Informatiememo beantwoording vragen + tijdlijn
Tekst van het document
Informatienota Onderwerp
Beantwoording vragen Definitief ontwerp / Businesscase en tijdlijn Energienet Urk Datum
Aan
27 mei 2024
Gemeenteraad Urk
Zaaknummer
Van
018459438
Willem Foppen
Informatienota
In april 2023 heeft de gemeenteraad van Urk besloten verder te gaan met de organisatievorm en aanbesteding van Energienet Urk. Tijdens deze raadsvergadering is tevens de Raadswerkgroep Energie opgestart. Op natuurlijke momenten in het proces is de raadswerkgroep Energie op de hoogte gesteld van de ontwikkelingen (zie ook hieronder de tijdlijn Energienet Urk). Tijdens één van deze momenten is het Definitief Ontwerp van het Energienet gepresenteerd en is er raad breed een presentatie geweest over de governance en businesscase van het Energienet Urk. In deze informatienota vindt u de achtereenvolgens: 1. 2. 3. 4.
Tijdlijn Energienet Urk (een overzicht van alle contactmomenten, publicaties en besluiten) Verwerking amendement en moties bij raadsbesluit april 2023 Vragen van Jacob de Borst inzake het Definitief Ontwerp en de daarbij behorende antwoorden. Vragen van Louw Gnodde inzake de Businesscase en de daarbij behorende antwoorden.
Tijdlijn Energienet Urk In een eerder stadium in het traject rondom Energienet Urk is een tijdlijn gedeeld met alle onderdelen die binnen het Energienet Urk zijn gedeeld/besloten. De tijdlijn die eerder met u gedeeld is, is aangevuld tot het moment van besluit college op 21/5/2024. Voorjaar 2020
Tweetal raadswerkgroep bijeenkomsten ter voorbereiding op notitie vaststellen kaders
7 mei 2020
Vaststellen kaders door gemeenteraad ten behoeve van aanbesteding warmtenet.
16 september 2020
Geen raadsmoment, maar besluitvorming selectieleidraad door college.
19 mei 2021
Raadsmemo over het vervolgproces na aanbesteding zonder inschrijvers.
2 8 juli 2021
Raadsmemo onderhandelingen met Engie voortvloeiend uit de aanbesteding zonder inschrijvers.
7 september 2021
Raadsmemo melding dat aanbesteding inclusief onderhandelingen geen resultaat heeft opgeleverd.
21 september 2021
Presentatie aan de raad (besloten informatieve raad) over het doorlopen proces
11 oktober 2021
Kennissessie 1 - 1e werksessie met raadsleden om te komen tot nieuwe kaders voor het vervolgproces
28 oktober 2021
Kennissessie 2 – 2e werksessie met raadsleden om te komen tot nieuwe kaders voor het vervolgproces.
Jan/febr 2022
Conform collegebesluit 21-12-2021 moet er een raadsmemo gedeeld zijn.
13 juni 2022
Raadsmemo inzake marktconsultatie
21 september 2022
Informele raad – toelichting KoWa Net Urk
10 november 2022
Raadsbesluit cofinanciering Regiodeal gelden 2
26 januari 2023
Presentatie organisatievormen in de informele raad.
April 2023
Keuze organisatievorm Energienet Urk en Aanbesteding bouwteamfase + inwerkingtreding Raadswerkgroep energie
6 juni 2023
Geen raadsmoment, maar collegebesluit selectieraad voor de niet-openbare Europese Aanbestedingsprocedure van het Energienet Urk
Juli 2023
Vaststelling Warmteplan Zeeheldenwijk en Port of Urk door gemeenteraad
14 december 2023
Geen raadsmoment, maar collegebesluit gunning bouwteamfase Energienet Urk
21 mei 2024
Geen raadsmoment, maar collegebesluit instemming projectrapportage en definitief ontwerp voor realisatie van Energienet Urk en instemming met besluitenpunten vanuit het raadsvoorstel en deze voor te leggen aan de gemeenteraad van Urk.
Bijeenkomsten Raadswerkgroep Energie 23 Mei 2023 14 September 2023 30 Oktober 2023 21 December 2023 15 Februari 2024 8 maart 2024 13 maart 2024 10 april 2024 6 mei 2024
Raadswerkgroep Energie Raadswerkgroep Energie Raadswerkgroep Energie Informatiememo gunningsfase Energienet Urk door wethouder Middelkoop Expertmeeting Raadswerkgroep Energie Referentiebezoek Raadswerkgroep Energie aan project InWarmte te Amsterdam Informatiememo voortgang Energienet Urk en beantwoording vragen en overwegingen mail Jacob de Borst (17/02/2024) Raadswerkgroep Energie Informatieve presentatie raad over businesscase en governance Energienet Urk
3
Amendement en moties april 2023 Onderstaand wordt puntsgewijs ingegaan op het amendement en de moties die door de gemeenteraad van Urk in april 2023 onderdeel zijn geweest van het raadsbesluit: Amendement
Het voorgestelde proces tot en met december 2023 als volgt te verdelen: a. Fase ‘aanbesteding’ met als doel een warmtebedrijf te contracteren; b. Fase ‘ontwerp en engineering’ met als doel te komen tot ontwerp, dimensionering en een business case. Het eindproduct van deze fase is de business case met een document met uitgangspunten, een omschrijving en tekeningen.
Het voorgestelde proces en de verdeling ervan is doorlopen. In juni 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders een besluit genomen over de selectieleidraad niet-openbare Europese aanbestedingsprocedure van het Energienet Urk, RD-2023-14. Het doel van deze aanbesteding: partner selecteren waarmee de gemeente het Energienet ontwikkelt en exploiteert in twee fases: •
•
Bouwteamfase. In bouwteamverband werken aan de concessie-overeenkomst en de joint-venture-overeenkomst. Ontwerpen van het Energienet en komen tot een haalbare businesscase. Concessiefase. De gemeente en het bedrijf richten een joint venture op die het Energienet Urk realiseert en gedurende 30 jaar exploiteert (na akkoord en besluitvorming gemeenteraad).
4
Amendement
Aan het college voor de fase ‘aanbesteding’ de volgende kaders mee te geven: a. De looptijd van de joint venture is maximaal 30 jaar. b. Op grond van de transitievisie warmte van de gemeente Urk is het projectgebied van de joint venture van PoU en de Zeeheldenwijk, met eenvoudige uitbreidingsmogelijkheden naar volgende fasen van PoU, naar de bestaande bebouwing op Urk en met koppelingen aan initiatieven op Zwolsehoek. c. De Internal Rate of Return, verminderd met de rentekosten voor investeringen, dient in verhouding te staan tot het risico van het project gedurende de looptijd. d. De kosten die het warmtebedrijf maakt bij het ontwerp en de engineering tot en met de oplevering van het eindproduct, dienen vergoed te worden tot een maximum overeen te komen bedrag of percentage van de business case. e. Nieuwe toetreders en MKB’ers op de energiemarkt dienen een kans te krijgen als privaat warmtebedrijf, mits hun solvabiliteit voldoende is. f. Bij de contractering moet een exit-strategie onderdeel zijn in het contract van het private warmtebedrijf. Bij een ‘exit’ vervalt het intellectuele eigendom van het ontwerp aan de gemeente Urk.
Amendement
Aan het college voor de fase ‘ontwerp en engineering’ de volgende kaders mee te geven: a. De raadswerkgroep ‘Energie’ op natuurlijke momenten mee te nemen in de resultaten van het ontwerp. Natuurlijke momenten worden gezien als de afronding van het voorontwerp, van het definitief ontwerp en van het technisch ontwerp (DNR terminologie).
Uitkomsten van de bouwteamfase liggen nu bij u voor ter besluit op 4 juli 2024. De opgegeven kaders zijn verwerkt: a. Is opgenomen in concessie overeenkomst. b. Is voorzien in het DO. Het traject van bestaand voor bestaand gaat uit van dezelfde technologische oplossing. c. Is uitgewerkt in de businesscase. d. De kosten voor de bouwteamfase zijn voor InWarmte gemaximeerd tot € 200.000,-. e. De aanbesteding is openbaar geweest en iedereen was vrij zich in te schrijven. Nieuwkomers op de energiemarkt konden zich inschrijven door dit samen te doen met een bedrijf dat een bedrijf met ervaring op de warmteleveringsmarkt. f. Bij het contracteren van de bouwteamfase is opgenomen dat bij het niet doorgaan van de samenwerking het volledig eigendom van het ontwerp bij de gemeente komt te liggen. a. De raadswerkgroep Energie is op natuurlijke momenten meegenomen in het traject. Zie tijdlijn Energienet Urk met de bijeenkomsten van de Raadswerkgroep Energie. 5
b. Het onderbrengen van warmtepompen binnen de joint venture verdient geen voorkeur. Indien het noodzakelijk is dat toch te doen, dan dient deze keuze financieel en technisch onderbouwd te worden. c. De locatie van de WKO dient gebaseerd te zijn op gedegen geofysisch onderzoek, in relatie met de al geplande doubletten in Zwolsehoek en overeenkomstig de dan geldende Verordening Interferentiegebieden Bodemenergiesystemen Gemeente Urk .
Motie 1
In het volledige proces van organisatie en uitvoering de regie te nemen;
Motie 1
De (nu nog) parallelle trajecten “Port of Urk” en “Zwolsehoek” zowel organisatorisch als technisch op een adequate en tijdige wijze met elkaar te verbinden;
b. Er is een variantenstudie verricht naar de verschillende mogelijkheden. Daar is uitgekomen dat het Energienet warmte, warm tapwater en koeling gaat leveren aan de huishoudens. De warmte wordt gegenereerd door een buurt warmtepomp. Het tapwater door een e-boiler in de woning. c. Er is door IF Technology een Geohydrologisch ontwerp open bodemenergiesysteem opgesteld voor Port of Urk en de Zeeheldenwijk. Hierbij zijn geen knelpunten geconstateerd tav de WKO voorzieningen op Zwolse Hoek. De gemeente heeft de regie en zal dat in de toekomst ook blijven houden (meerderheid van de aandelen in de Joint Venture). InWarmte is aan boord als kennispartij die zorgdraagt voor de ontwikkeling en uitvoering van het warmtebedrijf. Het traject bestaand voor bestaand en nieuw voor nieuw zijn op elkaar afgestemd. In het projectteam nieuw voor nieuw is een lid toegevoegd vanuit het project bestaand voor bestaand. De raadswerkgroep Energie is op natuurlijke momenten meegenomen in de huidige stand van zaken van beide projecten. Op 4 juli 2024 liggen beide projecten voor aan u als gemeenteraad. 6
Motie 1
Motie 1
Bij alle verdere bespreekmomenten in raad- en/of commissie steeds het volgende bij te voegen: • Een lijst met door de raad genomen besluiten over het onderwerp “Warmtenet” • Deze lijst bij elk beslismoment van de raad bij te voegen en bij te werken. • Voor zover mogelijk toekomstige beslismomenten daarbij op te nemen. Bij het gehele proces de raadswerkgroep “Energie” te betrekken;
Motie 2
enerzijds: eisen te koppelen aan doelen (TCO, duurzaamheid, samenwerking, enz.);
Motie 2
anderzijds: eisen niet te nauwkeurig te specificeren zodat marktpartijen hun onderscheidende oplossingen kwijt kunnen, en nieuwe technologische, innovatieve of concurrerende ontwikkelingen ook kunnen worden aangeboden;
Motie 2
als gemeente zelf het contact met de markt te onderhouden, ook als er externe adviseurs worden ingeschakeld voor het ontwikkelen en aanbesteden;
Motie 2
een fysieke netwerkbijeenkomst te organiseren waarin gemeente en marktpartijen met elkaar in contact kunnen komen, los van een (lopend) project of aanbesteding, zodat beide zijden elkaars belangen en doelstellingen kunnen verkennen in het formuleren van een uitvraag; te sturen op vroegtijdige betrokkenheid van marktpartijen in het ontwerpproces;
Motie 2 Motie 2
te zorgen voor een level playing field waarbij iedere partij evenveel kans maakt bij de aanbesteding en rekening gehouden wordt met bijvoorbeeld beschikbare bronnen, bestaande initiatieven in nabijgelegen gebieden, de grootte van de uitvraag, enz.;
Zie tijdlijn Energienet Urk met alle belangrijke momenten en beslissingen opgenomen.
De raadswerkgroep Energie is op natuurlijke momenten meegenomen in het traject. Zie tijdlijn Energienet Urk met de bijeenkomsten van de Raadswerkgroep Energie. De doelen waaraan InWarmte moet voldoen zijn SMART gemaakt. In de aanbesteding zijn geen technisch bestek opgenomen. Bedrijven konden zelf in de bouwteamfase hun expertise tav de ontwikkeling van het Energienet inbrengen. Dat heeft geleid tot het huidige Definitief Ontwerp van het net. De gemeente heeft zelf de regie en contact gehouden met de markt ook gedurende de aanbesteding. Er is een marktconsultatie geweest waarbij partijen zijn bevraagd en geïnformeerd over de op te zetten aanbesteding. Is gebeurd d.m.v. een marktconsultatie. Er is een Europese aanbesteding geweest die voorziet in een volstrekt gelijkwaardige kansen. De legitimiteit van de aanbesteding is nog uitvoerig 7
Openstaande Wanneer het bestaande initiatief zelfstandig van start gaat op Zwolse Hoek, zal daar technische een WKO geslagen worden. a. Klopt het dat Zwolse Hoek op zichzelf een interferentiegebied is? vraag april 2023 b. Klopt het dat alle WKO’s binnen hetzelfde interferentiegebied op hetzelfde systeem aangesloten moeten worden? c. Welke invloed heeft dat op het interferentiegebied voor de WKO in Port of Urk? d. Is er ook een minimale afstand tot de dijk waar rekening mee gehouden moet worden bij het slaan van een WKO? e. N.a.v. vraag 7d.: is er dan genoeg ruimte over voor een of meerdere WKO’s in Port of Urk? f. In hoeverre beïnvloedt het interferentiegebied Zwolse Hoek de ondergrond in de Zeeheldenwijk Openstaande Tijdens de informatieavond op 21 september 2022 heeft onze fractie al aangedrongen technische op een bodemonderzoek om te rekenen op een effectieve opslag van bronwater in de vraag april 2023 bodem. De waterdruk c.q. kweldruk langs de dijk is hoog. Dat kan het rendement van bodemopslag sterk verstoren en de exploitatie onder druk zetten. Ook nu is er nog geen onderzoek gedaan zo bleek vorige week. Een goede bodemopslag is essentieel voor het welslagen van het project. Het is sterk aan te bevelen om dit eerst uit te voeren en dit niet bij een ontwikkelaar te laten. Waarom wordt hier mee gewacht?
getoetst door de rechter en is op alle aspecten akkoord bevonden. a. Zwolse hoek is een interferentiegebied en valt onder de verordening interferentiegebieden. b. Nee, dat klopt niet. c. Geen invloed d. Het waterschap heeft beschermingsgebieden rond de dijk. Als daar binnen een bon geslagen zou worden moet daar vooraf toestemming voor verkregen worden van het Waterschap. In praktijk zullen we deze zone niet gebruiken voor de bronnen. e. Ja er is voldoende ruimte. f. Nauwelijks. Waterdruk en kwelwater heeft geen invloed op de bron capaciteit. Bronnen worden geslagen op een diepte van minimaal 90 en maximaal 200 meter. Kwelwater is een fenomeen dat zich voordoet in de ondiepe ondergrond.
8
Definitief Ontwerp (DO) Naar aanleiding van de presentatie van het DO heeft Jacob de Borst een aantal technische vragen ingediend. Onderstaande vragen hebben betrekking op het voorliggende DO en het detailniveau van een TO: A1
Het ligt nog steeds niet vast of voorzieningen bovengronds of ondergronds komen (pagina 5 , 12 en 25 van 51). JdB: keuze maken, waarbij de RWG al eerder uitgesproken heeft een voorkeur voor bovengronds te hebben.
A2
De ontwerptekeningen van deze voorzieningen ontbreken (pagina 5 van 51). JdB: in een DO behoren deze uitgewerkt te zijn.
A3
De exacte locaties van deze voorzieningen zijn niet bekend (pagina 5 van 51). JdB: in een DO horen deze exact vastgeprikt te zijn. Voordat het ontwerp van een bouwkundige voorziening start, behoren sonderingen gemaakt te zijn (pagina 5 van 51). JdB: Voordat een constructeur met zijn ontwerp begint, heeft hij sonderingen nodig. Dat is zijn startpunt !
A4
In het DO is aangegeven dat het uitgangspunt is om de wijkvoorziening bovengronds te plaatsen (blz 25). De keuze hoe voorzieningen er exact uit gaan zien en waar ze exact komen is mede afhankelijk van de stedenbouwkundige en landschappelijke inpassing die door ontwerpers van de gemeente zelf moet worden aangestuurd. Omdat de gebieden waar de voorzieningen komen stedenbouwkundig nog niet ver genoeg zijn uitgewerkt om deze keuzes nu goed te maken zal dit later worden bepaald. De voorkeur voor bovengrondse voorzieningen is daarbij wel in het DO opgenomen. Aan de goede werking van het systeem doet de keuze niets af en op de totale businesscase zijn de kostenverschillen niet dusdanig relevant dat de keuze nu als cruciaal wordt gezien. Het is gebruikelijk om de exacte ontwerptekeningen van technische installaties juist door de uitvoerende partij te laten engineren omdat juist op die onderdelen installatie aannemers veel actuele marktkennis kunnen inbrengen. Op basis van alle principeschema’s is de goede werking en de eisen die we zelf aan het systeem stellen goed geborgd. Zie het antwoord bij vraag A1 Dat klopt. Er zijn door het hele plangebied al sonderingen beschikbaar voor een start door een constructeur. Echter een constructeur zal zelf de exacte locatie van sonderingen willen bepalen, zeker omdat de ondergrond op Urk erg 9
onregelmatig is. Dit is vervolgens binnen twee weken te organiseren dus leidt niet tot vertraging. A5
De netcapaciteit van Liander wordt als risico benoemd. JdB: Waarom is dit in de DO-fase niet afgedekt?
Het is niet realistisch nu een oplossing voor dit algemene probleem. Inmiddels kampt meer dan 50% van Nederland met het probleem van netcongestie. Goed te vermelden is dat op DIT moment geen netcongestie is in het doelgebied van het Energienet. Maar het kan in de toekomst ontstaan. Wanneer er geen energienet zou komen en dus de elektra vraag in de ZHW en Port of Urk substantieel groter wordt is het probleem alleen maar groter dus het energienet is in zichzelf al een beheersmaatregel.
A6
De regeneratietoepassing vanuit de Urkervaart (pag. 4) en droge koelers (pag. 12, 21, 23, 25) is niet uitontwikkeld. JdB: waarom niet?
A7
De EMG-verklaring ontbreekt. Daardoor is de energiezuinigheid van het systeem niet onafhankelijk vastgesteld. JdB: Die verklaring speelt een belangrijke rol voor de politieke besluitvorming.
A8
De stukken van IF zijn nog niet onderzocht (zelfde tekst als in het VO; pagina 8 van 50). JdB: Waarom niet?
De formaten zijn vastgesteld, eveneens de manier van koppelen. Regeneratie vanuit de Urkervaart gaat om een back-up opstelling ingeval van meerjarig uitblijven van warmte van de visverwerkende industrie. Op dit moment is dit geen realistisch scenario waardoor de keuze is gemaakt dit nu ook nog niet verder uit te werken. De inzet van droge koelers zal in overleg met de visverwerkers worden uitgewerkt. Op dit moment zijn de vis- verwerkers/koelers binnen de scope van het project nog niet zover in het ontwerp van hun locatie. Op het moment dat dit wel het geval is wordt dit verder uitgewerkt. Uitwerking op termijn is van belang maar vormt voor nu geen kritiek punt. De benodigde waarden voor de verklaring zijn opgenomen in de rapportage. Echter de EMG-verklaring zelf valt buiten de scope van het DO. Dit is een apart traject dat op basis van het DO met de BCRG (Bureau Controle en Registratie Gelijkwaardigheid) opgepakt gaat worden. Deze zin is ten onrechte blijven staan uit het VO. De stukken zijn inmiddels onderzocht er resultaten verwerkt in het DO.
A9
De redundaties liggen niet vast. Er is alleen een voorbeeld van pompen en Korex Airsep genoemd (pagina 8, 17 van 50). JdB: hoe zit dat met warmtepompen, afsluiters, sensoren, enz.?
Bij het ontwerp van het uitwisselstation, de wijkcentrale, de clusteraansluitingen en de sectoraansluitingen is rekening gehouden met redundantie van onderdelen. Warmtepompen zijn ook redundant (2x75%) opgesteld. Sensoren en afsluiters niet. 10
A10
Er is geen optie voor een balansvoorziening gekozen (oppervlaktewater of dry coolers) (pagina 10 van 50). JdB: maak een keuze.
Er is meer diepgang nodig om een uiteindelijke keuze te maken. Er kan eventueel zonder balansvoorziening gestart worden omdat pas na 5 jaar balans dient te zijn. Dit is verstandiger, omdat je dan op de daadwerkelijke onbalans een systeem kan ontwerpen. Daarnaast heb je dan meer zicht op wat de vraag gaat zijn van de bedrijven. Wanneer voor oppervlakte water gekozen wordt, is het verstandig om dit mee te nemen in het ontwerp van Het Eiland in de Zeeheldenwijk. Deze zin is ten onrechte opgenomen. Pompen zijn gedimensioneerd.
A11
Pas in de volgende fase worden pompen gedimensioneerd (pagina 13 van 50). JdB: daar is een DO-fase juist voor.
A12
De ligging van de leidingen ligt niet vast (pagina 13 van 50). JdB: daar is het DO juist voor.
Voor het leidingsysteem zijn gedetailleerde tekeningen gemaakt en onderdeel van het DO waarin tracé, diepte en diameter zijn bepaald, dit is meer dan gebruikelijk in een civiel DO (daar vallen de leidingen onder). Ook de beschikbare doorsneden zijn al nagenoeg op TO niveau omdat daar diepte en ligging ten opzichte van alle andere leidingen in is weergegeven. Dat er nog enig voorbehoud gemaakt is over de ligging van leidingen heeft te maken met 3 punten: 1. Stedenbouwkundig wijzigen er nog plannen waardoor de ligging van het net mogelijk wat mee veranderd (doet aan de principes niets af) 2. Nutspartijen (Vitens en Liander) zijn ook nog bezig met engineering wat altijd kan leiden tot kleine aanpassingen in ligging van leidingen. Dit geldt voor energienet urk maar bijvoorbeeld ook voor het gemeentelijk riool. 3. De partij die de leidingen gaat leggen en dus de laatste technische uitwerking doet zal zelf ook zeker nog met optimalisaties kunnen komen wat het niet zinvol maakt nu alles 100% dicht te timmeren.
A13
Er is nog geen keuze gemaakt in het afvoeren van spuiwater (pagina 15 van 50). JdB: waarom niet?
Het uitgangspunt dat is gehanteerd in het ontwerp, is dat zout spuiwater van de WKO geloosd kan worden op het rioleringssysteem (blz 4). De vergunningsaanvraag hiervoor zal op nader moment worden ingediend. Naar verwachting goed oplosbaar en niet kosten relevant. 11
A14
A15 A16
Het bufferstation van PoU heeft nog geen locatie (pagina 15 van 50). JdB: daar is het DO juist voor.
Er moeten in PoU nog veel voorzieningen stedenbouwkundig worden ingepast (rioolgemaal, trafo’s Liander, nutskasten, etc.) dat zal vanuit het project Port of Urk worden aangestuurd en de locaties worden in samenhang bepaald als alle voorzieningen helder zijn. Op dit moment zijn die plannen (rioolgemaal en voorzieningen Vitens en Liander) nog in ontwikkeling. Nu een exacte locatie bepalen zou een schijnnauwkeurigheid betekenen. De ligging van de leidingen in de straat is indicatief (pagina 18 van 50). De ligging van de leidingen is niet meer indicatief. In de bijlages is de ligging De documenten van Arcadis behoren dan toch ook tot het DO? Jdb: de opgenomen. tekeningen ontbreken. Het elektrotechnisch ontwerp bevindt zich pas in de VO-fase (pagina Detailniveau m.b.t. elektrotechniek is uitgewerkt op DO-niveau. 20 van 50). JdB: opwerken naar DO-niveau.
Vragen op het nu voorliggende DO: B1
Hoe groot zijn de warmtapwaterboilers in de woningen? Welke vermogen heeft het elektrische verwarmingselement. Wat is de gemiddelde opwarmtijd bij een leeggetapte boiler?
160 liter, 2,5 kW, circa 3-4 uur opwarmtijd
B2
Er wordt geen lekdetectie van ondergrondse leidingen toegepast. De geïsoleerde sectorleidingen kunnen toch wel voorzien worden van lekdetectie? Waarom gebeurt dat niet?
B3
Waar komt wat in de wijk en hoe ziet het er bouwkundig uit? Voldoet de uitvoering aan ons beeldkwaliteitsplan van de Zeeheldenwijk?
De lekdetectie waarnaar wordt gerefereerd gaat wordt toegepast op stalen leidingen. Er is gekozen gebruik te maken van HDPE leidingen. Lekdetectie gaat hierbij meer over water die van buiten naar binnen gaat en niet andersom. Waarom is dit belangrijk bij stalen leidingen? Als het omhulsel is beschadigd en er water van buiten naar de leiding kan komen in combinatie met zuurstof, dan krijg je roestvorming. Dit is niet van toepassing op kunststof. Dat betekent niet dat er geen ‘lekdetectie’ is van binnen naar buiten. Dat gebeurt door het meten van drukverlies in de leidingen. Door afsluiters bij een lekkage dicht te zetten kan je ook de lek lokaliseren. De formaten van de bouwkundige elementen zijn opgenomen in het DO. De uitstraling en ontwerp ervan zal het beeldkwaliteitsplan moeten voldoen. Voor deze fase is uitwerking hiervan nog niet relevant. 12
B4
De locatie van de WKO dient gebaseerd te zijn op gedegen geofysisch onderzoek, in relatie met de al geplande doubletten in Zwolsehoek en overeenkomstig de dan geldende Verordening Interferentiegebieden Bodemenergiesystemen Gemeente Urk. Wordt daar aan voldaan?
Er is een geohydrologisch onderzoek uitgevoerd. Wat noodzakelijk is, is een bodemenergiesysteem (BES) ontwerp gebaseerd op de BRL 11.000. Dit is inmiddels opgestart met gecertificeerd bureau IF Technology uit Arnhem.
B5
Waar kan de koppeling met Zwolsehoek komen en hoe ziet die er technisch uit? Aan welke voorwaarden moet 'Zwolse hoek' voldoen?
B6
In de VO-presentatie is gezegd dat nog eens gekeken gaat worden naar het al dan niet isoleren van de clusterleidingen. Wat is de uitkomst daarvan? Ik mis de onderbouwing.
B7
Bij de VO-presentatie is gezegd dat het elektrisch naverwarmen van WTW slechts 10% is van het totale energiegebruik om WTW op te warmen. Nu lees ik dat er naverwarmd moet worden van ca. 40 naar 60 grd C. T.o.v. basistemperatuur van 10 grd voor warmtapwater is dit 20/50 = 0,4, dus 4x zo hoog. In de variantenstudie is het uitgangspunt: de meest duurzame energienetten in NL. Door deze keuze wordt niet voldaan aan dit criterium. Wat zijn de extra kosten indien er wel een boosterwarmtepomp wordt toegepast?
Deze zou aan de zuidzijde van Port of Urk kunnen komen. Het ziet er dan uit zoals het uitwisselstation. Dezelfde randvoorwaarden gelden als in dit project. Clusterleidingen worden niet geïsoleerd aangezien we hierbij zo dicht mogelijk zitten bij de grondtemperaturen. Het uitgangspunt voor dit moment was dat we hogere temperaturen konden onttrekken bij de visverwerkers. Uit gesprekken met Americold is gebleken dat dit niet het geval is. De 60˚C wordt enkel periodiek geproduceerd en niet continu. De uitspraak “naverwarming WTW slechts 10% van totaal energieverbruik” is niet bekend. Het meest duurzame energienet in NL is geen uitgangspunt voor het Energienet Urk. Het zal wel een van de meest duurzame zijn als we kijken naar de efficiëntie. Overigens maakt het voor de afnemer niet uit hoe WTW wordt gemaakt, want Energienet Urk kiest de beste oplossing en de afnemer betaalt per GJ afgenomen warmte
B8
Hoe wordt legionella beheerst bij warmteapwater in de woningen? Aangenomen is dat de boiler vaten altijd op minimaal 60°C gehouden worden, Wie is daar verantwoordelijk voor, omdat legionellabestrijding ook om waardoor er verder geen eisen zijn omtrent opwarming ter voorkoming van regelmatig doorwarming tot boven 60 grd. vraagt. legionella.
B9
DE DO-beschrijving geeft geen antwoord op de vraag wat er nu in de business case wordt opgenomen of niet. Zo staat regeneratie door oppervlaktewater en droge koelers in het DO-stuk, terwijl er mondeling gemeld is, dat deze voorzieningen niet meegenomen worden in de business case. In het algemeen: waar ligt de demarcatie van de business case in het DO?
In de businesscase zijn alle kosten voor het laten functioneren van het Energienet opgenomen. Daarbij is rekening gehouden met regeneratie van de WKO-bronnen aan de hand van de restwarmte van de koel- en vriesindustrie en de koude afkomstig van woningen en overige bedrijven. Regeneratie uit oppervlakte water of m.b.v. droge koelers zijn back-up scenario’s die pas worden ingezet als er langdurig geen regeneratie kan plaats vinden op de 13
B10
In tabel 10 wordt aangegeven wat de onbalans van het systeem is (24.731 GJ). Deze warmte moet geleverd worden door de visindustrie. Andersom geredeneerd, gedurende deze levering door de visindustrie, krijgt de visindustrie koude geleverd. Hoeveel uren per jaar kunnen Diepvries Urk en Americold gebruik maken van het energienet om zelf onder gunstige omstandigheden te koelen? Graag met onderbouwing.
B11
Waarom zijn in projectdeel 1 nog geen spuivoorzieningen nodig ? (pagina 15 van 50). Kan een debiet van 170 of 220 m3/h wel geloosd worden op de DWA-leiding qua capaciteit?
bovengenoemde wijze. In de businesscase zijn deze voorzieningen daarom ook niet opgenomen maar zitten die in de risico opslag. Het aantal uren ligt aan de afnamehoeveelheid op een gegeven moment en de systemen aan de zijde van Americold (waar wij geen zicht op hebben). Er is nu vanuit gegaan dat ze met name in de zomer willen terugleveren. Zodoende is het uitgangspunt dat de teruggeleverde warmte in de bodem wordt opgeslagen. Hierdoor kunnen we in een ander seizoen deze warmte toepassen. Indicatieve berekening is: Onbalans 25.000 GJ (= ca 7000 MWh). Voorlopig ontwerp Americold kent 3,2 MW condensors met vollast van 5500 uur per jaar (ca 63%). Totale restwarmteproductie ca 17.600 MWh. Aanname verdeling 60% in zomer en 40% in winter. Daarmee wordt er in de zomer circa 4 maanden warmte onttrokken van Americold [7.000/(0,6*17600)*6 maanden = 4 maanden} Voor zowel het gehele project als projectdeel 1 is het uitgangspunt dat zoutwater geloosd kan worden op riool (zie vraag A13). Dit past binnen het debiet van de riolering. Vergunning zal aangevraagd moeten worden.
B12
Wil de AWZI Tollebeek dit zoute water wel ontvangen?
Zie antwoorden op vraag A13 en B11.
B13
Tussen de warme en koude bronleiding heerst een drukverschil. In figuur 23 wordt een regelbare pomp in serie met dit drukverschil opgenomen. Is deze manier om de temperatuur van het teruggevoerde water te beheersen, wel functioneel?
B14
De tekeningen van de bijlagen zijn nog steeds onleesbaar (was ook mijn commentaar op het VO).
Zie hoofdstukken 6.2.9 afleverset bedrijven en woningen, hierin worden de twee bedrijfsstiuaties toegelicht. Daarnaast worden de functionaliteiten toegelicht. Er is geen drukverschil tussen de warme en koude leiding, de pompen in de afleverset dienen dit drukverschil te realiseren. De pomp pompt het water van warme naar koude leiding of andersom. In de set dient een beveiliging opgenomen te worden zodat er voldoende warmte of koude onttrokken wordt in de TSA en er dus een delta T over de TSA gerealiseerd wordt. Er zijn losse bijlages toegevoegd in hoge resolutie. Tekeningen zijn veel groter dan A4 en daarmee slechter leesbaar in het document. In de rapportage staan 14
daarom knipsels van de grotere tekeningen. Als dit voor te veel verwarring zorgt, dan kunnen deze verwijdert worden. Het is één afleverset voor warmte en koude en wordt dus in één ruimte geplaatst. Dit kan bijvoorbeeld een trapkast zijn.
B15
Welke consequenties heeft een afleverset voor warmte en koude in de woning? Moet er een warme en een koude 'meterkast' komen?
B16
In bijlage 19 is een SPF uitgerekend voor het systeem. Daar is geen rekening gehouden met het seizoensrendement van de WKO ten gevolge van grondwaterstromingen (de energie stroom weg) en geleiding. Welk rendement van de WKO heeft IF aangegeven in het bodemonderzoek en wat is de invloed van het WKO-rendement op de SPF?
In de SPF’s is indirect rekening gehouden met verliezen in de bodem. Dit zijn SPF’s op basis van ervaring van Volantis die realistisch zijn gebaseerd op de temperatuur die beschikbaar is in de bodem. In een SPF-berekening wordt het verlies in de bodem dan ook niet apart meegenomen.
B17
De SPF van het hele systeem komt uit op ca. 3,8. Wat is een vergelijkbare SPF voor een individuele lucht-water-warmtepomp van een referentiewoning? Op pagina 18 wordt gesproken over ontgassing van het bronwater. Bij lekkages en uitbreiding van de clusterleidingen vindt drukverlaging en dus ontgassing plaats. Wat gebeurt er bij ontgassing en wat zijn de gevolgen?
SPF is 5,8. Voor een L/W warmtepomp ligt deze rond de 3,5, afhankelijk van het weer van dat jaar.
B19
Het woord corrosie komt in het hele document niet voor, terwijl wel zes keer vermeld wordt dat bronwater zout is. Welke corrosiemaatregelen zijn er bedacht voor pompen, afsluiters, sensoren, enz. ?
Zie Hoofdstuk 4.5.2. ''De warmtewisselaar en het leidingwerk inclusief benodigde componenten aan de clusternetzijde dienen geschikt te zijn voor zout bronwater. Dit kan bijvoorbeeld gerealiseerd worden door het toepassen van RVS316 leidingen en componenten.”
B20
Bij reguliere WKO's wordt een TSA geplaatst waarbij opgepompt water direct weer in de bodem teruggebracht wordt. Hier niet. Water in PoU opgepompt, kan best in de ZHW weer de bodem ingepompt worden. Er wordt dus 'zout' verplaatst en zoutconcentraties in de bodem kunnen hierdoor zelfs toenemen. Is dit toegestaan?
Dit dient onderbouwd te worden door de BRL 11.000 ontwerpende partij. Zij kijken naar de effecten van het bronwater systeem. Zie vraag B4.
B21
Nog steeds ontbreken de externe bestanden van de bijlagen.
Zijn toegevoegd als losse bijlagen bij het DO (staan in IBABS).
B18
Tijdelijk ontgassing door een eenmalig verlaging van de druk is minder ernstig dan dat de installatie continu onder de drukeis draait.
15
Er is een gevoeligheidsanalyse van de business case toegezegd om de robuustheid ervan te onderbouwen. De volgende vragen hebben betrekking op de projectrisico’s voor input voor de gevoeligheidsanalyse: C1
Graafkosten zijn nu gebaseerd op gelijktijdige uitvoering. Wat zijn de risico's als dat voor 50% en voor 100% niet lukt?
C2
De koellast van de woningen zijn zonder zonwering berekend. Wat zijn de gevolgen als alle woningen wel allemaal zonwering hebben?
C3
De aanbesteding valt 15% hoger uitvalt, wat dan?
C4
Op de Arcadistekeningen staan heel veel leidingen onder een bomenrij geprojecteerd. In het DO-document wordt worteldoorgroei als een reëel en fors risico genoemd. Er wordt geen lekdetectie toegepast. Maar hoe ga je de lek tussen twee blokafsluiters dan opsporen? Is dit de methode https://youtube.com/watch?v=9HJYHxN03Pg&t=13s ? Zo ja, zijn deze aansluitpunten opgenomen; zo nee, hoe dan wel? Wat zijn de financiële gevolgen van 1 lek per 10 jaar?
C5
Verkalking (of verzanding) van de WKO-bronnen wordt in het DO genoemd. Wat zijn de financiële gevolgen?
Het uitgangspunt is dat de graafwerkzaamheden gelijktijdig worden uitgevoerd. Als dit niet lukt betekent het dat er opnieuw graafwerkzaamheden moeten worden uitgevoerd waardoor de kosten zullen toenemen. Zie ook de gevoeligheidsanalyse van de businesscase. Dan wordt de koudevraag lager en potentieel de warmtevraag hoger. Hierdoor zou je meer energie van de visindustrie moeten afnemen voor een balans. Zie de gevoeligheidsanalyse van de businesscase. "H.4.3.1. ''Daarom geldt dat de leidingen bij voorkeur onder het trottoir of onder de groenzone naast de weg gepositioneerd worden zodat deze altijd ‘bereikbaar’ zijn bij ongevallen of aanpassingen. Bij de beplanting in de groenzone dient er dan gezorgd te worden voor het vrijhouden van diepwortelende bomen en/of struikgewas. '' Lekdetectie wordt op diverse manieren uitgevoerd. De inschatting van de kosten van het opzoeken en repareren van een lek zijn sterk afhankelijk van het lek, de situatie, de positie en de handelingen die nodig zijn. Om die reden is het niet mogelijk om zomaar een bedrag te noemen. In het ontwerp is rekening gehouden dat door juiste positionering van de afsluiters, slechts een deel uitvalt. Wanneer de kringen rond zijn, is er altijd aanstroming van water vanuit één zijde.
Of de lekkage moet net op de aftakking tussen twee in blok afsluiters plaatsvinden." Bronzijdige waterbehandeling tegen ‘’verkalking’’ mag niet, je mag de samenstelling van het bronwater niet aanpassen. Ook zien wij verkalking bij 16
C6
In paragraaf 3.1.4 wordt over aansluitvormen van de visindustrie gesproken. Is de uiteindelijke aansluitvorm een risico?
C7
Wat is het risico dat de visindustrie geen warmte levert en teruggevallen moet worden op zonnepanelen en/of de Urkervaart?
C8
De glasvezelkabel van de regeltechniek gaat kapot door graafwerkzaamheden. Wat zijn de gevolgen?
C9
Er is risico op lekkage in de clusterleidingen waarbij het complete energienet van druk afgaat. In de variantenstudie was tussen PoU en ZHW nog een TSA opgenomen. Deze is ingewisseld voor een stel afsluiters. Wat zijn de risico's? Het clusternet is gevuld met zout bronwater. Wat zijn de risico's voor de ecologische gesteldheid van de bodem bij lekkages?
C10
bronnen nooit terugkomen, de opmerking m.b.t. verkalking is in het DO gekomen omdat vanuit het projectteam de vraag kwam of we het water gaan ontharden. Bij juiste drukhuishouding zullen er geen vlokken of verstoppingen in de bronnen ontstaan. In het DO staat vermeld: Drukbewaking bronwater i.v.m. ontgassing, kans op ijzer afzetting en waarborging Redox grens. Bij de juiste realisatie van de filterstelling/grind o.b.v. een goed BRL 11.000 ontwerp, zou verzanding van de filters/TSA niet plaats mogen vinden. Dit is voor de BRL 11.000 ontwerpende partij, zij kunnen hiervoor de risico’s inschatten. Het enige risico is wanneer er ongelimiteerd koude wordt geleverd en de balansvoorziening er niet op is uitgelegd. Deze variant is in de haalbaarheidsfase al afgevallen. Hiervoor dient o.a. de balansvoorziening. De kans dat de visverwerkende industrie lange tijd geen warmte levert is zeer klein. Het is ook in voordeel van hen om warmte te leveren. Daarnaast kan het risico gespreid worden indien zich meerdere visverwerkers zich in het gebied hebben gevestigd. Plaatselijk dient het herstelt te worden, voorbeeld video: https://www.youtube.com/watch?v=KBtLN4kRqTE. Elke regelaar kan stand alone draaien en warmte en koude uit het systeem onttrekken. Door het toepassen van ringen kan d.m.v.
afsluiters de druk worden hersteld waardoor enkel het gebied waarin de lekkage zich bevindt de druk compleet wegvalt. In de documenten die opgesteld zijn door IF Technology zijn de effecten en risico's terug te vinden. Dit behoort tot het ontwerp van de BRL 11.000 door de BRL 11.000 ontwerpende partij.
17
Businesscase Op 6 mei jl. is er raad breed een presentatie gegeven over de businesscase van Energienet Urk. Louw Gnodde heeft de volgende vragen ingediend bij het projectteam: 1.
Wat is de verwachting qua aansluiting van het aantal huizen over de komende jaren (hoeveel huizen bijvoorbeeld in 2030 en hoeveel in 2035?)
2.
Is er voor de periode 2025-2035 ook een exploitatie begroting? en is deze in meerdere scenario's uit te werken (met bijvoorbeeld risico's die Jacob in zijn mail heeft genoemd en de risico's die ook zijn benoemd tijdens 6 mei, bijvoorbeeld capex + 16% / rente +1 % en vertraging).
3.
Wat is de financiële impact als er de komende 8 jaar geen grote warmteleverancier (coldstore of productie bedrijf) in de Port of Urk komt? Er zullen dan (tijdelijk) andere oplossingen gefinancierd moeten worden.
In de bijlage is de begroting opgenomen in de basis variant en als onderdeel van de gevoeligheidsanalyse. Als een bepaald effect van zich voordoet (bijvoorbeeld de rente +1%) dan wordt de BAK aangepast zodat het projectrendement gelijk blijft. Let wel, het projectrendement is het rendement voor de financieringslasten. Hieronder is een overzicht van de gevolgen voor de BAK bij de verschillende scenario’s. Gevoeligheidsanalyse Effect op de BAK Volloop +2 jaar +3,5% Capex +15% +32% Rente BNG +1 +9% De kans dat Amercold zich niet vestigt op Port of Urk lijkt zeer klein. Mocht er theoretisch gesproken geen enkele warmte producerende onderneming zich vestigen op Port of Urk dan zal in de komende jaren een onbalans ontstaan. Deze kan worden opgeheven door aquathermie in IJsselmeer of Urkervaart of aansluiting op warmte producerende bedrijven op Zwolse Hoek.
18
4.
In de presentatie van de business case leek het alsof als het scenario capex +16% er geen rendabel business plan meer is. Klopt dit? en is 16% niet erg laag als je de bouwperiode over relatief lange periode uitvoert.
5.
Inwarmte mag een directeur leveren voor jointventure. Is dit onderdeel van de dienstverleningstarieven per gebruiker of wordt dit via een vaste fee (als overhead) doorbelast?
6.
De rente op de achtergestelde lening gaat gelijk in op het moment van verstrekking en dient jaarlijks afgelost te worden? Is deze inbreng als risicodragend kapitaal dan niet deels een wassen neus aangezien in de eerste jaren er forse financiering van de BNG binnenkomt en daarmee voor een lange periode aan de rente en eventuele aflossingsverplichtingen kan worden voldaan?
De Capex inschattingen zijn gedaan op basis van de inschatting van InWarmte, daarbij ondersteund door ingenieursbureau Volantis. Voor de aanname over de benodigde investering is op basis van de huidige inzichten een verondersteld conservatieve inschatting gedaan. Gezien de relatief korte periode tot aan start bouw, vinden wij een stijging van 15% ten opzichte van deze conservatieve inschatting al fors. Het is theoretisch denkbaar dat extremere prijsstijgingen ontstaan waardoor de investering in Energienet Urk meer dan 15% hoger zal zijn. De BAK zal dan moeten worden aangepast. Of Energienet Urk in zo’n scenario aan bewoners en bedrijven nog steeds een aantrekkelijk aanbod kan doen, is op voorhand moeilijk te zeggen. Echter, grote prijsstijgingen bij de aannemers en installateurs van Energienet Urk zullen zeer waarschijnlijk breder in de economie spelen (lonen, materialen, energie). Daarmee ligt het voor de hand dat alternatieven ook duurder zijn geworden en dat de ACM de maximale tarieven verhoogd. De kosten voor de volledige operatie zitten in de businesscase. Er zijn dus ook kosten begroot voor de directeur van de joint venture. Er vindt geen doorbelasting per kostensoort maar alle kosten worden dmv de BAK, vastrecht of het energietarief doorberekend aan de gebruiker. Energienet Urk wordt gefinancierd vanuit vier bronnen : 1. reeds verstrekte subsidie (Flevoland-Noord); 2.
Bijdrage Aansluitkosten; 3. Inbreng garantiekapitaal door de Gemeente en InWarmte, en; 4. Bank financiering. De gemeente heeft van InWarmte gevraagd dat zij EUR1,5mn aan garantiekapitaal inbrengt. In gesprek met de BNG zal blijken welke eis zij stellen ten aanzien van het risicodragend kapitaal. Mogelijk wordt dan de hoogte van de achtergestelde lening van InWarmte naar beneden bijgesteld. De bank financiering zal worden aangetrokken in de jaren dat geïnvesteerd wordt en dit opgenomen geld wordt gebruikt voor investeringen. Investeringen in de latere jaren worden deels vanuit de operationele cash flow gefinancierd, naast de vier hierboven genoemde bronnen. De rente en aflossingsverplichtingen worden voldaan uit de operationele cash flow. 19
7.
Stel, het gaat goed mis (bouwkosten + 50% / gemeente staat garant voor de leningen en neemt alles over): wat zijn de financiële consequenties voor de gemeente en onze gemeenschap?
In het uiterste geval dat dergelijke problemen definitief onoplosbaar zijn, zal de bank de garantie van de Gemeente aanspreken en aflossing eisen. Op het moment dat in dit zeer extreme scenario ook de waarde van het Energienet naar nul is gedaald, is het theoretische risico voor de gemeente de aflossing van de lening.
8.
en vraag 2 op het doemscenario: hebben we dan genoeg mensen of expertise om dan alles goed te kunnen regelen?
In een dergelijk extreemscenario dat de Capex met 50% is gestegen dan is er in de landelijke economie ook iets aan de hand. Het is lastig te voorspellen of er in die situatie voldoende resources (uitvoeringscapaciteit) zijn om alles te kunnen regelen.
9.
Tijdens de presentatie werd benoemd dat het circa 6 maanden warmer is dan 12 graden en dat dan het KoWa net opgewarmd wordt door warmte levering van de coldstore of een productiebedrijf. En dat we aan warmteterugwinning van 3 maanden genoeg hebben om de hele zeeheldenwijk te beleveren. Echter het moet toch opgewarmd worden tot 20 graden en als ik op internet zo even nazoek is het gemiddeld 100-120 dagen warmer dan 20 graden. Dat klinkt wat krap. Lijkt me ook niet handig dat een bedrijf continue moet schuiven met zijn warmte terugwinning (KOWA net of buitenlucht). Of zit ik nu verkeerd te denken?
De restwarmte die vrijkomt uit het koelproces bij de visverwerker is bijvoorbeeld 25˚C. Om deze te koelen kan de buitenlucht gebruikt worden. Op het moment dat de buitenlucht warmer is dan 12˚C (de koude kant van het energienet) dan is het voordeliger om te koelen aan het energienet. Het Energienet onttrekt dan met een delta T van 8˚ de warmte uit de koelmachine. Het water uit het Energienet is dan opgewarmd van 12˚ naar 20˚C.
20
Bijlage 1: winst en verliesrekening Energienet Urk Winst en verliesrekening (base case)
21
Winst en verliesrekening (scenario CAPEX + 16%)
22
Winst en verliesrekening (scenario volloop + 2 jaar)
23
Winst en verliesrekening (scenario rente + 1%)
24