CConstaterende datUrk
Koppel je AI →
Document · PDF

CDA Alg. besch. 2023.docx

Gemeenteraad 29 juni 2023, gemeente UrkBij agendapunt: Algemene beschouwingen2.964 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Algemene beschouwingen Kadernota 2024 CDA Urk Inleiding Voorzitter, voordat we op de verschillende programma’s ingaan willen we graag in algemene zin vaststellen, dat we dankbaar zijn deel uit te mogen maken van de coalitie. Koersvast en eensgezind willen we zijn, waarbij we nu ook over een College Uitvoeringsprogramma (CUP) en een voortschrijdende Lange Termijn Agenda kunnen beschikken als kompas voor onze kaderstellende, controlerende en volksvertegenwoordigende taken. Dat schept duidelijkheid en bestuurlijke stabiliteit. Allereerst een opmerking over de redactie van de Kadernota. In het Coalitieakkoord en in het CUP wordt het eerste programma ‘De basis op orde’ genoemd. In de Kadernota is dit benoemd als ‘Bestuur’. Waarom is hier niet de terminologie van het Coalitieakkoord en het CUP gehandhaafd? Verder is de volgorde in de Kadernota 2024: Bestuur, Werken, Wonen en Leven, en niet zoals in het Coalitieakkoord en het CUP: De basis op orde, Wonen, Werken en Leven. Nu kun je zeggen, waar maak je je druk over, maar het gaat erom dat dit de leesbaarheid en onderlinge vergelijkbaarheid van de verschillende stukken bemoeilijkt. Verder valt op dat het onderwerp Financiën is ingedeeld bij het programma Werken in de Kadernota, terwijl dit in het Coalitieakkoord en het CUP onder het programma De basis op orde valt.

In ons betoog zullen wij ons houden aan de volgorde en indeling van de programma’s in het Coalitieakkoord en het CUP. 1. De basis op orde. Allereerst aandacht voor de personele situatie, uitgaande van de gedachte dat een competente en gemotiveerde ambtelijke staf het fundament is voor een goed functionerende gemeente. In het Accountantsrapport over 2022 wordt het volgende gesteld: ‘De gemeentelijke organisatie slaagt er tot op heden in om de gevraagde taken en werkzaamheden uit te voeren. Maar de druk op de organisatie blijft onverminderd hoog.’ Het is daarom goed dat het college gaat inzetten op organisatiebrede strategische personeelsplanning. Erkend zorgpunt bij de werving van personeel is het imago van Urk. Ook in dit kader is het van groot belang om het positieve en unieke verhaal van Urk te blijven vertellen, en tegelijkertijd transparant te zijn over zaken die voor correctie en verbetering vatbaar zijn. Ook richting de media. Een goed voorbeeld daarvan was de manier waarop de burgemeester Omroep Flevoland te woord heeft gestaan n.a.v. het nieuws over de vermeende

betrokkenheid van Urker kotters bij drugssmokkel in de Deense wateren. Onze complimenten daarvoor. Dan komen we bij de financiële ontwikkelingen. De jaren 2026 en 2027 van de Meerjarenbegroting laten tekorten zien door een voorgenomen aanpassing van de algemene uitkering van het Rijk. Op basis van de meicirculaire kan gesteld worden dat het tekort in 2027 bij nader inzien meevalt. Aangegeven wordt dat we nog moeten afwachten wat de uitkomst zal zijn van de uiteindelijke besluitvorming van het Rijk hierover. Tijdens de technische toelichting van de Kadernota zijn we over deze en andere zaken goed bijgepraat door de ambtelijke staf. Onze belangstelling werd gewekt door wat er in de Kadernota staat over de ‘opschalingskorting’: Nederlandse gemeenten zouden volgens de regering tot grotere eenheden van meer dan 100.000 inwoners moeten fuseren (opschalen), zodat dan efficiënter kan worden gewerkt, waardoor er minder geld uit het Gemeentefonds hoeft te worden betaald. Als we de inwonertallen per 1 januari 2023 van het samenwerkingsverband Dronten, Urk en Noordoostpolder (DUN) bij elkaar optellen, dan komen we uit op een totaal van 115.279 inwoners. Samen zouden we dus aan de gewenste schaal kunnen voldoen. Maar, zoals onze vaste slogan luidt: samenwerken ja, fuseren nee. Onze vraag aan het college is of er vanuit het Rijk serieuze druk wordt uitgeoefend om bestuurlijk op te schalen.

Minister Bruins Slot van Binnenlandse Zaken was een tijdje geleden op Urk om zich op de hoogte te stellen van de lokale ontwikkelingen. Is zoiets dan onderwerp van gesprek? Graag een reactie van het college. Als derde punt bij ‘Basis op orde’ willen wij aandacht besteden aan het onderwerp handhaving. Het college stelt voor om ten behoeve van een veilig uitgaansklimaat toezicht en handhaving te intensiveren in het kader van het voorgestelde vergunningenstelsel groepsbijeenkomsten. Het college voorziet dat het om tijdelijke inzet gaat in 2024 en 2025 en stelt voor om de kosten te dekken met incidentele middelen, zoals uit de subsidie Golfbreker. Onze vraag aan het college is waarop de inschatting is gebaseerd dat na 2025 op het vlak van handhaving en toezicht geen extra inspanningen meer vereist zijn. Wordt hiermee niet geanticipeerd op een uitsterfconstructie van groepsbijeenkomsten op het bedrijventerrein? Deze ‘stip op de horizon’ staat toch nog behoorlijk ter discussie in de raad. 2. Wonen Voorzitter, in de Visie Wonen Urk 2021 staat de ambitie om de juiste woningen voor de juiste prijs op het juiste moment aan onze woningzoekenden aan te bieden. Maar de woningmarkt ontwikkelt zich zo dynamisch, of beter gezegd chaotisch, dat wij bezorgd zijn of deze ambitie wel waargemaakt kan worden.

Starters op de woningmarkt verkeren in onzekerheid of zij zich in de Zeeheldenwijk wel of niet een eigen woning kunnen veroorloven. Sommigen trekken zich terug omdat ze het onbetaalbaar vinden, anderen twijfelen. Ook het aantal te bouwen huurkoopwoningen zal niet onbeperkt zijn, hoewel het college een mooie stap heeft gezet door voor de eerste fase van de Zeeheldenwijk een omgevingsvergunning te verlenen voor de bouw van 19 huurkoopwoningen en 37 sociale huurwoningen aan Christelijke Woonstichting Patrimonium. Hoe kijkt het college aan tegen de spanningen op de woningmarkt en de onzekerheid en het ongeduld van onze woningzoekenden. Hoe kunt u tegemoet komen aan hun terechte zorgen? Aanvullend: is de

Verordening Starterslening 2023 gemeente Urk, die in december vorig jaar door de raad is vastgesteld, nog steeds up to date gezien de geschetste ontwikkelingen? Het instellen van een onderzoek naar de huisvesting van arbeidsmigranten komt wat ons betreft geen dag te vroeg. Door de voortgaande groei van de visindustrie lopen we voortdurend achter de feiten aan. Huisvesting in de Noordoostpolder, ook van arbeidsmigranten die op Urk werken, is onlangs door de gemeenteraad daar aan banden gelegd, omdat de leefbaarheid van de dorpen en het landelijk gebied onder druk komt te staan. Ook op ons dorp is er een spanningsveld tussen economische groei, het aantal daarvoor benodigde arbeidsmigranten en de sociale cohesie in ons dorp. Urk is, afgezien van de visserijsector, booming business. Maar een absolute randvoorwaarde voor economische groei is een goede huisvesting voor onze onmisbare arbeidsmigranten. Hier geldt dus code oranje. Als derde punt in de paragraaf Wonen willen we aandacht vragen voor het volgende. In de planning van de woningbouw is het streven erop gericht om een zo groen mogelijke omgeving te realiseren, mits haalbaar en betaalbaar. Het andere uiterste en voor velen een schrikbeeld is dat Urk in de toekomst zal worden ingeperkt door plannen voor nieuw bos, zeker waar het gaat om de planologische groeirichting van Urk op langere termijn.

In Flevoland moet in 2030 1200 hectare bos zijn aangeplant en in 2050 zelfs 1700 hectare. Recent hebben de fracties van GroenLinks en de Partij van de Dieren aan Gedeputeerde Staten van Flevoland gevraagd hoe het staat met de plannen voor de Flevolands bossenstrategie, omdat hiervan op dit moment nog maar 100 ha is gerealiseerd. Onze vraag aan het College is: bent u hierop bedacht, en maakt dit onderwerp deel uit van de gesprekken over de lange termijn gebiedsvisie die Urk samen met Noordoostpolder wil gaan opstellen. Zoals Valerius heeft gedicht: let op u saeck. 3. Werken Voorzitter, komen we bij de visserij. Klap na klap heeft de visserijsector moeten incasseren. In die zin is de 30 miljoen euro die het kabinet onlangs heeft toegezegd als bijdrage om de identiteit van getroffen visserijgemeenschappen te behouden volgens velen een doekje voor het bloeden. We kunnen het niet beter zeggen dan Juriean Brands, secretaris van het Bestuurlijk Platform Visserij (De Stentor 14 juni 2023): “In de vissersdorpen zijn we erg teleurgesteld. Alles wat gebeurt, wordt door de vissers opgevat als het wegpesten van de visserij.” Maar volgens Brands moet de sector nu ook plannen maken: “We moeten deze kans benutten.

In onze sector en gemeenschappen gaat er altijd een luik open als er een deur wordt dichtgeslagen.” Laten we inderdaad hopen dat een flink aantal bedrijven de veerkracht kan opbrengen om nieuw leven in te blazen in innovatieve en duurzame activiteiten. Daar zijn deze gelden immers voor bedoeld. Kan het college aangeven of zij al een visie heeft op de verdeling van de 30 miljoen? Er is ook sprake van dat de regio’s daaraan nog 30 miljoen zullen moeten bijdragen. Wat wordt in dit verband met een regio bedoeld, is dat in ons geval de provincie Flevoland? Wij begrijpen dat aan het Bestuurlijk Platform Visserij bij de organisatie van de verdeling van de gelden een belangrijke rol is toebedeeld. Wij wensen alle betrokkenen wijsheid, eensgezindheid en zegen toe bij hun arbeid in deze.

Komen we bij de energietransitie. Juist op dit moment gaat er nogal wat mis in de uitrol van de energietransitie, doordat het stroomnet volloopt en bedrijven niet meer aangesloten kunnen worden op het elektriciteitsnet. Wij hebben over de gevolgen voor onze inwoners schriftelijke vragen gesteld aan het college, die in de raadsvergadering van 10 juli beantwoord zullen worden. Vandaag kunnen wij letterlijk herhalen wat we hebben gezegd in onze Algemene Beschouwingen van vorig jaar. Ik citeer: “En nu piept en kraakt het energiesysteem; door de oorlog in Oekraïne, maar ook door jarenlange ideologische verblinding. Wij zijn daarom blij dat in het Coalitieakkoord 2022-2026 als doelstelling vermeld staat: ‘Om de economie verder te versterken zetten we de komende periode in op meer dan zon en wind. In het vraagstuk van de energietransitie kijken we nadrukkelijk breder dan alleen zon en wind. Ook alternatieve bronnen moeten in een evenwichtige energiemix worden opgenomen.’ Wij verzoeken het College om deze visie in alle relevante gremia te verwoorden, zoals bij het bestuurlijk overleg RES (Regionale Energie Strategie) (…) De voorgenomen RES 2.0 Flevoland kan wat ons niet business as usual zijn in door consultants opgestelde gelikte reclametaal. De energie- en leveringscrisis en wat daaraan te doen moet in de RES centraal komen te staan.” (Einde citaat).

Deze oproep aan het College staat nog recht overeind. Een cruciale vraag voor ons is of de stroom die door al die grote windmolenparken wordt gegenereerd voorrang krijgt op het net, ten koste van de belangen van particulieren en bedrijven. Wij pleiten ervoor dat het verdienmodel van windmolenparken afgezet tegen algemene maatschappelijke belangen, eens goed onderzocht wordt. De nieuw op te zetten Rekenkamer zou dit onderzoek misschien op zich kunnen nemen. Vandaag willen we in het streven naar een evenwichtige energiemix een stap voorwaarts zetten, door bij motie aan het College te vragen om zich in het bestuurlijk overleg RES Flevoland hard te maken voor een onderzoek naar de kansen voor kleine modulaire kernreactoren (Small Modular Reactors, SMR’s) in onze provincie, in het bredere kader van een onderzoek naar lokale energieoplossingen in Flevoland. We sluiten daarmee aan op een notitie van ons Tweede Kamerlid Henri Bontenbal, getiteld: Actieplan Kleine Modulaire Kernreactoren. De overwegingen daarbij zijn dat SMR’s een kansrijke ontwikkeling is, dat SMR’s door hun ontwerp intrinsiek veilig zijn en door hun beperkte omvang op gunstige plekken in het elektriciteitsnet kunnen worden opgenomen, en dat SMR’s ook ingezet kunnen worden voor efficiënte waterstofproductie.

Juist deze week is in de Tweede Kamer een motie aangenomen van VVD en CDA, mede ondersteund door SGP, CU en PVV, waarmee gelden vrijgemaakt worden om provincies te helpen met SMR-plannen. Met onze motie willen we er ook aandacht voor vragen dat technologische ontwikkelingen gaande zijn, waarbij elektriciteit wordt omgezet door kleine groene waterstofcentrales. Hierdoor zou de overcapaciteit van zonnepanelen tijdens piekuren wellicht ingezet kunnen worden voor waterstofproductie. Er waait een nieuwe politieke wind in Flevoland, dus wellicht krijgen we er nu meer gehoor voor, dat voor de elektrificatie van een CO2-vrije hoogtechnologische samenleving veel meer nodig is dan wisselvallige wind en zon. Als Urkers verkeren wij daarbij in het volle besef van de voortschrijdende destructie van de Noordzee tot een soort industriële oorlogszone voor grootschalige energieopwekking. Ten koste van de natuur en ten koste van de visserij als gezonde voedselvoorziening. Het is ongelooflijk dat welbekende NGO’s zoals Greenpeace hier geen oog voor hebben, en bovendien ook nog vanuit verstarde opvattingen tegen

iedere vorm van kernenergie zijn. (De motie hebben we samen ontwikkeld met de SGP en wordt mede ondersteund door… Dictum motie Onderzoek lokale energieoplossingen Flevoland). 4. Leven De bibliotheek vraagt om redenen van sociale veiligheid een bijdrage voor de inzet van een extra bibliotheekmedewerker. Het college stelt voor om hiervoor 30.000 euro per jaar te voteren. De betekenis van de bibliotheek voor de brede samenleving is groot. Ook in het CUP wordt er melding van gemaakt dat de Flevomeerbibliotheek een belangrijke rol speelt bij hulp bij digitale zelfredzaamheid, vermindering van laaggeletterdheid en taalachterstand. Het college gaat in dit verband het Huis voor Taal door ontwikkelen en een informatiepunt Digitale Overheid ontwikkelen. Goede zaken voor onze inwoners en ook voor de nieuwkomers op ons dorp. In dit verband willen we graag wijzen op het volgende. Het Ministerie van VWS heeft een regeling opengesteld getiteld Eenmalige specifieke uitkeringen lokale bibliotheekvoorzieningen 2023 – 2024 (SPUK Bieb). Een gemeente met minder dan 200.000 inwoners kan voor maximaal twee activiteiten een aanvraag indienen ter versterking van de lokale bibliotheek, o.a. door verruiming van de bemande openingstijden van de bibliotheekvestiging met minimaal 10 uren per week. Een totaal bedrag van rond de 200.000 euro is hiervoor beschikbaar.

Daarvoor is wel cofinanciering door de gemeente nodig ten bedrage van 20% van de kosten van een activiteit. De nieuwe aanvraagronde van de regeling sluit in het najaar. Zou het niet interessant zijn om uit te zoeken of het budget dat de gemeente nu extra wil inzetten voor de bibliotheek daarvoor ingezet kan worden? Stel dat een bijdrage uit andere middelen daarbij nog kan worden opgeteld, bijvoorbeeld een bedrag van 10.000 euro uit het budget voor Durf, dan kan met een relatief kleine vis van 40.000 euro wellicht een grote van 200.000 worden binnengehaald. Daarmee zouden we de rol van de bibliotheek in het sociaal-maatschappelijk veld verder kunnen versterken, speciaal ook voor onze jeugd. Graag een reactie van het college op dit idee. In het Coalitieakkoord staat dat investeren in cultureel en maritiem erfgoed belangrijk is om het sterke verhaal van Urk te vertellen. Dat kan op veel manieren, maar altijd kost het geld en hoe hoger de kwaliteitseisen zijn die je stelt, hoe hoger de benodigde middelen zijn. De discussie in de afgelopen commissievergadering over de uitkijktoren, die volgens het CUP mede bedoeld is om de canon van Urk te verbeelden, illustreert dat. Het is daarom zaak om goed in beeld te hebben welke subsidiemogelijkheden er zijn voor materieel en immaterieel erfgoed vanuit provincie, Rijk en Europa.

We denken daarbij aan de Leadersubsidies, maar ook aan het recent door de rijksoverheid ondertekende FARO-verdrag waarmee het brede belang van cultureel erfgoed voor de sociale cohesie van de samenleving wordt erkend en onderstreept. Voor stichtingen, verenigingen en lokale overheden is er nu de mogelijkheid om projecten aan te melden voor de Nederlandse FARO-uitvoeringsagenda, waar miljoenen voor beschikbaar worden gesteld. Hebben wij dit soort kansen als gemeente, waar de verbindende kracht van erfgoed volop wordt beleefd, op de radar? In dit verband is onze vraag of de gemeente een verkennende, voorlichtende, faciliterende of coördinerende rol voor zichzelf ziet weggelegd bij het binnenhalen van fondsen en subsidies ten gunste van het realiseren van lokaal gedragen erfgoedprojecten. Uiteraard in samenspraak met onze lokale cultuurkoepel. Komt daarover iets in de nieuwe Cultuurnota te staan die in het najaar moet verschijnen? Door de handen ineen te slaan kunnen we een stevigere vuist maken voor het behoud en de doorontwikkeling van ons Urker cultureel erfgoed. Een mooie bijkomstigheid

is in ieder geval dat in de provincie een nieuwe cultuurpaus is opgestaan, die zijn sporen op het terrein van erfgoed meer dan verdiend heeft en duidelijk heeft gemaakt dat hij zich daarvoor blijvend wil inzetten. Een concreet nieuw voorbeeld van materieel en immaterieel erfgoed dat onlangs bij onze fractie werd ingebracht is een ‘winkeltjesroute’ langs huizen/panden waar vroeger ook kleine winkels gehuisvest waren. Je zou daar een wandschild kunnen aanbrengen met (digitale) informatie zoals ook bij de Dienstmeisjesroute is gebeurd. Dit geeft een heel specifieke invalshoek op het economische reilen en zeilen van ons dorp waar veelal weduwen van op zee gebleven vissers het heft in eigen handen namen om hun gezin gaande te houden. Sterke en legendarische verhalen over de weerbaarheid van Urker vrouwen in moeilijke tijden. Ons spreekt dit idee in elk geval erg aan. Een derde punt dat wij in deze paragraaf willen opvoeren is het Straatwerk specifieke doelgroepen. Volgens het gestelde in de Kadernota is de norm 1 fte op 1000 inwoners. Dat zou voor Urk een totaal van 4 fte betekenen. Op dit moment zitten we op 1,5 fte vanuit Caritas. Het college stelt voor om de inzet te verhogen tot 2 fte. Maar onlangs hoorden we van de burgemeester in een commissievergadering dat de samenwerking tussen boa’s, politie en jongerenwerkers heel goed loopt bij de jeugdhonken.

Moeten we, gezien ons uitzonderlijk hoge percentage jeugd, dan niet inzetten op 4 fte? Juist de komende jaren zal in de omschakeling naar een veilige uitgaanscultuur de inzet van jongerenwerkers dubbel en dwars ‘terugverdiend’ kunnen worden. Het is toch een beetje ‘nu of nooit’. Graag de reactie van het college hierop. Tenslotte Afsluitend willen we nog het volgende zeggen. Wij zijn geroepen tot dienst aan onze naaste en aan de inwoners van ons mooie dorp als bestuurders van de overheid. In het vertrouwen dat waar liefde woont, God zijn zegen wil gebieden. Dat vertrouwen wensen wij iedereen toe: burgemeester en wethouders, ambtelijke staf en collega-raadsleden. Dank voor uw aandacht.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Urk&id=a6050ee5-963c-4511-bbe0-f32c0a9e9405