Agendabundel
Tekst van het document
Als uitgangspunt hebben we het Utrechtse aandeel in het gemeentefonds genomen. Specifieke Uitkeringen (zoals klimaatakkoord) Er is nog niet bekend hoeveel middelen er beschikbaar komen voor bijvoorbeeld het klimaatakkoord. De verwachting is dat dit via specifieke uitkeringen gaat.
22
Groei van de stad Tabel: Groei van de stad (-/- nadelig saldo, +/+ voordelig saldo) Groei van de stad
2022
2023
2024
2025
2026
x € 1.000 Structureel
Gemeentefonds
-1.762
5.261
5.261
5.261
5.261
5.261
Belasting en heffingen
0
612
612
612
612
612
Toename OZB
0
688
688
688
688
688
Afdracht ondernemersfonds
0
-76
-76
-76
-76
-76
62
62
62
62
62
62
-1.700
5.935
5.935
5.935
5.935
5.935
Stelpost investeringsagenda groei Totaal Financiële ruimte
Groei van de stad (volumeontwikkelingen) Op basis van ramingen die de afdeling Onderzoek opstelt, worden de parameters van de algemene uitkering jaarlijks geactualiseerd bij de voorjaarsnota. We actualiseren het lopende jaar en ramen de groei voor het komende jaar. De groei voor het komend jaar trekken we structureel door. We ramen dus niet de groei voor de jaren t+2+3+4. We ramen immers ook niet de eventuele extra lasten die zich in de jaren t+2+3+4 gaan voordoen. Belastingen en heffingen Onroerendezaakbelasting (OZB) Met de groei van de stad neemt het bestand aan woningen en niet-woningen toe waarover onroerendezaakbelasting (OZB) wordt ontvangen. Door het uitbreiden van het woningenbestand is rekening gehouden met 0,688 miljoen euro extra opbrengsten als gevolg van een toegenomen areaal woningen en niet-woningen. Afdracht ondernemersfonds Conform de spelregels wordt 11% van de OZB-inkomsten aan het ondernemersfonds afgedragen. Stelpost investeringsagenda groei Er staan nog middelen ten aanzien van groei op een stelpost. Overige ontwikkelingen Naast de bovenstaande ontwikkelingen zijn er nog andere ontwikkelingen die invloed hebben op het financiële beeld. Tabel: Overige ontwikkelingen (-/- nadelig saldo, +/+ voordelig saldo) Overige ontwikkelingen
2022
2023
2024
2025
2026
x € 1.000 Structureel
Dividend
400
250
100
100
100
100
Rente
pm
pm
pm
pm
pm
pm
Stelposten
72
77
77
77
77
77
Erfpacht
-90
-90
-90
-90
-90
-90
Totaal beschikbare financiële ruimte
382
237
87
87
87
87
Dividend Het dividend laat een positief effect zien en dat zit bij BNG. Het resultaat van de bank herstelt zich, na een korte Corona-dip met externe dividendrestricties, sneller dan verwacht. Die restricties op het uitkeren van dividend zijn inmiddels ook al opgeheven. De dividendraming voor Vitens blijft de komende jaren gehandhaafd op nihil.
23
Rente Bij het opstellen van de begrotingen worden ramingen gemaakt van saldi van baten en lasten (exploitatie), investeringsuitgaven en grondexploitaties. De uitkomsten daarvan worden doorvertaald in een verwachte financieringsbehoefte en daarmee samenhangende externe rentelasten. Externe rentelasten vormen de basis voor de interne renteomslag zoals die op grond van bet Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) moet worden toegepast. Op grond van eerdere prognoses is de omslagrente met ingang van 2018 vastgesteld op 2% (was 4%). Met dit percentage is ook gerekend in de huidige meerjarenbegroting 2022-2025. Het renteresultaat is het verschil tussen de intern aan investeringen toegerekende rentelasten en de werkelijke externe rentelasten. Door het in sterke mate achterblijven van de externe rentelasten heeft ertoe geleid dat over 2021 het renteresultaat moest worden nagecalculeerd tegen 1,85%. Ofwel: het gehanteerde interne rentepercentage van 2% was te hoog en moest worden herrekend. Deze nacalculatie maakt het, samen met de reeds besloten verlaging van de omslagrente naar 1,5% met ingang van 2022, op dit moment lastig om ramingen voor renteresultaat te doen voor 2023 e.v. Nadere doorrekeningen worden gemaakt op basis van de nog vast te stellen balans 2021.
De boekwaarden van de investeringen van die balans zullen naar verwachting een beter houvast geven voor verdere meerjarige doorrekeningen van onder andere het interne renteresultaat. Stelposten Saldo van diverse stelposten. Erfpacht De producten van erfpacht dragen bij aan de gemeentebrede financiële ruimte. De opbrengsten uit deze producten zijn nauwelijks beïnvloedbaar omdat het initiatief tot het omzetten van erfpachtvoorwaarden of het uitgeven van een nieuw erfpacht buiten de gemeente ligt. In de Tweede Bestuursrapportage en in de Jaarstukken 2021 zijn incidentele opbrengsten verantwoord uit de conversie van erfpachtcontracten naar eeuwigdurende afkoop. Met deze conversie vervallen echter ook de structurele inkomsten in de vorm van de canons. De structurele inkomstendaling nemen we mee in de financiële ontwikkelingen. Deze omzetting geeft een structureel nadeel van 0,90 miljoen euro.
2.2 Onvermijdelijke kosten Corona scenario C Ontwikkelingen Corona scenario C sinds de begroting 2022 In de Programmabegroting 2022-2025 hebben we rekening gehouden met het effect wat de corona pandemie. Dit is op basis van de inschatting die wij in de zomer 2021 hebben gemaakt. De verwachte financiële effecten hebben wij bij de Begroting 2022 in beeld gebracht middels twee scenario’s (scenario C: basis, scenario D: somber). De onvermijdelijke coronakosten zijn opgenomen in scenario C en verwerkt in het financieel beeld. Inmiddels hebben diverse ontwikkelingen plaatsgevonden, zo was er wederom sprake van beperkende maatregelen en compensatie van het Rijk in december 2021.
Met als gevolg dat we de uitgangspunten van scenario C hebben aangepast naar: Startpunt is de situatie van begin december 2021 Vanaf het eerste kwartaal 2022 worden maatregelen vanuit het kabinet langzaam versoepeld, dat wil zeggen naar: Coronapas op veel locaties Daarbinnen geen verplichting tot 1,5 meter Daarbuiten is 1,5 meter een advies, geen verplichting Corona blijft in heel 2022 nog onder ons, maar de maatregelen worden wel steeds minder beperkend Vanaf het tweede kwartaal zien we de economie weer herstelt en een groei laat zien In deze tabel hebben we de financiële effecten uiteengezet van de actualisatie van de onvermijdelijke kosten voor het jaar 2022 ten opzichte van de Programmabegroting 2022. Bij de Tweede
24
Bestuursrapportage 2022 actualiseren we de uitgangspunten van scenario C en daarmee de onvermijdelijke kosten nog een keer naar de situatie op dat moment. De daadwerkelijk verwerking van de kosten in de Begroting 2022 vindt daarom ook pas plaats bij de Tweede Bestuursrapportage 2022. Dit is dezelfde werkwijze als in 2021.
Bijstelling budgetten onvermijdelijke kosten scenario C Wij hebben beging 2022 onze prognoses geactualiseerd voor de onvermijdelijke kosten scenario C. Hieronder lichten we de mutaties van de onvermijdelijke kosten Corona toe. Ten opzichte van de Begroting 2022 nemen de onvermijdelijke kosten Corona in totaal toe met een bedrag van 5,071 miljoen euro. Tabel: Samenvattend overzicht onvermijdelijke kosten scenario C (-/- nadelig saldo, +/+ voordelig saldo) Omschrijving Bijstelling scenario C Overige ontwikkelingen Totale bijstelling
x € 1.000 2024
2022
2023
-5.537
-5.310
466
940
1.085
-5.071
-4.370
1.085
Bijstelling scenario C (nadeel 5,536 miljoen euro) op diverse programma’s De aanpassing van scenario C leidt tot een nadeel op diverse programma’s van in totaal 5,536 miljoen euro. Bij de begroting 2022 gingen we ervan uit dat de coronapandemie vanaf medio 2021 beheersbaar zou zijn en er vanaf 1 november geen coronamaatregelen meer zouden komen. Dit scenario bleek te optimistisch en is daarom bijgesteld naar bovenstaande uitgangspunten met als gevolg dat ook de kosten zijn bijgesteld. De specifieke compensatie van het Rijk uit de september- en decembercirculaire zijn netto meegenomen op de beleidsprogramma’s/ Dat wil zeggen dat de verwachte extra kosten zijn verminderd met de toegezegde compensatie van het Rijk. Hieronder zijn de grootste bijstellingen als gevolg van scenario C toegelicht: Ondersteuning op maat (nadeel: 2022 1,700 miljoen euro en 2023 4,800 miljoen euro) In 2022 zijn extra locaties voor daklozenopvang geopend. Voor 2023 zijn extra kosten geraamd voor de boeggolf WMO en Jeugd. De pandemie en de maatregelen duren langer dan verwacht en we zien dat de extra vraag voor WMO en Jeugd erg hoog blijft.
Extra inzet blijft ook in 2023 daarom nodig om de extra/zwaardere zorgvraag op te vangen/te voorkomen Bewoners en bestuur (nadeel 2022 1,075 miljoen euro) De verwachting is dat ook in 2022 extra kosten zullen ontstaan door de opeenstapeling van de vraag naar onder andere reisdocumenten (boeggolf) als gevolg van de verlenging van de coronamaatregelen. Daarnaast leidt deze verlenging van de coronamaatregelen er ook toe dat er kosten zijn voor het "Thuisbezorgen van reisdocumenten" en meer inzet van personeel nodig is bij het Klant contact centrum. Volksgezondheid (nadeel: 2022 1,075 miljoen euro en 2023 0,575 miljoen euro De onderdelen psychische gezondheid en gezond ouder worden in Pakket 2.1 zijn opgehoogd en zullen waarschijnlijk doorlopen na 2022. Bij de Jeugdgezondheidszorg locaties leidt de 1,5 meter maatregel en het 1-ouder beleid tot extra personele inzet. Het 1-ouder beleid betekent dat er maar één ouder mee naar binnen mag. Er is extra inhuur van personeel voor doorgang van activiteiten doordat medewerkers door corona-activiteiten niet/ minder beschikbaar zijn. Verder is er een werkgroep die zich bezighoudt met corona vaccinaties.
25
Overige bijstellingen (voordeel 0,466 miljoen euro) Naast de bijstelling van het scenario C, zijn ook een aantal budgetten bijgesteld voor de onvermijdelijke corona kosten. Deze worden hieronder toegelicht.
26
Ruimtelijke ontwikkeling, Wonen en Erfgoed (voordeel 0,553 miljoen euro) De inkomstenderving voor de bouwvergunningen worden bepaald door Pfas en stikstofmaatregelen, haperende aanvoerketen in de bouw en corona-effecten. Het is niet exact aan te geven of en zo ja welk deel van de inkomstenderving komt door de coronamaatregelen. Daarom brengen we het bedrag in de begroting terug naar nul.
Bereikbaarheid (voordeel 0,720 miljoen euro) Bij de actualisatie van de onvermijdelijke kosten gaan we ervan uit dat de inkomstenderving voor parkeren toch nog gecompenseerd zal worden vanuit het rijk. Daarom brengen we het bedrag in de begroting terug naar nul.
Openbare ruimte en groen (nadeel: 2022 0,429 miljoen euro, 2023 0,235 miljoen euro en 2024 0,185 miljoen euro) De werkzaamheden voor de ventilatie van de gebouwen van stadsbedrijven is uitgesteld van 2021 naar 2022 (nadeel 0,560 miljoen euro). Daarnaast kan als gevolg van nieuwe afspraken met reclame-exploitanten de inkomstenderving beperkt worden (voordeel 0,131 miljoen euro).
Werk & Inkomen (voordeel: 2022 1,700 miljoen euro, 2023 1,850 miljoen euro en 2024 0,900 miljoen euro) De grote stijging in de bijstand door Corona is uitgebleven, op basis van de huidige CPBprognoses verwachten we in 2022 geen sterke stijging en bijbehorende uitvoeringskosten (voordeel 0,9 miljoen euro). De incasso van TOZO loopt beter dan eerder gedacht en eventuele extra kosten worden opgevangen binnen het uitvoeringsbudget TOZO (voordeel 0,5 miljoen euro). De verwachte stijging van armoede en schulden door corona is tot nu toe beperkt en wordt deels ondervangen in werkpakket 2, daarom verlagen we deze kosten in 2022 (voordeel 0,3 miljoen euro).
Veiligheid (nadeel 2022 en 2023 1,145 miljoen euro) Begin 2022 was door Corona en de nasleep ervan een toename van openbare orde problematiek (zoals dreigingen, rellen, demonstraties en crowdproblematiek). De problematiek nam niet alleen toe, maar was ook complexer. Daarom was het noodzakelijk om extra adviseurs openbare orde en juristen in te zetten. Bij de tweede bestuursrapportage zullen we bezien in hoeverre dit nadeel al dan niet kan worden bijgesteld.
Overhead (nadeel 0,933 miljoen euro) Om werken op kantoor en thuis mogelijk te maken en daarmee samenhangende voorzieningen zoals extra schoonmaak worden meer kosten gemaakt. Daarnaast zijn er extra kosten in verband met capaciteit voor crisiscommunicatie en afhandeling van bezwaarschriften als gevolg van de tijdelijke regelingen.
Recapitulatie onvermijdelijke kosten scenario C per programma Tabel: Totaal Overige ontwikkelingen (-/- nadelig saldo, +/+ voordelig saldo) x € 1.000 Programma
Begroting 2022 2022 2023 2024
Actualisatie 2022 2022 2023 2024
2022
Saldo 2023
2024
Bewoners en bestuur Ruimtelijke ontwikkeling, Wonen en Erfgoed
-
-
-
-1.075
-
-
-1.075
-
-
-553
-
-
-400
-
-
153
-
-
Bereikbaarheid
-720
-
-
-400
-
-
320
-
-
Duurzaamheid Openbare ruimte en groen
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-585
-235
-185
-
-
-995
235
185
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-900
-700
-
1.700
1.850
900
-
-
-
-
-
-
Economie & Werkgelegenheid voor iedereen Werk en Inkomen Onderwijs Ondersteuning op maat
-2.400 -3.250 -
-
-1.400 -
-
-12.100
-8.000
-
-1.700 -4.800
-
Volksgezondheid
-
-
-
-1.075
-510
-
-1.075
-510
-
Veiligheid
-
-
-
-1.465
-1.145
-
-1.465 -1.145
-
Cultuur Samenleven en sport
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Vastgoed Algemene middelen
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-978
-
-
-978
-
-
-
-
-
-459
-
-
-1.392
-
-
-933
-
Overhead
-10.400 -3.200
-1.580
-16.095 -6.685 -1.085
-21.165 -11.055
0
-5.071 -4.370
1.085
27
2.3 Knelpunten en meevallers In dit hoofdstuk zijn de knelpunten en meevallers opgenomen. Een knelpunt moet voldoen aan drie criteria: ze moeten onvermijdelijk zijn (bijsturen is niet mogelijk), onuitstelbaar (niet verschuifbaar in de tijd) en onoplosbaar (niet binnen bestaande budgetten op te vangen). In onderstaande tabel laten wij per programma de verwachte afwijking in de begroting zien. De afwijkingen ten opzichte van de actuele Begroting 2022 leiden tot het verwachte saldo bij de Verantwoording 2022. Dit beeld is exclusief bestedings- en dekkingsvoorstellen en exclusief de grondexploitaties. Tabel: Knelpunten en meevallers (-/- nadelig saldo, +/+ voordelig saldo Omschrijving Bewoners en Bestuur Ruimtelijke Ontwikkeling, Wonen en Erfgoed
2022
x € 1.000 2025 2026
2023
2024
-1.776 -2.367
-2.367
-2.367
-2.367
-415 -3.333
-3.878
-3.765
-7.935
Bereikbaarheid
-
-
-
-
-
Duurzaamheid
-
-
-
-
-
-675
-217
-2.217
-2.677
-4.087
-
-
-
-
-
Werk en inkomen
3.600
1.200
1.200
1.200
1.200
Onderwijs
-1.850 -3.550
-1.950
-2.650
-1.450
Ondersteuning op Maat
-2.500 -8.600 -10.000
Openbare Ruimte en Groen Economie en werkgelegenheid voor iedereen
-8.600 -10.600
Volksgezondheid
-50
-50
-50
-50
-50
Veiligheid
-330
-468
-448
-448
-448
Cultuur
-
-
-
-
-
Samenleven en Sport
-65
-130
-195
-250
-315
Utrechts Vastgoed
-4.910 -4.910
-4.910
-345
-345
Algemene middelen
-3.250
-
-
-
Overhead
-6.052 -10.396 -11.429 -10.813
Totaal Hierna worden de afwijkingen per programma toegelicht.
28
-
-9.717
-18.273 -32.821 -36.243 -30.765 -36.114
Bewoners en Bestuur Omschrijving
2022
2023
2024
2025
x € 1.000 2026
Consequenties CAO-aanpassing 2022 voor Inhuur
-180
-180
-180
-180
-180
Basis op orde bedrijfsvoering lokale democratie
-50
-475
-475
-475
-475
Extra lasten burgerzaken door verandering
-275
-275
-275
-275
-275
-204
-270
-270
-270
-270
Verkiezingen in de toekomst
-1.067
-1.167
-1.167
-1.167
-1.167
Totaal
-1.776
-2.367
-2.367
-2.367
-2.367
samenstelling populatie bevolking Uitbreiding fractiebijdrage door meer fracties
Consequenties CAO-aanpassing 2022 voor Inhuur De vakbonden en werkgevers hebben een principeakkoord bereikt over de nieuwe CAO. Naar verwachting wordt deze nieuwe CAO in 2022 met terugwerkende kracht naar 1-1-2021 vastgesteld. De impact van de verhoging van het minimumloon zal voor de inhuur van uitvoerende functies een grotere impact hebben dan de rest van het in concept afgesproken pakket. Basis op orde bedrijfsvoering lokale democratie De capaciteit van de griffie en de vaste fractiebijdrage worden op orde gebracht met deze uitbreiding. Extra lasten burgerzaken door verandering samenstelling populatie bevolking De stad groeit, het aantal inwoners groeit. Deze groei is niet ‘recht evenredig’, het aantal mensen van niet Nederlandse afkomst groeit harder dan die van Nederlandse afkomst. Voor burgerzaken betekent dit dat de gemiddelde ‘doorlooptijd’ van producten en diensten toeneemt. De formele voorbereidingen voor een huwelijk tussen iemand uit Eritrea en iemand uit Iran is veel bewerkelijker. Idem voor geboorteaangifte, de overlijdensakte etcetera. Ook voor het KCC heeft dit effect; inwoners met lagere taalvaardigheid en (gemiddeld) minder inzicht in het functioneren van de gemeente/ de overheid hebben gemiddeld een langere interactie met het KCC. Dit vraagt om uitbreiding van de personele inzet, om de wachttijden niet op te laten lopen.
Uitbreiding fractiebijdrage door meer fracties Er zitten momenteel twaalf fracties in de gemeenteraad. Bij de recente gemeenteraadsverkiezingen drie partijen bijgekomen. Alle fracties hebben volgens de Verordening op de financiële bijdrage aan fracties recht op een subsidie ter dekking van hun kosten. Voor 2022 betekent dat (3 maal 0,068 miljoen euro) aan extra kosten en vanaf 2023 (drie maal 0,090 miljoen euro). Verkiezingen in de toekomst We verwachten ook dit jaar een tekort op het huidige beschikbare budget voor verkiezingen. Om verkiezingen ook in de toekomst betrouwbaar en veilig te kunnen blijven organiseren is het belangrijk hier een robuust team neer te zetten. Ook is er voldoende budget nodig voor ontwikkelingen zoals toegankelijkheid, hogere vergoedingen voor (plaatsvervangende) voorzitters, aanbestedingen en meerkosten voor onder andere ICT, materialen en communicatie ten opzichte van 2019 (de situatie voor corona).
29
Ruimtelijke ontwikkeling, Wonen en Erfgoed 2022
2023
2024
2025
x € 1.000 2026
0
-770
-770
-770
-5.270
Invoering Omgevingswet
0
-620
-420
-320
-320
Landelijk Digitaal stelsel Omgevingswet
0
0
-300
-300
0
Omgevingsplannen: Voortzetting werkzaamheden
0
0
-350
-350
-350
Omgevingsplannen: Werken met omgevingsplan
-150
-150
-210
-210
-180
Overdragen (basis)taken naar
-65
-103
-138
-125
-125
-200
-400
-400
-400
-400
0
-1.290
-1.290
-1.290
-1.290
-415
-3.333
-3.878
-3.765
-7.935
Omschrijving Afdracht Grondexploitatie Leidsche Rijn en Stationsgebied
om te voldoen aan wettelijke vereisten per 2030
gemeenschappelijke regeling Regionale Uitvoeringsdienst (RUD) Ruimtelijk economisch programma (REP)Integraal ruimtelijk perspectief (IRP) Wet Kwaliteitsborging Bouw: Voldoen aan wettelijk minimum Totaal
Afdracht Gondexploitatie Leidsche Rijn en Stationsgebied De Grexen Leidsche Rijn en Stationsgebied lopen af. Daardoor kan de afdracht algemene middelen niet meer plaatsvinden. Voor het stationsgebied is dit vanaf 2023 een bedrag van 0,770 miljoen euro en voor het gebied Leidsche Rijn 4,5 miljoen euro vanaf 2026. Invoering Omgevingswet Per 1 januari 2023 treedt de Omgevingswet in werking. De komst van deze wet zorgt er voor dat een deel van de werkzaamheden (toezicht, beleidsondersteuning) niet ondergebracht kunnen worden onder de leges en zorgt voor extra lasten. Daarnaast hebben we bij de vergunningverlening tijdelijk met twee wettelijke regimes te maken, wat zorgt voor frictiekosten. Landelijk Digitaal stelsel Omgevingswet De invoering van het landelijke Digitaal stelsel omgevingswet (DSO) brengt kosten met zich mee voor de implementatie binnen gemeente Utrecht om hiermee te werken. Omgevingsplannen: Voortzetting werkzaamheden om te voldoen aan wettelijke vereisten per 2030 In het omgevingsplan worden ongeveer 300 bestemmingsplannen, verordeningen en regelingen geïntegreerd; in 2020 hebben we enkele daarvan geïntegreerd. Naast al deze regels komen er ook voormalige rijksregels in het omgevingsplan. In 2030 moeten we alle omgevingsplannen gereed hebben.
Naast het weghalen van tegenstrijdige en overbodige regels, moeten de nieuwe regels voldoen aan de eisen van de wet dus digitaal, locatiegebonden en activiteitgericht zijn. Ook zijn alle nieuwe regels verbonden aan beleid uit de omgevingsvisie. Omgevingsplannen: Werken met omgevingsplan Het werken met omgevingsplannen vraagt om structureel meer capaciteit en zal leiden tot structurele hogere licentiekosten van de software. Het betreft capaciteit voor het beheer van toepasbare regels (beslisbomen voor specifieke aanvragen up to date houden in het systeem voor de aanvragers) en er is regie nodig op de wijziging van de omgevingsplannen omdat dit onder de Omgevingswet een continu proces is (meerdere keren per jaar moeten wijzigingen worden doorgevoerd) in plaats zoals nu verplicht na een bepaalde periode. Ook blijkt uit onderzoek naar de uitvoeringskosten van de Omgevingswet dat het beheer hiervan meer tijd kost.
30
Ruimtelijk economisch programma (REP)-Integraal ruimtelijk perspectief (IRP) Coördinatie en afstemming van de Utrechtse bijdrage aan het REP en jaarlijks afdracht aan de U10organisatie ten behoeve van bekostiging van de U10-projectorganisatie. Overdragen (basis)taken naar gemeenschappelijke regeling Regionale Uitvoeringsdienst (RUD) In verband met de wettelijke verplichte overdracht van de bodemtaken van de provincie naar de gemeenten, stijgt het relatieve aandeel van de gemeente Utrecht binnen de gemeenschappelijke regeling van de RUD. Daarnaast moeten de gemeentelijke asbesttaken overgedragen worden aan de RUD, dit kan niet volledig budgettair neutraal plaatsvinden. Wet Kwaliteitsborging Bouw: Voldoen aan wettelijk minimum Per 1 juli 2022 treedt de Wet Kwaliteitsborging Bouw in werking. Deze wet heeft als doel de bouwkwaliteit en het bouwtoezicht te verbeteren door inschakeling van private kwaliteitsborgers. Concreet betekent de invoering van de wet dat het deel van het technisch bouwbesluit dat nu door de gemeente wordt getoetst zal worden uitgevoerd door een externe private partij. De gemeente blijft bevoegd gezag. Door het van kracht worden van de Wet per 1 juli 2022 ontstaan nieuwe activiteiten voor de gemeente als bevoegd gezag die moeten worden uitgevoerd. Er zijn extra kosten te verwachten doordat er meer toezicht en handhaving zal plaats vinden.
Deze activiteiten kunnen niet gedekt worden uit de legesinkomsten, waardoor een beroep gedaan moet worden op de algemene middelen. De geraamde kosten zijn gebaseerd op het wettelijk minimum dat de gemeente op basis van nieuwe wetgeving moet uitvoeren. In de berekening is rekening gehouden met de structurele compensatie van het Rijk.
Openbare ruimte en groen Omschrijving
2022
2023
2024
2025
x € 1.000 2026
Consequenties CAO-aanpassing 2022 en verder
-115
-115
-115
-115
-115
Extreme prijsstijgingen groen onderhoud
-135
0
0
0
0
Extreme prijsstijgingen specialistisch reinigen
-268
0
0
0
0
Extreme prijsstijgingen verwijderen olie- en
-55
0
0
0
0
0
0
0
0
-950
-102
-102
-102
-102
-102
0
0
-2.000
-2.460
-2.920
-2.217
-2.677
-4.087
voor Inhuur
vetsporen Nota beheer openbare ruimte: Naoorlogse wijken Onderhoud en beheerkosten openbare ruimte: Wisselspoorterrein fase 1 Uitbreiding uitvoeringsprogramma Wervengebied Totaal
-675
-217
Consequenties CAO-aanpassing 2022 en verder voor Inhuur De vakbonden en werkgevers hebben een principeakkoord bereikt over de nieuwe CAO. Naar verwachting wordt deze nieuwe CAO in 2022 met terugwerkende kracht naar 1-1-2021 vastgesteld. De impact van de verhoging van het minimumloon zal voor de inhuur van uit. Extreme prijsstijgingen specialistisch reinigen We hebben te maken met extreme prijsstijgingen wat betreft het schoonhouden van de diverse toiletvoorzieningen in de stad, zoals vaste toiletvoorzieningen, uriliften, plaszuilen en het reinigen van de stegen en de plasplekken in de Binnenstad. In de Nota ‘Utrecht op z’n gemak’ is opgenomen dat er binnen een straal van 250 meter een toiletvoorziening aanwezig dient te zijn. Vanuit deze nota zijn er recentelijk vaste toiletvoorzieningen in de openbare ruimte bijgekomen. De jaarlijkse kosten laten ten opzichte van het huidige hiervoor beschikbare budget een kostenstijging zien van ruim 200%, los van de kostenstijging door de uitbreiding van de toiletvoorzieningen. Het is niet mogelijk om op korte termijn deze kosten te beperken. Op de middellange termijn is het mogelijk om andere keuzes te maken, zoals het sluiten van toiletvoorzieningen, het opheffen van plaszuilen en het minder vaak schoonmaken van
31
stegen en plasplekken. De stegen en plasplekken in de binnenstad zullen vervuilen en niet meer voldoen aan het met de raad afgesproken kwaliteitsniveau met betrekking tot schoon. Het sluiten van nieuwe toiletvoorzieningen leidt tot kapitaalvernietiging. Extreme prijsstijgingen verwijderen olie- en vetsporen We hebben te maken met extreme prijsstijgingen wat betreft de diverse werkzaamheden voor het verwijderen van olie- en vetsporen, dit zijn substantieel hogere prijzen. De jaarlijkse kosten laten ten opzichte van het huidige hiervoor beschikbare budget een kostenstijging zien van 80%. Het verwijderen van olie- en vetsporen zijn activiteiten die we vanuit veiligheid verplicht zijn om uit te voeren. We hebben niet de keuze om dit niet te doen. Extreme prijsstijgingen groen onderhoud We hebben te maken met extreme prijsstijgingen wat betreft de diverse werkzaamheden voor het groenonderhoud. De jaarlijkse kosten laten ten opzichte van het huidige hiervoor beschikbare budget een kostenstijging zien van 130%. Het betreft groenwerkzaamheden in de openbare ruimte, zoals het snoeien van bomen en struiken. Vanuit veiligheid in de openbare ruimte zijn we verplicht deze werkzaamheden uit te voeren. Nota beheer openbare ruimte: Naoorlogse wijken In de financiële strategie, zoals beschreven in de Nota Beheer Openbare Ruimte, is een knelpunt ‘op termijn’ benoemd.
Beginnend in 2025, het laatste jaar van de meerjarenbegroting, is er cumulatief structureel jaarlijks oplopend 0,95 miljoen euro nodig voor het beheer en onderhoud van de openbare ruimte om de toenemende onderhouds- en vervangingsinspanning in de naoorlogse wijken "het hoofd te kunnen bieden" en het achterstallig onderhoud weg te werken Onderhoud en beheerkosten openbare ruimte: Wisselspoorterrein fase 1 Diverse projecten voor Eind 2021 is de ontwikkeling van fase één van het werkspoorterrein afgerond. Dit gebied betreft nieuw areaal en wordt nu overgedragen aan de beheerorganisatie. Uitbreiding uitvoeringsprogramma Wervengebied In het uitvoeringsprogramma "Werk aan de werf" wordt rekening gehouden met de meest urgente rakken op de Oudegracht en Nieuwegracht op basis van de werkwijze van risicogericht prioriteren en tevens wordt in het uitvoeringsprogramma rekening gehouden met het herstel van meerdere kelders die niet kunnen wachten vanwege veiligheid, erfgoed en/of gebruik. Bijvoorbeeld om schade door ernstige lekkage te voorkomen. Conform toegezegd in het vastgestelde programmaplan wordt de programmering in het uitvoeringsprogramma uitgebreid. Voor 2024 tot en met 2026 bedragen de kosten 15 miljoen euro per jaar waarvan circa 13 miljoen euro per jaar kan worden geactiveerd. Werk en Inkomen Omschrijving
2022
2023
2024
2025
x € 1.000 2026
BUIG verdeelmodel
3.600
1.200
1.200
1.200
1.200
Totaal
3.600
1.200
1.200
1.200
1.200
BUIG-verdeelmodel Het landelijke BUIG verdeelmodel (bijstandsbudget) wordt jaarlijks aangepast. Het budgetpercentage voor 2022 lijkt iets hoger uit te vallen dan in de voorgaande jaren, daardoor kan de bij de Voorjaarsnota 2017 ingeboekte bijdrage van de algemene middelen worden verlaagd.
32
Onderwijs Omschrijving
2022
2023
2024
2025
x € 1.000 2026
Stijging bouwkosten Onderwijshuisvesting
-800
-1.300
-700
-1.400
-1.200
Stijging verzekeringspremie
-250
-250
-250
-250
-250
-
-2.000
-1.000
-1.000
-
Tijdelijke huisvesting door groei van de stad binnen het programma Onderwijshuisvesting Tijdelijke huisvesting door uitloop projecten binnen
-800
-
-
-
-
het programma onderwijshuisvesting Totaal
-1.850
-3.550
-1.950
-2.650
-1.450
Stijging bouwkosten Onderwijshuisvesting De afgelopen maanden zijn veel aanbestedingen hoger uitgevallen dan verwacht. De bouwprijzen stijgen de laatste tijd snel, vanwege materiaaltekorten en verstoringen van productieprocessen door het coronavirus. Daarnaast is er veel vraag naar bouwpersoneel. De verwachting is dat de prijsstijgingen verder doorzetten. Er is nog geen zicht op lagere materiaalprijzen of minder krapte op de arbeidsmarkt. Dit leidt ertoe dat de projecten in het Meerjarenperspectief onderwijshuisvesting niet conform verordening uitgevoerd kunnen worden zonder extra budget. Alle projecten worden meegewogen waarvan de gunning plaats zal gaan vinden tussen nu en 2025. Naar verwachting gaat het om een overschrijding van 9% bij renovatieprojecten, 18% bij vervangende nieuwbouw en uitbreidingsprojecten, en 20% bij tijdelijke huisvesting Stijging verzekeringspremie We hebben een nieuw verzekeringscontract voor onderwijsgebouwen afgesloten. Dit contract is hoger uitgevallen dan het vorige, onder andere door de toename van schades als gevolg van vandalisme. Tijdelijke huisvesting door groei van de stad binnen het programma onderwijshuisvesting In het groeikader zijn onvoldoende financiële middelen beschikbaar om, naast voor de permanente huisvesting, ook voor de tijdelijke huisvesting van onderwijs een budget op te nemen.
Daarom is besloten dat deze tijdelijke huisvesting in het vervolg als knelpunt wordt aangedragen vanuit het Programma Onderwijs bij de jaarlijkse integrale afweging Voorjaarsnota, met ingang van de Voorjaarsnota 2022. De kosten hebben betrekking op de uitvoering van de reguliere wettelijke taak. Tijdelijke huisvesting door uitloop projecten binnen het programma onderwijshuisvesting Diverse projecten voor onderwijshuisvesting lopen uit. Dit heeft diverse oorzaken (overleg met schoolbesturen over programma van eisen kan uitlopen, aanvraag vergunningen, inpassen ontwerp binnen budget, etc.). Door deze vertragingen, moeten scholen langer gebruik maken van tijdelijke huisvesting (tijdelijke bijgebouwtjes om de groeiende stroom leerlingen te huisvesten). Door het langere gebruik van tijdelijke huisvesting, kost dit meer dan aanvankelijk was begroot.
33
Ondersteuning op maat Omschrijving Buurtteam en Aanvullende zorg WMO
2022
2023
2024
2025
x € 1.000 2026
-12.000
-12.400
-12.400
-13.000
-13.600
9.500
6.400
5.000
4.400
3.000
0
-2.600
-2.600
0
0
-2.500
-8.600
-10.000
-8.600
-10.600
(gemeentetaak) Overschot beschermd wonen (centrumgemeentetaak) Transformatiefonds beschermd wonen U16 Totaal
Buurtteam en Aanvullende zorg WMO (gemeentetaak) We zien een stijgende druk op de WMO zorg door onder andere vergrijzing, langer thuis blijven wonen en ook corona. Op het budget voor gemeentetaken verwachten we daarom een structureel tekort. Aan de inkomsten kant zien we dat er nog veel onzeker is door het nieuwe verdeelmodel WMO en het landelijke onderzoek naar de (financiële) houdbaarheid van de WMO. In het regeerakkoord is daarnaast opgenomen dat het abonnementstarief wordt aangepast, maar dit gaat gepaard met een verlaging van het budget per 2025. Overschot beschermd wonen (centrumgemeentetaak) Op de middelen voor de centrumgemeentetaken hebben we een structureel overschot. Dit overschot zit vooral in de middelen voor Beschermd wonen. Door de doordecentralisatie van Beschermd wonen, wordt dit budget naar verwachting (met een ingroeipad van tien jaar) verdeeld over de gemeenten in de regio. Het overschot voor Utrecht stad wordt daarmee fors kleiner (en blijft ook na 2026 afnemen). Om binnen dit budget te blijven als U16 gemeenten ligt er nog een behoorlijke transformatie opgave. De invoering van het woonplaatsbeginsel en daarmee het objectief verdeelmodel BW en de doordecentralisatie is onlangs met onbepaalde tijd uitgesteld.
Hierdoor neemt de onzekerheid aan de inkomsten kant door de wijziging van het Woonplaatsbeginsel, de invoering van het verdeelmodel en de doordecentralisatie BW nog toe. De druk op de maatschappelijke opvang neemt toe en leidt tot krapte in het budget. Transformatiefonds beschermd wonen U16 Binnen de doordecentralisatie beschermd wonen ligt er voor de U16 gemeenten een forse opgave om te transformeren van Beschermd verblijf naar beschermd thuis en het beschikbaar hebben van voorzieningen in de regio. Om dit te kunnen doen moet er ruimte gemaakt worden vanuit de U16 brede middelen voor Beschermd wonen. Dit betreft hoofdzakelijk middelen die in de begroting van Utrecht zitten vanuit de centrumgemeente taak.
Volksgezondheid x € 1.000 2026
Omschrijving
2022
2023
2024
2025
Gemeenschappelijke regeling GGD regio Utrecht: Forensisiche zorg
-50
-50
-50
-50
-50
Totaal
-50
-50
-50
-50
-50
Gemeenschappelijke regeling GGD regio Utrecht: Forensische zorg De taak Forensische Zorg is belegd bij de Gemeenschappelijke regeling GGDrU. De Gemeenschappelijke regeling kent zijn eigen planning & control cyclus, met een zienswijze procedure vanuit onze gemeente. De taak Forensische Zorg kent de afgelopen jaren een stijgend aantal verdachte overlijdens en een stijgende kostprijs (in 2021 alleen al 8,5%). Dit maakt dat het budget ontoereikend is om aan de jaarlijkse verplichtingen te kunnen voldoen.
34
Veiligheid Omschrijving
2022
2023
2024
2025
x € 1.000 2026
Structurele dekking kosten Landelijke Aanpak
-330
-300
-280
-280
-280
0
-168
-168
-168
-168
-330
-468
-448
-448
-448
Adreskwaliteit Veiligheidsregio Utrecht (VRU): Verhoging ijkpuntscore Totaal
Structurele dekking kosten Landelijke Aanpak Adreskwaliteit De Landelijke Aanpak Adreskwaliteit wordt al sinds 2019 uitgevoerd door een vast team adresonderzoekers, echter er is nog geen structurele dekking geregeld voor deze taak. Bij de start is verondersteld dat het team zich kon terugverdienen door het stopzetten van ten onrechte verstrekte bijstandsuitkeringen. Deze ‘businesscase’ op fraude is zowel ongewenste focus en als niet kostendekkend. Naast de bijdrage aan de preventie van criminaliteit heeft dit team ook een groeiende rol op het gebied van het signaleren van misstanden. Veiligheidsregio Utrecht (VRU): Verhoging ijkpuntscore Door een herijking van de ijkpuntscores stijgt het aandeel van de gemeente Utrecht en dus de bijdrage aan de VRU. De hogere bijdrage aan de VRU wordt gecompenseerd door een hogere algemene uitkering. Samenleven en Sport Omschrijving Achterblijvende stijging indexering huurinkomsten maatschappelijk vastgoed Totaal
2022
2023
2024
2025
x € 1.000 2026
-65
-130
-195
-250
-315
-65
-130
-195
-250
-315
Achterblijvende stijging indexering huurinkomsten maatschappelijk vastgoed De indexeringen van onze huidige budgetten gemeentelijk maatschappelijk vastgoed loopt niet gelijk met de stijging van de jaarlijkse huren.
Utrechts Vastgoed Omschrijving
2022
2023
2024
2025
x € 1.000 2026
Kapitaallasten Cultuurhuis Leidsche Rijn
-345
-345
-345
-345
-345
-4.565
-4.565
-4.565
0
0
-4.910
-4.910
-4.910
-345
-345
Verhogen dotatie voorziening Vastgoedonderhoud Utrechts Vastgoed Totaal
Kapitaallasten Castellum Hoge Woerd Castellum Hoge Woerd is in 2015 gereedgekomen en geactiveerd. Op deze investering zat een onrendabel bedrag (dat niet met huur is te dekken), resulterend in een kapitaallast van 0,345 miljoen euro per jaar. Met deze last is slechts rekening gehouden tot 2021, terwijl deze in totaal 40 jaar loopt.
35
Verhogen dotatie voorziening Vastgoedonderhoud Utrechts Vastgoed De voorziening is ingesteld om de schommelingen van de kosten van het meerjarig groot onderhoud op te vangen. De hoogte van de voorziening wordt bepaald aan de hand van meerjarige onderhoudsplannen (MJOP's) voor de komende tien jaar. Eind 2021 zijn deze plannen geactualiseerd. Bij de actualisatie is gebleken dat de jaarlijkse dotatie aan de voorziening ontoereikend is en deze verhoogd moet worden met 4,565 miljoen euro om te kunnen voldoen aan de verplichtingen voor de komende jaren. Overeenkomstig de BBV-regelgeving wordt deze verhoging voor een periode van vier jaar verwerkt, startend in de Jaarstukken 2021 tot en met 2024. Bij de volgende actualisatie van de onderhoudsplannen en/of beleidswijziging wordt de toereikendheid van de voorziening opnieuw beoordeeld.
Algemene middelen Omschrijving
x € 1.000 2025 2026
2022
2023
2024
Extreme prijswijzigingen energielasten
-3.250
0
0
0
0
Totaal
-3.250
-
-
-
-
Extreme prijswijzigingen energielasten Naar aanleiding van de extreme prijswijzigingen op energie als gevolg van de geopolitieke (en andere) ontwikkelingen is in beeld gebracht wat deze ontwikkelingen financieel betekenen voor 2022. Op basis van gelijkblijvend gebruik betekent dit een gemeentebrede kostenverhoging van 3,250 miljoen euro in 2022 (ten opzichte van 2021). Ten tijde van het opstellen van deze voorjaarsnota en de eerste bestuursrapportage hebben we een gedwongen nieuwe aanbesteding in het kader van het Europees sanctiebeleid tegen Rusland opgelegd gekregen. Dit houdt in dat we per 10 oktober 2022 het contract met Gazprom moeten beëindigen. In de hier boven genoemde kostenverhoging van 3,250 miljoen euro hebben we geen rekening gehouden met deze verplichte beëindiging. We verwachten dat, zonder medewerking van Gazprom aan overdracht van de reeds ingekochte volumes, dat de extra kosten van deze beëindiging in 2022 0,6 miljoen euro en in 2023 € 1,1 miljoen euro bedragen. Indien Gazprom wel zijn medewerking verleent aan de overdracht van de reeds ingekochte volumes dan zijn de extra kosten aanzienlijk lager, namelijk 60.000 euro in 2022 en 0,5 miljoen in 2023. We kunnen nu nog geen enkele verwachting of inschatting maken of Gazprom mee zal werken aan de overdracht van ingekochte volumes.
Overhead 2022
2023
2024
2025
x € 1.000 2026
-3.350
-3.350
-3.350
-3.350
-1.850
-80
-950
-1.160
-810
-810
-1.506
-2.463
-2.133
-1.738
-1.761
-383
-2.215
-2.499
-2.499
-2.499
Overhead vierkant knelpunten en meevallers
-854
-1.539
-2.407
-2.537
-2.918
Meerkosten gebruik BRP
121
121
121
121
121
-6.052 -10.396 -11.429 -10.813
-9.717
Omschrijving Wet Open Overheid extra capaciteit vast en tijdelijk Vervanging SAP Werken 3.0 Basis op orde Bedrijfsvoering: onderdeel Wet-en regelgeving
Totaal
Wet Open Overheid extra capaciteit vast en tijdelijk In verband met de implementatie van de Wet Open Overheid (WOO) is extra structurele en tijdelijke capaciteit nodig.
36
Vervanging SAP De gemeente Utrecht streeft erna de digitale bedrijfsvoering slagvaardig te ondersteunen, en zal daarom het huidige ERP-systeem (SAP ECC) dienen te vervangen door SAP S4HANA. Hiermee worden de financiële en inkoopprocessen duurzamer en effectiever ondersteund. Het nieuwe pakket zal, conform de Cloudstrategie van de gemeente Utrecht, extern gehost worden. We streven er ook naar om zowel technisch beheer als functioneel beheer via een externe partij te organiseren. De hiervoor benodigde implementatie vraagt om een grote inspanning van onze interne organisatie. Door de migratie gefaseerd uit te voeren en door de interne projectorganisatie zorgvuldig in te richten, sluiten we aan op het verandervermogen van de organisatie. Werken 3.0 Werken 3.0 is gericht op het structureel faciliteren van flexibel en plaats onafhankelijk werken. In de Visie Werken 3.0 is dit kort samengevat: ‘We werken opgavegericht en faciliteren onze medewerkers zodat ze op een betrokken, effectieve, gezonde en duurzame manier hun werkzaamheden kunnen uitvoeren om gezond stedelijk leven voor iedereen te realiseren.’ In de Voorjaarsnota 2021 is een eerste toekenning gedaan voor de realisatie van de meest urgente knelpunten met betrekking tot Werken 3.0. In eerste instantie was dit gericht op het oplossen van het tekort aan arbo-waardige werkplekken, waarover ook afspraken zijn gemaakt met de COR.
Door corona is de uitrol van plaatsonafhankelijk werken enorm versneld en is het de nieuwe norm voor werken geworden zoals ook blijkt uit onderzoek. De aanpassing van de ICT-omgeving en de investering in ondersteunende middelen (laptops en hybride overleg faciliteiten) uit de aanvraag 2021 zijn een eerste noodzakelijke stap geweest. We hebben gezien dat de digitalisering van werken voor een grotere groep medewerkers versneld mogelijk is geworden en dat de nieuwe manier van werken veranderingen vereist in de fysieke werkomgeving, zowel op kantoor als thuis. De aanpassing van de fysieke werkomgeving pakken we de komende jaren stapsgewijs op, waarmee we ook nieuwe gebruikservaringen nog kunnen implementeren. Het structurele karakter van deze nieuwe hybride werkvormen, leidt tot een cultuurverandering en vraagt nieuwe manieren van werken van zowel medewerkers als leidinggevenden. Voor de realisatie van plaatsonafhankelijk werken voor een grotere groep medewerkers en de realisatie van een effectieve werkomgeving die bijdraagt aan samenwerken, ontmoeten en (hybride) vergaderen, zijn aanvullende investeringen nodig voor: 1. Aanpassingen van de inrichting op de locaties (besloten ruimtes uitbreiden en projectruimten uitbreiden) 2. Mobiele devices voor medewerkers zonder werkplek 3. Ondersteunen van medewerkers en leidinggevenden in nieuwe manieren van werken. 4.
Aanvullende faciliteiten thuiswerkplek (toekomstbestendige thuiswerkfaciliteiten) Basis op orde Bedrijfsvoering: onderdeel Wet-en regelgeving Voor de uitvoering van nieuwe wetgeving (BOR/SOR, Rechtmatigheidsverantwoording, BIO en informatiebeheer) is capacitaire uitbreiding nodig. Overhead vierkant knelpunten en meevallers De apparaatslasten in de knelpunten brengen ook extra overheadkosten met zich mee. Dit vraagt ook een verruiming van het budget van het overheadvierkant. Meerkosten gebruik BRP Budget meerkosten gebruik Basisregistratie personen retour naar Algemene middelen. Deze kosten zijn reeds gedekt binnen het overheadvierkant en hoven daarom niet apart begroot te worden op het programma Bewoners en bestuur.
37
2.4 Overheveling taken naar gemeenten In de September- en Decembercirculaire 2021 zijn extra middelen voor nieuwe taken of uitnamen voor vervallen taken opgenomen, de corresponderende posten. De noodzakelijkheid van het door vertalen van de corresponderende posten naar de inhoudelijk programma’s wordt getoetst bij de organisatieonderdelen. Hieronder een overzicht van de financiële middelen en daaronder een toelichting waarvoor het nodig is.
2023
2024
2025
x € 1.000 2026
519
516
514
518
523
Salarislasten zorgdomein (jeugd)
827
816
814
819
828
Robuust rechtsbeschermingssysteem
580
621
619
623
630
Versterking ondersteuning wijkteams
1.224
1.214
1.209
1.217
1.365
Impuls integraal werken
165
87
Systeemleren
115
114
114
115
116
Versterken dienstverlening gemeenten: personen
710
710
710
710
710
Corresponderende posten Impuls re-integratie bijstandsgerechtigden (corona)
2022 958
Gemeentelijk schuldenbeleid (corona)
819
Bijzondere bijstand (corona)
410
Salarislasten zorgdomein (wmo)
met verward gedrag (DU) Versterken dienstverlening gemeenten:
313
systeemleren (DU) Gemeenteraadsverkiezingen
958
Mutatie algemene uitkering
7.598
4.078
3.980
4.002
4.172
Door te vertalen naar programma's
7.598
4.078
3.980
4.002
4.172
Saldo corresponderende posten
0
0
0
0
0
Impuls re-integratie bijstandsgerechtigden (compensatie corona) Dit budget is nodig om de dienstverlening aan mensen die als gevolg van de crisis de bijstand instromen te intensiveren. Hiermee bevorderen we uitstroom uit de uitkeringen en verlagen we de bijstandsuitgaven. Gemeentelijk schuldenbeleid (compensatie corona) We hebben onze organisatie aangepast aan de verwachte vraag. Afschalen kost tijd, dit bedrag stelt ons in staat dit zorgvuldig te doen. Wel willen we door dit budget te claimen minder aanspraak te doen op het werkpakket Bijzondere bijstand (compensatie corona) Tweede Bestuursrapportage beschikbaar budget opgehoogd. Door deze middelen in 2022 beschikbaar te hebben kunnen we monitoren of het uitgaveplafond bijzondere bijstand omhoog moet zonder dat dit meteen tot een tekort leidt. De middelen zijn dus nodig. Salarislasten zorgdomein (wmo) Bedrag is nodig om de hogere salariskosten bij aanbieders te kunnen dekken.
38
Salarislasten zorgdomein (jeugd) Wij hebben de salarislasten voor zorgaanbieders geïndexeerd conform het percentage van gemeente Utrecht voor 2022. Echter ligt het percentage waarmee het Rijk de salarislasten wil verhogen, hoger. Hiermee kunnen we dat compenseren. Robuust rechtsbeschermingssysteem Een deel van de middelen is nodig bij maatschappelijke ondersteuning, het andere deel is nodig voor een ombudsfunctie bij juridische zaken. Versterking ondersteuning wijkteams Afgestemd met Wijken, is bedoeld voor sociale wijkteams (buurtteams). De middelen zijn bedoeld om de dienstverlening van de overheid aan burgers te verbeteren naar aanleiding van de Kinderopvangtoeslagenaffaire. Impuls integraal werken Afgestemd met VTH, is bedoeld integrale samenwerking in het sociaal domein. De middelen zijn bedoeld om de dienstverlening van de overheid aan burgers te verbeteren naar aanleiding van de Kinderopvangtoeslagenaffaire. Systeemleren Deze middelen zijn nodig voor de aandacht voor menselijke maat (beter uitvoering).
Versterken dienstverlening gemeenten: personen met verward gedrag De extra inzet op personen met verward gedrag en hoog veiligheidsrisico voor de Regio Utrecht: 2 fte procesregie + 1 fte procesondersteuning voor personen met psychiatrische problematiek en hoog veiligheidsrisico (0,220 miljoen euro) 1.5 fte procesregie + 1 fte procesondersteuning voor MDA ++ structurele vormen van geweld in afhankelijkheidsrelaties/ stalking (0,180 miljoen euro) 1.5 fte procesregie + 1 fte procesondersteuning ten behoeve van voorkomen radicalisering en extremisme (0,180 miljoen euro) 0.5 fte procesregie + 0.5 fte procesondersteuning ten behoeve van ex-gedetineerden met hoog veiligheidsrisico (0,075 miljoen euro) implementatie en onderhoud casusoverleg ondersteunend systeem PGA-X (0,055 miljoen euro). Totaal 0,710 miljoen euro Versterken dienstverlening gemeenten: systeemleren Er is voor 2021 en 2022 een bedrag van 5 miljoen euro per jaar beschikbaar voor extra inzet van expertise en capaciteit in de vijftien gemeenten waarmee in het kader van het programma Leefbaarheid en Veiligheid sinds 2019 intensief wordt samengewerkt.
De zestien stedelijke vernieuwingsgebieden in deze gemeenten zijn gebieden waar gemeenten en betrokken partijen werken aan een langjarige, integrale en lerende aanpak om de uitvoering en dienstverlening beter te laten aansluiten op de vraagstukken van kwetsbare bewoners. De geleerde lessen binnen de koplopergemeenten kunnen direct worden benut in andere gemeenten. Hiervoor worden gerichte kennis– en leer activiteiten uitgevoerd, waarbij nauw zal worden aangesloten bij het kennis- en leernetwerk van het programma Leefbaarheid en Veiligheid en de kennisinfrastructuur van de VNG en betrokken kennispartners. De middelen worden gealloceerd naar het programma in Overvecht. Gemeenteraadsverkiezingen Dit is een compensatie coronakosten voor organiseren gemeenteraadsverkiezingen in 2022.
39
2.5 Budget neutrale bijsturingsvoorstellen In de bijsturingsvoorstellen worden voorstellen gedaan om onttrekkingen aan bestemmingsreserves te doen, budgetten over te hevelen over programma’s heen via de algemene dekkingsreserve of de hoogte van de baten en lasten aan te passen. Deze bijsturingsvoorstellen zijn budget neutraal en hebben geen financiële impact op de programmabegroting. Hieronder is een totaaloverzicht van alle budgettair neutrale wijzigingen opgenomen. Tabel: Totaaloverzicht budget neutrale bijsturingsvoorstellen (-/- nadelig saldo, +/+ voordelig saldo Omschrijving
2022
2023
2024
2025
x € 1.000 2026
Verhogen baten
5.839
1.999
460
460
460
Verhogen lasten
-12.364
3.601
-460
-460
-460
-
-
-
-
Onttrekking bestemmingsreserve Onttrekking algemene dekkingsreserve
925
-
-
-
Verplaatsen
5.600 -
-5.600 -
-
-
-
Eindtotaal
-
-
-
-
-
2023
2024
2.5.1 Bewoners en Bestuur Verhogen baten en lasten programma bewoners en bestuur Omschrijving
2022
2025
x € 1.000 2026
Naturalisaties Verhogen baten 330 0 0 0 0 Naturalisaties Verhogen lasten -330 0 0 0 0 VOG Verlagen baten -80 -80 -80 -80 -80 VOG Verlagen lasten 80 80 80 80 80 Beslispunt: 1. De baten en lasten van het product naturalisaties aanpassen in verband met meer vraag naar dit product. 2. De baten en lasten van het product Verklaring omtrent gedrag (VOG) aanpassen in verband met steeds minder vraag bij de gemeente naar dit product. Argument: 1. We zien nu een paar jaar achter elkaar een toename in naturalisatieaanvragen (instroom van 6/7 jaar geleden uit onder ander Syrië die zich laten naturaliseren). De verwachting is dat deze stijgende trend de komende jaren wordt voortgezet. We passen daarom de begroting voor dit jaar hier op aan. 2. De VOG kan sinds een aantal jaar rechtstreeks bij Justis (digitaal) aangevraagd worden zonder tussenkomst van de gemeente. De vraag naar dit product bij de gemeente neemt daardoor af. We zien dit als een structurele trend en daarom passen we onze begroting hierop structureel aan.
40
2.5.2 Ruimtelijke ontwikkeling, Wonen en Erfgoed Verhogen baten en lasten van het programma Ruimtelijke ontwikkeling, Wonen en Erfgoed Omschrijving
2022
2023
2024
2025
x € 1.000 2026
Huisvesting voor Verhogen baten 508 0 0 0 0 kwetsbare doelgroepen (De Linde en 2de Place2Bu) Huisvesting voor Verhogen lasten -508 0 0 0 0 kwetsbare doelgroepen (De Linde en 2de Place2Bu) Goed Verhogen baten 165 0 0 0 0 Verhuurderschap/ discriminatie op de woningmarkt Goed Verhogen lasten -165 0 0 0 0 Verhuurderschap/ discriminatie op de woningmarkt Beslispunt: 1. De baten en lasten binnen het programma Wonen in 2022 verhogen met 0,508 miljoen euro voor het versneld realiseren van (flexibele) huisvesting voor kwetsbare doelgroepen De Linde en tweede Place2BU. 2. De baten en lasten binnen het programma Wonen in 2022 verhogen met 0,165 miljoen euro voor het uitvoeren van juridische onderzoeken in het kader van de pilot Goed Verhuurdershap. Argument: 1. Voor het versneld realiseren van huisvesting voor kwetsbare doelgroepen heeft het Rijk een subsidie verleend die besteed wordt aan de projecten De Linde en tweede Place2BU. 2. In het kader van Goed Verhuurderschap fungeert de gemeente Utrecht als pilotgemeente die onderzoeken laat uitvoeren naar de juridische mogelijkheden op het controleren en beboeten van verhuurder en makelaars. De juridische onderzoeken worden bekostigd vanuit de ontvangen rijkssubsidie Goed Verhuurderschap.
41
2.5.3 Duurzaamheid Verhogen baten en lasten programma Duurzaamheid Omschrijving
2022
2023
2024
2025
x€1.000 2026
Uitwerken Verhogen lasten -1.300 energieambities Energiearmoede 1.139 Uitwerken Verhogen baten 1.300 1.139 energieambities Energiearmoede Uitwerken Verhogen lasten RREW -213 energieambities Uitwerken Verhogen baten RREW 213 energieambities Uitwerken Verhogen lasten Europese -282 energieambities subsidies (IRIS, ARV) Uitwerken Verhogen baten Europese 282 energieambities subsidies (IRIS, ARV) Leefomgeving, Verhogen lasten -67 Veiligheid, Geluidssaneringsprojecten Gevaarlijke stoffen Leefomgeving, Verhogen baten 67 Veiligheid, Geluidssaneringsprojecten Gevaarlijke stoffen Leefomgeving, Verhogen lasten Europese -187 Veiligheid, subsidies (URGE,FCBRE) Gevaarlijke stoffen Leefomgeving, Verhogen baten Europese 187 Veiligheid, subsidies (URGE, FCBRE) Gevaarlijke stoffen Beslispunt: 1. De baten en lasten binnen het onderdeel Uitwerken van de Energieambities te verhogen in verband met: 2,439 miljoen euro voor de ontvangen Rijksmiddelen Energiearmoede in 2022 en 2023. 0,213 miljoen euro voor de baten en lasten van de Regeling Reductie Energiegebruik Wonen in 2022. 0,282 miljoen euro voor de uitvoering van de Europese projecten IRIS en ARV in 2022. 2.
De baten en lasten binnen het onderdeel Leefomgeving, Veiligheid, en Gevaarlijke stoffen te verhogen in verband met: 0,067 miljoen euro in 2022 voor de uitvoering van geluidssaneringsprojecten waarvoor subsidie is ontvangen vanuit het rijk. 0,187 miljoen euro in 2022 voor de uitvoering van de Europese projecten URGE en FCBRE. Argument: 1. Vanuit het Rijk zijn er middelen beschikbaar gesteld om huishoudens die te maken hebben met energiearmoede ondersteunen bij het nemen van maatregelen om de energierekening te verlagen. Een deel van de bestedingen op de rijksmiddelen voor de Regeling Reductie Energiegebruik Wonen (RREW) is doorgeschoven naar 2022. Binnen de Europese projecten IRIS en ARV worden kosten gemaakt voor duurzame initiatieven in de stad en het energiezuiniger maken van woningen in Overvecht en Kanaleneiland. Voor deze kosten wordt subsidie ontvangen vanuit Europa. 2. De inzet van de geluidssaneringsprojecten wordt bekostigd vanuit de rijkssubsidies die zijn ontvangen voor de saneringenwerkzaamheden op de Balijelaan en Lessinglaan, en voor de werkzaamheden op het gebied van begeleiding en toezicht. Binnen de Europese projecten URGE (Circulair) en FCBRE (Circulair) worden kosten gemaakt voor de verbetering van circulariteit in de bouwsector en een gezonder leefklimaat. Voor deze kosten wordt subsidie ontvangen vanuit Europa.
42
2.5.4 Openbare Ruimte en Groen Verhogen baten en lasten programma Openbare Ruimte en Groen Omschrijving Schoonhouden van de openbare ruimte Schoonhouden van de openbare ruimte Afval Afval
Verhogen baten Schoon (incidenteel) Verhogen lasten Schoon (incidenteel) Verhogen baten Bedrijfsafval Verhogen lasten Bedrijfsafval Verhogen lasten Parkzone Johan Wagenaarkade Verhogen baten Parkzone Johan Wagenaarkade
2022
2023
2024
2025
x € 1.000 2026
410
0
0
0
0
-410
0
0
0
0
190
190
190
190
190
-190
-190
-190
-190
-190
Ontwikkelen van een -51 -320 0 0 0 aantrekkelijke groen Ontwikkelen van een 51 320 0 0 0 aantrekkelijke groen Beslispunt: 1. De baten en lasten in 2022 voor het Project Nederland Schoon verhogen met 0,410 miljoen euro (incidenteel). 2. De baten en lasten voor Bedrijfsafval verhogen met 0,190 miljoen (structureel). 3. De baten en lasten in 2022 en 2023 voor het project Parkzone Johan Wagenaarkade te verhogen met 0,371 miljoen euro. Argument: 1. Net als voorgaande jaren ontvangt de gemeente Utrecht een vergoeding vanuit de raamovereenkomst verpakkingen 2013-2022 om extra maatregelen te nemen tegen zwerfafval. De extra maatregelen zijn gericht op het beïnvloeden van gedrag door voorlichting en informatievoorziening, stimuleren van participatie, maatregelen om bijplaatsingen te voorkomen en pilots met nieuwe manieren van schoonmaken. De maatregelen voldoen aan de meerjarige doelstellingen om het zwerfafval terug te dringen met slimmere voorzieningen, beïnvloeding van gedrag, participatie van bewoners en ondernemers en met educatie. Het project wordt uitgevoerd binnen prestatiedoelstelling 05-2-1-1 (Schoonhouden van de openbare ruimte). 2. Hogere baten en lasten als gevolg van een prijsindexering van 6,2% op abonnementen en de huur van perscontainers met 2,15% op basis van de gemeentelijke indexering.
Bedrijfsafval valt onder prestatiedoelstelling 05-2-3-1 (Afval: de infrastructuur voor inzameling). 3. Vanuit de provincie Utrecht is subsidie ontvangen voor de aanleg een aanpassing van een fiets- en wandelpad rondom de Johan Wagernaarkade.
43
Onttrekking reserve programma Openbare Ruimte en Groen (Sub)doelstelling
2022
2023
2024
2025
x€ 1.000 2026
Van
Ontwikkelen van Onttrekking reserve 675 0 0 0 0 een aantrekkelijke Meerjaren Groenprogramma groen Naar Ontwikkelen van Lasten Meerjaren -675 0 0 0 0 een aantrekkelijke Groenprogramma groen Beslispunt: 1. Een bedrag van 0,675 miljoen euro te onttrekken voor de investeringen van het Meerjaren Groenprogramma in 2022. Argument: 1. In de reserve Meerjaren Groenprogramma zijn middelen gereserveerd om schommelingen in de uitgaven op de groenprojecten op te vangen. In de programmering van het Meerjarengroen programma worden deze middelen ingezet in 2022 voor de uitvoering van diverse groenprojecten.
2.5.5 Economie en Werkgelegenheid voor Iedereen Onttrekking Reserve programma Economie en Werkgelegenheid voor Iedereen Omschrijving Van
2022
2023
2024
2025
x € 1.000 2026
onttrekking Reserve Toeristische 250 0 0 0 0 Stadspromotie Naar verhogen lasten Werken & -250 0 0 0 0 verblijven in een aantrekkelijke stad Beslispunt: 1. 0,250 miljoen euro onttrekken uit de reserve Toeristische Stadspromotie en deze toevoegen aan de lasten voor toerisme onderdeel van het programma Economie & Werkgelegenheid voor Iedereen. Argument: 1. De middelen zetten we in voor Utrecht 900 waarmee de betrokkenheid van het bedrijfsleven bij Utrecht 900 wordt vergroot en we meer overnachtingen (en bestedingen) stimuleren. Zie raadsbrief 11 maart 2022 "Stand van zaken Utrecht 900 jaar stadsrechten". Besteding is conform het doel van deze reserve. De reserve is gekoppeld aan de inkomsten toeristenbelasting met als doel een buffer op te bouwen voor tegenvallende inkomsten toeristenbelasting. Bij de Resultaatbestemming 2021 (bestedings- en dekkingsvoorstellen) zal aan uw Raad het voorstel worden voorgelegd om de reserve weer aan te vullen met de niet bestede middelen toeristenbelasting 2021 van het programma Economie & Werkgelegenheid voor Iedereen.
44
2.5.6 Werk en Inkomen Incidenteel en structureel verhogen van de baten en lasten in verband met deelname aan het programma van het ESF Omschrijving
2022
2023
2024
2025
x € 1.000 2026
programma Verhogen baten: 1.496 350 350 350 350 Geïntegreerde ontvangst ESF subsidie Territoriale Investeringen (GTI) programma Verhogen lasten: -1.496 -350 -350 -350 -350 Geïntegreerde uitvoeringskosten ESF Territoriale subsidie Investeringen (GTI) Beslispunt: 1. de baten en lasten binnen het programma Werk en Inkomen éénmalig in 2022 te verhogen met 1,146 miljoen euro. 2. de baten en lasten binnen het programma Werk en Inkomen structureel te verhogen met 0,350 miljoen euro per jaar. Argument: 1. In 2022 wordt een ESF subsidie ontvangen uit het programma Geïntegreerde Territoriale Investeringen (GTI) ter hoogte van 1,146 miljoen euro. De middelen zijn ter dekking van de uitvoeringskosten Werk en Inkomen. 2. De gemeente Utrecht neemt altijd actief deel aan het programma van het ESF. De projecten hebben doorgaans een looptijd van twee jaar, waarna vaststelling en uitbetaling van de subsidie plaats vind. Door deze projecten structureel op te nemen in de begroting worden budgettaire schommelingen beperkt. De ESF projecten beslaan de hele arbeidsmarktregio, de verhoging behelst alleen het aandeel van Utrecht in deze projecten. Op basis van de realisatie van het vooraf ingediende projectplan wordt de subsidie afgerekend. De verhoging is conservatief opgenomen om ruimte te laten voor een eventuele onderrealisatie.
2.5.7 Ondersteuning op Maat Overhevelen middelen jeugdzorg van 2023 naar 2022 Omschrijving
2022
2023
2024
2025
x € 1.000 2026
Overhevelen middelen -5.600 5.600 jeugdzorg van 2023 naar 2022 Beslispunt: 1. De middelen ten behoeve van de actuele knelpunten voor jeugd in afwijking van hetgeen besloten is bij de Programmabegroting 2022 als volgt te verdelen over 2022 en 2023: 17,1 miljoen euro in 2022 en 5,9 euro miljoen in 2023 Argument: 1. Utrecht kwam en komt nog steeds uit met het Rijksbudget jeugd. Kijkend naar 2022 zijn er meer middelen nodig dan bij de Programmabegroting 2022 was ingeschat om de zorg aan kinderen en gezinnen die in 2021 is gestart met inzet van nieuw personeel en inzet van onderaannemers te continueren. Bij de Programmabegroting 2022 verwachtten we in eerste instantie 11,5 miljoen euro in 2022 nodig te hebben en 11,5 miljoen in 2023. In de raadsbrief van 17 december hebben we aangekondigd dat we 17,1 miljoen euro verwachten nodig te hebben en stellen daarom voor om 5,6 miljoen euro van deze middelen van 2023 te verschuiven naar 2022 Het programma Ondersteuning op Maat hevelt personeelskosten over naar het programma Samenleven en Sport (zie voor meer toelichting hoofdstuk 2.5.13 Samenleven en Sport).
45
2.5.8 Volksgezondheid Verhogen baten en lasten programma Volksgezondheid Omschrijving
2022
2023
2024
2025
x € 1.000 2026
Equal Life Verhogen baten 80 80 0 0 0 Equal Life Verhogen lasten -80 -80 0 0 0 Lokale preventie akkoorden Verhogen baten 200 0 0 0 0 Lokale preventie akkoorden Verhogen lasten -200 0 0 0 0 JGZ 0-18 opleiding arts Verhogen baten 390 0 0 0 0 M&G JGZ 0-18 opleiding arts Verhogen lasten -390 0 0 0 0 M&G JGZ 0-18 inhaalcampagne Verhogen baten 50 0 0 0 0 HPV JGZ 0-18 inhaalcampagne Verhogen lasten -50 0 0 0 0 HPV Beslispunt: 1. De baten en lasten voor het project Equal Life in 2022 en 2023 incidenteel verhogen met 0,080 miljoen euro. 2. Baten en lasten in 2022 voor de lokale preventie akkoorden incidenteel verhogen met 0,200 miljoen euro. 3. Baten en lasten in 2022 voor de opleiding arts maatschappij en gezondheid (M&G) incidenteel verhogen met 0,390 miljoen euro. 4. Baten en lasten in 2022 voor de inhaalcampagne HPV incidenteel verhogen met 0,050 miljoen euro. Argument: 1. De gemeente ontvangt projectsubsidie om met Europese kennisinstituten en overheden samen te werken aan kansengelijkheid en gezondheidsverschillen, de mentale gezondheid en cognitieve ontwikkelingen van kinderen, waarbij onderzoek plaats vindt naar de effecten van (gecombineerde) blootstelling in de fysieke en de sociale leefomgeving op gezondheid en naar effectieve aanpak daarvan. Het project wordt uitgevoerd binnen prestatiedoelstelling 8-1-1-1 Utrecht, stad waar inwoners gezond en veerkrachtig zijn. 2.
Met de gelden (0,200 miljoen euro) van deze specifieke uitkering kan binnen het programma Volksgezondheid extra aandacht worden gegeven aan het terugdringen van roken, overgewicht en middelengebruik. 3. Jaarlijks worden op basis van het aantal artsen in opleiding de lasten vergoed door de stichting SBOH. 4. Deze post betreft de uitbreiding van het RVP met HPV. HPV staat voor humaan papillomavirus. Meisjes krijgen op de leeftijd van twaalf/dertien jaar een vaccinatie aangeboden tegen HPV. Het vaccin komt in 2022 in het vaccinatiepakket voor jongens. Ook worden kinderen vanaf 2022 eerder gevaccineerd, namelijk als ze negen jaar oud zijn. Mensen die het vaccin hebben gemist, krijgen nog een keer de kans om de prik in te halen wanneer ze veertien of tussen de zestien en zeventien jaar oud zijn.