CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

20250925 vragenuur

Gemeenteraad 18 december 2025, gemeente UtrechtBij agendapunt: Transcripties Vragenuur 5 juni, 25 september, 9 oktober, 16 oktober, 6 november en 4 december 20259.949 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

2025 Vragenuur 25 september Vragenuur – 25 september 2025

Vragenuur, gehouden op 25 september 2025 te 17:00 uur. Voorzitter: David Bosch

Aanwezig zijn de leden: Maartje Vermeulen (GroenLinks), Anneloes Krul (Partij voor de Dieren), Oul Fakir (BIJ1), Bert van Steeg (CDA), Hester Assen (PvdA), Anton Stam (Volt), Marijn de Pagter (VVD), Bram Janmaat (D66) Namens het college zijn aanwezig: Linda Voortman, Senna Maatoug, Sharon Dijksma, Eelco Eerenberg, Eva Oosters, Dennis de Vries Griffier: Florien Bouts

Opening van het vragenuur.

David Bosch (Voorzitter) [00:25:07]: Ja, goedemiddag. Welkom bij het vragenuurtje, het wekelijkse vragenuurtje van kwart over vijf tot kwart over zes tegenwoordig. En dan gaan we in dit geval, ik ben trouwens David Bosch, uw voorzitter voor deze keer. Leuk om hier ook eens te zitten. En we hebben acht vragen in totaal. Dus hopelijk kunnen we dat halen. En de eerste set vragen, die heette een breed toegankelijke maaltijdvoorziening, vraagteken. En daar gaat de heer Bert van Steeg namens boven Nederland van volt vragen over stellen van het CDA.

Bert van Steeg (CDA) [00:25:35]: Dank voorzitter ja sinds het wegvallen van de maaltijdsvoorziening zoals die was in oude stijl zijn er een aantal problemen met de maaltijdsvoorziening en krijgen wij ook signalen dat het niet overal even goed loopt in dat mensen zoeken naar hoe de 1

maaltijdsvoorziening op dit moment geregeld is en dat leidt om ons tot de volgende vragen. 1. Herkent het college de signalen dat inwoners die een vorm van maaltijdsvoorziening willen gebruiken van het kastje naar de muur worden gestuurd tussen gemeentelijke instanties? Hoe kan het dat inwoners die afhankelijk zijn van de maaltijdsvoorziening niet direct door het buurteam worden geholpen? 2. Welke invloed heeft de overgang van de nieuwe maaltijdsvoorziening gehad op de beschikbaarheid van maaltijden voor gebruikers hiervan? Welke evaluatie van de overgang van de maaltijdvoorziening naar de nieuwe werkwijze heeft er plaatsgevonden? 3. Hoe zal het college ervoor zorgen dat inwoners snel geholpen worden door het buurteam en niet weken moeten zoeken naar het juiste loket? Dank u wel.

David Bosch (Voorzitter) [00:26:39]: Dank u wel, heer van Steeg. Voor de beantwoording is mevrouw Voortman aanwezig, wethouder Voortman. Ze loopt naar de spreekgestoelte.

Linda Voortman (College) [00:26:54]: Ja, voorzitter dank u wel dank voor de gestelde vragen de eerste vraag of wij de signalen herkennen. Nee voorzitter wij herkennen dat signaal niet maar als de signalen zijn dat het niet goed gaat dan ontvang ik die graag zodat we samen kunnen kijken naar een passende oplossing voor deze inwoner ik Ik wil er wel bij benadrukken dat er ontzettend veel mogelijkheden zijn om samen te eten in Utrecht. Er zijn eettafels, er zijn vrijwilligers die voor een ander koken. Er wordt gekookt in verschillende buurtcentra. En dat is ook gezellig en helpt ook tegen eenzaamheid. Ik was zelf voor de zomer nog bij Robin Good for Food. En dat is echt ook een geweldige initiatief. En ik sprak daar verschillende mensen die vier, vijf keer per week naar verschillende initiatieven gaan. En er zijn er ook nog initiatieven die maaltijden bezorgen aan huis. Dus er is heel veel en we willen heel graag mensen helpen... Om naar de goede plek te komen. Dan de tweede. Welke invloed de overgang heeft gehad op de beschikbaarheid van maaltijden voor gebruikers? Voorzitter, bij de vernieuwing van de maaltijdvoorziening in 2023 zijn alle inwoners die gebruik maakten van de maaltijdservice via U-Centraal persoonlijk begeleid naar een passend alternatief.

En dat betrof ofwel begeleiding naar een van de drie gecontracteerde maaltijdaanbieders voor inwoners die een U-pas bezitten, ofwel naar een passend alternatief binnen de sociale basis. En wij zijn daar heel tevreden over, omdat bijvoorbeeld Buurtbuik hierdoor een vierde locatie heeft kunnen openen en het aantal Utrechters dat via thuisgekoopt.nl is gekoppeld aan een buurtgenoot bijna is verdubbeld. 2

Dan, voorzitter, hoe wij ervoor kunnen zorgen dat inwoners snel geholpen worden, voorzitter, dat doen wij als volgt. Als een inwoner met een ondersteuningsvraag bij het buurteam komt, wordt onderzocht wat een passende oplossing is. En daar wordt allereerst gekeken naar voorliggende voorzieningen en of dit georganiseerd kan worden in het eigen netwerk of in de sociale basis. Al die opties die ik net al noemde in antwoord op de eerste vraag. En het buurteam zorgt dan voor een warme toeleiding. Dank u wel, voorzitter.

David Bosch (Voorzitter) [00:28:43]: Dank, wethouder Voortman. Zijn er partijen die een aanvullende vraag hebben? Dat zie ik niet. De heer Van Steeg?

Bert van Steeg (CDA) [00:28:50]: Ja, dank. Maar dit is toch een geval waarbij het buurteam blijkbaar toch onvoldoende op de hoofd was van wat er kan, welke rechten mensen hebben, ook binnen de WMO. En als de wethouder dat niet herkent, is het toch gek dat dat dan gebeurt. Is zij bereid om toch nog eens bij de buurteams lang te gaan en te wijzen op wat die maaltijdvoorziening kan betekenen, ook voor individuele inwoners? Want u heeft het over samen eten, maar sommige inwoners willen ook gewoon zelf die maaltijd organiseren en dat moet ook kunnen.

Linda Voortman (College) [00:29:15]: Ja, zeker voorzitter. Dat is ook de reden waarom ik het niet alleen had over samen eten. Maar ik het ook had over de mogelijkheid dat buurtbewoners bijvoorbeeld koken voor hun buren. En dat mensen dan gewoon thuis in hun eentje kunnen opeten als ze dat om wat voor reden dan ook liever willen. En wat ik zou willen doen, want het gaat om één signaal van één inwoner. Ik zou heel graag willen weten om wie dat gaat, zodat we dat goed kunnen uitzoeken. En als het blijkt dat het breder is, dan kunnen we er altijd naar kijken. Maar ik zou gewoon deze ene inwoner graag zo snel mogelijk willen helpen.

David Bosch (Voorzitter) [00:29:45]: Van Steeg.

Bert van Steeg (CDA) [00:29:45]: Dank u wel daarvoor. Afhankelijk van de behoeften zullen we dat doen. En dan stond er natuurlijk ook nog een vraag over die evaluatie na de maaltijdvoorziening. Heeft die

3

plaatsgevonden en wat is daaruit gekomen? Want dat was volgens mij wel iets wat de raad is toegezegd.

Linda Voortman (College) [00:29:59]: Ja, voorzitter. Hier hebben wij de raad over geïnformeerd. Dat wij iedereen hebben begeleid naar een passend alternatief. En ook dat we dus ook meer initiatieven hiermee hebben kunnen betalen. Dus dat is wat wij gedaan hebben.

David Bosch (Voorzitter) [00:30:14]: Dank. Dan gaan we verder naar de volgende set vragen. Dat is geen sloopmelk op Utrechtse scholen. Dat is een vraag van de Partij voor de Dieren. Er staat een andere naam van, maar mevrouw Krul gaat het woord voeren. Of in ieder geval de vragen stellen. Gaat u gang.

Anneloes Krul (Partij voor de Dieren) [00:30:48]: Oké. Gisteren was het Wereld schoolmelkdag, een dag die in het leven is geroepen in de jaren 30 van de vorige eeuw om het melkoverschot terug te ringen. Een zogeheten crisiszuivelbureau werd opgericht en zorgde ervoor dat Nederlandse schoolkinderen dagelijks melk konden drinken, met de ongefundeerde bewering dat dit een gunstige invloed op de intellectuele prestaties en de gezondheid van kinderen zou hebben. Koemelk is nu inmiddels bewezen niet alleen ongezond voor kinderen, maar ook erg ongezond voor koeien. Koemelk is niet duurzaam. Achter een glas melk gaat enorm veel dierenleed en milieuschade schuil. De schoolmelk heeft nul beter levensterren van de dierenbescherming. Koeien worden gedwongen om veel meer melk te geven dan goed voor hen is en leven onder beroerde omstandigheden. Bovendien is melk drinken niet noodzakelijk voor een gezond voedingspatroon. Daarom noemen we deze melk ook wel sloopmelk. Scholen kunnen gratis aanspraak maken op deze melk, mits ze daarbij het bijgeleverde lesmateriaal afnemen. Bij de ontwikkeling van dit lesmateriaal is er geen onafhankelijk kennisinstituut betrokken, alleen de zuivelindustrie zelf, met steun van de EU. De Partij voor de Dieren maakt zich daar zorgen over, want onderwijsmateriaal hoort onafhankelijk en objectief te zijn.

Eerder dit jaar start de Partij voor de Dieren Amsterdam een campagne hiertegen om sloopmelk op Amsterdamse scholen tegen te gaan. Het Amsterdamse Stadsbestuur heeft dat erkend en gaat dat ook doen. Het zou mooi zijn als Utrecht hierin volgt. Daarom de volgende vraag. Deelt het college de mening dat schoolmateriaal onafhankelijk en objectief hoort te zijn en dat het daarom onwenselijk is dat scholen gekleurd lesmateriaal gebruiken? Zo nee, waarom niet? Is het college het met Partij voor de Dieren eens dat de zuivellobby hiermee kinderen en hun ouders onterecht leert dat zuivel essentieel is voor een gezond voedingspatroon?

4

Zo nee, waarom niet? Het Amsterdamse college heeft vorige week toegezegd haar zorgen over het schoolmelkprogramma kenbaar te maken richting het Europees Parlement. Is het Utrechtse college hier ook toebereid en ook om hierin samen op te trekken met het Amsterdamse college? Zo nee, waarom niet? En ziet het college mogelijkheden om dit ook bij Utrechtse scholen zelf kenbaar te maken? Zo ja, op welke manieren? Dank u wel.

David Bosch (Voorzitter) [00:32:57]: Dank u wel. De wethouder die zelf elke dag een kop sojamelk drinkt, Al dan niet vanaf een schoteltje gaat het antwoord geven op deze vraag. De heer Eerenberg.

Eelco Eerenberg (College) [00:33:20]: Ja, voorzitter. Dank u wel en dank aan de vragen. En uiteraard vinden we als college het belangrijk dat schoolmateriaal onafhankelijk is, objectief is... En dat het dus ook onwenselijk is als er op scholen lobby gevoerd wordt. Dus dat is het antwoord op vraag 1. En als we dan kijken van wat vindt het college van melk en schoolmelk, dan grijpen wij terug op het voedingscentrum. Want dat is gewoon de autoriteit op wat is gezond om te doen. En wat zegt het voedingscentrum? Die zegt dat zuivel niet essentieel is voor een gezond voedingspatroon. maar dat het wel belangrijke voedingsstoffen kan leveren, zoals eiwitten, calcium en vitamine B12, die ook op een andere manier zonder zuivel goed binnen te krijgen zijn. Dat is het formele standpunt van het voedingscentrum en daar sluit ik mij ook als wethouder volksgezondheid dan natuurlijk bij aan. Dan vroeg u of we samen met Amsterdam ten strijde willen trekken richting het Europees parlement. En wat ik u ga voorstellen is dat we eigenlijk een soort tussenstap doen. Want ik zou eigenlijk, en dat is vandaag niet meer gelukt, eerst eens bij Amsterdam willen navragen wat zij dan precies gaan doen. Hoe dat eruit ziet en waar dat op berust. En dan zal ik u in een vervolg, dat zal een kwartaalbrief onderwijs zijn, vertellen wat wij daarmee doen.

Ja, en tot besluit of wij mogelijkheden zien om dit bij de Utrechtse scholen zelf kenbaar te maken. Nou, ik heb toevallig met een aantal schoolbesturen... ter voorbereiding van deze vraag ook even een appje gestuurd van, nou, hoe gaat dit eigenlijk? Schoolmelk, speelt dat nog op jullie scholen? En eigenlijk zegt iedereen in antwoord daarop een beeld, wat u misschien ook zelf wel herkent, dat het voelt als iets van vroeger. Dus ik weet niet 5

zeker of het helemaal niet in Utrecht is, maar schoolbesturen zeggen van, nou, zouden we echt even heel goed moeten zoeken of dat überhaupt wel nog in Utrecht gebeurt en of dat nog op grote schaal gebeurt. Dus ik zal de schoolbesturen daar verder op bevragen en u daar ook over informeren.

David Bosch (Voorzitter) [00:35:18]: Dank u wel, heer Eerenberg. Zijn er aanvullende vragen van andere fracties? Dat zie ik niet. De Partij voor de Dieren zelf?

Anneloes Krul (Partij voor de Dieren) [00:35:26]: Nee, alleen fijn dat deze stap dat was.

David Bosch (Voorzitter) [00:35:29]: Dank u wel. Dan gaan we verder met de volgende set vragen. Dat is mondelingenvragen set 3. De heer Van Steeg gaat vast gaan lopen. Win-win voor het onderwijs en sociale veiligheid in Lunetten. En deze vraag is ook van de heer Van Steeg, een mede namens Utrecht Nu!. D66 en GroenLinks. En de heer Van Steeg, let u op de tijd die u nog heeft.

Bert van Steeg (CDA) [00:35:53]: Dank voorzitter. Ja, bewoners in de wijk Lunette, van wie kinderen naar de basisschool De Spits gaan, die maken zich zorgen over overlast rond de school. Hierover is er contact geweest met die school. En die school zegt, ja, wij hebben bijvoorbeeld ook een leegstaand deel van de school staan, waar ook een jongerenorganisatie jou in zou kunnen komen. En dat zou positief zijn voor het onderwijs daar, maar ook voor de sociale veiligheid in de wijk. Drie vragen daarover. Herkent u de overlast rond de school in de relatie met drugsgerelateerde criminaliteit? Klopt het dat er een beeld is van de groep die het betreft? Welke informatie kan hierover worden gedeeld? Twee. Welke stappen zijn gezet om de veiligheid rond de school te vergroten en welke stappen zullen worden gezet? En drie, ziet het college net als de ouders en de school zelf mogelijkheden om de stichting jou een plek te geven in het leegstaande gedeelte van het schoolgebouw? Deelt het college de mening dat dit past bij de ambitie om in te zetten op meervoudig ruimtegebruik in het terugdringen van leegstand? Zo ja, op welke manier gaat zij gehoor geven aan deze wens en welke stappen moeten nog worden gezet? Dank u wel.

David Bosch (Voorzitter) [00:36:54]:

6

U ook bedankt en u kunt weer even ademhalen. De heer Eerenberg gaat dit ook beantwoorden, zie ik. Komt graag op scholen.

Eelco Eerenberg (College) [00:37:13]: Ja, voorzitter, dank u wel. Helaas herkennen wij de signalen, dus er is inderdaad veel aan de hand, niet in de positieve sfeer rondom de school. Er zijn veel meldingen van overlast, veel van die overlast ziet bijvoorbeeld ook op het afsteken van vuurwerk zijn veel meldingen bij de politie die gaat ook over altijd naartoe wat er ook aan de hand is is dat het gewoon een ontmoetingsplek voor jongeren is geworden feitelijk in de wijk dus men ontmoet elkaar daar gaat daar hangen en doen dingen die zeker de buren liever niet hebben die ze daar doen we hebben helaas geen heel concreet beeld van de groep dus we kunnen geen conclusie nog verbinden aan wat is dat voor groep jongeren en zijn dat dan jongeren die met drugscriminaliteit wel of niet bezig zijn dat is Niet te zeggen. De politie is wel bezig om samen met onze eigen mensen van toezicht en handhaving een beeld te vormen van de groep. Er worden ook personalia vastgelegd op het moment dat de politie langskomt. Maar dat is nog onvoldoende informatie om een conclusie over de aard van de groep te kunnen stellen. Er zijn al een aantal stappen ondernomen om de veiligheid rondom de school te verbeteren. De politie gaat er vaker langs. Het zit nu ook standaard in de surveillance rondes, maar daarbuiten gaan ze er vaker langs. Wij hebben een zogenaamd jeugdoverleg, ook samen met het jongerenwerk.

Dat is dezelfde stichting Jouw waar u aan refereert. Die extra wijkrondes doen en extra op het schoolplein aanwezig zijn. We zijn bezig met extra snoeien van groen rondom parkeerplaatsen. De speelplaats wat aan te passen, zodat die ook wat minder uitnodigt om te ontmoeten en te hangen. De hekken en de doelen zijn ook aangepast om geluidsoverlast van het spelen en hangen te verminderen. We blijven dit volgen en als er nog meer aangepast moet worden, dan kijken we daar ook naar. Dan de vraag, zou het niet een mooi idee zijn om Stichting Jouw een huiskamer te laten starten in het leeggestaande lokale van de school? Daar moet ik een wat genuanceerd antwoord op geven, omdat er al een jongerenhuiskamer in de Musketon zit. En dat is 500 meter verderop. En dat betekent dat we ook een beetje moeten kiezen met elkaar. Zeker ook in de financiële tijden waarin we leven. En vanuit Stichting Jouw is het natuurlijk ook gewoon fijn om vanuit die musketon een wat breder gebied in de lunetten te kunnen beslaan. Wat we wel gaan doen, dat zeg ik u dus ook toe, is dat we eens met het schoolbestuur in gesprek gaan. Zij zijn juridisch eigenaar van het pand. Stel, jou wil daar een keer wat organiseren. Dat is misschien net wat anders dan een vaste huiskamer met alle kosten. En misschien zelfs ook wel de vraag of dat dan naast de musketon kan bestaan.

Of zij jou daar toegang toe willen verlenen om daar eens af en toe wat te organiseren. Soms kan het ook wat kleiner dan meteen een huiskamer. Dus dat gaan we voor u navragen.

David Bosch (Voorzitter) [00:40:00]:

7

Ja, dank u wel. De heer Eerenberg, zijn er partijen met aanvullende vragen? GroenLinks, gaat uw gang. Mevrouw Vermeulen.

Maartje Vermeulen (GroenLinks) [00:40:11]: Ik ben vorige week ook op de locatie geweest, want het is inderdaad het gymlokaal achter de school. Een groot gebouw, er staan veel ruimtes leeg, het zijn er niet één. En de school gaf aan duidelijk graag te willen dat daar weer iets gaat gebeuren. Dus zouden er ook andere partijen bijvoorbeeld meer, de schoolachtige activiteit of andere mogelijkheden zijn? En zou de wethouder willen kijken van samen met de school en met de sociale partners of daar behoefte aan is?

Eelco Eerenberg (College) [00:40:41]: Het antwoord voorzitter is ja, want ja, als die behoefte er is, dan willen we daarover in gesprek gaan. Maar het gebruiken van een lokaal brengt natuurlijk ook altijd wel weer kosten met zich mee. En als het dan partijen zijn die gesubsidieerd zijn, dan komt die rekening vaak weer bij ons. En dan geeft onze huidige financiële situatie daar weinig ruimte voor. Dus dat is even het kader waarin ik u ja zeg.

David Bosch (Voorzitter) [00:41:05]: Heeft de heer Van Steeg nog een vraag? Dan moet hij dat binnen zes seconden kunnen proppen. Gaat uw gang.

Bert van Steeg (CDA) [00:41:10]: Ja, in ieder geval de wethouder zegt ja, maar hij zegt dus toe dat in ieder geval de maatschappelijke functies die die panden kunnen krijgen, die kunnen die panden dus ook krijgen, zodat we leegstand kunnen voorkomen en het geld niet onnodig naar andere dingen gaat dan naar onderwijs.

Eelco Eerenberg (College) [00:41:25]: Kijk, voorzitter, als er mooie samenwerkingsverbanden zijn die daar passen in die school en iedereen is blij en we kunnen het ook binnen onze financiële kaders waarmaken, natuurlijk. En tegelijkertijd weet ik uit mijn ervaring dat er ook heel veel scholen zijn waar als we dan een functie toevoegen of een medegebruik van een lokaal doen, dat dat ook heel veel dilemma's meebrengt. Wie is er s'avonds, hoe ziet het er de volgende ochtend uit, et cetera. Dus het is soms wat genuanceerder dan dat, maar als het kan, dan doen we het.

8

David Bosch (Voorzitter) [00:41:57]: Dank. Dan gaan we weer verder met de volgende vragen. Dat zijn mondelingenvragen 4. Onzekerheid over koffieshopvergunning. Lieve maatwerk dan aanscherping. De vraag wordt gesteld door Bram Janmaat van D66. Mede namens GroenLinks, Volt, Student & Starter en Partij voor de Dieren. Gaat uw gang, meneer Janmaat.

Bram Janmaat (D66) [00:42:21]: Dank u wel, voorzitter. Voor de zomer meldde een ondernemer zich bij de gemeente met een concreet plan voor een nieuw coffeeshop aan de Beeldse straatweg, aan de rand van de stad. Dit plan past goed bij ons beleid om coffeeshops beter over de stad te spreiden en zo de druk op de binnenstad te verlichten. In gesprekken met de gemeente is echter duidelijk geworden dat de vergunning moeilijk ligt, omdat er in de buurt een tijdelijke opvanglocatie voor asielzoekers zit. Uit de beantwoording van eerdere schriftelijke vragen van D66 en GroenLinks blijkt dat de vergunning als minder kansrijk wordt ingeschat vanwege de kwetsbaarheid van bewoners en de aanwezigheid van kinderen en jongeren. We begrijpen dat hier zorgvuldig naar gekeken moet worden. Tegelijkertijd roept dat vragen op. Overal in de stad wonen immers kwetsbare mensen en kinderen. Als dit een harde reden wordt om een vergunning te weigeren, waar kan een coffeeshop zich dan nog wel vestigen? En belangrijker nog, werkt dit dan ook andersom? Zou een tijdelijke opvanglocatie voor asielzoekers dan niet meer in de buurt van een coffeeshop, een club of een kroeg kunnen worden gerealiseerd? Maakt dat toekomstige locaties voor opvang niet nagenoeg onmogelijk? Onze fracties staan voor een stad die in dit soort situaties met oplossingen komt en heldere afspraken en maatwerk.

Niet met een bot afstandscriterium. De burgemeester heeft in haar antwoorden gehind op het aanscherpen van het coffeeshopbeleid, maar dat is volgens ons de verkeerde weg. Daarom hebben de fracties van D66, GroenLinks, Volt, Student & Starter en Partij voor de Dieren de volgende vervolgvragen. 1. Ziet het college de nabijheid van deze opvanglocatie op dit moment als een doorslaggevende belemmering voor het verlenen van een coffeeshopvergunning? Of is zij bereid om via maatwerkafspraken een oplossing te vinden? 2. Hoe gaat het college zorgen voor een helder en snel proces, zodat deze ondernemer en toekomstige ondernemers weten waar ze aan toe zijn voordat ze onomkeerbare investeringen doen? En drie, kan het college toezeggen dat zij afzien van het aanscherpen van het coffeeshopbeleid met een afstandscriterium tussen coffeeshop en opvanglocaties. En in plaats daarvan kiest voor een beoordeling per geval, zodat zowel opvanglocaties als coffeeshops zich in Utrecht kunnen blijven vestigen.

David Bosch (Voorzitter) [00:44:22]:

9

Dank u wel. En dat precies binnen de twee minuten. Keurig. Voor de beantwoording gaan we bij coffeeshops eigenlijk altijd naar de burgemeester. Die loopt nu naar de spreekgestoelte. De burgemeester.

Sharon Dijksma (Burgemeester) [00:44:40]: Voorzitter, dank u wel. Antwoord op de eerste vraag. Als er een combinatie van bepaalde functies in elkaars nabijheid is, bijvoorbeeld in het geval van zeer kwetsbare personen of een vergroot risico op overlast dan is het echt van groot belang om te kijken naar de wenselijkheid van zo'n combinatie. En zeker als voorzieningen echt heel dicht op elkaar worden geplaatst. En dan is het juist zo dat alleen maar sturen op maatwerkafspraken juist kan leiden tot onduidelijkheid en ook wel tot willekeur. En ik denk dat dat laatste ook iets is wat je zou moeten voorkomen. Met afstandscriteria wordt juist een helder kader gesteld waarbinnen gegadigden een aanvraag kunnen doen. Het afstandscriterium voor opvanglocaties zou dan zo'n doel ook dienen. Daarnaast is het vanzelfsprekend zo dat behandeling van specifieke aanvragen ook altijd op zichzelf wordt beoordeeld. Dan kan er sprake zijn van maatwerk. Tweede vraag, hoe gaan we zorgen voor een helder en snel proces? We hebben natuurlijk een beleid wat gepubliceerd is. Daar staat ook gewoon de criteria in. Behalve dan die van de voorgenomen wijziging ten opzichte van opvang van kwetsbare mensen. En dat is precies de helderheid die ook wordt verwacht. En op dit moment hebben we eigenlijk nog niks vastgelegd over die combinatie van opvang van heel kwetsbare personen.

met in de directe omgeving een coffeeshop. En ik denk juist dat het verstandig is om dat wel te doen. Gegadigden die op de wachtlijst staan om bijvoorbeeld een coffeeshop te vestigen worden ondersteund bij het doel van hun aanvraag. Meestal is er ook tijdens een proces heel veel contact met een aanvrager. Maar je moet wel verschillende stappen door om uiteindelijk tot de benodigde vergunningen te komen. En dat kost ook tijd. En ik denk dat dat ook wel gerechtvaardigd is. En dan de laatste vraag. Dat is eigenlijk de vraag, zou je willen afzien van het aanscherpen van het beleid. Ik heb natuurlijk de ondertekenaars van deze vragen gezien. Maar ik zeg er ook bij ik vind eigenlijk dat we dan toch eerst wel het debat hier maar over moeten voeren. Dan kunnen we anders dan bij alleen mondelingen vragen denk ik in de volle breedte ook met elkaar wegen wat nou wel en niet verstandig is. En ik zou u om die reden willen vragen ga mij nu niet Al zonder debat vertellen wat er nou wel en niet gewijzigd mag worden. Maar wacht gewoon een voorstel af. En als u het er dan nog niet mee eens bent, dan kunt u het altijd wegstemmen. Maar dat lijkt me eerlijk gezegd een betere manier dan via mondelingen vragen. Nu een soort quick routing te kiezen naar iets tegenhouden wat misschien toch verstandig is.

David Bosch (Voorzitter) [00:47:37]: En ook de burgemeester bleef precies binnen de drie minuten. Dank u wel. Even kijken, zijn er aanvullende vragen? De heer Stam van Volt.

Anton Stam (Volt) [00:47:47]:

10

Ja, voorzitter. De burgemeester zegt, wachten we al een voorstel af. Maar naar ik begrijp is de beleidsregel een collegebevoegdheid. En zouden we niet zomaar een voorstel als raad voorgelegd krijgen? Bedoelt de burgemeester hiermee dan, agendeer dit als raad en dan wacht ik dat ook af tot ik handel?

Sharon Dijksma (Burgemeester) [00:48:06]: Voorzitter, ik denk dat dat in dit geval wel verstandig is. Want ik merk natuurlijk dat u bepaalde opvattingen over dit onderwerp hebt. En ik zou het wel een goed idee vinden om tenminste het debat met elkaar in volle omvang te kunnen voeren. En uiteraard is aan het einde van de dag de raad natuurlijk ook altijd wel ergens de baas, zoals u weet. Ook al is iets een collegebevoegdheid.

David Bosch (Voorzitter) [00:48:32]: Nou ja, ergens. Maar de heer Stam.

Anton Stam (Volt) [00:48:40]: Voorzitter, dank u wel. Dan heb ik nog een tweede vraag. Kan de burgemeester ook toelichten wat het effect van deze voorgenomen beleidswijziging zou zijn op de mogelijkheden om opvanglocaties te vinden in de stad?

Sharon Dijksma (Burgemeester) [00:48:49]: Voorzitter, natuurlijk dat zal er zijn, want dit gaat een effect hebben. Maar we hebben hier wel ook te maken met twee belangrijke, voor volgens mij ons allemaal, als ik het zo mag zeggen, issues. Namelijk aan de ene kant onze toch niet al te gemakkelijke zoektocht naar nieuwe plekken waar coffeeshops gevestigd kunnen worden. En inderdaad niet alleen in het centrum. Dus daar heeft de vraagsteller zeker gelijk in. Maar aan de andere kant ook het feit dat we op zoek zijn naar plekken voor mensen die opvang nodig hebben. En het gaat hier om een specifieke en ook zeer kwetsbare doelgroep. En ik vind wel dat je dan moet wegen dat je Nou, dat misschien niet op die manier naast elkaar wilt hebben. En dat betekent niet dat er vervolgens in de stad geen ruimte meer zou zijn. En wij zijn ook, nou, recent hebben we natuurlijk nog op een industrieterrein ook gezien dat er gewoon ruimte kwam. Dus we zijn wel degelijk ook bezig om de motie die u ook heeft aangenomen van zorgen voor dat er ook plek is om dat ook uit te voeren. Maar er zijn gewoon ook risico's aan sommige locaties.

David Bosch (Voorzitter) [00:50:04]: Heb je nog een derde vraag? Nee. De indiener, de Janmaat misschien?

11

Bram Janmaat (D66) [00:50:09]: Ja, ik ben dan nog wel benieuwd, want als het dan om deze specifieke casus gaat, dan is het de nabijheid van groot belang. Maar hoe gaat de burgemeester dan ook duidelijkheid verschaffen aan de ondernemers die hier dus wel een plan voor hebben?

David Bosch (Voorzitter) [00:50:23]: De burgemeester.

Sharon Dijksma (Burgemeester) [00:50:24]: Nou, voorzitter, ik denk dat dat gewoon in het normale traject nu... ook zijn beslag krijgt, zoals u eigenlijk vraagt, maatwerk. Maar ik vind wel, dit is een argument wat op deze specifieke locatie voor ons echt van belang is. Namelijk die kwetsbare doelgroep in eigenlijk diezelfde hoek heel dichtbij. En het is niet ver, lijkt mij juist, om alleen één ondernemer op basis van een casus daarmee te confronteren als je dit dan niet op andere plekken in de stad ook zou doen. En vandaar ook dat ik het belangrijk vind om navolgbaar te zijn. Dat is een van de dingen die u ook altijd van mij vraagt. Het stond zelfs in mijn, hoe heet zoiets, in uw set met criteria waar de burgemeester aan moest voldoen. Wees navolgbaar. Dan heb je dus ook een kader waar ook ondernemers van weten waar ze aan toe zijn. Dus ik heb zelf het gevoel dat ik nog volstrekt binnen mijn mandaat zit.

David Bosch (Voorzitter) [00:51:29]: Dank, want ik zie de heer Janmaat Nee schudden. Dan gaan we met geschwinde spoed verder naar de volgende vraag. Dat zijn vraag nummer 5. Sorry. Stop ontruiming Tentenkamp Blauwkapel. En die vragen worden gesteld door mevrouw Oul Fakir van BIJ1. Mede namens Link.

Oul Fakir (BIJ1) [00:52:04]: Dank u wel, voorzitter. In Utrecht woont momenteel een groep mensen in tenten en een vouwwagen langs de spoorlijnbouwblauwkapel. Het gaat om een diverse groep arbeidsmigranten uit EU-landen die hun paspoort kwijt zijn geraakt, vaak door het toedoen van werkgevers, maar ook andere dak- en thuislozen die er omstandigheden nergens terecht kunnen. Voor hen is dit kamp geen luxe, maar een laatste redmiddel om überhaupt te kunnen overleven. En in plaats van passende alternatieven te bieden, heeft de gemeente echter een civiele procedure gestart om het terrein te laten ontruimen. Daarmee dreigt Utrecht mensen die toch al in een uiterst kwetsbare positie verkeren, nog verder weg te duwen. De fractie van BIJ1 en Link stelt daarom de volgende vraag aan het college. Heeft de gemeente Utrecht de checklist gelijke behandeling toegepast op de bewoners van dit kamp en kan zij uitsluiten dat de gemeente momenteel haar plicht tot opvang verzaakt? Indien de checklist niet is toegepast, waarom is dan gekozen voor een juridische ontruimingsprocedure in plaats van het starten met implementatie en het faciliteren van passende opvang of alternatieven? Twee, herkent het 12

college dat de trajecten van stichting Barka, terugkeer of begeleiding naar werk, voor veel bewoners geen passend of structureel alternatief bieden? Er is namelijk niet gegarandeerd toegang tot onderdak, opvangplekken en zijn beperkt aan het werk. Dat een huisvesting wordt gekoppeld maakt bewoners extra kwetsbaar. Herkent het college dat er dus feitelijk geen werkbare opties zijn geboden? Zo nee, waarom niet? Hoe voorkomt het college dat incidenten zoals het aantreffen van één gestolen fiets leiden tot stigmatisering... van de hele groep en welke verantwoordelijkheden neemt het om solidariteit en begrip vanuit de stad te bevorderen? En tot slot, is het college bereid de juridische procedure tot ontruiming te staken totdat er menswaardige alternatieven beschikbaar zijn?

David Bosch (Voorzitter) [00:53:44]: Ja, dat waren de vragen. Nu heb ik begrepen dat de heer De Vries die gaat beantwoorden. Wethouder De Vries, wethouder Tentenkampen. Dennis de Vries (College) [00:54:00]: Ja, nu heeft u goed begrepen dat ik ze ga beantwoorden, voorzitter. Dank voor het stellen van deze vragen en ik zal 1 en 1a even samen beantwoorden. Barca is de organisatie die deze checklist uitvoert en helaas hebben de EU-migranten op het terrein de ondersteuning door Barca geweigerd, waardoor het doorlopen van de checklist onmogelijk is gebleken. De kans dat zij recht op opvang hebben is klein, maar omdat ze niet meewerken kunnen we dat recht op opvang ook niet aantonen of uitsluiten. En los van deze situatie is het ook goed om te weten dat in de praktijk blijkt dat slechts een enkeling de checklist succesvol kan doorlopen. En het heeft ook te maken met de bewijslast horende bij deze checklist. En we zijn niet zonder meer gestart met deze juridische procedure. We hebben de bewoners meermaals ondersteuning aangeboden als het gaat om doorgeleiding naar opvang, zorg of andere begeleiding. En dat is ook in lijn met motie civielrechtelijk, niet strafrechtelijk bij kraken. We zijn eerst met personen op het terrein in gesprek gegaan met het verzoek ook of zij het terrein wilden verlaten.

En helaas heeft dat er uiteindelijk ook niet toe geleid dat de personen vrijwillig het terrein hebben verlaten. Antwoord op de tweede vraag. Hier zijn wij het niet mee eens. De trajecten van Stichting Barca blijken in Utrecht en in heel Nederland succesvol en sluiten ook aan op de juridische en maatschappelijke werkelijkheid. De misstanden op de arbeidsmarkt en de gevolgen voor de arbeidsmigranten zijn ons natuurlijk zeer bekend. Daarom zetten we ook in op een gecoördineerde aanpak voor Europese arbeidsmigranten met middelen uit de voorjaarsnota 2025. Over deze gecoördineerde aanpak zal de Raad in Q1 2026 met een brief worden geïnformeerd. Dan het antwoord op de derde vraag. Het college spreekt zich alleen uit over de feitelijke situatie op het tentenkamp en geeft geen kwalificatie over de bewonersgroep. Gezien de overlast die omwonenden van het tentenkamp ervaren, kunnen we ons echt voorstellen dat een deel van de omwonenden een vrij negatief beeld van het tentenkamp heeft. En de bewonersgroep van het tentenkamp is verantwoordelijk voor hun eigen imago. En het is niet aan het college om hierop een interventie te plaatsen. Dan het antwoord op de vierde vraag. Ontruiming heeft altijd zeer ingrijpende gevolgen. En juist daarom wordt dit ook door een rechter getoetst. Zoals ook aangegeven in ons antwoord bij vraag 1 hebben wij er echt alles aan gedaan om dit te voorkomen.

Door juist ook met de groep in gesprek te gaan en te schakelen met maatschappelijke partners. Dat heeft 13

helaas niet toegeleid dat zij zijn vertrokken. En daarom is ook besloten om een civiele procedure te starten. Er bestaat op dit moment geen aanleiding om de juridische procedure te staken en er is inmiddels ook een datum voor het kort geding bepaald en dat is op 27 oktober. En in dit specifieke geval is ook besloten om over te gaan op ontruiming op basis van een aantal overwegingen. De huidige situatie op het terrein is niet menswaardig. Er zijn geen sanitaire voorzieningen, er wordt gekookt op barbecues, vermoedelijk gewassen in de sloot en een behoefte wordt ook op het terrein gedaan. En zeker ook met de winter in aantocht levert dit ernstige gezondheidsrisico's op. Daarnaast zijn er meldingen van overlast en intimidatie vanuit de omgeving. Bewoners voelen zich onveilig en laten hun kinderen niet meer langsfietsen. Ook naar hen hebben wij een verantwoordelijkheid te nemen. Op het terrein zelf zijn gestolen goederen aangetroffen en de politie moet regelmatig ingrijpen. Er zijn echt meerdere incidenten geweest. Het toestaan van bewoning op dit terrein zou bovendien een ongewenste presidentwerking creëren. Tot slot zal het terrein worden ontwikkeld tot een ecologisch park als onderdeel en in het verlengde van het Fort Blauwkapel. Het terrein wordt daarmee openbaar gebied. En hiervoor is het ook van belang dat het terrein leeg wordt opgeleverd.

Nou, dit zijn een aantal van de afwegingen die wij ook hierbij hebben gemaakt, voorzitter. En ik zie u al kijken, dus ik hou nu even op.

David Bosch (Voorzitter) [00:57:32]: Ja, inderdaad. Maar goed, dat was wethouder De Vries. Zijn er aanvullende vragen op deze beantwoording? Dat zie ik niet. Mevrouw Oul Fakir misschien? Ja, gaat u gang.

Oul Fakir (BIJ1) [00:57:44]: Nou ja, het is toch niet zo dat er voor alle mensen die daar nu moeten overleven, dat er ook een passende oplossing voor is. Dus het is niet zo dat de gehele groep een soort van zorg heeft afgeslagen of zorg mijdend is. En dat laat denk ik ook zien hoe het systeem niet werkt. Mensen slapen daar noodgedwongen en tegelijkertijd zijn er niet altijd passende oplossingen. Dus we begrijpen dan niet dat dit de keuze is die daaruit volgt als het hele systeem nog niet op orde is. Voor niet iedereen is opvang. Hoe kijkt de wethouder daarnaar?

Dennis de Vries (College) [00:58:14]: Ja, voorzitter, het begint natuurlijk bij het in gesprek gaan met elkaar. En als wij al niet in gesprek kunnen komen en ook Barka niet in gesprek kan komen, dan houdt het natuurlijk ook al wel op. Dus volgens mij begint het wel daarbij en wij zien gewoon dat die bereidwilligheid er niet is. Ja, en dan moeten wij vervolgens wel overstappen op vervolgacties zoals we hierbij ook doen en die we ook laten toetsen door een rechter. En ja, ik heb een aantal van de overwegingen ook net met u gedeeld en dat zijn volgens mij niet de minste.

14

David Bosch (Voorzitter) [00:58:40]: Dank, wethouder. Had u nog een aanvullende vraag nog daarna of... Oh, de tijd is al wat keurig. U had er misbruik van kunnen maken in dit geval. Maar dat is keurig. Dan gaan we verder met de volgende set vragen. Dat is mondelingenvraag nummer 6. Dat is Utrechtse huishoudens verplicht tot online apotheek. Deze vragen worden gesteld door mevrouw Assen van de PvdA. Mede namens GroenLinks, Stadsbelang Utrecht en Utrecht Nu. Mevrouw Assen, het woord is aan u.

Hester Assen (PvdA) [00:59:25]: Ja, voorzitter, ook vanwege de vraag na mij zal ik de inleiding wat inkorten. Goede wijkgerichte samenwerking in de eerste lijn zorgt voor een groot belang voor de gezondheid van inwoners. Huisartsen, apothekers en andere zorgverleners in de wijk bouwen samen aan een netwerk waarin snel geschakeld kan worden. We geloven in een samenwerking waarin mensen op elkaar kunnen rekenen. En waarin zorgverleners samenwerken om iedereen de zorg te bieden die nodig is. Sorry, mijn computer. Oh, superfijn, dankjewel. In Utrecht zien we daar gelukkig mooie voorbeelden van. Waar de zorg dichtbij in de wijk is en de zorgverleners betrokken zijn met hun patiënten. Maar online apotheken doen daar afbreuk aan. Daar hebben we een voorbeeld van gekregen. Vraag 1. Is het college bekend met de knelpunten die ontstaan zijn door de toename van online apotheken in de wijkgerichte zorg? Deelt het college de zorgen dat deze ontwikkeling de samenwerking binnen de eerste lijn onder druk zet? En is het college bereid om hierover in gesprek te gaan met huisartsen, apothekers en zorgverzekeraars in de stad om te kijken wat mogelijk is om deze samenwerking te beschermen? En ziet het college mogelijkheden om in regionaal of landelijk overleg aandacht te vragen voor de negatieve impact van landelijke regelgeving op lokale samenwerking in de zorg.

En tot slot kan het college onderzoeken of er ondersteuning mogelijk is om wijkgerichte zorgverleners beter te te positioneren ten opzichte van commerciële zorgaanbieders die geen binding hebben met de wijk.

David Bosch (Voorzitter) [01:00:58]: Dank u wel. Dank u wel, mevrouw Assen. Wethouder Eerenberg. Dit valt onder volksgezondheid dus. Nee, valt het er eigenlijk niet onder, heer Eerenberg?

Eelco Eerenberg (College) [01:01:10]: Nee.

David Bosch (Voorzitter) [01:01:10]: Dank u. Dat gaat u nu juist zeggen.

15

Eelco Eerenberg (College) [01:01:13]: Nou, dat gaan we dan horen. Ja, voorzitter, dank. Uiteraard dank voor de vragen. En ik heb ook kennis genomen van het LinkedIn-bericht met de specifieke casus waar de vragen op gebaseerd zijn. En dat is ook een soort juridisch geschil. En ik wil dan ook niet in dat geschil treden en daar dus ook geen onderdeel van worden. Dus mijn antwoorden gaan over zijn algemeenheid. En wij hebben dan ook navraag gedaan bij Sterk Zorg, dat is de eerste lijnsorganisatie in onze stad, van herkennen jullie dit beeld in zijn algemeenheid? En hun antwoord was nee. Dus zij weten dat het misschien hier en daar tot dit dilemma speelt, maar niet als een algemeen probleem wordt herkend. Dan vraagt u wat het college in zijn algemeenheid vindt. Natuurlijk is het in de algemeenheid zo fijn dat zorgaanbieders goed met elkaar kunnen overleggen voor patiënten. Dat kan ik niet met u oneens zijn. En tegelijkertijd weet ik dat er een groep patiënten zijn die juist het heel fijn vinden om van online zorgverleners gebruik te kunnen maken. Dat is soms beter te combineren met het leven wat we tegenwoordig hebben. Ook dat is een waarheid voor sommige patiënten. Dan vraagt u of het college hiermee aan de slag wil gaan. Het eerlijke antwoord is dat ik dat niet van plan ben, omdat de Nederlandse zorgautoriteit...

hier ook gewoon echt formeel de positie heeft om een aantal van de afspraken die er zijn over samenwerking tussen partijen in het zorgdomein te bewaren. Er liggen ook allerlei wettelijke kaders onder, daar wordt ook op toegezien. En ik heb daar eigenlijk maar een hele beperkte rol in, anders dan dat ik, en dat is het antwoord op vraag 4, de huisartsenkoepel, de LHV, die toevallig aanstaande maandag weer spreekt, zal vragen hoe zij als koepel hiermee om willen gaan. Want als iemand met gezag dit zou kunnen agenderen, is het de huisartsenkoepel. Maar ik weet niet wat hun standpunt in deze is. Tot besluit vraagt u of wij iets kunnen doen om de ene zorgverlener beter te positioneren ten opzichte van de andere zorgverlener. Overigens zijn alle apothekers commerciële instellingen en niet alleen de online apothekers. En dat kan ik niet doen. We hebben nou eenmaal de zorg in ons land als vrije markt georganiseerd. Daar kunnen we ook nog een heel debat over organiseren. Maar dat betekent dat ik niet aan marktordening kan doen. Overigens kan ik dat vanuit lokaal perspectief al helemaal niet.

David Bosch (Voorzitter) [01:03:38]: Dank u, heer Eerenberg. Zijn er aanvullende vragen? Dat zie ik niet. Mevrouw Assen nog behoefte? Ja, mevrouw Assen.

Hester Assen (PvdA) [01:03:46]: Ja, voorzitter, want ik moet zeggen dat ik het eigenlijk best wel uitzonderlijk vind dit bericht op LinkedIn te lezen, want ik denk dat het voor een huisarts ook best een drempel is om dat te doen. Dus ik vind het antwoord dat het is algemeenheid niet wordt herkend niet zo geruststellend dat het niet tot problemen leidt. Dus is er niet nog een andere manier waarop de wethouder in zijn algemeenheid nog zou kunnen toetsen of dit misschien wel een toenemend probleem is? 16

Eelco Eerenberg (College) [01:04:15]: Ja, voorzitter, ik vond het vragen aan de vereniging van eerste- lijns- organisaties, dus huisarts in onze stad, sterkzorg, wat we vandaag gedaan hebben, eigenlijk best een goede manier om erachter te komen. En die zeggen, en ik vertrouw ze daarin, dat zij het niet herkennen als een algemeen probleem.

David Bosch (Voorzitter) [01:04:10]: Mevrouw Assen, Tweede maal.

Hester Assen (PvdA) [01:04:32]: Ja, dan nog het andere punt, want ik ben wel blij ook toevallig dat dan maandag de LIV bij elkaar komt om het daar aan bij te toetsen. Er zijn zeker mensen, en ik denk dat ik daar zelf ook toe behoor, voor wie het heel prettig is om 24x7 medicijnen te bestellen, et cetera. Alleen de groep mensen waar deze overleggen juist zo nodig en waardevol voor zijn, zijn vaak wel kwetsbaardere mensen die denk ik misschien net een andere groep zijn soms. Dus ik hoop toch dat de wethouder wel ook vanuit dat oogpunt, nou ja, dit in ieder geval wel op het vizier wil houden. En ik snap dat zijn rol om erin in te grijpen beperkt is, maar daar wel alert op te zijn.

David Bosch (Voorzitter) [01:05:15]: Wethouder.

Eelco Eerenberg (College) [01:05:16]: Ja, kijk voorzitter, en dat zei ik ook in zijn algemeenheid, denk ik dat het beter is als zorgorganisaties goed met elkaar overleggen over wat de beste zorg voor cliënten en patiënten is. Ik denk eerlijk gezegd dat dat een belangrijke waarde is dan of iemand toevallig online medicijnen uitlevert, ja of nee. Dus de vraag die hier misschien onder zit, maar dat is ook een andere vraag, is als jij een online apotheek bent, hoe zorg je er dan voor dat jij ook gewoon benaderbaar bent, bereikbaar bent, ook als het spoed heeft of als huisartsen maar twee minuten hebben om de call te maken. Dat vind ik een gerechtvaardigde vraag. Dat heb ik weer van deze casus geleerd om dat ook in het achterhoofd te houden. Maar dat is een net wat andere vraag dan is het de wijkapotheek versus de online apotheek. Omdat ik die ordening nou eenmaal niet mag doen. En tot besluit, voorzitter, ik heb het LinkedIn-bericht van de huisarts gelezen. Ik snap natuurlijk... Helemaal de emoties die daar vanaf spatten. Maar ik hoop dat u mij dat gunt. Even geen partij worden in het dreigende juridische geschil wat daar achterweg lijkt te komen.

17

David Bosch (Voorzitter) [01:06:21]: Dank. Dan gaan we nog naar de mondelingenvragen 7. Dat is blijft maatschappelijke functie Azo tot tot behouden? Mevrouw Vermeulen van GroenLinks loopt naar voren en de vraag is mede namens de PvdA. Ja, het woord is aan mevrouw Vermeulen.

Maartje Vermeulen (GroenLinks) [01:06:49]: Ja. Dank voor het woord. Het voormalige Azotot is verkocht aan kerkgenootschap Best Life Church. En naast muziek waren hier ook activiteiten zoals Jeu de Boel. Bij de verkoop was er veronderstelling dat er ruimte zou blijven voor maatschappelijke activiteiten. Inmiddels hebben we begrepen dat het niet goed loopt en dat de Jeu de Boel-vereniging moet uitwijken naar IJsselstein. Terwijl vrijwel alle tachtig leden uit de meer in komen en ze liever op hun baan bij Azotot blijven. De fracties van GroenLinks en Partij van de Arbeid hebben hierover de volgende vragen. Klopt het dat er met de kerk afspraken zijn gemaakt over het behoud van maatschappelijke functies van het gebouw in het oude Azotot in de Meern? In hoeverre is het voor verenigingen of bewoners uit de buurt nog mogelijk om in het gebouw activiteiten te organiseren? Is het college bekend met de problemen die de Jeu de boules-vereniging ondervindt om in de Meern een plek te vinden of te houden? Is het college bereid om met partijen te spreken om te kijken wat mogelijk is om de Jeu de boules-vereniging weer een plek te kunnen geven in de Meern en bij voorkeur op hun oude baan die ze in zelfbeheer hadden? Dank voor de vraag.

David Bosch (Voorzitter) [01:07:54]: Dank u wel. Wethouder Maatoug. We hadden nog twee keuzes, maar...

Senna Maatoug (College) [01:08:19]: Graag gedaan. Dank voorzitter. Ik ga meteen beantwoorden. De eerste vraag, ja is het antwoord. De iets langere versie, de kerk richt zich ook op jongeren en heeft bij de aankoop van het pand aangegeven. Ik heb mijn kaart er nog niet in gedaan voorzitter, dus ik ben nu anoniem. Ja, dat was toch wel even leuk. De kerk die ook graag ruimte wil blijven geven aan jongerenactiviteiten zeg ik richting de vraagstellers. In een erfpachtbrief die wij stuurden als reactie op de voorgenomen koop hebben wij opgenomen dat de plek inclusief beschikbaar moet blijven voor jongerenactiviteiten. Dat hebben we vanuit de gemeente gedaan. Het jongerenwerk huist er bijvoorbeeld ook nog met een huiskamerproject voor jongeren uit de Meern... En deze afspraken zijn recent verlengd. Dan de tweede vraag, voorzitter, over activiteit vanuit de buurt. Dat is nog steeds mogelijk. Maar de kerk geeft wel aan dat de focus van hun activiteit in het pand anders is geworden. Zaalverhuur is voor de kerk geen kernactiviteit, maar aanvullend op de eigen activiteiten. Richting wijkpartijen heeft Best Life Church aangegeven graag initiatieven... uit de buurt te huisvesten en er bestaat mogelijkheid om het gebouw te huren. Zoals net bij vraag 1 al vermeld, huisvestenkerken jongerenhuiskamer van het jongerenwerk Utrecht-Jouw.

Ook vindt er eind november een theatervoorstelling over sport en beweging plaats, 18

georganiseerd door Sport Utrecht in samenwerking met Jouw. Een buurtoverleg met wijkprofessionals van de Meern vindt begin oktober ook plaats in het pand. Dus we zien dat aan die invulling echt wel ook gevolg wordt gegeven. Dan de problemen met de Jeu de boules. Voorzitter, dit is bekend. Eind juni dit jaar ontvingen de wijkwethouder en de wethoudersport, toevallig zijn we er nog met z'n tweetjes, hierover een signaal vanuit de Jeu de boules club. En er is toen ook meteen contact geweest met de partijen. Er is geen sprake van een gedwongen vertrek of gedwongen stoppen van de Jeu de boules-vereniging. Aan de plek van de Meerendijk is in feite niks veranderd. De Jeu de boules banen zijn ongewijzigd. Wat wel is veranderd, is de beschikbaarheid van de voorzieningen in het naastgelegen gebouw. De Jeu de boules vereniging heeft nauwe banden met de Stichting Azotot, die voorheen het pand exporteerde. Alle voorzieningen van het pand waren voor hen beschikbaar bij activiteiten van de Jeu de boules vereniging. Eén keer per maand op zondagmiddag en twee keer per jaar een toernooi. En dat was superfijn. Maar dat wijzigt nu, nu er een nieuwe eigenaar is die andere plannen met het pand heeft. De horeca-inventaris is bijvoorbeeld niet meer aanwezig en de kerk houdt op zondag kerkdiensten, waardoor de beschikbaarheid van de binnenruimte anders is.

Dan was er de vraag of we bereid zijn met de partijen te spreken. Ja, wij hebben de indruk dat er nog ruimte is voor partijen om tot elkaar te komen. De kerk geeft aan open te staan voor afspraken met de Jeu de Boules vereniging over gebruik van het pand, bijvoorbeeld gebruik van toiletten en ruimte om elkaar te ontmoeten. En de Jeu de Boel-vereniging wenst daarnaast ruimte voor opslag van materialen en gebruik van koelingen, et cetera. Wij begrijpen dat er constructief gesprek tussen beide partijen sinds de overdracht van het pand nog niet heeft plaatsgevonden. En het lijkt erop dat de Jeu de Boel-vereniging zelf kiest om uit te wijken naar een locatie buiten de meer, nu de exploitatie van het Azotot-pand in handen is van de kerk. En kantinevoorziening was daarbij een doorslaggevend aspect, begrijpen wij. De openbare ruimte op deze locatie knappen we op dit moment op. We maken het groener, aantrekkelijker en veiliger. En de Jeu de boules banen houden we daarop uit de nadrukkelijk verzoek van de Jeu de boules vereniging in stand. Het blijft voor de Jeu de boules vereniging dus zeker mogelijk om te spelen op deze locatie. Alleen leidt de verkoop van het pand wel tot veranderingen voor de vereniging in gebruik van en zeggenschap over het pand. Voorzitter.

David Bosch (Voorzitter) [01:12:10]: Er was ook iets over het tijdthema op de vraag wel beantwoord. Dus... Dat kunnen we dan vaststellen. Zijn er aanvullende vragen? Die zie ik niet. Mevrouw Vermeulen?

Maartje Vermeulen (GroenLinks) [01:12:22]: Wij zijn zelf ook benaderd door de Jeu de boules vereniging. Volgens mij meerdere fracties. En daar kwam toch ook uit dat er wel al gesprekken waren geweest met de kerk. Maar dat ze daar inderdaad toch niet uit waren gekomen. Dus ik dacht misschien kan... Daar was ook de vraag. Kan misschien het wijkbureau van iemand anders nog alsnog contact met ze leggen? Zou u bereid zijn om alsnog contact met partijen te leggen?

David Bosch (Voorzitter) [01:12:44]: 19

Nou, ik niet, maar misschien de wethouder wel. Gaat uw gang.

Senna Maatoug (College) [01:12:47]: Voorzitter, we hebben volgens mij dat positief beantwoord en dat contact was er al. Ik weet ook niet of dit de beste manier is om dit vraagstuk het beste op te lossen. Juist in de meer, waar mensen elkaar goed weten te vinden. En wij ook als gemeente heel nabij zijn. Dus dat contact loopt en we horen u uit uw raad. En ik zei net, dat gaan we dus ook doen, zegt ik richting de raadvoorzitter.

David Bosch (Voorzitter) [01:13:13]: Dank u. Nog een aanvullende vraag? Nee. Dan gaan we verder met de volgende mondelingenvragen. Strakke venstertijden, lege schappen, de binnenstad verdient beter. En deze vragen zijn gesteld door mevrouw Al-Saqaff van de VVD. En als u zich nu straks afvraagt waarom ziet mevrouw Al-Saqaff er zo anders uit? De heer De Pachter gaat deze vraag stellen omdat mevrouw Al-Saqaff verhinderd is helaas. En de vraag wordt het mede ingediend door Utrecht Nu! en D66. De heer De Pagter, het woord is aan u.

Marijn de Pagter (VVD) [01:13:40]: Dank u wel, voorzitter. Dat heeft u die tijd mooi vol gepraat. Voorzitter, per 1 januari 2026 worden de venstertijden voor de laden en lossen uitgebreid naar de volledige Utrechtse binnenstad. Inclusief straten buiten het huidige voetgangersgebied, zoals de Mariaplaats en Twijnstraat. Deze maatregel komt bovenop de invoering van de zero-emissiezone op 1 januari van dit jaar. En hoewel VVD, Utrecht Nu! en D66 het belang van verduurzaming erkennen, maken we ons grote zorgen over de praktische uitvoerbaarheid van dit beleid. Ondernemers, winkeliers en groothandels die de ruggengraat vormen van onze binnenstad worden geconfronteerd met een combinatie van strengere regels, beperkte toegangstijden en forse investeringen in elektrisch vervoer. En dat alles in een kort tijdsbestek. Hoe houden we de stad leefbaar en economisch vitaal? En hoe zorgen we ervoor dat daarbij wel sprake is van een goede balans, zodat het ook uitvoerbaar is? Die vragen staan voorop, voorzitter. En de balans tussen duurzaam beleid en ondernemersrealiteit lijkt te zijn doorgeslagen. Om deze reden stellen de indieners de volgende vragen aan het college. 1. Het college geeft aan dat vanaf 1 januari 2026 de venstertijden verladen en lossen worden uitgebreid naar het gehele gebied binnen Singels, inclusief gebieden zoals de Mariaplaats en de Twijnstraat.

Kan het college aangeven op welke wijze dit beleid in de praktijk haalbaar is voor met name kleine ondernemers en grote handels die vaak afhankelijk zijn van leveringen op flexibele tijden? Ik denk dat het alleen uitgebreid wordt, maar ook beperkt wordt tussen naar 6 tot 10 in plaats van 6 tot 11 uur 30. Voorzitter, twee. Ondernemers worden geconfronteerd met een combinatie van maatregelen. Uitbreiding van de venstertijden en de zero-emissiezone, waarvan nu een overgangsperiode geldt, die lijkt nu omzeil te worden. Acht het college het verantwoord om binnen deze relatief korte termijn zulke ingrijpende veranderingen door te

20

voeren? En hoe zorgt het college ervoor dat ondernemers hierop tijdig en realistisch kunnen inspelen? 3. Is het college zich bewust van het risico dat deze maatregelen juist kunnen leiden tot verminderde bevoorradingsmogelijkheden, hogere kosten voor ondernemers en daarmee afname van de levendigheid in de binnenstad? Zo ja, wat vindt het college hiervan? 4. De inderingen staan achter een duurzame stad, maar waarschuwen voor het doorschieten van beleid dat ondernemers en de economische motor van de binnenstad verlamt in hun uitvoering. Hoe bewaakt het college de balans tussen duurzame ambities en een leefbare, bereikbare en economische vitale binnenstad? Hoe bewaakt het college dat de concurrentiepositie van onze ondernemers niet verslechtert en op welke manier betrekt ze ook de ondernemers hierbij? En dat deed ik allemaal namens mevrouw Al-Saqaff van de VVD. En u tegen u in D66.

David Bosch (Voorzitter) [01:16:01]: Bijna zonder adem te halen hebt u dat gehaald. De wethouder in missieloos vervoer, mevrouw Oosters.

Eva Oosters (College) [01:16:21]: Dank u wel voorzitter en ook dank aan de indieners van de vragen over dit onderwerp. Ik snap ook heel goed dat u deze vragen stelt. We zijn ons echt bewust dat het voor sommige ondernemers ingrijpende maatregelen kunnen zijn die tijd vragen om hun werkwijze hierop ook aan te passen. En toch komen uw vragen nog net iets te vroeg om ze in detail te kunnen beantwoorden. En daarom probeer ik die dus ook samen eigenlijk te beantwoorden. Het ontwerp verkeersbesluit liggen nu ter inzage. Dus tot 29 september kan iedereen een zienswijze indienen op het voorgestelde beleid. We hebben meerdere reacties van belanghebbenden ontvangen en wegen deze ook echt zwaar mee in de mogelijke aanpassingen in het voorgestelde beleid. Alle reacties en hoe we deze wegen en ook verwerken kunt u straks teruglezen in de nota van beantwoording. En ook zijn er verschillende bijeenkomsten georganiseerd in het kader van die samenwerking met ondernemers waarbij we in gesprek zijn gegaan. met bewoners, ondernemers en waar zij ook hun zorgen en uitdagingen hebben kunnen delen. Die zorgen en die uitdagingen komen overeen met de reacties van de al ingediende zienswijzen. Dus ja, je ziet daar echt veel gelijkenissen. En zelf ga ik de komende tijd ook nog in gesprek met een aantal bewoners en ondernemers. En deze gesprekken nemen we uiteraard serieus.

En we onderzoeken goed of deze reacties leiden tot aanpassingen van het voorgestelde beleid. Het college informeert de raad binnenkort, en dat is dus uiterlijk half oktober, over de vervolgstappen. En eigenlijk is het zo dat de aspecten die u noemt in uw vragen ook echt in die afweging nog worden afgewogen. En dat ik nu dus ook nog niet helemaal kan antwoorden op hoe dat uiteindelijke verkeersbesluit eruit ziet. Het is uitvoerbaar, of is het uitvoerbaar en is het redelijk wat we vragen? Waar zitten de grootste pijnpunten en hoe kunnen we die daar waar mogelijk ook nog verzachten? Verduurzaming is daarbij één van de afwegingen, maar juist ook de... Dat het om het economisch hart van de stad gaat. Dat het haalbaar moet zijn. Dat het dus

21

ook uitvoerbaar moet zijn. Dat weegt daar natuurlijk ook in mee. Ik vraag dus nog even geduld. Dat is het eigenlijk. En wij komen dan heel snel bij u terug.

David Bosch (Voorzitter) [01:18:23]: Wethouder Oosters, dank u wel. Zijn er aanvullende vragen? Dat zie ik niet te indienen. De heer De Pagter, mogelijk.

Marijn de Pagter (VVD) [01:18:30]: Voorzitter, ik heb de indruk dat dit voor een hoop ondernemers echt uit de lucht kwam vallen. Dus kan de wethouder toch nog iets aangeven hoe er in het voortrekt hierover nagedacht is, de communicatie richting ondernemers? De wethouder?

Eva Oosters (College) [01:18:45]: Ja, voorzitter. We zijn met deze beweging echt al een hele tijd bezig. Dat is begonnen eigenlijk bij mobiliteitsplannen. Dat is later ook in het uitvoeringsprogramma Goederenvervoer gekomen. Dat ook al in 2023 volgens mij is gepubliceerd. De uitvoering daarvan is natuurlijk een volgende. Dat ben ik ook met u eens. Dat vraagt ook om een goede communicatie. Daar zijn we voor de zomer ook mee bezig. Dat hebben we in de not van de communicatie ook gedaan met bijvoorbeeld het aanbieden van alternatieven. Ondernemers ook te helpen met hoe zij hun toevoer en het goederenvoer ook anders zouden kunnen inrichten. Maar we zien wel dat het inderdaad behoorlijk wat stof doet opwaaien. En dat maakt dus ook dat wij toch even gaan kijken of die plannen nou haalbaar zijn op deze manier en voor 1 januari. En we komen daar dus bij u op terug half oktober.

David Bosch (Voorzitter) [01:19:30]: Heer De Pagter?

Marijn de Pagter (VVD) [01:19:31]: Ja, voorzitter, ik ben toch benieuwd of dat plan dan nog op tijd komt dat wij als raad er ook nog iets van kunnen vinden. Dus als u inderdaad half oktober iets aan ons laat weten dan wil ik wel weten of we daar nog een interventie kunnen doen of in ieder geval een debat over kunnen voeren over de wenselijkheid daarvan.

David Bosch (Voorzitter) [01:19:46]: En met u bedoelt u de wethouder ?

22

Eva Oosters (College) [01:19:50]: Dank u wel. Ja, voorzitter, het besluit zelf gaat natuurlijk om een verkeersbesluit. Ik weet eigenlijk wel zeker dat er wel de mogelijkheid nog is na half oktober om daar met uw raad over te wisselen. Dus laten we dat dan met elkaar afspreken.

David Bosch (Voorzitter) [01:20:07]: Dank. Dan zijn we ook met deze set vragen klaar. Daarmee zijn we ook aan het einde van het vragenuurtje. Het was een waar genoeg om uw voorzitter te mogen zijn in dit geheel. Tot de volgende keer. Wel thuis voor sommigen en andere. Succes nog vanavond. Dank u wel.

23

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=c87d778b-3a0a-4c2b-acb5-bc5f93a9c3dd