CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

20201210 vragenuur.doc

Gemeenteraad 21 januari 2021, gemeente UtrechtBij agendapunt: Notulen Vragenuur 10 december 20207.011 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

2020 NOTULEN VRAGENUUR Vragenuur – 10 december 2020 Vragenuur, gehouden op donderdag 10 december 2020 te 17.00 uur. Het vragenuur vindt in verband met de coronamaatregelen niet plaats in de raadszaal, maar digitaal. Voorzitter: de heer Wijmenga. Aan het digitale vragenuur nemen deel de leden: Assen, Van Corler, Deldjou Fard, Gilissen, Işik, Koning, Schilderman, Schreuder en Virginia. Voorts neemt deel de fractiemedewerkers: De Boer-Kreeft, Bosse, Van Mil en Snippe. Namens het college nemen deel de wethouders: Diepeveen, Eerenberg, Van Hooijdonk, Klein en Verschuure. Griffier: de heer Lith. Opening van het vragenuur. De VOORZITTER: Dames en heren! Welkom allemaal bij het vragenuur op donderdag 10 december 2020, het laatste vragenuur van dit jaar. Er zullen negen mondeling gestelde vragen aan de orde komen. De laatste twee vragen gaan over hetzelfde onderwerp. Die worden gebundeld beantwoord. 1. Vragen van de heer Schreuder (D66) inzake is ons gasnetwerk lek? De heer SCHREUDER (D66) voorzitter! Onderzoekers van de Universiteit Utrecht hebben in een busje zo’n 1.300 km door Utrecht gereden om met geavanceerde meetapparatuur in kaart te brengen hoe het met ons aardgasnetwerk is gesteld. De onderzoekers vonden 81 methaanbronnen waarvan twee derde wordt veroorzaakt door lekkages in de gasleidingen.

Naar schatting gaat door gaslekken alleen al in Utrecht per jaar 120 ton methaan verloren. Dit is te lezen in de publicaties in DUIC en in Atmospheric Chemistry Physics, waarin ook onderstaande kaart is te vinden. In DUIC staat: "De gasbedrijven waren verbaasd over het veel grotere aantal mogelijke gaslekken dat wij met onze meetmethode kunnen detecteren", aldus de hoofdonderzoeker, "zij zien kleine signalen vaak als vals alarm, maar wij zijn ervan overtuigd dat het daadwerkelijk kleine gaslekken zijn." De D66-fractie stelt de volgende vragen. 1. Is het college bekend met het uitgevoerde onderzoek en de resultaten hiervan? 2. Hoe verhoudt zich dit tot het onderzoek door netbeheerder Stedin? Is de bestaande wijze van meten en monitoren adequaat? Is er aanleiding om hierop vaker alternatieve metingen te laten uitvoeren? 3. Wat zeggen de uitkomsten over de staat waarin de gasleidingen verkeren? Kan Stedin de kwaliteit hiervan nog steeds garanderen? Is het nodig om vervangingen naar voren te halen? 4. Is de veiligheid en/of gezondheid van mens, dier en natuur in gevaar geweest? 5. Heeft dit nog mogelijke gevolgen voor de planning in de wijkuitvoeringsplannen van de transitievisie warmte? 6. Is het college bereid om met Stedin afspraken te maken over hoe de verspilling van methaan in Utrecht tegen te gaan?

Vragenuur van 10 december 2020 De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! Ik dank de heer Schreuder voor zijn vragen. Ik zal die beantwoorden mede namens mijn collega Van Hooijdonk. Het antwoord op vraag 1. Via berichten in de media hebben wij kennisgenomen van dit onderzoek en de resultaten ervan, dus niet op een andere wijze. Het antwoord op de vragen 2 en 3. Naar aanleiding van de vragen en de publiciteit hebben wij contact opgenomen met Stedin. Stedin zegt dat het netwerk veilig is en regelmatig wordt gecontroleerd en onderhouden. De raad heeft bij de beantwoording van schriftelijke vraag 140 uit 2019 en de raadsbrief van 20 december 2019 informatie ontvangen over de versnelde vervanging van brosse gasleidingen door Stedin. Stedin heeft op basis van adviezen van het staatstoezicht op de mijnen het gasleidingnetwerk in Utrecht onderzocht en de conclusie getrokken dat de leidingen moeten worden vervangen. Met de versnelde vervanging van die brosse leidingen zal het verloren gaan en het lekken van methaan in snel tempo worden teruggedrongen. Er is een verband. Stedin zegt preventief en periodiek het hele gasnetwerk te controleren. Bij die controles worden lekkages in de leidingen opgespoord en verholpen voordat ze een veiligheidsrisico vormen. De inspectiemethodiek is vastgelegd in een NEN-norm.

Het Staatstoezicht op de Mijnen houdt toezicht op de regionale netbeheerders van gasnetten. Bij het toezicht ligt de nadruk op de veiligheid van het netwerk en ook op die van de gasmeter en het gas. In het onderzoek van de universiteit worden methaanconcentraties gevonden die onder de signaalwaarden van Stedin liggen. Als er lekkages zijn die boven de signaalwaarde uitkomen, dan worden die door Stedin tijdig door middel van periodiek zoeken gevonden en hersteld. Het antwoord op vraag 4. Er is geen sprake van een verhoogd risico geweest. Het antwoord op vraag 5. De wijkuitvoeringsplannen voor de transitievisie Warmte moeten nog worden opgesteld met de belanghebbenden in de wijk. Dat gebeurt nadat de raad de transitievisie Warmte in 2021 heeft goedgekeurd. Als door Stedin een lek is gedetecteerd, wordt dat terstond gerepareerd. De reparatie van lekken gaat veel sneller dan de termijn van de wijkuitvoeringsplannen. In zoverre hebben de reparaties geen invloed op de planning. Het antwoord op vraag 6. De gemeente en Stedin hebben een samenwerkingsovereenkomst waarin jaarlijks een activiteitenplan wordt opgesteld. Voor brosse leidingen zijn aparte afspraken gemaakt om ze, uiterlijk in 2028, te vervangen. Dat houdt in dat wij vervangingswerkzaamheden met Stedin afstemmen om die waar mogelijk te combineren met andere werkzaamheden, zoals bijvoorbeeld werkzaamheden aan het riool.

De prioriteitenlijst van brosse leidingen is opgelegd door de toezichthouder Staatstoezicht op de mijnen. De heer SCHREUDER (D66) Voorzitter! Ik begrijp dat volgens standaarden wordt gemeten. Ik vraag mij af of die standaard hoog genoeg is. Blijkbaar leidt een standaard ertoe dat er een verschil van inzicht ontstaat tussen de universiteit en Stedin. Volgt de gemeente alleen de standaard, of heeft ze zelf bekeken of die hoog genoeg is? De heer DIEPEVEEN (wethouder): Voorzitter! Ik heb gezegd dat de meetmethode van Stedin aanhaakt bij de signaalwaarde en dat de fijngevoelige apparatuur van de universiteit ook meet onder die signaalwaarde. De gemeente verlaat zich op het staatstoezicht en ook op de NEN-norm die Stedin hanteert. 2. Vragen van mevrouw Deldjou Fard (GroenLinks), mevrouw Van Mil (Student & Starter) en mevrouw Sasbrink (PvdD) inzake Coronaproof cultuurprojecten van Utrechtse Makers! Waar en wanneer? Mevrouw DELDJOU FARD (GroenLinks): Voorzitter! Op verzoek van de raad zijn de voorwaarden van Impulssubsidie cultuur in 2020 versoepeld. Dit geeft de Utrechtse Makers de kans om ook tijdens de coronacrisis cultuur te blijven maken en Utrechters de mogelijkheid om ook nu te blijven genieten van kunst en cultuur.

Tijdens de behandeling van de programmabegroting deed wethouder Klein de GroenLinks-fractie de toezegging de versoepelde voorwaarden nogmaals door te zetten tot juli 2021. Dat is mooi nieuws voor de Utrechtse Makers en voor de stad. Utrechtse Makers die vanwege corona minder werk hebben, kunnen op deze manier toch nog wat bijverdienen en Utrechters kunnen blijven genieten van kleinschalige, wijkgerichte en coronaproof projecten. Echter, dan moeten de Utrechters wel weten dat deze projecten er zijn. Afgelopen week bezochten wij één van deze projecten en vingen het signaal op dat ze voor de stad nog niet genoeg zichtbaar zijn om goed te worden bezocht. Dat vinden de ondertekenende fracties spijtig. In gesprek met de Makers stellen de deelnemende fracties de volgende vragen.

2

Vragenuur van 10 december 2020 1.

2. 3.

Onafhankelijke (jonge) Makers hebben – in tegenstelling tot grotere instellingen – geen marketing en communicatiemedewerkers. Is het college bereid om in gesprek te gaan met Utrecht Marketing over hoe de projecten van Makers, die gebruikmaken van impulssubsidie, via Utrecht Marketing meer zichtbaar kunnen maken? Denk aan de UIT-agenda of aan andere kanalen. De Makers hebben zelf het idee geopperd om met de lokale horeca samen te werken. Is het college bereid om de Makers die gebruikmaken van impulssubsidie te verbinden met vertegenwoordigers van de horecaondernemers, zoals CMU? Welke andere kansen ziet de wethouder om de projecten die gemaakt zijn met de impulssubsidie in de stad meer zichtbaar te maken?

Mevrouw KLEIN (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen. Het antwoord op vraag 1. Aandacht voor makers is en blijft belangrijk. De impulssubsidies zijn voor een groot gedeelte bedoeld om de creatieve en verfrissende manier van marketing en communicatie te stimuleren bij de makers zelf. Ook professionalisering is daarin vervat. De aanvragen zijn daarop beoordeeld. Het budget voor marketing en communicatie wordt dan meegefinancierd als deel van een begroting. De zichtbaarheid in de stad per project is aan de maker zelf, die als beste weet hoe dat per project kan worden gedaan. De gemeente kan daarbij helpen. Wij hebben daarom afspraken gemaakt met Utrecht Marketing om een blik te kunnen werpen op de Utrechtse makers, ook op de jonge en beginnende. Als ik de meest actuele editie van de uitagenda bekijk, wordt daarin ook de voorstelling "Dronken Deliriumdagen" van Daan van Bendegem uitgelicht. Ook het artikel " Wat doe jij nou" gaat over Utrechtse makers in de coronatijd. Daar is aandacht voor, maar het kan nooit kwaad om daar wat meer de schijnwerpers op te zetten. Het antwoord op vraag 2. Samenwerking met de horeca kunnen wij alleen maar toejuichen. Er is veel aan de hand. Veel hoofden zullen staan naar crisismanagement. Als de Makers niet met hen in contact komen, kunnen wij daarbij helpen. Het antwoord op vraag 3.

Ik wil benadrukken dat binnen de impulssubsidies ook de makers zelf een rol hebben. Dat is juist voor het uitbouwen van hun verdere werkzaamheden belangrijk. De gemeente kan via haar eigen kanalen over projecten communiceren die via een impulssubsidie tot stand zijn gekomen. Ik wil benadrukken dat het alle hens aan dek is, ook bij de afdeling Culturele Zaken, om de crisis te bestrijden. Maar ik wil niet de verwachting wekken dat er onbeperkte mogelijkheden zijn. Mevrouw DELDJOU FARD (GroenLinks): Voorzitter! Ik dank de wethouder voor de mooie beantwoording. De wethouder zegt dat Utrecht Marketing voor een aantal Makers de communicatie moet doen via de uitagenda. De wethouder zegt dat het mooi is dat dit voor meer Makers bedoeld is. Waar kunnen Makers zich melden? Mevrouw KLEIN (wethouder): Voorzitter! Ik neem aan dat die de weg naar Utrecht Marketing kunnen vinden. Als zij bepaalde zaken onder de aandacht willen brengen, kan dat ook via de sociale media. Dat is een goede manier om aandacht te krijgen. Het is ook slim om dat breder te doen, dus om na te gaan welke andere netwerken er zijn. 3. Vragen van mevrouw Snippe (PvdD) inzake Geen kapvergunning verlenen in tegenspraak met bestemmingsplan.

Mevrouw SNIPPE (PvdD): Voorzitter! Recent blijkt een vergunning (WABO-20-38247) te zijn aangevraagd om een van de monumentale populieren bij het nieuwbouwplan van Mitros aan de Dickensplaats te kappen. De gemeenteraad heeft een bestemmingsplan voor het bouwplan Dickensplaats vastgesteld op basis van de afweging dat de monumentale populieren op deze locatie daarvoor niet gekapt hoefden te worden. Ook de aanvrager had deze intentie en heeft diverse onderzoeken laten doen waaruit bleek dat deze bomen behouden konden blijven. Nu ineens - 2 jaar later - blijkt dat men toch dusdanig dicht bij één van de bomen wenst te bouwen dat deze boom in de weg zou staan omdat de nieuwbouw andere fundering heeft. Buurtbewoners en de Bewonersgroep Bomen Oog in Al zijn volgens de PvdD-fractie terecht boos. 1. Zijn er, naast dit onverwachte plan voor deze monumentale populier, plannen om voor dit bouwplan nog meer bomen te kappen?

3

Vragenuur van 10 december 2020 2. Is het college het met de PvdD-fractie eens dat deze populier niet alleen onmisbaar is voor biodiversiteit en klimaat, maar ook voor de beleving en het historische karakter van Oog in Al? 3. In de aanvraag staat erg stellig dat het bouwplan niet kan wijken. Is het college het met de PvdDfractie eens dat dit een verkeerde manier van denken is? De bóóm mag niet wijken en daarmee dient er omheen te worden gebouwd. Kan het college toezeggen om de gevraagde velvergunning te weigeren, met als redenen - onder meer - dat deze boom te waardevol is en dat in het bestemmingsplan staat dat deze bomen blijven staan? 4. Kan het college met de aanvrager overleggen om te bespreken hoe de gemeente de aanvrager kan steunen bij het aanpassen van het bouwplan omdat deze en de andere populieren behouden moeten blijven? 5. Komt het vaker voor dat kapvergunningen worden aangevraagd voor bomen waarvan in een bestemmingsplan expliciet stond dat ze blijven staan? En zo ja, informeert het college daarover dan de raad? Zo nee, waarom niet? Kan dit voortaan wél gebeuren? 6. Hoe voorkomt het college in de toekomst dat vanwege inschattingsfouten geen velvergunningen meer worden aangevraagd? De heer VERSCHUURE (wethouder): Voorzitter! Gevraagd wordt of nog meer bomen worden gekapt. Het antwoord is: nee.

Het betreft hier overigens geen monumentale boom, maar wel een beeldbepalende boom. Dat is iets anders. Gevraagd wordt ook of ik het ermee eens ben dat de boom niet alleen onmisbaar is voor biodiversiteit en klimaat, maar ook voor de beleving en het historische karakter van Oog in Al. De waarde van de boom komt voort uit zijn ouderdom. De waarde van de boom is hoog. De grootte en de vorm van de bomen op het binnenplein bepalen het beeld. Ze hebben een duidelijke invloed op de ruimtelijke waarde. Het gaat echter om het verwijderen van maar één boom. Hoe vervelend het ook is, verandert het kappen van één boom niet de totale biodiversiteit en het klimaat van het gebied. Er zullen ernaast 34 nieuwe bomen worden geplant, waardoor het verval zal herstellen en mogelijk zal verbeteren. Nogal stellig wordt gevraagd of het bouwplan niet kan wijken. Bij de planvorming is natuurlijk heel zorgvuldig onderzoek gedaan naar het behoud van de zes populieren. Op basis van de metingen en het advies was behoud mogelijk. Dat was geborgd in het bestemmingsplan. Bij de bouwput is nogmaals een meting gedaan. Uit onderzoek naar de wortels blijkt dat de boom en de wortels te diep in de richting van de geplande bebouwing staan. Als de boom blijft staan, wordt de levensvatbaarheid waarschijnlijk bedreigd. Die zou dan kunnen terugvallen tot vijf jaar.

Op basis van deze omstandigheden en inzichten moeten wij de afweging maken hoe wij hiermee omgaan. Gevraagd wordt of wij in overleg kunnen gaan. Het bouwplan is op dit moment in uitvoering. Het aanpassen daarvan zou veel impact hebben voor de loop van de bouw. Mochten wij besluiten tot het verlenen van de kapvergunning en mocht het kappen doorgaan, dan moet er extra compensatie plaatsvinden, maar die beslissing is nog niet genomen. Wij zullen daarbij het advies van een ecoloog betrekken, bijvoorbeeld om in het gebied een zwaardere boom terug te plaatsen. Gevraagd wordt of het vaker gebeurt dat kapvergunningen worden aangevraagd voor bomen waarvan in het bestemmingsplan expliciet stond dat die konden blijven staan. Helaas is dat niet uit te sluiten, omdat men tijdens de bouw tot nieuwe inzichten kan komen. Wij streven er altijd naar om zoveel mogelijk bomen te behouden, maar er is altijd een disclaimer bij dat het soms kan gebeuren, dat daarvan moet worden afgeweken. Als een aanvraag om bomen te vellen direct valt te herleiden, dan zullen wij de raad daarover schriftelijk informeren, zo ook in dit geval. Van tevoren is niet te zeggen of dit nooit meer zal gebeuren. Er kunnen inschattingsfouten worden gemaakt en er kan informatie ontbreken. De velvergunning komt via de procedures pas in januari a.s. bij het college. Ik heb die nog niet gezien.

De heer VIRGINIA (GroenLinks): Voorzitter! Hoe wordt de raad geïnformeerd als dit soort zaken vaker voorkomt? Uitsluiten is niet mogelijk. Ik wil graag worden geïnformeerd als wordt afgeweken van het bestemmingsplan, als daar zoiets expliciet in staat. De heer VERSCHUURE (wethouder): Voorzitter! Ik denk het wel. Volgens mij probeerde ik zojuist antwoord op deze vraag te geven. Als een boom niet mag worden geveld omdat men die wil behouden en direct is te herleiden tot een bestemmingsplan, dan is het heel netjes om de raad daarover te informeren. Mochten wij besluiten de vergunning te verlenen, dan zullen wij dat doen.

4

Vragenuur van 10 december 2020 Mevrouw SNIPPE (PvdD): Voorzitter! Bedankt voor de beantwoording. De wethouder zegt dat de raad wordt geïnformeerd als dit zich in de toekomst opnieuw voordoet. Is de wethouder bereid om in plaats van de raad te informeren, zelf al eerder actie te ondernemen om te zien of de bouwplannen kunnen worden aangepast? De heer VERSCHUURE (wethouder): Voorzitter! Hier spelen verschillende belangen een rol. Er is woningnood. Wij willen dit gebied graag mooi ontwikkelen. Wij houden rekening met een heleboel inpassingeisen. Een van de belangrijke punten is het behoud van mooie en beeldbepalende bomen die ook ecologisch van groot belang zijn. Een ander belang is het bouwen van veel woningen. Wij spreken met elkaar af dat in eerste aanleg zoveel mogelijk bomen worden behouden, maar als dat niet kan, compenseren wij. Hetzelfde gebeurt met de onderhavige boom. Gaandeweg blijkt dat de wortelstructuur zodanig is dat de boom in gevaar komt. De boom kan in deze fase lastig worden ingepast. Het besluit moet nog worden genomen. Als het besluit wordt genomen om de kapvergunning te verlenen, zal daar ook een compensatie voor moeten komen. Het aanpassen van het bouwplan kan niet zomaar worden gedaan. 4. Vragen van mevrouw Schilderman (D66) inzake Verwijdering van bankjes Achter Sint Pieter en Pieterskerkhof.

Mevrouw SCHILDERMAN (D66): Voorzitter! Via sociale media werd de D66-fractie erop gewezen dat er opnieuw bankjes zijn verdwenen. De D66-fractie vindt het opmerkelijk dat bankjes uit parken worden verwijderd, zeker gezien het feit dat dit onderwerp al eerder aan de kaak is gesteld. Liever zien wij dat een oplossing voor de overlast wordt gezocht en niet dat het probleem door het verwijderen van bankjes wordt verschoven. Daarbij verbaast het de D66-fractie dat de gemeente bankjes verwijdert terwijl Utrecht juist een toegankelijke stad wil zijn. Mensen die slecht ter been zijn en mensen die thuis wellicht geen plek hebben om buiten te zitten, willen soms graag in parken op een bankje zitten. Eerder heeft het college, op vragen van de D66-fractie, gezegd dat er tussen de bankjes geen grote afstand moet zijn. De verwijdering van de bankjes op Achter Sint Pieter en op het Pieterskerkhof roept bij de D66-fractie de volgende vragen op. 1. Kan het college zeggen wat er de reden van is dat bankjes worden verwijderd? Is dat vanwege de overlast? 2. Denkt de gemeente dat de overlast hiermee is opgelost? 3. Klopt het dat de bankjes niet meer worden teruggezet? 4. Kan het college zeggen hoe deze aanpak rijmt met het zijn van een toegankelijke stad? 5. Kan het college zeggen hoe het voldoende zitmogelijkheden wil creëren? 6.

Is het college het met de D66-fractie eens dat de overlast zelf moet worden opgelost? 7. Is het college bereid om daartoe maatregelen te nemen en zo ja, welke? 8. Is het college bereid om de bankjes niet langer te verwijderen? 9. Hoe denkt het college over een eventuele herplaatsplicht voor bankjes? Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! De locoburgemeester mag de vragen namens de burgemeester beantwoorden en ook namens wethouder Diepeveen, die inderdaad is betrokken bij het beheer van de openbare ruimte. Ik waardeer de vragen zeer. Hou het scherp. Het is een gedeelde missie om ervoor te zorgen dat er in de stad voldoende bankjes blijven. Dit geval betreft een bankje dat in de zomer van 2019 is weggehaald, nog vóór de motie van onder andere de D66-fractie is ingediend. Dat gebeurde omdat er aanhoudende overlast was die mensen van hun slaap beroofde. In dergelijke gevallen is het verwijderen van bankjes niet de eerste stap die wij zetten. Het is het laatste middel tegen overlast dat wij hebben. Wij gebruiken dat middel zo weinig mogelijk. Wij hebben de raad een brief gestuurd over het geval dat mevrouw Schilderman noemt. Daarin staat een inschatting van hoe vaak dit gebeurt. In dit concrete geval is de overlast verdwenen.

Het verwijderen van het bankje heeft geholpen, maar ik ben het helemaal met mevrouw Schilderman eens dat dit een onderdeel moet zijn van een bredere aanpak. Vanwege de locatie, die in dit geval ongelukkig was, wordt het bankje niet teruggeplaatst. Wij proberen echter veel bankjes te plaatsen, zeker om de toegankelijkheid te verbeteren. Mevrouw Schilderman zei hetzelfde. Wij proberen

5

Vragenuur van 10 december 2020 ervoor te zorgen dat de bankjes komen te staan op sociaal veilige plekken en niet tot overlast kunnen leiden. Wij zijn door de raad uitgedaagd om op meer plekken bankjes te plaatsen en om dat te doen in overleg met ouderen. Het afgelopen jaar was daar niet het meest gelukkige jaar voor. Het overleg met ouderen heeft daarom wat vertraging opgelopen. Echter, de mensen kunnen onverminderd vaak bankjes aanvragen. Ook ondernemers kunnen in veel gevallen een bankje voor hun bedrijf neerzetten. Wij zijn het met de D66-fractie eens dat dit punt nooit het enige element van de aanpak kan zijn. Het verwijderen moet de laatste stap zijn en moet zo weinig mogelijk gebeuren. Als herplaatsing kan, doen wij dat graag. Wij hergebruiken bankjes sowieso. De lijn van in principe niet weghalen, maar dat alleen te doen als het niet anders kan en altijd alleen als laatste stap, zullen wij in de gemeentelijke organisatie nog eens goed voor het voetlicht brengen. Ik kan niet met volstrekte stelligheid toezeggen dat wij nooit meer bankjes zullen weghalen. Ik heb hopelijk duidelijk gemaakt dat wij dit niet lichtvaardig doen. Helemaal garanderen dat dit nooit meer gebeurt, is lastig. De herplaatsplicht hang echt van de locatie af. Sommige locaties blijken niet geschikt te zijn. Dan zoeken wij andere plekken. Wij proberen de bankjes zoveel mogelijk te hergebruiken.

Mevrouw SCHILDERMAN (D66): Voorzitter! Wij danken de wethouder hartelijk voor de beantwoording. Het is fijn dat veel van deze zaken worden herkend. De wethouder zegt dat de herplaatsplicht afhangt van de locatie. Ik kan mij voorstellen dat "binnen een bepaalde afstand" een goede mogelijkheid is. Is de wethouder bereid om terug te komen op de opvatting van het college over de afstand waarbinnen bankjes worden teruggeplaatst? Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Dat is afhankelijk van de locatie en of er op die plek een tekort aan bankjes is. In de binnenstad kan men zich afvragen of dat tekort er is en of wij een nieuwe plek moeten zoeken. De algemene lijn is dat wij proberen zoveel mogelijk bankjes te behouden, zeker langs routes die door ouderen worden gebruikt. Ik weet niet of een herplaatsplicht passend is. 5. Vragen van de heer Koning (D66) en mevrouw Bijsterbosch (D66) inzake Dansles of toch niet? De heer KONING (D66): Voorzitter! In de danswereld bestaat onduidelijkheid over de regels en handhaving inzake corona. De D66-fractie is door de eigenaar van een Utrechtse dansschool benaderd. Deze dansschool wil zoals alle sportscholen en culturele verenigingen lessen aanbieden. Toen enkele weken geleden de strengste coronamaatregelen golden, zag deze dansschool geen kans de lessen coronaproof te organiseren. Veel andere dansscholen bleven wél open.

Van de dansschooleigenaar weten wij dat de dansschool de branchevereniging heeft geraadpleegd. Aan de hand van de voorschriften is door de dansschool een protocol opgesteld. Omdat de dansschool conform de regels wil werken, is ook contact gezocht met de VRU en de gemeente. De ervaring van de dansschooleigenaar is dat de instanties naar elkaar verwijzen en dat geen uitsluitsel werd gegeven. Dat maakt het voor de dansschool moeilijk om helder te krijgen of ze aan de regels voldoet. Inmiddels is na een bezoek van gemeentelijke handhavers - ondanks alle goede inzet en tot grote verbazing van de ondernemer, die meent netjes aan de regels te hebben voldaan - de betreffende dansschool een boete opgelegd. 1. Op basis van welke overtreding van de noodverordening is in deze casus gehandhaafd en een boete opgelegd? 2. Wordt op alle dansscholen op dezelfde manier toegezien en gehandhaafd? Er zijn voortdurend signalen die erop wijzen dat dit in Utrecht niet zo is en in andere gemeenten al helemaal niet. 3. Hoe kan de ondernemer met de gemeente afstemmen wat een toereikend protocol is om de bedrijfsactiviteiten te kunnen voortzetten? Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Laten wij vooropstellen dat dit voor ondernemers een ongelofelijk ingewikkelde tijd is, dus ook voor dansscholen, dus ik kan mij de worsteling van deze ondernemer goed voorstellen.

6

Vragenuur van 10 december 2020 Het antwoord op vraag 1. Wat in het geding is, is de anderhalvemetermaatregel. Die maakte deel uit van de noodverordening, maar werd een onderdeel van de Covid-wet. De regel bleef hetzelfde, maar het bevoegd gezag werd anders, want dat ging van de regio naar de gemeente. Het antwoord op vraag 2. De handhavers zijn natuurlijk nooit op alle plekken tegelijk, maar in beginsel is dat wel zo. Wat de handhaving helpt, is dat er signalen komen. Het kan altijd zo zijn dat er van de ene dansschool wél een signaal komt, maar van een andere niet. In beginsel is de handhaving overal hetzelfde. Het antwoord op vraag 3. Wat veel ondernemers graag willen, maar waar de overheid terughoudend mee is, is een stempel van goedkeuring vooraf. Ondernemers kunnen voor informatie altijd bij de gemeente terecht, maar wat de afdeling handhaving niet kan, is vooraf de garantie geven dat het goed is. Dat gebeurt altijd ter plekke, ook met waarneming om te zien of dat in de praktijk goed uitpakt. Dit najaar is het bevoegd gezag veranderd van regio naar gemeente. Ondernemers kunnen voor informatie zeker bij de gemeente terecht. Wij weten dat het aantal besmettingen stijgt. Dat is heel zorgelijk. Er is alle reden voor de gemeente om daarop heel zorgvuldig toe te zien.

De heer KONING (D66): Voorzitter! Dit blijft een lastige casus, omdat de dansschool schippert tussen allerlei protocollen. Is een dansschool een sportvereniging of een culturele organisatie? Ik begrijp dat hierop nu niet meer en detail kan worden ingegaan, maar is het oké om deze ondernemer hierover met het college in contact te brengen? Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Ik weet dat die contacten er al zijn geweest. Dank daarvoor. Die kunnen zeker nog een keer plaatsvinden. Dansscholen vallen overigens onder het beleidsterrein Sport. 6. Vragen van mevrouw Assen (PvdA), de heer Sungur (DENK), de heer Gilissen (VVD), de heer Van Deún (PVV) en de heer Wiegant (SP) inzake Maak parkeren met een mantelzorgparkeervergunning kosteloos. Mevrouw ASSEN (PvdA): Voorzitter! In het AD-artikel "Mantelzorgers zijn in Utrecht duurste uit met betaald parkeren, ondanks fikse korting van gemeente" staat dat uit een onderzoek van thuiszorgorganisatie Zuster Jansen blijkt dat nergens in Nederland mantelzorgers zo duur uit zijn voor betaald parkeren als in Utrecht. De mantelzorgers betalen gemiddeld € 43 per maand. De gemeente geeft mantelzorgers 75% korting op de parkeerkosten. Dat Utrechtse mantelzorgers alsnog duur uit zijn, komt volgens de onderzoekers door de hoogte van de parkeerkosten in de stad. 1.

Herkent het college het hierboven geschetste beeld over de hoogte van de gemiddelde kosten en de verstrekte korting? 2. Is het college het met de PvdA-fractie eens dat mantelzorgers die intensief zorgen voor hun naaste(n) van onschatbare waarde zijn en onze waardering en best mogelijke steun verdienen? 3. Is het college bereid om het aanvragen van en het parkeren met een mantelzorgparkeervergunning, net als in Rotterdam, kosteloos te maken? Zo nee, waarom niet? 4. Welke andere mogelijkheden ziet het college om mantelzorgers te ontlasten van hoge parkeerkosten? Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Herken ik het beeld? Ja en nee. Wij zien in het onderzoek geen dingen die niet kloppen. In die zin herkennen wij het beeld. Het is echter wel een merkwaardig onderzoek, omdat het alleen gemeenten heeft beoordeeld die korting geven. Als alle gemeenten worden bekeken, dus ook gemeenten die geen korting geven, dan zit Utrecht in de middenmoot. Dat geeft een heel ander beeld dan de kop in het AD/UN. Het is in die zin een wonderlijk onderzoek. Dat feit zegt iets over de ontstane beeldvorming. Los daarvan zijn wij het hartstikke met de vragenstellers eens dat mantelzorgers heel belangrijk zijn en dat wij veel waardering hebben voor wat mantelzorgers allemaal doen. Niettemin zijn wij van mening dat de 75% korting geen kattenpis is. Dat is een stevige korting op de normale tarieven.

Het blijft woekeren met de ruimte in de stad. Wij willen mensen blijven prikkelen om waar dat enigszins kan gebruik te maken van alternatieven. Gelukkig zijn er in Utrecht ook andere mogelijkheden om van A naar B te komen. Die blijven wij stimuleren.

7

Vragenuur van 10 december 2020 Mevrouw ASSEN (PvdA): Voorzitter! Dat willen prikkelen, is te begrijpen, maar dit betreft niet de groep om dat bij te doen. In Amsterdam betaalt men ongeveer € 13 en in Den Haag € 14. Kan de wethouder niet bekijken - ondanks het feit dat 75% een hoge korting is - of er nog meer mogelijk is om deze mensen tegemoet te komen? Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Deze vraag heb ik in feite al beantwoord. Wij hebben de begroting achter de rug en de beslismomenten over de tarieven. Het is een wonderlijk moment om hierover te beginnen. Wij vinden 75% een zeer forse korting. Wij komen daarmee de mensen echt tegemoet. Wij poetsen het ook niet helemaal weg, dat klopt. 7. Vragen van mevrouw Van Mil (Student & Starter) inzake Veilig fietsen in Lunetten. Mevrouw VAN MIL (Student& Starter): Voorzitter! In september jl. was in Lunetten een belager actief waardoor vrouwen op het Houtensepad niet langer in hun eentje veilig konden fietsen. Helaas is de belager nog niet gepakt. Naar aanleiding hiervan stelt Student & Starter het college de volgende vragen. 1.

Hoe is het gesteld met de veiligheid van vrouwelijke fietsers op het Houtensepad? Kan het college een update geven over de stand van zaken met betrekking tot de belager die daar actief was? De politie heeft aangeraden om op het Houtensepad niet zonder gezelschap te fietsen, maar niet iedereen kan altijd een fietsbuddy regelen. Vanwege geruchten over onveiligheid gebruiken veel vrouwen op het Houtensepad de telefoon om zich over de belager te informeren. Wij hebben echter gehoord dat de politie op het Houtensepad voor fietsen met een telefoon in de hand bekeuringen uitdeelt. 2. Is het mogelijk om op deze route het fietsen met de telefoon in de hand te gedogen? Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Mevrouw Van Mil beschrijft een akelige situatie en stelt heel goede vragen. De mensen proberen er een mouw aan te passen en er oplossingen voor te zoeken. Van de politie hoorde ik dat zich sinds 26 september jl. geen nieuwe incidenten hebben voorgedaan. Deze zaak is nog steeds in onderzoek. Er zijn ruim 200 tips ingekomen. Die worden bij het onderzoek betrokken. Omdat er nog geen verdachte is aangehouden, is het advies van de politie nog steeds om zoveel mogelijk samen te fietsen en te wandelen. Fietsen met een mobiel in de hand mag inderdaad niet. Oortjes in is ook een manier om contact te houden. Dat wil ik van harte aanbevelen.

De insteek van de Student & Starter-fractie is waardevol genoeg om bij de politie onder de aandacht te brengen. De heer VAN CORLER (GroenLinks): Voorzitter! De wethouder zegt dat het waardevol is om dit bij de politie onder de aandacht te brengen. Ik vind de vragen en de suggestie van de Student & Starter-fractie goed. Het zou goed zijn om te bekijken wat kan worden gedaan als je op die plaats zonder gezelschap moet fietsen. Wat is voor de wethouder de betekenis van het onder de aandacht brengen? Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Uiteindelijk maakt de politie haar eigen keuzes. Ik ga daar niet over en de burgemeester ook niet, in elk geval niet bij dit soort handhavingskeuzes. Wij brengen dit onder de aandacht. Dan zal de politie haar eigen afweging moeten maken. De heer GILISSEN (VVD): Voorzitter! Ziet het college andere mogelijkheden? Ik begrijp dat er sinds kort geen meldingen meer zijn. Zijn de routes bekeken waarop de dader actief is? Is daar voldoende verlichting? Welke andere zaken zijn er om het gevoel van veiligheid bij dames op de fiets te vergroten? Is het college bereid om die te onderzoeken? Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Dit is een ingewikkeld probleem. Men wil mensen een goed advies geven en beschermen, maar ze door dat advies geen onveilig gevoel geven. Dat is heel ingewikkeld.

Het is goed om de situatie breder te zien, dus om ook verlichting en routes erbij te betrekken. Tegelijkertijd blijft de notie overeind dat er nog geen verdachte is aangehouden.

8

Vragenuur van 10 december 2020 Ik denk niet dat er een andere quick fix is. Ik ben het wel met de heer Gilissen eens dat het goed is om de breedte op te zoeken. De heer IŞIK (PvdA): Voorzitter! Is het college bereid om de politie te zeggen dat in de raad de wens leeft om zich op het bewuste fietspad terughoudend op te stellen bij het bekeuren van mensen die een telefoon in de hand hebben? Mevrouw VAN HOOIJDONK (wethouder): Voorzitter! Dit is een variant op het thema. Ik heb op die vraag al twee keer een antwoord gegeven. Wij zullen dit bij de politie onder de aandacht brengen. Tegelijkertijd gaat de politie over haar eigen afweging. Mevrouw VAN MIL (Student& Starter): Voorzitter! Ik dank de collega-raadsleden voor hun goede vragen. Ik dank de wethouder voor haar antwoorden. De VOORZITTER: Dames en heren! De vragenreeksen 8 en 9 gaan over hetzelfde onderwerp. Ik stel voor dat eerst beide vragenreeksen worden gesteld en dat het college ze daarna beantwoordt. Ik constateer dat de deelnemers hiermee instemmen. 8. Vragen van mevrouw Van Mil (Student & Starter) en de heer Koning (D66) inzake perspectief voor jongeren. 9.

Vragen van de heer Bosse (PvdA) inzake Wat wel kan voor jongeren in coronatijd? Mevrouw VAN MIL (Student& Starter): Voorzitter! Eerder pleitte de voorzitter van de veiligheidsregio’s voor het organiseren van kleinschalige activiteiten voor jongeren onder het mom "Als er toch iets gebeurt, dan liever geregisseerd en onder begeleiding van een jongerenwerker, de wijkagent of iemand van gemeente" Wij willen allemaal voorkomen dat het aantal besmettingen na de feestdagen oploopt. Tegelijkertijd is het belangrijk om perspectief te bieden en na te denken over wat er wél kan. Eergisteren werd tevens duidelijk dat het kabinet aan gemeenten € 58,5 miljoen beschikbaar stelt om jongeren en jongvolwassenen meer perspectief te bieden. Daarom zijn de fracties van Student & Starter en D66 benieuwd naar de aanpak van de gemeente Utrecht omtrent het aanbieden van activiteiten. Naar aanleiding hiervan stellen de fracties van Student & Starter en D66 het college de volgende vragen. 1. Hoe denkt het college over het organiseren van kleinschalige activiteiten voor jongeren? 2. Hoe staat het college tegenover het organiseren (in samenwerking met organisaties uit de stad) van digitale activiteiten? Welke rol heeft het college hier voor zichzelf weggelegd? 3.

Heeft het college al inzicht in de hoogte en het uitgavenkader van de Utrechtse uitkering uit de extra landelijke middelen? Zou het een mogelijkheid zijn om hiervan een deel te gebruiken voor veilige activiteiten tijdens oudjaar? De heer BOSSE (PvdA): Voorzitter! Afgelopen dinsdag was er weer een persconferentie van het kabinet, waar meer gehint werd op verscherping van de maatregelen dan op versoepeling. Dit legt wederom extra druk op onze maatschappij en ook op de jongeren die nu nog langer binnen moeten blijven en worden geraakt door de gesloten horeca, afgelaste sportwedstrijden en het niet doorgaan van (grote) culturele evenementen. Daarbij komt ook nog het vele online onderwijs dat wordt gegeven (voornamelijk Mbo, Hbo, WO) en de beperking van bijbaantjes en stages. De PvdA-fractie is blij om te horen dat het kabinet voor jongeren in de bres springt en onlangs € 58,5 miljoen euro beschikbaar heeft gesteld om activiteiten te organiseren die nog wél kunnen. Hier hebben wij ook tijdens de programmabegroting extra aandacht voor gevraagd. Het verdient een compliment dat de wethouder zich hier via de VNG persoonlijk voor heeft ingezet. Wel hebben wij nog vragen over hoe het college op het gebied van sport en cultuur zal inzetten op goede activiteiten voor jongeren. De PvdA-fractie heeft daarom de volgende vragen. 1.

Aan welke activiteiten denkt het college met betrekking tot deze extra middelen? Wij denken aan sportactiviteiten in kleine kring of een challenge waarbij verschillende groepen jongeren het digitaal tegen elkaar opnemen. 2. Hoe betrekt de wethouder de jongeren hierbij? De Rijksoverheid vraagt hier expliciet aandacht voor, maar de PvdA-fractie wil graag weten hoe dat op de Utrechtse situatie wordt toegepast. 3. Op welke termijn denkt de wethouder deze activiteiten te kunnen implementeren?

9

Vragenuur van 10 december 2020 4. 5.

Hoe zal de inzet om jongeren meer aan cultuur te laten doen eruitzien en hoe wordt een aanvullend sportaanbod gecreëerd? Kan de wethouder de raad in de eerste week van januari informeren over de voortgang van de activiteiten voor jongeren? Wij zouden dan graag ook meer informatie willen over hoe de subsidieaanvraag bij het Rijk verloopt.

De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Ik begrijp dat ik in het vragenuur vandaag de laatste antwoorden van het jaar mag geven. Het is belangrijk en mooi dat raad en college over dit belangrijke thema kunnen spreken. Dank voor het compliment. Ik zal dat zeker doorgeven aan de mensen die ermee in teamverband bij betrokken zijn om voor de landelijke klussen aandacht te vragen voor het belangrijke element van perspectief voor jongeren. Wij weten dat ook jongeren hard door de coronacrisis worden getroffen. Er is veel onzekerheid over de toekomst, terwijl juist deze jongeren daar hard aan werken en een stabiele toekomst verdienen. Wij hebben in de landelijke gesprekken altijd de mentale kwetsbaarheid en de mentale veerkracht genoemd. Gevraagd wordt aan welke activiteiten het college denkt. Op korte termijn zullen wij samen met de partners in de stad heel veel organiseren. Daarover kan de raad volgende week een brief tegemoet zien. Ik zal enkele voorbeelden noemen, bijvoorbeeld een FIFA-voetbaltoernooi in de kerstvakantie, met als doel om niet alleen jongeren die het jongerenwerk al kent, maar ook echt online een nieuwe doelgroep aan te boren en dan eerst online tegen elkaar te spelen - dat sluit aan bij de challenge die ook de PvdA-fractie voorstelde - en daarna op 2 januari 2021 in het stadion de finale. Daar zal ik ook zelf een potje spelen tegen de finalist.

Dat wordt een verschrikkelijke nederlaag. Dat kan ik nu alvast voorspellen. Het jongerenwerk bekijkt wat in het kader van sport- en spelactiviteiten kan worden gedaan, wijkgericht. Daarbij moet men denken aan turnen, dansen, schaatsen en voetbal. Wij zijn ook bezig om met vakdocenten te bekijken of daarbovenop extra sportactiviteiten kunnen worden georganiseerd. Er kunnen in de kerstvakantie vijftien extra sportactiviteiten komen, bovenop de twee tot vier die per wijk al gepland zijn. Wij bekijken ook kunst en cultuur. Een concreet voorbeeld is dat nu wordt gewerkt om een buurthuis om te toveren tot muziekstudio. Jongeren die met muziek aan de slag willen gaan, kunnen zich daar uitleven. Natuurlijk is er veel aandacht voor wat jongeren zelf willen organiseren. Aanvullend hebben wij sportverenigingen gevraagd wat zij zouden kunnen organiseren. Daar hebben wij nog geen antwoord op gekregen. Dat begrijpen wij, want dat is een recente vraag, maar dat gesprek loopt wel. Specifiek voor studenten zijn wij met gezelligheidsverenigingen in gesprek om rond de jaarwisseling een soort online studentenfestival te organiseren. Ook dat moet nog wat vorm krijgen, maar ook daarmee zijn wij bezig. Zowel de fractie van Student & Starter als de fracties van D66 en PvdA vragen naar de betrokkenheid van jongeren. Ik heb daar al iets over gezegd.

Natuurlijk doen onze partners dat zelf ook, zoals het jongerenwerk. Wij denken op dit moment hoe wij de jongeren zelf bij deze activiteiten kunnen betrekken, zowel in de kerstvakantie als daarna - tot 1 april a.s. - in de donkere maanden. Dat zijn wij vorm aan het geven. Wij denken om mbo'ers een plek in te geven in de vorm van een stage. Wij bekijken of wij een campagne kunnen lanceren om jongeren met initiatieven uit te nodigen zich te melden. Het bedrag is op dit moment nog niet duidelijk. Via het Gemeentefonds komt dat in januari a.s. binnen. Wij kunnen een beetje een inschatting maken om welk bedrag het gaat. Wij zullen daar binnen de spelregels van de financiën op anticiperen, zodat in deze kerstvakantie verschillende activiteiten extra kunnen worden georganiseerd. Ook wordt een toezegging gevraagd om in januari a.s. daarover verder te worden geïnformeerd. Dat kan ik uiteraard toezeggen. Wij zullen dat met liefde doen. Ik hoop dat ik hiermee zowel in het algemeen als specifiek op de vragen ben ingegaan. De heer DE BOER-KREEFT (Stadsbelang Utrecht): Voorzitter! Ik ben blij dat er zo veel wordt georganiseerd in de stad. De Stadsbelang Utrecht-fractie heeft vorige week naar aanleiding van dit onderwerp schriftelijke vragen gesteld. De vragen van de fracties van PvdA en Student & Starter liggen schriftelijk deels vast.

Ik vraag de wethouder of op zeer korte termijn, vóór het reces, de schriftelijke vragen kunnen worden beantwoord. Een deel van de beantwoording dat ook in de schriftelijke vragen te vinden is, hoor ik nu al terug.

10

Vragenuur van 10 december 2020 De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Volgens mij is het gewoon geld voor jongeren. Als wij die term gebruiken, is het sowieso goed. Mijnheer De Boer, volgende week komt er een brief. Ik stel voor dat wij, als de brief er is en wij de schriftelijke vragen erbij betrekken, bekijken wat er wel en wat er niet is beantwoord. Dat laten wij in een bundeltje uw kant op gaan. De VOORZITTER: Dank u wel. Ik zie dat de heer De Boer een duim opsteekt. Mevrouw VAN MIL (Student& Starter): Voorzitter! Ik maak de wethouder een compliment voor zijn plannen. Die klinken heel tof. Ik ben heel blij om dit soort dingen te horen. Mochten er nog brainstormers nodig zijn voor een studentenfestival, doen wij als studentenpartij daar graag aan mee. Het was een fijn en goed laatste vragenuur van het jaar. De heer BOSSE (PvdA): Voorzitter! Dank. Wij hebben dezelfde complimenten die de Student & Starter-fractie ook maakte. Hoe kan ik mij opgeven voor het FIFA-toernooi? De heer EERENBERG (wethouder): Voorzitter! Ik begrijp dat er veel mensen zijn die de nederlaag van de wethouder persoonlijk willen meemaken. Men kan zich opgeven via het Jongerenwerk JOUW. Dat heeft daar digitaal een oproep voor gedaan. Daar kan iedereen zich aanmelden. De VOORZITTER: Dank u wel. Als u een scheidsrechter nodig hebt, ben ik uw man. Dit was het laatste vragenuur van 2020.

Wij danken alle raadsleden voor hun interesse en de kijkers thuis voor het meekijken. Volgend jaar zijn wij weer terug. De voorzitter sluit hierna, te 17.57 uur, het vragenuur.

{{Signer1}}

{{Signer2}}

11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=5dc1218c-3f09-4430-bfc1-21af61e6eb7c