ZHW Toelichting Bijlage 17 Onderzoek stikstofdepositie.pdf
Tekst van het document
Zeeheldenwijk - onderzoek stikstofdepositie 18 februari 2021
Kenmerk
R001-1278514BRA-V04-aqb-NL
Verantwoording Titel
Zeeheldenwijk - onderzoek stikstofdepositie
Opdrachtgever
Gemeente Urk
Projectleider
Albert Brouwer
Auteur(s)
Albert Brouwer
Tweede lezer
Josien Wolterink
Projectnummer
1278514
Aantal pagina’s
19
Datum
18 februari 2021
Handtekening
Ontbreekt in verband met digitale verwerking. Dit rapport is aantoonbaar vrijgegeven.
Colofon TAUW bv Handelskade 37 Postbus 133 7400 AC Deventer T +31 57 06 99 91 1 E info.deventer@tauw.com
2/19
Kenmerk
R001-1278514BRA-V04-aqb-NL
Inhoud 1
Inleiding ..................................................................................................................................... 5
2
Opzet onderzoek ....................................................................................................................... 7
3
Berekeningen emissies ............................................................................................................. 8 3.1
Referentiesituatie ............................................................................................................... 8
3.2
Aanlegfase ......................................................................................................................... 9
3.2.1
Fasering ...................................................................................................................... 9
3.2.2
Aanlegfase - grondverzet .......................................................................................... 10
3.2.3
Aanlegfase - aanleg woningen .................................................................................. 11
3.3
3.3.1
Sfeerverwarming ....................................................................................................... 12
3.3.2
Verkeer...................................................................................................................... 12
3.3.3
Kinderboerderij .......................................................................................................... 12
3.4 4
5
Gebruiksfase woningen .................................................................................................... 12
Grondverzet, aanlegfase en gebruiksfase tegelijkertijd ................................................... 13
Modellering .............................................................................................................................. 15 4.1
Mobiele werktuigen .......................................................................................................... 15
4.2
Verkeer ............................................................................................................................. 15
4.3
Scheepvaart ..................................................................................................................... 15
4.4
Sfeerverwarming woningen .............................................................................................. 16
4.5
Dieren ............................................................................................................................... 16
Resultaten en conclusie .......................................................................................................... 17 5.1
Referentiesituatie ............................................................................................................. 17
5.2
Aanlegfase ....................................................................................................................... 17
5.2.1
Grondverzet .............................................................................................................. 17
5.2.2
Aanleg woningen....................................................................................................... 17
5.3
Gebruiksfase .................................................................................................................... 17
5.4
Grondverzet, aanleg woningen en gebruiksfase tegelijkertijd .......................................... 18
5.4.1
Berekening met standaardversie van AERIUS Calculator ........................................ 18
5.4.2
Additionele berekeningen: ‘eigen rekenpunt’ en OPS .............................................. 18
5.5
Conclusie ......................................................................................................................... 18
3/19
Kenmerk
R001-1278514BRA-V04-aqb-NL
Bijlage 1
Wettelijk kader
Bijlage 2
Nadere duiding stikstofdepositie op afstanden groter dan 5 kilometer van het
plangebied. Bijlage 3 47,5 ha
AERIUS ‘eigen rekenpunt’ op 5 kilometer van het centrum van de Zeeheldenwijk –
Bijlage 4 57 ha
AERIUS ‘eigen rekenpunt’ op 5 kilometer van het centrum van de Zeeheldenwijk –
Bijlage 5
Resultaten berekening OPS_road
Bijlage 6
AERIUS aanlegfase - grondverzet
Bijlage 7
AERIUS aanlegfase - aanleg woningen
Bijlage 8
AERIUS gebruiksfase
Bijlage 9
AERIUS grondverzet, aanlegfase en gebruiksfase tegelijkertijd
4/19
Kenmerk
R001-1278514BRA-V04-aqb-NL
1 Inleiding De gemeente Urk heeft in 2017 een bestemmingsplan opgesteld voor het realiseren van een nieuwe woningbouw-, werk- en voorzieningslocatie ‘Schokkerhoek’. Naar aanleiding van een uitspraak in een beroepszaak en gewenste aanpassingen, wordt het bestemmingsplan herzien als plangebied Zeeheldenwijk. In totaal beslaat dit plangebied 85 ha, waarin woningen, verschillende soorten voorzieningen en panden met een bedrijfsfunctie worden aangelegd. In figuur 1.1 is de ligging van het plangebied weergegeven.
Figuur 1.1 Ligging en contouren van het plangebied.
Bij het vaststellen van plannen dient onderzoek plaats te vinden of het vaststellen van het plan geen significante effecten kan hebben op beschermde natuurgebieden. Eén aspect dat onderzocht dient te worden, is de stikstofdepositie op relevante Natura 2000-gebieden. De meest nabijgelegen stikstofgevoelige habitats bevinden zich in het Natura 2000-gebied Rijntakken, op 15 kilometer van het plangebied. Figuur 1.2 geeft een weergave van de planlocatie ten opzichte van relevante natuurgebieden.
5/19
Kenmerk
R001-1278514BRA-V04-aqb-NL
Figuur 1.2 Ligging van het plangebied ten opzichte van relevante Natura 2000-gebieden (groen en blauw). De stikstofgevoelige habitats zijn lichtpaars en paars gekleurd. Het meest nabijgelegen stikstofgevoelige habitat ligt aan de monding van de IJssel.
Het wettelijke kader is uitgebreid beschreven in bijlage 1.
6/19
Kenmerk
R001-1278514BRA-V04-aqb-NL
2 Opzet onderzoek Voor het berekenen van de stikstofdepositie is gebruik gemaakt van de vigerende versie van het rekenmodel AERIUS Calculator, versie 2020. In de berekeningen wordt onderscheid gemaakt tussen de aanlegfase en de gebruiksfase. In de berekeningen zijn de emissies van NOx en NH3 van de relevante bronnen meegenomen. Het gaat hierbij om: Verkeersbewegingen tijdens de aanleg -en gebruiksfase Mobiele werktuigen en scheepvaart tijdens de aanlegfase
• • •
Sfeerverwarming tijdens de gebruiksfase. Hieronder valt open haard, barbecue, vuurkorf, et cetera
Er zijn in dit onderzoek meerdere berekeningen uitgevoerd om de stikstofdepositiebijdrage van het plan op de Natura 2000-gebieden in kaart te brengen: • Berekening stikstofdepositiebijdrage in de referentiesituatie
• • • • •
Berekening stikstofdepositiebijdrage ten gevolge van de ontgrondingen Berekening stikstofdepositiebijdrage ten gevolge van de aanlegfase van de woningen Berekening stikstofdepositiebijdrage ten gevolge van de gebruiksfase Berekening stikstofdepositiebijdrage ten gevolge van aanlegfase + gebruiksfase In bijlage 2, een uiteenzetting van de stikstofdepositie op afstanden groter dan 5 kilometer van het plangebied. Dit addendum is toegevoegd naar aanleiding van de ‘ViA15-uitspraak’ van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State 1. In dit addendum worden twee strategieën uitgewerkt: enerzijds wordt de depositie op een ‘eigen rekenpunt’ bepaald dat op 5 kilometer van het centrum van de Zeeheldenwijk is gelegen. Tevens wordt een berekening met het rekenmodel OPS getoond
1
ECLI:NL:RVS:2021:105
7/19
Kenmerk
R001-1278514BRA-V04-aqb-NL
3 Berekeningen emissies In de berekeningen wordt onderscheid gemaakt tussen de aanlegfase en de gebruiksfase; beide fasen worden separaat doorgerekend. Tevens wordt de referentiesituatie beschouwd. Eerst wordt bepaald of er sprake is van stikstofemissies in de referentiesituatie, als dit zo blijkt te zijn dan wordt ook hier een berekening van gemaakt.
3.1
Referentiesituatie
Het terrein waar de Zeeheldenwijk zal worden gerealiseerd, wordt op dit moment gebruikt als agrarische grond, die bemest wordt. Dit geeft emissies van ammoniak, welke gebruikt kunnen worden om de stikstofemissies ten gevolge van de Zeeheldenwijk mee te salderen. Het oppervlak van de Zeeheldenwijk is in totaal 85 hectare. De hoeveelheid NH3-emissies van bemeste grond is afgeleid van door het RIVM beschikbaar gestelde INITIATOR-data die door BIJ12 wordt aanbevolen 2. Het betreft een gemiddelde emissie die is gebaseerd op de specifieke agrarische regio 3. Voor de regio Noordoostpolder betreft dit 27,38 kg NH3 per hectare. De emissies van ammoniak ten gevolge van de bemesting bedragen in totaal 27,38 x 85 = 2.327,3 kg NH3/jaar. Niet alle agrarische grond wordt bij het vaststellen van het plan al uit agrarisch gebruik genomen. Voor fase 1 van de werkzaamheden zal in de loop van 2021 een aantal van 47,5 hectare bouwland uit gebruik worden genomen. In de AERIUS berekeningen voor de Zeeheldenwijk is gerekend met deze 47,5 hectare. De stikstofreductie van het uit gebruik nemen van de overige 37,5 hectare mag immers pas worden gebruikt ter saldering als de grond ook daadwerkelijk uit agrarisch gebruik wordt genomen, niet eerder. Om deze reden is in de AERIUS berekeningen rekening gehouden met een NH3 emissie van 47,5 * 27,38 = 1.300,55 kg/jaar.
Als de realisatie van het plan verder vordert, zal hier nog een saldo van 37,5 * 27,38 = 1.026,75 kg NH3/jaar bij komen, maar dit is in AERIUS niet meegenomen. Zodoende kan de AERIUS-berekening gezien worden als (sterk) worst-case, zeker als de invulling van het plan zover vordert dan ook de resterende 37,5 hectare land uit agrarisch gebruik wordt genomen. Binnen het plangebied bevindt zich ook een kinderboerderij. Deze kinderboerderij zal terugkeren in het nieuwe plan, op een andere locatie. De dieren die gehouden worden op de kinderboerderij geven mogelijk uitstoot van NH3. Daarom moet dit beschouwd worden in de AERIUS-berekening. Tabel 3.1 geeft de aantallen en soorten dieren die gehouden worden op de huidige kinderboerderij. De emissies van het vee zijn in AERIUS gemodelleerd conform de aanwijzingen in de invoerinstructie AERIUS Calculator 4.
2
Zie vraag/antwoord 29 onder ‘salderen’, https://www.bij12.nl/onderwerpen/stikstof-en-natura2000/veelgestelde-
vragen/ 3
Zie de link voor de achtergrond van deze data: https://www.bij12.nl/emissie-bemesting/#11/52.6889/5.6992
4
Hoekstra B.W., Verhees L., Aalbers M., Instructie gegevensinvoer AERIUS Calculator, TAUW / BIJ12, januari 2021
8/19
Kenmerk
R001-1278514BRA-V04-aqb-NL
Tabel 3.1 Soorten en aantallen dieren op de kinderboerderij. Dier
Aantal
RAV-code
Jaarvracht NH3 per
Jaarvracht NH3
dier [kg/jaar]
[kg/jaar]
Koe
1
A1.100
13
13
Ezel
1
K1.100
5,0
5
Grote pony
1
K3.100
3,1
3,1
Varkens
2
D3.100
3,0
6
Konijnen
8
I2.100
0,20
1,6
Schaap (ooi)
10
B1.100
0,7
7
Schaap (ram)
2
B1.100
0,7
1,4
Geit (geit)
9
C1.100
1,9
17,1
Geit (bok)
5
C1.100
1,9
9,5
Pauw
5
2
F4.100
0,68
1,36
Kalkoen
3
F4.100
0,68
2,04
Kip (hen)
20
E4.100
0,58
11,6
Kip (haan)
5
E4.100
0,58
2,9
10
G1.100
0,32
3,2
1
H1.1
0,58
0,58
8
H1.1
0,58
4,64
Kleine knaagdieren
12
H1.1
0,58
6,96
Eenden
6
G1.100
0,32
1,92
SOM
103,9
Duiven
6
Kat 7 4
Cavia
4
3.2
Aanlegfase
Het plan Zeeheldenwijk biedt ruimte aan diverse ontwikkelingen. Emissies van stikstof kunnen verwacht worden bij de verbranding van brandstoffen door mobiele werktuigen die ingezet worden bij de aanleg. 3.2.1 Fasering De aanleg van de wijk beslaat twee decennia. De start is beoogd voor het jaar 2021, dit loopt 20 jaar door tot 2040. Voor het berekenen van stikstofdepositie is de jaargemiddelde uitstoot relevant, en dan weer het jaar met de hoogste impact op Natura 2000-gebieden. Daarom is het relevant om het jaar te vinden met de hoogste uitstoot van stikstofverbindingen, want dit is het jaar dat maatgevend is voor de gehele aanlegfase. Het voorbereiden van de gronden bestaat uit de grondverbetering, het bouwrijp maken van de gronden en aanpassingen aan infrastructuur. Daaronder valt ook de constructie van de Michiel de Ruyterbrug. De meest intensieve fase start in 2021 en loopt tot 2023.
5
Bij ontbreken van emissiefactoren voor pauwen, is gerekend met de emissiefactor voor kalkoenen.
6
Emissiefactor voor eenden
7
Emissiefactor voor pelsdieren
9/19
Kenmerk
R001-1278514BRA-V04-aqb-NL
Na de eerste grondverbeteringen zal gestart worden met de aanleg van woningen, dit is voorzien in het jaar 2022. In totaal voorziet het plan in 1.649 woningen, maar deze zullen over een periode van 20 jaar worden gerealiseerd. Jaarlijks worden ongeveer 90,8 woningen gebouwd, om na uiterlijk 20 jaar te komen tot volledige invulling van het plan. Naast de bouw van woningen voorziet het plan ook in ruimte voor openbare voorzieningen, winkels, bedrijven en een kinderboerderij. 3.2.2
Aanlegfase - grondverzet
In tabel 3.2 is een inschatting gegeven (aangeleverd door de gemeente Urk) van de grondwerkzaamheden in de periode 2021-2023. In deze jaren vinden de meest intensieve werkzaamheden van het gehele plan plaats, namelijk de grote hoeveelheid grondverzet in 2021, alsmede de aanleg van infrastructuur zoals de Michiel de Ruyterbrug. 1 werkdag telt als 8 draaiuren, zodoende is ook het stationair draaien tijdens werkzaamheden meegenomen in deze berekeningen. Voor alle gebruikte werktuigen is aangenomen dat een emissiefactor behorende bij emissieklasse STAGE IV bereikt wordt. Ook is het mogelijk om werktuigen van andere emissieklassen in te zetten, als de emissiefactor maar gehaald kan worden. Het gebruik van werktuigen van STAGE klasse IV of gelijkwaardig wordt als eis opgenomen in de contractuele afspraken met de uitvoerende partij. Zo wordt gewaarborgd dat deze lage emissies ook in de praktijk gehaald zullen worden. De sleephopperzuiger is niet gemodelleerd als mobiel werktuig, maar als schip. In totaal wordt ongeveer 240.000 m3 zand verplaatst, het gebruikte schip zal 1.500 - 2.000 m3 zand per keer vervoeren. Dat geeft worst-case ongeveer 160 vaarten heen (100 % beladen) en 160 vaarten terug van en naar de aanlegplaats. In totaal is rekening gehouden met ongeveer 320 uur pompen van zand, ofwel 2 uur per vaart.
Deze scheepvaartbewegingen worden verdeeld over 2021 en 2022: 140.000 m3 wordt verwerkt in 2021, de resterende 100.000 m3 in 2022. Tabel 3.2 Draaidagen mobiele werktuigen voor de grondverbetering en infrastructuur. Machine
Werkdagen 2021
Werkdagen 2022
Werkdagen 2023
HGM
829
220
89
Midikraan
52
48
30
Bulldozer
150
0
0
Tractor + kipper
379
69
28
Shovel/mobiele
579
259
99
Trilrol
346
42
15
Knijperwagen
24
29
0
Asfaltset
2
8
1
Heistelling
30
0
0
Hijskraan
5
5
0
Betonmixer
3
3
0
Asfaltfrees
0
3
0
Pomp
36
0
0
SOM
2.436
686
261
kraan/verreiker
10/19
Kenmerk
R001-1278514BRA-V04-aqb-NL
Deze hoeveelheden zijn ingevoerd in AERIUS Calculator. Daaruit volgen de volgende emissievrachten NOx: 2.054 kg in 2021, 609 kg in 2022 en 131 kg in 2023. Hier bovenop komen de emissies van het (vracht)verkeer: 1.045 ritten in 2021, 1.013 in 2022 en 374 in 2023. De voorbereidende werkzaamheden zijn gepland in vier fasen. Niet het gehele gebied van 85 hectare wordt namelijk in één keer bouwrijp gemaakt, dit gebeurt in stappen van 43 ha (2021-2029), 24 ha (2029-2036) en 17 ha (2036-2041). Op basis van het oppervlak kan gesteld worden dat fase 1 het meest intensief is, omdat er dan omgerekend 4,8 hectare per jaar bouwrijp wordt gemaakt. Dat is meer dan in fase 2 (3,4 ha/jaar) en fase 3 (2,8 ha/jaar). Bovendien wordt ook de infrastructuur (waaronder de Michiel de Ruyter brug) in deze eerste fase aangelegd. De AERIUS berekening voor de depositie naar aanleiding van de ontgrondingswerkzaamheden is bijgevoegd in bijlage 3. 3.2.3 Aanlegfase - aanleg woningen Als de eerste stukken grond bouw- en woonrijp zijn gemaakt, start ook de bouw van de bebouwing. De bebouwing bestaat uit 1.649 woningen, 5.000 m2 bvo bedrijfskavel en 5.000 m2 bvo woon-werkkavels. Dit is gepland voor het jaar 2022. De gegevens voor inzet van werktuigen tijdens de aanleg van de bebouwing zijn opgesteld op basis van Tauw-kentallen. Deze kentallen zijn gebaseerd op een serie worst-case aannames over bouwfasen.
Deze aantallen zijn gebaseerd op een aanleg van ongeveer 100 woningen per jaar, naast de andere voorzieningen in het plan. De overige voorzieningen worden in de eerste vijf jaar (2021-2026) gerealiseerd. De bouwsnelheid van 100 woningen per jaar is iets meer dan de voorziene bouwsnelheid van 90,8 woningen per jaar. Zo wordt de zekerheid geboden dat de stikstofuitstoot ook niet te hoog is als de bouwfase sneller verloopt dan gepland. Net als bij het grondverzet zullen ook bij de woningbouw STAGE IV werktuigen ingezet worden. Tabel 3.3 Emissieberekening stikstofverbindingen bij de aanleg van de woningen + voorzieningen. Machine
Werkdagen per jaar
Emissievracht NOx
Emissievracht NH3
[kg/jaar]
[kg/jaar]
Aggregaat
500
164,0
<1
Shovel
125
49,5
<1
Graafmachine
125
55,2
<1
Heistelling
125
138,0
<1
Betonmixer
125
138,0
<1
Telekraan
250
138,0
<1
Heftruck
125
136,1
<1
250
59,4
<1
1.625
878,2
2,2
Hoogwerker SOM
Naast de emissies van mobiele werktuigen worden ook de emissies van verkeer beschouwd. Geschat wordt dat de woningbouw ongeveer 2.000 zware vrachtwagens per jaar zal aantrekken, en 5.000 personenwagens.
11/19
Kenmerk
R001-1278514BRA-V04-aqb-NL
Dat komt overeen met 20 vrachtwagens per woning en (bij 250 werkdagen per jaar) 20 lichte voertuigen per etmaal. Verkeer in AERIUS rijdt heen en weer, dus ingevoerd worden 4.000 zware vrachtwagens en 10.000 verkeersbewegingen van licht verkeer.
3.3
Gebruiksfase woningen
In de gebruiksfase zal de Zeeheldenwijk emissies van NOx en NH3 geven. Bronnen hiervan zijn de woningen binnen het gebied, het verkeer en de kinderboerderij. 3.3.1 Sfeerverwarming De te realiseren nieuwbouw wordt niet op het gasnet aangesloten. Er is daarom geen sprake van NOx emissies door gasstook voor verwarming en warmwater voorziening. De nieuwbouwwoningen kunnen mogelijk wel NOx emissies geven door houtstook, bijvoorbeeld door open haard of barbecues. Hiervoor wordt een emissie van 0,44 kg NOx/jaar per woning aangehouden 8. Dit geeft een totale emissie van 1.649 * 0,44 = 725,6 kg NOx/jaar. 3.3.2
Verkeer
De gemeente Urk heeft verkeersdata aangeleverd. Dit betreft een verkeersmodellering van de situatie zonder Zeeheldenwijk (autonome situatie) en een model van de situatie mét Zeeheldenwijk. Worst-case is gekozen voor het zichtjaar 2021 in AERIUS, maar wel met de volledige verkeersbijdrage van de Zeeheldenwijk. In de invoerinstructie AERIUS Calculator 9 wordt geadviseerd hoe stikstofberekeningen uitgevoerd dienen te worden. Een van de aspecten die behandeld wordt, is de gebiedsafbakening voor verkeersaantrekkende werking van een plan, aangezien plannen kunnen leiden tot extra verkeer. Een algemeen criterium voor verkeer van en naar inrichtingen of plannen is dat de gevolgen niet meer aan de inrichting worden toegerekend wanneer het verkeer is opgenomen in het heersende verkeersbeeld. Dit is het geval op het moment dat het aan- en afvoerende verkeer zich door zijn snelheid en rij- en stopgedrag niet meer onderscheidt van het overige verkeer dat zich op de betrokken weg bevindt. Het verkeer van de Zeeheldenwijk gaat op in het heersende verkeersbeeld vanaf de op- en afrit naar/van de A6. Op het moment dat het verkeer is ingevoegd op de A6 en voordat het gaat uitvoegen zijn de snelheid en het rij- en stopgedrag niet meer onderscheidend van het heersende verkeersbeeld. Daarom is het verkeer vanuit de Zeeheldenwijk meegenomen in het rekenmodel over de gehele oprit.
3.3.3 Kinderboerderij Tabel 3.4 geeft de aantallen en soorten dieren die gehouden worden op de nieuw aan te leggen kinderboerderij. De aantallen dieren op de nieuwe locatie zijn vrijwel hetzelfde als op de oude locatie, behalve dat op de oude locatie geen paarden gehouden werden. De kinderboerderij binnen het plan Zeeheldenwijk is dus een verhuizing van de bestaande kinderboerderij met dezelfde diersoorten en dieraantallen, plus 1 paard.
8
Emissiekentallen NOx en NH3 voor PAS / AERIUS. 31 augustus 2018, TAUW in opdracht van BIJ12
9
Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator, BIJ12/Tauw, januari 2021
12/19
Kenmerk
R001-1278514BRA-V04-aqb-NL
Tabel 3.4 Soorten en aantallen dieren op de kinderboerderij Dier
Aantal
RAV-code
Jaarvracht NH3
Jaarvracht NH3 [kg/jaar]
per dier [kg/jaar] Koe
1
A1.100
13
13
Ezel
1
K1.100
5,0
5
Grote pony
1
K3.100
3,1
3,1
Paard
1
K1.100
5,0
5
Varkens
2
D3.100
3,0
6
Konijnen
8
I2.100
0,20
1,6
Schaap (ooi)
10
B1.100
0,7
7
Schaap (ram)
2
B1.100
0,7
1,4
Geit (geit)
9
C1.100
1,9
17,1
Geit (bok)
5
C1.100
1,9
9,5
Pauw 10
2
F4.100
0,68
1,36
Kalkoen
3
F4.100
0,68
2,04
Kip (hen)
20
E4.100
0,58
11,6
Kip (haan)
5
E4.100
0,58
2,9
Duiven 11
10
G1.100
0,32
3,2
12
1
H1.1
0,58
0,58
Cavia
8
H1.1
0,58
4,64
Kleine knaagdieren4
12
H1.1
0,58
6,96
Eenden
6
G1.100
0,32
1,92
SOM
103,9
Kat
4
3.4
Grondverzet, aanlegfase en gebruiksfase tegelijkertijd
De gecombineerde emissies van het grondverzet, bouw- en woonrijp maken en de woningbouw leiden tot de volgende schatting voor de periode 2021-2023: Tabel 3.5 Schatting NOx emissies gedurende aanlegfase Sub-project Grondverzet/bouwrijp/woonrijp Woningbouw Totaal
2021
2022
2023
1.643
364
131
-
878
878
1.643
1.242
1.009
Uit tabel 2.4 volgt dat het jaar 2021 het maatgevende jaar is voor de aanlegfase van de Zeeheldenwijk. Dit is namelijk het jaar met de hoogste emissies vanwege bouwwerkzaamheden die gerelateerd zijn aan het plan Zeeheldenwijk. In de fasen 2 en 3 zullen ook weer grondverzetwerkzaamheden plaatsvinden, maar deze hebben niet meer de intensiviteit van de werkzaamheden die plaatsvinden in 2021.
10
Bij ontbreken van emissiefactoren voor pauwen, is gerekend met de emissiefactor voor kalkoenen
11
Emissiefactor voor eenden
12
Emissiefactor voor pelsdieren
13/19
Kenmerk
R001-1278514BRA-V04-aqb-NL
Het meest zware werk (grondverzet) is dan reeds grotendeels gedaan. Daarom is het verantwoord om te stellen dat het zichtjaar 2021 maatgevend is, ondanks dat nu nog niet met zekerheid te stellen is wat de emissies precies zullen zijn in de jaren na 2023. Om extra zekerheid in te bouwen in de berekeningen wordt de AERIUS berekening uitgevoerd met de emissies van grondverzet + bouwrijp + woonrijp maken in 2021, plus de emissies vanwege woningbouw, dit ondanks het feit dat de woningbouw nog niet start in 2021. Zo ontstaat een worst-case berekening: ook als na 2023 de grondverzet-werkzaamheden toch nog veel zwaarder uitvallen dan nu gedacht, zullen de emissies passen binnen de kaders die in dit rapport zijn gesteld. De AERIUS berekening voor de aanlegfase wordt kortom gevoed met 1.643 kg NOx/jaar voor het grondverzet, 878 kg/jaar voor de woningbouw, de gecombineerde (vracht)verkeersstromen van het grondverzet en de woningbouw. Het zichtjaar is 2021.
14/19
Kenmerk
R001-1278514BRA-V04-aqb-NL
4 Modellering Voor het berekenen van de stikstofdepositie is gebruik gemaakt van de vigerende versie van het rekenmodel AERIUS Calculator, versie 2020. De beschreven modelleerkeuzes zijn hetzelfde voor zowel de aanlegfase als de gebruiksfase.
4.1
Mobiele werktuigen
De mobiele werktuigen zullen actief zijn op de bouwlocatie en daar rondrijden. Daarom zijn de emissies gemodelleerd als vlakbron gelijk aan de bouwlocatie. Voor de berekeningen is het bouwvlak gekozen van Fase 1, dus niet de gehele Zeeheldenwijk. Dat is een betere benadering van de werkelijkheid gedurende de eerste jaren. In latere jaren (na 2026) zal de locatie van de werkzaamheden dus iets verschuiven, maar dit is niet van relevante invloed op de uitkomst van de berekeningen. Gekozen is voor de sector ‘Mobiele werktuigen’, subsector ‘Bouw en Industrie’. De emissiehoogte is 4 meter, 2 meter spreiding en 0 MW warmte-inhoud. Dit zijn default waarden in AERIUS voor mobiele werktuigen.
4.2
Verkeer
De emissies NOx en NH3, afkomstig van verkeer worden door AERIUS zelf berekend. Deze emissie is afhankelijk van: • • •
Het voertuigtype (personenauto’s, middelzwaar of zwaar vrachtverkeer) Het aantal bewegingen per etmaal Het wegtype (binnen of buiten bebouwde kom)
• •
De rijafstand welke het verkeer aflegt. De mate van stagnatie (uitgedrukt in %)
De vrachtwagenbewegingen in de aanlegfase zijn in AERIUS gemodelleerd als ‘zwaar vrachtverkeer’. Vervoer van personeel van en naar de locatie vindt plaats met bestelbusjes en/of personenauto’s. Deze bewegingen zijn in AERIUS gemodelleerd als ‘licht verkeer’. Voor het wegtype is het wegtype ‘binnen bebouwde kom’ aangehouden voor het gedeelte dat voertuigen binnen het plangebied rijden, en de N352 is gemodelleerd als ‘snelweg’ met een maximumsnelheid van 80 km/uur. Het gedeelte van de route dat de voertuigen binnen het plangebied rijden is gemodelleerd met een stagnatiefactor van 100 %, om het manoeuvreren van verkeer op de locatie te simuleren.
4.3
Scheepvaart
Bij de aanlegfase is een sleephopperzuiger betrokken. Deze is verantwoordelijk voor de aanvoer van zand, waarmee het plangebied zal worden belast. Het schip is gemodelleerd als M9 vrachtschip (laadvermogen: 3.301-4.000 ton). Deze CEMT-klasse past bij het laadvermogen van de gebruikte sleephopperzuiger van 1.500-2.000 m3, bij een dichtheid van 2 kg/liter voor het zand is dat namelijk 3.000 tot 4.000 ton. In de berekening is rekening gehouden met ongeveer 2 uur per vaart gebruik van de pomp tijdens het stilliggen. Het varen is gemodelleerd als vaarroute vanaf de aanlegplaats naar de meest nabijgelegen vaargeul, tot aan het eerstvolgende knooppunt van vaargeulen, zo’n 4 kilometer ten westen van de haven van Urk.
15/19
Kenmerk
4.4
R001-1278514BRA-V04-aqb-NL
Sfeerverwarming woningen
De enige bron van emissie afkomstig van woningen voor de Zeeheldenwijk, is van houtstook. Dit is gemodelleerd als oppervlaktebron, vanwege de verspreiding van de vele potentiële bronnen door het plangebied. Voor de emissiehoogte is worst-case een hoogte van 8 meter aangehouden, conform schoorsteenhoogte voor open haard-emissies.
4.5
Dieren
De dierlijke emissies van de kinderboerderij zijn gemodelleerd als stalemissies. Gekozen is voor een puntbron op het terrein van de kinderboerderij, met een emissiehoogte van 5 meter en warmte-inhoud van 0 MW, beiden defaultwaarden in AERIUS.
16/19
Kenmerk
R001-1278514BRA-V04-aqb-NL
5 Resultaten en conclusie De bijdrage aan de stikstofdepositie van het plan Zeeheldenwijk is berekend met de vigerende versie het rekeninstrument AERIUS Calculator (versie 2020). In de bijlage worden de AERIUS pdf uitvoerbestanden gegeven. Deze pdf uitvoerbestanden zijn tevens als losse bestanden bij de rapportage bijgeleverd.
5.1
Referentiesituatie
De referentiesituatie voor de Zeeheldenwijk betreft het agrarisch gebruik van agrarisch land, plus de voormalige locatie van de kinderboerderij. Voor de voorliggende berekeningen is enkele gebruik gemaakt van de ammoniak emissies van de 47,5 hectare bouwland die al bij de start van het project uit agrarisch gebruik wordt genomen. De emissie van ammoniak voor de 47,5 hectare is 1.300,55 kg/jaar vanwege het agrarisch gebruik van de grond. Dat leidt tot een stikstofdepositie van maximaal 0,06 mol/ha/jaar op het Natura 2000-gebied Weerribben, en nog kleinere effecten boven de 0,00 mol/ha/jaar op 33 andere Natura 2000-gebieden.
5.2
Aanlegfase
5.2.1
Grondverzet
Het maatgevende jaar tijdens het grondverzet is het jaar 2021. De inzet van mobiele machinerie en scheepvaart, en dus de emissies van stikstofverbindingen, zijn het hoogst in dit jaar. Uit de berekening volgt dat de woningbouw-activiteiten op geen enkel gebied leiden tot stikstofdepositie hoger dan 0,00 mol/ha/jaar, ook niet als de saldering niet wordt meegenomen. De AERIUS berekening is bijgevoegd als bijlage 7. 5.2.2 Aanleg woningen De aanleg van woning is relatief constant, deze kent niet een piekjaar als de grondverzetwerkzaamheden deze wel kennen. Doordat de aanlegfase als geheel beschouwd moet worden, wordt ook voor de woningbouw het jaar 2021 aangehouden als maatgevend. Uit de berekening volgt dat de woningbouw-activiteiten op geen enkel gebied leiden tot stikstofdepositie hoger dan 0,00 mol/ha/jaar, ook niet als de saldering niet wordt meegenomen. De AERIUS berekening is bijgevoegd als bijlage 7.
5.3
Gebruiksfase
Het maatgevende jaar tijdens de gebruiksfase wordt gesteld op het jaar 2021. In dat jaar zijn de emissiefactoren voor verkeer namelijk het hoogst. Worst-case is in de berekening aangenomen dat alle 1.649 woningen reeds in 2021 zijn gerealiseerd, zodat de verkeersdruk op het hoogtepunt is. Uit deze berekening volgt een maximale stikstofdepositie van 0,01 mol/ha/jaar op vier Natura 2000-gebieden: Weerribben, De Wieden, Rottige Meenthe & Brandemeer en Rijntakken. Na saldering met de stikstof-emissies vanuit de referentiesituatie is de stikstofdepositie ten gevolge van deze emissies maximaal 0,00 mol/ha/jaar op alle relevante habitats in Natura 2000-gebieden. De AERIUS berekening is bijgevoegd als bijlage 8.
17/19
Kenmerk
5.4
R001-1278514BRA-V04-aqb-NL
Grondverzet, aanleg woningen en gebruiksfase tegelijkertijd
In de periode 2021-2040 wordt er gebouwd binnen het plangebied, maar na verloop van tijd zullen de eerste woningen al opgeleverd zijn terwijl er ook nog gebouwd wordt. Het jaar met de hoogste totale emissies ligt daarom tussen 2021 en 2040. Worst-case is daarom ook een berekening uitgevoerd waarin de grondverzetwerkzaamheden de woningbouw, én de gebruiksfase (alle 1.649 woningen) tegelijkertijd plaatsvinden. 5.4.1 Berekening met standaardversie van AERIUS Calculator Uit deze zeer worst-case berekening volgt een maximale stikstofdepositie van 0,02 mol/ha/jaar op het Natura 2000-gebied Weerribben, en nog kleinere effecten op 22 andere gebieden. Na saldering met de stikstof-emissies vanuit de referentiesituatie is de stikstofdepositie ten gevolge van deze emissies maximaal 0,00 mol/ha/jaar op alle relevante habitats in Natura 2000-gebieden. De AERIUS berekening is bijgevoegd als bijlage 9. 5.4.2 Additionele berekeningen: ‘eigen rekenpunt’ en OPS De standaardversie van AERIUS rekent de bijdrage van wegverkeer niet verder door dan tot op 5 kilometer van de weg. Naar aanleiding van de ‘ViA15’ tussenuitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State staat deze werkwijze op moment van schrijven ter discussie. TAUW heeft extra berekeningen uitgevoerd om toch inzage te kunnen geven in de stikstofeffecten verder dan 5 kilometer van een weg.
Eerst is een ‘eigen rekenpunt’ gelegd op 5 kilometer afstand van de Zeeheldenwijk. Op dat rekenpunt wordt een stikstofdepositie van 0,03 mol/ha/jaar berekend. Om wel op 0,00 mol/ha/jaar stikstofdepositie uit te komen, zou gesaldeerd moeten worden met 57 ha landbouwgrond in plaats van 47,5 ha. Deze resultaten zijn bijgevoegd in bijlage 4 (47,5 ha) en 5 (57 ha). Let wel, dit is depositie die plaatsvind op het geplaatste rekenpunt, daar ligt géén stikstofgevoelig habitat. Een tweede optie die TAUW heeft uitgewerkt, betreft een berekening van de stikstofdepositie met behulp van het rekenmodel OPS. Dat model kan wél resultaten berekenen op afstanden groter dan 5 kilometer van de weg, waardoor de wegbijdrage wel wordt meegenomen in de berekening. De stikstofdepositie wordt dan berekend op alle hexagonen die relevant zijn voor het toetskader van de Wet natuurbescherming. Zo ontstaat een volledig en precies beeld van de stikstofdepositie ten gevolge van de Zeeheldenwijk. De resultaten van deze berekening met OPS_road zijn bijgevoegd in bijlage 5. Hieruit blijkt dat op alle hexagonen in stikstofgevoelige habitats in Natura 2000-gebieden, de netto stikstofdepositie (dus plan minus referentie) niet hoger is dan 0,00 mol/ha/jaar. Dit geldt dus reeds bij salderen met een landbouw-oppervlak van 47,5 ha.
5.5
Conclusie
De aanleg en het gebruik van het bestemmingsplan Zeeheldenwijk leidt ten opzichte van de referentiesituatie (bemest agrarisch land) niet tot een toename van de stikstofdepositie op enig relevant habitat in Natura 2000-gebieden. Deze conclusie geldt voor een berekening met de standaardversie van AERIUS, maar blijft ook geldig als de berekening wordt uitgevoerd met rekenmodel OPS.
18/19
Kenmerk
R001-1278514BRA-V04-aqb-NL
Kortom, uitgesloten kan worden dat de ontgrondingswerkzaamheden, de woningbouw en de gebruiksfase van de Zeeheldenwijk leidt tot een toename van de stikstofdepositie op enig relevant habitat in een Natura 2000-gebied. Dat betekent dat het bestemmingsplan Zeeheldenwijk inpasbaar is vanuit het aspect stikstofdepositie.
19/19
Kenmerk
R001-1278514BRA-V04-aqb-NL
Bijlage 1
Wettelijk kader
In Nederland zijn ongeveer 160 Natura 2000-gebieden aangewezen; gebieden met een Europese beschermingsstatus. Veel van die gebieden zijn (ook) gevoelig voor stikstofdepositie. Een verdere toename van de stikstofdepositie kan leiden tot ‘significante effecten’ op de beschermde natuurgebieden, wat alleen is toegestaan met een Wet natuurbescherming (Wnb) vergunning. Daarom dient voor nieuwe projecten onderzocht te worden of er sprake kan zijn van significante effecten door de depositie van stikstof op relevante Natura 2000-gebieden. Passende beoordeling Elke toename in stikstofdepositie van meer dan 0 mol/ha/jaar op een overbelast stikstofgevoelig instandhoudingsdoel (habitattype of leefgebied) is in potentie een significant effect. Een dergelijke toename in stikstofdepositie betekent daardoor dat het project niet zonder meer vergunbaar is onder de Wet natuurbescherming. Indien significante effecten niet op voorhand zijn uitgesloten dient een passende beoordeling te worden gemaakt, rekening houdend met de instandhoudingsdoelstellingen voor dat gebied. Wanneer uit de passende beoordeling de zekerheid wordt verkregen dat het project geen significante gevolgen heeft kan deze zonder vergunning worden uitgevoerd. Indien significante effecten niet zijn uit te sluiten dan zijn kunnen de volgende verstappen doorlopen worden: • Beoordeling significantie • • •
Mitigatie Externe saldering ADC-toets
Beoordeling significantie De eerste stap in een passende beoordeling is beoordelen of er daadwerkelijk sprake is van significante effecten. Een effect is te beschouwen als significant indien er als gevolg van het plan of de beoogde activiteit het instandhoudingsdoel voor het betreffende Natura 2000-gebied niet meer wordt gehaald. Dit wordt beoordeeld op basis van wetenschappelijke literatuur, tellingen, trends en mogelijk ook veldonderzoek. Als op basis van deze gegevens blijkt dat er geen sprake is van significante effecten is geen vergunning benodigd. Mitigatie Indien significante effecten niet zijn uit te sluiten is het in sommige gevallen een optie om mitigerende maatregelen te treffen. Dit zijn maatregelen om het projecteffect te verzachten waardoor effecten met zekerheid niet significant zijn. Mitigatie is niet in alle gevallen mogelijk. Allereerst moet de effectiviteit van de maatregel bewezen zijn. Ook moet duidelijk zijn dat het hier daadwerkelijk gaat om mitigatie en dat er geen sprake is van een instandhoudingsmaatregel.
Kenmerk
R001-1278514BRA-V04-aqb-NL
Instandhoudingsmaatregelen dienen namelijk hoe dan ook getroffen te worden om de gunstige staat van instandhouding van een habitattype of leefgebied te borgen. Mitigatie moet in aanvulling hierop zijn. Tot slot moet ook praktische invulling gegeven worden aan de mitigatie. Dit betekent dat een terreinbeheerder bereid moet zijn om mee te werken aan de mitigatie. Dit is in veel gevallen uitsluitend het geval bij grotere infrastructurele projecten. Indien mitigatie noodzakelijk is om significante effecten te voorkomen is een vergunning ingevolge de Wnb noodzakelijk. Saldering In de nieuwe situatie mag er niet meer stikstof deponeren op relevante Natura 2000-gebieden dan in het referentiejaar. Inrichtingen die beschikken over bestaande stikstofrechten kunnen nieuwe projecten realiseren als zij binnen de inrichting elders een reductie in stikstofemissies creëren. De netto stikstofemissie neemt zo niet toe. Dit wordt ‘intern salderen’ genoemd. Voor plannen kan dezelfde tactiek worden ingezet door te salderen met de feitelijk bestaande situatie op de planlocatie. Interne saldering geldt als onlosmakelijk onderdeel van een project en kan een vergunningplicht voorkomen als het netto effect na saldering nul is of zelfs afname van de depositie betekent.
De referentiedatum voor plannen is de feitelijk bestaande situatie op het moment van vaststellen van het nieuwe plan, voor zover deze situatie planologisch legaal is. ADC-toets Naast de hiervoor genoemde optie van mitigatie / saldering kan in uitzonderlijke situaties ook bij een resterend (significant) negatief effect sprake zijn van vergunbaarheid, als voldaan kan worden aan de ADC-criteria (ontbreken Alternatieven, Dwingende redenen van groot openbaar belang en als sluitstuk Compensatie van de aangetaste natuurwaarden). Voor individuele inrichtingen of kleinschalige plannen kan doorgaans nooit aan deze zeer strikte voorwaarden voldaan worden, dus dit blijft hier verder buiten beschouwing.
Kenmerk
Bijlage 2
R001-1278514BRA-V04-aqb-NL
Nadere duiding stikstofdepositie op afstanden groter dan 5 kilometer van het plangebied.
Uit het voorliggend onderzoek is gebleken dat de aanleg en het gebruik van de Zeeheldenwijk resulteren in stikstofdeposities hoger dan 0,00 mol/ha/jaar op stikstofgevoelige habitats binnen Natura 2000-gebieden waarvan de kritische depositiewaarden reeds worden overschreden. Bij dit onderzoek is gebruik gemaakt van AERIUS Calculator versie 2020. AERIUS Calculator AERIUS Calculator is rekensoftware waarin twee verschillende luchtverspreidingsmodellen zijn opgenomen. Dit betreft de luchtverspreidingsmodellen SRM2 en OPS: • SRM2 wordt ingezet voor het berekenen van de verspreiding van emissies door de lucht wegverkeer •
OPS voor alle andere emissiebronnen
De primaire reden om dit onderscheid te maken, is het feit dat emissies van wegverkeer een ander verspreidingspatroon hebben dan stationaire bronnen. Wegverkeer is steeds in beweging waardoor turbulentie ontstaat die de verspreiding van uitlaatgassen dichtbij de weg fors beïnvloed. Ook is het met SRM2 mogelijk om rekening te houden met de specifieke eigenschappen van tunnels, geluidsschermen en een verhoogde of verdiepte ligging van de weg ten opzichte van het maaiveld. Deze factoren samen maken dat een verspreidingsberekening van emissies van wegverkeer met OPS tot onnauwkeurige resultaten zal leiden in de directe omgeving van de weg. Beperkingen en mogelijkheden De inzet van SRM2 is noodzakelijk te noemen vanwege nauwkeurigheid op korte afstand, maar kent wel een beperking: SRM2 rekent niet verder dan tot op 5 kilometer afstand van de weg. Resultaten verder dan 5 kilometer van de weg worden niet berekend. Het hanteren van een maximale rekenafstand van 5 kilometer in SRM2 is een beleidskeuze bij het berekenen van een projectbijdrage. De overweging hierbij is dat de bijdrage op enkele kilometers van de weg niet meer betekenisvol te herleiden is naar een individueel project.
Ook zijn er door het RIVM aangedragen technische redenen om af te kappen op een afstand van 5 kilometer vanwege de verminderde betrouwbaarheid van SRM2 naarmate de afstand groter wordt: het model is ontworpen voor gebruik op kleine afstanden van de weg, niet voor het berekenen van een landsdekkend beeld. Het feit dat de deposities na 5 kilometer niet meer worden berekend, betekent uiteraard niet dat deze ook niet bestaan. Voor het bepalen van de GCN en GDN (grootschalige concentratie- en depositiekaarten Nederland), en ook bijvoorbeeld voor het doorrekenen van de effecten van de landelijke snelheidsverlaging van 130 km/uur naar 100 km/uur, is het noodzakelijk dat ook de bijdrages van wegverkeer/wegen op afstanden groter dan 5 kilometer worden berekend.
Kenmerk
R001-1278514BRA-V04-aqb-NL
Dit gebeurt met OPS 13, waarbij enkele voor wegverkeer specifieke instellingen worden gebruikt; deze rekenmethode wordt dan aangeduid met OPS Road. In feite zijn dus beide modellen nodig om een volledig beeld te geven van de stikstofdepositie ten gevolge van wegverkeer: SRM2 voor een berekening tot 5 kilometer afstand van de bron en OPS voor de resultaten na 5 kilometer van de bron. Nu is enkel SRM2 geïmplementeerd in AERIUS Calculator, waardoor resultaten na 5 kilometer niet berekend worden. Daardoor zijn niet alle effecten ten gevolge van het project berekend. Daarom vraagt de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in haar tussenuitspraak van 20 januari 2021 14 aan de Minister van Infrastructuur en Waterstaat om te verduidelijken of haar berekeningen met SRM2 wel volledig zijn. De Minister heeft 6 maanden de tijd om haar onderbouwing vorm te geven. De uitkomst van dit proces is op moment van schrijven van deze rapportage onduidelijk. Moeten effecten van wegverkeer op afstanden groter dan 5 kilometer van de weg wel of niet worden beschouwd? Dit wordt pas definitief duidelijk als de Afdeling een definitieve uitspraak zal doen over 6 maanden. De gemeente Urk heeft daarom aan TAUW gevraagd om onderzoek te doen naar de effecten van het verkeer ten gevolge van de Zeeheldenwijk op afstanden groter dan 5 kilometer van de bron.
Opzet berekeningen In deze notitie worden via twee sporen onderzocht of de Zeeheldenwijk ook stikstofeffecten geeft op kwetsbare natuur als de verkeersbijdrage ook wordt meegerekend op afstanden groter dan 5 kilometer van de wegas. 1) Op 5 kilometer van het plangebied wordt een ‘eigen rekenpunt’ gelegd. Als op dit rekenpunt de stikstofdepositie al 0,00 mol/ha/jaar is, dan mag aangenomen worden dat ook op afstanden groter dan 5 kilometer de stikstofdepositie niet hoger wordt dan 0,00 mol/ha/jaar. 2)
TAUW heeft extra berekeningen uitgevoerd waarin de wegbijdrage op afstanden groter dan 5 kilometer van de weg niet wordt afgekapt, maar wordt doorgerekend met de rekenkern OPS_road. De stikstofdepositie wordt dan berekend op alle hexagonen die relevant zijn voor het toetskader van de Wet natuurbescherming. Zo ontstaat een volledig en precies beeld van de stikstofdepositie ten gevolge van de Zeeheldenwijk.
Resultaat – berekening op eigen rekenpunt In figuur B.1 is een schermweergave te zien van de ligging van het eigen rekenpunt. De berekening zelf is bijgevoegd in bijlage 3. Het rekenpunt is op 5 kilometer afstand gelegd van het centrum van de Zeeheldenwijk. Dat betekent dat al het wegverkeer is meegenomen in de berekening. Op het rekenpunt a wordt een stikstofdepositie berekend van 0,03 mol/ha/jaar. Dit betekent dat door middel van deze berekening nog niet uitgesloten kan worden dat er >0,00 mol/ha/jaar stikstofdepositie ontstaat op stikstofgevoelige habitats in Natura 2000-gebieden. Met een extra berekening is onderzocht bij welke hoeveelheid ammoniak in de referentiesituatie er wél sprake is van 0,00 mol/ha/jaar netto resultaat op dit rekenpunt.
13
Ook voor landsdekkende berekeningen wordt overigens binnen 5 km van wegen met SRM2 gerekend.
14
ECLI:NL:RVS:2021:105
Kenmerk
R001-1278514BRA-V04-aqb-NL
Dit blijkt zo te zijn bij een hoeveelheid van 1550 kg/jaar ammoniak in de referentiesituatie, zie bijlage 4. Dat komt overeen met een oppervlak van 57 ha agrarisch land. Ook deze 57 ha is nog maar een gedeelte van de in totaal 85 ha agrarische grond die wordt omgezet naar bouwgrond. Let wel, dit betreft rekenresultaten op 5 kilometer van het plan Zeeheldenwijk. Daar ligt geen stikstofgevoelig habitat, het is landbouwgrond. Het meest nabijgelegen stikstofgevoelige habitat, ligt op 15,3 kilometer van de Zeeheldenwijk. Met een extra OPS berekening kan onderzocht worden of ook met de inzet van 47,5 ha landbouwgrond, er netto 0,00 mol/ha/jaar stikstofdepositie optreedt op de relevante habitats.
Figuur B 1 De ligging van het ‘eigen rekenpunt’ ten opzichte van het plangebied. Deze locatie is gekozen omdat het ligt op 5 kilometer van het centrum van de Zeeheldenwijk, in de richting van het meest nabijgelegen stikstofgevoelige habitat in een Natura 2000-gebied.
Resultaat – berekening met OPS_road De resultaten van de berekening met OPS_road zijn bijgevoegd in bijlage 5. Hieruit blijkt dat op alle hexagonen in stikstofgevoelige habitats in Natura 2000-gebieden, de netto stikstofdepositie (dus plan minus referentie) niet hoger is dan 0,00 mol/ha/jaar. In deze berekening wordt gesaldeerd met 47,5 ha agrarische grond. Uitgesloten kan worden dat er een toename van stikstofdepositie ontstaat naar aanleiding van het plan Zeeheldenwijk.
Kenmerk
Bijlage 3
R001-1278514BRA-V04-aqb-NL
AERIUS ‘eigen rekenpunt’ op 5 kilometer van het centrum van de Zeeheldenwijk – 47,5 ha
Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de berekende stikstofbijdragen op eigen gedefinieerde rekenpunten. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl.
Berekening Referentie en Grondverzet + aanleg + gebruik Kenmerken Samenvatting emissies Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens
Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: https://www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers. RwDAVfNVk3LW (12 februari 2021) pagina 1/29
Resultaten
Contact
Activiteit
Rechtspersoon
Inrichtingslocatie
Gemeente Urk
Divers, Divers Urk
Omschrijving
AERIUS kenmerk
Urk ZHW - eigen rekenpunt op 5 km
RwDAVfNVk3LW
Datum berekening
Rekenjaar
Rekenconfiguratie
12 februari 2021, 09:20
2021
Berekend met eigen rekenpunten
Totale emissie
Situatie 1
Situatie 2
Verschil
NOx
9.746,65 kg/j
15.036,38 kg/j
5.289,73 kg/j
NH3
2.177,45 kg/j
1.103,58 kg/j
-1.073,87 kg/j
Resultaten
Natuurgebied
Verschil
Hectare met hoogste verschil (mol/ha/j)
Niet van toepassing
Niet van toepassing
Toelichting
Urk ZHW, grondverzet+aanleg+gebruik minus referentie - eigen rekenpunt op 5 km
Resultaten
Referentie Grondverzet + aanleg + gebruik
RwDAVfNVk3LW (12 februari 2021) pagina 2/29
Resultaten
Locatie Referentie
Emissie Referentie
Bron Sector
Emissie NH3
Emissie NOx
98,90 kg/j
-
1.300,60 kg/j
-
Linknr: , Anode: , Bnode: , Name: Wegverkeer | Snelwegen
63,07 kg/j
715,05 kg/j
Linknr: , Anode: , Bnode: , Name: Wegverkeer | Snelwegen
11,11 kg/j
119,50 kg/j
Linknr: , Anode: , Bnode: , Name: Wegverkeer | Snelwegen
59,15 kg/j
760,49 kg/j
Linknr: , Anode: , Bnode: , Name: Wegverkeer | Snelwegen
45,52 kg/j
592,15 kg/j
Kinderboerderij Landbouw | Stalemissies
Bouwland Landbouw | Landbouwgrond
Resultaten
Referentie Grondverzet + aanleg + gebruik
RwDAVfNVk3LW (12 februari 2021) pagina 3/29
Resultaten
Bron Sector
Resultaten
Emissie NH3
Emissie NOx
Linknr: , Anode: , Bnode: , Name: Wegverkeer | Snelwegen
7,49 kg/j
87,99 kg/j
Linknr: , Anode: , Bnode: , Name: Wegverkeer | Snelwegen
48,04 kg/j
519,85 kg/j
Linknr: , Anode: , Bnode: , Name: Wegverkeer | Snelwegen
349,01 kg/j
4.487,46 kg/j
Linknr: , Anode: , Bnode: , Name: Wegverkeer | Snelwegen
2,03 kg/j
22,77 kg/j
Linknr: , Anode: , Bnode: , Name: Wegverkeer | Snelwegen
1,86 kg/j
20,46 kg/j
Linknr: , Anode: , Bnode: , Name: Wegverkeer | Snelwegen
190,69 kg/j
2.420,93 kg/j
Referentie Grondverzet + aanleg + gebruik
RwDAVfNVk3LW (12 februari 2021) pagina 4/29
Resultaten
Locatie Grondverzet + aanleg + gebruik
Emissie Grondverzet + aanleg + gebruik
Bron Sector
Emissie NH3
Emissie NOx
103,90 kg/j
-
-
725,60 kg/j
Verkeer gebruiksfase 1 Wegverkeer | Snelwegen
73,76 kg/j
811,06 kg/j
Verkeer gebruiksfase 2 Wegverkeer | Snelwegen
15,05 kg/j
153,98 kg/j
Verkeer gebruiksfase 3 Wegverkeer | Snelwegen
65,37 kg/j
450,09 kg/j
Verkeer gebruiksfase 4 Wegverkeer | Snelwegen
57,69 kg/j
706,56 kg/j
Kinderboerderij Landbouw | Stalemissies
Sfeerverwarming Wonen en Werken | Woningen
Resultaten
Referentie Grondverzet + aanleg + gebruik
RwDAVfNVk3LW (12 februari 2021) pagina 5/29
Resultaten
Bron Sector
Resultaten
Emissie NH3
Emissie NOx
Verkeer gebruiksfase 5 Wegverkeer | Snelwegen
9,87 kg/j
107,99 kg/j
Verkeer gebruiksfase 6 Wegverkeer | Snelwegen
57,53 kg/j
601,79 kg/j
Verkeer gebruiksfase 7 Wegverkeer | Snelwegen
455,49 kg/j
5.464,32 kg/j
Verkeer gebruiksfase 8 Wegverkeer | Snelwegen
2,44 kg/j
26,43 kg/j
Verkeer gebruiksfase 9 Wegverkeer | Snelwegen
2,27 kg/j
23,93 kg/j
Verkeer gebruiksfase 10 Wegverkeer | Snelwegen
250,66 kg/j
2.997,10 kg/j
Verkeer buiten planlocatie - grondverzet Wegverkeer | Snelwegen
1,31 kg/j
16,76 kg/j
Verkeer binnen plangebied - grondverzet Wegverkeer | Binnen bebouwde kom
< 1 kg/j
15,24 kg/j
Zeeheldenbuurt - grondverzet Mobiele werktuigen | Bouw en Industrie
3,74 kg/j
1.252,99 kg/j
Sleephopperzuiger Scheepvaart | Binnenvaart: Aanlegplaats
-
751,86 kg/j
Zeeheldenbuurt - woningbouw Mobiele werktuigen | Bouw en Industrie
2,23 kg/j
878,18 kg/j
Verkeer buiten planlocatie - woningbouw Wegverkeer | Snelwegen
1,62 kg/j
26,33 kg/j
Verkeer binnen plangebied - woningbouw Wegverkeer | Binnen bebouwde kom
< 1 kg/j
26,16 kg/j
Referentie Grondverzet + aanleg + gebruik
RwDAVfNVk3LW (12 februari 2021) pagina 6/29
Resultaten
Rekenpunten
Resultaten
Label
Positie
Situatie 1
Situatie 2
Verschil
Afstand tot dichtstbijzijnd e bron
Afstand 5 km van centrum Zeeheldenwijk
176646, 516427
0,64
0,67
+ 0,03
2.257 m
Referentie Grondverzet + aanleg + gebruik
RwDAVfNVk3LW (12 februari 2021) pagina 7/29
Resultaten
Emissie (per bron)
Naam Locatie (X,Y)
Referentie
Uitstoothoogte Warmteinhoud NH3
Resultaten
Referentie Grondverzet + aanleg + gebruik
Kinderboerderij 171824, 519077 5,0 m 0,000 MW 98,90 kg/j
RwDAVfNVk3LW (12 februari 2021) pagina 8/29
Resultaten
Dier
Resultaten
RAV code
Omschrijving
Aantal Stof dieren
Emissiefactor (kg/dier/j)
Emissie
A 1.100
overige huisvestingssystemen (Rundvee; melk- en kalfkoeien ouder dan 2 jaar) (Overig)
1 NH3
13,000
13,00 kg/j
K 3.100
overige huisvestingssystemen (Paarden; volwassen pony's (3 jaar en ouder)) (Overig)
1 NH3
3,100
3,10 kg/j
K 1.100
overige huisvestingssystemen (Paarden; volwassen paarden (3 jaar en ouder)) (Overig)
1 NH3
5,000
5,00 kg/j
D 3.100
overige huisvestingssystemen (Varkens; vleesvarkens, opfokberen van circa 25 kg tot 7 maanden, opfokzeugen van circa 25 kg tot eerste dekking ) (Overig)
2 NH3
3,000
6,00 kg/j
I 2.100
overige huisvestingssystemen (Konijnen; vlees- en opfokkonijnen tot dekleeftijd) (Overig)
8 NH3
0,200
1,60 kg/j
B 1.100
overige huisvestingssystemen (Schapen; schapen ouder dan 1 jaar, inclusief lammeren tot 45 kg ) (Overig)
10 NH3
0,700
7,00 kg/j
B 1.100
overige huisvestingssystemen (Schapen; schapen ouder dan 1 jaar, inclusief lammeren tot 45 kg ) (Overig)
2 NH3
0,700
1,40 kg/j
C 1.100
overige huisvestingssystemen (Geiten; geiten ouder dan 1 jaar) (Overig)
9 NH3
1,900
17,10 kg/j
C 1.100
overige huisvestingssystemen (Geiten; geiten ouder dan 1 jaar) (Overig)
5 NH3
1,900
9,50 kg/j
F 4.100
overige huisvestingssystemen (Kalkoenen; vleeskalkoenen) (Overig)
2 NH3
0,680
1,36 kg/j
F 4.100
overige huisvestingssystemen (Kalkoenen; vleeskalkoenen) (Overig)
3 NH3
0,680
2,04 kg/j
Referentie Grondverzet + aanleg + gebruik
RwDAVfNVk3LW (12 februari 2021) pagina 9/29
Resultaten
Dier
RAV code
Omschrijving
Aantal Stof dieren
Emissiefactor (kg/dier/j)
Emissie
E 4.100
overige huisvestingssystemen (Kippen; (groot-)ouderdieren van vleeskuikens ) (Overig)
20 NH3
0,580
11,60 kg/j
E 4.100
overige huisvestingssystemen (Kippen; (groot-)ouderdieren van vleeskuikens ) (Overig)
5 NH3
0,580
2,90 kg/j
G 1.100
overig huisvestingssystemen (Eenden; ouderdieren van vleeseenden tot 24 maanden) (Overig)
10 NH3
0,320
3,20 kg/j
H 1.1
open mestopslag onder de kooi (Pelsdieren; nertsen, per fokteef ) (Overig)
1 NH3
0,580
< 1 kg/j
H 1.1
open mestopslag onder de kooi (Pelsdieren; nertsen, per fokteef ) (Overig)
8 NH3
0,580
4,64 kg/j
H 1.1
open mestopslag onder de kooi (Pelsdieren; nertsen, per fokteef ) (Overig)
12 NH3
0,580
6,96 kg/j
G 1.100
overig huisvestingssystemen (Eenden; ouderdieren van vleeseenden tot 24 maanden) (Overig)
6 NH3
0,320
1,92 kg/j
Naam Locatie (X,Y) Uitstoothoogte Oppervlakte Spreiding Warmteinhoud NH3
Resultaten
Bouwland 172172, 518747 0,5 m 47,4 ha 0,3 m 0,000 MW 1.300,60 kg/j
Sector
Omschrijving
Stof
Emissie
Landbouw grond
Mestaanwending: dierlijke mest
NH3
1.300,60 kg/j
Referentie Grondverzet + aanleg + gebruik
RwDAVfNVk3LW (12 februari 2021) pagina 10/29
Resultaten
Naam
Locatie (X,Y) NOx NH3
Soort
Voertuig
Standaard
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Licht verkeer
5.651,0 / etmaal NOx NH3
350,10 kg/j 54,23 kg/j
Standaard
Middelzwaar vrachtverkeer
467,0 / etmaal NOx NH3
231,35 kg/j 4,50 kg/j
Standaard
Zwaar vrachtverkeer
270,0 / etmaal NOx NH3
133,60 kg/j 4,34 kg/j
Naam
Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Linknr: , Anode: , Bnode: , Name: 174331, 517423 715,05 kg/j 63,07 kg/j
Soort
Voertuig
Standaard
Linknr: , Anode: , Bnode: , Name: 174317, 517477 119,50 kg/j 11,11 kg/j
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Licht verkeer
1.236,0 / etmaal NOx NH3
61,68 kg/j 9,55 kg/j
Standaard
Middelzwaar vrachtverkeer
62,0 / etmaal NOx NH3
24,74 kg/j < 1 kg/j
Standaard
Zwaar vrachtverkeer
83,0 / etmaal NOx NH3
33,08 kg/j 1,08 kg/j
Referentie Grondverzet + aanleg + gebruik
RwDAVfNVk3LW (12 februari 2021) pagina 11/29
Resultaten
Naam
Locatie (X,Y) NOx NH3
Soort
Voertuig
Standaard
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Licht verkeer
12.455,0 / etmaal NOx NH3
307,24 kg/j 47,59 kg/j
Standaard
Middelzwaar vrachtverkeer
1.232,0 / etmaal NOx NH3
243,02 kg/j 4,72 kg/j
Standaard
Zwaar vrachtverkeer
1.067,0 / etmaal NOx NH3
210,22 kg/j 6,83 kg/j
Naam
Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Linknr: , Anode: , Bnode: , Name: 174348, 517800 760,49 kg/j 59,15 kg/j
Soort
Voertuig
Standaard
Linknr: , Anode: , Bnode: , Name: 174537, 517606 592,15 kg/j 45,52 kg/j
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Licht verkeer
8.952,0 / etmaal NOx NH3
234,78 kg/j 36,37 kg/j
Standaard
Middelzwaar vrachtverkeer
900,0 / etmaal NOx NH3
188,75 kg/j 3,67 kg/j
Standaard
Zwaar vrachtverkeer
805,0 / etmaal NOx NH3
168,62 kg/j 5,48 kg/j
Referentie Grondverzet + aanleg + gebruik
RwDAVfNVk3LW (12 februari 2021) pagina 12/29
Resultaten
Naam
Locatie (X,Y) NOx NH3
Soort
Voertuig
Standaard
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Licht verkeer
1.086,0 / etmaal NOx NH3
40,01 kg/j 6,20 kg/j
Standaard
Middelzwaar vrachtverkeer
70,0 / etmaal NOx NH3
20,62 kg/j < 1 kg/j
Standaard
Zwaar vrachtverkeer
93,0 / etmaal NOx NH3
27,36 kg/j < 1 kg/j
Naam
Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Linknr: , Anode: , Bnode: , Name: 174556, 517364 87,99 kg/j 7,49 kg/j
Soort
Voertuig
Standaard
Linknr: , Anode: , Bnode: , Name: 174528, 517315 519,85 kg/j 48,04 kg/j
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Licht verkeer
5.782,0 / etmaal NOx NH3
270,47 kg/j 41,89 kg/j
Standaard
Middelzwaar vrachtverkeer
402,0 / etmaal NOx NH3
150,37 kg/j 2,92 kg/j
Standaard
Zwaar vrachtverkeer
265,0 / etmaal NOx NH3
99,01 kg/j 3,22 kg/j
Referentie Grondverzet + aanleg + gebruik
RwDAVfNVk3LW (12 februari 2021) pagina 13/29
Resultaten
Naam
Locatie (X,Y) NOx NH3
Soort
Voertuig
Standaard
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Licht verkeer
12.455,0 / etmaal NOx NH3
1.812,98 kg/j 280,82 kg/j
Standaard
Middelzwaar vrachtverkeer
1.232,0 / etmaal NOx NH3
1.434,03 kg/j 27,88 kg/j
Standaard
Zwaar vrachtverkeer
1.067,0 / etmaal NOx NH3
1.240,46 kg/j 40,31 kg/j
Naam
Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Linknr: , Anode: , Bnode: , Name: 173531, 518051 4.487,46 kg/j 349,01 kg/j
Soort
Voertuig
Standaard
Linknr: , Anode: , Bnode: , Name: 174429, 517695 22,77 kg/j 2,03 kg/j
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Licht verkeer
6.887,0 / etmaal NOx NH3
11,25 kg/j 1,74 kg/j
Standaard
Middelzwaar vrachtverkeer
529,0 / etmaal NOx NH3
6,91 kg/j < 1 kg/j
Standaard
Zwaar vrachtverkeer
353,0 / etmaal NOx NH3
4,61 kg/j < 1 kg/j
Referentie Grondverzet + aanleg + gebruik
RwDAVfNVk3LW (12 februari 2021) pagina 14/29
Resultaten
Naam
Locatie (X,Y) NOx NH3
Soort
Voertuig
Standaard
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Licht verkeer
6.869,0 / etmaal NOx NH3
10,41 kg/j 1,61 kg/j
Standaard
Middelzwaar vrachtverkeer
472,0 / etmaal NOx NH3
5,72 kg/j < 1 kg/j
Standaard
Zwaar vrachtverkeer
358,0 / etmaal NOx NH3
4,33 kg/j < 1 kg/j
Naam
Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Linknr: , Anode: , Bnode: , Name: 174659, 517529 20,46 kg/j 1,86 kg/j
Soort
Voertuig
Standaard
Linknr: , Anode: , Bnode: , Name: 172305, 518053 2.420,93 kg/j 190,69 kg/j
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Licht verkeer
12.432,0 / etmaal NOx NH3
997,70 kg/j 154,54 kg/j
Standaard
Middelzwaar vrachtverkeer
1.205,0 / etmaal NOx NH3
773,30 kg/j 15,03 kg/j
Standaard
Zwaar vrachtverkeer
1.014,0 / etmaal NOx NH3
649,93 kg/j 21,12 kg/j
Referentie Grondverzet + aanleg + gebruik
RwDAVfNVk3LW (12 februari 2021) pagina 15/29
Resultaten
Emissie (per bron)
Naam Locatie (X,Y)
Grondverzet + aanleg + gebruik
Uitstoothoogte Warmteinhoud NH3
Resultaten
Referentie Grondverzet + aanleg + gebruik
Kinderboerderij 172270, 518340 5,0 m 0,000 MW 103,90 kg/j
RwDAVfNVk3LW (12 februari 2021) pagina 16/29
Resultaten
Dier
Resultaten
RAV code
Omschrijving
Aantal Stof dieren
Emissiefactor (kg/dier/j)
Emissie
A 1.100
overige huisvestingssystemen (Rundvee; melk- en kalfkoeien ouder dan 2 jaar) (Overig)
1 NH3
13,000
13,00 kg/j
K 3.100
overige huisvestingssystemen (Paarden; volwassen pony's (3 jaar en ouder)) (Overig)
1 NH3
3,100
3,10 kg/j
K 1.100
overige huisvestingssystemen (Paarden; volwassen paarden (3 jaar en ouder)) (Overig)
1 NH3
5,000
5,00 kg/j
D 3.100
overige huisvestingssystemen (Varkens; vleesvarkens, opfokberen van circa 25 kg tot 7 maanden, opfokzeugen van circa 25 kg tot eerste dekking ) (Overig)
2 NH3
3,000
6,00 kg/j
I 2.100
overige huisvestingssystemen (Konijnen; vlees- en opfokkonijnen tot dekleeftijd) (Overig)
8 NH3
0,200
1,60 kg/j
B 1.100
overige huisvestingssystemen (Schapen; schapen ouder dan 1 jaar, inclusief lammeren tot 45 kg ) (Overig)
10 NH3
0,700
7,00 kg/j
B 1.100
overige huisvestingssystemen (Schapen; schapen ouder dan 1 jaar, inclusief lammeren tot 45 kg ) (Overig)
2 NH3
0,700
1,40 kg/j
C 1.100
overige huisvestingssystemen (Geiten; geiten ouder dan 1 jaar) (Overig)
9 NH3
1,900
17,10 kg/j
C 1.100
overige huisvestingssystemen (Geiten; geiten ouder dan 1 jaar) (Overig)
5 NH3
1,900
9,50 kg/j
F 4.100
overige huisvestingssystemen (Kalkoenen; vleeskalkoenen) (Overig)
2 NH3
0,680
1,36 kg/j
F 4.100
overige huisvestingssystemen (Kalkoenen; vleeskalkoenen) (Overig)
3 NH3
0,680
2,04 kg/j
Referentie Grondverzet + aanleg + gebruik
RwDAVfNVk3LW (12 februari 2021) pagina 17/29
Resultaten
Dier
RAV code
Omschrijving
Aantal Stof dieren
Emissiefactor (kg/dier/j)
Emissie
E 4.100
overige huisvestingssystemen (Kippen; (groot-)ouderdieren van vleeskuikens ) (Overig)
20 NH3
0,580
11,60 kg/j
E 4.100
overige huisvestingssystemen (Kippen; (groot-)ouderdieren van vleeskuikens ) (Overig)
5 NH3
0,580
2,90 kg/j
G 1.100
overig huisvestingssystemen (Eenden; ouderdieren van vleeseenden tot 24 maanden) (Overig)
10 NH3
0,320
3,20 kg/j
H 1.1
open mestopslag onder de kooi (Pelsdieren; nertsen, per fokteef ) (Overig)
1 NH3
0,580
< 1 kg/j
H 1.1
open mestopslag onder de kooi (Pelsdieren; nertsen, per fokteef ) (Overig)
8 NH3
0,580
4,64 kg/j
H 1.1
open mestopslag onder de kooi (Pelsdieren; nertsen, per fokteef ) (Overig)
12 NH3
0,580
6,96 kg/j
G 1.100
overig huisvestingssystemen (Eenden; ouderdieren van vleeseenden tot 24 maanden) (Overig)
6 NH3
0,320
1,92 kg/j
K 1.100
overige huisvestingssystemen (Paarden; volwassen paarden (3 jaar en ouder)) (Overig)
1 NH3
5,000
5,00 kg/j
Naam Locatie (X,Y) Uitstoothoogte Oppervlakte Spreiding Warmteinhoud Temporele variatie NOx
Resultaten
Referentie Grondverzet + aanleg + gebruik
Sfeerverwarming 172281, 518561 8,0 m 91,1 ha 0,0 m 0,000 MW Continue emissie 725,60 kg/j RwDAVfNVk3LW (12 februari 2021) pagina 18/29
Resultaten
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Soort
Voertuig
Standaard
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Licht verkeer
6.697,0 / etmaal NOx NH3
414,90 kg/j 64,26 kg/j
Standaard
Middelzwaar vrachtverkeer
522,0 / etmaal NOx NH3
258,60 kg/j 5,03 kg/j
Standaard
Zwaar vrachtverkeer
278,0 / etmaal NOx NH3
137,55 kg/j 4,47 kg/j
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Verkeer gebruiksfase 1 174331, 517423 811,06 kg/j 73,76 kg/j
Soort
Voertuig
Standaard
Verkeer gebruiksfase 2 174317, 517477 153,98 kg/j 15,05 kg/j
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Licht verkeer
1.727,0 / etmaal NOx NH3
86,18 kg/j 13,35 kg/j
Standaard
Middelzwaar vrachtverkeer
96,0 / etmaal NOx NH3
38,31 kg/j < 1 kg/j
Standaard
Zwaar vrachtverkeer
74,0 / etmaal NOx NH3
29,49 kg/j < 1 kg/j
Referentie Grondverzet + aanleg + gebruik
RwDAVfNVk3LW (12 februari 2021) pagina 19/29
Resultaten
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Soort
Voertuig
Standaard
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Licht verkeer
16.887,0 / etmaal NOx NH3
416,57 kg/j 64,52 kg/j
Standaard
Middelzwaar vrachtverkeer
96,0 / etmaal NOx NH3
18,94 kg/j < 1 kg/j
Standaard
Zwaar vrachtverkeer
74,0 / etmaal NOx NH3
14,58 kg/j < 1 kg/j
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Verkeer gebruiksfase 3 174348, 517800 450,09 kg/j 65,37 kg/j