CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

20211209 vragenuur.doc

Gemeenteraad 23 december 2021, gemeente UtrechtBij agendapunt: Notulen Vragenuur 9 december 20215.794 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

2021 NOTULEN VRAGENUUR Vragenuur – 9 december 2021

Vragenuur, gehouden op donderdag 9 december 2021 te 17.00 uur. Het vragenuur vindt in verband met de coronamaatregelen niet plaats in de raadszaal, maar digitaal. Voorzitter: de heer Vonk. Aanwezig zijn de leden: Assen, Bijsterbosch, Frank, Gilissen, Rood, Sasbrink, Schilderman en

Van Steeg.

Namens het college zijn aanwezig de wethouders: Eerenberg, Van Hooijdonk, Klein, Van

Ooijen, Verschuure en Voortman. Griffier: de heer Corten.

Opening van het vragenuur. De VOORZITTER: Dames en heren! Hartelijk welkom bij het wekelijkse vragenuur van de

Utrechtse gemeenteraad. Er zijn zes sets vragen te behandelen.

1. Vragen van de heer Van Steeg (CDA), mede gesteld door de heren Schipper (SP) en De Pagter (VVD) inzake reparatie fietspad Croeselaan.

De heer VAN STEEG (CDA): Voorzitter! Afgelopen winter is als gevolg van een korte

vorstperiode in februari het fietspad aan de Croeselaan beschadigd. Het was teleurstellend te moeten constateren dat het nieuwe en "meest duurzame fietspad" al zo snel beschadigd raakte. Naar

aanleiding van eerdere raadsvragen heeft de wethouder de raad inmiddels geïnformeerd over het

herstel van het fietspad. Hieruit blijkt dat het eerder gekozen RAMAC-materiaal op deze plek niet voldoet. De fracties van CDA, SP en VVD zijn hier verbaasd over en stellen de volgende vragen. 1.

Wat is er de exacte oorzaak van dat het RAMAC-materiaal op deze plek niet voldoet? Is dit

2.

Is bij de aanleg geen rekening gehouden met de gevoeligheid voor dooizout? Zo nee, waarom

3.

vanwege het intensieve gebruik of vanwege de gevoeligheid voor dooizouten? niet?

Deelt de wethouder de mening dat het in het belang van de energietransitie en het draagvlak daarvoor is om experimentele materialen pas op Utrechtse fietspaden te gebruiken als kan worden gegarandeerd dat kinderziekten worden voorkomen?

Vragenuur van 9 december 2021 4.

5.

Mogen wij uit de brief van de wethouder opmaken dat de kosten voor het tijdelijk herstel voor rekening van de gemeente komen en de kosten voor structureel herstel voor rekening van de aannemer?

Zo ja, hoe hoog zijn de kosten voor dit herstel en waarom komen ze voor rekening van de gemeente?

De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Veel dank voor de vragen. Ik begrijp de

teleurstelling van de vragenstellers over het dermate snel beschadigd zijn van het fietspad.

Het antwoord op vraag 1. Wij moeten constateren dat het experiment heeft bewezen dat het

gebruikte materiaal ongeschikt voor fietspaden is. Er zijn door de leverancier veel

laboratoriumproeven gedaan om te proberen uit te vinden wat de oorzaak van de beschadigingen is. Hij komt tot de conclusie dat de oorzaak een aantal factoren betreft, namelijk de grote

temperatuurverschillen in de betreffende maand, het gebruik van dooizouten en het gebruik van het fietspad. Hij ziet meer schade op plekken waar meer wordt gefietst. Het is niet gelukt om via

laboratoriumproeven één enkele reden voor het ontstaan van de schade aan te wijzen. De schade is ontstaan door een combinatie van dingen.

Het antwoord op vraag 2. Natuurlijk hebben wij rekening gehouden met de gevoeligheid van

het materiaal voor dooizout, namelijk omdat wij bij gladheid onze fietspaden willen strooien. Echter, het is pas door het gebruik - en toen het fietspad er eenmaal lag - duidelijk geworden dat de toegepaste combinatie der dingen niet werkte.

Overigens is op andere plekken in het land hetzelfde materiaal wél succesvol toegepast. Dit is

een extra bewijs dat in Utrecht de samenloop der dingen de oorzaak van de problemen was.

Het antwoord op vraag 3. Dat kan natuurlijk niet. Het idee van een experiment is dat het mag

mislukken en ook dat wij er iets van mogen leren. Wij zijn vanzelfsprekend niet over één nacht ijs

gegaan. RAMAC is een materiaal dat men kan kopen - de leverancier heeft moeten aantonen wat het materiaal allemaal kan - maar er was sprake van een experiment met de bedoeling om van de Croeselaan een duurzame straat te maken.

Het antwoord op de vragen 4 en 5. De kosten van zowel het vervangen van het RAMAC-

fietspad, dat in het voorjaar zou moeten gebeuren, als het nu herstellen zodat er zo snel mogelijk een fatsoenlijk fietspad ligt, zijn voor rekening van de leverancier en de aannemer.

De heer GILISSEN (VVD): Voorzitter! Ik ben het eens met wat de wethouder zegt: experimenten

zijn er om mee te experimenteren. Tegelijkertijd wil ik aandacht vragen voor proportionaliteit. Als

men een nieuw soort fietspad wil proberen, kan men ook een veel minder lang en veel minder druk stuk kiezen. Is de wethouder het met mij eens dat wij, zeker in het licht van de groeiopgave van de

stad, maar ook vanwege het veelvuldige gebruik ervan in de openbare ruimte, iets kritischer hadden moeten zijn?

De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! De keuze voor de Croeselaan is gemaakt omdat

er sprake was van een samenhangend pakket van allerlei maatregelen. Ik herinner mij bamboe

verkeersborden om te laten zien dat op een duurzame en circulaire manier een straat kan worden

ingericht. Daarom is voor deze plek gekozen. Ik ben het met de heer Gilissen eens - wethouder Van

Hooijdonk heeft hetzelfde in een raadsbrief geschreven - dat wij in de toekomst heel scherp moeten zijn op het gebruik en dat wij op de meest intensief gebruikte plekken zuinig moeten zijn met experimenten.

2

Vragenuur van 9 december 2021 De heer VAN STEEG (CDA): Voorzitter! De heer Gilissen stelde een vraag die ook ik wilde

stellen. Is de wethouder het ermee eens dat wij voorzichtig moeten zijn en een degelijke keus

moeten maken voor draagvlak voor de energietransitie? Het college moet duidelijk zijn over het doen van experimenten. Het moet dat op de juiste plekken doen.

De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Ik ben dat in beginsel met de CDA-fractie eens.

Wij zijn een stad waarin alles om duurzaamheid en circulariteit draait en wij op zoek gaan naar

oplossingen van deze tijd. Die willen wij uitproberen, waarbij wij de markt in positie willen brengen. Dat is een verhaal dat mensen kan inspireren. Tegelijkertijd moeten wij dat zodanig doen dat

mensen dat begrijpen en dat wij eerlijk zijn over hoe de dingen lopen. Dat ben ik in het antwoord op de eerste vraag geweest. Het was een mooi experiment, met goede bedoelingen, maar wij moeten constateren dat het antwoord is dat het materiaal ongeschikt is.

2. Vragen van mevrouw Schilderman (D66), mevrouw De Boer (GroenLinks), de heer Van der Graaf (ChristenUnie), mevrouw Sturkenboom (Student & Starter), mevrouw Raaijmakers (PvdA) en de heer Van Heuven (PvdD) inzake Tracébesluit verbreding A27 opnieuw onder vuur.

Mevrouw SCHILDERMAN (D66): Voorzitter! De Kerngroep Ring Utrecht kwam op 1 november jl.

naar buiten met het nieuws dat de onderbouwing van de door minister Van Nieuwenhuizen gewenste verbreding van de A27 verder wankelt. De Kerngroep Ring Utrecht baseert zich op documenten

verkregen in een Wob-verzoek. Specifiek gaat het over de onderbouwing met betrekking tot het grondwatermodel.

De fracties van D66, GroenLinks, CU, S&S, PvdA en PvdD vinden de verbreding van de A27

onnodig en verwoestend voor de natuur en stellen daarom de volgende vragen. 1.

Is ook de gemeente in het bezit van de documenten uit het Wob-verzoek en herkent ze het

geschetste beeld? De genoemde documenten gaan specifiek in op een slechte onderbouwing van de gevolgen voor het grondwaterpeil en mogelijke risico’s voor het bos en de bebouwing in

2. 3.

Lunetten.

Geven deze specifieke risico’s een grotere aanleiding voor een actieve, controlerende rol van de

gemeente - eventueel in overleg met het waterschap - in de planvorming inzake de verbreding? Is het college bereid om met de leden van de kerngroep in gesprek te gaan om te onderzoeken

welke gevolgen dit kan hebben o.a. voor de inzet van de gemeente? De gemeenteraad heeft zich vaker uitgesproken tegen de verbreding van de A27. (MV1 van 21 november 2019 en motie 342

uit 2020). Eerder zette een uitspraak van de Raad van State al een streep door de verbreding van de A27. Aanleiding was ook toen de gebrekkige onderbouwing van de effecten voor de 4.

omgeving.

Ziet het college mogelijkheden om dit punt te berde te brengen teneinde de verbreding van de A27 en de kap van de bomen tegen te houden?

Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Veel dank voor de stellers van de vragen. Wij herkennen de Wob-documenten omdat die grotendeels verslagen zijn van overleggen

waarbij ook de gemeente Utrecht was betrokken. Die zijn voor ons niet verrassend.

Het is al lange tijd bekend dat om de bak van Amelisweerd folie zit. Civieltechnisch is dat

ingewikkeld. Wij hebben dat al eens in brieven opgeschreven. Het is geen standaard project, maar een uitdaging voor Rijkswaterstaat en eventuele aannemers. Eén van de vraagstukken is het

managen van het grondwater. Die bak duwt het grondwater naar beneden. De oplossing die

3

Vragenuur van 9 december 2021 Rijkswaterstaat kiest, is om in de grond keerwanden van 70 meter diep te maken. Die verstoren het grondwatersysteem, dat is een feit. Om dat te fiksen, moet iets worden gedaan. Dat is allemaal

onderzocht. De gemeente Utrecht heeft daarover samen met het waterschap haar zorgen geuit. Ze

vroeg zich af of het onderzoek nauwkeurig genoeg was en of alles voldoende was onderzocht en of er over de resultaten voldoende zekerheid was.

Vanwege die zorgen hebben wij samen met de waterschappen een second opinion laten

opstellen. Als de vragenstellers ons vragen of wij in dit geheel een actieve rol hebben: ja, die hebben wij, omdat wij ons zorgen maken, omdat wij ons met het gebied verbonden voelen en ook omdat wij uiteindelijk voor de keerwanden een omgevingsvergunning moeten afgeven. Wij hebben dus ook

juridisch een rol. Rijkswaterstaat heeft zich vervolgens tot de second opinion verhouden en heeft daar dingen mee gedaan; een systeem waarbij Rijkswaterstaat actief op de effecten zal sturen.

Onze rol in de toekomst is de vergunningverlening en het maken van heel goede afspraken

met Rijkswaterstaat, zodat het systeem werkt en goed zal worden uitgevoerd.

Wij zijn altijd bereid om met de kerngroep te spreken, sterker nog, dat doen wij al, periodiek.

Het gesprek mag over deze materie gaan, maar het ultieme punt is de overheid die dit project

uitvoert, namelijk het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Als de kerngroep hierover wil spreken, is dat de juiste partij.

Over vraag 4: dit is voor ons geen nieuw bericht en geen argument dat onze houding

verandert. Het is bekend dat wij voor ons bereikbaarheidsvraagstuk liever een ander project - een

andere oplossing - zien. Dit is een punt van zorg. Wij blijven heel kritisch meekijken, maar voor ons is daarover op dit moment geen nieuwe informatie beschikbaar.

Mevrouw SASBRINK (PvdD): Voorzitter! In het verlengde van het antwoord op vraag 4: de

gemeente is vanzelfsprekend afhankelijk van het Rijk voor het financieren van andere

mobiliteitsprojecten, zoals de OV-schaalsprong. In hoeverre moeten wij vrezen voor een relatie tussen het toekennen van de OV-gelden en de verbreding van de A27?

Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Strikt genomen hebben die zaken niets

met elkaar te maken. Wij zien dat het Rijk voor de ring veel geld heeft, maar ontzettend weinig voor de verstedelijkingswensen, niet alleen in Utrecht, maar ook in de gemeenten van al onze collega's. Wij hopen van harte dat dit bij het nieuwe kabinet anders ligt, namelijk dat goede plannen dan op hun merites worden beoordeeld.

Mevrouw SCHILDERMAN (D66): Voorzitter! Is het nog mogelijk om iets terug te horen van wat

eventuele gesprekken met de kerngroep opleveren, ook aangevuld met informatie over wat het risico voor de gemeente daarbij precies is?

Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Wij voeren periodiek overleg met de

kerngroep. Ik verwacht niet dat dit op dit punt extra informatie oplevert. Men heeft al onze

informatie gehad. Wij hebben dat eerder gemeld in een brief aan de raad. Ik verwacht niet dat daar nog nieuwe dingen uitkomen.

Wat goed is aan dit dossier. Wij weten niet wat de toekomst brengt, maar stel je voor dat er

uiteindelijk toch iets als een realisatie komt van de keerwanden. Dan wordt Utrecht

vergunningverlener. Dan maken wij afspraken met Rijkswaterstaat over hoe dat gaat en waar men

zich aan moet houden. Dat lijkt mij bij uitstek het type informatie die wij de raad doen toekomen.

4

Vragenuur van 9 december 2021 3. Vragen van mevrouw Sasbrink inzake eindelijk handhaving productiecapaciteit De Trip Lage Weide?

Mevrouw SASBRINK (PvdD): Voorzitter! De Trip BV op Lage Weide veroorzaakt al jaren veel

overlast voor omwonenden en het milieu. Daarvoor vraagt de PvdD-fractie ook al jaren met

regelmaat aandacht, net als voor handhaving en rechtszekerheid voor omwonenden. In het afgelopen jaar besprak de raad nog de uitbreidingswens van De Trip. Daarbij stemde een grote meerderheid in met het voorstel om deze uitbreiding niet toe te staan. Tijdens de commissievergadering over dat

voorstel kondigde de wethouder aan verder te gaan met het handhavingstraject en om in het derde kwartaal de raad te informeren over het vervolg. Tegelijkertijd kon De Trip doorgaan met haar

activiteiten, inclusief het gebruiken van keerwanden. Al in 2015 maakte de Milieugroep Zuilen met succes bezwaar tegen de omgevingsvergunning voor het gebruik van keerwanden omdat daarmee milieucategorie 4.1 wordt overschreden. Dat is in strijd met het bestemmingsplan.

De Trip zit daar sindsdien zonder vergunning. Na beroep en hoger beroep van De Trip bij de

Raad van State verzuimde het college steeds om over de keerwanden een nieuwe beslissing te nemen en opvolging te geven aan handhavingsverzoeken. Het college heeft de raad niet geïnformeerd, maar de Milieugroep Zuilen wél, namelijk via een persbericht op 25 november jl. In dit persbericht staat

dat het college heeft besloten om de oorspronkelijke afwijzing van het handhavingsverzoek van de Milieugroep in te trekken. In plaats van het handhavingsverzoek uit 2018 af te wijzen is tóch een handhavingsbesluit genomen: De Trip moet op last van een dwangsom zijn productiecapaciteit

terugbrengen tot de capaciteit van maximaal 50 ton per dag. De PvdD-fractie is blij dat nu eindelijk is besloten tot het handhaven op de toegestane productiecapaciteit van De Trip, hoewel het college vrij plotseling terugkomt op haar eerdere standpunt om de bezwaren van Milieugroep Zuilen ongegrond te verklaren en om wél een handhavingsbesluit te nemen. 1.

2. 3. 4.

Wat is de aanleiding geweest om, na 6 jaar aan overproductie en overlast door De Trip en diverse juridische stappen door Milieugroep Zuilen, eindelijk te besluiten tot handhaving van de voorschriften uit het door de gemeenteraad vastgestelde bestemmingsplan?

Waarom heeft het college de raad niet zelf actief over dit handhavingsbesluit geïnformeerd? Vanaf welke datum treedt het handhavingsbesluit in werking?

Als De Trip juridische stappen zet tegen dit handhavingsbesluit, kan dan tijdens de behandeltijd daarvan wel worden gehandhaafd op de maximale productie van 50 ton? Zo ja, kan het college toezeggen om ook echt vanaf de eerste dag actief met deze handhaving aan de slag te gaan?

De heer VERSCHUURE (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen. De raad heeft op 22 april

2021 besloten om de door De Trip gewenste uitbreiding niet toe te staan, dus om de zogenaamde Verklaring van geen bedenkingen niet toe te staan. Uit die weigering volgt dat het verzoek om de handhaving van de Milieugroep Zuilen tegen deze achtergrond opnieuw is beoordeeld. Omdat

handhavend optreden in lijn is met de beslissing om de uitbreiding te weigeren, hebben wij gemeend de raad hierover niet expliciet te informeren. Dit is namelijk in lijn met wat de raad heeft gevraagd.

Het handhavingsbesluit van 12 november jl. is in werking getreden. Vanaf dit moment heeft De Trip

zes weken de tijd gehad om aan het besluit te voldoen, dat is tot en met 24 december 2021. De Trip bv heeft echter een verzoek voor een voorlopige voorziening ingediend.

Het college heeft zoals te doen gebruikelijk ingestemd met het verzoek van de rechtbank om

de begunstigingstermijn te verlengen zodat eerst de voorzieningenrechter uitspraak kan doen. De

zitting is gepland op 12 januari a.s. De begunstigingstermijn loopt zonder eventueel ingrijpen van de voorzieningenrechter tot en met 26 januari a.s. De gemeente kan vooruitlopend op de behandeling

5

Vragenuur van 9 december 2021 van het verzoek om een voorlopige voorziening niet handhavend optreden. Daarna kan dat wel. Het gaat om een situatie die al langer speelt. De rechter wil derhalve meer ruimte hebben om de zaak

goed te kunnen beoordelen. Als de gemeente dat niet zou doen, is de kans heel groot dat de rechter zelf besluit tot schorsing tot het moment dat hem dat beter uitkomt. Wij adviseren dus om dat niet te doen.

Mevrouw SASBRINK (PvdD): Voorzitter! Dank voor de antwoorden van het college. In de

commissiebehandeling hierover heeft de wethouder gezegd ons hierover in het derde kwartaal wél te informeren. Wij vragen ons af of wij over het juridische proces dat zal volgen - met de voorlopige voorziening en de data die de wethouder zojuist noemde - met een briefje op de hoogte kunnen worden gehouden, zodat wij kunnen vernemen welke stappen de gemeente zal zetten naar aanleiding van de uitspraak van de rechter op dat moment.

De heer VERSCHUURE (wethouder): Voorzitter! Wij kunnen de raad informeren over de

uitspraak die de rechter zal doen en welk vervolg dat krijgt. Dat zal ongeveer eind januari 2022 zijn. 4. Vragen van de heer Gilissen (VVD), mede namens mevrouw Dekker-Abdulaziz (D66), inzake filmen van de openbare weg moet niet kunnen. De heer GILISSEN (VVD): Voorzitter! Woensdag viel ons oog op een twitterbericht van Samen Meten Utrecht waarin de oproep wordt gedaan voor deelname aan verkeerstellingen via een "Telraam". Het telraam is een camera die volgens de organisatie "de beelden onmiddellijk verwerkt, niet opslaat en die bovendien lage resolutie filmt waardoor er geen gezichten of

nummerplaten worden herkend". De Belgische gegevensautoriteit - Telraam is een Belgisch systeem - ziet geen bezwaren voor de inzet van de camera. De fracties van VVD en D66 betwijfelen dit en stellen hierover de volgende vragen. 1.

Kent het college dit initiatief? Maakt de gemeente gebruik van de gegevens die dergelijke initiatieven opleveren? Zo ja, waarvoor?

2.

Weet het college of er een Privacy Impact Assessment (PIA) is uitgevoerd op het Telraam? Zo nee, waarom niet?

De organisatie Samen Meten Utrecht wordt ondersteund door de Data- en Kennishub Gezond

Stedelijk Leven. Het communitymanagement voor Samen Meten Utrecht wordt verzorgd door de Natuur- en Milieufederatie Utrecht en het Milieucentrum Utrecht. NMU krijgt subsidie van de provincie Utrecht en de gemeente Utrecht werkt samen het Milieucentrum Utrecht. 3.

Welke rol ziet de gemeente voor zichzelf als het gaat om partners te wijzen op naleving van de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG)?

4.

Is het college bereid met deze organisaties en de Data- en Kennishub in gesprek te gaan over de bescherming van persoonsgegevens bij deze vormen van gegevensvergaring. Zo nee, waarom niet? Mevrouw VOORTMAN (wethouder): Voorzitter! Het antwoord op vraag 1. Het college is niet

bekend met het initiatief voor het plaatsen van sensoren in de provincie Utrecht voor het doen van verkeerstellingen via deelname aan Telraam. Wij zijn wel op de hoogte van het meetsysteem Telraam, maar wij maken daar op geen enkele wijze gebruik van, vooral omdat deze meetmethode onvoldoende betrouwbare data oplevert.

6

Vragenuur van 9 december 2021 Het antwoord op vraag 2. Het college weet niet of er een Privacy Impact Assessment (PIA) is uitgevoerd. Wel laat Telraam via de privacypagina op de website weten dat de betrokken toezichthouder, de Belgische Gegevensbeschermingsautoriteit, heeft geconcludeerd dat er bij toepassing van Telraam geen verwerking van persoonsgegevens plaatsvindt. Dat betekent dat de Algemene verordening gegevensbescherming niet van toepassing is en dat er wettelijk gezien geen PIA hoeft te worden uitgevoerd. De belangrijkste uitgangspunten daarbij zijn dat de Telraamcamera inderdaad, zoals de heer Gilissen zegt, een dermate lage resolutie heeft dat persoonlijke kenmerken niet herkenbaar zijn en dat het beeldmateriaal niet wordt vastgelegd.

Het antwoord op vraag 3. Het wijzen van partijen op naleving van de Algemene verordening

gegevensbescherming is primair de taak van de toezichthoudende autoriteit, zoals de Autoriteit Persoonsgegevens of, in voorkomende gevallen, de Europese partners, zoals de Europese gegevensbeschermingsautoriteiten. De gemeente Utrecht ontwikkelt richtlijnen hoe afspraken over gegevensbescherming met partnerorganisaties moeten worden gemaakt. Wanneer de verwerking van persoonsgegevens onderdeel is van de samenwerking, maakt de gemeente afspraken hoe in die afspraken de Algemene verordening gegevensbescherming wordt nageleefd. Hierbij houden wij rekening met de geldende wettelijke kaders en blijven wij scherp op de grenzen van onze verantwoordelijkheid en de verantwoordelijkheid van de betreffende toezichthouder.

Het antwoord op vraag 4. Als de wet het toestaat en wanneer de verwerking van de

persoonsgegevens onderdeel uitmaakt van de samenwerking of raakt aan onze dienstverlening, zijn wij zeker bereid om met partners in gesprek te gaan over de bescherming van persoonsgegevens. Dat doen wij altijd risicogebaseerd, volgens de richtlijnen die wij ontwikkelen of wanneer de partner ons benadert met vragen over gegevensbescherming. De heer VAN STEEG (CDA): Voorzitter! Ik dank de wethouder voor de antwoorden. Betekent dit dat in dit soort gevallen er geen contact is tussen de Autoriteit Persoonsgegevens en de gemeente Utrecht en dat er geen situaties kunnen zijn waarin de gemeente Utrecht kan vaststellen dat volgens haar er sprake is van inbreuk op de privacy of op de Algemene verordening gegevensbescherming en of men dat kan bekijken? Mevrouw VOORTMAN (wethouder): Voorzitter! Er is geen sprake van het verwerken van persoonsgegevens. Ook worden geen persoonlijke kenmerken herkenbaar gemaakt. Ook wordt het beeldmateriaal niet vastgelegd. Het ziet er derhalve naar uit dat de Algemene verordening gegevensbescherming niet van toepassing is om ook in situaties waar wij niet met andere organisaties samenwerken er melding van te maken. Dat is iets wat de Autoriteit Persoonsgegevens zelf kan doen. Ook andere mensen kunnen meldingen doen. Ik vind niet dat de gemeente altijd op dit soort dingen moet acteren, behalve als de gemeente er echt een rol bij heeft.

De heer GILISSEN (VVD): Voorzitter! Uit het verhaal van de wethouder maak ik op dat als de Belgen geoordeeld hebben iets AVG-proof is, onze eigen autoriteit misschien tot dezelfde conclusie zou kunnen komen.

Toch een vraag over de camera's zelf, het zichtbaar zijn op de openbare weg. De gemeente

heeft natuurlijk wél een rol als mensen aan de bel trekken. Als de informatievoorziening aan de orde is - men kan van buitenaf niet zien hoe een camera functioneert - hebben burgers er recht op om te weten wat er in hun straat gebeurt. Ziet de wethouder dan een rol voor zichzelf weggelegd om te communiceren over wat zulke apparaten doen? Wil zij dan de handschoen oppakken om in dit geval

7

Vragenuur van 9 december 2021 te wijzen op een bredere verantwoordelijkheid dan alleen het informeren van de gebruikers van deze systemen? Mevrouw VOORTMAN (wethouder): Voorzitter! Dan zouden wij bewoners moeten informeren over deze camera's? Er is nu één specifiek geval aan de orde. Ik vraag mij een beetje af wat ik dan over ons afroep. Ik zou wat meer verduidelijking willen, als de heer Gilissen daartoe van de voorzitter ruimte krijgt. De VOORZITTER: Normaal gesproken niet, maar ik sta het voor één keer toe. De heer GILISSEN (VVD): Voorzitter, hartelijk dank. Bij de vragen is een afbeelding gevoegd. Als ik over straat loop en dat raam passeer, zie ik daar een camera hangen. Het gebeurt regelmatig dat mensen die een camera zien hangen bij VTH of bij de gemeente melden dat de openbare weg wordt gefilmd. Ik zie een bredere opgave. Ziet de wethouder geen rol om het belang van de passant wat meer naar voren te brengen, door partijen die het initiatief ontplooien ook te wijzen op het feit dat zij een actieve informatieplicht hebben en niet enkel kunnen volstaan met het ophangen van een camera achter een raam? Mevrouw VOORTMAN (wethouder): Voorzitter! Als mensen zich tot ons wenden, zullen wij ze inderdaad vertellen wat ik hier nu ook heb verteld. Dat is vanzelfsprekend zo. Maar wij zullen uit onszelf die rol niet oppakken.

Je kunt je ook afvragen tot hoever je daarmee zou moeten gaan. Wie zijn de betrokkenen? Zijn dat de mensen die in die straat wonen, of de mensen die vaak in die straat komen? Maar nogmaals, als de mensen bij ons komen, zullen wij die zeker informeren. 5. Vragen van mevrouw Assen (PvdA), mevrouw Kendir (Student & Starter), de heer Rood (GroenLinks), de heer El Abassi (DENK) en de heer Wiegant (SP) inzake Bescherm het publieke karakter van het onderwijs. Mevrouw ASSEN (PvdA): Voorzitter! Het private (commerciële) onderwijs is de afgelopen decennia sterk gegroeid. Meer dan een kwart van de leerlingen in het primair en voortgezet onderwijs maakt gebruik van aanvullend onderwijs zoals huiswerkbegeleiding, bijlessen en examentraining. In zijn advies Publiek karakter voorop, dat deze week gepubliceerd

werd, waarschuwt de Onderwijsraad voor groeiende kansenongelijkheid. Privéaanbod dat alleen toegankelijk is voor kinderen van wie de ouders dat kunnen betalen, zet andere kinderen op een achterstand. Ook kunnen groei en verstrengeling van commercieel aanbod leiden tot minder grip en zicht op de kwaliteit van het onderwijs. De Onderwijsraad adviseert overheden en onderwijsinstellingen hoe het publieke karakter van het onderwijs beter kan worden beschermd. 1.

Wij stellen hierover de volgende vragen.

Heeft het college in beeld in welke mate dit in Utrecht voorkomt? Hoe wordt dat, zowel voor de structurele als voor de NPO gelden, gemeten of bijgehouden?

2.

Deelt het college en delen de onderwijspartners de conclusies van het advies en wat gaan zij ertegen doen?

3.

Het Stadsnetwerk Gelijke Kansen is 2020 opgericht juist om vraag en aanbod te coördineren en de impact van corona tegen te gaan. Welke capaciteit heeft het Stadsnetwerk en hoeveel leerlingen bereiken ze? Voor de effectiviteit van het Stadsnetwerk is het belangrijk dat alle onderwijspartners zijn aangehaakt. Hoe verloopt dat nu?

8

Vragenuur van 9 december 2021 Vroeger was dit niet zo, hoe gaat dit nu? Mevrouw KLEIN (wethouder): Voorzitter! Veel dank voor de vragen. Scholen gaan zelf over het

besteden van het geld, zowel het reguliere onderwijsgeld als het extra geld in het kader van het

Nationaal Programma Onderwijs (NPO). Wij hebben over het NPO gesproken inzake de Utrechtse onderwijsagenda. Ik heb niet de indruk dat wij vooral denken dat het inhuren van commerciële

huiswerkbegeleiding gekoppeld aan de school de oplossing is, maar ik zal dat voor de zekerheid checken.

Het college vindt het niet wenselijk dat geld dat is bedoeld voor goed onderwijs, het

stimuleren van het leren en de sociale ontwikkeling van de leerlingen, wegvloeit naar commerciële bureaus. Wij zijn van mening dat onderwijsgeld primair is bedoeld voor goed onderwijs. Als men echt goed onderwijs voor elkaar krijgt, zijn extra bijlessen, huiswerkbegeleiding en examentraining niet nodig. Wij hebben dit op deze manier met de schoolbesturen besproken. Dat ouders vervolgens zelf keuzes maken, is lastig te verbieden. Ik denk ook niet dat dit de oplossing is, maar wij moeten wél zorgen voor goed onderwijs.

Sinds het begin van de coronapandemie is Taal Doet Meer gestart met het Stadsnetwerk

Gelijke Kansen. Het doel daarvan is om leerlingen en gezinnen te steunen bij het thuisonderwijs. Het Stadsnetwerk is enerzijds ontstaan uit de behoefte van gezinnen en scholen voor aanvullende ondersteuning bij het thuisonderwijs en ook om het aanbod van vrijwilligers die zich melden te bundelen. Zo kan het Stadsnetwerk vraag en aanbod op een goede manier met elkaar verbinden. Dat draagt bij aan de kansengelijkheid van kinderen.

Eén van de activiteiten van het Stadswerknet is huiswerkbegeleiding. Het Stadsnetwerk zoekt

nauwe samenwerking met partners in het onderwijsveld. Scholen weten het Stadsnetwerk steeds beter te vinden. Wat daarbij helpt, is dat scholen hun vragen steeds beter weten te bundelen. Ook de brede scholen hebben daarbij geholpen. Het Stadsnetwerk weet steeds beter het aanbod gebundeld aan te bieden, zodat niet voor iedere match een apart telefoontje nodig is. In de eerste helft van 2021 heeft het Stadsnetwerk 132 kinderen bereikt met 64 vrijwilligers. In aanvulling hierop start Taal doet Meer met twee pilots, onder andere Taalplezier op school. Dat heeft een bereik van 25 leerlingen gehad. 32 leerlingen kregen een online taalmentor.

In Utrecht is afgesproken dat het ook mogelijk is om huiswerkbegeleiding af te nemen met

het tegoed van de U-pas. Er zijn twaalf partners die dit aanbieden. Het is aan de ouders zelf om te bepalen hoe zij U-pas tegoeden willen inzetten. De heer ROOD (GroenLinks): Voorzitter! Op grond van de gelijke kansen agenda heeft de gemeente regie op het publieke karakter van het onderwijs. De GroenLinks-fractie vraagt zich af of de gemeente voldoende zorgdraagt voor een goede kwaliteit van het onderwijs voor iedereen en het tegengaan van de groeiende kloof tussen mensen die wél extra begeleiding en bijles kunnen betalen en mensen die dat niet kunnen. Moeten wij niet nog scherper ongelijk investeren voor gelijke resultaten en om ervoor te zorgen dat de budgetten bij de juiste scholen en de juiste leerlingen terechtkomen? Mevrouw KLEIN (wethouder): Voorzitter! De gemeente is niet de instantie die de kwaliteit van het onderwijs kan beïnvloeden. Het is wél zo dat wij ons daar tegenaan bemoeien. Daar ben ik het zeer mee eens, net zoals wij in samenwerking met schoolbesturen bekijken hoe wij alles uit de kast kunnen halen om de gelijkheid van de kansen te bevorderen. Volgens mij doen wij ontzettend veel. Ik zeg niet dat wij alles wat in de toekomst wellicht nog op ons pad komt al doen. Echter, juist om de

9

Vragenuur van 9 december 2021 gelijke kansen te bevorderen, ben ik heel blij dat de schoolbesturen hebben besloten om het geld vooral in te zetten waar dat het hardste nodig is, ook vanwege het lerarentekort. Wij zijn bezig met heel goede zaken. Ik heb geen zaken op het oog waarvan ik mij afvraag waarom wij die niet allang doen. Dan hebben wij ze al opgepakt. Mevrouw ASSEN (PvdA): Voorzitter! Ik heb een hele hoop vragen, maar dat mag niet, dus wellicht komen hier nog schriftelijke vragen uit voort.

De wethouder zegt dat het Stadsnetwerk 132 kinderen bereikt. Dat is hartstikke mooi, maar ik

denk dat wij een nog groter doel hebben, ik tenminste wel. Wat wil de wethouder doen om ervoor te zorgen dat de capaciteit van het Stadsnetwerk niet alleen met vrijwilligers, maar ook met de betaalde krachten wordt uitgebreid? Valt daar nog winst te behalen door het aanhaken van schoolbesturen? Mevrouw KLEIN (wethouder): Voorzitter! Er zijn meer kinderen in Utrecht dan deze 132. Ik denk zeker dat er kinderen zijn die hierbij veel baat zouden hebben. Daarom is het belangrijk om te bekijken of die kinderen in beeld zijn. Er zijn ook vrijwilligers. Dat zou goed kunnen. Dat is de doorontwikkeling die vanuit de gelijkekansenagenda kan plaatsvinden. Ik denk dat het vooral belangrijk is dat het bij ouders bekend wordt dat dit bestaat. Wij proberen dat via de scholen onder de aandacht te brengen. Ik herken dat dit bij het opstarten een beetje langs elkaar heen ging, maar ook dat er echt verbeteringen zijn. Ook de brede school heeft daar een belangrijke rol in. 6. Vragen van mevrouw Bijsterbosch (D66), de heer Sungur (DENK), de heer (Kendir) Student & Starter, de heer Wiegant (SP), mevrouw Assen (PvdA), mevrouw Frank (GroenLinks), mevrouw De Vries (PvdD) en mevrouw Streefland (ChristenUnie) inzake Groen Licht. Mevrouw BIJSTERBOSCH (D66): Voorzitter! Utrecht is een mensenrechtenstad en staat voor een humane opvang van mensen op de vlucht voor oorlog of geweld.

Mensen die op de vlucht zijn, worden aan de Europese grenzen echter steeds vaker mishandeld, opgejaagd, tegengehouden en van Europees grondgebied teruggeduwd. Zo wordt hen met harde hand het recht ontnomen om asiel aan te vragen in Europa. In Polen, vlak bij het grensgebied met Belarus, hangen burgers in hun huizen een groen licht op. Dat is een teken dat migranten welkom zijn en hulp kunnen vragen als ze in nood zijn. Uit angst voor repercussies van de Poolse overheid durft niet iedereen zo'n licht nog op te hangen.

De Vereniging Asieladvocaten & -Juristen Nederland (VAJN) roept daarom mensen en

instanties op om op vrijdag 10 december, de dag van de mensenrechten, hun woning of gebouw

groen te laten kleuren. Het aanvragen van asiel is namelijk een grondrecht. De lidstaten van de EU zouden dit moeten respecteren. 1.

Is het college bereid om op vrijdag 10 december a.s. het Stadhuis groen te laten kleuren om te laten zien dat mensen op de vlucht in Utrecht welkom zijn en om zich uit te spreken tegen mensenrechtenschendingen aan de grenzen van de EU? De heer VAN OOIJEN (wethouder): Voorzitter! Ik wil beginnen met het noemen van het Verdrag

van Genève uit 1951. Dat garandeert namelijk, zoals de vragenstellers stellen, dat iedereen die te vrezen heeft het recht heeft om asiel aan te vragen. Dat is een fundamenteel mensenrecht. Daarom ben ik blij te kunnen zeggen dat wij ons inderdaad zullen uitspreken over de grote zorgen die wij hebben over het schenden van mensenrechten aan de grenzen van Europa. Daarom zullen wij morgen, op vrijdag 10 december, het Stadhuis groen verlichten. Daarmee spreken wij uit dat wij

10

Vragenuur van 9 december 2021 vinden dat fundamentele mensenrechten moeten worden gewaarborgd. Wij maken ons net als u grote zorgen.

Tegelijkertijd zeg ik u dat wij benadrukken dat de afweging over het aanlichten van het

Stadhuis altijd zorgvuldig wordt gemaakt. Wij ontvangen hier veel bezoeken om de attentiewaarde van een actie te vergroten. Wij zetten deze middelen derhalve spaarzaam in. Wij maken deze uitzondering echter graag.

Deze actie is nu mogelijk, eenvoudig omdat de installatie daarvoor er nu is vanwege de actie

van Orange the World.

Wij zeggen voluit "ja" op de vraag die is gesteld. Mevrouw FRANK (GroenLinks): Voorzitter! De GroenLinks-fractie vindt het belangrijk om zich

bij deze beweging aan te sluiten. Daarom is de fractie erg blij met het antwoord van de wethouder. Ziet de wethouder misschien mogelijkheden om naast de groene verlichting ook op andere manieren morgen aandacht te vragen voor mensen die vluchten? De heer VAN OOIJEN (wethouder): Voorzitter! Als ik de praktische mogelijkheden bekijk, is het verlichten van het Stadhuis goed mogelijk omdat de installatie daarvoor aanwezig is. Het is de vraag of wij nog andere mogelijkheden hebben, bijvoorbeeld om ook op andere plekken groen licht te laten schijnen. Dat kan ik niet helemaal overzien. Ik zal bekijken welke mogelijkheden er zijn.

Het zich vocaal uitspreken voor mensenrechten heeft voldoende doorgeklonken in hetgeen ik

heb gezegd. De VOORZITTER: Dames en heren! Wij zullen morgen op de sociale media zien of ook andere gebouwen zullen baden in groen licht. Mevrouw BIJSTERBOSCH (D66): Voorzitter! Ik heb geen aanvulling meer. Ik dank de wethouder.

Het is heel erg mooi dat wij dit zullen doen. Een mooi signaal.

De VOORZITTER: Dames en heren! Wij zijn aan het einde gekomen van het digitale vragenuur.

Ik wens iedereen een fijne avond toe.

De voorzitter sluit hierna, te 17.39 uur, het vragenuur.

{{Signer1}}

{{Signer2}}

11

Vragenuur van 9 december 2021

Lijst van toezeggingen, gedaan tijdens het vragenuur van 9 december 2021.

Vragen van mevrouw Sasbrink inzake eindelijk handhaving productiecapaciteit De Trip Lage Weide? Wethouder Verschuure • zal de raad informeren over de gerechterlijke uitspraak inzake De Trip Lage Weide - naar verwachting ongeveer eind januari 2022.

12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=1f06f385-5db8-402a-b95e-59e75112e50d