Formulier technische vragen groepsbijeenkomsten CDA.docx
Tekst van het document
Formulier technische- en politieke vragen raadscommissie
Datum vergadering: 7 juni 2023
Partij: CDA
Nummer 1
Agendapunt 4
Vraag Klopt het dat we met dit raadsvoorstel nog niet instemmen met de beleidsnotitie zoals die nu is bijgevoegd, maar wel met enkele keuze opties, zoals onder punt 2 (geografische locatie), punt 3 en 4 (verder uitwerken variant legalisatie middels vergunningstelsel in raadsvoorstel), 6, 7 en 8 (opdracht college tot evaluatie, informeren over voortgang en opstarten communicatiecampagne)?
2
4
3
4
Komt de beleidsnotitie nog een keer terug ter bespreking en besluitvorming naar de raad? Of een andere nadere uitwerking van het vergunningstelsel (zoals benoemd onder punt 3)?, is dat ook wat onder punt 4.1. bedoeld wordt? Later wordt in het raadsvoorstel gesproken over ‘zowel individuele als structurele groepsbijeenkomsten’. Waar ligt het onderscheid hiertussen? Is een structurele bijeenkomst een bijeenkomst die regelmatig plaatsvindt? En een incidentele bijeenkomst enkel eenmalig?
Datum binnenkomst vragen: vrijdag 2 juni 2023
Antwoord Uw raad wordt gevraagd in te stemmen met de keuze van het college voor optie 2 uit de beleidsnotitie. Optie 2 stelt een beperkte legalisatie middels exploitatievergunningstelsel in tijdelijkheid van 2 jaar voor. Behorende bij optie 2 is ook de geografische afbakening van het gebied waarin legalisatie mogelijk is, een evaluatie na anderhalf jaar na ingang van nieuw beleid, het informeren van de raad (raadswerkgroep) en uitgebreide communicatie omtrent dit beleid. Het college stelt later de voorwaarden bij optie 2 vast. Teneinde (beperkte) legalisatie (bedoeld in optie 2 van de beleidsnotitie) mogelijk te maken is invoering van een exploitatievergunningstelsel noodzakelijk. De gemeente Urk kent een dergelijk stelsel nu nog niet. Later dit jaar zal de verdere invoering daarvan aan uw raad worden voorgelegd. Structurele groepsbijeenkomsten zijn de terugkerende bijeenkomsten van groepen mensen op dezelfde locatie. Incidentele groepsbijeenkomsten zijn bijeenkomsten van groepen mensen op een locatie zonder dat die een regelmatig of terugkerend karakter kennen. Bijvoorbeeld een feest ter gelegenheid van een jubileum.
4
4
En hoe zit dat dat als die hierboven genoemde gevallen zich niet in dit focusgebied bevinden?
5
4
Wat wordt bedoeld met doel van ‘afbouw’ uitgaan op industrieterrein? Zit hier een uitsterfconstructie onder richting een nulpunt, wordt dat nog bepaald, of is het doel beheersbaar houden en waar mogelijk beperken? Afbouw klinkt als verminderen richting een nulpunt. Maar is dat niet iets wat nog besloten moet worden, ook op basis van de evaluaties?
6
4
Vraag: hoe kan een exploitatievergunningstelsel die handhavingsproblemen en - knelpunten oplossen? Het breed delen van handhavingsacties kan toch ook straks nog steeds via whatsapp of telefoons? Kan Verbod op handel en gebruik van drugs, verstoring openbare orde en veiligheid, dronkenschap in het nieuwe stelsel dan wel beter gehandhaafd worden
7
4
Hier wordt gesproken over 80 locaties, hoofdzakelijk op Lemster- en Zwolsehoek waar zicht op is. Hebben we ook vermoedens of indicaties over datgene wat niet helemaal in zicht is? En hoe is de verhouding locaties van de 80 met andere delen van Urk?
Optie 2 stelt de mogelijk tot beperkte legalisatie voor op de industrieterreinen Lemster- Kamper- en Zwolsehoek . Daarbuiten niet. Dat betekent dat buiten die industrieterreinen de normale regels gelden volgens bestemmingsplan. Op dit moment is er zicht op zo’n 80 locaties waar structurele groepsbijeenkomsten plaatsvinden. Optie 2 stelt een beperkte legalisatie voor van het aantal locaties tot een maximum van 30. In die zin is sprake van afbouw. Verminderen richting nulpunt is nu inderdaad nog niet aan de orde en daarover zal bij evaluatie van het beleid gesproken en besloten moeten worden, zoals verwoord onder beslispunt 6 van het raadsvoorstel. In de situatie zoals voorgesteld in optie 2, waarbij alleen legalisatie plaats kan vinden bij het voldoen aan vergunningsvoorwaarden, zijn de locaties waar groepsbijeenkomsten mogen plaatsvinden bekend. Toezichthouders weten waar die zijn en hoeven dus niet op zoek naar te toevallige bijeenkomst van een willekeurig moment. De plekken waar bijeenkomsten plaatsvinden zonder dat daar een vergunning voor is afgegeven zijn dan op basis van dat enkele feit vatbaar voor handhaving. Inzet van toezicht en handhaving kan in een situatie zoals bedoeld in optie 2 meer gericht worden op onvergunde situaties. Door de wekelijkse inzet van toezichthouders is er zicht op 80 locaties waar structureel groepsbijeenkomsten plaatsvinden.
Hoofdzakelijk op de industrieterreinen Zwolse- en Lemster-hoek maar ook in andere delen van Urk. De exacte verhouding tussen de locaties op de bovengenoemde industrieterreinen en andere delen van Urk is niet bekend. Wél is bekend dat daar de meeste bijeenkomsten plaatsvinden. Met de
8
4
Is het in de huidige situatie zo dat incidentele feesten niet gedoogd worden en dat hier in principe op gehandhaafd wordt?
9
4
Waarom wordt niet gekozen om eerst in te zetten op verbreding en diversificatie van legale horeca, alvorens het uitgaan op het industrieterrein in te perken?
10
4
Is er onderzoek gedaan dat de veronderstelling ondersteunt dat het inperken van groepsbijeenkomsten op de industrieterreinen zal leiden tot betere kansen voor de Urker horeca? Geven jongeren dit bijvoorbeeld aan, dat als ze niet naar het industrieterrein kunnen ze meer gebruik zouden maken van legale horeca?
afbakening tot de industrieterreinen Lemster-, Kamper- en Zwolsehoek is logischerwijs gekozen voor gebieden met een grote concentratie aan bedrijfspanden. Dat klopt. Bij constatering van gebruik van een locatie dat in strijd is met het bestemmingsplan wordt in beginsel gehandhaafd. Nodig is in ieder geval dat er een melding van wordt gedaan bij de gemeente. Bij (eerste) constatering krijgt de eigenaar van de locatie een brief met bovenstaande inhoud. Er wordt tegelijkertijd ingezet op beide zaken omdat beide zaken op elkaar inspelen. Diverse (legale) horeca klaagt over het gedoogbeleid op de industrieterreinen en geven aan dat dat goed ondernemerschap in de weg zit. Initiatieven op het gebied van verbreding en diversificatie van horeca worden ondersteund en verwelkomd. Tegelijkertijd worden onveilige, niet transparante en ongezonde situaties op het industrieterrein geadresseerd. Datzelfde geldt overigens voor dit soort situaties in de (legale) horeca. Empirisch onderzoek heeft niet plaatsgevonden. Het is een inschatting van vraag en aanbod. Wel is met twee gedragskundige wetenschappers onze aanpak besproken. Zij bevestigden de ingezette lijn. Een deel van de jongeren zal de voorkeur blijven geven aan groepsbijeenkomsten buiten de horeca. Echter gaat het ook om het creëren van een nieuwe context voor de nu opgroeiende jongeren die op het punt staan uit te gaan.
Wanneer die context verandert is het logisch dat het uitgaansgedrag ook verandert. Er is ook gesproken met jongeren die vroeger op de industrieterreinen uitgingen en aangeven dat het beter zou zijn geweest als die mogelijkheid er niet was op zo’n jonge leeftijd.
11
4
Is het de bedoeling de situatie rond Alcoholvergunde verenigingen zo te houden als het nu is?
12
4
Is ook met de scholen/ het onderwijs gesproken bij de voorbereiding van deze beleidsnotitie?
13
4
Hoe zit het met bijeenkomsten en samenkomsten die doordeweeks dus niet op zaterdag of vrijdag plaatsvinden? Vallen die ook onder de scope van het nieuwe beleid? Of niet? En zijn alle activiteiten in die categorie bij het eventueel inzetten van het nieuwe beleid ‘verboden’?
14
4
De definitie van groepsbijeenkomsten gaat over bedrijfslocaties op industrieterreinen. Hoe moeten in dit kader bijvoorbeeld bijeenkomsten in boerenschuren, of op eigen woonterrein bezien worden? Geldt daar de vrijheid van bewoners/ eigenaren om daar te doen wat ze willen?
Deze beleidsnotitie en dit raadsvoorstel gaan over de bijeenkomsten van groepen mensen op de industrieterreinen Zwolse-, Lemster-, en Kamperhoek en niet over verenigingen met een alcoholvergunning. Binnen het project Veilig Uitgaan krijgen de verenigingen echter wel degelijk aandacht. Met verenigingen gaat ook gesproken worden over haar verantwoordelijkheid en zij zullen gehouden worden aan de geldende regelgeving en voorwaarden en voorschriften bij de vergunning. Er is gesproken met 2 klassen jongeren van het Berechja college. Verder met enkele docenten c.q. zorgcoördinatoren die onderdeel uitmaken van overlegplatforms. “Bijeenkomsten van groepen mensen in bedrijfslocaties op de industrieterreinen Lemster- Kamper- en Zwolsehoek terwijl de activiteiten van die groepen mensen geen directe of natuurlijke relatie hebben met de normale bedrijfsactiviteit van die locatie maar een recreatief karakter kennen”. Dit is het voorstel van de definitie waarop dit beleid van toepassing is. Dit geldt dus voor alle dagen. De wet stelt grenzen aan wat mag in boerenschuren of woonterreinen. Een groot verschil is dat daar vrijwel altijd de bewoner aanspreekbaar en verantwoordelijk is.
15
4
16
4
17
4
Voorwaarden: geen toegang onder de 18. Betekent dit dat een mooi initiatief voor vrijetijdsbesteding voor 16-18-jarigen op het industrieterrein sowieso onder geen beding kans heeft om doorgang te vinden?
18
4
Moet de vergunninghouder ten allen tijde in het pand aanwezig zijn?
Er wordt gesproken over de mogelijkheid om incidentele bijeenkomsten te legaliseren middels een meldingssysteem. A. hoe zou zo’n systeem eruit kunnen zien? B.Is hier maatwerk mogelijk? C. Of is het idee hier vaste en strikte richtlijnen te hanteren? D. Zou het voor die incidentele bijeenkomsten wel mogelijk zijn een bredere geografische focus te hanteren dan voor de groepsbijeenkomsten? En zou er in zo’n scenario wel voldoende capaciteit zijn om ook die individuele bijeenkomsten te controleren op zaken als veiligheid? Als voordeel van een gedoogoptie wordt genoemd dat ‘weinig gemeentelijke capaciteit nodig’ is ‘om te komen tot significant ander beleid’. Hoe zou de optie van Gedogen significant ander beleid opleveren?
De definitieve uitwerking van de exacte voorwaarden en uitzonderingen behorende bij optie 2 door het college moet nog plaatsvinden. Paragraaf 2.2 van de beleidsnotitie geeft globaal het systeem weer waarmee je uitzonderingen zou kunnen toestaan. Er is zoveel maatwerk mogelijk als we willen toestaan. Daarbij geldt: hoe meer uitzonderingen, hoe complexer toezicht en handhaving wordt.
Verwarring zou kunnen ontstaan bij deze opmerking op pagina 8 van de beleidsnotitie. Beoogd is aan te geven dat optie 1 niet zal leiden tot een significante aanpassing van beleid en er dus weinig capaciteit nodig is voor aanpassing van het beleid. Te onderscheiden van de benodigde capaciteit voor vergunningen, toezicht en handhaving in alle drie de opties. Vanuit de visie op Veilig Uitgaan worden positieve initiatieven voor jongeren tussen de 16 en 18 jaar wel ondersteund. De vraag is waar deze initiatieven kunnen en mogen plaatsvinden en of deze een plek kunnen krijgen op de industrieterreinen. Er zijn voor dat laatste diverse voor- en tegenargumenten te geven. Dit is onderdeel van de uitwerking van de exacte voorwaarden en uitzonderingen behorende bij optie 2. In het voorstel onder 4.3 van de beleidsnotitie is dat wel het geval. Uitwerking van de exacte voorwaarden en uitzonderingen behorende bij optie 2 moeten echter door het college nog worden uitgewerkt. De raad kan zich uitspreken over de door haar gewenste richting.
19
4
Is het mogelijk bij het bepalen van de maximaal groepssamenstelling enigszins rekening te houden met verschil in oppervlakte? Een box van 6 m2 is toch niet vergelijkbaar met een loods van meer dan 30 m2? Is het mogelijk om de toegestane maximale groepsgrootte naar gelang te oppervlakten te laten variëren van 15-30 personen?
Uitwerking van de exacte voorwaarden en uitzonderingen behorende bij optie 2 moeten door het college nog worden uitgewerkt. Voorwaarden uit het bouwbesluit en voorschriften met betrekking tot brandveiligheid moeten worden nageleefd. Het gestelde maximum aantal personen is echter niet louter bepaald op basis van brandveiligheid maar ook op het gewenste karakter van de groepsbijeenkomsten, namelijk wél een vriendengroep die bij elkaar komt maar geen grote feesten. Uitwerking van de exacte voorwaarden en uitzonderingen behorende bij optie 2 moeten door het college nog worden uitgewerkt.
20
4
Is er ook een meer maatwerk insteek mogelijk? Voor de 30 locaties? Waarbij naar de situatie gekeken wordt? Dit zou dan toch met name in de vergunningsaanvraag fase wat meer werk kosten, maar als dit eenmaal vastligt is het toch goed te handhaven en monitoren?
21
4
Wat is de bedoeling met de termijn van 2 jaar? Wordt daarna alleen opnieuw naar het wel of niet nog relevant zijn van de vergunning gekeken, of is het nog maar de vraag of hierna überhaupt nog nieuwe vergunningen worden afgegeven? Dit ook in verband met het perspectief voor gebruikers.
Optie 2 stelt beperkte legalisatie voor een beperkte periode voor. Optie 2 stelt ook een evaluatie, anderhalf jaar na inwerkingtreding, voor. Die evaluatie moet richting bieden voor besluitvorming voor beleid voor na de voorgestelde eerste periode van legalisatie van 2 jaar.
22
4
Vóór 1 januari 2024 kan geen omgevingsvergunning verstrekt worden en kan afwijken alleen via een buitenplanse omgevingsactiviteit. Is dit gevolg van de nieuwe omgevingswet. En wat houdt een buitenplanse
Tot 1 januari 2024 bestaat de mogelijkheid om af te wijken van het bestemmingsplan. De gemeente kan een omgevingsvergunning verlenen waarbij afgeweken wordt van het bestemmingsplan.
omgevingsactiviteit in? Graag toelichting over het verschil.
Na 1 januari 2024 treedt de Omgevingswet in werking. Ook dan kan worden afgeweken worden van het tijdelijke omgevingsplan ( zo heten bestemmingsplannen vanaf 1 jan 2024). Alleen heet het dan een bopa (buitenplanse omgevingsplanactiviteit).
Eventueel te stellen voorwaarden moeten ruimtelijk relevant zijn’. Betekent dit dat voor 1 januari 2024 sowieso geen voorwaarden zijn op te nemen met betrekking tot roken, alcoholgebruik en leeftijd? En dat dit na 1 januari 2024 nog maar de vraag is? Is het in dit scenario wie het eerst komt die het eerst maalt voor een vergunning?
Een tijdelijke omgevingsvergunning (afwijking van het bestemmingsplan) moet ruimtelijk relevante voorwaarden bevatten. Parkeren op de weg, plaatsen van reclame-uitingen en dergelijke. Voorwaarden die gaan over gezondheid vallen daar niet onder op dit moment.
23
4
24
4
25
4
Vanaf wanneer is het idee om de communicatie hierover in te zetten? En is al een idee over hoe die strategie eruit moet komen te zien?
Communicatie rondom de groepsbijeenkomsten is al gestart en zal doorlopend plaatsvinden als onderdeel van het bredere programma Veilig Uitgaan. Vanuit Veilig Uitgaan is er een meer algemeen communicatieplan voorhanden (als bijlage bij het projectplan) met daarin onder andere kernboodschappen. Dit wordt geconcretiseerd.
26
4
Op basis van welke voorwaarden wordt straks een vergunning wel of niet verleend aan een structurele ontmoetingsplaats? Is dit zoals op p. 9 genoemd in het geval dat toegang wordt verleend, gezondheid en veiligheid gewaarborgd is? En zoals beschreven onder 4.3 op p.11? Hoe ‘willekeurig’ mag de gemeente hier straks een beslissing op nemen?
Uitwerking van de exacte voorwaarden en uitzonderingen behorende bij optie 2 moeten door het college nog worden uitgewerkt. Er wordt enkel vergund wanneer voldaan is aan de voorwaarden. Dat geldt voor alle aanvragen en alle locaties.
Dat klopt. Juridisch advies leert dat dat het meest realistische scenario is.
27
4
Is er straks een situatie van gelijke kansen waarbij iedere jongerengroep, ondernemer of individu een gooi kan doen naar een vergunning van hun structurele bijeenkomsten? Of wordt straks in eerste instantie voortgeborduurd op de bekende 80 gelegenheden?. Krijgen de gelegenheden die nu onder de radar plaatsvinden dan geen kans op legalisatie?
In eerste instantie werd in de beleidsnotitie voorgesteld om uit te gaan van de nu bekende locaties. Deze voorwaarde is echter weggelaten in paragraaf 4.3, n.a.v. de gevoerde discussie in de raadswerkgroep. Een belangrijk argument was dat nu niet bekende locaties wellicht beter kunnen voldoen aan de gestelde eisen, bijvoorbeeld op het gebied van brandveiligheid. We verwachten niet dat deze voorwaarde terugkomt in de uitwerking door het college.
28
4
Maximaal 30 locaties: waarom wordt er een getal aan het maximaal aantal locaties gehangen? Wat als een bestaand jeugdhonk alleen maandelijks samenkomt, krijgt die wel een vergunning als die onder de voorwaarden voldoet en een jeugdhonk dat wekelijks wil samenkomen niet als het maximum van 30 eenmaal is bereikt? Wordt kortom ook gekeken naar frequentie van gebruik en hoe wordt daar dan een beslissing op genomen? Kiest de gemeente dan voor het jeugdhonk dat het minst vaak samenkomt, het meest, of is er een gelijke beoordeling?
Uitwerking van de exacte voorwaarden en uitzonderingen behorende bij optie 2 moeten door het college nog worden uitgewerkt. Een vergunning zoals bedoeld in optie 2 zal wel worden verleend voor regelmatig gebruik, niet voor incidenteel gebruik aangezien het dan eerder gaat over de categorie ‘uitzonderingen’. Binnen de categorie ‘regelmatig gebruik’ wordt geen verschil gemaakt in frequentie. 30 locaties met een maximum van 15 personen geeft 450 personen de mogelijkheid elkaar te ontmoeten. Dat aantal doet recht aan de aantallen personen die nu in een weekend worden waargenomen op industrieterreinen door toezichthouders.
29
4
Er wordt gesproken over maximaal 30 locaties, terwijl nu al 80 locaties bekend zijn. Hoe is het de bedoeling hier een schifting in te maken. En wat gebeurt er als van de 80 straks 50 wel voldoen aan de gestelde voorwaarden, maar er een maximum van 30 is gesteld?
Uitwerking van de exacte voorwaarden en uitzonderingen behorende bij optie 2 moeten door het college nog worden uitgewerkt. 30 locaties met een maximum van 15 personen geeft 450 personen de mogelijkheid elkaar te ontmoeten. Dat aantal doet recht aan de aantallen personen die nu in een weekend worden waargenomen op industrieterreinen door toezichthouders. Het doet echter ook recht aan de wens om af te bouwen op de industrieterreinen om de situatie daarmee beheersbaarder te maken.
30
4
In het stuk staat ook dat het vergunningstelsel mogelijkheden bied om bijeenkomst helemaal terug te dringen, of te streven naar een nulsituatie. Is dit een realistisch scenario? Is dit de uiteindelijke bedoeling met dit beleid? En betekent dit dat vergunningaanvraag straks gaat stranden op onmogelijke voorwaarden vanuit de gemeente?
Nee, dat is niet de bedoeling met dit beleid. Een vergunningstelsel wordt aangewend voor een redelijk doel, namelijk het gecontroleerd laten plaatsvinden van groepsbijeenkomsten, en niet voor een oneigenlijk doel, namelijk een nulbeleid. Onderdeel van de evaluatie zal zijn hoe verder te borduren op dit beleid, bijvoorbeeld continuering.
31
4
In hoeverre is het structurele karakter van een activiteit een must om aan het vergunningstelsel mee te kunnen doen?
Een vergunning zoals bedoeld in optie 2 zal worden verleend voor regelmatig gebruik, niet voor incidenteel gebruik aangezien het dan eerder gaat over de categorie ‘uitzonderingen’. Uitwerking van de exacte voorwaarden en uitzonderingen behorende bij optie 2 moeten door het college nog worden uitgewerkt.
32
4
Wat houdt een exploitatievergunningstelsel precies in? En is hetzelfde nu al aan de hand bij verenigingen met een alcoholvergunning?
33
4
Klopt het dat er in de nieuwe situatie dan de volgende categorieën ontstaan? : 1) Structurele bijeenkomst, niet vergund: handhaving/verbod 2) Structurele bijeenkomst, wel vergund: mag plaatsvinden 3) Structurele bijeenkomst, alcoholvergunning (stichtingen en verenigingen): mag plaatsvinden 4) Incidentele bijeenkomst, niet vergund: zoals in huidige situatie, handhaving 5) incidentele bijeenkomst, gemeld en vergund : mag plaatsvinden
Een exploitatievergunningstelsel biedt de gemeente de mogelijkheid om bepaalde type ondernemingen en branches vergunningplichtig te maken om daarmee aanvullende voorwaarden te kunnen stellen. Voor horeca en verenigingen zal dit stelsel in de toekomst ook worden ingezet. Daarover volgt eind 2023 een voorstel richting uw raad. 1) Structurele bijeenkomst, niet vergund: handhaving/verbod. Correct. 2) Structurele bijeenkomst, wel vergund: mag plaatsvinden. Correct. 3) Structurele bijeenkomst, alcoholvergunning (stichtingen en verenigingen): mag plaatsvinden. Correct. 4) Incidentele bijeenkomst, niet vergund: zoals in huidige situatie, handhaving 5) incidentele bijeenkomst, gemeld en vergund : mag plaatsvinden (indien vergund – correct)