20220120 vragenuur.doc
Tekst van het document
2022 NOTULEN VRAGENUUR Vragenuur – 20 januari 2022
Vragenuur, gehouden op donderdag 20 januari 2022 te 17.00 uur. Het vragenuur vindt in verband met de coronamaatregelen niet plaats in de raadzaal, maar digitaal. Voorzitter: mevrouw De Boer. Aanwezig zijn de leden: Assen, Dekkers, Van Heuven, Gilissen, De Pagter, Raaijmakers, Rood,
Schipper, Van Steeg, Vonk, Wiegant en Wijmenga.
Namens het college zijn aanwezig: burgemeester Dijksma en de wethouders Diepeveen,
Eerenberg, Klein en Voortman.
Voorts zijn aanwezig de fractiemedewerkers: Dotinga en Essabiri.
Opening van het vragenuur. De VOORZITTER: Dames en heren! Welkom bij het vragenuur van de gemeenteraad van
Utrecht. Er zijn tien sets vragen ingekomen. Dat is vrij pittig, dus ik vraag de vragenstellers om zich vooral aan de tweeminutenregel te houden.
1. Vragen van de heer Schipper (SP), de heer Bosch (PVV), de heer Sungur (DENK) en de heer Dekkers (GroenLinks) inzake Voortgang Bedrijvencentrum Vechtenstein.
De heer SCHIPPER (SP): Voorzitter! Op 28 mei 2020 kwam in het vragenuur de opzegging van
de huur van de in bedrijvencentrum Vechtenstein gevestigde bedrijven aan de orde. De eigenaar had een initiatief ingediend om ter plekke woningbouw te laten plaatsvinden. Inmiddels had het college een intentiedocument goedgekeurd voor nader onderzoek. Enkele huurders zouden een
antikraakovereenkomst aangeboden krijgen, maar zijn daar niet op ingegaan omdat zij vonden dat
alle huurders er tot de sloop zouden moeten kunnen blijven en dat er geen sprake zou moeten zijn van willekeur. Deze huurders zijn vervolgens zeer tegen hun zin vertrokken.
Afgelopen week zijn wij benaderd door één van de voormalige huurders. Hij had ter plekke
geconstateerd dat de aanwezige bedrijfsunits nu via Ad Hoc met een antikraakcontract zijn verhuurd. Bijna twee jaar na dato lijkt het er dus op dat met de plannen nog geen voortgang is geboekt. Wij stellen hierover de volgende vragen.
Vragenuur van 20 januari 2022 1.
2.
Klopt het dat er nog geen enkele voortgang is te melden van de uitvoering van de in het
intentiedocument uit 2020 gepresenteerde woningbouwplannen? Zo nee, wat is er dan wél gebeurd? Wat is op dit moment de status?
De vragenstellers van destijds drongen erop aan dat de zittende huurders zo lang mogelijk
zouden kunnen blijven. Daar wilde het college zich destijds niet mee bemoeien. Nu sleept de
kwestie zich al twee jaar voort. Wat vindt het college ervan dat de reguliere huurders er zo vroeg 3.
zijn uitgezet?
Klopt het dat er op enig moment sprake was van een zodanige leegstand van het pand dat de eigenaar op verzoek van het college antikraakhuurders heeft aangetrokken?
De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! Ik beantwoord de vragen namens collega
Verschuure.
Het antwoord op vraag 1. Na de zomer van 2020 is samen met de eigenaar gestart met het
opstellen van een bouwenvelop. Tot net voor de zomer van 2021, dus bijna een jaar, zijn wij in goed overleg geweest om het plan uit te werken. Daarbij is gesproken over het woningbouwprogramma, het ontwerp, de duurzaamheidsambities en de invulling van de openbare ruimte. Net voordat de
participatie met de buurt over het plan zou starten, heeft de projectontwikkelaar gezegd twijfels te hebben over de haalbaarheid van de ontwikkeling. Daarom hebben wij het gesprek niet kunnen afronden. De eigenaar heeft eenzijdig gezegd het vastgoed te willen verkopen. Daarop is de
planontwikkeling stilgelegd. Omdat het pand op gemeentelijke erfpachtgrond staat, dient de
gemeente eerst akkoord te gaan met de beoogde koper. Er loopt nu een proces om te beoordelen of wij kunnen instemmen met de beoogde koper. Bovenstaande ontwikkelingen hebben tot gevolg dat het vaststellen van de bouwenvelop en de anterieure overeenkomst zijn vertraagd.
Het antwoord op vraag 2. Wij hebben destijds de eigenaar laten weten dat het zo lang
mogelijk laten zitten van de huurders onze voorkeur had. Wij betreuren het dat dit uiteindelijk niet is gebeurd.
Het antwoord op vraag 3. Eind vorig jaar werden wij door de eigenaar op de hoogte gesteld
van de koopovereenkomst op basis waarvan wij zagen dat de beoogde herontwikkeling langer op zich zou laten wachten dan was voorzien. Tegelijkertijd ontvingen wij van het wijkbeheer en van
Handhaving berichten van nachtelijke overlast op de parkeerplaats van het bedrijvencentrum en van pogingen tot inbraak. Gelet op de naderende jaarwisseling en een andere kraakpoging in Zuilen
hebben wij de eigenaar geadviseerd om het pand niet leeg te laten staan. De eigenaar heeft daarop antikraakbewoning aangetrokken.
De heer DEKKERS (GroenLinks): Voorzitter! Ik maak uit de vragen op dat er een koper in beeld
is. Is het al bekend welke plannen deze koper met het pand heeft?
De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! Dat is mij niet bekend. Ik weet eerlijk gezegd niet
of over nieuwe plannen wordt gesproken. Er moet eerst een toetsing van de beoogde koper plaatsvinden.
De heer SCHIPPER (SP): Voorzitter! Wij waren graag door het college van de plannen en de
gebeurtenissen op de hoogte gehouden. Kan de wethouder toezeggen dat hij de raad bij het zetten van de vervolgstappen in beeld blijft houden?
2
Vragenuur van 20 januari 2022 De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! Ik begrijp dat het in de raad over dit onderwerp
lang stil is geweest. Ik zeg graag toe dat het college de raad van de vervolgstappen op de hoogte houdt.
2. Vragen van mevrouw Dotinga (Student & Starter), mede namens de heer Vonk (GroenLinks), inzake zelfmoordpreventie Tuindorp West Complex.
Mevrouw DOTINGA (Student & Starter): Voorzitter! Helaas heeft bij het Tuindorp West
Complex het afgelopen jaar verscheidene keren een zelfmoordpoging plaatsgevonden. De pogingen worden meestal ondernomen door mensen die niet in het complex wonen. Zij springen van de flat naar beneden. Deze gebeurtenissen zijn droevig en kunnen traumatiserend zijn voor de bewoners van de flats. De fracties van Student & Starter en GroenLinks stellen daarom de volgende vragen. 1.
Is het probleem van het TWC als veelvoorkomende locatie voor zelfdoding bij het college in
beeld? Een aantal bewoners van het TWC heeft er bij de Stichting Studenten Huisvesting (SSH) op aangedrongen om meer te doen aan zelfmoordpreventie. Daarom zijn er posters van 113
opgehangen. Ook proberen zij onbekenden die over de galerij lopen in de gaten te houden. Ook spreken zij deze mensen aan. De SSH zegt verder geen maatregelen te kunnen nemen vanwege 2. 3. 4.
de monumentale status van het gebouw. Ook is er een gebrek aan capaciteit voor handhaving. Kan het college zeggen of het van plan is om op deze locatie inzake zelfmoordpreventie extra actie te ondernemen? Zo nee, waarom niet?
Is het college bereid om in gesprek te gaan met SSH om mogelijkheden te bekijken om meer aan zelfmoordpreventie te doen?
Zijn er in Utrecht meer suïcide hotspots? Zo ja, wat doet het college preventief om suïcide te voorkomen?
De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen.
Het antwoord op vraag 1. Het is altijd buitengewoon heftig als mensen geen andere uitweg
zien dan de suïcide. Ik kan mij goed voorstellen dat het voor de bewoners van deze flat zeer belastend is dat deze gebeurtenissen daar plaatsvinden.
De burgemeester wordt er altijd van op de hoogte gebracht als zo'n gebeurtenis plaatsvindt.
Het is vorig jaar twee keer gebeurd. Dat is twee keer te veel.
Via de politie en Stichting Studenten Huisvesting (SSH) worden de betrokkenen - de bewoners
van het complex - gewezen op de mogelijkheid van het inschakelen van slachtofferhulp. Wij weten dat een aantal bewoners van het complex er bij de SSH op heeft aangedrongen dat er meer moet gebeuren. Als eerste stap zijn posters opgehangen met informatie over het bekende
telefoonnummer 113. Er is ook een soort initiatief genomen dat ik buitengewoon fijn vind, namelijk
dat bewoners van het complex extra alert moeten zijn als er mensen over de galerij lopen, dat zij die moeten aanspreken en als er zaken gebeuren die er verdacht uitzien moeten zij handelen.
Het antwoord op de vragen 2 en 3. Wij zullen met SSH in overleg treden over wat er nog meer
mogelijk is om de preventie van suïcide ook op deze plek te voorkomen. Dat is ingewikkeld omdat het gebouw een gemeentelijk monument is, zodat er in fysieke zin weinig maatregelen zijn te
nemen. Wij zullen naar aanleiding van de vragen van de Student & Starter-fractie voor de bewoners
die dat willen een sessie organiseren over het signaleren en het bespreekbaar maken van psychische problemen in het licht van eerder door de Student & Starter-fractie gestelde vragen over kwetsbare jongeren.
Het antwoord op vraag 4. Andere hotspots zijn niet bij het college bekend.
3
Vragenuur van 20 januari 2022 Het is belangrijk te melden dat mensen die deze stream beluisteren en zelf worstelen met
suïcidale gedachten, altijd 113 kunnen bellen om adequate hulpverlening te kunnen krijgen.
De heer VONK (GroenLinks): Voorzitter! De wethouder gaf met zijn laatste opmerking een
mooie voorzet. Is hij bereid om ook naar aanleiding van de berichten van vorige week over de toename van het aantal zelfmoorden onder jongeren de komende tijd met jongeren- en
studentenorganisaties een campagne te voeren over hoe wij dit probleem bespreekbaar kunnen maken?
De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Ik ben daar zeker toe bereid. Ook in het
vragenuur van 30 september jl. heeft men daar - zeer terecht - aandacht voor gevraagd. Er zijn
verschillende activiteiten en campagnes die specifiek zijn gericht op studenten die naar aanleiding van corona worstelen met problemen van eenzaamheid en somberheid. De voorvallen in de
afgelopen week laten ons zien hoe belangrijk het is dat de maatschappij hierover gesprekken voert. Wij zullen die opnieuw aanslingeren.
Mevrouw DOTINGA (Student & Starter): Voorzitter! Veel dank voor de beantwoording. Het is
fijn dat de gemeente met Stichting Studenten Huisvesting in gesprek gaat.
Ik heb begrepen dat de suggestie is gedaan om gaas en hekwerken op de brandtrappen te
monteren om op die manier zelfmoordpreventie te bewerkstelligen. Daarop werd gezegd dat gaas en hekwerken op de brandtrappen niet mogelijk zijn vanwege de monumentale status van het gebouw. Zijn er andere mogelijkheden om hetzelfde doel te bereiken?
De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Het gebouw is een gemeentelijk monument. Dat
betekent dat er heel zuinig mee moet worden omgegaan. Wij zullen echter zeker in gesprek met
Stichting Studenten Huisvesting (SSH) bekijken wat er dan wél kan, bijvoorbeeld met de deur en de toegang. Wij moeten er scherp op toezien wie probeert binnen te komen, bijvoorbeeld als een
pakketje wordt bezorgd. Er zijn mogelijkheden, maar wij moeten ook het monument eren. Wij gaan
in gesprek. Ik zal ervoor zorgen dat de raad na afloop van dat gesprek een berichtje krijgt waarin wij vertellen hoe wij op deze plek verdergaan met de suïcidepreventie.
3. Vragen van de heer Wijmenga (ChristenUnie), de heer Van Steeg (CDA) en de heer Van Heuven inzake Een dagdeel op het stembureau?
De heer WIJMENGA (ChristenUnie): Voorzitter! Bij de behandeling van het raadsvoorstel
Centrale Stemopneming heeft de burgemeester naar aanleiding van motie 309 toegezegd om het mogelijk te maken dat vrijwilligers een dagdeel op het stembureau werken. Ze wil dit alleen niet
actief promoten. Volgens de ChristenUnie-fractie leidt het werken in dagdelen, wat tot voor kort in
Utrecht gewoon mogelijk was, tot meer mensen die beschikbaar zijn en zich kunnen inzetten voor de democratie in de stad. De verkiezingsdag is voor vrijwilligers op het stembureau immers heel lang, van vóór 07.00 uur 's ochtends tot gemiddeld 23.30 uur 's avonds.
Inmiddels worden stembureauleden, tellers en andere vrijwilligers alweer enkele weken actief
geworven. Het blijkt alleen dat nergens melding wordt gemaakt van de mogelijkheid voor mensen om zich een dagdeel in te zetten. Daarover hebben wij de volgende vragen.
4
Vragenuur van 20 januari 2022 1.
2. 3.
Is het op dit moment mogelijk voor mensen om zich voor een dagdeel als stembureaulid in te schrijven in lijn met de toezegging van de burgemeester? Bijvoorbeeld, waarom wordt dit niet vermeld op www.mijnstembureau-utrecht.nl?
Welke actie zal nog worden ondernomen om vrijwilligers ervan in kennis te stellen dat zij zich ook voor alleen een dagdeel kunnen aanmelden?
Als dit nu al mogelijk is, welke ervaring heeft de gemeente dan met inschrijvingen in de praktijk? Kiezen mensen eerder voor een hele dag dan voor alleen een deel van de dag? Mevrouw DIJKSMA (burgemeester): Voorzitter! Dank voor de vragen.
Het antwoord op vraag 1. Zoals ik tijdens het debat heb beloofd, is dat mogelijk, maar geven
wij daar geen actieve promotie aan. Dat betekent dat wij op de site waar mensen zich aanmelden om mee te helpen bij het verkiezingsproces aan deze mogelijkheid aandacht besteden. Wij hebben dat recent aan de site toegevoegd, zodat mensen kunnen zien dat zij zich voor een dagdeel kunnen aanmelden. Op dit moment hebben twee vrijwilligers met ons contact opgenomen. Zij hebben gezegd dat ze graag een dagdeel willen meedoen. Zij zijn voor één dagdeel ingepland. Ik denk dat ik hiermee de drie vragen van de heer Wijmenga heb beantwoord.
De heer VAN HEUVEN (PvdD): Voorzitter! Ik heb een aanvullende vraag. Vrijwilligers zitten daar
een hele dag. De catering wordt voor hen verzorgd. De PvdD-fractie zou graag willen dat deze
catering, net als bij vergaderlunches, vegetarisch is, tenzij de mensen vooraf te kennen geven liever vlees of vis te eten. Is voor stembureaus het invoeren van een "vegetarisch, tenzij" mogelijk?
Mevrouw DIJKSMA (burgemeester): : Voorzitter! Tot nog toe hebben wij zowel voor het
Stadskantoor als voor de Jaarbeurs, waar de centrale stemopneming plaatsvindt, inderdaad besloten dat het adagium wordt gehanteerd "vegetarisch, tenzij anders is aangegeven".
De heer WIJMENGA (ChristenUnie): Voorzitter! Dank ervoor dat dit sinds deze week wél
mogelijk is. Volgens mij is dit naar aanleiding van mijn vragen aan de website toegevoegd. De
afgelopen week stond dit er zeker niet op. Ik vind het echter jammer dat dit niet direct is gedaan.
Wellicht kan de burgemeester daar nog even op reageren. Het is fijn dat dit nu mogelijk is, maar de toezegging was volgens mij iets anders.
Mevrouw DIJKSMA (burgemeester): : Voorzitter! Ik zou graag een kleine nuance willen
aanbrengen in de conclusie van de heer Wijmenga. Hij zegt dat het pas vanaf nu mogelijk is, maar dat is niet zo. Bij mijn weten hebben de twee vrijwilligers zich al eerder gemeld. Ook toen was het
mogelijk, maar wij hebben wél, naar aanleiding van de vragen van de heer Wijmenga, gezegd dat het wijs is om deze optie bij de veelgestelde vragen nadrukkelijk te noemen. Daarmee blijf ik binnen de belofte, maar het was al vanaf het begin mogelijk dat mensen ernaar vroegen. Nu laten wij via de website - met dank aan de heer Wijmenga - extra zien dat dit een optie is.
4. Vervolgvragen van de heer El Abassi (DENK) over de Utrechtse afvalberg: bergen grofvuil in Kanaleneiland.
De heer ESSABIRI (DENK): Voorzitter! De afgelopen jaren kampt de wijk Kanaleneiland met
overlast van grofvuil. Dat heeft voornamelijk te maken met de aan diverse woningcorporaties
afgegeven omgevingsvergunningen inzake groot onderhoud en renovaties van de woningen. Voor dit
5
Vragenuur van 20 januari 2022 soort grootschalige projecten zijn afspraken gemaakt in het kader van het Algemeen Sociaal Plan
waarbij uitdrukkelijk is gezegd dat de woningcorporaties verantwoordelijk zijn voor het plaatsen van containers ten behoeve van de afvoer van grofvuil. Verscheidene keren is door bewoners
geconstateerd dat door de corporaties geen afvalcontainers worden geplaatst of dat die niet tijdig worden geledigd. Wanneer bewoners de corporatie wijzen op de naar aanleiding van
renovatiewerkzaamheden in het ASP opgenomen verplichting inzake grofvuil wordt gezegd dat grofvuil bij de gemeente moet worden gemeld. De bewoners hebben dat echter gedaan.
Naar aanleiding van het bovenstaande en de beantwoording van de schriftelijke vragen inzake
de "Utrechtse afvalberg: bergen grofvuil in Kanaleneiland", jaargang 2021 nummer 291, stellen wij de volgende vragen. 1.
Is het college met ons eens dat de aanvrager van de vergunning - in dit geval de corporatie(s) en/of de aannemer van het geplande groot onderhoud en de renovatiewerkzaamheden zoals
geregeld in het ASP - verantwoordelijk zijn voor het grofvuil dat ontstaat naar aanleiding van de geplande werkzaamheden? Zo nee, waarom niet? Zo ja, wat denkt het college te doen om de 2.
afspraken uit het ASP te handhaven?
Is het college met ons eens dat verwijzen naar de 'aanpak hotspots' niet passend is, want het
probleem ligt bij de corporatie en de aannemer en niet bij de bewoners? Zo nee, waarom niet? Zo ja, welke andere aanpak denkt de gemeente toe te passen?
De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! In het licht van het Algemeen Sociaal Plan (ASP)
valt het onder de verantwoordelijkheid van de woningbouwcorporaties om te zorgen voor het
ophalen en afvoeren van grofvuil bij renovaties, nieuwbouw en sloop. Daarnaast dragen de bewoners zelf de verantwoordelijkheid om het grofvuil volgens de regels aan te bieden of in de containers te doen die de woningbouwcorporaties beschikbaar stellen dan wel door het maken van een gratis
ophaalafspraak bij de gemeente. Wij moeten net als de heer Essabiri constateren dat bij dergelijke
projecten er nog steeds veel overlast is van grofvuil. Wij spannen ons in om daar gezamenlijk met de woningbouwcorporaties een oplossing voor te vinden. Wij doen dat onder andere door
woningbouwcorporaties de mogelijkheid te bieden om containers voor grofvuil bij Stadsbedrijven te huren. Dan betaalt de gemeente de verwerkingskosten. Wij maken het op die manier de woningbouwcorporaties gemakkelijk.
Daarnaast onderzoeken wij de mogelijkheden om de afspraken over grofvuil bij nieuwbouw,
sloop en renovatie vast te leggen in de bouw- en sloopvergunning, aanvullend op de afspraken bij het Algemeen Sociaal Plan.
Komende maandag, 24 januari 2022, is met Bo-Ex een gesprek gepland over de in
Kanaleneiland ontstane situatie. Wij zullen de komende tijd met de andere woningbouwcorporaties spreken om in de toekomst dit soort situaties te voorkomen.
De heer ESSABIRI (DENK): Voorzitter! Wanneer kunnen wij van de wethouder een
terugkoppeling verwachten?
De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! Het lijkt mij goed om na de gesprekken met de
corporaties die aan de raad terug te koppelen. Wij zullen dat doen.
5. Vragen van mevrouw Assen (PvdA), mevrouw Meerding (VVD), de heer Van Steeg, (CDA), de heer Sungur (DENK) en de heer Wiegant (SP) inzake Parkeerplaatsen voor leerkrachten Dichterswijk.
6
Vragenuur van 20 januari 2022 Mevrouw ASSEN (PvdA): Voorzitter! Het tekort aan leerkrachten in Utrecht is snel toegenomen,
zo blijkt uit de peiling van 1 oktober 2021. Het staat nu op 7,3%. Daarmee behoort Utrecht tot de vijf steden waar het lerarentekort het hoogst is. De voornaamste redenen zijn werkdruk, stress, hoge woonlasten en te weinig goede randvoorwaarden. In de raadsbrief van 27 oktober 2021 wordt
gesteld dat er structureel landelijk beleid met structurele financiering moet komen zodat scholen
kunnen blijven werken aan goed onderwijs. Maar, zo wordt tevens gesteld, ook lokaal kunnen acties en maatregelen worden genomen om het lerarentekort te bestrijden. Genoemd worden voldoende
betaalbare woningen, het bereikbaar blijven van de stad en het creëren van betere randvoorwaarden. Wij hebben van basisschool De Kleine Dichter een urgente oproep gekregen. Door het
invoeren van betaald parkeren in de wijk is de school op jaarbasis EUR 1668 per parkeervergunning kwijt. Voor de zes benodigde vergunningen komt dat neer op zo'n EUR 10.000. Dat is geld dat de
leerkrachten zelf moeten betalen of het gaat van het budget van de school af. Wij hebben hierover de volgende vragen. 1.
2.
3.
4.
Is de wethouder bekend met dit signaal en is hierover met de school contact geweest? Wat is de reactie van de wethouder op de brief over het feit dat er onderwijsgeld of salaris van leerkrachten naar dure parkeerplekken gaat?
Is de wethouder ermee bekend dat zich naast de school een stukje doodlopende weg bevindt dat van bijvoorbeeld 8.00 uur tot 17.00 uur perfect kan worden omgevormd tot een "work and ride" voor docenten? Is de wethouder bereid om deze mogelijkheid te onderzoeken?
Is de wethouder bereid om op korte termijn met De Kleine Dichter in gesprek te gaan om
hiervoor een oplossing te zoeken, waarbij het beschikbaar stellen van parkeerplaatsen een mogelijkheid is? Zo nee, waarom niet?
Is de wethouder bereid om stadsbreed concrete stappen te zetten om de randvoorwaarden die
lokaal kunnen worden geregeld ook daadwerkelijk te regelen en om zo leerkrachten te behouden voor Utrechtse leerlingen? Zo ja, aan welke concrete maatregelen wordt dan gedacht? Kan de raad hierover een stappenplan worden voorgelegd?
Mevrouw KLEIN (wethouder): Voorzitter! Veel dank voor de vragen.
Het antwoord op vraag 1. De situatie rond het betaald parkeren bij basisschool De Kleine
Dichter is ons bekend. Er zijn verscheidene contacten geweest van de gemeente met de school.
Daarbij zijn alternatieven aan bod gekomen, bijvoorbeeld parkeren op afstand, openbaar vervoer en
deelfietsen. Als de plek waar de school staat wordt bekeken, blijkt dat die goed bereikbaar is, zowel per fiets als met het OV. De school ligt op tien minuten lopen van Utrecht CS en op een kwartier fietsen van P+R Westraven. Het beleid in Utrecht is bekend. Dat richt zich op minder auto's. Wij
onderzoeken daarom niet hoe er meer parkeerplaatsen kunnen worden gecreëerd. Het is juist de bedoeling om de aanwezigheid van auto's verder terug te dringen.
Het antwoord op vraag 2. Wij zijn met deze strook bekend. De kiss&ride-strook aan de
Heicopstraat wordt op dit moment niet langer gebruikt als kiss&ride en is niet langer openbaar toegankelijk, omdat die onderdeel uitmaakt van het bouwterrein aan de Heicopstraat. Na de werkzaamheden komt de strook daar niet meer terug.
Het antwoord op vraag 3. Wij hebben dat gedaan. Er zijn verscheidene gesprekken gevoerd. Er
is over de parkeerplaatsen gesproken. Ook is er gezegd dat er veel beroepsgroepen zijn waarvoor
dan hetzelfde zou moeten gebeuren. Wel is gesproken over parkeren op afstand, openbaar vervoer en het starten van een fietsplan. Uiteindelijk is de bereikbaarheid het belangrijkste punt. Dat
betekent niet automatisch dat dit alleen kan door ergens te parkeren. Ook moet de afweging worden gemaakt hoe kan worden gezorgd voor een goede kwaliteit van de openbare ruimte en duurzaam
7
Vragenuur van 20 januari 2022 vervoer. Als wethouder kan ik niet door de raad vastgestelde zaken zoals het mobiliteitsplan, de parkeervisie en de parkeertarieven naast mij neerleggen.
Het antwoord op vraag 4. Wij werken continu vanuit Utrecht Leert met de partners en scholen
aan het binden en behouden van leraren. Daarmee zijn drie pijlers gemoeid: het aantrekken en behouden van onderwijstalent, het opleiden en begeleiden in de school en anders opleiden.
Wat ook is genoemd, behalve de bereikbaarheid, is inderdaad wonen. Ook daarover zijn
schriftelijke vragen gesteld. Die zullen op korte termijn worden beantwoord. Die kan men tegemoetzien.
De heer VAN STEEG (CDA): Voorzitter! De wethouder zegt dat het door het parkeren op
afstand vijftien minuten langer duurt voordat men op het werk is. Is de wethouder het ermee eens dat zij van Utrecht voor leraren van buiten Utrecht een onaantrekkelijke werkplek maakt?
Mevrouw KLEIN (wethouder): Voorzitter! Het ligt eraan waar de school zich bevindt. In dit
geval is de school goed bereikbaar met het openbaar vervoer. Als dat bijvoorbeeld niet van deur tot
deur is, is het ook mogelijk om met de auto naar de P+R in Hoograven te gaan. Die biedt een goede mogelijkheid om op de bestemming te komen.
Mevrouw ASSEN (PvdA): Voorzitter! Als de realiteit niet is wat de wethouder zegt - dat
alternatieven een optie zijn - kan men leraar in een andere gemeente worden. Als de consequentie daarvan is dat er leraren vertrekken, vindt zij het dan waardevol om aan deze gedachte vast te houden?
Mevrouw KLEIN (wethouder): Voorzitter! Als wethouder Onderwijs zal ik mij ervoor blijven
inzetten dat wij echt zowel leerlingen als leraren mogelijkheden bieden. Dat is er de reden van dat met scholen gesprekken worden gevoerd over hoe men ergens ook op een andere manier kan
komen. Als er echt plekken zijn waar dat onmogelijk is, dan is dat iets dat moet worden bekeken.
Dat betekent wél dat het mobiliteitsbeleid moet worden aangepast. Dat is niet iets dat ik zomaar kan doen. Dat is iets wat de raad vaststelt en wat de raad moet beoordelen.
6. Vragen van mevrouw Raaijmakers (PvdA), de heer Bakker (D66), mevrouw Kleinrensink,
(GroenLinks), mevrouw Sturkenboom (Student & Starter), de heer Wiegant (SP), de heer Sungur, (DENK) en de heer Van Heuven (PvdD-fractie) inzake Oplopende coronakosten kwetsbare doelgroepen.
Mevrouw RAAIJMAKERS (PvdA): Voorzitter! De kosten om aan de coronamaatregelen te
voldoen, kunnen behoorlijk oplopen. Denk aan hygiënische producten, zelftesten en sinds kort zijn er ook medische mondkapjes. Betrokkenen die met kwetsbare doelgroepen werken, hebben bij ons aan de bel getrokken vanwege de almaar oplopende coronakosten. Individuen en organisaties die bijvoorbeeld met dak- en thuislozen werken, bekostigen deze middelen zelf. Met sommige
organisaties heeft de gemeente een subsidierelatie. Het is onwenselijk dat geld dat bedoeld is voor hulp aan kwetsbare groepen noodgedwongen moet worden besteed aan o.a. zelftesten. Voor het onderwijs zijn zelftesten beschikbaar gesteld, maar dat geldt niet voor bijvoorbeeld de maatschappelijke opvang.
8
Vragenuur van 20 januari 2022 De fracties van PvdA, D66, GroenLinks, Student & Starter, SP, DENK en PvdD vinden het een
maatschappelijke taak om ervoor te zorgen dat kwetsbare doelgroepen in Utrecht worden beschermd.
Naar aanleiding hiervan stellen wij de volgende vragen.
1.
Is de gemeente bekend met de zorgen die betrokkenen die werken met kwetsbare doelgroepen
2.
Is de gemeente het met de vragenstellers eens dat het een maatschappelijke taak is om ervoor te
3.
uiten over de oplopende coronakosten die zij moeten maken?
zorgen dat kwetsbare doelgroepen in Utrecht worden beschermd en dat de genoemde kosten niet op betrokkenen moeten worden afgewenteld?
Is de gemeente bereid om deze betrokkenen in hun kosten tegemoet te komen? Zo ja op welke manier?
De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Dit is mijn op één na laatste bijdrage als tijdelijke
vervanger van onze oud-collega de heer Van Ooijen.
Dank voor het stellen van de vragen. Dit is inderdaad een relevant thema. Het is bekend dat
de kosten hard kunnen oplopen, zeker als het regelmatig testen van mensen aan de orde is.
Het antwoord op vraag 1. Wij zijn ermee bekend dat de kosten flink kunnen oplopen, onder
andere door de zelftesten. Er is inmiddels één aanbieder die zich bij ons heeft gemeld over het feit dat de kosten dermate oplopen dat zij daarover verder wil spreken.
Het antwoord op vraag 2. Wij vinden het buitengewoon belangrijk dat kwetsbare mensen
worden beschermd tegen het coronavirus. Wij hebben daartoe tal van zaken georganiseerd. Er
worden bij Herstart mondkapjes uitgedeeld. De mensen worden voordat zij binnenkomen getest zodat zij niet onbewust anderen kunnen besmetten. In de Koploperstraat is een speciale
isolatielocatie voor kwetsbare besmette personen zodat zij daadwerkelijk in isolatie kunnen gaan.
Dat is niet altijd mogelijk op de plek waar zij elders verblijven. Hetzelfde geldt overigens ook voor mensen die geen recht op opvang hebben, zoals ongedocumenteerden. Daarnaast hebben wij de
afgelopen tijd voor mensen met een kleine beurs en met een U-pas via de wijkbureaus mondkapjes beschikbaar gesteld. De zelftesten die wij van VWS krijgen - die laten helaas nog wat op zich
wachten - zullen wij op een vergelijkbare manier verspreiden. De GGD is zeer actief bezig met testen ná besmetting. Wij willen alles op alles zetten om te voorkomen dat juist binnen deze kwetsbare groepen een uitbraak van het virus plaatsvindt.
Het antwoord op vraag 3. Ja, wij hebben sinds het begin van de pandemie een
coronameerkostenregeling voor aanbieders. Die loopt overigens via het Rijk. Dat betekent dat als aanbieders meerkosten maken - ook betreffende de jeugd - wij die dan vergoeden.
Op dit moment zijn wij met het Rijk in gesprek om dezelfde regeling voor 2022 te verlengen.
Zodra deze afspraken bekend zijn, zullen wij de raad daarvan via de reguliere coronabrief op de
hoogte stellen. Onze insteek en onze boodschap aan het Rijk is dat er geen aanbieder of kwetsbare
groep op achteruit moet gaan, want zij hebben er niet voor gekozen. Het werk moet gewoon kunnen doorgaan. Dank u wel.
Mevrouw RAAIJMAKERS (PvdA): Voorzitter! Veel dank voor de heldere antwoorden van de
wethouder. Ik ben blij dat het lobbyen in de richting van het Rijk wordt verlengd.
De wethouder zegt dat bezoekers van de dak- en thuislozenopvang worden getest, maar
betalen die organisaties de testen op dit moment niet zelf?
9
Vragenuur van 20 januari 2022 De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Voor de mensen in de opvang vallen de kosten
onder de coronameerkostenregeling. Waar dat knelt, kunnen de aanbieders dat in het maandgesprek
met ons bespreken. Dan bekijken wij wat er mogelijk is. Zodra wij meer duidelijkheid hebben over de verlenging van de coronameerkostenregeling, zullen wij dat in de coronabrief opnemen. Wij zullen
dan ook melden wat dat in de praktijk betekent. Een maandgesprek heeft een vervolg. Dan kunnen wij dat mooi aan de raad terugkoppelen.
7. Vragen van mevrouw Raaijmakers (PvdA) en de heer Wiegant (SP) inzake Transitie Hulp bij het huishouden.
De heer WIEGANT (SP): Voorzitter! Deze vragen worden mede gesteld namens de PvdA-fractie. In het commissiedebat van 2 december jl. over de transitie Hulp bij Huishouden zijn enkele
toezeggingen gedaan die nog niet zijn nagekomen. Ondertussen is de wachttijd met een maand
opgelopen. Dat doet vermoeden dat er minder werknemers overgaan dan gehoopt. Ook horen de
indieners signalen dat er schrijnende situatie ontstaan bij mensen waar de hulp is vertrokken en die daardoor weer achteraan op de wachtlijst komen. De fracties van de SP en PvdA vinden dat de urgentie hoog is. Daarom stellen zij de volgende vragen. 1.
Hoe groot is de wachtlijst voor Hulp bij Huishouden? Vindt het college dat acceptabel? Zo nee,
2.
Hoeveel medewerkers zijn sinds 1 januari jl. overgegaan naar nieuwe aanbieders?
3. 4.
wat gaat het doen om die weg te werken?
Kan het college ervoor zorgen dat mensen die al hulp kregen niet opnieuw op de wachtlijst komen als de huidige hulp vertrekt?
De volgende toezeggingen zijn gedaan: -
Vertegenwoordigers van de werkvloer zouden via de FNV betrokken worden in de werkgroep
-
De FNV zou betrokken worden bij de voorbereidingen van de informatiebijeenkomsten in
voor transitie; 2022;
-
De gemeentelijke website zou worden aangepast zodat duidelijk is dat continuïteit van zorg boven de nieuwe gebiedsindeling gaat;
Het overleg tussen wethouder en FNV zou worden voortgezet;
Waarom zijn deze toezeggingen niet nagekomen? Wanneer worden deze wél nagekomen? De VOORZITTER: Dames en heren! Wethouder Eerenberg vervangt de vroegere wethouder Van
Ooijen.
De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen. Het lijkt erop dat mevrouw
Streefland wethouder Van Ooijen zal opvolgen. Derhalve zal dit mijn laatste optreden als vervanger van wethouder Van Ooijen zijn.
Het antwoord op vraag 1. Op dit moment staan er 383 mensen op de wachtlijst. De wachtlijst
neemt af. Dat is de trend. In december stonden er 588 cliënten op de wachtlijst. Er is een flink aantal afgegaan, maar elke cliënt op de wachtlijst is er één te veel. Dat heeft ook te maken met de krapte
op de arbeidsmarkt waardoor het ook voor aanbieders zelf erg moeilijk is om de capaciteit op orde te krijgen. Dat is een landelijke trend.
Wij zijn voortdurend in gesprek met de aanbieders over de vraag wat zij nog meer kunnen
doen om de wachtlijsten en de wachttijden te verkorten. Wij bekijken of andere scenario's mogelijk zijn voor extra capaciteit specifiek voor de transitieperiode tot 1 mei a.s. Wij zullen de raad in de
10
Vragenuur van 20 januari 2022 toegezegde raadsbrief in februari a.s. concreet op de hoogte brengen van de dan actuele stand van de wachtlijst en van de uitwerking van het scenario om de wachtlijst nog verder te verkorten, zeker in de tijd tot 1 mei a.s.
Het antwoord op vraag 2. 60% van de cliënten van de organisaties die per 1 januari jl. zijn
gestopt, krijgen vaste hulp. In totaal zijn 77 hulpen van partijen die per 1 januari jl. zijn gestopt in
dienst gekomen van nieuwe aanbieders. Dat betekent dat niet alle hulpen overgaan. Dat heeft ook te maken met het feit dat zij bij de aanbieder waar zij al waren andere werkzaamheden doen,
bijvoorbeeld taken in het kader van de Wet langdurige zorg. Per 1 mei a.s. komen cliënten van organisaties die een contractverlenging hebben ondertekend allemaal over naar de nieuwe
aanbieders. Wij zetten erop in dat deze transitie zoveel mogelijk gepaard gaat met het gelijktijdig overgaan van de hulpen.
Het antwoord op vraag 3. De cliënten die zonder hulp zijn overgekomen van de aanbieders
die per 1 januari jl. zijn gestopt, zijn bij andere zorgaanbieders geplaatst. Het kan in de komende
tijd voorkomen dat mensen die al hulp krijgen om allerlei andere redenen te maken krijgen met het vertrek van hun hulp. Het lukt niet altijd om deze mensen direct van een nieuwe hulp te voorzien.
Dat is heel spijtig. De groep krijgt echter voorrang op nieuwe aanmeldingen. Wij doen er alles aan om de huidige groep zo goed mogelijk te steunen en om de wachttijd zo kort mogelijk te maken.
Het antwoord op vraag 4. De vertegenwoordigers van de werkvloer zijn er wel bij betrokken
geweest, maar op korte termijn worden alle overgekomen hulpen benaderd met de vraag over input. Wij zullen de FNV uitnodigen om ook bij die gesprekken input te leveren.
Het antwoord op vraag 5. In de commissievergadering heeft oud-collega Van Ooijen in
december jl. over hulp in de huishouding gezegd dat het college liever had gezien dat de FNV op de informatiemarkten aanwezig zou zijn geweest. Maar dat is indertijd een keuze geweest van de aanbieders die deze markten organiseerden.
Het antwoord op vraag 6. De toezegging over de gemeentelijke website. De webpagina is
inmiddels aangepast. Wanneer een hulp in twee gebieden werkt, maar niet kan of wil kiezen tussen twee cliënten, is maatwerk mogelijk. Dat staat volgens mij goed op de website.
De laatste toezegging ging over het overleg tussen de wethouder en de FNV. Dat heeft
plaatsgevonden op 15 oktober en 30 november 2021. Er was een overleg gepland in december, maar dat is vanwege het vertrek van de wethouder naar Den Haag verzet. Er wordt een nieuw overleg gepland met de nieuwe wethouder Maatschappelijke Ondersteuning.
De VOORZITTER: Dames en heren! Deze beantwoording duurde langer dan drie minuten, maar
was voor deze portefeuille de laatste keer. Wij zien dat door de vingers.
Mevrouw RAAIJMAKERS (PvdA): Voorzitter! Ik heb een vraag over de communicatie met de
cliënten. Er zijn berichten dat die verbetering behoeft. Veel mensen weten niet dat de wachtlijst zo
lang is en dat zij daarom na hun aanmelding niets meer horen. Zij worden echter ook niet allemaal
goed geïnformeerd. Ook is het Wmo-loket slecht bereikbaar. Men moet vaak langer dan een halfuur wachten. Wil de wethouder zich ervoor inzetten dat de communicatie verbetert en dat dit in de brief aan de raad kan worden teruggekoppeld?
De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Het antwoord daarop is twee keer "ja". De heer WIEGANT (SP): Voorzitter! Dank voor de beantwoording. Die was vrij helder. Ik kijk uit
naar de brief en naar de invulling van de toezeggingen.
11
Vragenuur van 20 januari 2022
De VOORZITTER: Dames en heren! De volgende vragen zouden worden gesteld door de heer
Rood. Er zijn echter problemen met de verbinding. Derhalve komen eerst de vragen onder nummer 9 aan de orde.
9. Vragen van de heer De Pagter (VVD) inzake de Woerdlaan. De heer DE PAGTER (VVD): Voorzitter! Afgelopen weekend was de VVD-fractie in gesprek met
inwoners van De Meern. Op de Woerdlaan werden ons door een aantal inwoners verscheidene vragen over de staat van het wegdek gesteld. Zelf konden wij waarnemen dat die staat niet heel goed is. Hetzelfde wordt aangegeven door een waarschuwingsbord dat er al lange tijd schijnt te staan. Daarom stellen wij het college de volgende vragen. 1.
Is het correct dat de gemeente heeft geconstateerd dat het wegdek op de Woerdlaan slecht is en
2.
Klopt het dat deze borden daar al twee jaar staan? Zo ja, is het college het met de VVD-fractie
3. 4.
dat daar zelfs door de gemeente waarschuwingsborden voor zijn geplaatst? eens dat dit onacceptabel is?
Waarom heeft het college het wegdek nog niet vernieuwd?
Is het college het met de VVD-fractie eens dat het wegdek zo snel mogelijk moet worden vernieuwd? Zo ja, op welke termijn zorgt het college daarvoor? Zo nee, waarom niet?
De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! Het antwoord op de vragen 1 en 2. Het is de heer
De Pagter zeker bekend dat het wegdek van de Woerdlaan in slechte staat verkeert en ook dat er
waarschuwingsborden staan. Die staan er al een tijdje. Het is de heer De Pagter volgens mij bekend dat er vanaf dit jaar in de omgeving van de Woerdlaan nieuwe woningen worden gerealiseerd.
Vanwege deze bouwontwikkelingen en de koppelkansen die deze werkzaamheden hebben voor de
vervanging van de riolering, zijn de werkzaamheden aan de wegen, ook aan de Woerdlaan, gepland
voor het jaar 2023. Het project is opgenomen in het Meerjarige investeringsprogramma. Dat heeft de raad ontvangen op 30 november 2021. Op basis van de resultaten van de weginspectie uit 2019 was deze planning verantwoord.
Geconstateerd werd dat er voor het noordelijke deel sprake is van beeldkwaliteit A en voor het
zuidelijke deel van beeldkwaliteit B. In 2021 heeft opnieuw een weginspectie plaatsgevonden. De
resultaten daarvan worden op dit moment verwerkt. Wij hebben daar vanwege de vragen navraag
naar gedaan. Het blijkt dat beeldkwaliteit B geldt voor het noordelijke deel en beeldkwaliteit D voor het zuidelijke deel. Er heeft de afgelopen twee jaar een achteruitgang plaatsgevonden. Dat is voor
ons reden om op korte termijn klein onderhoudreparatiewerk uit te voeren. Wij zullen dat zo spoedig mogelijk doen, vooruitlopend op de grotere aanpak in 2023.
Het antwoord op de vragen 3 en 4. De woningbouw die zal plaatsvinden leidt waarschijnlijk
tot achteruitgang van de wegen. Er moet bouwverkeer overheen. Wij zullen de grote aanpak in 2023 doen en op de korte termijn pakken wij de gedeelten aan waar dat het meest noodzakelijk is. De heer DE PAGTER (VVD): Voorzitter! Veel dank voor het antwoord. 8. Vragen van de heer Rood (GroenLinks), de heer Saïah (D66) en mevrouw Raaijmakers (PvdA) inzake Uitwerking Utrechtse mensenrechtenstrategie.
12
Vragenuur van 20 januari 2022 De heer ROOD (GroenLinks): Voorzitter! De fracties van GroenLinks, D66 en PvdA zijn blij met
de ambitie van het college om samen met de lokale partners de mensenrechten structureel in het
DNA van de stad te verankeren en sterker te borgen in het gemeentelijke werkproces. Het college heeft daartoe toegezegd in Q2 2022 een integrale visie op inclusie te presenteren, waarin ook aandacht zal zijn voor de lokale mensenrechtenstrategie, inclusief benodigde budgetten.
Op woensdag 16 maart 2022 vinden de gemeenteraadsverkiezingen plaats, waarna een nieuw
coalitieakkoord zal worden opgesteld. De fracties van GroenLinks, D66 en PvdA delen de ambitie van
het college om in Utrecht de mensenrechten sterker te verankeren. Deze fracties zijn van mening dat een toekomstige coalitie de beslisinformatie moet hebben om hiertoe in het volgende coalitieakkoord afspraken te kunnen maken. Daarom stellen wij de volgende vragen. 1.
Is de wethouder bereid om nog voor de verkiezingen voorstellen uit te werken voor de lokale
2.
Is de wethouder bereid om als onderdelen van deze strategie daarbij ook de opties van een
3. 4.
mensenrechtenstrategie, inclusief de benodigde budgetten?
Utrechtse Mensenrechten Declaratie, een periodiek onderzoek naar mensenrechten in Utrecht en een Utrechts Actieplan Mensenrechten uit te werken?
Kan de wethouder bij deze uitwerking de lokale mensenrechtenpartners betrekken?
Is de wethouder bereid om deze informatie aan te bieden in het publieke overdrachtsdossier dat na de verkiezingen aan de burgemeester wordt aangeboden ter voorbereiding van de onderhandelingen?
Mevrouw VOORTMAN (wethouder): Voorzitter! De betrokkenheid van de fracties en in het
bijzonder die van de heer Rood valt zeer te prijzen. Wij danken de fracties daarvoor.
Het thema mensenrechten dient inderdaad een belangrijke plek te krijgen in de nieuwe
aanpak op inclusie die in de loop van 2022 zal worden gepresenteerd. Voor de uitwerking van de nieuwe aanpak inclusie, en daarmee dus ook het onderwerp mensenrechten, richten wij een
zorgvuldig proces in met een scherp oog voor het betrekken van onze lokale Utrechtse partners. Daarnaast worden ook de kosten die worden voorzien bij het verstevigen en uitwerken van een
dergelijk initiatief op het gebied van mensenrechten in beeld gebracht. Daarmee wordt het nieuwe
college in staat gesteld om uiteindelijk de scoop van de ambitie op dit thema zelf richting te geven. De heer Rood stelt mij een vraag over het onderzoeken van verschillende opties. De
daadwerkelijke uitwerking van de mensenrechtenstrategie en mogelijke instrumenten worden in
afstemming met partners in de stad gemaakt. Gedurende dat proces willen wij zo breed mogelijk
verkennen welke opties bij de uitwerking van een dergelijk initiatief het meest passend zijn, zoals de lokale mensenrechtenstrategie. De voorbeelden die de heer Rood noemt, vind ik heel goed om daarbij te betrekken.
Vraag 3 heb ik eigenlijk al beantwoord met "ja".
De heer Rood vraagt of ik die informatie wil aanbieden in het publieke overdrachtsdossier. Ik
heb geen betrokkenheid bij het overdrachtdossier. Dat dossier heeft een ambtelijke status en wordt als zodanig voorbereid. Ik kan daar geen toezeggingen over doen, maar het lijkt mij voor de hand
liggen om dat vervolgens in het dossier te delen, zodat partijen een goede beslissing kunnen nemen. Op die manier kan het, maar ik ga zelf niet sturen op wat er in dat dossier komt. Ik hoop dat ik hiermee de vragen goed heb beantwoord.
De VOORZITTER: Dames en heren! Ik constateer dat er geen aanvullende vragen worden
gesteld.
13
Vragenuur van 20 januari 2022 De heer ROOD (GroenLinks): Voorzitter! Dank voor de beantwoording en voor uw inzet inzake
de mensenrechten. Wij zien de informatie gaarne tegemoet. Wij zijn daar erg nieuwsgierig naar. 10. Vragen van de heer Gilissen inzake spelen in de Breedstraatbuurt. De heer GILISSEN (VVD): Voorzitter! Het college heeft de schriftelijke vragen van de VVD-
fractie over de Lauwershof beantwoord. Wij hebben daarover al eerder schriftelijk vragen gesteld. De speeltuin daar staat op de nominatie te verdwijnen. Wij proberen dat te voorkomen. Over de beantwoording hebben wij de volgende vragen. 1.
2.
Het college stelt dat de grond in erfpacht is uitgegeven aan Portaal.
Was het bekend bij aanleg van de speeltuin dat dit op in erfpacht uitgegeven grond gebeurde? Zo nee, hoe beoordeelt u dat? Zo ja, welke afspraken zijn er bij de aanleg met de erfpachter gemaakt?
Deelt het college onze conclusie dat de gemeente zonder toestemming van de erfpachter
gedurende de looptijd van de erfpacht geen werkzaamheden aan de speeltuin kan uitvoeren
omdat de gemeente slechts bloot-eigenaar is? Hoe beoordeelt het college dan haar eigen besluit tot verwijdering? Het college stelt op zoek te zijn naar alternatieve plekken in de 3. 4.
5.
Breedstraatbuurt.
Hoe kansrijk acht het college dat die plek op zeer korte termijn wordt gevonden en aan welke eisen dient die plek te voldoen?
Is het college bereid om de huidige speeltuin te laten staan tot in ieder geval het moment
waarop de speeltoestellen naar de nieuwe plek verhuisd kunnen worden dan wel de nieuwe plek opgeleverd is? Zo nee, waarom niet?
De vragen zijn geagendeerd samen met de nota speelruimte voor de eerstvolgende vergadering van de commissie ZWCS. Is het college bereid te wachten met het verwijderen van de speeltuin tot de behandeling van de nota in de raad?
De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen. Het antwoord op de vragen
1 en 2. Het was bekend dat de grond in erfpacht aan Portaal is uitgegeven. Met Portaal is
afgesproken dat de speeltoestellen eigendom blijven van de gemeente Utrecht en dat de gemeente het beheer en het onderhoud van de speeltoestellen doet. Wij stemmen met de erfpachter af wat voor de speeltoestellen in de plaats komt.
Het antwoord op vraag 3. Wij bekijken een aantal locaties in de Breedstraatbuurt op
haalbaarheid waarbij wij extra aandacht hebben voor draagvlak onder de aan- en omwonenden
almede onder de gebruikers. Wij moeten daar wel bij zeggen dat wij de locaties bekijken, maar dat wij de kans niet heel groot achten dat er op zeer korte termijn een locatie wordt gevonden. Het is geen eenvoudige zoektocht. Wij moeten daar eerlijk over zijn.
Het antwoord op de vragen 4 en 5. Nee, het besluit is al genomen. Wij hebben in de
beantwoording van eerder gestelde vragen uitgelegd dat de grote indruk op de leefbaarheid voor de bewoners van de woningen die volledig op het hof zijn georiënteerd in acht is genomen. Het besluit is met alle betrokkenen gecommuniceerd. Dat betekent dat het besluit wordt uitgevoerd. Wij willen daarmee niet wachten.
De heer GILISSEN (VVD): Voorzitter! Als ik de wethouder goed beluister, dan moet ik
vaststellen dat er een soort gat ontstaat voor kinderen die willen spelen. Is het college bereid om
14
Vragenuur van 20 januari 2022 ervoor te zorgen dat er desnoods - ik snap dat de zoektocht niet eenvoudig is - wel een tijdelijke plek kan worden gevonden waar kinderen kunnen spelen? Is de wethouder daartoe bereid?
De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! Het is niet de bedoeling dat er een gat valt. Wij
willen tijdelijke mogelijkheden best bekijken. Maar ook daarvoor geldt dat wij niet heel optimistisch zijn om op korte termijn en oplossing te vinden. Wij zullen echter bekijken of wij tijdelijke mogelijkheden zien.
De VOORZITTER: Dames en heren! Wij zijn aan het einde gekomen van het vragenuur. Wij
hebben binnen een uur tien sets vragen behandeld. Ik wens iedereen een fijne avond toe.
De voorzitter sluit daarop, te 17.56 uur, het vragenuur.
15
Vragenuur van 20 januari 2022
Lijst van toezeggingen, gedaan tijdens het vragenuur van 20 januari 2022.
Vragen van mevrouw Dotinga (Student & Starter), mede namens de heer Vonk (GroenLinks), inzake zelfmoordpreventie Tuindorp West Complex. Wethouder Eerenberg • zal in een gesprek met Stichting Studenten Huisvesting bekijken wat er op de betrokken locatie gedaan kan worden aan suïcidepreventie en de raad uiterlijk in het tweede kwartaal van 2022 informeren over de uitkomsten van dat gesprek.
Vervolgvragen van de heer El Abassi (DENK) over de Utrechtse afvalberg: bergen grofvuil in Kanaleneiland.
Wethouder Diepeveen • zal na de gesprekken met de woningbouwcorporaties over de in Kanaleneiland ontstane overlast met het aanbieden van grofvuil en de rol van de corporaties in die situatie en de raad uiterlijk in het tweede kwartaal informeren over de uitkomst van die gesprekken.
Vragen van mevrouw Raaijmakers (PvdA), de heer Bakker (D66), mevrouw Kleinrensink, (GroenLinks), mevrouw Sturkenboom (Student & Starter), de heer Wiegant (SP), de heer Sungur, (DENK) en de heer Van Heuven (PvdD-fractie) inzake Oplopende coronakosten kwetsbare doelgroepen. Wethouder Eerenberg • deelt mee dat het college in gesprek gaat met het Rijk over het verlengen van de huidige coronameerkostenregeling. Zodra de afspraken bekend zijn, zal de raad daarvan via de reguliere coronabrief op de hoogte gesteld worden.
Vragen van mevrouw Raaijmakers (PvdA) en de heer Wiegant (SP) inzake Transitie Hulp bij het huishouden.
Wethouder Eerenberg
16
Vragenuur van 20 januari 2022
• zal de raad in de toegezegde raadsbrief in februari a.s. op de hoogte brengen van de actuele stand van zaken rond de wachtlijsten rond de transitie hulp bij het huishouden en van de uitwerking van het scenario om de wachtlijst nog verder te verkorten, zeker voor de tijd tot 1 mei a.s.
• zal zich inzetten voor verbetering van de communicatie met cliënten rondom de transitie Hulp bij het huishouden en daarover terugkoppelen in de genoemde raadsbrief.
17