Bijlage 3 - GIS monitor eindrapport
Tekst van het document
GIS-Monitor 2022-2024
Sjoerd de Vries Robert Müster September 2024 Enschede
Inhoudsopgave 1.
INLEIDING
1
2.
HET ONTWIKKELEN VAN DE GIS-MONITOR
3
3.
2.1
Bureaustudie
3
2.2
Praktijkstudie
4
ERVAREN EN ONTWIKKELEN
8
3.1
Inleiding
8
3.2
Wat vinden we van de GIS-werkwijze
9
3.3
Wat vinden we van de kwaliteit van de school
14
3.4
Wat heeft het opgeleverd voor ouders
15
3.5
Wat heeft het opgeleverd voor kinderen?
17
3.6
Wat vinden we van de duidelijkheid van de werkwijze
19
3.7
Wat vinden we van de kwaliteit van handelen?
20
3.8
Conclusies
22
4.
AANBEVELINGEN VOOR DE GIS-WERKWIJZE 2024-2025
24
5.
AANBEVELINGEN VOOR DE GIS-WERKWIJZE 2025-2030
27
1. INLEIDING In 2022 is in 8K en TD een proeftuin gestart waarin is gekeken naar hoe Gebiedsteam medewerkers In de School (GIS) kunnen werken om de verbinding tussen onderwijs en zorg te versterken. De proeftuin loopt van juli 2022 tot december 2024. Alle scholen (40) doen aan de proeftuin mee. Een onderdeel van de proeftuin is de GIS-monitor, aan deze monitor hebben 9 scholen meegedaan. Met deze monitor willen we met elkaar nagaan wat een goede GISwerkwijze. We hebben de GIS-monitor zo opgezet dat deelnemers: • leren van de GIS-werkwijze en deze zelf verder ontwikkelen en • ervaren hoe je in een proeftuin kunt leren. In dit rapport beschrijven we hoe we de monitor hebben opgezet, wat we ervan hebben geleerd en wat we met deze lessen hebben gedaan. Afsluitend geven we antwoord op de vraag: Hoe verder met de GIS na 2024? Onze GIS-monitor is gebaseerd op de ‘Theory of Change’. Hierin staat het proces centraal, wat zijn de doelen, wat gebeurt er en welke effecten zien we. In deze ‘theorie’ worden op basis van ervaringen werkwijzen en doelen gaandeweg aangepast. Door een continue monitoring van ‘hoe het gaat’ en gezamenlijke gesprekken daarover, leren we gaandeweg wat een succesvolle GIS-werkwijze kan zijn. In onderstaande tabel vatten we de GIS-monitor samen. Fase 1. Ontwikkelen van de monitor
Tijdpad Jul-sept 2022 Oct-dec 2022
2. Ervaren en ontwikkelen
3. Rapporteren
Jan-maart 2023 Maart-mei 2023 Mei-nov 2023 Jan-maart 2024 April-mei 2024 Sept-okt 2024
Activiteiten Bureaustudie: Ontwikkeling van het basis GISimpactmodel op basis van documenten Praktijkstudie: Ontwerpen van de gezamenlijk gedragen GIS-impactmodel op basis van interviews GIS-werkwijze ontwikkel sessies Analyse van ervaringen: Vragenlijst 1 GIS-werkwijze ontwikkelsessies Analyse van ervaringen: Vragenlijst 2 GIS-werkwijze ontwikkelsessies Rapportage ter ondersteuning van de ontwikkeling van de GIS-werkwijze in 2024 en besluitvorming binnen de gemeentes over de GIS-werkwijze 2025 en verder.
We onderscheiden drie fasen. In de eerste fase hebben we het GIS-impactmodel ontwikkeld. Deze bestond uit twee activiteiten. 1. Bureaustudie. We hebben een bureaustudie uitgevoerd waarin we op basis van relevante documenten, literatuur en gesprekken met directe betrokkenen een basis GISimpactmodel hebben opgesteld. 2. Praktijkstudie. Dit model was het uitgangspunt voor een praktijkstudie. De belangrijkste vraag hierbij was: waar moeten we volgens de GIS-deelnemers ons in deze proeftuin op focussen? Deze studie bestond uit twee stappen.
•
Interviews met ruim 30 GIS-deelnemers, bestaande uit GIS-sers, Interne Begeleiders, en GIS-contactpersonen binnen de school. In deze interviews hebben deelnemers aangegeven: (1) welke activiteiten ze belangrijk vinden, (2) wat voor hen de belangrijkste effecten zijn, en (3) waarmee we vooral rekening moeten houden om deze effecten te bereiken. Vervolgens hebben we deelnemers antwoorden laten ordenen op belangrijkheid. • De antwoorden hebben we gebruikt om een gezamenlijk gedragen GISimpactmodel te ontwikkelen. Deze fase wordt in detail beschreven in het rapport ‘De GIS-Monitor’, deze is als bijlage bijgevoegd. In hoofdstuk 3 geven we een samenvatting van deze eerste fase. De tweede fase hebben we ‘Ervaren en ontwikkelen’ genoemd. Deze fase bestond uit een afwisseling van deze twee. Met vragenlijsten verzamelden we ervaringen en in ontwikkelsessies gebruikten we de ervaringen om de GIS-werkwijze verder te verbeteren 1. Vragenlijsten. Om ervaringen in de proeftuin te verzamelen hebben we een online vragenlijst opgesteld. Deze lijst hebben we in twee rondes gebruikt. De eerst keer was in de periode maart-mei in 2023 en de tweede in januari-maart 2024. Deze vragenlijst is gebaseerd op de focus die de betrokkenen in deze proeftuin hebben aangebracht.
We hebben gevraagd naar de beoogde effecten (waarom wilden we dit en in welke mate slagen we daarin) en hoe kunnen we de GIS-werkwijze verder verbeteren (wat moet de werkwijze worden). 2. Ontwikkelsessies. Vervolgens hebben we in ontwikkelsessies met elkaar gesproken over resultaten hoe in de eigen praktijk de GIS-werkwijze kan worden verbeterd. In hoofdstuk 3 beschrijven we resultaten. De derde fase is het verzorgen van aanbevelingen: • voor de verdere ontwikkeling van de GIS-werkwijze en • ter ondersteuning van de besluitvorming binnen de gemeenten over de GIS na 2024. De aanbevelingen zijn te vinden in hoofdstuk 4 en 5.
2. HET ONTWIKKELEN VAN DE GIS-MONITOR 2.1 Bureaustudie Zoals aangegeven, hebben we eerst de basisversie van het GIS-impactmodel ontwikkeld op basis van een analyse van de beschikbare proeftuindocumenten en gesprekken met direct betrokkenen. Het GIS-impactmodel is in figuur 1 weergegeven. We beschrijven hier de blokken in meer detail. We zien hierbij impact als een samenhang tussen projectrandvoorwaarden, de GIS-werkwijze, de proeftuinpraktijk en (ervaren) effecten. Blok 1: de GIS-werkwijze en de kaders waarbinnen het wordt uitgevoerd We maken onderscheid tussen structuren, activiteiten en diensten. • Structuren zien we met name als (a) de inrichting van gebouwen, voorzieningen, (b) ‘organisatiestructuren’, zoals teams en taak- en rolverdelingen, en (c) regels, werkwijzen en procedures. Structuren maken het ‘leven eenvoudig’, geven transparantie en duidelijkheid. Het gaat vaak om stabiele, duurzame en vastgelegde randvoorwaarden voor activiteiten. • Bij activiteiten denken we aan bepaalde dingen die een GISser zelf of met anderen kan doen om de ‘GIS-werkwijze in de praktijk te brengen’. Zo zijn er veel activiteiten door betrokkenen genoemd. De activiteiten die in oranje zijn weergegeven worden door deelnemers het meest belangrijk gevonden. • ‘Diensten’ zijn hier activiteiten die binnen de structuren door GISsers worden geleverd.
We willen diensten bijvoorbeeld versterken, verduurzamen en/of we willen ze efficiënter en effectiever maken. Door ze als diensten te beschrijven kunnen we bijvoorbeeld het verhaal rond onze werkwijze vertellen en budgetten aanvragen en projectvoorstellen indienen. Samen vormen structuren, activiteiten en diensten de GIS-werkwijze. Onderin vind je het gemeentelijk beleidskader, relevante gemeentebeleidsprogramma’s, zoals het Visie Onderwijs Beleid en het Beleidskader Sociaal Domein. Hierbinnen is de GISwerkwijze ontwikkeld en wordt hij in de proeftuin uitgeprobeerd en verder ontwikkeld. Bovenin vind je als onderdeel van het Regionaal Jeugdbeleid ‘stakeholders’ waarmee wordt samengewerkt. Het kunnen welzijnspartners zijn, gemeenten en maatschappelijke partners. Al deze instellingen hebben eigen programma’s. Als gemeenten betalen of subsidies verlenen, kan er invloed op worden uitgeoefend. Blok 2 beschrijft de GIS-proeftuin In het midden staan variabelen waarmee we gebruik van diensten kunnen monitoren. Bovenin vinden we factoren die dat gebruik positief of negatief kunnen beïnvloeden. Onderin vinden we variabelen waarmee we ervaringen en meningen omtrent het gebruik kunnen beschrijven. Blok 3 is het effectblok In het midden benoemen we effecten op korte en middellange termijn. In de meeste gevallen kunnen we deze meten tijdens de projectperiode.
Onderin staan effecten die op lange termijn kunnen worden vastgesteld. Bovenin staan factoren die niet direct door het project worden beoogd maar die wel van belang zijn voor de beoogde effecten. Soms gaan we ons hier wel op richten om zo de kans te vergroten dat we onze effecten realiseren. Vaak vormen deze factoren wel verklaringen voor gerealiseerde effecten.
Blok 4 is de beleidscontext buiten de gemeente Blok 4 is de beleidscontext buiten de gemeente waarbinnen het programma zich afspeelt. Vaak verandert deze context gedurende het programma. Een belangrijke factor zijn natuurlijk landelijke ontwikkelingen. Wat gebeurt er met wetgeving, welke subsidieprogramma’s komen er? 2.2 Praktijkstudie Dit model is gebruikt om in oktober en november in 2022 met elke betrokken school interviews uit te voeren. Hieraan werkten de directeuren en de ‘GISsers’ van de scholen mee. Het doel van de interviews was na te gaan wat de scholen zagen als de GIS-werkwijze en welke effecten zij beoogden. Het model is aangepast op basis van de inzichten van de deelnemers. De vijf interviewvragen waren: • Wat zien jullie als de rol van een GISser? • Wat zien jullie als belangrijke taken van een GISser? • Welke factoren beïnvloeden volgens jullie het werk van een GISser zowel positief als negatief? • Welke belangrijke effecten verwacht je? Deze vragen zijn zo een rondleiding ‘door het model’. Het waren interviews van 30 minuten. Tijdens het interview zijn antwoorden samen met deelnemers in een powerpoint presentatie verwerkt. De deelnemers hebben allemaal de antwoorden na afloop gekregen en desgewenst aangepast en aangevuld. Daarnaast zijn de interviews opgenomen en indien nodig konden deze opnamen worden gebruikt voor verdere analyses.
We hebben de antwoorden geanalyseerd en gecategoriseerd. We hebben vervolgens alle deelnemers individueel gevraagd naar wat zij het belangrijkste vonden. • Aan alle deelnemers hebben we gevraagd de genoemde taken, invloedfactoren en effecten op belangrijkheid te ordenen. We hebben gebruik gemaakt van het GISdashboard dat hiervoor specifiek is ontwikkeld. Met dit dasboard hebben alle deelnemers verder toegang tot de monitordata die we in deze monitor verzamelen en ze kunnen monitorvragen ermee beantwoorden die ze zelf relevant vinden. (Zie ook Figuur 2 en 3) • Vervolgens hebben we in een workshop met de deelnemers vastgesteld hoe we samen de data kunnen krijgen voor de gekozen taken, invloedfactoren en effecten. Op deze manier konden we gebruik maken van beschikbare data en vergrootten we de betrokkenheid van deelnemers in het verzamelen van data. Op basis hiervan hebben we keuzes in de monitor gemaakt. Het betreft keuzes voor de belangrijkste activiteiten, invloedfactoren en effecten die we binnen de projecttermijn denken te kunnen zien. Hieronder worden keuzes binnen het GIS-impactmodel weergegeven.
Figuur 1
Het GIS-impactmodel
Figuur 2
GIS-Dashboard: Voorbeeld van het ordenen van activiteiten naar belangrijkheid
Figuur 3
Het GIS-Dashboard: Een voorbeeld van effecten en relaties daartussen die door de geïnterviewden zijn benoemd
De deelnemers hebben de rol van een GISser in 6 hoofdtaken beschreven. • Je werkt mee aan het opbouwen van passende structuren in de scholen. • Je doet mee op school. • Je organiseert ondersteuning voor leerkrachten en professionals. • Je organiseert ondersteuning van kinderen. • Je organiseert ondersteuning van ouders en andere opvoeders. • Je organiseert leren en het delen van lessen. Met de antwoorden kun je een personeelsadvertentie opstellen. Het tweede onderdeel betreft de taken van een GISser. De volgende activiteiten moeten volgens de deelnemers centraal staan: • Structuren op de scholen helpen bouwen. • Meedoen op school. • Ondersteuning leerkrachten en andere schoolprofessionals organiseren • Ondersteuning aan kinderen organiseren • Ondersteuning aan ouders en andere opvoeders organiseren • Organiseren van leren en delen Een school kan samen met de GISser en andere belanghebbenden een keus maken voor activiteiten. Ook kan een basis set aan activiteiten worden opgesteld waar ieder GISser zich aan moet houden. Het derde onderdeel betreft factoren die naar verwachting het werk van de GISser beïnvloeden. Het gaat hierbij om positieve en negatieve factoren. Deze zijn relevant, want een GISser kan hier in overleg met andere betrokkenen rekening mee houden of te proberen deze te beïnvloeden. Ook helpen ze ons om te begrijpen waarom het in een situatie beter en minder
goed gaat. Voor het categoriseren van de positieve factoren hebben we de volgende indeling gemaakt: • Kwaliteiten van de school: Mate waarin er wordt geleerd, cultuur van de school, mate waarin de school een veilige plek is, inrichting van de zorgstructuren, en kwaliteit van verbindingen. • Kwaliteiten van de GISser: Kwaliteit van de communicatie en waardering van de GISser. • Kwaliteit van de zorgregie: efficiëntie, effectiviteit, en kwaliteit van samenwerking. Bij het categoriseren van de negatieve factoren hebben we de volgende indeling gekozen: • Cultuur: Cultuur in de regio en cultuur in de school. • School: Fysieke ruimte en omvang van de school • Zorg: Wet- en regelgeving, financiering, structuren, reputatie zorg, en reputatie overheid. • GIS risico’s: Rol van de GIS, commitment, en vertrouwen. Aan veel van deze factoren kan worden gewerkt om zo de effectiviteit van de GIS-werkwijze te vergroten. Het laatste onderdeel betreft de beoogde effecten. De deelnemers hebben met name de volgende effecten benoemd: • Kwaliteit van de werkwijze: Duidelijkheid van de werkwijze, Kwaliteiten van de school, Laagdrempeligheid, en Imago van de jeugdzorg. • Efficiëntie: Kostenbesparing en Vermindering van de casuscomplexiteit. • Effectiviteit: Gelukkige kinderen, Gesterkte ouders, en Kwaliteit van handelen.
• Nieuwe inzichten: Leren en delen Met het regelmatig verzamelen van de ervaringen over effecten van de GIS-werkwijze en het bespreken van wat een GISser doet, kunnen we antwoord geven op de vraag: Doen de GISsers het goede?
3. ERVAREN EN ONTWIKKELEN 3.1 Inleiding De tweede fase betrof het ervaren en ontwikkelen. We willen weten welke activiteiten worden uitgevoerd, in welke mate we rekening (kunnen) houden met de invloedfactoren, en in welke mate we de beoogde effecten bereiken. In onderstaand model worden deze vragen in de context van het impactmodel geplaatst.
Figuur 4
Het GIS-proeftuin monitormodel
Ervaringen van deelnemers met de GIS-werkwijze zijn verzameld door middel van vragenlijsten. Het ontwikkelen is gebeurd door middel van ontwikkelsessies met deelnemers en gesprekken met de GIS-proeftuin verantwoordelijken. De vragenlijst hebben we twee keer uitgezet onder de GIS-betrokkenen. GIS-betrokkenen zijn • GISsers: dit zijn jeugzorg professionals die de GIS-rol op zich hebben genomen; er hebben in de tweede ronde 12 meegewerkt. • IBers: dit zijn leerkrachten op scholen die de rol van interne begeleider op zich hebben genomen; er hebben in de tweede ronde 12 meegewerkt. • School contactpersonen: dit zijn vaak schoolleiders die verantwoordelijk zijn voor de GIS-pilot op hun school; er hebben in de tweede ronde 9 meegewerkt. De vragenlijst is uitgezet in maart-mei 2023 en jan-maart 2024. De tweede vragenlijst was vrijwel gelijk aan die van maart-mei in 2023, in de tweede vragenlijst zijn vragen toegevoegd over het verder ontwikkelen van de GIS werkwijze. In de vragenlijsten ging het om de ‘perceptie van de mate waarin we effecten bereiken’. Het gaat om de effecten genoemd in Figuur 4. Er is daarbij elke keer gevraagd naar het verhaal achter deze percepties. We hebben in de tweede ronde de volgende vragen toegevoegd: • Wat zijn ervaren problemen in de GIS-werkwijze
• Wat zijn ervaren goede punten in de GIS-werkwijze? • Welke voorstellen hebben jullie om de GIS-werkwijze te verbeteren? In vijf workshops zijn deze ervaringen besproken en samen met de deelnemers vertaald naar aanbevelingen voor het aanpassen van de GIS-werkwijze. In dit hoofdstuk doen we verslag van de resultaten van de tweede vragenlijst en geven we aanbevelingen voor het verder ontwikkelen van de GIS-werkwijze. Resultaten en aanbevelingen vanuit de eerste vragenlijst zijn al eerder in het project gebruikt om de GISwerkwijze te verbeteren. 3.2 Wat vinden we van de GIS-werkwijze Als eerste kijken we naar wat de deelnemers vinden van de GIS-werkwijze en geven we een samenvatting van de percepties. De figuren geven veel informatie. Hoe lezen we onze figuren? • De linkerkant zien we als meer negatief en de rechterkant als meer positief. • De percentages aan de linkerkant geven het aantal deelnemers weer die voor ‘-2’ en ‘1’ hebben gekozen. Het percentage in het midden geeft de neutrale ‘0’ stemmers weer en het percentage rechts de ‘1’ en ‘2’ stemmers. • We hebben de ordening van hoog naar laag gebaseerd op een ‘gewogen gemiddelde’ van alle antwoorden. Over de eerstgenoemde zijn de deelnemers het meest positief. • We hebben bij elk ‘effect’ gevraagd naar de mening over het effect zelf en over de belangrijkste variabelen die samen voor dat effect zorgen.
Figuur 5
Mening over de GIS-werkwijze in 2022 en 2023
Hierboven zie je dat de deelnemers positief zijn over de GIS-werkwijze. Schooldeelnemers zijn erg positief en GISsers zijn overwegend neutraal. De vraag of je de GIS-werkwijze zou adviseren aan collega’s in een andere regio is met een ruime meerderheid positief beantwoord. De vraag naar wat de deelnemers van de GIS-werkwijze vinden hebben we gesteld op de klassieke manier: zou je de GIS-werkwijze adviseren aan je collega’s in een andere regio? Deze vraag is door 24 deelnemers beantwoord:
• 17 ja-stemmers • 7 nee-stemmers Een grote meerderheid zou de werkwijze dus adviseren. We hebben daarbij gevraagd naar de belangrijkste redenen. Deze zijn hieronder weergegeven. Waarom zou je het adviseren? Tabel 1 Je werkt samen
Redenen om de GIS-werkwijze wel of niet te adviseren • • • • •
Je helpt eerder en beter
• • • • • • • • • • • • •
Dit wel doen
• • • •
Niet doen, omdat …
• • • • •
Je versterkt elkaars professionaliteit Fijne laagdrempelige samenwerking met elkaar, leerlingen worden snel gezien en geholpen en met elkaar kunnen we goed opschalen indien nodig en ook sparren over een casus. Ja, een directe lijn met het jeugdteam werkt goed, Omdat de potentie van korte lijn en preventief werken succesvol kan zijn. Iemand die de lijnen en wegen kent op zorggebied ondersteunt binnen de school is een goede aanvulling. Het is fijn om samen te werken rondom kinderen, zeker wanneer er zorgen zijn of wanneer de ontwikkeling anders verloopt dat je soms graag ziet. Vanuit school hebben we de expertise onderwijs, vanuit de GIS komt de expertise op het gebied van ontwikkeling en omgeving (gezin). Dit, samen met ouders, maakt dat je de ondersteuning rondom kinderen zo optimaal mogelijk vorm kan geven. Omdat het preventief werkt kinderen/gezinnen worden eerder en beter geholpen Het versterkt het inclusiever onderwijs. Vanwege de korte lijntjes en het snel oppakken van hulpvragen. Ik ervaar dat zaken nu sneller worden opgepakt, waardoor problemen minder vaak groter worden dan nodig. Ja, als je iemand op de scholen zet, met alleen deze taak, kan je preventief veel afvangen. Dit is in het belang van de gezinnen, maar ook in het belang van de gemeente gericht op indicaties en werkuren. Op het preventief stuk. Het werkt erg goed en fijn.
Omdat de lijntjes tussen ouders en zorg bij gedrag veel vlotter verlopen! Directe contacten en een direct aanspreekpunt. We hebben gezien hoe goed de GIS-werkwijze ook kan werken en een zeer waardevolle aanvulling is op het schoolondersteuningsaanbod. Sneller en beter contact met de gemeente en het gebiedsteam zorgen voor preventievere trajecten en daarmee voor minder escalaties en intensievere trajecten. Zie de goede punten van de GIS werkwijze. Wij koppelen hem ook nog aan onze kindercoach, wanneer kinderen vast lopen en we merken dat de ouders hier van belang zijn, verbinden we ze met de GIS er, zodat we de meest efficiënte aanpak hebben. Ik vind het een prettige manier van werken om preventief en pro-actief aan de slag te gaan. De drempel voor zorg wordt zo verlaagd, omdat ouders niet per direct een aanmelding bij het Gebiedsteam hoeven te doen. Ook de korte llijntjes met school zijn prettig. Ja, wegens de korte lijnen en laagdrempeligheid voor ouders, daardoor eerder hulp voor het kind. Ik zou in ieder geval wel willen adviseren een vast contactpersoon van gebiedsteam te koppelen aan een school. De GIS medewerker kan dan zelf afspraken inplannen en de lijnen met de IB-er kort houden. Ik denk dat het werken in de driehoek school-ouder-kind helpend is.
Mijn advies zou zijn om niet zozeer GIS maar wel weer aandacht en tijd investeren aan het schoolmaatschappelijk werk , die heeft daar de kennis van en affiniteit mee en ook de beschikbare tijd , de 4 uren nu per school voldoet lang niet aan de vraag . Ja als hij duidelijker in wordt gezet Nee als hij zo blijft (vooral op basisonderwijs) Ja zeker maar dan wel met een duidelijke enigszins universele werkwijze. Niet zoals het er nu voor staat vanwege de onduidelijkheid. Omdat ik het niet vind stroken met andere aanmeldingen die via andere routes binnenkomen. Er moet meer duidelijkheid komen over de werkwijze.
Onderstaand figuur geeft een overzicht van percepties voor de afzonderlijke effecten weer voor 2022 en 2023.
Figuur 6
Overzicht van de percepties in 2022 en 2023
Deelnemers zijn overwegend positief en gaandeweg het project zijn er meer deelnemers erg positief geworden over de GIS-werkwijze. Samengevat vinden deelnemers dat er zo ‘beter’ wordt gewerkt. Deelnemers zijn positief over het bereiken van ouders. Wel zijn de meningen verdeeld over de duidelijkheid van de GIS-werkwijze. Deelnemers hebben gaandeweg minder twijfel gekregen over het versterken van kinderen, maar zijn nog overwegend neutraal. In de volgende drie tabellen geven we de genoemde (1) goede punten, (2) knelpunten en (3) verbeterpunten weer. Het is een illustratie van het verhaal achter de ‘meningen’. We hebben de uitspraken gecategoriseerd op basis van de beoogde effecten uit ons Figuur 4. Tabel 2 Korte lijnen
De genoemde goede punten • • • • • • • • •
Sneller hulp
• • • •
Korte lijnen, duidelijk zichtbaar (zeker 10 keer extra genoemd) Korte lijnen, face-to-face contact. Korte lijn gebiedsteam - school. -Er is 1 x per 2 weken een overleg gepland van 25 minuten waarbij aansluiten: Zorgcoördinator, GGD en jongerenwerk mee. Korte lijnen, voor school een vast aanspreekpunt. Korte lijnen met vooral de IB-er van de school. Dat een school een eigen contactpersoon heeft zorgt voor, hopelijk, kortere lijnen. Aanwezig bij overleg met GGD , Kearn en school. Er zijn korte lijnen tussen school en het Gebiedsteam. Je hebt hele korte lijntjes met leerkrachten waardoor je weet wat er speelt binnen de school. Contact maken gaat sneller en makkelijker, vast contactpersoon voor de scholen, laagdrempelige vragen snel oppakken, Wel sneller hulp; Korte lijntjes, goede samenwerking inzetten maar oorspronkelijke doel om inzet specialistische jeugdhulp te voorkomen werkt niet. In een vroeg stadium erbij kunnen zijn dus de kracht van preventief werken Aanmelding van jeugdige bij het gebiedsteam en daarmee noodzakelijke hulp komt eerder van de grond Vroegtijdig problemen signaleren en tackelen door gerichte aanpak
• • •
Hulpvraag vanuit ouders goed opgepakt en werd er meteen actie opgezet We bespreken zaken vlotter, hulp wordt sneller ingeschakeld door overleg met een vast contactpersoon. Wanneer het minder goed gaat met een leerlingen, is er snel contact met het GIS. De monitoring verloopt ook beter. Na een hulptraject kan je vanuit je GIS rol een leerling goed blijven volgen. Trajecten kunnen snel ingezet worden en ouders voelen zich snel gehoord. Leerlingen ontvangen vrijwel direct een luisterend oor en voelen zich serieus genomen. Er kan veel preventiever ingespeeld worden en direct de juiste ondersteuning worden geboden. Hier profiteren alle betrokkenen van. Zaken worden sneller besproken en opgepakt Korte lijnen, driehoek ouders, school, kind versterkt, Zorg en school werken beter samen waardoor sneller hulp wordt ingezet wat efficiënter werkt dan achteraf handelen. sneller overleg over mogelijke inzet Samen zou je kunnen werken aan kwaliteitsverbeteringen Ondertussen adviseren we elkaar over allerlei zaken. We stemmen met elkaar af wie en hoe we bepaalde leerlingen het beste kunnen ondersteunen. inschakelen van hulp even sparren over problematiek waar je als school mee te maken krijgt kennis van verschillende soorten behandelingen/ hulpinstanties kennis bereikbaar rondom zorg, gemeente en financien.
Ontzorgen van leerkrachten doordat er gemakkelijk en laagdrempelig iemand kan meedenken zelfs meepraten. samen nadenken over wat nodig is meedenken bij casussen nauwe samenwerking binnen de school met zorgteam en GGD Ook de expertise waar via de GIS-er een beroep op kan worden gedaan door de school en kortere de routes richting de gemeente ontstaan werken erg positief en preventief. Vaste contactpersoon , betrouwbaar en bekend in de school , afstemming met de ib ers , zorgcoordinator en leerkrachten vast aanspreekpunt Zichtbaar zijn in de school monitoring Het gezicht moet een vertrouwd gezicht in de school worden en dat kan alleen wanneer ze er zijn Preventief handelen, veilig persoon en veilig gezicht voor ouders die anders minder snel hulp vragen Laagedrempelig Het is dichtbij, laagdrempelig, niet bedreigend (en dan bedoel ik met ouders voor angst voor hulpverlening), de hulp is voor de leerling die het nodig heeft. laagdrempelig toegankelijk preventief GIS kan voorliggend erg mooi ingezet worden om hulpvragen laagdrempelig te verhelpen, binnen een veilige setting op school. De drempel is minder hoog wanneer het via school gaat, in plaats van via de gemeente. Er wordt op een laagdrempelige wijze contact gelegd tussen het gebiedsteam en ouders.
• • • • • • • •
Kennis delen
• • • • • Duidelijkheid
•
Laagdrempeligheid
• • • • • • • • • •
Tabel 3
De genoemde knelpunten
Wisselingen Bezetting
• • • • • • •
Onduidelijkheid
• • • • • • • • • • • • • • •
Veel wisseling van betrokken personen Kwetsbaar door het gebrek aan mankracht/ziekte/ gebrek aan langdurig beleid. De wisselende medewerkers, De onzichtbaarheid op dit moment. Vele wisselingen, geen stabiliteit. Nu helaas uitval. Indien er stabiliteit is zie ik echt veel voordelen van de inzet van de GIS'er. De wisselingen binnen de gemeente. Gelukkig afgelopen 2 jaar maar 1 wisseling gehad. De wisselingen binnen het gebiedsteam De vele wisselingen van GIS-ers zorgt voor vertraging, niet opbouwen van een vertrouwensrelatie, doorbreken en blijven liggen van zaken. Verloop, continuïteit, beschikbaarheid. Persoonsafhankelijk. De werkwijze is onduidelijk voor mij. Iedere collega doet iets anders. Taakomschrijving niet helder. Moet je aanwezig zijn of kan dit ook anders? Wat doe je wanneer je geen afspraken hebt op school? Voeren we wel of geen kind gesprekken De onduidelijkheid hoe GIS ingevuld wordt. Veel vragen en onduidelijkheid mn in het begin van de aftrap GIS, waardoor scholen een hele andere verwachting hadden en veel vragen die niet altijd per direct werden opgepakt. Zwaardere problematiek bleef daardoor liggen binnen jeugdteam, oplopende wachtlijst. Te onduidelijk, nog geen duidelijke kaders: Waar stop je? Wat kan er precies verwacht worden van een GIS-ser. Er kan meer duidelijkheid naar ouders (informatiebrief, ouderavond etc.).
Geen duidelijke taakomschrijving Ook dat er geen duidelijkheid over de continuering zorgt voor niet volledig en effectief inzetten van de GIS-er als onderdeel van de ondersteuning structuur binnen de school. Het is onduidelijk wat GIS wel doet en wanneer doorverwijzen. Voorrang op wachtlijst en onduidelijkheid over wat onder Jeugdwet en wat onder Passend Onderwijs valt.
Werkwijze
• • • •
Spreekuren, aanwezig zijn op de school levert nauwelijks cliënten op. Het oppakken van aanmeldingen zaken die niet aangemeld worden in Isam kunnen we nergens kwijt Duidelijke afspraken over wat bij de scholen ligt en wat bij het gebiedsteam. Er komen vragen over weerbaarheid bij ons waarvan eerder is gezegd dat dit op scholen opgepakt kan worden. Dit blijft een knelpunt. Het individuele werken. Ik ben van mening dat groepsgericht werken erg goed kan zijn. Op scholen kom ik hierin ook een behoefte voorbij. Eerder boden wij KIES trainingen aan, weerbaarheidstrainingen enz. Wanneer dit nu gesignaleerd wordt op scholen moeten we verwijzen naar een andere organisatie. Ouders maken geen gebruik van de inloopuren. De aanmeldingen die we binnenkrijgen loopt via de IB 'er, wat op zich prima is. Het betekent wel dat we nu ook veel minder op school aanwezig zijn omdat ons aanwezigheid niet loont. We hebben deze afspraak gemaakt in afstemming met de scholen waar ik bij betrokken ben. De IB'ers weten ons wel goed te vinden. Werkwijze verschilt per school. Dat de GIS soms beperkt wordt door regels vanuit de gemeente. De inloop blijft wel een ding, hier wordt weinig tot geen gebruik van gemaakt. Dit gaat vaak op uitnodiging van mij. Ik zie graag dat ze de Gis ook meer zelf gaat begeleiden, bijvoorbeeld gesprekken als maatschappelijk werk. Er is niet een eenduidige werkwijze.
En ik heb persoonlijk soms het gevoel dat er op het stuk preventie nog wel een stap te halen valt. Ik zou denk ik als ik meer kindercoach expertise zou hebben mij zekerder voelen om leerlingen zelf wat meer op weg te helpen, wat meer gesprekken aan te gaan maar ik weet ook niet zo goed of dat past bij de huidige GIS-werkwijze. Zit nog wel een scheiding tussen zorg en onderwijs. We missen soms het proactieve van de GIS-medewerker. Gezinnen vanuit AZC buiten de gemeente die hier een huis krijgen zijn niet in beeld. Niet iedere school heeft evenveel uren nodig. De uren die niet worden gebruikt gaan verloren. Andere scholen kunnen misschien juist wel meer inzet gebruiken. Het kost meer tijd dan wat we voor de GIS hebben. Je hebt gesprekken, contacten op school met andere leerkrachten, uitwerking van verslagen e.d. Strookt niet met de andere aanmeldingen, prioritering. GIS medewerkers hebben op dit moment niet voldoende tijd voor deze vraagstukken de verdeling tussen vraagstukken, en wat je wel en niet doet als GIS medewerker, is niet duidelijk De huidige GIS-ers doen deze taak naast hun reguliere werkzaamheden en lopen hierdoor soms vast in tijd en ruimte en ook is de betrokkenheid niet altijd optimaal. De drempel is voor ouders hoog om op school binnen te lopen bij de GIS medewerker voor een vraag.
• •
• • • • •
• Tijd
• • • • •
Drempels
Tabel 4
•
De genoemde veranderpunten
Duidelijkheid
• • • • • • • •
Taken
• • • • • • • •
Structuren
• • • • • • • • • •
Langer vooruit kijken, beleid maken voor meerdere jaren, nu door onzekerheid kwetsbaar. vaste GIS' er voor meerdere jaren (vorig jaar waren er 3 verschillende betrokken en dit jaar nu al de 2de) Duidelijkheid scheppen over wat we wel en niet doen proces van aanmelding en oppakken zaken Duidelijkheid, Stabiliteit Continuïteit Duidelijke kaders waarin duidelijk staat tot waar een GISer gaat en waar het een gebiedsteamtaak/casus wordt Het zou alleen voor GIS-ser en school fijn zijn precies te weten wat er van elkaar verwacht kan worden (ook qua vervolg trajecten, elkaar op de hoogte houden, hoe vaak is de GIS-ser (zichtbaar) voor ouders en leerkrachten op school. Geen spreekuren meer op school. Een andere naam!! Ik denk dat ouders het niet fijn vinden om gebruik te maken van het spreekuur i.v.m. hun privacy. Ik zou op dit moment niet weten hoe je het wel nuttig kunt maken, behalve hoe we het nu uitvoeren; gebeld worden door de IB'er. Geen vaste spreekuren , dit blijkt niet te werken en aan de vraag te voldoen. Wel aanschuiven bij overlegstructuren die er al zijn en herkenbaar en aanwezig zijn naar de leerkrachten Groepswerk aan bieden op scholen, dit introduceren Blijvend kritisch zijn op de hulpvragen vanuit de scholen Op alle scholen een wekelijks contactmoment. Dat een eventuele GIS medewerker (of maatschappelijk werker) met de kinderen aan de slag kan op school.
Dit is toegankelijk en werkt preventief. Meer gesprekken met leerlingen , bijv school maatschappelijk werk Standaard elke week een dag zichtbaar op school. Het minimaal in deze frequentie houden of misschien zelfs nog vaker aanbieden. Niet meer in de scholen werken, Voorliggend veld op de scholen laten komen, GT welke aanschuift bij de ZAT overleggen. Meer zichtbaarheid op school en verbinding met de school Terugkoppeling op hoofdlijnen, zo mogelijk, van zaken of in ieder geval een bevestiging dat dingen lopen of zijn opgepakt als er inhoudelijk vanuit privacy niets gedeeld mag worden. meer zichtbaar Meer aanwezigheid
• • • • • • • • •
Meer het oude smw 1 vaste werker zetten op de 12 noventa scholen, zonder caseload naast de GIS zaken en werkzaamheden Duidelijke taakomschrijving voor alle scholen en vaste GIS medewerker met korte lijntjes naar collega's van het gebiedsteam. Wat proactiever. Een GIS-er met deze taak als hoofdtaak en verdeeld over diverse scholen zodat je de expertise en werkwijze op de diverse scholen ook met elkaar kunt vergelijken en verbeteren. Caseload van medewerkers verkleinen, goede krachten binnen zien te houden. In gesprek welke persoon passend zou zijn. Een vast rapportage systeem voor een goede overdracht. Knelpunten oplossen
Bovenstaand overzicht hebben we in de workshop van april 2024 gebruikt om samen aanbevelingen voor 2024-2025 te formuleren. 3.3 Wat vinden we van de kwaliteit van de school Hieronder zie je wat we vinden van de mate waarin de kwaliteiten van school zijn verbeterd.
Figuur 7
Percepties over de kwaliteiten van de school in 2022 en 2023
Hieronder worden de uitspraken weergegeven over deze percepties.
Tabel 5
Wat vinden we van de kwaliteiten van de school
Snel oppakken ingewikkelde zaken
• • •
Samenwerking gebiedsteamscholen
• • • • •
Duidelijke en korte lijnen
• • • • •
Kennis in de school Wat niet bijdraagt
• • • • •
•
• •
•
Ook helpt GIS in de zoektocht naar waar het probleem kan liggen en passende ondersteuning. Ook wil GIS meedenken in gesprekken met ouders op een laagdrempelige manier We kunnen dingen snel en samen oppakken, dat is erg fijn. Een leerling die niet lekker zit kan ook niet goed leren en tot bloei komen. Ik pak sinds januari 2024 de GIS-rol op, op 4 scholen in Achtkarspelen. Ik merk dat er veel overleg gezocht wordt tussen de GIS'er en de scholen. Scholen geven aan het prettig te vinden een vast contactpersoon te hebben, met wie zij kunnen overleggen indien nodig. Ik heb nog weinig zicht op vervolgtrajecten, hier doe ik de GIS nog te kort voor. Scholen weten mij met zorgvragen te vinden en zo zie en spreek ik een tiental leerlingen. Er is meer tijd om te sparren en samen na te denken wat ouders geadviseerd kan worden. Samenwerking met welzijn, zorgcoordinator en gis in VO werpt nu meer zijn vruchten af Korte lijnen betreft zorg gerelateerde vragen. Kinderen krijgen dan ook sneller passende hulp of ondersteuning. De rol van het gebiedsteam en de rol van school wordt verduidelijkt. Passende hulp is van groot belang in het leerklimaat op de scholen Kortere lijnen. Preventief snel hulp in te schakelen via de GIS.
Op de middelbare school waar ik betrokken ben is de kwaliteit verbetert omdat leerlingen sneller in gesprek kunnen met een GIS en de afstemming met zorgteam en jeugdverpleegkundige goed is. Kortere lijnen, duidelijk gezicht als aanspreekpunt, helaas door ziekte van de GIS medewerker nu wat minder. Kortere lijnen en meer contact. We ervaren dat de korte lijntjes bijdragen aan het starten en opvolgen van de ondersteuning. Regelmatig even afstemmen is erg effectief! We beginnen nu te merken dat ouders ook makkelijker binnenstappen. Kortere lijntjes en een vast aanspreekpunt. Daardoor is de GIS beter op de hoogte van wat er in de school speelt. Omdat er kortere lijnen zijn met school en de GIS medewerker van het gebiedsteam. De school weet de GIS medewerker te vinden. Ook al zit de GIS medewerker niet meer op school. School heeft wel een contactpersoon. GIS aanpak zorgt voor korte lijnen als er zorgen zijn over een leerling of de thuissituatie. Er komt meer kennis over en van problematiek op sociaal emotioneel gebied en de mogelijkheden van ondersteuning daarin. Ik ben op vier scholen actief waarvan ik met drie scholen nauwelijks samenwerk. Zij doen bijna geen beroep op ons waardoor ik niet aan kan geven of er kwalitatief ook echt verbeteringen zijn.
Bij de start erg veel moeite vanuit school over de nieuwe aanpak via Gis, nu een jaar later wordt het beter en is het duidelijker geworden. Hier wel zelf ook veel moeite in gestoken en vaak uitleg gegeven . Op dit moment is het dubbel of de kwaliteit verbeterd is. Toen we met onze GIS medewerker begonnen, merkte je een prettige samenwerking. Op dit moment hebben we formeel niet een 'echte' GIS medewerker maar meer een contactpersoon die we kunnen benaderen en eventueel koppelen als het nodig is. Het concept kan dus goed werken maar mogelijk is er meer samenwerking en contact voor nodig dan er op dit moment plaatsvindt. Ik begrijp dat de spreekuren minder succesvol bleken maar nu voelt de afstand erg groot. Ik was in de beginfase positiever over de samenwerking en inzet van de GIS'er dan dat ik dit nu ben. Dit heeft te maken met de vele wisselingen (3 GIS'ers sinds de start) inclusief de uitval van onze GIS'er i.v.m. vervelende prive omstandigheden, alle begrip daarvoor dus. (wel bereikbaar per mail, maar niet meer op de werkvloer). Gelukkig hebben we momenteel ook een pedagoog in de school (eigen medewerker) waardoor we veel zaken intern kunnen oplossen, maar de 2-wekelijkse inloop is er momenteel helaas niet. Helaas hebben wij met drie verschillende GIS-ers te maken gehad. De laatste is wegens privé-omstandigheden ook niet altijd bereikbaar.
Dus ik kan geen goed oordeel geven gezien de vele wisselingen/ziekte. Onze aanvankelijke ervaring met de GISSER was zeer positief. na wisselingen en opstarttijd van nieuwe medewerkers is dit weer verslechterd. Continuïteit in personele bezetting is essentieel en dat laat te wensen over. Dit roept het gevoel op bij de medewerkers van de school dat de gemeente de inzet niet altijd even serieus neemt en niet inziet hoe belangrijke deze voor de verloop van de ingezette trajecten. Het is persoonsafhankelijk. De vorige gisser hadden we ontzettend veel profijt voor. Dan was bovenstaande lijst anders ingevuld. De Gisser die we nu hebben zit deels in de ziektewet en is op dit moment niet zichtbaar in de school. Bij de vorige was dit absoluut wel het geval, waardoor we op alle bovenstaande punten profijt hadden. We hoppen dat de gisser in de school blijft, het zorg voor kortere lijnen, snellere afhandeling en dus een pro-actieve aanpak, waardoor op de achterkant in de toekomst minder hersteld hoeft te worden.
Deelnemers zijn positief over de duidelijke en korte lijnen en de sterk verbeterde samenwerking met betrokkenen en met het gebiedsteam. In 2023 voelen ze wel meer onduidelijkheid over de mate waarin ze betrokken zijn bij vervolgtrajecten, hoe ingewikkelde zaken worden opgepakt, en de mate waarin ze op de hoogte zijn van die vervolgtrajecten. 3.4 Wat heeft het opgeleverd voor ouders Hieronder zie je wat volgens de deelnemers de GIS-werkwijze oplevert voor ouders.
Figuur 8
Percepties over de mate waarin ouders worden versterkt in 2022 en 2023
Hieronder worden de uitspraken weergegeven over deze percepties. Tabel 6 Snelheid van handelen
Wat vinden we van het versterken van ouders • • • •
Eerder stellen van vragen
• • • • •
Worden eerder gezien
• •
Doordat ouders kunnen binnenlopen op school bij de GIS medewerker doen ze sneller een aanmelding, zijn de lijnen duidelijker. Ze weten dat de GIS'er betrokken is bij school, daarnaast heb ik zelf korte lijntjes met leerkrachten en ouders waardoor problemen vlot getackled kunnen worden. Kortere lijnen dus casus is sneller opgepakt. Ik zie door GIS ouders niet meer of minder. het gaat puur om de snelheid om een casus op te kunnen pakken. School biedt sneller dan voorheen aan ouders aan om met gebiedsteam samen met school en ouders in gesprek te gaan. Wel merk ik dat het in gesprek gaan met de GIS laagdrempelig is, ouders nemen sneller het initiatief voor een gesprek of staan eerder open voor het contact nadat een leerkracht hun heeft gewezen op de aanwezigheid van GIS. De drempel is lager. Dus ook met relatief kleine vragen kunnen ouders nu komen. De drempel is voor sommige ouders minder hoog, waardoor ze eerder om hulp vragen. Ouders weten via school wie de GIS medewerker is en wat de contactgegevens zijn. Ze kunnen sneller contact opnemen met de GIS medewerker. Ouders worden door de leerkracht sneller doorverwezen naar de GIS dus waar leerkrachten zich misschien eerder geen raad wisten met bepaalde vragen of problemen, kunnen ze de ouders nu doorsturen of adviseren naar de GIS toe te gaan.
Ik heb geen zicht op of ouders meer worden gezien, maar ik weet wel dat ouders het fijn vinden dat deze laagdrempelige aanpak er is en hun zoon of dochter onder schooltijd ondersteuning krijgt. Hierdoor voelen ouders zich gezien in hun zorgen zonder dat meteen hele zware hulpverlening wordt ingeschakeld. Ik denk dat het voor ouders goed is dat we er zijn als het vooraf met school besproken is dat wij betrokken worden. Ik heb niet het idee dat ouders zelfstandig naar ons toe stappen. Dit heb ik overigens ook afgesproken met de scholen, de IB-er informeert mij over een aanmelding. Vervolgens loopt het gewoon net als reguliere trajecten.
Ze voelen zich versterkt omdat
• • • •
Wat niet helpt is …
• •
• • • • • • •
Door eerder bij hen op de lijn te komen en dat ze worden gezien Het stuk waar ik als KC geen invloed op heb, de aanpak thuis, wordt nu begeleid door GIS. Ouders hebben een beeld bij het gebiedsteam, dit resulteert in korte lijnen en laagdrempelige inzet zonder formele aanmelding. Ik denk dat dit dan ook in het belang is van de ouders en gezinnen doordat er minder lading zit op de "gemeente' Ik geef ouders vaak een terugkoppeling (in overleg met jeugdige) over de inzet van de gesprekken met de leerlingen. Ouders vinden het fijn om betrokken te zijn bij wat er met hun kind wordt besproken. Ouders maken heel weinig gebruik van spreekuur op school. De hulp die we inzetten voor gezinnen helpt ouders wel maar de hulp is toch wel specialistisch van aard, niet preventief. Op dit moment durven ouders niet eerder een vraag te stellen aan de GIS. Dit omdat het voor ouders 'onzichtbaar' is. We doen vanuit directie, IB en team wel ons best om indien nodig de verbinding te leggen en dat gaat de ene keer beter dan de andere keer. Wel zien we dat als ze gekoppeld worden het een positieve impuls levert, het zou alleen fijn zijn als ouders zelf gemakkelijker en laagdrempelig deze stap kunnen maken doordat de zichtbaarheid van GIS weer vergroot wordt. De inloop is voor veel ouders wel een drempel, hier wordt weinig gebruik van gemaakt.
Ouders met kinderen op het VO hebben moeite om met de GIS in contact te komen. Er wordt vaak een aanbod gedaan om in gesprek te gaan, maar dan willen ouders niet meer. Ligt niet aan de Gis . Op de middelbare school doet de GIS weinig (waar nodig is wel hoor) met de ouders, praat vooral 1 op 1 met de leerling De manier van werken is per GIS-ser/ school verschillend. Bij ons op school zouden we hier nog wel eens over willen overleggen (zichtbaarheid, actieve houding zijn daarbij gespreksonderwerp). We hebben geen zicht op wat ouders hiervan vinden. Er zijn een aantal trajecten blijven liggen bij wisseling van Gis-er waardoor ouders ( en school) teleurgesteld waren in het traject via de GIS-er Zie omschrijving eerste vragenlijst, daar heb ik al een totaalbeeld geschetst. Bij de vorige Gisser wisten de ouders op een gegeven moment wie het was en werd het een vertrouwd persoon waardoor ouders eerder in gesprek gingen en sneller hulp kregen.
Deelnemers zijn positief over de mate waarin ouders die hulp krijgen die nodig is. Ook worden problemen meer pro-actief opgepakt en ouders worden daadwerkelijk meer gezien. Wel zijn deelnemers gaandeweg het project wat minder positief over de ervaren effecten. Er wordt onder andere aangegeven dat ouders nu wel een laagdrempelige kennispunt hebben, maar niet zelf pro-actief er gebruik van maken. Wat hierbij kan meespelen is dat er vaak gewenning en succesvolle voorbeelden moeten komen. De werkwijze moet tijd en vertrouwen krijgen. 3.5 Wat heeft het opgeleverd voor kinderen? Hieronder zie je wat volgens de deelnemers de GIS-werkwijze oplevert voor kinderen.
Figuur 9
Percepties over de mate waarin kinderen worden versterkt in 2022 en 2023
Hieronder worden de uitspraken weergegeven over deze percepties. Tabel 7
Wat vinden we van het versterken van kinderen
Hulp komt sneller
• • • • • •
Kinderen voelen zich versterkt, omdat
• • •
Kinderen durven eerder vragen te stellen
• • • •
Wat niet helpt
•
Er is sneller een oplossing waardoor het probleem kleiner blijft. er is sneller hulp Eerder zien van kinderen en ook de ouders levert meer op ter voorkomen van oplopen van problematiek . Ze kunnen eerder terecht juist met de lichte opvoedproblematiek en vragen . Het is mogelijk om even een gesprekje met de GIS te hebben. Op basis daarvan kan dan een inschatting worden gemaakt wat er nodig is voor het kind. Soms zijn enkele gesprekjes voldoende, soms wordt er gekeken naar andere ondersteuning. Door de korte lijntjes kun je sneller handelen en acties uitzetten waar nodig. Dit voorkomt naar mijn idee problemen voor op de lange termijn. De lijnen zijn korter tussen school en GT, dus hulp is er eerder voor het kind dan wanneer het via onze front office loopt en je op de aanmeldlijst komt. Moeilijk te meten, maar door GIS worden ouders begeleid en kinderen versterkt. Ik kan niet goed inschatten of kinderen door deze inzet meer versterkt worden. Ik denk dat de scholen met name worden versterkt, en hierdoor dus ook de kinderen. Ik weet niet of de kinderen door de GIS aanpak worden versterkt. De school heeft wel kortere lijnen met het gebiedsteam als er een hulpvraag is vanuit een kind. Kortere lijnen. Laagdrempeligheid van ouders wordt ervaren dat gebiedsteammedewerker in school is.
Ik heb nu een aantal gesprekken met kinderen gehad waaronder ook een gesprek waarbij de jeugdige het zelf aan heeft gevraagd. Dit vind ik een mooie ontwikkeling. Leerlingen vinden het fijn dat er een 'onpartijdige' partij is waar ze heen kunnen met hun verhaal, daardoor voelen ze zich gehoord en gezien. Ik merk dat leerlingen door contact te maken sneller vragen durven te stellen. Ook voor 'kleine' vragen, kloppen ze aan bij de leerkracht om een afspraak met mij te maken. Ik werk met de basisscholen waardoor wij altijd via ouders betrokken worden. Ik heb met mijn kinderen goed contact. Tegelijkertijd blijft de wachtlijst voor jeugdhulpverlening ook voor de GIS kinderen van kracht.
• • • •
Hier geldt eigenlijk hetzelfde antwoord als hierboven. We zagen in het begin vorig jaar een positieve ontwikkeling ontstaan, maar op dit moment is dat weer op het oude niveau teruggebracht. Er is een erg kleine groep leerlingen, die gesprekken heeft met de Gis. Veel niet van toepassing. GISSER heeft geen contact met de kinderen. Overleg vindt plaats tussen kwaliteitscoordinator en de GIS medewerker. In het eerste jaar van de samenwerking wel, na wisselingen verloopt dit minder soepel.
Deelnemers vinden dat kinderen sneller die hulp krijgen die nodig is en de kinderen ‘meer worden gezien’. Deelnemers zijn neutraal over de mate waarin kinderen worden versterkt. Hierbij speelt waarschijnlijk mee dat kinderen niet zelf eerder vragen durven te stellen. Deelnemers vragen zich hierbij wel af of de GIS-werkwijze ook wel bedoeld is om kinderen zelf het initiatief te laten nemen of dat deze direct moeten worden benaderd. Met name in het basisonderwijs zijn ouders de belangrijkste doelgroep. Verwacht wordt dat hierbij onderscheid zal zijn tussen het basisonderwijs en voortgezet onderwijs. 3.6 Wat vinden we van de duidelijkheid van de werkwijze Hieronder zie je in welke mate volgens de deelnemers de GIS-werkwijze duidelijk is.
Figuur 10
Percepties over de mate waarin de GIS-werkwijze duidelijk is in 2022 en 2023
Hieronder worden de uitspraken weergegeven over deze percepties. Tabel 8 Duidelijkheid werkwijze
Wat vinden we van de duidelijkheid van de GIS-werkwijze • • • •
Ik doorgrond nog niet alle mogelijkheden. Iedere collega doet iets anders. Hoe worden zaken opgepakt, ligt dit bij de werker en gaat het voor op andere zaken op de aanmeldlijst? Iedereen pakt GIS op dit moment op zijn eigen manier op.
• • • • • • Omschrijving GIS taak/functie Wat niet helpt is …
• • • • •
•
• Wat helpt is …
• • •
Daarnaast vind ik het erg ingewikkeld dat er geen registratiesysteem is en zie ik dit ook als een verlies van onze eigen kwaliteit van werken. Wel of niet aanwezig zijn op de scholen, scholen die andere verwachtingen hebben, weinig communicatie hierover. Al met al goed dat er voor elke school een contactpersoon is maar nu is de vraag, hoe vullen we die functie wat universeler in. Wat doe je wel en niet. Het blijft lastig waar de kaders liggen, tot waar ga je met hulpverlenen en waar laat je los. Je zit snel in grijs gebied, dan zit je als GISer al gebiedsteam werk te doen terwijl dit niet de bedoeling is van de GIS Hoe vaak de GIS-ser op school is en wat er van hem/ haar precies verwacht kan worden is voor ons nog niet helemaal helder. Er is niet 1 universele GIS werkwijze. Dit maakt ook dat ik de GIS functie op alle scholen anders uitvoer. Er is veel onduidelijkheid. Er is niet een goede taakomschrijving van de GIS Medewerker. Ieder doet en denkt wat er nodig is voor de hulpvraag. Wederom zeer persoonsafhankelijk. Het oorspronkelijke doel ouders op school te ontmoeten werkt niet, ouders maken hier geen gebruik van. Het is op zich niet helemaal onduidelijk. We hebben op onze school binnen een half jaar met 3 wisselingen van GIS medewerker te maken gehad. Er is geen tijd geweest om de GIS een duidelijke, zichtbare plek in de school te geven.
De GIS medewerker die er nu is, is er nu een jaar en zij is nu een half jaar afwezig (wel op bepaalde tijden via mail/telefoon beschikbaar) vanwege privé omstandigheden. We merken dat ouders de laatste tijd vragen waar de GIS medewerker is omdat ze een vraag hebben, ze kunnen bellen, maar omdat er niet iemand fysiek aanwezig is pakken ze dit niet op jammer genoeg. Een gisser doet een kennismaking / intake, weet dan al veel informatie, maar kan de zaak niet altijd oppakken gezien eigen taken vanuit het gebiedsteam. Ouders moeten dan dubbel informatie vertellen aan twee werkers. Dit lijkt mij niet efficiënt. Wanneer je 1 werker zal zetten op scholen, met alleen deze taak, denk ik dat dit verholpen is en dat de taak duidelijk is Aangezien ik het nog maar kort doe, is het voor mij nog erg zoeken wat wel en niet bij de GIS-werkwijze hoort. Welke vragen pak ik zelf op en wanneer verwijs ik door? Hoe zorg ik voor goede rapportage? Wanneer betrek ik ouders? Duidelijk genoeg, en waar het onduidelijk is komen we er samen wel uit. Bij de school was er eerste jaar juist heel veel nog onduidelijk , dit werd gaandeweg iets beter en doordat er door ons zorg overleg werden ingepland Of aanmelding via GIS voorrang moet krijgen op de wachtlijst.
Duidelijk is dat deelnemers in 2023 de GIS-werkwijze onduidelijker zijn gaan vinden. De omschrijving van de GIS-functie is onduidelijk en ook de werkwijze zelf vinden ze onduidelijk. Wat meespeelt zijn wisselingen in de bezettingen en verschillen tussen de interpretatie van GISsers en van scholen, en natuurlijk hoe de werkwijze op de scholen is uitgewerkt. 3.7 Wat vinden we van de kwaliteit van handelen? Hieronder zie je in welke mate de deelnemers vinden dat de GIS-werkwijze hun kwaliteit van handelen verbetert.
Figuur 11
Percepties over de mate waarin de kwaliteit van handelen is verbeterd
Hieronder wordt het verhaal achter de percepties in uitspraken weergegeven. Tabel 9
Wat vinden we van de kwaliteit van handelen
Preventief werken
• • • • •
Vroegsignalering verbeteren
• • •
Samenwerking
• • • • •
Kwaliteit is verbeterd omdat
• •
Wat niet helpt is …
•
Eerder op de lijn, bekendheid in de school en aanwezig consequent bij de zorgstructuur van de school levert meer kwaliteit van handelen op. Vanuit een vroegtijdig meedenken kun je samen met ouders beoordelen of en wat er nodig is. Helaas op dit moment dus niet door de uitval, maar door de inloop zijn er korte lijntjes tussen leerkrachten, mezelf en GIS'er. Hierdoor kun je sneller handelen. Door de kortere lijntjes wordt er eerder actie ondernomen. Leerkrachten vragen om advies of sturen ouders door. Eerder werden relatief kleine opvoedvragen niet opgepakt, genormaliseerd, nu kan er worden geadviseerd om langs te gaan bij GIS Ik word sneller betrokken bij zaken die spelen op school, door eerder mee te lopen worden zaken ook eerder opgepakt en eerder systemisch bekeken, De kwaliteit van handelen is verbeterd doordat we eerder kunnen acteren, maar ook het minder hoog in de hulpverlenging hoeven te zoeken. Het is soms met een paar gesprekjes al opgelost. Zaken worden vooral eerder opgepakt. Leerkrachten weten de weg (via ons als KC-ers) naar de GIS-ser te vinden, net als ouders. Daarmee is hulp eerder waar het moet zijn. Er is sneller iemand die advies kan geven. Ook al wordt de hulpvraag niet meteen opgepakt. Door de GISSER in school zijn de lijntjes korter. Door samen te overleggen kan je beter inschatten wat er nodig is per situatie. Je versterkt elkaars professionaliteit.
We hebben 3 keer per jaar een zorgoverleg met GGD, GIS en school. Dit is ook heel fijn. De GIS denkt dan ook mee bij bepaalde casussen en soms wordt daardoor eerder gehandeld. GIS medewerker laat aan school ook het voordeel zien van preventief werken, samenwerken met ouders, school en gebiedsteam en vergroting bij school van hulpaanbod. De korte lijnen, een gezicht op school. Door fysiek aanwezig te zijn op de school, komen leerkrachten sneller bij mij op de lijn. Door te overleggen over mogelijke inzet, merk ik dat de kwaliteit omhoog gaat. Ik zie van drie scholen weinig samenwerking. Het werkt nog vrij los van elkaar. Daarnaast is er ook een school welke vele doorverwijzingen vraagt waar dit niet altijd nodig is en in sommige gevallen schoolse zaken zijn die
•
• Wat wel helpt is ….
•
•
niet bij ons horen. Bij deze school zie ik ook handelingsverlegenheid richting ouders waardoor zorgelijke zaken moeilijk zijn in de samenwerking. De intentie en werkwijze zou positief kunnen zijn en die ontwikkeling hebben we in het begin ook wel gezien. Maar in principe is de uitwerking van de GIS aanpak nu vooral van school. Als wij ouders hier bewust van maken en aangeven dat ze hier hulp kunnen krijgen en dan verbinden met de medewerker dan is er een werkwijze en een contact. We zijn zelf wel bewust van de preventieve mogelijkheden, maar de regie hierin ligt echt bij school op dit moment en dat voelt niet passend bij een beschrijving van een GIS aanpak. Wel hebben we te maken met wachtlijsten van verschillende instanties waardoor de kwaliteit in het geding komt. GIS werkzaamheden zouden meer preventief kunnen doen wanneer je inzet op preventieve laagdrempelige gesprekken met de kinderen. Doordat ik deze functie als overbrugging uitvoer ervaar ik dit niet zo, gezien ik geen tijd heb voor deze taak. Wanneer je 1 werker zou inzetten denk ik dat je veel winst zal behalen in het voorliggend aanpakken van vraagstukken op scholen. Meer in de school en daarom makkelijker en preventiever in te zetten.
Deelnemers vinden dat met name problemen meer pro-actief worden opgepakt, ook wordt er meer preventief gewerkt. Wel zijn de positieve verwachtingen in 2023 verminderd, maar overwegend positief. Er zijn diverse aanbevelingen gegeven om de GIS-werkwijze verder te verbeteren. 3.8 Conclusies In het algemeen zijn de deelnemers positief over de GIS-werkwijze. De schooldeelnemers zijn positiever dan de GISsers. Een overgrote meerderheid van deelnemers zou de GIS-werkwijze adviseren aan collega’s. De belangrijkste redenen om de GIS-werkwijze aan collega’s te adviseren zijn: Als we kijken naar de effecten dan zijn deelnemers vooral positief over: De kwaliteit van handelen is vooral verbeterd door: De ouders zijn vooral versterkt door: Het minst positief zijn deelnemers over: De kwaliteit van de school is met name nog niet verbeterd door: De goede punten van de GISwerkwijze die vooral zijn benoemd zijn:
De knelpunten van de GISwerkwijze die vooral zijn benoemd zijn:
Deelnemers willen direct het volgende veranderen:
• Je werkt samen • Je helpt eerder en beter • Mate waarin de kwaliteit van handelen is verbeterd • Mate waarin ouders worden versterkt • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •
Mate waarin problemen meer proactief worden opgepakt Mate waarin de GIS-werkwijze preventief werkt Mate waarin hulp sneller komt waar die nodig is Mate waarin problemen meer proactief worden opgepakt Mate waarin kinderen zijn versterkt, kinderen worden met name niet versterkt doordat kinderen niet eerder vragen durven te stellen Mate waarin de kwaliteit van de school ermee is verbeterd De snelheid waarmee vervolgtrajecten verlopen De snelheid waarmee ingewikkelde zaken worden opgepakt De mate waarin men op de hoogte is van het verloop van vervolgtrajecten Korte lijnen Sneller hulp Delen van kennis Duidelijkheid voor betrokkenen Laagdrempeligheid Wisselingen en bezetting van GISsers Onduidelijkheid voor deelnemers Werkwijze Beschikbare tijd Drempels voor ouders en kinderen Duidelijkheid Inrichting taken Inrichting structuren
Wat op korte termijn beter kan, is:
• De GIS-werkwijze vastleggen op basis van de aanbevelingen, goede punten en knelpunten, deze zoveel mogelijk overal op dezelfde manier implementeren en de deelnemers hierin goed begeleiden. • Structuren en activiteiten ontwikkelen en implementeren waarmee we de kinderen bereiken
Doen we het goede? We slagen er erg goed in om de kwaliteit van handelen te verbeteren en de ouders te bereiken. We zijn volgens de deelnemers dan ook op de goede weg. De deelnemers zijn overwegend positief over de GIS-werkwijze. We slagen er volgens de deelnemers nog minder goed in om ermee kwaliteiten van de school te verbeteren en een duidelijke GISwerkwijze te hebben.
4. AANBEVELINGEN VOOR DE GIS-WERKWIJZE 2024-2025 We hebben in de workshop op 22 april 2024 in groepen gewerkt aan het formuleren van aanbevelingen voor de verdere ontwikkeling van de GIS-werkwijze. Daarvoor hebben we eerst gezamenlijk de resultaten van de twee vragenlijsten besproken, waarin gevraagd is naar wat de GIS-betrokkenen vonden van de GIS. Deze aanbevelingen hebben we gecategoriseerd. Hieronder worden de aanbevelingen in een tabel weergegeven. Maak de werkwijze duidelijk
• • • • • • • •
Organiseer vaste gezichten
• • •
Organiseer gesprekken
• •
Werkwijze duidelijk maken om vooral ook voor ouders en nieuwe onderwijsmensen. Een werkwijze per school of cluster op maat vastleggen Zorg voor een duidelijke afstemming per school binnen gestelde kaders, ieder school en GISser heeft andere behoeftes en belangen Duidelijke afspraken over regiehouders en welke stappen gezet moeten worden, nu is deze vaak te afhankelijk van de persoon Maak duidelijk welke hulpvraag onder de jeugdwet valt en welke onder passend onderwijs valt; het moet duidelijk wie waar verantwoordelijk voor is, zodat jeugdige en ouder snel en adequaat worden geholpen De taakomschrijving van de GISser duidelijk maken voor ouders. Rollen en taken van een ieder, ook van GGD en kearn etc voor iedereen helder hebben en evt verder uitdiepen Zorg voor een heldere taakomschrijving en stem daarmee verwachtingen van elkaar goed af Verlagen van de drempel voor ouders en kinderen om zo contact op te nemen Zorg voor zichtbaarheid op school en dat de GISser als teamlid bekend wordt Als continuiteit wordt geborgd: zorg dan ook voor vaste gezichten Gesprekken met kinderen aangaan om de hulpvraag helder te krijgen, ook wordt het zo helderder voor betrokkenen wat de GISser specifiek te bieden heeft Spreekuren blijven houden, als er niemand komt dan bv activiteiten op leerling niveau inzetten, zo ben je zichtbaar in de school en blijven contacten laagdrempelig
Pas structuren aan
• • • • • • • • • • • • • •
• •
•
•
• • Organiseer collectieve activiteiten