CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

20210422 vragenuur.doc

Gemeenteraad 3 juni 2021, gemeente UtrechtBij agendapunt: Notulen Vragenuur 22 april 20218.463 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

2021 NOTULEN VRAGENUUR Vragenuur – 22 april 2021 Vragenuur, gehouden op donderdag 22 april 2021 te 18.30 uur. Het vragenuur vindt in verband met de coronamaatregelen niet plaats in de raadzaal, maar digitaal. Voorzitter: mevrouw Podt. Aanwezig zijn de leden: Assen, Deldjou Fard, Gilissen, Heijne, Işik, Oosters, Saiah, Virginia, Wijmenga, Van der Zweth en Zwinkels. Voorts zijn aanwezig de fractiemedewerkers: Boudens, Van Mil, Snippe en Şimşek. Namens het college zijn aanwezig de wethouders: Diepeveen, Eerenberg, Van Hooijdonk, Klein en Voortman. Griffier: de heer Corten. Opening van het vragenuur. De VOORZITTER: Dames en heren! Goedemiddag. Welkom bij het vragenuur. Er zijn tien sets aan vragen ingediend. Ik vraag u collegiaal te zijn door beknopt uw vragen te stellen, zodat we de tien sets af kunnen handelen. 1. Vragen van mevrouw Assen (PvdA), de heer Gilissen (VVD) en mevrouw Zwinkels (CDA) inzake "Nog een speeltuin aan het lijntje". Mevrouw ASSEN (PvdA): Voorzitter! Twee weken geleden stelden de fracties van PvdA, CDA en VVD vragen over speelplaats de Kameleon. Omwonenden van het Van der Marckplein in de Geuzenwijk zochten daarop contact, omdat zij aangaven hetzelfde te ervaren rondom het speelplein daar. In 2018 en 2019 was dit plein en het opknappen ervan onderdeel van het project Springlevende Wijk van Academie van de Stad.

In verslagen is te lezen dat verschillende afdelingen binnen de gemeente betrokken waren, er wensen van bewoners zijn geïnventariseerd, er schetsen zijn gemaakt en dat de planning was dat eind 2019 gestart zou worden met de realisatie. Het is nu april 2021 en er is nog steeds niet mee gestart. De fracties hebben daarom de volgende vragen: 1. Wat is de verklaring dat er nog niet gestart is met het opknappen van het Van der Marckplein? 2. Kan de wethouder aangeven wanneer er hiermee alsnog gestart kan worden of hoe de obstakels om dat te doen worden weggenomen? 3. Kan de wethouder toezeggen de buurt opnieuw te informeren over de voortgang en te betrekken bij de definitieve planvorming? 4. Welke inhoudelijke motivatie is er om van dit plein geen beheerde speeltuin te maken? Als die er niet is, waarom is het aantal dan bepalend of er wel of niet meer bij mogen komen? 5. Waarom stimuleert het college enerzijds individuele bewoners om tegels te verwijderen maar pakt zij zelf de kansen die daartoe op straat liggen niet? 6. In hoeverre is er sprake van structureel achterstallig onderhoud van speelpleinen? De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! Ik heb de volgende antwoorden op de vragen. Vraag 1. Met de bewonerscommissie is eind vorig jaar besproken dat de gemeente op dit moment onvoldoende menskracht en budget heeft om de speelplek te verbouwen volgens de ideeën

Vragenuur van 22 april 2021 en wensen van de bewoners. Er is wel budget beschikbaar vanuit de vervangingsinvesteringen om een paar toestellen te vervangen. Daarvoor is een vervangingsplan in voorbereiding. De vragen 2 en 3. Het wijkbureau heeft op 12 mei a.s. een afspraak met de bewonerscommissie om het vervangingsplan door te nemen en te kijken of dit aansluit bij de wensen en ideeën van de bewoners. Hierna zullen de speeltoestellen besteld worden en na levering, ongeveer na twee maanden, kan met de uitvoering worden gestart. Het antwoord op vraag 4. De wijk Noordwest heeft vier beheerde speeltuinen, waarvan één speeltuin ligt in Geuzenwijk, vlakbij het Van der Marckplein. Kinderen en ouders uit de omgeving van het Van der Marckplein maken zowel gebruik van de beheerde speeltuin als van openbare speelplaatsen, zoals het Van der Marckplein. Het aanbod van speelplekken vinden wij voldoende. Vraag 5. Het college zet naast het stimuleren van bewoners om zoveel mogelijk tegels te verwijderen, onder andere in het kader van het Nederlands kampioenschap tegelwippen, ook in op het vergroenen van de openbare ruimte. Het Van der Marckplein wordt meegenomen in de scan naar vergroeningskansen, waarbij we ook kijken naar de mogelijkheden om tegels te verwijderen.

Voor de vergroeningsopgave die benoemd is in de RSU, de groene schaalsprong, leggen we in eerste instantie de focus op de naoorlogse buurten en Rivierenwijk. Recent zijn we gestart met de voorbereiding voor de wijk Noordwest. Het beschikbare budget en de personele capaciteit maken het echter niet mogelijk om op korte termijn alle kansen te pakken. We betrekken dit bij de integrale afweging van de voorjaarsnota van dit jaar. Vraag 6. We inspecteren alle speelpleinen vier keer per jaar op veiligheid. Dat is conform de wet. Als een speeltoestel of ondergrond niet aan de wettelijke eisen voldoet, wordt die weggehaald, vervangen of gerepareerd. Op die manier voorkomen we structureel achterstallig onderhoud van speelpleinen. De heer GILISSEN (VVD): Voorzitter! Fijn om te horen dat er in ieder geval iets van perspectief is, ook voor deze speeltuin, als zijn het een paar toestellen. Kan de wethouder toezeggen dat er in ieder geval duidelijk wordt gecommuniceerd en perspectief wordt geboden in hoeverre iets mogelijk is? Immers, het gaat vooral om communicatie bij dit soort initiatieven. Kan hij toezeggen dat er altijd iets van perspectief wordt geboden, misschien niet direct, maar wel op korte termijn voor dit soort mooie initiatieven? De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! Ik kan dit zeker toezeggen. Het overleg van 12 mei a.s. is daarop gericht.

Gelukkig signaleren de bewoners ook dat er enig perspectief is. Tegelijkertijd is het goed om duidelijk te maken wat wel en wat niet kan. We zien zowel bij de speeltoestellen als de vergroening mogelijkheden in de komende tijd. Mevrouw ZWINKELS (CDA): Voorzitter! Kan de wethouder aangeven welke onderdelen van de bewonersplannen niet in uitvoering kunnen worden genomen, als de vervanging van de toestellen wel door kan gaan en de vergroening ook? De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! Dat kan ik niet precies aangeven, omdat ik de plannen niet zo gedetailleerd ken. Maar die zullen op 12 mei goed doorgenomen worden. Dan zal ook doorgenomen worden wat er van de kant van de gemeente aan realistische optie voorhanden is. Mevrouw ASSEN (PvdA): Voorzitter! Dank aan de wethouder voor de antwoorden. We kijken uit naar dat overleg, maar vragen de wethouder welke les hij trekt in het kader van participatie, als de bewoners eerst een aantal jaren worden meegenomen in een proces om plannen te maken en vervolgens wordt gezegd dat er geen geld en menskracht is om ze uit te voeren. De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! Het is zeker goed om te kijken naar de lessen die we hieruit kunnen leren. Ik durf daar niet op vooruit te lopen, maar het is goed om dat te doen. 2.

Vragen van mevrouw Heijne (GrLi), de heer Wijmenga (ChristenUnie) en de heer Schreuder (D66) inzake "schone en stille taxi's ". Mevrouw HEIJNE (GroenLinks): Voorzitter! Op 19 april jl. heeft Staatssecretaris Stientje van Veldhoven met zes grote gemeenten en diverse partijen uit de taxisector afspraken gemaakt over schone en stille taxi’s. Het viel de fracties van ChristenUnie, GroenLinks en D66 op dat Utrecht niet

2

Vragenuur van 22 april 2021 bij de gemeenten zit die hun handtekening zetten onder die afspraken. Dat roept bij de fracties de volgende vragen op: 1. Klopt het dat Utrecht niet meedoet met de afspraken? Zo ja, waarom doet Utrecht niet mee? 2. Is het college het met de fracties van de ChristenUnie, GroenLinks en D66 eens dat stille en uitstootvrije taxi’s goed passen bij het programma "Utrecht kiest voor gezonde lucht" dat onlangs door de raad is vastgesteld? 3. De fracties van ChristenUnie, GroenLinks en D66 zien graag dat ook bewoners van Utrecht kunnen genieten van stille en schone taxi’s en daarmee van gezonde lucht. Is het college bereid om afspraken te maken met de branche? Zo nee, waarom niet? 4. Kan het college een plan maken voor stille en schone taxi’s? Zo ja, op welke termijn kunnen we dat plan tegemoetzien? Zo nee waarom niet? 5. Denkt de wethouder op een later moment ook een handtekening te kunnen zetten onder de afspraken die het Rijk eerder maakte met andere gemeenten en de branche? Zo ja, wanneer? Zo nee, waarom niet? De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Dank aan de vragenstellers. Ik kreeg de afspraken over stille en schone taxi's op mijn bureau langs ter ondertekening. Dat was even een dilemma, omdat het in de tijdlijn niet mogelijk was om met onze lokale taxibranche het goede gesprek te voeren.

Ik vind het ten principale belangrijk bij dit soort acties niet alleen over de taxibranche te praten, maar ook met de taxibranche. Omdat dat niet meer in te passen was, heb ik helaas moeten besluiten niet te tekenen. Dit was het antwoord op vraag 1. Voor de vragen 2 en 3 betekent dit dat ik twee keer volmondig ja zeg. We staan achter deze doelstellingen en willen daarmee aan de slag gaan. Inmiddels hebben we, in antwoord op vraag 4, het gesprek met de taxibranche lokaal opgestart en zijn we overeengekomen dat we aan zo'n lokaal plan gaan werken. Daar komen natuurlijk nog allerlei dilemma's achter weg, dus dat moeten we zorgvuldig doen. De doelstelling is om dat dit jaar af te ronden. Dat betekent dat het plan uiterlijk december 2021 gereed zal zijn. Dit betekent voor onze handtekening dat we in ieder geval doorgaan, dit in antwoord op vraag 5, want we staan achter de doelstelling. Mocht dit op een later moment nog kunnen leiden tot invlechten in de landelijk afspraken, is dat alleen maar heel mooi. We hebben in ieder geval goed contact met het ministerie en kijken op alle zaken die annex zijn mee. We gaan in ieder geval lokaal aan de slag en dat is het allerbelangrijkste. De heer WIJMENGA (ChristenUnie): Voorzitter! Positief dat de wethouder er op deze manier op ingaat. Fijn dat dat gesprek loopt. Ik heb er nog een vraag bij.

Wij doen niet direct mee met het convenant en de ambitie van de landelijke afspraken is om in 2025 alle taxi's uitstootvrij te hebben. Als het ons een jaar kost om tot lokale afspraken te komen, mikken we dan ook op 2025, of wordt dat later? De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Dit is precies de reden dat het belangrijk is om samen met de branche dat gesprek te voeren, omdat het natuurlijk om ondernemers gaat die geïnvesteerd hebben in hun auto. We gaan voor de doelstellingen van schone lucht en we gaan kijken hoe we die op een realistische manier waar kunnen maken. Ik kan uw raad later informeren wat onze tijdlijn wordt. Uiteraard beginnen we het gesprek met: hoe sneller hoe beter. Mevrouw SNIPPE (PvdD): Voorzitter! Fijn dat de coalitiepartijen zich ook inzetten voor schone en stille taxi's. De PvdD-fractie heeft hierover in 2018 al een motie ingediend, getiteld: geef schone taxi's voorrang. Hierin drong ze aan op het maken van de overstap naar schone taxi's. Hoever is de wethouder met zijn actie tegen het stationair draaien van taxi's in verband met schone lucht? De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Ook dit is een onderwerp dat we samen met de branche op moeten pakken. Dus dit is een van de onderwerpen waar de gesprekken over gaan. Ik kan daarover later terugkoppelen. Dit staat op de agenda.

De heer IȘIK (PvdA): Mevrouw de voorzitter! Wanneer komt die terugkoppeling?

3

Vragenuur van 22 april 2021 De heer EERENBERG (wethouder): Ik heb gezegd, uiterlijk eind dit jaar, maar ik hoop eerlijk gezegd dat we iets sneller gaan. Ik houd het toch op december 2021 en dan is het aan mij om uw raad te verrassen als het iets eerder is. Mevrouw HEIJNE (GroenLinks): Voorzitter! Ik dank voor de beantwoording en voor de positieve reactie. Ik ben heel blij dat de wethouder hiermee aan de gang gaat. Toen de PvdD-fractie het woord nam, dacht ik dat ze een ander punt ging maken, want ik heb haar vanochtend bij Vervoer voor iedereen een heel mooi pleidooi horen houden voor schonere regiotaxi's. Dat pleidooi ondersteun ik hier en ik vraag de wethouder of hij deze groep ook meeneemt in de afspraken die gemaakt worden. De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Dat is een ander type gesprek, omdat de regiotaxi zich anders heeft georganiseerd. Ook daar zijn de ambities voor schoon en duurzaam natuurlijk dezelfde. Dus laten we afspreken dat als ik uw raad informeer over hoe we met onze taxibranche varen, ik meteen dit thema meepak. Het is wel een andere actie. 3. Vragen van de heer Şimşek (DENK) inzake "bouwcontainers zonder vergunning op gemeentelijke grond". De heer ŞIMŞEK (DENK): Voorzitter! Op vrijdag 9 april zijn er borden geplaatst op de Alexander de Grotelaan om met ingang van 19 april niet te parkeren in de parkeervakken. Het betreft in totaal 25 parkeervakken.

Op maandag 19 april zijn er bouwcontainers op deze parkeerplekken geplaatst. Dit terwijl de wethouder tijdens de mondelinge vragen van afgelopen week nog aangaf dat er geen vergunning was aangevraagd. 1. Hoe kunnen deze containers zijn geplaatst zonder vergunning? 2. Wat gaat het college doen om ervoor te zorgen dat deze containers en de borden zo snel mogelijk worden verwijderd? De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! Vorige week heeft collega Van Hooijdonk vragen over hetzelfde onderwerp beantwoord. Op 20 januari is de vergunning verleend aan Bo-Ex voor het uitvoeren van groot onderhoud aan de appartementencomplexen. De communicatie naar de omgeving is hier echt ongelukkig verlopen. De bewoners hadden eerder per brief geïnformeerd moeten worden, uiteraard over de uitvoering van de werkzaamheden en de gevolgen die dat heeft voor de openbare ruimte. Nu zijn de omwonenden door middel van de plaatsing van aankondigingsborden van een aanstaand parkeerverbod geconfronteerd met de werkzaamheden. Ik kan me voorstellen dat de buurt daardoor verrast is. Dit is een belangrijk leermoment, in de allereerste plaats voor de aanvragende aannemer, want hij is in de eerste plaats verantwoordelijk, maar ook voor de gemeente. Dat kan en moet beter bij volgende projecten. We gaan meer sturen op het tijdig aanvragen van de benodigde vergunningen.

Het antwoord op vraag 1 luidt dan ook dat de containers geplaatst zijn met vergunning. Die vergunning is verleend op vrijdag 16 april jl. en op maandag 19 april jl. zijn de containers geplaatst. Het antwoord op vraag 2 is dat de werkzaamheden naar verwachting een jaar gaan duren. De containers en de borden worden zo snel mogelijk na afloop van de werkzaamheden verwijderd, maar dat duurt wel een jaar. Voorafgaand aan het indienen van de aanvraag is door de gemeente en de aannemer ter plaatse gekeken naar de mogelijkheden voor plaatsing. Bij gebrek aan alternatieve ruimte is het nodig om parkeerplekken te gebruiken voor het plaatsen van containers en opslag. Hiermee is voorkomen dat de containers op andere locaties worden geplaatst, bijvoorbeeld in het groen, op de stoep of in de nabijheid van de speelplaats. Wat betreft de parkeerplaatsen herhaal ik wat collega Van Hooijdonk vorige week al zei. Het is in een stad als Utrecht niet realistisch dat bewoners voor de deur van hun woning kunnen parkeren. Dat kan gewoon niet altijd. Ik begrijp overigens dat tijdens de werkzaamheden woningen tijdelijk niet bewoond worden en deze bewoners vervangende woonruimte hebben. Dit betekent dat er wat minder parkeerdruk zal zijn. De heer ŞIMŞEK (DENK): Voorzitter! Wethouder Diepeveen zegt kort samengevat dat er op 20 januari jl.

een vergunning aan BO-Ex is verleend voor het plaatsen van containers, maar dat de

4

Vragenuur van 22 april 2021 communicatie naar de omgeving ongelukkig was. Zou de wethouder die vergunning kunnen delen met de raad, zodat we die kunnen inzien? De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! Ter voorkoming van misverstanden. Ik heb net gezegd dat op 20 januari jl. vergunning is verleend aan Bo-Ex voor het grootonderhoud. Maar de vergunning voor het plaatsen van containers, de zogenaamde IOG-vergunning, over ingebruikname van openbare grond, is afgelopen vrijdag verleend en is gericht op het plaatsen van containers op de parkeerplekken. Als de heer Şimşek om technische bijstand vraagt, kan die vergunning worden ingezien. 4. Vragen van de heer Şimşek (DENK) inzake "Erkenning huurdersorganisatie STOK". De heer ŞIMŞEK (DENK): Voorzitter! De DENK-fractie heeft op 5 november 2020 vragen gesteld met betrekking tot de huurdersorganisatie STOK en was toen stellig van mening dat STOK een huurdersorganisatie is en dat de gemeente haar behoorde te betrekken bij de jaarlijkse prestatieafsprakencyclus. Het college ging hieraan voorbij en vertrouwde blind op de beweringen van Bo-Ex over de status van STOK die door Bo-Ex niet langer was kwalificerend als huurdersorganisatie. Op 7 april 2021 heeft de Huurcommissie geoordeeld dat STOK al sinds haar oprichting in 2001 gekwalificeerd is als een huurdersorganisatie ingevolge de Wet op het Overleg Huurders Verhuurder (WOHV).

STOK heeft ook jaren aan tafel gezeten met Bo-Ex voor de prestatieafspraken. STOK is dus wel een huurdersorganisatie. Wij hebben hierover de volgende vragen: 1. Waarom heeft de wethouder - ondanks herhaaldelijk verzoek daartoe van STOK zelf - STOK in 2020 niet betrokken bij de prestatieafspraken? 2. Heeft het college het verhaal van Bo-Ex juridisch getoetst? Zo ja, kan het college deze juridische toets delen met de raad? Zo nee, waarom heeft de wethouder blind vertrouwd op de woorden van Bo-Ex? 3. Is het college het met ons eens dat de wethouder de partijen niet gelijkwaardig heeft behandeld? Zo nee, waarom niet? Zo ja, wat gaat het college doen om in de toekomst te waarborgen dat huurdersorganisaties als gelijkwaardige partijen worden behandeld? 4. Is het college het met DENK eens dat de gemeente een zorgvuldige toetsing vooraf moet doen voordat de gemeente besluit om een huurdersorganisatie buiten te sluiten? 5. Wat gaat de wethouder doen om ervoor te zorgen dat STOK alsnog wordt betrokken bij de prestatieafspraken? De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! Elk jaar worden er prestatieafspraken gemaakt met de STUW-corporaties en de huurdersorganisaties. Volgens de wet heeft de corporatie daarbij het initiatief, zowel bij het uitnodigen van de gemeente als van de huurdersorganisaties.

Bo-Ex heeft vorig jaar oktober de samenwerkingsovereenkomst met STOK opgezegd, omdat volgens Bo-Ex STOK het belang van de huurders onvoldoende vertegenwoordigt. Bo-Ex heeft STOK een half jaar de tijd gegeven om aan te geven hoe zij huurders en bewonerscommissies op een goede manier gaat betrekken. Het bestuur van STOK heeft naar de mening van Bo-Ex geen verbetering laten zien. Intussen is het zo dat twaalf bewonerscommissies zich uit STOK hebben teruggetrokken. Vraag 2. Het juridisch toetsen van een geschil tussen de corporatie en de huurdersorganisatie behoort niet tot de taken van de gemeente. In de uitspraak van de huurcommissie van 1 april van dit jaar is niet ingegaan op het standpunt van Bo-Ex dat STOK de huurders onvoldoende vertegenwoordigt. Bo-Ex stelt zich op het standpunt in beroep te gaan tegen de uitspraak van de Huurcommissie. Wij zullen uw raad uiteraard op de hoogte houden van de uitkomsten van dit beroep. Vraag 3. We zijn het er niet mee eens dat we de partijen niet gelijkwaardig hebben behandeld. Op het moment van de te maken Prestatieafspraken 2021 was er geen formele huurdersorganisatie waarmee Bo-Ex een samenwerkingsovereenkomst had. De huurdersorganisaties van de andere STUW-corporaties zitten uiteraard als volwaardige partijen aan tafel, zowel bij de prestatieafspraken als in de Stuurgroep huren. Vraag 4.

Het toetsen of een huurdersorganisatie een legitieme partij is, is geen taak van de gemeente, maar van de Huurcommissie. Vraag 5. Bo-Ex heeft voorafgaand aan de laatste ronde prestatieafspraken toestemming gevraagd aan de Autoriteit Woningcorporaties om de Prestatieafspraken 2021 op te stellen zonder formeel georganiseerde huurdersvertegenwoordiging. De Autoriteit Woningcorporaties heeft

5

Vragenuur van 22 april 2021 hiermee ingestemd, mits Bo-Ex aantoonbaar werkte aan het organiseren van een nieuwe huurdersorganisatie. Dat is het geval, want Bo-Ex heeft bij individuele bewonerscommissies hierover advies gevraagd en gekregen, en is bezig met het oprichten van een nieuwe huurdersorganisatie. Wij hebben de raad daarover geïnformeerd op 1 december 2020. Nu de uitspraak van de Huurcommissie bekend is geworden, heeft Bo-Ex zich opnieuw gewend tot de Autoriteit Woningcorporaties om van haar te horen of dit gevolgen zou kunnen hebben voor de prestatieafspraken die zijn afgesloten. De Autoriteit Woningcorporaties heeft gezegd dat die gevolgen er niet zijn naar het oordeel van de autoriteit. De heer ŞIMŞEK (DENK): Voorzitter! Begrijp ik goed dat de wethouder nog steeds uitgaat van de stelling van BO-Ex in plaats van de onafhankelijke Huurcommissie? De heer DIEPEVEEN (wethouder): Wij oriënteren ons bij de huurdersvertegenwoordiging inderdaad op de woningcorporatie. Zo zit het wettelijk ook in elkaar. 5. Vragen van mevrouw Deldjou Fard (GroenLinks) en mevrouw Assen (PvdA) inzake "Medewerkers van het landhuis Oud Amelisweerd". Mevrouw DELDJOU FARD GroenLinks): Voorzitter! Een klein aantal Utrechters werkt al jaren in het landhuis Oud Amelisweerd. Naast het beheer van het pand begeleiden ze de vrijwilligers.

In de afgelopen tijd hebben ze een payroll-constructie gehad via de gemeente. Het landhuis zou en is ondertussen onder beheer gekomen van Stadsherstel Utrecht. Dat hield in dat de medewerkers niet meer via de gemeente zouden kunnen werken in het landhuis Oud Amelisweerd. De GroenLinks-fractie maakte zich eerder zorgen om de bestaanszekerheid van de medewerkers. In februari 2021 gaf het college aan, Stadsherstel Utrecht te vragen om te onderzoeken op welke manier de vrijwilligers en beheerders ook in de toekomst ingezet kunnen worden bij de invulling van het landhuis. Geruststellend vond de GroenLinks-fractie dit nieuws. Maar inmiddels, anno april, bereiken ons andere geluiden. Medewerkers zijn in de WW terecht gekomen, hoorden we. Het gaat om een klein aantal mensen dat zich al jarenlang met grote passie inzet voor het welzijn van dit mooie pand. Mensen die inmiddels op respectabele leeftijd zijn en dat maakt naar eigen zeggen de zorg voor hun werktoekomst nog groter voor ze. Dat brengt de fracties op de volgende vragen: 1. De wethouder had in de brief aangegeven zich hiervoor in te spannen. Is de wethouder op de hoogte van de stand van zaken? 2. Hoe kijkt de wethouder naar de ontstane werksituatie voor de medewerkers? 3.

Heeft de wethouder er zicht op, of er voldoende gesprekken plaats hebben gevonden tussen beide partijen? En heeft de wethouder er zicht op, of de medewerkers zich genoeg gehoord gevoeld hebben in deze gesprekken? 4. Welke verdere toekomstige plannen heeft Stadsherstel Utrecht in dit kader? 5. Welke kansen ziet de wethouder om ervoor te zorgen dat de medewerkers alsnog een kans krijgen om mee te gaan in de nieuwe situatie en zich kunnen blijven inzetten voor het landhuis Oud Amelisweerd? De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Dank aan de vragenstellers voor deze vragen. Het klopt, we hebben eerder aan uw raad gecommuniceerd dat wij ons zouden inzetten om aan Stadsherstel duidelijk te maken dat deze beheerders goede werknemers zijn en goede dingen doen voor Oud Amelisweerd. Dat hebben we ook gedaan, ook persoonlijk. Dat heeft erin geresulteerd dat Stadsherstel vanaf het begin heel positief tegenover het voortzetten van de werkzaamheden gestaan heeft van zowel de vrijwilligers als de beheerders, en de tijd heeft genomen om een plan uit te werken en allerlei gesprekken te voeren. Dat hebben ze met vrijwilligers gedaan, maar ook met deze beheerders. Op basis van die gesprekken en het plan dat ze gemaakt hebben heeft Stadsherstel uiteindelijk besloten om toch niet in zee te gaan met deze twee beheerders. Vraag 2.

Ik heb uw raad al verteld dat de gemeente bij Stadsherstel de medewerkers onder de aandacht heeft gebracht waarvan wij vinden dat ze het ontzetten goed doen. Toen wij hoorden dat er een andere conclusie was getrokken, hebben we echt de tijd genomen om beide beheerders zeer zorgvuldig te bedanken voor hun inzet en betrokkenheid. We hebben gehoord dat ze dat

6

Vragenuur van 22 april 2021 gewaardeerd hebben. Wij hebben op dit moment niets anders te doen dan de keuze van Stadsherstel te respecteren. Wat niet wegneemt dat we een zorgplicht richting deze beheerders hebben. Vraag 3. Er zijn voldoende gesprekken geweest. Er zijn meerdere gesprekken geweest, ook diverse mail-correspondentie tussen Stadsherstel en de beheerders. Ik heb net verteld hoe die gesprekken zijn gelopen en welke conclusie daar uiteindelijk aan verbonden is. Vraag 4. Een van de twee betrokkenen is inmiddels bezig met een andere baan. We houden contact met deze personen en hebben gezegd dat we voor ze klaar staan, als er behoefte is aan hulp of begeleiding. Dat aanbod staat nog steeds. Vraag 5. Ik heb er vertrouwen in dat Stadsherstel een professionele partij is die echt aan de slag gaat met het pand en een mooi plan, en er een deskundige organisatie omheen zal bouwen. Voor het overige zullen we het echt aan Stadsherstel moeten laten. Mevrouw DELDJOU FARD GroenLinks): Voorzitter! Dank aan de wethouder. Ik vind het fijn om te horen dat de gemeente/ de wethouder inderdaad voor goede gesprekken heeft gezorgd. Ik vind het teleurstellend dat Stadsherstel deze mensen na die gesprekken niet heeft kunnen aannemen. 6. Vragen van de heer Van der Zweth (PvdA) inzake "Sneltesten voor mensen met laag inkomen!".

De heer VAN DER ZWETH (PvdA): Voorzitter! Met de dinsdag aangekondigde versoepelingen gaat de samenleving langzamerhand weer van het slot, een beetje open. Ook werd afgelopen weken bekendgemaakt dat mensen vanaf juli moeten betalen voor een coronasneltest om toegang te kunnen krijgen tot bijvoorbeeld horeca en culturele instellingen; dus als ze iets leuks gaan doen. Dit staat in een wetsvoorstel over toegangstesten waarmee het kabinet afgelopen vrijdag heeft ingestemd. Het gaat om een verwachte eigen bijdrage van €7,50 per keer. Dit is voor mensen met een laag inkomen, die van €50 of €60 per week moeten rondkomen, een flink bedrag wat zij niet kunnen missen. Dit kan betekenen dat een grote groep in onze stad niet kan meedoen aan het openbare leven, waar juist iedereen nu zo'n grote behoefte aan heeft. Wij hebben hierover twee vragen. 1. Hoe gaat de wethouder ervoor zorgen dat de kosten voor sneltesten van €7,50 per keer geen drempel worden voor mensen met een laag inkomen om een bezoek te brengen aan een culturele instelling, de horeca of iets anders? 2. Is de wethouder bereid om, zolang nog niet iedereen gevaccineerd is, via bestaande armoederegelingen de kosten voor sneltesten te vergoeden? Dit kan bijvoorbeeld door een bepaald aantal sneltesten beschikbaar te stellen via U-pashouder, zoals we dat voor mondkapjes hebben gedaan.

Mevrouw VOORTMAN (wethouder): Voorzitter! Ik beantwoord de vragen van de heer Van der Zweth graag gezamenlijk. Ik vind het belangrijk dat iedereen in onze stad kan rondkomen en meedoen. Op dit moment kan iedereen zich bij klachten gratis laten testen op corona via de GGD. Voor deelname aan het onderwijs worden veel sneltesten ook gratis ter beschikking gesteld. Ik vind het nu nog te vroeg om sneltesten via de bestaande armoederegelingen te vergoeden, want het Rijk is nog druk bezig met uitzoeken voor welke evenementen een al dan niet betaalde toegangstest vereist is. De ontwikkelingen rondom vaccineren, het openstellen van de samenleving, vereiste testen, het prijsaanbod, volgen elkaar nu ontzettend snel op. Ik wil dit afwachten en tegen de tijd dat we hier meer zicht op hebben, naar bevind van zaken handelen. Mocht een betaalde test tegen die tijd onze kwetsbare inwoners belemmeren om mee te doen in onze stad, zal ik met uw raad in gesprek gaan over mogelijke oplossingen. Mevrouw ZWINKELS (CDA): Voorzitter! Dank aan de wethouder voor dit antwoord. Het lijkt mij een heel logisch antwoord.

Als we naar eventuele oplossingen gaan kijken in de toekomst, kan dit dan betekenen dat er minder evenementen gaan plaatsvinden om mensen met een laag inkomen toegang te kunnen geven, omdat die evenementen op dit moment natuurlijk gewoon geld kosten? Mevrouw VOORTMAN (wethouder): Voorzitter! Ik moet even hardop nadenken. Dat zou betekenen dat we minder evenementen gaan organiseren, omdat we niet willen dat mensen die het niet kunnen betalen, daar niet heen kunnen. Ik moet daarover nadenken, want dit lijkt me ook vervelend en ik weet niet of dit überhaupt zou kunnen. Want dan zouden we moeten zeggen dat

7

Vragenuur van 22 april 2021 iemand een evenement niet mag organiseren, omdat misschien niet iedereen ernaartoe kan. Ik wil daar niet op vooruitlopen. Dat vind ik nog te vroeg. De heer VAN DER ZWETH (PvdA): Voorzitter! Dank voor de antwoorden. Ik vind ze heel vrijblijvend, want er is wel degelijk besloten dat die sneltesten voor activiteiten er gaan komen. Mijn vraag aan de wethouder is: kan zij toezeggen dat de raad ruim van tevoren te horen krijgt hoe de wethouder sneltesten beschikbaar wil stellen voor mensen met een laag inkomen, als die voor zulke simpele dingen verplicht worden als een bezoek aan een culturele instelling of de horeca? Mevrouw VOORTMAN (wethouder): Voorzitter! Het kan zijn dat de ministerraad dit heeft besloten, maar de uitwerking ervan is er nog niet. Het voorstel is trouwens nog niet voorbij de twee Kamers. Sowieso kan ik me voorstellen dat het Rijk gaat nadenken over wat dit betekent voor mensen die sneltesten niet kunnen betalen. Ik wil niet bij voorbaat zeggen dat we dit probleem gaan aanpakken op de manier die de heer Van der Zweth voorstelt. Ik vind wel dat betaalde tests geen belemmering mogen zijn voor kwetsbare inwoners om mee te kunnen doen in onze stad. Daarom heb ik gezegd dat als dat het geval zou zijn, we moeten kijken wat mogelijke oplossingen zijn. 7.

Vragen van mevrouw Oosters (Student & Starter), mevrouw De Koning (GroenLinks) de heer Schipper (SP) en de heer Işik (PvdA) inzake "Onzekere tijdelijke huurcontracten jonge huurders". Mevrouw OOSTERS (Student & Starter): Voorzitter! In het NRC werd afgelopen maand een artikel gepubliceerd over studenten die veel stress en onzekerheid ervaren door het hebben van een tijdelijk huurcontract. Door de tijdelijke huurcontracten durven jonge huurders minder snel naar het Huurteam te stappen bij misstanden met hun huisbaas. Ook eist de onzekerheid over het vinden van een woning na afloop van het contract veel van hen. Het Huurteam Utrecht constateert dat er steeds meer tijdelijke huurcontracten onder studenten komen. De fracties van Student & Starter, GroenLinks, SP en PvdA hebben daarom de volgende vragen: 1. Erkent de wethouder de psychische belasting van jonge Utrechters met een tijdelijk huurcontract en wat wil hij hieraan doen? 2. Is de wethouder bereid om aanvullend op het landelijke onderzoek dat loopt naar tijdelijke huurcontracten ook een lokale Utrechtse vertaling van dit onderzoek te doen? 3. Is de wethouder het met de fractie van Student & Starter eens dat juist jonge Utrechters een kwetsbare groep vormen voor tijdelijke huurcontracten, omdat zij vaak niet op de hoogte zijn van hun rechten? 4.

Welke maatregelen kan en wil de wethouder nemen om jonge huurders meer op hun rechten te wijzen bij tijdelijke huurcontracten? Ook bij anti-kraak doen zich veel onzekerheden voor, omdat huurders geen officiële huurrechten hebben. Dit leidt in Utrecht soms tot schrijnende situaties, zoals het uithuisplaatsen na twee waarschuwingen aan een huurder aan de Deken Roesstraat. Huurders hebben vervolgens geen enkele manier om zich te verdedigen tegen dergelijke besluiten van leegstandbeheerder Inxxx. 5. Is de wethouder het met de fracties eens dat het uithuisplaatsen van huurders na twee kleine misstappen zelfs zonder officiële huurrechten niet goed te praten is? 6. Is de wethouder bereid met de betreffende leegstandbeheerder in gesprek te gaan over de regels die hij zijn huurders oplegt en de strenge handhaving daarvan? 7. Wat vindt de wethouder van het gebrek aan zekerheden voor huurders die anti-kraak huren? De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! Wij vinden het breed generiek inzetten van tijdelijke huurcontracten onwenselijk. Tijdelijk huurcontracten kunnen inderdaad leiden tot onzekerheid en stress voor huurders en kunnen een prijsopdrijvend effect hebben. Dat standpunt dragen wij uit en we voeren een actieve lobby op dit punt richting Kamer en kabinet. Vraag 2.

Het college vindt dat het uitvoeren van een algehele inventarisatie van het gebruik van tijdelijke huurcontracten op dit moment geen meerwaarde heeft, omdat de tendens van meer tijdelijke huurcontracten op zichzelf duidelijk is. Die tendens wordt ook herkend, bijvoorbeeld door het Huurteam Utrecht. Dat ziet een trend van meer klachten over tijdelijke verhuur. Vraag 3. Bij huurders in het algemeen blijkt dat ze niet altijd goed op de hoogte zijn van hun rechten. Vaak weten ze niet wat voor soort contract ze getekend hebben. In de praktijk zien we tijdelijke contracten, maar ook contracten die dubbelzinnig geïnterpreteerd kunnen worden,

8

Vragenuur van 22 april 2021 waardoor het voor huurders onduidelijk is wat voor soort contract zij hebben. Dit geeft onzekerheid voor de huurder. Vraag 4. Begin dit jaar zijn we gestart met de ambtelijke Werkplaats geschiloplossing in het huurdomein, geïnitieerd door de Raad voor de Rechtsbijstand. Met de ketenpartners binnen de huurketen wordt verkend hoe huurders sneller en adequater geholpen kunnen worden bij een voorliggend huurgeschil. Diverse partners nemen hieraan deel, zoals de gemeente, de Huurcommissie, het Huurteam, de advocatuur, Sociaal Raadslieden, woningcorporaties, het Juridisch Loket en de Regelrechter. Op deze manier willen we versnipperde informatie meer samenbrengen, de doorverwijzing naar partijen verbeteren en voor de meest voorkomende probleemtypes procedures met elkaar afspreken. In mei van dit jaar start ook de campagne Stop duurhuur. Huurders worden dan actief geïnformeerd over hun rechten en waar ze op moeten letten bij het aangaan van een huurovereenkomst. Dit heeft dus ook een preventieve doelstelling. Vraag 5 en 6. In deze openbare setting willen we niet inhoudelijk ingaan op deze casus. Mijn voorstel is om deze casus wel aan ons door te spelen, zodat we die de komende tijd goed kunnen bekijken. Vraag 7. Een van de kenmerken van leegstandsbeheer is dat gebruikers snel weer kunnen vertrekken.

Als dit ingrijpend wordt veranderd, zal dit ongewenste effecten kunnen hebben, namelijk meer leegstand en niet tijdelijk gebruik. Het is altijd zoeken naar het goede evenwicht. De heer IȘIK (PvdA): Mevrouw de voorzitter! Dank voor de antwoorden van de wethouder. In de tijdelijke huurcontracten komt voor dat de huurprijzen heel hoog zijn en het puntenstelsel niet wordt toegepast. Is het college bereid om met corporaties en andere marktpartijen te kijken hoe het puntenstelsel hiervoor kan worden toegepast? De heer DIEPEVEEN (wethouder): Wij zijn met corporaties en marktpartijen in overleg, met marktpartijen onder andere via Stad Koers Bewoner. Dit soort zaken komen daar zeker aan de orde. Mevrouw OOSTERS (Student & Starter): Voorzitter! Kan de wethouder toezeggen dat hij in gesprek gaat met de betreffende leegstandbeheerder? De heer DIEPEVEEN (wethouder): Ik heb al gezegd dat wij graag voorzien worden van de informatie die wij daartoe nodig hebben. Dan zullen we kijken wat we kunnen doen. Een goede suggestie van mevrouw Oosters. 8. Vragen van de heer Virginia (GroenLinks) inzake "Geef de natuur rechten". De heer VIRGINIA (GroenLinks): Voorzitter! Vandaag is het de "Dag van de Aarde", met dit jaar wereldwijd speciale aandacht voor "Herstel de Aarde". De aarde zucht en steunt momenteel onder ons als mensheid.

De natuur staat onder grote druk, onder meer door te veel stikstof, extreem weer, verzilting, bodemdaling, biodiversiteitsverlies, pesticiden, exoten, plasticvervuiling en - sinds de coronacrisis- ook door méér mensen in de natuur. Tegen dit alles kan de natuur niets inbrengen. Ze heeft geen eigen stem in ons systeem, laat staan eigen rechten. Wat nou als dat wel zo zou zijn; zou dat helpen bij het herstel van de aarde? Wij denken van wel. De natuur is in zichzelf waardevol, ook vanwege de bijdrage aan biodiversiteit, klimaat en volksgezondheid. Wat de GroenLinks-fractie betreft, verdient de natuur daarom een stem. Hierover heeft ze de volgende vragen 1. Is de wethouder het met de GroenLinks-fractie eens dat de natuur ernstig onder druk staat en extra bescherming verdient, waar mogelijk door middel van een eigen stem? Zo nee, waarom niet? Een manier om de natuur een stem te geven is door, net als in enkele andere landen, de natuur rechten te geven, bijvoorbeeld via het verlenen van rechtspersoonlijkheid. 2. Is de wethouder het met de GroenLinks-fractie eens dat het geven van eigen rechten dan wel rechtspersoonlijkheid aan de natuur zal bijdragen aan de bescherming van de natuur? Zo nee, waarom niet?

9

Vragenuur van 22 april 2021 In een artikel in het AD en ondertussen ook in DUIC en in de Volkskrant wordt de oproep gedaan om Amelisweerd, de landgoederen Nieuw Amelisweerd, Oud Amelisweerd en Rhijnauwen samen, eigen rechten te geven. De GroenLinks-fractie vindt dit een mooi idee. 3. Is de wethouder bereid om, zolang er nog geen landelijke natuurrechtspersoon is, te onderzoeken op welke manier er in Utrecht rechten aan de natuur kunnen worden gegeven, en specifiek of dat kan gebeuren via een eigen rechtspersoon voor Amelisweerd? Zo nee, waarom niet? Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Om te beginnen zijn wij het natuurlijk met de vragensteller eens dat de natuur onder druk staat. Hij heeft een hele opsomming gegeven. Het is evident dat dit zo is, van lokaal tot nationaal tot internationaal. De gedachte om de natuur een rechtspersoon te geven, is op zijn minst een zeer prikkelde gedachte en ook een originele gedachte. Ik volg met zeer veel belangstelling het gesprek en debat daarover. Ik moet wel zeggen dat ik als persoon en de gemeente als organisatie niet goed geëquipeerd zijn om op een goede manier aan dit debat deel te nemen. Ik kan niet overzien wat dat zou kunnen betekenen. Ik kan me er wel een voorstelling van maken, maar ik heb daarvoor niet doorgeleerd.

In het Nederlands rechtssysteem zijn stichtingen, verenigingen of andere organisatie een rechtspersoon en kunnen ze in hun doelen hebben staan dat zij opgericht zijn om de natuur te beschermen. Op die manier kan de natuur een stem krijgen. En natuurlijk hebben overheden, waaronder de gemeente, maar ook de provincie, wettelijke taken en in die zin ook plichten en verplichtingen op dit gebied. Dit is een kort antwoord. Ik weet niet wat het effect zou zijn, ik zie geen mogelijkheden om een nieuw soort rechtspersoon voor Amelisweerd in te stellen. Die is er nog niet en kan ik niet als gemeente creëren. Het is wel zo dat Amelisweerd nu al, ook door bijvoorbeeld stichtingen, vertegenwoordigd wordt. Dat is wat mij betreft een zeer goede zaak. Mevrouw SNIPPE (PvdD): Voorzitter! Dank voor de vragen. In de vragen gaat het over natuurgebied Amelisweerd. Er is niet alleen sprake van ernstige rechtsongelijkheid tussen natuur en mens, maar ook tussen dier en mens, waarbij dieren maar al te vaak als onderschikt aan de belangen van mensen worden gemaakt. In het kader daarvan vragen wij aan de wethouder hoe Utrecht ervoor kan zorgen dat de intrinsieke waarde van dieren, net als die van de natuur, uiting kan krijgen in rechten voor dieren en op lokaal niveau bijvoorbeeld door in de APV het uitbuiten van dieren te verbieden. Misschien is er ook voor de natuur in de APV iets mogelijk.

Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Je kunt in een APV natuurlijk altijd dit soort zaken opnemen, althans, ik kan ze per onderdeel niet helemaal overzien, maar er staan wel meer zaken in, zoals de verstoring van de natuur. Dat is iets anders als een nieuwe rechtspersoon. Wij kunnen natuurlijk binnen de geldende wet- en regelgeving handelen en keuzes maken. Dat is dan een politieke keuze. Als het over kaderstelling gaat, moet de raad het in meerderheid met elkaar eens zijn. We kunnen geen dingen in het recht creëren die er nog niet zijn, want we zijn geen wetgever in dit land. De heer VIRGINIA (GroenLinks): Voorzitter! Dank aan de wethouder voor de beantwoording. In de diverse artikelen staan verschillende deskundigen, juristen en anderen die zich al tijden bezighouden met deze problematiek. Ik begrijp de ingewikkeldheid die de wethouder schetst. Maar is ze bereid om met deze deskundigen in gesprek te gaan om te kijken wat er mogelijk is, of welke gedachte zij hebben om die rechtspersoonlijkheid vorm te kunnen geven? Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Ik blijf er een beetje bij dat we in Utrecht geen innovaties kunnen toepassen die niet in het nationale rechtsbestel passen. Dat kan ik niet doen vanuit een soort Gallisch dorpje. Dat werkt niet zo in het Nederlandse rechtssysteem.

Als er ideeën zijn die binnen het huidige rechtssysteem mogelijk zijn, staat er mensen niets in de weg om die te organiseren. Als wij daaraan een bijdrage kunnen leveren, zijn ze natuurlijk altijd van harte welkom. 9. Vragen van de mevrouw Zwinkels (CDA) inzake "Oudwijkerdwarsstraat weer snel toegankelijk". Mevrouw ZWINKELS (CDA): Voorzitter! Vanwege de tijd laat ik de introductie achterwege. Het gaat om de Oudwijkerdwarsstraat die al lange tijd open ligt.

10

Vragenuur van 22 april 2021 1.

Deelt het college de mening dat het wel erg lang duurt, en dat de toegankelijkheid sterk wordt belemmerd? 2. Wat heeft de vertraging veroorzaakt, waren daar nog andere redenen voor dan de cultuurhistorische vondsten die zijn gedaan? 3. Wanneer verwacht het college dat de straat heringericht is, welke maatregelen zou het in de tussentijd nog kunnen laten treffen? Ik heb eerder met mevrouw Van Dun vragen gesteld over hinderlijke situaties in het kader van toegankelijkheid, waarin ook hinderlijk gestalde fietsen en gedrag een rol speelden. 4. Hoeveel meldingen heeft de gemeente sindsdien, in de afgelopen maanden, ontvangen? Op welke plekken is de situatie daarna structureel en aantoonbaar verbeterd? 5. Via welke route kan men het beste zulke plekken in het vervolg melden bij de gemeente? Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Het project heeft inderdaad vertraging opgelopen en dat ligt aan drie dingen. Mevrouw Zwinkels noemde al de vondst van de Middeleeuwse nederzetting. Daarvoor was er al een skelet gevonden en de derde reden is dat de eerste methode die in de uitvoering werd gebruikt, leidde tot trillingen. Toen is de methode aangepast om minder trillingen te veroorzaken. Maar dit had tot effect dat de werkzaamheden langer duurden.

Het is natuurlijk een beetje onvermijdelijk dat een tijdelijke rommelige situatie altijd onhandiger is en dus minder comfortabel dan de situatie als de werkzaamheden klaar zijn en helemaal kloppen. We proberen altijd om een straat voor iedereen toegankelijk te maken. Er zijn bij mij geen berichten bekend dat dit niet zo is. We denken dat de werkzaamheden nog ongeveer een week of drie duren en zijn bereid aan de aannemer te vragen voor die periode de toegankelijkheid te verbeteren. We hebben in korte tijd niet precies na kunnen gaan hoeveel meldingen er zijn binnengekomen sinds de vorige mondelinge vragen over zo'n soort onderwerp. In het algemeen is het wel zo dat wegwerkzaamheden veel reacties oproepen en we er veel meldingen over krijgen. Bij dit soort werkzaamheden krijgen mensen vaak een brief in de bus met contactgegevens van de aannemer. Dus niet alles komt bij de gemeente binnen. Soms loopt de meldingen via het loket van de aannemer. Er is bijvoorbeeld op het Ledig Erf gehandeld, waar veel reacties binnenkwamen over het voetpad dat niet op orde was. Dat is toen beter toegankelijk gemaakt. Mensen kunnen ontoegankelijkheid het best melden bij de gemeente met de Slim Melden App of via de site slimmelden.nl. En ze kunnen altijd het algemene nummer van de gemeente bellen.

Bij grotere werkzaamheden is het mogelijk dat de contactgegevens van de aannemer bekend zijn gemaakt en kunnen mensen contact opnemen met de aannemer. Die zit direct op het werk en krijgt in onze contracten de verantwoordelijkheid om het goed te regelen. Wij houden daarop toezicht. Dat is de rolverdeling. Mevrouw ZWINKELS (CDA): Voorzitter! Dank voor deze positieve beantwoording. Fijn dat de problemen daar snel worden opgelost. Ik heb nog een laatste vraag. Is bij die nieuwe herinrichting van de Oudwijkerdwarsstraat goed rekening gehouden met de toegankelijkheid van stoepen et cetera bij de nieuwe inrichting? Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Zoals uw raad weet, hebben we daar regels voor. Ik ga ervan uit dat die allemaal voldoen. Ik ken helaas niet voor elke herinrichting alle maten uit mijn hoofd. Ik weet wel – dat voelt iedereen die de straat kent ook wel aan – dat het ontzettend krap is om alles binnen de gevels te krijgen. Ik zou het begrijpen als de breedte van de stoep niet ruim over die normen heengaat. Verder ga ik ervan uit dat de nieuw inrichting door de BInG is; dan is dat getoetst. 10. Vragen van mevrouw Van Mil (Student & Starter), mevrouw Assen (PvdA), mevrouw Kleinrensink (GroenLinks) de heer Boudens (SP), mevrouw Meerding (VVD), de heer Kos (CDA), de heer Saiah (D66) en mevrouw Sasbrink (PvdD) inzake "Seksuele intimidatie in het onderwijs".

Mevrouw VAN MIL (Student & Starter): Voorzitter! Op 15 april kwam in het nieuws dat veel scholieren en leraren ontevreden zijn over hoe scholen omgaan met meldingen van seksuele intimidatie- en geweld en de afhandeling hiervan. Ik zal de introductie een beetje inkorten vanwege de tijd.

11

Vragenuur van 22 april 2021 Daarom stellen de fracties van Student & Starter, PvdA, GroenLinks, SP, VVD, CDA, D66 en PvdD de volgende vragen: 1. Is het college het met deze fracties eens dat seksueel wangedrag, seksuele intimidatie- en geweld onacceptabel zijn en hiervoor een goede klachtenprocedure én behandeling van meldingen moet zijn, inclusief nazorg? 2. Wat is de situatie op scholen en hoger onderwijs in Utrecht? 3. Is het college bereid om met onderwijsinstellingen in gesprek te gaan welk beleid wordt gevoerd met betrekking tot meldingen van seksuele intimidatie en afhandeling hiervan? 4. Wat kan de gemeente hierin eventueel betekenen om de cultuur rond seksuele intimidatie- en geweld en het taboe daarop te doorbreken? Mevrouw KLEIN (wethouder): Voorzitter! Veel dank voor de vragen die zijn gesteld. Het antwoord op de eerste vraag is volmondig ja. Seksueel wangedrag, seksuele intimidatie en seksueel geweld in welke vorm dan ook zijn onacceptabel. Dat nemen wij en de onderwijsbesturen in onze stad zeer serieus. De recente onderzoeken laten zien dat er nog veel te doen is. Vraag 2. Als gezegd, onderwijsbesturen hebben net als de gemeente Utrecht aandacht voor ongewenst gedrag. Daarom zijn er vertrouwenspersonen aangesteld. Er wordt ook informatie gedeeld met leerlingen, studenten en medewerkers waar ze terecht kunnen bij ongewenste situaties.

Ook de scholen en hogescholen werken met gedragscodes en klachtenprocedures. Die staan op de website en worden aan het begin van het schooljaar onder de aandacht gebracht voor een veilig schoolklimaat. Ook maken scholen gebruik van het aanbod van de Stichting School en Veiligheid om te zorgen voor een veilig schoolklimaat. De gedragscodes en klachtenprocedures worden bij actualisaties met studentenraden besproken, voordat ze worden vastgesteld. De Universiteit Utrecht heeft mede naar aanleiding van de recente onderzoeken de klachtenregeling onafhankelijk laten evalueren. Op basis van dat evaluatierapport en de taskforce is een actieplan opgesteld dat de komende maanden wordt uitgevoerd. Hierbij is er onder meer aandacht voor bewustwording en preventie, zoals het geven van active bystander trainingen - dit zijn mensen die dingen zien gebeuren - een early warning system, het inrichten van één helder loket voor meldingen en klachten, een herziening van de klachtenregeling en klachtenprocedure ongewenst gedrag en het opstellen van een code relaties op de werkvloer. De Hogeschool Utrecht heeft afgelopen 8 april de campagne #wijzijnwaardevol afgetrapt. Er is ook een nieuwe integriteitscode besproken. Het gaat vooral om het werken aan een veilige omgeving en om gevoelens van intimidatie of discriminatie bespreekbaar te maken. Vraag 3.

Wij zijn zeker bereid om in gesprek te gaan met de onderwijsinstellingen over sociale veiligheid. Ik wil hierover graag terugkoppelen aan de gemeenteraad. Ik denk dat het goed is om dat in het tweede kwartaal te doen. Vraag 4. In de zorgstructuur van de scholen zijn de kernpartners op de scholen aanwezig. Die dragen bij aan het signaleren van en interveniëren bij thema's die spelen op die scholen. Dit gebeurt vanuit de JGZ. Daarnaast maken we bespreekbaar wat er gebeurt en ondersteunen we daar, waar dit gewenst is. Dit kan bijvoorbeeld door het beschikbaar stellen van deskundigheid, of het aanbieden van trainingen op scholen ter professionalisering van het onderwijspersoneel. De heer BOUDENS (SP): Voorzitter! Dank aan de wethouder voor de beantwoording. Ik vraag me vooral af, ik weet niet of de wethouder daar zicht op heeft, hoe de gemeente deze klachtenprocedure geregeld heeft, of er überhaupt eentje is en of ze de zaken goed afhandelt. In elke grote organisatie zul je dit soort dingen meemaken, helaas. Ik vraag me vooral af of, als deze heel goed in elkaar steekt, het een idee is om deze best practices te delen met de onderwijsinstellingen en andere organisaties in Utrecht. De VOORZITTER: Meneer Boudens, u weet dat u maar één vraag mag stellen. Mevrouw KLEIN (wethouder): Voorzitter! Het is inderdaad belangrijk om met elkaar kennis te delen van elkaar te leren.

Dat kan zeker met het oog op de procedures die de gemeente Utrecht heeft. Vertrouwenspersonen kunnen met elkaar uitwisselen hoe ze komen van goede regels maken naar het in de praktijk daadwerkelijk effect sorteren. Want daar gaat het uiteindelijk om.

12

Vragenuur van 22 april 2021 De heer SAIAH (D66): Voorzitter! Mijn vraag gaat specifiek over het voortgezet onderwijs. Daar zien we juist dat de partners buiten het onderwijs ook een grote rol spelen, zoals Stichting JOU, het jongerenwerk, dat sterk op het gebied van seksuele intimidatie en exposing online bezig is. Er zijn ook andere partners, zoals Pretty Women en nog een aantal. Ik vroeg me af of de wethouder ook juist die partners, die buiten het onderwijs en de kernpartners staan, meeneemt in de gesprekken om te kijken hoe je er gezamenlijk sterker in kunt staan. Mevrouw KLEIN (wethouder): Voorzitter! Ik denk dat het heel belangrijk is om de scope zo breed mogelijk te hebben, juist ook daar waar er kan worden bijgedragen aan de oplossing. Het lijkt mij goed om die daarin mee te nemen. Ik zal dit meenemen in de terugkoppeling. Mevrouw VAN MIL (Student & Starter): Voorzitter! Dank aan de wethouder voor de beantwoording. Heel fijn te horen dat ze zal terugkoppelen. Ik denk dat dit per brief is. Mevrouw KLEIN (wethouder): Dat klopt, dat zal inderdaad per brief zijn. De VOORZITTER: Dank u wel. Dit was de laatste set mondelinge vragen en het eind van dit vragenuur. Nog een heel fijne avond. Hierna sluit de voorzitter, te 19.28 uur, het vragenuur.

{{Signer1}}

{{Signer2}}

Lijst van toezeggingen, gedaan tijdens het vragenuur van 22 april 2021

13

Vragenuur van 22 april 2021

Vragen van mevrouw Heijne (GroenLinks), de heer Wijmenga (ChristenUnie) en de heer Schreuder (D66) inzake "schone en stille taxi's ". Wethouder Eerenberg  zal in december en zo mogelijk eerder aan de raad terugkoppelen hoe de gesprekken met de taxibranche inzake schone en stille taxi's zijn verlopen. Ook zal hij een terugkoppeling geven over zijn actie tegen het stationair draaien van taxi's, waarbij ook de regiotaxi's zullen worden meegenomen. Vragen van de heer Simsek (DENK) inzake "Erkenning huurdersorganisatie STOK". Wethouder Diepeveen  zal de raad op de hoogte stellen van de uitkomst van het beroep dat Bo-Ex heeft aangespannen tegen de Huurcommissie over de status van STOK.

Vragen van mevrouw Van Mil (Student & Starter), mevrouw Assen (PvdA), mevrouw Kleinrensink (GroenLinks) de heer Boudens (SP), mevrouw Meerding (VVD), de heer Kos (CDA), de heer Saiah (D66) en mevrouw Sasbrink (PvdD) inzake "Seksuele intimidatie in het onderwijs". Wethouder Klein  zal de raad in Q2 2021 schriftelijk informeren over de uitkomsten van het gesprek dat zij met de Utrechtse onderwijsinstellingen over de sociale veiligheid heeft gevoerd, naar aanleiding van de mondelinge vragen over seksuele intimidatie in het onderwijs van 22 april 2021.

14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=e3b5a630-9975-4c4b-a674-79208c66deb1