CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

20230223 vragenuur.docx

Gemeenteraad 6 april 2023, gemeente UtrechtBij agendapunt: Notulen Vragenuur 2, 9, 16 en 23 februari 20237.990 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

2023 NOTULEN VRAGENUUR Vragenuur – 23 februari 2023 Vragenuur, gehouden op donderdag 23 februari 2023 te 17.00 uur. Voorzitter: mevrouw Passier. Aanwezig zijn de leden: Bos, Dijkstra, Hellevoort, Hessel, Van Heuven, De Pagter, Raaijmakers, Stellinga, Stylianou, Vasters en Van der Wilt.

Voorts zijn aanwezig de commissieleden: El Abassi, Cornielje, De Haan, Hillebrand Mohammadi en De Vries.

Namens het college zijn aanwezig: burgemeester Dijksma en de wethouders Eerenberg, Van Hooijdonk, Oosters en Schilderman. Griffier: de heer Corten.

Opening van het vragenuur. De voorzitter: Dames en heren! Welkom allemaal bij het vragenuur van deze week. Welkom aan de mensen thuis en een speciaal welkom aan alle gasten die wij hier vandaag hebben in het stadhuis.

Voor de mensen thuis, u ziet het niet maar wij hebben heel veel gasten vandaag op de tribune zitten, dus een speciaal welkom voor hen. Ik heb ook begrepen dat er nog veel mensen in de grote

trouwzaal beneden kijken en ook hen wil ik van harte welkom heten. Het is een eer voor ons, want dit is niet gebruikelijk. Het is heel erg leuk. Verder natuurlijk welkom aan de raadsleden die hier

vandaag ook weer zijn om de vragen te stellen en de mensen van het college. Mijn naam is Charlotte Passier en ik ben vandaag uw voorzitter. Gezien het feit dat we zoveel gasten hebben, lijkt het me goed om nog even de spelregels door te nemen, zodat u ook weet wat u kunt verwachten. Bij het

vragenuur is het gebruikelijk dat de vragensteller twee minuten heeft om de vragen te stellen. Hij mag dadelijk plaatsnemen achter het katheder. Vervolgens krijgt het betreffende collegelid of de

wethouder drie minuten de tijd om de vragen te beantwoorden. Daarna kunnen alle fracties nog één aanvullende vraag stellen. Het is echt vraag en antwoord en geen debat.

We hebben zeven vragensets op de agenda voor vandaag en wij gaan over naar de eerste. 1. Vragen van de fracties van D66, DENK, Volt, PvdA, BIJ1 en Student & Starter over Houd het hart centraal.

Mevrouw Stylianou (D66): Voorzitter! Vorige week maakte minister Kuipers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport bekend dat de kinderhartcentra in Utrecht en Leiden zullen sluiten vanwege de

Vragenuur van 23 februari 2023

2

concentratie van deze zorg in Rotterdam en Groningen. De indienende fracties zien het belang van

het concentreren van de kinderhartchirurgie, omdat dit de kwaliteit zal bevorderen. Wij betreuren dit besluit van de minister echter, omdat het UMC Utrecht, het Wilhelmina Kinderziekenhuis en het

Prinses Máxima Centrum ontzettend goede kwaliteit leveren en ook een belangrijke regionale functie hebben. Wij maken ons zorgen over de nadelige effecten die dit besluit heeft op de kwaliteit van de zorg aan jonge patiënten in Utrecht. Het sluiten van kinderhartcentra is uiteraard een landelijk

besluit, maar de fracties hebben over het proces en de impact van dit besluit, de volgende vragen. 1. Staat het besluit van de minister helemaal vast?

2. Wat is de rol van het college geweest ten aanzien van dit besluit en hoe heeft het college het Universitair Medisch Centrum Utrecht ondersteund?

3. Wanneer dit besluit stand houdt, hoe en wanneer verdwijnt deze functie uit het UMC Utrecht?

Deelt het college het belang dat het UMC Utrecht, het Wilhelmina Kinderziekenhuis en het Prinses Máxima Centrum hun rol in de kindergeneeskunde behouden?

4. Klopt het dat kinderen met kanker uit het Prinses Maximaziekenhuis nu tijdens hun behandeling naar Groningen of Rotterdam moeten reizen? Wat kan eraan gedaan worden om dit te beperken?

Drie uur geleden is in de Tweede Kamer een motie aangenomen om alles op alles te zetten om die hoogspecialistische ketenzorg voor kinderen met kanker zoveel mogelijk niet te verbreken en hier ook onderzoek naar te doen. Dat is al een beetje een antwoord op de laatste vraag.

De heer Eerenberg (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen. De minister heeft op 13 februari een voorgenomen besluit genomen. Dat is ook wat er gecommuniceerd is en dat betekent dat de betrokken partijen tot uiterlijk 27 februari hun zienswijze kunnen indienen op dat voorgenomen besluit. Daarna zal de minister een definitief besluit nemen. Wij hebben begrepen dat het UMC

Utrecht gebruik gaat maken van deze mogelijkheid om een zienswijze in te dienen, die uiteraard als samenvatting heeft dat zij het oneens zijn met het besluit met de argumenten waarom zij van mening zijn dat zij open moeten blijven.

In antwoord op vraag 2 merk ik op dat dit overigens ook de lijn is die het college de afgelopen

weken heeft ondersteund. Verschillende leden van het college – ook de burgemeester heeft veel

gedaan – hebben gesprekken gevoerd met allerlei betrokkenen, waaronder Kamerleden, om te laten zien hoe belangrijk goede kinderhartchirurgie in Utrecht is en waarom het ook belangrijk is om dat geclusterd te hebben rondom het UMC Utrecht.

Het antwoord op vraag 3 is dat er een transitieperiode aanbreekt als het besluit definitief is

geworden. Die zou tweeënhalf jaar duren, maar de Kamer heeft bedongen dat die waarschijnlijk drie jaar gaat duren. In die transitieperiode wordt gekeken naar de effecten op de zorg en de betekenis

voor de vrijgekomen capaciteit en hoe die weer nuttig kan worden besteed. Er zal in zekere zin ook nog wel een en ander meer gaan schuiven in het zorglandschap in Nederland.

Vraag 4 gaat over de betekenis voor de patiënten. Daar doen we het uiteindelijk allemaal voor. De beelden van kinderen met kanker die daardoor hartchirurgie nodig hebben, zijn buitengewoon

heftig. Zoals het er nu naar uitziet, zullen zij voor de chirurgische ingrepen aan het hart verplaatst

moeten worden. Dat is kwetsbaar voor de betreffende groep. Ik ben dan ook heel blij met de motie van de Kamer, want daarin wordt gesteld dat we de gehele keten rondom het Prinses Maxima

Centrum en het Wilhelmina Kinderziekenhuis voor oncologie en chirurgie zoveel mogelijk intact moeten zien te houden. De volgende stap is om te kijken hoe die keten niet hoeft te worden

doorbroken. Ik hoop dat we weer iets slims uitvinden, zodat het effect op deze heel kwetsbare kinderen minimaal is.

Vragenuur van 23 februari 2023

3

Mevrouw Hillebrand Mohammadi (PvdA): Voorzitter! Blijft het team kinderanesthesiologen in het WKZ en weet de wethouder dat dit team onmisbaar is voor de kinderen die in het PMC behandeld worden? De heer Eerenberg (wethouder): Voorzitter! Dat ben ik met mevrouw Mohammadi eens, maar ik ben

geen ziekenhuisbestuurder. Wat het precies betekent in de organisatie van het ziekenhuis is voor mij ingewikkeld in te schatten. Ik weet wel dat ik gisteren de minister in het Kamerdebat heb horen zeggen dat er capaciteit vrijkomt als er iets verdwijnt, bijvoorbeeld bij anesthesiologie. Die

vrijgekomen capaciteit zou eigenlijk weer moeten worden ingezet voor andere relevante functies. Er komt een hele puzzel in het zorglandschap op gang, waarbij dit misschien een eerste zet is en er

meer gaat gebeuren. Ik ben het echter met mevrouw Mohammadi eens dat het gekkigheid zou zijn als er nu te veel kinderanesthesiologen in Utrecht zijn die de helft van de week duimen zitten te draaien. Ook dat is niet goed voor de zorg.

2. Vragen van de fracties van de PvdD en BIJ1 over Vergoed kosten wijziging geslachtsregistratie. Mevrouw De Vries (PvdD): Voorzitter! Ik stel deze vraag ook nog namens Wilma Duitscher van

EenUtrecht. Iedereen moet kunnen kiezen voor registratie van een geslacht dat het beste bij hem

past. Dat is een onderdeel van het zelfbeschikkingsrecht. Helaas ervaren transpersonen in dit proces nog heel wat drempels. De aanpassing van de vermelding van het geslacht op de geboorteakte en in de Basisregistratie Personen (BRP) is gratis, maar hiervoor is een verplichte deskundigenverklaring nodig, waarvoor de kosten flink kunnen oplopen. Ook een nieuw aan te vragen paspoort, nieuwe identiteitskaart en eventueel een nieuw rijbewijs kosten geld. Recentelijk is in Nijmegen en

Rotterdam besloten om deze kosten voor transpersonen met terugwerkende kracht vanaf vorig jaar te vergoeden. Dat is een mooie stap die bijdraagt aan het laagdrempelig en toegankelijker maken

van een geslachtsregistratie die past bij iemands genderidentiteit. Naar aanleiding hiervan hebben wij de volgende vragen.

1. Gaat Utrecht, in navolging van Rotterdam en Nijmegen, de bijkomende kosten voor de administratieve wijziging van geslachtsregistratie vergoeden? Zo nee, waarom niet?

2. Gaat Utrecht de in 2022 gemaakte kosten hiervoor ook met terugwerkende kracht vergoeden? Zo nee, waarom niet?

3. Is het college het met de indieners eens dat de verplichte deskundigenverklaring een inperking is

van het zelfbeschikkingsrecht van trans personen? Zo nee, waarom niet? Zo ja, welke stappen kan het college nemen om deze drempel weg te nemen?

Mevrouw Dijksma (burgemeester): Voorzitter! Ik ben vandaag van alle markten thuis, want dit zou

net zo goed als door wethouder Oosters ook door wethouder Voortman beantwoord kunnen worden. Ik doe dat uiteraard ook mede namens haar, want het college spreekt met één mond. Misschien is het goed om te beginnen met het beantwoorden van de laatste vraag, namelijk hoe wij aankijken

tegen het wetsvoorstel dat nu voorligt, waarin wordt voorgesteld dat geen deskundigenverklaring meer nodig is als iemand een geslachtswijzing wil en ouder is dan 16 jaar. Kort en goed is het

antwoord dat wij daar helemaal voor zijn. Het recht om te kunnen zijn wie je bent, is essentieel en

belangenorganisaties citeren vaak, dat trans- en intersekse personen prima zelf weten wie ze zijn.

Als je dan dus nog en zeker na die bepalende leeftijd van 16 jaar heel ingewikkelde gesprekken moet voeren om je identiteit te bewijzen, druist inderdaad in tegen het recht op zelfbeschikking. Ook

deskundigen hebben aangegeven geen toegevoegde waarde te zien in die verklaring. Dat is ook wel heel relevant.

Vragenuur van 23 februari 2023

4

Wat betreft de kosten, zoals naar voren gekomen in de overige vragen, kan ik melden dat wij bereid zijn om de deskundigenverklaring te vergoeden. Wij kijken ook naar mogelijkheden binnen het

beperkte budget dat de wethouder heeft om dat met terugwerkende kracht te doen. Ik moet echter ook meteen heel helder zijn over het feit dat wij de bijkomende rechtskosten niet vergoeden. Daar hebben we echt geen budget voor. Ook de bijkomende kosten voor leges van reisdocumenten en rijbewijzen zullen we niet vergoeden. De argumentatie is dat we zelf geen

kwijtscheldingsmogelijkheid voor leges kennen. We hebben eerder verzoeken gehad voor andere

groepen die we hebben afgewezen. Het zou dan moeilijk verdedigbaar zijn als we dat nu wel zouden doen.

Mevrouw Raaijmakers (PvdA): Voorzitter! Ik ben blij te horen dat het college die wet volledig

ondersteunt en ook een deel van de kosten wil vergoeden. Tegelijkertijd zegt de burgemeester duidelijk dat niet alles wordt vergoed. Maar hebben we die kosten wel volledig in beeld? Twee

gemeenten gaan dat wel uitvoeren; is het college bereid om bij die gemeenten te informeren hoe zij dat doen en wat daarvoor nodig is?

Mevrouw Dijksma (burgemeester): Voorzitter! Ik heb gezegd dat wij in ieder geval die

deskundigheidsverklaring willen vergoeden. Wij kijken ook nog of wij dat met terugwerkende kracht kunnen doen. Wij hebben wel in beeld dat het ook weer niet om zoveel situaties gaat dat het

onbetaalbaar is. Meer principieel komt dan de vervolgvraag of je bijvoorbeeld rechtszaken ofwel

leges gaat vergoeden. Daar heb ik heel goed in beeld wat de kosten zijn. Hier speelt echter ook de rechtsgelijkheid een rol. Eerder hebben we verzoeken rondom gratis ID-kaarten voor minima en andere verzoeken van dit type afgewezen. Wij wilden daar niet aan beginnen, omdat wij geen

kwijtscheldingsbeleid voor leges hebben. In dat licht is het niet uit te leggen dat je dat nu voor deze groep weer wel zou doen. Dat is de kern van het antwoord.

De heer Bos (Stadsbelang Utrecht): Voorzitter! Een tweetal zaken. Allereerst wil ik vragen of de

burgemeester niet van mening is dat een dergelijke toezegging gedaan moet worden op het moment dat die ook feitelijk gedaan van worden? Dat is een integraal afwegingsmoment bij de Voorjaarsnota

en niet nu. In de tweede plaats kost een deskundigenverklaring € 65 per stuk, behalve als er ook nog eens een psychologisch rapport bij afgenomen wordt, want dat kost € 250 per stuk. Waar praten we over? Praten we over die € 65 of praten we over het hele verhaal inclusief die € 250 voor de deskundigenverklaring?

De voorzitter: Mijnheer Bos, ik laat het voor één keer toe, maar u weet dat u één vraag mag stellen in het vragenuur.

Mevrouw Dijksma (burgemeester): Voorzitter! De heer Bos heeft gelijk met te zeggen dat grote

financiële toezeggingen op vaste momenten moeten worden gedaan en verantwoord. Tegelijkertijd lijkt het volgens mij om, gelet op de beperkte kosten, wel mogelijk dat dit binnen het lopende

programma wordt gedaan. Dat geldt overduidelijk niet op het moment dat je echt nieuw beleid

maakt voor bijvoorbeeld leges, want als je dat hier nu zou doen, gaan we dat ook op allerlei andere

dossiers krijgen en moet je ook echt een heel ander budget uittrekken. De heer Bos heeft dus gelijk als er extra geld moet worden gevonden en er bezuinigd moet worden om dit te kunnen realiseren, maar dat lijkt hier niet het geval te zijn.

Vragenuur van 23 februari 2023

5

In antwoord op de tweede vraag merk ik op dat het ook om de psychologenverklaring gaat. Het gaat om het totale pakket.

Mevrouw Van der Wilt (D66): Voorzitter! Ik heb dezelfde vraag als de PvdA, dus mijn vinger gaat bij dezen omlaag.

Mevrouw De Haan (BIJ1): Voorzitter! Ik vroeg me af of het college ruimte ziet voor het vergoeden van eventuele reiskosten, omdat je nu alleen de wijziging kan aanbrengen in de gemeente waar je geboren bent, in ieder geval tot de ingang van de Transgenderwet.

Mevrouw Dijksma (burgemeester): Voorzitter! Dat ga ik nu zeker niet toezeggen. Ik heb geen idee wat ik me daarmee op de hals haal. Dan kom ik uit bij de eerste vraag van de heer Bos: als je

verregaande financiële toezeggingen gaat doen en niet kan overzien of je daarmee ander beleid niet kan uitvoeren, moet dat echt een begrotingsdebat zijn. Het lijkt mij niet verstandig om dat hier op het dossier van een collega te openen.

De heer De Pagter (VVD): Voorzitter! Het is mij niet helemaal duidelijk wat de burgemeester nu

precies toezegt. Gaan we het vergoeden voor al die personen die hier in Utrecht zijn geboren of gaat het om de mensen die in Utrecht wonen en in de BRP zijn ingeschreven?

Mevrouw Dijksma (burgemeester): Voorzitter! Ik denk het laatste, want het gaat natuurlijk om de mensen die nu een relatie met ons hebben.

Mevrouw De Vries (PvdD): Voorzitter! Heel fijn dat de deskundigenverklaring en de kosten eromheen vergoed worden en hopelijk ook met terugwerkende kracht. Ik ben wel benieuwd naar de termijn

waarop we daarover zullen horen. Ik vraag me ook af of het college inzichtelijk kan maken wat die kosten zouden zijn voor paspoort, rijbewijs en nieuwe identiteitskaart en of dat binnen een week kan. Dan kunnen wij daarover nog voor het reces een voorstel aan de raad maken.

Mevrouw Dijksma (burgemeester): Voorzitter! Daar hoef ik geen week over te doen. Een ID-kaart tot

18 jaar kost € 37,95 – met een geldigheid van 5 jaar – en vanaf 18 jaar € 70,35 – met een geldigheid van 10 jaar. Een paspoort tot 18 jaar is € 58,95 – 5 jaar geldig – en een paspoort vanaf 18 jaar is € 77,85 – 10 jaar geldig. Het aanvragen van een nieuw rijbewijs kost € 44,65.

3. Vragen van de fracties van DENK, EenUtrecht, BIJ1, Stadsbelang Utrecht, Student & Starter over Marokkaans Cultureel Centrum Overvecht mag niet op straat komen te staan!

De heer El Abassi (DENK): Voorzitter! Het overvolle publiek van vandaag in twee zalen is maar een klein deel van de bezoekers van MCCO. MCCO organiseert verschillende activiteiten voor de

Overvechters, van huiswerkbegeleiding en ombudswerk tot een sociale ontmoetingsplek voor

eenzame ouderen en jongeren. In tegenstelling tot heel veel andere initiatieven in Overvecht vervult MCCO echt een maatschappelijke functie. In tegenstelling tot heel veel andere initiatieven in

Overvecht is dit een initiatief voor en door de Overvechters. In tegenstelling tot heel veel andere initiatieven vraagt MCCO geen subsidie en wordt dit betaald door de Overvechters zelf. Zonder

subsidie zoveel activiteiten verrichten voor zowel ouderen als jongeren en zo snel groeien, dan kun

je echt spreken over een succesvol initiatief in Overvecht. MCCO groeit zo snel dat ze al een tijdje op

Vragenuur van 23 februari 2023

6

zoek zijn naar een groter pand. Twee jaar geleden hebben ze zich aangemeld als geïnteresseerde huurder voor de gymzaal aan de Grote-Trekdreef.

1. Hoe kan het zo zijn dat MCCO zich al twee jaar geleden heeft ingeschreven en dat zij het pand nog steeds niet mogen huren, zeker gezien het feit dat zij de enige serieuze kandidaat zijn?

Naast de gymzaal is er ook een schoolgebouw. De gemeente leek bijna akkoord te gaan met betrekking tot verhuur of verkoop van het schoolgebouw. MCCO heeft aangegeven voor alle kosten op te draaien met betrekking tot het gebruiksklaar maken van het pand.

2. Kan het college aangeven waarom dit pand niet verkocht of verhuurd wordt aan MCCO, zeker

gezien het feit dat MCCO voor alle kosten wil opdraaien en de enige serieuze kandidaat is? En het wordt veel erger. Eind maart loopt het huidige huurcontract van MCCO af en komt MCCO en daarmee al deze bezoekers in beide zalen, op straat te staan.

3. Is het college ook van mening dat er veel behoefte is aan MCCO in de wijk en dat het college snel iets moet doen om te voorkomen dat MCCO op straat belandt? Zo ja: wat gaat het college doen om dit te voorkomen?

Mevrouw Oosters (wethouder): Voorzitter! Dank aan de indieners van de vragen en alle mensen op de publieke tribune. Het is mooi om te zien dat er zoveel betrokkenheid is. Ik zal nu overgaan tot het beantwoorden van de vragen.

Het antwoord op vraag 1 is dat twee jaar geleden de stichting die sport wilde faciliteren zich gemeld heeft als potentieel huurder van de gymzaal aan de Grote-Trekdreef. Onderdeel van het proces was een Bibob-procedure en deze stichting wilde daar niet aan meewerken. Vervolgens heeft Stichting MCCO zich gemeld als potentiële huurder met het idee dat de sportstichting onderhuurder zou

worden. Ook daarvoor was natuurlijk een Bibob-procedure noodzakelijk. De sportstichting wilde ook hieraan niet meewerken en om die reden kon het contract niet ondertekend worden en vond de

verhuur geen doorgang. Afgelopen zomer heeft MCCO opnieuw haar interesse kenbaar gemaakt, maar helaas voor haar was op dat moment inmiddels het Didam-arrest van kracht geworden,

waardoor we als gemeente ook echt genoodzaakt zijn om in het kader van het gelijkheidsbeginsel alle panden te publiceren voordat we een verhuring kunnen gunnen aan een bepaalde partij.

Het antwoord op de tweede vraag is dat het schoolgebouw niet verkocht kan worden aan MCCO,

omdat het op een perceel staat dat gereserveerd is voor onderwijsdoeleinden. Het gebouw kan ook niet verhuurd worden aan MCCO, omdat dit pand in een slechte staat verkeert. Om het pand

bruikbaar te maken, zijn forse investeringen nodig. Deze investeringen zijn niet rendabel en zouden

geen redelijke investering zijn voor een pand dat eind 2024 gesloopt zal worden. De gemeente heeft

daarnaast als eigenaar een zorgplicht voor het pand en blijft ook verantwoordelijk, ook als MCCO die kosten zou betalen. We vinden het risico daarom te groot om dat op die manier te organiseren. De gymzaal naast het schoolgebouw komt binnenkort beschikbaar voor tijdelijke huur en wordt dan

openbaar gepubliceerd. Met MCCO is afgesproken dat zij een seintje krijgt zodat zij zich tijdig kan aanmelden voor de verhuur. Ook de gymzaal wordt eind 2024 gesloopt.

Dan het antwoord op vraag 3. Als college hebben we natuurlijk heel veel waardering voor bewonersinitiatieven zoals het MCCO. Het ingewikkelde is dat het MCCO wel echt zelf

verantwoordelijk is voor het vinden van een nieuwe locatie. De gemeente heeft ondersteuning

geboden in haar zoektocht binnen de mogelijkheden die er ook echt zijn. Het MCCO is bijvoorbeeld verwezen naar het Makelpunt, een plek waar de vraag en aanbod van gemeentelijk vastgoed bij

elkaar komt. Daarnaast hebben wij een aantal gesprekken gevoerd om mee te denken. Op 7 maart zal nog een gesprek plaatsvinden met het bestuur van MCCO en de wethouders De Vries en Streefland, namens wie ik ook deze vragen heb beantwoord.

Vragenuur van 23 februari 2023

7

De heer El Abassi (DENK): Voorzitter! Ik heb recht op maar één vraag, maar ik wil een punt van orde maken. Ik "draag" dit dossier al een tijdje en ik heb met Dennis de Vries over heel veel dingen

gesproken. Ik merk echt dat de wethouder met alle respect antwoorden geeft die onwaar zijn en niet kloppen. Dat weet de heer De Vries als geen ander en ik vind dat jammer. Ik had liever daarom de

heer De Vries hier zien staan of er hadden kloppende antwoorden moeten worden gegeven. Ik weet niet welke vraag ik moet herhalen, maar alle antwoorden kloppen niet.

De voorzitter: Ik heb begrepen dat deze opmerking geen punt van orde is. Mevrouw Oosters (wethouder): Voorzitter! Wij spreken als college natuurlijk met één mond en ik

denk niet dat de heer De Vries andere antwoorden had gegeven op deze plaats. Wel hoop ik in ieder

geval dat we er in gesprek met de heer El Abassi uit kunnen komen waar hem dat verschil van inzicht in zit. Wij hebben naar eer en geweten op de vragen geantwoord. De heer El Abassi (DENK): Voorzitter! De voorzitter: We gaan hier geen debat over voeren. Zoals gezegd, is dit volgens de regels van het vragenuur geen punt van orde. Er is nu een kort antwoord op gegeven. Ik ga dus eerst even bij de andere fracties langs voor een vraag en daarna kunt u nog één laatste aanvullende vraag stellen.

De heer Dijkstra (EenUtrecht): Voorzitter! Ik heb zeker nog een vraag. Dit staat toch in schril contrast met het feit dat we al vijf jaar lang een grote wijkaanpak hebben in Overvecht. Hoe kan het dan toch dat een club als deze nog steeds zoekt naar duurzame huisvesting?

Mevrouw Oosters (wethouder): Voorzitter! Ik ben het met de heer Dijkstra eens dat het een lange

zoektocht is. Ik hoop wel in mijn antwoorden aangegeven te hebben waar de moeilijkheden ook echt zitten met het vinden van die plek. Ook het Didam-arrest en de toewijzing van gemeentelijk

vastgoed daarin spelen een heel grote rol, waardoor we niet zomaar een pand kunnen toewijzen aan een bepaalde organisatie. We hopen juist dat zij ook door het seintje met betrekking tot de gymzaal

die aanvraag wel op tijd kan doen en op die manier wellicht kans maakt om in dat pand te komen. Ik ben het met de heer Dijkstra eens dat het wel lang duurt.

De heer Bos (Stadsbelang Utrecht): Voorzitter! Zowel het Didam-arrest als het Aldi-arrest biedt

ruimte voor een een-op-een overeenkomstrelatie met een partij. De wethouder kan zeggen dat het

niet zo is, maar dan stel ik voor om vooral eens met de burgemeester te gaan praten, want die weet

er ook meer van. Vanwege het feit dat die een-op-een overeenkomst, die dan wel gepubliceerd moet worden en waar dus eventueel bezwaar tegen aangetekend kan worden, is er geen obstakel om een overeenkomst aan te gaan met deze partij. Vanuit dat perspectief wil ik weten of het college zich beter kan laten informeren en wellicht … De voorzitter: Eén vraag! De heer Bos (Stadsbelang Utrecht): Dan laat ik de vraag over het beter informeren even achterwege, want ik ga ervan uit dat dit toch gebeurt. Laat ik in ieder geval even aangeven dat ik het graag zou

willen zien en daar ook graag een toezegging op krijg, dat het college met voorrang een locatie aan

Vragenuur van 23 februari 2023

8

deze organisatie geeft en een overeenkomst aangaat die gepubliceerd kan worden. Ik krijg daar graag een toezegging op.

Mevrouw Oosters (wethouder): Voorzitter! Ik kan dat niet op deze manier toezeggen. Wat ik wel kan toezeggen, is dat we een brief kunnen sturen waarin we nogmaals uitdiepen wat de juridische situatie rondom het Didam-arrest is. Net als de heer Bos weet ik dat er inderdaad bepaalde

mogelijkheden zijn waardoor het wel een-op-een kan worden gegund, maar in deze situatie heb ik in ieder geval de informatie aangeleverd gekregen dat het niet kan. Dat zullen wij op papier zetten. Mevrouw Hellevoort (GroenLinks): Voorzitter! Ik heb een algemene vraag. Hebben we nu een overzicht van leegstaand vastgoed in Overvecht dat ook gebruikt zou kunnen worden voor

initiatieven uit de wijk? Daar is best wel veel vraag naar, maar er lijkt geen overzicht te zijn. Mevrouw Oosters (wethouder): Voorzitter! Ik kan het lijstje niet uit mijn zak halen en het aan

mevrouw Hellevoort voorlezen, maar dat overzicht is er vast. Het is natuurlijk ook in het Makelpunt

aangegeven, waar vraag en aanbod van vastgoed echt bij elkaar komen. We zullen er ook verder op ingaan in de brief die ik zojuist heb toegezegd.

De heer El Abassi (DENK): Voorzitter! Ik zit nog met heel veel vragen, maar is besef dat ik er een

moet kiezen. De wethouder verwart de Stichting Sport OverFit met het MCCO. Het MCCO is nog nooit gevraagd om geBibobt te worden en er is ook nooit huur aangeboden. Dat is de stelling van het

MCCO en de mensen zitten hier ook in het publiek. Ik zou zeggen, vraag het vooral na. Als dat wel het geval is, zou ik de wethouder willen vragen of zij die stukken dan aan de raad kan overdragen, zodat wij die ook kunnen inzien. Dan heb ik het over het MCCO en niet over de Stichting Sport OverFit.

Mevrouw Oosters (wethouder): Voorzitter! Wat de heer El Abassi zegt, is helemaal waar. We hebben geen Bibob-procedure voor het MCCO aangevraagd. Wat wel het geval is, is dat het MCCO de

betreffende sportvereniging onderhuur wilde aanbieden. Daarvoor was ook nodig dat zij op die

manier de Bibob-procedure zouden moeten doorlopen. Dat is dus niet gebeurd en daardoor is het spaak gelopen. Dat is de informatie die ik voor u heb. De vergadering wordt enkele minuten geschorst. 4. Vragen van de fracties van de PvdA, GroenLinks, PvdD, ChristenUnie, D66, EenUtrecht, BIJ1 en Volt over Vierde aanvliegroute Schiphol.

De heer Cornielje (PvdA): Voorzitter! De klimaat- en de stikstofcrisis raakt bijna iedereen in het land. Echter lijkt de luchtvaartsector nog niet volledig doordrongen van de urgentie van deze problemen. Een nieuwe –- vierde –- aanvliegroute, die Schiphol in staat stelt om verder uit te breiden, is in de maak. Het extra luchtverkeer dat hierbij hoort, heeft een grote impact op de volksgezondheid, de

stikstofuitstoot en de geluidsoverlast in onze stad. Vandaar de volgende vragen aan de wethouder. 1. Deelt de wethouder de mening dat een vierde aanvliegroute op Schiphol over onze stad en de omringende natuurgebieden onwenselijk is?

2. Is de wethouder bereid het gesprek aan te gaan met het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (I&W) om de minister op te roepen van het plan af te zien?

Vragenuur van 23 februari 2023

9

3. Is de wethouder bereid om in samenwerking met andere gemeentes en de provincie te lobbyen bij het Rijk om deze vluchtroute tegen te gaan?

Mevrouw Oosters (wethouder): Voorzitter! Dank aan de indieners van de vragen. Allereerst het

antwoord op vraag 1. Ja, we delen de mening dat de uitbreiding van vliegverkeer over onze stad

absoluut niet wenselijk is. Al vanaf 2018 is er sprake van een mogelijke wijziging van het luchtruim

en dit dossier hebben we altijd nauwgezet gevolgd. Ook hebben we op verschillende momenten ons standpunt naar buiten gebracht, voornamelijk in de vorm van zienswijzen of brieven richting het

ministerie. We vinden het als college een prioriteit dat de gezondheid van onze burgers goed is en dat we de stikstof en CO2-emissie zoveel mogelijk verlagen. Dat is ook de manier waarop we ons standpunt naar buiten brengen.

Ik geef de antwoorden op de tweede en derde vraag samen. Via een bestuurlijke en provinciale

kerngroep zijn we in samenwerking met de provincie en buurgemeentes De Ronde Venen en Stichtse Vecht al in gesprek met het ministerie. Momenteel is een volgend bestuurlijk overleg van de

provinciale kerngroep in de planning voor eind maart en zullen we ook op bestuurlijk niveau met het ministerie in gesprek gaan. Ook hier zullen we ons standpunt herhalen en zullen we wat ons betreft de gezamenlijke lobby ook voortzetten. Ik hoop dat ik daarmee de vragen heb beantwoord.

De heer Vasters (D66): Voorzitter! Ik dank de wethouder voor de beantwoording. Welke kans van slagen ziet de wethouder? Zij geeft aan dat al allerlei discussies worden gevoerd en dat allerlei lobbygroepen actief zijn, maar wat kunnen we als uitkomst daarvan verwachten?

Mevrouw Oosters (wethouder): Voorzitter! Onze inzet in die gesprekken is inderdaad om dat plan

van tafel te krijgen, maar we moeten wel in redelijkheid kijken waar de standpunten nu staan. Na het bestuurlijk overleg in maart kan ik de raad middels een brief over de stand van zaken informeren.

De heer Van Heuven (PvdD): Dat laatste is natuurlijk fijn. De PvdD heeft wel vaker en ook met andere fracties vragen gesteld over het vliegverkeer en ook daar werd gerefereerd aan deze lobby. In hoeverre zou een uitspraak van de raad of iets dergelijks nog bijdragen aan de lobby die de gemeente op dit moment voert?

Mevrouw Oosters (wethouder): Voorzitter! De raad gaat natuurlijk over zijn eigen besluiten. Hij kan

natuurlijk altijd een sterk signaal geven als het ook een algemeen gedragen geluid is in Utrecht over wat wij als stad vinden. Maar goed, dat laat ik echt over aan de raad.

5. Vragen van de fracties van de VVD en D66 Over OV ontsluiting Deelgebied 4 "De Nieuwe Defensie".

De heer De Paqter (D66): Voorzitter! De heer Te Hoonte heeft thuis een ziek kind en om die reden

vervang ik hem. De eerste woningen in Deelgebied 4 van de Merwedekanaalzone zijn opgeleverd. De Utrechtse Internet Courant DUIC informeerde ons dat op dit moment in de directe omgeving van dit

deelgebied helemaal geen OV richting CS aanwezig is. Tenminste, geen OV dat halteert en waar een bewoner gebruik van kan maken. Naar de mening van de fracties van de VVD en D66 is dit

onwenselijk, zeker gezien de gehanteerde parkeernormen. Zo snel mogelijk moet OV beschikbaar komen met aansluiting op CS of een ander station.

Vragenuur van 23 februari 2023

10

1. Deelt het college met de fracties dat bij oplevering van nieuwbouwwijken het noodzakelijk is dat er ook daadwerkelijk OV beschikbaar is?

2. Welke stappen heeft het college doorlopen sinds de vaststelling van het eerste Stedenbouwkundig Plan om OV ontsluiting richting CS voor deelgebied 4 te garanderen bij oplevering? Waarom is dat mislukt?

Voor een deel van de inwoners zal CS te lopen of te fietsen zijn. Maar OV is er ook voor

toegankelijkheid naar alle inwoners voor wie dat te ver is. Bewoners van nu kunnen niet wachten op een metrolijn van de toekomst. Ze hebben nu hoogfrequent vervoer nodig.

3. Welke mogelijkheden ziet het college om alsnog een bushalte in de busbaan richting CS te realiseren?

4. Ziet het college in de tussentijd ook kansen voor (tijdelijke oplossingen) zoals a. het versneld verbeteren van de looproutes naar de halte tussen 4 & 5 (Balijebrug; lijn 29) en b. een

ringlijn/buurtbus met kleinschalig vervoer langs de nieuwbouwvlekken in DGB 4, DGB 5, DGB 6 en Kruisvaartkwartier?

5. Welke middelen heeft het college nodig om ook QBuzz en de provincie hier aan boord te krijgen? Mevrouw Van Hooijdonk (wethouder): Voorzitter! Dank voor deze vragen. Wij hadden dit seintje ook

gekregen van bewoners uit dit nieuwe gebied. Zij hebben een punt dat het niet voldoende op orde is. Bij het project van de Van Zijstweg is het plan opgevat om bussen te laten halteren op deze plek en

dat is op last van de provincie geschrapt, omdat het een variant was waarbij de bus zou halteren op

de rijbaan en niet in een halte kon, waardoor het verkeer op die rijbaan gestremd zou worden. Daar kon de provincie niet mee leven, terwijl wij de haltekom ruimtelijk niet ingepast konden krijgen. We kijken nu met de provincie en Qbuzz wat er in dit gebied wel mogelijk is om de maaswijdte van het OV te verbeteren. Als het makkelijk was, hadden we het al opgelost, maar het is echt even een zoektocht waar dat zowel in de busdienst alsook ruimtelijk op een goede manier ingepast kan worden.

Dan zijn er nog vragen over de looproutes. Daar kijken we ook met liefde naar, waarbij ik in ieder

geval moet melden dat er in het gebied ook gebouwd wordt. Dus moeten we ook routes kiezen die echt wel veilig zijn.

Er wordt de concrete suggestie gedaan over de Rijnlijn/buurtbus. Ik weet niet helemaal zeker of dit hem is, maar nogmaals, we zijn aan het kijken. Er rijden natuurlijk genoeg bussen, maar dat is het vraagstuk ook niet. Het vraagstuk is welk van de bussen waar kan stoppen om mensen ook op te pikken. Dat is de voornaamste vraag. In het Kruisvaartkwartier wordt binnenkort een halte toegevoegd aan de busbaan. Dat krijgt dan een voorziening.

Als laatste wordt de vraag gesteld wat we verder nodig hebben. Dat hangt een beetje af van wat de

verkenning oplevert. Of dat ruimtelijk is of een financieel beslag legt, we hebben budget om elk jaar

veranderingen te verwerken in de vervoerplannen, ook voor aanpassingen in de openbare ruimte. Als we de oplossing vinden, zou het kunnen dat we het uit dat budget kunnen bekostigen.

De heer Vasters (D66): Voorzitter! Dank aan de wethouder voor de beantwoording. Ik hoor de

wethouder zeggen dat zij op zoek is naar een oplossing, maar ik hoor eigenlijk niets over de timing. Het speelt al een tijdje en de wethouder is er ook al een tijdje van op de hoogte. Kan zij iets zeggen over wanneer zij denkt dat die oplossing ook daadwerkelijk geïmplementeerd kan worden?

Mevrouw Van Hooijdonk (wethouder): Ik ben zelf een week op de hoogte, dus dat is nog niet zo heel lang. We zijn nu aan het schouwen met de andere partij. Ik kan de doorlooptijd echter niet helemaal

Vragenuur van 23 februari 2023

11

inschatten. Het zal ervan afhangen hoe makkelijk of moeilijk het is. De heer De Paqter (D66): Voorzitter! Ik geef een vervolg op vraag 2. Er is een stedenbouwkundig plan vastgesteld en daar zat ook de opdracht in om openbaar vervoer te realiseren. Hoe kan het nou dat dit hier niet gelukt is?

Mevrouw Van Hooijdonk (wethouder): Dat heb ik zojuist al aangegeven. In het plan voor de Van

Zijstweg hadden wij een halte gepland op een punt waar de bus op de weg zou moeten halteren. Het

bevoegd gezag heeft dat niet willen accepteren vanwege de stremmingen die dat voor andere bussen oplevert. Ruimtelijk kregen wij geen haltekom ingepast. Daar is het scheefgelopen. Ik praat dat niet goed, want ik vind dat het OV hier beter op orde moet zijn. Het is in die zin niet goed gegaan en vandaar dat we op basis van dit signaal nu wel zijn gaan handelen.

6. Vragen van de fractie van EenUtrecht over Restaurant Amsterdamsestraatweg in de hoek gezet? De voorzitter: Mijnheer Dijkstra, Ik wijs u toch even op uw spreektijd, omdat die minder is dan twee minuten.

De heer Dijkstra (EenUtrecht): Voorzitter! Ik ga direct over tot de vragen.

1. Na het Bibob-onderzoek kon het restaurant, na bijna een jaar gedwongen dicht te zijn geweest, zijn deuren weer openen. Dat was in 2019. De dwangsom en de eis voor het opstellen van

kostbare jaarrekeningen zijn recent ingetrokken, namelijk in februari 2022. Uit de beschikbare

openbare stukken blijkt niet direct waarom de gemeente een zo vergaande harde aanpak heeft

ingezet met een jaar lang sluiten en een dwangsom. Is de burgemeester nu ook van mening dat bij nader inzien het restaurant veel te hard is aangepakt? Zo neen, wat is dan wel de reden die deze harde en voor de ondernemer ingrijpende aanpak kan verklaren?

2. Is de gemeente bereid om de ondernemer financieel te compenseren en zich bij hem te

verontschuldigen omdat het sluiten van de zaak in en het opleggen van een dwangsom bij nader inzien helemaal niet nodig was?

3. Is de burgemeester van oordeel dat de veiligheid in Utrecht ermee gebaat was dat de zaak voor bijna een jaar in 2019 gesloten werd en dat de gemeente in vergelijkbare gevallen weer net zo moet handhaven?

Dat zijn de drie zaken over de zaak zelf. We hebben deze informatie gekregen via Bureau Rechtsbescherming. Daar gaat de laatste vraag over.

4. Is de gemeenteraad correct door Bureau Rechtsbescherming geïnformeerd of heeft toch de ambtelijke dienst wel gelijk die beweert dat een deel van de ons verstrekte informatie niet openbaar toegankelijk zou zijn? Dat vind ik wel relevant.

Mevrouw Dijksma (burgemeester): Voorzitter! U zei wel dat de burgemeester de vragen zal

beantwoorden, maar hier wringt eigenlijk de schoen. In de inleidende tekst, die waarschijnlijk te lang was om inderdaad helemaal voor te dragen, heeft de heer Dijkstra terecht opgemerkt dat deze casus gewoon nog onder de rechter is. Dat betekent dat de raad zich ten eerste nu gaat bemoeien met een individuele casus en dat ook nog eens doet op het moment dat de rechtsgang nog niet is afgerond. Tegen het besluit dat begin 2019 door mijn voorganger is genomen, is beroep ingesteld en dat

beroep van de ondernemers – en dat is openbare informatie – is ongegrond verklaard. Om die reden hebben ondernemers nu hoger beroep ingesteld. Dat loopt nog en de zittingsdatum is nog niet

Vragenuur van 23 februari 2023

12

ingepland. Ik voel mij dan ook niet vrij om er hier maar een beetje op los te gaan filosoferen over deze casus.

Wat betreft het laatste punt, de informatie vanuit de Bibob, geldt in ieder geval voor ons als

gemeente dat er een strikte geheimhoudingsplicht op die informatie rust en dat die informatie niet openbaar toegankelijk is. Het is ook niet aan mij om nu even te bepalen welk gedeelte wel of niet

gedeeld mag worden, want dan zou ik mijn eigen geheimhoudingsplicht gaan schenden. Ook met die vraag brengt de heer Dijkstra mij eigenlijk in een onmogelijk parket. Ik zou het recht nu zijn beloop laten. Er is hoger beroep ingesteld nadat eerder het beroep van de ondernemer ongegrond is

verklaard. Ik neem aan dat de zitting er komt en dan zullen we zien wat daar de uitkomst van is. De heer Dijkstra (EenUtrecht): Voorzitter! Ik heb nog een laatste vraag en die trek ik wat breder, want ik begrijp het antwoord van de burgemeester. Kan het zijn dat in de aanpak van de Amsterdamse

Straatweg niet alleen de rotte appels zijn aangepakt – die waren er natuurlijk ook wel degelijk – maar dat er ook bij nader inzien misschien wel nevenschade is, dat er ook ondernemers zijn die mogelijk

te hard zijn aangepakt waar een mildere aanpak wenselijk was geweest? Dan gaat het niet alleen om dit restaurant.

De voorzitter: U bent inmiddels wel door de tijd heen. De heer Dijkstra (EenUtrecht): Dit was mijn laatste vraag. Mevrouw Dijksma (burgemeester): Dan is deze casus toch een ingewikkelde om die als voorbeeld

daarvoor te stellen. Zoals gezegd, de gemeente heeft als het ware dat beroep gewonnen. Het is in ieder geval tot nu toe niet zo geweest dat de rechter heeft gezegd dat de gemeente hier fout zat.

7. Vragen van de fractie van Utrecht Solidair over Standplaatshouders zijn een essentieel onderdeel van de buurtcultuur.

Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair): Voorzitter! Standplaatshouders zijn hardwerkende ondernemers

die een belangrijk onderdeel zijn van de buurtcultuur. Zij staan vaak al tientallen jaren en meerdere generaties op een vaste plek. Waar de buurtwinkeltjes zijn vervangen door grote supermarkten, zorgen zij voor sociale cohesie. De kraam of kiosk is veelal een ontmoetingsplaats van

buurtbewoners. De standhouders kennen de buurtbewoners en volgen hun lief en leed. In oktober

2022 krijgen de standplaatshouders een brief met de mededeling dat wegens Europese regelgeving de vergunning niet meer automatisch wordt verlengd, dat komende tijd nieuwe regelgeving wordt uitgewerkt, dat zij in het eerste kwartaal van 2023 worden geïnformeerd en dat in het tweede

kwartaal een inschrijving wordt geopend. Hierdoor ontstond grote paniek. Deze ondernemers

werken al 20, 30 en 40 jaar in hun eigen zaakje. Een groot gedeelte is ongeschoold of laaggeschoold en heeft een gezin te onderhouden. Ze zijn vergroeid met hun werk en de buurt. Ze mailden en

belden, het CDA stelde vragen in december, maar kreeg geen antwoord. De PVV stelde vragen in januari, maar er kwam helaas geen antwoord. Een kaasboer is een petitie begonnen … De voorzitter: Gezien de tijd wil ik u vragen om uw vragen te stellen. Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair): Dat is goed.

Vragenuur van 23 februari 2023

13

1. Hoe kan het dat er in 2019 al een nieuwe procedure zou komen en dat er februari 2023 nog steeds niets bekend is?

2. Waarom is in bijna alle gemeentes nog steeds verlenging mogelijk en in Utrecht niet?

3. Ziet het college in, dat het nadelige sociale gevolgen heeft als deze ondernemers uit de wijk worden gerukt, zowel voor de ondernemers als voor de buurt?

4. Hoe kijkt het college terug op de manier waarop het met de standplaatshouders communiceerde? Mevrouw Schilderman (wethouder): Voorzitter! Ik dank de indiener voor de vragen. Ik wil allereerst de context schetsen, want het is voor standplaatshouders inderdaad ook echt een onzekere periode. Voor 2013 hadden standplaatshouders een vaste vergunning, dus voor onbepaalde tijd. In 2013

heeft de raad besloten om dat te veranderen en om over te gaan tot vergunningverlening voor een

bepaalde tijd. Om ondernemers de kans te geven om zich aan te passen aan de nieuwe situatie, is er

een overgangsregeling gekomen. Dat was een overgangsregeling van tien jaar, waarin er alsnog voor de zittende ondernemers een voorrangspositie was en zij hun plek nog op die tijd konden innemen. Dat is ook zo aan hen gecommuniceerd.

Toen was de insteek dat wij het beleid zouden evalueren en met een nieuw systeem voor gunning zouden komen. Daar is een paar jaar later de Europese Dienstenrichtlijn doorheen gekomen.

Daarmee kom ik op het antwoord op de eerste vraag waarom het zoveel tijd kost. De regels zijn

complex en vragen om zorgvuldigheid. Om dat in nieuwe regels vast te leggen, kost tijd. Daar komt

bij dat in Coronatijd onze capaciteit bijna in zijn geheel is opgegaan aan het aanpakken van de crisis, aan het invullen van steunregelingen en bijvoorbeeld het zorgen voor de anderhalve meter. In mei

vorig jaar zijn de voorbereidingen voor het nieuwe beleid weer gestart en die gaan in per 2024, als de vergunningen aflopen. Daar werken wij op dit moment hard aan.

Het antwoord op de tweede vraag luidt dat de belangrijkste reden dat in andere gemeenten

verlenging mogelijk is en dat daar vaak pas nu een overgangsregeling van onbepaalde naar bepaalde tijd is, eigenlijk de periode die deze raad vanaf 2013 is ingegaan. De gemeenteraad heeft het beleid dus toen al herzien en we mogen niet oneindig voorrangsregelingen met een overgangsregeling op elkaar stapelen. Dat is dan ook het eerlijke verhaal. Dat zullen andere gemeenten na hun overgangsperiode ook moeten doen, net zoals in Utrecht is gebeurd.

Het antwoord op de derde vraag is ja. Ik snap heel goed dat het voor de huidige ondernemers voor

heel veel onzekerheid zorgt, zeker als je die onderneming al vele jaren op die plek hebt. Dan is het voor de buurt ook belangrijk. Daar zal ik niet omheen draaien, maar het betekent wel dat de

vergunningen ophouden. Dat zorgt ervoor dat zittende en nieuwe ondernemers een kans hebben op die standplaats.

In antwoord op de vierde vraag over de communicatie kan ik melden dat er vanaf 2013 geen twijfel bij de ondernemers bestaat over het besluit van de raad dat de vergunningen per 2024 zouden

aflopen. Dat is toen ook aan de standplaatshouders gecommuniceerd. Afgelopen oktober hebben wij

een brief gestuurd aan alle vergunningshouders en in die brief stonden ook de contactgegevens waar standplaatshouders terecht konden. Er is sindsdien ook veel contact geweest met

standplaatshouders en dat is er nog steeds. In die brief stond ook dat wij in het eerste kwartaal een

informatiebijeenkomst zouden organiseren en die zal over drie weken plaatsvinden. Die uitnodiging gaat dinsdag ook uit. Wel wil ik zeggen dat er veel tijd heeft gezeten tussen die brief en de

informatieavond en dat had wat mij betreft echt wel anders gekund. Tegelijkertijd konden we die informatieavond ook niet houden voordat de inhoudelijke informatie bekend was.

Verder wil ik de raad nog meegeven dat dit onderwerp geagendeerd staat voor de commissie van 23 maart. In de week daaraan voorafgaand zullen wij de raad verder informeren over de gekozen

Vragenuur van 23 februari 2023

14

richting en de afspraken daarin. De schriftelijke vragen verwacht ik op korte termijn en zelfs nog deze week te beantwoorden.

De heer Koning (D66): Voorzitter! Mijn vraag aan de wethouder is of het inderdaad ook klopt dat

weliswaar een deel van de ondernemers niet op de huidige standplaats door kan gaan, dat zij wel

kunnen proberen om verder te gaan op die locatie, maar dat dit outsiders de gelegenheid biedt om een plek bij die gewilde standplaatsen in onze stad te bemachtigen?

Mevrouw Schilderman (wethouder): Voorzitter! Dat klopt. Dat is ook de aard van de Europese

Dienstenrichtlijn waar deze raad in 2013 al op vooruit heeft gelopen. Iedereen moet een eerlijke kans krijgen om te kunnen meedingen naar een vergunning – het aantal is beperkt – voor een standplaats. De zittende ondernemers kunnen net zo goed meedingen als nieuwe ondernemers.

De heer Stellinga (CDA): Voorzitter! Op het gevaar af dat ik vooruitloop op de beantwoording van de

schriftelijke vragen, ziet de wethouder mogelijkheden om de zittende ondernemers ook tegemoet te komen in de criteria die gelden voor de gunning van een dergelijke standplaats?

Mevrouw Schilderman (wethouder): Voorzitter! Dat is precies waarover ik u de week voorafgaand aan het debat ga informeren. Ik stel voor om het debat dan te voeren. Daarbij geldt wel dat de aard van de Europese Dienstenrichtlijn is dat je niet zomaar voorrang mag geven aan een zittende ondernemer. Dat zegt misschien iets over wat er in die brief zal staan.

Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair): Ik heb de laatste weken een dertigtal ondernemers gesproken. Ze

zeggen allemaal hetzelfde: in 2013 konden we kiezen tussen vijf of tien jaar. Heeft de gemeente ook gecheckt of het goed bij de mensen is overgekomen? Ik heb zelf alle contracten van alle mensen

gezien. Zij zijn wat dat betreft heel open en iedereen tekende weer voor tien jaar, zoals zij al 30 of 40 jaar hebben gedaan. Dan weer voor 5 jaar, dan weer voor 3 jaar … De voorzitter: Uw vraag is? Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair): Mijn vraag is of heel helder is gecommuniceerd en of het goed is overgekomen. Als het geen enkele ondernemer duidelijk was dat het na die tien jaar afgelopen zou zijn …

De voorzitter: Mevrouw Hessel, uw vraag is duidelijk. Mevrouw Schilderman (wethouder): Voorzitter! In het debat komen wij hier uitgebreid met elkaar over te spreken. Dat geeft ook wat meer ruimte om een aantal van dit soort onderwerpen te

bespreken. De raad heeft er in 2013 heel duidelijk over gesproken dat het beleid zou veranderen en dat het nog één laatste voorkeursbehandeling was om nog tien jaar op deze manier op deze plek te mogen zitten. Dat is toen heel duidelijk besproken met elkaar. Daar laat ik het bij.

De voorzitter: Dank u wel. Daarmee zijn wij aan het einde van het vragenuur van deze week gekomen en mag ik deze vergadering sluiten. Ik wens u allen nog een heel fijne avond. De voorzitter sluit daarop, te 17.57 uur, het vragenuur.

Vragenuur van 23 februari 2023

15

Lijst van toezeggingen, gedaan tijdens het vragenuur van 23 februari 2023.

Vragen van de fracties van de PvdA, GroenLinks, PvdD, ChristenUnie, D66, EenUtrecht, BIJ1 en Volt over Vierde aanvliegroute Schiphol. Wethouder Oosters •

zal de raad eind maart informeren over de stand van zaken in het bestuurlijk overleg over de vierde aanvliegroute Schiphol.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=e27d17b4-f829-4fb2-a12e-266e0f10dc55