CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

20250213 vragenuur

Gemeenteraad 27 maart 2025, gemeente UtrechtBij agendapunt: Notulen Vragenuur 6 en 13 februari en 6 en 13 maart 20253.884 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

2025 NOTULEN VRAGENUUR Vragenuur 13 februari 2025

Vragenuur, gehouden op donderdag 13 februari 2025 te 17.00 uur. Voorzitter: de heer Bos. Aanwezig zijn de leden: Van Steeg en Vasters. Voorts zijn aanwezig de commissieleden: Van Bemmel en Cornielje. Namens het college zijn aanwezig wethouders: Oosters, Schilderman en De Vries. Griffier: de heer Corten.

Opening van het vragenuur. De voorzitter: Een heel goede middag. Ik heet de raadsleden, commissieleden, mensen in het publiek en thuis welkom bij het vragenuur van vandaag. Tijdens deze bijeenkomst zullen mondelinge vragen worden gesteld en direct worden beantwoord door het college. Nu het laatste collegelid heeft plaatsgenomen, gaan we over naar de eerste vraag.

1. Mondelinge vragen van de fracties van PvdD, EenUtrecht, ChristenUnie en BIJ1 over Gaat een hotel boven een woning?

De heer Van Bemmel (PvdD): Voorzitter. Donderdag 6 februari werd een aanvraag voor een

omgevingsvergunning gepubliceerd om een woning aan de Oudegracht om te vormen naar een hotel. Dit terwijl we in een enorme wooncrisis zitten en elke woning van grote waarde is. De wooncrisis laat het simpelweg niet toe om hotels de voorkeur te geven boven woningen.

Daarom hebben de Partij voor de Dieren in Utrecht, de ChristenUnie en BIJ1 de volgende vragen.

1. Deelt het college de mening dat we in de huidige wooncrisis geen woningen moeten ombouwen tot hotels? Kan de wethouder dat toelichten?

2. Worden vaker dergelijke vergunningen aangevraagd, waarbij woningen worden opgeofferd voor hotels? Zo ja, hoe vaak in de afgelopen jaren?

3. Vreest het college ook voor een precedentwerking als deze aanvraag wordt goedgekeurd? Zo nee, waarom niet?

4. Gaat het college in het aangekondigde nieuwe hotelbeleid opnemen dat nieuwe hotels niet ten koste mogen gaan van de bestaande woningvoorraad. Hoe gaat dat vorm krijgen? Zo nee, hoe verdedigt het college dat ten opzichte van de wooncrisis?

Vragenuur van 13 februari 2025

Mevrouw Schilderman (wethouder): Voorzitter. Ik beantwoord deze vragen mede namens collega Eerenberg. Laat ik vooropstellen dat de woonopgave een heel belangrijke rol speelt in alle

afwegingen die wij maken in onze stad. We maken ons daar hard voor en zetten ons daarvoor in al onze opgaven. Ons hotelbeleid is dan ook zo ingestoken dat het beperkend is en dat er eigenlijk

beperkingen zijn op ruimte waar een hotel mag komen en het ombouwen van woningen naar hotels is dan ook niet wenselijk. In sommige gevallen is er sprake van bestaande rechten voor een

hotelfunctie in een deel van de woning. Op basis van het omgevingsplan is in deze casus is de

voorzijde van de kelder, een plek waar een hotel reeds is toegestaan en reeds toegestaan was. Dat was een hotel waar twee hotelkamers zijn toegestaan. Als een ontwikkeling past binnen het Omgevingsplan is voor het vestigen van een hotel dus zelf niet per se een planologische

omgevingsvergunning nodig. Aanvragen die wel in strijd zijn met het omgevingsplan toetsen wij

onder andere aan het hotelbeleid, waarvan ik dus net al aangaf dat dit redelijk restrictief is daarin.

Het antwoord op de tweede vraag. De afgelopen jaren zijn er enkele kleinschalige hotels toegestaan, maar dan specifiek eigenlijk die kelders onderaan de werf aan de Oudegracht. Dat heeft ermee te maken dat die plekken vaak niet geschikt zijn voor volledige bewoning en in enkele gevallen is bijvoorbeeld de kelder die wel net onder de rest van de woning zit toegestaan in een

belangenafweging daarin. Voor zover wij in dit korte tijdsbestek hebben kunnen nagaan, zijn er geen hele woningen omgezet in een hotel. Financieel is het overigens ook niet aantrekkelijk, aangezien de huisvestingsverordening bepaalt dat er financiële of reële compensatie in de vorm van woonruimte plaats dient te vinden. Daarmee ontmoedigen wij dit ook ten zeerste.

Antwoord 3. Wij zijn niet bang voor precedentwerking. Zoals aangegeven in het antwoord op de eerste vraag is in een groot gedeelte van deze kelder reeds een hotel toegestaan door het

Omgevingsplan. De aanvraag is nu ingediend, maar is nog niet compleet en ook nog niet volledig. Dus wij kunnen op dit moment nog niet nagaan in hoeverre deze aanvraag past binnen het Omgevingsplan.

Antwoord 4. Het is goed om daarover wat bij te stellen. We stellen geen nieuw hotelbeleid op; waar we aan werken is het opstellen van nieuwe beleidsregels die uitgaan van het bestaande beleid op

basis van die uitwerking. We denken dat het weinig effectief is om specifiek op dit punt nu beleid voor te stellen. Het komt niet of nauwelijks voor. De voorzitter: Zijn er aanvullende vragen? De heer Van Steeg (CDA): Voorzitter. Ik dank de wethouder voor de antwoorden, maar zegt zij nu dat er dus een gedeeltelijke hotelvergunning is voor dat pand? En wat betekent dat? Betekent dat

inderdaad dat niet het hele pand tot hotel kan worden gemaakt. Kan ze dat nog iets verduidelijken? Mevrouw Schilderman (wethouder): Misschien al vanaf 2020 of nog daarvoor was er specifiek voor

het gedeelte van de kelder een hotelfunctie toegestaan. Het is een kelder met redelijk weinig ramen en is daarom niet erg geschikt als huis. Op die manier is dat toegestaan, maar alleen voor dat gedeelte. Als er een aanvraag komt alleen voor dat gedeelte is het toegestaan vanuit het

Omgevingsplan. In sommige gevallen kan het zijn dat er een vraag is om daar een heel huis in te

betrekken of ook de kelder in te betrekken. Daar staan wij niet zomaar positief tegenover, sowieso niet voor een heel huis terwijl het voor een kelder soms een afweging kan zijn.

De heer Van Steeg (CDA): En wat zijn dan de voorwaarden waaronder het college het wel zou

2

Vragenuur van 13 februari 2025 toestaan dat het hele pand tot een hotel zou worden gemaakt? Mevrouw Schilderman (wethouder): Ja, de kaders die we daarin betrekken, zijn bijvoorbeeld de

huisvestingsverordening en het hotelbeleid. Beide gaan ervan uit dat wij in principe geen woningen omvormen tot hotels.

De heer Van Steeg (CDA): Ik ga er dus van uit dat het college dat in principe inderdaad niet toe zal staan.

Mevrouw Schilderman (wethouder): Ik kan niet ingaan op dit specifieke geval, ook omdat ik nog geen volledige aanvraag heb gehad. Ik durf niet helemaal te zeggen hoe die uit zal vallen, maar op dit

moment is het vanuit het Omgevingsplan toegestaan echt op het voorste gedeelte van dat pand. Dat

kan uit rechte zomaar verkregen worden en daarna zijn we in de afweging heel terughoudend. Ik zal

niet beloven dat het nooit zal gebeuren. Ons hotelbeleid is erg stringent en dat komt ook terug in de weinige hotelkamers die wij hebben en bovendien onze huisvestingsverordening, die hoge boetes oplegt voor het onttrekken van woningruimte.

De heer Vasters (D66): Voorzitter. Laat ik vooropstellen dat we een groot woningtekort hebben in

deze stad, Maar we willen ook andere functies in deze stad willen herbergen, waaronder hotels, een

bakker, een drogisterij of een zwembad. Als je bij voorbaat gaat zeggen dat je niets mag doen omdat je ruimte wegneemt voor woningen, zal je geen enkele andere functie in de stad creëren. Ik noem

maar wat een bakker of een drogisterij of een zwembad. Als je gaat zeggen dat je niets mag doen

omdat je daarmee ruimte weghaalt voor woningen, dan zal je geen enkele andere functie in de stad

creëren. Dus begrijp ik de wethouder goed dat ze zegt dat per casus wordt bekeken wat goed werkt en niet bij voorbaat al zeggen dat je niets met de ruimte kan behalve woningen behouden. Mevrouw Schilderman (wethouder): Nu komen we wel in een iets breder debat, want de

huisvestingsverordening is best stringent over in welke mate woningen die nu vanuit de bestemming echt puur alleen bedoeld zijn als woning te onttrekken. Maar je hebt ook plekken die een gemixte

bestemming hebben of die meer ruimte bieden, bijvoorbeeld zo'n plek aan de Oudegracht. U kunt

zich zo’n kelder met weinig ramen voorstellen. Dat is zo’n plek die juist een gemixte bestemming nu toestaat. In sommige gevallen – dat ligt aan de specifieke plek – zal dat ook voor andere functies

beschikbaar zijn. Maar voor woningen die nu in de bestemming volledig woning zijn, wordt echt een stringent beleid gevoerd.

De voorzitter: Heeft de indiener nog een vraag? De heer Van Bemmel (PvdD): Voorzitter. Ik heb nog een korte vraag. Buiten de werfkelders worden op dit moment geen woningen omgevormd tot hotels?

Mevrouw Schilderman (wethouder): Als ik zeg “geen” ben ik misschien niet helemaal exact, omdat je wellicht in een geval een keldergedeelte daarbij zou betrekken dat technisch gezien misschien de

woning is. Dat is een voorbeeld van een afweging die we zouden kunnen maken. Volledige woningen zijn echter vrij uitgebreid beschermd door de Huisvestingsverordening. De voorzitter: Mooi, dan gaan wij over naar de volgende set vragen.

3

Vragenuur van 13 februari 2025

2. Mondelinge vragen van de fracties van de PvdA, GroenLinks, ChristenUnie, D66, PvdD en Volt over Incident bij de aluminiumfabriek aan de Groenewoudsedijk.

De heer Cornielje (PvdA): Voorzitter. De afgelopen maandag is onze stad opgeschrikt door een

incident bij de aluminiumfabriek aan de Groenewoudsedijk. Een defecte afzuiginstallatie leidde tot een ophoping van waterstofgas in de fabriek. Gelukkig is dit probleem tijdig ondervangen en is de impact van het incident beperkt gebleven.

Toch hebben we vanwege het hoge explosiegevaar van waterstof de fracties van de Partij van de Arbeid, GroenLinks, ChristenUnie, D 66, Partij voor de Dieren en volt de volgende vragen.

1. Is inmiddels bekend wat er misging met de afzuiginstallatie? Indien ja, wat was de oorzaak en indien nee, wordt de raad nog geïnformeerd over de toedracht van dit incident?

2. Zijn er aanwijzingen dat er naast waterstof ook andere stoffen zijn vrijgekomen tijdens het

incident? Wat is de schade van het vrijkomen van hiervan voor mens, dier, natuur en milieu?

3. Wat is de grootte van het risicogebied rondom deze aluminiumfabriek? Wat zijn de risico’s in dit gebied voor mens, dier, natuur en milieu?

4. Welke effecten heeft het waterstofgas gehad op de omgeving? Wordt de RUD betrokken bij mogelijk onderzoek naar gevolgen van dit incident?

5. Liggen er woningen of nog te bouwen woningen binnen het risicogebied? En zo ja, welke maatregelen worden er genomen om deze woningen te beschermen?

6. Hoe beoordeelt het college het optreden van zowel medewerkers van de fabriek als hulpdiensten? Zijn er lessen te trekken voor de toekomst uit dit incident?

Mevrouw Oosters (wethouder): Voorzitter. Het is goed dat we op dit incident kunnen ingaan nu, want natuurlijk zijn ook wij daar enorm van geschrokken.

Vraag 1. Bij het schoonmaken van onderdelen die gebruikt worden in het productieproces komt

standaard wat waterstofgas vrij. Dit wordt gewoonlijk afgezogen naar de buitenlucht. En afgelopen

maandag is hier iets misgegaan, waardoor waterstofgas vrijkwam binnen het bedrijf. Op het moment dat een incident binnen een bedrijf heeft plaatsgevonden, is een bedrijf wettelijk verplicht dit te

melden bij de toezichthoudende instantie en volgens de milieuwetgeving moet de drijver van de

instelling of het bedrijf onmiddellijk alle maatregelen nemen die redelijkerwijze van hem kunnen worden verlangd om herhaling of de gevolgen van het voorval te voorkomen. Voor zover die

gevolgen niet kunnen worden voorkomen, moeten ze zoveel mogelijk beperkt en ongedaan gemaakt worden. Hiervoor moet het bedrijf het incident onderzoeken en een rapportage bij de RUD

aanleveren. De duur van een dergelijk onderzoek is maximaal enkele weken, dus dan krijgt de raad ook meer informatie.

Het antwoord op de tweede vraag is ontkennend. Er kwam alleen waterstofgas vrij. Het grootste

gevaar van dit gas is dat het brandbaar en explosief is. Uit onderzoek van het bedrijf dat ik zojuist

heb benoemd, moet blijken of er milieuschade is ontstaan. Zowel de brandweer als de RUD hebben

aangegeven dat waterstof bij vrijkomen in de lucht direct opstijgt en verwaait. Schade aan mens, dier en natuur verwachten we daarom eigenlijk niet. Maar, zoals gezegd, het onderzoek loopt nog.

Vraag 3. Nedal is geen bedrijf dat veel gevaarlijke stoffen heeft. Op de risicokaart is daarom ook geen risicogebied ingetekend voor het bedrijf. Bovendien is de kans op ophopen van grote

hoeveelheden waterstof zeer klein voor de genomen maatregelen en detectie bij Nedal. Zoals ik ook

in mijn antwoord op de eerste vraag heb gezegd, is waterstof eigenlijk een bijproduct van het proces in de fabriek en het wordt dus niet in grote hoeveelheden opgeslagen en kent daarom ook geen

4

Vragenuur van 13 februari 2025 veiligheidscontouren buiten de inrichting.

Dan het antwoord op vraag 4. Uiteraard wordt de RUD als milieutoezichthouder voor het bedrijf betrokken bij het onderzoek. Zij zijn op de dag van het incident ook ter plaatse geweest. Het

waterstofgas verwaaide buiten, waardoor er geen effect voor de omgeving was. Het ongewenst vrijkomen van waterstofgas wordt een ongewoon voorval genoemd. Zoals ik al aangaf, is het betrekken van de omgevingsdienst een vaste vervolgstap die in dit geval ook is genomen.

Het antwoord op vraag 5. Nedal ligt op een industriegebied. Het Amsterdam-Rijnkanaal ligt tussen

Nedal en de dichtstbijzijnde woningen in. Het vrijkomen van waterstof op deze wijze is een incident en mocht dit tot een explosie leiden, dan is de verwachting dat de woningen op voldoende afstand

staan en dat zij geen of beperkte gevolgen ondervinden. Het is goed om hierbij te vermelden dat een voorval als waarover we het hier hebben bij ons weten nog niet eerder is gebeurd, maar elk incident is er natuurlijk een teveel en er zal goed naar gekeken worden om dit een volgende keer te voorkomen.

Dan het antwoord op vraag 6. In de fabriek is snel gehandeld door de hulpdiensten te alarmeren en de fabriek te ontruimen. Zo waren alle medewerkers buiten gevaar. De hulpdiensten waren snel in

grote getale aanwezig en schaalden op naar Grip 1 voor het geval het waterstofgas binnen de fabriek zou exploderen. Er is door bedrijf en brandweer adequaat gehandeld door verdere lekkage van het waterstofgas te stoppen.

De voorzitter: Zijn er aanvullende vragen? De heer Van Bemmel (PvdD): Voorzitter, heeft het college zicht op waar in de stad nog verder risico’s zijn op ontploffingsgevaar? Is daar zicht op?

Mevrouw Oosters (wethouder): Ja, daar hebben wij zicht op. In de Nota omgevingsveiligheid, die vorig jaar door de raad is vastgesteld, hebben we dat soort zaken in kaart gebracht, evenals de manier waarop we met dat soort risico's in de stad omgaan.

De voorzitter: Ik zie verder geen aanvullende vragen. Dan gaan wij over naar de laatste set vragen van vandaag.

3. Mondelinge vragen van de fracties van CDA, UtrechtNu!, EenUtrecht, Utrecht Solidair, VVD en D66 over Geef ondernemers ASW duidelijkheid over planning werkzaamheden.

De heer Van Steeg (CDA): Voorzitter. De situatie op de Amsterdamsestraatweg is nog steeds kritiek voor veel ondernemers. Veel ondernemers hebben nog steeds de last van de beperkte

bereikbaarheid. Naast die frustratie over de discussie over nadeelcompensatie die we al hebben gehad in de Commissie, zijn er ook veel vragen over de planning van werkzaamheden. Voor

ondernemers is vaak niet duidelijk welke werkzaamheden op de volgende dag verricht zullen worden. Er bestaat een globale planning, maar die zegt weinig over het exacte moment van werkzaamheden. Dit is frustrerend, omdat de werkzaamheden direct invloed hebben op de bedrijfsvoering, bijvoorbeeld de bevoorrading van winkels en horeca.

De fracties van CDA, UtrechtNu!, EenUtrecht, Utrecht Solidair, VVD en D66 vinden dat alles op alles moet worden gezet om de communicatie zo goed mogelijk te laten verlopen, zeker in de huidige onzekere tijden aan de Amsterdamsestraatweg en hebben de volgende vragen.

1. Bent u bekend met de impact die de herinrichting heeft op de dagelijkse bedrijfsvoering van de

5

Vragenuur van 13 februari 2025 ondernemers aan de Amsterdamsestraatweg?

2. Deelt u de mening dat goede communicatie rond de planning van werkzaamheden van groot belang is, zodat ondernemers die rekening mee kunnen houden in hun bedrijfsvoering?

3. Zo ja, welke stappen zult u zetten om deze communicatie te verbeteren en ondernemers ruim van tevoren bijvoorbeeld een maand op de hoogte te stellen van werkzaamheden die gevolgen

hebben voor hun zaak? Kunt u de huidige beschikbare planning daarvoor verfijnen en beter vindbaar maken?

4. Welke mogelijkheden ziet u om de aannemer nauwer te betrekken bij de bestaande spreekuren,

zodat het overleg over geplande werkzaamheden met ondernemers plaatsvindt? Qbuzz – een iets ander onderwerp – heeft besloten om buslijn 3 ook niet meer over de Amsterdamsestraatweg te

laten rijden als gevolg van geparkeerde auto's die in de weg staan, waardoor vertraging en schade plaatsvindt. Dit heeft tot gevolg dat de straatweg nog minder bereikbaar is zal zijn de komende tijd.

5. Heeft er overleg plaatsgevonden om de route van buslijn 3 te behouden door andere maatregelen te nemen, zoals het scherper handhaven op geparkeerde of verkeerd geparkeerde auto's. Zo nee, waarom niet?

De heer De Vries (wethouder): Voorzitter, ik zal de vragen een voor een afgaan.

Het antwoord op de eerste vraag. We zijn ons zeker bewust van de impact die de herinrichting heeft, niet alleen op de ondernemers aan de Amsterdamsestraatweg maar ook op de gehele omgeving en passanten. De herinrichting is een ingrijpende opgave die nodig is om straks de straat en de

omgeving leefbaarder en veiliger te maken, samen met een goede bereikbaarheid. Daarom zijn we ook vanaf de planfase al in gesprek met de omgeving en in het bijzonder ook met de

klankbordgroep en vanaf de start van de uitvoering werken we nauw samen met alle betrokkenen, waaronder ook met name de ondernemers. We hebben een omgevingsteam dat zich richt op het zorgvuldig vormgeven van de BLVC-kaders – bereikbaarheid, leefbaarheid, veiligheid en

communicatie – voor iedereen en dus ook voor de ondernemers. En daarnaast nemen we individuele vragen en zorgen vanuit de gehele omgeving uiterst serieus.

Om goed bereikbaar te zijn, bieden we verschillende contactmogelijkheden. Ik zal ze toch even opsommen, want het zijn er nogal wat: telefonisch per e-mail, via de bouw-app, via onze

projectwebsite, via onze medewerkers die dagelijks ook fysiek aanwezig zijn in het werkgebied en

die zich ook specifiek richten op omgevingsgerelateerde kwesties, via ons pand op huisnummer 210, informatiemomenten die we organiseren en de inloopspreekuren die standaard zijn ingebouwd. Daarnaast hebben we ook een programmateam en wijkbureau die proactief meedenken met het

omgevingsteam om zo goed mogelijk tegemoet te komen aan de belangen van de ondernemers en daarnaast ook de gehele omgeving.

Ik neem de beantwoording van de tweede en de derde vraag samen. We spannen ons op dit moment

al maximaal in om helder en duidelijk te communiceren met de omgeving, maar natuurlijk is er altijd

ruimte voor verbetering. Bij ingrijpende fasering informeren we de omgeving tijdig over wat zij in die fase kunnen verwachten en waar zij rekening mee kunnen houden. Dit is ook een van de kerntaken van dat omgevingsteam. Op dit moment communiceren we minimaal twee weken voorafgaand aan nieuwe ingrijpende werkzaamheden, zodat de omgeving voldoende tijd heeft om verhelderende

vragen te stellen. We hebben recent ook een enquête afgenomen, onder andere over de tevredenheid rondom de communicatie en daaruit blijkt dat 80% van de respondenten tevreden of zeer tevreden is. Vooral de regelmatige updates via de bouw-app en de huis-aan-huisberichten worden zeer

gewaardeerd. Veel mensen geven aan goed op de hoogte te zijn van de werkzaamheden. Maar goed,

6

Vragenuur van 13 februari 2025 we begrijpen dat ondernemers behoefte kunnen hebben aan nog meer gedetailleerde informatie over afsluiting en de impact daarvan en daarom zullen we ook in onze vervolgcommunicatie In de bouwapp daar meer details over opnemen, zodat ondernemers zich beter en ruimer van tevoren kunnen

voorbereiden. Hierbij geldt dat het door de dagelijkse dynamiek niet altijd volledig accuraat kan zijn. Dan het antwoord op de vierde vraag. Het omgevingsteam bestaat uit zowel medewerkers van de

gemeente als van aannemer Dura Vermeer. Door deze samenwerking bundelen we de kracht om zo efficiënt en effectief mogelijk iedereen van de juiste informatie te. Dura Vermeer is al integraal een

prominent onderdeel van dat omgevingsteam en ze nemen ook actief deel aan de communicatie met de omgeving en het beantwoorden van vragen. Nauwer betrekken is in die zin niet mogelijk, omdat ze al een onderdeel zijn van dat proces. Ze zijn ook structureel aanwezig bij overlegmomenten en ook op spreekuren.

Dan het antwoord op vraag 5. Er zijn meerdere maatregelen genomen om de verkeerssituatie ook voor de bussen te verbeteren. Zo zijn de parkeervakken duidelijker gemarkeerd en ook dieper

aangelegd en zijn zowel de werkvakken als de afzettingen aangepast. Daarnaast hebben we onze handhavingsdiensten verzocht om binnen de beschikbare capaciteit intensiever en structureler te handhaven op de Straatweg. Er is uitgebreid overleg gevoerd met Qbuzz en helaas hebben zij

aangegeven dat deze maatregelen niet hebben geleid tot voldoende verbeteringen. Op basis hiervan hebben zij besloten de route aan te passen en voorlopig niet meer via de Amsterdamsestraatweg te rijden. Dit besluit kwam voor ons wel echt als een verrassing en we zijn in overleg met zowel de provincie als Qbuzz om te onderzoeken welke maatregelen er nu nodig zijn die bus wel te laten

rijden, met als doel om tijdens de werkzaamheden een zo goed mogelijke bediening per ov van de Amsterdamsestraatweg en de omgeving ook te behouden.

De voorzitter: Ik zie geen aanvullende vragen. Meneer Van Steeg? De heer Van Steeg (CDA): Ik dank de wethouder voor de antwoorden. Hij schetst een zeer positief beeld van de tevredenheid over de communicatie, maar er zijn echt signalen dat het in sommige

gevallen niet goed gaat, bijvoorbeeld kleine aanpassingen als stoepen die wordt opengemaakt. Dat heeft kan echt consequenties hebben voor de bevoorrading van een winkel of van horeca. Die

aanpassingen weten de ondernemers echt pas de dag daarvoor. Ik hoop dat de wethouder ziet dat dit verbeterd kan worden.

De heer De Vries (wethouder): Ik hoopte dat deels in mijn beantwoording al te hebben gedaan.

Enerzijds zien we inderdaad dat de overgrote meerderheid naar aanleiding van de enquête aangeeft juist heel tevreden te zijn met de communicatie. Dat neemt echter niet weg dat er ook signalen

kunnen zijn van met name ondernemers die daar wel tegenaan lopen. Ik heb ook net aangegeven dat we daarover via de bouw-app willen communiceren. We gaan echt op zoeken naar een manier om dat zo specifiek mogelijk en zo goed mogelijk kunnen doen om dat echt te verbeteren.

De heer Van Steeg (CDA): Ik hoop dat de wethouder wil toezeggen dat met de ondernemers te doen. Wat betreft Qbuzz hoop ik dat de wethouder zich ervoor wil inzetten om die bus weer zo snel

mogelijk de gewone route te laten rijden en dat hij de raad wil informeren over wijzigingen dan wel of het overleg leidt tot een betere oplossing dan de huidige. Dat is echt belangrijk.

De heer De Vries (wethouder): Dat kan ik zeker doen. We komen sowieso na het voorjaarsreces met

een brief, ook met een update over de werkzaamheden en dan zullen we ook meer informatie geven

7

Vragenuur van 13 februari 2025 over dit proces. De voorzitter: En daarmee zijn de vragen beantwoord. Ik wens u een smakelijk eten. De voorzitter sluit daarop, te 17.25 uur, het vragenuur.

8

Vragenuur van 13 februari 2025 Lijst van toezeggingen, gedaan tijdens het vragenuur van 13 februari 2025.

Mondelinge vragen van de fracties van CDA, UtrechtNU!, EenUtrecht, Utrecht Solidair, VVD en D66 over Geef ondernemers ASW duidelijkheid over planning werkzaamheden. Wethouder De Vries • zal de raad in de toegezegde brief die na het voorjaarsreces volgt, ook informeren over de updates van de werkzaamheden en de ontwikkelingen rond Qbuzz.

9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=1f4f2383-0f1b-4730-b36a-33b116b1b575