20240912 vragenuur
Tekst van het document
2024 NOTULEN VRAGENUUR Vragenuur – 12 september 2024 Vragenuur, gehouden op donderdag 12 september 2024 te 17.00 uur. Voorzitter: mevrouw Stylianou. Aanwezig zijn de raadsleden: Hessel, Ramaker, Snijder, Stam en Van Steeg. Voorts zijn aanwezig de commissieleden: Dolmans en Krul. Namens het college zijn aanwezig de wethouders: Oosters, Schilderman en De Vries. Griffier: mevrouw Bouts.
Opening van het vragenuur. De voorzitter: Goedemiddag. Ik heet iedereen hartelijk welkom bij het vragenuur, natuurlijk ook de mensen op de publieke tribune en de mensen die digitaal met ons meekijken of meeluisteren.
We hebben sinds kort de procedure iets veranderd. Er worden vragen gesteld aan een collegelid. Dat
collegelid geeft daarop een reactie. Daarna is het mogelijk om een aanvullende vragen en daarna nog twee vervolgvragen te stellen over hetzelfde onderwerp. Ten slotte is de indiener van de vragen nog in de gelegenheid om een eventuele vervolgvraag te stellen.
Er zijn voor dit vragenuur zes sets vragen ingekomen. De eerste vragen zullen gesteld worden door mijn fractiegenote Emma Dolmans, die de vragen namens mij zal stellen.
1. Mondelinge vragen van Nadia Stylianou (D66), mede namens Ruben Snijder (Student & Starter),
Beau Nederhand (Volt) en Victor Paalman (Horizon), inzake Game over voor Dutch Game Garden.
Mevrouw Dolmans (D66): Voorzitter. Afgelopen week werd bekend dat de Dutch Game Garden moet stoppen in Utrecht. De Dutch Game Garden speelt een cruciale rol in de groei en ontwikkeling van tientallen startups en gevestigde gamebedrijven én voor Utrechtse gameopleidingen. Met Team
Liquid, gevestigd bij het station, bevat onze stad ook een van de beste gamingteams van de wereld. De fracties van D66, Student & Starter, Volt en Horizon hebben daarom de volgende vragen.
1. Is de wethouder het met D66 eens dat e-sports een belangrijke pilaar binnen de digitalisering, ontwikkeling van talent en creativiteit in Utrecht is? Hoe borgen wij dit als Utrecht?
2. Is de wethouder bereid om met de Dutch Game Garden in gesprek te gaan om te kijken of de
gemeente, eventueel samen met de provincie, iets voor de Dutch Game Garden kan betekenen? En kan de wethouder bij deze gesprekken ook de Utrechtse opleidingsinstituten betrekken die game-opleidingen aanbieden?
Vragenuur van 12 september 2024 3. Is de wethouder bereid om samen te werken met lokale bedrijven en internationale partners,
zoals Team Liquid, om Utrecht als een aantrekkelijke stad voor gameontwikkelaars en e-sports te
positioneren? Hoe kan de gemeente hierin investeren om de game-industrie en e-sports verder te laten groeien?
Mevrouw Schilderman (wethouder): Voorzitter. Ik dank de indieners voor de vragen.
Het antwoord op vraag 1. Ik denk dat het belangrijk is om onderscheid te maken tussen e-sports en
andere ontwikkelingen in de gamingsector. E-sports verwijst naar het in wedstrijdverband spelen van computerspellen. We zien dat de bijdrage van e-sports aan de gezonde digitale samenleving – een
van de pijlers die wij in onze Regionale Economische Agenda hebben vastgesteld – beperkt is. Op de e-sports ligt dan ook niet de focus. De Dutch Game Garden daarentegen is veel breder.
Wij werken in Utrecht zoals gezegd aan een gezonde digitale samenleving. Samen met de ROM en de provincie geven wij invulling aan de Regionale Economische Agenda. De Dutch Game Garden heeft
zich altijd gericht op het ontwikkelen van technologie en applicaties in de gamingsector, en niet op de e-sports die in de vragen genoemd worden.
Het antwoord op vraag 2. Het contact tussen de Dutch Game Garden en de gemeente Utrecht is
eigenlijk altijd heel positief geweest, niet alleen op ambtelijk niveau, maar ook op bestuurlijk niveau. In de afgelopen weken is er ook meer contact geweest tussen de ambtenaren en de Dutch Game
Garden over de situatie. Het is al langer bekend dat het financieringsmodel van de DGG heel sterk
voortbouwde op de subsidie van de provincie Utrecht en daarmee moeilijk in stand te houden was. Er is in de afgelopen jaren uitgebreid gezocht naar oplossingen. Er is bij veel verschillende partijen, zowel op Europees als op nationaal en regionaal niveau, gekeken naar verschillende
financieringsbronnen. Ook de Utrechtse opleidingsinstituten zijn meermaals bevraagd om daar een
bijdrage aan te leven. Dit heeft niet geleid tot een andere financieringsbron. Daarom heeft de Dutch Game Garden nu zelf het besluit genomen om te stoppen. Daarmee is onze inschatting dat er geen doorbraak zal komen in een nieuwe gespreksronde, na alle gespreksronden die er al zijn geweest.
Het antwoord op vraag 3. Wij kijken niet zozeer naar de e-sports, omdat die niet zozeer bijdragen
aan de economische doelen die wij ons gezamenlijk in deze regio hebben gesteld. Maar we blijven samen met de ROM en de New Digital Society wel kijken naar innovatie in het ecosysteem. Hoe kunnen we ervoor zorgen dat er ondernemers zijn die werken aan digitale innovaties die ook
bijdragen aan de sociaal-maatschappelijke uitdagingen die we hebben? Dat is dan ook een van de pilaren in de Regionale Economische Agenda en dat zal ook zeker zo blijven, ook hierna.
Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair): Voorzitter. Ik heb een vraag aan de wethouder. Er gaat jaarlijks
vanuit de provincie € 1 miljoen naar de Game Garden. De gemeente draagt dan vaak nog, zoals vorig jaar gebeurde, € 177.000 bij. In 2022 had de Game Garden een erg goed bericht: er was sprake van een flinke omzetgroei - de game-industrie draait natuurlijk al jaren enorm goed – want in 2022
bedroeg de omzet € 440 miljoen per jaar voor de Nederlandse game-industrie. Vindt u niet dat het nu aan de game-industrie is om startups te begeleiden, omdat ze dat gewoon zelf kan betalen? Mevrouw Schilderman (wethouder): Wij hadden het een mooie stap gevonden als er een grotere
bijdrage vanuit het bedrijfsleven was gekomen. Een andere optie was ook geweest dat de nationale overheid daar meer aan zou bijdragen. Dat zijn allemaal zaken die verkend zijn, maar die niet
hebben geleid tot een nieuwe financieringsbron. Dat is de reden voor de Dutch Game Garden om ermee te stoppen.
2
Vragenuur van 12 september 2024 Mevrouw Dolmans (D66): Voorzitter. Ik heb nog een aanvullende vraag. Zien de opleidingsinstituten of de genoemde digitale partners geen kansen binnen Utrecht die we nu nog niet benutten? Is de wethouder bereid om gesprekken daarover te starten?
Mevrouw Schilderman (wethouder): Het erg afhankelijk zijn van de provinciale subsidie is al lang
bekend. De provincie heeft ook lang geleden al aangegeven dat gekeken zou moeten worden naar
andere mogelijkheden om zelfstandiger te worden en dat dus naar andere financieringsbronnen zou moeten worden gekeken. Dat heeft echter steeds geen nieuwe financieringsbronnen opgeleverd. Bij andere startup-incubators zien we dat bijvoorbeeld onderwijsinstellingen bijdragen. Dat gebeurde bij de Dutch Game Garden niet. Dat heeft wel geleid tot gesprekken, maar niet tot een uitkomst. Daarmee denk ik niet dat een nieuw gesprek daar wel toe zou leiden.
De voorzitter: Ik stel vast dat er geen vervolgvragen meer zijn. Dan gaan we door naar de tweede vragenset.
2. Mondelinge vragen van Nadia Stylianou (D66), mede namens Rien van den Hoek (UtrechtNu!), inzake Utrechtse ondernemers uit de brand helpen.
Mevrouw Dolmans (D66): Voorzitter. We hebben allemaal gehoord over de verwoestende brand op
het industrieterrein Strijkviertel in De Meern. Voor betrokken ondernemers een ware nachtmerrie. Nu is er een tussenoplossing nodig, waarover wij de volgende vragen hebben.
1. Is het college hierover in contact met de veiligheidsdiensten en de ondernemers op Strijkviertel? Bestaan er zorgen over de mogelijkheid van meer incidenten en de veiligheid op het terrein?
2. Kan de gemeente faciliteren in het zoeken naar een tijdelijke nieuwe locatie voor de getroffen ondernemers? Zo nee, kan het college de ondernemers op een andere manier ondersteunen?
De voorzitter: Wethouder Schilderman zal bij de beantwoording van de vragen burgemeester Dijksma vervangen.
Mevrouw Schilderman (wethouder): Voorzitter. Het college leeft enorm mee met de getroffen
ondernemers. Ik heb een aantal van hen gesproken over wat zij hebben meegemaakt. Dat waren heel
openhartige gesprekken. Het is natuurlijk ontzettend heftig als je met je bedrijf zoiets meemaakt. De brand heeft dan ook een enorme impact op de bedrijfsvoering van de betrokken ondernemers, maar
daarnaast ook op het persoonlijke vlak, want zij zijn toch met hun levenswerk aan de slag. Ik merkte dat sommigen al helemaal in de actiestand zaten; zij waren al bezig met het regelen van andere locaties. Maar dat neemt niet weg dat er sprake is van een heftige situatie.
Er is contact met de veiligheidsdienst en de bestuursleden van de Bedrijvenkring Oudenrijn. Vanuit
EZ is er ook contact met de pandbeheerder van het betrokken pand. We blijven nauw betrokken bij de situatie op het bedrijventerrein.
Er heeft op dinsdag 10 september een overleg plaatsgevonden vanuit het Keurmerk Veilig
Ondernemen op Oudenrijn. Daarbij is ook met de voorzitter verder gesproken. Daaruit kwam naar
voren dat de ondernemers op het hele bedrijfsterrein zorgen hebben over de risico's die zij mogelijk lopen. Soms gaat het over een gevoel van onveiligheid, maar soms ook over het pand zelf. Het pand is afgezet met hekken en wordt beveiligd met camera's en ook met beveiligers. Dat is ook om de locatie en de spullen van de getroffen ondernemers te beschermen. De politie heeft de zaak in onderzoek, maar lopende dat onderzoek kunnen we daar niet veel over zeggen.
3
Vragenuur van 12 september 2024 De gemeente zal waar mogelijk de ondernemers ondersteunen in de zoektocht naar een tijdelijke
locatie. Ik merk dat door sommigen echt al stappen zijn gezet. Op het moment dat wij daarin kunnen bemiddelen, zullen wij dat doen. Maar daarvoor zijn we natuurlijk altijd afhankelijk van private partijen die een locatie beschikbaar hebben.
Er zijn meer manieren om ondernemers te steunen. Een logische manier is via Ondernemer Centraal, die beschikbaar is voor het inventariseren van hulpvragen van getroffen ondernemers. Er wordt ook nog een spreekuur georganiseerd, dat misschien meer een inloopkarakter zal hebben. Dat zou ook
kunnen helpen voor de ondernemers die zich nog niet gemeld hebben. We kunnen op basis daarvan ook bezien of bijvoorbeeld vervolgdienstverlening kan helpen.
Mevrouw Dolmans (D66): Voorzitter. Ik heb nog een vervolgvraag van een iets andere orde; die gaat
meer over de brand en minder over de ondernemers. Omwonenden zijn na advies van de brandweer
nog steeds bezorgd over de brandresten in hun tuin na de grote brand. Speelt de gemeente nog een rol bij het informeren en adviseren?
Mevrouw Schilderman (wethouder): De eerste rol is natuurlijk logischerwijs meer vanuit de veiligheidspartners, of dat nu de brandweer of de politie is. Op het moment dat er echt
onzekerheden over zijn, is het belangrijk dat mensen even contact opnemen; dan kunnen zij specifiek geadviseerd worden.
De voorzitter: Ik dank de wethouder voor haar beantwoording. Dan gaan we door naar de derde vragenset.
3. Mondelinge vragen van Floor Steinmetz (BIJ1), mede ingediend door Anneloes Krul (PvdD),
Annemarijn Oudejans (Student & Starter) en Rick van der Zweth (PvdA), inzake Huurrechten mogen niet omzeilbaar zijn.
Mevrouw Steinmetz (BIJ1): Voorzitter. De wooncrisis is nog altijd niet opgelost en door het gebrek aan woonruimtes zijn er velen die noodgedwongen in illegale huurconstructies leven, wier
woonzekerheid ontnomen wordt. Deze week bracht de Bond Precaire Woonvormen de situatie van
Klaas aan het licht. Klaas huurt een kamer in een gedeeld huis en wordt in 2022 door de verhuurder opgelegd dat hij alleen in zijn kamer kan blijven als hij zich uitschrijft bij de gemeente en zijn huur contant betaalt. Hiermee probeert de verhuurder het huurrecht en de afschaffing van tijdelijke
contracten te passeren, en de macht van uitzetting op willekeurig moment te verkrijgen. Nu, in 2024, is er een potentiële koper in beeld voor het pand en eist de verhuurder dat Klaas en zijn
huisgenoten vertrekken. Wanneer Klaas aangeeft niet aan deze eis te kunnen voldoen op korte termijn en in contact gaat over een oplossing, wordt er gedreigd met huisuitzetting door een deurwaarder.
Dit incident is niet alleenstaand en toont een groter probleem aan. Zoals Klaas zijn er velen die te maken krijgen met particuliere verhuurders die vaste contracten, huurbescherming en
huurprijsregulering omzeilen en daarbij intimidatie, illegale verhuurconstructies en onrechtmatige
huisuitzettingen niet vermijden. De fracties van BIJ1, Partij voor de Dieren, Student & Starter, Partij van de Arbeid en GroenLinks hebben daarom de volgende vragen:
1. Is de wethouder op de hoogte hoe vaak illegale uitzettingen voorkomen in Utrecht? En zo ja,
kunnen deze cijfers met de Raad worden gedeeld? Zijn er bijvoorbeeld meldingen binnengekomen bij meldpunt Goed Verhuurderschap?
4
Vragenuur van 12 september 2024 2. Wat zijn de gevolgen voor verhuurders die zich schuldig maken aan het illegaal uitzetten van huurders?
3. In hoeverre kan de gemeente huurders in soortgelijke situaties ondersteunen?
4. In hoeverre ziet de wethouder het tekort aan personeel bij de hieraan verbonden gemeentelijke organen als medeoorzaak van het probleem?
5. Welke mogelijkheden ziet de wethouder voor het versterken van de positie van deze huurders op de lange termijn?
De heer De Vries (wethouder): Voorzitter. Ik dank de vragensteller voor de gestelde vragen. Ik zal ze een voor een aflopen.
Het antwoord op de eerste vraag. Wij beschikken over de cijfers van het Huurteam en het Meldpunt
Goed Verhuurderschap. Die kan ik met u delen. Of iedereen zich daar meldt, ook als er sprake is van illegale woninguitzetting, weten wij niet. Het gaat echt om de zaken die bij ons bekend zijn.
Wij zien dat dreigen met uitzetting helaas een veel voorkomende vorm van intimidatie is. In 2023
zijn er bij het Huurteam 35 intimidatiemeldingen binnengekomen, waarvan er 23 betrekking hadden op het dreigen met uitzetting. Via het Meldpunt Goed Verhuurderschap zijn er in totaal 18
meldingen binnengekomen over intimidatie en bedreiging. Naar aanleiding van deze meldingen hebben we zes waarschuwingsbrieven verstuurd. Eén melding gaat deels ook over dreiging met huisuitzetting.
Het antwoord op de tweede vraag, over de gevolgen voor verhuurders die zich schuldig maken aan het illegaal uitzetten van huurders, wat natuurlijk gewoon boevengedrag is. Een van de landelijke regels voor goed verhuurderschap gaat over intimidatie. De gemeente heeft bestuursrechtelijke mogelijkheden om in te grijpen als hiermee gedreigd wordt. Handhaving gebeurt met een
waarschuwing en vervolgens met een bestuurlijke boete. Hiervoor is natuurlijk wel bewijslast nodig om aan te tonen dat er daadwerkelijk sprake is van intimidatie.
Dan het antwoord op de derde vraag. In hoeverre kan de gemeente huurders in soortgelijke situaties
ondersteunen? Het Huurteam kan huurders informeren over huurrechten en de verhuurder wijzen op de regels bij huuropzegging. Het Huurteam kan de huurder ook bijstaan in het contact met de
verhuurder. Daarnaast hebben we zoals gezegd ook bestuursrechtelijke mogelijkheden om huurders te ondersteunen in het geval er wordt gedreigd met huisuitzetting of de huurder anderszins onder druk wordt gezet.
Het antwoord op de vierde vraag. In hoeverre ziet de wethouder het tekort aan personeel bij de
hieraan verbonden gemeentelijke organen als medeoorzaak van het probleem? Wij zien dit niet als medeoorzaak van het probleem. We kunnen ons wel voorstellen dat de vele nieuwe wet- en
regelgeving ervoor zorgt dat bij sommige verhuurders angst voor handhaving ontstaat en daarmee ook de wens om vastgoed te verkopen. Maar nu ben ik dat een beetje zelf aan het invullen.
Dan het antwoord op de vijfde vraag, inzake de versterking van de positie van huurders op de
langere termijn. De Wet goed verhuurderschap geeft gemeenten sinds 2023 instrumenten om juist die misstanden op de verhuurmarkt aan te pakken en daarmee dus ook de positie van huurders te
versterken. Dat zit hem met name in de relatie tussen huurder en verhuurder en door de aanpak van
intimidatie en discriminatie. Ook is het voor verhuurders verplicht om een schriftelijk huurcontract af te sluiten met de huurder. En vanaf 2025 moet de verhuurder zich ook houden aan een
rechtvaardige huurprijs in een gereguleerde sector. Als een verhuurder zich hier niet aan houdt, kan
de huurder hierover een melding doen bij ons meldpunt. Daarin werken wij ook nauw samen met het Huurteam.
Daarnaast is met de komst van de Wet vaste huurcontracten sinds 1 juli van dit jaar het afsluiten van
5
Vragenuur van 12 september 2024 een tijdelijk huurcontract verboden, op enkele uitzonderingen na. Dat geeft de huurders meer zekerheid over hun woonsituatie en versterkt de positie van huurders.
De voorzitter: We gaan kijken wie de "drietrapsraket" waar gaat maken vandaag. De heer Stam (PvdA): Voorzitter. Mijn vraag is wat de gemeente doet om actief naar de huurders te communiceren dat zij die rechten hebben. Dat is eigenlijk de grootste uitdaging. Wij hebben nu al heel veel rechten ingevoerd, maar dan moeten de huurders dat wel weten.
De heer De Vries (wethouder): Dank voor die vraag. Ik zie ook een heleboel mensen meeknikken, dus dit is volgens mij een vraag die velen wilden stellen. Wij komen inderdaad met een
communicatiecampagne, specifiek als het gaat om de Wet goed verhuurderschap en wat huurders op basis daarvan kunnen doen. Die campagne wordt in Q4 2024 gelanceerd. Het zwaartepunt van de campagne zal liggen in 2025.
De heer Stam (PvdA): Ziet de wethouder kans om naast het communiceren naar de huurder ook gewoon eisen te stellen aan verhuurders en die preventief te toetsen, met bijvoorbeeld een verhuurvergunning, waar wij al langer op sturen in het coalitieakkoord?
De heer De Vries (wethouder): Hierover hebben wij natuurlijk al vaker met elkaar gesproken. Wij
denken dat juist deze manier goed werkt. De campagne richt zich op de hele stad en niet alleen op een bepaald gebied. Wij denken met een actieve communicatiecampagne, waarbij wij de mensen goed informeren, en het goed inrichten van het meldpunt, een goede basis te hebben om te handhaven. Wij denken dat dat het meeste effect zal hebben.
De heer Stam (PvdA): Wanneer wordt naar de raad teruggekoppeld over deze informatiecampagne? De heer De Vries (wethouder): Ik hoop eigenlijk dat u die campagne vanzelf gaat merken; daarvoor is het immers een informatiecampagne. Ik vind het een beetje moeilijk om daar specifiek over terug te koppelen. Ik kan het doen in de verzamelbrief Wonen, maar ik heb al gezegd dat de campagne eind
Q4 van start gaat. Ik ga ervan uit dat u dan gaat merken dat de campagne gestart is. Anders hoor ik het heel graag.
Mevrouw Steinmetz (BIJ1): Voorzitter. De Bond Precaire Woonvormen geeft aan dat ze heel vaak
inspringt als het Huurteam te overbelast is om de huurders bij te staan op de manier waarop dat
hoort. Is de wethouder hiervan op de hoogte en is hij misschien bereid om aan de slag te gaan om dit te verbeteren?
De heer De Vries (wethouder): Wij werken volgens mij constant aan verbetering hiervan, in
samenwerking met het Huurteam. Wij hebben laatst ook een raadsbrief met u gedeeld die specifiek ging over enkele zaken die worden opgepakt. Wij sturen natuurlijk wel actief op het vergroten van
het aantal meldingen en vervolgens de handhaving via het Huurteam. Daar informeren wij uw raad jaarlijks over. Ik ga ervan uit dat volgend jaar op dit punt een groei te zien is.
Mevrouw Steinmetz (BIJ1): Geeft de wethouder daarmee aan dat overbelasting van het Huurteam iets is wat nu speelt?
6
Vragenuur van 12 september 2024
De heer De Vries (wethouder): Nee, dat geef ik niet aan. Ik geef aan dat dat wij sturen op meer meldingen. Dat doen wij enerzijds via het Huurteam. Ik ga ervan uit dat wij dat volgend jaar terugzien en dat wij uw raad daarover informeren. Daarnaast ziet u dat terug via de actieve informatiecampagne.
De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we door naar de vierde vragenset. Mevrouw Ramaker zal de vragen stellen. Zij is zelfs van een ander debat weggelopen om deze vragen te kunnen indienen. 4. Mondelinge vragen van Margreet Ramaker (VVD), mede namens Bert van Steeg (CDA), over bezoek aan het theater in het gesloten Castellum.
Mevrouw Ramaker (VVD): Voorzitter. Eind augustus is een deel van het plafond in het Castellumcafé naar beneden gevallen. Gelukkig waren er toen geen mensen aanwezig. Sinds afgelopen vrijdag is
een onderzoek gestart naar de oorzaak van dit loslaten van het plafond. Zolang het onderzoek loopt, blijft het pand, waarin ook het Podium Hoge Woerd zit, gesloten, en is een bezoek aan het theater voor onbepaalde tijd niet mogelijk.
Op de website van Podium Hoge Woerd – die heb ik gisteren, 11 september, gecheckt - staat te
lezen dat per dag gekeken wordt of een voorstelling doorgaat. De ticketverkoop staat gewoon open. Wij hebben daarover de volgende vragen:
1. Waarom is de ticketverkoop voor voorstellingen tot en met 22 september geannuleerd en vanaf 27 september weer geopend? Wordt dat per dag of per week beoordeeld?
2. In hoeverre valt de veiligheid te garanderen bij het wel openen van de theaterzaal met gebruik
van de vlakbij het cafégedeelte gelegen toiletvoorzieningen, als het cafégedeelte niet toegankelijk is?
3. Wat betekent de (tijdelijke) sluiting van het Podium Hoge Woerd voor de inwoners van Leidsche Rijn en omgeving?
4. De gemeente is eigenaar van het gebouw. Wat doet de gemeente aan het bieden van alternatieve locaties in of nabij Leidsche Rijn voor het kunnen houden van voorstellingen van Podium Hoge Woerd?
5. In hoeverre gaat de gemeente Utrecht, in casu de afdeling Cultuur, deze tijdelijke sluiting van het theater geld kosten?
Mevrouw Oosters (wethouder): Voorzitter. Ik dank de indiener voor het stellen van de vragen. Vooraf merk ik op dat het goed is om te zeggen dat wij ontzettend zijn geschrokken van de calamiteit bij
het Castellum. We kunnen ons voorstellen dat vooral de mensen die daar dagelijks aan het werk zijn, echt enorm geschrokken zijn van wat er is gebeurd. Gelukkig kunnen we zeggen dat er niemand gewond is geraakt. Uiteraard zetten wij ons ervoor in om het pand zo spoedig mogelijk weer te openen voor zijn bezoekers en alle andere die daar heel veel plezier van hebben.
Het antwoord op de eerste vraag, over de ticketverkoop. Alle voorstellingen in Podium Hoge Woerd zijn tot en met zondag 22 september inmiddels geannuleerd. De kaartverkoop is daarna gesloten. Het onderzoek zal enkele weken duren, waarna we zullen bekijken hoe we het paviljoen zo snel mogelijk weer open kunnen stellen.
Dan het antwoord op de tweede vraag. Het paviljoen zal weer worden opengesteld zodra door experts wordt aangegeven dat dit op een veilige manier kan gebeuren. Daar kunnen we op dit moment nog niet het juiste over zeggen.
7
Vragenuur van 12 september 2024 Dan het antwoord op vraag 3. Inwoners van Leidsche Rijn en omgeving kunnen Podium Hoge Woerd momenteel niet bezoeken. Zij moeten voor een theatervoorstelling dus uitwijken naar andere podia
in de stad. Deze situatie geldt in ieder geval voor zolang het onderzoek naar de oorzaak loopt. Naast het annuleren van de eigen programmering, die zichtbaar is op de website, vinden ook regelmatig schoolvoorstellingen plaats in Podium Hoge Woerd. Ook wordt de theaterzaal verhuurd aan
bijvoorbeeld amateurgezelschappen, het mbo, andere culturele instellingen in de wijk en scholen die er schoolmusicals opvoeren. Hiermee fungeert Podium Hoge Woerd als een centrale culturele
voorziening voor de wijk, met een bredere functie dan alleen de eigen voorstellingen. Zolang de sluiting duurt, kunnen ook deze activiteiten helaas niet doorgaan.
Uiteraard spannen wij ons in om het pand zo snel mogelijk weer open te krijgen, zodat
theaterbezoekers, maar ook amateurkunstenaars, wijkbewoners en de genoemde andere gebruikers van Podium Hoge Woerd weer gebruik kunnen maken van deze voorziening.
Het antwoord op vraag 4. Vanmorgen is mijn collega-wethouder De Vries ter plaatse geweest en
heeft hij gesproken met de huurders van het pand. Hierbij is ook gesproken over de behoeftes op dit moment. Op dit moment is er nog niet gesproken over alternatieve locaties voor voorstellingen.
Onze ervaring leert dat het vinden van alternatieve locaties een lastige opgave is, vanwege de heel specifieke uitrusting die dit soort voorstellingen vaak nodig hebben, de korte termijn en de volle programmering op andere locaties.
Natuurlijk blijven we wel in contact met de huurders, ook om te kijken naar wat wel mogelijk is en waar de behoeften liggen. Dat doen we niet alleen vanuit Vastgoed, maar ook vanuit Cultuur.
Daarnaast focussen we op dit moment op het benodigde onderzoek om de oorzaak en de schade in beeld te brengen.
Ten slotte het antwoord op vraag 5. Zoals aangegeven, heeft het onderzoek prioriteit. Daarnaast
bekijken we hoe we zo snel mogelijk het pand weer kunnen openstellen. Zoals gezegd vinden we het heel erg dat het paviljoen op dit moment niet gebruikt kan worden, maar wat het financieel betekent om het pand op dit moment niet te kunnen gebruiken, moeten we op een later moment op een zorgvuldige manier met elkaar bekijken. Een en ander is natuurlijk ook afhankelijk van de
uiteindelijke duur van de sluiting. Op dit moment kunnen we daar nog geen goed antwoord op geven.
De heer Van Steeg (CDA): Voorzitter. De voorstellingen zijn tot 22 september opgeschort. De
wethouder zegt dat er onderzoek plaatsvindt dat enkele weken duurt. Kan de wethouder nog iets
meer zeggen over de duur van het onderzoek en wat ervoor nodig is om de openstelling voor elkaar te krijgen? Aan welke termijn denkt zij?
Mevrouw Oosters (wethouder): Voorzitter. Ik begrijp heel goed dat dit de vervolgvraag is. Ik kan
echter niet heel specifiek zijn over hoe lang dat onderzoek precies gaat duren. Dat hangt samen met een hele hoop factoren. Een ervan is dat het systeemplafond dat naar beneden is gekomen ook in andere delen van het pand is te vinden. We hebben dus gewoon even de tijd nodig om goed
onderzoek te doen om te weten of het pand weer veilig open kan. Wij hebben in ieder geval de tijd tot 22 september nodig. Dat kan uitlopen, maar we gaan er echt voor, zoals ik al zei, om de accommodatie weer zo snel mogelijk open te stellen.
De heer Van Steeg (CDA): De wethouder sprak over een periode van enkele weken. Betekent dit dat
de afronding van het onderzoek het moment is waarop het pand weer opengesteld kan worden? Of
zijn er dan nog extra stappen nodig, bijvoorbeeld zaken die aan het pand zelf moeten gebeuren? Kan
8
Vragenuur van 12 september 2024 de wethouder daar iets over zeggen? Mevrouw Oosters (wethouder): Zoals ik al zei, wachten we op het oordeel van de experts om het
pand weer open te stellen. Dat heeft een onderzoek nodig, maar in de afronding van het onderzoek
zal duidelijk moeten zijn of het pand weer helemaal toegankelijk kan zijn voor het publiek. Het gaat dus om het onderzoek en de oplevering daarna.
Mevrouw Ramaker (VVD): Voorzitter. Ik heb deze vragen bewust gesteld omdat de communicatie niet goed gaat. Als je naar Castellum fietst, zie je daar een plakkaat hangen. De informatie daarop rijmt niet helemaal met die op de website. Wat gaat de wethouder doen om de communicatie naar de
inwoners van Leidsche Rijn, maar ook iedereen die het theater bezoekt, meer op één lijn te brengen en daardoor meer duidelijkheid te geven?
Mevrouw Oosters (wethouder): Ik vind dat een goede vraag, want het is echt belangrijk dat er in ieder geval één duidelijke lijn is vanuit zowel de partijen die het pand normaal exploiteren als vanuit de
gemeente. Ik zal even kijken waar daar misschien verschil in zit en hoe wij hierover op onze eigen
site, bijvoorbeeld bij de afdeling cultuur, zouden kunnen communiceren. Wat daarvoor de juiste plek is, durf ik nu nog niet te zeggen, maar ik zal in ieder geval een poging daartoe doen.
Mevrouw Ramaker (VVD): Ik geloof heel erg in samenwerking, maar ook op de website van Podium Hoge Woerd staat nog steeds dat per dag gekeken wordt of een voorstelling doorgaat. Het is
belangrijk dat je er duidelijk over bent of een voorstelling wel of niet doorgaat. Zolang het pand
gesloten is, gaan de voorstellingen niet door. Dat is eigenlijk wat de VVD wil meegeven. Dat zou in één communicatieboodschap duidelijk naar voren moeten komen.
Mevrouw Oosters (wethouder): Ja. Volgens mij is dat een heel heldere oproep. Dat willen wij ook echt met Podium Hoge Woerd gaan doen. Ik denk dat het in ieder geval heel wijs is om zolang het
onderzoek duurt, alle voorstellingen te annuleren. Dat is ook het idee. We gaan even kijken of die communicatie daarover op dezelfde lijn ligt. Als dat niet zo is, passen we dat aan.
De voorzitter: Helemaal goed. Ik dank de wethouder voor de beantwoording. We gaan door naar de vijfde vragenset.
5. Mondelinge vragen van Ruben Snijder (Student & Starter), mede namens Emma Dolmans (D66),
Cees Bos (Stadsbelang Utrecht), Veerle Smit (Volt), Lenno van Straalen (ChristenUnie), Gertjan te Hoonte (VVD), Anneloes Krul (Partij voor de Dieren), Floor Steinmetz (BIJ1) en Victor Paalman (Horizon), inzake Dreigen Utrechtse studenten hun woning te verliezen?
De heer Snijder (Student & Starter): Voorzitter. Te midden van een wooncrisis besluiten steeds meer
verhuurders hun panden te verkopen, waardoor studenten en andere woningdelers op straat dreigen te belanden. Het aantal meldingen van gedwongen huisuitzettingen neemt de laatste maanden toe.
Dat is niet fijn voor de jonge Utrechter. Verhuurders wijzen op de Wet betaalbare huur als reden voor
de verkoop. Verschillende fracties maken zich zorgen over deze ontwikkeling en zien de woningnood onder studenten verder toenemen. Om die reden heeft de fractie van Student & Starter, mede
namens de fracties van D66, Stadsbelang Utrecht, Volt, ChristenUnie, VVD, Partij voor de Dieren, BIJ1 en Horizon, de volgende vragen opgesteld:
9
Vragenuur van 12 september 2024 1. Deelt het college de zorg dat het verdwijnen van studentenwoningen uit de particuliere sector een bedreiging vormt voor het verkleinen van het tekort aan studentenhuisvesting?
2. Ziet het college de noodzaak om nog meer studentenwoningen te realiseren als gevolg van deze situatie?
3. Zijn de signalen over de verkoop van particuliere studentenhuizen bekend bij het college? Zo ja, wat doet het college om bestaande studentenwoningen te behouden?
4. Is het college op de hoogte van meldingen bij het Huurteam van studenten die hun woning moeten verlaten omdat verhuurders de Wet betaalbare huur aanvoeren? Hoe wordt hier vervolgens mee omgegaan?
5. Op welke wijze biedt het college ondersteuning aan Utrechtse studenten die op korte termijn op straat komen te staan?
6. Is het college in gesprek met het Rijk over deze situatie? Zo ja, waarover? De heer De Vries (wethouder): Voorzitter. Dank voor het stellen van de vragen. Ik ga ze een voor een af.
Natuurlijk delen wij de zorg dat er eventueel studentenwoningen zouden verdwijnen. Huurders met
een huurcontract hebben huurbescherming en mogen nooit zomaar hun huis uit gezet worden, ook niet als de verhuurder de woning wil verkopen. De eigenaar moet dan de woning in verhuurde staat verkopen. 40% van de studenten in Utrecht huurt bij een particulier. We hebben al een groot tekort aan studentenkamers in Utrecht, dus een mogelijke afname in dit segment is zorgelijk.
Helaas is het op dit moment moeilijk om te achterhalen over hoeveel studentenkamers het
daadwerkelijk gaat. Wij hebben ook weinig zicht op de particuliere markt. Wel hebben we de
afgelopen tijd signalen ontvangen over de verkoop van huurwoningen van particulieren en beleggers. Het is niet bekend of die huurwoningen ook werden verhuurd aan studenten. Daarentegen krijgen we aan de andere kant ook signalen van particuliere verhuurders dat zij sinds de Wet betaalbare huur juist liever verhuren aan studenten, omdat ze volgens het nieuwe woningwaarderingsstelsel voor
onzelfstandige eenheden meer huur voor een kamer mogen vragen dan zij eerder mochten doen. In die zin is het dus dubbel.
Het antwoord op de tweede vraag. Zoals ik in de beantwoording van vraag 1 al heb aangegeven, is
het beeld momenteel niet heel erg duidelijk. Maar dat we hoe dan ook nog steeds een groot tekort aan studentenwoningen hebben, is wel evident. Daarom blijven we ons ook inzetten voor studentenwoningen. Dat doen we door middel van het Actieplan studentenhuisvesting.
Het antwoord op de derde vraag. Zoals ik net heb aangegeven, hebben we signalen ontvangen over de verkoop van huurwoningen van particulieren en beleggers. Het is alleen niet bekend of die
huurwoningen ook werden verhuurd aan studenten. We zijn bezig met het in kaart brengen van deze trend. Hierover gaan we de raad informeren in de raadsbrief Opkoopbescherming in Q4.
Het antwoord op de vierde vraag. Naar aanleiding van uw vragen hebben wij dit gecheckt bij het
Huurteam. Het lijkt inderdaad een reden te zijn voor verhuurders. Zij geven echter aan dat dit niet
gebeurt vanwege de Wet betaalbare huur, maar vanwege de zwaardere vermogensbelasting in box 3. We zien wel dat het dreigen met huisuitzetting helaas ook een veel voorkomende vorm van
intimidatie is. Ik heb dat net ook al aangegeven in de beantwoording. Bij het Huurteam hebben we
daar ook al meerdere meldingen over ontvangen. Via de Wet goed verhuurderschap hebben wij wel bestuursrechtelijk mogelijkheden om hierop in te grijpen. Dat doen we ook, als het gaat om waarschuwingen en vervolgens handhaving.
Ik blijf het zeggen: we roepen huurders op in dit soort gevallen altijd een melding te doen bij het meldpunt. We gaan daar nog actief campagne op voeren, zoals ik al eerder heb gezegd.
10
Vragenuur van 12 september 2024 Dan het antwoord op de vijfde vraag. Het Huurteam informeert huurders over huurrechten. Het
Huurteam kan de verhuurder ook wijzen op de regels bij huuropzegging, en de huurder ook bijstaan in het contact met de verhuurder.
Dan het antwoord op de laatste vraag. Ja, wij zijn inderdaad ook in gesprek met het Rijk. Wij hebben deze signalen ook besproken met het Rijk. Het Rijk geeft aan de situatie landelijk te monitoren. Daarbij informeert het Rijk verhuurders ook over het nieuwe woningwaarderingsstelsel voor
onzelfstandige eenheden. Zoals aangegeven bij het antwoord op vraag 1, zou dat nieuwe stelsel
eigenlijk juist een prikkel moeten zijn om kamers te verhuren, wat sommige verhuurders ook bij ons aangeven. Binnenkort staat er een overleg gepland met onder meer de G4 en het Rijk, waar dit onderwerp verder besproken zal worden.
Mevrouw Krul (PvdD) Voorzitter. Ik hoorde de wethouder zeggen dat het mogen vragen van een
hogere huur voor kamers een reden is om wel te verhuren aan studenten. Maar alleen een selecte groep kan hier gebruik van maken. Ziet de wethouder dit ook als een probleem?
De heer De Vries (wethouder): Ik ben een beetje zoekende naar de vraag. Mevrouw Krul spreekt over een selecte groep. Wij zeggen niet voor niets dat wij het liefst samenwerken met corporaties. Dat
doen wij overigens ook als het gaat om studentenhuisvesting, met SSH. Dit gaat specifiek over de
particuliere sector. Ik heb willen zeggen dat het een enerzijds-anderzijdsverhaal is. Juist door dat
andere stelsel zie je ook dat een aantal verhuurders aangeeft dat het voor hen misschien wel fijner
wordt om kamers te verhuren aan studenten. Dat die kamers misschien niet voor iedereen betaalbaar zijn – misschien is dat waar mevrouw Krul op doelt – is iets wat we ons goed realiseren. De Wet
betaalbare huur is er niet voor niets, maar je ziet ook dat die wet bepaalde neveneffecten oplevert. Dat moeten we natuurlijk volgen met elkaar. Daarom spreken we hier ook over.
Mevrouw Dolmans (D66): Voorzitter. Het is fijn dat de wethouder aangeeft dat actief campagne zal
worden gevoerd om de studenten te wijzen op hun rechten. Heeft de wethouder er meer informatie over op welke termijn dat gaat gebeuren?
De heer De Vries (wethouder): Ik heb daar in de beantwoording van het vorige setje vragen iets over
gezegd. Wij komen met een campagne in Q4 2024, die doorloopt gedurende het jaar 2025. Dan gaat het specifiek over onder andere het Huurteam, hoe men het Huurteam kan bereiken en hoe het Huurteam kan helpen.
De heer Stam (PvdA): Voorzitter. Ik hoor dat de wethouder in gesprek gaat de G4 en met de minister over de Wet betaalbare huur. Ik hoop dan wel dat het pleidooi is om de Wet betaalbare huur te
behouden, want de minister is daar niet per se een fan van. Deze vragen kunnen ook gelezen worden als een aanval op de wet. Ik wil juist duidelijk maken dat Utrecht staat voor huurrecht en dus voor de Wet betaalbare huur en de Wet goed verhuurderschap.
De heer De Vries (wethouder): Ik denk dat de heer Stam op dit punt in mij een medestander heeft
gevonden. Zoals u weet, heb ik actief gelobbyd voor deze wet op allerlei verschillende plekken. Ik
blijf daar een groot voorstander van. Ik vind het wel belangrijk om te zeggen dat dit ook gaat over
het grotere verhaal. Huren waren onbetaalbaar; er werd juist ontzettend veel misbruik gemaakt van
de huurders, die voor een klein kamertje de hoofdprijs moesten betalen. Met deze wet wordt er weer
iets gereguleerd. Wat we vervolgens ook zien, is dat daardoor mensen tussen wal en schip vallen, dat
11
Vragenuur van 12 september 2024 er verhuurders zijn die daar ook weer misbruik van maken en die de mazen in de wet zoeken. Ik denk dat we er scherp op moeten blijven dat we dat blijven monitoren met elkaar. Maar in ieder
geval staat het voor mij als een paal boven water dat de Wet betaalbare huur een goed instrument is om de huren uiteindelijk betaalbaarder te krijgen, zodat meer mensen gebruik kunnen maken van het wonen in onze mooie stad.
Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair): Voorzitter. Is de wethouder er zich van bewust dat het altijd gaat om studenten? Wij hebben alleen vorig jaar al 14.000 niet-EU-studenten hier in Utrecht
ingeschreven, terwijl Utrechtse jongeren ook zo graag in Utrecht zouden willen blijven wonen. De
Pagelaan wordt ook weer voor studenten. Overal wordt het studentenhuisvesting. Maar dat zijn geen
Utrechtse jongeren. Voor 90% komen ze niet uit Utrecht. Heel langzaam worden de Utrechters steeds meer gefrustreerd over het feit dat de Utrechtse jongeren tot hun 35ste bij papa en mama kunnen blijven worden. Wat vindt u daarvan?
De heer De Vries (wethouder): Ik denk dat de boodschap duidelijk is. Toevallig ging deze vraag over
studenten, dus daar heb ik antwoord op gegeven. Maar natuurlijk moeten we ook nadenken over de andere groepen die huisvesting zoeken. Overigens zijn veel van de mensen hier in de zaal ook
begonnen als student in deze stad en die hebben hier een mooie plek gevonden. Maar dat gezegd
hebbende, wijs ik er ook op dat wij niet voor niets werken met instrumenten als buurtvoorrang. Dat gaat juist ook over Utrechters die hier geboren en getogen zijn en vervolgens een plekje kunnen
vinden in hun eigen wijk. Dus we denken zeker ook aan de mensen die hier geboren en getogen zijn, ook als het gaat om nieuwbouwontwikkelingen. Het voorbeeld dat u noemt, is niet alleen bedoeld
voor studenten, maar voor jonge Utrechters. Dat zijn ook niet-studenten. Zo komen er meer locaties voor tijdelijk wonen aan, zoals het Befu-terrein, die gericht zijn op sociale huur.
De heer Snijder (Student & Starter): Voorzitter. Student & Starter ziet zeker mooie elementen aan de nieuwe wet. De vragen kun je eigenlijk ook stellen namens de jonge Utrechters, want in principe
hebben zij met dezelfde problematiek te maken. Als blijkt, na het onderzoek dat de wethouder zal laten uitvoeren, dat er echt heel veel studentenhuizen en plekken voor jongeren verdwijnen in dit segment, zal onze ambitie op het gebied van het Actieplan studentenhuisvesting dan omhoog worden bijgesteld, omdat we anders in de totaliteit steeds meer plekken verliezen?
De heer De Vries (wethouder): Ik denk dat dat een goede vraag is. Volgens mij moeten we eerst
monitoren, zodat we kunnen zien of deze trend substantieel is en of het gaat over grote aantallen,
dan wel dat het beperkt blijft. Daar kunnen we nu nog weinig over zeggen, dus dat moeten we gaan volgen. Daarna, op basis van de resultaten van de monitoring, zullen we het goede gesprek moeten voeren over het eventueel bijstellen van het Actieplan studentenhuisvesting.
De voorzitter: Ik zie dat er geen vervolgvragen meer zijn. Ik dank de wethouder voor zijn
beantwoording. We gaan door naar de laatste set vragen, die gesteld zullen worden door Yvonne
Hessel van Utrecht Solidair. Zij heeft maar 53 seconden, dus ik stel voor dat zij de introductie kort houdt, zodat zij nog ruimte heeft voor een eventuele vervolgvraag na het antwoord van de wethouder. xxxxxxx
6. Mondelinge vragen van Yvonne Hessel (Utrecht Solidair) inzake Inwoner kan het Julianapark uren langer openhouden.
12
Vragenuur van 12 september 2024
Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair): Voorzitter. Het gaat hier om het Julianapark, een beschermd park waarvoor evenementenvergunningen worden afgegeven. Die worden heel vaak afgegeven tot laat in de avond, terwijl het park eigenlijk om 21.00 uur moet sluiten. Ik kwam erachter dat er gewoon feestjes worden gegeven door een overbuurman van het park. Die krijgt dan een
evenementenvergunning voor een multiculturele barbecue, terwijl hij gewoon een feestje voor zijn vrienden geeft, met versterkte muziek waarvoor hij geen vergunning heeft. Pas toen ik zelf
handhaving heb gebeld, is hij eruit gezet, want er wordt niet gehandhaafd in Utrecht; de organisator moet zelf de regels in de gaten houden. Ik heb hierover de volgende vragen. 1. Kan het college met de vergunningverlener kijken naar de voorwaarden?
2. Is het college het ermee eens dat het niet gewenst is dat één persoon het park nog uren na sluitingstijd open kan houden?
3. Wie betaalt de extra kosten van het later sluiten van het park?
4. Kan de eis neergelegd worden dat bij een vergunningverlening altijd gecontroleerd wordt op locatie?
5. Kan iemand die een verleende vergunning overtreedt, zoals hier is gebeurd, uitgesloten worden bij een volgende aanvraag?
Mevrouw Oosters (wethouder): Voorzitter. De indiener van de vragen is knap binnen de tijd gebleven. Het antwoord op vraag 1. In het Julianapark vinden jaarlijks diverse evenementen plaats. Dat is ook
omdat organisatoren het park best een aantrekkelijke locatie vinden. Precies daarom hebben we een locatieprofiel vastgesteld waarin we een maximumaantal evenementen hebben opgenomen. In dat
vastgestelde profiel staat wel dat ook buiten sluitingstijden van het park evenementen georganiseerd mogen worden. Aan een vergunning voor een evenement worden voorwaarden gesteld. Het is ook
echt de aanvraag van een organisator die daarbij leidend is. De organisator moet de goede stukken
indienen en is ook verantwoordelijk voor een goed verloop van het evenement. In dit geval heeft de organisator meer gedaan dan in de vergunning was toegestaan. We zijn dit aan het evalueren en zullen hier ook zeker op terugkomen bij de organisator.
Het antwoord op vraag 2. Zoals aangegeven, is het toegestaan een aantal keren per jaar van de
reguliere sluitingstijden van het park af te wijken in het kader van een evenement. Bij een aanvraag wordt hiernaar gekeken, waarbij advies wordt gevraagd aan de beheerder van het park. Op basis daarvan is in dit geval het besluit genomen.
Een organisator die een vergunning wil voor het Julianapark wordt altijd gekoppeld aan de
beheerder. Zeker als het evenement doorloopt na sluitingstijd, is het belangrijk om goede afspraken te maken; dat zijn wij met mevrouw Hessel eens.
Het antwoord op vraag 3. Voor zover bij ons bekend, leidt het extra openstellen van het park niet tot extra kosten. Het aantal evenementen buiten de sluitingstijden is ook beperkt.
Het antwoord op vraag 4. Voor het controleren van alle evenementen in Utrecht – van de salsa hier
op het plein tot het Central Park Festival in Transwijk – hebben we simpelweg onvoldoende personele capaciteit. Bij een aanvraag wordt daarom op basis van risico's ingeschat of een controle noodzakelijk is. Het betrof hier een relatief klein evenement. Om die reden was er geen
vergunningscontrole ingepland. Op basis van meldingen die we bij het evenement ontvangen, houden wij ook toezicht en treden wij zo nodig handhavend op. Dat hebben wij ook bij dit evenement gedaan.
Het antwoord op vraag 5. Uw raad heeft eerder een motie aangenomen over de wens die in vraag 5
uitgesproken wordt, de zogenaamde rodekaartmotie (M400/2023). Deze zetten we niet in als eerste
13
Vragenuur van 12 september 2024 handhavingsstap bij een overtreding als deze, omdat een organisator eerst wordt aangesproken na het evenement. Van daaruit wordt bepaald welke voorwaarden nodig zijn om een volgende editie
beter te maken. In dit specifieke geval hebben we het evenement wel vroegtijdig beëindigd, omdat eerdere waarschuwingen geen soelaas hebben geboden. We hebben de organisator inmiddels ook
een waarschuwingsbrief gestuurd. Bij een nieuwe aanvraag voor het evenement zullen we extra alert zijn op de planvorming en of er voor alle activiteiten een vergunning wordt aangevraagd. De
organisatie zal moeten aantonen in staat te zijn het evenement op een ordelijke en veilige manier te laten plaatsvinden. Pas als de organisatie zich bij herhaling niet houdt aan de afspraken, kunnen wij tot een mogelijke afwijzing van een volgende vergunning komen.
Het is misschien goed om van de gelegenheid gebruik te maken om te vertellen dat wij uiteraard
druk bezig zijn met de uitwerking van de rodekaartmotie. Wij verwachten dat wij in het raadsvoorstel
over de herziening van de APV de uitwerking van de motie kunnen opnemen. Dit voorstel komt in Q4 naar uw raad toe.
De voorzitter: Ik stel vast dat er geen additionele vragen zijn. Helaas kan ik mevrouw Hessel niet meer het woord geven, omdat zij door haar spreektijd heen is.
Ik wil de aanwezigen bedanken voor hun aanwezigheid, het stellen van de vragen en de
beantwoording. Ook dank ik de regie, die altijd alles voor ons regelt, en de ondersteunende ambtenaren. Fijne avond allemaal!
De voorzitter sluit hierna, te 17.48 uur, de vergadering.
14