CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

20210107 vragenuur.doc

Gemeenteraad 4 februari 2021, gemeente UtrechtBij agendapunt: Notulen Vragenuur 7 en 14 januari 20217.310 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

2021 NOTULEN VRAGENUUR Vragenuur – 7 januari 2021 Vragenuur, gehouden op donderdag 7 januari 2021 te 17.00 uur. Het vragenuur vindt in verband met de coronamaatregelen niet plaats in de raadszaal, maar digitaal. Voorzitter: de heer Wijmenga. Aan het digitale vragenuur nemen deel de leden: Assen, Van Dalen, Dekkers, Gilissen, Işik, Podt, Sasbrink, Virginia, Van der Zweth en Zwinkels. Voorts neemt deel de fractiemedewerker: Admiraal. Namens het college nemen deel de wethouders: Diepeveen, Eerenberg, Van Ooijen en Voortman. Griffier: de heer Lith. Opening van het vragenuur. De VOORZITTER: Dames en heren! Hartelijk welkom iedereen bij de eerste sessie van de gemeenteraad van Utrecht van 2021 op 7 januari. Er zijn door raadsleden een zevental vragen ingediend. 1. Vragen van de heer Van Dalen (VVD) inzake Brand bij kerstbomeninzamelplaats. De heer VAN DALEN (VVD): Voorzitter! Op zondagavond 3 januari jl. is aan de Heldammersingel in De Meern - naast een flatgebouw voor ouderen - een stapel kerstbomen in brand gestoken. Er was sprake van een metershoge vlammenzee. De VVD-fractie maakt zich zorgen over branden op inzamelplaatsen voor kerstbomen, niet in de laatste plaats vanwege de gevolgen voor de omgeving. 1. Is het college het met de VVD-fractie eens dat het zorgelijk is als een kerstbomenbrand op inzamelplaatsen overslaat op woningen en andere panden? 2.

Welke inzamelplaatsen voor kerstbomen bevinden zich naast woningen en andere panden of in de buurt van parkeerplaatsen? 3. Vindt het college inzamelplaatsen voor kerstbomen gevaarlijk nu het heeft kennisgenomen van de brand op de inzamelplaatsen voor kerstbomen aan de Heldammersingel? Is het college voornemens om de inzamelplaatsen te verplaatsen? Kerstbomen moeten door inwoners op bepaalde dagen worden aangeboden. Vanwege dit beleid staan er twee weken lang veel kerstbomen op straat. Ze staan bijna altijd naast woningen. 4. Vindt het college dat dit beleid risico’s oplevert, bijvoorbeeld voor brandstichting? 5. Welke maatregelen kan het college nemen om het risico van het in brand steken van kerstbomen te verkleinen? De VVD-fractie denkt dat het tijdig ophalen van kerstbomen dat risico verkleint. 6. Zijn op dit moment met betrekking tot het ophalen van kerstbomen ook andere knelpunten bekend? De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen. Ik vervang collega Verschuure. Het antwoord op vraag 1. Het college is het uiteraard met de VVD-fractie eens dat het zorgelijk is dat kerstbomen in brand worden gestoken, met alle gevaren van dien.

Vragenuur van 7 januari 2021 Het antwoord op vraag 2. Er is een zeer gedegen plan voor de plekken waar de inzamelpunten worden gerealiseerd. Daaraan zijn criteria verbonden, bijvoorbeeld niet te dicht bij woningen en andere panden. De bomen moeten bij voorkeur worden geplaatst in een vrije, onbenutte ruimte. Dat is technisch niet altijd mogelijk. Er worden daartoe dan vaak parkeerplaatsen of andere terreinen bekeken. De locaties zijn zorgvuldig uitgekozen. Bij twijfel wordt advies gevraagd bij collega's op het gebied van veiligheid. In het specifieke geval waar de VVD-fractie op doelt, heeft de aannemer het inzamelpunt verkeerd geplaatst. De locatie was ongeveer 50 m verder geplaatst en bevond zich te dicht bij de bebouwing. Daar is iets niet goed gegaan, maar de situatie is hersteld. Het antwoord op vraag 3. Gelet op de uitgangspunten zouden de locaties voor de inzamelpunten per definitie niet gevaarlijk moeten zijn, maar wij erkennen de opvatting dat het risico op brandstichting altijd aanwezig is. Daarom zijn er acties. De inzamelpunten worden bijvoorbeeld elke dag geleegd, om het risico zo klein mogelijk te houden. Er vinden verscheidene controles plaats op het niet te snel vollopen van inzamelpunten. In dat geval wordt eerder geleegd. Het antwoord op vraag 4. Het is belangrijk om voorop te stellen dat brandstichting nooit mag en altijd een strafbaar feit is.

Om vandalisme te voorkomen, is de aanpak erop gericht de kerstbomen zo snel mogelijk te verwijderen. Het antwoord op vraag 5. Er wordt een flink aantal maatregelen genomen. De belangrijkste is dat de inwoners er zelf voor kunnen zorgen dat de kerstbomen niet te snel aan de weg worden gezet, dus dat ze pas op de dag dat ze worden opgehaald worden aangeboden. Dan blijven ze niet te lang slingeren. Tegelijkertijd controleren wij er wel op. Dat betekent dat de collega's die zwerfbomen zien die eerder ophalen. De collega's van Wijkonderhoud en Service signaleren dit. Vervolgens wordt actie ondernomen. Het antwoord op vraag 6. Op dit moment kennen wij geen knelpunten. Inzamelen is een enorme klus. Wij mogen daar de hardwerkende collega's zeer voor danken. Volgende week zal wethouder Verschuure helpen met het opruimen van de bomen. In de voorbereiding wordt veel tijd gestoken. Het is een flinke operatie. Het is helaas niet altijd te voorkomen dat er iets verkeerd gaat. Als dat wordt gezien, wordt direct geacteerd. De heer VAN DALEN (VVD): Voorzitter! Kerstbomen kunnen mooi in de fik vliegen, net als oud papier. Wij hebben de afgelopen tijd veel papier en karton naast ondergrondse afvalcontainers zien staan. Hoe gaat de wethouder daarmee om? De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Ter zake zijn veel acties gaande.

De gemeente communiceert om mensen ertoe te bewegen hun oude papier op een andere manier aan te bieden of om het opnieuw te gebruiken. Met oud papier kan fantastisch worden geknutseld. Wij bekijken alles goed, maar wij kunnen niet alles voorkomen. Wij roepen de Utrechters op om de kerstbomen op correcte wijze aan te bieden. Als de plek vol is, neem de boom dan weer mee naar huis. Wethouder Verschuure doet al het mogelijke om het inzamelen van kerstbomen soepel te laten verlopen. 2. Vragen van de heer Van der Zweth (PvdA) inzake maak snel werk van coronabanen. De heer VAN DER ZWETH (PvdA): Voorzitter! In december heeft het kabinet (Kamerbrief 14 december 2020) bekendgemaakt dat er, op initiatief van de PvdA-fractie, zogenoemde coronabanen - ook wel: crisisbanen - mogelijk worden gemaakt. Er wordt budget beschikbaar gesteld zodat werkgevers in de zorg, in het onderwijs en bij de gemeente mensen tijdelijk kunnen aannemen op ondersteunende coronagerelateerde functies. Dit is belangrijk om de publieke voorzieningen te ondersteunen en om mensen aan het werk te helpen. In deze crisis verliezen veel mensen hun werk, maar zij moeten juist zo veel mogelijk aan het werk blijven, omdat werk de basis is voor bestaanszekerheid. Het is daarom nodig dat de gemeente actief gebruikmaakt van deze crisisbanen.

Aangezien de coronabanen tijdelijke functies zijn die uiterlijk tot uiterlijk 1 juli 2021 lopen, moet dit snel van de grond komen. Wij stellen daarom de volgende vragen. 1. Wat doet de wethouder om deze tijdelijke coronabanen te realiseren? 2. Ziet de wethouder net als de PvdA-fractie kansen om mensen die al langer geen werk hebben via deze crisisbanen aan een baan te helpen en om die op deze manier ervaring te laten opdoen? 3. Specifiek bij toezicht en handhaving worden gemeenten nadrukkelijk bekeken. Kan de wethouder toezeggen dat via coronabanen extra mensen worden aangenomen om gedurende deze coronatijd de hoge werkdruk op handhaving te verlichten?

2

Vragenuur van 7 januari 2021

4. Kan de wethouder toezeggen om bestaande instellingen en netwerken (o.a. in het onderwijs en de zorg) te steunen zodat die op deze budgetten aanspraak kunnen maken, juist nu de druk daar zo hoog is?

Mevrouw VOORTMAN (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen. Het antwoord op vraag 1. Daarbij is vooral toezicht en handhaving aan de orde. Wij hebben geconstateerd dat de inzet van niet gediplomeerde toezichthouders en handhavers binnen de afdeling VTH praktisch, technisch en juridisch niet zomaar mogelijk is vanwege de vereiste opleiding en training. Wij bekijken wel welke alternatieve mogelijkheden er zijn en welke andere werkzaamheden er zijn op het gebied van toezicht en handhaving. Daarbij bekijken wij publieksbegeleiders die sinds de start van de coronacrisis in de stad worden ingezet. Deze publieksbegeleiders worden nu ingezet via externe bureaus. Daarom wordt bekeken of wij via die constructie extra publieksbegeleiders kunnen inzetten met gebruikmaking van het beschikbare budget. Het antwoord op vraag 2 is: zeker. De mogelijkheden van werkzoekenden moeten aansluiten bij de werkzaamheden die een werkgever aanbiedt. Wij zien zeker kansen. Het antwoord op vraag 3. Op deze vraag heb ik eigenlijk al geantwoord in mijn antwoord op vraag 1. Garanties zijn niet te geven, maar wij bekijken nadrukkelijk wat bij Toezicht en Handhaving mogelijk is en wat mensen die ten gevolge van corona hun werk hebben verloren, wél kunnen doen. Het antwoord op vraag 4. Ja, daartoe zijn wij zeker bereid. Ik wil dat graag toezeggen.

Binnen een netwerk van opgaven Werk voor iedereen en de bedrijfsadviseurs van het werkgeversservicepunt kunnen wij ondernemers wijzen op deze regeling en de kansen die dit biedt voor mensen die tijdelijk werk zoeken. De heer VAN DALEN (VVD): Voorzitter! Wat de VVD-fractie betreft, moet alles op alles worden gezet om in deze coronacrisis de werkgelegenheid te behouden en om eventueel werkgelegenheid te creëren. Het voorstel doet mij erg denken aan de Melkertbanen. Hoe denkt de wethouder daarover? Mevrouw VOORTMAN (wethouder): Voorzitter! Volgens mij is dit een ander type banen. Dit zijn banen voor mensen die bijvoorbeeld vanwege corona hun baan zijn kwijtgeraakt. Het gaat om werk dat er ten gevolge van corona extra is, bijvoorbeeld publieksbegeleiding. Bij Melkertbanen denk ik meer aan maatschappelijke banen. Wij zullen daar nog vaak genoeg over spreken, trouwens. Ik zal de raad nog vóór de zomer daarover een businesscase presenteren. Melkertbanen betreffen ander werk en andere mensen. De heer VAN DER ZWETH (PvdA): Voorzitter! Ik dank de wethouder voor haar positieve beantwoording. Kan de wethouder toezeggen dat functies worden bekeken om ook de bestaande werkdruk bij Handhaving te verlichten? Ik begrijp de kanttekeningen, maar administratieve functies of de ogen en de oren in een park - kunnen verlichtend werken voor boa's en politie.

Kan de wethouder toezeggen dit punt mee te wegen? Mevrouw VOORTMAN (wethouder): Voorzitter! Wij bekijken of en waar dat mogelijk is. Het gaat dan om mensen die niet zijn gediplomeerd. Het is maar voor een halfjaar. Wij kunnen mensen niet eerst een opleiding laten doen. Wij bekijken wat mogelijk is. De voorbeelden die de heer Van der Zweth noemt, heb ik niet specifiek genoemd, maar ik wil wel graag bekijken wat daarvoor mogelijk is. Garanties kan ik echter niet geven. Ik kan wel beloven dat wij ons best doen. 3. Vragen van de heer Virginia (GroenLinks) en mevrouw Sasbrink (PvdD) inzake "Emmaboom". De heer VIRGINIA (GroenLinks): Voorzitter! Maandagochtend is op het Lepelenburg de monumentale gele treurwilg (boomnummer 1891709, plantjaar 1934) omgevallen. Deze "Emmaboom" werd indertijd neergezet door Utrechtse schoolkinderen ter herinnering aan het overlijden van koningin-moeder Emma, een jaar eerder. De forse boom viel over de weg heen op een aantal geparkeerde auto's, gelukkig waren er geen menselijke slachtoffers. Deze gebeurtenis leidt bij de fracties van GroenLinks en PvdD tot de volgende vragen. 1. Wanneer en hoe is deze boom voor het laatst door de gemeente gecontroleerd op veiligheid voor de omgeving? Is hierbij enige aanwijzing gevonden voor het mogelijk omvallen van de

3

Vragenuur van 7 januari 2021 boom? Zo ja, wat heeft de gemeente gedaan om dit te voorkomen? Zo nee, hoe is dan te verklaren dat deze boom toch is omgevallen? Vraag 1 is gisteren door het college schriftelijk beantwoord met een memo, waarvoor dank. 2. Hoe groot is de kans dat de factoren die bij het omvallen van deze boom een rol hebben gespeeld ook bij andere bomen in de stad aan de orde zijn? Wat doet de gemeente om de conditie van de bomen in dit gebied beter te monitoren en ze beter te beschermen tegen de gevolgen van zwaar verkeer en grondwerkzaamheden? 3. Hoe en wanneer wordt deze boom vervangen? Is de wethouder het met onze fracties eens dat het herplanten van een flinke boom het uitgangspunt moet zijn? Zo nee, waarom niet? Het oostelijke singelgebied kenmerkt zich door vele monumentale bomen. Deze geven de binnenstad een bijzondere uitstraling. Voor de biodiversiteit en de beperking van de klimaatproblemen zijn ze van groot belang. Helaas zullen de komende jaren verschillende monumentale bomen door leeftijd en/of ziekten sneuvelen. De Stichting Behoud Lepelenburg en omgeving heeft hierop gewezen. 4.

Is de wethouder bereid om een vervangingsplan voor de monumentale bomen op te stellen in aanvulling op de Beheervisie Singelgebied en het ambtelijke Beheerplan Zocherpark? Zo nee, waarom niet? De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! Wij zijn erg geschrokken van wat maandag jl. is gebeurd. Dit had veel slechter kunnen aflopen, gezien de plek en het tijdstip waarop de boom omviel. Gelukkig zijn er geen menselijke slachtoffers gevallen. Door wat er zaterdag jl. bij Slot OudZuilen is gebeurd, is erop gewezen dat het omvallen van een boom echt veel slechter kan aflopen. Dit is voor ons een serieuze zaak. Wij moeten de oorzaken van het omvallen van de boom diepgaand bekijken. De grote vraag is hoe deze boom heeft kunnen omvallen, gezien alle inspecties die eerder hebben plaatsgevonden. Pas aan de hand daarvan kunnen wij beoordelen wat dit betekent voor andere bomen in de stad. Wij willen ook de inspectiemethode zelf onder de loep nemen, omdat er, zoals in het memo is beschreven, wel degelijk een uitvoerige inspectie heeft plaatsgevonden. Wij willen weten of dat in november 2020 goed is gebeurd en of er aanleiding is om te kunnen zeggen dat onze inspectiemethode aan de hand van dit ongeval misschien aanvulling behoeft. Wij komen er bij de raad op terug. Wij willen op de bewuste plek zeker overgaan tot het herplanten van een boom.

Wij willen dat doen in goed overleg met de omgeving. Wij zullen bekijken of op de ontstane plek een grotere maat boom kan worden neergezet. Een vervangingsplan voor de monumentale bomen in aanvulling op de Beheervisie Singelgebied en het ambtelijke Beheerplan Zocherpark vinden wij een goed idee. Wij werken op die manier ook - naar volle tevredenheid - in het Wilhelminapark. Wij overleggen binnenkort met de Stichting Behoud Lepelenburg om daar iets vergelijkbaars te doen. De heer GILISSEN (VVD): Voorzitter! De boom is ooit door Utrechtse schoolkinderen geplant ter ere van regentes Emma. Inmiddels zijn wij een aantal koninginnen verder. Er is nu een koning. Ik begrijp dat het college overgaat tot herplanten. Zou dat een gelegenheid kunnen zijn om de aanduiding bij de boom te verbreden naar andere koninginnen die wij hebben gehad: niet alleen Emma, maar ook Wilhelmina, Juliana en Beatrix? Op die manier is de nieuwe boom een getuigenis van de aanhankelijkheid van de stad Utrecht aan het koningshuis. De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! Ja, de Emmaboom is gevallen. Daarmee is er iets gebeurd. Wij spelen met deze gedachte. Wij willen in goed overleg met de omgeving en de Stichting Behoud Lepelenburg bekijken of wij aan de nieuwe boom een bijzondere naamgeving of een verwijzing kunnen hangen. Ik betrek de suggestie van de heer Gilissen daarbij.

Mevrouw SASBRINK (PvdD): Voorzitter! Ik ben blij met de antwoorden, met het feit dat de wethouder zei om aan een vervangingsplan te werken en om de kennis van de Stichting Behoud Lepelenburg daarbij te betrekken. Deze stichting heeft veel ervaring en kennis. Kan de wethouder ons op de hoogte houden van de ontwikkelingen rond het uitvoeringsplan? De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! Ja, ik heb al iets toegezegd over de inspectiemethode en dergelijke, maar ik zeg graag toe dat ik op het vervangingsplan terugkom.

4

Vragenuur van 7 januari 2021 De heer VIRGINIA (GroenLinks): Voorzitter! Ik dank de wethouder voor zijn beantwoording en voor zijn positieve insteek. Zijn er elders in de stad ook monumentale bomen die al zijn gesneuveld, maar nog niet zijn vervangen? Is de wethouder bereid om als uitgangspunt te hanteren dat monumentale bomen snel en groot worden vervangen? De bomen zijn niet voor niets monumentaal. Ze staan vaak op bijzondere plekken. De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! Bij mijn weten doen wij dat op plekken zeker al. Ik ben zelf getuige geweest van de werkzaamheden rond de rode beuk bij het Wilhelminapark. Daar zijn echt kosten nog moeite gespaard om een in onze stad geliefde boom te vervangen met een waardige opvolger. Bij monumentale bomen bekijken wij - in afwijking van het gewone bomenbeleid - of het mogelijk is om stevige exemplaren terug te plaatsen. 4. Vragen van mevrouw Zwinkels (CDA) inzake Vikingpad wordt Viking-"weg". Mevrouw ZWINKELS (CDA): Voorzitter! Op dinsdag 5 januari jl. zagen wij het bericht van de coördinator Activiteiten van het Máximapark over het vernielen van de straatnaamborden. Wij hebben over dit vervelende incident contact met hem opgenomen. Helaas is dit niet het eerste teken van vandalisme in het park. De CDA-fractie heeft hiervoor al eerder aandacht gevraagd, o.a. inzake het kunstwerk Anonieme Depositie, ook bekend als De Kijkdozen.

Het vandalisme blijft helaas aanhouden. 1. Is het college het eens met de constatering van de CDA-fractie dat de vernielingen in het Máximapark geen incident meer zijn, maar dat er sprake is van een aanhoudend probleem dat om een structurele oplossing vraagt? 2. Vrijwilligers en andere betrokken buurtbewoners hebben eerder samen met ambtenaren de schade in kaart gebracht. Heeft het college in beeld hoe groot de schade is? 3. Kan de wethouder toezeggen dat de schade aan de borden door de ambtelijke organisatie integraal wordt bekeken - ongeacht het officiële RVV-borden zijn of borden van een ander type - zodat een bezoek aan het park echt tot een oplossing leidt? 4. Welke mate van toezicht kan in het park worden ingezet om nieuwe vernielingen te voorkomen? Welke hufterproof oplossingen wil de wethouder inzetten? 5. Hoe is het gesteld met het kunstwerk nabij het Gat van Serton? De fontein doet het niet meer. De fonteinbodem is gescheurd en lek. Wanneer wordt dit aangepakt? 6. Omdat de slagboom aan de Alendorperweg bij de huisnummers 31 en 33 verkeerd opengaat, kan de nooddoorgang kan niet worden gebruikt. Wat wil de wethouder daaraan doen? 7. Hoe is het gesteld met het gewenste houtsnipperpad in het park achter de Alendorperweg? Het pad wordt niet aangelegd, waardoor het park minder toegankelijk is. De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen.

Het antwoord op vraag 1. Er valt geen vast patroon te constateren, maar wij zien wel dat helaas een aantal vernielingen heeft plaatsgevonden. Een meer structurele oplossing is meer inzet van de politie, gemeentelijk toezicht en jongerenwerk, alsmede hufterproof inrichten. Wij roepen omwonenden op om vernielingen te melden. Het park is groot. Meer ogen en oren zijn zeer wenselijk om adequaat te kunnen optreden. Het antwoord op vraag 2. Er zijn verschillende schades bekend. Wij hebben geen beeld van de totale omvang van de schade. Meldingen van schade en vernielingen komen via verschillende kanalen binnen, bijvoorbeeld via Slim Melden, medewerkers en politie. Het antwoord op vraag 3. Ja, wij inventariseren wat nodig is en welk type borden wij moeten plaatsen. Zodra dat duidelijk is, kunnen wij zeggen wanneer dat gebeurt. Het antwoord op vraag 4. Deels moet ik voor het antwoord op deze vraag verwijzen naar het antwoord op de mondeling gestelde vragen van 5 november 2020. Deze vragen zijn beantwoord door de waarnemend burgemeester. Gezegd is dat het park groot is, zeker 300 ha. Vanwege de omvang en diverse uitvalswegen is het park helaas gevoelig voor vandalisme. Het park heeft de aandacht van de politie, toezichthouders en jongerenwerk. Er wordt intensief contact gelegd met de doelgroep. Er wordt gesurveilleerd op plekken waar veel overlast wordt gemeld.

Het thema veiligheid wordt regelmatig door de parkorganisatie besproken. De gebiedsmanager Veiligheid, de coördinatie van het jongerenwerk en de wijkagent bespreken dan de veiligheidssituatie. Het antwoord op vraag 5. Dat probleem is bekend. In samenwerking met de adviescommissie Beeldende kunst en Vormgeving wordt naar oplossingen gezocht.

5

Vragenuur van 7 januari 2021 Het antwoord op vraag 6. Het verkeerd opengaan van de houten slagboom bij de Alendorperweg wordt bekeken in samenwerking met de nood- en hulpdiensten. Mocht dit inderdaad het geval zijn, dan wordt de draairichting van de slagboom aangepast. Het antwoord op vraag 7. Er is door vrijwilligers een verzoek ingediend voor verscheidene snipperpaden. Een aantal daarvan is al aangelegd. Het in de vraag genoemde pad zou een klein ommetje maken, maar het pad zelf voert nergens heen. Het verzoek is om verscheidene redenen afgewezen. Het pad zou direct achter een woning lopen. Door de bewoner van de woning is bezwaar gemaakt. Vanuit ecologisch oogpunt is het pad niet wenselijk. Wandelaars zijn niet bevorderlijk voor flora en fauna. Daarom komt dit snipperpad er niet, maar andere komen er wel. Mevrouw ZWINKELS (CDA): Voorzitter! De bewoner die bezwaar heeft gemaakt, heeft op die plek een schuur staan. Ik laat dit punt verder buiten beschouwing. Ik dank de wethouder voor de antwoorden. Het is fijn dat de bereidheid er is om dingen op te lossen. Kan de wethouder een termijn noemen? Ik heb hem er weinig horen noemen. Wanneer kunnen wij verwachten dat de boel is opgeknapt en dat een aantal dingen wordt gedaan? De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! Mevrouw Zwinkels stelt een algemene vraag over een groot aantal thema's die zij zelf aan de orde heeft gesteld.

Ten aanzien van de borden heb ik gezegd dat wij moeten bekijken van welk type borden sprake is. Zodra dat duidelijk is, kunnen wij zeggen wanneer die kunnen worden geplaatst. De intentie is duidelijk. Het grotere probleem van vandalisme en schade vraagt onze voortdurende aandacht. Ook omwonenden, het jongerenwerk, de politie en de parkorganisatie moeten aan het park aandacht blijven besteden. Ik kan geen uitspraken doen over termijnen. 5. Vragen van mevrouw Sasbrink (PvdD) en mevrouw Heijne (GroenLinks) inzake houtstook in corporatiewoningen. Mevrouw SASBRINK (PvdD): Voorzitter! Van bezorgde inwoners hebben de fracties vernomen dat in woningen die in het bezit zijn van Mitros houtkachels worden gestookt - terwijl Mitros dat verbiedt. Houtkachels leiden niet alleen tot luchtvervuiling, maar kunnen ook gevaarlijk zijn als schoorstenen niet of slecht worden onderhouden. De betreffende inwoner heeft hierover bij Mitros aan de bel getrokken, maar de woningcorporatie heeft daarop niet gereageerd. Houtstook kan, zeker wanneer de rookkanalen en schoorstenen niet door de verhuurder worden onderhouden, leiden tot brandgevaar en risico’s voor de gezondheid vanwege de verslechtering van de luchtkwaliteit door houtrook. Nu het stookseizoen is begonnen, is het urgent om inzake deze problematiek te inventariseren, te informeren en om maatregelen te treffen.

De fracties van PvdD en GroenLinks hebben hierover de volgende vragen. 1. Kan het college bevestigen dat Mitros een verbod op stoken in houtkachels kent? 2. Is bekend in hoeveel corporatiewoningen nog houtkachels aanwezig zijn? Hanteren de andere Utrechtse woningcorporaties een vergelijkbaar verbod op het stoken van hout? 3. Is het college bereid om vanwege de risico’s voor de veiligheid en de gezondheid van burgers en dieren bij alle Utrechtse woningcorporaties te inventariseren of deze houtkachels nog worden gebruikt? Zo nee, waarom niet? 4. Kan het college bij alle Utrechtse woningcorporaties die het stoken van hout verbieden erop aandringen om de bewoners zowel te wijzen op dat verbod als hen te informeren over het brandgevaar en de risico’s voor de gezondheid ervan? Zo nee, waarom niet? 5. Kan het college bij Mitros en bij andere woningcorporaties erop aandringen het stoken van hout te blijven verbieden en om dat verbod te handhaven? Zo nee, waarom niet? De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen. Het antwoord op vraag 1. Wij hebben bij Mitros vragen gesteld over het verbod op het stoken van hout. Zij kennen geen strikt verbod op het stoken van hout, maar er worden geen woningen met een houtkachel opgeleverd. Mitros kan echter niet uitsluiten dat bij sommige woningen na oplevering later een houtkachel is aangebracht.

Zij hebben daar geen lijsten van, zeker niet op de korte termijn. Dat zal gaan om een gering aantal eengezinswoningen. Bij gestapelde bouw wijst Mitros een aanvraag voor een houtkachel altijd af. Het antwoord op vraag 2. Het is bij ons niet bekend in hoeveel corporatiewoningen houtkachels aanwezig zijn. Het is niet gelukt om dat bij de voorbereiden van de beantwoording van

6

Vragenuur van 7 januari 2021 deze vragen op tafel te krijgen. Wij hebben er wel met Mitros over gesproken. Mitros voert daar geen administratie over. Het gaat om een gering aantal. Het antwoord op vraag 3. In deze vraag is een goede suggestie van de vragensteller verwerkt, namelijk om met de corporaties in gesprek te gaan over risico's voor veiligheid en volksgezondheid. Ik heb bij de behandeling van het pakket over luchtkwaliteit toegezegd om dat gesprek daarover met de corporaties aan te gaan. Ik denk dat dit gesprek zich vanwege deze vragen zich wat zal verbreden. Ik stel voor om in het tweede kwartaal van dit jaar hierop terug te komen en om dan even opnieuw te bekijken wat wij op basis van de vragen die nu worden gesteld kunnen antwoorden. Het antwoord op vraag 4. De vraag over een stookverbod heb ik al beantwoord. De raadsbrief daarover komt in het tweede kwartaal. Als onderdeel van ons nieuwe pakket luchtkwaliteitsmaatregelen "Utrecht kiest voor gezonde lucht" zijn wij van plan allerlei voorlichtingscampagnes te starten. Daar kunnen wij deze gevaren bij betrekken. Het antwoord op vraag 5. In de inleiding zei mevrouw Sasbrink dat zij concrete signalen heeft van mensen die klachten hebben bij gestapelde bouw. Als dat zo is, kunnen deze mensen contact opnemen met de buurtbeheerder van Mitros. Die zal ter plekke controleren.

De heer IŞIK (PvdA): Voorzitter! Een renovatieproject of een mutatie is het juiste moment om de woning van binnen goed te controleren. Is dit het moment dat de wethouder dit signaal aan Mitros en aan andere woningcorporaties doorgeeft? De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Dat lijkt mij een goede suggestie. Ook hierop kan men in het tweede kwartaal een reactie zien in de genoemde gesprekken die wij met de corporaties zullen voeren over het stoken van hout. Dit punt zal ook in de genoemde brief aan de orde komen. Mevrouw SASBRINK (PvdD): Voorzitter! Ik hoor de wethouder zeggen dat er houtkachels zijn, maar dat noch Mitros, noch de gemeente het aantal daarvan bijhoudt. Houtkachels leveren een gevaar op als de rookkanalen niet worden onderhouden en als de eigenaar van de woning daar geen zicht op heeft. Is de wethouder het met mij eens dat dit een urgent probleem is? Wij moeten het aanleggen van een houtkachel niet overlaten aan de huurders. Kan de wethouder daar met wat meer urgentie dan pas in het tweede kwartaal aandacht aan schenken? De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Wij hebben echt de corporaties nodig om met dit probleem aan de slag te kunnen gaan. Ik onderschrijf zeker de analyse van mevrouw Sasbrink. Als mensen zelf hun woning aanpassen, maar die niet goed onderhouden, kan dat een gevaar met zich meebrengen. Hetzelfde geldt ook voor andere aanpassingen.

Ik zal echt een gesprek met de corporaties moeten voeren over hoe zij dat waarderen en welke mogelijkheden zij zien om in actie te komen. Het is duidelijk dat ook de problematiek van de luchtkwaliteit daarbij meespeelt. Het gesprek zal echt eerder zijn dan pas in het tweede kwartaal. Dan krijgt de raad de raadsbrief. De medewerking van de corporaties is nodig om hiermee aan de slag te kunnen gaan. 6. Vragen van de heer Van der Zweth (PvdA) inzake catering in eigen dienst als crisismaatregel. De heer VAN DER ZWETH (PvdA): Voorzitter! De catering van de gemeente wordt door de coronacrisis hard geraakt. Vrijwel alle inkomsten zijn weggevallen nu massaal thuis wordt gewerkt. Voor de catering gebeurt dit midden in een aanbesteding, met grote onzekerheid voor het personeel als gevolg. Het is van groot belang dat het personeel het werk kan behouden. Om de aanbesteding in de huidige tijd enige kans van slagen te geven en om ervoor te zorgen dat de medewerkers in ieder geval op korte termijn hun werk behouden, zal het college voor € 480.000 garant staan. Dat is een hoog bedrag, dat beter kan worden besteed om het personeel in dienst te nemen en om zo voor de lange termijn werkzekerheid te garanderen. De huidige crisis toont aan waarom het personeel in eigen dienst moet komen.

Het college moet ten dienste van marktpartijen met tonnen garant gaan staan om te voorkomen dat mensen hun werk verliezen, maar dat levert alleen enige zekerheid op voor de korte termijn. Wat de PvdA-fractie betreft, moet nu worden gekozen voor de werkzekerheid van het personeel op langere termijn. Wij hebben daarover de volgende vragen.

7

Vragenuur van 7 januari 2021 1. 2.

3. 4.

Is het college ermee eens dat het personeel van de catering cruciaal is voor de gemeentelijke dienstverlening, onlosmakelijk is verbonden met de organisatie en dat het daarom gewoon directe collega’s moeten zijn? Is het college het met de PvdA-fractie eens dat het beter is om over te gaan tot een crisismaatregel om het personeel per direct zelf in dienst te nemen en om het budget van de garantstelling te benutten om het verschil in kosten te overbruggen? Momenteel is naar aanleiding van de ingetrokken actuele motie de toezegging gedaan dat "op een rij gezet zal worden hoe een scheiding tussen het inbesteden van het personeel en het aanbesteden van de producten van de catering kan worden geregeld". Deze toezegging was gepland voor eind juni 2020, maar is nog niet ontvangen. Hoe is het met deze toezegging gesteld? Is de wethouder het ermee eens dat dit een gemiste kans is, gezien de situatie van de catering op dit moment? Gezien de verstreken datum ligt de uitwerking van de toezegging ongetwijfeld klaar. Kan de wethouder toezeggen de gedane toezegging te betrekken bij het verder vormgeven van de crisismaatregel om het cateringpersoneel per direct zelf in dienst te nemen?

Mevrouw VOORTMAN (wethouder): Voorzitter! Er zijn vier vragen gesteld. De eerste vraag is of ik het standpunt deel dat het personeel van de catering cruciaal is voor de gemeentelijke dienstverlening. Ik ben dat inderdaad met de heer Van der Zweth eens. Dat is er precies de reden van waarom wij ons garant hebben gesteld om juist cateringmedewerkers deze zekerheid te bieden. Als de heer Van der Zweth vraagt of wij vinden dat catering inbesteed zou moeten worden, delen wij zijn standpunt niet, want wij hebben mede op aandringen van diverse fracties uiteraard gekozen voor de hoogst haalbare ambitie op maatschappelijk verantwoorde inkoopcriteria. Dat niveau kan een organisatie vrijwel niet halen. Wij hebben hierover vaker met elkaar gesproken. De expertise van de cateraars is echt noodzakelijk om de gestelde doelen te halen. Via de nieuwe aanbesteding zullen wij het aantal vaste banen bevorderen en vast personeel wordt conform de cao overgenomen door een eventueel nieuwe leverancier. Ook dat heb ik al eerder gezegd. Het antwoord op vraag 2. De heer Van der Zweth vraagt of wij als crisismaatregel niet beter personeel in dienst kunnen nemen, in plaats van garant te staan. Nee, want de garantstelling geldt alleen voor 2021. Het exacte bedrag is pas achteraf bekend en is sterk afhankelijk van de duur van de coronamaatregelen, die wij nu nog niet kunnen overzien.

Ondanks deze crisismaatregel staan wij nog steeds achter de keuze voor een externe dienstverlener. Dat sluit aan op het antwoord op vraag 1. De toezegging stond inderdaad voor juni 2020. In de commissievergadering M&S van december is bij de mededelingen aangegeven dat ik er in het eerste kwartaal van 2021 op terugkom. Ik kan niet toezeggen de gedane toezegging te betrekken bij het verder vormgeven van de crisismaatregel om het cateringpersoneel per direct zelf in dienst te nemen. Ik heb wel al eerder toegezegd in het laatste kwartaal van 2022 op dit onderwerp terug te komen, ruim vóór het eerste beslismoment over het al dan niet verlengen na de eerste termijn van het aankomende cateringcontract. Dit contract loopt initieel van 3 mei 2021 tot en met 2 mei 2024. De heer VAN DER ZWETH (PvdA): Voorzitter! Wij kennen het bezwaar van de wethouder, maar juist om die reden hebben wij gevraagd om een toezegging om het onderscheid in beeld te brengen. Dat is driekwart jaar vertraagd. Wij denken nu toch dat wij misschien een uitspraak van de raad moeten vragen. Kan de wethouder toezeggen dat wij uiterlijk op 19 januari a.s. die uitwerking krijgen? Dat is meer dan een halfjaar later dan oorspronkelijk is gepland. Dan kunnen wij dit betrekken bij de eerstvolgende raadsvergadering, mochten wij over dit punt een besluit nemen. Dan kunnen wij dat besluit goed geïnformeerd nemen.

Mevrouw VOORTMAN (wethouder): Voorzitter! De heer Van der Zweth vraagt mij of ik iets al binnen twaalf dagen kan leveren, terwijl ik heb gezegd dat ik dat pas in het eerste kwartaal van 2021 zal doen. Het eerste kwartaal van 2021 is al krap. Binnen twaalf dagen leveren, zal niet lukken. Dat spijt mij. 7. Vragen van mevrouw Admiraal (ChristenUnie), mevrouw Podt (D66), de heer Dekkers, (GroenLinks), mevrouw Assen (PvdA), mevrouw Van Mill (Student & Starter) en de heer Sungur, (Denk) inzake Van Nationaliteit Onbekend naar Staatloos: voor Denny en vele anderen.

8

Vragenuur van 7 januari 2021 Mevrouw ADMIRAAL (ChristenUnie): Voorzitter! Op 5 november jl. hebben wij, samen met veel andere raadsfracties, gevraagd hoe het er met de uitvoering van de actuele motie van 1 november 2018 voorstaat. In deze motie roepen wij het college op om maximaal gebruik te maken van de uitvoeringsruimte rond het vaststellen van de status "stateloos". Het college heeft toegezegd om hulp te bieden aan de personen die in deze papierwinkel zonder uitzicht belanden. Helaas hebben wij moeten constateren dat er bepaald geen vaart zit in het uitvoeren van de genoemde motie. Dit blijkt uit de antwoorden van het college op de mondelinge vragen van 5 november jl. Zo is het aantal omzettingen van "nationaliteit onbekend" naar "stateloos" op de vingers van één hand te tellen en lijkt het aantal personen in de stad met de status "nationaliteit onbekend" alleen maar te groeien. Daarnaast kregen wij op 29 december jl. berichten over Denny, die in 2010 in Utrecht is geboren als zoon van een 21-jarige vrouw uit China. Doordat de moeder in China door haar ouders in de steek is gelaten, vervolgens naar Nederland is gesmokkeld en is gedwongen om in de prostitutie te werken, heeft zij het Chinese staatsburgerschap niet en kan zij ook niet bewijzen welke nationaliteit haar zoon heeft. Denny heeft de status "nationaliteit onbekend". Daarom hebben de fracties de volgende vragen. 1.

Wat is de verklaring van het college voor het feit dat sinds de motie is aangenomen nog maar bij drie mensen de status "nationaliteit onbekend" is veranderd in "stateloos", terwijl op 5 november jl. in antwoord op mondelinge vragen is gezegd dat er nog ruim 1.000 andere mensen in Utrecht zijn met een onbekende nationaliteit. Dat zijn mensen waarvan allang duidelijk is dat zij door geen enkel land als onderdaan worden erkend. Zij kunnen daarvan zelf geen bewijzen verzamelen, zodat zij tussen de wal en het schip vallen. 2. Welke verklaring heeft het college voor het verschijnsel dat juist in de mensenrechtenstad Utrecht het uitvoeren van deze motie erg traag verloopt? 3. Wat doet de gemeente Utrecht om te helpen bij het verzamelen van bewijzen en om deze verantwoordelijkheid niet alleen bij de persoon met de status "nationaliteit onbekend" neer te leggen en zeker niet in gevallen waar het een kind betreft? 4. Heeft het college zicht op het aantal kinderen in Utrecht met de status "nationaliteit onbekend"? 5. Is het college bereid om de raad driemaandelijks een beknopte update te geven van de voortgang van de motie? Het mensenrechtencomité van de VN eist terecht dat Denny recht moet worden gedaan door hem in te schrijven als stateloos of als Nederlander. 6. Hoe zal het college recht doen aan de situatie van Denny en zijn moeder en op welke termijn zal dat zijn? 7.

In het kader van het gelijkheidsbeginsel moeten gelijke gevallen gelijk worden behandeld. Zal het college de uitspraak van het VN-mensenrechtencomité toepassen op vergelijkbare situaties? Hoe zal het dit doen? De heer VAN OOIJEN (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen. De vragen zullen mede namens de burgemeester worden beantwoord. Het antwoord op de vragen 1 en 2. Zoals bekend, willen wij schrijnende situaties voorkomen. Wij doen ons uiterste best om de uitvoeringsruimte die er is in te vullen. Deze uitvoeringsruimte is helaas beperkt, omdat de gemeente op dit terrein geen beleidsvrijheid heeft. Desondanks wil de gemeente Utrecht helpen bij het vinden van oplossingsrichtingen, alternatieve documenten en mogelijk bevoegde instanties die kunnen bewijzen dat de betrokken persoon stateloos is. Hierbij speelt de door de gemeente Utrecht geïnitieerde landelijke expertgroep een belangrijke rol. De landelijke expertgroep wordt gevormd door vertegenwoordigers van UNHCR, ASKV, advocaten, experts van universiteiten en kennisinstellingen, IND, NVVB en verscheidene andere gemeenten, waaronder ook de G4. Wij doen er alles aan om langs de inhoud, waar voor specifieke doelgroepen nog rek is, die rek in te vullen en om daarmee in concrete gevallen staatloosheid aan te tonen.

Waar sprake is van nieuwe dan wel van een hernieuwde beoordeling van staatloosheid, hebben wij vanwege juridische belemmeringen de afgelopen jaren drie zaken kunnen herleiden naar de status "stateloos". Ik ga daarover graag met u in gesprek. Dat punt zal ik dadelijk toelichten. Wij hopen verder vooral dat de landelijke wetgeving, met bijbehorende vaststellingsprocedure staatloosheid door een gespecialiseerde rechtbank, versneld wordt aangenomen door de Tweede Kamer, zodat er landelijk meer uniformiteit en gelijkheid van behandeling ontstaat. Dit was een lang antwoord, maar dat is de complexiteit van de casuïstiek. Het antwoord op vraag 3. Wij onderzoeken of er in het buitenland instanties zijn die, als er geen bewijs of verklaring kan worden geleverd, een alternatief document kunnen leveren dat als bewijs kan dienen. Op verzoek benaderen wij ook de ambassade. Let wel: de primaire bewijslast

9

Vragenuur van 7 januari 2021 blijft liggen bij de burger. De afgelopen jaren hebben wij door overleg met de ketenpartners en de genoemde expertgroep steeds meer kennis vergaard over de diverse doelgroepen binnen de staatlozen en de problemen waar zij tegenaan lopen. Deze expertise zetten wij in bij alle dossiers die zich voordoen. Het antwoord op vraag 4. Ja, het college heeft zicht op dit aantal. Dat zijn er 249 per 1 januari 2021. Wij willen voorstellen dat wij in april of mei 2021 de raad schriftelijk informeren over de laatste stand van zaken op basis waarvan de raad de mogelijkheid heeft om een raadsinformatiebijeenkomst te organiseren. Er is dan ook de mogelijkheid om dieper op alle gemeentelijke activiteiten en de landelijke ontwikkelingen in te gaan. Op basis daarvan kunnen wij nadere afspraken maken over de gewenste periodieke voortgang en informatie op dit dossier. Het antwoord op vraag 5. In het nieuws is niet alle informatie naar voren gekomen. Dat is logisch, want er is sprake van een verkorte versie, maar op hoofdlijnen kan ik het volgende melden. Het kind is in 2010 in Utrecht geboren. Het heeft inderdaad de status "nationaliteit onbekend" gekregen omdat niet kon worden bewezen dat het stateloos was. Het antwoord op vraag 6. In 2013 heeft de Gemeente Utrecht van de Raad van State hiervan een bevestiging gekregen.

Inmiddels is de status echter gewijzigd - gelukkig - naar de Chinese nationaliteit. De moeder en het kind hebben dus geen recht op de status "stateloos" of op de Nederlandse nationaliteit. Dit is aangetoond via het door de moeder overleggen van brondocumenten. Beide personen wonen sinds 2013 niet meer in Utrecht. Daarmee is de casus gesloten. Het antwoord op vraag 7. Zoals gezegd, zoeken wij zo veel mogelijk de rek op in de uitvoering van het beleid. Om die reden willen wij zo veel mogelijk kennis delen via de landelijke expertgroep. Dit zorgt er echter niet voor dat alle gevallen in het land gelijk worden behandeld. Wij kijken met smart uit naar het aannemen van het wetsvoorstel Vaststellingsprocedure staatloosheid die recent bij de Tweede Kamer is ingediend. Hierdoor zal het vaststellen van staatloosheid door een gespecialiseerde rechtbank in Den Haag plaatsvinden. Dit komt de door ons gewenste uniformiteit en centralisering van de kennis ten goede. Eén rechtbank en één procedure. Mevrouw PODT (D66): Voorzitter! De wethouder zegt dat er wordt geholpen bij het zoeken naar documenten, maar dat de belangrijkste bewijslast bij de burger blijft liggen. Ik kan mij herinneren dat dit in de eerdere raadsinformatiebijeenkomst - één of anderhalf jaar geleden - echt een punt was waarover lang is gesproken. Men zei dit echt heel ingewikkeld te vinden, een echte bottleneck.

Als de mensen dit zelf konden, waren ze waarschijnlijk niet in deze situatie terechtgekomen. Ik zoek naar meer informatie over wat de gemeente precies doet en of wij hier niet alleen de beleidsruimte nemen, maar ook de capaciteitsruimte en alle mogelijkheden die er zijn om mensen hierbij te helpen. De heer VAN OOIJEN (wethouder): Voorzitter! Dank voor deze vraag. Op dit moment bekijken wij of ook in gevallen dat niet direct een document kan worden geleverd er een alternatief document is dat als bewijs kan dienen voor de status "stateloos", want daar gaat het om. Wij kunnen op verzoek daartoe een ambassade benaderen. Dat is een rol die wij naar ons toe trekken. Wij bespreken dit soort dingen ook met de kennisgroep om te bekijken wat wij dan wél kunnen doen. De expertgroep die wij hebben geïnitieerd en opgezet, speelt voor ons echt een belangrijke rol om ons werk goed te kunnen doen. Ik stel voor dat ik in de brief die ik heb toegezegd voor april of mei op dit onderwerp uitvoeriger inga. Dan kunnen wij ook bekijken of daar nog meer mogelijkheden zijn dan wij tot nog toe hebben gezien. Als men daar suggesties voor heeft, ben ik daar erg benieuwd naar, maar wat wij doen, is zeker niet niks.

De heer DEKKERS (GroenLinks): Voorzitter! Als wij worden geïnformeerd over wat er gebeurt, kan dan ook worden gezegd in hoeveel gevallen de gemeente het initiatief neemt om tot verandering van status over te gaan? Als wij het nemen van initiatieven alleen overlaten aan de mensen zelf en hun ook de verantwoordelijkheid voor het vinden van documenten opleggen, zullen wij niet erg hard vooruitgaan. De heer VAN OOIJEN (wethouder): Voorzitter! Het initiatief om een verandering te bewerkstelligen ligt in het algemeen bij de inwoners zelf. Zij zullen in elk geval hun vinger moeten

10

Vragenuur van 7 januari 2021 opsteken en zeggen te vinden dat er sprake is van een verkeerde administratie. Het initiatief ligt in eerste instantie bij de inwoners. Wij proberen wel te bekijken wat wij zelf kunnen doen bij het vergaren van de bewijslast. Het gaat grosso modo om duizend mensen. Wij gaan die niet allemaal af om te bekijken of men nog steeds correct is geregistreerd. Daartoe ligt het initiatief primair bij de inwoner zelf. Iets anders is het moment waarop iemand wordt geregistreerd. Dat is een moment waarop wij moeten voorkomen dat door het maken van te snelle overwegingen wordt overgegaan tot het registreren van "nationaliteit onbekend". Dat is een andere categorie. Mevrouw ASSEN (PvdA): Voorzitter! Kan de wethouder toezeggen dat de status "ongedocumenteerd" geen rol speelt bij het toegediend krijgen van het coronavaccin? De heer VAN OOIJEN (wethouder): Voorzitter! Ik kom hierop later terug. Deze mensen hebben wel een status in Nederland. Dat is belangrijk. Zij zijn geregistreerd in de BRP. Zij zijn inwoners van dit land. Het is alleen de vraag welke nationaliteit zijn hebben. Ik kan de vraag van mevrouw Assen nu niet beantwoorden, maar ik kom erop terug. De VOORZITTER: Dames en heren! Ik stel voor dat dit punt wordt betrokken bij een coronabrief. Het is een coronagerelateerd onderwerp. De heer VAN OOIJEN (wethouder): Voorzitter! Ja.

Ik zal dat vooral doen voor de ongedocumenteerden. Ik denk dat dit voor hen lastiger is dan voor deze groep. Mevrouw ADMIRAAL (ChristenUnie): Voorzitter! Ik heb een vraag over de expertgroep. Wordt generiek informatie gevraagd, of worden individuele casussen bekeken? De heer VAN OOIJEN (wethouder): Voorzitter! Het bespreken van individuele casuïstiek gaat gepaard met allerlei regels inzake privacy. Dat is niet zo eenvoudig. Wij betrekken de expertgroep zeer actief, ook in combinatie met andere gemeenten. Soms kunnen wij problemen oplossen als wij meer weten over de achtergrond van een persoon. De VOORZITTER: Dames en heren, dit was de laatste vraag van het vragenuur. Ik dank de indieners van de vragen. De voorzitter sluit hierna, te 17.54 uur, het vragenuur.

{{Signer1}}

{{Signer2}}

11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=68dd5530-b990-495a-a479-02026515db89