CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2022-03-ontwerpvisie-speelruimte-spelen-in-je-eigen-buurt

Gemeenteraad 18 december 2025, gemeente UtrechtBij agendapunt: Afrondende besluitvorming na debat over(Beheerde) Speeltuinen en speelplekken20.272 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Zeker bij gebruik met speeltoestellen geldt gewoon het Warenwetbesluit Attracties en speeltoestellen (WAS). Wel biedt een groene inrichting veel mogelijkheden om hierbinnen de acceptabele risico’s op te zoeken en avontuurlijke speelvormen aan te bieden.

47 - Spelen in je eigen buurt - Ontwerpvisie Speelruimte Utrecht

Blije beestjes

Diervriendelijke beplanting: komen redelijk overeen met de voor mensen eetbare beplanting, zoals kers, kornoelje en verschillende bessensoorten (uiteraard geen giftige soort toepassen als speelgroen).

• • • •

Door bijvoorbeeld pimpel- en koolmezen of boomklevers aan te trekken wordt tevens een natuurlijke vijand uitgenodigd voor plagen als de eikprocessierups. Groenblijvende beplanting als hulst (geen stekels), laurier en naaldbomen bieden beschutting voor dieren in de herfst/winter. Naaldbomen kunnen beter niet midden op, maar beter aan de randen van grotere speelplekken of parken worden geplant. Hoge grassen zijn ideaal als schuilplek voor veel kleine dieren, insecten en vlinders.

LET OP! - Fijne plekken voor beestjes betekent vaak ook een hoger risico op teken; een bekend bezwaar tegen groene speelplekken. De kans op een tekenbeet is ook veel groter op een groene speelplek dan op een pleintje. Hier is in de inrichting weinig aan te doen. Het RIVM adviseert om bij het buitenspelen in de bosjes je broek in je sokken te doen, shirts met lange mouwen te dragen en vooral na hetbuitenspelen je lichaam te (laten) controleren op eventuele teken. Diervriendelijk inrichting en beheer: zorgt voor een extra stimulans voor de biodiversiteit door bijvoorbeeld snoeiafval te laten liggen of takenrillen te plaatsen. • Laat naast snoei- ook bladafval liggen of schuif het onder struiken en bomen. Dit is waardevol voor de (bodem)biodiversiteit. Het zorgt voor voedsel en beschutting voor verschillende dieren en insecten en beschermt de bodem tegen erosie. • Bladafval kan toestellen en ondergronden glad (en vies) maken Hierdoor wordt de bespeelbaarheid minder en ook houten toestellen gaan minder lang mee.

•

•

Nestkastjes, vleermuizenkasten, insectenhotels nodigen dieren uit om te nestelen op de speelplek. Dit draagt niet alleen bij aan een betere biodiversiteit maar kan ook worden gebruikt voor natuureducatie. Met groene verbindingen tussen speel- en sportplekken en de randen van de wijk of stad kunnen fijne routes worden aangelegd voor recreatie en sport maar worden tegelijkertijd ook (kleinschalige) ecoroutes gecreërd.

Bloemrijke mengsels inzaaien: op grasvelden bij speelplekken ziet er fleurig uit en zijn tegelijkertijd belangrijk voedsel voor hommels, bijen en andere insecten. • Het zaaien van bloemen en het onderhouden hiervan kan vaak prima door bewoners gebeuren. Wel is het belangrijk dat dit wordt afgestemd met het gemeentelijk maaibeleid. LET OP! - Groene speelplekken lijken vaak minder onderhouden. Dit is meestal bewust en maken de speelplek ook interessanter. Belangrijk is wel dat hiervoor de juiste plekken worden gekozen.

Meer weten?

• • • •

W. Leufgen, M. van Lier; Vrij Spel voor Natuur en Kinderen. Uitgeverij Jan van Arkel, Utrecht, 2007, p.152. Groen in de stad; WUR; https://www.wur.nl/nl/Dossiers/dossier/ Groen-in-de-stad.htm R. Louv; Het laatste kind in het bos “ Hoe we onze kinderen weer in contact brengen met de natuur”. Uitgeverij Jan van Arkel, Utrecht, 2007. www.rivm.nl/tekenbeten-en-lyme/teek

48 - Spelen in je eigen buurt - Ontwerpvisie Speelruimte Utrecht

Bijlage 8 Uitvoeringsstrategie visie speelruimte Uitvoering Visie Speelruimte Visie Speelruimte in de organisatie

In de uitvoering van de visie Speelruimte speelt het opgaveteam Spelen, Sporten en Bewegen een belangrijke rol. In dit opgaveteam zijn de onderdelen Ruimtelijke ontwikkeling, Maatschappelijke ontwikkeling en Volksgezondheid vertegenwoordigd. Het opgaveteam coördineert de uitvoering van de speelruimtescans en adviseert bij gebiedsontwikkelingen en verandermomenten. Er wordt ook nauw samengewerkt met wijkbureaus en met Stadsbedrijven.

Uitvoering speelruimtescans

De visie Speelruimte vormt het kader om in de komende jaren verder aan de slag te gaan met spelen en speelruimte in Utrecht. In de visie wordt de ambitie uit de Utrechtse koersdocumenten om voldoende ruimte voor spelen, sporten en bewegen voor de jongste doelgroepen te organiseren nader uitgewerkt. Dit is gedaan door aan te geven welke ruimte minimaal nodig is, ook in een verdichtende stad. Daarnaast zijn er leidende principes voor spelen in de openbare ruimte geïntroduceerd. Deze zijn vertaald in een ruimtelijke speelruimtenorm. Zo ligt er een goede basis om de komende jaren te werken aan een kwantitatief en kwalitatief goed speelvoorzieningenniveau in de Utrechtse speelbuurten. De vervolgstap is nu om de visie toe te passen in de Utrechtse praktijk. Daarbij wordt, zoals in de visie uiteengezet, gebruik gemaakt van speelruimte-scans. De komende jaren willen we jaarlijks twee wijken scannen. Zo wordt het beeld van de speelruimte in een wijk eens in de vijf jaar geactualiseerd. Met behulp van het in de Voorjaarsnota 2021 opgenomen budget kunnen we hier in 2021 en 2022 al voor de eerste wijken mee aan de slag.

Binnen de huidige financiële kaders zijn daadwerkelijke interventies vooral mogelijk bij zogenaamde natuurlijke verandermomenten (zie hoofdstuk 8.2). Ook bij deze veranderingen kan een speelruimtescan worden ingezet. Aan de hand van de scan kan worden bepaald hoe het dan beschikbare budget voor vernieuwing of ontwikkeling het best kan worden ingezet. Op de langere termijn hebben we de ambitie om de speelruimtenorm verder toe te passen op de gehele stad, zodat kan worden bepaald of en zo ja welke interventies er nodig zijn om de speelruimte in de buurten in overeenstemming te brengen met de norm. Op die manier wordt het ook mogelijk om regie te voeren op de speelruimtesituatie in de gehele gemeente. De huidige financiële situatie biedt ruimte om daar een begin mee te maken. In 2021 en 2022 kunnen we per jaar al twee wijken scannen. De resultaten uit deze scans gebruiken we om te leren van de werking van de methodiek en om de financiële onderbouwing voor de vervolgambitie aan te scherpen. De benodigde middelen om eventuele interventies die voortkomen uit de speelruimtescan te financieren, maken vervolgens onderdeel uit van een integrale afweging.

Participatie tijdens de verschillende fasen van onderzoek en uitvoering

Bewoners worden in verschillende fasen van de uitvoering van de speelruimtevisie op verschillende manieren betrokken. Bij het opstellen van de visie is geparticipeerd in twee wijken, waarbij bewonersvertegenwoordigers hebben meegedacht. Bij de uitwerking van de wijkspeelruimtescans worden ook ketenpartners (o.a. DOCK, JOU, Sport Utrecht) en bewonersvertegenwoordigers betrokken om hun wijkkennis mee te geven.

49 - Spelen in je eigen buurt - Ontwerpvisie Speelruimte Utrecht

Zij kunnen inzicht geven in de vraag en het (gebruik van) het actuele speelaanbod in de wijk. Op het moment dat een speelplek aan herziening toe is, of bij het inrichten van een nieuwe speelplek, worden direct omwonenden betrokken bij het inrichtingsvoorstel. We nodigen daarbij de gebruikers van de plek uit, de kinderen, ouders en andere buurtgenoten, waarmee we in gesprek willen komen.

Verandermomenten Natuurlijke verandermomenten

Op korte termijn zetten we de speelruimtescan in wanneer zich verandermomenten voordoen om af te wegen of een aanpassing nodig is en hoe urgent de aanpassing is in relatie tot de beschikbare speelruimte in een buurt. Onder verandermomenten verstaan we: • Grootschalige gebiedsontwikkelingen: Bij nieuwbouw kan in de planvorming volgens de nieuwe norm speelruimte worden ingepast. Hierbij kan synergie gezocht worden met andere thema’s, zoals sport en groen; • Herontwikkeling, verdichting en wijkrenovaties. Met behulp van de scan kan een inzet worden geformuleerd. • Bewonersinitiatief. Bewoners kunnen door het initiatievenfonds aan te wenden een aanvulling vragen op de bestaande speelvoorzieningen in de buurt. Ook kunnen zij hiervoor fondsen aanschrijven; De scan kan worden gebruikt om te toetsen of een bewonersinitiatief past binnen de kaders van het speelruimtebeleid. • Klachten. Bij onveilige situaties zal een technische keuring plaatsvinden. Bij overlast zal samen met de omgeving gezocht worden naar mogelijke aanpassingen; • Ontwikkelend beheer. Na technische keuring kunnen toestellen afgeschreven worden en is vernieuwing noodzakelijk. Dit is het moment om de speelplek opnieuw te beoordelen, waarbij

•

de omgeving betrokken wordt zodat de vernieuwing aansluit op de dan aanwezige speelbehoefte

Een minimum aan bespeelbare ruimte als inspanningsverplichting of uitgangspunt

De ambitie is dat er binnen 200 meter van elke woning bespeelbare openbare ruimte is, waarbij de gemeente zich inspant om minimaal 3% van de omvang van een speelbuurt te reserveren als bespeelbare openbare ruimte in een buurt. Met de uit te voeren speelruimtescans wordt onderzocht in welke mate elke buurt kan voldoen aan deze ambitie. Mocht blijken dat een buurt niet voldoet, dan omschrijft paragraaf 5.2 van de speelvisie welk handelingsperspectief er is om dit op te lossen. Van ontwikkelaars vragen we ook om aan deze inspanning in bestaande buurten bij te dragen. Bij de bouw van nieuwe buurten, of blokken met nieuwe huizen in een bestaande buurt zal getoetst worden of er op basis van deze toevoeging nog steeds voldoende openbare speelruimte is. Als dit niet zo is, of als een bestaande speelplek verplaatst moet worden door de herontwikkeling, dan wordt binnen het project gekeken hoe dit kan worden opgelost. Als hier niet aan kan worden voldaan dan wordt dit gemotiveerd en inzichtelijk gemaakt voor de raad. Voor grootschalige gebiedsontwikkelingen geldt de 3% als uitgangspunt. Er worden in de speelvisie kaders gegeven voor het reserveren van speelruimte en voor het inrichten van speelplekken. Ook wanneer bij nieuwe gebiedsontwikkelingen de norm niet gehaald kan worden moet dit gemotiveerd worden.

De raad krijgt dan inzicht in de keuzes die zijn gemaakt bij het afwegen van verschillende ambities binnen de gebiedsontwikkeling.

50 - Spelen in je eigen buurt - Ontwerpvisie Speelruimte Utrecht

Budget voor advisering

Het toepassen van en adviseren over de nieuwe speelvisie en de bijbehorende speelruimtenorm in herontwikkelingsprojecten, gebiedsontwikkelingen, groot onderhoud, vervangingsinvesteringen of een bewonersinitiatief voor het creëren of aanpassen van speelplekken wordt gezamenlijk bekostigd vanuit de programma’s Ruimtelijke Ontwikkeling, Openbare Ruimte en Groen, Maatschappelijke Ontwikkeling en Volksgezondheid. Met de beschikbare dekkingsbronnen is het mogelijk de bestaande speelruimte in stand te houden en zeer beperkt spelen in het groen te verbeteren of toestellen toe te voegen aan bestaande speelplekken. De nieuwe speelnorm kan daarbij worden gebruikt om te beoordelen of een kwalitatieve of kwantitatieve verbetering nodig is. Voor de langere termijn hebben we de ambitie om daadwerkelijk regie te voeren op de speelruimte in de stad en interventies te kunnen doen wanneer buurten niet voldoen aan de norm uit de speelruimtevisie. Met de huidige beschikbare budgetten kunnen we de bestaande speelruimte in stand te houden en zeer beperkt speeltoestellen toevoegen of andere verbeteringen (zoals vergroening) doorvoeren aan bestaande speelplekken. Bij nieuwbouw of herontwikkeling van bestaande buurten zijn er, afhankelijk van de ontwikkeling, soms wel financiële middelen beschikbaar, om speelplekken toe te voegen of bestaande plekken te vernieuwen.

Budget voor beheer, onderhoud en vervanging

In de nota beheer openbare ruimte (januari 2021) is beschreven dat er bij de bestaande speel- (en sport) toestellen, met de bijbehorende (val) ondergronden, in de openbare ruimte geen sprake is van technisch achterstallig onderhoud. (De speeltoestellen en ondergronden worden jaarlijks vier keer gecontroleerd en voldoen aan de Warenwet Attractie en Speeltoestellen (WAS). Ze zijn veilig, heel en schoon).

Het beheer, het onderhoud en de vervanging van de bestaande speelen sporttoestellen, en de (val)ondergronden wordt gefinancierd en uitgevoerd door Stadsbedrijven. Jaarlijks ontvangt Stadsbedrijven voor de speel- en sporttoestellen en de (val)ondergronden een bedrag aan beheergeld bij de begroting (stelpost areaalmutaties) om deze te kunnen onderhouden. Bij het toevoegen van speel- of sporttoestellen en de bijbehorende ondergronden zal Stadsbedrijven adviseren op veiligheidsaspecten vanuit het Warenwetbesluit Attractie- en speeltoestellen (WAS). Bij de oplevering van een nieuwe speelplek wordt deze in beheer overgedragen aan Stadsbedrijven. Zij nemen de toestellen en ondergronden in het opvolgende jaar mee in de areaalmutatie. (Dit staat toegelicht in de nota Beheer openbare ruimte (2021). Dit geldt ook voor de gerealiseerde verhardingen, straatmeubilair en groen op en rond de speelplek. De budgetten voor dagelijks beheer en vervanging van speelstellen wordt jaarlijks vastgesteld en kan variëren. Zo is er in 2021 voor het dagelijks onderhoud 420.000 euro beschikbaar. Voor vervanging van speeltoestellen is 690.000 euro beschikbaar.

Initiatievenfonds

Bewoners die het initiatief nemen om speelruimte aan te passen of nieuwe speelruimte toe te voegen kunnen daarvoor terecht bij het Initiatievenfonds. Op basis van de wijkscan en de verbeterkaart kan beoordeeld worden of het initiatief kansrijk is. Per initiatief is vanaf 2021 vanuit het Initiatievenfonds maximaal € 20.000,- beschikbaar. Dit is voor een nieuwe speelplek onvoldoende. Voor een aanvulling of wijziging op een bestaande speelplek kan het mogelijk net voldoende zijn. Vanuit dit budget moet behalve het toestel en de valondergrond ook de projectleiding, eventuele grondvoorbereiding en de kosten voor participatie bekostigd worden.

51 - Spelen in je eigen buurt - Ontwerpvisie Speelruimte Utrecht

Over de jaren 2017-2019 is gemiddeld 500.000 euro per jaar geïnvesteerd in speelruimte vanuit het initiatievenfonds. Binnen dit bedrag zaten initiatieven variërend van 10.000 – 50.000 euro. Hoeveel per jaar in speelruimte wordt geïnvesteerd vanaf 2021 zal de komende jaren blijken. (De bestedingsregels van het initiatievenfonds zijn per 1 januari 2021 verlaagd van 50.000 euro naar 20.000 euro per initiatief). Dit is afhankelijk van het aantal initiatieven dat wordt ingediend door bewoners. Voor initiatieven geldt dat er draagvlak moet zijn bij medebewoners en de praktijk leert dat met een budget van 20.000 euro slechts beperkt aanpassingen gedaan kunnen worden.

Budget bij herontwikkeling van buurten en nieuwbouw

Bij de bouw van nieuwe buurten, of blokken met nieuwe huizen in een bestaande buurt zal getoetst moeten worden of er op basis van deze toevoeging nog steeds voldoende openbare speelruimte is. Als dit niet zo is, of als een bestaande speelplek verplaatst moet worden door de herontwikkeling, dan moet binnen het project gekeken worden hoe dit kan worden opgelost.

Alternatieve financieringsbronnen

Het verbeteren van speelruimte wordt soms ook vanuit het Meerjaren Groenprogramma (MGP) medegefinancierd. De bespeelbare ruimte wordt bijvoorbeeld vergroot in combinatie met het opknappen van groen. Voorbeeld hiervan is het Niftarlakeplantsoen waar, door het samenvoegen van middelen uit het Meerjaren Groenprogramma en Initiatievenfonds, tegemoet is gekomen aan de wensen van bewoners voor natuurlijk spelen. Binnen de verordening onderwijshuisvesting is ruimte gemaakt voor het vergroenen van schoolpleinen. Er wordt een stimuleringsregeling ingezet voor schoolbesturen om schoolpleinen te vergroenen en afspraken te maken over het openbaar toegankelijk maken van de schoolpleinen.

En op heel beperkte schaal is er de mogelijkheid om vanuit het programma Bereikbaarheid een weg veiliger te maken voor in de buurt spelende kinderen.

Bezoekadres: Stadsplateau 1, 3533 JE Utrecht Postadres: Postbus 8406, 3503 RK Utrecht Telefoon: 030 - 286 00 00

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=19eb03a9-aab7-4e3a-a668-2e22061613cd