CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

20221215 vragenuur.doc

Gemeenteraad 2 februari 2023, gemeente UtrechtBij agendapunt: Notulen Vragenuur 8 december, 15 december en 22 december 202210.167 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

2022 NOTULEN VRAGENUUR Vragenuur – 15 december 2022

Vragenuur, gehouden op donderdag 15 december 2022 te 17.00 uur. Voorzitter: mevrouw Passier. Aanwezig zijn de leden: Assen, Hessel, Meerding, Oudejans, De Pagter, Peters, Raaijmakers,

Sasbrink, Şimşek, Van Steeg en Van der Wilt.

Voorts zijn aanwezig de commissieleden: Nederhand, Stevens en Usta. Namens het college zijn aanwezig: burgemeester Dijksma en de wethouders Eerenberg, Van

Hooijdonk, Schilderman, Voortman en De Vries. Griffier: de heer Corten.

Opening van het vragenuur. De VOORZITTER: Dames en heren! Goedemiddag iedereen, hartelijk welkom bij misschien het

op één na laatste vragenuur van dit jaar. Wij willen graag snel beginnen. Er staan elf vragen op het programma. Ik vraag iedereen om de vragen kort te stellen.

Volgende week is er een korte raadsagenda. Gezien het feit dat er vandaag elf vragen op de

agenda van het vragenuur staan, heeft het dagelijks bestuur van het presidium besloten dat er

ruimte is voor een extra vragenuur. Mocht vandaag een vraag niet aan bod komen, kan dat volgende week alsnog gebeuren.

Van wethouder Van Hooijdonk heb ik het bericht gekregen dat zij in verband met een

naturalisatieceremonie uiterlijk om 17.30 uur moet vertrekken. Ik stel derhalve voor de vragen 6 en 9, die zij zou beantwoorden, als eerste te behandelen. Ik constateer dat de aanwezigen daarmee akkoord gaan.

De vragen 7 en 8 zijn sterk aan elkaar gerelateerd. Ik vraag of de stellers beide vragen meteen

na elkaar willen stellen. Dan heeft de wethouder zes minuten de tijd om ze te beantwoorden. Daarna hebben de vragenstellers allebei nog de gelegenheid om een laatste vraag te stellen. Ik constateer dat men hiermee akkoord gaat.

Wij beginnen derhalve met vraag 6.

6. Vragen van de fracties van CDA, D66, PvdA, PvdD, VVD en Volt inzake slechte energielabels.

Vragenuur van 15 december 2022 De heer PETERS (D66): Voorzitter! Circa 15.000 woningen in Utrecht hebben volgens een

onlangs verschenen publicatie van Natuur en Milieu een laag energielabel, namelijk E, F of G.

Daarmee staat Utrecht in de top tien van Nederland. Dat is overigens geen mooie top tien. In tijden van klimaatcrises waarin volop op energie en CO2 moet worden bespaard, is een mooie top tien ondenkbaar.

Het college heeft inzake duurzaamheid grote ambities. Daarom is het belangrijk dat wij extra

aandacht besteden aan de vraag hoe wij de daarbij achterblijvende woningen kunnen steunen op

weg naar een mooi groen energielabel. De fracties van D66, PvdA, PvdD, VVD, Volt en CDA stellen daarom de volgende vragen.

1. Deelt het college onze mening dat 15.000 woningen met een slecht energielabel er 15.000 te veel zijn?

2. Uit het onderzoek blijk dat bijna de helft van het totale aantal woningen in Nederland niet over een energielabel beschikt. In Utrecht is dat 46%. Wat kan de wethouder, naast de bestaande

inspanningen, doen om uiterlijk voor 2025 te zorgen dat voor alle Utrechtse woningen inzichtelijk is hoe duurzaam die is?

3. De minister voor Klimaat en Energie heeft tijdens de begrotingsbehandeling van EZK aangegeven dat er zoveel geld in het nationaal isolatieprogramma zit, dat hij zorgen heeft of hij het wel

allemaal weggezet krijgt, ook gezien de krapte op de arbeidsmarkt. Welke plannen gaat het college in 2023 indienen bij het Rijk om in aanmerking te komen voor de middelen uit het

nationaal isolatieprogramma? Is het college bereid om met aanvullende claims te komen op dit

fonds, door bijvoorbeeld de doelgroep van energieboxen en fixteams (evt. in lichtere vorm) uit te breiden? Zo nee, waarom niet?

4. Is het college bereid om samen met de G4-gemeenten een onderzoek te initiëren naar de

belemmeringen die worden ervaren bij financiering en (landelijke) wet- en regelgeving om huizen te verduurzamen en daarmee naar een beter energielabel te krijgen? Zo nee, waarom niet?

Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen. Er wordt weleens

gezegd dat de energietransitie sowieso geen eitje is, maar de besparingskant van al die woningen van afzonderlijke eigenaren is een van de lastigste aspecten. Wij willen niet in het lijstje staan van gemeenten die veel slecht geïsoleerde woningen hebben. Dat is overigens wel iets anders dan het

hebben van energielabels. Het zijn in veel gevallen automatisch gegenereerde labels die op basis van de leeftijd van woningen zijn opgesteld die dikwijls niet zijn geactualiseerd. Dan ligt het voor de

hand dat een grotere en oudere stad in het geval van automatisch gegenereerde labels vaak meer slechte labels heeft.

Wij willen van de slechte isolatie af. Wij proberen vooral zoveel mogelijk energieadviezen aan

de man te brengen. Dat vinden wij belangrijker dan labels. Adviezen bieden handelingsperspectieven en een juister beeld. Ook kunnen er actualisaties in worden opgenomen. Dat biedt mensen een soort handleiding voor het verbeteren van het huis. Daar zetten wij vooral op in.

Wij zijn met het Rijk in gesprek om te proberen alles minder vrijblijvend te laten worden.

Inzake het nationale isolatieprogramma hebben wij de lobby van de VNG gesteund om er een

schepje bovenop te doen. Er is nu € 300 miljoen beschikbaar. Daar zullen wij een plan voor maken, overigens niet voor fixteams en dergelijke, maar voor echte isolatiemaatregelen. Wij willen daar zo ver mogelijk mee aan de gang. Tot nog toe zien ook wij dat er een tekort aan arbeidskrachten is,

maar in onze inkooptrajecten is dat nog geen bottleneck gebleken. Wij proberen al het geld dat er is weg te zetten en er mensen mee te helpen.

2

Vragenuur van 15 december 2022 De heer Peters sprak over belemmeringen. Waar een en ander vooral door stokt, is dat

mensen een aanleiding nodig hebben om aan de slag te gaan. Ook hebben zij vaak last van

handelingsverlegenheid. Zij weten niet waar zij moeten beginnen. Zij kunnen door de bomen het bos niet meer zien vanwege de regelingen en weten niet wat zij in hun huis allemaal moeten doen. Dat

zijn onze grootste uitdagingen. Als wij van het Nationaal Isolatie Programma meer middelen kunnen krijgen, dan zullen wij proberen om de mensen meer te steunen en om ze meer actief te benaderen. Daarmee hebben wij tot nog toe goede ervaringen. Als dat in goede aarde valt, kunnen wij meters maken.

De heer PETERS (D66): Voorzitter! Ik ben benieuwd welke extra claims worden gelegd. Er zijn

ook mogelijkheden die volgens de huidige wet- en regelgeving nog niet mogen. Als men

bijvoorbeeld een huis koopt van meer dan € 600.000 met een laag energielabel, dan zou men

verplicht moeten zijn om een aantal maatregelen door te voeren. Het zou heel mooi zijn als daar een onderzoek naar zou worden gedaan.

Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Dat is exact het gesprek dat wij voeren,

namelijk of de overheid iets kan vragen als mensen toch al een hypotheek aanvragen en als zij toch

al in de troep zitten, bijvoorbeeld inzake het doorvoeren van isolatiemaatregelen. Gisteren was ik bij een blokje van vijf huizen in Overvecht, koopwoningen. Wij hebben daar een adviseur aangeboden die de mensen door de offertes en de subsidies heen loodst en ze adviseert met betrekking tot

maatregelen. Dan zie je dat ze alle vijf oversteken en de eindstreep halen, maar dit laat ook zien hoe intensief het is. Wij moeten dit op een veel grotere schaal gaan doen.

9. Vragen van de heer De Pagter (VVD) inzake petitie tegen invoeren betaald parkeren in de hele stad.

De heer DE PAGTER (VVD): Voorzitter! De coalitie van GroenLinks, D66, PvdA, ChristenUnie en

Student & Starter is van plan in de hele gemeente betaald parkeren in te voeren, van Haarzuilens tot Lunetten en van De Meern tot Overvecht. Het college zei dat de inspraak rond het plan zich beperkt tot de manier waarop betaald parkeren in de hele gemeente wordt ingevoerd en niet óf betaald parkeren wordt ingevoerd.

In iets meer dan één week tijd heeft een petitie met de titel “Voorkom volledig betaald

parkeren in Utrecht” ruim 19.000 handtekeningen opgehaald. De link naar de petitie wordt in veel bewonersgroepen gedeeld. Het plan om in de hele gemeente betaald parkeren in te voeren leeft duidelijk onder de inwoners van Utrecht.

Ook de VVD-fractie wil geen betaald parkeren in de gehele gemeente en steunt daarom de

oproep van de genoemde petitie. De VVD-fractie heeft daarover de volgende vragen. 1.

Hoe reageert het college op het feit dat deze petitie in korte tijd zoveel handtekeningen heeft

2.

Vormt de petitie aanleiding om de inspraak rond het plan te herzien en om wél ruimte te laten

3.

opgehaald?

voor de mogelijkheid om in bepaalde wijken géén betaald parkeren in te voeren? Zo nee, waarom niet? Hoeveel handtekeningen zijn nodig om de mening van het college te veranderen?

Welke inschatting maakt het college zelf van het draagvlak voor invoering van betaald parkeren in buurten en wijken zoals Zuilen, Lunetten, Overvecht, Vleuten-De Meern en Leidsche Rijn?

3

Vragenuur van 15 december 2022 Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen. Wij hebben de raad

een brief gestuurd waarin staat dat wij denken en begrijpen dat niet iedereen enthousiast wordt over deze maatregel. Dat ligt voor de hand. In de oude methodiek was er sprake van Verelendung. De wal keerde het schip. De mensen zaten in de ellende en dan kwamen wij langs met onze

draagvlakmeting. Ik heb daar vaak negatieve reacties op gehoord, met de vraag of wij niet wat meer anticiperend en proactief konden werken. Dat zit er nu in de voorgenomen aanpak meer in.

Bovendien heeft de raad een mobiliteitsplan vastgesteld waarbij het parkeerbeleid een van de vijf

belangrijke draaiknoppen is om ook op de bereikbaarheid van de stad te sturen. Er steekt dus een plan achter. Inzake het parkeerbeleid hebben wij onderzoek gedaan waar de mensen de ruimte in

hun straat het liefst aan besteden. Toen zagen wij dat er veel draagvlak voor en behoefte aan meer groen en meer bomen is en meer fietsenstallingen is. Dus ook de herordening van de ruimte is

belangrijk. Dat zijn allemaal achterliggende redenen om dit te doen. Wij vinden dat gezien de ruime publieke belangen belangrijk.

Het blijft een belasting. Het is niet gebruikelijk om daarover in referenda uitspraken over te

doen. Wij gaan graag met mensen in gesprek over de vraag hoe wij dit allemaal zacht kunnen laten

landen, maar de principiële keuze is voor wat het college betreft - de raad is uiteraard de baas - niet in het geding.

Ook in wijken die de VVD-fractie in vraag 3 noemt, verwachten wij dat wij daar zowel voor-

als tegenstanders zullen aantreffen. Daar zal zeker niet iedereen blij mee zijn. Het goede nieuws is misschien dat het niet morgen is gedaan. Het is een langjarig traject. Zeker in sommige wijken zal het nog even duren voordat wij daar op dit punt langskomen.

Mevrouw HESSEL (Utrecht Solidair): Voorzitter! Er bereiken ons berichten dat veel mensen -

onderwijzers - die nu werken in Overvecht, Kanaleneiland en Hoograven zullen stoppen. Ook mantelzorgers en andere verzorgers zeggen dat. Hoe staat het college daar tegenover?

Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Gelukkig is Utrecht de meest bereikbare

stad van Nederland, juist ook zonder auto's. Door middel van het OV kunnen binnen drie kwartier 7,5 miljoen mensen in het centrum van de stad staan. Het is een heel fietsbare stad. Grotere

afstanden zijn steeds gemakkelijker met elektrische fietsen te overbruggen. Ik denk echt dat er voor veel mensen alternatieven zijn. Het ligt voor de hand dat wij beginnen in uitbreidingen van het

bestaande gebied en dat wij pas later ook in andere gebieden komen. Eén van de gesprekken die wij

dan met elkaar voeren, gaat over wat de alternatieven zijn, dus ook de alternatieven voor de groepen die de Utrecht Solidair-fractie noemt.

De heer VAN STEEG (CDA): Voorzitter! Ook bij sport- en andere verenigingen klinkt de roep

om maatwerk toe te passen. Die mogelijkheid is er al. Zal dat ook in het nieuwe beleid het geval zijn? Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Dat zou kunnen. Wij praten over een

voorstel dat er nog niet is. Er komt ook een inspraakronde over. Het is niet digitaal; er liggen meer

uitdagingen in het verschiet over voorzieningen, ook sportvoorzieningen. Wij zullen daarover moeten nadenken. De mensen mogen erop reageren.

De heer DE PAGTER (VVD): Voorzitter! Waar moeten de tegenstanders van deze plannen op

hopen? De val van het college? Nieuwe verkiezingen? Een referendum? Kan de wethouder daar iets over zeggen?

4

Vragenuur van 15 december 2022

Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Ik kan de mensen niet vertellen waarop zij

moeten hopen. Bovenal draait de wereld door en de zon gloort aan de horizon. Ik denk dat voor de meeste mensen alles zal meevallen.

1. Vragen van mevrouw Sasbrink (PvdD) inzake Mag het licht uit bij Portaal? Mevrouw SASBRINK (PvdD): Voorzitter! In april 2022 stelde de PvdD-fractie schriftelijke vragen

over lichtvervuiling door Mitros, die bij een renovatie (tuin)verlichting had aangebracht die bewoners niet zelf konden uitzetten, met alle lichtvervuiling, overlast voor wilde dieren en energiekosten van dien. Wij kregen onlangs een melding van huurders van Portaal die precies hetzelfde verhaal

vertelden. Zij kwamen zelf bij Portaal en de gemeente niet verder, daarom stelt de PvdD-fractie wederom vragen. 1.

Het college beloofde na onze schriftelijke vragen dat ze in de reguliere gesprekken met

woningbouwcorporaties die zou “attenderen op overlast door lichtvervuiling bij buitenverlichting en mogelijkheden om energie te besparen”. Wij zijn een half jaar verder, dus er hebben

ongetwijfeld gesprekken plaatsgevonden. Wat waren de reacties van de corporaties? Wat is het 2.

vervolg?

Portaal liet de bewoners weten dat de buitenverlichting vereist zou zijn in verband met het Politiekeurmerk Veilig Wonen (PKVW). Het PKVW stelt echter nergens dat deze

voordeurverlichting permanent moet branden. Bovendien stelt de handleiding van dit keurmerk dat verlichting bij de voordeur niet nodig is als "een openbare verlichtingsarmatuur binnen 7,5

meter aanwezig is", wat in de Bloemenbuurt het geval is. Klopt het dat de openbare verlichting in de Geraniumstraat hieraan voldoet en dat er voor het PKVW dus geen permanent brandende 3.

buitenverlichting nodig is?

Wij kregen een melding over bijna 500 woningen van Portaal in de Bloemenbuurt. Kan het

college toezeggen om - los van de reguliere gesprekken - over deze casus Portaal te verzoeken lichtsensoren of lichtknoppen te installeren en om de verlichting naar boven voldoende af te

4.

schermen?

Op foto’s is te zien dat ook de openbare verlichting naar boven uitstraalt. Is het college bereid om deze armaturen zo spoedig mogelijk aan de bovenkant af te schermen of om ze te vervangen?

De heer DE VRIES (wethouder): Voorzitter! Het antwoord op vraag 1. In het brede perspectief

van diervriendelijk bouwen, groen en energie besparen, spreken wij ook met de

woningbouwcorporaties. Een gesprek over overlast door lichtvervuiling bij buitenverlichting heeft

helaas nog niet plaatsgevonden. Wij hebben in het afgelopen jaar met de corporaties wél veel overleg gevoerd over onze ambities en prioriteiten. Hierdoor is dit specifieke punt nog niet aan bod

gekomen. Ik wil uiteraard wel toezeggen om dit begin volgend jaar bij het eerstvolgende overleg op de pakken en om de PvdD-fractie daar een terugkoppeling over te geven.

Het antwoord op vraag 2. De corporatie en het politiekeurmerk "Veilig wonen"-bedrijven zijn

het aanspreekpunt inzake de certificering van de beveiligingsmaatregelen van de woning. De certificaten van de Geraniumstraat zijn na een collectieve renovatie individueel vergeven. De

keurmerkbedrijven werken vanuit de handleiding 2020 Bestaande bouw van het Centrum voor

criminaliteitspreventie en veiligheid. Een van de vereisten die in de handleiding zijn opgenomen,

behelst de verlichting bij de buitendeuren. Er bestaat inderdaad een afstandsmarge voor algemene

5

Vragenuur van 15 december 2022 verlichting van 7,5 m. Hierbij zijn ook specifieke omgevingsfactoren belangrijk. Voor de situatie in de Geraniumstraat stellen wij voor om samen met Portaal, de bewoners en dit specifieke

keurmerkbedrijf te bekijken welk verlichtingsniveau binnen de normering aanpasbaar is aan de wensen van de bewoners. Hierbij kan ook een verlichtingsexpert van de gemeente Utrecht aansluiten.

Door op locaties te inspecteren kunnen wij aan de hand van de praktijk vaststellen wat dit

betekent voor de lichtsterkte, de wattages en of alternatieven mogelijk zijn.

Het antwoord op vraag 3. Het gesprek over lichtvervuiling bij de buitenverlichting wordt aan

het begin van volgend jaar gevoerd. De Bloemenbuurt kan daarbij als voorbeeld dienen.

Op welke manier de corporaties de lichtvervuiling aanpakken, is onderwerp van gesprek. Het

zou ook op een andere manier kunnen, bijvoorbeeld door het gebruik van minder felle lampen. Wij komen daar uiteraard op terug.

Het antwoord op vraag 4. Het is een beetje lastig om op basis van één foto een oordeel te

vellen over deze specifieke situatie. De foto kan een vertekend beeld geven. De armatuur op de foto lijkt op een armatuur met een kap die groter is dan de lichtdoorlatende bol eronder. Het is bij zo'n

armatuur vrijwel onmogelijk dat de lichtuitstraling naar boven plaatsvindt. Ook in de Bloemenbuurt wordt deze standaard woonwijkverlichting toegepast. De armatuur komt overeen met de meest gebruikte typen in Utrecht. Wij zullen op de locatie gaan kijken.

Mevrouw SASBRINK (PvdD): Voorzitter! Het is fijn dat de gemeente op de door ons genoemde

plek wil gaan kijken. Ik zie uit naar de terugkoppeling. Vindt de wethouder het niet een beetje vreemd dat in het geval van voordeurverlichting de bewoners van de bewuste woning niet zelf kunnen bepalen of 's nachts het licht aan of uit gaat?

De heer DE VRIES (wethouder): Voorzitter! Ik ben niet goed genoeg op de hoogte van de wet-

en regelgeving inzake dit specifieke certificaat. Gezegd is dat dit afhankelijk is van de situatie. Ik wil

daar zeker op terugkomen, maar dan moeten wij eerst even samen doorgronden waarom deze keuze in eerste instantie is gemaakt.

2. Vragen van de heer Stam (PvdA), mevrouw Vermeulen (GroenLinks), mevrouw Van der Wilt (D66),

mevrouw Al-Saqaff (VVD) en mevrouw Snippe (PvdD) inzake Grensoverschrijdende uitspraken bij Jaarclub Bandolero.

Mevrouw ASSEN (PvdA): Voorzitter! Ik vind de eerste zin ongemakkelijk om uit te spreken.

Daarom laat ik die weg. De bedoelde grensoverschrijdende en vrouwonvriendelijke teksten zijn

afkomstig van Jaarclub Bandolero van studentenverenging Veritas. De berichten zijn een reactie op

de noodzakelijke cultuurverandering die bij veel studentenverenigingen is ingezet om te zorgen voor een sociaal veilige studentenwereld voor iedereen. Iets waar ook Veritas, o.a. met het ondertekenen van een intentieverklaring om de sociale veiligheid te verbeteren, hard mee bezig is. Het moge

duidelijk zijn dat Jaarclub Bandolero de cultuurverandering niet nodig acht. Hetgeen in niet mis te verstane termen en met afschuwelijke homofobe en vrouwonvriendelijke bewoordingen valt op te

maken uit de berichten. Wij zijn als fracties blij te lezen dat Veritas in een reactie afstand neemt van deze Jaarclub die onder hun bestuur hangt. Desalniettemin hebben wij ook vragen over de verdere consequenties hiervan voor deze Jaarclub en haar leden. Wij zijn ons er als fracties van bewust dat

het handelen van zulke verenigingen niet onder de directe verantwoordelijkheid valt van het college. Toch vinden wij dit grensoverschrijdende gedrag dermate schadelijk en onacceptabel dat wij van

6

Vragenuur van 15 december 2022 mening zijn dat actie nodig is. Ook zijn wij benieuwd hoe de gemeente hier in bredere zin een rol

kan spelen bij het stimuleren van de broodnodige cultuurverandering binnen de studentenwereld om Utrecht een mooie en veilige studentenstad voor iedereen te laten zijn. 1.

2. 3. 4.

Is de wethouder het met ons eens dat deze uitingen dermate grensoverschrijdend zijn dat deze consequenties zouden moeten hebben voor de betreffende jaarclub en haar leden? Zo ja, is de wethouder bereid hierover in gesprek te gaan met Veritas?

Heeft het college recentelijk ook andere signalen van grensoverschrijdend gedrag of uitingen in de studentenwereld ontvangen?

Welke rol kan het college spelen in het stimuleren van een cultuurverandering binnen de studentenwereld in Utrecht en welke stappen kunnen hierin gezet worden?

Cultuurverandering vraagt inzet van alle partijen, van onderwijsinstellingen tot verenigingen en

de gemeente. Ondanks de goede intenties is nu gebleken dat een manifest daarin niet voldoende is. Kan de wethouder in gesprek gaan met alle betrokken partijen over hoe deze

cultuurverandering versneld kan worden en welke consequenties er verbonden kunnen worden aan bepaald grensoverschrijdend gedrag?

De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Als wethouder Onderwijs, maar zeker ook mede

namens burgemeester Dijksma, die helaas is verhinderd, kunnen wij zeggen het volkomen te begrijpen dat mevrouw Assen de eerste zin niet wenste uit te spreken. Die was afkomstig uit smakeloze berichten.

Wij - de gemeente Utrecht - maar ook onze partners in het onderwijs zetten ons in voor een

cultuur waarin iedereen zich veilig voelt en waar dit soort berichten tot het verleden behoren. Wij

hebben zowel gisteren als eergisteren met Veritas contact gehad. Er is een aantal stappen gezet. Er is een interne rechtsprocedure gestart. Dat staat ook in de statuten, het huishoudelijke reglement.

Dat betekent dat Veritas heeft besloten om de betrokkenen lopende deze interne rechtsprocedure te schorsen totdat er een uitspraak is gedaan. Dat betekent dat zij zijn uitgesloten van deelname aan

activiteiten en dat hen de toegang tot het pand is ontzegd. Men zegt ook dat door deze maatregelen het binnen de vereniging duidelijk is dat er een grens is overschreden en dat dit niet wordt getolereerd.

Ten tweede heeft Veritas ons gezegd dat ze het incident wil gebruiken om binnen de

vereniging weer breed in gesprek te gaan over de vraag "Wat vinden wij nu normaal met elkaar?". Veritas heeft ons ook gezegd dat ze ook met de aan hen gelieerde belanghebbenden -

jaarclubs, allerlei disputen en subverenigingen - het gesprek willen voeren over een veilige sfeer en over het voorkómen van grensoverschrijdend gedrag.

Het antwoord op vraag 2. Wij hebben op dit moment geen andere concrete signalen, maar wij

beseffen dat als het college de signalen niet heeft, dat niet betekent dat hetzelfde niet ook op andere plekken aan de hand is. Dat betekent dat wij dus dit gesprek constant moeten voeren en dat wij constant de grens moeten bepalen en markeren.

Het antwoord op vraag 3 is tweeërlei. Met studentenorganisaties, de universiteit, hogescholen

en Vidius zijn contacten gelegd over de cultuurverandering. Over structureel overleg heeft men van

het college een brief ontvangen, net als over handelingsverlegenheid. Studentenverenigingen worden workshops aangeboden. Wij voeren ook gesprekken met horecaondernemers, personeel en beveiligers om als het gebeurt dat te herkennen en te kunnen ingrijpen.

De raad heeft de uitnodiging ontvangen: volgende week woensdag is er een bijeenkomst met

als thema "grensoverschrijdend gedrag niet in onze stad", waar ook Mariëtte Hamer zal komen om met ons het gesprek te voeren over hoe wij dat hier in Utrecht doen en hoe wij dat beter kunnen

7

Vragenuur van 15 december 2022 doen. Ook namens de burgemeester vraag ik aandacht voor het actieplan straatintimidatie, waarbij ook veel aandacht is voor dit thema en er allerlei acties zijn gericht op het voorkomen van wangedrag.

Cultuurverandering vraagt zeker een inzet van alle partijen, maar vraagt ook tijd. Frequent

overleg, frequent de grens bepalen, normeren en ervoor zorgen dat de cultuurverandering daar

plaatsvindt waar die moet plaatsvinden - namelijk binnen verenigingen - en dat men zelf het nieuwe normaal accepteert.

Mevrouw OUDEJANS (Student & Starter): Voorzitter! Ik heb een klein punt van orde. Wij hebben

gezegd ook onder deze mondelinge vragen te willen staan. De VOORZITTER: Dames en heren! Waarvan akte.

Mevrouw ASSEN (PvdA): Voorzitter! Daar waar de verantwoordelijkheid ligt, ligt ze. In het

gesprek kan er nadruk op worden gelegd dat statuten stevig genoeg moeten zijn. Is de wethouder het daarmee eens?

De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Jazeker, daarom zei ik ook dat wij met

studentenverenigingen spreken. Wij steunen studenten, wij bieden workshops aan, er is een

convenant getekend, een deel van het convenant bestaat uit de vraag wat er intern moet worden

geregeld om dat te doen. De portee van mijn vierde antwoord is dat men een cultuurverandering niet kan bestellen, want die moet men doorleven en organiseren. Dat moet binnen de vereniging plaatsvinden, maar wij helpen ze daarbij. Wij stimuleren ze. Ik heb eergisteren bij de rector

magnificus aandacht gevraagd voor de wijze waarop de universiteit dat doet. Ook de universiteit

heeft met Veritas een gesprek gevoerd. Wij doen het aan alle kanten, maar de cultuurverandering vindt plaats waar die plaats moet vinden.

3. Vragen van mevrouw Meerding (VVD), de heer Maas (Volt) en mevrouw Zwinkels (CDA) inzake Wijkbericht Valetonlaan.

Mevrouw MEERDING (VVD): Voorzitter! Op vrijdag 2 december 2022 hebben de bewoners van

de Valetonlaan een wijkbericht ontvangen met als titel 'Onderzoek draagvlak omdraaien rijrichting Valetonlaan'. Het wijkbericht lijkt een uitwerking te zijn van de motie M04/2022 die het college

oproept om een objectief en breed gedragen draagvlakonderzoek te doen naar een oplossing van het eventueel omdraaien van de rijrichting van de Valetonlaan. Het wijkplatform was echter nog in gesprek met de gemeente over de nu al aangekondigde draagvlakmeting en voelt zich niet

betrokken bij de verzending van het wijkbericht. Daarnaast wordt in het wijkbericht aan de bewoners slechts één mogelijk plan voorgelegd, waar bewoners voor of tegen kunnen stemmen. In het plan

staat dat als er gekozen wordt om de rijrichting op de Valetonlaan om te draaien, er ook twee andere noodzakelijke aanpassingen moeten worden doorgevoerd. Dit terwijl het wijkplatform zelf een ander plan heeft uitgewerkt. Dit brengt de fracties van VVD, Volt en CDA de tot de volgende vragen. 1.

Herkent het college het signaal van het wijkplatform dat het niet op de hoogte was van het

2.

Waarom is er in de draagvlakmeting maar één plan voorgelegd? Waarom is dat niet het plan dat

wijkbericht? Welke verklaring heeft het college hiervoor? de wijkbewoners voorstellen?

8

Vragenuur van 15 december 2022 3.

Zijn er nog andere mogelijke opties om de rijrichting van de Valetonlaan om te draaien, zoals bijvoorbeeld het plan dat de bewoners voorstellen? Zo niet, wat zijn dan de bezwaren?

De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Het antwoord op vraag 1. Dat is niet goed

gegaan. Dat hadden wij moeten doen. Dat was ook het idee, maar dat is in de praktijk misgegaan. Ik wil mij daar niet achter verschuilen, maar dat was fout. Wij hebben onze excuses aan het

wijkplatform aangeboden. Wij hadden dat beter moeten doen. Het heeft elkaar gekruist. Dat is een slechte zaak.

Het antwoord op vraag 2. Klopt. Het draagvlakonderzoek was in eerste instantie gericht op de

oproep van de raad bij motie om te onderzoeken of deze wijziging van de rijrichting goed is. Doe

ook een draagvlakmeting in de buurt die enige objectiviteit met zich meebrengt, zodat ook wij weten dat er in de buurt heel verschillend over wordt gedacht. Naar aanleiding van het wijkbericht -

waarvan wij kunnen begrijpen dat die bij sommige buurtbewoners weerstand oproept - hebben wij

gesprekken gevoerd. Wij hebben een nieuw alternatief bedacht, samen met het wijkplatform. Wij zijn dat nu aan het uitwerken. Voor wat ons betreft - zo zien de gesprekken er nu uit - is het nieuwe

alternatief voldoende zodat het zowel tegemoetkomt aan de wens van het wijkplatform als aan de motie die is ingediend. Dat punt zijn wij nog aan het uitwerken. In januari a.s. of in februari a.s.

kunnen wij de raad dat laten zien. Ik zeg toe dat de raad er een raadsbrief over ontvangt, uiterlijk in februari a.s. Dan zullen wij opnieuw een wijkbericht versturen en zullen opnieuw uitleggen hoe de

procedure loopt. Als het goed is, heeft de raad van de voorzitter van het wijkplatform dit ontvangen samen met de appreciatie van het wijkplatform. Voor zover ik weet, zijn zij na de excuses blij met deze aanpassing van de procedure en het nieuwe alternatief.

Het antwoord op vraag 3. Het omdraaien van de rijrichting is dus de oplossing die de raad het

college heeft gevraagd om te bekijken of dat lukt. Doe daar een onderzoek naar. Als het kruispunt

bij de Wevelaan aan de orde is en er wordt tegemoetgekomen aan de wensen uit het buurtplan - in januari of februari a.s. zal ik de raad een brief sturen over het nieuwe alternatief waarover het mijn

inschatting is dat alle partijen op dat punt tevreden kunnen stellen, maar dat wij dan nog wel breed in de buurt moeten bekijken wat de mensen ervan vinden. Dat de meningen verschillen over de rijrichting, mag duidelijk zijn.

Mevrouw MEERDING (VVD): Voorzitter! Dank voor de beantwoording. Ik heb van het

wijkplatform vernomen dat er wat kritiek was op onder wie de draagvlakmeting is uitgezet, de

adressen waarheen dit is verstuurd, want dat zou volgens het wijkplatform toch wel erg beperkt zijn. Ik ben benieuwd hoe de wethouder daarover denkt.

De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Daarover zijn wij met het wijkplatform in

gesprek. Er is nog geen draagvlakmeting geweest. Er is een wijkbericht geweest om een

draagvlakmeting aan te kondigen. Als gevolg van het gesprek dat wij nu voeren, zal dat opnieuw

worden gedaan. Wij hebben dat eigenlijk uitgesteld met een aangepast alternatief. Wij zullen met het wijkplatform overleggen welke wijkbewoners wij voor de draagvlakmeting uitnodigen. Voor het

college is leidend de opdracht van de raad waarin is gezegd dat ervoor moet worden gezorgd dat het

onderzoek voldoende objectief is om de beslissing te kunnen nemen. Dat is wel een randvoorwaarde. 4. Vragen van mevrouw Passier (Volt), mevrouw De Vries (PvdD) en mevrouw Stylianou (D66) inzake het Stimuleren van Vergroening.

9

Vragenuur van 15 december 2022 Mevrouw NEDERHAND (Volt): Voorzitter! Er zijn allerlei studies die laten zien dat mensen die

leven in een groene omgeving minder vaak ziek zijn en zich prettiger voelen. Dus hoe meer groen om ons heen, hoe beter. Ook omdat wij veel groen nodig hebben voor een leefbare en toekomst­ bestendige stad voor mens én dier.

De stadsnatuur krijgt het de laatste jaren steeds moeilijker. Plant- en diersoorten verdwijnen,

en de temperatuur stijgt. Met elke steen die wij vervangen door groen helpen wij met elkaar de stad te koelen, de biodiversiteit te vergroten, de lucht te zuiveren en wateroverlast te voorkomen. Bovendien helpen wij dieren als vogels, vlinders, wilde bijen en egels zo aan een plek om te schuilen, broeden en eten.

In Utrecht doen we al veel om vergroening te stimuleren. Maar een succesvolle groene gevel

valt of staat met de juiste klimplanten op de juiste plek. De gemeente Amsterdam heeft om die reden een klimplantengids ontwikkeld met daarin alle informatie die mensen op weg helpt aan een groene gevel. Buurtnatuur030 verwijst hiernaar via hun website, maar die is moeilijk te vinden. 1.

2.

De fracties van Volt, PvdD en D66 stellen de volgende vragen.

Wat vindt het college van een dergelijke klimplantengids waarmee het voor mensen inzichtelijk is gemaakt welke planten geschikt zijn voor (verticaal) groen met daarbij informatie over de ecologische waarde ervan?

Deelt het college de mening van de vragenindieners dat het een goed idee is de informatie over de ecologische waarde van groen en aanbevelingen voor kansrijke inheemse soorten toe te

voegen aan de website van Buurtnatuur030? a. Wil de wethouder in gesprek met Buurtnatuur030 3.

4.

om deze informatie aan hun website toe te voegen?

Wat kan Utrecht meer doen om beschikbare informatie te bundelen en aan te bieden aan mensen die willen vergroenen? Parijs heeft bijvoorbeeld een Huis van Vergroening2 en een Handvest Vergroening Openbare Ruimte3.

In Europees verband hebben verschillende steden een maatstaf voor vergroening ontwikkeld, Green Factor genoemd4. Wat vindt het college van een dergelijke maatstaf en hoe staat het ertegenover om dit ook in Utrecht toe te passen?

Mevrouw VOORTMAN (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen. Wij staan positief

tegenover een klimplantengids. Die kan de burgers inspireren en geeft ze handelingsperspectief.

Vooral in versteende wijken zoals de binnenstad zijn er qua vergroening minder mogelijkheden. Dan zijn klimplanten de uitgelezen kans om te vergroenen en om de biodiversiteit te verhogen.

Mevrouw Nederhand vraagt ook of ik het een goed idee vind om de informatie toe te voegen

aan de website van Buurtnatuur 030. Ja, ik deel die mening. Wij zullen de suggestie meegeven aan Buurtnatuur 030.

Of ik in gesprek wil gaan om de informatie aan de website toe te voegen. Wij zijn daar al mee

bezig, omdat wij zelf inderdaad ook al zagen dat de klimplantengids in Amsterdam goed werd ontvangen en wij daarin ook een kans zien om Utrecht met dit middel te vergroenen.

De vraag wat wij nog meer kunnen doen om informatie te bundelen en aan te bieden aan

mensen die willen vergroenen. Naast de bestaande informatie op onze eigen website over

geveltuinen, boomspiegels en zelfbeheer, kunnen wij meer informatie aanbieden over vergroening op en rond het huis voor inwoners van Utrecht.

Utrecht Natuurlijk besteedt aan een aantal onderwerpen al uitgebreid aandacht, zoals aan

geveltuinen. Er is daarover ook een mooie flyer. Wij kunnen dat uitbreiden met informatie over

klimplanten, dakgroen, bomen, inbouwkasten, groene tuininrichting en vijvertjes. Het platform

10

Vragenuur van 15 december 2022 Buurtnatuur 030 is onder andere opgezet voor het bundelen van kennis en informatie over

vergroening. Een brief aan de gemeenteraad over de oprichting van het platform staat op internet. Het antwoord op vraag 4. Deze vraag gaat over het Europees verband. Wij zijn voorstander

van een puntensysteem waarmee wij partijen bij ontwikkelingen stimuleren om zoveel mogelijk

groen aan de plannen toe te voegen. Wij willen echter geen wildgroei aan allerlei verschillende lokale puntensystemen, omdat dit nou juist voor ontwikkelaars verwarrend is. Daarom willen wij aansluiten bij landelijke op internationale puntensystemen zoals GPR Gebouw, BREEAM en sinds kort het

convenant Duurzame Woningbouw. Wij willen dus geen specifiek puntensysteem voor Utrecht. In

afwachting van de aanpassingen aan deze landelijke en internationale puntensystemen nemen wij ook al sinds 2018 verplichtingen tot diervriendelijk bouwen en groen op in onze tenders en wij

leveren ook inhoudelijke ondersteuning bij landelijke en internationale puntensystemen zodat die beter gaan werken voor vergroening en lokale biodiversiteit.

Mevrouw NEDERHAND (Volt): Voorzitter! Dank u wel, voorzitter! De informatie die wordt

gegeven is al gelinkt aan de site, maar is er nog niet heel duidelijk in aanwezig. Zou die een iets prominentere plek kunnen krijgen?

Mevrouw VOORTMAN (wethouder): Voorzitter! Ik bekijk welk antwoord op welke vraag dat is.

Ik ben zeker bereid om wat wij op onze site hebben staan op een meer prominente plek kan komen, maar dat punt kunnen wij beter buiten de vergadering bekijken. Wij komen daar vast uit.

5. Vragen van de heer Şimşek (DENK) inzake Ook Halve Maan verandert langzaam in een vuilnisbelt. De heer ŞIMŞEK (DENK): Voorzitter! Helaas constateert mijn fractie dat onze stad de afgelopen

jaren steeds vaker te kampen heeft met vuilnisproblemen. Het is opvallend dat dit verschijnsel zich niet alleen voordoet in de binnenstad, maar dat het ook vaak tot uiting komt in buurten waar veel

sociale huurwoningen zijn. Dit probleem is al eerder onder de aandacht van de raad gebracht. Het lijkt erop dat het stadsbestuur te weinig rekening heeft gehouden met de capaciteit van de ondergrondse vuilcontainers.

Nu hebben ook de bewoners van de Halve Maan aan de bel getrokken. Zij hebben ons verteld

dat sinds de nieuwe woningen klaar zijn de ondergrondse afvalcontainers steeds sneller vol raken. De buurtbewoners kunnen met hun afval nergens heen. Zij zeggen dat het naar andere

ondergrondse containers in de buurt brengen van hun afval geen optie is, omdat ook die overvol zijn.

Veel mensen laten derhalve het afval naast de ondergrondse containers liggen, met alle

gevolgen van dien. Vooral in het weekend zijn de problemen ernstig, uitgerekend in de periode dat veel mensen de buurt bezoeken. 1. 2.

3.

Is de wethouder bekend met de toenemende problemen met vuilnis in de Halve Maan?

In hoeverre is rekening gehouden met de komst van nieuwe bewoners in de buurt en de extra

hoeveelheid afval die hierdoor ontstaat? Wat is er gedaan om de extra hoeveelheid afval goed te kunnen verwerken?

Zou het vaker ophalen van afval of het toevoegen van ondergrondse vuilniscontainers in de buurt een positief effect op het probleem kunnen hebben? Zo ja, is de wethouder bereid om daar werk van te maken?

11

Vragenuur van 15 december 2022 Mevrouw SCHILDERMAN (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen. Het antwoord op

vraag 1. Naar aanleiding van deze vragen zijn wij hiervan op de hoogte gekomen. Op straat hadden wij dit al geconstateerd, maar wij hebben ook moeten constateren dat er geen meldingen waren ingekomen. Deze vragen zijn echter aanleiding genoeg om er verder mee aan de slag te gaan. Het antwoord op vraag 2. De ondergrondse containers zijn uitgerust met sensoren die

aangeven hoe vol de containers zijn. Op basis daarvan en een voorspelling van de vulsnelheid worden containers opgenomen in de planning van de inzamelrondes.

Wij legen de containers ongeveer om de vijf á zes dagen. De inschatting is dat de containers

na zeven dagen vol zijn. Wij hebben geconstateerd dat de containers soms enkele dagen eerder vol zijn dan wij eerder dachten. Dat komt omdat specifiek op deze plek vaak in één keer grote

hoeveelheden afval worden gestort. Dat gebeurt vooral in het weekend. De vulgraad stijgt daarmee

heel hard. Op vrijdag wordt de planning gemaakt voor de volgende week. Als in het weekend al afval is gestort, blijken de containers 's maandags soms alweer helemaal vol te zijn.

Het antwoord op vraag 3. Aan de hand van deze constateringen hebben wij het systeem

aangepast. De containers worden op vaste dagen geleegd, op dinsdag en op zaterdag. Wij hopen op deze manier de problemen die zijn ontstaan op te lossen. Aangezien december altijd een drukke maand is, zullen wij eind januari deze ingreep evalueren. Indien nodig zullen wij de werkwijze bijstellen.

De heer ŞIMŞEK (DENK): Voorzitter! Omdat december een feestelijke maand is, kunnen de

containers nog voller worden. Misschien is het beter om de situatie eerder te evalueren.

Mevrouw SCHILDERMAN (wethouder): Voorzitter! Ik heb gezegd dat het ons juist niet

verstandig lijkt om dan al te evalueren. De kerstperiode is niet representatief voor wat er in de rest van het jaar gebeurt. Wij zetten de maatregelen wel in. Wij komen op sommige dagen extra langs. Wij zullen de situatie pas evalueren als er een gewone maand is. Dat zal januari worden.

De VOORZITTER: Dames en heren! Wij combineren de vragen 7 en 8. Eerst mag mevrouw

Hessel haar vragen stellen en daarna zal mevrouw Raaijmakers haar vragen stellen.

7. Vragen van mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) en de heer Sungur (DENK) inzake Wachttijd HH 14 maanden.

Mevrouw HESSEL (SP): Voorzitter! Vóór de zomer was de wachtlijst voor HH al 6 maanden.

Inmiddels is deze opgelopen tot 14 á 16 maanden. Utrechtse inwoners die niet zelf hulp kunnen inhuren, zijn totaal aan hun lot overgelaten.

De aanbieders kunnen niet leveren door personeelstekort. In de werving wordt hier helaas niet

op ingespeeld. Een greep uit de vacatureteksten: werkzaamheden van 1 tot 24 uur, salaris € 11.86 bruto per uur. Op zaterdag van 10 tot 17 uur inwerken in eigen tijd. De aanbieders werken met onderaannemers, dus er is ruimte om de salarissen en/of arbeidsvoorwaarden te verhogen. 1.

Hoe wil het college voorkomen dat kwetsbare inwoners vervuilen?

3.

Kunnen er meer partijen worden gecontracteerd?

2. 4.

Zijn er afspraken over terugbetaling budget, nu er niet kan worden geleverd? Erkent het college, dat hiermee de tweedeling wordt vergroot in de maatschappij?

12

Vragenuur van 15 december 2022 8. Vragen van Mevrouw Raaijmakers (PvdA), mevrouw Stylianou (D66), mevrouw Ramaker (VVD), de heer Gaillard (Stadsbelang Utrecht), de heer Van Steeg (CDA), de heer Bosch (PVV), mevrouw

Duitscher (EenUtrecht), mevrouw Kendir (Student & Starter), mevrouw Hornsveld (GroenLinks), de heer Maas (Volt), mevrouw Alblas (ChristenUnie) inzake Lange wachtlijst huishoudelijke hulp. Mevrouw RAAIJMAKERS (PvdA): Voorzitter! Dit jaar is er veel veranderd in de hulp bij het

huishouden in Utrecht en helaas merken cliënten daar veel van. De wachtlijst rijst de pan uit, cliënten verliezen soms hun vaste gezicht en soms komen cliënten tijdelijk zonder hulp te zitten. Op de website van de gemeente staat: “Als u recht hebt op hulp bij het huishouden, hoort u binnen 6

weken hulp te krijgen.” De praktijk is ver verwijderd van deze situatie. Ons bereiken zorgwekkende berichten dat de wachtlijst voor hulp bij het huishouden is opgelopen tot 14-16 maanden. Dat is meer dan een verdubbeling ten opzichte van de wachtlijst na de zomer. 1. 2. 3. 4.

Dit brengt de fracties tot het stellen van de volgende vragen.

Hoe kan het dat de wachtlijst in zo’n korte tijd enorm is opgelopen?

Wat gaat het college hier op korte termijn aan doen? Worden medewerkers en de cliëntenraad goed betrokken bij mogelijke oplossingen?

Hoeveel cliënten die op de wachtlijst staan hadden voorheen een vaste hulp maar hebben die verloren door de transitie? Krijgen zij voorrang op de wachtlijst?

De noodzaak om te prioriteren op de wachtlijst is nu nog hoger. Wordt er al geprioriteerd op basis van inkomen zoals eerder in de commissie is gevraagd?

Om de wachtlijsten weg te werken bestaat bij medewerkers van huishoudelijke hulp de vrees

dat lagere indicaties worden afgegeven. Daar maken de fracties zich grote zorgen over. 5.

Deelt het college met ons dat het onwenselijk is dat lagere indicaties worden afgegeven om de wachtlijst weg te werken en wil het de zorgen daarover kenbaar maken bij de aanbieders?

Mevrouw VOORTMAN (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen. Ook ikzelf zag van de

week dit bericht voorbijkomen. Ik deel de zorgen van de vragenstellende raadsleden. Ik heb voor januari a.s. sowieso een brief toegezegd over de stand van zaken.

Mevrouw Hessel vraagt hoe wij voorkomen dat kwetsbare inwoners vervuilen. Wij werken er

samen met de aanbieders aan om de wachttijd zo snel mogelijk te verkorten. In aanvulling daarop geven wij inwoners voorrang waar sprake is van spoedsituaties. Zo krijgen de huishoudens waar

risico's zijn van vervuiling voorrang op de wachtlijst en ook besteedt het buurtteam aandacht aan mogelijkheden binnen het eigen netwerk waar dat mogelijk is.

Over afspraken over de terugbetaling van het budget. Op dit moment krijgen aanbieders

alleen betaald voor de uren die zij leveren. Zij krijgen niet betaald voor zorg die zij niet leveren.

Vanaf 1 januari a.s. zullen wij werken met een vastgesteld budget bij aanbieders - dat is het vierkant - en het budget dat zij krijgen moet aan zorg worden uitgegeven. Als dat niet lukt, dan moet dat

worden ingezet voor innovaties in de zorg, denk aan een robotstofzuiger, óf het geld moet worden terugbetaald. Het is dus niet zo dat de aanbieders het geld dan mogen houden.

Het antwoord op vraag 3. Er kunnen niet meer partijen worden gecontracteerd. Er is een

aanbesteding met de huidige partijen, maar dat zou ook niets oplossen, want personeel vinden is een probleem, niet alleen in Utrecht.

Gevraagd is of de tweedeling wordt vergroot. Ja, door de invoering van het abonnementstarief

is de vraag naar hulp in het huishouden gestegen. Het gevolg daarvan is deze langere wachttijd. Dat

heeft geleid tot een tweedeling, want de één kan uitwijken naar de particuliere markt, maar de ander niet. Wel is het zo dat er ook op de private markt momenteel een groot tekort aan hulp in de

13

Vragenuur van 15 december 2022 huishouding is en dat de markt dus voor iedereen lastiger is geworden, ook voor mensen met een hoger inkomen.

Mevrouw Raaijmakers heeft een aantal vragen gesteld mede namens andere fracties. Zij wil

weten hoe het kan dat de wachtlijst zo is opgelopen. Wij herkennen niet dat de wachtlijst is

opgelopen. De gemiddelde wachttijd is na de zomer wel iets opgelopen, waarvan 16 maanden

wachttijd inderdaad uitschieters zijn, maar dat komt met name doordat er wijken zijn waar de vraag groot blijft en het aantal hulpen dat er kan en wil werken minder is. Ik heb in de

commissievergadering bijvoorbeeld Vleuten-De Meern genoemd. De totale wachtlijst is lager dan in september. In januari a.s. kom ik in een brief met de precieze stand van zaken.

Wat ik er op korte termijn aan ga doen. Laat ik daar duidelijk over zijn. Er is gewoon geen

snelle, pijnloze oplossing om dat te realiseren. In januari a.s. zal ik de opties voor rigoureuze

maatregelen, zoals het meewegen van een inkomen, met alle voor- en nadelen, met de raad delen. Sowieso zetten wij nu al in op het optimaliseren van planningen nu de transitie is afgerond en alle

hulpen in hun eigen wijk aan de slag kunnen. Daarnaast wordt er voortdurend ingezet op werving, ook in samenwerking met ons eigen werkgeverservicepunt. Bestaande medewerkers zijn al

verscheidene keren gevraagd om meer uren te werken, als zij dat willen. Wij zijn hierover in nauw

overleg met de aanbieders. Ik heb gisteren nog met hen overlegd. Ook de signalen betreffende de

vacatureteksten die mevrouw Hessel zojuist aangaf, zoals het inwerken op zaterdag, zullen wij zeker hierbij betrekken.

Wij hebben ook frequent overleg met de cliëntenraad over signalen die zij ontvangen, en met

medewerkers wordt in werkoverleggen en in OR-verband gesproken over mogelijke oplossingen. Wij willen dus echt alle mogelijkheden bekijken. Ik heb gezegd dat er wat mij betreft geen sprake kan

zijn van taboes. Alles moet ter tafel komen om vervolgens te bekijken wat wij zullen doen. Dat vergt echter wel een goede afweging. Maar wat ik net al zei: er is geen snelle pijnloze oplossing.

Het antwoord op vraag 3, hoeveel cliënten eerst een vaste hulp hadden, maar die door de

transitie hebben verloren. Alle cliënten die in zorg waren bij een latende partij en daar een vaste hulp hadden, hebben in het afgelopen jaar voorrang gekregen op de wachtlijst. Zoals staat in de

raadsmemo van 8 juli jl. hebben al deze cliënten inmiddels een plekje gevonden bij een van de gegunde aanbieders.

Het antwoord op vraag 4. De noodzaak om te prioriteiten te stellen is nu nog hoog; gebeurt

dat al op basis van inkomen? Nee, dat gebeurt nog niet, ik ga niet over één nacht ijs wat dat betreft. Zoals ik al eerder heb toegezegd, ook in de richting van mevrouw Raaijmakers, ontvangt de raad de mogelijkheden daarvoor in januari.

Of ik het er mee eens ben dat het onwenselijk dat de lagere indicaties worden afgegeven om

de wachtlijst weg te werken? Ja, daarmee ben ik het eens. Indicaties worden gebaseerd op wat nodig is en niet op de wachtlijst die er is. Dat is ook onderwerp van gesprek met aanbieders. Wat wij wél doen, is doorlopend bekijken of indicaties die al zijn afgegeven nog steeds passen bij de huidige situatie van de cliënt. Er kunnen natuurlijk situaties veranderd zijn. Dan vindt er een herindicatie

plaats. Dan kan het zijn dat een ander aantal uren wordt vastgesteld. Dat kan zowel lager als hoger zijn.

Mevrouw VAN DER WILT (D66): Voorzitter! Ik heb begrepen dat men niet actief wordt

geïnformeerd over waar men dan precies op de wachtlijst staat, als men er eenmaal op staat. Zijn

daar nog kansen om wat aan de communicatie te doen als men bijvoorbeeld in de uitschieter van 16 maanden zit?

14

Vragenuur van 15 december 2022 Mevrouw VOORTMAN (wethouder): Voorzitter! Ik weet niet of men dat zo simpel kan stellen en

of men bij aanvang al kan zeggen hoe lang de wachttijd zal zijn. Dat hangt ook af van wat men in de tussentijd kan doen. Als men veel mensen kan werven, of als veel mensen extra uren werven, dan gaat het natuurlijk sneller. Stel dat wij tegen iemand zouden zeggen dat die zoveel maanden

wachttijd heeft en dat is vervolgens niet zo, dan kan dat ook een nieuwe teleurstelling opleveren. Ik weet niet of dat een goed idee is.

Mevrouw HESSEL (Utrecht Solidair): Voorzitter! Kan de wethouder iets doen aan de enorm

beroerde arbeidsomstandigheden, zoals het minimumloon en flexcontracten? Op deze manier krijgt men zeker geen personeel.

Mevrouw VOORTMAN (wethouder): Voorzitter! Het minimumloon en arbeidsvoorwaarden zijn

dingen die ook in de cao staan. Het is bekend dat wij ook lobbyen voor een hoger minimumloon. Dat doen wij zeker wel. Ik vond bijvoorbeeld uw voorbeeld over het inwerken op zaterdag en dan in de

eigen tijd gewoon raar. Ik krijg graag straks, buiten de vergadering om, eventjes dat voorbeeld. Dat lijkt mij inderdaad niet stimulerend. Dat zijn dingen die ik met de aanbieders wil bespreken.

Mevrouw RAAIJMAKERS (PvdA): Voorzitter! Ik heb heel veel vragen, maar ik wacht nieuwsgierig

eerst de brief af die in januari komt. In aanvulling op wat mevrouw Hessel zei over de scenario's die worden uitgewerkt, en ook beluisterend wat er is gezegd over vierkantfinanciering, de extra kosten en de zorginnovatie, zou ik graag zien dat er ook een scenario wordt uitgewerkt waaruit duidelijk wordt wat het zou betekenen als wij toch het minimumloon voor deze mensen verhogen, of

anderszins tegemoetkomen aan betere arbeidsvoorwaarden. Dat zou ook een scenario moeten zijn. Het gaat niet alleen om het scenario van meer uren werken.

Mevrouw VOORTMAN (wethouder): Voorzitter! Dat wil ik wel doen, maar ik zei al dat er geen

pijnloze oplossingen zijn. Dit is er ook een waar een flink prijskaartje aan zal hangen. Ik ben dan ook heel erg benieuwd hoe u vindt dat dit betaald moet worden. Het is natuurlijk zo dat elke keuze die wordt gemaakt ook weer ergens anders landt.

De VOORZITTER: Dames en heren! Hiermee zijn wij gekomen aan het einde van de

beantwoording van deze vraag. Het is heel mooi om er eens over na te denken.

10. Vragen van mevrouw Oudejans (Student & Starter), de heer Zwanenberg (GroenLinks), de heer

Stam (PvdA), de heer Bakker (D66) en de heer Bosch (PVV) inzake “Studenten toch nog wel in de kou”.

Mevrouw OUDEJANS (Student & Starter): Voorzitter! Tijdens het vragenuur op

24 november vroegen wij aandacht voor de studenten die in Casa Confetti in de kou zitten. De

verwarming deed het toen al een week niet. Op dit moment zitten de studenten al 21 dagen in de kou. De vervangende kacheltjes mochten maar op 50% van de totale kracht werken omdat het

systeem de stroomvraag niet aan kon, maar ondanks deze maatregel sloeg de elektriciteit vaak door, met als gevolg dat de studenten niet alleen in de vrieskou zaten, maar zij hadden hierdoor tijdelijk ook geen licht en geen internet meer. Zitten in het donker met vijf lagen kleding en dikke handschoenen aan, dat kan niet.

15

Vragenuur van 15 december 2022 De SSH zegt bezig te zijn met de reparatie, maar dat stelt veel studenten niet gerust, omdat

ze al wekenlang loze beloftes te horen krijgen. De reparatie houdt in dat alle buizen op de hoogste verwarmingstand worden doorgespoeld. Hierdoor wordt in het gebouw het enorm warm.

De kans is groot dat tijdens de reparatie weer andere problemen aan het licht komen. Ook

daarover bestaat onduidelijkheid terwijl een oplossing écht nodig is. De studenten maken zich ook

zorgen over hun gezondheid vanwege de temperatuurwisselingen van vrieskou naar enorme warmte. De fracties van Student & Starter, GroenLinks, PvdA, D66 en PVV stellen daarom de volgende

vragen. 1. 2. 3.

4.

Is de wethouder op de hoogte van de huidige stand van zaken bij Casa Confetti.

Begin december is er een gesprek geweest tussen de wethouder en de SSH. Wat is er besproken met de SSH over de verwarming in Casa Confetti?

Is de wethouder bereid om bij de SSH aan te dringen op een snelle oplossing en om blijvend in gesprek te gaan totdat deze oplossing is gerealiseerd, zodat studenten niet wéér in deze kou hoeven te leven?

Is de wethouder bereid om een gesprek te voeren met SSH over passende (financiële) compensatie voor deze studenten?

De heer DE VRIES (wethouder): Voorzitter! Wij hebben hier al eerder over gesproken. Ik wil

nogmaals benadrukken dat ik het voor de bewoners echt ontzettend vervelend vind. Zij hebben hier ontzettend veel last van. Warm water en verwarming zijn in deze koude dagen zeker een vereiste. Donderdag 24 november jl. heb ik van de situatie kennisgenomen en heb ik daarover

mondelinge vragen beantwoord. Op vrijdag 2 december jl. heb ik SSH gesproken. SSH zegt uiteraard

de situatie te betreuren. Ik durf te zeggen dat dit ook voor SSH een hoofdpijndossier is. SSH zegt dat de situatie een onfortuinlijke samenloop van omstandigheden is, waarbij SSH zo goed mogelijk probeert te acteren. SSH is haar uiterste best aan het doen om zo snel mogelijk een nieuwe

warmtewisselaar te plaatsen. Dat is een structurele oplossing. De warmtewisselaar is besteld, maar heeft helaas een levertijd van een aantal weken. Ondertussen heeft de installateur een tijdelijke,

kleinere warmtewisselaar geplaatst. SSH zegt ook dat er na de eerste melding over het uitvallen van de tijdelijke warmtewisselaar sprake bleek te zijn van een aanzienlijke vervolgschade aan het

systeem. Dat betekent dat een deel van de studenten tijdelijk gebruik heeft moeten maken van een elektrische kachel. Per wooneenheid moesten de leidingen worden schoongespoeld. Na het schoonspoelen heeft de betreffende bewoner weer warmte. Het aantal bewoners dat nog is aangewezen op de noodoplossing van de elektrische kachel is de afgelopen weken snel teruggelopen. Het zou nu nog gaan om een handvol bewoners.

Het antwoord op vraag 2. Ik heb al iets gezegd over het gesprek dat is gevoerd tussen SSH en

mijzelf. Ik heb in dit gesprek mijn zorgen met SSH gedeeld ten aanzien van de studenten die in de

kou moeten zitten. Ik heb ook gevraagd naar oplossingen voor op de korte termijn, maar zeker ook deze structurele oplossing. In dat gesprek heeft SSH gezegd dat ze de situatie betreurde en dat ze

toewerkt naar een oplossing. Het is verder goed om te weten dat er binnenkort een technische sessie wordt georganiseerd met de STUW-corporaties, juist ook omdat wij in deze sessie het gesprek met de corporaties direct kunnen aangaan.

Het antwoord op vraag 3. Onder andere door de prestatieafspraken hebben wij heel frequent

contact met SSH. Ik heb zeker aangedrongen op een snelle oplossing. SSH heeft mij verzekerd dat ze

de situatie zeer serieus neemt. Het is een hoofdpijndossier. SSH is er echt mee bezig en pakt haar rol binnen de mogelijkheden die ze heeft. Wij blijven de situatie volgen.

16

Vragenuur van 15 december 2022 Het antwoord op vraag 4 ging over de passende financiële compensatie voor de studenten. Ik

heb daarover specifiek met SSH gesproken. Daarbij moet men denken aan extra kosten voor elektriciteit of het tijdelijke gebruik van de elektrische kachels. SSH zegt te zorgen voor een

passende oplossing, zodat dit goed kan worden afgesloten. Ik vertrouw erop dat SSH dat naar eer en geweten zal doen, maar wij houden uiteraard de vinger aan de pols.

In de technische sessie waarover ik zojuist heb gesproken, kan men vragen naar de stand van

zaken. Men kan dan ook zelf met SSH contact hebben.

De heer PETERS (D66): Voorzitter! Moet op korte termijn voor dat handjevol studenten dat nu

in de vrieskou zit niet een alternatief worden aangeboden door ze tijdelijk in een hotel of andere faciliteit onder te brengen?

De heer DE VRIES (wethouder): Voorzitter! Dat is een goede suggestie. Ik kan mij voorstellen

dat wij dit punt zeker betrekken bij de besprekingen. SSH is er echter al mee bezig. Het einde schijnt in zicht te komen.

Mevrouw OUDEJANS (Student & Starter): Voorzitter! Wij danken de wethouder voor zijn inzet,

maar dat het einde in zicht is, wordt door SSH al 21 dagen lang gezegd. Mocht het probleem niet worden opgelost, zetten wij dan concrete stappen in de richting van een hotel of van een ander

onderkomen? Het kan gewoon niet om deze studenten nog één dag langer in de kou of in extreme hitte te laten zitten.

De heer DE VRIES (wethouder): Voorzitter! Zoals ik al eerder zei: dit is geen mooi verhaal. Ik

kan het niet mooier maken dan het is. Het is een complex dossier waarbij men van het ene euvel in

het andere euvel is terechtgekomen. Ik vind het belangrijk om te zeggen dat ik hier namens mijzelf

spreek. Daarom is het goed om in het contact met SSH dit zeker te benoemen. Ik kan in het gesprek dat ik voer zeker voor de studenten op de korte termijn een oplossing proberen te vinden.

De VOORZITTER: Dames en heren! Daarmee zijn wij eigenlijk aan het einde van het vragenuur

gekomen. De laatste vraag kan worden doorgeschoven naar volgende week, maar de burgemeester is speciaal voor deze laatste vraag naar de raadszaal gekomen. Wil men de laatste vraag doorschuiven naar de volgende week, of wil men die nu nog behandelen?

Ik constateer dat men de vraag nu nog wil behandelen. Ik denk dat de burgemeester daar heel

blij mee is.

11. Vragen van de heer Stevens (Student & Starter) inzake Marokko op weg naar de finale. De heer STEVENS (Student & Starter) Het zal niemand zijn ontgaan, het Marokkaanse

voetbalelftal gooit op het wereldkampioenschap voetbal hoge ogen. Het heeft bereikt wat nog nooit eerder is vertoond: een Afrikaans land is vertegenwoordigd bij de laatste vier teams op het

wereldkampioenschap voetbal. Logischerwijs is hierdoor bij de Marokkaanse Nederlanders en bij veel andere groepen een massaal volksfeest ontstaan. Spontane feesten op straat om dit te vieren horen daar ook bij.

In plaats van deze situatie, die de geschiedenisboeken ingaat, te zien als een moment van

samenkomen en feestvieren, wordt er extra hard ingezet op handhaving en preventief fouilleren. Naar aanleiding daarvan stelt de Student & Starter-fractie de volgende vragen.

17

Vragenuur van 15 december 2022 1. 2. 3.

Hoe zorgt het college er in de toekomst voor dat dit soort spontane feesten veilig verloopt?

Is de burgemeester het met ons eens dat het gunstiger kan zijn om fanzones in te richten waar feestvierders veilig naartoe geleid kunnen worden?

Is het college het met ons eens dat het faciliteren van een plek van samenkomst wenselijker is dan het reactief inzetten van extra handhaving?

Burgemeester DIJKSMA: Voorzitter! Hartelijk dank, ook voor de coulance. Die biedt mij de

gelegenheid om op een belangrijk moment iets over deze zaak te zeggen. Ik zal de schriftelijke vragen later beantwoorden.

Het is ongelofelijk bijzonder dat het Marokkaanse elftal al zo ver is gekomen. Dat is groot

feest voor een heleboel Utrechters. Ja, dat moeten wij uiteraard faciliteren. Dat is steeds het uitgangspunt geweest van onze inzet. Om die reden hebben wij heel goed contact met de bondgenoten, om ervoor te zorgen dat het een zo mooi mogelijk feest wordt.

Helaas hebben wij bij de twee voorlaatste wedstrijden gezien dat er zich in het feestgedruis

ook jonge jongens mengen die echt op iets anders uit zijn. Zij hebben wapens bij zich, explosieven. Die gooien zij in de menigte waar bijvoorbeeld jonge ouders met kinderwagens staan en die gooien ze ook naar de politie. Dat is iets waarvan ik vind dat het ontoelaatbaar is. Dat zult u met mij eens

zijn. Alles is er steeds op gericht geweest om deze raddraaiers uit de menigte te houden en om het

voor iedereen een feest te laten zijn. Op een zeker moment slaat bij de twee voorlaatste wedstrijden de sfeer om. Dan wordt het heel grimmig en moeten zelfs onze bondgenoten zich dan letterlijk

verschansen achter de politie. Dat is het moment waarop ik niet anders kan dan de ME inzetten. Dat vind ik heel erg, want dat is een last resort. Dat doe je liever niet. Onze Utrechtse politie, dat heeft men vandaag in het AD kunnen lezen, is bij uitstek de eenheid van de verbinding. Zij zijn de

afgelopen keer bij de wedstrijd in overleg met de bondgenoten aan het praten gegaan. Toen hebben zij gesteld dat zij ervoor zorgen dat aan de randen van de wijk de raddraaiers er al uit worden gehaald. Dat heeft ook wel gewerkt. Wij hebben gezien dat gisteren jonge jongens vuurwerk weggooiden toen de politie op ze afkwam. Er zijn zeven aanhoudingen verricht. Er zijn ook

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=3a0bdf57-b707-4772-9ee6-264f3c3f5b30