota 2025 blijkt: helaas staan onze ambities inmiddels onder druk, onder meer vanwege een tekort aan middelen, mensen en materialen en vanwege netcongestie. Groei en groeien in balans zijn ook de komende jaren belangrijke vraagstukken die alle Utrechters raken: inwoners en ondernemers, de politiek en het stadsbestuur. Dit college houdt vast aan groei in balans en daarom doen we in deze Voorjaarsnota 2025 een aantal concrete bijsturingsvoorstellen. Meer hierover leest u in hoofdstuk 3.3. Netcongestie In Utrecht werken we vol ambitie aan schone energie. Dat doen we door energie duurzaam op te wekken, door middel van de inzet van elektrisch vervoer, door gebouwen te verduurzamen, door te werken aan alternatieven voor aardgas en door het versterken van het elektriciteitsnet.

Op dit moment hebben we te maken met een steeds grootschaliger uitdaging: er is te weinig capaciteit op het hoogspanningsnet in Nederland. Ook in Utrecht nadert de belasting van het elektriciteitsnet een kritische grens. Er is tekort aan capaciteit voor stroomtransport op piekmomenten. Ook is er al een wachtlijst voor stroomaansluitingen voor grootverbruikers en dreigt er een wachtlijst voor kleinverbruikers. Zonder snelle aanvullende maatregelen komen veel ontwikkelingen tot stilstand, zoals de bouw van woningen en voorzieningen, de vestiging van bedrijven en van verduurzaming. Ook neemt het risico op stroomuitval aanzienlijk toe. Dit alles heeft grote impact op het woon- en werkklimaat, de werkgelegenheid en de leefbaarheid in Utrecht. Daarnaast heeft netcongestie hele grote financiële consequenties voor de gemeente. In deze Voorjaarsnota 2025 stellen we daarom een pakket aan maatregelen voor. Alle maatregelen die we nemen in het kader van netcongestie helpen ons ook om beter voorbereid te zijn op mogelijke gevolgen van hybride oorlogsvoering op onze stroomvoorziening. De geopolitieke situatie vraagt daarnaast naar verwachting meer dan dat. We verkennen dan ook op korte termijn maatregelen om de weerbaarheid van de stad te versterken en maatschappelijke ontwrichting te voorkomen.

Lees meer over de knelpunten die door netcongestie optreden in hoofdstuk 2.3 en over netcongestiemaatregelen in hoofdstuk 3.4. Tot slot Sinds de start van dit college ziet de wereld er totaal anders uit. Daarbij zijn ook financieel zware jaren voor Utrecht, voor inwoners en voor de organisatie. We hebben er desondanks voor gekozen om consequent stabiel financieel beleid te blijven voeren, zodat we kunnen blijven investeren in de stad. Als gevolg hiervan hebben we het grootste deel van het coalitieakkoord uitgevoerd en daar kunnen we ook het komende jaar mee doorgaan. Ondanks alle maatschappelijk-, (geo)-politieke en financiële ontwikkelingen is het gelukt om ons nooit af te laten leiden van dat waar het echt om gaat: de inwoners en ondernemers van Utrecht. Voor hen werken we samen met alle collega's van de gemeente iedere dag aan een leefbare, betaalbare, duurzame en gezonde stad. Ook in deze Voorjaarsnota 2025 nemen we verantwoordelijkheid en maken we lastige keuzes om de financiële huishouding van de gemeente netjes achter te laten. En dit doen we zoals Utrecht van ons mag verwachten: realistisch en optimistisch naar de toekomst. 11

12

2. Financieel vertrekpunt en toelichting 2.1 Inleiding In het vorige hoofdstuk is het vertrekpunt van deze voorjaarsnota, een structureel tekort van 27,9 miljoen euro, al kort aangeduid. Onderstaande tabel geeft nogmaals dit financiële vertrekpunt weer. In de volgende paragrafen geven we een specificatie en toelichting op het startsaldo van deze voorjaarsnota, waaronder de autonome ontwikkelingen, het groeikader en de knelpunten. In hoofdstuk 4 lichten we vervolgens onze oplossingsrichtingen toe, waarmee we voor 2026 een sluitend saldo realiseren en voor de periode daarna een structureel sluitende begroting. Tabel 2: financiële vertrekpunt Bedragen x € 1.000

2025

2026

2027

2028

2029 Structureel

Programmabegroting 2025

0

0

0

0

0

0

Autonome ontwikkelingen

12.675

-5.196

-7.883

-8.227

-7.024

-7.660

Groeikader - baten

0

2.514

2.731

2.279

2.184

2.184

Groeikader - lasten

-704

-2.661

-4.951

-8.376

-8.376

-8.376

Knelpunten

-18.152

-30.089

-23.594

-18.857

-14.740

-12.240

Bijsturingen

-13.133

-3.250

-3.300

-2.250

-1.850

-1.850

Startsaldo Voorjaarsnota 2025

-19.314

-38.682

-36.997

-35.431

-29.806

-27.942

2.2 Toelichting op het startsaldo Onderstaande tabel geeft het financiële vertrekpunt van deze voorjaarsnota meer gedetailleerd weer. Het vertrekpunt is de Programmabegroting 2025. Daarna volgen de autonome ontwikkelingen, het groeikader, de knelpunten en de bijsturingen. Deze onderdelen worden onder de tabel verder toegelicht. Tabel 3: opbouw startsaldo Bedragen x € 1.000

2025

2026

2027

2028

0

0

0

0

0

0

-8.007

-12.773

-11.380

-12.651

-12.362

-12.362

-3.000

-3.000

-3.000

-3.000

Programmabegroting 2025 - Eindsaldo

2029 Structureel

Actualiseren inkomsten Gemeentefonds actualiseren circulaires Gemeentefonds herijking laatste tranche Doorwerking groeikader in gemeentefonds 2025

-5.414

-7.369

-7.369

-7.369

-7.369

-7.369

OZB woningen

1.276

1.276

1.276

1.276

1.276

1.276

OZB niet-woningen

2.760

2.760

2.760

2.760

2.760

2.760

OZB niet-woningen, obv trendanalyse

3.900

3.900

3.900

3.900

3.900

3.900

Toeristenbelasting

600

850

850

850

850

850

Toeristenbelasting, obv trendanalyse

443

995

1.474

2.142

2.861

3.635

13

Overige autonome ontwikkelingen Resultaat 2024

32.614

0

0

0

0

0

Besteding & Dekkingsvoorstellen

-19.873

0

0

0

0

0

4.376

5.165

3.606

3.865

4.060

4.060

Nota Beheer openbare ruimte

0

0

0

0

0

-950

Uitvoeringsprogramma Werken aan de werf

0

0

0

0

0

-460

12.675

-5.196

-7.883

-8.227

-7.024

-7.660

Referentiekader: inkomsten OZB

0

765

765

765

765

765

Referentiekader: bijstelling budget wettelijke taken

0

-723

-723

-723

-723

-723

-704

-1.938

-1.938

-1.938

-1.938

-1.938

-2.290

-5.715

-5.715

-5.715

Indexatie begroting 2026 incl. dekking gemeentefonds en OZB

Subtotaal autonome ontwikkelingen

Groeikader 2026 (nieuwe stijl)

Investeringsbudget: bijstelling investeringsbudget groei Bijstelling investeringsbudget vanaf 2027 Investeringskader: groei gemeentefonds

0

1.749

1.966

1.514

1.419

1.419

-704

-147

-2.220

-6.097

-6.192

-6.192

Knelpunten

-18.152

-30.089

-23.594

-18.857

-14.740

-12.240

Bijsturingen

-13.133

-3.250

-3.300

-2.250

-1.850

-1.850

Startsaldo Voorjaarsnota 2024

-19.314

-38.682

-36.997

-35.431

-29.806

-27.942

Subtotaal groeikader 2026

Knelpunten en bijsturingen

Eindsaldo begroting 2025 Het eindsaldo van de vastgestelde Programmabegroting 2025 is voor alle jaren 0, rekening houdend met ingeboekte taakstellingen (hervormingen sociaal domein en hervormingsbezuinigingen). Gemeentefonds: circulaires Het financiële effect van de september- en decembercirculaire 2024 is meegenomen in het financiële beeld. Het nadelige effect wordt veroorzaakt door een lagere uitkeringsfactor en actualisatie van de WOZ-waarden. De ontvangen prijscompensatie en 50% van de volumegroei worden gereserveerd voor (toekomstige) compensatie van de begroting voor het effect van inflatie (zie: indexeringen). Herijking Gemeentefonds (laatste tranche 2022) In 2022 is de verdeling van het gemeentefonds over gemeenten gewijzigd. Het financiële effect per gemeente is toen gemaximeerd. Inmiddels is al 13,5 miljoen euro aan nadelig herverdeeleffect voor Utrecht verwerkt (structureel). Eveneens in 2022 zijn aanvullende onderzoeken gestart naar onder andere grootstedelijke kosten en de centrumfunctie Sociaal domein om het nieuwe model beter passend te laten zijn bij de ontwikkeling van de kosten van gemeenten. In de Voorjaarsnota 2024 is melding gemaakt van een risico van een extra nadeel voor Utrecht van 3 miljoen euro vanaf 2027 als de oorspronkelijke herverdeling wordt voortgezet. In deze voorjaarsnota is dit nadeel verwerkt.

Doorwerking oude groeikader in gemeentefonds Actualisatie van het gemeentefonds op basis van de verwachte groei in 2025 leidt tot een nadelig effect, onder andere door een lagere groei van het aantal inwoners en woningen dan verwacht. De groei voor het jaar 2026 wordt betrokken bij het groeikader nieuwe stijl. Zie paragraaf 3.3 voor een 14

integrale toelichting op het groeikader voor zowel het onderdeel autonome ontwikkelingen (doorwerking oude groeikader in het gemeentefonds) als het onderdeel als gevolg van de voorgestelde nieuwe systematiek. OZB en Toeristenbelasting Het voordeel op de OZB wordt voor een derde deel veroorzaakt door de toename van het aantal woningen en voor tweederde deel door een hogere toename van het aantal niet-woningen (kantoren, winkels etc.) dan volgens de prognose die is gebruikt voor het begroten van de OZB-inkomsten. Uit een trendanalyse blijkt dat de BghU over de afgelopen jaren te voorzichtige ramingen afgeeft over nog te ontvangen OZB-inkomsten uit oude jaren. Deze hebben daarmee ook invloed op inkomsten in de daaropvolgende jaren. Het verschil tussen de voorzichtige ramingen en de realisatie in de afgelopen jaren gebruiken we voor de actueel verwachte OZB-inkomsten voor 2025 en verder. In het belastingjaar 2024 is een voordeel behaald op toeristenbelasting. Dit voordeel is structureel en werkt daarmee autonoom door naar de volgende jaren in het financieel beeld. De raming voor de toeristenbelasting wordt in de begroting bijgesteld op basis van gerealiseerde resultaten. Uit een trendanalyse blijkt dat het aantal overnachtingen de afgelopen jaren toeneemt.

Deze opwaartse trend nemen we mee vanaf de begroting voor 2025 en verder, waarbij we kiezen voor een toename van 6%, waarbij de toename van hotelkamers en verkochte kamernachten in balans is. Resultaat 2024 Het voorlopige resultaat over 2024 is, zoals gebruikelijk, betrokken bij de integrale afweging van de voorjaarsnota. Dit resultaat bestaat uit het voorlopige saldo van de jaarrekening (32,6 miljoen euro) verminderd met de voorstellen voor resultaatbestemming (19,9 miljoen euro). Het definitieve resultaat van de jaarrekening is later bekend, als de accountant de controle over 2024 geheel heeft afgerond. De voorstellen voor resultaatbestemming worden in een apart voorstel voorgelegd aan de raad voor besluitvorming. Indexeringen De begroting wordt gecompenseerd voor de verwachte effecten van prijsstijgingen (inflatie) van het jaar 2026. Vanaf de Voorjaarsnota 2024 is een gewijzigde systematiek ingevoerd en vindt indexatie plaats op basis van de indexatiepercentages van het gemeentefonds, zodat de indexatie van de uitgaven aansluit op de indexatie van de inkomsten. Omdat in 2026 de indexering van het gemeentefonds wijzigt, als gevolg van een overgangsregeling naar de nieuwe Bbp-systematiek, is het indexcijfer toegepast dat voor 2024 werd gebruikt: IMOC (index materiële overheidsconsumptie).

Omdat tijdens het opstellen van de doorrekeningen nog geen nieuwe cao-afspraken waren gemaakt met de vakbonden voor 2026, hebben we hiervoor een inschatting gemaakt op basis van de verwachte inflatie voor huishoudens (consumentenprijsindex, CPI). Inmiddels zijn de nieuwe caoafspraken bekend en de effecten daarvan betrekken we bij de opstelling van de Programmabegroting 2026. De indexatie wordt bepaald op de CPB ramingen van september zowel voor de inschatting van het jaar 2026 als voor de nacalculatie van 2025. Wij hebben de onderstaande percentages gehanteerd: In schema: Jaar

Omschrijving

Indexatie

Toelichting

2025

Nacalculatie loonkosten

PM

Nieuwe cao was nog niet bekend

2026

Loonkosten

3,2%

Inschatting o.b.v. CPI, nieuwe cao was nog niet bekend

2025

Nacalculatie materiële kosten

0,7%

IMOC

2026

Materiële kosten

2,7%

IMOC

15

2026

Subsidiebudget/verbonden partijen

4,1%

2026

Belastingen en heffingen

4,1%

70% loonvoet sector overheid en 30% IMOC 70% loonvoet sector overheid en 30% IMOC

Nota Beheer openbare ruimte en het Uitvoeringsprogramma Werk aan de werf In het vastgestelde beleid voor beheer openbare ruimte en Werk aan de werf gaan we uit van een jaarlijkse stijging van lasten (1,41 miljoen euro, waarvan 0,95 miljoen euro voor beheer openbare ruimte en 0,46 miljoen euro aan kapitaallasten voor Werk aan de werf). Deze stijgende lijn is meegenomen in het financiële beeld door een verhoging van het structurele budget na 2029. Rente Ten opzichte van de eerdere aannames is er voor de rente geen aanleiding om de ramingen aan te passen. We blijven de renteontwikkelingen kritisch volgen, ook in relatie tot de kapitaallasten en het planningsoptimisme daarbinnen. Zo nodig actualiseren we de renteberekeningen bij de Programmabegroting 2026.

2.3 Knelpunten en bijsturingen Op een aantal financiële ontwikkelingen hebben wij geen invloed. Deze onvermijdelijke kosten noemen we knelpunten. Dit zijn ontwikkelingen die voldoen aan drie criteria: • Onvermijdbaar: de activiteit is een wettelijke taak of verplichting; • Onoplosbaar: binnen doelstelling of programma; • Onuitstelbaar: de activiteit moet starten in 2025/2026. We hebben 25 knelpunten verwerkt, voor een totaalbedrag van structureel 12,2 miljoen euro. De financiële effecten van deze knelpunten zijn onderdeel van het financiële startsaldo van deze voorjaarsnota, dat in de financiële strategie van dekking wordt voorzien. Algemeen beeld van de knelpunten: • • • • • • •

•

Relatie met eerdere bezuinigingsmaatregelen: indexering, aanbesteding groen, jeugdzorg (deels); Ontoereikende of wegvallen bekostiging: Jeugd, Inburgering, opvang, begeleiding en activering ongedocumenteerde mensen, JGZ-zorg nieuwkomers; Lagere inkomsten: reclame-inkomsten, exploitatie zwembaden, leges vergunningen (netcongestie); Claims verbonden partijen (ondanks dat deze zijn ontzien bij bezuinigingen): Utrechts sociaal ontwikkelbedrijf, VRU, RUD; ICT-investeringen: aanpassing op grond van regelgeving; Een aantal knelpunten is (meerjarig) incidenteel, bijvoorbeeld tekort Utrechts sociaal ontwikkelbedrijf (het structurele beeld is nog onzeker); Een aantal knelpunten is incidenteel omdat er mogelijkheid tot bijsturen is, door het nemen van maatregelen (verbonden partijen, leges) of het nader uitwerken van scenario’s voor handelingsperspectief (exploitatie zwembaden, aanpak essentaksterfte); Onzekerheid m.b.t. het structurele karakter van het knelpunt, omdat dit wordt beïnvloed door ontwikkelingen die voor een deel buiten de invloedssfeer van de gemeente liggen (energiekosten, netcongestie).

16

Tabel 4: knelpunten Nr. Bedragen x € 1.000

2025

Lagere productiviteitsnorm vanwege hoger verlof (cao) Publiekszaken Lagere productiviteitsnorm vanwege hoger verlof (cao) 2 Volksgezondheid 1

2026

2027

2028

2029

Structureel

500

500

500

500

0 0

3 Verlaging reclame-inkomsten

500

500

4 Tekort Utrechts sociaal ontwikkelbedrijf 2025 en 2026

500

600

2.000

4.000

3.000

2.500

2.500

513

513

513

513

513

513

3.089

6.136

5.124

4.252

4.252

4.252

5 Borging brandveiligheid Gebouwen 6 Gewijzigde systematiek indexering Vastgoedorganisatie 7 Jeugd 8 Kadernota VRU 2026

1.200

9 Licentiekosten toekomstig CAD-systeem

739

739

739

739

739

739

10 Resultaat nieuwe aanbesteding groenwerkzaamheden

724

724

724

724

724

724

11 Aanpak essentaksterfte

417

3.118

3.118

3.118

3.118

1.300

1.300

1.300

1.300

4.000

4.000

290

290

12 Exploitatie van de zwembaden

1.469

13 Indexering Stadsbedrijven

3.118

3.118

14 Japanse duizendknoop verwijderen begraafplaatsen

523

15 Uitvoering taken door RUD

510

310

2.078

3.216

16 Inburgering 17 Opvang, begeleiding en activering ongedocumenteerde mensen 18 Compensatie energie - stijging energielasten vanaf 2026 19 Meevaller project staatsloosheid 20 Gevolgen Netcongestie voor legesinkomsten 21 Begroting VNG-bijdrage ophogen

4.000 -60

-60

2.000

2.000

290

290

290

290

419

266

117

804

804

22 Digitalisering Erfgoed 23

Faciliteren demonstraties en preparatie op openbare ordeverstoringen

488

JGZ-zorg aan nieuwkomers, niet zijnde Oekraïners of COA24 kinderen 25

3.216

Inrichten huidige zorgorganisatie naar zorgwetgeving en kwaliteitseisen

442 281

Totaal

915

18.152 30.089

804

804

23.594 18.857 14.740

12.240

Daarnaast stellen we voor structureel 1,9 miljoen euro te bestemmen voor bijsturingen, die wij in aanvulling op de knelpunten als noodzakelijk beoordelen. Tabel 5: bijsturingen Nr. Bedragen x € 1.000

2025

2026

2027

2028

2029

Structureel

200

1.500

1.500

1.500

1.500

250

250

250

250

26 Werven: aanpassing methodiek 27 Aanpak voor verhogen vaccinatiegraad 28

Asiel en opvang: LVV

29

Netcongestie

30

Binnensport capaciteit

2.000

1.800 250

17

31

Jaarwisseling

500

500

32

Asiel en opvang: EU-arbeidsmigranten

150

400

400

400

33

ROM

100

100

100

100

100

34

Leegstand en opkoopregeling

35

Parkeren

36

Gebiedsontwikkeling: groei in balans

2.250

1.850

1.850

1.050 5.000 5.483

Totaal

13.133

3.250

3.300

Toelichting knelpunten en bijsturingen Knelpunten: 1 en 2 Productiviteitsnorm organisatiebreed (cao) In de cao is er een lager aantal productieve uren beschikbaar dan voorheen, wat met name uitvoerende organisatieonderdelen zoals Volksgezondheid en Publiekszaken raakt, omdat die beperkte prioriteringsmogelijkheden hebben voor de inzet van personeel. Het (structurele) effect en de consequenties daarvan worden nader uitgewerkt. Bij de Resultaatbestemming 2024 wordt voorgesteld het restant van een in de Voorjaarsnota 2024 toegekend incidenteel budget voor de lagere productiviteitsnorm in 2024 (in totaal 1,1 miljoen euro) beschikbaar te houden om de inzet in 2025 te continueren en nu nog niet vooruit te lopen op een nader uit te werken systematiek voor de toekomst. 3. Verlaging reclame-inkomsten Dit structurele knelpunt is bij de Tweede Bestuursrapportage 2024 gemeld. Verwerking heeft incidenteel voor 2024 plaatsgevonden. De inkomsten zijn beperkt beïnvloedbaar, de lopende contracten kunnen niet worden verhoogd en voor nieuwe (aanvullende) contracten zijn geen of slechts beperkte mogelijkheden. Het tekort is onvermijdelijk niet elders binnen het programmabudget op te vangen. 4. Tekort Utrechts sociaal ontwikkelbedrijf UW 2025 en 2026 In 2023 en 2024 was sprake van forse tekorten bij het Utrechtse sociaal ontwikkelbedrijf UW.

De gemeente heeft deze tekorten met aanvullende subsidies voor de uitvoering van de wet sociale werkvoorziening (Wsw) afgedekt. UW voert in 2025 het herstelplan van de Galan Groep uit. Daarnaast werken we samen met de Galan Groep en UW toekomstscenario's uit. Ondanks deze inspanningen worden zeker voor 2025 en 2026 nog tekorten verwacht. Dit wordt o.a. verklaard door de voortschrijdende uitstroom uit de Wsw die financieel nadelig is. 5. Borging brandveiligheid gebouwen Om de brandveiligheid van de gemeentelijke gebouwen te laten voldoen aan de geldende wet- en regelgeving, worden binnen het onderhoud t/m 2028 brandscans uitgevoerd. De resultaten van deze scans op brandveiligheid leiden tot aanvullende werkzaamheden/maatregelen in gebouwen om de brandveiligheid te borgen en te voldoen aan wet- en regelgeving. Dit voorkomt dat panden moeten worden gesloten. Er is een aanvullende dotatie aan de onderhoudsreserve nodig om deze kosten af te dekken, totdat de inhaalslag is afgerond. 6. Gewijzigde systematiek indexeren Vastgoedorganisatie Utrecht Bij de Voorjaarnota 2024 is besloten tot een andere manier van indexeren, waarbij de indexering is gemaximeerd op de prijscompensatie in het gemeentefonds. Een neveneffect van de andere manier van indexeren is dat de Vastgoedorganisatie een hoger indexeringspercentage zou moeten toepassen 18

op de huuropbrengsten dan is afgesproken in de huurcontracten. Dit is echter niet toegestaan. Hierdoor ontstaat een financieel knelpunt. Bij de Voorjaarsnota 2024 was het niet meer mogelijk om dit financiële neveneffect mee te nemen als knelpunt. 7. Jeugd In de Voorjaarsnota 2023 is besloten tot hervormingen in het sociaal domein om de zorg en ondersteuning beschikbaar te houden voor de inwoners die dit nodig hebben. We constateren nu echter dat de financiële kaders voor Jeugd te krap zijn, zoals in heel Nederland het geval is. De vraag naar jeugdhulp blijft groeien (met name in intensiteit en duur), en de middelen zijn structureel niet voldoende om op een passende manier aan de vraag te voldoen. Niet bijsturen op de financiële taakstelling leidt tot het niet voldoen aan onze zorgplicht met juridische en ethische consequenties of het ondermijnen van de preventieve aanpak waardoor de kosten in de aanvullende zorg verder kunnen stijgen. Zie ook hoofdstuk 3.1. 8. Kadernota VRU Bij de zienswijze op de Kadernota 2026 is geconstateerd dat de mutaties in de kadernota conform afspraak zijn en dat er geen geld voor nieuw beleid gevraagd wordt. Op basis van de kadernota van de VRU gaat onze bijdrage omhoog. Bijsturing voor het jaar 2026 is gezien de besluitvorming over de kadernota niet mogelijk.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=5af87b4a-ac7c-4964-aeb1-6cfe5d3a4127