CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

20230202 vragenuur.docx

Gemeenteraad 6 april 2023, gemeente UtrechtBij agendapunt: Notulen Vragenuur 2, 9, 16 en 23 februari 20235.428 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

2023 NOTULEN VRAGENUUR Vragenuur – 2 februari 2023 Vragenuur, gehouden op donderdag 2 februari 2023 te 17.00 uur. Voorzitter: mevrouw Passier. Aanwezig zijn de leden: Dekkers, Koning, Sasbrink, Van Steeg, Talhaoui, Vasters, Van Vliet en Zwinkels.

Voorts zijn aanwezig de commissieleden: T. Stam en Usta. Namens het college zijn aanwezig: burgemeester Dijksma en de wethouders Van Hooijdonk, Schilderman en De Vries. Griffier: mevrouw Bouts. Opening van het vragenuur. De voorzitter: Dames en heren! Welkom allemaal bij het vragenuur van deze week. Een speciaal

welkom aan alle mensen op de tribune, de mensen thuis en natuurlijk de raadsleden en de leden van het college. Mijn naam is Charlotte Passier en ik ben vandaag uw voorzitter.

We hebben vandaag zes sets mondelinge vragen en wij gaan meteen beginnen. 1. Vragen van de fracties van PvdA, GroenLinks, PvdD, Volt en D66 over Prijsstijging deelvervoer slechte stimulans voor duurzame keuzes.

De heer Talhaoui (PvdA): Voorzitter! “Alles wordt duurder, dus prijzen deelvervoer in Utrecht stijgen ook,” kopte de Utrechtse nieuwswebsite DUIC de afgelopen week. Een alarmerend gegeven, vinden onze partij en de andere partijen die de vragen indienen. Met de geleidelijke invoering van betaald

parkeren in de stad proberen we als gemeente inwoners zo veel mogelijk aan te moedigen gebruik te maken van duurzaam deelvervoer. Een ware uitdaging, zo bleek ook uit de vele reacties die we

kregen na aankondiging van dit beleid. Gelukkig bleef vorig jaar het aantal duurzame alternatieve vervoersmiddelen toenemen. Zorgvuldig kregen verschillende partijen in afstemming met de

gemeente een plek in de stad. Onder andere de elektrische fietsen van Tier, de deelbakfietsen van

Cargaroo en het autovervoer van MyWheels moeten mensen in de toekomst meer en meer stimuleren duurzamere mobiliteitskeuzes te maken.

Dat deze partijen de prijzen van hun diensten nu fors laten stijgen, zien wij als een klap in het

gezicht van Utrechters die welwillend zijn en hun steentje aan een goed klimaat willen bijdragen, maar nu hard in de portemonnee geraakt worden. Denk aan ouders die hun kinderen met de

Vragenuur van 2 februari 2023

2

deelbakfiets naar de sportvelden brengen in het weekend, en nu al voor een uur 6 euro kwijt zijn. Loopt die tijd op, dan kan het al gauw in de papieren lopen, hetgeen de auto al snel weer aantrekkelijker maakt.

Wij hebben daarom de volgende vragen.

1. Is het college het met ons eens dat wij met de invoering van betaald parkeren in de stad een

betaalbaar alternatief in deelvervoer moeten kunnen garanderen ook voor Utrechters met een kleinere portemonnee?

2. Is de wethouder bereid in gesprek te gaan met deze deelvervoeraanbieders om te kijken hoe verdere prijsstijgingen voor de consument binnen de perken kunnen blijven?

3. Kan de wethouder inzichtelijk maken in hoeverre de deelaanbieders contractueel gebonden zijn wat betreft deze prijsverhogingen?

4. Zijn er andere manieren waarop de gemeente inwoners alsnog kan stimuleren gebruik te maken van deelvervoer ondanks deze stijgende prijzen, bijvoorbeeld door kortingen of door andere

aantrekkelijke regelingen beschikbaar te stellen in afstemming met de deelvervoeraanbieders? Mevrouw Van Hooijdonk (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen. Ja, er moeten alternatieven

zijn. Dat is helder. Gelukkig zijn die er natuurlijk ook. We hebben wat dat betreft een stad met rijke keuzes. Voor meer dan 80% van de ritten binnen de stad wordt geen gebruik meer gemaakt van de

auto. Dat is dus iets minder dan 20%, maar er zijn dus gelukkig mensen die de alternatieven weten te vinden. We hebben ook wel een aantal dingen in de aanbieding voor mensen met een smalle beurs,

meestal gedefinieerd als U-pashouder, bijvoorbeeld fietsdeals maar ook het gereduceerde tarief van Tier. We hebben ons echter ook voorgenomen om dat palet uit te breiden. Dat moedigt u ook altijd

terecht aan. Later in dit kwartaal zullen we daar ook de stand van zaken van geven. Los van de vaste

aanbiedingen zijn we namelijk ook bezig met allerlei probeeracties. We moeten altijd kijken hoe lang

onze polsstok is. Wij willen dat echter doorzetten en dat, als het mogelijk en nuttig is, ook verbinden aan de invoering van betaald parkeren.

We zijn met aanbieders van deelmobiliteit in gesprek over die gereduceerde tarieven. Zoals gezegd,

heeft Tier dat al gedaan. We maken nu een convenant met de aanbieders van deelauto's, waarmee we ook over dit thema in gesprek zijn. Ook zijn we bezig met een heel specifiek project met Cargaroo, de bakfietsen. Er lopen dus verschillende zaken.

Wat betreft de tariefsverhogingen kan ik melden dat er nu natuurlijk nog sprake is van een markt.

Dat kan in de toekomst veranderen. Een tijd geleden heeft de raad mij aangemoedigd om eens goed naar die marktordening te kijken. Dat zal een breder gesprek zijn dan alleen in Utrecht, maar dat

zullen we wel voeren. Op dit moment zijn het in ieder geval marktpartijen en zullen zij ook onder de streep moeten uitkomen. De tariefsverhoging van Tier is in ieder geval besproken; die ligt rond het

niveau van de inflatie. Daar zijn ook afspraken over gemaakt in de vergunning. We hebben ook met elkaar afgesproken dat er geen verhoging meer bijkomt dit jaar. Bij Cargaroo en deelauto's hebben we dat haakje in de regelgeving niet.

De heer Vasters (D66): Voorzitter! Ik begrijp van de wethouder dat er inderdaad voor een aantal aanbieders geen afspraken zijn over prijsverhogingen. Is het in de toekomst wel het idee om daarover afspraken te maken, zoals bij Tier het geval is?

Mevrouw Van Hooijdonk (wethouder): Dat hangt ook wel een beetje af van de constructie, want die is steeds weer anders. Waar Tier een vergunning heeft, is er met Cargaroo als het ware sprake van een pilot en zijn de deelauto's een open markt. Dat zijn echt wel drie verschillende arrangementen waar

Vragenuur van 2 februari 2023

3

we een andere relatie hebben met de aanbieder. Waar dat kan, maken we daar afspraken over en zijn we op zijn minst in gesprek met al deze partijen, of het juridisch afdwingbaar is dan wel meer een vrijwillig gesprek.

De heer Talhaoui (PvdA): Voorzitter! Ik dank de wethouder voor de beantwoording. Ik vroeg me af

hoe het zit met andere gemeenten. Ik meen te lezen dat zij wel vaste prijsafspraken kunnen maken met deelvervoerders. Kan de wethouder daarop reflecteren?

Mevrouw Van Hooijdonk (wethouder): Dat is mij niet bekend en ik denk dat het wederom afhankelijk is van het arrangement. Wij hebben geen contractuele relatie; Tier heeft bijvoorbeeld een ontheffing van een verbod. Daar hebben we wel iets over de prijzen opgenomen. Toen de prijsverhoging voor

dit jaar werd doorgevoerd, hebben we wel vergeleken met andere gemeenten, maar het liep niet uit de pas. Dat geeft in ieder geval een heel vergelijkbaar beeld.

2. Vragen van de fracties van de PvdD, Volt, Utrecht Solidair, PvdA, ChristenUnie en GroenLinks over Oppassen geblazen voor de bladblazer.

Mevrouw Sasbrink (PvdD): Voorzitter! Gevallen bladeren zijn goed voor de biodiversiteit en voor het bodemleven. De gemeente zou daarom blad zo veel mogelijk laten liggen en alleen op verharding verwijderen om onveilige situaties te voorkomen. De vragenstellende fracties waren daarom ook verbaasd om afgelopen week een melding te ontvangen van de Groengroep 507 uit Lombok. Zij

beheren daar een aantal geveltuinen en boomspiegels, die nota bene zijn aangelegd met subsidie van de gemeente. Vorige week bleken medewerkers van Stadsbedrijven alle blad uit het door hen

aangelegde groen te hebben weggeblazen. Gelukkig weet deze Groengroep de weg en is er na haar verzoek daartoe weer blad teruggestort. Maar zorgwekkend is dat de opzichter van Stadsbedrijven hierbij naar vertegenwoordigers van de Groengroep communiceerde dat de opdracht van

Stadsbedrijven is om alles schoon en bladvrij te maken en dat beheerders de opdracht zouden

hebben om blad te blazen uit alle openbaar groen perken, boomspiegels en openbare geveltuinen, want schoon zou belangrijker zijn dan groen.

Voor het groen in zelfbeheer bij deze Groengroep kon wel een uitzondering worden gemaakt, maar

dit zou natuurlijk geen uitzondering moeten zijn, maar de standaard werkwijze. Daarom hebben wij de volgende vragen.

1. Is het college het met ons eens dat het erg onwenselijk is dat bladblazers bladeren verwijderen uit openbaar groen en überhaupt uit groen?

2. Hoe kan het dat er blijkbaar binnen Stadsbedrijven en bij uitvoerders afwijkende opvattingen bestaan over het Utrechtse beleid ten aanzien van bladeren in openbaar groen?

3. Kan de wethouder toezeggen om ervoor te zorgen dat bij alle medewerkers van Stadsbedrijven maar ook uitvoerders van aannemers en onderaannemers duidelijk gemaakt wordt dat blad in groen niet verwijderd wordt?

4. Hoe gaat het college er bovendien voor zorgen dat dit beleid in de praktijk navolging gaat krijgen, en dat situaties zoals de vorige week in Lombok voortaan worden voorkomen?

Mevrouw Schilderman (wethouder): Voorzitter! Voordat ik op de vragen inga, is het misschien goed

om nog wat te zeggen over de situatie bij het Complex 507. Volgens mij is dat hier op deze plek niet goed gegaan en ik ben blij dat de bewoners dan ook aan de bel hebben getrokken. Naar aanleiding van dat signaal is de opzichter langs geweest om de situatie te bespreken en ervoor te zorgen dat

Vragenuur van 2 februari 2023

4

het blad zoveel mogelijk werd teruggebracht. Het is hiermee ook wel weer duidelijk geworden dat

nog niet voor al onze uitvoerders helder is hoe het beleid in elkaar zit. Dat kan ook zeker beter, wat ons betreft.

In antwoord op de eerste vraag kan ik in ieder geval aangeven dat het college het met de fracties

eens is dat bladeren moeten blijven liggen waar dat kan. Wij verwijderen bladeren uit de openbare ruimte en uit openbaar groen in principe behalve wanneer dat ten koste gaat van de veiligheid, toegankelijkheid of functionaliteit van de openbare ruimte, of wanneer het blad het groen kan

verstikken. Vanuit deze overwegingen blijft het blad dus niet overal liggen, maar het beleid is dat het blad wel zo veel mogelijk blijft liggen waar dat mogelijk is.

Op de tweede vraag kan ik aangeven dat de uitvoering uiteindelijk toch altijd mensenwerk is. Het

gebeurt af en toe toch, bijvoorbeeld wanneer een uitvoerder nieuw is of dat er toch iemand is die niet goed op de hoogte is. Daar moeten we blijvend aandacht voor hebben.

Wat betreft vraag 3 kan ik aangeven dat we voortdurend bezig zijn met het instrueren en opleiden

van onze medewerkers en uitvoerders. We zullen extra aandacht besteden aan dit onderwerp in de komende tijd, maar we merken dat het voor onze uitvoerders soms ook wel complex beleid is. Het beleid vraagt namelijk altijd een inschatting op dat moment of het blad kan wegwaaien en op een later moment alsnog voor overlast of een onveilige situatie kan zorgen. Op basis van deze inschatting wordt het blad al dan niet verwijderd.

In antwoord op vraag 4 kan ik aangeven dat wij er door instructie en opleiding voor zorgen dat het beleid zo goed mogelijk uitgevoerd wordt, maar dat het niet mogelijk is om dit in alle situaties

compleet te voorkomen. Het dagelijks onderhoud van onze stad blijft immers mensenwerk. Dat laat onverlet dat we eigenlijk meer aandacht besteden aan de uitvoering, juist om te spreken met onze medewerkers hierover en dat wij de komende tijd in onze werkwijze daar extra aandacht voor hebben.

Mevrouw Sasbrink (PvdD): Voorzitter! Het is fijn om te horen dat het college hier weer extra aandacht voor gaat vragen, maar het valt ons wel op dat er toch vaak meldingen zijn. In december hadden we vragen over een vergelijkbare situatie in Leidsche Rijn. Zijn er behalve deze casus die dan toevallig bij de raad terechtkomt, meer meldingen over geweest het afgelopen jaar? Kan zij een inschatting geven van hoe vaak dit voorkomt?

Mevrouw Schilderman (wethouder): Voorzitter! Ik denk dat het in dit geval een groep is die u en ons

heel snel heeft gevonden. Op dit moment heb ik geen totaalbeeld van hoe vaak het verder voorkomt. Daarbij geldt wel dat een lastig punt in het beleid is dat niet nergens meer blad wordt weggehaald. Het blijft een inschatting op die plek zelf en volgens ons is dat ook de oorzaak waarom het soms lastig is.

3. Vragen van de fracties van de PvdA, D66, GroenLinks, Student & Starter en VVD over Mentale gezondheid onder studenten.

De heer Stam (PvdA): Voorzitter! Het afgelopen jaar hebben vier mannelijke studenten een einde aan hun leven gemaakt. Het zijn harde, maar ware woorden die de schrijnende situatie omtrent mentale

gezondheid onder studenten en jongeren onderschrijven. Onzekerheid en zorgen over de toekomst, eenzaamheid en prestatiedruk dragen alle bij aan een slechtere mentale gezondheid van jongeren. Zo blijkt ook uit cijfers van onder andere het Utrechts Gezondheidsprofiel. Bestuursleden van

Vragenuur van 2 februari 2023

5

stichting Mind Us, waaronder koningin Máxima en onze burgemeester, gingen vorige week met

Utrechtse jongeren en studenten en onze wethouder Eerenberg in gesprek over mentale gezondheid. Met de volgende vragen willen de partijen vragen stellen over de aanpak van de gemeente van de mentale gezondheid van studenten.

1. Het college heeft aangegeven in 2023 te starten met een campagne over mentale gezondheid

naar aanleiding van vragen over prestatiedruk onder scholieren. Is deze campagne ook gericht op studenten? Wanneer en op welke manier zal deze gelanceerd worden?

2. In bovengenoemd artikel wordt genoemd dat de gemeente een belangrijke rol kan spelen in het coördineren van de verschillende initiatieven op het gebied van mentale gezondheid. Welke rol vervult de gemeente Utrecht nu en ziet het college mogelijkheden om dit nog verder op te pakken, ook naar aanleiding van deze signalen?

3. Welke rol en verantwoordelijkheid ziet de gemeente voor onderwijsinstellingen op het gebied van mentale gezondheid? Op welke wijze werkt de gemeente hier nu in samen met de onderwijsinstellingen?

Mevrouw Van Hooijdonk (wethouder): Voorzitter! Ik vervang op dit punt Eelco Eerenberg, die er

vandaag niet bij kan zijn. De campagne zal inderdaad ook worden gericht op studenten en wordt in

het voorjaar gelanceerd, waarschijnlijk in mei, zodat we daarmee kunnen aansluiten op de week van de mentale gezondheid eind mei en het Faal Festival in Tivoli begin juni. Daar willen we jongeren,

jongvolwassenen zelf, maar ook ouders, scholen en anderen die in dit domein werken, bij betrekken. De gemeente heeft in ieder geval een subsidie herstellen veerkracht jeugd en er zijn twee thema's

waar mentale gezondheid in terugkomt, onder andere passende zorg en ondersteuning voor jeugd

en perspectief voor jongeren en jongvolwassenen en het versterken van hun mentale gezondheid. Er is nog ruimte om aanvragen in te dienen en er zijn in ieder geval al een aantal zaken die groen licht

hebben gekregen, zoals de Wachtverzachter, de Gelukscafés, het Faal Festival en de Weg van de held. Als belangrijke rol voor de gemeente zien we het verbinden van de initiatieven, structuren en

organisaties. In de week van de mentale gezondheid is hier ook een netwerkbijeenkomst om al die krachten zoveel mogelijk te bundelen.

Dan tot slot de rol van onderwijsinstellingen, die natuurlijk heel groot is, evenals alle partners in en om de school heen, dus ook de jeugdgezondheidszorg, het PLU Team, et cetera. Zij zijn hier

dagelijks mee bezig, ook met een goed pedagogisch klimaat. Liefst preventief, uiteraard, maar als

het niet anders kan ook met de JGZ en het buurtteam. Bij veel mbo-instellingen is ook een buurtteam ter plaatse en anders gebeurt het via schoolmaatschappelijke werkers. Wij zijn als stad bezig met het verder agenderen van het thema. Zo wordt in Vleuten een project gestart door scholen zelf om de

prestatiedruk te verminderen. Ook de hogescholen en de universiteit zijn ermee bezig, onder andere om het taboe op te heffen, maar ook om studenten goed door te verwijzen. Last but zeker not least is ook VIDIUS een belangrijke aanjager van het thema. Kortom, er gebeurt een hoop.

De heer Stam (PvdA): Voorzitter! Het festival en de campagne in mei zijn al genoemd, maar in hoeverre worden alle initiatieven inderdaad op dat moment gebundeld tot een grote publiekscampagne dat mensen het moeten melden als zij zich vervelend voelen?

Mevrouw Van Hooijdonk (wethouder): Het is de bedoeling dat we in die periode aandacht voor het thema vragen en gelijk ook de gelegenheid aangrijpen om allerlei initiatieven en organisaties bij elkaar te brengen, dus om ook samen meer te bundelen, focus aan te brengen en kracht te ontwikkelen.

Vragenuur van 2 februari 2023

6

4. Vragen van de fractie van het CDA over Waarom plaatst de gemeente Utrecht geen verkiezingsborden?

Mevrouw Zwinkels (CDA): Voorzitter! Via enkele actieve CDA’ers uit Utrecht kwamen wij erachter dat de gemeente Utrecht voornemens is om dit jaar geen verkiezingsborden te plaatsen voor de

provinciale statenverkiezingen en de waterschapsverkiezingen. Wij hebben het als fractie CDA

Utrecht nog eens geprobeerd na te zoeken, maar we konden geen brief of iets dergelijks vinden waarin het college dit besluit heeft aangekondigd en/of heeft onderbouwd. 1. Waarom plaatst de gemeente Utrecht geen verkiezingsborden?

2. In hoeverre is dit in strijd met de maatschappelijke taak en/of verantwoordelijkheid om een goede aanloop naar de verkiezingen te faciliteren, in het kader van onze democratie?

3. Is het college bereid om alsnog wél verkiezingsborden te plaatsen, zoals dit ook is gebeurd voor de gemeenteraadsverkiezingen in 2022?

Mevrouw Dijksma (burgemeester): Voorzitter! Op 15 maart zijn er inderdaad verkiezingen voor zowel Provinciale Staten als voor twee waterschappen. U moet zich bedenken dat er 20 partijen meedoen

aan de verkiezingen voor Provinciale Staten en voor de twee waterschappen hebben zich 27 partijen

gemeld. Dat zijn er 47. Als je die op een bord plaatst, krijg je een postzegelmodel. Daar moet je met een loep langs om te kijken wie er allemaal op staan. Dat betekent dat wij voor een andere aanpak

kiezen. In sommige steden wordt dat ook gedaan, namelijk dat we de verkiezingen inderdaad onder de aandacht gaan brengen – dat doen we altijd en dat gaan we ook nu weer doen – waarbij we de taak vervullen om mensen alert te maken met een outdoorcampagne die twee weken voor de

verkiezingen van start gaat. In bushokjes, winkelcentra en langs doorgaande wegen roepen wij op om te komen stemmen op 15 maart, met een verwijzing naar de website van de verkiezingen. Dat gaan we ook nog via de socials doen, zoals Facebook, Instagram en Twitter. Wij plaatsen daar

advertenties met informatie over de verkiezingen, links naar de gemeentelijke website en ook het aanvragen van een vervangende stempas. Op de gemeentelijke website is een pagina over de aankomende verkiezingen, waarop we allerlei links naar de websites van de provincie en de

waterschappen zullen plaatsen voor meer specifieke informatie over het orgaan. De bijsluiter die bij de stempas wordt toegevoegd, komt ook met informatie over wie mag stemmen, een link naar de

website met informatie over de toegankelijkheid van stemlocaties, en uiteraard gaat er ook nog een kandidatenlijst naar alle adressen in Utrecht waarop de kandidaten waarop gestemd mag worden allemaal zichtbaar zijn.

Gelet op deze specifieke situatie met zoveel partijen die meedoen, zijn borden in de openbare ruimte eigenlijk geen goede bijdrage. Nogmaals, dan moet je echt op zoek en dan is het nuttiger om het schaarse geld dat we hebben te besteden aan iets waar de raad eerder op heeft aangedrongen, namelijk het bevorderen van de opkomst. Dat doen we dus ook.

De heer Dekkers (GroenLinks): Voorzitter! Is de burgemeester niet bang voor een averechts effect

van het niet plaatsen van die borden? Partijen willen zich uiten en het zou wel eens kunnen zijn dat ze dan wild gaan plakken in de openbare ruimte.

Mevrouw Dijksma (burgemeester): Ik wil toch zeggen dat partijen hier allemaal het goede voorbeeld moeten geven. De raad is ook het orgaan dat samen met mij burgers er altijd toe oproept dat men

Vragenuur van 2 februari 2023

7

zich aan regels moet houden. Het zou toch gek zijn als de raad zichzelf daarbij als uitzondering zou beschouwen.

De voorzitter: Ik denk dat we ons dat allemaal in de oren moeten knopen. Mevrouw Sasbrink (PvdD): Voorzitter! We snappen dat de burgemeester zegt dat borden voor de

provincie en meerdere waterschappen ingewikkeld is, omdat het dan onleesbaar wordt. De vaste

reclameplaatsen zijn echter veel minder opvallend dan juist de borden die er alleen in verkiezingstijd staan. Deelt de burgemeester dat en kan zij daarom toezeggen om misschien alleen de

verkiezingsborden voor Provinciale Staten te plaatsen, om zo wel die zichtbaarheid te vergroten? Mevrouw Dijksma (burgemeester): Het is echt te kort dag om nu nog een alternatief voor deze

verkiezingen in te richten. Daarvoor moeten we bestellingen doen, waarbij het om grote bedragen gaat. We hebben gemeend dat we het bedrag dat we beschikbaar hebben zo effectief mogelijk

moeten inzetten. Het is ook wel lastig om dan voor een van de twee verkiezingen wel aandacht te

vragen en voor de andere niet. Nu hebben we een bijzondere situatie, maar bij raadsverkiezingen zal dit issue van zo veel partijen niet spelen; dat mag ik althans hopen. Dan heb je ook veel meer

mogelijkheden met vaste borden die we dan voorbedrukken. Dit is niet iets wat we elke keer zo doen, laat ik dat in ieder geval wel zeggen.

De heer Koning (D66): Voorzitter! Dank aan de indieners van deze vragen, want het is goed dat we het er nu even over hebben. Ik dank ook de burgemeester voor de lijn hoe wij hiermee moeten

omgaan, namelijk dat wij ons richten op de bevordering van de opkomst. Het is echter wel jammer

dat we het er in de raad niet over hebben kunnen hebben. Wij hebben op dit punt de proactiviteit van het college naar de raad gemist: als er veel partijen meedoen, gaan we het op deze manier inrichten en als het er minder zijn, kunnen we het wel doen op de manier van de raadsverkiezingen. Wil de

burgemeester ervoor zorgen dat de raad in het vervolg tijdig in staat wordt gesteld hier iets van te vinden?

Mevrouw Dijksma (burgemeester): Zeker! En dan mag de raad met mij samen de puzzel leggen. Dat lijkt mij prima. We zijn geen uitzondering dat we het in deze situatie op deze manier doen, maar ik ben zeer bereid om daar tijdig over te communiceren bij volgende verkiezingen, zodat de raad kan meekijken naar wat verstandig is, wellicht met plaatjes.

De heer Usta (DENK): Voorzitter! Wij zijn benieuwd naar wat het college anders gaat doen dan vorig jaar om de opkomst te bevorderen, met name in de wijken waar die het laagst is.

Mevrouw Dijksma (burgemeester): Voorzitter! Dat is een terechte vraag. Eerder hebben wij in onze brief naar aanleiding van de verkiezingen daarop al geantwoord. Uiteindelijk blijkt uit de meeste

onderzoeken dat de nabijheid en toegankelijkheid van de stembureaus het allerbelangrijkst is om zo veel mogelijk opkomst te creëren. Dus hebben we de schaarse middelen die we hebben elke keer

weer het liefst gestoken in zo veel mogelijk stembureaus. Ook blijkt uit al die onderzoeken dat die

borden helemaal niet zo'n groot effect hebben. Maar goed, dat is voor een ander debat, hoewel het wel goed is om dat in het achterhoofd te hebben.

Dit is het feest van de democratie. Dat betekent naar mijn mening ook dat politieke partijen bij

uitstek aan opkomstbevordering moeten doen. Dat is een onderdeel van de democratie. Wij doen er

Vragenuur van 2 februari 2023

8

alles aan binnen onze kanalen om het inderdaad voor elkaar te krijgen, maar het helpt echt als we dit als een gezamenlijke opdracht zien om het voor elkaar te krijgen. We doen altijd al alles wat laagdrempelig is om mensen te vertellen dat er verkiezingen zijn.

Mevrouw Zwinkels (CDA): Voorzitter! Ik sluit mij aan bij de opmerking van D66 dat wij graag hierover het gesprek hadden willen aangaan. Nu is er voor ons gekozen. Is het toch niet mogelijk om nog

meer plakplaatsen mogelijk te maken in de stad, dan wel om in bepaalde wijken de ene partij en in

andere wijken wellicht de andere partij mogelijk te maken? Het persoonlijke karakter van de foto's op de borden is ook van waarde. Dat missen we bij deze verkiezingen en zeker bij de verkiezingen voor Provinciale Staten en waterschappen, waar de opkomst de afgelopen jaren ook niet denderend was, is dat zo heel nodig.

Mevrouw Dijksma (burgemeester): Het probleem was voor ons puur praktisch, omdat die foto's

onherkenbaar zouden worden vanwege de veelheid van de partijen die erop moet. U mag van de

overheid niet vragen dat zij dan weer de ene partij aandacht geeft en dan weer eens de andere. Het is allemaal, of niet. Er zijn geen menukaarten mogelijk. Dat was het dilemma en dus denk ik dat het op deze manier moet. Als mensen inderdaad hun foto's overal willen hebben, heeft elke partij – hoop ik – daar in wisselende mate ook een eigen budget voor om daaraan een en ander te doen. En vrije

media genereren door het stellen van slimme mondelinge vragen is natuurlijk ook een goede optie. Dat geef ik maar even als tip mee.

5. Vragen van de fracties van D66 en de PvdA over Cultuurbudget voor mbo-studenten in Utrecht. De heer Van Vliet (D66): Voorzitter! Afgelopen maandag 30 januari kwam het bericht naar buiten dat staatssecretaris Gunay Uslu € 1 miljoen cultuurbudget beschikbaar heeft gemaakt voor mbo-

studenten. Dit betreft een pilot voor de periode van twee jaar en de pilot wordt gemonitord en

geëvalueerd. De vragenstellers vinden dit natuurlijk goed nieuws, omdat we hiermee ook cultuur laagdrempelig bereikbaar maken voor mbo-studenten. Wij gaan ervan uit dat het college dit ook

goed nieuws vindt. Om ervoor te zorgen dat in Utrecht hier het maximale uit wordt gehaald, hebben wij de volgende vragen.

1. Is het college bereid om duidelijk te communiceren naar mbo-scholen over de mogelijkheden van de mbo-cultuurkaart? En zo ja, hoe gaat het college dit doen?

2. Is het college bereid om samen met alle mbo-scholen te monitoren in hoeverre er gebruik wordt gemaakt van de cultuurkaart? En daarover de raad ruim voor het einde van deze landelijke pilot hierover te informeren?

In het eerdergenoemde bericht staat dat sommige mbo-scholen en sommige gemeenten het bedrag wat op de cultuurkaart komt te staan, zouden verdubbelen.

3. Kan de gemeente bij Utrechtse mbo-scholen inventariseren om te kijken of zij in staat zijn om dit bedrag ook te verdubbelen of te verhogen, zonder dat dit ten koste gaat van de andere opgaven waar mbo-scholen voor staan?

4. Als niet alle mbo-scholen in de gemeente het bedrag kunnen verhogen, wat zijn dan de financiële mogelijkheden om als gemeente een steentje bij te dragen, zonder dat dit ten koste gaat van andere gemeentelijke (culturele) opgaven?

De heer De Vries (wethouder): Voorzitter! Uiteraard is het college hier ook erg enthousiast over. Ik zal direct beginnen met de beantwoording van de vragen.

Vragenuur van 2 februari 2023

9

De eerste vraag is of het college bereid is om duidelijk te communiceren naar mbo-scholen over de mogelijkheden van de mbo-cultuurkaart. Natuurlijk zijn we daartoe bereid. Vanuit het mbo

uitvoeringsplan Sterk Utrechts mbo hebben we intensief contact met elkaar en via dit netwerk zal ik

ook met de vier mbo-instellingen in gesprek gaan en hen ook stimuleren om mee te doen aan deze pilot. Ik weet nu in ieder geval al dat het Grafisch Lyceum zich heeft aangemeld.

Het antwoord op vraag 2 is dat ik graag met de mbo-instellingen bespreek hoe we dat vervolgens kunnen monitoren en in hoeverre er gebruik wordt gemaakt van de cultuurkaart. Ik zal de raad

daarover in de Onderwijskwartaalbrief rapporteren. Mijn voorstel is om dat in Q2 2024 te doen. Dat is dan ook ruim voor het aflopen van de pilot.

In antwoord op vraag 3 meld ik dat ik bij de mbo-instellingen zal inventariseren of zij zelf het

bedrag per student zullen verdubbelen. Na bestudering van deze regeling zien we ook dat die pilot

ervan uitgaat dat mbo-instellingen die inleg verdubbelen. Het gaat dan om € 10,50 per student. Wil of kan de mbo-instelling dat bedrag niet zelf inleggen, dan zal er € 5,25 per student beschikbaar zijn vanuit OC&W. Dit bedrag is dan alleen door de student zelf aan individuele activiteiten uit te geven.

En dan als laatste mijn antwoord op de vierde vraag. Op dit moment heeft de gemeente zelf geen

middelen beschikbaar om hieraan bij te dragen, zonder dat dit natuurlijk ten koste gaat van andere culturele opgaven of onderwijs. Wel zullen we de mbo-instellingen wijzen op andere financiële

mogelijkheden, mocht dit niet mogelijk zijn om de cultuurparticipatie op het mbo te vergroten, bijvoorbeeld het Fonds voor cultuurparticipatie en ook Fonds 21.

6. Vragen van de fractie van het CDA over Mosterd na de maaltijd. De heer Van Steeg (CDA): Voorzitter! Op 30 januari kregen kinderen uit groep 8 een brief om hen te informeren over de mogelijkheid om een open dag te bezoeken van de middelbare school. Deze

dagen vormen een belangrijk onderdeel voor ouders en kinderen om een oordeel te vormen over de volgende stap in het aanbod van middelbare scholen in Utrecht. Het is goed dat de gemeente dat

doet en dat ouders en kinderen worden geïnformeerd over deze mogelijkheden. De brief werd echter gestuurd nadat de meeste open dagen al hadden plaatsgevonden. Het CDA vindt dat teleurstellend en heeft de volgende vragen.

1. Hoe kan het dat de brief over de open dagen pas eind januari is gestuurd, terwijl deze voor afgelopen herfst was bedoeld?

2. Deelt het college de mening dat een dergelijke brief bedoeld is voor kinderen die open dagen juist minder vaak bezoeken en daardoor nu een minder goede keuze kunnen maken?

3. Zal het college met de scholen in gesprek gaan om een inschatting te maken van de gevolgen en

het initiatief nemen om kinderen die dit nu gemist hebben, de mogelijkheid te bieden om zich op een ander moment te laten informeren?

Mevrouw Van Hooijdonk (wethouder): Voorzitter! Ook deze vragen mag ik namens mijn collega

Eerenberg beantwoorden. Sowieso dank voor de vragen. Mijn collega was er ook op Twitter al op

gewezen dat dit gebeurd is en hij heeft daar ook gezegd dat hij "mega" baalde. Hij vindt het in ieder geval heel vervelend dat dit gebeurd is, want natuurlijk had deze brief veel eerder verstuurd moeten worden. Dat het niet gebeurd is, heeft ook alles te maken met een heel krappe personele bezetting en wat calamiteiten. Daarna is het mis gegaan en dat is uitermate vervelend.

Gelukkig is de brief een plus op de informatievoorziening die met name via de basisscholen loopt.

Eigenlijk is dat ontstaan in Coronatijd toen het lastig was om naar fysieke open dagen te gaan. Toen

Vragenuur van 2 februari 2023

10

heeft de gemeente het initiatief genomen om ouders en kinderen er nog eens extra op te wijzen om zich goed te oriënteren, maar gelukkig loopt die informatievoorziening dus ook via de scholen. Wij begrijpen van de scholen voor voortgezet onderwijs dat zij inderdaad dit jaar weer fysieke open

dagen hebben georganiseerd en dat die heel goed zijn bezocht. Gelukkig hebben heel veel mensen de weg naar die oriëntatie gevonden.

De heer Van Steeg (CDA): Voorzitter! Het is erg jammer en natuurlijk zijn er veel manieren om je te laten informeren, maar toch hebben we de afgelopen jaren gezien dat sommige groepen wel naar

deze open dagen gaan en juist de andere groepen niet, terwijl je die juist wil bereiken via dit soort communicatie. Mijn vraag was ook of de wethouder bereid is om misschien in gesprek met de

scholen te kijken of juist die groep alsnog wordt geïnformeerd? Misschien zijn er creatieve manieren om iets extra's te doen om juist die groepen te bereiken.

Mevrouw Van Hooijdonk (wethouder): Het was in ieder geval heel creatief om een brief wat later te

versturen. Het heeft misschien de PR-waarde ervan wel verhoogd. Maar zonder gekheid, dit is ook de achtergrond van deze brief. Nogmaals, het is echt heel vervelend dat de timing niet ideaal was. Maar we blijven ons hier natuurlijk wel voor inzetten om alle kinderen maar zeker ook de kinderen die het nodig hebben goede keuzes te laten maken.

De voorzitter: Dank u wel. Daarmee zijn we aan het einde gekomen van het vragenuur van vandaag. Ik wens u allemaal een heel fijne avond.

De voorzitter sluit daarop, te 17.37 uur, het vragenuur.

Vragenuur van 2 februari 2023

11

Lijst van toezeggingen, gedaan tijdens het vragenuur van 2 februari 2023.

Vragen van de fracties van D66 en de PvdA over Cultuurbudget voor mbo-studenten in Utrecht. Wethouder De Vries •

zal in de de Onderwijskwartaalbrief in Q2 2024 de raad schriftelijk informeren over de

monitoring van het beschikbare cultuurbudget voor Mbo-studenten in relatie tot het gebruik maken van de cultuurkaart.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=5aa7fb26-4a4b-4158-8a30-e3b43c43f6e7