20220915 vragenuur.doc
Tekst van het document
2022 NOTULEN VRAGENUUR Vragenuur – 15 september 2022
Vragenuur, gehouden op donderdag 15 september 2022 te 17.00 uur. Voorzitter: mevrouw Deldjou Fard. Aanwezig zijn de leden: Bakker, Dekkers, Dijkstra, Van Heuven, Te Hoonte, Raaijmakers,
Sungur, Van der Wilt, Van der Zweth en Zwinkels.
Namens het college zijn aanwezig de wethouders: Eerenberg, Oosters en Schilderman. Griffier: mevrouw Bouts.
Opening van het vragenuur. De VOORZITTER: Dames en heren! Goedemiddag. Welkom bij het vragenuur van 15 september
2022. Wij beginnen iets te laat. Dat komt omdat er vandaag ook een gemeenteraadsvergadering is, die iets uitliep.
Ik heet iedereen van harte welkom, de mensen van de raad en van het college, de griffier, de
mensen op de publieke tribune en de mensen die thuis meekijken en meeluisteren. Er zijn vier sets vragen ingekomen.
1. Vragen van de heer Sungur (DENK), gesteld mede namens mevrouw Raaijmakers (PvdA), de heer Maas (Volt), mevrouw Chirino (CU), mevrouw Kendir (Student & Starter), mevrouw Deldjou Fard (GroenLinks), mevrouw Nolten (BIJ1), de heer Dijkstra (EenUtrecht) en mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) inzake de voortgang van de realisatie van het monument voor de gastarbeider.
De heer SUNGUR (DENK): Voorzitter! Naar aanleiding van onze mondelinge vragen van 4 april
2019 heeft het college toegezegd de mogelijkheden te bekijken voor het plaatsen van een
monument ter ere van de gastarbeiders die naar Utrecht zijn gekomen. Naar aanleiding van de
verkenning is geconcludeerd dat er een breed gedragen behoefte is aan een monument ter ere van de gastarbeiders. Het eerbetoon zou in het eerste kwartaal 2021 worden gerealiseerd.
Wij naderen 2023, maar het monument is er nog steeds niet. Wij hebben daarover de
volgende vragen. 1.
Wat is de reden voor het trage verloop van de realisatie van het monument voor de
2.
Is het college het met ons eens dat meer vaart gezet mag worden achter de realisatie van dit
gastarbeiders? monument?
Vragenuur van 15 september 2022 3.
Wat is de stand van zaken en hoe ziet de planning voor de realisatie van het monument ter ere van gastarbeiders eruit?
Mevrouw OOSTERS (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen.
Het antwoord op vraag 1. Wij lopen samen met de klankbordgroep een proces en een traject
door voor het opstellen van een programma van eisen voor de kunstopdrachten, dus de selectie van
de kunstenaar en het zoeken van een locatie. Dat heeft wat langer geduurd dan was voorzien, vooral omdat het vinden van een geschikte locatie meer tijd vergde dan wij aanvankelijk dachten.
Het antwoord op vraag 2. Ja, dat vinden wij belangrijk. Het is zeker belangrijk om dat hele
proces zorgvuldig te doen, maar wij willen er zeker vaart mee maken.
Het antwoord op vraag 3. In samenwerking met de klankbordgroep is een programma van
eisen voor het kunstwerk opgesteld. Er zijn drie kunstenaars geselecteerd om een schetsontwerp te maken. De ontwerpen zijn de klankbordgroep gepresenteerd en de groep heeft haar netwerken
erover geraadpleegd. Vervolgens is er een kunstenaar geselecteerd. Samen met de klankbordgroep zoeken wij een geschikte en beschikbare locatie, zodat de kunstenaar het schetsontwerp kan
uitwerken. Wij zoeken passende plek in de stad die de inzet van de gastarbeiders in Utrecht tot eer strekt. Als de locatie bekend is - naar verwachting eind december 2022 - zal de groep de
kunstenaar, het ontwerp en de locatie bekendmaken. Wij verwachten dat het eerbetoon in de tweede helft van 2023 kan worden gerealiseerd.
Mevrouw RAAIJMAKERS (PvdA): Voorzitter! De raad heeft niet alleen gevraagd om een
monument, maar ook om stil te staan bij de onthulling ervan, die een groot feest voor de stad moet
zijn. Aanvankelijk was het de bedoeling dat dit zou samenvallen met de viering van 900 jaar Utrecht, maar dat is inmiddels een gepasseerd station. Wordt bij de planning rekening gehouden met het feit dat er volgend jaar niet alleen een monument is, maar dat het onthullen ervan ook een groot feest moet zijn?
Mevrouw OOSTERS (wethouder): Ja, die toezegging staat nog steeds. Het is jammer dat dit niet
meer in het kader van Utrecht 900 kan, maar ik zal dit punt bij het beleid betrekken.
De heer DEKKERS (GroenLinks): Voorzitter! De wethouder zegt dat er sprake was van
vertraging in verband met het vinden van een goede locatie. De wethouder zegt nu dat er een goede
locatie moet worden gevonden. Is er echt perspectief dat die goede locatie er begin van de komende maand december is?
Mevrouw OOSTERS (wethouder): Voorzitter! Ik heb inderdaad gezegd "eind december 2022".
Dat is de informatie die ik nu heb. Het is echt een ingewikkelde zoektocht. Dat ligt ook aan de
grootte van het monument en hoe dat eruitziet. Wij hebben echter goede hoop dat het plaatsen van het monument vóór het einde van de maand december 2022 zal lukken.
De heer SUNGUR (DENK): Voorzitter! Dank voor de beantwoording. Ik ben benieuwd of de
wethouder ons bij de ontwikkelingen kan betrekken, zodat wij bijvoorbeeld in januari a.s. een brief krijgen waarin gewag wordt gemaakt van hoe de locatie en het project er uit zullen zien, zodat wij niet, na een halfjaar, er zelf achteraan moeten gaan.
2
Vragenuur van 15 september 2022 Mevrouw OOSTERS (wethouder): Ja, wij hebben toegezegd om hierop in het najaar bij de raad
terug te komen. De raad trekt eerder aan de bel dan wij. Wij hoopten dat wij nu al met goed nieuws
naar buiten zouden zijn gekomen. Als de locatie bekend is - het lijkt erop dat dit eind 2022 zal zijn - zullen wij de raad informeren over de volgende stappen die zullen worden gezet.
2. Vragen van mevrouw Van der Wilt (D66), de heer Van der Zweth (PvdA), mevrouw Chirino,
(ChristenUnie), mevrouw Meerding (VVD) en mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) inzake Alleen samen met het Wijkplatform vooruit.
Mevrouw VAN DER WILT (D66): Voorzitter! Eind mei 2022 ontving de raad een rapportage over
de voortgang van de Utrechtse wijkplatforms. Naar aanleiding van de reactie van het college op deze rapportage, stelden verschillende fracties schriftelijke vragen over de opvolging van de adviezen in deze rapportage. De oproep in deze vragen was met name gericht op het spoedig opvolgen van de aanbevelingen in het rapport, in samenwerking met de wijkplatforms. De beantwoording van deze vragen, in combinatie met recente signalen afkomstig van verscheidene wijkplatforms, geeft een aantal fracties echter onvoldoende vertrouwen dat de plannen voor de toekomst van het
Wijkplatform spoedig én samen met de wijkplatforms worden gerealiseerd. Wij hebben hierover de volgende vragen. 1.
2. 3.
Deelt het college de overtuiging van onderstaande fracties dat bij het opstellen van een plan voor de toekomst van het Wijkplatform vanaf het begin actieve samenwerking met de huidige wijkplatforms is vereist?
Zo ja: op welke wijze zal het college dit op korte termijn vormgeven en hierover communiceren met de wijkplatforms?
Kan het college vóór de jaarwisseling de raad een eerste terugkoppeling doen toekomen over de
uitkomst van deze gesprekken? Bij voorkeur zodanig dat de inhoud ervan bij het commissiedebat over participatie kan worden betrokken.
Mevrouw OOSTERS (wethouder): Voorzitter! Het antwoord op vraag 1. Ik deel de overtuiging
van de vragenstellende fracties dat hierover actieve samenwerking met de wijkplatforms moet worden gezocht.
Het antwoord op vraag 2. Wij - de relatief kleine club collega's en ik die werken op de afdeling
participatie - zullen snel starten met de gesprekken over de verdere ontwikkeling. Ik wil eerlijk zijn: de capaciteit is een vraagstuk, maar wij zijn het er onderling over eens dat er sprake is van urgentie om het rapport opvolging te geven. Wij verzekeren de raad dat wij er alles aan doen om zo snel
mogelijk aan de slag te gaan. Samen met de mensen van Participatie zal ik op korte termijn graag
een rondje langs de wijkplatforms maken om kennis te maken met de mensen die er werken en om over dit onderwerp te spreken.
Het antwoord op vraag 3. Wij hebben de toezegging gedaan om in het eerste kwartaal van
2023 een plan te presenteren. Wij zullen ons best doen om voor de commissievergadering van eind
november 2022 een eerste terugkoppeling te geven van de gesprekken die wij met de wijkplatforms hebben gevoerd, maar ik kan niet met zekerheid zeggen dat wij dat tijdstip zullen halen. Vóór het einde van het jaar kan ik dat wel toezeggen. Dat zal ik in elk geval doen.
De heer VAN DER ZWETH (PvdA): Voorzitter! Wij hebben hierover al eerder schriftelijke vragen
gesteld. De acties die zijn aangekondigd, vielen ons eerlijk gezegd een beetje tegen. De wethouder
geeft daar nu enige duiding bij. Dat is fijn. Kan de wethouder toezeggen dat als zij terugkomt op wat
3
Vragenuur van 15 september 2022 door de wijkplatforms is besproken, ook wordt bekeken wat ermee wordt gedaan, zodat wij er vertrouwen in krijgen?
Mevrouw OOSTERS (wethouder): Er is een klein verschil. Enerzijds vraagt de heer Van der
Zweth ons om een update van de gevoerde gesprekken zodat hij iets heeft voor de
commissievergadering van eind november, maar echt een doorkijk ervan - een soort voorzet voor
het plan - hebben wij toegezegd voor het eerste kwartaal van 2023. Dat is een andere termijn. Er is dus sprake van twee van elkaar onafhankelijke dingen, maar dat zijn wél dingen waar wij aan werken. Ik kan het plan niet naar voren halen om het al in november 2022 te presenteren. De heer DIJKSTRA (Eén Utrecht): Voorzitter! Als de wethouder met de wijkplatforms
gesprekken voert en die vragen welk beeld zij van de toekomst van de wijkplatforms heeft, wat is dan daarop haar antwoord?
Mevrouw OOSTERS (wethouder): Zoals wij in het coalitieakkoord hebben beschreven, hebben
de wijkplatforms ook binnen het stelsel van participatie in Utrecht een belangrijke rol. Dat gegeven steun ik. Ik zal ze dat zeggen. Volgens mij is het dan verder aan de wijkplatforms zelf hoe zij de toekomst zien. Dat kan ik niet dicteren.
Mevrouw VAN DER WILT (D66): Voorzitter! Het is goed om te horen wat er op de achtergrond
speelt. Liever niet nu al vergezichten schetsen, maar wel terugkoppelen hoe de gesprekken zijn
verlopen. De raad moet niet zeggen wat het wijkplatform moet doen, maar moet bekijken welke
mogelijkheden het wijkplatform zelf ziet. Ik heb bijna liever in november a.s. een vodje dan eind december een volledig rapport.
Mevrouw OOSTERS (wethouder): Die handschoen pak ik op. Daarom zei ik ook dat zodra het
mogelijk is, ik dat absoluut zal doen. Daar sturen wij op.
3. Vragen van mevrouw Zwinkels (CDA), de heer Te Hoonte (VVD), mevrouw Vermeulen (GroenLinks), mevrouw Bode (Volt), de heer Van der Zweth (PvdA), de heer Vasters (D66), mevrouw Oudejans (Student & Starter) de heer Bos (Stadsbelang Utrecht), de heer Bosch (PVV), en mevrouw Snippe (PvdD) inzake Een nieuwe plek voor Papier Recycling Utrecht.
Mevrouw ZWINKELS (CDA): Voorzitter! Begin deze week publiceerde RTV Utrecht een artikel
waarin Papier Recycling Utrecht zegt te vrezen voor de toekomst van het circulaire bedrijf uit Utrecht. Dit speelt al langer. In juni werd een rapport van Ecorys gepubliceerd over het belang van
herhuisvesting en ook De Telegraaf wijdde er al een nieuwsbericht aan, nog los van de diverse schriftelijke en mondelinge vragen van de CDA-fractie in de raad. 1.
2. 3.
Deelt het college het belang om PRU te behouden voor Utrecht, gezien de langdurige bijdrage
van het familiebedrijf aan onze duurzame, circulaire bedrijvigheid inclusief praktisch geschoolde (MBO) banen, direct (35) en indirect (136)?
Hoe kijkt het college terug op het proces van deze casus in de afgelopen maanden, met name naar de rol die de gemeente heeft gespeeld om een andere locatie te vinden?
Wat heeft het college na de start van deze nieuwe collegeperiode gedaan? Heeft er opnieuw een afweging plaatsgevonden en/of zijn er dingen anders aangepakt dan voorheen? Het vinden van een nieuwe locatie is nog niet gelukt.
4
Vragenuur van 15 september 2022 4.
Welke locaties acht het college kansrijk voor het bedrijf? Zijn deze met de initiatiefnemer
5.
In hoeverre hebben gemeente en provincie ondersteuning of begeleiding geboden bij het
6.
gecommuniceerd?
onderzoek naar een nieuwe locatie?
Is het college bereid het huurcontract eenmalig te verlengen (om extra tijd te geven om een plek te vinden), mits dit de nieuwe ontwikkelingen op Papendorp/Groenewoud niet in de weg staat? Mevrouw SCHILDERMAN (wethouder): Voorzitter! Het antwoord op vraag 1. Utrecht staat
vanzelfsprekend open voor bedrijven die een bijdrage leveren aan onze lokale economie, zeker als er ruimte is voor circulaire economie. Wij spannen ons binnen de mogelijkheden in om bij te dragen aan hun huisvesting. Daarom zijn wij de afgelopen jaren in gesprek geweest met Papier/Metaal
Recycling Utrecht over de mogelijkheden voor herhuisvesting. Hoe zeer de gemeente binnen de
mogelijkheden wil helpen om het bedrijf te herhuisvesten in de regio Utrecht, is het tot op heden nog niet gelukt om een nieuwe plek te vinden.
Het antwoord op vraag 2. Wij steunen de bedrijven bij hun zoektocht naar een locatie.
Uiteindelijk is het aan henzelf om een afweging te maken over de geschiktheid van een locatie. Wij hebben hierbij geen resultaatverplichting. Wij hebben de bedrijven in het afgelopen anderhalf jaar verscheidene keren geattendeerd op te huur staande hallen en private kavels die worden verkocht
voor herontwikkeling, zowel in Utrecht - met name in Lage Weide - als in de regio's Houten, Vianen, Vijfheerenlanden en Nieuwegein. Zo is de partij is geattendeerd op een particuliere kavel die in Lage
Weide beschikbaar kwam, maar Papier/Metaal Recycling Utrecht is niet tot een akkoord gekomen met de verkopende partij. Dit is in de afgelopen maanden gebeurd.
Wij hebben ook een vraag uitgezet bij gemeenten in de regio en hebben het bedrijf in contact
gebracht met de Ontwikkelingsmaatschappij Utrecht en met contactpersonen in de regio. Met hen zijn gesprekken gevoerd over mogelijke oplossingen. Ook heeft een makelaar in opdracht van het bedrijf zelf naar huisvestingmogelijkheden gezocht.
Het antwoord op vraag 3. Wij zijn de weg verder ingegaan die wij al eerder belopen hebben, te
weten het blijven wijzen op mogelijke locaties waar deze partij zou kunnen landen. Dat hebben wij gedaan en dat blijven wij doen. Wij hebben dat gedurende de huidige collegeperiode gedaan. In 2021 hebben wij per brief de tijdelijke huurovereenkomst opgezegd. Ontruiming is
aangezegd. Wij blijven de mogelijkheden steunen bij de zoektocht van nieuwe locaties, zoals ik in het antwoord op vraag 2 heb gesteld.
Het antwoord op vraag 4. De markt voor bedrijfsruimte staat onder spanning. De
huisvestingsvraag van Papier/Metaal Recycling vormt net als voor andere ruimten een grote uitdaging.
Papier Recycling Utrecht acht de locatie Strijkviertel geschikt voor herhuisvesting. In 2021
stelde het college echter het Stedenbouwkundig Plan voor het bedrijvenpark Strijkviertel vast. Er zijn
drie belangrijke redenen die een verplaatsing daarheen voor dit bedrijf lastig maken. Allereerst is het aantal arbeidsplaatsen naast circulariteit een belangrijk criterium in het stedenbouwkundige plan voor dit gebied. De intensiteit van het aantal arbeidsplaatsen is in dit geval lager dan daarin is
weergegeven. Het park is er juist om bij te dragen aan de werkgelegenheid voor de inwoners. Ten
tweede wordt bij de inrichting van het park aangegeven dat er per kavelveld meerlaags geschakeld gebouwd moet worden, waardoor meer bedrijven zich op één kavel gehuisvest zouden kunnen worden.
De maximale milieucategorie op Strijkviertel is 3.1. Het metaaldeel van het bedrijf komt daar
boven te staan.
5
Vragenuur van 15 september 2022 Het antwoord op vraag 5. Ik verwijs naar wat wij in samenwerking met de provincie hebben
gedaan.
Het antwoord op vraag 6. Het eenmalig verlengen. Op dit moment heeft Papier/Metaal
Recycling in augustus bij de rechtbank een verzoekschrift ingediend. Men is een juridische procedure gestart om een schorsing van een ontruimingsplicht van maximaal één jaar te bewerkstelligen. De
rechtbank zal daarover een uitspraak doen. Wij wachten die af. Het is niet verstandig om daar voor die tijd in te treden, want dat kan mogelijke woningbouw aldaar frustreren.
De heer VAN DER ZWETH (PvdA): Voorzitter! Dank voor de beantwoording. Wij kunnen volgen
wat er over Strijkviertel wordt gezegd, maar ook op Lage Weide liep het stuk. Kan de wethouder zeggen waarom het daar niet is geslaagd?
Mevrouw SCHILDERMAN (wethouder): Voorzitter! Eigenlijk is het niet aan mij om te zeggen
waarom het daar niet is geslaagd. Dat is een zoektocht die niet op ons verzoek is gestaakt. Het is in ieder geval geen gevolg van het feit dat wij hebben gezegd dat het bedrijf daar niet zou kunnen landen. Ik vermoed dat dit te maken heeft met de prijs.
De heer TE HOONTE (VVD): Voorzitter! Iets duizelt mij nog. Het huidige geldende
bestemmingsplan voor Strijkviertel is het actualiseringplan Leidsche Rijn. Dat is al een keer gewijzigd en opnieuw vastgesteld. Dat heeft 4.1 als categorie voor bedrijventerrein Strijkviertel. Het stedenbouwkundig plan heeft volgens mij in deze raad nog geen status. Het is alleen een
collegebesluit om dat te verlagen. Is mijn interpretatie correct dat als de wethouder zou willen, zij op dit moment op basis van het nu geldende bestemmingsplan prima kan meewerken aan een omgevingsvergunning voor een bedrijf van categorie 3.2?
Mevrouw SCHILDERMAN (wethouder): Voorzitter! Ik kom er vanavond, bij de bespreking van
de actuele motie, nog op terug of het per definitie onmogelijk is op die plek. In ieder geval past het
niet in het kader dat is gebaseerd op een stedenbouwkundig plan. Ik kom er vanavond op terug. Als het lukt, kom ik er eerder een-op-een op terug.
Er is een actuele motie ingediend. Ik kan mij voorstellen dat in de beantwoording daarvan dit
punt nog even aan de orde komt.
De heer TE HOONTE (VVD): Voorzitter! Kan ik één stukje afkaderen dat misschien nu kan
worden beantwoord? Is de wethouder ervan op de hoogte dat het actualiseringplan het geldende bestemmingsplan is?
Mevrouw SCHILDERMAN (wethouder): Voorzitter! Het stedenbouwkundig plan is de raad
toegestuurd en ook in de commissie besproken. Daarna is er minstens nog één keer een brief over verstuurd. Ik begrijp dat wij het vigerende plan moeten bekijken, maar dat neemt niet weg dat het stedenbouwkundig plan natuurlijk niet uit de lucht komt vallen.
De VOORZITTER: Dames en heren! Wij horen de wethouder hierover later terug, anders wordt
het vragenuur echt een debat. Dat is niet de bedoeling.
Mevrouw ZWINKELS (CDA): Voorzitter! Wat gebeurt er allemaal als het bedrijf verdwijnt? Ik
denk dat er te weinig tijd is om daarop in te gaan.
6
Vragenuur van 15 september 2022 Ik ben benieuwd naar de resultaatverplichting. De wethouder is daar heel duidelijk over: die
heeft de gemeente niet. Ik heb begrepen dat ook de provincie met het bedrijf communiceert en zegt
dat dit een verantwoordelijkheid van de gemeente is en dat de regiogemeenten voor het bedrijf geen plek hebben. Kan de wethouder daar nog even op reageren?
Mevrouw SCHILDERMAN (wethouder): Voorzitter! Ik heb dit punt toevallig met de provincie op
bestuurlijk niveau besproken. Ik heb toen dit signaal niet gekregen. Ik zal nagaan waar het vandaan komt.
De reden dat ik zei dat dit voor de gemeente Utrecht geen resultaatverplichting is, is dat het
bedrijf hier altijd op basis van een tijdelijke huur is gevestigd en altijd heeft geweten dat het weer weg zou moeten. In het kader van de juridische procedure die door deze partij is aangespannen, vind ik het belangrijk om te zeggen dat wij bij deze partij zijn betrokken en dat wij ze graag een nieuwe plek toewensen, maar dat dit niet volgt uit de overeenkomst die wij met ze hebben.
4. Vragen van de heer Dekkers (GroenLinks), de heer Bakker (D66), de heer Vasters (D66), mevrouw Van den Enk (Student & Starter), de heer Alblas (ChristenUnie), mevrouw Passier (Volt), de heer Van Heuven (PvdD) en de heer Van Steeg (CDA) inzake oversteek HOV-baan en Lombokpark. De heer DEKKERS (GroenLinks): Voorzitter! In de Omgevingsvisie Beurskwartier en
Lombokplein en het PvE/FO Lombokplein, beiden door de gemeenteraad vastgesteld, is een
gelijkvloerse oversteek over de HOV-baan bij de Leidseveertunnel opgenomen ten behoeve van de
ontsluiting van het Park Plaza Hotel, De Stek en de woningen op het Smakkelaarspark. Het PvE/FO is
tot stand gekomen in afstemming met de provincie, waarbij is afgesproken om in de VO-fase samen
tot een goede en veilige uitwerking van de gelijkvloerse oversteek te komen. In de raadsbrief vrijgave ontwerpbestemmingsplan Lombokplein is de gemeenteraad erover geïnformeerd dat gedurende de VO-fase onverwacht is gebleken dat de gelijkvloerse oversteek door de provinciale
veiligheidsadviseurs sterk wordt afgeraden, gezien de veiligheidsrisico’s en de exploitatiegevolgen in geval van een aanrijding met een tram of een bus.
In de raadsbrief staat dat volgens het college een gelijkvloerse oversteek op een veilige
manier ingepast kan worden en dat scenario’s met een ongelijkvloerse kruising onwenselijk zijn.
Hierdoor blijft er onvoldoende kwaliteit over om nog van een park te kunnen spreken en het gaat ten koste van groen, verblijfs- en gebruikskwaliteit van het gebied en de recreatieve groene route langs de Leidse Rijn.
In het kader van het VO doorloopt de gemeente een proces met de provincie om te komen tot
een acceptabele oplossing van deze oversteek.
Diverse betrokkenen, waaronder de Ontwikkelgroep Lombok Centraal, benaderen de
gemeente en de provincie omdat ook zij zich zorgen maken over de oversteek.
De fracties zijn van mening dat een veilige gelijkvloerse kruising mogelijk is en dat de
scenario’s met een ongelijkvloerse kruising onwenselijk zijn. De fracties hebben de volgende vragen:
1.
Kan het college bevestigen dat het nog steeds vindt dat een veilige gelijkvloerse kruising
2.
Sinds wanneer weet het college dat de provincie bezwaar heeft? Weet het college waarom de
mogelijk is en dat de scenario’s met een ongelijkvloerse kruising onwenselijk zijn?
provincie pas zo laat in het proces met deze bezwaren gekomen is? Wat betekent het voor het project dat de provincie zo laat met hun bezwaar komt?
7
Vragenuur van 15 september 2022 3.
Wat is de actuele stand van zaken ten aanzien van het proces met de provincie om te komen tot
4.
Kunnen raad en betrokkenen - zoals de Ontwikkelgroep Lombok Centraal - worden
5.
een acceptabele oplossing voor deze oversteek?
geïnformeerd over de adviezen en onderbouwing van de veiligheidsadviseurs van de provincie en de gemeente?
Wat kan de raad doen om eraan bij te dragen dat er een veilige, gelijkvloerse oversteek komt met beperkte risico’s voor het verstoren van de dienstregeling?
De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen.
Het antwoord op vraag 1. Ja, de inzet van het college is natuurlijk nog steeds een zowel
gelijkvloerse als veilige kruising.
Het antwoord op vraag 2. Wij weten sinds het voorjaar van 2021 dat de provincie van mening
is dat de gelijkvloerse oversteek onvoldoende veilig is. Dat is namelijk het moment dat wij de
voorlopige ontwerpfase zijn ingegaan. Eerder - ik denk daarbij aan de omgevingsvisie en aan het
programma van eisen en het functionele ontwerp - was dat nog niet zo. Toen waren de reacties van de provincie er juist op gericht om in het gezamenlijke ontwerp de gelijkvloerse oversteek veilig te ontwerpen.
Ik kan niet helemaal treden in de precieze redenering van de provincie, maar die komt erop
neer dat men inmiddels op het standpunt staat dat de gelijkvloerse kruising onveilig is. Wij zijn op
dit moment met de provincie in het proces om dat toch nog eens te verdiepen en om te bekijken wat wél mogelijk is.
Gevraagd wordt wat dit betekent. Als wij eerder hadden geweten dat de provincie op dit
standpunt had gestaan, hadden wij in het ontwerp andere keuzen kunnen maken. Het ontwerp is nu
gestoeld op de gelijkvloerse kruising. Als wij het ontwerp moeten aanpassen aan een ongelijkvloerse kruising, dan wordt het huidige ontwerp buitengewoon veel geweld aangedaan. Dan blijft er weinig van het park over.
Het antwoord op vraag 3. Wij hebben er met de provincie bestuurlijke gesprekken over
gevoerd, waarin wethouder Van Hooijdonk en ikzelf hebben gezegd: als wij dat willen doen, dan
moeten wij dat goed doen, ook vanuit het perspectief van de stad en de aanleg van een mooi groen
park. Wat ons betreft, kan dat met een veilige, gelijkvloerse oversteekplaats. Wij zijn nu zover dat wij een derde partij vragen om het standpunt van de provincie en de gemeente te bestuderen en om ons vooruit te helpen.
Het antwoord op vraag 4. Wij zullen de raad en de omwonenden hierover regelmatig
informeren. Wel merk ik op dat wij midden in het proces met de derde partij zitten. Wij moeten dat wat rust geven om het beste resultaat te bewerkstelligen.
Het antwoord op vraag 5. Het is belangrijk dat wij blijven uitstralen dat wij een groene
omgeving willen. Het is belangrijk dat wij ons blijven verdiepen in de vraag hoe een gelijkvloerse
kruising met een tram veilig is. Wie weet is het een goed idee om een raadsinformatiebijeenkomst te combineren met een stateninformatiebijeenkomst, zodat alle partijen bij elkaar zijn, over dezelfde informatie beschikken en de dilemma's kunnen bespreken.
De heer BAKKER (D66): Voorzitter! De laatste keer dat de raad en de staten goed
samenwerkten, was toen de Uithoflijn aan de orde was. De connecties tussen beide gremia zijn volgens mij nog steeds goed.
Kan de wethouder een tijdlijn uitzetten, ook met betrekking tot de derde partij? Welke risico's
kunnen wij lopen?
8
Vragenuur van 15 september 2022
De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! De tijdshorizon is dat wij dit jaar het advies van
de derde partij wensen te ontvangen. Parallel daaraan blijven wij in gesprek met de provincie.
Het grote risico is dat ook deze derde partij geen uitgang uit de patstelling weet te vinden.
Dan zullen wij moeten afwegen wat wij moeten doen: het ontwerp aanpassen of verder escaleren. Daarop kan ik nog niet vooruitlopen.
De heer VAN HEUVEN (PvdD): Voorzitter! Als er geen overeenstemming komt tussen de
gemeente en de provincie over de veiligheid van de gelijkvloerse kruising - de wethouder zegt iets over escaleren - kan de gemeente dan de visie of de beslissing van de provincie naast zich neerleggen of er bezwaar tegen maken?
De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Dat is een vrij complexe materie. De provincie
krijgt een advies van een veiligheidsorgaan. Dat bekijkt de situatie onafhankelijk. Ik begrijp heel goed dat de provincie dat advies zwaar weegt. Vervolgens moet door de toezichthouder op het
openbaar vervoer een vergunning worden gegeven. Dat is het formele moment. De toezichthouder
maakt een eigenstandige afweging, maar weegt het advies van de provincie buitengewoon zwaar. Of wij dan beroep en bezwaar moeten maken? Dat zal ongetwijfeld kunnen, maar het is de vraag of wij dan verder komen. Ik hoop dat wij elkaar met argumenten kunnen overtuigen.
De heer DEKKERS (GroenLinks): Voorzitter! Ik dank de wethouder voor het beantwoorden van
de vragen. Met deze vragen en de brede ondertekening daarvan hebben de wethouder en de
provincie het signaal dat wij de groene ambitie graag handhaven, zonder ongelijkvloerse kruising. De suggestie voor een gemeenschappelijke raadsinformatiebijeenkomst zullen wij oppakken, samen
met provincieleden. Als wij een raadsinformatiebijeenkomst willen organiseren, is het handig als wij goed zijn geïnformeerd. Wij willen het proces niet verstoren, maar het zou handig zijn als wij de
informatie van de veiligheidsadviseurs van zowel de provincie als de gemeente kunnen krijgen. Is dat mogelijk zonder het proces te verstoren?
De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Ik zal bekijken of wij daar een goede vorm voor
kunnen vinden. Zodra de GroenLinks-fractie een dergelijke sessie organiseert, zorg ik ervoor dat
men goed voorbereid om de tafel zit. Het lijkt mij voor alle partijen goed als er een level playing field is.
De VOORZITTER: Dames en heren! Dank u wel, wethouder Eerenberg.
Ik bedank iedereen die hier aanwezig was. Ik wens iedereen smakelijk eten en een fijne avond. De voorzitter sluit hierna, te 17.39 uur, het vragenuur.
9
Vragenuur van 15 september 2022
Lijst van toezeggingen, gedaan tijdens het vragenuur van 15 september 2022.
Vragen van de heer Sungur (DENK), gesteld mede namens mevrouw Raaijmakers (PvdA), de heer Maas (Volt), mevrouw Chirino (CU), mevrouw Kendir (Student & Starter), mevrouw Deldjou Fard (GroenLinks), mevrouw Nolten (BIJ1), de heer Dijkstra (EenUtrecht) en mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) inzake de voortgang van de realisatie van het monument voor de gastarbeider. Wethouder Oosters •
zegt toe dat de raad in januari 2023 een brief krijgt waarin de raad op de hoogte wordt
gebracht van de ontwikkelingen rondom voorgang, ontwerp, locatie en plaatsing van het monument ter ere van de gastarbeiders die naar Utrecht zijn gekomen.
Vragen van mevrouw Van der Wilt (D66), de heer Van der Zweth (PvdA), mevrouw Chirino,
(ChristenUnie), mevrouw Meerding (VVD) en mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) inzake Alleen samen met het Wijkplatform vooruit. Wethouder Oosters •
zegt toe dat de raad voor het einde van 2022 een schriftelijke update ontvangt van
uitkomsten van de gesprekken met de Utrechtse wijkplatforms
10