CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Adviescommissie Controle en Financiën 5 juni 2025, gemeente Utrecht29.350 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Werkgroep AI Act In augustus 2024 is de Europese AI Act in werking getreden. De AI Act is van toepassing op alle sectoren, waaronder de overheid. Organisaties hebben tot augustus 2026 om aan de wettelijke vereisten te voldoen. Het CIO Office heeft in september 2024 een werkgroep opgericht die de gemeente bij de ontwikkeling van beleid voor de naleving van de AI Act ondersteunt. Hierdoor kan adequaat en tijdig invulling worden geven aan verplichtingen uit deze wetgeving, zonder daarbij de kansen die AI biedt uit het oog te verliezen. Onze data-analist, tevens Certified AI Compliance Officer, neemt hieraan deel.

Overige samenwerkingsinitiatieven Selectiecommissie aanbesteding externe accountant

Kernteam rechtmatigheidsverantwoording

Expert panel inkoop

Lid klankbordgroep Versterken Financiële Functie

Expert panel SAP HANA implementatie

Vakgroep data science

Artificial Intelligence (AI) tafel

18

Status onderhanden opdrachten uit jaarplan 2024-25 Per 31 maart 2025

Vooronderzoek

Opdrachtbeschrijving afgestemd

Veldwerk afgerond

Bevindingen afgestemd

Conceptrapport aangeboden

In afwachting van managementreactie

Auditopdrachten 213a Wijken

Stadsbedrijven OT/IT

19

Evaluatie kwaliteit dienstverlening Sinds september 2022 stuurt Concernaudit na het delen van het definitieve auditrapport, een evaluatiesurvey uit. Met de survey verzamelen we feedback uit de organisatie om de kwaliteit van onze dienstverlening continu te verbeteren. De survey bestaat uit stellingen over vier thema’s, namelijk: Team, Uitvoering, Rapport en Meerwaarde audit. Stellingen worden beoordeeld op een schaal van 1 “Helemaal niet mee eens” t/m 5 “Helemaal mee eens”. Hieronder zijn onze ambities en inzichten tot zover uiteengezet.

Resultaten per thema

Thema’s Team: competenties van en communicatie met het auditteam.

Uitvoering: werkwijze, doelstelling en duur van de audit.

Rapport: leesbaarheid, inhoud en accuraatheid van het opgeleverde auditrapport.

Meerwaarde audit: waarde van de audit bij het verbeteren van interne beheersing.

Resultaat

Surveygegevens

# Audits

Uitvoering

Rapport

4,0

4,0

3,9

3,7

4,0

4,0

3,9

3,7

Ambitie

Top scores

# Auditees aangeschreven

Respons

114 35

Was:*

Team

# Auditees ingevuld

65 Dit overzicht bevat audits vanaf september 2022.

57%

4

Meerwaarde audit

*Scores uit jaarverslag 2023-24

Tops & Tips

Tip scores

Heldere communicatie over voortgang van de audit

Doorlooptijd van de audits

Closing meeting geeft goed beeld van belangrijkste bevindingen

Business acumen Kennis van het audit object

Managementsamenvatting geeft goed beeld van belangrijkste resultaten

Delen van “best practices” en waardevolle aanbevelingen

Audit was gericht op relevante onderwerpen en risico’s

Tijdig aanleveren auditrapport 20

Management van de interne auditfunctie (1/2) Onafhankelijkheid

Belangenverstrengeling

De Manager Concernaudit heeft vastgesteld dat de benodigde onafhankelijkheid van Concernaudit is gewaarborgd:

Potentiële belangenverstrengeling wordt periodiek getoetst door de Manager Concernaudit. Tussen 1 april 2024 en 31 maart 2025 heeft belangenverstrengeling zich niet voorgedaan.

• De Manager Concernaudit rapporteert aan een dusdanig hoog niveau in de organisatie, waardoor Concernaudit in staat is om haar verantwoordelijkheden te vervullen. • De Manager Concernaudit heeft een directe communicatielijn met de Gemeentesecretaris, de Wethouder en de Adviescommissie Control & Financiën.

Belangenverstrengeling vindt plaats op het moment dat een auditor, die een vertrouwenspositie bekleedt in haar functie, een ander professioneel of persoonlijk belang heeft. Tegengestelde belangen kunnen het onpartijdig uitoefenen van de auditfunctie bemoeilijken. Door belangenverstrengeling kan een ongepast beeld ontstaan welke het vertrouwen in de interne auditor en haar audit activiteiten kan schaden.

• In 2024/2025 heeft geen inbreuk op de onafhankelijkheid van Concernaudit plaatsgevonden.

IIA Congres 2024

Permanente educatie Auditors met certificaten en beroepslidmaatschappen die bijbehorende onderhoudseisen in het kader van ‘Permanente Educatie’ stellen, volgen de benodigde trainingen en cursussen om hieraan te voldoen.

Met drie collega’s van Concernaudit hebben wij in juni 2024 deelgenomen aan het IIA congres in Leusden. Na aanleiding van de Olympische Spelen in Parijs was "Conformance & Performance" het congresthema. We hebben aan de hand van voorbeelden uit de topsport inspiratie opgedaan wat betreft het voldoen aan verwachtingen en presteren.

Middelen en budget • Concernaudit beschikte over voldoende middelen (capaciteit en budget) om het interne audit plan 2024-25 uit te voeren. • Concernaudit heeft het interne audit plan 2024-25 binnen het vastgestelde budget afgerond.

21

Management van de interne auditfunctie (2/2) Kwaliteitsbewaking en verbeterprogramma Interne auditfuncties wereldwijd maken gebruik van dezelfde standaarden bij het uitvoeren van hun werkzaamheden. Deze standaarden zijn door onze beroepsorganisatie, het Instituut van Internal Auditors (IIA), recentelijk geüpdatet op basis van maatschappelijke ontwikkelingen. De nieuwe standaarden (GIAS) zijn vanaf 1 januari 2025 van toepassing. GIAS 8.4 schrijft voor dat interne audit afdelingen iedere vijf jaar een externe kwaliteitstoetsing laten uitvoeren om de naleving van de standaarden en de effectiviteit en efficiëntie van de interne audit functie te beoordelen. De Manager Concernaudit heeft opdracht aan IIA Nederland gegeven om de externe kwaliteitstoetsing voor het eerst in 2025 uit te voeren. De verbeterpunten uit de quick scan van april 2025 pakken we op in aanloop naar de formele toetsing in december 2025. De verbeterpunten hebben met name betrekking op GIAS domein 5 "Uitvoeren van interne auditdiensten". Denk hierbij aan aspecten in de dossiervorming zoals, risicobeoordeling, evaluatiecriteria en werkprogramma's. De benodigde verbeteringen betreffen zowel audit- als adviesopdrachten, waarbij adviesopdrachten meer aandacht nodig hebben.

Ook werken we op het onderwerp kwaliteitsbewaking nauw samen met de reeds gecertificeerde interne audit afdelingen van de gemeenten Amsterdam en Den Haag.

Key Performance Indicators (KPI’s) Jaarplanrealisatie Maximaal 3 audits of advies opdrachten die per 31 maart 2025 onderhanden zijn en in Q2 2025 worden afgerond.

Gerealiseerd

Budget Het jaarplan 2024/25 binnen het budget uitvoeren.

Gerealiseerd

Kwaliteit dienstverlening Score 4 of hoger (afgerond) in 80% van alle audits. Auditees ontvangen een enquête waarin zij onze dienstverlening beoordelen van 1 t/m 5 op stellingen met betrekking tot Team, Uitvoering, Rapport en Meerwaarde audit. Professionele ontwikkeling Het behalen van de volgende certificaties: één Certified Artificial Intelligence Compliance Officer (CAICO), één Certified Interal Auditor (CIA) en een CIA kandidaat. Procesverbeteringen: doorlooptijd 80% van de concept auditrapporten en concept advies-memo’s uiterlijk 13 werkdagen dagen na de closing meeting versturen.

Follow-up Het follow-up proces voor alle audits (vanaf het jaarplan 2024-25) binnen 3 tot 6 maanden na het uitbrengen van het definitieve audit rapport afronden.

Bijna gerealiseerd: 79%

Gerealiseerd

Loopt achter: 50% Halfjaarverslag: 29%

Loopt achter: 0%

Per 31 maart 2025 is deze KPI van toepassing op twee audits. 22

23

Bijlage: reeds gerapporteerd in halfjaarverslag Samenvatting van de afgeronde auditopdrachten

Audits (1/4) Cyberweerbaarheid

Doelstelling: de effectiviteit en naleving van initiatieven en maatregelen voor bewustwording over cyberweerbaarheid beoordelen.

Organisatieonderdeel: CIO Office De meeste cyberaanvallen worden veroorzaakt door menselijk handelen. In het kader van bewustwording hierover heeft het CIO Office een gemeentebrede e-learning gegevens-bescherming met verschillende niveaus (brons, zilver, goud, diamant) geïmplementeerd in september 2022. Per juni 2024 is 69% van de medewerkers nog niet gestart met de e-learning. Slechts 22% van de interne medewerkers en 7% van de externen voldoen aan de geformuleerde KPI “80% niveau zilver medio 2024”. De deelnamecijfers binnen de B20 en het college zijn teleurstellend en wijzen op een gebrek aan juiste tone at the top voor gegevensbescherming. Hiermee is het risico van het verstrekken van gevoelige gegevens door medewerkers aan potentiële hackers ongewenst hoog. Verder is het lage deelnamepercentage een gemist kans, omdat respondenten in onze enquête aangeven positief zijn over de e-learning en hierdoor bewuster omgaan met gevoelige gegevens. Een aantoonbare aansluiting tussen de kennisbehoefte van de medewekers en de aangeboden e-learning ontbreekt, omdat resultaten uit een eerdere nulmeting en data uit tussenrapportages niet zijn gebruikt bij de (door)ontwikkeling van de e-learning.

Wij hebben een phishing test uitgevoerd bij de organisatieonderdelen met de hoogste (W&I) en laagste (FIJ) deelnamecijfers aan de e-learning. W&I scoort hierbij duidelijk beter dan FIJ, wat positief correleert met het volgen van de e-learning. Opkomende Europese cyberwetgeving maakt bestuurders verantwoordelijk voor het nemen van maatregelen tegen cyberrisico's en het toezicht hierop. Het CIO-office heeft hiervoor beleid voor gegevensbescherming opgesteld en integreert dit ook in de onboarding van nieuwe medewerkers. Een zorgpunt is dat het beleid niet op alle aspecten consequent wordt nageleefd.

De AVG verplicht organisaties tot het bijhouden van een datalekregister. Het CIO-office verzamelt input van organisatieonderdelen voor het interne register, maar voert hier geen kwaliteitscontroles op uit. Een ander aandachtspunt is dat het hiervan afgeleide externe datalekregister sinds juli 2023 niet meer is geactualiseerd. Het management van het CIO Office erkent de bevindingen en heeft verbeteracties opgestart.

24

Audits (2/4)

Doelstelling: de dienstverlening bij het Serviceplein ICT beoordelen met focus op performancemanagement en data analyse voor procesverbetering.

Doelstelling: de effectiviteit en naleving van het patchmanagement beoordelen.

Serviceplein ICT

Patchmanagement II - Vervolgaudit

Organisatieonderdeel: Mens & Organisatie (M&O)

Organisatieonderdeel: Ruimte, Werk & Inkomen en Mens & Organisatie

Het Serviceplein ICT is het centrale aanspreekpunt voor IT vragen en meldingen van medewerkers en behandelt er per jaar zo’n 100.000. Organisatorisch valt de afdeling onder M&O, maar werkt gezien de werkzaamheden nauw samen met Domstad IT.

Organisaties hebben dagelijks te maken met bedreigingen die de veiligheid van hun ICT infrastructuur aantasten. Patchmanagement is een manier om systemen te beveiligen door het installeren van kleine softwarepakketjes (patches).

Binnen de gemeente is het Serviceplein ICT is een rolmodel voor het realiseren van doelstellingen omtrent ‘Diversiteit en inclusie’ omdat zij structureel Mbo stageplaatsen aanbieden en inclusieve wervingsmethoden zoals ‘open hiring’ toepassen. Het Serviceplein ICT is tevens een springplank voor het doorgroeien naar andere functies in de organisatie.

Wij concluderen dat de huidige inrichting en uitvoering van het patchmanagementproces niet in lijn ligt met de Baseline Informatiebeveiliging Overheid – BIO (van toepassing sinds 2019) en opkomende cyberwetgeving (NIS2-richtlijn – verwachte implementatie Q3 2025).

In 2021 heeft een extern adviesbureau een quickscan uitgevoerd met betrekking tot professionaliseringsmogelijkheden voor het Serviceplein ICT. Waar mogelijk pakken servicepleinmedewerkers verbeteracties op, maar door gebrek aan managementprioritering ontbreekt een gestructureerde en systematische aanpak.

Zo ontbreekt gemeentebreed patchmanagementbeleid voor een gestandaardiseerde en systematische aanpak voor het patchmanagementproces. Dit leidt tot ongewenste individuele invulling van het proces binnen de organisatieonderdelen. Voorbeelden hiervan zijn dat risico analyses ontbreken en patches voor installatie niet bij alle onderdelen worden getest. Dit verhoogt de kans op beveiligingsincidenten.

Een aandachtspunt is het ontbreken van een helder beleidsdocument dat het mandaat, de samenwerking met Domstad IT en KPI’s voor de dienstverlening beschrijft. Hierdoor mist een basis voor standaardisatie van werkprocessen, zoals opgenomen als speerpunt in het Jaarplan Serviceplein ICT 2023.

Ook zijn er geen relevante KPI’s gedefinieerd (gemeentebreed en per organisatieondeel) om een adequate uitvoering van het patchmanagementproces te monitoren. Dit beperkt het tijdig constateren van knelpunten, waardoor bijsturing mogelijk te laat plaatsvindt.

Wij zien verder verbetermogelijkheden betreffende het inzetten van data voor de monitoring van dienstverlening en continue procesverbetering. Om datagedreven besluitvorming binnen het Serviceplein ICT te stimuleren, heeft Concernaudit een dashboard ontwikkeld dat trends en patronen inzichtelijk maakt en oorzaakanalyses faciliteert.

Voor cloudapplicaties voeren de leveranciers doorgaans het patchmanagement-proces uit. Echter, de verantwoordelijke functionarissen (IPM-teams) in de organisatieonderdelen monitoren de daadwerkelijke naleving door cloudleveranciers hiervan niet. Hierdoor kan de veiligheid van cloudapplicaties niet gegarandeerd worden.

Het management van het Serviceplein ICT erkent de bevindingen en pakt deze op.

Het management van de organisatieonderdelen en de CISO gaan aan de slag met verbeteracties. 25

Audits (3/4)

Doelstelling: de status en effectiviteit van de verbeterplannen met voor de berekening van inkomsten uit het gemeentefonds beoordelen.

Doelstelling: de implementatiestatus van de standaard Projectbeheersing beoordelen

Projectbeheersing

Gemeentefonds

Organisatieonderdeel: Ruimte, Stadsbedrijven, Vastgoedorganisatie Utrecht (VGU) en Projectmanagementbureau (PMB)

Organisatieonderdeel: Financiën

In 2020 heeft de Directieraad de standaard Projectbeheersing vastgesteld. Daarbij is aan de organisatieonderdelen Ruimte, Stadsbedrijven en VGU een opdracht gegeven om deze standaard te implementeren. Oorspronkelijk was het systeemeigenaarschap voor de standaard bij de Directeur F&I belegd. Sinds december 2023 is het eigenaarschap overgegaan naar de Manager Projectmanagementbureau. Per april 2024 heeft de rol van systeemeigenaar echter nog niet tot aantoonbare toegevoegde waarde voor de organisatie geleid. Wel zijn door PMB eerste acties en initiatieven in gang gezet, zoals het periodiek organiseren van vakgroepbijeenkomsten vanaf juli 2024. De organisatieonderdelen voelen over het algemeen geen verplichting en noodzaak om de standaard formats voor projectbeheersing te gebruiken. Sterker nog, bij Ruimte zijn op afdelingsniveau eigen formats ontwikkeld. Dit leidt tot inefficiënt gebruik van mensen en middelen en belemmert uniforme uitoefening van projecten. De implementatie van de standaard is verder gevorderd bij Stadsbedrijven en VGU dan bij Ruimte. De oorzaak hiervan is dat bij Ruimte opdrachtgeverschap voor implementatie meer dan een jaar niet was belegd. Een belangrijke tekortkoming is dat voor organisatieonderdeel overstijgende projecten een (systeem)overzicht ontbreekt. Dit belemmert adequate en tijdige sturing op deze complexe en risicovolle projecten.

De organisatieonderdelen werken momenteel gezamenlijk aan de aanbesteding van een nieuw projectadministratiesysteem ter verbetering van het bovenstaande. Het management van de betrokken organisatieonderdelen herkent de bevindingen en geeft aan deze op te volgen.

Het gemeentefonds verdeelt geld van het Rijk onder alle gemeenten. Voor Utrecht is dit met ongeveer € 1 miljard per jaar de belangrijkste bron van inkomsten. Bij de berekening van de verwachte bijdrage van het gemeentefonds in de begroting 2023 heeft Financiën een rekenfout van € 42 miljoen gemaakt die tot veel negatieve media-aandacht geleid heeft. Als reactie hierop zijn in 2023 een aantal verbeteracties in kaart gebracht. Echter, de implementatie hiervan is teleurstellend (peildatum juni 2024) en resulteert nog niet in aantoonbare en robuuste procesverbeteringen. De aandachtspunten uit het medewerkersonderzoek 2023 voor Financiën (teamgevoel, samenwerking, waardering, ondersteuning van leidinggevenden) zijn bevestigd tijdens de auditinterviews. Het is daarom zorgelijk dat er nog steeds geen plan met concrete initiatieven voor duurzame cultuurverbetering opgesteld is. Het feit dat de foutenevaluatie in klein gezelschap – exclusief uitvoerende medewerkers – heeft plaatsgevonden, draagt niet bij aan een beter teamgevoel. Ook is de evaluatie niet formeel vastgelegd, wat het lerend vermogen van de afdeling beperkt. De Manager Financiën heeft een externe consultant ingehuurd om het kennisniveau over het gemeentefonds te verhogen en een procesbeschrijving op te stellen.

De sinds maart 2024 beschikbare concept versie hiervan was tijdens de audit in juni nog steeds niet formeel vastgesteld en geïmplementeerd. Het huidige gemeentefondsproces kan door inzet van zowel data analyse als benchmarking en kennisdeling met andere gemeenten verder geoptimaliseerd worden. Het management van Financiën herkent de bevindingen gaat aan de slag met de aanbevelingen 26

Audits (4/4) Doelstelling: de maximale impact van een potentieel fraudegeval op de jaarrekening berekenen.

Impact van potentieel fraudegeval op jaarrekening – ad hoc Organisatieonderdeel: Gemeentebreed Na een spoedverzoek van de Directeur Concerncontrol heeft Concernaudit in mei 2024 de impact van een potentieel fraudegeval in het fysieke domein op de jaarrekening van de gemeente Utrecht in beeld gebracht. We hebben onze werkzaamheden, met name data-analyse technieken, nauw met de externe accountant afgestemd en onze conclusies in een memo samengevat. De maximale onzekerheid met betrekking tot het potentiële fraudegeval - en het totaalbedrag voor onzekerheden in de jaarrekening 2023 van de gemeente - bleken ruim onder de door de externe accountant gehanteerde materialiteit van € 20,1 mln. te liggen. Hierdoor heeft het potentiële fraudegeval geen impact gehad op de goedkeurende accountantsverklaring.

Het organisatieonderdeel in kwestie heeft tijdens de jaarrekeningcontrole in mei een extern bureau ingehuurd om een vooronderzoek en feitenonderzoek naar het potentiële fraudegeval uit te voeren. Concernaudit heeft geen rol in beide onderzoeken.

27

Aan de gemeenteraad en het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Utrecht

Behandeld door

Gerth Molenaar

Datum

27 mei 2025

Doorkiesnummer

06 – 49 75 43 00

Ons kenmerk

30503728

E-mail

g.molenaar@utrecht.nl

Onderwerp

Bijlagen

1

Rekenkamerbrief Jaarstukken 2024 Bijlage voortgang uitvoering raadsbesluiten rekenkameronderzoeken

Geachte leden van de raad en het college, Op 15 mei 2025 zijn de Jaarstukken 2024 van de gemeente Utrecht gepresenteerd. Zoals gebruikelijk bevatten deze de bijlage ‘Voortgang uitvoering raadsbesluiten’ die een overzicht biedt van de uitvoering van raadsbesluiten bij een aantal rekenkameronderzoeken. De gemeente Utrecht rapporteerde hier altijd al over. Door het aannemen van de wet Versterking decentrale rekenkamers (2023) is het rapporteren over de opvolging van rekenkameronderzoek een wettelijke verplichting geworden (art. 185a Gemeentewet). In 2020 onderzochten wij de doorwerking van verschillende rekenkamerrapporten en of raadsbesluiten hierover waren opgevolgd. De aanbevelingen uit dat rapport werden door de gemeenteraad unaniem aangenomen. Twee van die aanbevelingen waren specifiek gericht op de rapportage aan de raad over de uitvoering van raadsbesluiten. Kort samengevat gaat het om: 1. Informeer de gemeenteraad in de Jaarstukken over de uitvoering van raadsbesluiten over rekenkameronderzoeken, zo lang er actief aan de uitvoering wordt gewerkt. 2. Rapporteer welke vervolgacties nodig zijn voor een meer volledige opvolging van de raadsbesluiten en voer deze uit.

INFORMATIE OVER UITVOERING AANBEVELINGEN IS ONVOLLEDIG We hebben de bijlage in de Jaarstukken op de wettelijke verplichting en de aangenomen aanbevelingen van ons opvolgingsonderzoek gescoord. De scores vindt u in de bijlage.

1

Wij concluderen dat de gemeenteraad niet beschikt over een volledig en actueel beeld van de uitvoering van de aanbevelingen. Wij constateren dat: ▪ Over de uitvoering per raadsbesluit verschillend wordt gerapporteerd. Vaak ontbreekt een inhoudelijke toelichting op de actuele stand van de uitvoering. Daarmee is de bijlage dit jaar minder informatief dan de bijlage van vorig jaar. In deze vorm voldoet de bijlage niet aan de aangenomen aanbevelingen over het opvolgingsonderzoek. ▪ In de bijlage niet wordt gereflecteerd op de brieven van de rekenkamer die in reactie op het plan van aanpak zijn opgesteld. ▪ In de bijlage niet wordt ingegaan op moties en toezeggingen die bij de besluitvorming over rekenkamerrapporten zijn aangenomen. Wij zien wel dat het college ongeveer drie tot vier jaar bezig is met en verantwoording aflegt over de uitvoering van de raadsbesluiten. Na deze vier jaar vervalt deze verantwoording, terwijl niet altijd duidelijk is of alle acties zijn uitgevoerd. De gemeenteraad wordt daarover niet geïnformeerd, en evenmin wordt ingegaan op wat met de uitvoering van de raadsbesluiten is bereikt. De rekenkamer – en laat staan de raad – kan zo niet beoordelen of het college terecht de uitvoering op enig moment als afgedaan beschouwt.

OPROEP: VERBETER DE RAPPORTAGE OVER UITVOERING RAADSBESLUITEN REKENKAMER Wij roepen de gemeenteraad op om het college te verzoeken om beter te rapporteren over de uitvoering van raadsbesluiten over rekenkamerrapporten en bovenstaande hiaten op te lossen. De rekenkamer ziet met belangstelling de reactie op deze brief tegemoet en gaat hierover desgewenst graag in overleg met respectievelijk het college en de gemeenteraad. Met vriendelijke groet,

drs. P.W.D. Venhoeven Voorzitter Rekenkamer Utrecht Stadhuisbrug 1 Utrecht Postbus 16200, 3500CE Utrecht 030-286 13 91 | utrecht.nl/bestuur-en-organisatie/rekenkamer

2

BIJLAGE Tabel 1: Drie tot vier jaar wordt over de uitvoering verantwoording afgelegd Rekenkamer Utrecht

Verantwoording

Datum – Rapport

Datum - Brieven

Jaarstukken 2024

2023

2024, juni Vergroening, van droom naar daad

2024, december

X

2024, mei

2024, december

X

2024, december

X

2023, november Het gaat niet goed

2024, april

X

2023, oktober

2024, februari

X

2023, juni

X

X

2023, september

X

X

2022

2021

2020

Over lastig handhaven 2024, april Drempels om te stemmen

Pleisters plakken 2023, januari Middenhuur: meer grip op groei 2022, december Horen, zien en samen door

Verkiezingen gemeenteraad maart 2022 2022, februari Onbegonnen werk

2022, december

X

X

X

2022, februari

2022, september

X

X

X

2022, maart

X

X

X

X

De balans opmaken 2021, december Grip op energietransitie 2021, april Zo sterk als de zwakste schakel

2021, september

X

X

X

2020, oktober

2021, maart

X

X

X

Leren om mee te kunnen doen

2021, november 2023, januari

Tabel 2: Informatievoorziening over de uitvoering nu niet actueel en volledig Rapport ‘Vergroening, van

Verwijzing link raadsbrief plan van aanpak d.d. 13 nov. 2024.

droom naar daad’ (juni 2024)

Geen referentie / reflectie op rekenkamerbrief d.d. 19 dec. 2024.

Rapport ‘Over lastig

Verwijzing link raadsbrief plan van aanpak d.d. 18 nov. 2024.

handhaven’ (mei 2024)

Geen referentie / reflectie op rekenkamerbrief d.d. 19 dec. 2024.

Rapport ‘Drempels om te stemmen’ (april 2024)

Verwijzing link raadsbrief plan van aanpak d.d. 27 nov. 2024. Tevens wordt aangegeven dat uitvoering verloopt volgens het plan van aanpak en deels al gerealiseerd is. Geen referentie / reflectie op rekenkamerbrief d.d. 19 dec. 2024.

Rapport ´Het gaat niet goed´

Verwijzing link raadsbrief plan van aanpak d.d. 2 april 2024.

(november 2023)

Geen referentie / reflectie op rekenkamerbrief d.d. 16 april 2024.

3

X

We merken op dat het in het kader van de nota volksgezondheid voor Q4 2024 aangekondigde uitvoeringsprogramma voor mentale gezondheid nog niet is verschenen. Navraag wijst uit dat de bedoeling is dat dit eind Q2 2025 aan de raad wordt aangeboden. Rapport ‘Pleisters plakken’

Verwijzing met een link naar de raadsagendering van 28 maart 2024

(oktober 2024)

voor de vastgestelde nota Financiële bestaanszekerheid en andere documenten. In de nota zijn de aanbevelingen van de rekenkamer meegenomen. De rekenkamerbrief d.d. 15 februari 2024 volgde op het raadsvoorstel bij de genoemde nota (24 januari 2024).

Rapport ‘Middenhuur: meer

Ten opzichte van de verantwoording in de Jaarstukken 2023 blijkt uit

grip op groei’ (januari 2023)

de jaarstukken 2024 dat verdere invulling is gegeven aan de uitvoering van de raadsbesluiten. Per besluit wordt inhoudelijk met links verwezen naar andere documenten. De relatie met deze raadsbesluiten wordt in deze documenten niet expliciet gelegd. Door deze vorm van verantwoording bevat deze bijlage in voorliggende Jaarstukken iets meer inhoudelijke informatie, maar blijft dit weinig transparant. Voor de uitvoering van het vierde besluit geldt dat alleen wordt aangegeven dat ‘in het MPR geen aanvullende gegevens zijn opgenomen’. In de bijlage bij de Jaarstukken 2023 werd bij dit besluit gemeld dat dit werd ‘opgepakt in de aanpassing van het Utrechts planproces’, echter zonder expliciete referentie aan dit raadsbesluit. Geen referentie / reflectie op rekenkamerbrief d.d. 15 juni 2023.

Rapport ‘Horen, zien en

Per besluit wordt inhoudelijk en met links naar andere documenten

samen door’

toegelicht hoe aan de verschillende besluiten invulling is gegeven.

(december 2022)

Door deze vorm van verantwoording bevat deze bijlage in voorliggende jaarstukken meer inhoudelijke informatie. Geen referentie / reflectie op rekenkamerbrief d.d. 7 sep. 2023.

Rapport ‘Onbegonnen werk’

Per besluit wordt de stand van zaken toegelicht. Dat valt uiteen in

(februari 2022)

enerzijds een inhoudelijke toelichting en mededeling over de beleidsnota vastgoed die eind 2024 is verzonden aan de raad en in 2025 wordt vastgesteld (i.c. is gebeurd op 8 mei jl.), en anderzijds de mededeling dat besluiten een plek krijgen in het uitvoeringsprogramma dat in 2025 wordt opgesteld en door het college wordt vastgesteld. Voor enkele andere besluiten wordt aangegeven dat deze gereed zijn gemeld bij de Jaarstukken 2023. Geen referentie / reflectie op de rekenkamerbrief d.d. 15 dec. 2022, volgend op de raadsbrief plan van aanpak d.d. 4 nov. 2022.

Rapport ‘De balans

Bij dit rapport wordt overwegend gemeld dat de uitvoering van deze

opmaken’ (februari 2022)

raadsbesluiten is gereed gemeld bij de Jaarstukken 2023. Een besluit dat nog in uitvoering is, wordt inhoudelijk toegelicht.

Rapport ‘Grip op

Bij dit rapport wordt overwegend gemeld dat de uitvoering van deze

energietransitie’ (december 2021)

raadsbesluiten is gereed gemeld bij de Jaarstukken 2023. Een besluit dat nog in uitvoering is, wordt inhoudelijk toegelicht.

4

Aan de raad van de gemeente

Onderwerp Datum Documentnummer Telefoonnummer E-mailadres Domein/opgave Team

Aanvulling op Begrotingscirculaire 2026 26-05‑2025 UTSP-1508165036-60713 +31639632304 dick.schuurman@provincie-utrecht.nl STB BEI

Geachte raad, Begin april 2025 stuurden wij u de begrotingscirculaire 2026 toe. Deze circulaire is uniform door alle provincies vastgesteld en bevat de actualiteiten op het gebied van de financiën van de gemeenten en de wijze waarop wij deze vanuit onze wettelijke rol als financieel toezichthouder beoordelen. Inmiddels is de Voorjaarsnota van het Rijk verschenen, met daarin vooral voor de jaren 2026 en 2027 extra middelen voor de gemeenten. Tegelijk blijkt uit de Voorjaarsnota dat op het terrein van de financiering van de jeugdzorg er nog geen duidelijkheid is over de jaren na 2027. In bijgaande aanvulling op de begrotingscirculaire 2026 hebben wij onder meer aangegeven hoe wij de diverse punten uit de Voorjaarsnota in het kader van structureel en reëel begrotingsevenwicht beoordelen. Ook deze aanvulling op de circulaire wordt door alle provincies uniform toegepast. Evenals bij de begrotingscirculaire hebben wij deze aanvulling in afschrift gezonden aan uw college van B en W. Hoogachtend, Gedeputeerde staten van Utrecht namens hen,

H.J.J.M. Bakker Gedeputeerde Klimaat & Circulaire samenleving, Water & Bodem, Financiën, Grondzaken, Organisatie en Participatie

1 van 1

Aanvulling op begrotingscirculaire 2026 Recent zijn de uitkomsten van de voorjaarsnota van het Rijk bekend geworden (zie tabel hieronder) en heeft de VNG een begrotingsadvies voor het opstellen van de begroting 2026 aan haar leden afgegeven. Gemeenten zijn nu in afwachting van de meicirculaire gemeentefonds 2025 voor de vertaling van de effecten hiervan op de gemeentelijke begroting. Vanuit financieel toezicht willen wij onze gemeenten tijdig, voor het verschijnen van de meicirculaire, informeren over de kaders en richtlijnen voor klimaat- en jeugdzorg. Zodat gemeenten hier rekening mee kunnen houden in het proces van kader- en voorjaarsnota’s in aanloop naar de (meerjaren)begroting 2026. Tabel voorjaarsnota 2025 Rijk.

Wat betekent dit voor uw gemeente? Met als uitgangspunt dat de voorjaarsnota van het Rijk wordt vertaald in de meicirculaire gemeentefonds 2025 geven wij als toezichthouder het volgende mee: •

Wij houden vast aan de geldende wet- en regelgeving en het daarop gebaseerde Gemeenschappelijk financieel toezichtkader (GTK).

•

De richtlijn voor de klimaatgelden (CDOKE) geldt ook voor de komende begroting 2026-2029. In begrotingscirculaire 2026 is het volgende opgenomen:

Gemeenten spelen een belangrijke rol in de uitvoering van de klimaat- en energieplannen. Het kabinet ondersteunt gemeenten hierbij met geld uit de CDOKE-regeling voor de jaren 2023 tot en met 2025. Met dit geld kunnen gemeenten extra personeel aantrekken. Gemeenten kunnen meer kennis opdoen en experts inhuren. Gemeenten moeten ervanuit kunnen gaan dat ze dit geld elk jaar krijgen. Anders kunnen ze geen langdurige verplichtingen aangaan. De Raad van het Openbaar Bestuur (ROB) heeft in maart 2024 een advies gegeven over het vervolg van deze middelen. Hierin benadrukt de ROB dat het van belang is dat gemeenten voor langere tijd zeker zijn van middelen. Er wordt gewerkt aan een nieuwe regeling voor na 2025. Het Rijk heeft hier al budget voor gereserveerd. In de brief ministerie van Economische Zaken en Klimaat leest u hier meer over. Op dit moment is nog niet duidelijk of en hoe deze middelen ook na 2025 beschikbaar worden gesteld. Wanneer hierover besluitvorming heeft plaatsgevonden, zullen wij u informeren. Voor 2024 en 2025 waren ook extra middelen beschikbaar op basis van planfinanciering. Voor zover bekend worden deze middelen niet gecontinueerd na 2025.

1 van 3

Verlenging richtlijn klimaatmiddelen voor (meerjaren)begroting 2026 Ondanks dat op dit moment onduidelijkheid bestaat of en hoe de CDOKE-middelen na 2025 beschikbaar worden gesteld mogen gemeenten het basisbedrag wat zij in 2023 ontvingen voor de klimaat- en energiegelden opnemen als structurele baat in de begroting 2026 voor de jaren 2026 tot en met 2029. Voor wat betreft de planfinanciering is nog veel onzeker. Gemeenten kunnen dit ramen op basis van de verkregen beschikking. We gaan voor zowel de basis als de planfinanciering er vanuit dat gemeenten een gelijk bedrag aan extra lasten opnemen voor de klimaat- en energietaken. • De oude richtlijn jeugdzorg vervalt nu de extra middelen meerjarig worden toegevoegd aan het gemeentefonds. Dat betekent dat de gemeenten de stelpost in de jaren 2026 (€ 284 miljoen), 2027 (211 miljoen) en 2028 (€ 250 miljoen) niet meer in de begroting 2026 en verder kunnen opnemen. Voor gemeenten die dit in de begroting 2025 hadden opgenomen in de begroting geldt, dat zij deze stelpost uit de raming van de begroting 2026 moeten halen. •

•

Nieuwe richtlijn jeugdzorg voor (meerjaren)begroting 2026 In het algemeen geldt dat de inkomsten vanuit de algemene uitkering geraamd moeten worden op basis van de mei- (of septembercirculaire). De algemene uitkering is naar aard structureel. Dit betekent dat de plussen (in 2026 en 2027) en de minnen in 2028 en 2029 ook structureel van aard zijn. Ten aanzien van de minnen in 2028 en 2029, het Rijk neemt een financieel voorschot op nog te nemen maatregelen om het jeugdzorgstelsel te beheersen door een uitname uit het gemeentefonds voor: - Sturen op trajectduur jeugdzorg (€ 68 miljoen) en: - Eigen bijdrage jeugdzorg (€ 260 miljoen)

Gemeenten kunnen beide posten budgettair neutraal in hun begroting verwerken, bijvoorbeeld door hiervoor een stelpost op te nemen. Dit geldt op dit moment alleen voor de komende begroting 2026-2029. Als toezichthouder vinden we dit risicovol aangezien deze posten in principe nog onvoldoende uitgewerkt zijn en nog afhankelijk van nog vast te stellen wetgeving. Toch staan we een budgettair neutrale verwerking toe omdat aannemelijk is dat het realiseren van deze uitwerking en wetgeving onder de verantwoordelijkheid van het Rijk valt. Daarmee vinden we deze post vergelijkbaar met de extra besparing jeugdzorg (€ 511 miljoen) die destijds voor rekening en risico van het Rijk kwam. Toen de besparing definitief kwam te vervallen zijn deze middelen weer toegevoegd aan het gemeentefonds. •

Verder wordt de besparingsopgave van de Hervormingsagenda geïndexeerd waardoor een hogere besparing (van € 507 miljoen) wordt verondersteld. Gemeenten moeten hiervoor zelf maatregelen treffen om deze besparing te realiseren. Wij stonden in eerdere begrotingsjaren geen stelpost toe voor de besparingen Hervormingsagenda. Voor de geïndexeerde besparingsopgave wordt eveneens geen stelpost toegestaan.

•

De mogelijke compensatie met terugwerkende kracht voor jeugdzorg 2023 en 2024. De deskundigencommissie Van Ark adviseert om het tekort in het budget voor jeugdzorg in gelijke delen te verdelen over Rijk en gemeenten. Naar verwachting besluit het kabinet in augustus over een eventuele compensatie, waarna verwerking mogelijk in de septembercirculaire plaatsvindt. Algemeen uitgangspunt is dat een bestendige gedragslijn toegepast wordt welke circulaire (mei- óf septembercirculaire) in de begroting wordt opgenomen. Wanneer voor een circulaire wordt gekozen, dan dient deze ook volledig verwerkt te worden. Het is niet mogelijk om de effecten van een circulaire deels te verwerken. Bijvoorbeeld enkel de eenmalige compensatie met terugwerkende kracht voor 2023 en 2024 in de septembercirculaire.

2 van 3

Begrotingsadvies VNG • Recent heeft de VNG een begrotingsadvies voor de begroting 2026-2029 uitgebracht. Vanuit onze rol als toezichthouder kunnen wij niet instemmen met het derde adviespunt om een algemene stelpost van Ark op te nemen die de baten en lasten voor jeugdzorg in 2028 en 2029 in balans brengt. Dit heeft de VNG ook benoemd in het begrotingsadvies. Wij vinden een dergelijke stelpost op dit moment onvoldoende onderbouwd en daarmee niet realistisch. We hebben begrip voor de brede discussie rondom de (dis)balans van de gemeentelijke taken en middelen maar zullen het toezicht uitvoeren op basis van de geldende wet- en regelgeving en ons daarop gebaseerde Gemeenschappelijk Toezichtkader (GTK). Dit betekent dat wij een dergelijke stelpost zullen corrigeren. Motie onderuitputting • Onlangs is een motie in de Tweede Kamer aangenomen die de regering oproept om gemeenten de mogelijkheid te geven om te werken met een stelpost onderuitputting. De minister had deze motie in een kamerbrief ontraden omdat dit niet binnen de BBV-voorschriften past. Op dit moment is nog onvoldoende duidelijk hoe de minister opvolging gaat geven aan deze motie. Vanuit financieel toezicht zullen wij op moment geen stelpost onderuitputting toestaan. In plaats daarvan roepen wij gemeenten op om zo realistisch mogelijk te ramen door meerjarige voordelen op specifieke budgetten aan te passen.

Eventuele rekeningoverschotten kunnen toegevoegd worden aan de Algemene reserve en via de regeling incidenteel-structureel ingezet worden voor het dekken van structurele lasten in latere jaren. Hiervoor gelden wel voorwaarden. Deze (aanvullende) richtlijnen zijn gebaseerd op de aanname dat de voorjaarsnota van het Rijk wordt verwerkt in de meicirculaire gemeentefonds 2025. Mocht dit anders zijn, dan zullen wij ook onze kaders hierop aanpassen, en wordt u hierover geïnformeerd.

3 van 3

Adviescommissie Controle en Financiën Dossiernummer

4671

Vertrouwelijk

Ja

Vergaderdatum

5 juni 2025

Agendapunt

4.a

Titel

Raadsvoorstel Jaarstukken 2024

Behandelend ambtenaar

Simcha Anker / Miranda de Nooijer

Telefoon

06 48 50 95 52 / 06 29 08 88 46

E-mail

simcha.anker@utrecht.nl / miranda.de.nooijer@utrecht.nl

Datum collegebesluit

13 mei 2025

Thema

Bestuur en ondersteuning

Portefeuillehouder

Wethouder Schilderman

Beleidsveld

Financiën

Raadsadviseur (lijst)

Jelmer Lok/Cie Veiligheid, Bestuur en Financiën

Geagendeerd

Vergaderdatum

Adviescommissie Controle en

5 juni 2025

Financiën Voorgesteld besluit

Voorstel aan de gemeenteraad

Jaarstukken 2024 Beleidsveld Organisatieonderdeel Opsteller Kenmerk Vergaderdatum Raad Referendabel Geheim

Financiën Bedrijfsvoerings- en Strategienetwerk Simcha Anker 30268390 volgt Nee (artikel 1 lid 2 onder e Verordening raadgevend referendum) Ja, een of meer bijlage(n)

Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor te besluiten: 1.

De Jaarstukken 2024 vast te stellen en het college décharge te verlenen.

2. Het positieve jaarrekeningresultaat 32,6 miljoen euro toe te voegen aan de algemene dekkingsreserve en verdere besluitvorming hierover te betrekken bij het voorstel Resultaatbestemming 2024. 3. De bovengrens van onderstaande reserves bij de jaarrekening 2024 te verhogen: a. Reserve Gebruikersinvesteringen culturele voorziening Leidsche Rijn: maximale hoogte te verhogen van 2,5 miljoen euro naar 5,4 miljoen euro b. Reserve ICT Investeringsprogramma: maximale hoogte eenmalig voor één jaar te verhogen van 10 miljoen euro naar 13,696 miljoen euro: c. Egalisatiereserve bouwleges: maximale hoogte eenmalig te verhogen van 2,3 miljoen euro naar 4,872 miljoen euro 4. De financiële effecten van het opheffen van onderstaande reserves te betrekken bij de integrale afweging bij de Voorjaarsnota 2025. a. Revolverend fonds woningrenovatie b. Reserve energiemaatregelen Utrechtse scholen c. Reserve geactiveerde investeringen vastgoed (onderdeel vaste activa reserve): d. Reserve revolverend fonds jongeren schulden 5. De reserve onderhoud en kapitaallasten BSO te handhaven ondanks het feit dat deze reserve gedurende vier opeenvolgende jaren niet gebruikt is.

Burgemeester en wethouders van Utrecht,

de secretaris,

de burgemeester,

Geheimhouding Het college heeft permanente geheimhouding opgelegd op de bijlagen ‘Investeringsstaten bij de Jaarstukken 2024’ op grond van artikel 87 Gemeentewet om redenen genoemd in artikel 5.1 lid 2 sub b van de Wet open overheid. In de investeringsstaten staan gespecificeerde bedragen voor investeringen voor de diverse programma’s. Openbaarheid van de bedragen kan bij lopende en nieuwe aanbestedingen de gemeentelijke financiële belangen raken. Marktpartijen kunnen deze informatie strategisch gebruiken bij het uitbrengen van offertes en voeren van onderhandelingen.

2

Samenvatting Het college legt aan de raad over ieder begrotingsjaar verantwoording af over het door hen gevoerde bestuur door middel van het overleggen van de Jaarstukken. Met dit voorstel stelt u de Jaarstukken 2024 vast en verleent u het college décharge voor het gevoerde beleid en besluit u het resultaat 2024 toe te voegen aan de Algemene dekkingsreserve en te betrekken bij de resultaatbestemming 2024. Na vaststelling van deze stukken sturen wij deze naar de Provincie Utrecht.

Context Aanleiding De Jaarstukken bestaan uit het jaarverslag en de jaarrekening. Bij het maken van de Jaarstukken volgt de gemeente de regelgeving en richtlijnen van het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV) en de financiële verordeningen. In de jaarstukken laat de gemeente zien wat in 2024 is bereikt, wat de gemeente daarvoor heeft gedaan en wat dat heeft gekost. Het college geeft ook een rechtmatigheidsverantwoording af. Deze verantwoording is opgesteld overeenkomstig de richtlijnen van de commissie BBV. Het resultaat van de rechtmatigheidscontrole, is dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten, lasten en de balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor door de raad gestelde grens. Na besluitvorming over de Jaarrekening 2024 vindt apart besluitvorming over de resultaatbestemming plaats. Voor een deel van het resultaat 2024 geldt dat deze incidentele middelen beschikbaar moeten blijven voor het eerder bestemde doel, omdat hier een specifieke bestedingsplicht tegenover staat. Alle extra detailinformatie, zoals onder andere per programma een financieel overzicht per doelstelling of de oorsprong en de toelichting van de indicatoren, is niet opgenomen in de pdf-versie, maar is terug te vinden in de onlineversie van de Jaarstukken.

Vorig jaar is de eerste Programmabegroting nieuwe stijl opgesteld met als doel kernachtiger de ambities te verwoorden. In overleg met de accountant en de raad is gekomen tot deze opzet om zo de leesbaarheid te vergroten, zodat de raad beter in staat moet worden gesteld om haar controlerende rol uit te voeren. De wijze van rapporteren (per programma de hoofdaken en later de bijzaken) vormt hierbij wel een dilemma. De mogelijkheid om beleid dat conform begroting is gerealiseerd met de raad te delen wordt hierdoor beperkt. In de voorliggende Jaarstukken is ervoor gekozen om het volledige beeld met de raad te delen, inclusief de realisatie van de beleidsvoornemens uit de Programmabegroting 2024. Het kan een keuze zijn om hiervan af te zien en alleen die activiteiten te benoemen, die anders zijn verlopen of ten opzichte van de Programmabegroting 2024 nieuw zijn. Juridische context De gemeenteraad is bevoegd de gemeentelijke Jaarstukken vast te stellen. Provincies hebben de wettelijke taak om financieel toezicht te houden op gemeenten. Beslistermijn De Jaarstukken 2024 dienen vóór 15 juli 2024 bij de provincie te worden aangeleverd. Beoogd effect De functie van de jaarstukken is vooral gelegen in verantwoording, controle en décharge. Met het voorleggen van de jaarstukken en het geven van toelichtingen daarbij legt het college verantwoording af over het gevoerde beleid.

De jaarstukken bieden de gemeenteraad de gelegenheid haar controlerende taak uit te voeren. De raad kan op grond van art. 199 Gemeentewet overgaan tot décharge van de leden van het college ten aanzien van het gevoerde financiële beleid. Eerdere besluitvorming en informatievoorziening aan de raad Programmabegroting 2024; 9 november 2023 Voorjaarsnota 2024 / Eerste Bestuursrapportage 2024; 11 juli 2024 Tweede Bestuursrapportage 2024; 7 november 2024 Eindejaarswijziging Programmabegroting 2024; 12 december 2024

3

Beslispunten, Argumenten en Kanttekeningen/Risico’s Beslispunt 1

De Jaarstukken 2024 vast te stellen en het college décharge te verlenen.

Argumenten 1.1

Met de Jaarstukken 2024 legt het college verantwoording af over de uitvoering van de programmabegroting 2024 In de Programmabegroting 2024 staat wat de gemeente wilde bereiken in 2024 en wat de gemeente/het college daarvoor zou gaan doen met de bijbehorende financiële kaders. Tijdens het begrotingsjaar heeft het college de raad geïnformeerd over de voortgang in de Eerste Bestuursrapportage 2024 en de Tweede Bestuursrapportage 2024. Verder heeft het college een eindejaarswijziging Programmabegroting 2024 medio december aan de raad ter besluitvorming voorgelegd. De begroting 2024 is op basis van de rapportages en de eindejaarswijziging aangepast. Met de Jaarstukken 2024 legt het college verantwoording af en laat het zien wat de gemeente in 2024 heeft bereikt, wat de gemeente daarvoor heeft gedaan en wat dat heeft gekost.

Beslispunt 2

Het positieve jaarrekeningresultaat toe te voegen aan de algemene dekkingsreserve en verdere besluitvorming hierover te betrekken bij het voorstel Resultaatbestemming 2024.

Argumenten 2.1

Beslispunt 3

3.1

Een deel van het resultaat 2024 bestaat uit posten waar een specifieke bestedingsplicht tegenover staat of reeds verplichtingen voor zijn aangegaan. Diverse projecten zijn niet conform ambitie c.q. gestelde doelen gerealiseerd. Dit is onder andere veroorzaakt door onvoldoende beschikbare capaciteit door de krappe arbeidsmarkt. Te denken valt hierbij aan diverse projecten binnen bereikbaarheid, onderwijs, openbare ruimte en ICT-projecten. Daarnaast zorgt bijvoorbeeld een vertraging in de besluitvorming voor het later aanvangen van activiteiten. Hierdoor is het daarvoor bestemde budget niet volledig besteed in 2024. Deze projecten verschuiven naar 2025 waardoor deze budgetten alsnog noodzakelijk zijn.

De bovengrens van onderstaande reserves bij de jaarrekening 2024 te verhogen: a. Reserve Gebruikersinvesteringen culturele voorziening Leidsche Rijn: de maximale hoogte te verhogen van 2,5 miljoen euro naar 5,4 miljoen euro b. Reserve ICT Investeringsprogramma: de maximale hoogte eenmalig voor één jaar te verhogen van 10 miljoen euro naar 13,7 miljoen euro: c. Egalisatiereserve bouwleges: de maximale hoogte eenmalig te verhogen van 2,3 miljoen euro naar 4,872 miljoen euro. Met de ophoging van de bovengrens wordt de Reserve Gebruikersinvesteringen culturele voorziening Leidsche Rijn in lijn gebracht met de verwachte uitgaven Door de raad is voor de reserve Gebruikersinvesteringen culturele voorziening Leidsche Rijn een bovengrens (de maximale hoogte) ingesteld van 2,5 miljoen euro. Om de reserve in lijn te brengen met de geraamde gebruikersinvesteringen voor de culturele voorziening in Leidsche Rijn is een verhoging van de bovengrens nodig naar 5,4 miljoen euro. Volgens de huidige planning wordt de culturele voorziening in 2028 opgeleverd, de verwachting is dat dan ook (het grootste deel 4

van) de reserve wordt aangesproken. 3.2

3.3

3.4

Beslispunt 4

4.1

Beslispunt 5 5.

5.1

Met de eenmalige ophoging van de bovengrens kunnen de gelden voor de vertraagde activiteiten gereserveerd blijven in de egalisatiereserve ICT Door de raad is voor de egalisatiereserve ICT Investeringsprogramma een bovengrens ingesteld van 10 miljoen euro. Door uiteenlopende redenen heeft er een verschuiving in de uitgaven van het ICT-budget plaatsgevonden van 2024 naar 2025. Door de hogere storting van dit resterend budget in 2024 overschrijdt de reserve incidenteel de bovengrens. De storting in de reserve maakt het mogelijk dat de verschoven activiteiten alsnog kunnen plaatsvinden. Met het eenmalig verhogen van de bovengrens van de Egalisatiereserve bouwleges bij de Jaarrekening 2024 kan het surplus meegenomen worden in de integrale afweging bij de Voorjaarsnota 2025 Door de raad is voor de Egalisatiereserve bouwleges een bovengrens ingesteld van 2,3 miljoen euro. Het saldo van de Egalisatiereserve bouwleges bedraagt per 31 december 2024 4,872 miljoen euro. Vooralsnog is dit toegevoegd, maar dit bedrag wordt meegenomen bij de integrale afweging bij de Voorjaarsnota 2025. Met het (eenmalig) verhogen van de bovengrenzen van de genoemde reserves voldoen we aan de nota reserves De nota reserves geeft aan dat bij het instellen van een bestemmingsreserve de maximale omvang van de reserve wordt bepaald.

Via het besluit dat hier nu voor ligt worden van de bovenstaande reserves de maximale hoogte (incidenteel c.q. structureel) opgehoogd. Bij de voorjaarsnota 2025 is er extra aandacht voor de reserves, dit omdat dan er opnieuw een brede integrale afweging plaatsvindt. Het kan zijn dat het financieel noodzakelijk is om toch een ophoging terug te draaien.

De financiële effecten van het opheffen van onderstaande reserves te betrekken bij de integrale afweging van bij de Voorjaarsnota 2025. a. Revolverend fonds woningrenovatie b. Reserve energiemaatregelen Utrechtse scholen c. Reserve geactiveerde investeringen vastgoed (onderdeel vaste activa reserve): d. Reserve revolverend fonds jongeren schulden

Met het meenemen van de in dit beslispunt genoemde reserves naar 2025 wijken we af van de nota reserves De nota reserves geeft aan dat indien een bestemmingsreserve gedurende vier opeenvolgende jaren niet is gebruikt, de reserve na afloop automatisch wordt opgeheven, tenzij de raad opnieuw besluit om de reserve langer aan te houden. In afwijking van deze nota wordt hier voorgesteld om deze reserves niet bij de jaarrekening op te heffen, maar bij de voorjaarsnota 2025. De reden hiervoor is dat op dat moment een brede integrale afweging plaatsvindt, dit in tegenstelling tot de jaarrekening waar met name voornamelijk wordt gereflecteerd naar 2024 en de activiteiten en risico's die gekoppeld zijn aan 2024.

De reserve onderhoud en kapitaallasten BSO te handhaven ondanks het feit dat deze reserve gedurende vier opeenvolgende jaren niet gebruikt is. De Reserve onderhoud en kapitaallasten BSO is een systeemreserve die gelet op de aard van de reserve gehandhaafd moet blijven. De nota reserves geeft aan dat indien een bestemmingsreserve gedurende vier opeenvolgende jaren niet is gebruikt, de reserve na afloop automatisch wordt opgeheven, tenzij de raad opnieuw besluit om de reserve langer aan te houden. 5

Financiën De Jaarrekening 2024 heeft een voordelig resultaat van 32,6 miljoen euro. De belangrijkste voordelen bestaan uit de meeropbrengsten OZB-woningen en niet woningen uit voorgaande jaren, de vrijval van een aantal stelposten als bijvoorbeeld de stelpost loon-en prijscompensatie en de productiviteitsnorm, het positieve financieringsresultaat, de nacalculatie september-en decembercirculaire Gemeentefonds, de ontvangsten van de SPUK-woonplaatsbeginsel en proeftuin waar in de begroting geen rekening mee gehouden was. Dit voordeel wordt gedempt door de hogere onderhoudskosten (dan begroot) bij wegen; civiele constructies buitensportaccomodaties, parkeergarages, onderhuisvesting, sport-en ander vastgoed. De eenmalige afschrijving grondstoffendepot (om zo te voldoen aan BBV-wetgeving) en de riolering (waarbij de uitgaven afwijken qua indexering ten opzichte van de gemeentelijke uitgangspunten) zorgen beide eveneens voor een verslechtering.

Vervolg Na vaststelling van de Jaarstukken 2024 zenden wij deze stukken naar de Provincie.

Samen stad maken (voorheen: Participatie) ‘Gemeente aan zet’ is van toepassing, er is niet samengewerkt met Utrechters voor dit voorstel.

Communicatie De Jaarstukken 2024 en bewonerssamenvatting worden online gepubliceerd.

Niet Referendabel De Verordening raadgevend referendum gemeente Utrecht is niet van toepassing omdat dit een raadsvoorstel betreft over de vaststelling van de gemeentelijke rekening (artikel 1:2 lid 2 onder e Verordening raadgevend referendum gemeente Utrecht).

Bijlagen Bijlagen besluitvorming - Jaarstukken 2024 Bijlagen informatief - Bewonerssamenvatting 2024 - GEHEIM Investeringsstaten bij Jaarstukken 2024 - Subsidiemonitor

6

Jaarstukken 2024

Utrecht.nl

Inhoudsopgave Inhoudsopgave ........................................................................................................................................ 2 Algemeen................................................................................................................................................. 4 Hoofdlijn ................................................................................................................................................. 11 Programma's ......................................................................................................................................... 23 Betrouwbare overheid ....................................................................................................................... 24 Ontwikkelen en wonen voor iedereen ............................................................................................... 39 Klimaatvriendelijke stad ..................................................................................................................... 60 Duurzame bereikbaarheid ................................................................................................................. 71 Aantrekkelijke, groene leefomgeving & erfgoed ................................................................................

90 Veilige stad ...................................................................................................................................... 126 Passende ondersteuning en opvang ............................................................................................... 143 Werk, toekomstbestendige economie en bestaanszekerheid ......................................................... 165 Kansrijk opgroeien ........................................................................................................................... 184 Levendige en gezonde stad ............................................................................................................ 221 Algemene middelen en overhead .................................................................................................... 273 Paragrafen ........................................................................................................................................... 280 Weerstandsvermogen en risicobeheersing ..................................................................................... 281 Financiering .....................................................................................................................................

293 Lokale heffingen .............................................................................................................................. 305 Verbonden partijen .......................................................................................................................... 312 Grondbeleid ..................................................................................................................................... 347 Onderhoud Kapitaalgoederen ......................................................................................................... 352 Investeringen ................................................................................................................................... 359 Vastgoed.......................................................................................................................................... 369 Bedrijfsvoering ................................................................................................................................. 375 Wet open overheid .......................................................................................................................... 388 Jaarrekening ........................................................................................................................................

390 Baten en Lasten .............................................................................................................................. 391 Toelichting overzicht baten en lasten .............................................................................................. 397 Balans .............................................................................................................................................. 428 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling........................................................................ 431 Toelichting op de balans .................................................................................................................. 438 Reserves.......................................................................................................................................... 477 Toelichting reserves ........................................................................................................................ 483 Voorzieningen .................................................................................................................................. 516

2

Toelichtingen voorzieningen ............................................................................................................ 519 Borgstellingen .................................................................................................................................. 526 Rechtmatigheidsverantwoording ..................................................................................................... 532 Begrotingsrechtmatigheid ................................................................................................................ 534 Herleiding EMU-saldo uit balans ..................................................................................................... 547 Kasstroomoverzicht ......................................................................................................................... 548 Verantwoordingsinformatie specifieke uitkeringen .......................................................................... 550 Taakvelden ...................................................................................................................................... 586 Bijlagen ................................................................................................................................................

596 Controleverklaring van de onafhankelijke accountant ..................................................................... 597 Externe subsidieprogramma's ......................................................................................................... 598 Bijlage kostendekkendheid Tarieven en Leges ............................................................................... 604 Verplichte BBV indicatoren .............................................................................................................. 619 Subsidies ......................................................................................................................................... 624 Subsidieverantwoording per doelstelling en ontvanger ................................................................... 656 Subsidieverantwoording per ontvanger ........................................................................................... 698 Voortgang uitvoering raadsbesluiten ............................................................................................... 727 Verklarende woordenlijst ................................................................................................................. 741

3

Algemeen

4

Samenstelling Bestuur Samenstelling gemeenteraad Stand per 31 december 2024 Zetelverdeling: 9 GroenLinks 8 D66 5 VVD 4 PvdA 3 CDA 3 Partij voor de Dieren 3 Volt 2 ChristenUnie 1 Student & Starter 1 BIJ1 1 DENK 1 EenUtrecht 1 Stadsbelang Utrecht 1 Utrecht Solidair 1 UtrechtNu! 1 Horizon

Samenstelling college van B en W Stand per 31 december 2024 Burgemeester Sharon Dijksma Portefeuille: Openbare Orde en Veiligheid (inclusief mensenhandel en drugscriminaliteit, Handhaving, Ombudszaken en Burgerzaken, Internationale Zaken en Regionale Samenwerking. Wethouder Linda Voortman (Eerste locoburgemeester) (GroenLinks) Portefeuille: Werk en Inkomen, WMO (Wet Maatschappelijke Ondersteuning) en Welzijn, Diversiteit en Inclusie, Grondzaken, Groen, Dierenwelzijn, Publieksdienstverlening. Wijkwethouder: West. Wethouder Eelco Eerenberg (D66) Portefeuille: Ruimtelijke Ordening, Onderwijs (inclusief onderwijshuisvesting, bibliotheek), Volksgezondheid, Drugs, Sekswerk, Ruimtelijke projecten ZuidKant: Groot Merwede (inclusief Merwedekanaalzone, Stationsgebied, Westraven, A12-zone), Rijnenburg. Wijkwethouder: Leidsche Rijn. Wethouder Dennis de Vries (PvdA) Portefeuille: Wonen en Volkshuisvesting, Jeugd en Jeugdzorg, Buurt- en wijkgericht werken, mbo, Vastgoed. Wijkwethouder: Zuidwest en Noordwest Wethouder Eva Oosters (Student & Starter) Portefeuille: Cultuur, Evenementen, Sport, Samen Stad Maken, Milieu en Emissieloos vervoer. Wijkwethouder: Binnenstad en Oost. Wethouder Rachel Streefland (ChristenUnie) Portefeuille: Asiel en Integratie, Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen, Samen voor Overvecht, Erfgoed (inclusief werven), Personeel en Organisatie.

Wijkwethouder: Overvecht. Wethouder Senna Maatoug (GroenLinks) Portefeuille: Mobiliteit, Energie en Klimaat, Ruimtelijke projecten: Lunetten-Koningsweg en Overvecht. Wijkwethouder: Vleuten-De Meern en Zuid. Wethouder Susanne Schilderman (D66) Portefeuille: Financiën (inclusief Belastingen, Control, Subsidies), Economische Zaken,

5

Samenstelling gemeenteraad Stand per 31 december 2024

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=b635ac76-fd7d-4abc-89ea-7da20b2fa1f3