17 - Bijlage 2 - Was-Wordt lijst
Tekst van het document
Analyse verordening 212 (8KTD 2022) en huidig model (betreft 2023)
omschrijving
Was
Wordt
1
Definities
In deze verordening wordt verstaan onder: - administratie: het systematisch verzamelen, vastleggen, verwerken en verstrekken van informatie ten behoeve van het besturen, functioneren en beheersen van de gemeentelijke organisatie en de verantwoording die daarover moet worden afgelegd. - overheidsbedrijf: onderneming met privaatrechtelijke rechtspersoonlijkheid, niet zijnde een personenvennootschap met rechtspersoonlijkheid, waarin de gemeente, al dan niet tezamen met een of meer andere publiekrechtelijke rechtspersonen, in staat is het beleid te bepalen of een onderneming in de vorm van een personenvennootschap, waarin een publiekrechtelijke rechtspersoon deelneemt.
In deze verordening wordt verstaan onder: - administratie: het systematisch verzamelen, vastleggen, verwerken en verstrekken van informatie ten behoeve van het besturen, functioneren en beheersen van de gemeentelijke organisatie en de verantwoording die daarover moet worden afgelegd. - overheidsbedrijf: onderneming met privaatrechtelijke rechtspersoonlijkheid, niet zijnde een personenvennootschap met rechtspersoonlijkheid, waarin de gemeente, al dan niet tezamen met een of meer andere publiekrechtelijke rechtspersonen, in staat is het beleid te bepalen of een onderneming in de vorm van een personenvennootschap, waarin een publiekrechtelijke rechtspersoon deelneemt. - rechtmatigheidsverantwoording: de rapportage van burgemeester en wethouders waarbij aangegeven wordt in welke mate de totstandkoming van de financiële beheershandelingen en de vastlegging daarvan overeenstemmen met de relevante wet- en regelgeving.
-
7
Jaarstukken
Niet opgenomen
7 8 -
8 9 10
Informatieplicht EMU saldo Verantwoordings- en rapportagegrens rechtmatigheidsverantw oording
Niet opgenomen is onlangs opgenomen in model verordening vanwege rechtmatigheidsverklaring college
Art oud
Art nieuw
1
-
11
Voorwaardencriterium
idem
-
12
Begrotingscriterium
idem
1.
Gelijktijdig met het aanbieden van de jaarstukken biedt het college de raad het voorstel aan over de bestemming van het jaarrekeningresultaat. 2. Vooruitlopend op het bestemmingsvoorstel over het jaarrekeningresultaat kan het college de raad voorstellen om restantmiddelen op onderdelen van het rekeningresultaat over te hevelen naar het volgende begrotingsjaar. Ongewijzigd wordt artikel 8 Ongewijzigd wordt artikel 9 Paragraaf 3. Rechtmatigheidsverantwoording Artikel 10. rapportage 1. De raad stelt vast op welke wijze hij door middel van de paragraaf bedrijfsvoering van de begroting en de jaarstukken, naast de verplichte onderdelen van deze paragraaf, wil worden geïnformeerd over rechtmatigheid. 2. In de rechtmatigheidsverantwoording bij de jaarrekening rapporteer het college aan de raad over afwijkingen van de totale lasten van de gemeente, inclusief de dotaties aan de reserves. De veratnwoordingstoleranties die hiervoor gelden zijn vastgelegd in het Interne Controleplan. 3. In de paragraaf bedrijfsvoering worden de geconstateerde afwijkingen nader toegelicht. De rapportagegrens is vastgelegd in het Interne Controleplan. Artikel 11. Voorwaardencriterium 1. Het voorwaardencriterium is het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen.
De eisen/voorwaarden zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving en hebben betrekking op aspecten als doelgroep, termijn, grondslag, administratieve bepalingen, normbedragen, bevoegdheden, bewijsstukken, recht, hoogte en duur.2. Het college biedt de raad jaarlijks een normenkader rechtmatigheid aan ter vaststelling. Dit kader bestaat uit alle relevante (interne) wet- en regelgeving waaruit financiële beheershandelingen kunnen voortvloeien. Artikel 12 Begrotingscriterium 1. Het begrotingscriterium is een criterium van rechtmatigheid dat betrekking heeft op de grenzen van de baten en lasten in de door de raad geautoriseerde begroting van exploitatie en investeringskredieten
en de hiermee samenhangende programma’s, waarbinnen de financiële beheershandelingen tot stand moeten zijn gekomen; 2. De begrotingsrechtmatigheid wordt beoordeeld op het niveau waarop de begroting door de raad is geautoriseerd, zoals is opgenomen in artikel 5. 3. Bij investeringsprojecten wordt de begrotingsrechtmatigheid beoordeeld op het niveau van het totaal gevoteerde kredietbedrag. Een overschrijding van het jaarbudget, passend binnen het totaal bedrag van het krediet, wordt daarmee als rechtmatig beschouwd. 4. Uitgangspunt is dat iedere afwijking van de begroting als onrechtmatig wordt beschouwd. Afwijkingen worden als acceptabel aangemerkt in de volgende situaties: a. Er is sprake van een overschrijding waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren. b. Er is sprake van een overschrijding op een open-einde regeling. c. De overschrijding is geautoriseerd door middel van de vaststelling van een tussentijdse rapportage . d. De raad is via een raadsinformatiebrief door het college actief geïnformeerd als autorisatie via de bestuursrapportage niet meer mogelijk is. 5.
Begrotingsonrechtmatigheden die passen binnen het bestaande beleid van de raad, worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording (voor zover de verantwoordingsgrens voor afzonderlijke fouten of onduidelijkheden is overschreden), maar worden niet nader toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering. -
13
M&O criterium
idem
Artikel 13 Misbruik en oneigenlijk gebruik-criterium 1. Het misbruik en oneigenlijk gebruik-criterium is het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op het voorkomen, detecteren en corrigeren van misbruik en oneigenlijk gebruik van overheidsgelden en gemeentelijke eigendommen bij financiële beheershandelingen. 2. Het college zorgt voor en legt vast de regels voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen.
9
14
-
15
10
16
11
17
Waardering en afschrijving activa Voorziening oninbare vorderingen Reserves en voorzieningen Kostprijsberekening
12
18
13
19
14
20
Prijzen economische activiteiten Vaststelling hoogte belastingen, rechten, heffingen en prijzen Financieringsfunctie
15
21
Paragrafen algemeen
Bij de begroting en de jaarstukken neemt het college de paragrafen met de onderdelen op die verplicht zijn op grond van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten.
Artikel 21. Paragrafen Bij de begroting en de jaarstukken neemt het college alle verplichte paragrafen op met daarin in ieder geval de verplichte onderdelen die op grond van hoofdstuk ll van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten verplicht zijn .
-
-
Zie art. 15 oud Zie art. 15 oud
Niet opnemen zie art 21 Niet opnemen zie art 21
16
-
Lokale heffingen Weerstandsvermogen en riscobeheersing Onderhoud kapitaalgoederen
Ongewijzigd wordt artikel 9 Niet opgenomen
Voor de vorderingen op debiteuren wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd. Ongewijzigd wordt artikel 16 Ongewijzigd wordt artikel 17 Ongewijzigd wordt artikel 18 Ongewijzigd wordt artikel 19 Ongewijzigd wordt artikel 20
1.
Het college beoordeelt aan het begin van elke bestuursperiode of het wenselijk is het vigerend onderhoudsplan openbare ruimte aan te passen, meldt
Laten vervallen zie art.21 Actualisatie in paragraaf opnemen
17
-
Financiering Bedrijfsvoering Verbonden partijen Grondbeleid
18 19
22 23
Administratie Financiële organisatie
de resultaten van deze beoordeling aan de accountantscommissie uit de raad en biedt bij gebleken wenselijkheid tot aanpassing een geactualiseerd onderhoudsplan openbare ruimte aan de raad ter vaststelling aan. Het plan geeft het kader weer voor het beoogde onderhoudsniveau, de planning van het onderhoud en de kosten van het onderhoud voor het openbaar groen, water, wegen, kunstwerken en straatmeubilair. 2. Het college beoordeelt aan het begin van elke bestuursperiode of het wenselijk is het vigerend rioleringsplan aan te passen, meldt de resultaten van deze beoordeling aan de accountantscommissie uit de raad en biedt bij gebleken wenselijkheid tot aanpassing een geactualiseerd rioleringsplan aan de raad ter vaststelling aan. Het plan geeft het kader weer voor het beoogde onderhoudsniveau, de planning van het onderhoud, de uitbreiding van de riolering en de kosten van het onderhoud en de eventuele uitbreidingen. 3. Het college beoordeelt aan het begin van elke bestuursperiode of het wenselijk is het vigerend onderhoudsplan gebouwen aan te passen, meldt de resultaten van deze beoordeling aan de accountantscommissie uit de raad en biedt bij gebleken wenselijkheid tot aanpassing een geactualiseerd onderhoudsplan gebouwen aan de raad ter vaststelling aan. Het plan bevat voorstellen voor het te plegen onderhoud en de bijbehorende kosten aan de gemeentelijke gebouwen Zie art.
15 oud Zie art. 15 oud Zie art. 15 oud Het college beoordeelt aan het begin van elke bestuursperiode of het wenselijk is de vigerende nota grondbeleid aan te passen, meldt de resultaten van deze beoordeling aan de accountantscommissie uit de raad en biedt bij gebleken wenselijkheid tot aanpassing een geactualiseerde nota grondbeleid aan de raad ter vaststelling aan. In de nota wordt in ieder geval aandacht besteed aan: a. de strategische visie van het toekomstig grondbeleid van de gemeente b. te ontwikkelen en in ontwikkeling genomen projecten c. het verloop van de grondvoorraad d. de uitgangspunten voor de verkoopprijzen van gronden.
Het college draagt zorgt voor: a. een eenduidige indeling van de gemeentelijke organisatie en een eenduidig toewijzing van de gemeentelijke taken aan de afdelingen b. een adequate scheiding van taken, functies, bevoegdheden, verantwoordelijkheden c. de verlening van mandaten en volmachten voor het aangaan van verplichtingen ten laste van de toegekende budgetten en investeringskredieten d. de interne regels voor taken en bevoegdheden, de verantwoordingsrelaties en de bijbehorende informatievoorziening van de financieringsfunctie e. de te maken afspraken met de afdelingen over de te leveren prestaties, de daarvoor beschikbare middelen en de wijze en frequentie van rapportage over de voortgang van de activiteiten en uitputting van middelen
Niet opnemen zie art 21 Niet opnemen zie art 21 Niet opnemen zie art 21 Laten vervallen. Actualisatie in paragraaf opnemen.
Ongewijzigd wordt artikel 22 Het college draagt zorgt voor: a. een eenduidige indeling van de gemeentelijke organisatie en een eenduidig toewijzing van de gemeentelijke taken aan de afdelingen b. een adequate scheiding van taken, functies, bevoegdheden, verantwoordelijkheden c. de verlening van mandaten en volmachten voor het aangaan van verplichtingen ten laste van de toegekende budgetten en investeringskredieten d. de interne regels voor taken en bevoegdheden, de verantwoordingsrelaties en de bijbehorende informatievoorziening van de financieringsfunctie e. de te maken afspraken met de afdelingen over de te leveren prestaties, de daarvoor beschikbare middelen en de wijze en frequentie van rapportage over de voortgang van de activiteiten en uitputting van middelen
f.
de kostenverdeelsleutels voor het eenduidig toewijzen van baten en lasten aan de taakvelden g. het beleid en de interne regels voor de inkoop en de aanbesteding van goederen, werken en diensten h. het beleid en de interne regels voor de steunverlening en de toekenning van subsidies aan ondernemingen en instellingen en i. het beleid en de interne regels voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen, opdat aan de eisen van rechtmatigheid, controle en verantwoording wordt voldaan. 20
24
Interne controle
1. Het college zorgt ten behoeve van het getrouwe beeld van
de jaarrekening, bedoeld in artikel 213, derde lid, onder a, van de Gemeentewet, en de rechtmatigheid van de baten en lasten en de balansmutaties, bedoeld in artikel 213, derde lid, onder b, van de Gemeentewet, voor de jaarlijkse interne toetsing van de getrouwheid van de informatieverstrekking en de rechtmatigheid van de beheershandelingen. Bij afwijkingen neemt het college maatregelen tot herstel. 2. Het college zorgt voor de systematische controle van de registratie en de ontwikkeling van de bezittingen en het financieel vermogen van de gemeente met dien verstande dat de waardepapieren, de voorraden, de uitstaande leningen, de debiteurenvorderingen, de liquiditeiten, de opgenomen leningen, de kortlopende schulden en de vorderingen van crediteuren jaarlijks worden gecontroleerd en registergoederen en bedrijfsmiddelen ten minste eenmaal in de vier jaar. Bij afwijkingen in de registratie neemt het college maatregelen voor herstel van de tekortkomingen. 21
25
Intrekken oude regeling
1.
2.
22
26
Inwerkingtreding en citeertitel
De Financiële verordening gemeente Tytsjerksteradiel 2020 wordt ingetrokken met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de jaarrekening en het jaarverslag en bijbehorende stukken van 2021. Op investeringen in de openbare ruimte met maatschappelijk nut die voor 1 januari 2017 zijn gedaan, blijft de Financiële beheersverordening 2008 Tytsjerksteradiel van toepassing.
f.
de kostenverdeelsleutels voor het eenduidig toewijzen van baten en lasten aan de taakvelden g. het beleid en de interne regels voor de inkoop en de aanbesteding van goederen, werken en diensten h. het beleid en de interne regels voor de steunverlening en de toekenning van subsidies aan ondernemingen en instellingen en i. het beleid en de interne regels voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen, opdat aan de eisen van rechtmatigheid, controle en verantwoording wordt voldaan. j. het verzamelen en vastleggen van gegevens over de geleverde prestaties en de maatschappelijke effecten zodat de doelmatigheid en doeltreffendheid van het beleid, zoals vastgesteld door de raad, kunnen worden getoetst 1. Het college zorgt voor de jaarlijkse interne toetsing van de getrouwheid van de informatieverstrekking en de rechtmatigheid van de beheershandelingen. Bij afwijkingen rapporteert hrt college daarover in de rechtmatigheidsverantwoording die wordt opgenomen in de paragraaf Bedrijfsvoering. Daarnaast informeert het college de raad over genomen maatregelen tot herstel van de tekortkomingen. 2.
Het college zorgt voor de systematische controle van de administratie en de ontwikkeling van de bezittingen en het financieel vermogen van de gemeente met dien verstande dat de waardepapieren, de voorraden, de uitstaande leningen, de debiteurenvorderingen, de liquiditeiten, de opgenomen leningen, de kortlopende schulden en de vorderingen van crediteuren jaarlijks worden gecontroleerd en registergoederen en bedrijfsmiddelen ten minste eenmaal in de 4 jaar. Bij afwijkingen in de administratie nemen burgemeester en wethouders maatregelen tot herstel van de tekortkomingen.
Wordt art. 25 1. De Financiële verordening gemeente Tytsjerksteradiel 2022 wordt ingetrokken met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de jaarrekening en het jaarverslag en bijbehorende stukken van 2022. 2. Op investeringen in de openbare ruimte met maatschappelijk nut die voor 1 januari 2017 zijn gedaan, blijft de Financiële beheersverordening 2008 Tytsjerksteradiel van toepassing 1. Deze verordening treedt in werking op de dag na bekendmaking en werkt terug tot en met 1 januari 2023. 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Financiële verordening gemeente Tytsjerksteradiel 2023
Analyse verordening 213 en huidig model (betreft 2023) Art oud
Art nieuw
Omschrijving
Was
1. a.
1. -
Definities Accountant:
In deze verordening wordt verstaan onder: een door de raad benoemde • registeraccountant of • accountant-/administratieconsulent met een aantekening in het inschrijvingsregister als bedoeld in het derde lid van artikel 36, Wet op de Accountant Administratieconsulenten of • organisatie waarin voor de accountantscontrole bevoegde accountants samenwerken,
b.
-
Accountantscontrole:
belast met de controle van de in artikel 197 Gemeentewet bedoelde jaarrekening. de controle van de in artikel 197 Gemeentewet bedoelde jaarrekening uitgevoerd door de door de raad benoemde accountant van: • • •
•
-
Deelverantwoording:
-
Jaarrekening
-
Managementletter
-
-
Rechtmatigheidsverantwoording
-
2.
2.
Opdrachtverlening accountantscontrole
1. De accountantscontrole wordt opgedragen aan een door de
Rechtmatigheid in het kader van de accountantscontrole:
een door de raad aangewezen accountant als bedoeld in artikel 213, tweede lid, van de Gemeentewet;
controle van de in artikel 197 van de Gemeentewet bedoelde jaarrekening door de accountant;
het getrouwe beeld van de in de jaarrekening gepresenteerde baten en lasten en de grootte en samenstelling van het vermogen; het rechtmatig tot stand komen van de baten en lasten en balansmutaties; het in overeenstemming zijn van de door het college opgestelde jaarrekening met de bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen regels bedoelt in artikel 186 Gemeentewet; de inrichting van het financieel beheer en de financiële organisatie gericht op de vraag of deze een getrouwe en rechtmatige verantwoording mogelijk maken;
waarbij de nadere regels die bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden gesteld op grond van het zesde lid van artikel 213 Gemeentewet, in acht worden genomen. het overeenstemmen van het tot stand komen van de financiële beheershandelingen en de vastlegging daarvan met de relevante wet- en regelgeving, zoals bedoeld in het Besluit accountantscontrole gemeenten. een in opdracht van de raad ten behoeve van de verslaglegging opgestelde verantwoording van een afzonderlijke organisatieeenheid binnen de gemeentelijke organisatie, welke verantwoording onderdeel uit maakt van de jaarrekening. -
c.
d.
Wordt
raad te benoemen accountant.
2. De benoeming van de accountant geschiedt voor een door de raad te bepalen periode.
3. Het college bereidt in overleg met de raad de aanbesteding van de accountantscontrole voor.
4. De raad stelt voor de aanbesteding van de
accountantscontrole het programma van eisen vast.
Vervallen
een in opdracht van de raad ten behoeve van de verslaglegging opgestelde verantwoording van een deel van de gemeentelijke organisatie, welke verantwoording onderdeel uitmaakt van de jaarrekening; jaarrekening van de gemeente als bedoeld in artikel 197 van de Gemeentewet; verslag van de accountant gericht aan het bestuur met belangrijke bevindingen en adviezen voor verbetering van de interne beheersing, de IT-omgeving en actuele ontwikkelingen; de rapportage van burgemeester en wethouders waarbij aangegeven wordt in welke mate de totstandkoming van de financiële beheershandelingen en de vastlegging daarvan overeenstemmen met de relevante wet- en regelgeving. 1. De accountantscontrole vindt plaats door een accountant. De aanwijzing van de accountant geschiedt voor een nader te bepalen periode, maar bestrijkt minimaal twee jaar met optie tot verlenging. 2. Burgemeester en wethouders bereiden in overleg met de raad de aanbesteding van de accountantscontrole voor. 3. De raad stelt voor de aanbesteding van de accountantscontrole het programma van eisen vast. Het programma van eisen bevat voor de jaarlijkse accountantscontrole in ieder geval:
3.
4.
5.
4.
Informatieverstrekking door college
1. Het college is verantwoordelijk voor de samenstelling van de
Inrichting accountantscontrole
1. De accountant bepaalt binnen het kader van de
jaarrekening conform de externe wet- en regelgeving en de interne besluiten en overlegt deze aan de accountant voor controle. 2. Het college draagt er zorg voor dat alle aan de jaarrekening ten grondslag liggende verordeningen, nota’s, collegebesluiten, deelverantwoordingen, administraties, plannen, overeenkomsten, berekeningen e.d. voor de accountant ter inzage liggen en goed toegankelijk zijn. 3. Het college overlegt de gecontroleerde jaarrekening samen met de accountantsverklaring en het verslag van bevindingen voor uiterlijk 10 juni aan de raad. 4. Alle informatie die na afgifte van de accountantsverklaring en voor behandeling van de jaarrekening in de raad beschikbaar komt en die van invloed is op het beeld dat de jaarrekening geeft, wordt terstond door het college aan de raad en de accountant gemeld.
opdrachtverlening de wijze waarop de accountantscontrole wordt ingericht, alsmede de aard en de omvang van de daarbij behorende werkzaamheden. 2. De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening de frequentie van de uit te voeren controles. De accountant kan de controlewerkzaamheden zonder voorafgaande kennisgeving uitvoeren.
a. de toe te passen goedkeuringstoleranties bij de accountantscontrole, de verantwoordingsgrens door burgemeester en wethouders en afwijkende rapportagegrenzen; b. de apart te controleren deelverantwoordingen en de daarbij toe te passen omvangsbases; en goedkeuringstoleranties en afwijkende rapporteringstoleranties; c. de inrichtingseisen voor het verslag van bevindingen; d. de aanvullende uit te voeren tussentijdse controles; e. de frequentie en inrichtingseisen van de aanvullende tussentijdse rapportering, zoals de managementletter. f. de posten van de jaarrekening met bijbehorende afwijkende rapporteringstoleranties, waaraan de accountant bij zijn accountantscontrole specifiek aandacht dient te besteden; g. de gemeentelijke producten of organisatieonderdelen met bijbehorende afwijkende rapporteringstoleranties, waaraan de accountant bij zijn accountantscontrole specifiek aandacht dient te besteden; 5. In afwijking van het derde lid, aanhef, kan de raad in het programma van eisen opnemen, dat de raad jaarlijks voorafgaand aan de accountantscontrole in overleg met de accountant de onder f en g genoemde onderdelen vaststelt. 6. De raad stelt de selectiecriteria en per selectiecriterium de bijbehorende wegingsfactoren vast. 1.
Burgemeester en wethouders zijn verantwoordelijk voor de samenstelling van de jaarrekening, met de rechtmatigheidsverantwoording, conform de geldende wet- en regelgeving en overlegt deze aan de accountant voor accountantscontrole. 2. Burgemeester en wethouders dragen er zorg voor dat alle aan de jaarrekening ten grondslag liggende bescheiden voor de accountant ter inzage liggen en onbelemmerd toegankelijk zijn. 3. Bij de jaarrekening bevestigen burgemeester en wethouders schriftelijk aan de accountant, dat alle burgemeester en wethouders bekende informatie van belang voor de oordeelsvorming van de accountant is verstrekt. 4. Burgemeester en wethouders overleggen de gecontroleerde jaarrekening samen met de accountantsverklaring en het verslag van bevindingen voor uiterlijk 15 juni voor aan de raad. 5. Burgemeester en wethouders overleggen indien van toepassing een reactie vanuit burgemeester en wethouders op het verslag van bevindingen voor uiterlijk 15 juni voor aan de raad. 6. Alle informatie die na afgifte van de accountantsverklaring en voor behandeling van de jaarrekening in de raad beschikbaar komt en die van invloed is op het beeld dat de jaarrekening geeft, wordt terstond door burgemeester en wethouders aan de raad en de accountant gemeld. 7.
De accountant maakt voor de controle van de in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording door burgemeester en wethouders zo veel mogelijk gebruik van het namens burgemeester en wethouders uitgevoerde onafhankelijke onderzoek. 8. De accountant maakt in de accountantscontrole zo veel mogelijk gebruik van de aanwezige interne beheersing van de werkzaamheden van de interne auditfunctie van de gemeente en stimuleert door een zo veel mogelijke organisatiegerichte accountantscontrole de verdere kwaliteitsverbetering en professionalisering. van 1. De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening: a. de wijze waarop de accountantscontrole wordt ingericht, alsmede de aard en de omvang van de daarbij behorende werkzaamheden. De accountant vraagt voorafgaand aan de accountantscontrole de benodigde dossierstukken schriftelijk op bij een vertegenwoordiger van de ambtelijke organisatie;
3. Ter bevordering van een efficiënte en doeltreffende
accountantscontrole vindt periodiek afstemmingsoverleg plaats tussen de accountant, de portefeuillehouder financiën, de gemeentesecretaris en het hoofd van de afdeling financiën.
5.
6.
Toegang tot informatie (door accountant)
6.
3.
Overige controles en opdrachten
7.
7.
Rapportering (door accountant)
1. De accountant is bevoegd tot het opnemen van alle kassen,
waardepapieren en voorraden en het inzien van alle boeken, notulen, brieven, computerbestanden en overige bescheiden, waarvan hij inzage voor de accountantscontrole nodig oordeelt. 2. Het college draagt er zorg voor dat de accountant voor de uitvoering van zijn controlewerkzaamheden een onbelemmerde toegang heeft tot alle kantoren, magazijnen, werkplaatsen, terreinen en informatiedragers van de gemeente. 3. De accountant is bevoegd om van alle ambtenaren mondelinge en schriftelijke inlichtingen en verklaringen te verlangen die hij voor de uitvoering van zijn opdracht denkt nodig te hebben. Het college draagt er zorg voor, dat de desbetreffende ambtenaren hieraan hun medewerking verlenen. 4. Het college draagt er zorg voor, dat alle organisatie-eenheden van de gemeente zijn gehouden de accountant alle informatie te verstrekken, opdat de accountant zich een juist en volledig oordeel kan vormen over de rechtmatige totstandkoming van baten, lasten, balansmutaties en het gevoerde beheer en over de getrouwheid van de daarover verstrekte informatie. 1. Het college kan de door de raad benoemde accountant opdracht geven tot het uitvoeren van specifieke werkzaamheden voor zover de onafhankelijkheid van de accountant daarmee niet in het geding komt. Het college informeert de raad vooraf over deze aan de accountant te verstrekken opdrachten. 2.
Het college draagt de zorg voor de uitvoering van het beleid betreffende de specifieke uitkeringen volgens de eisen van rechtmatigheid van de ministeries. Het college is voor de controle van de rechtmatige besteding van specifieke uitkeringen bevoegd de opdracht te verlenen aan een andere dan de door de raad benoemde accountant, indien dit in het belang van de gemeente is.
1. Indien de accountant bij een controle afwijkingen constateert
die leiden tot het niet afgeven van een goedkeurende verklaring, meldt hij deze terstond schriftelijk aan de raad en zendt een afschrift hiervan aan het college. 2. In aanvulling op het in de wet voorgeschreven verslag van bevindingen brengt de accountant over de door hem uitgevoerde deelcontroles verslag uit over zijn bevindingen van niet van bestuurlijk belang aan de leidinggevende van wie de administratie en de beheersdaden zijn gecontroleerd en aan het hoofd van de afdeling financiën. 3. De accountantsverklaring en het verslag van bevindingen worden voor verzending aan de raad door de accountant aan het college voorgelegd met de mogelijkheid voor het college om op deze stukken te reageren.
2.
1.
2.
3.
b. De accountant voert de controlewerkzaamheden met voorafgaande kennisgeving aan een vertegenwoordiger van de ambtelijke organisatie van de gemeente uit. Ter bevordering van een efficiënte en doeltreffende accountantscontrole vindt periodiek overleg plaats tussen de accountant, de accountantscommissie als zijnde vertegenwoordiging uit de raad en vertegenwoordigers van de gemeente. Burgemeester en wethouders dragen er zorg voor dat de accountant voor de uitvoering van zijn controlewerkzaamheden een onbelemmerde toegang heeft tot alle relevante werkplaatsen van de gemeente. De accountant is bevoegd om van alle in de gemeentelijke organisatie werkende personen mondelinge en schriftelijke inlichtingen en verklaringen te verlangen die hij voor de uitvoering van zijn opdracht denkt nodig te hebben. Burgemeester en wethouders dragen er zorg voor, dat de in de gemeentelijke organisatie werkende personen hieraan hun medewerking verlenen. Burgemeester en wethouders dragen er zorg voor, dat alle in de gemeentelijke organisatie werkende personen zijn gehouden de accountant alle informatie te verstrekken, opdat de accountant zich een juist en volledig oordeel kan vormen over het gevoerde financiële beheer, de getrouwheid van zowel het financiële beeld als de verklaring omtrent de rechtmatige totstandkoming van de baten en lasten.
1. Burgemeester en wethouders kunnen de accountant opdracht geven tot het uitvoeren van specifieke werkzaamheden met betrekking tot de doelmatigheid en doeltreffendheid als bedoeld in de “Verordening onderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid bestuur (artikel 213a Gemeentewet)” voor zover de onafhankelijkheid van de accountant daarmee niet in het geding komt. Burgemeester en wethouders informeren de raad vooraf over deze aan de accountant te verstrekken opdrachten. 2. Burgemeester en wethouders dragen de zorg voor de uitvoering van het beleid betreffende de specifieke uitkeringen volgens de eisen van rechtmatigheid van de ministeries. 3. Burgemeester en wethouders dragen de zorg voor de verantwoording aan derden en nemen hierbij de gestelde controle-eisen in acht. Als een deel van deze vereisten moet worden uitgevoerd door een accountant, zijn burgemeester en wethouders bevoegd hiervoor de opdracht te verlenen aan een andere dan de door de raad aangewezen accountant, indien dit in het belang van de gemeente is 1.
Indien de accountant bij een accountantscontrole tot het oordeel komt dat de rechtmatigheidsverantwoording door burgemeester en wethouders niet getrouw is, dan wel afwijkingen constateert die op zichzelf leiden tot het niet afgeven van een goedkeurende controleverklaring, meldt hij deze terstond schriftelijk aan de raad en zendt een afschrift hiervan aan burgemeester en wethouders. 2. In aanvulling op het verslag van bevindingen brengt de accountant over de door hem uitgevoerde controles verslag uit over zijn bevindingen die niet van bestuurlijk belang zijn aan de daarvoor in aanmerking komende ambtenaren. 3. De controleverklaring en het verslag van bevindingen worden voor verzending aan de raad door de accountant aan burgemeester en wethouders voorgelegd met de mogelijkheid voor burgemeester en wethouders om op deze stukken te reageren. 4. De accountant bespreekt voorafgaand aan de raadsbehandeling van de jaarstukken het verslag van bevindingen met de
4. De accountant bespreekt het verslag van bevindingen met
8.
Inwerkingtreding
8. 9. 9.
(een voor dit doel door de raad ingestelde vertegenwoordiging van) de raad. Deze verordening treedt in werking per 1 november 2003, met dien verstande dat zij van toepassing is op de accountantscontrole van de jaarrekening (en deelverantwoordingen) van het verslagjaar 2004 en later.
accountantscommissie als door de raad ingestelde vertegenwoordiging van de raad. Vervallen/combi met 9.
Intrekken oude regeling
-
De verordening op de controle van het financieel beheer en van de inrichting van die financiële organisatie van de gemeente Tytsjerksteradiel 2003 wordt ingetrokken. Uitgebreid
Citeertitel
Deze verordening kan worden aangehaald als “Controleverordening gemeente Tytsjerksteradiel 2003”.
Inwerkingtreding en citeertitel
-
1. Deze verordening treedt in werking op 15 december 2023, met dien verstande dat zij van toepassing is op de accountantscontrole van de jaarrekening en deelverantwoordingen van het verslagjaar 2023 en later. 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening controle financiële beheer en organisatie (artikel 213 Gemeentewet) gemeente Tytsjerksteradiel 2023.
Twaalf maanden voor het einde van de contractperiode zal in de raad of in een door de raad aangewezen raadscommissie de wijze van aanbesteding voor de nieuwe periode als agendapunt worden opgevoerd. In de Commissie voor de Bestuurlijke Vernieuwing is aangegeven, dat er voorshands geen behoefte is aan het stellen van goedkeuringstoleranties die strenger zijn dan de norm in het Besluit Accountantscontrole Gemeenten. Evenmin is er de behoefte aan de instelling van afzonderlijke rapporteringstoleranties.
Vervallen
Nadere toelichting 2.3
2.4
Nadere toelichting
Vervallen
Algeheel gereviseerd conform modelverordening
Analyse verordening 213a en huidig model (betreft 2023) 1.
Definities
a. Doelmatigheid: het realiseren van bepaalde prestaties met een zo beperkt mogelijke inzet van middelen. b. Doeltreffendheid: de mate waarin de gewenste prestaties en de beoogde maatschappelijke effecten van het beleid ook daadwerkelijk worden behaald. Het college is verantwoordelijk voor een doelmatige uitvoering van de opgedragen taken en voor een permanente aandacht voor de doeltreffendheid van het uitgevoerde beleid. Het college onderzoekt regelmatig of aan deze vereisten wordt voldaan. -
2.
-
Onderzoekstaak
-
2.
Onderzoeksfrequentie
3.
Het onderzoeksplan
a. Het college zendt ieder jaar uiterlijk voor 1 december een onderzoeksplan naar de raad van de in het erop volgende jaar
In deze verordening wordt verstaan onder: - doelmatigheid: de mate waarin een maximale hoeveelheid producten en prestaties is gerealiseerd met een minimale hoeveelheid middelen of een hogere kwaliteit wordt bereikt met een gelijkblijvende hoeveelheid aan middelen; - doeltreffendheid: de mate waarin de geleverde producten en prestaties bijdragen aan het realiseren van gestelde gemeentelijke beleidsdoelen. Gewijzigd
1. Burgemeester en wethouders verrichten jaarlijks onderzoeken naar de doelmatigheid van (onderdelen van) de organisatie-eenheden van de gemeente en de uitvoering van taken door de gemeente conform het vooraf met de raad afgesproken (jaar)plan; 2. Burgemeester en wethouders verrichten jaarlijks onderzoeken naar de doeltreffendheid van een selectie van programma's en paragrafen van de begroting en jaarstukken of delen daarvan conform het vooraf met de raad afgesproken (jaar)plan. a. Burgemeester en wethouders zenden jaarlijks uiterlijk voor 31 december een onderzoeksplan naar de raad voor de in het
4.
Rapportage en gevolgtrekking
4.
5.
Voortgang onderzoeken
Inwerkingtreding 5.
6.
Verslag en plan van verbetering
Citeertitel 6.
Intrekking ouder regeling
7.
Inwerkingtreding en citeertitel
te verrichten interne onderzoeken naar de doelmatigheid en / of de doeltreffendheid. b. In het onderzoeksplan wordt per intern onderzoek globaal aangegeven: (a) het object van onderzoek (b) de aard en de reikwijdte van het onderzoek (c) de wijze van uitvoering. c. Het college laat aan de hand van een productenlijst zien, wanneer het uitgevoerde beleid voor het laatst is beoordeeld of geëvalueerd.
daaropvolgende jaar te verrichten onderzoeken naar de doelmatigheid en doeltreffendheid. b. Het onderzoeksplan bevat in ieder geval per onderzoek: a. het onderzoeksobject; b. de reikwijdte van het onderzoek; c. de onderzoeksmethode; d. de doorlooptijd van het onderzoek; e. de wijze van uitvoering van het onderzoek; f. het budget in de begroting voor het te verrichten onderzoek;
a. De uitkomsten van een onderzoek worden vastgelegd in een rapportage. Elke rapportage bevat tenminste een analyse van de onderzoeksresultaten b. Indien nodig worden aanbevelingen voor verbeteringen gedaan. c. De rapportage en de aanbevelingen voor verbetering worden tijdig voor kennisgeving aangeboden aan de raad. -
Gewijzigd 5.
Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 november 2003. -
Deze verordening kan worden aangehaald als: “Doelmatigheidsverordening gemeente Tytsjerksteradiel”. -
-
Burgemeester en wethouders rapporteren in de tussentijdse rapportages en de paragraaf bedrijfsvoering van de jaarstukken over de voortgang van de onderzoeken naar de doelmatigheid en doeltreffendheid en de uitputting van bijbehorende budgetten Gewijzigd 7. 1. De onderzoeksresultaten worden vastgelegd in een verslag. Het verslag bevat tenminste een analyse van de onderzoeksresultaten en indien nodig aanbevelingen voor verbetering. 2. Op basis van het verslag stellen burgemeester en wethouders indien nodig een plan van verbetering op. 3. Het verslag en het plan van verbetering worden ter kennisgeving aan de raad aangeboden. 4. Burgemeester en wethouders nemen op basis van het plan van verbetering organisatorische maatregelen. Gewijzigd 7. De verordening op het periodiek onderzoek van de gemeenten Tytsjerksteradiel door het college naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van het door het college gevoerde bestuur, citeertitel “Doelmatigheidsverordening gemeente Tytsjerksteradiel” wordt ingetrokken. 1. Deze verordening treedt in werking op 15 december 2023. 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening onderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid bestuur (artikel 213a Gemeentewet) gemeente Tytsjerksteradiel (2023).