Memo Organisatievorm Energienet Urk v2.docx
Tekst van het document
Informatienota Onderwerp
organisatievorm Energienet Urk Datum
Aan
01-03-2023
Raad van de gemeente Urk
Zaaknummer
Van
018444201
College van burgemeester en wethouders
Informatienota
Het Energienet Urk voorziet bedrijven op Port of Urk en woningen in de Zeeheldenwijk van warmte en koude. De ontwikkeling en exploitatie vraagt om een professionele organisatie. In deze memo adviseren wij de organisatievorm joint venture. Dit is een samenwerkingsverband van de gemeente en een privaat warmtebedrijf, waarin de gemeente de meerderheid van de aandelen heeft. Dit geeft de gemeente doorslaggevende zeggenschap over de joint venture. Verkenning Wij hebben verkend hoe de organisatie van het Energienet Urk eruit moet zien. Wij hebben andere gemeenten gesproken, een marktconsultatie gehouden en naar deskundigen geluisterd. Natuurlijk hebben wij ook de inzichten en zorgpunten van College en Raad meegenomen. Doelen De organisatievorm van het Energienet Urk moet ons helpen om de volgende doelen te realiseren: Doelen
Toelichting
1. Van en voor Urk
Inwoners en bedrijven herkennen zichzelf in de organisatie die hen warmte en koude levert. De organisatie heeft een lokale identiteit.
2. Invloed gemeente
De gemeente heeft invloed op de duurzaamheid van het net en de tarieven die huishoudens en bedrijven betalen.
3. Risico’s beheersen
Technische, organisatorische en financiële risico’s zijn beheersbaar.
4. Uit te breiden
De gemeente kan het Energienet Urk in de toekomst uitbreiden naar nieuwe terreinen, woonwijken en warmtebronnen.
5. Aansluiten bij warmtewet
De organisatievorm sluit aan bij de opvolger van de huidige warmtewet, de Wet collectieve warmtevoorziening, die in ontwikkeling is (zie bijlage).
6. Eén organisatie
Eén organisatie is verantwoordelijk voor het distributienet en de levering van warmte en koude.
7. Draagvlak
De visverwerkende bedrijven en woningontwikkelaars hebben vertrouwen in de organisatievorm.
8. Los van de gemeente
Energienet Urk wordt niet uitgevoerd door gemeenteambtenaren, maar door een professionele organisatie die los staat van de gemeente.
Drie opties Wij hebben drie organisatievormen met elkaar vergeleken:
1. Ontwikkelen met HVC 2. Gemeentelijk bedrijf 3. Joint venture met een privaat warmtebedrijf Bij de eerste optie laten wij de realisatie en exploitatie over aan HVC. Dit overheidsbedrijf verzorgt de afvalverwerking op Urk. HVC heeft daarnaast ruim tien warmtenetten. De gemeente kan HVC zonder aanbesteding een opdracht geven. Dit heet inbesteding. De tweede optie is dat de gemeente Urk zelfstandig een warmtebedrijf opricht en 100% van de aandelen bezit. De uitvoering besteedt de gemeente vervolgens uit aan een warmtebedrijf of dienstverlener. De derde optie, de joint venture, lichten wij hieronder toe. Joint venture sluit het beste aan bij de doelen Wij onderzochten of de drie opties aansluiten bij onze doelen. De optie HVC scoort minder op het doel ‘Van en voor Urk’ omdat het net onder de vlag van HVC wordt uitgevoerd en omdat de gemeente nauwelijks invloed heeft over de uitvoering. Daarnaast is HVC niet gespecialiseerd in het type warmtenet dat wij voor ogen hebben. De tweede optie, het zelfstandige gemeentelijke warmtebedrijf, valt af vanwege het hoge risico voor de gemeente en de hoge kosten. De kosten zijn hoger dan de businesscase voorziet. Bij deze optie moeten wij immers alle kennis inhuren die nodig is voor de ontwikkeling en exploitatie. De joint venture past het beste bij onze doelen.
Deze vorm geeft de gemeente toegang tot de technische, organisatorische en financiële kennis, ervaring en schaal van een bestaand warmtebedrijf. De gemeente deelt de financiële en technische risico’s met een expert en de gemeente heeft invloed op de uitvoering. Hoe ziet de joint venture eruit? De joint venture is een rechtspersoon in de vorm van een BV, VOF of coöperatie. Voor gezamenlijke rekening en risico ontwikkelen de gemeente en een privaat warmtebedrijf het Energienet Urk. Door een ervaren partij te selecteren, verlagen wij de kosten en verminderen wij de risico’s voor de gemeente. De gemeente Urk heeft 50% + 1 aandeel in de joint venture. Hiermee heeft de gemeente doorslaggevende zeggenschap. Het private warmtebedrijf is de andere aandeelhouder. Governance De joint venture wordt door professionals bestuurd. De bestuurders worden aangewezen door de aandeelhouders. Het is gebruikelijk dat de wethouder financiën de gemeente vertegenwoordigt als aandeelhouder en dat de wethouder duurzaamheid stuurt op de beleidsdoelen. Voor de gemeente krijgt de joint venture een volledig transparante boekhouding en contractstructuur. Ondanks dat de gemeente de meerderheidsaandeelhouder is, moet zij op belangrijke onderwerpen de zeggenschap delen met de mede-aandeelhouder, het private warmtebedrijf. Denk aan investeringsbesluiten boven een bepaald bedrag.
Voor de gemeente is zeggenschap vooral belangrijk bij de ontwikkelfase en bij uitbreiding. Mochten kosten van arbeid en materialen stijgen, dan moet het Energiebedrijf Urk haar warmtetarieven verhogen. De gemeente kan dan besluiten om in te springen om de tarieven laag te houden.
Contracten Een aantal overeenkomsten is nodig om de joint venture op te richten en op het Energienet Urk te exploiteren. Ten eerste een aandeelhoudersovereenkomst. Hierin staan afspraken over zeggenschap, inbreng van kapitaal, samenwerking, aansprakelijkheid, geschillen en een exit. Ten tweede een dienstverleningsovereenkomst. Hierin staan afspraken over de diensten die het private warmtebedrijf levert, zoals klantenservice, boekhouding, facturatie, storingsdienst en onderhoud. De joint venture betaalt het warmtebedrijf voor de diensten. Tenslotte is een concessieovereenkomst nodig tussen de gemeente en de joint venture. Hierin staan afspraken over de beleidsdoelen van de gemeente, duurzaamheid en de afbakening van warmtekavels. Kapitaalinbreng Het Energienet Urk vergt een investering van circa 30 miljoen euro (prijspeil medio 2022). De gemeente mede-investeert en is mede-aansprakelijk voor de risico’s. Wij voorzien dat de gemeente circa 5 miljoen euro aandelenkapitaal inbrengt en dat zij circa 10 miljoen euro leent in de markt. Aanbesteding Na het besluit over de organisatievorm voorzien wij een openbare aanbesteding om een privaat warmtebedrijf te selecteren dat met de gemeente de joint venture opricht. Wij gebruiken waarschijnlijk elementen van de bouwteam-methodiek. Dit houdt in dat wij niet vooraf alle details vastleggen zoals in een conventionele aanbesteding.
In plaats daarvan selecteren wij een warmtebedrijf op basis van algemene kenmerken. Dit zijn kenmerken zoals visie, technische vaardigheden, financiële draagkracht, het bezitten van een leveringsvergunning warmte en het rendement dat het bedrijf beoogt. De marktconsultatie leerde ons dat deze aanbestedingsvorm de voorkeur heeft van warmtebedrijven. De planning van de aanbesteding is: Fase
Activiteiten
Duur
Fase 0
Voorbereiding: inkoopstrategie, concept bouwteamcontract en uitvraag opstellen
3,5 maanden: maart – medio juni
Fase 1
Aanbesteding publiceren en vragen beantwoorden. Aan het eind van deze fase kiest de gemeente een beoogde winnaar.
3 maanden: medio juni – medio augustus
Fase 2
Alle facetten van het Energienet Urk uitwerken samen met gekozen warmtebedrijf. Aan het eind van deze fase besluit de gemeente definitief over de oprichting van het Energienet Urk
4 maanden: september – december
Risico’s voor de gemeente Het oprichten van het Energienet Urk heeft de volgende risico’s: Risico
Maatregelen
De aanbesteding mislukt
De gemeente onderhandelt met geschikte partijen over de voorwaarden.
De investering wordt niet terugverdiend door te weinig aansluitingen
De gemeente organiseert een aansluitplicht.
Het warmtenet mislukt tijdens de ontwikkelfase
De gemeente vergoedt het warmtebedrijf voor de gemaakte ontwikkelkosten.
De warmteleveranciers gaan failliet.
De ACM handhaaft op de financiële kwaliteit van warmteleveranciers, ook die van de beoogde joint venture. Bij faillissement wijst de ACM een andere leverancier aan.
Bijlage: De nieuwe Wet collectieve warmtevoorziening Wij stellen keuzes voor die passen bij huidige en toekomstige wetgeving. De huidige warmtewet wordt vervangen door de Wet collectieve warmtevoorziening (Wcw). In oktober 2022 schreef Minister Jetten een Kamerbrief over de ontwikkeling van de Wcw. In de brief staan drie veranderingen ten opzichte van de huidige warmtewet: 1. De Wcw vervangt het zogenaamde “niet-meer-dan-anders”-prijsmethodiek. Nu zijn warmtetarieven gemaximeerd op basis van de gasprijzen. Dit wordt vervangen door de “kostprijs-plus”-methodiek. Dit moet leiden tot een maatschappelijk acceptabel rendement. 2. De gemeente krijgt de bevoegdheid om buurten (‘warmtekavels’) aan te wijzen aan een warmtebedrijf. Alle gebouwen in een warmtekavel moeten aansluiten tenzij ze zelf een duurzamer alternatief organiseren. 3. Warmtenetten moeten publiek eigendom worden. Door overheden zeggenschap te geven over vitale infrastructuur worden monopolies voorkomen. Dit dient het algemeen belang. Private warmtebedrijven blijven een belangrijke rol vervullen. Zij kunnen joint ventures aangaan met de publieke eigenaar van het warmtenet, maar ook actief zijn in opdracht van overheden. Voor bestaande, commerciële warmtebedrijven stelt Jetten een overgangsperiode voor van maximaal dertig jaar. Daarna moet het net in publieke handen komen.
Kleine warmtenetten met minder dan 1.500 aansluitingen kunnen in handen blijven van private warmtebedrijven. De Wcw sluit het ‘gesplitste leveringsmodel’ uit. Een gesplitst leveringsmodel houdt in dat het distributienet organisatorisch gescheiden is van de warmtelevering. De Wcw gaat uit van geïntegreerde ketenverantwoordelijkheid. Productie van warmte, distributie en levering van warmte moeten bij één partij belegd zijn.