A. Toelichting incl. wijzigingen en bijlagen Karel Doormanweg 62
Tekst van het document
4.5 Externe Veiligheid Externe veiligheid gaat over het beheersen van de risico's voor de woon- en leefomgeving bij gebruik, opslag en vervoer van gevaarlijke stoffen, zoals vuurwerk, aardgas of LPG. Het aandachtsveld van externe veiligheid richt zich op zowel inrichtingen (bedrijven) waar gevaarlijke stoffen aanwezig zijn als het transport van gevaarlijke stoffen. Dit vervoer kan plaatsvinden over weg, water en spoor en door buisleidingen. Het beleid is er op gericht te voorkomen dat activiteiten met gevaarlijke stoffen te dicht nabij gevoelige bestemmingen plaatsvinden en/of worden gesitueerd.
Ruimtelijke onderbouwing nieuwbouw woningen en b&b-kamers Karel Doormanweg 62 Urk
25
Karel Doormanweg 62
Figuur 14. Ligging plangebied ten opzichte van externe risicobronnen. Bron: Atlas leefomgeving, risicokaart Flevoland. Op 1,8 (tankstation LPG) respectievelijk 2 kilometer (A-6 – transport gevaarlijke stoffen) afstand van het plangebied zijn externe bronnen gelegen. Deze afstanden naar het plangebied zijn zodanig groot, dat de veiligheid voldoende gewaarborgd is. Voor het vermoeden dat er zich in de omgeving propaantanks bevinden zijn geen aanwijzingen gevonden. Conclusie Aangezien het plangebied ruimschoots buiten de risicozones ligt, is de conclusie dat externe veiligheid geen beperkingen oplevert voor onderhavig plan.
4.6 Water De watertoets is d.d. 7 augustus 2023 uitgevoerd en is als bijlage 4 toegevoegd. De korte procedure is van toepassing. Digitale Watertoets 07-08-2023 11:35 5 https://dewatertoets.nl Watertoets De watertoets zorgt ervoor dat in alle ruimtelijke plannen aandacht wordt besteed aan veiligheid, kwaliteit én kwantiteit van water. Sinds 1 november 2003 is de toepassing van de watertoets wettelijk verplicht door de verankering in het Besluit op de ruimtelijke ordening 1985. De watertoets heeft betrekking op alle grond- en oppervlaktewateren en behandelt alle van belang zijnde waterhuishoudkundige aspecten (naast veiligheid en wateroverlast ook bijvoorbeeld waterkwaliteit en verdroging). De watertoets is een belangrijk procesinstrument om het belang van water een evenwichtige plaats te geven in de ruimtelijke ordening. Uit de waterparagraaf blijkt de betrokkenheid van de waterbeheerder in het planproces en de wijze waarop het wateradvies van de waterbeheerder is meegenomen in de uitwerking van het plan. De watertoetsprocedure kan op drie manieren gevolgd worden: de procedure geen waterschapsbelang, de korte procedure en de normale procedure. De korte procedure is van toepassing. De relevante randvoorwaarden voor het plan zijn gerangschikt onder zeven streefbeelden ingedeeld op basis van de drie waterthema's Veiligheid, Voldoende Water en Schoon Water.
Na het streefbeeld vindt u het uitgangspunt: het vertrekpunt bij de verwezenlijking van het streefbeeld. U krijgt vervolgens een overzicht van de gerelateerde randvoorwaarden.
Ruimtelijke onderbouwing nieuwbouw woningen en b&b-kamers Karel Doormanweg 62 Urk
26
Thema Waterveiligheid Het plan ligt niet buitendijks of in een beschermingszone van een waterkering. Op basis van de ingevoerde gegevens over het plangebied zijn er geen uitgangspunten voor het thema veiligheid van toepassing. Thema Voldoende water Zowel in landelijk als in stedelijk gebied, is op orde. Het hele beheergebied voldoet aan de vastgestelde normen. Uitgangspunt wateroverlast Het waterschap streeft naar een robuust watersysteem dat de effecten van toekomstige klimaatveranderingen en bodemdaling kan opvangen. De planontwikkeling is gelegen in een watersysteem dat op basis van de toetsing in 2012 voldoet aan de normering voor wateroverlast. Een dergelijk systeem kan het water verwerken tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten. Binnen het plangebied is geen sprake van (grond)wateroverlast. Binnen het plangebied is geen sprake van een toename in verhard oppervlak, of deze is gering (minder dan 750 m² in stedelijk gebied of minder dan 2.500 m² in landelijk gebied). Het plangebied maakt deel uit van het buitengebied. De afgelopen jaren zijn er voormalige bedrijfsgebouwen gesloopt. Per saldo zal er circa 1.000 m² verharding (in de vorm van gebouwen en bestrating) toegevoegd worden. Daarom is geen compensatie noodzakelijk voor dit plan.
Goed functionerend watersysteem Het watersysteem zorgt in normale situaties voor een goede doorstroming en afwatering in het beheergebied en maakt het realiseren van het (maatschappelijk) gewenste gronden oppervlaktewaterwaterregime (GGOR) mogelijk. Waterschap Zuiderzeeland streeft er naar dat de feitelijke situatie van het watersysteem overeenkomt met de legger. Op die manier kan het waterschap weloverwogen anticiperen op en reageren in extreme situaties. Randvoorwaarde(n) goed functionerend watersysteem Het waterschap streeft naar een robuust en klimaatbestendig watersysteem met grote peilvakken. Versnippering van het watersysteem is een ongewenste situatie. Nieuwe ontwikkelingen sluiten aan op bestaande peilvakken en de inrichting wordt afgestemd op de functie van het water. De planontwikkeling leidt niet tot nieuwe peilvakken. De planontwikkeling heeft geen gevolgen voor het streefpeil van het oppervlaktewater in of in de omgeving van het plangebied. Het functioneren van het huidige watersysteem (doorstroming, afwatering, realiseren van het gewenste peil) zal door de planuitvoering niet verslechteren. Anticiperen op watertekort Streefbeeld. Het waterschap wil een robuust watersysteem dat voorbereid is op de effecten van toekomstige klimaatveranderingen. Tot nu toe ligt de nadruk bij klimaatveranderingen met name op meer extreme neerslag en stijging van de zeespiegel.
Ook extreem droge periodes zullen echter vaker voor komen. Het robuuste watersysteem dat het waterschap nastreeft moet hier ook op anticiperen. Ecologisch gezond watersysteem Bij de inrichting van het watersysteem wordt gestreefd naar het realiseren van een ecologisch gezond watersysteem. Oevers worden bij voorkeur duurzaam en indien passend bij de functie natuurvriendelijk ingericht. Bij de dimensionering van het watersysteem wordt rekening gehouden met de te verwachten waterkwaliteit.
Ruimtelijke onderbouwing nieuwbouw woningen en b&b-kamers Karel Doormanweg 62 Urk
27
Goede oppervlaktewaterkwaliteit Het grond- en oppervlaktewater biedt leef-, verblijf-, en voortplantingsmogelijkheden voor de (aquatische) flora en fauna in het beheergebied. De chemische toestand van deze wateren vormt hier geen belemmering voor. Randvoorwaarde(n) Conform de Waterwet (Ww) is het verboden om zonder vergunning afvalstoffen, verontreinigende of schadelijke stoffen in welke vorm dan ook te brengen in oppervlaktewateren. Schoon regenwater mag zonder waterstaatswerk direct geloosd worden op oppervlaktewater. Indien hiervoor een voorziening zoals een drain of buis wordt aangebracht is hiervoor een vergunning nodig. Lozing van afvalwater. Er zal voor wat betreft de opvang van afvalwater waarschijnlijk gekozen worden voor de toepassing van een sceptic tank. De mogelijkheid om eventueel toch aansluiting te zoeken op het riool wordt nog niet uitgesloten. Bluswatervoorziening Bij de realisering van het initiatief zal bij de aanleg van de voorzieningen rekening worden gehouden met de aanbevelingen van de brandweer inzake een goede bereikbaarheid van en voldoende aanwezigheid van bluswatervoorzieningen. Conclusie In haar brief van 30 januari 2024 heeft Waterschap Zuiderzeeland een positief wateradvies verstrekt. De inhoud van de waterparagraaf is voldoende uitgewerkt.
De uitvoering wat betreft compensatie verhardingspercentage en het realiseren van de riolering zal verder met de gemeente en eventueel het waterschap worden afgestemd. Het aspect water vormt geen beperking voor onderhavig initiatief.
4.7 Verkeer – parkeren 4.7.1 Verkeersveiligheid Het toevoegen van de 3 woningen en de 6 B&B kamers zal leiden tot meer verkeersbewegingen van en naar het plangebied. De ontwikkeling van de Zeeheldenwijk heeft, zo blijkt uit het bestemmingsplan ‘Zeeheldenwijk’ een effect op de verkeersgeneratie op het bestaande wegennet van de gemeenten Urk en Noordoostpolder en dan met name op de Domineesweg. Dit effect wordt versterkt als gevolg van de autonome groei van Urk, de ontwikkeling van Port of Urk - Binnendijks bedrijventerrein en de ontwikkeling van de Maritieme Servicehaven Noordelijk Flevoland. De maximale intensiteit van de provinciale weg N352 Domineesweg, is door de provincie Flevoland in haar verkeersbeleid bepaald op 12.000 motorvoertuigen per etmaal. Deze intensiteit zal in de toekomst overschreden worden, mede als gevolg van de vier eerder genoemde ontwikkelingen. Derhalve dient er een robuuste oplossing te komen voor de toename van de verkeersintensiteit op de Domineesweg en mede daarmee de bereikbaarheid van Urk. Deze oplossing zal vorm krijgen in een randweg om Urk.
Ruimtelijke onderbouwing nieuwbouw woningen en b&b-kamers Karel Doormanweg 62 Urk
28
Het plangebied is gelegen aan de Karel Doormanweg. In tegenstelling tot de Domineesweg, hebben de genoemde grootschalige gebiedsontwikkelingen geen of nauwelijks effect op de verkeersintensiteit op de Karel Doormanweg. Dat het toevoegen van enkele woningen en B&B kamers zal leiden tot meer verkeer staat vast. Echter de aantallen verkeersbewegingen daarmee annex blijven zodanig laag7, dat daarmee de verkeersveiligheid niet in het geding is.
4.7.2 Parkeren De 3 woningen en de 6 B&B kamers vragen een bepaalde parkeerbehoefte.
Figuur 15. Parkeernorm rijenwoningen. Bron: Beleidsregel parkeren Urk 28-01-2021 Omdat er drie woningen worden gebouwd in 1 bouwblok, wordt voor wat betreft de woningen aangesloten bij de parkeernorm voor rijenwoningen. Voor rijenwoningen is een norm van 2,4 pp per woning van toepassing. De norm voor onderhavige 3 woningen lijkt aan de hoge kant. Afgerond dient op basis van deze norm in 8 parkeerplaatsen te worden voorzien. In de beleidsregel van de gemeente Urk is geen parkeernorm voor de B&B kamers opgenomen. De gemeente heeft aangegeven voor dergelijke initiatieven een norm te hanteren van 1 parkeerplaats per B&B-verblijf. Onderhavig initiatief heeft betrekking op 6 B&B kamers, zodat voor de B&B accommodatie 6 parkeerplaatsen gereserveerd moeten worden. In het plangebied is ruimte gereserveerd voor in totaal 14 parkeerplaatsen.
7
De verkeersbewegingen zijn gebaseerd op kencijfers uit de publicatie “Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie” CROW. Het aantal verkeersbewegingen is afhankelijk van factoren als type woning, type recreatieverblijf, doelgroep en stedelijk- of landelijk gebied. In onderhavig geval kan als uitgangspunt worden gehanteerd 3 verkeersbewegingen per etmaal per woning en 2,5 verkeersbewegingen per etmaal per B&B verblijf. Het aantal verkeersbewegingen zal per etmaal circa 24 bedragen.
Ruimtelijke onderbouwing nieuwbouw woningen en b&b-kamers Karel Doormanweg 62 Urk
29
Figuur 16. Plangebied inclusief 14 parkeerplaatsen. Bron: H2W architecten Urk. Conclusie Het aantal verkeersbewegingen annex met onderhavig initiatief zal circa 24 bedragen. Dat aantal zal niet of nauwelijks van invloed zijn op het verkeer. Voor wat betreft het parkeren is aangesloten op de parkeernormen van de gemeente Urk. Verkeer en parkeren vormt geen belemmering voor onderhavig plan.
4.8 Niet gesprongen explosieven Er is een NGE onderzoek8 uitgevoerd. Uit het vooronderzoek naar de aanwezigheid van Conventionele Explosieven ‘UrkSchokkerhoek’ daterende uit 2016 blijkt dat het onderzoeksgebied ‘Karel Doormanweg 62’ gelegen is binnen een gebied dat als verdacht op de aanwezigheid van afwerpmunitie is aangemerkt. In het kader van het bewerkstelligen van een veilige (werk) omgeving zijn in er in 2020 in grote delen van het verdachte gebied ‘Urk-Schokkerhoek’ opsporingswerkzaamheden tot een diepte van 4,5m-mv uitgevoerd. Bij die opsporingswerkzaamheden zijn geen (restanten van) Ontplofbare Oorlogsresten aangetroffen. Met het oog op de uitgevoerde opsporingsactiviteiten en de uitkomsten daarvan, is nu een aanvullend historische studie uitgevoerd, waarin gekeken is naar een aantal aspecten inzake de verdachtheid op afwerpmunitie. Hierbij is gekeken naar: De indicaties welke hebben geleid tot het verdacht gebied voor afwerpmunitie; De achterliggende afbakeningsmethode;
8 ECG Explosive Clearance Group B.V., 12-08-2023, nr. 234-023-AVO-01. Aanvullend Vooronderzoek naar
de mogelijke aanwezigheid van Ontplofbare Oorlogsresten in de vorm van afwerpmunitie perceel Karel Doormanweg 62 Urk
Ruimtelijke onderbouwing nieuwbouw woningen en b&b-kamers Karel Doormanweg 62 Urk
30
Het achterhalen van aanvullende informatie; Het naoorlogse gebruik van het onderzoeksgebied. Op basis hiervan heeft er een plausibiliteitsafweging plaatsgevonden in hoeverre het redelijk en aannemelijk is dat er Ontplofbare Oorlogsresten in de vorm van afwerpmunitie in het onderzoeksgebied aanwezig zou kunnen zijn. Aan de hand van het aanvullende onderzoek is geconcludeerd dat er geen concrete aanwijzingen zijn achterhaald die eenduidig op de aanwezigheid in het onderzoeksgebied van achtergebleven afwerpmunitie uit de conflictperiode 1939-1945 duiden. Het onderzoeksgebied wordt derhalve als Onverdacht op de aanwezigheid van afwerpmunitie aangemerkt. Het uitvoeren van opsporingswerkzaamheden wordt derhalve als niet doelmatig geacht. In gebieden die als onverdacht zijn aangemerkt kunnen de geplande werkzaamheden op reguliere wijze worden uitgevoerd. Geadviseerd wordt om uitvoerende partijen altijd op de hoogte te stellen van een Protocol Toevalsvondst. Mochten er onverhoopt munitie(gelijkende) objecten worden aangetroffen in de als ‘onverdacht’ geclassificeerde gebieden, dan is het advies de werkzaamheden direct te staken en de lokale politie van deze vondst op de hoogte te stellen. Tevens wordt geadviseerd om in een dergelijke situatie contact op te nemen met een CS-OOO gecertificeerd opsporingsbureau en gezamenlijk vast te stellen of opschaling noodzakelijk is.
Conclusie Vastgesteld kan worden dat het aspect ‘explosieven’ geen belemmering vormt voor onderhavig initiatief. Een exemplaar van het rapport is als bijlage 5 toegevoegd.
4.9 MER - beoordeling De m.e.r.-verantwoording houdt in dat nagegaan moet worden of er activiteiten plaatsvinden die negatieve effecten op het milieu kunnen hebben en die van een zodanige omvang kunnen zijn, dat er aanleiding bestaat om de (uitgebreide) m.e.r.-procedure te doorlopen. De grondslag hiervoor is vastgelegd in het Besluit m.e.r. (Besluit milieueffectrapportage). De drempelwaarden waarbij deze verplichting aan de orde is, zijn vastgelegd in de D-lijst van het Besluit milieueffectrapportage (Besluit m.e.r.). De vormvrije m.e.r.-beoordeling kan tot twee uitkomsten leiden: A. Belangrijke nadelige milieugevolgen zijn uitgesloten: er is geen m.e.r.-beoordeling noodzakelijk; B. Belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn niet uitgesloten: er moet een m.e.r.-beoordeling plaatsvinden of er kan direct worden gekozen voor een m.e.r. Op basis van de uitkomsten in hoofdstuk 4 ‘Omgevingsaspecten’ is inzichtelijk gemaakt dat er geen belangrijke nadelige gevolgen zijn voor de omgeving en het milieu. Aan de bestaande situatie worden kleinschalig functies (wonen en recreatie) toegevoegd die niet of nauwelijks invloed hebben op de omgeving. Tot voor kort was het toegestaan op de locatie een agrarisch bedrijf uit te oefenen. Milieutechnisch gezien is derhalve sprake van een stap vooruit.
Conclusie Gezien de aard van onderhavig plan zijn er geen negatieve effecten te verwachten, zodat afgezien kan worden van het verrichten van een (vorm)vrije m.e.r.-beoordeling.
Ruimtelijke onderbouwing nieuwbouw woningen en b&b-kamers Karel Doormanweg 62 Urk
31
Hoofdstuk 5 Uitvoerbaarheid van het plan Wettelijk bestaat er de verplichting om inzicht te geven in de uitvoerbaarheidsaspecten van een plan. In dat verband wordt er een onderscheid gemaakt tussen de maatschappelijke- en de economische uitvoerbaarheid.
5.1 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 5.1.1 Vooroverleg Er heeft ten aanzien van onderhavig initiatief vooroverleg met de gemeente Urk plaatsgevonden. Op basis van het vooroverleg heeft de gemeente in haar brief van 16 februari 2023 initiatiefnemers meegedeeld positief te staan tegenover het initiatief. De gemeente heeft toen aangegeven dat uit een ruimtelijke onderbouwing moet blijken of sprake kan zijn van een goede ruimtelijke ordening. Met de buurtbewoners heeft overleg plaatsgevonden. Daaruit is gebleken dat vanuit de buurt geen bezwaren bestaan tegen het gewenste initiatief. Verder zijn er reacties ontvangen van Waterschap Zuiderzeeland, De Regionale Brandweer, de gemeente Noordoostpolder en de provincie Flevoland. Het Waterschap heeft een positief advies afgegeven. De brandweer vraagt aandacht voor de brandblusvoorzieningen. De provincie heeft opmerkingen geplaatst over de verbinding met de Zeeheldenwijk, de verschillende functies en een nadere toelichting op het provinciaal beleid. Aan de reacties kan worden tegemoet gekomen en zijn nader verwerkt in onderhavige toelichting.
5.1.2 Vaststelling en beroep Het plan wordt vastgesteld door de gemeenteraad. Na vaststelling wordt het bestemmingsplan gepubliceerd. Vanaf publicatie loopt een beroepstermijn van 6 weken waarin een ieder beroep in kan stellen die tijdens de ontwerpfase zienswijzen kenbaar heeft gemaakt.
5.2 Economische uitvoerbaarheid Het betreft een particulier initiatief. De kosten komen voor rekening van initiatiefnemer. Voor wat betreft het verhalen van de eventuele planschade zal de gemeente initiatiefnemer een overeenkomst doen toekomen, op grond waarvan de kosten door de gemeente op initiatiefnemer verhaald kunnen worden.
Ruimtelijke onderbouwing nieuwbouw woningen en b&b-kamers Karel Doormanweg 62 Urk
32
Bijlagen Bijlage 1
Verkennend bodemonderzoek
Bijlage 2
Archeologisch bureau- en veldonderzoek
Bijlage 3
Quickscan ecologisch onderzoek
Bijlage 4
Watertoets
Bijlage 5
Onderzoek ontplofbare oorlogsresten
Bijlage 6
Aerius-berekening
Bijlage 7 Juridische plantoelichting
Ruimtelijke onderbouwing nieuwbouw woningen en b&b-kamers Karel Doormanweg 62 Urk
Bijlage 1
Verkennend bodemonderzoek
VERKENNEND BODEMONDERZOEK ‘Nieuwbouw Schuurwoningen’ aan de Karel Doormanweg 62 te Urk
BRL SIKB 2000 Protocol 2001 – 2002
COLOFON:
FMA-NILLESEN BEDRIJFSADVISEURS
Adres: Telefoon: E-mail: Website:
Ecu 37, 8305 BA Emmeloord 0527-610653 info@fma-nillesen.nl www.fma-nillesen.nl
Projectnummer: Projecttitel:
BO20230079 Verkennend bodemonderzoek aan de Karel Doormanweg 62 te Urk.
Opdrachtgever: Contactpersoon: Rapporteur: Projectleider: Autorisatie: Rapportdatum:
dhr. dhr. dhr. 10 juli 2023
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, geautomatiseerde gegevensbestanden of op welke andere wijze ook en evenmin in een retrieval systeem worden opgeslagen zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever.
Verkennend bodemonderzoek aan de Karel Doormanweg 62 te Urk.
2
Inhoudsopgave 1.
Inleiding. ........................................................................................................... 4
2.
Milieuhygiënisch vooronderzoek conform NEN-5725:2017 ......................... 5
2.1.
Asbest............................................................................................................................. 7
3.
Veldwerkzaamheden. ...................................................................................... 8
3.1.
Uitvoering boringen. ....................................................................................................... 8
3.2.
Zintuiglijke beoordeling. .................................................................................................. 8
3.3.
Bemonstering. ................................................................................................................ 8
4.
Laboratoriumonderzoek.................................................................................. 9
4.1.
Monstersamenstelling..................................................................................................... 9
5.
Beoordeling analyseresultaten. ................................................................... 10
5.1.
Toetsingskader. ............................................................................................................ 10
5.2.
Analyseresultaten grond. .............................................................................................. 10
5.3.
Analyseresultaten grondwater. ..................................................................................... 11
5.4.
Interpretatie onderzoeksresultaten. .............................................................................. 11
6.
Conclusies en aanbevelingen. ..................................................................... 12
6.1.
Algemeen. .................................................................................................................... 12
6.2.
Samenvatting onderzoeksresultaten. ........................................................................... 12
6.3.
Samenvattende conclusie. ........................................................................................... 13
6.4.
Toetsing hypothese. ..................................................................................................... 14
7.
Aansprakelijkheid. ......................................................................................... 15
Bijlagen: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.
Omgevingskaart. Situatietekening. Boorprofielen. Analysecertificaten. Berekende achtergrond/ streef- en interventiewaarden. Toetsingsrapport. Monsternemingsformulier. Bodeminformatie.
Verkennend bodemonderzoek aan de Karel Doormanweg 62 te Urk.
3
1.
Inleiding.
In opdracht van Fam. ....... heeft FMA-Nillesen in juni 2023 een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van een gedeelte van een perceel aan de Karel Doormanweg 62 te Urk. De onderzoekslocatie is kadastraal bekend onder gemeente Urk, sectie D, perceelnummer 2059. De oppervlakte van de onderzoekslocatie bedraagt circa 2000 m2. De regionale ligging van de locatie is in bijlage 1 weergegeven. Het verkennend bodemonderzoek is uitgevoerd ten behoeve van een voorgenomen aanvraag omgevingsvergunning activiteit bouwen (nieuwbouwlocatie). Voorafgaand aan het verkennend bodemonderzoek is milieuhygiënische vooronderzoek uitgevoerd, zoals beschreven in de NEN-5725:2017. Hieruit is naar voren gekomen dat de onderzoekslocatie als onverdacht wordt gezien op basis van functie en gebruik. De onderzoekslocatie betreft een nieuwbouwlocatie voor een 2- tal schuurwoningen. De gehele oppervlakte heeft een eenduidige functie/ gebruik (Erf, tuin), is onbebouwd en onverhard. Het doel van het verkennend bodemonderzoek in deze situatie is aan te tonen dat op de locatie redelijkerwijs gesproken geen verontreinigende stoffen aanwezig zijn in de grond of het freatisch grondwater in gehaltes boven respectievelijk de achtergrondwaarden en de streefwaarden.
Het bodemonderzoek is uitgevoerd conform de onderzoeksstrategie voor een onverdachte locatie zoals beschreven in de NEN-5740:2009/A1:2016 (ONV-NL). De grond- en grondwatermonsters zijn geanalyseerd op het nieuwe stoffenpakket (1 juli 2008). Het veldwerk en de bemonstering zijn verricht onder certificaat op grond van de BRL SIKB 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek", protocollen 2001 en 2002. Er is geen onderzoek uitgevoerd naar het voorkomen van PFAS en/ of asbest. De analyseresultaten zijn getoetst aan het toetsingskader volgens de Wet bodembescherming (Wbb). Van de onderzoekslocatie zijn geen gegevens bekend met betrekking tot het voorkomen van asbest. Ten tijde van de uitvoering van de monstername is zintuiglijk geen asbestverdacht en/ of asbesthoudend materiaal op of in de bodem waargenomen. De in de bijlagen opgenomen informatie maakt onlosmakelijk onderdeel uit van onderhavige rapportage. In het onderhavige rapport is verslag gedaan van het uitgevoerde onderzoek. Het rapport is als volgt opgebouwd: 2. Milieuhygiënisch vooronderzoek conform NEN-5725:2017. 3. Veldwerkzaamheden. 4. Laboratoriumonderzoek. 5. Beoordeling analyseresultaten. 6. Conclusies en aanbevelingen. 7. Aansprakelijkheid.
Verkennend bodemonderzoek aan de Karel Doormanweg 62 te Urk.
4
2.
Milieuhygiënisch vooronderzoek conform NEN-5725:2017
Voorafgaand aan de uitvoering van het bodemonderzoek is een vooronderzoek conform NEN 5725:2017 uitgevoerd. In het vooronderzoek voor het opstellen van de hypothese over de bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek gaat het om aspecten die van belang zijn om de kans op bodemverontreiniging in te schatten. Indien deze kans er is, moeten de kritische parameters en de eventuele indeling in deelgebieden met verschillende bodemlagen of verschillende milieuhygienische samenstelling uit het vooronderzoek blijken. Nadat de gegevens van de verplichte onderzoeksaspecten zijn verzameld, wordt een gefundeerd antwoord geformuleerd met betrekking tot de specifieke onderzoeksvragen. De onderzoeksvragen zijn afhankelijk van de aanleiding tot vooronderzoek en zijn hieronder uitgewerkt. Hoofdstuk 6.2.1 Aanleiding A: Opstellen hypothese over de bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek. De terreinverkenning maakt geen onderdeel uit van het vooronderzoek maar maakt onderdeel uit van het veldwerk en is voorafgaand aan de uitvoering van het veldwerk uitgevoerd. Onderzoeksaspecten milieuhygiënisch vooronderzoek conform NEN5725:2017 (aanleiding A) Wat is de afbakening van de onderzoekslocatie en is deze voldoende?
Antwoord en motivatie
Adres (x/y-coördinaten) Kadastrale aanduiding Te onderzoeken terreindeel (info opdrachtgever) Begrenzing onderzoekslocatie aangegeven op Afbakening onderzoekslocatie voldoende? Is er sprake van potentiële bronnen van bodemverontreiniging, zowel vanuit het verleden als het heden? Zo ja, wat zijn de potentiële bronnen van bodemverontreiniging, waar liggen ze en wat zijn verdachte parameters? Is de bodem asbestverdacht? Welke kwaliteitsklasse is toegekend aan de bodem in de bodemkwaliteitskaart en welke lagen zijn daarbij onderscheiden?
Karel Doormanweg 62 Urk (172706 - 518595). Gemeente Urk, sectie D, perceelnummer 2059. Nieuwbouwlocatie. Zie bijlage 1. Ja. Nee.
Wat is de bodemopbouw en geohydrologie en is er binnen het onderzoeksgebied sprake van verschillende fysische kwaliteiten en/ of bodemvreemde lagen? Zo ja, welke fysische kwaliteiten en/ of bodemvreemde lagen zijn er en waar bevinden deze zich?
Is er sprake van beïnvloeding vanuit de omgeving van de bodemkwaliteit of de kwaliteit van het grondwater? Zo ja, welke beïnvloeding en waar? Wordt op de locatie of een deel daarvan (een geval van ernstige) bodemverontreiniging vermoed? Zo ja, waar bevindt deze zich? Is de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem afdoende bekend of is bodemonderzoek noodzakelijk? Motiveer het antwoord. Welke hypothese en strategie zijn van toepassing bij de uitvoering van bodemonderzoek (inclusief de indeling van de onderzoekslocatie in deellocaties met verschillende hypotheses over de aard en verdeling van de verontreinigende stoffen)?
Huidige situatie/ historie tot op heden.
Toekomstige situatie.
Nee. Kwaliteitsklasse: Ontgravingskaart boven- en onderlaag; Landbouw/ Natuur. Toepassingseis boven- en onderlaag; Landbouw/ Natuur. Uit de veldwaarnemingen blijkt dat tot maximaal 200 cm- mv (centimeter min maaiveld) overwegend sprake is van een zandlaag en tot de maximale boordiepte van 280 cm- mv sprake is van een veenlaag. Tijdens de veldwerkzaamheden is van iedere boring een profielbeschrijving gemaakt. In bijlage 3 is hiervan een overzicht weergegeven. Nee. Nee. Bodemonderzoek noodzakelijk ivm voorgenomen aanvraag omgevingsvergunning activiteit bouwen. Op basis van het uitgevoerde vooronderzoek kan worden geconcludeerd dat de te onderzoeken locatie als “onverdacht” kan worden aangemerkt op basis van functie/ gebruik. Het onderzoek is derhalve uitgevoerd conform NEN-5740:2009/A1:2016 (ONV-NL). De onderzoekslocatie betreft een perceel gelegen aan de Karel Doormanweg 62 te Urk. De onderzoekslocatie betreft een nieuwbouwlocatie voor een 2- tal schuurwoningen. De gehele oppervlakte heeft een eenduidige functie/ gebruik (Erf, tuin) is onbebouwd en onverhard. Voorafgaande aan het bodemonderzoek is een terreininspectie uitgevoerd. Hierbij zijn geen afwijkingen waargenomen die op mogelijke bodemverontreiniging kunnen wijzen. Tevens zijn er bij de terreininspectie geen asbestverdachte materialen op of in de bodem waargenomen ter plaatse van de onderzoekslocatie.
Voor zover bekend zal het gebruik van de onderzoekslocatie wijzigen na realisatie van geplande nieuwbouw schuurwoningen.
Verkennend bodemonderzoek aan de Karel Doormanweg 62 te Urk.
5
Ten behoeve van het verzamelen van gegevens is oa www.bodemloket.nl, Grondstromenbeleid werkgebied OFGV, opdrachtgever, Omgevingsrapportage Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek en Topotijdreis van het Kadaster geraadpleegd. Uit de gegevens blijkt dat er sprake is van een ondergrondse dieselopslagtank ter plaatse van het perceel waar tevens onderhavige onderzoekslocatie is gelegen. Tijdens de terreininspectie is de eigenaar (junior en senior) bevraagd over de ligging van een ondergrondse dieselopslagtank. Beide hebben geen kennis van de aanwezigheid van een ondergrondse tank. In het veld zijn tijdens de terreininspectie geen kenmerken van een ondergrondse tank waargenomen. Het is zeer waarschijnlijk dat een eventuele (voormalige) ondergrondse dieslopslagtank buiten de invloedssfeer ligt van onderhavige onderzoekslocatie. Behoudens de genoemde dieselopslagtank zijn er geen vermeldingen van mogelijke verontreinigingen aangetoond welke binnen de invloedsfeer van de onderzoekslocatie vallen. Er zijn geen meldingen bekend van calamiteiten, dempingen en/ of het voorkomen van bodemverontreinigingen ter plaatse van de onderzoekslocatie of binnen de invloedsfeer daarvan. Bijlage 8 betreft bodeminformatie van de onderzoekslocatie. Er heeft geen onderzoek naar het voorkomen van asbest conform NEN-5707+C2:2017 plaatsgevonden.
Tijdens de terreininspectie is geen vermoeden ontstaan met betrekking tot het voorkomen van asbestverdacht en/ of asbesthoudend materiaal. Opgemerkt dient te worden dat er geen asbestanalyses van de grond en/ of puin hebben plaatsgevonden en dat het onderzoek aangaande de bodem niet is verricht conform NEN-5707+C2:2017 (monsterneming en analyse van asbest in bodem) en/ of NEN-5897 (monsterneming en analyse van asbest in onbewerkt bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat). Bij een bodemonderzoek op basis van de NEN-5740:2009+A1:2016 is de trefkans klein dat er met behulp van een edelmanboor asbestverdacht materiaal wordt opgeboord (verdringing van het materiaal). De in de bijlagen opgenomen informatie maakt onlosmakelijk onderdeel uit van onderhavige rapportage.
Verkennend bodemonderzoek aan de Karel Doormanweg 62 te Urk.
6
2.1.
Asbest.
Op basis van het vooronderzoek, terreininspectie en veldwaarnemingen kan worden geconcludeerd dat de onderzoekslocatie niet verdacht is op het voorkomen van asbestverontreiniging in de bodem. Een onderzoekslocatie is wel asbestverdacht indien er (sporen van) puin aanwezig is. Indien er (sporen) puin wordt aangetroffen of uit vooronderzoek blijkt dat de onderzoekslocatie verdacht is op het voorkomen van asbest kan aanvullend asbestonderzoek noodzakelijk zijn. Aanvullend asbestonderzoek kan achterwege blijven indien onderbouwd kan worden dat de verdenking op het voorkomen van asbest onterecht is. De NEN-5707+C2:2017 verduidelijkt onder welke voorwaarden gemotiveerd kan worden dat de aanwezigheid van puin geen asbestverdenking geeft. Hierbij spelen het type puin en de datum van aanbrengen van het puin een belangrijke rol. Of puin daadwerkelijk asbestverdacht is, is onder andere afhankelijk van het type puin dat aanwezig is, het historisch gebruik van de locatie (bijvoorbeeld op welk moment het puin is geproduceerd dan wel in de bodem terechtgekomen) en de hoeveelheid puinbijmenging. Er zijn verschillende typen ongebroken puin: metselpuin, betonpuin, puin van asfalt, klinkers en/of straatstenen, historisch puin. Vooral bij ongedefinieerd gemengd bouwpuin is de kans groot dat dit asbestcement plaatmateriaal bevat (stukjes golfplaat, vlakke plaat, daklei en buis).
Ook in betonpuin (met name funderingspuin) komt incidenteel asbestcement voor, in de vorm van asbestcementbuizen, verloren bekisting en stelplaatjes. In de overige soorten puin (puin van asfalt, cement, klinkers en/ of straatstenen en historisch puin) zit in de regel geen asbesthoudend materiaal en de aanwezigheid van die soorten puin maakt een locatie niet verdacht. Indien het puingranulaat duidelijk visueel herkenbaar is als eenduidig materiaal en voldoende kan worden onderbouwd dat dit materiaal niet vermengd kan zijn met asbesthoudend materiaal (bijvoorbeeld asfalt, klinkers, dakpannen, bakstenen, enz.) is de locatie onverdacht. Bij geproduceerd puingranulaat (afkomstig van puinbrekers) is het onderscheid veel minder goed te zien. Indien het oorspronkelijke puin asbesthoudend materiaal bevatte zal door opmenging het gehalte aan asbest veelal relatief laag zijn. Niet- gecertificeerd en gecertificeerd puingranulaat tot 2005 dient als asbestverdacht worden aangemerkt. Het voorkomen van gecertificeerd puingranulaat met een productiedatum van nà 2005 maakt een locatie niet verdacht. Naast het type puingranulaat en de ouderdom ervan is de hoeveelheid puinbijmenging ook relevant voor de verdenking op de aanwezigheid van asbest. Het aantreffen van enig puin maakt een locatie niet automatisch asbestverdacht. Echter, er moet wel goed worden onderbouwd dat dit puin geen asbest bevat.
Alleen indien voldoende kan worden onderbouwd of gemotiveerd dat puin en puingranulaat eenduidig definieerbaar zijn en er gezien typering, ouderdom, bijmengingen en historisch onderzoek niet kan worden gerelateerd aan asbest, dan mag de locatie als onverdacht worden beschouwd. Indien onvoldoende kan worden onderbouwd of gemotiveerd dat in het aanwezige puin en granulaat geen asbest voorkomt, dan moet de locatie altijd als asbestverdacht worden beschouwd. De monsternemer heeft ter plaatse van onderhavige onderzoekslocatie geen asbesthoudend of asbestverdacht materiaal aangetroffen. Ter plaatse van de onderzoekslocatie is geen sprake van het voorkomen van asbestverdachte puinbijmengingen en derhalve daardoor niet asbestverdacht.
Verkennend bodemonderzoek aan de Karel Doormanweg 62 te Urk.
7
3.
Veldwerkzaamheden.
De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd op 23 en 30 juni 2023.
3.1.
Uitvoering boringen.
Verspreid over de onderzoekslocatie zijn 11 boringen (B1 t/m B11) uitgevoerd. De boringen B4 t/m B11 zijn uitgevoerd tot 50 cm- mv (centimeter min maaiveld). Boringen B2 en B3 zijn uitgevoerd tot 200 cm- mv. Boring B1 is uitgevoerd tot 280 cm- mv en afgewerkt tot grondwaterpeilbuis (PB1). Zie bijlage 3 voor profielbeschrijvingen.
3.2.
Zintuiglijke beoordeling.
Tijdens het veldwerk is de opgeboorde grond zintuiglijk beoordeeld op de mogelijke aanwezigheid van bodemverontreiniging of bodemvreemde stoffen. Hierbij zijn geen indicaties waargenomen die hierop duiden. Bij de beoordeling van het opgeboorde materiaal is ook speciaal gelet op asbestverdacht en/ of asbesthoudend materiaal. Deze zijn zintuiglijk in de opgeboorde grond ter plaatse van de onderzoeksterreinen niet waargenomen.
3.3.
Bemonstering.
Ter bepaling van de kwaliteit van de bovengrond is het traject van 0-40 cm- mv representatief bemonsterd. Ter bepaling van de kwaliteit van de ondergrond is het traject van 50-200 cm- mv representatief bemonsterd. Na plaatsing van de peilbuis en vóór bemonstering hiervan na een week wachttijd is tenminste 3 maal de natte stijgbuisinhoud afgepompt. Tijdens de veldwerkzaamheden zijn de zuurgraad (pH), troebelheid (NTU) en het elektrisch geleidingsvermogen (EC) van het grondwater bepaald. De gemeten waarden zijn in hoofdstuk 5.3 weergegeven. De locaties van de boorpunten en de peilbuis zijn weergegeven op de tekening in bijlage 2.
Verkennend bodemonderzoek aan de Karel Doormanweg 62 te Urk.
8
4.
Laboratoriumonderzoek.
De (meng-) monsters van de grond en het grondwater zijn geanalyseerd door Eurofins Omegam B.V. De analysemethodieken zijn uitgevoerd conform de NEN-5740 (behandeling conform AS3000). De analyseresultaten van de onderzochte grond- en grondwatermonsters zijn weergegeven in bijlage 4 (Analysecertificaten). De berekende achtergrond, streef- en interventiewaarden zijn opgenomen in bijlage 5. In het kader van integriteit en transparantie biedt het laboratorium (Eurofins Omegam B.V.) de mogelijkheid de juistheid en authenticiteit van de analysecertificaten die in het kader van dit project zijn uitgevoerd, te controleren. U kunt dit doen door met de opdrachtverificatiecode, linksonder op het analysecertificaat van Eurofins Omegam B.V., via de website www.omegam.nl een verificatie uit te voeren.
4.1.
Monstersamenstelling.
In het laboratorium zijn van de grondmonsters een 3- tal (meng-) monsters samengesteld. In onderstaande tabel wordt een overzicht van de verschillende, ter analyse aangeboden grond- en grondwatermonsters gegeven. (Meng-) monster MM1 MM2 MM3 Grondwater peilbuis PB1 Tabel 2
Deelmonsters
Diepte (cm- mv)
B1, B7, B8, B9, B10, B11 B2, B3, B4, B5, B6 B1, B2, B3 -
0-40 0-40 50-200 180-280 (filterstelling)
Analyses standaard analysepakket grond* standaard analysepakket grond* standaard analysepakket grond* standaard analysepakket grondwater**
* Het standaard analysepakket voor grond bestaat uit de volgende parameters: ∑ zware metalen (Ba, Cd, Co, Cu, Hg, Ni, Pb, Mo, Zn) ∑ polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK) ∑ Polychloorbifenylen (PCB) ∑ minerale olie (GC) Ter bepaling van de toetsingswaarden zijn tevens het organisch stof- en lutumgehalte van zowel de bovengrond als de ondergrond bepaald. ** Het standaard analysepakket voor grondwater bestaat uit onderstaande componenten: ∑ zware metalen (Ba, Cd, Co, Cu, Hg, Ni, Pb, Mo, Zn) ∑ vluchtige aromaten (inclusief naftaleen) ∑ vluchtige chlooralifaten ∑ minerale olie
Verkennend bodemonderzoek aan de Karel Doormanweg 62 te Urk.
9
5.
Beoordeling analyseresultaten.
5.1.
Toetsingskader.
De analyseresultaten zijn getoetst aan het toetsingskader Besluit Bodemkwaliteit en bijlage 1 van de Circulaire bodemsanering 2013. De opgestelde richtwaarden worden gehanteerd om de mate en de ernst van een eventuele verontreiniging in te schatten. In onderstaand kader wordt een toelichting gegeven op de opgestelde richtwaarden (achtergrond, streef- en interventiewaarden en de nader onderzoeksgrens (Tussenwaarde)). ∑ De achtergrondwaarde geeft het uiteindelijke te bereiken kwaliteitsniveau voor de bodem aan en heeft betrekking op de in de natuur voorkomende achtergrondgehalten, afhankelijk van het lutum- en organische stofgehalte of de detectiegrenzen bij stoffen, die niet van nature in de bodem voorkomen. Overschrijding van de achtergrondwaarde is een indicatie voor een lichte verontreiniging. ∑ De interventiewaarde geeft het concentratieniveau in de bodem aan, waarboven de functionele eigenschappen voor mens, plant en dier, in ernstige mate kunnen zijn verminderd. Bij gehalten boven de interventiewaarde is sprake van een geval van ernstige verontreiniging. ∑ Nader onderzoek dient te worden uitgevoerd indien er een vermoeden bestaat van een geval van ernstige verontreiniging. Overschrijding van de tussenwaarde is een indicatie voor een matige verontreiniging.
De achtergrondwaarde en interventiewaarden in de grond zijn afhankelijk van het lutum- en organische stof percentage van deze grond. Voor berekening van de toetsingswaarden is gebruik gemaakt van de formules zoals vermeld in de genoemde circulaire. De achtergrondwaarde en interventiewaarden mogen niet als strikte normen worden gezien. Deze moeten tezamen met de lokale situatie, de functie en het gebruik van het terrein en de geohydrologische situatie worden beoordeeld om het risico voor de volksgezondheid en/ of aantasting van het milieu in te schatten.
In bijlage 4 (analysecertificaten) zijn de gemeten analyseresultaten van de grond- en grondwatermonsters in tabelvorm weergegeven. Eventuele overschrijdingen van bovengenoemde waarden zijn eveneens weergegeven. De berekende achtergrond, streef- en interventiewaarden zijn weergegeven in bijlage 5.
5.2.
Analyseresultaten grond.
In tabel 3 worden de overschrijdingen van de toetsingswaarden (standaard analysepakket) van de grond per mengmonster weergegeven. Het analysecertificaat is opgenomen in bijlage 4. De toetsingstabellen zijn opgenomen in bijlage 5. De indicatieve toetsingen zijn opgenomen in bijlage 6. Tabel 3; Toetsingsresultaten grond standaard analysepakket (Meng-) monster Traject cm- mv MM1 0-40 MM2 0-40 MM3 50-200 >AW >T >I -
Toetsingsresultaat Wbb >AW >T >I -
Indicatieve toetsing Bbk Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar
gehalte groter dan de achtergrondwaarde en kleiner dan of gelijk aan de tussenwaarde (licht verontreinigd); gehalte groter dan de tussenwaarde ((AW + I)/2) en kleiner dan of gelijk aan de interventiewaarde (matig verontreinigd); gehalte groter dan de interventiewaarde (sterk verontreinigd); geen gehalten boven de betreffende toetsingswaarde (niet verontreinigd).
Uit de analyseresultaten blijkt dat in de grond geen overschrijdingen worden aangetoond. Alle mengmonsters worden indicatief gekwalificeerd als ‘Altijd toepasbaar’. De indicatieve toetsing is weergegeven in bijlage 6. In onderstaande tabel 4 zijn de gemeten waarden van het organisch stofgehalte weergegeven. Tabel 4; Organisch stof- en lutumgehalten (- niet bepaald). Monsteromschrijving Organisch stof (in % op droge stof) MM1 2,6 MM2 4,7 MM3 1,2 Verkennend bodemonderzoek aan de Karel Doormanweg 62 te Urk.
Lutum (in % op droge stof) 1,0 1,2 1,0 10
5.3.
Analyseresultaten grondwater.
In tabel 5 worden de analyseresultaten van de grondwateranalyse (standaard analysepakket grondwater) weergegeven. Het analysecertificaat is opgenomen in bijlage 4. De toetsingstabel is opgenomen in bijlage 5. Tabel 5; Toetsingsresultaten grondwater standaardpakket grondwater Peilbuis Diepte filter cm- mv PB1 >S >T >I -
>S -
180-280
Toetsingsresultaat Wbb >T -
>I -
gehalte groter dan de achtergrondwaarde en kleiner dan of gelijk aan de tussenwaarde (licht verontreinigd); gehalte groter dan de tussenwaarde ((S + I)/2) en kleiner dan of gelijk aan de interventiewaarde (matig verontreinigd); gehalte groter dan de interventiewaarde (sterk verontreinigd); geen gehalten boven de betreffende toetsingswaarde (niet verontreinigd).
Uit de analyseresultaten blijkt dat in het grondwater geen overschrijdingen worden aangetoond. De actuele grondwaterstand, zuurgraad (pH), troebelheid (NTU) en het elektrisch geleidingsvermogen (EC) zijn gemeten en in onderstaande tabel 6 weergegeven: Tabel 6; Veldwaarnemingen grondwater Peilbuis NTU
pH
EC in mS/ cm
PB1
7,25
1,350
11,4
Grondwaterstand (cm- mv) 140
De gemeten waarden in bovenstaande tabel geven tevens geen aanleiding tot het uitvoeren van een nader onderzoek.
5.4.
Interpretatie onderzoeksresultaten.
Grond Tijdens het veldwerk is de opgeboorde grond zintuiglijk beoordeeld op de mogelijke aanwezigheid van bodemverontreiniging. Hierbij zijn geen indicaties waargenomen die hierop duiden. In de grond worden geen overschrijdingen aangetoond. Grondwater In het grondwater worden geen overschrijdingen aangetoond.
Verkennend bodemonderzoek aan de Karel Doormanweg 62 te Urk.
11
6.
Conclusies en aanbevelingen.
6.1.
Algemeen.
In opdracht van Fam. Weerstand heeft FMA-Nillesen in juni 2023 een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van een gedeelte van een perceel aan de Karel Doormanweg 62 te Urk. De onderzoekslocatie is kadastraal bekend onder gemeente Urk, sectie D, perceelnummer 2059. De oppervlakte van de onderzoekslocatie bedraagt circa 2000 m2. Aanleiding Aanleiding tot het uitvoeren van het verkennend bodemonderzoek betreft de voorgenomen aanvraag omgevingsvergunning activiteit bouwen (nieuwbouwlocatie). De onderzoekslocatie betreft een nieuwbouwlocatie voor een 2- tal schuurwoningen. Doel Het doel van het verkennend bodemonderzoek in deze situatie is aan te tonen dat op de locatie redelijkerwijs gesproken geen verontreinigende stoffen aanwezig zijn in de grond of het freatisch grondwater in gehaltes boven respectievelijk de achtergrondwaarden en de streefwaarden.
6.2.
Samenvatting onderzoeksresultaten.
Grond Tijdens het veldwerk is de opgeboorde grond zintuiglijk beoordeeld op de mogelijke aanwezigheid van bodemverontreiniging. Hierbij zijn geen indicaties waargenomen die hierop duiden. In de grond worden geen overschrijdingen aangetoond. Grondwater In het grondwater worden geen overschrijdingen aangetoond.
Verkennend bodemonderzoek aan de Karel Doormanweg 62 te Urk.
12
6.3.
Samenvattende conclusie.
Samenvattend kan geconcludeerd worden dat: Op de onderzoekslocatie geen bodemverontreiniging aangetoond is, welke een belemmering zou kunnen vormen bij de voorgenomen aanvraag omgevingsvergunning activiteit bouwen (nieuwbouwlocatie). De onderzoekslocatie betreft een nieuwbouwlocatie voor een 2- tal schuurwoningen. Er heeft geen onderzoek naar het voorkomen van asbest conform NEN-5707+C2:2017 plaatsgevonden. Tijdens de terreininspectie is geen vermoeden ontstaan met betrekking tot het voorkomen van asbestverdacht en/ of asbesthoudend materiaal. Opgemerkt wordt dat eventueel vrijkomende grond (bijv. bij graafwerkzaamheden), bij afvoer hiervan, niet vrij toepasbaar is. Hergebruik van deze grond is aan bepaalde, door de gemeente gestelde, voorwaarden gebonden. De grond kan echter zonder voorwaarden hergebruikt worden in een dezelfde bodemlaag op het eigen terrein. Het huidige gebruik heeft geen bodemverontreiniging veroorzaakt welke nader onderzoek noodzakelijk maakt.
Verkennend bodemonderzoek aan de Karel Doormanweg 62 te Urk.
13
6.4.
Toetsing hypothese.
Op basis van het vooronderzoek is geconcludeerd dat de onderzoekslocatie als “onverdacht” kan worden aangemerkt. De gemeten waarden geven geen aanleiding tot het uitvoeren van een nader onderzoek, zodat een aanpassing van de onderzoeksstrategie niet noodzakelijk is.
Verkennend bodemonderzoek aan de Karel Doormanweg 62 te Urk.
14
7.
Aansprakelijkheid.
Het onderhavige onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens algemeen gebruikelijke inzichten en methoden. FMA-Nillesen streeft bij elk bodemonderzoek/ partijkeuring grond naar een optimale representativiteit. Echter, een bodemonderzoek/ partijkeuring grond is gebaseerd op het verrichten van een beperkt aantal boringen en het nemen van een beperkt aantal grond- en grondwatermonsters. Hierdoor blijft het mogelijk dat plaatselijke afwijkingen in de samenstelling van grond en/ of grondwater aanwezig zijn, welke tijdens het onderzoek niet naar voren zijn gekomen. FMA-Nillesen is niet aansprakelijk voor hieruit voortvloeiende schade of gevolgen van welke aard ook. Naarmate er een langere tijd is verlopen na uitvoering van het onderzoek dient meer voorzichtigheid/ voorbehoud te worden betracht bij het gebruik van de onderzoeksresultaten. Onderhavige rapportage beschrijft een uitgevoerd bodemonderzoek/ partijkeuring grond welke een momentopname is van de onderzoekslocatie ten tijde van de uitvoering van het veldwerk. FMA-Nillesen is niet aansprakelijk voor eventuele wijzigingen welke direct of indirect van invloed zouden kunnen zijn op de kwaliteit van de onderzoekslocatie of binnen de invloedsfeer daarvan.
Controlerende instanties en/ of de opdrachtgever hebben ten tijde van de uitvoering van het veldwerk de mogelijkheid de uitvoering van het bodemonderzoek/ partijkeuring grond te controleren. Boorgaten worden na uitvoering van de bemonstering standaard gedicht met de uitkomende grond. FMA-Nillesen draagt geen enkele verantwoordelijkheid over de onderzoekslocatie nadat de veldwerker de onderzoekslocatie heeft verlaten. Binnen het beschreven onderzoek zijn analyses uitgevoerd waarmee de geanalyseerde parameters zijn aangetoond in het voorkomen of de afwezigheid daarvan. Alle niet geanalyseerde parameters worden niet zinvol geacht te analyseren op basis van de beschikbare voorinformatie en/ of een onderbouwing welke geleid heeft tot het beschreven onderzoek. FMA-Nillesen sluit niet dat een overheidsinstelling desondanks toch aanvullend onderzoek eist teneinde niet geanalyseerde parameters aanvullend te laten bepalen of de onderzoeksinspanning te vergroten cq uit te breiden. FMA-Nillesen behoudt zich het recht voor om op elk moment het rapport in te trekken indien bijvoorbeeld blijkt dat onjuiste of onvolledige voorinformatie is verstrekt dat van invloed is of kan zijn op het uitgevoerde bodemonderzoek/ partijkeuring grond.
Verkennend bodemonderzoek aan de Karel Doormanweg 62 te Urk.
15
Bijlage 1 Omgevingskaart
Omgevingskaart
Deze kaart is noordgericht Hier bevindt zich Kadastraal object Urk D 2059 Karel Doormanweg 62 te Urk
Referentie: Urk D 2059
Bijlage 2 Situatietekening
9
11
8
7
2
5
3
K
A
R
E
L
D
O
O
R
M
A
N
W
E
G
4
0 m
10 m
30 m
20 m
40 m
50 m
Verkennend bodemonderzoek aan de Karel Doormanweg 62 te Urk
Onderzoekslocatie
Perceelnummer 4
Vastgestelde kadastrale grens
Voorlopige kadastrale grens
Administratieve kadastrale grens
Bebouwing
1
6
Deze kaart is noordgericht 1
Huisnummer
10
Peilbuis met nr
Schaal 1: 1000
1715
Boring met nr
Kadastrale gemeente Sectie Perceel
Urk D 2059
Schaal
1:750
Projectnr.
BO20230079
A4
Tekenaar
P. Dingerink
Datum
23-06-2023
Datum veldwerk 23-06-2023 Naam uitvoerder P. Dingerink
Bijlage 3 Boorprofielen
BO20230079 Boring : B01
Boring : B02
Datum : 23-06-2023 GWS : 130
Datum : 23-06-2023
Boring : B03
Boring : B04 t/m B11
Datum : 23-06-2023
Datum : 23-06-2023
grind, grindig
zand, zandig
leem, siltig
Boorstaten getekend volgens NEN 5104
klei, kleiig
veen, humeus
olie/geur licht,matig,sterk
Bijlage 4 Analysecertificaten
FMA Nillesen Bedrijfsadviseurs T.a.v. Mevrouw P. Dingerink Ecu 37 8305 BA EMMELOORD
Uw kenmerk : BO20230079 Karel Doormanweg 62 Ons kenmerk : Project 1570903 Validatieref. : 1570903_certificaat_v1 Opdrachtverificatiecode : IKYM-CAQX-REJR-ZNFO Bijlage(n) : 2 tabel(len) + 2 bijlage(n)
Amsterdam, 29 juni 2023 Hierbij zend ik u de resultaten van het laboratoriumonderzoek dat op uw verzoek is uitgevoerd in de door u aangeboden monsters. De resultaten hebben uitsluitend betrekking op de monsters, zoals die door u voor analyse ter beschikking werden gesteld. Het onderzoek is, met uitzondering van eventueel uitbesteed onderzoek, uitgevoerd door Eurofins Omegam volgens de methoden zoals ze zijn vastgelegd in het geldende accreditatie-certificaat L086 en/of in de bundel "Analysevoorschriften Eurofins Omegam". De in dit onderzoek uitgevoerde onderzoeksmethoden van de geaccrediteerde analyses zijn in een aparte bijlage als onderdeel van dit analyse-certificaat opgenomen. De methoden zijn, voor zover mogelijk, ontleend aan de accreditatieprogramma's/schema's en NEN- EN- en/of ISO-voorschriften. Ik wijs u erop dat het analyse-certificaat alleen in zijn geheel mag worden gereproduceerd. Ik vertrouw erop uw opdracht volledig en naar tevredenheid te hebben uitgevoerd. Heeft u naar aanleiding van deze rapportage nog vragen, dan verzoek ik u contact op te nemen met onze klantenservice. Hoogachtend, namens Eurofins Omegam,
Ing. J. Tukker Manager productie
Op dit certificaat zijn onze algemene voorwaarden van toepassing. Dit analyse-certificaat mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd.
Eurofins Omegam B.V. H.J.E. Wenckebachweg 120 NL-1114 AD Amsterdam-Duivendrecht Nederland
T +31-(0)20-597 66 80 CSOmegam@eurofins.com www.eurofins.nl
IBAN NL 16 BNPA 0227667980 BIC BNPANL2A BTW nr. NL8139.67.132.B01 KvK nr. 34215654
Tabel 1 van 2 ANALYSECERTIFICAAT Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever
: 1570903 : BO20230079 Karel Doormanweg 62 : FMA Nillesen Bedrijfsadviseurs
Uw Monsterreferenties 7783406 = MM1: B1(0-40)+B7(0-40)+B8(0-40)+B9(0-40)+B10(0-40)+B11(0-40) 7783407 = MM2: B2(0-40)+B3(0-40)+B4(0-40)+B5(0-40)+B6(0-40) 7783408 = MM3: B1(50-100)+B1(100-150)+B1(150-200)+B2(50-100)+B2(100-150)+B2(150-200)+B3(50-100)+B3(100-150) Opgegeven bemonsteringsdatum Ontvangstdatum opdracht Startdatum Monstercode Uw Matrix
: : : : :
Monstervoorbewerking S AS3000 (steekmonster) S gewicht artefact S soort artefact S voorbewerking AS3000
g
23/06/2023 23/06/2023 23/06/2023 7783406 Grond
23/06/2023 23/06/2023 23/06/2023 7783407 Grond
23/06/2023 23/06/2023 23/06/2023 7783408 Grond
uitgevoerd n.v.t. n.v.t. uitgevoerd
uitgevoerd n.v.t. n.v.t. uitgevoerd
uitgevoerd n.v.t. n.v.t. uitgevoerd
Algemeen onderzoek - fysisch S droge stof % S organische stof (gec. voor lutum) % (m/m ds) S lutumgehalte (pipetmethode) % (m/m ds)
89,2 2,6 <1
83,2 4,7 1,2
81,8 1,2 <1
Anorganische parameters - metalen S barium (Ba) mg/kg ds S cadmium (Cd) mg/kg ds S kobalt (Co) mg/kg ds S koper (Cu) mg/kg ds S kwik (Hg) (niet vluchtig) mg/kg ds S lood (Pb) mg/kg ds S molybdeen (Mo) mg/kg ds S nikkel (Ni) mg/kg ds S zink (Zn) mg/kg ds
23 < 0,20 < 3,0 8,4 0,06 13 < 1,5 8 43
31 < 0,20 3,7 6,3 < 0,05 12 < 1,5 11 37
< 20 < 0,20 < 3,0 < 5,0 < 0,05 < 10 < 1,5 <4 < 20
Organische parameters - niet aromatisch S minerale olie (florisil clean-up) mg/kg ds
< 35
< 35
< 35
Organische parameters - aromatisch Polycyclische koolwaterstoffen: S naftaleen mg/kg ds S fenantreen mg/kg ds S anthraceen mg/kg ds S fluoranteen mg/kg ds S benzo(a)antraceen mg/kg ds S chryseen mg/kg ds S benzo(k)fluoranteen mg/kg ds S benzo(a)pyreen mg/kg ds S benzo(ghi)peryleen mg/kg ds S indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kg ds S som PAK (10) mg/kg ds
< 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 0,35
< 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 0,35
< 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 0,35
Organische parameters - gehalogeneerd Polychloorbifenylen: S PCB -28 mg/kg ds S PCB -52 mg/kg ds S PCB -101 mg/kg ds S PCB -118 mg/kg ds S PCB -138 mg/kg ds S PCB -153 mg/kg ds S PCB -180 mg/kg ds S som PCBs (7) mg/kg ds
< 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 0,005
< 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 0,005
< 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 0,005
Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. - De met een 'S' gemerkte analyses zijn door RvA geaccrediteerd (L086) en op basis van het schema AS 3000 erkend. Opdrachtverificatiecode: IKYM-CAQX-REJR-ZNFO
Ref.: 1570903_certificaat_v1
Tabel 2 van 2 ANALYSECERTIFICAAT Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever
: 1570903 : BO20230079 Karel Doormanweg 62 : FMA Nillesen Bedrijfsadviseurs
Opmerkingen m.b.t. analyses Opmerking(en) algemeen De volgende informatie is indien van toepassing verstrekt door de opdrachtgever: Project omschrijving, Monsterreferentie(s), Opgegeven bemonsteringsdatum, Matrix, Monsterdiepte, Potnr (Barcode), Veldgegevens, Veldwaarnemingen en Bemonsteringsdata. De opgegeven bemonsteringsdatum kan van invloed zijn op de geldigheid van de resultaten. Organische stof gehalte (gecorrigeerd voor lutum en vrij ijzer in de vorm van Fe2O3) Het organische stofgehalte is gecorrigeerd voor het in het analysecertificaat gerapporteerde lutumgehalte. Indien het lutumgehalte niet is gerapporteerd is de correctie uitgevoerd met een lutumgehalte van 5,4% (gemiddeld lutumgehalte Nederlandse bodem, AS3010/AS3210, prestatieblad organische stofgehalte in grond/waterbodem). Indien het vrij ijzergehalte is bepaald en groter is dan 5 % m/m, is bij de berekening van het organische stof gecorrigeerd voor dat gehalte aan vrij ijzer. Sommatie van concentraties voor groepsparameters De sommatie is uitgevoerd volgens AS3000 paragraaf 2.5.2 en bijlage 3.
Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: IKYM-CAQX-REJR-ZNFO
Ref.: 1570903_certificaat_v1
Bijlage 1 van 2 ANALYSECERTIFICAAT Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever
: 1570903 : BO20230079 Karel Doormanweg 62 : FMA Nillesen Bedrijfsadviseurs
Barcodeschema's Monstercode Uw referentie
uw monsterref.
uw diepte
uw barcode
7783406
MM1: B1(0-40)+B7(0-40)+B8(0-40)+B9(0-40)+ B10(0-40)+B11(0-40)
B1 B7 B8 B9 B10 B11
0-40 0-40 0-40 0-40 0-40 0-40
0286111AD 0286092AD 0286096AD 0286095AD 0286099AD 0286100AD
7783407
MM2: B2(0-40)+B3(0-40)+B4(0-40)+B5(0-40)+B6(0-40) B2 B3 B4 B5 B6
0-40 0-40 0-40 0-40 0-40
0286091AD 0286090AD 0286094AD 0286097AD 0286101AD
7783408
MM3: B1(50-100)+B1(100-150)+B1(150-200)+ B2(50-100)+B2(100-150)+B2(150-200)+B3(50-100)+ B3(100-150)
50-100 100-150 150-200 50-100 100-150 150-200 50-100 100-150
0286107AD 0286102AD 0286103AD 0286078AD 0286098AD 0286076AD 0286080AD 0286093AD
B1 B1 B1 B2 B2 B2 B3 B3
Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: IKYM-CAQX-REJR-ZNFO
Ref.: 1570903_certificaat_v1
Bijlage 2 van 2 ANALYSECERTIFICAAT Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever
: 1570903 : BO20230079 Karel Doormanweg 62 : FMA Nillesen Bedrijfsadviseurs
Analysemethoden Grond (AS3000) AS3000 In dit analysecertificaat zijn de met 'S' gemerkte analyses uitgevoerd volgens de analysemethoden beschreven in het "Accreditatieschema Laboratoriumanalyses voor grond-, waterbodem- en grondwateronderzoek (AS SIKB 3000)". Het laboratoriumonderzoek is uitgevoerd volgens de onderstaande analysemethoden. Deze analyses zijn vastgelegd in het geldende accreditatie-certificaat met bijbehorende verrichtingenlijst L086 van Eurofins Omegam BV. voorbewerking AS3000 Droge stof Organische stof (gec. voor lutum) Lutumgehalte (pipetmethode) Barium (Ba) Cadmium (Cd) Kobalt (Co) Koper (Cu) Kwik (Hg) (niet vluchtig) Lood (Pb) Molybdeen (Mo) Nikkel (Ni) Zink (Zn) Minerale olie (florisil clean-up) PAKs PCBs
: Conform AS3000 en NEN-EN 16179 : Conform AS3010 prestatieblad 2 : Conform AS3010 prestatieblad 3 en gelijkwaardig aan NEN 5754 : Conform AS3010 prestatieblad 4; gelijkwaardig aan NEN 5753 : Conform AS3010 prestatieblad 5 en NEN-EN-ISO 17294-2 en destructie conform NEN 6961 : Conform AS3010 prestatieblad 5 en NEN-EN-ISO 17294-2 en destructie conform NEN 6961 : Conform AS3010 prestatieblad 5 en NEN-EN-ISO 17294-2 en destructie conform NEN 6961 : Conform AS3010 prestatieblad 5 en NEN-EN-ISO 17294-2 en destructie conform NEN 6961 : Conform AS3010 prestatieblad 5 en NEN-EN-ISO 17294-2 en destructie conform NEN 6961 : Conform AS3010 prestatieblad 5 en NEN-EN-ISO 17294-2 en destructie conform NEN 6961 : Conform AS3010 prestatieblad 5 en NEN-EN-ISO 17294-2 en destructie conform NEN 6961 : Conform AS3010 prestatieblad 5 en NEN-EN-ISO 17294-2 en destructie conform NEN 6961 : Conform AS3010 prestatieblad 5 en NEN-EN-ISO 17294-2 en destructie conform NEN 6961 : Conform AS3010 prestatieblad 7 : Conform AS3010 prestatieblad 6 : Conform AS3010 prestatieblad 8
Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: IKYM-CAQX-REJR-ZNFO
Ref.: 1570903_certificaat_v1
FMA Nillesen Bedrijfsadviseurs T.a.v. Mevrouw P. Dingerink Ecu 37 8305 BA EMMELOORD
Uw kenmerk : BO20230079 Karel Doormanweg 62 Ons kenmerk : Project 1574975 Validatieref. : 1574975_certificaat_v1 Opdrachtverificatiecode : XJYL-SSHW-DSWL-NRVF Bijlage(n) : 2 tabel(len) + 2 bijlage(n)
Amsterdam, 4 juli 2023 Hierbij zend ik u de resultaten van het laboratoriumonderzoek dat op uw verzoek is uitgevoerd in de door u aangeboden monsters. De resultaten hebben uitsluitend betrekking op de monsters, zoals die door u voor analyse ter beschikking werden gesteld. Het onderzoek is, met uitzondering van eventueel uitbesteed onderzoek, uitgevoerd door Eurofins Omegam volgens de methoden zoals ze zijn vastgelegd in het geldende accreditatie-certificaat L086 en/of in de bundel "Analysevoorschriften Eurofins Omegam". De in dit onderzoek uitgevoerde onderzoeksmethoden van de geaccrediteerde analyses zijn in een aparte bijlage als onderdeel van dit analyse-certificaat opgenomen. De methoden zijn, voor zover mogelijk, ontleend aan de accreditatieprogramma's/schema's en NEN- EN- en/of ISO-voorschriften. Ik wijs u erop dat het analyse-certificaat alleen in zijn geheel mag worden gereproduceerd. Ik vertrouw erop uw opdracht volledig en naar tevredenheid te hebben uitgevoerd. Heeft u naar aanleiding van deze rapportage nog vragen, dan verzoek ik u contact op te nemen met onze klantenservice. Hoogachtend, namens Eurofins Omegam,