CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

20210211 vragenuur.doc

Gemeenteraad 25 maart 2021, gemeente UtrechtBij agendapunt: Notulen Vragenuur 4, 11, 18 februari en 4 maart 20216.897 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

2021 NOTULEN VRAGENUUR Vragenuur – 11 februari 2021 Vragenuur, gehouden op donderdag 11 februari 2021 te 18.30 uur. Het vragenuur vindt in verband met de coronamaatregelen niet plaats in de raadszaal, maar digitaal. Voorzitter: mevrouw Podt. Aan het digitale vragenuur nemen deel de leden: Assen, Bakker, Bijsterbosch, Van Dalen, Dekker-Abdulaziz, Sasbrink, Schipper, Sturkenboom, Wijmenga en Van der Zweth. Voorts neemt deel de fractiemedewerker: Bosse. Namens het college nemen deel de wethouders: Eerenberg, Van Hooijdonk en Verschuure. Griffier: de heer Lith. Opening van het vragenuur. De VOORZITTER: Dames en heren! Hartelijk welkom bij het vragenuur van de gemeenteraad van Utrecht. Er zijn zes sets vragen ingediend. 1. Vragen van mevrouw Sasbrink (PvdD) inzake Kappen met kappen voor uitbreiding Golfclub de Haar. Mevrouw SASBRINK (PvdD): Voorzitter! Golfclub de Haar is al enige tijd bezig met grootschalige kap van veelal monumentale bomen. De golfclub heeft onlangs een vergunning aangevraagd voor het kappen van 43 bomen voor de aanleg van één hole. Waar eerst de provincie het bevoegde gezag was, blijkt nu de gemeente Utrecht dat te zijn geworden. De PvdD-fractie heeft zich altijd tegen deze idiote bomenkap verzet. Ze ziet nu dat de gemeente met het oog op de milieuwaarde en de grote ecologische waarde van de bomen de genoemde kapvergunning weigert te verlenen.

Het zijn monumentale en ecologisch waardevolle bomen waarvan de kap niet in proportie is met het feit dat leden van de besloten golfclub op deze kale vlakte willen golfen. Ondertussen worden de talrijk in het gebied aanwezige dieren - bosuilen en andere roofvogels, kamsalamanders en andere amfibieën alsmede diverse broedvogels - door de kap getroffen. Onze fractie heeft daarom de volgende vragen. 1. Is het college het met de PvdD-fractie eens dat voor het behoud van een groen, diervriendelijk en klimaatbestendig Utrecht het zeer onwenselijk is om voor de uitbreiding van een golfbaan 43 monumentale bomen te kappen? Zo nee, waarom niet? 2. Is het college het met de PvdD-fractie eens dat het onnozel is dat in Utrecht steeds ruimte wordt gezocht voor nieuwe bomen, maar dat hier zomaar 43 waardevolle bomen worden gekapt terwijl de golfclub ook kan kiezen voor uitbreiding in een weiland? Zo nee waarom niet? 3. Kan het college toezeggen deze vergunningaanvraag van Golfclub de Haar om bomen te kappen te weigeren? Zo nee, waarom niet? 4. De golfclub wilde in totaal 600 bomen kappen. Hoeveel van deze bomen zijn inmiddels al gesneuveld? Van hoeveel van de te kappen bomen is het college inmiddels het bevoegd gezag geworden? 5.

Is het college bereid om uit te spreken dat toekomstige vergunningaanvragen voor bomenkap op het terrein van de golfclub niet zullen worden verleend? Zo nee, waarom niet? De heer VERSCHUURE (wethouder): Voorzitter!

Vragenuur van 11 februari 2021 Het antwoord op vraag 1. De uitbreiding van de golfclub heeft een lange voorgeschiedenis. Op 13 januari 2014 is het bestemmingsplan Haarzuilens door de raad vastgesteld. Daarbij is expliciet de uitbreiding van deze golfbaan opgenomen. Het kappen van de bomen is daarbij expliciet aan de orde geweest en heeft ervoor gezorgd dat het inrichtingsplan van de golfbaan een deel is van de besluitvorming over het bestemmingsplan. Voor de uitbreiding van de golfbaan is vervolgens een omgevingsvergunning verleend. Eind 2018 zijn de werkzaamheden voor de uitbreiding begonnen. Op dit moment zijn de werkzaamheden nog steeds overeenkomstig het inrichtingsplan bezig. Het antwoord op vraag 2. De recent ingediende aanvraag van het mogen kappen van de 43 bomen heeft betrekking op het kappen van bomen waarvoor de Provincie al eerder toestemming heeft gegeven. Maar om ecologische redenen - het overwinteren van de kamsalamanders - kon daarvan geen gebruik worden gemaakt. De gemeente is inmiddels weer het bevoegd gezag. Daarom is de aanvraag om de vergunning te verlenen opnieuw ingediend, maar nu bij ons. Een wijziging van de golfbaan is op dit moment niet aan de orde. De raad heeft in 2014 een besluit over een bestemmingsplan en de uitbreiding van de golfbaan genomen.

Op het moment dat dit besluit werd genomen, is de kap van de vele honderden bomen in de raad aan de orde geweest. Overigens is daar een boscompensatieplan van 8,1 ha voor opgesteld. Bij de behandeling van de aanvraag moet nogmaals worden beoordeeld of deze 43 bomen mogen worden gekapt. Het college zal daarover contact opnemen met de golfbaan. Het antwoord op vraag 3. Wij kunnen toezeggen dat een aanvraag altijd zorgvuldig wordt getoetst aan de wet- en regelgeving. Het antwoord op vraag 4. Wij weten niet hoeveel bomen inmiddels zijn gekapt, want de gemeente was heel lang geen bevoegd gezag. Ik weet wel dat wij op 1 april 2016 de raad een brief hebben geschreven waarin sprake is van 474 bomen. Het antwoord op vraag 5. Wij kunnen de gevraagde uitspraak niet doen. Zoals in de raadsbrief van 2018 staat, zal de golfclub in toekomstige gevallen een omgevingsvergunning moeten aanvragen. Die aanvraag moeten wij dan toetsen aan de op dat moment geldende wet- en regelgeving. Wat de golfclub nu doet, is conform het bestemmingsplan en eerdere afspraken.

Mevrouw SASBRINK (PvdD): Voorzitter! Is de wethouder het met mij eens dat voortschrijdend inzicht, de houding van de gemeente ten opzichte van bomen en allerlei beleid dat er nu is ertoe kan leiden dat een vergunningaanvraag nu anders wordt gewogen? Wat is ervoor nodig om tot een ander besluit te komen? Wij hoeven ons toch niet jarenlang aan dezelfde visie te blijven vasthouden? De heer VERSCHUURE (wethouder): Natuurlijk is er altijd voortschrijdend inzicht is. Dat vraagt om een bestemmingsplanwijziging. Daar komen dan wel planschadekosten bij. 2. Vragen van mevrouw Sturkenboom (Student & Starter) inzake Buitensporten in tijden van corona: maak het mogelijk! De heer STURKENBOOM (Student & Starter): Voorzitter! Sporten en bewegen zijn in deze coronatijd cruciaal voor onze fysieke en mentale gezondheid. Voor veel Utrechters is het zeer welkom om even te kunnen ontsnappen aan de heftigheid van de maatregelen. Nu het weer kouder(er) en nat(er) is, zijn geschikte plekken om veilig en overdekt buiten te sporten schaars, bijvoorbeeld als je wilt (kick)boksen of bootcampen. Voor jongeren onder de 18 jaar geldt dat zij in teamverband buiten mogen sporten. Omdat de sporthallen dicht zijn, is het ook voor hen zoeken naar geschikte locaties om te basketballen, te dansen of calisthenics te beoefenen. Utrechtse sporters, sportverenigingen en sportaanbieders zoeken naar oplossingen.

Vaak gaat dit vanzelf goed, maar een actieve rol van de gemeente is gewenst om sporten en beter mogelijk te maken. Een inspirerend voorbeeld komt uit Amsterdam. Daar heeft de gemeente op het Bijlmer Sportpark en bij Broedplaats Kazerne Reigersbos overdekkingen van 25x15 meter geplaatst die volop worden gebruikt door jongeren om te sporten. De fracties van D66 en Student & Starter hebben de volgende vragen. 1. Is het college bereid om in Utrecht op korte termijn overdekte sportplekken te realiseren naar het voorbeeld van Amsterdam? 2. Zo ja, wil het college de inrichting en programmering oppakken met jongeren, Utrechtse sportverenigingen en sportaanbieders, inclusief ondernemers en scholen? 3. Is het college bereid om met diezelfde groep te onderzoeken welke mogelijkheden er zijn om daarna permanente overdekte sportplekken te realiseren?

2

Vragenuur van 11 februari 2021 Bestaande overdekte plekken, waar het goed sporten is – zoals op het Berlijnplein - lopen bij slecht weer snel vol. 4. Kan het college ervoor zorgen dat het proactief zorgt voor coördinatie en duidelijke regels over het gebruik van dit soort plekken opdat handhaving en boetes minder nodig zullen zijn? De roeiverenigingen hebben van de juridische afdeling van de gemeente te horen gekregen dat op één boot niet twee roeiers en één stuurman aanwezig mogen zijn, maar volgens de regels mogen er wél twee personen roeien die een instructeur aan boord hebben. In Delft wordt de constructie van één boot met twee roeiers en één stuurman toegestaan, omdat een stuurman of stuurvrouw dan wordt gezien als instructeur. 5. Is het college bereid om de eigen – vrij formalistische – interpretatie te herzien en om, met de situatie in Delft als voorbeeld, met de Utrechtse roeiers nieuwe afspraken te maken? De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Ik vervang wethouder Van Ooijen, die helaas is verhinderd. Ik dank de vragenstellers voor deze vragen. Het is mooi om te zien dat ook in andere steden goede voorbeelden zijn van het in deze tijd toch buiten zijn en buiten sporten. Wij hebben daar met belangstelling kennis van genomen. In overleg met Sport Utrecht verkennen wij of deze voorzieningen - overdekte sportplaatsen - ook in Utrecht van toegevoegde waarde zijn.

Wij gaan ermee aan de slag. Het antwoord op vraag 1. Er komen allerlei randvoorwaarden om de hoek kijken. De locatie moet geschikt zijn. Er moeten in de stad partijen zijn die dat willen organiseren. Wij moeten ook de kosten in de gaten houden. De middelen die wij hebben gekregen om ook voor jongeren extra activiteiten te organiseren, biedt ons een heel mooie kans. Het antwoord op vraag 2. Wij pakken deze handschoen op. Samen met jongeren, sportaanbieders en ondernemers zullen wij dit doen. Het antwoord op vraag 3. Wij zijn overtuigd van de noodzaak om een dergelijke voorziening meteen om te zetten in iets structureels, ook omdat op termijn de reguliere sportaccommodaties weer toegankelijk zijn. Wij houden wél de vinger aan de pols, dus mocht de noodzaak worden aangetoond, dan zijn wij bereid om na de tijdelijke fase te bekijken hoe wij dit meer permanent kunnen inzetten. Het antwoord op vraag 4. De vragenstellers refereren aan het gebruik van de openbare ruimte. Die is niet te reserveren, behalve via een evenementenvergunning. Daar doelen de vragenstellers vanzelfsprekend niet op. Wij vragen gebruikers van dergelijke plekken om het gebruik echt zelf samen met andere gebruikers af te stemmen. Wij zullen het signaal neerleggen bij handhaving en ze verzoeken om coulant op te treden. Het antwoord op vraag 5.

Wij zien helaas op dit moment geen aanleiding om onze toetsen te herzien. Wij begrijpen de wens van de roeiers. Wij voelen enorm met hen mee. Wij hebben contact gezocht met de Koninklijke Nederlandse Roeibond. Daaruit bleek dat een stuurman of stuurvrouw deel is van de roeiploeg. Daarom moet men zich toch netjes aan de landelijke coronaregels houden. De heer VAN DALEN (VVD): Voorzitter! Ik voel mee met de roeiers. Ik vind het beleid enigszins formeel. Ik heb het antwoord van de wethouder gehoord. Mijn vraag gaat meer over overdekte sportvoorzieningen in het openbaar. Die zijn inderdaad niet te reserveren, dat begrijp ik, maar hoe kan men ervoor zorgen dat het geen hangplekken worden voor jongeren, met eventueel overlast tot gevolg? De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Laten wij deze initiatieven vooral positief bezien. Mensen willen sporten. Men zoekt in de buitenruimte meer plekken om dat te doen. Wij willen dat faciliteren. Vanzelfsprekend bekijken wij de locaties en wat die voor omwonenden betekenen. Daarbij denken wij ook aan criteria zoals afstanden. Ook veiligheid is belangrijk. Gedacht kan worden aan de inzet van het jongerenwerk om op deze plekken iets positiefs te doen. Wij hopen dat dit dan ook helpt tegen de overlast. Mevrouw STURKENBOOM (Student & Starter): Voorzitter! Ik dank de wethouder voor de beantwoording van de vragen.

Het is erg jammer voor de roeiers. Wij hopen dat de handhavers de jongeren met wat meer coulance bekijken. Wij ontvangen van sportorganisaties berichten dat men welwillend is om een buitensportplek te creëren die voldoet aan de coronamaatregelen. Wij hopen dat zij dat goed doen en geen boete krijgen. Ik krijg van veel

3

Vragenuur van 11 februari 2021 organisaties te horen dat ze dat niet doen. Als jongeren langskomen, lopen zij de kans om een boete te krijgen. Wil men die organisaties wat welwillender laten optreden? De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Ja, als mensen willen weten wat mogelijk is en willen weten of hetgeen zij willen doen op een veilige manier kan, dan moeten wij daaraan meewerken. De heer WIJMENGA (ChristenUnie): Voorzitter! De heer Van Dalen wees op de formalistische opstelling tegenover de roeiers. Ik ben echter benieuwd waarom dat in Delft wél kan, maar in Utrecht niet. Wij willen graag dat mensen sportief bezig blijven. Bij roeiers is een stuurman nodig, ook als instructeur. Is het college bereid om in Delft zijn licht op te steken? De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Ik heb het commentaar goed gehoord. Ik zal zeker naar aanleiding van de aanvullende vragen opnieuw bekijken wat er in Delft aan de hand is. Het uitgangspunt van het college is dat de regels niet worden opgerekt, maar als men in Delft een creatieve oplossing heeft gevonden die binnen de regels van Utrecht past, zullen wij die zeker bekijken. Ik wil er echter eerlijk en duidelijk over zijn dat de manier waarop wij met de regels omgaan, dezelfde is waarop de Nederlandse Roeibond dat doet.

De heer BAKKER (D66): Voorzitter! Ik vind de echte wethouder Sport goed, maar ook de ingevallen wethouder is goed. Hij gaf fijne antwoorden op de eerste helft van de vragen. De insteek inzake vraag 4 was niet zozeer combineren, regelen of toezeggen, maar nu is er onduidelijkheid. Opeens loopt zo'n plek vol. Is de wethouder bereid om op plekken informatie te verspreiden, bijvoorbeeld in de trant van "je kunt hier met tien mensen veilig sporten". Trek bijvoorbeeld lijnen op de grond waarbinnen men zich kan bewegen. Het helpt niet dat er opeens politie komt - die situatie heeft zich voorgedaan - die zegt dat men een boete krijgt als men niet weggaat. Sporten is dermate belangrijk dat ik dat zonde zou vinden. Is de wethouder daartoe bereid? De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Zonder concreet te beloven dat wij op alle desbetreffende plekken bordjes ophangen, lijkt mij dit een nogal heftige operatie die ook veel tijd zal kosten. Ik zeg wel toe dat wij zullen bekijken of wij langs lijnen van communicatie mensen kunnen helpen om dit in de openbare ruimte op een verantwoorde wijze te doen. 3. Vragen van de heer Bosse (PvdA), mevrouw Sturkenboom (Student & Starter) de heer Van Steeg (CDA), de heer Bakker (D66) en de heer Van Dalen (VVD) inzake een brief van de Olympos in DUIC. De heer BOSSE (PvdA): Voorzitter! Op 2 februari jl.

publiceerde DUIC een brief van de fracties van PvdA, Student en Starter, Sportraad Utrecht, de Universiteitsraad en VIDIUS over sporten op De Uithof. In deze brief wordt de noodzaak voor vernieuwing en uitbreiding van de sportcapaciteit benadrukt. Mede door de beperkingen op sportcentrum Olympos konden volgens onderzoek in 2020 100 studenten niet sporten. Tijdens de commissievergadering Mens en Samenleving van 7 januari 2021 is de wethouder ingegaan op deze vraag die op het Utrecht Science Park leeft. Hij zei met de betrokken partijen in overleg te gaan. De fracties van Student en Starter en PvdA steunen dit initiatief van harte, maar willen graag dat de wethouder doorpakt. Daarom stellen zij de volgende vragen. 1. Zijn sinds het debat van 7 januari jl. al gesprekken gevoerd met de betrokken onderwijsinstellingen over sporten op het Utrecht Science Park? 2. Hoe en wanneer zal het college daar de Sportraad, de Universiteitsraad, de Hogeschoolraad, Vidius en andere belanghebbenden bij betrekken? 3. Wanneer denkt het college duidelijkheid en zekerheid te hebben over de toekomst van sporten op de Uithof? 4. Kan het college kort ingaan op de verschillende opties die door de briefschrijvers zijn voorgesteld, zoals de verdeling van de kosten tussen de onderwijsinstellingen en de gemeente en de samenwerking met het Mbo of het Universitair Medisch Centrum Utrecht? 5.

Is het college bereid om in samenwerking met onderwijsinstellingen een Olympos 2.0 op te richten?

4

Vragenuur van 11 februari 2021 6.

Wanneer wordt de raad nader geïnformeerd over de ontwikkelingen op dit punt? Hoe verhouden die ontwikkelingen zich tot de Omgevingsvisie Utrecht Science Park?

De heer VERSCHUURE (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen. Het antwoord op vraag 1. Zoals in het debat op 7 januari jl. door wethouder Van Ooijen is gezegd, is de Omgevingsvisie het uitgelezen moment om daarover met elkaar in gesprek te gaan. Wij hebben daarover al eerder overleg gevoerd. Op 12 februari a.s. is met de universiteit een bestuurlijk overleg gepland. Daar zal worden gesproken over de ruimtelijke inpassing van sport in de Omgevingsvisie. Dat gesprek doen wethouder Van Ooijen en ik samen. Het antwoord op vraag 2. Rondom de Omgevingsvisie loopt een breed participatietraject, waarin verschillende aspecten van de Omgevingsvisie aan de orde komen, waaronder sport. Ook de vertegenwoordigers van de studentensport zijn daarvoor uitgenodigd. Vanuit de sport worden regelmatig gesprekken gevoerd met de Sportraad en de Utrechtse Studenten Sportstichting Mesa Cosa. Na het gesprek van 12 februari a.s. zullen wij hen samen met Sport Utrecht bijpraten over wat er is besproken en welke vervolgstappen zullen worden gezet. Het college gaat over de mogelijkheden van de ruimtelijke inpassing van sport op het Utrecht Science Park. Deze mogelijkheden komen in de Omgevingsvisie naar voren.

De ruimtelijke inpassing is overigens ingewikkeld en staat in relatie tot waarden en ambities die ook in de rest van het gebied gelden, zoals groen en het behoud en versterking van ecologische waarden, alsmede de ontwikkeling van het Science Park zelf. Waarschijnlijk is de Omgevingsvisie tegen de zomer in concept klaar. Dan zullen wij er met de raad over spreken. Het college kan geen zekerheid geven over het aanbod van sport. Dit aanbod wordt verzorgd door de Utrechtse Studenten Sportstichting Mesa Cosa in opdracht van de universiteit en de hogeschool. De accommodaties zijn het eigendom van de universiteit. Wij hebben kennisgenomen van de open brief in Duic. Wij zijn van mening dat de oplossingen vooral liggen op het vlak van samenwerking en de ruimtelijke inpassing en niet op het vlak van de verdeling van de kosten en de gedeelde investering. De Gemeente Utrecht investeert in veel voorzieningen die in beginsel toegankelijk zijn voor alle inwoners van Utrecht. Voorzieningen voor studentensportorganisaties als hoofdgebruiker voldoen niet aan dat criterium. Gevraagd wordt of wij bereid zijn om Olympos 2.0 mede op te richten. Wij weten niet precies wat Olympos 2.0 is. Olympos is het universitaire sportcentrum. Dat zal in de toekomst worden vernieuwd. Wellicht bedoelt de vragensteller dat ermee. Wij herkennen ons in het belang van goede sportfaciliteiten op het Science Park.

Daarom betrekken wij de ruimtelijke inpassing bij de Omgevingsvisie. Wij verwachten dat de Omgevingsvisie van de zomer in concept klaar is. Dan start de inspraak. Mochten binnenkort de gesprekken met de partners en studenten aanleiding geven de raad erover te informeren, dan kan ik nu alvast toezeggen dat wij dat zullen doen. De heer VAN DALEN (VVD) Voorzitter! Misschien is het straks zo dat op het Utrecht Science Park minder sportvelden zijn of komen. Dat hoop ik natuurlijk niet, maar … Ik heb gehoord dat ook Maarschalkerweerd als locatie wordt bekeken, maar ook dat zal met de komst van de nieuwe Omgevingsvisie vol zijn. Hoe denkt de wethouder over de link tussen de twee gebieden? De heer VERSCHUURE (wethouder): Voorzitter! Wij zijn niet voornemens het aantal sportvelden op de Science Park te verminderen. Het zal wél een ingewikkelde fase zijn over hoe dingen ook anders kunnen worden gedaan. Er wordt ook over kunstgrasvelden gesproken. Die kunnen vaker worden benut. De accommodaties gaan hun levenseinde tegemoet. Die zullen moeten worden vervangen. Op Maarschalkerweerd zijn veel andere sportverenigingen gevestigd. De afstanden zijn dermate dat je er weliswaar kunt sporten, maar de velden zijn bedoeld voor andere sportverenigingen. Mevrouw STURKENBOOM (Student & Starter) zegt dat Olympos 2.0 is al vaker genoemd door Mesa Cosa zelf en ook door de sportverenigingen.

De term is wel degelijk bekend. Ik schrik een beetje van de reactie. Ik proef dat er een soort welwillendheid is om het gesprek aan te gaan over wat mogelijk is, maar ik ben toch benieuwd of de plaatsvervangende wethouder Sport bereid is om in de gesprekken met Mesa Cosa te bekijken of er gezamenlijk iets kan worden gedaan.

5

Vragenuur van 11 februari 2021 De heer VERSCHUURE (wethouder): Voorzitter! De gemeente maakt het ruimtelijk mogelijk. Mesa Cosa wordt gefinancierd door de Hogeschool en de Universiteit. Er is een duidelijke verdeling. Wij kunnen gesprekken voeren over hoe wij daarmee om zouden willen gaan - wij zijn daar altijd toe bereid - maar ons uitgangspunt is dat de door ons gecreëerde sportfaciliteiten moeten worden opengesteld voor alle inwoners van Utrecht. Daar ligt een hard criterium. De heer BAKKER (D66): Voorzitter! De oproep die wij al eerder hebben gedaan, is dat de gemeente met de universiteit in gesprek moet gaan. Er moet voor worden gezorgd dat één plus één drie wordt. Ik hoor dat nog niet terug in de antwoorden van de wethouder. Kan hij daar nog op ingaan? Wordt het gesprek wel of niet gevoerd? De heer VERSCHUURE (wethouder): Voorzitter! Hoewel ik erg geloof in synergiewinst, is één plus één nog steeds twee. Het moet uit de lengte of uit de breedte komen. Wij zijn in de Omgevingsvisie op zoek naar wat wij kunnen doen in de schaarse ruimte die het Science Park heeft, maar waar veel ambities voor gelden. Sport is er daar één van. Met het opstellen van de Omgevingsvisie zijn wij daarover met elkaar in gesprek. Het lijkt mij niet goed om er nu één van de ambities uit te lichten. Het lijkt mij wél goed om dat bij het participatietraject van de Omgevingsvisie te betrekken.

De heer BOSSE (PvdA): Voorzitter! Ook ik schrik van de beantwoording. De wethouder zegt eigenlijk dat de gemeente de studentensport niet financiert. De wethouder zegt Olympos 2.0 niet te kennen en dat er op 12 februari a.s. bestuurlijk overleg is. Dat is precies waar wij al bang voor waren, namelijk dat de gemeente alleen praat met het College van Bestuur van de Universiteit. Kunnen ook de universiteitsraad en de Sportraad bij het overleg van 12 februari a.s. worden betrokken? De heer VERSCHUURE (wethouder): Voorzitter! Als plaatsvervanger stel ik geen verandering van het beleid voor. Dat zou via het mondelinge vragenuurtje wel heel gemakkelijk zijn. Ik hou mij aan de woordvoerderlijn. Iedereen is heel betrokken bij het dossier. Wij zijn in gesprek met de universiteit. Het gaat in dit geval om haar grond. Daarna participeren wij met de betrokkenen in het gebied, waaronder ook de sportverenigingen en Mesa Cosa. 4. Vragen van mevrouw Deldjou Fard (GroenLinks), de heer Dekker (GroenLinks) en de heer Van der Zweth (PvdA) inzake "Laat de winkel van Stichting Terre des Hommes niet door het ijs zakken". Mevrouw DELDJOU FARD (GroenLinks) Voorzitter! In de overgenomen motie M245/2020 werd het college opgeroepen om maatschappelijke en culturele organisaties die zonder winstoogmerk werken en die als gevolg van de lockdown in problemen verkeren financieel te steunen.

Maar hoe is het gesteld met organisaties van maatschappelijke waarde die geen relatie met cultuur hebben? De winkel Stichting Terre des Hommes aan de Amsterdamsestraatweg strijdt wereldwijd tegen uitbuiting van kinderen. De winkel verkeert in een zorgelijke situatie. Afgelopen week kreeg de gemeenteraad daarover een brandbrief. Het is een winkel met een maatschappelijke inborst. In de winkel worden door vrijwilligers gedoneerde goederen verkocht. Burgers met een kleine portemonnee kunnen in deze winkel voor een schappelijk bedrag kleding, cadeautjes of huisbenodigdheden kopen. Daarnaast heeft de winkel een belangrijke ontmoetingsfunctie voor mensen uit de buurt. De winkel is momenteel vanwege corona gesloten en kan geen aanspraak maken op landelijke steunmaatregelen. Dit komt onder meer doordat de winkel geen personeel in dienst heeft en niet boven het minimale bedrag voor vaste lasten uitkomt. Hierdoor komt de winkel nu in de problemen. Het college heeft eerder gezegd dat ze het graag hoort als organisaties tussen wal en schip dreigen te vallen. De genoemde raadsfracties vinden dat er voor deze winkels en andere soortgelijke ondernemers een oplossing moet komen. De fracties hebben daarover de volgende vragen. 1.

Welke kansen zijn er in Utrecht om dergelijke kleine organisaties, die bij de verschillende landelijke en lokale regelingen tussen de wal en het schip vallen, te steunen? 2. Ziet de wethouder mogelijkheden om met deze Utrechters in gesprek te gaan en om te bekijken wat de gemeente kan doen om ze te helpen? Wil de wethouder de raad informeren over wat de uitkomst van het gesprek is?

6

Vragenuur van 11 februari 2021 3.

Kan het college, als de mogelijkheden beperkt zijn, landelijk pleiten voor alternatieven om deze ondernemers toch te kunnen helpen?

De heer VERSCHUURE (wethouder): Voorzitter! Ik wil benadrukken dat het college deze situatie erg vervelend vindt. Het antwoord op vraag 1. Wij zien dat de winkel van de Stichting Terre des Hommes een zeer belangrijke maatschappelijke functie vervult. Niet alle landelijke maatregelen zijn toereikend. In de gemeentelijke organisatie is er een Corona Maatwerk Team. Dat team richt zich op dienstverlening voor ondernemers die tussen de wal en het schip dreigen te vallen, bijvoorbeeld bij het aanspraak maken op landelijke regelingen. Regionaal is de Utrecht Region Economic Corona Alliance (URECA) opgericht. Het Corona Maatwerk Team heeft contact gehad met Terre des Hommes, maar dat heeft nog niet tot een oplossing geleid. Dat heeft te maken met de specifieke situatie. Terre des Hommes kent geen loon. De financiële problematiek van de winkel van de Stichting Terre des Hommes hangt vooral samen met de huur. Het is een landelijke stichting met 43 vestigingen, waarvan er maar één van de huisbaas huurkorting krijgt. Het probleem is breder dan alleen in Utrecht. Het antwoord op vraag 2. Ik wil toezeggen dat ik samen met het wijkbureau ga bekijken of er via lokaal maatwerk een oplossing kan worden gevonden. Ik wil echter wel een winstwaarschuwing geven. Het is eigenlijk een verlieswaarschuwing. Ik zal de raad informeren als het mogelijk is om een uitweg te vinden.

Ik ga er nogmaals vanuit dat ik via het wijkbureau kan proberen om iets te doen. Het antwoord op vraag 3. Ik zal dit landelijk kenbaar maken. Op dit moment maken wij in Den Haag verschillende dingen aanhangig die volgens ons aandacht verdienen. In deze coronatijd vallen veel dingen tussen wal en schip. Wij willen die aanhangig maken en proberen te voorkomen. Wij doen ons best. Helaas is de regeling Tegemoetkoming Vaste Lasten in Den Haag niet altijd toereikend. De heer WIJMENGA (ChristenUnie): Voorzitter! Ik heb hierover contact gehad met de organisatie en met de Tweede Kamerfractie van de ChristenUnie. De regeling Tegemoetkoming Vaste Lasten is inmiddels aangepast. Vanaf dit kwartaal kan Terre des Hommes daarvan gebruikmaken. Daarover is een motie van de PvdA-fractie aangenomen. Dat is mooi, maar ik zie dat meer vrijwilligersorganisaties tegen dit soort problemen aanlopen. Wij kunnen die problemen lokaal niet allemaal oplossen. Via een generieke regeling kunnen sportverenigingen € 750 krijgen. Is het college voornemens om zoiets ook voor andere vrijwilligersorganisaties op te zetten? Kan het college dat anders landelijk aankaarten? Lokaal is het budget beperkt. De heer VERSCHUURE (wethouder): Voorzitter! Ik ben blij om te horen dat de regeling Tegemoetkoming Vaste Lasten is aangepast. Dat wist ik niet. Daarmee is Terre des Hommes niet onmiddellijk geholpen.

Ik zal morgen in overleg met het wijkbureau bekijken of wij daar iets mee moeten en kunnen doen. Die toezegging blijft sowieso staan. De andere punten wil ik wel bekijken, maar zeker in dit soort situaties is echt vaak sprake van maatwerk. Ik durf niet te zeggen dat wij dit in alle gevallen doen, want dat keurt de wethouder Financiën terecht niet goed. Daarom kennen wij maatwerkvoorzieningen. Als vrijwilligersorganisaties in moeilijkheden komen, kunnen zij zich bij ons melden. Dan bekijken wij wat wij kunnen doen. Dat zal altijd een maatwerkoplossing zijn. De heer VAN DER ZWETH (PvdA): Voorzitter! Het gras is een beetje voor mijn voeten weggemaaid. De motie is inderdaad aangenomen, maar wat de wethouder zegt, klopt. Men wordt voor 30% gecompenseerd voor één kwartaal, terwijl corona al een jaar aanhoudt. De urgentie blijft echter onverminderd hoog. Wij zijn blij met de toezegging. Dank daarvoor. Ik hoor de wethouder zeggen dat het probleem is dat Terre des Hommes geen loonkosten kent. Kan de wethouder toezeggen dat bij het zoeken naar een oplossing dit punt daarvan wordt losgekoppeld? Want dat is juist waardoor men landelijk tegen de problemen aanloopt. De heer VERSCHUURE (wethouder): Voorzitter! Daar doelde ik eigenlijk op.

Omdat Terre des Hommes een stichting is die op vrijwilligers draait en een kleine omzet heeft - waarvan de lasten vooral worden gevormd door de huur - waardoor het omzetverlies relatief beperkt is, is weinig hier veel. Daarin voorzien de regelingen niet. Ik kan wat de heer Van der Zweth vraagt zeker toezeggen.

7

Vragenuur van 11 februari 2021 De heer VAN DALEN (VVD): Voorzitter! Veel winkeliers hebben problemen die overeenkomen met de problemen die nu door de heren Van der Zweth en Verschuure geschetst worden. Sommigen vallen tussen de wal en het schip. Ik geef dit punt door aan de VVD-fractie in de Tweede Kamer, maar wat kan Utrecht doen, niet alleen voor non-profitorganisaties, maar ook voor profitorganisaties? Sommige daarvan zijn net gestart, inclusief horecazaken. Kan de wethouder iets voor hen betekenen? De heer VERSCHUURE (wethouder): Voorzitter! Hiervoor geldt hetzelfde. Voor het voorbeeld dat de heer Van Dalen noemt, geldt dat de regeling wél is aangepast. Degenen die nog geen aantoonbare omzet hadden, kunnen nu met terugwerkende kracht proberen iets te doen. Dat is echter ontzettend ingewikkeld. Als ik daarover iets zeg, ga ik op de stoel van de minister zitten. Het is niet duidelijk op basis waarvan de omzet kan worden geschat. Dat wordt landelijk bepaald, waardoor de genoemde groep tussen de wal en het schip belandt. Lokaal is uitstel van het betalen van belastingen gegeven. Met betrekking tot de horeca zijn vorig jaar terrasuitbreidingen toegestaan. Wij hebben de mogelijkheid gegeven om het contract voor het afval inzamelen te stoppen of te storneren.

Wij zijn zeker op zoek geweest naar wat wij kunnen doen, bijvoorbeeld het geen leges hoeven te betalen door evenementenorganisaties. Het zijn kleine dingen, voor sommigen echt alleen een druppel op een gloeiende plaat. Ook hier geldt: als je niets hebt, is het niets. Het is echter voor de gemeente onmogelijk om op te vangen wat het Rijk laat liggen. Mevrouw DELDJOU FARD (GroenLinks) Voorzitter! Ik dank de wethouder voor zijn beantwoording en voor zijn toezegging om met deze mensen in gesprek te gaan. Inderdaad is gisteren de motie van de PvdA-fractie in de Tweede Kamer ingediend. De collega-raadsleden hebben gezegd dat de mensen een jaar lang - er is landelijk een jaar lang geen maatwerk geleverd - geen hulp hebben gehad. Ik hoop niet dat ze daardoor in de problemen komen. Ik wil de wethouder vragen of hij de raad van de situatie op de hoogte wil houden. De heer VERSCHUURE (wethouder): Voorzitter! Ik wil dat wel doen, hoor. Morgen voer ik overleg met het wijkbureau. Wij zullen de casus bespreken. Ik zal zien wat ik kan doen. Wij kunnen echter niet voor alle 43 instellingen iets doen. Echter, voor deze winkel specifiek zal ik bekijken wat ik kan doen. 5. Vragen van mevrouw Sasbrink (PvdD) inzake "Een beter milieu begint niet bij Mitros".

Mevrouw SASBRINK (PvdD): Voorzitter! Mitros stuurde deze week haar huurders een emailbericht met het advies om 's nachts de verwarming op 20°C te zetten zodat de woning warm blijft en de bewoner 's ochtends in huis een aangename temperatuur heeft.

"Laat uw verwarming ook 's nachts op 20°C. Als u uw verwarming ’s nachts erg laag zet, duurt het de volgende dag veel langer voordat uw woning weer een fijne temperatuur heeft. U zit dan langer in de kou."

De huurders hebben dit e-mailbericht doorgestuurd naar de PvdD-fractie. De PvdD-fractie heeft begrip voor de ontsteltenis over dit bericht. De wereld heeft te maken met een serieuze klimaatcrisis. Wat niet wordt gebruikt, hoeft men ook niet op te wekken. Het is algemeen bekend dat een warme trui of deken een goed alternatief is voor het stoken van de verwarming op hoge temperatuur. Over verwarmen zegt Milieu Centraal bijvoorbeeld dat het inderdaad energie kost om het huis 's ochtends op te warmen, maar lang niet zoveel als nodig zou zijn om de hele nacht het huis op temperatuur te houden. Dit verschil is het grootst in slecht geïsoleerde huizen. Zet je de verwarming een uur voor je gaat slapen op 15°C, dan scheelt dat gemiddeld 12% op het gasverbruik. In reactie op huurders die de verhuurder hierop aanspraken, liet Mitros weten dit bericht naar al haar huurders te hebben gestuurd, terwijl Mitros eigenlijk alleen de huurders van oude woningen wilde aanschrijven. Dit maakt op de PvdD-fractie de indruk alsof Mitros een vorstprotocol uit de jaren 70 heeft afgestoft en dat de huurders toestuurt. Het risico op meer onderhoud of bevriezende leidingen is er niet als verwarmingen op 15°C of 18°C graden staan. Bij 18°C is het in de meeste woningen comfortabel verblijven. Het advies om 24 uur per dag tot 20°C te stoken, is echt niet nodig, ook niet bij oudere woningen.

De PvdD-fractie stelt daarom de volgende vragen.

8

Vragenuur van 11 februari 2021 1. 2. 3.

4.

Wat vindt het college van dit advies van Mitros aan de huurders? Hoe strookt dit beleid van Mitros met "de Energiebox", het gratis energieadvies aan huurders dat samen met de gemeente en woningcorporaties is opgezet om het energiegebruik van de inwoners te verminderen? Kan het college toezeggen om op korte termijn met Mitros in gesprek te gaan en uitleg te geven over de klimaatcrisis en wat Mitros en haar bewoners kunnen doen om energie te sparen? En kan het in dat gesprek Mitros vragen de aan haar huurders verzonden mail in te trekken en in plaats daarvan een bericht te sturen met daarin tips voor het besparen van energie? Eventueel kan worden verwezen naar Milieu Centraal als het voor Mitros zelf te moeilijk is te bedenken welke adviezen bijdragen aan het klimaat. Hebben andere corporaties hun huurders ook een dergelijk bericht gestuurd? Kan het college ook met andere corporaties in gesprek gaan over het informeren en adviseren van huurders over energiebesparende maatregelen die iedereen thuis zelf kan nemen? De VOORZITTER: Dames en heren! Mevrouw Sasbrink is door haar spreektijd heen.

Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Ook het college is verbaasd over dit advies van Mitros. Ik zit thuis, het is hier geen 20°C, 's nachts niet, maar overdag ook niet. Zo'n boodschap is hartstikke jammer. Wij denken dat zo'n boodschap niet nodig is. Dit strookt zeker niet met de boodschap van de Energiebox. Wij herkennen hierin ook niet het duurzaamheidbeleid van Mitros. Ook in die zin is het bericht verbazingwekkend. Wij hebben contact opgenomen met Mitros. Het is niet helemaal helder waarom het genoemde e-mailbericht de deur is uitgegaan. Afgesproken is om verder met elkaar in gesprek te gaan. Mitros, de andere corporaties en de gemeente spreken elkaar ongelofelijk vaak. Op hoofdlijnen weten wij van elkaar wat wij doen en kennen de inzet. Het is vooral de vraag hoe wij dit vertalen in een goede boodschap, via een goede communicatie. Mitros heeft gezegd dat ze zal nadenken over nieuwe communicatie aan huurders met een inhoud die over een andere boeg wordt gegooid. Naar aanleiding hiervan hebben wij bij Portaal en bij Bo-Ex geïnformeerd. Die hebben zo'n actie niet gedaan. Wij zijn met hen in goed overleg over de opgave voor energietransitie. Normaal gesproken zien wij dat zij hier op een goede manier mee bezig zijn. 6.

Vragen van mevrouw Assen (PvdA), mevrouw Bijsterbosch (D66) en de heer Zwanenberg (GroenLinks) inzake help de ondernemers na de brand in het CAB-gebouw zodat zij voor de stad behouden blijven. Mevrouw ASSEN (PvdA): Voorzitter! Op maandag 11 januari jl. was er een grote brand in het CAB-gebouw, waarin onder andere Het Filmcafé, Oproer Brouwerij en Sportbox waren gevestigd. Voor deze ondernemers is de schade groot. Het ziet er niet naar uit dat de ondernemers naar het CAB-gebouw kunnen terugkeren. Veel van de getroffen ondernemers zijn nu bezig met het vinden van een ander onderkomen of bekijken de opties rond het CAB-gebouw, bijvoorbeeld het gebruik van de buitenruimte. Bij beide kan steun van de gemeente helpen. Een andere locatie vinden, is op korte termijn in onze stad niet gemakkelijk, zeker niet vanwege de financiële situatie waarin veel ondernemers verkeren als gevolg van de lockdown en andere coronamaatregelen. Om de opties rond het CAB-gebouw in beeld te brengen, zijn de partijen afhankelijk van de NS en de leegstandsbeheerder Camelot. Dat maakt het soms lastig om snel duidelijkheid te krijgen en door te pakken. De combinatie van coronamaatregelen en de brand maakt dat deze ondernemers het niet redden, terwijl zij eerder succesvol waren en voor veel ontspanning en vermaak zorgden.

Voor en door het gebied wordt de aanwezigheid van deze ondernemers ook als positief ervaren. De getroffen ondernemers zijn om door te kunnen in sommige opzichten afhankelijk van de gemeente, bijvoorbeeld voor een nieuwe locatie en het vergunningenbeleid. Wij hebben daarom de volgende vragen. 1. Is het college met ons eens dat deze ondernemers van meerwaarde zijn voor de stad? 2. Is het mogelijk dat de ondernemers een vaste contactpersoon met doorzettingsmacht bij de gemeente krijgen die hen ondersteunt bij het aanvragen van vergunningen en regelingen? Zo nee, waarom niet? 3. Welke ruimte is er voor deze ondernemers bij steun die van coronapakketten afkomstig is? Is het college bereid om daarbij maatwerk te leveren?

9

Vragenuur van 11 februari 2021 4. 5.

Kan het college, wanneer ondernemers er behoefte aan hebben, in gesprek gaan met NS en Camelot om gezamenlijk voor de ondernemers een oplossing te vinden? Heeft de eigenaar van het pand de plicht om na de brand het pand te herstellen (voorafgaand aan de verkoop aan ontwikkelaar MRP) in verband met de monumentale status van het pand? Zo ja, hoe wordt hierop toegezien? Zo nee, waarom niet?

De heer VERSCHUURE (wethouder): Voorzitter! Wij vinden dat deze ondernemers zeker van meerwaarde zijn voor de stad. Wij zijn zeker bereid om met ze in gesprek te gaan om te zien of wij hen kunnen helpen. Wij zijn bijvoorbeeld met de exploitant van het filmcafé volop in gesprek. Het is misschien goed om te vermelden dat een aantal van deze ondernemers op dit moment sowieso op zoek moesten naar vervangende huisvesting, aangezien zij niet in het CAB-gebouw konden blijven. Wij kunnen hen helpen bij hun zoektocht naar een andere locatie. Met het Filmcafé zijn wij al in gesprek. Oproer en dB's proberen wij juist in het CAB-gebouw te behouden. Wij zijn daarover nog in gesprek met het consortium. Het is in eerste instantie aan de getroffen ondernemers om ook met verzekeringsmaatschappijen over de brandschade te spreken. De coronapakketten zijn landelijk en lokaal primair bedoeld om de coronagerelateerde problemen op te lossen. De brand is een groot probleem, maar wellicht zijn daar verzekeringen voor. Daar zouden de ondernemers dan in eerste instantie aanspraak op moeten maken. Er is een coronamaatwerkpakket. Daaraan is al eerder gerefereerd. Mocht het niet lukken, dan kunnen wij bekijken of er toch een maatwerkafspraak kan worden gemaakt. Wij hebben Eureka opgericht dat voor verschillende ondernemers als vraagbaak fungeert.

Wij zijn natuurlijk bereid om met de NS en Camelot het gesprek aan te gaan. De andere ondernemers roepen wij nadrukkelijker op om zich opnieuw bij ons te melden in de hulpvraag. Dan kunnen wij proberen om ze naar iemand toe te sturen. De eventuele verplichtingen rondom de restauratie van het pand en de monumentenstatus worden nader onderzocht. Wij vinden het CAB-gebouw heel belangrijk om te behouden. Dat is in alle plannen rondom de Cartesiusdriehoek de bedoeling. Een en ander moet natuurlijk wel in evenwicht zijn met de start van de verbouwing, die is gepland voor begin 2022. Iedereen begrijpt dat de eigenaar niet snel bereid is om nu een aantal grote kostbare ingrepen te doen, om vervolgens in 2022 alles te renoveren. Mevrouw BIJSTERBOSCH (D66) Voorzitter! Dank voor de beantwoording. Het is fijn om te horen dat het gesprek er is. Toen de wethouder zei dat over het Filmcafé al met verschillende afdelingen wordt gesproken, realiseerde ik mij dat daar de vraag over ging. Het zou volgens ons enorm helpen als er één aanspreekpunt is die iemand - een ondernemer - de hele gemeentelijke organisatie doorsleurt. Dus één contactpersoon in plaats van 23. De heer VERSCHUURE (wethouder): Voorzitter! Ja, dat ben ik helemaal met mevrouw Bijsterbosch eens. Dat laat echter onverlet dat er vaak verschillende zaken tegelijkertijd aan de hand zijn. Soms is dat een vergunningkwestie.

In dit geval ging het over nachtelijke sluitingstijden. Mevrouw ASSEN (PvdA): Voorzitter! Ik vraag mij af wat ik de ondernemers moet laten weten. Wij hoopten op z'n minst met één contactpersoon te werken. De zaak is dermate urgent dat het er voor sommige partijen nu vanaf hangt of zij snel door kunnen gaan of failliet gaan. Dat laatste willen wij niet. Kan de wethouder zeggen wat wij de ondernemers kunnen laten weten wat hen helpt ten opzichte van hoe het was? De heer VERSCHUURE (wethouder): Voorzitter! Zij kunnen sowieso contact met ons opnemen. Daarmee garandeer ik niet dat ik een voor hen passende oplossing heb. Ik vind het heel vervelend om dit zo hard te zeggen. Wij willen hen proberen te faciliteren. Laten zij zich bij ons melden. Wij zijn met het Filmhuis concreet in gesprek. Met een aantal anderen hebben wij contact. Wij kunnen dan bekijken of wij een oplossing kunnen vinden. Het is niet zo dat wij allemaal leegstaande panden hebben waar zij morgen in kunnen trekken, maar dat zal men ook niet van ons verwachten. De VOORZITTER: Dames en heren! Ik dank de wethouder voor de beantwoording. Dit was de laatste vraag van vanmiddag. Iedereen bedankt voor het kijken. Graag tot de volgende keer.

10

Vragenuur van 11 februari 2021 De voorzitter sluit hierna, te 19.19 uur, het vragenuur.

Signer1

{{Signer2}} }}

11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=2e27a450-c561-4d0c-9eda-6d2c0ec3c2b4