CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Commissie Mens en Samenleving (2008-2021) 1 april 2021, gemeente Utrecht30.355 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

A. Houd een vinger aan de pols voor de kosten van beroep Als mensen uiteindelijk ontevreden zijn met de uitkomst van hun bezwaar9, kunnen zij er voor kiezen hun geschil voor te leggen aan de rechter (“in beroep gaan”). Niet iedereen kan de hoge kosten voor beroep (onder meer juridische bijstand en griffiekosten) zelf betalen: Voor mensen met een verzamelinkomen tot €27.300 (alleenstaand) en €38.600 (gehuwd, samenwonend of alleenstaand met minderjarig kind) is er gesubsidieerde rechtsbijstand10. Hierbij wordt nog wel een eigen bijdrage verwacht11. De eigen bedrage, dan wel de kosten voor rechtsbijstand (indien niet gedekt vanuit gesubsidieerde rechtsbijstand) kunnen vergoed worden vanuit de bijzondere bijstand. Hiervoor geldt een vrij complexe draagkrachtberekening die is opgenomen in bijlage 1 bij deze nota. Hoewel mensen in het bestaande systeem dus een deel van de kosten betalen, zorgt de bijzondere bijstand er zo voor dat financiën in veel gevallen geen belemmering zijn om in beroep te gaan. Ons inziens is deze vorm van vergoeden en het stapsgewijs afbouwen van de vergoeding passend. Bovendien richt de vergoeding zich op die mensen die voor hun voorzieningen het meest afhankelijk zijn van de gemeente (mensen met een laag inkomen).

Hoe hoger je inkomen is, hoe minder afhankelijk je bent van de overheid om je recht te halen, omdat je zelf meer financiële middelen in kan zetten voor ondersteuning. Daarnaast kan elke inkomensgroep gebruik maken van de zelfhulptools (nulde lijn, zie ambitie 1d).

9 Meer achtergronden bij het soort bezwaren waar we ons in deze nota op richten zijn te vinden in de

paragraaf ‘doelen’ hierboven. 10 https://www.rechtsbijstand.nl/over-mediation-en-rechtsbijstand/voorwaarden/inkomen 11 https://www.rechtsbijstand.nl/over-mediation-en-rechtsbijstand/hoeveel-moet-ik-zelf-betalen/

inkomensnormen

19 | Krijgen waar je recht op hebt

Voor veel mensen is de combinatie van eigen geld en zelfhulptools waarschijnlijk voldoende. Maar financiële gronden mogen geen reden zijn om je recht niet te kunnen halen. Als je niet in bezwaar kan vanwege financiën, doet dit ook iets voor je rechtsgevoel. Dit is daarom iets om oplettend op te blijven als overheid.

Hierbij past de volgende uitwerking: • In kaart brengen of er voor de groepen boven de 200% van sociaal minimum aanvullende ondersteuning nodig is.

B. Vereenvoudig de aanvraag Wanneer bijzondere bijstand wordt aangevraagd (om een beroep mogelijk te maken) is het belang dat dit zo makkelijk mogelijk kan. Het aanvragen van gesubsidieerde rechtsbijstand (bij de Raad voor de Rechtsbijstand) en bijzondere bijstand (bij de gemeente) is omslachtig. Hoewel de gemeente deze manier van werken niet kan aanpassen kan er wel worden gezorgd dat de twee ‘potjes’ zo goed mogelijk op elkaar aansluiten, bijvoorbeeld door te zorgen dat voor gesubsidieerde rechtsbijstand en bijzondere bijstand dezelfde informatie aangeleverd moet worden om te zien of iemand recht heeft op de voorziening. Daarnaast zijn er gemeentes die al aan de slag gaan met een aanvraag ook als er nog informatie ontbreekt. Zij vragen alleen de ontbrekende informatie aan wanneer dit ook daadwerkelijk nodig is. Wij stellen voor om dit in Utrecht ook zo te doen.

Hierbij passen de volgende uitwerkingen: • De aanvraag van de bijzondere bijstand zo gemakkelijk mogelijk maken door zo veel mogelijk aan te sluiten bij de informatie van de gesubsidieerde rechtsbijstand en geen dubbele informatie/bewijslast aan te voeren. • Bij een aanvraag voor bijzondere bijstand alvast te starten met het onderzoek, ook als er nog informatie ontbreekt. Alleen ontbrekende informatie op te vragen wanneer dit echt nodig is

C. Verbeter informatievoorziening over financiële mogelijkheden Niet alle mensen die recht hebben op ondersteuning van rechtsbijstand zullen weten dat ze daarvoor gebruik kunnen maken van de bijzondere bijstand. Zeker voor de groep met een inkomen van 111200% van de bijstandsnorm (zie bijlage 1 is het de vraag of zij altijd bekend zijn met de bijzondere bijstand en dat zij hiervoor in aanmerking komen.

20 | Krijgen waar je recht op hebt

Het is daarom van groot belang om deze voorziening goed te communiceren. Uit eerder o n d e r z o e k v a n P u r p o s e 12 b l i j k t d a t d e b i j z o n d e r e b i j s t a n d v a n a l l e armoedevoorzieningen sowieso het minst bekend is zowel bij professionals als bij inwoners. Naast de gesubsidieerde bijstand en de bijzondere bijstand voor de overige kosten, zijn er ook nog fondsen die kunnen ondersteunen. Het lijkt goed de bekendheid van deze fondsen ook verder te vergroten. Zo weten mensen waar zij verdere financiële ondersteuning kunnen vinden.

Hierbij passen de volgende uitwerkingen: • De bestaande financiële regelingen en voorzieningen expliciet communiceren via de kanalen van de gemeente en naar het netwerk van professionals die te maken hebben met rechtsbijstand • De financiële ondersteuningsmogelijkheden buiten de gemeente (zoals fondsen) in kaart brengen en de financiële ondersteuningsmogelijkheden op te nemen in de routekaart uit 2a

12 www.purpose.nl/minimaregelingen-utrecht

21 | Krijgen waar je recht op hebt

Monitoren activiteiten en effecten Voor de indienende partijen is de toegang tot het recht en het inzicht dat mensen zelf krijgen in hun eigen geschil (met de gemeente) essentieel. We houden daarom graag een vinger aan de pols bij de ambities en uitwerkingen die hier worden geschetst – in de bredere context van de bestaande werkwijze die bijdraagt aan een goede rechtsbijstand en de actualiteit.

Hierbij passen de volgende uitwerkingen: •

Jaarlijks middels een beknopte raadsbrief reflecteren op de doelen zoals opgenomen in deze nota, waarbij expliciet (maar niet exclusief) wordt gekeken naar het effect van de nieuwe maatregelen. We denken hierbij specifiek aan: - Het aantal mensen dat in bezwaar en beroep gaat door de tijd, maar ook in relatie tot het aantal gewijzigde besluiten;  De baten van deze aanpak in brede zin (tevredenheid van inwoners en in hoeverre mensen het idee hebben dat ze hebben gekregen waar ze recht op hebben – in hoeverre er veranderingen zijn in het ‘rechtsgevoel’ van inwoners.;

•

In deze raadsbrief aandacht besteden aan de actualiteit, specifiek de ontwikkelingen rond de kabinetsplannen rond de hervorming van de rechtsbijstand, de mogelijk waardevolle (landelijke en lokale) initiatieven die er op dit moment ontstaan en de gevolgen voor Utrecht.

22 | Krijgen waar je recht op hebt

Financiën: Kosten en Baten De ambities en uitwerkingen die wij hierboven schetsen zijn vrijwel allemaal procesgericht en brengen daarom geen directe kosten mee. Wel gaat het om zaken die soms extra capaciteit vergen: als meer mensen proactief benaderd worden en meer mensen om hulp of uitleg vragen kost dit nu eenmaal (mogelijk structureel) menskracht van de betrokken afdelingen. We hebben er bewust voor gekozen om in deze gevallen te pleiten voor langzame opbouw en het stellen van duidelijke prioriteiten. In het geval van het herschrijven van de brieven in begrijpelijke taal, kan aangesloten worden bij het gemeentelijk programma dat al loopt. Wij begrijpen dat nieuwe werkwijzen (zeker in coronatijd) niet onmiddellijk geïmplementeerd kunnen worden. Wel geven we een duidelijke richting aan waar de prioriteit de komende tijd moet liggen. Het is mogelijk dat de verbeteringen ten aanzien van de inzet van de bijzondere bijstand (zie 3b) leiden tot een groter beroep op de bijzondere bijstand. Op het moment begroten we meer uitgaven vanuit de bijzondere bijstand dan we verstrekken, waardoor er financiële ruimte is voor extra verstrekkingen. We willen daarbij aanmerken dat er ook (financiële) baten zijn van de in deze nota opgenomen ambities. De verwachting is dat betere, meer laagdrempelige ondersteuning zorgt voor minder stress en oplopende problemen.

Mensen die aan de bel trekken met een juridische vraag hebben soms ook andere problemen waarbij de gemeente zo eerder op kan acteren. Zo past deze nota goed bij andere opgaven in het sociaal domein die focussen op preventie, normaliseren en de beweging naar voren. Daarnaast komt er in 2025 een stelselherziening aan waarbij rechtshulp en sociaal domein verder aan elkaar gekoppeld worden. Door hier als gemeente nu al proactief mee aan de slag te gaan, hoeven we dan een minder grote slag te maken. Niet alle baten van de nota zijn in geld uit te drukken: een verbetering in de relatie tussen overheid en inwoner en positieve effecten op het rechtvaardigheidsgevoel van inwoners zijn niet in geld uit te drukken maar zien wij wel als belangrijke effecten. Het lijkt goed om hier in de monitoring ook aandacht aan te schenken.

23 | Krijgen waar je recht op hebt

Woord van dank Deze nota kon alleen tot stand komen door de bijdragen, het meelezen en de expertise van de volgende mensen. Wij willen ze daarvoor hartelijk danken: De zeer betrokken ambtenaren voor hun advies over deze nota De Raad voor de Rechtsbijstand Zumpolle Advocaten Sociaal raadslieden Juridisch Loket Onze beider fracties voor hun input en meeleeswerk Florien Bouts voor haar doorzettingsvermogen bij pogingen om ons toch een beetje te sturen in dit proces :)

24 | Krijgen waar je recht op hebt

Bijlage 1: Draagkrachtmeting bijzondere bijstand Mensen die in beroep gaan kunnen vanuit de bijzondere bijstand een vergoeding krijgen voor de eigen bijdrage van de gesubsidieerde rechtsbijstand, dan wel voor bepaalde kosten voor rechtsbijstand (indien niet gedekt vanuit gesubsidieerde rechtsbijstand). Om het recht op bijzondere bijstand te bepalen, geldt een draagkrachtberekening. De draagkracht is de mate waarin inwoners in staat zijn bijzondere kosten zelf te betalen. Deze wordt bepaald op basis van een deel van het (besteedbare) inkomen en het vermogen. Voor het bepalen van het recht kijkt de gemeente naar de gemiddelde draagkracht over een langere periode (een jaar). Als iemand in een jaar meer kosten maakt dan de draagkrachtruimte voor dat jaar, wordt bijzondere bijstand verleend. Bij het berekenen van de draagkracht, worden de volgende normen gehanteerd (artikel 12 RBBU Tot de bijstandsnorm wordt 100% van de kosten vergoed Bij 101 tot 110% bijstandsnorm moet de persoon 5% van zijn of haar draagkrachtruimte zelf betalen Bij 111 tot 200 % bijstandsnorm moet de persoon 30% van zijn of haar draagkrachtruimte zelf betalen Boven de 200 % komt de persoon niet in aanmerking voor bijzondere bijstand.

25 | Krijgen waar je recht op hebt

6 Raadsvoorstel Ontwikkelplan en investeringsbeslissing Berlijnplein 1 Dossier 1596 voorblad.pdf

Commissie Mens en Samenleving Dossiernummer

1596

Vertrouwelijk

Nee

Vergaderdatum

1 april 2021

Agendapunt

6

Omschrijving

Raadsvoorstel Ontwikkelplan en investeringsbeslissing Berlijnplein

ID

1647

Behandelend ambtenaar

Trudie Timmerman

Telefoon

030 2863655

E-mail

T.Timmerman@Utrecht.nl

Datum collegebesluit Geocodering

Leidsche Rijn

Thema

Sport, cultuur en recreatie

Portefeuillehouder

Wethouder Klein

Beleidsveld

Cultuur

Referendabel Reden niet referendabel Raadsadviseur (lijst)

Willemien Kok/Cultuur, Onderwijs, Sport/0624862310

Geagendeerd

Vergaderdatum

Raadsinformatiebijeenkomst

23 maart 2021

Commissie Mens en Samenleving

1 april 2021

Gemeenteraad

8 april 2021

Voorgesteld besluit

1 Raadsvoorstel Ontwikkelplan en investeringsbeslissing Berlijnplein.docx

Voorstel aan de gemeenteraad

Ontwikkelplan en investeringsbeslissing Berlijnplein Beleidsveld Organisatieonderdeel Opsteller Kenmerk Vergaderdatum Raad Geheim

Cultuur Culturele Zaken Trudie Timmerman 8412582 volgt Ja, een of meerdere bijlagen

Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor te besluiten: 1. Het Ontwikkelplan Berlijnplein ‘Cultuur bouwt aan de toekomst van de Stad’ met de bijbehorende bijlagen vast te stellen, waarmee de kaders worden vastgelegd voor de inhoudelijke invulling (het programma, de doelgroepen en de partners) de ruimtelijke invulling (stedenbouwkundige aansluiting bij Leidsche Rijn Centrum, concretisering circulaire ambities) en de procesmatige invulling (co-creatie met groeiend aantal instellingen, makers en het consortium) van het cultuurcluster Berlijnplein. 2. Voor het project Berlijnplein: a. Een krediet ter hoogte van 45,2 miljoen euro ter beschikking te stellen voor het realiseren van 9.200 m2 (bruto vloeroppervlak) en de bijbehorende terreininrichting op basis van het Ontwikkelplan Berlijnplein b. Een vaste activa reserve van 2,75 miljoen in te stellen, waarvoor reeds budget was gereserveerd in het Meerjaren Programma Ruimte, onderdeel grondexploitatie Leidsche Rijn. c. Het onrendabele deel van de exploitatielasten ter hoogte van 1.496.490 te dekken uit het reeds beschikbare budget van het programma Cultuur. 3. Voor het project Berlijnplein: a. Een aanvullend Algemeen Belang besluit te nemen op grond van de Wet Markt en Overheid met betrekking tot de huurprijzen multifunctionele culturele accommodatie Berlijnplein. b.

Het project Berlijnplein, met toepassing van de Wet Markt en overheid, en ter uitvoering van punt 6 van het Algemeen Belang besluit van 2014, te kwalificeren als een “extra investering in het algemeen belang bij een grote gebiedsontwikkeling, waarbij de markt niet de wil of de mogelijkheid heeft om te investeren…” en tevens sprake is van een onrendabele top bij verhuur van vastgoed. Burgemeester en wethouders van Utrecht, de secretaris,

de burgemeester,

Geheimhouding Het college heeft tijdelijke geheimhouding opgelegd op de bijlage ‘Businesscase cultuurcluster Berlijnplein en bijlage Stichtingskostenraming’ en gedeeltelijke geheimhouding op de bijlage ‘Onderbouwing Algemeen Belang Besluit Berlijnplein’ op grond van artikel 55 lid 1, artikel 86 lid 2 en artikel 25 lid 2 Gemeentewet op de bedrijfsinformatie om redenen genoemd in artikel 10 lid 2 sub b en g van de wet Openbaarheid van bestuur (Wob) tot de realisatie van alle gebouwen behorend bij deze beslissing is afgerond of zoveel eerder als het college de raad hierover (gedeeltelijk) in openbaarheid kan informeren. Openbaarheid van deze informatie kan het gemeentelijke financiële belang schaden en kan leiden tot onevenredige benadeling van de gemeente dan wel onevenredige bevoordeling van derden Het betreft financiële en andere informatie waarvan openbaarmaking de gemeentelijke onderhandelingspositie kan schaden in de toekomstige aanbestedingen. 1

Samenvatting Een groeiend aanbod van culturele activiteiten voor wijk en stad in Leidsche Rijn Centrum, plekken voor makers en voor eigentijdse, grootstedelijke kunstvormen in flexibele toekomstbestendige gebouwen met een vernieuwende culturele uitstraling, passend bij de kwaliteit van Leidsche Rijn Centrum: dit wordt mogelijk met het voorliggende raadsbesluit. De gemeenteraad wordt gevraagd om het Ontwikkelplan Berlijnplein ‘Cultuur bouwt aan de toekomst van de stad’ vast te stellen. Het Ontwikkelplan geeft inzicht in het programma, de doelgroepen en de partners van het cultuurcluster Berlijnplein, de ruimtelijke invulling en aanpak om te komen tot de realisatie van het cultuurcluster met een groeiend aantal instellingen, makers, omwonenden en het consortium. De bijbehorende investeringsbeslissing maakt de realisatie van de bijbehorende publieke ruimte en gebouwen mogelijk. De gemeenteraad wordt voorgesteld hiervoor een krediet ter hoogte van 45,2 miljoen euro beschikbaar te stellen. De gemeenteraad wordt gevraagd het project Berlijnplein te kwalificeren als een “extra investering in het algemeen belang, bij een grote gebiedsontwikkeling, waarbij de markt niet de wil of de mogelijkheid heeft om te investeren…” waardoor het mogelijk is om de juiste mix van partijen (waaronder creatieve bedrijvigheid) te huisvesten in vernieuwend cultureel vastgoed.

Context Aanleiding In 2016 besluit het college om te kiezen voor modulaire opbouw van de culturele voorziening Leidsche Rijn Centrum. Vorm volgt ambitie wordt het uitgangspunt. Programmering en betekenis geven aan de plek zijn leidend, een gebouwde voorziening vloeit hieruit voort. Dit besluit was de start van een nieuwe aanpak, na een langjarige zoektocht naar een passende invulling van de ‘culturele trekker van formaat’, die in 2004 voor het eerst genoemd is in de Visie Leidsche Rijn Centrum ‘Het Levende Centrum’. In het Coalitieakkoord ‘Ruimte voor iedereen’ (2018) heeft de gemeenteraad bepaald, dat zij doorgaat met de stapsgewijze ontwikkeling van de culturele voorziening Leidsche Rijn Centrum. Met het Ontwikkelkader Berlijnplein en de leidende principes (2019) ligt de leidraad voor de ontwikkeling van het gebied vast: de gemeente ontwikkelt samen met RAUM, DePlaatsmaker en een groot aantal andere partijen de kavel aan het Berlijnplein stapsgewijs tot een plek met een divers cultureel programma voor een breed publiek rond het thema ‘De Toekomst van de stad’. Tegelijkertijd werd besloten om een investeringsbeslissing voor te bereiden voor de verbouwing van boerderij Hofstede ter Weide, om deze geschikt te maken voor bestendige huisvesting van kinderkunstlocatie de Vrijstaat.

Na het vaststellen van de Programmabegroting 2020 is de verbouwing van de boerderij Hofstede ter Weide voorbereid en de uitvoering start in 2021. De ambities voor de invulling van het cultuurcluster Berlijnplein zijn op basis van het Ontwikkelkader (2019) geconcretiseerd in het nu voorliggende Ontwikkelplan Berlijnplein ‘Cultuur bouwt aan de Toekomst van de Stad. Hierbij is een stichtingskostenraming opgesteld om de bijbehorende bebouwing en publieke ruimte te realiseren. Voor het huisvesten van (de juiste mix aan) partijen is de gemeente in beginsel verplicht om de integrale kosten (art. 25 Mededingingswet) in rekening te brengen. Als de gemeente dit niet wil, bijvoorbeeld omdat de integrale kostprijs hoger is dan de markthuur, dan is het nodig dat de gemeenteraad bepaalt dat de verhuur plaatsvindt in het algemeen belang. Juridisch kader De wet Markt en overheid schrijft voor dat de overheid bij uitvoering van ondernemingsactiviteiten de integrale kostprijs in rekening brengt. De wet voorziet in de mogelijkheid dat de gemeenteraad van algemeen belang verklaard dat specifieke activiteiten worden aangeboden zonder dat de integrale kostprijs wordt gerekend. De gemeenteraad heeft d.d. 20 november 2014 een zodanig Algemeen belang besluit genomen.

Dit eerdere raadsbesluit voorziet voor dit cultureel project al voor een deel in een uitzondering op de regel van integrale kostprijs, namelijk waar het gaat om:  verhuur t.b.v. sport, gezondheid, welzijn,  verhuur aan bewoners(groepen), belangengroepen en maatschappelijke instellingen voor sociale, educatieve en culturele activiteiten. Bovendien houdt punt 6 van het Algemeen belang besluit uit 2014 als uitzonderingsmogelijkheid in “Onrendabele top bij verhuur, verkoop of andere vervreemding vastgoed of grond (negatieve 2

grondexploitatie)”. De gemeenteraad kan een project expliciet kwalificeren als een “extra investering in het algemeen belang bij een grote gebiedsontwikkeling waarbij de markt niet de wil of de mogelijkheid heeft om te investeren…”, en tevens sprake is van een onrendabele top bij verhuur van vastgoed. Voor het realiseren van de ambities uit het Ontwikkelplan en de daarbij passende mix van partijen is een aanvullend besluit wenselijk. Met dit besluit worden geen belangen van derden onevenredig geschaad ten opzichte van de met het besluit te dienen belangen, omdat de gemeente een marktconforme huur in rekening brengt, gebaseerd op een voorafgaande onafhankelijke taxatie. De concurrentieverhoudingen worden dus niet verstoord. Besluiten college Het college besloot om: - Een meerjarige opdracht te verstrekken aan stichting RAUM voor de periode 2021-2024, voor het realiseren van haar meerjarenplan 2021-2024 ‘Samen werken aan een inclusieve stad’, en de bijbehorende kosten van 1.577.000 euro per jaar te dekken uit het programma Cultuur. - Aan de coöperatie Berlijnplein een meerjarige opdracht te verstrekken voor de coördinatie en de uitvoering van het gezamenlijke beheer, de publieksactiviteiten en de communicatie, tot aan de periode van ingebruikname van de permanente bebouwing en de bijbehorende jaarlijkse kosten van maximaal 350.000 euro te dekken uit het programma Cultuur.

- De nadere regel subsidie exploitatie huisvesting culturele sector Berlijnplein vast te stellen, waarmee nu al een exploitant voor 4.000 m2 bruto vloeroppervlak (bvo) culturele huisvesting voor niet-kapitaalkrachtige huurders in het cultuurcluster Berlijnplein geselecteerd kan worden en de gemeente op die manier in co- creatie toewerkt naar de oplevering, invulling, exploitatie en beheer van dit deel van de te realiseren 9.200 m2 bvo. In de nadere regel is als ontbindende voorwaarde voor subsidieverlening opgenomen dat de raad akkoord gaat met het raadsvoorstel over het Ontwikkelplan en de investeringsbeslissing. - Een aanbestedingsprocedure te starten voor het contracteren van een consortium voor het ontwerpen, bouwen en gedeeltelijk onderhouden van 9.200 m2 bvo culturele en creatieve ruimte met bijbehorende publieke ruimte aan het Berlijnplein. - De bijdrage aan de parkeergarage Berlijnplein definitief te bepalen op 85 parkeerplaatsen voor de ontwikkeling van cultuurcluster Berlijnplein, onder voorbehoud van vaststelling van het Ontwikkelplan en het nemen van de investeringsbeslissing door de raad conform het raadsvoorstel ‘Ontwikkelplan en investeringsbeslissing Berlijnplein’ Beoogd effecten De beoogde effecten zijn -

-

Groeiend aanbod van culturele activiteiten in Leidsche Rijn Centrum voor publiek uit wijk, stad en land en meer worteling van de betrokken cultuurpartijen in Leidsche Rijn. Passende complementaire invulling voor Leidsche Rijn Centrum: een gebied met een vernieuwende culturele uitstraling met binnen- en buitenruimtes van hoge kwaliteit, dat bijdraagt aan het voltooien van dit nieuwe stadshart; vernieuwende samenwerkingsverbanden tussen partijen rondom maatschappelijke thema’s gerelateerd aan ‘de Toekomst van de Stad’, die input leveren voor beleids- en kennisontwikkeling. een versnelling op gebied van circulair bouwen door realisatie van een duurzaam en energieneutraal cultuurcluster, dat input geeft voor volgende nota Kapitaalgoederen Vastgoed Utrecht innovatie, ontmoeting en kruisbestuiving voor en door makers vanuit verschillende disciplines, dankzij het realiseren van betaalbare fysieke ontwikkelruimte voor deze doelgroep. Pionieren in programma, publiekswerking en beheer in de periode 2021-2024 in de aanloop naar de permanente gebouwen.

Eerdere besluitvorming en informatievoorziening Eerdere besluiten voor deze stapsgewijze ontwikkeling: - Vervolg Culturele voorziening Leidsche Rijn Centrum (2016) - Programmastrategie en voorbereiding eerste fase gebouwde culturele voorziening (2017) - Ontwikkelstrategie culturele voorziening Leidsche Rijn Centrum (2018) - Ontwikkelkader Berlijnplein en leidend principes (2019) Passend binnen de kaders van de - Visie Leidsche Rijn Centrum ‘Het levende centrum’ (2004) 3

-

Masterplan Leidsche Rijn Centrum (2006) Stedenbouwkundig Plan Leidsche Rijn Centrum Zuid (2009) Bestemmingsplan Leidsche Rijn Centrum Kern en Zuid (2013). Investeringsbeslissing parkeergarage Berlijnplein (2017) Cultuurnota 2021-2024, Kunst kleurt de stad (2019).

Raadsbrieven - Culturele voorziening Leidsche Rijn Centrum (2016) - Procesbeschrijving culturele voorziening Leidsche Rijn Centrum (2016) - Culturele voorziening Leidsche Rijn Centrum (2016) - Voortgang culturele voorziening Leidsche Rijn Centrum (2017) - Ontwikkelstrategie culturele voorziening Leidsche Rijn Centrum (2018) - Showman’s Fair Berlijnplein (2019) - Ontwikkelkader Berlijnplein (2019) - Huisvesting partijen Berlijnplein na de brand (2021)

Beslispunten, Argumenten en Kanttekeningen/Risico’s Beslispunt 1

Het Ontwikkelplan Berlijnplein ‘Cultuur bouwt aan de toekomst van de Stad’ met de bijbehorende bijlagen vast te stellen, waarmee de kaders worden vastgelegd voor de inhoudelijke invulling (het programma, de doelgroepen en de partners) de ruimtelijke invulling (stedenbouwkundige aansluiting bij Leidsche Rijn Centrum, concretisering circulaire ambities) en de procesmatige invulling (co-creatie met groeiend aantal instellingen, makers en het consortium) van het cultuurcluster Berlijnplein.

Argumenten 1.1

Het Ontwikkelplan biedt ruimte voor culturele functies waar in de stad aantoonbaar behoefte aan is. De sectoranalyse Musea en Beeldende Kunst (Berenschot, 2017) onderbouwt de behoefte aan meer plekken om te experimenteren (broeden), te maken en te tonen, meer dan officiële presentatiemogelijkheden en te huren ateliers. De sectoranalyse Theater en Dans (Berenschot 2017) laat zien dat er behoefte is aan een impuls op inhoud, ruimte en menskracht om de toegevoegde waarde van theater en dans voor de Utrechtse samenleving verder te ontwikkelen. De gemeente Utrecht heeft ontwikkelruimte geformuleerd als een van de vier pijlers van de cultuurvisie 2030/ cultuurnota 2021-2024 Kunst kleurt de stad, met als essentieel element het bieden van betaalbare fysieke ruimte aan creatieve makers. Uit het rapport “Mooi Maken: Erfgoed en kansen voor huisvesting van creatieve makers in de stedelijke regio Utrecht” (Bureau Buiten, december 2019) blijkt dat de vraag naar ruimte voor diverse werk-, oefen en ontmoetingsplekken voor makers en creatieve bedrijvigheid groot is. De Raad voor Cultuur beveelt in haar sectoranalyse ‘Ontwerp voor de toekomst’ (2018) aan om nieuwe gemeentelijke maakplaatsen te stimuleren, te faciliteren en te financieren.

De minister van OCW constateerde in haar Cultuurbrief cultuur in een open samenleving (2019) dat het ontstaan en voortbestaan van broedplaatsen wordt bedreigd door de oprukkende herontwikkeling van de rafelranden van de steden terwijl zij deze broedplaatsen wel van belang acht voor innovatie, vernieuwing en aantrekkelijkheid van steden.

1.2

Het Ontwikkelplan sluit aan bij diverse gemeentelijke ambities op het gebied van Cultuur, Utrecht Circulair, Leidsche Rijn en ‘Samen stad maken’

4

Het Ontwikkelplan is de concretisering en uitwerking van het Ontwikkelkader Berlijnplein ‘De Toekomst van de Stad’ (2019). Het Ontwikkelplan sluit aan bij de pijlers van de Cultuurnota 2021-2024 ‘Kunst kleurt de stad’ (2020): een pluriform aanbod, inclusieve cultuursector, het stimuleren van creatief vermogen en ontwikkelruimte. De circulaire strategie Berlijnplein, onderdeel van het Ontwikkelplan Berlijnplein, geeft invulling aan de Utrechtse circulaire ambities, zoals vastgelegd in het actieprogramma Utrecht Circulair 2020-2023. Het cultuurcluster Berlijnplein is hierin genoemd als één van de projecten waarin de gemeente Utrecht ervaring wil opdoen met vernieuwende vormen van aanbesteden, de techniek achter circulair ontwerpen en bouwen, het meten van circulariteit en het uitwerken van circulaire businessmodellen. De ruimtelijke uitwerking zoals beschreven in het Ontwikkelplan is gebaseerd op het Masterplan Leidsche Rijn Centrum (2006) en het Stedenbouwkundig Plan Leidsche Rijn Centrum Zuid (2009). De kaders voor het ontwerp en de stedenbouwkundige inpassing zijn door Bureau Coenen vastgelegd in de Architectonische en Stedenbouwkundige Aanwijzing, een bijlage bij het Ontwikkelplan.

De manier waarop het cultuurcluster in co-creatie ontwikkeld wordt, samen met marktpartijen, huurders, gebruikers en buren, sluit goed aan bij de basisprincipes van het Actieprogramma Samen Stad maken op de Utrechtse manier (2019).

1.3

1.4

Het Ontwikkelplan en de bijlagen zijn opgesteld in samenwerking met de Pleingenoten op Berlijnplein. Na het vaststellen van het Ontwikkelkader in 2019 zijn de ambities geconcretiseerd met de betrokken partijen op Berlijnplein: RAUM, DePlaatsmaker, Nieuw Utrechts Toneel, Jonge Honden, Buurtwerkkamer, Goede Vrijdag. Via hen is een netwerk van (culturele) partijen aangesloten, die op specifieke onderdelen input hebben gegeven. De dansgezelschappen 155, IRC en SHIFFT en de HKU zijn in de loop van 2020 aangesloten. De interactie tussen publiek, bewoners en makers is de basis voor de voorziening en blijft de basis voor ontwerp, realisatie en beheer en programmering voor het vervolg. Bewoners, (culturele) instellingen, makers(collectieven) en bezoekers hebben op verschillende manieren geparticipeerd in het programma en meegedacht over de (gebouwde) vorm van de nieuwe culturele instelling. Met deze aanpak benutten we de kennis en kunde van de stad en vergroten we de kwaliteit van de plek . Het Ontwikkelplan bouwt voort op de geleerde lessen sinds 2017 en de aanpak op basis van ‘vorm volgt ambitie’ Conform het Coalitieakkoord ‘Ruimte voor iedereen’ bouwen we stapsgewijs door aan de culturele voorziening Leidsche Rijn Centrum.

De lessen en ervaringen uit het tijdelijke (placemaking) programma nemen we mee in de aanpak, het ontwerp en het programma voor het te realiseren cultuurcluster: - Naast goede, groene buitenruimte waar het prettig verblijven is en waar plek is voor (grote, wisselende) installaties en kunstwerken, is er ook binnenruimte nodig voor verdiepende activiteiten (lezingen, workshops, cursussen), presentaties (exposities en voorstellingen) en ontvangst van groepen. - De ambitie om samen te werken aan de toekomst van de stad maakt dat Berlijnplein een plek moet zijn van meerdere partijen: RAUM als pionier met daarbij kunstenaars en culturele organisaties, maar ook bedrijven en instellingen in technologie, (circulaire) bouw of sociaal ondernemers die samen werken en allen actief in verbinding staan met hun doelgroepen. - De stapsgewijze ontwikkeling biedt ruimte aan het wortelen in Leidsche Rijn en het tegelijkertijd uitbouwen van het landelijke publieksbereik. - Er ligt een kans om een schaalsprong te maken in circulair bouwen vanwege de schaal en scope van de opdracht, de beoogde samenwerking met consortium en gebruikers. Met innovatie in ontwerp en materiaalkeuze kunnen we (inter)nationaal bijdragen om te komen tot systeeminnovatie. 5

Kanttekeningen/Risico’s 1.1

Nog niet alle functies zijn ingevuld Om het Berlijnplein goed te laten werken, zijn er meerdere partijen nodig, om zo te komen tot een interessante mix van partijen, die elkaar versterken rond het thema Toekomst van de Stad. Met RAUM, met de beoogd exploitant voor het cluster van 4.000 m2 werk- oefen en presentatieruimte, en met de HKU is 7.000 van de 9.200 m2 ingevuld. Naast de aantoonbare vraag naar ruimtes voor makers en creatieven leert de ervaring van de afgelopen jaren dat de stapsgewijze ontwikkeling van het cultuurcluster werkt. De termijn waarop partijen aanhaken is verschillend. Niet elke huurder wil en kan zich nu al vastleggen voor 2024 en verder. Bij elke stap zijn er tot nu toe meer partijen die aanhaken en zorgen voor de juiste mix en bijdragen aan de inhoudelijke kruisbestuiving. Streven is om bij de gunning van de opdracht aan het consortium (voorjaar 2022) samenwerkingsovereenkomsten gesloten te hebben voor de invulling van de overige partijen. Als blijkt dat er op dat moment onvoldoende (passende) huurders te vinden zijn, wordt binnen beschikbare middelen uit de businesscase een aantal scenario’s uitgewerkt. Dit kan leiden in een aanpassing in de mix van gebruikers en de verhouding in de besteding van het budget voor programma en gebouw.

Als er voor start bouw leegstand dreigt, kan uiteindelijk besloten worden om minder m2 te realiseren, We verwachten dat in dat geval het ontwerp aangepast moet worden. Dit kan onvoorziene financiële consequenties en vertraging tot gevolg hebben.

1.2

Het ontwikkelplan voorziet uitsluitend in de gebiedsontwikkeling 1e fase Met de inzet van publieke middelen realiseren we een aantrekkelijk gebied: 9.200 m2 bebouwing en bijbehorende publieke ruimte met een spannende mix van programmering, dat een basis legt voor de doorontwikkeling van het gebied met in de volgende fase investeringen door maatschappelijke en private partijen. Er is nu nog niets te zeggen over de verdere vorm en invulling, de doorontwikkeling van het gebied start pas na de ingebruikname van de 1e fase

1.3

De functie creatieve bedrijvigheid past niet in huidige bestemmingsplankaders Het toevoegen van creatieve bedrijvigheid zorgt voor inhoudelijke meerwaarde in het realiseren van de ambities, passend bij het thema Toekomst van de stad en de verbinding van de cultuursector met andere sectoren. Om het afwijken van het bestemmingsplan planologisch te regelen wordt een projectbesluit voorbereid. Dit gebeurt alleen op die delen van het bouwplan die strijdig zijn. Deze procedure zal gecoördineerd met de omgevingsvergunning doorlopen worden.

Beslispunt 2

Voor het project Berlijnplein: a. Een krediet ter hoogte van 45,2 miljoen euro ter beschikking te stellen voor het realiseren van 9.200 m2 (bruto vloeroppervlak) en de bijbehorende terreininrichting op basis van het Ontwikkelplan Berlijnplein b. Een vaste activa reserve van 2,75 miljoen in te stellen, waarvoor reeds budget was gereserveerd in het Meerjaren Programma Ruimte, onderdeel grondexploitatie Leidsche Rijn. c. Het onrendabele deel van de exploitatielasten ter hoogte van 1.496.490 te dekken uit het reeds beschikbare budget van het programma Cultuur.

Argumenten 2.1 Deze investering is essentieel voor de ontwikkeling van Leidsche Rijn Centrum 6

Utrecht groeit door naar een stad met meerdere stadscentra zoals Leidsche Rijn Centrum, een tweede stadshart, dat enorm in ontwikkeling is. Leidsche Rijn Centrum herbergt inmiddels vele grootstedelijke functies, maar een aantrekkelijke mix van grootstedelijke cultuur ontbreekt nog. Het cultuurcluster Berlijnplein biedt dit: met een vernieuwend publieksprogramma en met ruimte voor professionals en amateurs, kunstenaars, creatieven en studenten. Met deze investering spelen we in op de vraag naar meer cultuur in Leidsche Rijn, zowel van makers als van de bewoners, die ook blijkt uit de groeiende bezoekersaantallen uit de wijk en uit het land. We voegen hiermee belangrijke kwaliteit toe aan Leidsche Rijn Centrum en zetten een grote stap in de invulling van de cultuuras van Leidsche Rijn Centrum. 2.2

De onafhankelijke toets van de bouwkostenraming wijst uit dat de raming realistisch is In opdracht van de gemeente Utrecht (UVO) is een bouwkostenraming opgesteld. De gemeente (UVO) heeft deze raming extern laten toetsen en heeft de stichtingskosten berekend. De toets van de bouwkostenraming wijst uit dat de raming, gezien het aantal m2 bruto vloeroppervlak realistisch is.

2.3

Deze investering realiseert veel ambities van de gemeente Met deze investering realiseren we onder andere - een invulling van de cultuuras met een jaarrond en divers programma voor de wijk en voor de stad - ruimte voor productie en ontwikkeling van grootstedelijke eigentijdse kunstvormen, urban arts en jongerencultuur - een publieke plek met een ensemble van gebouwen van hoogwaardige architectuur - de doelstelling om energieneutraal te bouwen Daarnaast realiseren de gemeente met dit project een schaalsprong op het gebied van circulair bouwen. Nog niet eerder combineerde de gemeente Utrecht op deze schaal de realisatie van duurzame ambities, waarbij alle (circulaire) overheidsdoelen op het gebied van Milieu Prestatie Gebouwen (MPG), gezondheid en energieverbruik behaald worden. Na een aantal kleinere projecten (bijv. circulair kleedgebouw de Nieuwe Lunet) is dit voor Utrecht, maar ook landelijk gezien, een grote stap. Het circulaire cultuurcluster heeft een lagere milieu-impact dan een regulier gebouw. De milieu-impact van de verschillende producten en materialen wordt berekend met de Milieu Prestatie Gebouwen (MPG). De MPG geeft aan wat de milieubelasting is van de materialen die in een gebouw worden toegepast.

Uit de Life Cycle Value Analyse die door IGG en Copper8 in samenwerking met de gemeente Utrecht is opgesteld blijkt dat het circulaire gebouw 60% beter scoort op de MPG dan een traditioneel gebouw en dus 60% minder milieu-impact heeft. NB. Hierbij is gebruik gemaakt van de beoordelingsmodellen MPGCalc en de Idemat. Gezien de fase van het project is gebruik gemaakt van inschattingen en ‘standaard’ waardes, die zijn weergegeven in de verschillende databases, waardoor de werkelijke waardes af kunnen wijken van deze uitkomsten. Binnen de kaders van het project (scope, financieel) onderzoeken we de mogelijkheid tot energieopwekking en het multi-gebruik van daken met participatie van omwonenden.

2.4

Meer dan 50% van het budget blijft beschikbaar voor programma (en gaat niet in stenen zitten) Al in de Ontwikkelstrategie Culturele voorziening Leidsche Rijn Centrum (2018) is vastgelegd dat een substantieel van het beschikbare budget (40-60%, ca. 1,5 – 2,2 miljoen) van dit budget beschikbaar moet zijn voor een cultureel publieksprogramma. Dit betekent dat er 60-40% resteert voor overige bestemmingen, waaronder de investering in de gebouwen. De businesscase van cultuurcluster Berlijnplein illustreert dat de verdeling van de beschikbare budget binnen deze bandbreedtes blijft: 46,6% is nodig voor het realiseren van het gebouw en 53,4% voor het programma. 7

Kanttekeningen/Risico’s 2.1

Circulair bouwen vraagt hogere investeringen dan traditioneel bouwen Met hoge doelstellingen voor circulair materiaalgebruik (duurzame materialen met minimaal grondstof- en energieverbruik) en circulair ontwerp (toekomstbestendig, optimaal beheer en onderhoud en voor meerdere levenscycli te gebruiken) is uit de businesscase gebleken dat de financiële kosten en waarden voor circulair bouwen initieel hoger liggen dan voor traditioneel bouwen. Dit komt onder meer door het toepassen van nieuwe producten die qua kostprijs hoger liggen dan reguliere producten omdat nog geen schaalvoordeel aanwezig is. Daarbij zijn er vaak (nog) hogere kosten voor ontwikkeling en engineering (ook doordat het zoeken naar geschikt materiaal bijv. langer duurt), hogere proceskosten en vanwege de beperkte ervaringen is er vaak ook een hoger risicopercentage, dus reservering van meer budget. Er bestaat een kans dat op termijn de kapitaallasten lager gaan worden, omdat materialen langer mee gaan en er toekomstbestendig ontworpen wordt, waardoor het gebouw voor meerdere functies en langer te gebruiken is. Deze waarde op de langere termijn is niet meegenomen in de huidige businesscase. Randvoorwaarden voor het op termijn benutten van deze waarden zijn: - dat de circulaire ambities zoals nu verwoord in een later stadium geconcretiseerd worden.

Dat kunnen we pas definitief uitwerken als er een (definitief) ontwerp ligt. - dat de markt maximaal uitgedaagd wordt. Dit is verwerkt in de aanbestedingsstrategie. - dat de restwaarde wordt gekapitaliseerd en verrekend. Dit wordt meegenomen in de verdere uitwerking van de plannen, waarbij we zoeken naar mogelijkheden om binnen de gemeentelijke kaders de restwaarde te kapitaliseren, bijv. via de Meerjaren Onderhouds Plannen (MJOP). Zie ook bijlage Circulaire Ambities Berlijnplein. Deze praktijkcasus is mogelijk aanleiding om de gemeentelijke kaders aan te passen.

2.2

Er is nog geen volledige zekerheid over de huurinkomsten. Met RAUM, DePlaatsmaker en de HKU zijn intentieovereenkomsten gesloten, waarin afspraken zijn vastgelegd over de samenwerking, op te stellen documenten, de rol van partijen, de huidige kaders, de voorwaarden en de uitgangspunten voor de huurvoorwaarden, om te komen tot samenwerkingsovereenkomsten en vervolgens tot huurcontracten. Kort voor de gunning aan het consortium worden de afspraken bezegeld in een samenwerkingsovereenkomst met omschrijving van de fase tot oplevering en de huurvoorwaarden (opleveringsniveau, demarcatie, looptijd). In de huurovereenkomst die kort voor oplevering gesloten wordt, worden de huurvoorwaarden vastgelegd. Voor de nog in te vullen m2 zullen partijen gezocht worden met wie een vergelijkbaar traject wordt doorlopen, na het afronden van de besluitvorming van de bestuurlijke besluitvorming. Dit zijn de gebruikelijke stappen om tot contracten met partijen te komen. Als blijkt dat partijen uiteindelijk toch afhaken, werken we als onderdeel van de beheersing van het project verschillende scenario’s uit zoals het verbreden van de gebruiksmogelijkheden (type huurders), het accepteren van een grotere onrendabele top (meer geld in stenen, minder in programma) of het ontwikkelen van minder m2’s. Dit kan onvoorziene financiële consequenties en vertraging tot gevolg hebben.

2.3

Het percentage verrekenbare BTW op de bouwkosten is nog niet helder In de stichtingskostenraming is nu uitgegaan van 30% niet-verrekenbare BTW op de bouwkosten. Uitgangspunt hierbij is dat RAUM en de geselecteerde exploitant voor de 4.000 m2 bvo culturele ruimte opteren voor een met BTW belaste huur, omdat zij door de Belastingdienst aangemerkt worden als een btw-ondernemer, die het gehuurde voor 90% of meer gebruikt voor het verrichten van btw belaste prestaties. Het is op dit moment nog niet volledig duidelijk of zij aan deze voorwaarden voldoen. De fiscalist van de gemeente Utrecht is samen met de adviseurs van de desbetreffende stichtingen hierover in gesprek met de Belastingdienst. Voor dit risico is een reservering van 125.000 euro opgenomen in de businesscase. Inschatting is dat medio 8

2021 duidelijk wordt of dit risico zich manifesteert. Beslispunt 3.

Voor het project Berlijnplein: a. Een aanvullend Algemeen Belang besluit te nemen op grond van de Wet Markt en Overheid met betrekking tot de huurprijzen multifunctionele culturele accommodatie Berlijnplein. b. Het project Berlijnplein, met toepassing van de Wet Markt en overheid, en ter uitvoering van punt 6 van het Algemeen Belang besluit van 2014, te kwalificeren als een “extra investering in het algemeen belang bij een grote gebiedsontwikkeling, waarbij de markt niet de wil of de mogelijkheid heeft om te investeren…” en tevens sprake is van een onrendabele top bij verhuur van vastgoed.

Argumenten 3.1

Een algemeen belang besluit is nodig om de juiste mix van partijen te huisvesten op Berlijnplein. Voor het realiseren van de ambities is het nodig dat de juiste mix aan partijen zich vestigt op Berlijnplein. In het cultuurcluster Berlijnplein versterken creatieve bedrijvigheid, onderwijsinstellingen, culturele organisaties en makers elkaar door gezamenlijk, vanuit vergelijkbare drijfveren, te werken aan innovaties, zowel in de directe omgeving van Berlijnplein als in de rest van de stad. Hier komen maatschappelijke thema’s rondom de toekomst van de stad samen met vernieuwing in cultuur en vastgoed. Vanuit de cultuursector wordt naast de onderlinge samenwerking tussen disciplines ook gezocht naar een sterke verbinding met andere sectoren en de samenleving. Door de onderlinge samenwerking ontstaat kruisbestuiving en fungeren de partijen als aanjager voor de veranderingen, waar actuele, urgente, maatschappelijke opgaven om vragen. We ontwikkelen kennis die het algemeen belang dient, zowel in programmatische ontwikkeling in de culturele en creatieve sector als in het realiseren van (circulaire) overheidsdoelen op het gebied van Milieu Prestatie Gebouwen (MPG), gezondheid en energieverbruik. Dit project kan zo een voorbeeld en katalysator zijn voor verdere ontwikkelingen in de stad, regio en land.

Deze algemene belangen worden niet door de markt al tegen normale marktvoorwaarden gediend. Dit kan alleen met het toepassen van de mogelijkheid, die de wet Markt en overheid biedt, dat de gemeenteraad van algemeen belang verklaart, dat specifieke activiteiten worden aangeboden zonder dat de integrale kostprijs wordt gerekend. De integrale kostprijs zou in dit project leiden tot een huurprijs hoger dan de marktprijs. De inschatting is dat er dan geen partijen zijn die deze ruimte willen huren. Dit is toegelicht in een geheime bijlage ‘Onderbouwing Algemeen Belang Besluit’. De kwalificatie als “een extra investering in het algemeen belang…. “ is nodig voor het toepassen van punt 6 van het Algemeen Belang besluit van 2014. Gecombineerd met het aanvullend algemeen belang besluit (beslispunt 3a) krijgt verhuring zonder doorberekening van de integrale kostprijs hiermee een tweede juridische verankering.

Kanttekeningen/Risico’s 3.1

Dit kan de indruk wekken, dat een aantal partijen op Berlijnplein worden bevoordeeld ten opzichte van derden. Met dit besluit worden geen belangen van derden geraakt, omdat de gemeente een marktconforme huur in rekening zal brengen, gebaseerd op een voorafgaande onafhankelijke taxatie. De concurrentieverhoudingen worden dus niet verstoord. Het te nemen besluit is in die zin van beperkte betekenis, dat het namelijk enkel voorziet in een concretisering c.q. aanvulling op het reeds geldend Algemeen belang besluit d.d. 20 november 2014. 9

Argument Geheimhouding is noodzakelijk vanwege de marktgevoeligheid van de betreffende 5.1 informatie.

Financiën De gemeente Utrecht heeft een businesscase opgesteld, waaruit blijkt dat de ambities realiseerbaar zijn binnen de structureel beschikbare financiële middelen van € 3,9 miljoen (prijspeil 2025). De middelen worden besteed aan het publieksprogramma op Berlijnplein (RAUM, Danshuis, presentatieplek, gebiedscoöperatie), de subsidie voor de exploitatie van de culturele huisvesting voor niet-kapitaalkrachtige huurders, de renovatie van de Vrijstaat en de kapitaallasten voor de huur voorhet cultuurcluster Berlijnplein. Dit gebeurt met inachtneming van het kader geldverstrekking en de staatssteunregels. Uit de onderbesteding 2017 en 2018 voor de culturele voorziening Leidsche Rijn Centrum op de programmabegroting Cultuur, is een bedrag van 2,75 miljoen toegevoegd aan de grondexploitatie Leidsche Rijn Centrum, om de haalbaarheid van toekomstige initiatieven te vergroten, aangezien de grondwaarde uit de grondexploitatie nog gebaseerd was op de oorspronkelijke plannen van een schouwburg XL (15.000 m2 bvo) en dit een grote claim legde op de stichtingskosten en daarmee op de exploitatie van de beoogde voorziening. Op basis van dit raadsbesluit wordt dit bedrag conform de BBV richtlijnen ingebracht in een vaste activareserve.

De aanloopkosten voor het programma en de voorbereiding voor de realisatie van het circulaire cultuurcluster zijn gedekt in de meerjarenbegroting 2021-2024 (programma Cultuur). De projectorganisatie is zo ingericht dat er extra wordt gestuurd op de beheersing van het project. Als de regeling risicovolle projecten wordt vastgesteld, biedt dit een goede basis.

Vervolg De aanbestedingsprocedure voor het selecteren van een consortium leidt naar verwachting tot het contracteren van een partij in 2022, waarna de ontwerpfases en voorbereiding van de bouw en realisatie volgen. Voor de functies die niet in het bestemmingsplan passen wordt na de ontwerpfase een ruimtelijk planologische procedure gestart, die gecoördineerd met de omgevingsvergunning wordt doorlopen. Nadat het algemeen belang besluit genomen en in het Gemeenteblad gepubliceerd is, kan verkorte informatie daarover worden verwerkt in de jaarlijkse update van de ‘Economische activiteiten die in het algemeen belang onder de integrale kostprijs worden aangeboden als bedoeld in de Wet markt en overheid’ vastgesteld. De werving van partijen voor de nog in te vullen m2 wordt opgestart. Met nietgesubsidieerde culturele en creatieve organisaties en onderwijsinstellingen kunnen we nadere afspraken maken, als de gemeenteraad besluit om het project te kwalificeren als een investering in het algemeen belang. Het cultuurcluster Berlijnplein is opgenomen in de conceptlijst ‘Regeling risicovolle projecten’. Dit betekent dat (indien de regeling wordt aangenomen door de raad) een halfjaarlijkse voortgangsrapportage zal worden opgesteld.

Participatie Co-creatie is een van de basisuitgangspunten van het project. We doen het samen, omdat we ervaren dat de kwaliteit van de besluiten hierdoor groeit. Een voorbeeld: het belang van buitenruimte in de permanente ontwikkeling is extra benadrukt door de ervaringen van de huurders, eindgebruikers en bezoekers in de afgelopen jaren, waardoor dit een prominentere plek heeft gekregen in de plannen. Het aantal betrokken creatieve makers en sociaal-culturele organisaties en ondernemers groeit. Met de groei vergroten we kennis en inzicht in het maken van de stad van de toekomst, via publieksactiviteiten, programma en samenwerkingsverbanden.

De invulling van de co-creatie voor Berlijnplein is onder meer gebaseerd op het Actieprogramma ‘Samen Stad Maken’. We werken we met geïnteresseerde en betrokken buurtgenoten samen om de plannen aan te laten sluiten bij wensen en behoeften. Meer dan 1000 bewoners en bezoekers dachten de afgelopen jaren in diverse bijeenkomsten mee over de programmering en ontwikkeling van de kavel. Door meemaakdiners, burenborrels en inspiratie-interviews tijdens festivals groeit de 10

betrokkenheid én de kwaliteit. De meest recente bijeenkomst voor de buurt was op 23 november 2020, waar zowel huidige buren als toekomstige buren samen deelnamen aan een online informatieavond. De input en vragen van deze avond worden meegenomen in de uitwerking van de plannen, waarbij degenen die dit willen ook in het vervolg een actieve rol kunnen spelen. Uiteraard zullen voor de te volgen planologisch juridische procedure en voor de omgevingsvergunning ook de reguliere participatietraject gevolgd worden.

Communicatie De direct betrokken worden per mail geïnformeerd. Er wordt een persbericht opgesteld en verspreid, mensen kunnen met vragen terecht op info@berlijnpleinutrecht.nl

Bijlagen Bijlagen besluitvorming - Ontwikkelplan ‘Cultuur bouwt aan de toekomst van de stad’ - Bijlagen bij ontwikkelplan:  DePlaatsmaker – Eindrapport kwartiermaken Berlijnplein, met bijlage o Eindrapport HEUTE ruimte voor dans op het Berlijnplein  Ruimtelijk functioneel programma, bestaande uit o Huisvestingsconcept o Ruimteprogramma  Architectonisch en Stedenbouwkundig aanwijzingsdocument Berlijnplein  Circulaire ambities Berlijnplein  Actielijst inclusief Berlijnplein  Samenwerking en co-creatie, CSB model voor Berlijnplein  Aanbestedingsstrategie - Businesscase Cultuurcluster Berlijnplein (geheim)  Stichtingskostenraming Cultuurcluster Berlijnplein (geheim)  Intentieovereenkomst met RAUM  Intentieovereenkomst DPM  Intentieovereenkomst HKU - Circulaire ambities Berlijnplein - Onderbouwing algemeen belang besluit Cultuurcluster Berlijnplein (gedeeltelijk geheim) Bijlagen informatief -

11

1 Ontwikkelplan Berlijnplein Cultuur Bouwt aan de toekomst van de stad.pdf

berlijnpleinutrecht.nl

Ontwikkelplan Circulair Cultuurcluster Berlijnplein

CULTUUR BOUWT aan de Toekomst van de Stad

De Gemeente Utrecht heeft in nauwe samenwerking met de partners die nu samenwerken op en mede invulling geven aan Berlijnplein het ontwikkelplan Circulair Cultuurcluster Berlijnplein opgesteld. De komende jaren zullen nog veel nieuwe partners (kunstenaars, creatieve bedrijven en anderen) aansluiten.

Gemeente Utrecht In samenwerking met de partners op het Berlijnplein:

RAUM DePlaatsmaker het NUT (Nieuw Utrechts Toneel) 155 (eenvijfvijf) Illusionary Rockaz Company (IRC) SHIFFT Jonge Honden BuurtWerkKamer Goede Vrijdag HKU

“Verbeeldingskracht is het begin van de antwoorden op de grote vragen.” 4

Floris Alkemade, Rijksbouwmeester Tijdens presentatie op Berlijnplein, juli 2020

5

Ontwikkelplan Circulair Cultuurcluster Berlijnplein

Cultuur bouwt aan de Toekomst van de Stad

Inhoud Welkom op Berlijnplein

8

01 – Ambitie voor de toekomst

12

02 – Een circulair cultuurcluster met een breed programma

17

03 – Inspanning en ontspanning

18

04 – RAUM geeft vorm aan het stadsleven van de toekomst

20

05 – DePlaatsmaker als kwartiermaker

22

06 – Vernieuwing met creatieve industrie en sociaal domein

28

07 – Berlijnplein maakt cultuuras compleet

32

08 – Bouwen aan de stad van de toekomst

34

09 – Natuurlijk circulair

38

10 – Samen maken we de stad

42

11 – Waarmaken met begroting en contractvorm

44

12 – Samenvattend: Berlijnplein als dé ontmoetingsplek

46

Colofon

50

Bijlage(n)

6

Staan op berlijnpleinutrecht.nl/ downloads

7

Ontwikkelplan Circulair Cultuurcluster Berlijnplein

Cultuur bouwt aan de Toekomst van de Stad

"De essentie wat we doen op Berlijnplein is ontdekken en dat vervolgens toepassen. Niet alles vastleggen, niet alleen doen wat we al weten, maar open staan voor wat we nog niet kennen en hier met elkaar naar op zoek gaan." Anke Klein, wethouder Cultuur

Welkom op Berlijnplein Wat in 2016 nog een zeven meter diepe kuil was, is nu in 2020 een diverse culturele ontmoetingsplek geworden. In 2025 is het uitgegroeid tot een levendig circulair cultuurcluster. Hier kun je een festival bezoeken, installaties zien, dans en theater beleven, meedoen aan een stadsdebat of ongedwongen de sfeer komen proeven. Hier verleggen we grenzen op het gebied van culturele ontwikkeling, samenwerking en duurzaam bouwen. Van ambities en kaders naar een duidelijke richting voor de verdere ontwikkeling van Cultuurcluster Berlijnplein; in dit Ontwikkelplan leest u hoe de gemeente Utrecht in samenwerking met een groeiend aantal partners werkt aan dit cultuurcluster, als onderdeel van de cultuuras van Leidsche Rijn Centrum. Zo bouwen we op Berlijnplein aan een bijzonder cultureel programma én aan een spraakmakend cluster van gebouwen en buitenruimtes. Zo bouwt cultuur aan de Toekomst van de Stad. Kom verder, lees en zie op de volgende bladzijden wat u allemaal in de komende jaren kunt verwachten. Gemeente Utrecht in samenwerking met RAUM, DePlaatsmaker, het NUT (Nieuw Utrechts Toneel), 155, IRC, SHIFFT, Jonge Honden, BuurtWerkKamer, Goede Vrijdag en HKU Utrecht, februari 2021

8

“Utrecht  is aantrekkelijk bij velen: mensen komen en blijven graag in onze stad wonen, zoals in Leidsche Rijn. Die wijk is met haar 21 jaar een volwassen deel van de stad geworden en groeit nog steeds verder, met een eigen centrum, station en culturele voorzieningen.”

“Om Leidsche Rijn Centrum compleet te maken, zijn we aan de slag met de culturele ontwikkeling van het Berlijnplein. Dat doen we niet alleen, maar samen. Niet alleen met u, maar ook met toekomstige culturele instellingen en kunstenaars en natuurlijk de directe omgeving.” Eelco Eerenberg, wethouder Vastgoed

Klaas Verschuure, wethouder Ruimtelijke Ontwikkeling

9

“In drie jaar tijd van een zeven meter diepe kuil, naar 100.000 bezoekers op Berlijnplein. Ik kan niet wachten om te zien hoe het zich hier verder gaat ontwikkelen.”

Start exploitatie (gefaseerd).

Opening tijdelijke gebouwen van DePlaatsmaker.

Donica Buisman, RAUM Ontwikkelstrategie: stapsgewijs van tijdelijk programma naar permanente invulling. Coalitieakkoord: door met stapsgewijze invulling.

Het NUT, Jonge Honden, BuurtWerkKamer sluiten aan op Berlijnplein. Marktconsultatie. Brand tijdelijk verzamelgebouw.

Nieuwe insteek voor Berlijnplein: - Placemaking via programmering - Vorm volgt ambitie

Ontwikkelkader Berlijnplein ‘De Toekomst van de Stad’.

De gekozen lijn wordt doorgezet. RAUM start met 2-jarig programma.

De bezoekers-­ aantallen van RAUM stijgen exponentieel van 10.000 in 2017 naar

2016

2017

Goede Vrijdag start als tweede partij op Berlijnplein

DePlaatsmaker Start als kwartiermaker in april 2019

IRC danst voor 3.557 mensen, waaronder circa 275 voor Leidssche Rijn i.v.m. Zingende beelden openingsvoorstelling.

Afronding kwartiermakerschap DePlaatsmaker in september

De voorstelling Graven van het NUT trekt 50% bezoekers die niet eerder naar Berlijnplein kwamen. Eerste gezamenlijke programmering met Berlijnplein Festival. Berlijnplein blijft open met corona-proof programmering.

Ontwikkelplan Berlijnplein (Cultuur bouwt aan de Toekomst van de Stad) Plaatsen noodvoorziening afgebrande verzamelgebouw DePlaatsmaker in februari. Opening van herbouw voorzien voor eind 2021.

Opening nieuwbouw.

Definitief ontwerp.

Van 9 partijen in 2020 tot minimaal 50 partijen in 2025. Start bouw (vergunningen).

Voorlopig ontwerp.

Start tender, start dialoogfase, gunning consortium. 155, IRC en SHIFFT in Werfkelders.

HKU gaat actief studenten en docenten verbinden aan de partners op het plein en aan de wijk

Het NUT verwacht 9.000 bezoekers, waarvan ca. 7.500 op Berlijnplein. Het aantal bezoekers van RAUM stijgt naar minimaal 75.000.

155 danst 70 voorstellingen door het hele land, met in totaal 9.500 bezoekers; SHIFFT bereikt 900 mensen alleen al in Utrecht.

Lancering virtueel Berlijnplein. 20.000 bezoekers in 2018 naar

meer dan 40.000 bezoekers in 2019.

2018

2019

2020

2021

2022

2023

2024

2025

Online bezoekers 9.000 Social media volgers 3.150

Tijdlijn 10

Bezoekers

Aantal partners 9

Partners

11

“Zoveel  mogelijk verschillende mensen, achtergronden, blikken... maar wel vanuit een thema, een vraagstuk dat je gezamenlijk aan wilt pakken.”

1

Ambitie voor de toekomst Vorm volgt ambitie

“De sector heeft aantoonbaar een aanjaagfunctie in tijden van economisch herstel.” Marijke van Hees, voorzitter Raad van Cultuur in NRC 18 mei 2020

Berlijnplein is een culturele nieuwbouwontwikkeling van 9.200 m2. Vooruitlopend op deze ontwikkeling is RAUM in 2017 als pionier gestart. DePlaatsmaker en Goede Vrijdag sloten aan en vervolgens zijn met het NUT, Jonge Honden, BuurtWerkKamer, IRC, 155 en SHIFFT nu negen partijen verbonden aan Berlijnplein. En dit is nog maar het begin. Het aantal partijen groeit door tot ongeveer vijf à zes keer het aantal partijen ten opzichte van nu. En daarmee groeit ook het programma, de samenwerking en de inhoudelijke ambitie. Deze gezamenlijke ambitie vormt de basis voor het ontwerp van de bebouwing en de buitenruimte: vorm volgt ambitie.

Bij een brand op Berlijnplein in november 2020 is het tijdelijke verzamelgebouw van DePlaatsmaker, met daarin de BuurtWerkKamer, het NUT, Jonge Honden en het kantoor van RAUM, verloren gegaan. Begin 2021 wordt een tijdelijke noodvoorziening geplaatst, zodat de partijen zo snel mogelijk weer terug kunnen naar Berlijnplein. In deze verbinding en de kruisbestuiving die hieruit voortkomt zit de grote kracht van Berlijnplein. Opening van het herbouwde tijdelijke verzamelgebouw is voorzien voor eind 2021.

12

Toekomst van de Stad De plek, de partners en het publieksprogramma werken vanuit één centraal thema: de toekomst van de stad. We staan nu op het punt dat we van ambitie voor naar investeren in en realiseren van een Circulair Cultuurcluster op Berlijnplein gaan: een cultureel plein met een programma gericht op een breed publiek, geworteld in de wijk en met uitstraling naar stad en land (en internationaal).

Lucas de Man, kunstenaar en oprichter Stichting Nieuwe Helden, tijdens presentatie op Berlijnplein juli 2020

Op Berlijnplein komen urgente uitdagingen samen. Deze laten zien waar de stad voor staat, nu en in de toekomst. Denk aan hoe we samen leven (ontmoeting en inclusiviteit), klimaatverandering en technologie. Wat zijn de thema’s van 2030, 2050? Cultuur helpt een beeld te vormen van de toekomst. Het biedt andere invalshoeken en nieuwe perspectieven. Cultuur bouwt aan de Toekomst van de Stad.

Cultuur in Leidsche Rijn Centrum Berlijnplein geeft ruimte aan professionals en amateurs, kunstenaars, creatieven en studenten. Hiermee voegt Berlijnplein op twee vlakken belangrijke kwaliteit toe aan Leidsche Rijn. Ten eerste omdat er vraag is naar meer cultuur in Leidsche Rijn, zowel door makers als door bewoners van het stadsdeel. Elk jaar komen er ook meer bezoekers naar Berlijnplein, zowel uit Leische Rijn als uit stad en land. Ten tweede omdat Berlijnplein een cruciaal puzzelstuk is voor de ontwikkeling van stadshart Leidsche Rijn Centrum: het maakt het centrum van Leidsche Rijn compleet.

13

“We zitten hier op het dak van de A2, het geografische centrum van Utrecht, en daardoor een plek waar pionieren en innoveren bij uitstek past. Op deze plek zijn mensen gaan wonen die ook die pioniersgeest hebben.” Trudie Timmerman, projectleider gemeente Utrecht

14

Leidsche Rijn Centrum: cultuuras en cultuurcluster Berlijnplein

15

2

Een circulair cultuurcluster met breed programma “In Leidsche Rijn is nog plek voor nieuwe ideeën. De wijk groeit en dat geeft ons als bewoners de kans om te bedenken welke kant de wijk opgaat.” Narek Harutunyan, bezoeker

RAUM →

→ →

het NUT → →

Op Berlijnplein komen ruimtes voor publieksprogramma en werk- en ontwikkelplekken. Hier is voor de bezoeker en gebruiker altijd wat te doen, altijd wat te zien, binnen én buiten. Het samenbrengen van culturele en creatieve organisaties met diverse achtergronden en disciplines creëert de ideale setting voor natuurlijke samenwerkingen en onverwachte en interessante confrontaties. Met co-creatie en gezamenlijk programma wakkeren we dit verder aan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=5a3002c5-095c-4f68-991d-8d041e7ddb40