CConstaterende datTytsjerksteradiel
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Evaluatie Duurzaamheidsagenda

RAAD IEPEN POADIUM (RAADZAAL) 11 december 2025, gemeente TytsjerksteradielBij agendapunt: Evaluatie duurzaamheidsagenda (ynhâldlik)7.115 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Tytsjerksteradiel 2025

valuatie Duurzaamheidsagenda - Duorsum ûnderweis -

Inhoud 1. Inleiding 1.1

3 Monitoring, versnelling en vervolg

2. Energietransitie

4 4

2.1

Visie en opgave

4

2.2

Middellange termijn – 2030

5

2.3

Korte termijn – 2024

8

3. Duurzame mobiliteit

11

3.1

Visie en opgave

11

3.2

Middellange termijn – 2030

12

3.3

Korte termijn – 2024

14

4. Circulaire economie

14

4.1

Visie en opgave

14

4.2

Middellange termijn – 2030

14

4.3

Korte termijn – 2024

18

5. Biodiversiteit

19

5.1

Visie en opgave

19

5.2

Middellange termijn – 2030

20

5.3

Korte termijn – 2024

20

6. Klimaatbestendigheid

21

4.1

Visie en opgave

21

4.2

Middellange termijn – 2030

22

4.3

Korte termijn – 2024

23

7. Circulaire economie

23

4.1

Visie en opgave

23

4.2

Middellange termijn – 2030

24

4.3

Korte termijn – 2024

25

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

2

1. Inleiding op 1 juli 2021 is de Duurzaamheidsagenda van de gemeente Tytsjerksteradiel vastgesteld door de gemeenteraad. Een agenda die, in samenhang met de op 18 februari 2021 vastgestelde Transitievisie Warmte, de duurzame ambities van de gemeente weergeven. Deze ambities zijn vertaald in meer concrete doelstellingen voor de middellange (2030) en de korte termijn (2024). Deze doelstellingen op korte termijn zijn vervolgens weer door vertaald in een concrete vierjarige uitvoeringsagenda met projecten. Inmiddels zijn we (ruim) 4 jaar verder. De Transitievisie Warmte is in juni 2025 geëvalueerd; het is nu tijd om ook de agenda te evalueren. Zijn de doelstellingen op de korte termijn gehaald, waar we staan in de realisatie van de doelen op de middellange termijn en is er aanleiding om die middellange termijn doelstellingen aan te passen?

1.1

Monitoring, versnelling en vervolg

De evaluatie staat niet op zich. De afgelopen jaren is over de uitvoering van de Duurzaamheidsagenda gerapporteerd aan de raad. De raad heeft op deze manier jaarlijks ‘de vinger aan de pols’ kunnen houden met betrekking tot de uitvoeringsagenda en de concrete projecten die bijdragen aan de realisatie van de gestelde doelen. Het monitoringverslag over 2024 en 2025 (tot en met oktober) had uw raad nog niet ontvangen en is daarom aan deze evaluatie toegevoegd. In het raadsprogramma 2022-2026 heeft de raad aangegeven een versnelling te wensen van de uitvoering van de Duurzaamheidsagenda. De versnelling zou zich dan vooral moeten concentreren op het bestrijden van de energiearmoede, het aansluiten bij bestaande regelingen (zoals het Nationaal Isolatieplan (NIP) en het Aanvalsplan Isoleren) en de verduurzaming van gemeentelijke gebouwen. De raad heeft het college daarbij verzocht hiertoe een actieplan op te stellen. Aan de hand van een presentatie in de raad van 29 februari 2024 heeft het college echter laten zien dat deze versnelling op alle genoemde terreinen reeds was opgepakt binnen de kaders van de Duurzaamheidsagenda. De raad heeft daarop aangegeven af te zien van een actieplan en de evaluatie van de Duurzaamheidsagenda uit te stellen tot, uiteindelijk, december 2025. Naast de

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

3

ontvlechting is de nieuwe, programmatische, aanpak van duurzaamheidstaken waaraan gewerkt wordt daar debet aan. Het programmatisch aanpakken van de duurzaamheidstaken vergt een andere interne werkwijze en de aanpassing van een aantal bedrijfsprocessen en daarmee veel tijd. De evaluatie zelf vindt nu plaats op hoofdlijnen aan de hand van de hoofdstukken zoals deze in de agenda zijn onderscheiden: energietransitie, duurzame mobiliteit, circulaire economie, biodiversiteit, klimaatbestendigheid en eigen organisatie & maatschappelijk vastgoed. Daarbij wordt ingegaan op de in de agenda geformuleerde doelstellingen op middellange en korte termijn.

2. Energietransitie 2.1

Visie en opgave

In de Duurzaamheidsagenda is vastgelegd dat gemeente Tytsjerksteradiel de ambitie heeft om in 2040 energieneutraal te worden. Daarmee bedoelen we dat in de toekomst alle energie die we gebruiken duurzaam wordt opgewekt. De benodigde duurzame energie voor de grootschalige industrie binnen onze gemeente laten we binnen deze ambitie buiten beschouwing (in lijn met Regionale Energie Strategie). We gaan bij de definitie van energieneutraal uit van een situatie waarbij over een jaar gemeten het energiegebruik van een gebouwd object (of wijk, buurt, dorp, kunstwerk, en dergelijke) ten minste nul is: er wordt niet meer energie uit het gas- en elektriciteitsnet betrokken dan er vanuit duurzame bronnen aan wordt toegeleverd. Het gaat dus om het gebruik van duurzame energie. Voor het gebied van de gemeente Tytsjerksteradiel wordt de volgende afbakening van deze definitie gehanteerd: *

een fossiel energieverbruik van ten hoogste nul omdat er niet méér energie uit het openbare net wordt gebruikt, dan de duurzame energie die wordt opgewekt uit duurzame bronnen;

*

de duurzame opwek van de gebouwde omgeving, mobiliteit en bedrijven vindt ten minste plaats binnen de gemeentegrenzen;

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

4

*

de grootschalige behoefte van energie voor de industrie mag ook buiten de gemeentegrenzen opgewekt worden;

*

het energieverbruik wordt over een jaar gemeten.

2.2

Middellange termijn – 2030

De ambities op het gebied van de energietransitie op de middellange termijn zijn als volgt vertaald: • We zetten in op een forse energiebesparing. In de evaluatie van de Transitievisie Warmte (2025) is uitgebreid ingegaan op de activiteiten en voortgang op het gebied van energiebesparing en ons voornemen hier fors op in te zetten. Kortheidshalve wordt hier dan ook naar verwezen; in deze evaluatie benoemen we alleen een aantal kernpunten. -

In de afgelopen jaren is het energieverbruik ten opzichte van 2009 met 41% gedaald tot 468 TJ. Met hulp van het NIP zijn de afgelopen twee jaar inmiddels ruim 400 huishoudens van isolatiesubsidie voorzien, zodat verwacht mag worden dat deze dalende trend in het energieverbruik zich doorzet.

-

De Proeftuin Garyp (looptijd tot en met 2028) is één van de meest succesvolle proeftuinen in Nederland en een goed voorbeeld van samenwerking met onze Energiecoöperaties. In de afgelopen periode is die samenwerking verder versterkt door hier extra formatie op in te zetten. Een aanvraag voor een tweede proeftuin rond Enerzjyk Skûlenboarch, het aardgasvrij of aardgasvrij-ready maken van Drogeham, Kootstertille, Jistrum en Eastermar, is in maart 2022 helaas afgewezen.

-

De energiearmoede is stevig aangepakt met allerlei succesvolle acties en, naast Garyp, is inmiddels een begin gemaakt met de wijkgerichte aanpak in Hurdegaryp en Ryptsjerk. Tenslotte is de afgelopen jaren hard gewerkt aan de ontwikkeling van een nieuw energieloket (2025) als vaste voorziening voor informatie, ondersteuning en participatie.

-

Nieuwe wetgeving zoals de Energiewet, Wet Gemeentelijke Instrumenten Warmtetransitie (WGIW) en de Wet Collectieve Warmte (WCW) versterken de regierol van gemeenten in de warmtetransitie, inclusief aanwijsbevoegdheden.

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

5

-

Door actief te participeren in netwerken als het Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie (NPLW), Agenda Netwerk NoordOost (ANNO) en de Friese Energie Tafel (FET), wordt kennis en ervaring uitgewisseld om tot verdere energiebesparing te komen en ervaringen rond thema’s als energiearmoede te delen.

• We stappen over op duurzame alternatieven zoals warmtepompen, bodem- en aardwarmte, inductie, groen gas en/of waterstof. Naast de ‘all electric’ proeftuin Garyp en een aantal onderzoeken in Ryptsjerk naar de mogelijke realisatie van een klein warmtenet, zijn we de afgelopen jaren ook actief aan de slag gegaan in Sumar (bedrijventerrein), in samenspraak met een aantal bedrijven en Economische Zaken. Eind 2023 zijn Rijksmiddelen aangevraagd om te kunnen investeren in de formatie die kwantitatief én kwalitatief nodig is om de volgende stappen te kunnen zetten. In 2024 en 2025 is vervolgens hard gewerkt aan het warmteprogramma dat naar verwachting in 2026 kan worden vastgesteld. Vooruitlopend op de vaststelling, en uitvoering, van het warmteprogramma zijn per 1 november 2025 in Garyp inmiddels 118 woningen aardgasvrij gemaakt en 82 aardgasarm (waaronder 55 woningen van de woningbouwcorporatie). • We streven naar 260 TJ duurzame elektriciteitsopwek in 2030. In Tytsjerksteradiel wordt momenteel 227 TJ aan duurzame energie opgewekt. Dit is onderverdeeld in 174,3 TJ zon op dak, 48,7 TJ zon op grond/water en 4 TJ wind. Daarnaast zitten de, inmiddels vergunde, zonneparken ‘Skûlenboarch’ en ‘Stoppelsoal’ met respectievelijk 85 TJ en 77 TJ nog in de ‘pijplijn’.

Op basis van het eindscenario voor 2040 komt de opgave voor duurzame elektriciteitsopwekking binnen Tytsjerksteradiel neer op ruim 600 TJ. Dit betreft de opgave voor de gebouwde omgeving en mobiliteit. • We maken gebruik van lokale bronnen en opslag. In 2025 hebben we de eerste stappen gezet naar de realisatie van nieuwe zonneparken. Ook starten we de dialoog over plaatsing van windturbines. Naast het zonnepark in Garyp, is de afgelopen jaren ingezet op de realisatie van zonneparken bij Burgum (‘Stoppelsoal’), de Panhuyspoel (Garyp/Earnewâld) en Skûlenboarch (voormalige zandwinput).

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

6

Het vergunningentraject rond ‘Stoppelsoal’ en ‘Skûlenboarch’ is inmiddels afgerond en de gemeenteraad heeft in augustus 2025, onder ontbindende voorwaarden, besloten bij wijze van pilot als ondernemer voor een bedrag van maximaal € 6,9 miljoen in ‘Skûlenboarch’ te participeren. De ontwikkeling van de Panhuyspoel is vooralsnog op de lange baan geschoven. Het gebied ligt binnen de contouren van het Natuurnetwerk Nederland (NNN) en dat maakt de realisatie van een grootschalig zonnepark lastig. De dialoog rond de plaatsing van windturbines is gestart in het kader van de nieuwe Provinciale Energievisie (2025). • Geschikte (bedrijfs)daken zijn voorzien van zonnepanelen. In Tytsjerksteradiel zijn energiecoöperaties Trynergie en Eastermar actief op het gebied van ‘zon op dak’ bij bedrijven. Op dit moment heeft de coöperatie 4 bedrijfsdaken voorzien van zonnepanelen, waaronder het grootste coöperatieve zonnedak van Nederland in Gytsjerk. Energiecoöperatie Eastermar heeft een zonnedak op een pand van de Wiersma-Reitsma stichting. in Wyns-Bartlehiem is een zonnedak gerealiseerd op een gemeentelijk gebouw. De inkomsten hiervan komen ten goede aan het dorp. Daarnaast hebben inmiddels ook diverse bedrijven het dak van hun bedrijf ten behoeve van hun eigen bedrijfsvoering voorzien van zonnepanelen.

Als gevolg van netcongestie, de terug-leververgoedingen, eisen rond voedselveiligheid en aangescherpte eisen van verzekeringsmaatschappijen (mede naar aanleiding van een grote brand in onze gemeente), is er momenteel wat minder animo voor het realiseren van ‘zon op dak’ bij bedrijven en coöperaties. Conclusie Voor wat betreft de doelen rond energietransitie op de middellange termijn, kunnen we stellen dat Tytsjerksteradiel op koers ligt. Er moet nog veel gebeuren, ook na 2030, maar op alle terreinen is duidelijk voortgang geboekt. Met de voorgenomen vaststelling van de Warmteprogramma in 2026 gaan we een volgende stap zetten in de realisatie van onze ambitie om in 2040 energieneutraal te worden. De doelen op middellange termijn behoeven dan ook geen aanpassing.

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

7

2.3

Korte termijn – 2024

De ambities op het gebied van de energietransitie op de korte termijn zijn als volgt vertaald: • Via Sinnetafels gaan we met de mienskip in gesprek over zonne-energie. Per dorp brengen we de potentie van zonnepanelen op daken in beeld en maken we de mogelijkheden voor lokaal eigenaarschap inzichtelijk ten behoeve van kleinschalige coöperatieve zonneprojecten. In 2021 is een Sinnetafel in Burgum georganiseerd. Uitkomst van die tafel is geweest dat er is ingezet op de realisatie van zonnepark ‘Stoppelsoal’ door energiecoöperatie Burgum, in samenwerking met een projectontwikkelaar, ten behoeve van het duurzaam opwekken van de energiebehoefte voor Burgum én Noardburgum. Sinds de Sinnetafel Burgum is dit instrument niet meer ingezet. Deels vanwege prioriteitstelling en corona, maar deels ook omdat we in het kader van de uitvoering van de in 2026 vast te stellen warmteprogramma mogelijk ook voor een andere vorm willen kiezen om met de Mienskip over dit thema in gesprek te gaan, bijvoorbeeld via de energiecoöperaties waar we meerdere keren per jaar netwerksessies voor organiseren. Voor de totstandkoming van dit warmteprogramma is bovendien een viertal participatiesessies belegd, waarvan één met lokale installatiebedrijven als belangrijke partner in de energietransitie. Met Ryptsjerk zijn in 2022 gesprekken opgestart over het mogelijk realiseren van een klein warmtenet.

Verder zijn er enquêtes uitgevoerd in Hurdegaryp en Ryptsjerk en is in diverse dorpen een energiemarkt georganiseerd. • Vanuit het gemeentelijk Energieloket zetten we in op een brede aanpak op het gebied van besparing, verduurzaming en de voorbereiding op een aardgasvrije toekomst. In 2022 en 2023 is gewerkt aan een herpositionering van het Energieloket. Gelet op de rol van het Energieloket bij de Warmtetransitie is het loket in 2024 versterkt met een coördinator die is gefinancierd vanuit de beschikbare Rijksmiddelen. Naast het gemeentelijk Energieloket, wordt sinds 2022 gebruik gemaakt van het on-line portaal van het Duurzaam Bouwloket dat ook de regeling voor het NIP voor ons uitvoert. Sinds 2025 kunnen onze inwoners ook terecht in het Enerzjyhûs in Garyp

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

8

voor ondersteuning op het gebied van de NIP. Het is de bedoeling het Enerzjyhûs vanaf 2026 ook als fysiek Energieloket en platform voor Duurzaamheid voor al onze inwoners aan te wijzen. • Minima worden door energiecoaches ondersteund in het verduurzamen van hun woning. In 2021 zijn met behulp van provinciale subsidie opleidingen voor energiecoaches gestart. In 2024 is besloten de beschikbare capaciteit voor energiecoaching (0,5 fte) op afroepbasis in te zetten. De vraag naar energiecoaching fluctueert namelijk en de inzet is seizoen afhankelijk (meer aanvragen in het stookseizoen). Op deze manier wordt efficiënt gebruik gemaakt van de beperkt beschikbare capaciteit. In het Duurzaamheidsprogramma wordt de energiecoaching verder vormgegeven conform de door de raad op 14 juli 2022 aangenomen motie. • We ontwikkelen een bewustwordingscampagne om draagvlak voor de energietransitie te helpen vergroten. In 2023 is een ‘energietour’ gestart langs de dorpen om op een laagdrempelige manier energietips te geven aan de inwoners. Dit heeft geleid tot veel energieadviezen en gespreken met energiecoaches, waarbij ook zgn. ‘fixteams’ zijn ingezet. Deze energietour heeft in 2025 een vervolg gekregen met een eigen ‘koffiekar’.

Daarnaast is in 2025 de provinciale actie ‘laat je geld niet waaien’ in Tytsjerksteradiel gevoerd en is ‘de slimme isolatiegids’ uitgegeven, ter ondersteuning van onze campagne om het NIP bij een ieder onder de aandacht te brengen. Tenslotte is in diverse dorpen, in samenwerking met de lokale energiecoöperaties, een energiemarkt georganiseerd. • De gemeente werkt samen met de mienskip en organisaties als Vereniging Circulair Friesland, Noardlike Fryske Wâlden en de Friese Milieufederatie aan duurzaamheidsinitiatieven. Tytsjerksteradiel kent vele lokale energie initiatieven, verenigd in energiecoöperaties die (vrijwel) gemeente dekkend opereren. Dat koesteren en faciliteren wij naar behoefte. De lijnen zijn kort, zowel ambtelijk als bestuurlijk, en de contacten zijn goed. Verder zijn wij actief lid van Vereniging Circulair Friesland, met name als het gaat om circulaire inkoop en de vertaling van de ambities op dit gebied in opleidingen en de gemeentelijke inkoopprotocollen.

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

9

De Noardlike Fryske Wâlden en de Friese Milieufederatie zijn aangesloten bij het Duurzaamheidsoverleg dat wij organiseren in ANNO-verband. • Per dorp brengen we een geschikte locatie in beeld voor een kleinschalig, coöperatief zonnepark en maken we de mogelijkheden voor lokaal eigenaarschap inzichtelijk. Bij de ontwikkeling van een zonnepark stellen wij in de anterieure overeenkomst als eis dat er gestreefd moet worden naar minimaal 50% lokaal eigendom. De plek voor een kleinschalig coöperatief zonnepark per dorp zou moeten voortvloeien uit de Sinnetafels, maar zoals aangegeven is er alleen een Sinnetafel in Burgum georganiseerd. Dat heeft geleid tot plannen voor het ontwikkelen van zonnepark ‘Stoppelsoal’, waarmee Burgum en Noardburgum voorzien zouden zijn. Het niet verder uitrollen van de Sinnetafels laat echter onverlet dat er veel ontwikkelingen zijn geweest op dit gebied. Het drijvende zonnepark op de voormalige zandwinlocatie bij Skûlenboarch kan de dorpen Eastermar en Jistrum bedienen en Garyp beschikt al langere tijd over een eigen zonnepark. De ontwikkeling en aanleg van nieuwe zonneparken ligt, mede gelet op de netcongestie problematiek, momenteel lastig. • Op minimaal 30% van de woningen zijn zonnepanelen geïnstalleerd. Op dit moment zijn op 27,5 % van de woningen in Tytsjerksteradiel zonnepanelen geïnstalleerd.

Het doel is daarmee niet helemaal gehaald, maar dit is op zich te verklaren met het gegeven dat de afschaffing van de salderingsregeling in 2027 invloed zal hebben op de beslissing van particulieren om zonnepanelen aan te schaffen. • We ondersteunen bedrijven bij planvorming voor verduurzamingsmaatregelen, zoals plaatsing van zonnepanelen op daken en het aanbrengen van ledverlichting. Bedrijven die aangeven graag ondersteund te willen worden bij het uitvoeren van verduurzamingsmaatregelen, worden actief door ons via Duurzaamheid, Economische Zaken en Yn business geholpen. Dankzij de korte lijntjes tussen Economische Zaken, Duurzaamheid én het bedrijfsleven, loopt dat goed. Yn business is daarbij een belangrijke partner.

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

10

• We ondersteunen bedrijven die subsidie toegekend hebben gekregen voor zonnepanelen bij de realisatie van hun project. In verband met de zeer beperkte ruimte op het elektriciteitsnet wordt momenteel bewust niet actief invulling aan het promoten van zonnepanelen gegeven. Op verzoek wordt uiteraard wel advies gegeven bij de realisatie van projecten. • We onderzoeken de mogelijkheid voor het overkappen van parkeerplaatsen met zonnepanelen. Het onderzoek naar het overkappen van parkeerplaatsen met zonnepanelen, is in 2021 uitgevoerd. Bij renovatie en ontwikkelingen worden de mogelijkheden verder afgewogen. In Earnewâld is in 2023 een groot parkeerterrein bij ‘it Wiid’ met zonnepanelen overkapt. De constructie op het parkeerterrein heeft 550 zonnepanelen en biedt ook laadpalen voor elektrische auto's.

3. Duurzame mobiliteit 3.1

Visie en opgave

De afstanden die we afleggen om bijvoorbeeld naar het werk te gaan of boodschappen te doen zijn in onze gemeente, vergeleken met meer stedelijke gemeenten, relatief groot. Veel van de inwoners en bezoekers maken daarom gebruik van de auto. Daarnaast kent de gemeente een grote transportsector. Ongeveer een kwart van het totale energiegebruik binnen de gemeente bestaat uit het gebruik van benzine, diesel en lpg. Duurzame mobiliteit is daarom een belangrijk onderdeel van de lokale energietransitie. Er komen steeds meer duurzame voertuigen op de markt. Elektrische auto’s krijgen een steeds groter bereik, de prijs van duurzame voertuigen daalt en het aantal laadpalen groeit ook gestaag. De verwachting is dat in stedelijke gebieden een snellere elektrificatie van mobiliteit zal plaatsvinden dan in de meer landelijke gebieden zoals onze gemeente, maar ook hier wordt het gebruik van voertuigen op fossiele brandstof uiteindelijk minder. De elektrische fiets speelt daarin ook een rol, omdat deze steeds vaker wordt gebruikt voor een middellange afstand die eerder met auto’s werd afgelegd.

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

11

In 2030 zijn alle nieuwe auto’s in Nederland emissieloos. Dit vraagt in toenemende mate om extra oplaadpunten. Deze laadpunten zullen regelmatig gerealiseerd kunnen worden op eigen terrein bij particulieren en bedrijven. Tegelijkertijd is realisatie van een groot aantal oplaadpunten in de openbare ruimte ook noodzakelijk. Daarnaast zien we landelijk ook dat de ‘deeleconomie’ in opkomst is. Op het gebied van mobiliteit biedt dat wellicht ook in onze gemeente kansen.

3.2

Middellange termijn – 2030

De ambities op het gebied van de duurzame mobiliteit op de middellange termijn zijn als volgt vertaald: • De gemeente wordt onderdeel van een regionaal, duurzaam mobiliteitsnetwerk. Op het gebied van mobiliteit werkt de gemeente samen met de ANNO-regio. Begin 2020 is de Mobiliteitsvisie voor Noordoost-Fryslân vastgesteld. Hierin hebben de gemeenten afgesproken samen uitvoering te geven aan deze regionale mobiliteitsvisie. In 2024 heeft de raad, met inachtneming van deze visie en andere relevante stukken, het Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma vastgesteld. Hierin zijn diverse maatregelen in het kader van duurzaamheid zoals het stimuleren en faciliteren fietsgebruik, het faciliteren van de benodigde laadinfrastructuur in de openbare ruimte en de bewustwording van de verschillende reismogelijkheden. In 2025 heeft de ANNO-regio een bedrag van € 18 miljoen toegekend gekregen om de brede welvaart te versterken (Regio Deal). Onderdeel daarvan is het verder versterken van het regionaal mobiliteitsnetwerk en het ontwikkelen van openbaar vervoer hubs en fietssnelwegen in de regio, waaronder in onze gemeente. In de periode 2026-2030 zal hier verder aan gewerkt worden.

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

12

• Voor duurzaam vervoer wordt gekozen voor de (elektrische) fiets en duurzame brandstoffen voor andere vervoersmiddelen. Hiervoor zijn onder andere voldoende laadpunten. De vraag wat ‘voldoende laadpalen’ zijn, laat zich moeilijk definiëren. Ten tijde van de vaststelling van de Duurzaamheidsagenda was de prognose dat er in 2025 in totaal 380 oplaadpunten zouden moeten zijn; op grond van het ‘Laadplan Tytsjerksteradiel’ (2025) wordt voor 2030 nu uitgegaan van 499 (semi-) openbare laadpunten. Inmiddels zijn er ruim 200 (semi-)openbare oplaadpunten in onze gemeente, waarvan 45 openbare laadpalen in 13 dorpen. Uitgangspunt is dat het laden van elektrische auto’s zoveel mogelijk op eigen terrein plaatsvindt om het beslag op de openbare ruimte en parkeervoorzieningen zo beperkt mogelijk te houden. Uitgangspunt is verder dat er in ieder dorp tenminste één openbare laadpaal beschikbaar is. • Door deelauto’s te stimuleren verbeteren we de bereikbaarheid voor inwoners zonder (tweede) auto In de afgelopen periode zijn, in samenwerking met de lokale energiecoöperaties, initiatieven ontwikkeld rond deelauto’s. De ervaringen zijn niet onverdeeld positief. Het gebruik van de deelauto’s in Garyp en Hurdegaryp is inmiddels gestopt om financiële redenen: er wordt te weinig gebruik van gemaakt en blijkbaar voorziet een deelauto in deze dorpen dus niet in een behoefte.

In de Trynwâlden is de deelauto nog wel beschikbaar. Conclusie Voor wat betreft de doelen rond de duurzame mobiliteit op de middellange termijn, kunnen we stellen dat hard en goed wordt samengewerkt in regionaal en provinciaal verband om de duurzame mobiliteit te bevorderen. Het uitrollen van de laadinfrastructuur verloopt verder gestaag. Het concept van de deelauto’s lijkt vooralsnog niet aan te slaan in Tytsjerksteradiel. Mogelijk dat daar de komende jaren verandering in komt. Vooralsnog is er geen reden om de doelstellingen op middellange termijn aan te passen.

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

13

3.3

Korte termijn – 2024

De ambities op het gebied van de duurzame mobiliteit op de korte termijn zijn als volgt vertaald: • We stellen een plankaart voor openbare laadpalen voor elektrische auto’s op. In ANNO-verband is een laadplan, inclusief plankaart, opgesteld dat in 2025 ook in Tytsjerksteradiel is vastgesteld. Aan dit laadplan wordt inmiddels uitvoering gegeven. • We stimuleren het gebruik van (elektrische) deelauto’s. In samenwerking met de lokale energiecoöperaties stimuleren wij het gebruik van elektrische deelauto’s. Tot nog toe zijn deze initiatieven echter niet erg succesvol. • We stimuleren het fietsen met een netwerk van fietssnelwegen en een campagne om het gebruik van de fiets te bevorderen. In het Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma is het stimuleren en faciliteren fietsgebruik opgenomen. De door de Provincie Fryslân geïntroduceerde deelfietsen op treinstations lijken verder aan te slaan. In ANNO verband is besloten een campagne te starten over bewustwording van het reis middel en het verleiden tot duurzame mogelijkheden zoals openbaar vervoer en de fiets. Deze campagne is nog niet gestart. Met behulp van de Regio Deal kan een verdere realisatie van de fietssnelwegen in onze gemeente vormgegeven worden.

4. Circulaire economie 4.1

Visie en opgave

In een circulaire economie bestaat afval niet. In een circulaire economie blijven grondstoffen in kringlopen en daardoor beschikbaar. In een circulaire economie is afval dus een waardevolle grondstof. Op deze manier creëren we een vol te houden economisch systeem zonder schadelijke emissies naar het milieu en in harmonie met de natuur.

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

14

Wereldwijd zijn er veel ontwikkelingen gaande. We sluiten steeds meer grondstofketens. Zo wordt er bijvoorbeeld papier gemaakt van bermgras, leerproducten van fruitresten en nieuwe bakstenen van kapotte toiletpotten en ander bouwafval. Gevestigde bedrijven vinden zichzelf opnieuw uit en ontwikkelen nieuwe businessmodellen, gebaseerd op slimmere ontwerpen, levensduurverlenging, het opnieuw toepassen van grondstoffen en toegevoegde waarde voor de klant. In een circulaire economie ontstaat ruimte voor nieuwe initiatieven. Ook in onze gemeente werken bedrijven aan de circulaire economie. Circulariteit is in Tytsjerksteradiel inmiddels uitgegroeid tot een breed werkveld. Het raakt niet alleen de afvalketen, maar ook de manier waarop we bouwen, inkopen en evenementen organiseren. Ook de inrichting van onze bedrijventerreinen speelt hierin een rol. Samen met verschillende organisaties en de ANNO-gemeenten werken we aan gedragsverandering en kennisdeling. Zo ontwikkelen we praktische tools die helpen om de circulaire economie te versterken.

4.2

Middellange termijn – 2030

De ambities op het gebied van de circulaire economie op de middellange termijn zijn als volgt vertaald: • We werken aan reductie: in 2025 is huishoudelijk restafval afgenomen tot 30 kg per persoon per jaar In 2020 bedroeg het restafval in Tytsjerksteradiel nog 131 kg per persoon. In de afgelopen jaren is ingezet op een geleidelijke verlaging daarvan. Het vaststellen en uitvoeren van alle maatregelen in het Grondstoffenbeleidsplan 2020-2025, waaronder het aanpassen van de inzamelfrequentie van het restafval via de sortibak, met ingang van 2021, heeft hier vooral aan bijgedragen. Daarnaast zijn er de afgelopen jaren technische aanpassingen doorgevoerd door Afvalsturing Friesland in de sorteer en bewerkingsinstallatie die er aan bij hebben gedragen dat het huishoudelijk restafval beter gescheiden wordt en dat er minder afval verbrand wordt. Een voorbeeld is het in gebruik nemen van de Dano-trommel.

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

15

Als gemeente hebben we een duidelijke stap gemaakt richting de VANGdoelstellingen. Met een hoeveelheid restafval van 97,8 kg per inwoner en een scheidingspercentage van 82% scoort Tytsjerksteradiel overigens wel het op één na beste resultaat van Fryslân. In 2025 heeft de evaluatie van het grondstoffenbeleid 2020-2025 plaatsgevonden en wordt het Grondstoffenbeleid vanaf 2026 vastgesteld. Naast de VANG-doelstellingen worden ook de recycling doelstellingen hierin vastgelegd en is opgenomen hoe we richting deze doelstellingen met diverse maatregelen kunnen gaan. • We benutten lokale reststromen. Al decennia lang biedt onze milieustraat inwoners de mogelijkheid om hun afval op een verantwoorde manier aan te bieden. Om dit gebruik te stimuleren hanteren wij ruime openingstijden en kunnen inwoners hun afval kosteloos, mits vooraf gescheiden, brengen. Ondanks de beperkte ruimte op de huidige locatie slagen wij erin om maar liefst 30 verschillende afvalstromen te verwerken en op te slaan. Hoewel de milieustraat in haar huidige vorm nog voldoet aan de geldende wet- en regelgeving, is de verwachting dat dit in de toekomst niet langer het geval zal zijn. Gemeenten zullen naar alle waarschijnlijkheid een aanzienlijk groter aantal afvalstromen moeten verwerken.

In combinatie met onze duurzaamheidsambities leidt dit tot een duidelijke behoefte aan een nieuwe, toekomstbestendige milieustraat: een voorziening die niet alleen aansluit bij de eisen van vandaag, maar ook voorbereid is op de uitdagingen van morgen. Een moderne milieustraat kan verschillende vormen aannemen, afhankelijk van het ambitieniveau van de gemeente. Dit kan variëren van een eenvoudige voorziening gericht op inzameling van afval en grondstoffen, tot een volwaardig circulair ambachtscentrum waar bezoekers hun ‘afval’ een tweede leven kunnen geven en actief worden gestimuleerd om circulair bezig te zijn. De gemeenteraad erkent de noodzaak van deze ontwikkeling en is zich bewust van de toekomstige opgaven. In 2025 is de Raad hierover al meegenomen via een startnotitie. Bij de verdere uitwerking en realisatie zal, conform een raadsbreed aangenomen amendement, ook het gemeentelijk composteerterrein worden betrokken.

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

16

• Circulariteit wordt een vast onderdeel bij onze inkoop en aanbestedingen. In 2021 heeft het college besloten om aan te sluiten bij de samenwerkingsagenda ‘Fryslân koopt circulair’ van de Vereniging Circulair Fryslân (VCF). Daarbij is de volgende inspanningsverplichting aangegaan: - in 2025 is 25% van de inkopen circulair; - in 2030 is 75% van de inkopen circulair; - in 2035 is 100% van de inkopen circulair. Deze ambitie gaat verder dan de Duurzaamheidsagenda waarin weliswaar is aangegeven dat we circulariteit onderdeel van 50% van onze aanbestedingen willen laten zijn in 2025, maar waar geen ambitie is uitgesproken om dit in 2030 naar 75% te brengen (en 100% in 2035). Om de kansen en mogelijkheden rond circulair inkopen goed in te bedden in onze organisatie is in 2025 een meerjarig opleidingstraject gestart, zodat onze medewerkers over de juiste kennis en vaardigheden beschikken om circulair inkopen toe te passen in hun werkzaamheden. Het is nu, mede vanwege het ontbreken van een goed monitoringsysteem van VCF, lastig om ons te committeren aan de doelstelling om in 2030 75% en in 2035 100% circulair in te kopen. Beter is de in de Duurzaamheidsagenda genoemde 50% voor 2025 door te trekken naar 2030, in afwachting van een goed monitoringsysteem.

Conclusie Voor de middellange termijn geldt dat de VANG doelstelling van 30 kg afval per inwoner per jaar in de praktijk nog niet te realiseren is. Afvalverwerker Omrin gaat inmiddels dan ook uit van 100 kg per persoon per jaar; Tytsjerksteradiel voldoet hier al wel aan. Om tot een circulaire economie te komen zullen er nog stappen moeten worden gemaakt. Daarom is het goed de doelstelling te laten staan. Met een nieuwe opzet van de milieustraat verwachten wij in 2030 verdere stappen te kunnen zetten in het benutten van lokale reststromen. Op het gebied van circulair inkopen constateren wij dat er goede stappen zijn gezet maar dat het, als gevolg van het ontbreken van een goed monitoringsysteem, op dit moment niet verstandig is de ambitie te verruimen. Als en zodra een goed monitoringsysteem is ingeregeld, kan opnieuw worden bezien in hoeverre wij als organisatie kunnen doorgroeien naar 75 of 100% circulaire inkoop.

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

17

4.3

Korte termijn – 2024

De ambities op het gebied van de circulaire economie op de korte termijn zijn als volgt vertaald: • De gemeente geeft het goede voorbeeld. In de afgelopen periode heeft de gemeente het principe van circulariteit bij nieuwbouwprojecten consequent doorgevoerd om het goede voorbeeld te geven. Voorbeelden zijn de bouw van sporthal de Nije Westermar in Burgum en de MFA’s in Jistrum en Tytsjerk. Verderheeft Tytsjerksteradiel in 2025 het landelijke convenant Schoon en Emissieloos Bouwen (SEB) getekend waarmee bijgedragen wordt aan de landelijke doelstellingen voor de reductie van stikstof, CO₂ en fijnstof in de bouwsector. Ook bij evenementen krijgt circulariteit steeds meer vorm. Wij hebben het initiatief genomen samen met organisatoren en leveranciers te kijken naar verschillende mogelijkheden om tot duurzame en circulaire evenementen te komen in Tytsjerksteradiel. Bedoeling is dit vorm te geven in de vorm van een convenant waarbij samenwerking en verantwoordelijkheidsgevoel de basis vormen in plaats van het opleggen en afdwingen van regels. Dit draagt bij aan het draagvlak voor én de zichtbaarheid van circulariteit bij inwoners en bezoekers. • We ontwikkelen met lokale branche- en ondernemersverenigingen een aanpak circulaire economie voor bedrijven waarmee we inzetten op het uitwisselen van lokale reststromen.

Er is inmiddels een projectplan ‘circulair ondernemen voor het MKB’ in voorbereiding in samenwerking met VCF en Yn business. Doel is om bedrijven bewust te maken van hun grondstofstromen, kennis te delen over circulaire kansen en ketens lokaal te sluiten. Dit projectplan sluit aan bij de ambitie van de Regio Deal Noordoost-Fryslân 2025–2030, waarin circulariteit wordt benoemd als een van de sleutelthema’s voor een toekomstbestendige regio. In het eerste kwartaal van 2026 zal een startbijeenkomst voor het MKB worden georganiseerd. Naast deze lokale samenwerking wordt ook gewerkt aan aansluiting bij het kennisen samenwerkingsplatform ReSource. Dit platform brengt vraag en aanbod van herbruikbare bouwmaterialen bij elkaar. Het ondersteunt interne samenwerking tussen beleid, beheer openbare ruimte en uitvoering en maakt hergebruik in

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

18

projecten praktisch en schaalbaar. ReSource zorgt ervoor dat er minder nieuwe grondstoffen nodig zijn. Het gebruik van materialen wordt slimmer waardoor er minder afval ontstaat. Ook daalt de uitstoot van CO₂. Op deze manier helpt ReSource om circulariteit vast onderdeel te maken van projecten en aanbestedingen. • We onderzoeken of het mogelijk is om aan te sluiten en gebruik te maken van de monitoringstool die onder leiding van Vereniging Circulair Friesland wordt ontwikkeld. De monitoringstool van VCF is nog niet ontwikkeld. Naar verwachting zal deze in 2026 beschikbaar zijn.

5. Biodiversiteit 5.1

Visie en opgave

Biodiversiteit is zeer belangrijk voor de mens. Onze landbouwgewassen zijn afhankelijk van bestuivende insecten en de bodemvruchtbaarheid is afhankelijk van een gezond bodemleven. Een gezond ecosysteem met een hoge biodiversiteit is beter bestand tegen plagen en ziekten. Dat gaat niet alleen op voor de landbouw. Denk b.v. ook aan de eikenprocessierups of buxusmot. Door klimaatverandering en intensivering van de landbouw en veehouderij zijn in de laatste decennia wereldwijd meer dan een miljoen (van de in totaal zeven miljoen) plant- en diersoorten met uitsterven bedreigd. Deze urgentie wordt dan ook op alle niveaus erkend. Ook in onze gemeente werken we eraan de trend te keren en zetten we in op een verandering van beleid. Het verhogen van de biodiversiteit gaat hand in hand met een klimaatbestendige inrichting. Maatregelen om wateroverlast, hittestress en de nadelige gevolgen van langdurige droogte en bodemdaling te verminderen, voegen vaak meer groen en blauw toe aan onze gebouwen en openbare ruimte. Het is belangrijk om bewuste keuzes te maken voor de biodiversiteit op eigen gronden, maar ook bij het verlenen van vergunningen en het maken van omgevingsplannen. Gevarieerde en bewuste soortkeuze voor planten en bomen is belangrijk. Bij het inrichten van de openbare ruimte staan we hier al bij stil.

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

19

5.2

Middellange termijn – 2030

De ambities op het gebied van biodiversiteit op de middellange termijn zijn als volgt vertaald: • We herstellen en vergroten waar mogelijk de biodiversiteit. Opgenomen in het ‘beleidsplan Biodiversiteit Tytsjerksteradiel’ (2024). • We hebben een sterk groen netwerk binnen onze bebouwde omgeving. Opgenomen in het ‘beleidsplan Biodiversiteit Tytsjerksteradiel’ (2024). • Inwoners, ondernemers, andere organisaties en de gemeente werken samen op het gebied van biodiversiteit en klimaatadaptatie. Opgenomen in het ‘beleidsplan Biodiversiteit Tytsjerksteradiel’ (2024). • Bebouwing en de inrichting van een gebied tasten natuurwaarden niet aan. Opgenomen in het ‘beleidsplan Biodiversiteit Tytsjerksteradiel’ (2024).

Conclusie Met de vaststelling van het ‘beleidsplan Biodiversiteit Tytsjerksteradiel’ in 2024, wordt concreet invulling gegeven aan de Duurzaamheidsagenda op het gebied van biodiversiteit. Alle doelen op de middellange termijn zijn in dit beleidsplan vertaald. Sinds 2025 wordt jaarlijks een uitvoeringsplanning Biodiversiteit vastgesteld door het college, waar ook afzonderlijk monitoring op plaatsvindt.

5.3

Korte termijn – 2024

De ambities op het gebied van biodiversiteit op de korte termijn zijn als volgt vertaald: • We koppelen biodiversiteit aan andere beleidsvelden. Biodiversiteit is gekoppeld aan klimaatadaptatie en het groenbeleidsplan en is opgenomen in de Omgevingsvisie. • We nemen biodiversiteit op als voorwaarde bij de ontwikkeling van duurzame energieprojecten. Bij de ontwikkeling van zonneparken als ‘Stoppelsoal’ en ‘Skûlenboarch’, speelt biodiversiteit een belangrijke rol. Samen met partners als de Friese Milieu Federatie

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

20

en Landschapsbeheer Friesland wordt gekeken naar een optimale inpassing van het zonnepark waarbij de versterking van de biodiversiteit uitgangspunt is. • We zijn positief ten aanzien van de kringlooplandbouw. Initiatieven op het gebied van de kringlooplandbouw hebben zich de afgelopen jaren nog niet veel voorgedaan. In het kader van de ontwikkeling van Burgum-West is in 2023 besloten het gebiedsproces in te richten volgens ‘De Nieuwe Route’, waarbij mensen die zich betrokken voelen bij het gebied zelf ideeën mogen aandragen. In dit plangebied is dan ook nadrukkelijk ruimte voor de kringlooplandbouw. • Op het gebied van biodiversiteit en Operatie Steenbreek zetten we in op bewustwording en stellen we een financiële bijdrage beschikbaar voor mienskipinitiatieven. Tytsjerksteradiel is sinds 2021 aangesloten bij de stichting Steenbreek. De Subsidieregeling Duurzaamheidsagenda Tytsjerksteradiel ‘duorsum tegearre dwaan’ (2024) is bedoeld om duurzame initiatieven te stimuleren die bijdragen aan een groenere en schonere gemeente. Met deze subsidie kunnen plannen en projecten die een raakvlak hebben met de Duurzaamheidsagenda, waaronder biodiversiteit, worden opgestart, ontwikkeld en versneld.

6. Klimaatbestendigheid 6.1

Visie en opgave

De risico’s van klimaatverandering zijn in kaart gebracht in de Friese klimaatatlas. Om de risico’s te beperken, zullen we onze omgeving op sommige vlakken moeten aanpassen. Denk aan een gescheiden rioleringssysteem, de opvang van regenwater, het planten van bomen en het aanleggen van waterpartijen om koelte te geven in de zomer. Met een klimaatbestendige omgeving spelen we in op een veranderend klimaat. De extremen in het weer worden groter. Daarbij kan een viertal onderwerpen worden onderscheiden: hittestress, wateroverlast, droogte en overstroming. Binnen klimaatbeleid ligt een focus op het tegengaan van klimaatverandering. De grote inzet op de energietransitie draagt daaraan bij. Toch zal zelfs in het

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

21

gunstigste scenario de stijging van de temperatuur effect hebben op de wijze waarop wij onze ruimte moeten inrichten om met de gevolgen om te gaan. We zullen ons dus moeten voorbereiden en aanpassen aan een nieuwe situatie. Doordat we meer te maken krijgen met korte en hevige regenbuien is er een steeds grotere kans op wateroverlast. Naast de hevige piekbuien is er door klimaatverandering ook een grotere kans op lange droge periodes in de zomermaanden, wat het risico op droogte en een afname in gewasopbrengst met zich meebrengt.

6.2

Middellange termijn – 2030

De ambities op het gebied van klimaatbestendigheid op de middellange termijn zijn als volgt vertaald: • Klimaatadaptief denken is onderdeel van alle beleidsvelden. Klimaatadaptatie is meegenomen in de Omgevingsvisie en daarmee breed in de organisatie geïntegreerd. • We zetten ons in om hittestress en nachtelijke warmte-uitstraling te beperken. Hittestress en nachtelijke warmte-uitstraling kan beperkt worden door in te zetten op een duidelijk groen- en biodiversiteitbeleid. Met de vaststelling van het Biodiversiteitsplan in 2024 en het Groenbeleidsplan in 2025, is en wordt hier nader invulling aan gegeven. • We zetten ons in om wateroverlast en verdroging zoveel mogelijk te voorkomen Wateroverlast en verdroging zijn kernthema’s die reeds in 2020 in het vGRP ‘Wettersoarch’ zijn opgenomen. In 2026 is vaststelling van het Water- en Rioleringsplan voorzien dat verder richting geeft aan het beleid op dit gebied.

Conclusie Met de vaststelling van het ‘beleidsplan Biodiversiteit Tytsjerksteradiel’ in 2024, het Groenbeleidsplan in 2025 en het (nog vast te stellen) Water- en Riolerings Plan wordt concreet invulling gegeven aan de Duurzaamheidsagenda op het gebied van klimaatbestendigheid.

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

22

6.3

Korte termijn – 2024

De ambities op het gebied van klimaatbestendigheid op de korte termijn zijn als volgt vertaald: • We profiteren van verkoeling door schaduw en verdamping. In het Biodiversiteitsplan (2024) en het Groenbeleidsplan (2025) zijn deze doelen opgenomen en uitgewerkt. • We koppelen klimaatbestendigheid aan biodiversiteit en verschillende beleidsvelden. Klimaatadaptatie en biodiversiteit zijn aan elkaar gekoppeld en opgenomen in de Omgevingsvisie. • We zetten ons in om verdere verstening van onze openbare ruimte zoveel mogelijk te voorkomen. Het actief tegengaan van de verstening van onze openbare ruimte is onderdeel van het Biodiversiteitsplan (2024). In concrete projecten, zoals het Centrumplan Burgum (2025), geven we hier verder invulling aan. Als gemeente zijn wij sinds 2021 aangesloten bij de stichting Steenbreek.

7. Eigen organisatie en maatschappelijk vastgoed 7.1

Visie en opgave

We hebben een belangrijke rol als aanjager en hebben een voorbeeldfunctie voor duurzame ontwikkelingen in de gemeente. Zo helpen we lokaal de transitie naar een duurzame samenleving op gang. De eigen organisatie en het maatschappelijk vastgoed is daarom als thema opgenomen in de duurzaamheidsagenda. We willen als opdrachtgevers of direct verantwoordelijken de opdrachten die we verstrekken steeds duurzamer realiseren. De voorbeeldfunctie die we hebben als gemeente dragen we actief uit. Dat wil zeggen dat gemeentelijk vastgoed en het wagenpark uitdragers zijn van onze ambitie.

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

23

We zorgen dat we voldoen aan de verplichtingen vanuit het Rijk over het maatschappelijk en gemeentelijk vastgoed in de gemeente. We bereiden ons voor op de nieuwe energielabels voor utiliteit. Zo is bijvoorbeeld sinds 2023 ieder kantoor in Nederland groter dan 100 m2 verplicht om minimaal energielabel C te hebben.

7.2

Middellange termijn – 2030

De ambities op het gebied van eigen organisatie en maatschappelijk vastgoed op de middellange termijn zijn als volgt vertaald: • Van het gemeentelijk vastgoed is 20% aardgasvrij. Er is inmiddels een begin gemaakt met het energieneutraal maken van gemeentelijk vastgoed. In het accommodatiebeleid is een achttal gebouwen benoemd die daartoe als eerste in aanmerking komen. Op dit moment is ca. 5% (drie gebouwen) aardgasvrij. • Nieuwbouw van eigen gebouwen is energieneutraal. Alle nieuwbouw wordt energieneutraal uitgevoerd. • Bij vervanging en uitbreiding van het wagenpark wordt zoveel mogelijk gekozen voor fossielvrije opties. Waar mogelijk wordt gekozen voor elektrisch vervoer. Daar waar dit (nog) niet mogelijk is, wordt gekozen voor fossielvrije ‘blauwe diesel’ (HVO). • Medewerkers reizen duurzaam voor het werk In 2021 is de NS businesscard geïntroduceerd voor dienstreizen. Daarnaast kan voor dienstreizen door kantoorpersoneel ook gebruik worden gemaakt van de elektrische dienstauto’s. In 2024 is geconstateerd dat slechts beperkt gebruik wordt gemaakt van de businesscard en dat er, ondanks de beschikbaarheid er van, alsnog veel gedeclareerd wordt voor Openbaar Vervoer. Besloten is dan ook de NS businesscard niet meer te verlengen met ingang van 2025.

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

24

Conclusie De middellange termijndoelstellingen voor eigen organisatie en Maatschappelijk Vastgoed zijn deels gerealiseerd, maar vragen de komende jaren ook de nodige aandacht. Dat geldt met name voor wat betreft de verduurzaming van het Maatschappelijk Vastgoed. Het is daarom goed deze doelstellingen onveranderd te laten.

7.3

Korte termijn – 2024

De ambities op het gebied van eigen organisatie en maatschappelijk vastgoed op de korte termijn zijn als volgt vertaald: • Maand van de duurzaamheid. In 2023 is de eerste ‘maand van de Duurzaamheid’ voor de eigen medewerkers georganiseerd. De medewerkers konden gedurende een week aansluiten bij diverse cursussen en zijn voorgelicht over de mogelijkheden van verduurzaming van hun eigen woning. De maand van de Duurzaamheid is goed ontvangen, maar omdat er meerdere themamaanden / -weken worden georganiseerd, is het beter om dit wat meer te bundelen om te voorkomen dat medewerkers ‘themamaand moe’ worden. • De verduurzamingsopgave is onderdeel van het accommodatiebeleid. In het accommodatiebeleid is een achttal gebouwen benoemd die als eerste energieneutraal zullen worden gemaakt. • OV-businesskaarten, (elektrische) fietsen en elektrisch rijden zijn beschikbaar voor personeel. In 2021 is de NS businesscard geïntroduceerd voor dienstreizen. Daarnaast kan voor dienstreizen door kantoorpersoneel ook gebruik worden gemaakt van de elektrische dienstauto’s en dienstfietsen. In 2024 is geconstateerd dat slechts beperkt gebruik wordt gemaakt van de businesscard en dat er, ondanks de beschikbaarheid er van, alsnog veel gedeclareerd wordt voor Openbaar Vervoer. Besloten is dan ook de NS businesscard niet meer te verlengen met ingang van 2025. • Thuiswerken wordt gestimuleerd.

In 2023 zijn de thuiswerkvoorzieningen voor het personeel op orde gebracht. Hybride werken is inmiddels de norm en goed ingeburgerd wat veel woon-werk

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

25

kilometers voorkomt. Verder wordt actief ingezet op het beperken van het gebruik van de auto voor woon-werk. De jaarlijkse campagne ‘fiets naar je werk’ voor het goede doel levert veel fietskilometers op. In 2025 werden op deze manier ruim 33.500 fietskilometers woon-werk afgelegd waarmee ongeveer 4.680 kg CO2 is bespaard. • HVO als tussenoplossing voor zwaarder vervoer. Waar mogelijk wordt gekozen voor elektrisch vervoer. Daar waar dit (nog) niet mogelijk is, wordt gekozen voor fossielvrije ‘blauwe diesel’ (HVO). • Global Goals en Fairtrade Gemeenten. In 2021 heeft de evaluatie Global Goals 2016-2020 plaatsgevonden. De raad heeft ingestemd met een verlening van de aanpak en de Global Goals vormen de basis van het coalitieprogramma. In 2023 is een bewustwordingscampagne gestart onder het personeel waaruit blijkt dat de Global Goals soms dichterbij blijken te liggen dan de medewerkers verwacht hadden. Ook de Fairtrade titel wordt telkens succesvol verlengd met dank aan vele vrijwilligers en het lokale bedrijfsleven dat deze campagnes steunt. • Duurzaamheid komt tot uiting in alle gemeentelijke communicatie. Sinds 2023 wordt geen gebruik meer van ‘themapagina’s’ in de lokale huis-aan-huis kranten. In plaats daarvan in meer gericht, bij de feitelijke projecten, de pers gezocht.

Daarnaast wordt ook veel gebruik gemaakt van de social media om thema’s en acties en projecten rond Duurzaamheid onder de aandacht te brengen. Recentelijk (2025) is hiertoe een nieuwe huisstijl ontwikkeld om de herkenbaarheid te vergroten. • Monitoring en besparing van energieverbruik gemeentelijk vastgoed. Het energieverbruik van het gemeentelijk vastgoed wordt gemonitord. Wij maken daarbij gebruik van het Energie Monitoringsysteem (EMS) van de OVEF. Hiermee voldoen we aan de wettelijke verplichtingen. Op basis hiervan worden, waar mogelijk, besparingen doorgevoerd. • Inzicht in benodigde (energetische) vastgoedinvesteringen om te voldoen aan wettelijke verplichtingen. Alle gemeentelijke gebouwen hebben minimaal label C. Er zijn dan ook geen energetische vastgoedinvesteringen nodig om te kunnen voldoen aan de wettelijke verplichtingen.

Evaluatie Duurzaamheidsagenda

26

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Tytsjerksteradiel&id=6a81b986-015f-4a84-99b7-514f36bed59c