Beantwoording vragen IHP
Tekst van het document
Trynwalden FNP (5) De ûnderwiishúsfesting yn de Trynwâlden spilet al langere tiid. Wat is der oant no ta dien om draachflak te krijen by âlden, doarpen en skoalmienskippen? En hoe wurdt foarkommen dat der finansjeel al in rjochting fêstlein wurdt foardat it draachflak dúdlik is en de petearen ôfrûne binne?
PRO (5) Voor wat betreft de Trynwalden schrijft het stuk "twee zelfstandige scholen aan de bovenkant van Trynwalden, waarbij nog verder wordt uitgewerkt of dit twee scholen onder 1 dak worden of dat er ook twee zelfstandige gebouwen worden gerealiseerd". Wat wordt bedoeld met de bovenkant van Trynwalden? En maakt Het Sinnehonk in Aldtsjerk hier ook deel van uit? CDA (4) Bij de conclusie Trynwâlden wordt er gesproken over “twee zelfstandige scholen aan de bovenkant van Trynwâlden, waarbij nog verder wordt uitgewerkt of dit twee scholen onder 1 dak worden of dat er ook twee zelfstandige gebouwen worden gerealiseerd”. Kan ik concluderen dat met de bovenkant van Trynwâlden Oentsjerk wordt bedoeld? En dat wanneer er gesproken wordt over twee zelfstandige scholen er een mogelijkheid bestaat dat deze ook in Aldtsjerk kan worden gesitueerd? BFT (1) In het raadsvoorstel wordt tweemaal in enkelvoud gesproken over de onderwijsvoorziening in de Trynwâlden (pagina drie onder Finânsjes). In bijlage 1 op pagina 27 wordt wel in meervoud gesproken. Is hier een fout gemaakt, omdat er duidelijk wordt aangegeven dat er twee zelfstandige scholen aan de noordkant van het gebied zullen komen?
Schoolbesturen en gemeente zijn in gesprek over toekomstbestendig onderwijs in dit gebied in het proces worden directies, MR-en en vertegenwoordigers van de dorpsbelangen meegenomen. Hier zijn al een drietal bijeenkomsten geweest en tussentijds wordt men op de hoogte gehouden via nieuwsbrieven. De nieuwsbrieven zijn ook aan uw raad gezonden. Kijkend naar de kansen en mogelijkheden is het gebied onderverdeeld in een zuidzijde en noordzijde. De zuidzijde betreft de scholen in Gytsjerk en de noordzijde van het gebied zijn de scholen in Oentsjerk en Aldtsjerk. De termen onderwijsvoorziening en zelfstandige scholen lopen hier een beetje door elkaar. Aan de noordkant van het gebied kunnen gelet op het leerlingenaantal een zelfstandige openbare school en een zelfstandige christelijke school. De intentie is om deze 2 zelfstandige scholen onder één dak te huisvesten. Eén voorziening waarin 2 zelfstandige scholen zijn gehuisvest.
Ryptsjerk CDA (6) Wanneer er wordt gesproken over Ryptsjerk lees ik alleen dat zij mee zijn genomen als onderdeel van de Trynwâlden ook al is de dichtstbijzijnde school in Gytsjerk op zo’n 4 kilometer afstand. Waarom wordt Ryptsjerk meegenomen in de toekomst van de Trynwâlden en niet die van Tytsjerk en/of Hurdegaryp wat qua ligging en bereikbaarheid ook een goede optie is. CDA: (6) En specifiek voor Ryptsjerk de vraag hoe verkeersveiligheid wordt meegenomen bij mogelijke clustering? FNP (6) Foar Ryptsjerk wurdt no keazen foar oanpassing fan de Alphaschool ynstee fan nijbou. Hoe wurdt foarkommen dat Ryptsjerk no in tydlike oplossing krijt dy’t letter net mear past by it definitive ûnderwiisplan foar it hiele gebiet? CDA (6) Is er bij de nieuwbouw van de Romte in Tytsjerk ook naar deze mogelijkheid gekeken? Ryptsjerk is één van de dorpen van de Trynwalden. In de actualisatie van het IHP in aangegeven dat nu gekozen is voor aanpassing van het gebouw zodat het nog 10 tot 15 jaar meekan. Onduidelijk is welke invloed de voorzieningen in de Trynwalden en Tytsjerk zal hebben op het leerlingenaantal van de school in Ryptsjerk. Op dit moment is niet gekeken naar de verkeersveiligheid bij een eventuele clustering. Indien dit gaat spelen zal worden onderzocht hoe de leerlingenstromen dan zijn, naar welke scholen gaan de leerlingen nu.
Als dit duidelijk is kan gericht worden bepaald of er verkeersveiligheidsvoorzieningen noodzakelijk zijn. De Romte is een samenwerkingsschool van de voormalige openbare en protestants christelijke scholen in Tytsjerk. De uitbreiding van deze samenwerkingsschool met ook de school uit Ryptsjerk was toen niet haalbaar.
Hurdegaryp
CDA (2) Dit jaar wordt er een besluit worden genomen wbt basisscholen in Hurdegaryp, linksom of rechtsom moet hiervoor sowieso geld worden gereserveerd. Waarom is hiervoor een PM post opgenomen en niet een voorlopige schatting van de mogelijke/verwachte kosten net zoals dit voor Eastermar wel is gedaan. FNP (1) Foar Hurdegaryp stiet by “duidelijkheid wel of niet aankoop gehuurde schoolgebouw” noch PM. Klopt it dat in mooglike oankeap of oare oplossing foar dit skoalgebou dus noch net meinommen is yn it totaalbedrach fan € 24,2 miljoen? En wannear krijt de ried hjir mear dúdlikheid oer? Hokker senario’s wurde foar Hurdegaryp no konkreet ûndersocht: oankeap fan it besteande hierde skoalgebou, nijbou, renovaasje of in oare oplossing?
Voor Hurdegaryp wordt gekeken naar de mogelijkheid van aankoop van het schoolgebouw. Omdat de actualisatie van het IHP een openbaar stuk is, is er voor gekozen hier geen bedrag te noemen. Dit kan dan invloed hebben op de lopende gesprekken met de huidige verhuurder van het gebouw.. Er wordt naar gestreefd om dit jaar hier helderheid over te hebben. Zodra er overeenstemming met de verhuurder wordt het voornemen tot koop van het gebouw aan uw raad voorgelegd
Burgum CDA (7) “De toename van het aantal leerlingen van De Arke leidt tot een capaciteitsprobleem”, kunnen wij lezen. Waarom is het capaciteitsprobleem niet eerder gesignaleerd, gezien de stijgende prognoses? CDA (7) Is het aankopen van het bestuurskantoor de meest kostenefficiënte oplossing? CDA (7) Hoe wordt voorkomen dat tijdelijke oplossingen permanent worden? FNP (2) Yn de aktualisaasje stiet dat it kapasiteitstekort fan De Arke yn earste ynstânsje opfongen wurde kin troch gebrûk fan romte by ’t Partoer. Yn it bylagenboek stiet lykwols dat it kapasiteitstekort fan De Arke no opfongen wurdt yn De Reinbôge. Kin it kolleezje dúdlik meitsje wat no feitlik kloppet: wurdt it tekoart opfongen by ’t Partoer, by De Reinbôge of by beide? FNP (3) Foar De Arke wurdt € 500.000 opnommen foar oankeap of oanpassing fan it bestjoerskantoar. Is dit bedoeld as tydlike of strukturele oplossing? En hoe lang wurdt ferwachte dat dizze oplossing foldwaande kapasiteit jout? In eerdere prognoses werd verwacht dat de toename van het leerlingenaantal zoals die zich nu laat zien meer over de drie scholen in Burgum zou verdelen. Er is nu normatieve leegstand in ’t Partoer en De Reinboge. Op dit moment wordt er gebruik gemaakt van ruimte in de Reinboge. Op basis van de actuele prognose is te zien dat het leerlingenaantal in Burgum verder toeneemt de komende jaren.
In eerste instantie wordt nu voorzien in aanvullende huisvesting voor De Arke. Indien deze ruimte is gerealiseerd is er macro gezien voldoende onderwijscapaciteit op de basisscholen in Burgum. In de actualisatie is op bladzijde 18 te zien dat de besturen van de basisscholen in Burgum met elkaar in gesprek gaan om de leerlingenstroom in Burgum aan te laten sluiten bij de scholencapaciteit in Burgum. De keuze voor de aankoop van het torentje is een structurele oplossing en gebruik maken van een eenmalige kans. Het gebouw is nu te koop aangeboden aan de gemeente. Aankoop en aanpassing van dit pand is aanzienlijk voordeliger dan het realiseren van nieuwbouw met vier lokalen (normatief 1,3 miljoen euro). Daarnaast is dit ruimtelijk de meest optimale oplossing omdat het gebouw er al staat. Permanente huisvesting is aan de orde als de capaciteit ten minste 15 jaar noodzakelijk is. Op basis van de leerlingenprognoses wordt een zo goed mogelijke inschatting van het leerlingenaantal gemaakt.
Nieuw proces IHP CDA (1) In het voorwoord wordt gesproken over het toekomstige op te stellen IHP waarin mogelijk ook onderwerpen worden betrokken als "breed accommodatiebeleid, beleid voor buitenruimte en groen en inclusief onderwijs ". Dit is onlangs ook naar voren gekomen in de startnotitie “Kansrijke Start”. In hoeverre wordt hier in deze actualisatie al op voor gesorteerd? CDA (10) Wij kunnen lezen dat er “na de zomer een breder proces” komt. Hoe wordt de raad betrokken bij het opstellen van het nieuwe IHP? CDA (10) Hoe worden ouders, dorpsbelangen en maatschappelijke partners betrokken? CDA (10) Komt er een openbaar dashboard met voortgang, kosten en planning? CU (1) Welke flexibiliteit wordt (of kan worden) in het nieuwe IHP ingebouwd om sneller te kunnen handelen wanneer de werkelijke leerlingenaantallen sterker stijgen dan de prognoses, of zoals bij De Arke is gebeurd waar forse daling geprognosticeerd was maar uiteindelijk sterk groeit. Moeten we bijvoorbeeld sneller actualiseren.
CU (2) Wat wordt precies bedoeld met een “integraal en beleidsrijk IHP”, en wat gaat dit concreet veranderen ten opzichte van deze actualisatie voor planning, keuzes en besluitvorming over schoolgebouwen? CU (3) Wanneer wordt de aangekondigde onafhankelijke kwaliteitstoets van alle schoolgebouwen uitgevoerd, en hoe voorkomt het college dat urgente knelpunten tot die tijd buiten beeld blijven? In een beleidsrijk IHP wordt niet alleen naar de technische kwaliteit en stichtingsjaar van een school gekeken maar wordt op basis van een onderwijsvisie gekeken hoe een schoolgebouw er uit zou moeten zien. Bij het opstellen van de actualisatie zijn de samenwerkende kinderopvanginstellingen van de schoolbesturen niet betrokken. De intentie is om deze wel mee te nemen in de gesprekken over het nieuwe IHP. Bij de opstelling van het nieuwe IHP wordt onder andere een kwaliteitstoets gemaakt van de schoolgebouwen. Bij deze actualisatie is er voor gekozen dit nog niet te doen omdat de ontwikkeling van de scholen die nu in de actualisatie zijn opgenomen al waren opgestart en in het huidige IHP al zijn benoemd. Het nieuwe IHP heeft geen invloed op de planning die nu in deze actualisatie is gemaakt. In deze actualisatie is niet voorgesorteerd op het nieuwe IHP. Er is voor gekozen dit een eigen proces te laten zijn.
In hoeverre de raad kan worden betrokken bij het opstellen van een nieuw IHP zal worden meegenomen in de afspraken die hierover met de schoolbesturen worden gemaakt. Ouders, dorpsbelangen en maatschappelijke partners worden meegenomen indien een project in een voorbereidingstraject komt. Het is de intentie om samenwerkingspartners van de school voor de peuteropvang mee te nemen bij het opstellen van het ihp. Op dit moment is er een gemeentelijke website waarin de voortgang van de ontwikkelingen in de Trymwalden zichtbaar is. Met de communicatiemedewerker kan de optie van een openbaar dashboard met de onderwijsprojecten worden onderzocht. De gemeentelijke prognoses worden éénmaal in de 2 jaar geactualiseerd. Daarnaast is er met de schoolbesturen afgesproken twee maal per jaar bij elkaar te komen. Een van de vaste onderwerpen is de stand van zaken van de diverse projecten. Maar daarnaast wordt er ook gekeken naar het verloop van de leerlingenaantallen per school in vergelijking met de
prognoses. Financiën / Prioritering PRO (6) Financieel: Er is 1,2 miljard euro per jaar nodig om alle schoolgebouwen in ons land op het juiste niveau te brengen. Wanneer wordt duidelijk of de rijksoverheid ook daadwerkelijk extra budget beschikbaar gaat stellen? En is er ook een inschatting te maken van wat dat voor onze gemeente zou kunnen betekenen? PRO (8) Financieel: We weten nu dat de beslissing van de rijksoverheid over het gemeentefonds twee jaar is uitgesteld. Heeft dat gevolgen voor dit IHP of voor de prioritering? CDA (8) Het huisvestingsplan stelt dat “niet alles tegelijk kan en er keuzes moeten worden gemaakt” en dat de totale investering €24,2 miljoen bedraagt. Welke projecten worden uitgesteld als de rijksbijdragen of gemeentelijke middelen tegenvallen? Hoe wordt voorkomen dat noodzakelijke projecten in kleinere dorpen achteraan komen te staan? CDA (9)Welke projecten hebben prioriteit als er vertraging optreedt? CDA (9) Hoe wordt de raad tussentijds geïnformeerd over voortgang en risico’s? PRO (7) Financieel: Welke mogelijkheden zijn er om delen van de investeringen die we moeten doen vanuit de algemene reserve te betalen? CDA (9) Het IHP geeft een strakke planning tot 2031. Hoe realistisch is deze planning gezien personeelstekorten, stikstofregels en aanbestedingsdruk? In de actualisatie van het IHP is een prioritering vastgesteld.
Indien in de toekomst zal blijken dat de jaarlasten voor onderwijshuisvesting niet zijn op te vangen door de gemeente door mogelijke wijzigingen in het gemeentefonds, zullen op basis van de gekozen prioritering wellicht keuzes in de fasering moeten worden gemaakt. Bijvoorbeeld jaartje doorschuiven. Hierover zal bestuurlijk overleg met de schoolbesturen over moeten plaatsvinden. Wij zijn ons er van bewust dat wij een ambitieuze planning hebben gekozen, maar zien dit op dit moment niet als onrealistisch. Processen die moeten worden doorlopen worden goed voorbereid en waar mogelijk gecombineerd. De prioriteit is aangegeven in het IHP. Het is niet zo dat als één project met vertraging te maken krijgt dit direct invloed heeft op andere projecten. Hoe blijft uw raad betrokken. In eerste instantie zal de vaststelling van de kredieten per project afzonderlijk aan uw raad worden voorgelegd. Daarnaast wordt de voortgang jaarlijks met de schoolbesturen besproken in het schoolbestuurlijk overleg. Indien de schoolbesturen hiermee instemmen kan het verslag van dit overleg met u worden gedeeld. De formele en informele lobby om extra middelen vanuit Den Haag te krijgen voor onderwijshuisvesting loopt al een groot aantal jaren. Tot op heden echter helaas nog zonder succes.
Het dekken van investeringen vanuit de algemene reserve past niet binnen de uitgangspunten zoals beschreven in het BBV. Structurele lasten moeten worden gedekt uit structurele middelen. Een onttrekking uit de algemene reserve is een incidenteel dekkingsmiddel.
Clustering voorzieningen CDA (5) In Oentsjerk is er een sterke wens vanuit de mienskip voor één gebouw bij de sporthal met daarin naast school ook de sport- en mienskip faciliteiten. In hoeverre wordt er gekeken naar de samenhang met ander maatschappelijk vastgoed? CU (4) Bij welke projecten uit deze actualisatie wordt concreet onderzocht of clustering met kinderopvang, sport, cultuur, ontmoeting of een MFA mogelijk is, en op basis van welke criteria wordt daarover besloten of moeten die criteria nog opgesteld worden, zo ja wat is de rol van de raad hierin. In feite bij alle projecten bezien of clustering met andere maatschappelijke functies – zoals kinderopvang, sport, cultuur en ontmoeting – mogelijk en wenselijk is. Dit past binnen de bredere beweging richting toekomstbestendige voorzieningen en het efficiënt inzetten van maatschappelijk vastgoed. Daarbij geldt echter dat clustering en de ontwikkeling van multifunctionele accommodaties (MFA’s) niet automatisch overal de meest passende oplossing is. Deze randvoorwaarden worden op dit moment nader uitgewerkt in het kader van het bredere traject naar een meer integraal en beleidsrijk IHP en het gemeentelijk accommodatiebeleid. Op basis hiervan zal het college kaders vaststellen die richting geven aan toekomstige keuzes rondom clustering en MFA-vorming. Deze kaders en uitgangspunten zullen met de raad worden gedeeld.
Daarnaast zal raad, zoals gebruikelijk, per project gevraagd om een besluit te nemen over de benodigde investeringen, waarbij de mate en vorm van clustering integraal onderdeel uitmaakt van de afweging. Op deze wijze wordt geborgd dat zowel per project maatwerk kan worden geleverd als dat er op strategisch niveau duidelijke en vastgestelde kaders gelden.
Wettelijke regelingen/voornemens PRO (1) Een belangrijk element in deze wetswijziging is de aanpassing van het investeringsverbod voor het primair onderwijs. Wat zou de impact hiervan voor de opgave in Tytsjerksteradiel kunnen zijn? Op dit moment is hier nog geen antwoord op te geven. De mogelijkheid dat schoolbesturen een deel meebetalen wordt wettelijk mogelijk gemaakt, maar hieraan worden wel voorwaarden verbonden. Deze voorwaarden zijn nog niet bekend. De regel dat de gemeente moet voorzien in een schoolgebouw dat aan de wettelijke regels voldoet blijft gewoon bestaan. PRO (2) Mocht een school niet vanuit een bestaande entiteit worden opgericht dan moet een aanvraag voor een nieuwe school worden ingediend. De onderwijsinspectie toetst een aanvraag voor een nieuwe school aan eisen. Zo moet de nieuwe school 11 jaar na indiening ten minste 200 leerlingen hebben. Het is goed mogelijk dat een nieuwe school in onze gemeente na 11 jaar minder dan 200 leerlingen heeft. Hoe moeten we dit zien in het licht van deze wet? Maakt deze norm het stichten van een nieuwe school in een plattelandsgemeente niet onmogelijk? Om aan de stichtingsnomen te voldoen voor een zelfstandige school moet een toekomstige school op termijn het getal van 200 leerlingen halen. Het is inderdaad correct dat dit aantal met name in de kleinere dorpen moeilijk tot niet te halen is.
PRO (3) Het ministerie zoekt naar mogelijkheden om kleine scholen en het scholenaanbod toekomstbestendiger te maken. Hierbij wordt gedacht aan heroverweging van de uitzonderingsgrond van de gemiddelde schoolomvang en het omvormen van de kleine scholen toeslag naar een dunbevolktheidstoeslag. Welk verschil zou dit voor onze kleinere scholen kunnen maken? Landelijk is te zien dat kleinere scholen in grotere dichtbevolkte gemeenten ook van deze regeling gebruik kunnen maken. Het ministerie van OCW vindt dit een ongewenste situatie en werkt aan een regeling voor een toeslag voor dun bevolkte gebieden en een andere regeling voor de uitzonderingsgrond van gemiddelde schoolomvang. Er vinden nu gesprekken in de regio’s plaats. Op basis van deze informatie wordt gewerkt aan een aangepaste regeling. Hoe dit er uit gaat zien is op dit moment niet bekend. PRO (4) In het stuk wordt een aantal keer gesproken over thuisnabij. Wat wordt hieronder verstaan in termen van afstanden? Met de term thuisnabij wordt bedoeld dat zoveel mogelijk leerlingen naar een school in hun eigen buurt kunnen. Met name ook de leerlingen met een extra ondersteuningsbehoefte of beperking. Niet met het schoolbusje naar een verder gelegen school. Maar kijken of deze leerlingen binnen het reguliere onderwijs kunnen worden opgevangen. Met de term wordt niet bedoeld dat er binnen een x aantal meters een school moet zijn.
CDA (3) In onze gemeente hebben wij op dit moment één bijzondere school, te weten in Earnewâld, waarin wordt afgeweken wbt geldende regels betreft de instandhoudingsnorm. In hoeverre kan dit ook worden toegepast in dorpen zoals bijv. Aldtsjerk waar ook een sterke wens leeft om de plaatselijke school in stand te houden?
Earnewald was één van de eerste samenwerkingsscholen van Nederland. Op basis hiervan heeft men deze unieke regeling. Scholen toevoegen aan deze regeling is niet mogelijk. FNP (4) Yn de ferskillende bylagen lykje der grutte ferskillen te sitten yn learlingeprognoases. Kin it kolleezje útlizze wêrom’t dizze sifers ferskille, hokker tabel liedend is foar de finansjele berekkeningen en oft dit noch korrizjearre wurde moat? Wij hebben geen verschillen ontdekt. Mogelijk ontstaat er een misverstand omdat de overzichten niet constant dezelfde jaartallen weergeven. Op pagina 15 staat bijvoorbeeld een totaaloverzicht met een overzicht van de jaren 2024, 2025, 2030, 2035, 2040 en 2042. Bij de situaties en beschrijvingen per dorp vanaf bladzijde 18 worden naast deze jaren ook de jaren 2026 en 2027 getoond.