20230615 vragenuur
Tekst van het document
2023 NOTULEN VRAGENUUR Vragenuur 15 juni 2023 Vragenuur, gehouden op donderdag 15 juni 2023 te 17.00 uur. Voorzitter: mevrouw Passier. Aanwezig zijn de leden: Assen en Raaijmakers. Voorts zijn aanwezig de commissieleden: Gaillard, X. Minnaert, Otto en Snijder. Namens het college zijn aanwezig de wethouders: Eerenberg, Van Hooijdonk, Oosters en Voortman. Griffier: mevrouw Bouts.
Opening van het vragenuur. De voorzitter: Goedemiddag allemaal, welkom bij het vragenuur van deze week. Mijn naam is
Charlotte Passier en ik ben vandaag uw voorzitter. Er zijn geen gasten op de tribune, maar misschien kijken er wel mensen thuis mee, dus ook welkom aan die personen, en natuurlijk aan de leden van de raad en het college.
We hebben vier vragen vandaag en de eerste is Verknipt Geluidsoverlast van Stadsbelang Utrecht en Utrecht Solidair.
1. Vragen van de fracties van Stadsbelang Utrecht en Utrecht Solidair over Verknipt Geluidsoverlast. De heer Gaillard (Stadsbelang Utrecht): Voorzitter. Dank voor de intro. Zo kan ik gelijk door naar de vragen.
1. Is de wethouder het met ons eens dat het algemeen belang belangrijker is dan het plezier van een paar duizend bezoekers? Zo ja, waarom kon het festival dan op deze manier plaatsvinden? Zo nee, waarom niet?
2. Is de wethouder het met ons eens dat inwoners in hun eigen woning tot rust moeten kunnen
komen? Zo ja, waarom werkt de gemeente dan mee aan het organiseren van overlastfestivals? Zo nee, waarom niet?
3. Vindt de wethouder daadwerkelijk het plezier van een aantal inwoners, die ook op andere
manieren of met wat minder luide muziek plezier kunnen maken, belangrijker dan de nachtrust van inwoners die de volgende dag gewoon weer aan het werk moeten?
4. Zijn de geluidsnormen van de gemeente wel streng genoeg en/of de metingen wel adequaat genoeg? Zo ja, wat vindt de wethouder dan van de ervaren overlast? Zo nee, wat kan de wethouder dan doen?
Vragenuur van 15 juni 2023 5. Sommige inwoners maten tot wel 68 dB op 5 kilometer afstand, wat een indicatie zou moeten
geven van hoe erg het voor de direct omwonenden moet zijn geweest. Vindt de wethouder dit normaal?
6. Wil de wethouder toezeggen in de toekomst geen medewerking meer te verlenen aan dit soort overlastfestivals? Zo nee, waarom niet?
7. Indien de wethouder niet wil toezeggen om geen medewerking meer te verlenen, wil ze dan in
ieder geval dergelijke festivals beperken tot één dag in plaats van twee dagen? Zo nee, waarom niet?
Mevrouw Oosters (wethouder): Voorzitter. Dank aan de stellers van de vragen. Ik zal een paar vragen bundelen om op die manier een beter antwoord binnen de drie minuten te kunnen geven. Allereerst het antwoord op de vragen 1, 2 en 3. Wij vinden evenementen in onze stad waardevol. Zij zorgen
voor ontmoeting en plezier voor heel veel bewoners en bezoekers. Ze dragen onder andere bij aan
de mentale gezondheid van veel van onze Utrechters en we willen een divers evenementenaanbod in de stad, zodat er ook echt voor iedereen keuze is. Dat gaat nu ook best wel goed.
Naast de maatschappelijke, sociale en economische waarde kunnen evenementen ook hinder
opleveren, bijvoorbeeld door geluid of doordat een gebied of een straat is afgesloten. We zoeken
dan ook een goede balans tussen leefbaarheid en levendigheid en daarom is het evenement ook al
om 11 uur ’s avonds beëindigd. Hoewel dit voor kinderen inderdaad best laat is, hopen we hiermee toch een goede balans voor deze twee dagen te hebben gevonden. Voor het evenement is een
vergunning aangevraagd. Bij het beoordelen van de aanvraag wegen we verschillende belangen,
waaronder de impact voor de omgeving maar ook de spreiding van evenementen over de stad. Het
evenement is goed verlopen. Meer dan 20.000 jonge bezoekers, verspreid over twee dagen, hebben genoten van het evenement. De meeste van deze bezoekers komen uit Utrecht en de regio.
Dan de antwoorden op de vragen 4 en 5. De vergunde geluidsnormen zijn passend voor een
muziekfestival als Verknipt en de geluidsmetingen zijn representatief. De gemeente heeft door
voortdurende geluidsmetingen op twee locaties nabij het festivalterrein in de gaten gehouden of de geluidseisen zijn opgevolgd. Uit deze metingen blijkt dat de vergunde geluidsnormen niet zijn
overschreden. Wij kunnen de meting van 68 dB op vijf kilometer van het evenement natuurlijk niet verifiëren op deze manier, maar zoals eerder met de raad besproken, kunnen meteorologische omstandigheden leiden tot opvallende waarnemingen. Dit zou daar een van kunnen zijn.
In antwoord op vraag 6 deel ik mee dat ik dit niet wil toezeggen. Zoals al aangegeven, vinden wij
evenementen in onze stad belangrijk. Het is ook belangrijk dat die evenementen rekening houden met de omgeving. Vanzelfsprekend zal dit evenement geëvalueerd worden, waarbij wij in de
metingen de overlast ook meenemen. Bij een nieuwe vergunningsaanvraag nemen we die evaluatie ook mee in de wettelijke kaders voor de vergunningverlening.
Als antwoord op de laatste vraag zeg ik ook hier nee. Wij zijn van mening dat er in onze stad ruimte moet zijn voor meerdaagse evenementen. Bij het opstellen van de jaarlijkse Evenementenkalender houden wij daar rekening mee met het oog op de spreiding in plaats en in tijd. In de
aanvraagprocedure, de vergunningverlening en het toezicht vindt de afweging plaats, in de
wetenschap dat het om meerdere dagen gaat. Uitgangspunt blijft dat het evenement rekening moet houden met de omgeving.
Mevrouw Minnaert (PvdD): Voorzitter. Na onze mondelinge vragen van vorige week zou de
wethouder met Verknipt in gesprek gaan over het door bewoners gesignaleerde nijlganskuiken en het afsteken van vuurwerk. Wat is de uitkomst daarvan?
2
Vragenuur van 15 juni 2023
Mevrouw Oosters (wethouder): Voorzitter. Het lijkt mij goed om met deze vraag in het achterhoofd een schriftelijke evaluatie van het festival naar de raad te sturen. Mevrouw Minnaert (PvdD): Kunt u zeggen wanneer? Mevrouw Oosters (wethouder): Uiterlijk Q3. De heer Gaillard (Stadsbelang Utrecht): Voorzitter. Ik heb het idee dat er bij elk festival wel een
meteorologische afwijking plaatsvindt. Kunnen dergelijke afwijkingen dan ook in de evaluatie worden betrokken?
Mevrouw Oosters (wethouder): Voorzitter. Ik denk dat het meenemen van dergelijke afwijkingen niet
per se tot het resultaat leiden dat Stadsbelang Utrecht misschien graag ziet. De gemeente heeft daar geen invloed op en het is dan moeilijk om op basis daarvan de vergunning al dan niet te verlenen. Wel wil ik benadrukken dat dit zeker van invloed kan zijn op de manier waarop het geluid in verschillende gebieden in de stad kan worden ervaren.
2. Vragen van de fractie van EenUtrecht over Onaanvaardbare verkeersonveiligheid in Zuilen. De heer Otto (EenUtrecht): Voorzitter. Op woensdag 31 mei was er weer een ernstig ongeval op de
kruising De Lessepsstraat - Prins Bernardlaan – Burgemeester Van Tuyllkade - Zwanenvechtlaan in Zuilen. Bewoners hebben aangegeven zich daar ernstige zorgen over te maken. Ze hebben contact gezocht met de politie, maar er wordt niet op teruggebeld. Het wijkbureau geeft aan dat dit te
maken heeft met menselijk gedrag, waardoor zij er niets aan kunnen doen. De afdeling Verkeer geeft aan dat er wel overleg is en dat zij de situatie kennen, maar daar zijn geen bewoners bij. Er is dus geen regulier overleg over. Daar maakt EenUtrecht zich ernstige zorgen over. Waar we ook van schrikken, is dat bewoners zich kennelijk niet gehoord voelen. Om die reden hebben wij de volgende vragen.
1. Bent u op de hoogte van de gevaarlijke verkeerssituatie aldaar?
2. Zijn er cijfers over het aantal verkeersongevallen op deze plek sinds de herinrichting, zowel als het gaat om ongevallen mét letselschade als ongevallen zónder letselschade?
3. Is de wethouder het met EenUtrecht en de bewoners eens dat de verkeerssituatie op deze kruising onhoudbaar is en dat ingrijpen noodzakelijk/onvermijdelijk is?
4. Is de wethouder bereid hierover met bewoners in gesprek te gaan en daarbij politie en vertegenwoordigers van de gemeente uit te nodigen?
Mevrouw Van Hooijdonk (wethouder): Voorzitter. Dank en ook dank voor de vragen. Uiteraard
kennen we deze plek in de stad. In het laatste halfjaar zijn er 2.750 – bijna 3.000 – meldingen bij de gemeente geweest over verkeersveiligheid over de hele stad. Over deze plek zijn er zes meldingen gekomen. Dat geeft wel een beetje aan dat die er niet met kop en schouders bovenuit steekt wat
betreft zorgen van bewoners. Uiteraard is dat wel het geval bij de mensen die dat hebben gemeld en bij de mensen die contact hebben gezocht met EenUtrecht. Ik ben een aantal keren bij scholen op
bezoek geweest en daarbij ging het dan natuurlijk heel vaak over kinderen die naar school gaan. De
cijfers zijn vergelijkbaar. In de drie jaar ervoor hebben we zes ongevallen geteld met vijf slachtoffers en in de zes jaar erna hebben we vijf ongevallen geteld met twee slachtoffers. Dat zijn niet de
3
Vragenuur van 15 juni 2023 aantallen die je statistisch goed met elkaar kan vergelijken, maar het zijn er in die zin wel minder geworden. Uiteraard is elk ongeluk er een te veel en dat geldt natuurlijk helemaal voor het aantal slachtoffers, maar op basis van deze cijfers kan niet gezegd worden dat het veel onveiliger is
geworden door de andere inrichting. “Onhoudbaar” zou dus ook niet ons woord zijn. Natuurlijk nemen wij alle signalen serieus en bespreken we die met de politie, zeker als het niet aan de
inrichting ligt maar aan de wijze waarop mensen het gebruiken. Maar de politie heeft relatief ook weinig capaciteit voor handhaving, maar natuurlijk gaan we altijd weer een keer kijken naar aanleiding van signalen. Dat zullen we ook op dit punt doen.
In antwoord op de laatste vraag kan ik melden dat we zeker bereid zijn om met de mensen, de politie en het wijkbureau te gaan kijken.
Mevrouw Assen (PvdA): Voorzitter. Voor de laatste herinrichting zijn de drempels verlaagd en dat leidde wel tot meer ongelukken op die kruising. Ziet de wethouder dat de aantallen nu weer
vergelijkbaar zijn met die van voor het verlagen van de drempels of is dat moeilijk te zeggen? Mevrouw Van Hooijdonk (wethouder): Dat is heel lastig te zeggen, omdat het heel kleine aantallen zijn, zodat je ze niet heel goed met elkaar kunt vergelijken. Nogmaals, als het om ouders met
kinderen gaat, slaat de schrik je altijd om het hart. Ik wil dat dan ook helemaal niet bagatelliseren,
maar deze plek licht niet rood op bij ons in vergelijking met andere plekken, althans niet wat betreft de ongevallen die wij registreren, de meldingen of de manier waarop wij de situatie duiden.
Mevrouw Minnaert (PvdD): Voorzitter. Wij hebben veel contact met de Dierenvoedselbank en zij
geven aan dat zij hier vaak bijna-ongelukken en ongelukken zien gebeuren. Wij vragen ons af in
hoeverre het college deze input van de Dierenvoedselbank meeneemt. Zij hebben namelijk contact met het wijkbureau hierover en vormen een waardevolle bron van informatie op dit gebied.
Mevrouw Van Hooijdonk (wethouder): Fijn dat ze al contact hebben gezocht en wij zullen dat actief
ophalen. Als we toch met elkaar op die plek gaan kijken, is het goed als de Dierenvoedselbank daar ook bij aanschuift. Het moet natuurlijk wel in de agenda passen, maar ik kan me voorstellen dat zij
vaak langskomen en ook veel zien. Dat is dus heel nuttig, want de bijna-ongelukken zitten niet goed
in onze registratie. Wij willen meer proberen om analyses vanuit risico’s te maken en dan hoop je dat dit ook gebeurt op de plekken met die bijna-ongevallen. In die zin is het goed om de waarneming van mensen tot ons te nemen.
De voorzitter: Ik zie verder geen aanvullende vragen en dan gaan we terug naar EenUtrecht. De heer Otto (EenUtrecht): Voorzitter. Ik heb nog twee vragen. Kan dat? De voorzitter: Een korte vraag. Dat is de regel voor de laatste aanvullende vraag. U zult moeten kiezen.
De heer Otto (EenUtrecht): Ik schrik een beetje van de lagere cijfers die de wethouder noemt. Kan zij iets zeggen …
De voorzitter: Ik kom er heel even tussendoor. Dit gaat van de spreektijd van EenUtrecht.
4
Vragenuur van 15 juni 2023 De heer Otto (EenUtrecht): De wethouder geeft aan dat zij cijfers heeft over het aantal meldingen dat is gedaan en het aantal ongevallen dat heeft plaatsgevonden. Is dat op één plek het geval of kunnen mensen op meerdere plekken aangeven bij de gemeente dat zij zich zorgen maken over ongevallen en komt dat dan wel terug …
De voorzitter: Nu gaat u echt wel door uw tijd heen. Mevrouw Van Hooijdonk (wethouder): Ik heb de strekking van de vraag begrepen. Daar kan de heer Otto gerust op zijn. Het hoort zo te werken dat het allemaal op dezelfde plek komt, hoe en waar je het ook meldt. Als de heer Otto mij zou vragen of ik kan garanderen dat er nooit eentje tussen de
wal en het schip terechtkomt, dan kan ik dat niet helemaal ontkennen maar het is wel de bedoeling
dat mensen kunnen bellen, of via email of het wijkbureau kunnen melden. Het moet allemaal bij ons in hetzelfde systeem komen.
3. Vragen van de fracties van PvdA, DENK en Student & Starter over We verdienen meer, want we zijn niet minder.
Mevrouw Raaijmakers (PvdA): Voorzitter. Vorige week woensdag, op 7 juni, kwamen meer dan 8.000 mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt bij elkaar in Park Transwijk om te demonstreren voor een betere cao, onder het motto We verdienen meer, want we zijn niet minder. Dit was de grootste demonstratie van werknemers van sociale werkbedrijven ooit. Werknemers in vaste dienst bij
gemeentes hebben namelijk een loonsverhoging gekregen in de cao Gemeenten, maar werknemers van de sociale werkbedrijven vallen onder een andere cao: de cao's Aan de Slag en SW, en hebben deze
loonsverhoging niet gekregen. Dit terwijl zij al niet veel verdienen, moeite hebben met rondkomen
en de prijzen voor hen ook blijven stijgen. Omwille van de tijd zal ik niet de hele inleiding voorlezen, maar de PvdA Utrecht vindt het van belang dat we als stad voor deze groep opkomen. Daarom hebben wij hierover de volgende vragen.
1. Vindt het college dat deze kwetsbare groep werkenden een loonsverhoging verdient om rond te kunnen komen in Utrecht?
2. Kan de wethouder zich binnen de VNG ervoor inzetten dat er wordt gestreefd naar een
loongebouw dat aangepast is aan de hoge stijging van levenskosten, volgens de eisen die de FNV heeft gesteld?
3. De gemeente is de enige aandeelhouder van het Utrechtse sociaal werkbedrijf UW. Kan de
wethouder toezeggen zich vanuit die rol ook uit te spreken voor het verhogen van de lonen van de werknemers?
Mevrouw Voortman (wethouder): Voorzitter. In antwoord op de eerste vraag kan ik melden dat wij inderdaad van mening zijn dat deze kwetsbare groep werkenden een loonsverhoging verdient om rond te kunnen komen.
Het antwoord op de tweede vraag is bevestigend. Wij zetten ons in VNG-verband in voor een
aanpassing van het loongebouw, dat aangepast is aan de stijging van kosten van levensonderhoud. Dat doen wij onder andere door samen met de G4 en andere gemeenten een lobby richting het Rijk
te voeren, want voor de financiering van de nieuwe cao’s zijn wij afhankelijk van rijkssubsidies en de bereidheid van het ministerie om extra geld beschikbaar te stellen. De kosten van de cao’s mogen namelijk niet ten koste gaan van de bestaande budgetten van gemeenten. Bij de bijeenkomst op 7
5
Vragenuur van 15 juni 2023 juni was de VNG ook vertegenwoordigd om steun uit te spreken richting de medewerkers, met
daarbij ook de boodschap dat extra financiering vanuit het Rijk randvoorwaardelijk is om een stijging van de lonen mogelijk te maken en ook de hoogte van de te realiseren stijging is van deze extra financiering afhankelijk.
De derde vraag kan ik ook bevestigend beantwoorden. Vanuit onze rol van enige aandeelhouder van
UW heb ik mij inmiddels uitgesproken in de campagne Ik zit klem, een initiatief van Cedris. Ik wijs in dit verband op de website www.ikzitklem.nu.
De voorzitter: Ik zie geen aanvullende vragen van de andere fracties en daarom gaan wij terug naar de PvdA.
Mevrouw Raaijmakers (PvdA): Voorzitter. Ik dank de wethouder voor de beantwoording. Fijn dat
Utrecht zich hiervoor inzet. Wat toch bij die financiering eigenlijk wel vreemd of lastig is, is dat we wel de cao-loonsverhoging bij gemeenten hebben gehad – dat is toch ook financiering die de
gemeenten zelf kunnen opbrengen – maar dan niet voor deze groep. Kan de wethouder aanduiden wat het verschil is en waarom de VNG het bij de een wel betaalt en bij de ander niet?
Mevrouw Voortman (wethouder): Voorzitter. De cao SW wordt ook betaald uit middelen voor re-
integratie en dergelijke. Bij de cao SW is steeds de afspraak geweest dat het gelinkt is aan de loonen prijscompensatie waarover we ook afspraken met het Rijk hebben gemaakt. Tenzij mevrouw
Raaijmakers meent dat we een goede cao voor de gemeente hebben afgesproken en we het daar maar uit hadden moeten halen, is dit wel waar we mee te maken hebben.
4. Vragen van de fracties van Student & Starter, D66 en DENK over Studeren in daluren bij de NS. De heer Snijder (Student & Starter): Voorzitter. Op vrijdag 9 juni en 16 juni biedt de NS als eerste bedrijf in Utrecht zijn hoofdkantoor aan als studieplek voor studenten in de drukke
tentamenperiode. Dit idee is voortgekomen uit een opdracht van een groep trainees bij de NS, die zich verwonderden over de lege werkplekken op het hoofdkantoor op vrijdagen.
De NS zal speciaal voor deze gelegenheid een hele verdieping van het hoofdkantoor beschikbaar stellen, zodat studenten in alle rust kunnen studeren. Deze mogelijkheid biedt studenten een
welkome afwisseling van de overvolle bibliotheken, waar vaak geen plek meer te vinden is tijdens deze cruciale periode.
De fracties van Student & Starter, D66 en DENK hebben de volgende vragen aan het college.
1. Is het college bekend met het feit dat de NS het hoofdkantoor op luwe momenten ter beschikking stelt voor studenten om in tentamentijden te studeren?
2. Kan het college met de NS in gesprek gaan om inzicht te krijgen in de manier waarop de NS dit organiseert?
3. Weet het college of het initiatief van de NS navolging van andere bedrijven heeft gekregen?
4. Is het college bereid om in gesprekken met andere bedrijven en instellingen in de stad ook te verkennen of zij hun lege ruimtes kunnen benutten om het studeren van studenten verder te faciliteren?
5. Welke rol ziet het college daarnaast voor de onderwijsinstellingen? De heer Eerenberg (wethouder): Voorzitter. Dank ook aan de stellers van de vragen. Het college is op de hoogte, ook omdat we via de media hebben begrepen dat het initiatief speelt. We hebben
6
Vragenuur van 15 juni 2023 vandaag even contact gezocht met de NS om te vragen hoe het precies werkt. Ze doen het twee
vrijdagen, als pilot. Ze hebben 85 plekken beschikbaar op de verdieping, waaraan de heer Snijder
ook refereert. De mensen moeten zich van tevoren inschrijven. De ervaring van de eerste vrijdag was dat er 60 studenten kwamen opdagen. De volgende vrijdag is morgen. De studenten krijgen een
lunch en een lezing bij de lunch aangeboden. Het is erg slim van de NS om dan te laten zien dat de NS best een leuke werkgever is, wat overigens ook zo is. Na deze twee vrijdagen zal de NS dit
evalueren. We hebben vandaag afgesproken dat zij de evaluatie met ons delen, omdat het een enorm leuk initiatief is.
Wij zijn er niet van op de hoogte of andere bedrijven dit doen en al helemaal niet op deze
georganiseerde manier. Er zijn wel heel veel flexplekken in de stad die soms tegen een gereduceerd tarief beschikbaar zijn voor studenten. Ik vind ze persoonlijk erg duur. Er zijn natuurlijk ook
openbare plekken, zoals de bibliotheek, maar ook de zesde etage van ons eigen Stadskantoor is openbaar gebied waar studenten nog weleens willen zitten, soms in groepsverband.
In onze reguliere gesprekken met het bedrijfsleven zullen we over het initiatief van de NS vertellen en vragen of dat voor hen niet ook een kans inhoudt. Het is een mooie win-win.
Op de laatste vraag kan ik antwoorden dat het de onderwijsinstellingen zijn die de
verantwoordelijkheid hiervoor hebben, zeker als studenten niet thuis kunnen studeren of daar de
concentratie niet voor hebben. Ik vind dat zij zelf ook echt aan de lat staan voor plekken en ook in ons reguliere contact met de onderwijsinstellingen zullen wij dit initiatief van de NS onder de
aandacht brengen. We hebben sowieso regelmatig contact met alle onderwijsinstellingen in onze stad over problemen met capaciteit. We hebben een nieuw onderwerp om dat te bespreken. De voorzitter: Ik zie geen aanvullende vragen en ga daarom terug naar Student & Starter. De heer Snijder (Student & Starter): Voorzitter. Het is ontzettend positief nieuws. Is de wethouder het met mij eens dat deze aanpak die hij gaat hanteren heel erg gaat helpen?
De heer Eerenberg (wethouder): Voorzitter. Ik vind het een heel slimme win-win van de NS. En goed voorbeeld doet goed volgen!
De voorzitter: Dank u wel. Daarmee zijn wij aan het einde gekomen van het vragenuur van deze week. Ik wens u allemaal een heel fijne avond en tot de volgende week. De voorzitter sluit daarop, te 17.24 uur, het vragenuur.
7
Vragenuur van 15 juni 2023 Lijst van toezeggingen, gedaan tijdens het vragenuur van 15 juni 2023.
1. Vragen van de fracties van Stadsbelang Utrecht en Utrecht Solidair over Verknipt Geluidsoverlast. Wethouder Oosters (MV 1) De wethouder zegt toe uiterlijk Q3 de raad te informeren over evaluatie van het Festival Verknipt (o.m. t.a.v. nijlganskuikens en geluidsoverlast).
8