20220512 vragenuur.doc
Tekst van het document
2022 NOTULEN VRAGENUUR Vragenuur – 12 mei 2022
Vragenuur, gehouden op donderdag 12 mei 2022 te 17.00 uur. Voorzitter: mevrouw Passier. Aanwezig zijn de leden: Assen, Maas en Stylianou. Namens het college is aanwezig: wethouder Van Hooijdonk. Griffier: de heer Corten.
Opening van het vragenuur.
De VOORZITTER: Dames en heren! Welkom bij het vragenuur van 12 mei 2022. Er zijn drie
sets vragen ingediend.
1. Vragen van mevrouw Stylianou (D66), de heer De Pagter (VVD) mevrouw Harris (SP) en mevrouw Passier (Volt) inzake "Gemak op Koningsdag en stadsbrede events".
Mevrouw STYLIANOU (D66): Voorzitter! Op 26 en 27 april jl. vierde Utrecht Koningsnacht en
vervolgens Koningsdag. Er waren veel wachtenden voor optredens en voor biertjes, maar de langste
rijen stonden bij de toiletten. Naast sommige urinoirs stond een Dixie waarvoor men langer dan een halfuur moest wachten. De wachtenden waren vooral ongestelde vrouwen en mensen die geen
drankjes meer haalden uit angst voor de lange rij. De mensen die niet in de rij stonden, hadden de stad al verlaten omdat het niet te doen was. Er was ook een groep wachtenden die om medische redenen vaker een toilet nodig heeft.
In lijn met het initiatiefvoorstel Utrecht op het Gemak van de fracties van D66 en VVD zou de
D66-fractie graag zien dat op grote evenementen voldoende openbaar toegankelijke toiletten zijn. Daarom hebben de fracties van D66, VVD, SP en Volt de volgende vragen. 1.
Is het college het ermee eens dat iedereen op een dag met topdrukte zoals Koningsdag toegang
2.
Vindt het college dat er op zulke dagen meer openbare toiletten moeten zijn zodat iedereen zijn
3.
tot een openbaar toilet moet hebben?
of haar behoefte kan doen? Zo nee, waarom niet?
Kan de wethouder toezeggen dat volgend jaar op Koningsdag – en bij andere stadsbrede
evenementen – door de gemeente veel meer toiletten worden geplaatst zodat niet iedereen zo lang hoeft te wachten?
Vragenuur van 12 mei 2022
Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Ik dank de fractie van D66 en de collega's
voor de vragen. Ik moet zeggen dat dit gewoon op orde moet zijn. Dat staat als een paal boven
water. Er moeten bij alle evenementen voldoende toiletvoorzieningen zijn, ook op Koningsdag. Ook het aantal urinoirs en toilethokjes is belangrijk. Dat zijn wij met de vragenstellers eens. Wij zullen
daar bij de evenementen beter op letten. Ook zullen wij na elke Koningsdag het beleid evalueren. Dit zou dan een punt van evaluatie zijn in samenwerking met de initiatiefnemers van de
evenementenpleinen. Wij zullen dit punt dan extra evalueren. Wij zullen met de initiatiefnemers afspraken maken met het oog op volgend jaar.
Omdat er dit jaar nog lang coronatijd was en omdat het nog onbekend was hoe dat verder zou
gaan, is een tekort aan spullen ontstaan. Die zijn niet op tijd besteld. Wij hopen van dit tekort de komende jaren geen last meer te hebben.
Iedereen zal begrijpen dat dit soort evenementen enorme ruimtelijke puzzels zijn. De
gemeente wil de loopstromen goed organiseren. Op de pleinen moet voldoende ruimte zijn en ze moeten veilig zijn. Er moet ruimte voor de toiletten zijn. Daarbij komt dat niet elke burger een
toiletvoorziening voor zijn of haar deur wil hebben. Dat zeg ik niet om ons ervan af te maken, want
deze zaken moeten op orde zijn. Het blijft echter puzzelen om ervoor te zorgen dat al de genoemde zaken een plekje krijgen. Wij zijn daarvoor aangenomen, dus wij zullen dat doen.
De VOORZITTER: Dames en heren! Ik dank de wethouder voor de antwoorden. Ik constateer
dat er verder geen vragen zijn.
Mevrouw STYLIANOU (D66): Voorzitter! Het is fijn om te horen dat het college deze vragen bij
de evaluatie zal betrekken. Ik vraag mij echter af hoe zo'n evaluatie gaat. Op welke plekken waren er te weinig toiletten?
Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Ik sta hier in plaats van de burgemeester
en de wethouder Economische Zaken. Wat ik nu doe, is niet mijn dagelijkse werk. Dit is vooral een
evaluatie van de initiatiefnemers. Dat zijn vaak horecaondernemers met vestigingen om de pleinen
heen. Het is een bijzonder evenement. Bij een normaal evenement is er vaak sprake van zeer heldere aanvragen. De gemeente gaat met de aanvragers in gesprek. Wij stellen eisen aan de vergunning. Achteraf wordt bekeken hoe alles is gegaan en hoe wij dingen kunnen verbeteren.
Koningsdag is speciaal. Op Koningsdag hebben wij niet te maken met één initiatiefnemer,
maar met een stad die bruist van de initiatieven. Die moeten een beetje bij elkaar passen. Ultimo zijn de eigenlijke initiatiefnemers de horecaondernemers van de pleinen. Met hen gaan wij het gesprek
aan. Als dit de observatie is en iedereen die heeft gezien, hoeven wij die verder niet te testen. Dan is vooral de vraag aan de orde hoe wij ervoor kunnen zorgen dat het volgend jaar beter gaat. 2. Vragen van de Volt-fractie inzake Utrechtse steun aan de wederopbouw in Oekraïne. De heer MAAS (Volt): Voorzitter! EU-president Charles Michel was eind april 2022 in Oekraïne
en sprak er met president Zelensky. Zelensky lanceerde het idee om Europese steden te koppelen aan Oekraïense steden - of regio’s - zodat ze kunnen helpen met de wederopbouw van de verwoestingen en met de verwerking van het oorlogsleed. 1.
Volt heeft daarover de volgende vragen.
Is het college bekend met het genoemde voorstel van president Zelensky?
2
Vragenuur van 12 mei 2022 2.
Kan het college toezeggen dat het bereid is steden of regio’s in Oekraïne zowel materiële als
3.
Kan het college een voorbeeld geven van materiële of immateriële steun die een Oekraïense stad
4.
immateriële steun te bieden?
of regio kan worden geboden?
Op welke manier is het college bezig met het verlenen van steun en hulp aan steden en/of regio’s in Oekraïne?
De VOORZITTER: Dames en heren! Ik wil wethouder Streefland graag via Zoom het woord
geven, maar dat lukt helaas niet.
Ik stel voor om door te gaan met vraag 3. Daarna proberen wij opnieuw contact te krijgen met
wethouder Streefland.
3. Vragen van mevrouw Assen (PvdA) inzake "Is woningvoorrang voor vitale beroepen in de praktijk een wassen neus?"
Mevrouw ASSEN (PvdA): Voorzitter! De woningmarkt in Utrecht is dermate overspannen dat
mensen met een lager of gemiddeld inkomen nauwelijks een betaalbare woning kunnen vinden. Om
mensen met vitale beroepen - onderwijs, zorg en politie - te werven en voor Utrecht te behouden, is de regeling Beroepenvoorrang ingesteld.
Aangezien het tekort aan mensen in deze sectoren groot is en wij verpleegkundigen, agenten
en onderwijzend personeel in de stad keihard nodig hebben, is de PvdA-fractie blij als deze mensen in Utrecht kunnen blijven wonen. Zonder hen is het onmogelijk om te zorgen voor goed onderwijs voor ieder kind, voor een veilige buurt en voor goede zorg voor iedere Utrechter.
Mitros en andere verhuurders willen een dergelijke voorrangsregeling gebruiken om mensen
met een vitaal beroep voorrang te geven op een sociale huurwoning, ook bij nieuwbouwprojecten,
bijvoorbeeld in de Merwedekanaalzone. Mitros volgt daarbij de beleidsregels van de gemeente. Op de websites van de gemeente en Mitros staan de volgende eisen om daarvoor in aanmerking te komen:
- vitaal beroep
- een contract van minimaal 24 uur per week voor ten minste een jaar of een vaste aanstelling - het werk is in Utrecht
- de huurder moet onzelfstandig (niet bij ouders) in de gemeente Utrecht wonen of buiten de woningmarktregio wonen.
Dat betekent dat iemand bij iemand anders of in een studentenhuis moet wonen. Er is een
groot grijs gebied, zoals bijvoorbeeld een studentenstudio van twintig vierkante meter die officieel
zelfstandig is, maar waar iemand na zijn of haar afstuderen niet onbeperkt mag blijven wonen. Ook hier zit weer een adder onder het gras: iemand kan daar weliswaar blijven wonen zonder
huurtoeslag, maar gaat dan wel een bedrag betalen van meer dan € 900,00 in plaats van € 550,00. Wij horen van startende leraren dat bij het aanvragen van voorrang door de verhuurder
aanvullende eisen worden gesteld, waardoor het in de praktijk zeer moeilijk is om voor deze regeling in aanmerking te komen. Zo horen wij als criterium dat iemand binnen zes maanden op straat moet komen staan. 1.
Wij hebben hierover de volgende vragen.
Welke exacte voorrangcriteria zijn er en wat is de argumentatie daarvan? Mag daarvan door
verhuurders met aanvullende eisen worden afgeweken? Zo ja, wat kan de gemeente daartegen doen? Zo nee, kan de wethouder in een gesprek met verhuurders achterhalen hoe de
3
Vragenuur van 12 mei 2022 aanmeldingen en het selecteren in de praktijk werken en of inderdaad aanvullende eisen worden 2.
gesteld?
Wat zijn tot nog toe de resultaten van de maatregelen om bij het verkrijgen van betaalbare
woningen mensen met vitale beroepen voorrang te geven? Als deze resultaten niet worden
bijgehouden, kan de wethouder dan aangeven of het college van plan is om dat wél te gaan 3.
doen?
Wat is de argumentatie om de voorrangsregeling alleen te laten gelden voor leerkrachten en niet voor ander onderwijzend personeel waarvan het inkomen mogelijk nog lager is?
Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Ik vervang wethouder Diepeveen, maar het
is niet helemaal waar dat ik van alle markten thuis ben. Ik voel mij ietwat gehandicapt bij een
ingewikkeld vraagstuk als dit. Daarbij komt dat de tijd te kort was om alles helemaal uit te zoeken. Er komt ook nog een aantal andere dingen aan. Ik vrees dat ik de vragenstellers niet helemaal gelukkig kan maken. Ik zal echter mijn best doen. Anders zit er nog wel wat in het vat.
Ik begrijp sowieso dat er nog onbeantwoorde schriftelijk gestelde vragen zijn. In de
beantwoording daarvan komt de informatie aan de orde met betrekking tot vraag 2. Dan wordt het duidelijk waaraan voorrang is gegeven. Dat konden wij in de korte tijd die wij vandaag hadden niet helemaal uitzoeken. Met iets meer tijd moet dat wel kunnen.
Ik begrijp dat in onze verordening zaken zijn opgenomen. De huisvestingverordening ziet
vooral op het gereguleerde deel van de woningmarkt, het corporatiedeel. De gemeente heeft daarbij
een positie en kan opvolging geven aan de regelgeving. Er is sprake van een echte verordening. Waar sprake is van private initiatieven, zijn die op dit moment vrijwillig. Wij kunnen die niet houden aan dezelfde eisen en voorwaarden die in de verordening zijn opgenomen. Wij kunnen die niet afdwingen.
Wat de raad eerder heeft gevraagd, is om de middenhuur te bekijken en niet alleen de
corporatiehuur. Door wethouder Diepeveen is in september jl. een brief aangekondigd waarin wordt teruggekomen op wat daar kan en wat daar verstandig is. Is er uitsluitend sprake van sturen op inkomen - wat overduidelijk nodig is - of ook op beroepen? Kan dat en is dat wenselijk?
Mevrouw ASSEN (PvdA): Voorzitter! Ik ga ervan uit dat de vragen over voorrangscriteria en
dergelijke kunnen worden beantwoord, bijvoorbeeld of het klopt dat er onderscheid wordt gemaakt tussen categorieën onderwijzend personeel en tussen zorgpersoneel en agenten. Ook de vraag
waarom de regeling alleen geldt voor leerkrachten en niet voor onderwijsassistenten is prangend, net als de vraag of ook dat punt in de antwoorden op de schriftelijke vragen aan de orde komt.
Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Ja, precies, dat laatste wilde ook ik
voorstellen. Alles dat ik onverhoopt niet helemaal correct zeg, betrekken wij bij de beantwoording van de schriftelijke vragen, net als de aanvullingen.
Ik ben de vragenstellers nog één antwoord op een vraag verschuldigd: waarom alleen
onderwijs. Dat heeft te maken met het feit dat dit punt hier eerder gezamenlijk is besloten. Daar is kennelijk in 2019 een motie over aangenomen. Ik begrijp echter dat er later een nieuwe motie is
aangenomen met een bredere reikwijdte. In september a.s. komt de uitwerking daarvan aan de orde. Op de vraag waarom onderscheid wordt gemaakt tussen de verschillende onderwijsfuncties
moet ik het antwoord nu schuldig blijven. Wij kunnen proberen om dat punt bij de schriftelijke beantwoording te betrekken.
4
Vragenuur van 12 mei 2022 De VOORZITTER: Dames en heren! Wegens technische problemen wordt de vergadering enkele
minuten geschorst. Wij proberen wethouder Streefland te bereiken, zodat zij in staat zal zijn om de vragen van de Volt-fractie te beantwoorden.
De voorzitter schorst daarop de vergadering. Na heropening van de vergadering spreekt de VOORZITTER als volgt:
Dames en heren! Ik heb begrepen dat wij kunnen doorgaan. Wethouder Van Hooijdonk is
vandaag echt van alle markten thuis. Zij zal de vragen van de heer Maas beantwoorden. De voorzitter stelt daarop opnieuw aan de orde:
2. Vragen van de Volt-fractie inzake Utrechtse steun aan de wederopbouw in Oekraïne. Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Wij danken de heer Maas voor deze
buitengewoon sympathieke vragen. Wij zijn met de oproep bekend. Ik denk dat iedereen zich daar iets bij kan voorstellen.
Het is een tijd waarin dit een zeer lastige vraag is, omdat de gewelddadigheden nog volop aan
de gang zijn. In Utrecht zijn wij volop bezig met het opvangen van vluchtelingen. Wij hebben veel sympathie voor bijdragen aan de wederopbouw. Wij stellen ons voor dat wij dat in Nederland wat
meer collectief organiseren, bijvoorbeeld via de VNG en samen met andere steden. Dan kunnen wij ons verbinden aan specifieke plekken in Oekraïne.
Op dit moment is het opvangen van vluchtelingen uit Marioepol in ontwikkeling. Het idee is
om mensen, als zij in Nederland zijn, eerst door de gemeente in dienst te nemen, zodat ze hier aan het werk komen, maar met het oog op een toekomst in Oekraïne, zodat ze vervolgens kunnen
werken aan projecten die zowel Utrecht als Marioepol ten goede komen, bijvoorbeeld stedenbouw. Daar denken wij aan. Dit is een aanmoediging om de komende tijd, afhankelijk van hoe de
ontwikkelingen zich in Oekraïne voltrekken, dit punt op de agenda te houden en om in Nederland breder te bekijken hoe gemeenten de collega's in Oekraïne bij de wederopbouw kunnen steunen.
De heer MAAS (Volt): Voorzitter! Wat nu aan de hand is, is dat vluchtelingen uit Marioepol hier
in dienst kunnen worden genomen. Dat is helder.
De VOORZITTER: Dames en heren! Dank u wel voor het beantwoorden van de vragen. Wij zijn
gekomen aan het einde van het vragenuur. Ik wens u allemaal een fijne avond toe. De voorzitter sluit daarop, te 17.38 uur, het vragenuur.
5
Vragenuur van 12 mei 2022 Lijst van toezeggingen, gedaan tijdens het vragenuur van 12 mei 2022.
Vragen van mevrouw Assen (PvdA) inzake "Is woningvoorrang voor vitale beroepen in de praktijk een wassen neus?"
Wethouder Van Hooijdonk •
Deelt mee dat wethouder Diepeveen de gestelde vragen (“Is woningvoorrang voor vitale beroepen in de praktijk een wassen neus?” vragenuur d.d. 12 mei 2022) betrekt en beantwoord in de in september toegezegde brief over de huisvestingsverordening en het middenhuur segment.
6