CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

20241010 vragenuur

Gemeenteraad 12 december 2024, gemeente UtrechtBij agendapunt: Notulen Vragenuur 10 en 17 oktober en 28 november 20247.761 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

2024 NOTULEN VRAGENUUR Vragenuur van 10 oktober 2024 Vragenuur, gehouden op donderdag 10 oktober 2024 te 17.00 uur. Voorzitter: mevrouw Stylianou. Aanwezig zijn de leden: Al-Saqaff, Bosch, Dekkers, Hessel, Van Heuven, De Pagter, Raaijmakers, Stam, Van Steeg, Vermeulen en Zwanenberg.

Voorts zijn aanwezig de commissieleden: Van Rooij en Dolmans. Namens het college zijn aanwezig: burgemeester Dijksma en de wethouders Eerenberg, Schilderman en Streefland.

Griffier: de heer Corten.

Opening van het vragenuur. De voorzitter: Goedemiddag allemaal. Welkom allemaal bij het vragenuur van 10 oktober, alle

commissieleden, raadsleden, wethouders, iedereen op de publieke tribune en mensen die thuis met ons meekijken. We hebben een volle agenda.

We hebben zeven mooie vragen voorbereid voor jullie. Voordat we daarmee beginnen, heb ik een

verzoek. We stellen voor om de vragensets 3 en 7 als eerste te behandelen. De beantwoording van deze vragen zal worden gedaan door burgemeester Dijksma. Zij heeft kort hierna een diploma-

uitreiking waar ze graag bij wil zijn. Hopelijk heeft iedereen daar begrip voor, net als iedereen graag wil dat zijn moeder erbij is.

Ik hoop dat dit voorstel door u allen wordt goedgekeurd. Dit is al afgestemd met de heer Bosch, die

oorspronkelijk als eerste zijn vragen had ingediend. Hij heeft ermee ingestemd en met de hand over het hart gestreken.

3. Mondelinge vraag van de fracties van GroenLinks, Student & Starter, D66, PvdA, Stadsbelang Utrecht en ChristenUnie inzake Leve Dirkje Kuik.

De heer Zwanenberg (GroenLinks: Voorzitter. Deze week is in onze stad het Utrecht Queer Culture Festival, een festival voor mensen van alle kleuren van de LHBTQIA+ regenboog. Inmiddels is het

traditie dat het festival geopend wordt met een prominent persoon die de Dirkje Kuiklezing houdt.

Dirkje Kuik (1929 – 2008) was een Nederlands kunstenaar uit Utrecht en een van de eerste publieke

transgender personen van Nederland. Als activist heeft zij de basis gelegd voor de wijziging van het geslacht in het paspoort.

Vragenuur van 10 oktober 2024 In Utrecht is in 2019 motie 127 aangenomen waarin het college werd opgedragen er bij de

straatnamencommissie op aan te dringen om in het vervolg rekening te houden met diversiteit bij

straatnaambenoemingen. Het college heeft dit opgepakt en dat heeft er onder andere toe geleid dat er in de Merwedekanaalzone deelgebied 4 nu straatnamen vernoemd zijn naar

vrouwelijke verzetshelden en verzetsgroepen. Daar zijn wat fouten mee gemaakt, maar daar gaan we het nu niet over hebben.

Afgelopen maandag, 7 oktober, was Dirkjes verjaardag. Wij denken dat het hoog tijd is dat er in

Utrecht een straat, plein of dreef vernoemd wordt naar deze Utrechtse heldin Dirkje. Van ons mag de straat Trans worden omgedoopt in Dirkje Kuikstraat, maar het lijkt ons ook fantastisch als we de vernoeming naar prominent NSB’er van der Voort van der Zijp eindelijk ongedaan kunnen maken door deze naar Dirkje te vernoemen. Maar het mag natuurlijk ook een nieuwe steeg, laan of plantsoen zijn.

Daarom hebben wij de volgende vraag.

- Is het college bereid om op zo kort mogelijke termijn te kijken of we Dirkje Kuik kunnen eren met een vernoeming?

Mevrouw Dijksma (burgemeester): Voorzitter. Hartelijk dank, allereerst ook voor de erkentelijkheid dat ik dadelijk bij de diploma-uitreiking mag zijn. Ik vind het ook fijn om juist in dit kader van het thema van transgender te melden dat ik de eer heb gehad om ons oud-raadslid Corinne van Dun vandaag te mogen bevorderen tot Officier van Oranje Nassau. Dat is een feestje waard!

Ik kom nu meteen op de vraag van de heer Zwanenberg. Kort en goed, het is belangrijk om de

spelregels even uit te leggen. Het is de straatnamencommissie die uiteindelijk bepaalt, maar het

mooie is dat iedereen daar een aanbeveling voor kan doen en dat kan toelichten in een vergadering

van de commissie. Ik vind het een uitstekend idee om het verzoek met een warme aanbeveling over te dragen aan de straatnamencommissie voor een nieuwe straat. Dat lijkt mij het verstandigst.

De voorzitter: Volgens mij kon er geen beter antwoord op deze vraag worden gegeven. Ik dank de burgemeester voor de beantwoording.

7. Mondelinge vragen van de fracties van Student & starter, VVD, Volt, D66 en PvdA over Straatintimidatie in Utrecht Noordoost.

De heer Van Rooij (Student & Starter): Voorzitter. De afgelopen dagen zijn verontrustende meldingen binnengekomen van studenten, voornamelijk vrouwen die in de omgeving van de Troelstralaan, Loevenhoutsedijk en Kardinaal de Jongweg lastiggevallen zijn. Dit varieert van bedreigen en

bespugen tot betasten. Dit is afschuwelijk voor de slachtoffers en draagt daarnaast bij aan een

gevoel van onveiligheid in de stad, zeker bij jongeren, die ook hier weer met geweld op straat te

maken krijgen. In 2023 voelde 42 procent van de Utrechters zich wel eens onveilig in de stad en had meer dan de helft van de jongeren te maken met straatintimidatie.

Daarom hebben de fracties van Student & Starter, VVD, Volt, D66 en PvdA de volgende vragen aan het college.

1. Is het college bekend met de meldingen van studenten die in de omgeving van de Troelstralaan, Loevenhoutsedijk en Kardinaal de Jongweg worden lastiggevallen, en zo ja, sinds wanneer is het college daarvan op de hoogte?

2. Welke acties zijn er tot nu toe ondernomen om deze situatie in Utrecht Noordoost te beëindigen? En welke maatregelen worden er nog genomen om de veiligheid van studenten en andere

2

Vragenuur van 10 oktober 2024 buurtbewoners in deze omgeving te verbeteren? Wordt er bijvoorbeeld tijdelijk extra politie-inzet overwogen?

3. Welke stappen worden ondernomen om de daders van bovengenoemde feiten op te sporen? Zijn de daders bekend bij politie, en zo ja, wat wordt gedaan om het herhalingsgevaar te minimaliseren?

4. Op welke manier worden slachtoffers van deze incidenten ondersteund en aangemoedigd om

aangifte te doen? Wordt er rekening gehouden met de specifieke behoeften van jonge mensen die slachtoffer zijn van straatintimidatie of aanranding in de ondersteuning die zij ontvangen?

5. Het is niet voor het eerst dat jonge mensen in Utrecht slachtoffer worden van straatintimidatie of zelfs aanranding. Wat gaat het college doen om signalen sneller te ontvangen? En hoe verzekert

het college zich ervan dat op de kortst mogelijke termijn op meldingen wordt ingegrepen, zodat meer slachtoffers worden voorkomen?

Mevrouw Dijksma (burgemeester): Voorzitter. De vraag is of wij bekend zijn met de meldingen van studenten in de omgeving die werd genoemd. Wij hebben inderdaad de afgelopen dagen enkele

signalen en meldingen gehad over intimiderend gedrag op straat, waaronder op de Loevenhoutsedijk en de Troelstralaan.

Ik beantwoord de vragen 2 en 3 samen. Het is heel belangrijk dat iedereen zich veilig voelt en veilig is. Via u als raadsleden wil ik de oproep doen om vooral te blijven melden. Dat is echt heel

belangrijk. De vragen lijken namelijk te impliceren dat er misschien wel meer te melden is dan

feitelijk bij ons binnenkomt. Als er sprake is van strafbare feiten, moeten slachtoffers ook direct

aangifte doen. Ook verdachte situaties moeten direct worden gemeld bij de politie, zodat zij daarop

kan acteren. Naar aanleiding van de meldingen nemen wij de locaties frequent mee in de surveillance en natuurlijk zijn ook de gebiedsmanagers veiligheid in de weer om contact op te nemen met

slachtoffers voor nazorg. Maar dat zijn dan de mensen van wie we het weten. Ook jongerenwerk,

toezicht en handhaving hebben aandacht voor de locaties en nemen deze locaties ook mee in hun ronde. Deze straten worden ook meegenomen in de pilot tegen seksuele intimidatie, waarbij we

boa’s inzetten. Dit heeft afgelopen week geleid tot de eerste succesvolle strafzaken. Misschien kan dit een aanmoediging zijn om vooral aangifte te doen. Boa’s zullen dus ook helpen bij het handhaven

Dan het antwoord op de vragen 4 en 5. We blijven aandacht besteden aan het thema

straatintimidatie en aan het meldpunt. Aanranding valt echter niet alleen onder straatintimidatie; dat is sowieso echt een zaak die meteen moet worden gemeld bij de politie, want daarmee is al

onomstotelijk bewezen dat aanranding wetsoverschrijdend is. We roepen inwoners ook op om zich te melden. Wij hebben een slachtoffercampagne gelanceerd en de middelen daarvoor worden sinds 7 oktober breed ingezet, bijvoorbeeld via advertenties op sociale media. Daarbij richten we ons

specifiek op de doelgroep vrouwen van 18 tot 30 jaar, omdat zij het vaakst slachtoffer zijn. Na een melding wordt altijd passende opvolging geboden: melders worden binnen vijf werkdagen

teruggebeld. Er wordt nagegaan of er een zorgvraag is, en we informeren direct over de mogelijkheid om aangifte te doen bij de politie.

Daarnaast richten we ons als extra op studenten en scholieren. Er is een lesprogramma ontwikkeld

voor het primair en voortgezet onderwijs. Dit programma wordt binnenkort waarschijnlijk ook breder in Nederland gebruikt, wat een mooi voorbeeld is van hoe Utrecht hierin een voortrekkersrol speelt. Verder besteden we aandacht aan dit onderwerp tijdens de UIT-week en organiseren we dialogen

over straatintimidatie rondom scholen. Ook vindt er op 14 november een brede bijeenkomst plaats voor studentenverenigingen, waarin dit onderwerp bovenaan de agenda staat.

3

Vragenuur van 10 oktober 2024

De voorzitter: Zijn er aanvullende vragen? De heer Van Steeg (CDA): Het is goed om te horen dat de initiatieven vanuit Utrecht nu ook concrete resultaten opleveren. Dat is heel mooi. De burgemeester suggereert echter dat er nauwelijks

meldingen uit bepaalde gebieden komen, of dat er geen stijging van meldingen is. Tegelijkertijd zegt zij dat er extra maatregelen worden genomen. Hoe zit dit precies? Zijn er meer meldingen gedaan, of is dit beleid meer gebaseerd op bredere signalen?

Mevrouw Dijksma (burgemeester): Voor zover ik weet, zijn er wel meldingen. Maar de toonzetting

van de vraag suggereert dat er wellicht nog meer meldingen zijn dan wij nu denken. Dat kan ik op dit moment niet volledig overzien, en daarom doe ik daar nu geen harde uitspraken over.

De heer Van Steeg (CDA): Maar ik begrijp dat er ook een aantal specifieke maatregelen is genomen. Die meldingen gaven de burgemeester dus wel aanleiding om die maatregelen te nemen. Mevrouw Dijksma (burgemeester): Correct. Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair): Voorzitter. Ter verduidelijking: zijn het meldingen of aangiftes? Mevrouw Dijksma (burgemeester): Dat weet ik nu niet. Ik weet dat ze bij ons binnenkomen en

vervolgens worden zij omgezet. Sommige mensen doen misschien wel meteen aangifte en anderen zullen door ons worden gewezen op het feit dat het heel verstandig is om aangifte te doen. Ik heb niet elke melding nagelopen, maar wel is er op basis van de meldingen gehandeld.

De heer Van Rooij (Student & Starter): Voorzitter. Dank voor de antwoorden en uiteraard door ons

ook de oproep aan iedereen om zich te melden als hij te maken heeft met straatintimidatie. Ik heb

nog één aanvullende vraag over de politie-inzet tegen straatintimidatie. We kennen in andere steden gespecialiseerde politie-eenheden die gericht zijn …

De voorzitter: Graag de vraag, want u bent door uw tijd heen. De heer Van Rooij (Student & Starter): Ziet de burgemeester mogelijkheden om ook in Utrecht zo’n eenheid te realiseren?

Mevrouw Dijksma (burgemeester): In een pilot met het meelopen met handhaving specialiseren we onze boa’s om de handhaving goed te doen. Als dat nodig is, krijgen zij daarbij de hulp van de

politie. Volgens mij is deze wijze effectief. Dat hebben we ook gezien aan het aantal strafzaken dat nu voor het eerst naar voren is gekomen. Ik ben daar juist positief over.

De voorzitter: Dank u wel. Dan wens ik u veel plezier bij de diploma-uitreiking. Mevrouw Dijksma (burgemeester): Mede namens het oudste kind dank jullie wel! 1. Mondelinge vragen van de fracties van UtrechtNu! en de VVD over Standplaatsen: miscommunicatie en gemiste kansen.

4

Vragenuur van 10 oktober 2024

De heer Bosch (UtrechtNu!): Voorzitter. Standplaatshouders hadden tot 6 oktober de tijd om hun verlengde vergunningsaanvraag in te dienen. In de aanloop naar deze datum klaagden veel

standplaatshouders over de bereikbaarheid en communicatie vanuit de gemeente. De website werkte soms niet, en telefonisch contact krijgen was een uitdaging. Daarnaast verstuurde de gemeente op

vrijdagavond om 19:00 uur e-mails, precies op een moment dat niemand meer bereikbaar was voor het weekend.

Een vertegenwoordiger van UtrechtNu! had de gemeente al eerder gewezen op deze problemen. Vanwege de gebrekkige communicatie besloot het college de inschrijving te verlengen tot 18

oktober, een besluit dat op vrijdag 4 oktober werd genomen. Dit leidde bij ondernemers die hun

aanvraag al hadden ingediend tot verbazing, woede en zelfs wanhoop. Ook kostte het wijzigen van een reeds gedane aanvraag geld.

UtrechtNu! en de VVD hebben de volgende vragen.

1. Waarom was de gemeente zo slecht bereikbaar in de aanloop naar de deadline van 6 oktober, en heeft dit het college doen besluiten de inschrijving met maar 12 dagen te verlengen?

2. Waarom verstuurt de gemeente communicatie op vrijdagavond om 19:00 uur, een moment

waarop dat veel ondernemers tot wanhoop, vragen en woede zorgt en de gemeente niet meer

3

bereikbaar is?

Waarom kost het geld om een ingediende aanvraag aan te vullen? Is dat niet onnodig en

bureaucratisch?

4. Hoe gaat de gemeente om met ondernemers die zeggen op tijd te zijn geweest met de aanvraag terwijl iemand anders die te laat was mogelijk hun plekken krijgen? Is dit juridisch niet zelfs laakbaar?

(Namens UtrechtNu!, niet namens de VVD):

5. Is de wethouder bereid om voor plekken waar de aanvraag op tijd is gedaan de oorspronkelijke deadline van 6 oktober aan te houden, en de verlenging tot 18 oktober alleen toe te passen op plekken waar nog niemand had ingeschreven? Zo niet, waarom niet?

De voorzitter: Dan geef ik het woord aan wethouder Schilderman voor de beantwoording. Mevrouw Schilderman (wethouder): Voorzitter. Het is inderdaad een spannende tijd voor de standplaatshouders. Ik ben de afgelopen tijd bij meerdere van hen langs geweest. Veel

standplaatshouders, vooral bestaande, gaven aan dat ze nog zochten naar de juiste formulering van hun aanvraag en dat ze het spannend vonden. Er kwamen ook vragen naar voren, bijvoorbeeld over de omvang van de kavels en of een en ander wel past. Dit soort vragen had in een eerdere fase,

tijdens de bezwaarfase, moeten worden opgepakt. Maar ik snap dat mensen dit misschien niet tot in detail hadden bekeken. Om te voorkomen dat mensen twijfelden of ze op hun kavel zouden passen, hebben we besloten extra momenten te organiseren en de inschrijving te verlengen.

Antwoord 1, over de bereikbaarheid. Er hebben het signaal ontvangen en daar ook naar gehandeld.

We hebben het zorgvuldig laten uitzoeken, want het is inderdaad een spannend moment. We hebben een vast e-mailadres voor standplaatshouders ingesteld, en de meeste berichten zijn binnen een werkdag beantwoord, soms binnen twee werkdagen. Ook mensen die in het weekend een

terugbelverzoek indienden, werden begin die week teruggebeld. We hebben ook spreekuren

georganiseerd, die 14 keer zijn gebruikt door standplaatshouders om langs te komen en een

afspraak te maken. Ondanks al deze contactmomenten blijft het voor veel mensen spannend, omdat er veel van afhangt.

5

Vragenuur van 10 oktober 2024 Antwoord 2 over de timing van het besluit om te verlengen. Ik begrijp dat dit niet ideaal was. We

stonden echter voor de keuze om te verlengen of niet? Dat besluit moest worden genomen voordat de oorspronkelijke termijn afliep. We hebben tevoren wel contact gehad met een aantal

standplaatshouders die zich eerder gemeld hadden en ook met de branchevereniging. We hebben

zoveel mogelijk methodes gebruikt om mensen daarin op de hoogte te stellen. Er zijn ook mensen teruggebeld daarover.

Antwoord 3 over de kosten. Het aanpassen, aanvullen of wijzigen van een aanvraag is kosteloos. Dit hebben we duidelijk gecommuniceerd en zullen we opnieuw benadrukken om misverstanden te voorkomen.

Antwoord 4. Juridisch gezien zijn we niet laakbaar. De verlenging geldt voor iedereen, waardoor een gelijk speelveld wordt gecreëerd. Dit zorgt ervoor dat iedereen dezelfde kansen heeft.

Antwoord 5. We hebben laten onderzoeken of het mogelijk is om de verlenging alleen toe te passen op plekken waar nog niemand had ingeschreven. Helaas is dat niet werkbaar. Het risico van een

ongelijk speelveld is dan groot. Daarom hebben we ervoor gekozen de verlenging voor iedereen te laten gelden.

De voorzitter: Zijn er aanvullende vragen? Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair): Voorzitter. Op 4 oktober werd besloten de sluitingsdatum te

verschuiven van 6 naar 18 oktober, maar op 8 oktober verscheen er ineens een bijlage bij de APV, waarin de afmetingen van de standplaatsen waren veranderd. Hoe is dit ontstaan?

Mevrouw Schilderman (wethouder): Zoals ik al aangaf, gaven sommige standplaatshouders aan dat

de kavels niet goed pasten. Dit had eigenlijk in een eerdere fase opgelost moeten worden. Omdat we wilden voorkomen dat huidige standplaatshouders hierdoor in de knel zouden komen, hebben we

besloten de kavels voor die groep te verruimen. Zo voorkomen we dat er een risico ontstaat waarbij een bestaande standplaatshouder zijn plek niet kan behouden.

Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair): Die afmetingen waren allang bekend. Die stonden in bijlagen van

zowel 2010 als april dit jaar. Er zijn nu 20 standplaatsen aangepast, waarvan bij 10 standplaatsen 11 m² is toegevoegd. U hebt dus 20 klachten gehad over de afmeting en bij 10 hebt u er 11 m² bij gegeven? Is dat niet opvallend veel?

Mevrouw Schilderman (wethouder): Het is soms een zoektocht wat je in zo’n situatie doet. Het zijn soms ook seizoensstandplaatsen die op dat moment niet gebruikt worden en dan kan discussie

ontstaan over de vraag of het luifel nog wel of niet kan. Als wij de kavels niet zouden aanpassen,

loopt iemand die er nu staat met een wagen en luifel het risico dat hij technisch gezien niet meer op de standplaats past. Dat zou betekenen dat die persoon geen aanspraak meer kan maken op zijn plek. Ik vond het belangrijk dat wie er nu staat, ook weer past op die plek. Maar ik begrijp dat dit heel vervelend overkomt.

Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair): Het gaat verder dan vervelend. In de APV staat 24 m², en dat

stond er in april ook zo. U hebt na de inschrijfdatum bij 10 standplaatsen 11 m² toegevoegd. Dat is

tegen alle regels in. Er waren dus 20 klachten. Dit gaat niet meer over een luifeltje aanpassen. Ik ben blij dat de wethouder zo met de standplaatshouders meeleeft, maar kan zij duidelijk maken hoeveel klachten u precies heeft ontvangen over de afmetingen?

6

Vragenuur van 10 oktober 2024

Mevrouw Schilderman (wethouder): Nee, er zijn minder dan 20 klachten geweest. Maar er waren wel standplaatshouders die aangaven dat hun wagen, zoals deze er nu staat, niet paste op de

voorgestelde kavel. Dat had in een van die eerdere fases naar voren moeten komen. Maar moeten we dan tegen die mensen zeggen dat ze er dadelijk niet op passen en dat ze de plaats dus niet krijgen? Dat is dan de afweging die je moet maken. Welk risico wil je het liefst lopen? Ik wil dan liever bij het principe blijven dat iedereen die er nu staat terug moet kunnen komen.

Mevrouw Al-Saqaff (VVD): Denkt de wethouder dat de twaalf dagen die nu als overbrugging gelden

voldoende zijn om de standplaatshouders, aan wie zij nu meer ruimte wil bieden, daadwerkelijk die ruimte te geven om goed in te schrijven?

Mevrouw Schilderman (wethouder): Ja, dat denk ik wel. Die ruimte zou voldoende moeten zijn. We hebben nog een hele reeks aan extra bijeenkomsten, inloopmomenten en afspraken toegevoegd. Dus we denken dat dit voldoende is.

Mevrouw Al-Saqaff (VVD): De wethouder gaf aan dit ook te doen, omdat een aantal zittende

standplaatshouders zich nog niet had ingeschreven. Kan zij een percentage geven? Om hoeveel gaat het nu uiteindelijk?

Mevrouw Schilderman (wethouder): Nee, want dan zou ik nu in beeld moeten brengen wie er al heeft ingeschreven en dat mag niet. Maar laat ik in ieder geval zeggen dat ik in de gesprekken merkte dat een heel aantal zittende standplaatshouders zich nog niet had ingeschreven. We hebben daar

signalen over gehad, maar ik kan geen exacte weergave geven. Dat raakt namelijk aan wie er wel of niet heeft ingeschreven, en dat mag ik niet zeggen.

De heer Van Steeg (CDA): Dat begrijp ik niet helemaal. Waarom kan de wethouder dat niet zeggen in een percentage? Dat zegt toch niets over gegevens van mensen? Ik begrijp niet waarom de wethouder daar niet wat meer informatie over zou kunnen verstrekken.

Mevrouw Schilderman (wethouder): Het probleem is dat we te maken hebben met een gelijk

speelveld. Dat hebben we eerder besproken. Anders zou ik per plek moeten aangeven of dit een

bestaande vergunninghouder is of niet, en heeft deze persoon wel of niet ingeschreven? Er zijn ook standplaatshouders die er bewust voor kiezen zich niet in te schrijven. Omdat we dit als een eerlijk

proces willen houden, kan ik daar nu niets over zeggen. Achteraf kan ik daar wellicht meer inzicht in geven.

De heer Van Steeg (CDA): Maar er wordt toch niet gevraagd naar individuele gegevens? Het gaat

gewoon om een algemeen percentage: hoeveel mensen hebben zich wel of niet ingeschreven? Tenzij dat aantal zo klein is dat het te herleiden is naar een persoon, kan ik me niet voorstellen waarom dit nu niet mogelijk is, omdat het raakt aan privacyschending of het eerlijke speelveld dat er moet zijn. Mevrouw Schilderman (wethouder): Als ik daar nu iets over zeg, communiceer ik indirect hoeveel

bestaande vergunninghouders zich hebben ingeschreven. Dat raakt aan de privacy en aan het gelijk speelveld. Of je nu wel of geen vergunning hebt, iedereen moet volgens de wet dezelfde kans

krijgen. Door hierover te communiceren, beïnvloed ik het proces en daarmee dat gelijk speelveld.

7

Vragenuur van 10 oktober 2024 Achteraf kan ik hierover wel meer zeggen, maar nu niet. De heer Bosch (UtrechtNu!): Voorzitter, wat ik geen gelijk speelveld vind, is dat je een procedure hebt die tot 6 oktober duurt, en dat die dan verlengd wordt. Mensen die zich netjes aan die

oorspronkelijke termijn hebben gehouden, worden hierdoor benadeeld. Wat vindt de wethouder daarvan?

Mevrouw Schilderman (wethouder): Dit is precies het dilemma waar we mee te maken hadden. Moet je het risico nemen dat bestaande standplaatshouders, die nu een vergunning hebben, moeite

hebben om zich goed in te schrijven en daardoor misschien niet kunnen terugkomen of neem je het risico dat je de termijn iets langer openstelt, waardoor misschien meer mensen besluiten zich in te schrijven? Ik heb ervoor gekozen om de termijn te verlengen. Dat zorgt ervoor dat mensen die

gehecht zijn aan hun plek, een goede aanvraag kunnen indienen. Die afweging heb ik gemaakt in lijn met het principe dat wij iedereen de ruimte willen bieden.

De voorzitter: Ik dank de wethouder voor de beantwoording. We gaan nu door naar een unicum, namelijk vragen van de VVD die door de gehele raad worden ondersteund. Het onderwerp is het Stadskantoor en de toegankelijkheid daarvan.

2. Mondelinge vragen door de voltallige raad over Stadskantoor ook toegankelijk voor aangepaste fietsen.

De heer De Pagter (VVD): Voorzitter. Het is toch mooi dat wij op dit onderwerp allemaal verenigd

zijn. Op 7 oktober berichtte RTV Utrecht over de slechte toegankelijkheid van het Stadskantoor voor aangepaste fietsen. Dennis van Elten, die afhankelijk is van een elektrische driewieler, kon zijn fiets niet in de omgeving van het Stadskantoor stallen. Als lid van de Wmo Cliëntenraad moet hij vaak in het Stadskantoor zijn, maar hij mocht zijn fiets niet parkeren in de Jaarbeursstalling of op het

Jaarbeursplein. De Knoop is de dichtstbijzijnde stalling waar Dennis zijn fiets kon parkeren, maar dat is veel te ver weg. Zo ver kan Dennis niet lopen, zoals hij in het artikel aangaf. Helaas is hij niet de enige die het Stadskantoor slecht kan bereiken. Er zijn meer voorbeelden bekend van mensen die hun aangepaste fiets niet rondom het Stadskantoor kunnen parkeren.

Alle fracties in de gemeenteraad vinden dat het Stadskantoor voor iedereen toegankelijk moet zijn en willen snel actie van het college. Gelukkig hebben we gezien dat er na het indienen van deze vragen een oplossing is bedacht, zoals ook te lezen was in een nieuw artikel van RTV Utrecht. Dank daarvoor, maar namens alle fracties stel ik alsnog de volgende vragen.

1. Hoe reageert het college op het artikel van RTV Utrecht over het weigeren van aangepaste fietsen

in de Jaarbeurspleinstalling? Kan het college zich voorstellen dat de eerste, schriftelijke reactie op RTV als afstandelijk werd ervaren?

2. Is het college het met de fracties eens dat er zo snel mogelijk een plek bij het Stadskantoor moet komen om aangepaste fietsen te stallen? Welke plekken heeft het college hiervoor in gedachten, binnen of buiten de stallingen?

3. Kan het college leden van de Wmo Cliëntenraad toegang geven tot de fietsenstalling van het Stadskantoor? Zo nee, waarom niet?

In het artikel stond ook dat de fiets van Dennis door de gemeente is verwijderd van het

Jaarbeursplein. Dit voorval kwam al aan de orde op 19 september tijdens een debat over de

toegankelijkheid van stembureaus. De wethouder gaf toen aan dit op te nemen met de wethouder

8

Vragenuur van 10 oktober 2024 mobiliteit en de afdeling VTH.

4. Welke concrete stappen heeft het college sinds het debat van 19 september gezet?

5. Kan het college samenwerken met bijvoorbeeld Solgu om de toegankelijkheid van andere gemeentelijke stallingen te verbeteren en nagaan of daar maatregelen nodig zijn?

Mevrouw Streefland (wethouder): Voorzitter. Dank aan de raad voor deze vragen en het unicum. Het is een belangrijk onderwerp. Tegelijk wil ik vooraf aangeven dat het helaas ingewikkeld is gebleken om dit probleem eerder op te lossen. Soms helpen vragen daar gelukkig bij, waarvoor dank.

Vraag 1. De fietsenstalling op het Jaarbeursplein heeft helaas geen ruimte voor grote of buitenmodel fietsen, zoals bakfietsen of elektrische driewielers. Deze fietsen worden doorverwezen naar andere stallingen. Voorheen was dat de stalling aan de Rijnkade. Vanaf 1 oktober is dit verplaatst naar De

Knoop, omdat de Rijnkadestalling gesloten is vanwege renovatie. Wij begrijpen dat dit voor mensen zoals Dennis een probleem is. Daarom wilden we dit snel oplossen. De reactie aan RTV Utrecht was

inderdaad schriftelijk, maar ik heb de journalist later ook persoonlijk gesproken om dit verder toe te lichten.

Vraag 2. Voor bezoekers van het Stadskantoor met een aangepaste fiets, zoals die van Dennis, is

inmiddels een oplossing geboden. Zij kunnen gebruikmaken van dezelfde parkeermogelijkheden als inwoners met een beperking die met de auto komen. Dit houdt in dat zij zich kunnen melden via de intercom bij de ingang van de autoparkeergarage van het Stadskantoor.

We hebben gekeken of toegang tot de fietsenstalling voor personeel in het Stadskantoor mogelijk is voor mensen met een aangepaste fiets. Helaas is deze stalling vaak overvol. Ook is het complex

vanwege beveiligingseisen en de lastige aanrijroute. De helling bij koffiebar Anne en Max vormt een fysieke barrière voor veel aangepaste fietsen. We hebben de informatie op de website aangepast. Vraag 3. Ja, wij geven bezoekers met een aangepaste fiets toegang tot het Stadskantoor via de

autoparkeergarage. Voor de cliëntenraad is daarmee ook geen extra pas nodig. Bezoekers met een

aangepaste fiets kunnen nu parkeren in de autoparkeergarage van het Stadskantoor. We zullen alle leden hiervan per mail op de hoogte stellen dat ze vanaf heden hun fiets op deze wijze kunnen stallen.

Vraag 4. We hebben eerst gekeken of het ook in verband met de beveiliging ook ’s avonds mogelijk is. Die optie is moeilijk uitvoerbaar. We hebben nu de andere optie en daarmee de

bereikbaarheidsprocedure van het Stadskantoor uitgebreid. In het reguliere overleg met de NS, de

exploitant van de stalling van het stationsgebied, bespreken we of in de Jaarbeursstalling een aantal plekken specifiek voor aangepaste fietsen gerealiseerd kan worden. De stalling is via liften goed bereikbaar voor mensen met een aangepaste fiets.

Vraag 5. Samenwerking met organisaties zoals Solgu kan zeker bijdragen. Bij sommige stallingen

zijn aanpassingen helaas niet mogelijk, omdat zij bijvoorbeeld in een erfgoedpand geplaatst zijn. Mevrouw Raaijmakers (PvdA): Voorzitter. Het is goed om te zien dat het verhaal van Dennis zoveel aandacht heeft gekregen. In de afgelopen dagen hebben meer mensen hun ervaringen met mij

gedeeld. Het gevoel van buitensluiting en “er niet bij horen” komt sterk naar voren. Dat vind ik heel schrijnend.

Ik waardeer de beantwoording van de wethouder, maar het roept bij mij ook de vraag op waarom

commissiedebatten of eerdere signalen niet voldoende blijken om dit soort zaken tijdig op te lossen. Waarom is dat zo moeilijk?

Mevrouw Streefland (wethouder): Dat is een terechte vraag. Het is zeker niet moeilijk is. Wij willen dit

9

Vragenuur van 10 oktober 2024 allemaal, maar je wilt het ook kunnen oplossen op een manier die duurzaam is. Je wil dat mensen

veilig naar binnen kunnen, ook in de avond, zodat zij mee kunnen doen in het proces. We hebben

eerst gekeken of het via de reguliere fietsenstalling kan. Dat gaat echt niet, vooral in verband met de

veiligheid in de avond. Ook de huidige oplossing moest eerst bestudeerd worden. Je wil of dat wij dit niet willen. Integendeel, we willen dit allemaal. Maar het gaat erom dat we een duurzame oplossing willen realiseren. Bijvoorbeeld, een tijdelijke oplossing waarbij handhaving stopt met fietsen weghalen, zou niet structureel zijn.

Het kost tijd om alles goed te onderzoeken en uit te voeren. Dat betekent niet dat we niet

voortdurend aandacht hebben voor deze kwesties. Uw punt over het belang van ervaringsverhalen

snap ik, en ik begrijp dat het vervelend is dat mensen dit steeds opnieuw moeten delen. Maar zulke verhalen blijven belangrijk om ons scherp te houden.

Mevrouw Raaijmakers (PvdA): Dan vraag ik mij toch af waarom de eerste reactie in de media zo

afstandelijk was. Het gaat ook met name daarom. Woorden doen ertoe. Ik hoor nu in het antwoord dat er veel achter de schermen gebeurt, maar hoe

kunnen we ervoor zorgen dat we dit zichtbaar maken voor de hele stad? We hebben hier een voorbeeldfunctie.

Mevrouw Streefland (wethouder): Dat is absoluut waar. We kunnen het ook niet opnieuw doen. Ik had heel graag deze vragen aan mij gesteld zien worden, in alle eerlijkheid.

Mevrouw Raaijmakers (PvdA): Worden wij op de hoogte gesteld van de verdere gang van zaken met de fietsenstallingen?

Mevrouw Streefland (wethouder): Dat is niet direct mijn portefeuille, maar ik kan toezeggen dat

wethouder Linda Voortman, die hier verantwoordelijk voor is, dit zal meenemen in een volgende updatebrief. Wij werken nauw samen met Solgu en zullen u op de hoogte houden van verdere stappen. Er is overigens al veel contact met Solgu; dit is niet iets nieuws.

De heer Dekkers (GroenLinks): Voorzitter. Ik wil benadrukken hoe belangrijk het is om breed in te

zetten op toegankelijkheid voor mensen met een beperking. Maar het weghalen van de fiets is onder meer gebeurd omdat er extra gehandhaafd wordt, omdat de stalling op het Westplein is opgeheven. Mensen zoeken nu alternatieven, vooral mensen die hun fiets langer dan 24 uur willen parkeren.

Wordt op korte termijn ingezet om aan de westkant van het station alternatieven voor dat parkeren te zoeken?

Mevrouw Streefland (wethouder): Dit is zo’n technische detailvraag dat ik daar het antwoord niet op heb. Ik zal het uitzoeken.

De voorzitter: We gaan terug naar de eerste indiener. De heer De Pagter (VVD): Voorzitter. In aanvulling op wat mevrouw Raaijmakers zojuist aangaf, merk ik op dat al deze elementen niet in de eerste reactie van de wethouder zaten. De reactie was heel kil

en afstandelijk. Is er iets misgegaan in de afstemming? Ik begreep uit het artikel van RTV Utrecht dat die reactie in eerste instantie van wethouder Van Hooijdonk kwam, en deze wethouder staat hier nu. Wat is daar precies gebeurd? Kunt u daar misschien nog inzicht in geven?

10

Vragenuur van 10 oktober 2024

Mevrouw Streefland (wethouder): Het inzicht is dat ik naar aanleiding van de commissiebehandeling

en de berichtgeving intern zou uitzoeken wat we qua bedrijfsvoering zelf kunnen doen en wat verder mogelijk is. Ik had heel graag gezien dat die vragen direct aan mij gesteld waren, omdat ik daar ook mee aan de slag ging. Dat is niet gebeurd. Dat wil niet zeggen dat we er achter de schermen niet mee bezig waren. Dat is belangrijk om te weten. Los daarvan proberen we hier duurzame

oplossingen te vinden. Dat is waar ik mij verantwoordelijk voor voel en waar ik mee bezig was. Helaas zijn die vragen niet direct bij mij terechtgekomen.

De voorzitter: Ik wil u ook even attenderen dat we nog drie vragen hebben en daarna snel moeten doorwerken. Anders schuift de laatste vraag door naar de volgende keer.

De heer De Pagter (VVD): De wethouder staat hier namens het college. Hoor ik haar nu zeggen dat die eerste reactie niet goed was en anders geformuleerd had moeten worden?

Mevrouw Streefland (wethouder): Met 5000 medewerkers weet je niet altijd wat iemand anders doet.

Als die informatie tijdig was gedeeld, hadden we dat meteen kunnen vertellen. Dat helpt enorm. Voor de volgende keer hoop ik dat vragen bij mij terechtkomen, ook vanuit RTV Utrecht, want volgens mij was het bekend dat ik hiermee bezig was.

De voorzitter: Ik dank de wethouder voor de beantwoording. Wij gaan door naar de volgende set vragen.

4. Mondelinge vragen van de fracties van de PvdD, D66, Student & Starter, PvdA, Utrecht Solidair, Volt, GroenLinks, EenUtrecht en CDA over Enorme stijging energiekosten Skatepark.

De heer Van Heuven (PvdD): Voorzitter. Skatepark Utrecht luidt de noodklok, niet eens doordat ze door bezuinigingen getroffen worden of omdat ze onzeker zijn over de huidige locatie, maar vanwege de enorme stijging van energiekosten. Omdat Skatepark Utrecht is aangesloten op

stadsverwarming, worden de energielasten hoog berekend op basis van oppervlakte in plaats van

daadwerkelijk gebruik. De hal wordt niet gestookt, alleen de kantine. De gemeente is verhuurder en

er dreigt ook een flinke huurverhoging. Skatepark moet verhuizen naar een andere locatie, maar tot het zover is houden we de hal en de gebruikers graag gezond. We krijgen ook van Alchemist en Vechtclub XL bezorgde geluiden over dit onderwerp. Daarom de volgende vragen.

1. Kan het college uitleggen waarom de energierekening zo stijgt?

2. Hoe logisch is het dat het tarief voor stadsverwarming wordt berekend op basis van de oppervlakte in plaats van het echte gebruik?

3. Wat kan de gemeente als verhuurder betekenen voor Skatepark inzake deze enorme stijging van de energiekosten?

4. Volgens de skatehal dreigt een enorme huurstijging, te voldoen aan de gemeente. Willen ze

overleven, dan is waarschijnlijk een hogere subsidie nodig, te verkrijgen van de gemeente. Hoe lost het college deze situatie op?

5. In hoeverre spelen deze problemen ook voor Alchemist en Vechtclub XL en mogelijk het hele OPG-terrein?

11

Vragenuur van 10 oktober 2024 De heer Eerenberg (wethouder): Voorzitter. Ik sta hier in mijn hoedanigheid van tijdelijk verhuurder vanuit het project Merwedekanaalzone. De noodklok van het skatepark is goed gehoord, en het is goed om te zeggen dat we al enige tijd met het skatepark en de andere huurders in gesprek zijn

over de voorwaarden waaronder zij kunnen blijven huren op die plek. Dat zal overigens altijd tijdelijk zijn, want we gaan daar uiteindelijk iets anders ontwikkelen.

Even twee dingen en dan beantwoord ik alle vragen in één keer. Waarom is dit gegaan zoals het is

gegaan? Dat heeft te maken met het huurcontract dat de partijen daar hebben. In dat huurcontract,

waar we aan gebonden zijn, is in het verleden afgesproken dat het redelijk is om energiegebruik per vierkante meter af te rekenen. Dat was destijds een redelijke inschatting van het verbruik in het

gebied. Niemand had kunnen voorzien dat de energieprijzen enorm zouden stijgen, zoals in 2023 en ook gedeeltes van dit jaar gebeurde. Meerdere huurders hebben ons hierover benaderd. We hebben met al die huurders nieuwe afspraken gemaakt. Voor het skatepark betekent dit dat we nu op een

lager tarief afrekenen dan in 2023. We werken met het nieuwe tarief van 2024 en verlaten het idee

van een vaste vergoeding. We rekenen op basis van daadwerkelijk verbruik af aan het einde van dit jaar.

Op 13 februari 2024 is het skatepark zelf akkoord gegaan met dit hulpaanbod. U bent hierover

geïnformeerd via een raadsbrief. In diezelfde brief hebben we ook aangegeven dat als huren hoger worden - dus niet de servicekosten, maar de huurprijs - de subsidie voor de partij die subsidie

verleent, verhoogd moet worden. Dat is onze vastgoedmethodiek. Zo doen we dat in heel Utrecht met alle huurders.

De laatste vraag ging over de andere huurders. Alle andere huurders op het OPG-terrein is een

vergelijkbaar hulpaanbod gedaan. Iedereen is akkoord gegaan, behalve van de Alchemist. Daar zijn

we nog mee in gesprek, en ik verwacht u daar op korte termijn via een raadsbrief over te informeren. Ik heb hiermee alle vragen beantwoord.

De voorzitter: Zijn er aanvullende vragen? De heer Stam (PvdA): Voorzitter. We krijgen nu echt signalen dat het koud is op het OPG-terrein

omdat de stookkosten zo hoog zijn. In hoeverre zijn er duurzame oplossingen aangeboden? Hoe zorgt de gemeente ervoor dat deze huurders kunnen blijven?

De heer Eerenberg (wethouder): Voorzitter. Er zitten twee componenten in. De servicekosten zijn

gestegen door de hogere energieprijzen. Daar heeft iedereen in de stad mee te maken. Daarnaast is er een verhoging van de huurprijs. Dat laatste komt door de verlenging die we hebben aangeboden,

wat overigens een nadrukkelijke wens van de raad was. Als gevolg van die verlenging moeten er ook maatregelen aan het pand worden gedaan, bijvoorbeeld om het veilig te houden. Die kosten worden verdisconteerd in de huurprijs.

Op de servicekosten hebben we een hulpaanbod gedaan om tegemoet te komen. Dat is een mooi

aanbod, en iedereen is daar vrijwillig mee akkoord gegaan. Wat betreft de verhoging van de huurprijs werkt het automatisch zo dat de subsidie voor gesubsidieerde partijen omhoog gaat. Dit is onze vastgoedmixmethode. Zo werken we ook bij bijvoorbeeld theaters of Tivoli. Beide componenten

samen zouden een duurzame oplossing moeten bieden. Maar ik kan natuurlijk niet in de boeken van iedere huurder kijken om te zien hoe hun inkomsten en kosten zijn opgebouwd.

De heer Stam (PvdA): Hoe verhoudt dat zich tot twee zaken: de motie uit 2018 om deze partijen zoveel mogelijk te behouden in de Merwedekanaalzone, en wat als deze huurders wegvallen …

12

Vragenuur van 10 oktober 2024

De voorzitter: Helaas mag er één vraag gesteld worden. De heer Eerenberg (wethouder): De mix van het hulpaanbod op energiekosten, wat we elders in de

stad niet doen, en de subsidieaanpassing voldoet volgens mij aan de wens uit uw motie. Dat hebben we geregeld. Ze zitten er nog tijdelijk, want uiteindelijk is de vraag waar ze landen in de Merwedekanaalzone.

De heer Stam (PvdA): Maar de ruimte valt leeg als ze de servicekosten niet kunnen betalen. Dan komt een deel van het vastgoed leeg te staan en heeft vastgoed een probleem omdat het moet betalen uit zijn eigen potje. Wat zijn dan de financiële gevolgen voor vastgoed, gezien dat potje al vol gebruikt is?

De heer Eerenberg (wethouder): Als een huurder omvalt, hebben we natuurlijk een probleem, omdat er dan leegstand ontstaat. Dat brengt kosten met zich mee. Voor nu is het onze taak dit te voorkomen met de afspraken en subsidies zoals afgesproken. Maar risico’s zijn er altijd.

De heer Stam (PvdA): Eigenlijk is de crux van mijn vraag: stel dat de huurders de servicekosten niet kunnen betalen, dan valt het vastgoed leeg. Dan hebben wij een situatie waarin een deel van het

vastgoed leeg komt te staan, en dat betekent dat vastgoed zelf moet betalen vanuit hun potje. Dat

potje is volgens mij al vol gebruikt. Hoe ziet de wethouder de financiële gevolgen als deze huurders omvallen?

De heer Eerenberg (wethouder): Dat signaal neem ik mee. Naar aanleiding van uw vragen zal ik nog

één keer een rondje maken langs alle huurders om te vragen hoe de situatie er nu uitziet. Nogmaals, de huurders zijn eerder akkoord gegaan met dit voorstel. Dat hebben zij vrijwillig gedaan, vanuit het idee dat dit voldoende zou zijn.

Ik zou bijna een retorische wedervraag willen stellen. Als deze partijen daar koste wat het kost

moeten blijven, hebben met een financieel vraagstuk op te lossen, want mensen in deze stad moeten immers ook een kostprijsdekkende huur betalen. Dat is ook de spelregel voor andere huurders op andere plekken. We moeten ons ook naar hen verantwoorden.

Mevrouw Dolmans (D66): Het skatepark heeft aangegeven dat zij niet echt een keuze voelden toen

zij moesten tekenen voor de servicekosten. Er zijn ook geen andere locaties beschikbaar. Hebben zij dan wel echt een keuze gehad? Hoe reflecteert de wethouder daarop?

De heer Eerenberg (wethouder): Ik heb een andere herinnering aan die gesprekken. Er zijn meerdere partijen naar ons toe gekomen met de vraag of we konden helpen, omdat de energiekosten enorm

waren gestegen. Dat geldt voor iedereen in de stad. Vanwege uw motie over de Merwedekanaalzone hebben wij een extra stap gezet.

We hebben niemand onder druk gezet om tegen hun zin een contract te ondertekenen. Een

ondertekend contract heeft natuurlijk wel waarde in ons verkeer. Ik kan daar nu niet zeggen dat dit

misschien toch niet het juiste was. Mensen hebben hun handtekening gezet, zonder druk. Als er nog andere zaken spelen, zijn ze van harte uitgenodigd om daarover met ons te praten. Ik denk echter dat we een goed aanbod hebben gedaan.

13

Vragenuur van 10 oktober 2024 De heer Van Heuven (PvdD): Dus met dit mooie aanbod, dat wil zeggen het afrekenen op basis van werkelijk gebruik, zijn de skatehal en andere huurders volgens de wethouder uit de problemen?

De heer Eerenberg (wethouder): Ik kan niet in de boekhouding van alle partijen kijken en zien wat er gebeurt. Wat betreft de servicekosten zijn we tegemoetgekomen en rekenen we af op werkelijk

gebruik. Dat is gunstig, want het skatepark is geen grootverbruiker. Wat betreft de huur hebben we de huur passend gemaakt, zodat zij langer op deze locatie konden blijven, terwijl het contract

eigenlijk afliep. Dit was een stap in hun richting. Wel moesten wij aanpassingen aan het pand doen, en die kosten moeten worden terugbetaald. Daar hebben de huurders in het verleden mee ingestemd.

Als er ondertussen iets veranderd is in hun financiële situatie, waardoor ze het nu niet meer kunnen dragen, nodig ik hen uit voor een gesprek. Maar ik ben eerlijk: mijn middelen zijn uitgeput. Als er meer nodig is, heb ik uw hulp nodig.

De heer Van Heuven (PvdD): Maar de enorme stijging van de energiekosten is nu helemaal van de baan?

De heer Eerenberg (wethouder): Ik heb geen glazen bol, maar we rekenen nu af op een tarief voor 2024. Dat is veel gunstiger dan in 2023. Daarnaast rekenen we af op werkelijk gebruik. Dit is gunstig, omdat het skatepark weinig energie verbruikt. Beide factoren zijn positief.

De voorzitter: Ik dank de wethouder voor de beantwoording en wij gaan door naar de volgende set vragen.

5. Mondelinge vragen van de fracties van GroenLinks, ChristenUnie, PvdD, Student & Starter, Horizon en Volt over Roken op bushaltes.

Mevrouw Vermeulen (GroenLinks): Voorzitter. Sinds 1 januari zijn alle ov-haltes in Utrecht rookvrij. Kinderen, maar ook reizigers die niet in tabaksrook willen of kunnen staan, kunnen zo rookvrij

reizen. Dat is de bedoeling. De praktijk leert echter dat er nog steeds wordt gerookt bij bushaltes.

Ik heb namens GroenLinks, Partij voor de Dieren, ChristenUnie, Studenten & Starter, Horizon, en Volt enkele vragen.

1. Is het college het met de indieners eens dat dit onwenselijk is?

2. Er liggen tegels en hangen posters van de rookvrije generatie bij haltes. Wordt er nu gehandhaafd of aangesproken door vervoerders?

3. Ziet het college mogelijkheden om in overleg met vervoerders meer te doen tegen roken en zwerfvuil door sigarettenpeuken bij haltes?

4. Deelt het college dat hier een belangrijke stap gezet kan worden om de ambitie rookvrij 2040

dichterbij te brengen? En hoe staat het met de andere te nemen stappen, zoals rookvrije terrassen en vapen?

De heer Eerenberg (wethouder): Voorzitter. GroenLinks legt hier een terecht punt op tafel. We

hebben met elkaar gekozen voor informele handhaving bij rookvrije zones door het elkaar erop

aanspreken, zowel door de vervoerder, medepassagiers, als door onze eigen mensen. Dit gaat vaak goed, maar niet altijd. Soms durven mensen elkaar niet aan te spreken, met als gevolg dat het niet volledig rookvrij is.

14

Vragenuur van 10 oktober 2024 Het antwoord op de tweede vraag. Over de handhaving. Voor rookvrije zones hebben we een lokale, informele aanpak. Er is dus geen formele handhaving. Mensen kunnen niet worden beboet voor

roken op deze plekken. Het idee is dat we elkaar aanspreken. Dat hebben we in 2022 bedacht met

een andere vervoerder dan nu. Ik zal contact opnemen met de huidige vervoerder om de chauffeurs

te vragen degenen die roken aan te spreken. Ik adviseer negatief op formele handhaving. Groningen heeft dit geprobeerd, maar nul boetes uitgedeeld vanwege de juridische complexiteit. Bij rookvrije schoolpleinen ligt de handhaving bijvoorbeeld bij scholen zelf, onder toezicht van de NVWA. Voor bushaltes geldt een vergelijkbare situatie: het ligt bij de vervoerder, maar er is geen formele controle.

Het antwoord op de derde vraag, het voorkomen van zwerfvuil. Dit is een dilemma. Als je

voorzieningen zoals asbakken plaatst, zeg je impliciet dat roken daar toegestaan is. Dat wil ik vanuit volksgezondheid niet stimuleren. Wel starten we opnieuw een actie met de “peukenpincetten.” Iedereen kan deze aanvragen via samenschoon@utrecht.nl. Daarnaast zullen we extra schoonmaakrondes langs bushaltes organiseren.

Het antwoord op de vierde vraag over belangrijke stappen. Ik ben het ermee eens dat rookvrije

bushaltes een bijdrage leveren. Ook al houdt niet iedereen zich aan de rookvrije regels, heel veel mensen doen dat wel. Dat is echt een stap in de goede richting. Over vapes hebben wij naar

aanleiding van de motie gesprekken gevoerd met verschillende partners. Het eerste concrete

resultaat is dat de jeugdgezondheidszorg in het kader van de week van de opvoeding een speciale

avond organiseert voor ouders die zich zorgen maken over hun vapende kind. Deze zomer hebben we samen met onze partners in de gezondheidsfondsen aandacht gevraagd voor de rookvrije

terrassen en hebben we een eerste stap gezet. We hebben een aantal partijen aan ons gebonden en de ambitie is om het volgende terrassenseizoen een grote slag te slaan met een aantal restaurants en cafés.

De voorzitter: Mevrouw Vermeulen? Mevrouw Vermeulen (GroenLinks): Ik heb geen aanvullende vraag, maar ik wil de wethouder wel danken voor zijn beantwoording.

De voorzitter: We hebben nog een vragenset op de agenda staan. De afspraak is dat we daar niet

mee gaan beginnen als we die niet meer binnen de tijd kunnen afronden. Dat heeft ook te maken

met de nieuwe spelregel dat je drie keer een vraag mag stellen, wat volgens mij de beantwoording wel ten goede komt, maar ervoor zorgt dat er minder tijd overblijft voor extra vragen.

De vragen over Erken de rechten van arbeidsmigranten worden opgeschoven naar het volgende vragenuur.

Ik wens u allen een fijne avond en tot de volgende keer. De voorzitter sluit daarop, te 18.00 uur, het vragenuur.

15

Vragenuur van 10 oktober 2024

16

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=75555bf1-00cc-4e64-9cdd-8d1d2c5cf410