Technische vragen wijziging APV verbod gezichtsbedekkende kleding
Tekst van het document
Technische vragen agendapunt 4b Wijziging APV: verbod gezichtsbedekkende kleding (commissie Wonen, Werken en Veiligheid.d. 20 mei 2026 Vraag Antwoord Welke bevoegdheden ontbreken er nu precies Er bestaat geen algemeen verbod in de openbare ruimte (straat, plein, park) als voor politie en gemeente? het gaat om gezichtsbedekkende kleding bij ongeregeldheden. De bevoegdheid om bij (dreigende) ongeregeldheden een gemeentebreed of gebiedsgericht verbod op gezichtsbedekkende kleding in te stellen in de openbare ruimte ontbreekt.
1
Fractie RBU
2
RBU
Wanneer is volgens het college sprake van “dreigende ongeregeldheden”?
Als er op basis van concrete, objectieve feiten en omstandigheden redelijkerwijs te verwachten is dat de openbare orde op korte termijn zal worden verstoord, als niet wordt ingegrepen. Het zit tussen normale orde en feitelijke wanordelijkheden in en is bepalend voor de burgemeester of de politie mag ingrijpen.
3
RBU
Wie bepaalt dat uiteindelijk?
Op basis van artikel 172 Gemeentewet mag de burgemeester optreden bij daadwerkelijke verstoring óf bij ernstige vrees daarvoor.
4
RBU
Hoe voorkomt het college dat deze regel te breed gebruikt wordt?
Het gaat niet om het verbieden van gezichtsbedekking op zich, maar om situaties waarin anonimiteit wordt gebruikt om de openbare orde te verstoren. Zonder concrete, verifieerbare feiten is er géén dreigende ongeregeldheid en dus geen openbare ordeverstoring. Door op concreet gedrag te sturen en bevoegdheden strikt te koppelen aan feitelijke escalatie zal deze regel toegepast worden.
5
RBU
Hoe vaak had deze maatregel de afgelopen jaren op Urk echt verschil gemaakt?
De gemeente Urk heeft de afgelopen jaren te maken gehad met meerdere incidenten waarbij groepen zich doelbewust onherkenbaar maakten door bivakmutsen, gezichtsbedekking of schmink. Niet het aantal incidenten is doorslaggevend, maar de aard, context en herhaling van gedragingen waaruit een concreet en actueel risico op wanordelijkheden blijkt. Indien op basis van deze factoren redelijkerwijs te verwachten is dat zonder ingrijpen de openbare orde wordt verstoord, ligt het binnen de lokale verantwoordelijkheid van het gemeentebestuur om ter bescherming van inwoners proportionele maatregelen te treffen.
6
RBU
Zijn er gemeenten waar deze regels problemen of rechtszaken hebben opgeleverd?
Er bestaat geen specifieke jurisprudentie over deze exacte regeling. Dit betekent niet dat geen rechterlijke toetsing mogelijk is: toepassing zal worden beoordeeld.
7
RBU
Waarom zijn de huidige regels niet voldoende?
8
RBU
Hoe voorkomt het college dat gewone inwoners of vreedzame demonstraties hieronder vallen?
De anonimiteit, door het doelbewust onherkenbaar maken, werkt orde verstorend, vergroot gevoelens van onveiligheid bij inwoners en medewerkers van de gemeente en belemmert effectief optreden van politie en gemeente. Onze huidige APV biedt onvoldoende houvast voor adequate handhaving Deze APV-wijziging raakt niet het grondrecht van demonstraties. Dit grondrecht is vastgelegd in artikel 9 van de grondwet en uitgewerkt in de Wet Openbare Manifestaties en hierin dus beschermd.
9
RBU
Is het college bereid deze maatregel over een jaar te evalueren?
Een APV-wijziging mag altijd worden geëvalueerd. Een evaluatie na één jaar is in dit geval passend. Het college is bereid om deze maatregel over een jaar te evalueren.
10
RBU
Kan het college garanderen dat deze regel niet ten koste gaat van grondrechten?
De regeling vormt geen zelfstandige inperking van grondrechten, maar kan uitsluitend in concrete situaties worden toegepast ter bescherming van de openbare orde. De inzet ervan is gebonden aan strikte wettelijke voorwaarden en onderworpen aan bestuurlijke en rechterlijke toetsing.
11
RBU
Heeft het college juridisch advies ingewonnen over mogelijke spanning met artikel 7 en 9 van de Grondwet? Zo ja, wil men dat advies openbaar maken?
Er is geen juridisch advies ingewonnen over de bevoegdheid en de toepassing binnen het geldende wettelijke kader. De zaak is afgestemd met team Juridische zaken.
12
GB
Het raadsvoorstel spreekt over een evaluatie na een jaar, welke indicatoren worden hiervoor gebruikt en op welke wijze wordt de raad hierover geïnformeerd?
Bij een evaluatie na één jaar ligt de nadruk op outcome-indicatoren (wat is er veranderd), aangevuld met output- en perceptie-indicatoren. (Wat is er concreet gedaan?) Deze geven inzicht in respectievelijk de behaalde effecten, de uitgevoerde inzet en de ervaren impact. Proces- en kwalitatieve indicatoren (Hoe is het uitgevoerd?) worden aanvullend gebruikt om de werking van de aanpak te duiden en aanknopingspunten voor bijsturing te formuleren.
13
GB
Hoe wordt de nieuwe regeling gecommuniceerd naar de inwoners voor de inwerkingtreding?
De uitkomsten van de evaluatie kunnen ter kennisname aan de raad worden aangeboden via een raadsinformatiebrief. Indien de evaluatie aanleiding geeft tot
bijstelling van beleid of besluitvorming, kan deze worden betrokken bij een separaat college- en raadsvoorstel. Afhankelijk van de bestuurlijke behoefte kan daarnaast een toelichtende presentatie of bespreking in de commissie worden georganiseerd. 14
GB
Sluit aan bij APV van andere gemeenten waarin dit benoemd staat, zoals Rotterdam, Veendam en Alkmaar." Kunnen wij de bijbehorende artikelen krijgen in de APV's van deze gemeenten? Wij konden ze zelf niet vinden
Rotterdam De APV Rotterdam kent geen algemeen verbod op gezichtsbedekkende kleding. Wel is in artikel 2:1 bepaald dat het verboden is voorwerpen bij zich te hebben of te dragen indien aannemelijk is dat deze worden gebruikt in het kader van (dreigende) verstoring van de openbare orde. In de toelichting worden onder meer bivakmutsen en maskers als voorbeeld genoemd Veendam Het verbod op gezichtsbedekkende kleding in Veendam is vastgelegd in artikel 2:82 van de APV. Alkmaar In Alkmaar staat het verbod niet als zelfstandig artikel, maar is het opgenomen als onderdeel van de bepaling over samenscholing (artikel 2:1 APV).
15
GB
Hoe schat het college de juridische risico's met name op het gebied van rechtszekerheid en gelijke behandeling in?
De afweging die voorligt, acht het college bestuurlijk en juridisch gedragen
16
GB
Waarom wordt schmink benoemd in lid 6, wat is de juridische noodzaak?
Deze APV-wijziging is geen stap richting beperking van grondrechten, maar een stap richting helderheid over waar grondrechten gelden, en waar onze lokale verantwoordelijkheid ligt om inwoners te beschermen tegen wanorde en onveiligheid.
17
GB
Wat gebeurt er als een activiteit start als cultureel, maar later onrustig wordt wanneer vervalt dan de uitzondering? Wordt het hele evenement dan geraakt of alleen specifieke personen?
De uitzondering blijft van toepassing, zolang de openbare orde niet in het geding is. Indien een culturele activiteit uitmondt in een (dreigende) verstoring van de openbare orde, kan de uitzondering niet langer worden toegepast op de feitelijke situatie. In dat geval kan zowel tegen individueel gedrag van aanwezigen worden opgetreden als, indien noodzakelijk, tegen het evenement als zodanig,
bijvoorbeeld door het stellen van aanvullende voorwaarden of het beëindigen daarvan. 18
GB
Komen er extra kosten op het gebied van juridische ondersteuning en worden deze bijgehouden?
Voor zover nu de inschatting is, worden geen extra kosten voorzien voor juridische ondersteuning.
19
GB
Kan iemand ook aangesproken worden op bezit van gezichtsbedekkende kleding als deze niet wordt gedragen?
20
FVD
Kunnen we de aanpassing van de wijziging APV verbod gezichtsbedekkende kleding misschien gelijk combineren met een verbod op boerka's zodat de aanpassing misschien iets populairder wordt en de jeugd ook inziet waarom gezichtsbedekking problematisch is?
Het enkel voorhanden hebben van gezichtsbedekkende kleding is op zichzelf niet verboden. Indien echter, gelet op de omstandigheden, aannemelijk is dat deze middelen worden gebruikt of bedoeld zijn in het kader van (dreigende) verstoring van de openbare orde, kan het bezit in samenhang met gedrag en context aanleiding geven tot handhavend optreden Nee dat kan niet.
21
FvD
Geldt het verbod op gezichtsbedekkende kleding ook voor politiecollega’s van de aanhoudingseenheid (romeo’s) die in burgerkleding optreden tijdens situaties van samenscholing of dreigende ongeregeldheden?
Nee deze geldt niet voor medewerkers van de politie wanneer zij bezig zijn met de uitoefening van hun werk.
22
FvD
Wat gebeurt er als iemand weigert gehoor te geven aan een bevel om gezichtsbedekking af te doen? Wordt eerst gewaarschuwd of direct gehandhaafd?
Uitgangspunt is dat betrokkene eerst in de gelegenheid wordt gesteld om aan het gegeven bevel te voldoen. Als hieraan geen gehoor wordt gegeven, kan handhavend worden opgetreden. In situaties waarin sprake is van een acute verstoring van de openbare orde of dreigende escalatie, kan direct worden overgegaan tot handhaving. Politieambtenaren en buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s) zijn bevoegd om inzage in een identiteitsbewijs te vorderen. Het enkel tonen van een identiteitsbewijs vormt slechts een onderdeel van de identificatieplicht; medewerking aan het daadwerkelijk vaststellen van de identiteit is vereist. In dat kader kan worden verlangd dat gezichtsbedekkende
kleding, zoals een bivakmuts, wordt verwijderd om identificatie mogelijk te maken. Het niet voldoen aan een dergelijke vordering levert een overtreding op van artikel 8 van de Politiewet 2012, in samenhang met artikel 2 van de Wet op de identificatieplicht. 23
FvD
Hoe gaat het college meten of deze regeling daadwerkelijk helpt bij het verbeteren van de openbare orde? (Welke cijfers krijgt de raad terug bij de evaluatie?)
Een evaluatie na één jaar lijkt in dit geval passend. De burgemeester is bereid om deze maatregel over een jaar te evalueren. Zie verder de beantwoording van vraag 12.
24
FvD
Hoe is de taakverdeling tussen boa’s en politie geregeld bij handhaving van deze bepaling? Wie heeft de leiding als beide aanwezig zijn bij een incident?
Zodra sprake is van ongeregeldheden, ligt het niet langer bij het handhaven van de specifieke norm (gezichstsbedekkende kleding), maar bij het handhaven van de openbare orde, waarbij de regie in beginsel bij de politie ligt.
25
SGP
Waarom is lid 5 expliciet bijgevoegd en dus is er expliciet benoemd dat deze uitzonderingen er zijn?
De opgenomen uitzonderingen zijn ter bescherming van de grondrechten.
26
SGP
Waarom is er niet voor gekozen om bijvoorbeeld de artikelen uit de APV van de gemeente Rotterdam, Utrecht en of de artikelen uit de APV van de gemeente Lisse over te nemen? Deze artikelen staan al geruime tijd in de APV van deze gemeenten en worden in de praktijk dus al gehandhaafd.
Er is geen jurisprudentie terug te vinden over de handhaving van dit artikel. De artikelen van de genoemde gemeenten zijn als leidraad gehanteerd. Bij deze gemeenten staat de uitwerking in de toelichting. Er is in deze gekozen voor een duidelijke formulering, hetgeen heeft geleid tot een expliciete beschrijving van het artikel.
27
SGP
Waarom is lid 5 op deze manier opgenomen? Waarom expliciet uitzonderingen voor manifestaties. Juist daar zie we het vaak misgaan. Als iets al wettelijk geregeld is in de WOM hoef je toch iets niet expliciet weer te
Gezichtsbedekkende kleding wordt in de APV geregeld omdat deze bepaling toeziet op de algemene handhaving van de openbare orde en veiligheid in de openbare ruimte. De Wet openbare manifestaties (Wom) regelt de uitoefening van een aantal grondrechten in Nederland, waaronder het recht tot betoging. Bij openbare ordeverstoring kan een grondrecht van uitingsvrijheid en demonstratie
benoemen? Voornoemde gemeenten hebben dit niet opgenomen of anders. Kunt u duidelijk aangeven waarom Urk hier wel voor kiest?
uit het zicht raken en komt de regulerende bevoegdheid van het lokale gezag in beeld. Om deze reden stellen wij voor het verbod op gezichtsbedekkende kleding bij openbare ordeverstoring en dreigende situaties in de APV op te nemen.
28
SGP
Hoe kunnen wij deze specifieke bepaling opnemen zonder dat lid 5 daarop van toepassing is. Kan dat op bijv. dezelfde manier als Lisse?
In gemeente Lisse ziet de bepaling specifiek toe op wapens en dit is bij de gemeente Urk niet aan de orde.
29
SGP
Waarom kiest het college ervoor om het meevoeren van goederen/voorwerpen te beperken tot gezicht bedekkende kleding en niet uitbreiden naar andere voorwerpen die de openbare orde kunnen verstoren. Zoals verschillende andere gemeenten wel doen, zoals voornoemde gemeenten Rotterdam, Utrecht en Lisse.
De gemeente Urk heeft de afgelopen periode te maken gehad met incidenten waarbij groepen zich doelbewust onherkenbaar maakten – bij voorbeeld door bivakmutsen, gezichtsbedekking of schmink – juist op momenten dat de openbare orde onder druk stond of dreigde te komen. Die anonimiteit werkt orde verstorend, vergroot gevoelens van onveiligheid bij inwoners en belemmert effectief optreden van politie en gemeente. Het benoemen van andere goederen of voorwerpen is in dit geval niet noodzakelijk. Het expliciet opnemen van dergelijke onderdelen zonder dat daarvoor een concrete aanleiding bestaat, wordt niet proportioneel geacht.
30
SGP
Kunnen we een verandering doorvoeren in onze aanwijzingen m.b.t. manifestaties en demonstraties m.b.t. meevoeren van goederen en de gezicht bedekkende kleding? Voorstel hiertoe zal ik u doen toekomen.
Het stellen van voorschriften en beperkingen ten aanzien van het meevoeren van goederen en het dragen van gezichtsbedekkende kleding kan niet op generieke wijze plaatsvinden. Gelet op het grondrechtelijk karakter van uitingsvrijheid en van demonstraties dienen dergelijke beperkingen steeds per geval te worden beoordeeld op noodzaak en proportionaliteit, binnen het kader van de Wet openbare manifestaties. Het is dus niet toegestaan om dit als standaardregel toe te voegen. De Burgemeester kan per demonstratie vooraf voorschriften en beperkingen stellen doch altijd gebaseerd op concrete omstandigheden of risico’s met een deugdelijke motivering.