CConstaterende datUrk
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel beweegbare bruggen.docx

Commissie Organisatie en Leven 28 april 2021, gemeente UrkBij agendapunt: Groot onderhoud Arie de Witbrug en Zwolsebrug. Wethouder P.N. Middelkoop2.372 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Datum raadsvergadering

20 mei 2021 Agendanummer Datum

7 april 2021

Onderwerp

Financiële stand van zaken groot onderhoud Arie de Witbrug en Zwolsebrug Aan de leden van de raad, Voorgesteld besluit

1) In te stemmen met vervanging van de steigers bij de Arie de Witbrug door stalen hoog/laag steigers uit oogpunt van veiligheid en een (financieel) duurzamere keuze op lange termijn. 2) In te stemmen met het voorgestelde dekkingsvoorstel, te weten: a) Een bedrag voor Groot onderhoud á € 164.176,- te dekken ten laste van het IBOR egalisatiefonds (9121037); b) Een bedrag voor Investering á € 34.685,- te dekken uit de stelpost 1210513/438299; c) Een bedrag voor Investering á € 28.084,- te dekken uit de reserve vervanging IBOR ( 9121009); d) Een bedrag van € 166.548 ten laste te laten komen van de post Onvoorzien van het krediet brug Zeeheldenwijk (4210138); e) Een bedrag van € 54.599,- in 2021 te oormerken als Coronakosten om deze ten laste te laten komen van een bijdrage voor Coronamaatregelen van het Rijk.

Inleiding

Met het vaststellen van het IBOR-Beleidsplan in mei 2017 heeft u het besluit genomen om de twee beweegbare bruggen van gemeente Urk, de Arie de Witbrug en de Zwolsebrug, te renoveren. De dekking voor de renovatie was in datzelfde IBOR-Beleidsplan geregeld. Provincie Flevoland was eerder in 2016 al gestart met een groot integraal onderhoudsprogramma voor de bruggen en sluizen die zij in hun gebied onderhouden. Voor Urk verzorgt de Provincie tevens de bediening op afstand van de Arie de Witbrug (sinds 1985) en de Zwolsebrug (sinds 2006). Ook voert zij in opdracht van de gemeente klein onderhoud uit aan deze bruggen. Onze gemeente beschikt niet over onvoldoende kennis en capaciteit dergelijke kunstwerken te onderhouden en te bedienen. Vanwege de samenwerking en de expertise van de Provincie op het gebied van aansturing en onderhoud van beweegbare bruggen, is besloten mee te liften in het grootschalige renovatieproject. Na een gedegen inspectie van beide bruggen bleken in de loop van 2017 meer ingrepen nodig dan vooraf ingeschat, wat tot hogere kosten leidde. In maart 2018 heeft het college ingestemd met de dekking van de meerkosten voor de renovatie, en zijn de afspraken met de Provincie vastgelegd in een “Overeenkomst betreffende de renovatie van de Arie de Witbrug en de Zwolsebrug van de gemeente Urk” (24 mei 2018, kenmerk 2018.01618).

De bruggen zijn daarmee volledig opgenomen in de aanbesteding van de Provincie.

In 2017 heeft de provincie het contract op de markt gezet en uiteindelijk gegund in juni 2018 aan de aannemerscombinatie Croonwolter&dros - Hollandia Services (Triple-B). Het contract is een geïntegreerd contract, wat betekent dat het ontwerp, de uitvoering en het onderhoud samen contractueel bij de opdrachtnemer zijn ondergebracht. De totale aanneemsom bedroeg op dat moment ca 44 mln euro op basis van 13 beweegbare bruggen en 11 sluizen. Na een voorbereidingsperiode en uitvoering van andere werkzaamheden uit het contract zijn medio 2020 de renovatiewerkzaamheden aan de Arie de Witbrug gestart. In het tweede kwartaal van 2021 wordt begonnen met de werkzaamheden aan de Zwolsebrug. Na aanbesteding van het contract en gedurende de uitvoering van de renovatiewerkzaamheden is onze gemeente geconfronteerd met forse meerkosten waar diverse oorzaken aan ten grondslag liggen.

Beoogd resultaat / effect

Dekking van de meer(werk)kosten voor de Arie de Witbrug en Zwolsebrug, realisatie van een stalen hoog/laag steiger bij de Arie de Witbrug en afspraken met Sortas t.a.v. de bedrijfszekerheid van de Zwolsebrug.

Argumenten

Meerdere omstandigheden bij aanbesteding en tijdens de uitvoering van het contract hebben geleid tot meerkosten. De oorzaken zijn onder te verdelen in vijf thema’s, die hieronder worden toegelicht: 1. Contractafspraak onnauwkeurigheid raming t.o.v. aanneemsom 2. Aanscherping Machinerichtlijn; 3. Actualisatie Richtlijnen Vaarwegen en aanleg Michiel de Ruyterbrug; 4. Onvoorzien onderhoud door degeneratie; 5. Overige aanleidingen. 1. Contractafspraak onnauwkeurigheid raming t.o.v. aanneemsom In het contract dat op 24 mei 2018 met de Provincie is afgesloten, hebben provincie en gemeente een vast bedrag afgesproken dat gemeente Urk zou bijdragen, op basis van de gemaakte raming. In artikel 4.2 is daarbij vastgelegd dat indien de aanneemsom hoger zou uitvallen dan de raming, gemeente Urk tot maximaal 10% extra aan kosten kwijt zou zijn. Een en ander los van eventuele meerwerkkosten. Het bedrag waarop krediet is aangevraagd, is gebaseerd op het vaste bedrag en bedroeg €1.453.320,-. De aanneemsom voor het werk op Urk bedroeg echter €2.041.693,-, waardoor de gemeente €145.332,- meer aan de provincie moet betalen. Het overige deel van de hogere aanneemsom is voor risico van de provincie. Extra kosten door contractafspraak onnauwkeurigheid raming t.o.v. aanneemsom bedragen €145.332,2. Aanscherping Machinerichtlijn In 2018 is de Machinerichtlijn aangescherpt (vastgesteld in 2019).

Deze wijziging vond plaats na de voorbereiding van de renovatie door de Provincie in 2017. De wijziging heeft tot gevolg dat strengere eisen aan de installatieonderdelen van de bruggen worden gesteld. Deze strengere eisen zijn daardoor destijds niet meegenomen in de technische uitwerking door de provincie. Tijdens de voorbereiding van de uitvoering heeft aannemer Triple-B daarom veel aanpassingen door moeten voeren, die tot hogere uitvoeringskosten hebben geleid. Het meerwerk door de Aanscherping Machinerichtlijn bedraagt € 265.702,3. Actualisatie Richtlijnen Vaarwegen en aanleg Michiel de Ruyterbrug

Voor de Urkervaart zijn de “Richtlijnen Vaarwegen” van Rijkswaterstaat van toepassing. De richtlijnen bevatten voorschriften en normen die kaderstellend zijn bij aanleg en renovatie van vaarwegen, bruggen, sluizen en overnachtingshavens. Een lokale beheerder zoals gemeente Urk heeft de mogelijkheid van de richtlijnen af te wijken, mits de alternatieve oplossing ook de vlotte, veilige en betrouwbare vaart garandeert. In 2017 heeft Rijkswaterstaat de richtlijn vaarwegen van 2015 herzien. Na beoordeling van de wijzigingen heeft de Provincie besloten om zich te conformeren aan de herziening van 2017. (Noot: Inmiddels is deze alweer herzien in 2020, waardoor die van 2017 is komen te vervallen. Vanwege het vergevorderde project zijn naar aanleiding daarvan geen wijzigingen meer doorgevoerd.) Door de actualisatie zijn wederom wijzigingen op de eerdere voorbereiding nodig geweest, omdat de Arie de Witbrug en de Zwolsebrug niet voldoen niet aan de richtlijn voor wat betreft de remming- en geleidingwerken en de aanwezigheid van wachtsteigers. Daarnaast is de locatie van de Michiel de Ruyterbrug in 2019 definitief geworden, wat ook invloed heeft op de (veiligheids)eisen. Om te voldoen aan de richtlijnen in combinatie met het gegeven van de locatie van de Michiel de Ruyterbrug, worden diverse mogelijkheden afgewogen.

Zwolsebrug De afweging van alternatieven ligt voor de Zwolsebrug anders dan bij de Arie de Witbrug. De Zwolsebrug ligt namelijk in een bocht van Urkervaart dichtbij de aanleglocatie van de nieuwe Michiel de Ruyterbrug. Het oorspronkelijke contract ging niet uit van de nieuwe Richtlijnen of van de aanleg van een nieuwe verkeersbrug op zeer korte afstand. Destijds is ervan uitgegaan dat de bestaande faciliteiten voldoen en konden worden gehandhaafd. Echter voor de nieuw ontstane situatie is dit de komende decennia niet toereikend. De vaarwegsituatie voor de Zwolsebrug is met de komst van de Michiel de Ruyterbrug op zeer korte afstand wezenlijk veranderd. Mocht één van de twee bruggen in storing vallen of mocht zich een andere onverwachte situatie voordoen dan is de aanwezigheid van veilige remmingwerken en wachtsteigers bij de Zwolsebrug een noodzakelijkheid. Daarom zijn deze voorzieningen, net als bij de toekomstige Michiel de Ruyterbrug wordt gedaan, aangebracht ter plaatse van de Zwolsebrug, welke deels zijn toegerekend aan de nieuwe Michiel de Ruyterbrug (50%). Arie de Witbrug De aanleiding van de noodzaak van een directe vervanging en aanpassing van de geleidewerken en wachtsteigers ligt de Arie de Wit brug anders. Bij deze brug zijn bij de bouw in 1985 al de nodige voorzieningen getroffen. In de aanloop naar het contract was klein onderhoud van de steigers meegenomen.

Bij de nulmeting van de aannemer kwam echter naar voren dat de basis van de steigers, de draagbalken, zodanig slecht waren dat het niet mogelijk of veilig was om nieuw dek aan te brengen. In een advies dat binnen het project door de Provincie is opgevraagd, is een vergelijking van de verschillende mogelijkheden en bijbehorende kosten gemaakt. Uitgangspunt is een bepaalde veiligheid garanderen. Schepen moeten bij de brug kunnen afmeren om te wachten. Voor beroepsvaart zijn palen hiervoor voldoende. Voor recreatievaart moet men bij calamiteiten kunnen afmeren en uitstappen. Daarvoor is een lage steiger nodig. De keus is huidige aanwezige steigers strippen en groot onderhoud van ca €115.000,- uitvoeren, waarna zij 10 jaar mee gaan, of volgens de standaard van Provincie Flevoland stalen voorzieningen plaatsen, waarbij de combinaties palen/lage steiger en hoge steiger/lage steiger (zogeheten hoog/laag steiger) qua kosten relatief zo dicht bij elkaar liggen, dat de combinatie hoog/laag steiger de voorkeur heeft, uitgevoerd in staal. De kosten hiervoor zijn € 512.000. Deze investering wordt afgeschreven in 40 jaar. Over de verwachte levensduur bezien, is het advies om de steigers bij de Arie de Witbrug dit jaar te vervangen door stalen hoog/laag steigers.

Het meerwerk door de Actualisatie Richtlijnen Vaarwegen en aanleg Michiel de Ruyterbrug bedraagt in totaal € 851.609,- inclusief het vervangen van de steigers van de Arie de Witbrug door stalen hoog/laag steigers.

4. Onvoorzien onderhoud door degeneratie Tijdens de technische voorbereiding zijn aannames gedaan betreffende de onderhoudstoestand van diverse onderdelen. Zo is er vanuit gegaan dat de lagers van de Arie de Witbrug nog goed waren, de slijtlaag van de val teervrij was, en de conservering van de Zwolsebrug nog in een goede toestand was. Tijdens de voorbereiding van de werkzaamheden bleek dat de degeneratie van de brug sneller is gegaan dan aanvankelijk ingeschat, waardoor er extra werkzaamheden dienen te worden uitgevoerd. Het meerwerk door onvoorzien onderhoud door degeneratie bedraagt € 215.826,5. Overige kosten De extra vanuit gemeente Urk gewenste verkeersmaatregelen (onder andere de inzet verkeersregelaars bij uitvoering Arie de Witbrug) waren niet bij de uitvoeringskosten inbegrepen. Ook zijn er extra kosten door de aannemer in rekening gebracht ten gevolge van de Coronapandemie. Deze meerkosten waren niet vooraf te voorzien. Er wordt vanuit gegaan dat de aannemer ook voor de Zwolsebrug nog extra kosten ten gevolge maatregelen met betrekking tot Corona in rekening zal brengen. Daarnaast blijkt dat de kabel ten behoeve van de bediening van de brug uitkomt op het terrein van Sortas. Vanwege de bedrijfszekerheid van de brug, moet de kabel voor onderhoud goed bereikbaar zijn, en mogen in de buurt bijvoorbeeld geen graafwerkzaamheden plaatsvinden.

Voor een maximale bedrijfszekerheid moet een nieuwe gestuurde boring onder de Urkervaart worden uitgevoerd, waarbij de kabels worden verlegd. Het meerwerk door overige aanleidingen bedraagt in totaal € 216.337,Kanttekeningen

Als gemeente zijn we wettelijk verplicht ons te houden aan de Machinerichtlijn. Vanwege veiligheid en risico, en om aansprakelijkheid en claims bij ongevallen te voorkomen, dienen we ook de Richtlijnen Vaarwater te volgen. Hier zit nauwelijks alternatief in qua keuzes ten aanzien van het meerwerk. Een keuze die gemaakt kan worden is om de steigers van de Arie de Witbrug niet te vervangen, maar groot onderhoud te plegen. Dit geeft een aanzienlijk kortere levensduur dan vervangen. Op de lange termijn is vervangen voordeliger, maar groot onderhoud vraagt op dit moment een lagere investering dan vervanging.

Evaluatie

Er was onvoldoende bestuurlijke en ambtelijke grip op dit project. Dit is te wijten aan verloop van medewerkers, beperkte bestuurlijke communicatie, een niet volledig functionerend controlesysteem en het onvoorspelbare, grillige verloop van het project zelf waarbij de gemeente Urk met voldongen feiten werd geconfronteerd voortkomende uit noodzakelijkheden. Inmiddels is op medewerkers-, management-, financieel- en directieniveau een aantal maatregelen getroffen om dit in de toekomst te verbeteren en de raad tijdig te informeren.

Kosten, baten, dekking

De onder het kopje ‘Argumenten’ beschreven thema’s en de toegelichte oorzaken, leiden in totaal tot een overschrijding van € 1.694.806,- inclusief vervanging van de steigers van de Arie de Witbrug:

1. Contractafspraak onnauwkeurigheid raming t.o.v. aanneemsom 2. Aanscherping Machinerichtlijn 3. Actualisatie Richtlijnen Vaarwegen en aanleg Michiel de Ruyterbrug 4. Onvoorzien onderhoud door degeneratie 5. Overige kosten Totaal

€ € € € € €

145.332 265.702,851.609,215.826,216.337,1.694.806,-*

In een vertaling ten behoeve van de regels van de BBV krijgt dit de navolgende opzet: A. Groot onderhoud (eenmalig) € 164.175,€ 1.309.483,B. Investering (activeren) C. Exploitatie (BOVO) € 166.548,D. Corona € 54.599,Totaal € 1.694.806,-* Inclusief realisatie van stalen hoog/laag steigers van de Arie de Witbrug komen wij tot het volgende dekkingsvoorstel: a) Een bedrag voor Groot onderhoud á € 164.176,- te dekken ten laste van het IBOR egalisatiefonds (9121037); b) Een bedrag voor Investering á € 34.685,- te dekken ten laste van het budget IBOR Kunstwerken (bruggen) uit de stelpost 1210513/438299; c) Een bedrag voor Investering á € 28.084,- te dekken uit de reserve vervanging IBOR ( 9121009); d) Een bedrag van € 166.548 ten laste te laten komen van de post Onvoorzien van het krediet brug Zeeheldenwijk (4210138); e) Een bedrag van € 54.599,- in 2021 te oormerken als Coronakosten om deze ten laste te laten komen van een bijdrage voor Coronamaatregelen van het Rijk.

Bijlagen

-

Opties hoog-laag steigers Arie de Witbrug

Burgemeester en Wethouders van Urk, C.H. van den Bos, burgemeester C.J.M. Swart, gemeentesecretaris

Zaaknummer

018419751 De raad van de gemeente Urk, op voorstel van het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Urk d.d. 13 april 2021 gezien het advies van Commissie II d.d. 28 april 2021 besluit: 1) In te stemmen met vervanging van de steigers bij de Arie de Witbrug door stalen hoog/laag steigers uit oogpunt van veiligheid en een (financieel) duurzamere keuze op lange termijn. 2) In te stemmen met het voorgestelde dekkingsvoorstel, te weten: a) Een bedrag voor Groot onderhoud á € 164.176,- te dekken ten laste van het IBOR egalisatiefonds (9121037); b) Een bedrag voor Investering á € 34.685,- te dekken uit de stelpost 1210513/438299; c) Een bedrag voor Investering á € 28.084,- te dekken uit de reserve vervanging IBOR ( 9121009); d) Een bedrag van € 166.548 ten laste te laten komen van de post Onvoorzien van het krediet brug Zeeheldenwijk (4210138); e) Een bedrag van € 54.599,- in 2021 te oormerken als Coronakosten om deze ten laste te laten komen van een bijdrage voor Coronamaatregelen van het Rijk. Urk, 20 mei 2021, De raad van de gemeente Urk, de griffier,

de voorzitter,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Urk&id=858a4b53-d226-494b-9201-55356e05d0c0