CConstaterende datTytsjerksteradiel
Koppel je AI →
Document · PDF

13 - Bijlage 1 - Ruimtelijke onderbouwing Alddiel 4a Tytsjerk

RAADSVERGADERING 2018 t/m 2024 17 oktober 2024, gemeente TytsjerksteradielBij agendapunt: Gebruik poldermolen Alddiel 4A Tytsjerk (beslútfoarmjend, hammerstik)3.180 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage Ruimtelijke onderbouwing Alddiel 4a Tytsjerk

Datum: 1 september 2024 Versie: 3 Auteur: Jouke H. Dantuma

Ruimtelijke onderbouwing omgevingsvergunning Alddiel 4a te Tytsjerk

2

INHOUD Bladzijde 1. 2. 3. 4. 5. 6.

Inleiding Omgevingsplan Planvoornemen Beleid Omgevingsfactoren Uitvoerbaarheid

4 5 6 8 10 13

Ruimtelijke onderbouwing omgevingsvergunning Alddiel 4a te Tytsjerk

3

1.

INLEIDING

Aanleiding en beschrijving activiteit Initiatiefnemer heeft de poldermolen de Swarte Prinsch, Alddiel 4a in Tytsjerk, gekocht en wil het bestaande gebruik voor recreatief gebruik graag continueren. Deze molen wordt al jarenlang verhuurd aan derden. Op 19 juni 2023 is hiervoor een aanvraag vooroverleg verzonden voor het afwijken van het bestemmingsplan. De uitkomst van dit verzoek tot vooroverleg is dat de gemeente mogelijkheden ziet om af te wijken van het bestemmingsplan door het feitelijke recreatief gebruik van de molen te legaliseren. Hierbij is aangegeven dat dit niet meer zou lukken onder de wetgeving met de WABO die gold voor 1 januari 2024.

Strijdigheid Op grond van het tijdelijk Omgevingsplan Tytsjerksteradiel (lees bestemmingsplan Buitengebied 2013) is recreatief gebruik in de vorm van een pension niet toegestaan omdat de aanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf – pension’ ontbreekt. Op het perceel vigeert de bestemming Wonen -A7 (vrijstaande woningen boerderijtypen). De voor ‘Wonen – A7’ aangewezen gronden zijn bestemd voor gebouwen en overkappingen ten behoeve van het wonen, al dan niet in combinatie met ruimte voor een beroeps- of bedrijfsactiviteit aan huis. De nevenactiviteiti in de vorm van een pension is alleen toegestaan ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf – pension’. Omdat ter plaatse van deze molen de aanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf – pension’ ontbreekt, is recreatief gebruik in de vorm van een pension in strijd met de regels van het bestemmingsplan. Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van de regels die in het tijdelijk omgevingsplan (bestemmingsplan Buitengebied 2013) zijn opgenomen. In dit geval betreft het de activiteit om de molen te gebruiken als pension. Onder de Omgevingswet worden deze strijdige activiteiten aangeduid als ‘buitenplanse omgevingsplanactiviteiten’. Een buitenplanse omgevingsactiviteit betreft dus een activiteit, waarvoor het volgende geldt: • •

het is een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het verboden is deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die in strijd is met het omgevingsplan; of het is een andere activiteit die in strijd is met het omgevingsplan.

De reguliere procedure (in beginsel een beslistermijn van acht weken plus eventueel zes weken verlenging) vormt het uitgangspunt voor de verlening van de omgevingsvergunning om de molen Alddiel 4a te Tytsjerk te mogen gebruiken als pension.

Ruimtelijke onderbouwing omgevingsvergunning Alddiel 4a te Tytsjerk

4

2.

OMGEVINGSPLAN

Nu de Omgevingswet in werking is getreden, heeft iedere gemeente direct een omgevingsplan van rechtswege.Het omgevingsplan bestaat uit tijdelijk en nieuw deel. Het tijdelijk deel van het omgevingsplan bestaat uit: • •

(ruimtelijke) regels uit verschillende vervallen instrumenten, zoals bestemmingsplannen; rijksregels over activiteiten (aangeduid als de bruidsschat).

Het perceel heeft een afwijkende bestemming die feitelijk niet past. De specifieke bestemming heeft in zijn algemeenheid betrekking op woonboerderijen. Binnen die gebouwen is op grond van de geldende bestemming een aan huis gebonden bedrijf of beroep toegestaan. Een pension is binnen de geldende bestemming toegestaan, mits het perceel op de verbeelding is voorzien van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - pension'. Het perceel Alddiel 4A is niet voorzien van deze aanduiding en daarom is een pension of andere recreatieve functie ondergeschikt aan de woonfunctie (waarvan hier geen sprake is) niet toegestaan.

Figuur 1. Uitsnede planaart bestemmingsplan ‘Buitengebied 2013’.

Ruimtelijke onderbouwing omgevingsvergunning Alddiel 4a te Tytsjerk

5

3.

PLANVOORNEMEN

De poldermolen de Swarte Prinsch gebouwd in 1900 is een Rijksmonument en ingeschreven in het register onder nummer 35688. De oude functie van deze molen is een poldermolen. Sinds jaar en dag wordt deze molen verhuurd aan derden als recreatieobject. In onderhavig planvoornemen is er feitelijk geen sprake van een bestaande woning. Omdat een molen een uniek object is, worden deze vaak voor recreatieve doeleinden verhuurd. De initiatiefnemer wil het huidige gebruik van de molen, namelijk verhuur voor verblijfsrecreatie, legaliseren. In figuur 2 en figuur 3 is zowel de huidige als de toekomstige situatie wergegeven.

Figuur 2.

Ruimtelijke onderbouwing omgevingsvergunning Alddiel 4a te Tytsjerk

6

Figuur 3.

Ruimtelijke onderbouwing omgevingsvergunning Alddiel 4a te Tytsjerk

7

4.

Beleid

Provinciaal beleid Omgevingsvisie Provincie Fryslân 'De romte diele' Het ruimtelijk beleid van de provincie vormt een belangrijk kader voor het gemeentelijk beleid. Dit is neergelegd in de Omgevingsvisie Provincie Fryslân. Deze is op 23 september 2020 vastgesteld. De provincie heeft een viertal doelstellingen die ze als speerpunt wil behandelen. Een vitaal, veerkrachtig, karakteristiek en gezond Fryslân. Dat zijn de ambities van de provincie Fryslân voor de Friese leefomgeving. Met de leefomgeving bedoeld de provincie: de gedeelde ruimte waarin de mensen in de provincie samenleven. Voor de molen Alddiel 4a te Tytsjerk is het onderwerp Vitaal daarbij van belang. Dit betekent dat de Friese steden, dorpen en het platteland leefbaar zijn en blijven. Dat er voldoende woningen, voorzieningen en bedrijvigheid zijn, en dat de bereikbaarheid goed is. Een sterke economie ligt hieraan ten grondslag. Recreatief gebruik van de molen levert een bijdrage aan de leefbaarheid inhet bijzonder van het dorp Tytsjerk en in het algemeen voor de omgeving. Immers de recreanten zullen ook elder verblijven en/of recreëren. Omgevingsverordening Fryslân 2022 Tegelijk met de Omgevingswet trad op 1 januari 2024 de Omgevingsverordening Fryslân 2022 in werking. Deze Verordening sluit aan op de ambities en opgaven uit de Omgevingsvisie van de provincie Fryslân ‘De romte diele’.

In onderhavig geval gaat het om het gebruik van de molen voor de nevenactiviteit ‘verblijfsrecreatie’ te legaliseren. Er wordt dus geen extra woning gebouwd. De monumentale molen blijft ongewijzigd. Een recreatiewoning komt op basis van een uitspraak van de Raad van State (201002029/1/T1/R2) in het kader van een goede ruimtelijke ordening een zekere mate van bescherming tegen geluidhinder toe. Echter in de molen kon al gewoond worden. In die zin wijzigt het gebruik ten opzichte van de milieugevoeligheid in relatie met de (agrarische) omgeving niet. De voorgestelde ontwikkeling past binnen de kaders van de verordening. Op grond van artikel 2.14 (kleinschalige recreatieve voorzieningen) zijn logies en groepsaccommodaties toegestaand, onder voorwaarde dat deze binnen bestaande bebouwing worden gerealiseerd. Het plangebied ligt op grond van de Omgevingsverordening Fryslân 2022 in een gebied dat is aangeduid als 'Weidevogelkansgebieden'. Op grond van de verordening moet in een omgevingssplan (of ander ruimtelijk instrument) voor de hiermee aangeduide gronden een regel worden opgenomen op grond waarvan 'voldoende openheid en rust van die gebieden wordt gehandhaafd'. Echter omdat het in dit bestemmingsplan een bestaande locatie betreft waarvan het gebruik enigszins wordt gewijzigd is er geen sprake van extra verstoring van de openheid en rust van het gebied.

Conclusie Met het oog op het voorgaande kan worden geconcludeerd dat het plan past binnen het provinciaal beleid.

Ruimtelijke onderbouwing omgevingsvergunning Alddiel 4a te Tytsjerk

8

Gemeentelijk beleid Ontwikkelkader logiesaccommodaties Tytsjerksteradiel en Achtkarspelen De gemeenten Tytsjerksteradiel en Achtkarspelen willen ruimte bieden aan nieuwe logiesaccommodaties. Het is de regionale ambitie om de overnachtingen tussen 2020 en 2030 met 50% te laten groeien. Om dit te realiseren zijn er meer logiesaccommodaties nodig en meer accommodaties die jaarrond beschikbaar zijn. Daarom hanteert de gemeente een ‘ja, mits’ houding ten aanzien van nieuwe ontwikkelingen en uitbreidings en herontwikkelwensen van logiesaccommodaties. Ja, mits initiatieven meerwaarde hebben voor de samenleving. Het ontwikkelkader is opgesplitst in een kader voor regulier logiesaanbod en voor kleinschalig aanbod omdat de aard, impact en schaal tussen beide sterk uiteenloopt. In de Provinciale (ontwerp -) omgevingsverordening (2021) wordt dit onderscheid aangeduid als recreatieve voorzieningen en kleinschalige recreatieve voorzieningen. Daarnaast zou er altijd ruimte moeten zijn voor enige vorm van maatwerk. Soms zijn er bijzondere, innovatieve en duurzame initiatieven die niet in een hokje te vatten zijn. Hoewel de gemeente groei van het toerisme nastreven wil men, gelet op de huidige vraag en de leefbaarheid in de dorpen, vasthouden aan het principe om bestaande woningen niet te transformeren voor creatieve verhuur.

In het bestemmingsplan wil de gemeente ruimte bieden aan de initiatiefnemer om als het ware te ‘experimenteren’. Initiatiefnemer wil graag een beroep doen op de geboden experimenteerruimte. De reden is gelegen in het feit dat deze molen al sinds jaar en dag wordt verhuurd aan derden als recreatieobject. Dit is strijdig met de regels uit het bestemmingsplan Buitengebied 2013. De initiatiefnemer is van mening dat een molen per definitie niet als een een reguliere woning hoeft te worden beschouwd. In onderhavig planvoornemen is er feitelijk geen sprake van een bestaande woning. Dit uniek object wordt namelijk uitsluitend als recreatieobject verhuurd. Gelijksoortige voorbeelden in Fryslân zijn de Langweerdermolen en de Reiger in Nijetrijne. Bestemmingsplan Buitengebied 2013 De gemeente is van mening dat toerisme en recreatie mag groeien. In principe wordt meegewerkt aan een recreatieve bestemming voor vrijkomende bebouwing. Voor de gebieden ten noorden en zuiden van de Groene Ster geldt, behalve voor de natuurgebieden, het sfeergebied ‘Rust en zorg’. Kleinschalige ontwikkeling van recreatie kunnen de sfeer (gemoedelijk, rust, stilte, beleving natuur en landbouw, plattelandsgevoel) versterken. Conclusie Op grond van het bestemmingsplan kon in de molen worden gewoond.

Het toevoegen van de nevenactiviteit verblijfsrecreatie heeft geen invloed op de leefomgeving van andere bewoners of belanghebbenden en sluit ook aan op het Ontwikkelkader logiesaccommodaties Tytsjerksteradiel en Achtkarspelen en het bestemmingsplan Buitengebied 2013.

Ruimtelijke onderbouwing omgevingsvergunning Alddiel 4a te Tytsjerk

9

5.

OMGEVINGSFACTOREN

Archeologie Door ondertekening van het verdrag van Malta (1992) heeft Nederland zich verplicht om bij ruimtelijke planvorming nadrukkelijk rekening te houden met het niet zichtbare deel van het cultuurhistorisch erfgoed, te weten de archeologische waarden. De Monumentenwet en haar opvolger, de Erfgoedwet, regelen hoe met archeologische vindplaatsen en zichtbare monumenten moet worden omgegaan. Het streven is om deze belangen tijdig bij de planvorming te betrekken. Voor gebieden in de provincie Fryslân is het noodzakelijk om de Friese Archeologische Monumentenkaart Extra (FAMKE) te raadplegen. Op de FAMKE is het projectgebied wat betreft mogelijke archeologische waarden uit de steentijd-bronstijd en ijzertijd-middeleeuwen aangeduid als 'Karterend onderzoek 3’. De provincie beveelt aan om bij ingrepen van meer dan 5000 m² een quickscan te verrichten. Omdat er geen sprake is van bodemingrepen kan een toetsing aan de FAMKE achterwege blijven. Bodem Voor de bodemkwaliteit geldt de Wet bodembescherming (Wbb) en het (bijbehorende) Besluit bodemkwaliteit. Met deze regelgeving streeft men naar een duurzaam gebruik van de bodem. Uit de regelgeving vloeit voort dat als het gaat om het realiseren van bouwwerken waarin voortdurend of nagenoeg voortdurend (langer dan twee uur per dag) mensen zullen verblijven, bodemonderzoek nodig kan zijn.

In het onderhavige pand was er al sprake van bewoning en voortdurend of nagenoeg voortdurend verblijf langer dan twee uur per dag. De omgevingsvergunning is uitsluitend is gericht op het gebruik van het bestaande bouwwerk en maakt geen nieuwe bebouwing mogelijk. Een bodemonderzoek kan dan ook achterwege blijven. Cultuurhistorie Als gevolg van het rijksbeleid ten aanzien van de monumentenzorg, is per 1 januari 2012 een wijziging van het Besluit ruimtelijke ordening van kracht. De wijziging betreft artikel 3.1.6, tweede lid, onderdeel a, als gevolg waarvan alle cultuurhistorische waarden uitdrukkelijk dienen te worden meegewogen bij het vaststellen van ruimtelijke plannen. Dit betekent dat in aanvulling op de archeologische aspecten nu ook de overige cultuurhistorische waarden moeten worden betrokken in het onderzoek. Door de provincie Fryslân is Cultuurhistorische Kaart (CHK2) gemaakt. Hierop in informatie over cultuurhistorische waarden in de provincie opgenomen. Uit de informatie van de CHK2 blijkt dat er in en rondom het projectgebied sprake is van één cultuurhistorische waarde. Dit betreft twee boerderijplaatsen die ten noorden en ten zuiden van het perceel Alddiel 4a zijn gelegen.

Boerderijplaatsen verschaffen ons, omdat zij de kern vormden van de toenmalige agrarische samenleving, kennis over de bewoningsgeschiedenis en over de ontwikkeling van het cultuurlandschap op lokaal, regionaal en provinciaal niveau. Boerderijplaatsen zijn zeer kenmerkend voor het landschapsbeeld van de provincie. Ten aanzien van deze cultuurhistorische waarde geldt dat de waarde niet wordt verstoord door het projectvoornemen om er louter sprake is van gewijzigd gebruik. De poldermolen de Swarte Prinsch gebouwd in 1900 is een Rijksmonument en ingeschreven in het register onder nummer 35688. Er zullen geen wijzigen aan de molen worden doorgevoerd. Gelet

Ruimtelijke onderbouwing omgevingsvergunning Alddiel 4a te Tytsjerk

10

bovenstaande mag wat betreft het aspect Cultuurhistorie voor het gebruiken van de molen als pension op het perceel Alddiel 4a te Tytsjerk uitvoerbaar worden geacht. Ecologie Bescherming in het kader van de natuur wet- en regelgeving is op te delen in gebieds- en soortenbescherming. Sinds 1 januari 2017 is het wettelijk kader ten aanzien van gebieds- en soortenbescherming vastgelegd in de Wet natuurbescherming. Bij gebiedsbescherming heeft men te maken met Natura 2000-gebieden en het Natuur Netwerk Nederland (voorheen EHS). Soortenbescherming gaat uit van de bescherming van dier- en plantensoorten. Ook moet worden aangetoond dat de gewenste plantonwikkeling voor het onderdeel natuur (stikstofdepositie) inpasbaar is. Gelet op de ligging van de molen Alddiel 4a, de huidige terreinsituatie en de planologische verandering van het gebruik, namelijk het toevoegen van de activiteit verblijfsrecreatie, is nader ecologisch onderzoek niet noodzakelijk. Ook een stikstofdepositieberekening kan achterwege blijven omdat er geen bouwactiviteiten zullen plaatsvinden, het gebruik (aanwezigheid van personen) niet zal toenemen. Immers, op grond van de bestemming ‘Wonen -A7’ konden er personen 24 uur per dag personen in de molen verblijven. Het gebruik zal in die zin zelfs iets afnemen omdat de molen soms niet verhuurd wordt aan toeristen.

Het plan mag wat betreft het aspect ecologie uitvoerbaar worden geacht. Externe veiligheid Externe veiligheid gaat over het beheersen van de risico's voor de woon- en leefomgeving bij gebruik, opslag en vervoer van gevaarlijke stoffen, zoals vuurwerk, aardgas of LPG. Het aandachtsveld van externe veiligheid richt zich op zowel inrichtingen (bedrijven) waar gevaarlijke stoffen aanwezig zijn als het transport van gevaarlijke stoffen. Dit vervoer kan plaatsvinden over weg, water en spoor en door buisleidingen. Het beleid is erop gericht te voorkomen dat te dicht bij gevoelige bestemmingen activiteiten met gevaarlijke stoffen plaatsvinden. Dit is verankerd in diverse wet- en regelgeving, zoals het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi), Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb), Besluit externe veiligheid transportroutes en het Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer (Activiteitenbesluit). Om na te gaan welke risico’s een rol spelen voor de onderhavige ontwikkeling is de risicokaart van de provincie Fryslân geraadpleegd. In de direct omgeving bevinden zich kwetsbare objecten, Het planvoornemen maakt ook geen nieuwe risicobronnen mogelijk die tot veiligheidsrisico's kunnen leiden.

Geluid In het kader van de Wet geluidhinder bevinden zich langs alle wegen zones, met uitzondering van wegen die zijn gelegen binnen een als woonerf aangeduid gebied en wegen waarvoor een maximumsnelheid van 30 kilometer per uur geldt. De Alddiel is een 60 km weg in het buitengebied waarvoor een geluidszone geldt. De molen Alddiel 4a bevindt zich binnen deze geluidszone. Hiervoor geldt in geval van het realiseren van geluidsgevoelige bebouwing binnen deze zone dat er een akoestisch onderzoek dient plaats te vinden. Er wordt echter geen nieuwe geluidsgevoelige bebouwing opgericht. Immers in de molen Alddiel 4a te Tytsjerk kon al worden gewoond en was daarmee al een geluidsgevoelig object. Een akoestisch onderzoek kan daarom achterwege blijven.

Ruimtelijke onderbouwing omgevingsvergunning Alddiel 4a te Tytsjerk

11

Luchtkwaliteit Projecten die ‘niet in betekenende mate’ (nibm) van invloed zijn op de luchtkwaliteit hoeven op grond van de Wet milieubeheer (Wm) niet te worden getoetst aan de hiervoor gestelde grenswaarden. Een grens van 3% verslechtering van de luchtkwaliteit (een toename van maximaal 1,2 μg/m3 NO2 of PM10) wordt als ‘niet in betekenende mate’ beschouwd. Het project is ‘in betekende mate’ als de toename voor één of beide stoffen hoger is. Van een dergelijke verslechtering van de luchtkwaliteit is sprake wanneer een ruimtelijk plan tot een toename van meer dan 1.853 voertuigbewegingen (van personenwagens) per weekdagetmaal leidt. Op grond van dit projectplan valt geen toename van verkeersstromen te verwachten. Immers er kan nu ook al gewoond worden. Derhalve vindt geen verslechtering van de luchtkwaliteit plaats. Het plan moet worden beschouwd als ‘niet in betekende mate’ van invloed op de luchtkwaliteit. Nader onderzoek naar luchtkwaliteit kan achterwege blijven. Water In onder ander de Europese Kaderrichtlijn water, het Nationaal Waterplan en de adviezen van de Commissie Waterbeheer 21e eeuw is het beleid met betrekking tot het water(beheer) vastgelegd. Het beleid is gericht op het duurzaam behandelen van water. Dit betekent onder andere het waarborgen van voldoende veiligheid en het beperken van de kans op hinder vanwege water.

In de nota Anders omgaan met water is bepaald dat de gevolgen van (ruimtelijke) ontwikkelingen voor de waterhuishouding uitdrukkelijk in onder andere bestemmingsplannen moeten worden overwogen. Hiervoor moet de zogenoemde watertoets worden uitgevoerd. De watertoets is het vroeg informeren (van de waterbeheerder), het adviseren (door de waterbeheerder), het overwegen en beoordelen van waterhuishoudkundige belangen in ruimtelijke plannen en besluiten. Op 22 december 2009 is de Waterwet (Wtw) in werking getreden. Uitgangspunt van de Wtw is een volledig beheer van het watersysteem. Op grond van de Wtw is er ook een goede samenhang tussen het waterbeleid en de ruimtelijke ordening. Ook het Bro bepaalt dat een omgevingsvergunning met ruimtelijke onderbouwingen inzicht moet geven in de gevolgen van het project voor de waterhuishouding en hoe deze gevolgen in planologische ontwikkelingen zijn betrokken. Op 17 januari 2024 is de Watertoets doorlopen. Deze watertoets is als Bijlage (Watertoets) toegevoegd. Uit deze toetsing blijkt dat er geen sprake is van waterschapsbelang bij deze ruimtelijke activiteit. .

Ruimtelijke onderbouwing omgevingsvergunning Alddiel 4a te Tytsjerk

12

UITVOERBAARHEID Economische uitvoerbaarheid De kosten voor het voornemen komen ten laste van de initiatiefnemer. Met dit project zijn geen (grote) kosten gemoeid, omdat de omgevingsvergunning gericht is op het wijzigen of feitelijk legaliseren van het gebruik van de molen. Tussen de gemeente en de initiatiefnemer wordt geen nadeelcompensatieovereenkomst gesloten. Naar aanleiding van de vergelijking van de beide betreffende planologische regimes is gebleken dat er niet een zodanig planologisch nadeel optreedt voor de betreffende objecten dat het forfaitair normaal maatschappelijk risico als bedoeld in artikel 15.7 Omgevingswet zal worden overschreden.

Maatschappelijke uitvoerbaarheid Het uitgangspunt in de Omgevingswet is dat omgevingsvergunningen worden voorbereid met de reguliere procedure. Deze procedure is gebaseerd op de standaardregeling voor het afhandelen van aanvragen tot het geven van een beschikking uit titel 4.1 Awb. Op grond van artikel 16.64, eerste lid, van de Omgevingswet, bedraagt de beslistermijn acht weken. De Omgevingswet die op 1 januari 2024 in werking is getreden stimuleert vroegtijdige participatie. Daarmee kunnen overheden namelijk op tijd belangen, meningen en creativiteit op tafel krijgen. De wet zegt over participatie: het in een vroegtijdig stadium betrekken van belanghebbenden [...] bij het proces van de besluitvorming over een project of activiteit. Met belanghebbenden bedoelt de wet burgers, vertegenwoordigers van bedrijven, professionals van maatschappelijke organisaties en bestuurders van overheden. De initiatiefnemer heeft daarom gesprekken gevoerd met de bewoners van het perceel Alddiel 2 en Alddiel 4. Zowel de bewoners van Alddiel 2 als die van Alddiel 4 stonden positief tegenover het planvoornemen. Deze ruimtelijke onderbouwing wordt in het kader van het omgevingsvergunningtraject voor een periode van zes weken ter inzage gelegd. Eenieder wordt daarbij in de gelegenheid gesteld om een zienswijze tegen het plan in te dienen.

De resultaten daarvan zullen te zijner tijd in dit hoofdstuk worden verwerkt.

Ruimtelijke onderbouwing omgevingsvergunning Alddiel 4a te Tytsjerk

13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Tytsjerksteradiel&id=b13a8d83-48c6-4cd9-82c2-1e20a470ef3f