13 - Bijlage 1 - ANNO III Oplegnotitiebesluitvorming
Tekst van het document
Vaststellen Agenda Netwerk NoordOost III Bestemd voor:
Auteur: Bespreekdatum:
Colleges van B&W en raden van de gemeenten Achtkarspelen, Dantumadiel, Noardeast-Fryslân en Tytsjerksteradiel, college van GS en PS van de Provinsje Fryslân, DB en AB van Wetterskip Fryslân Gerbrich Dijkstra, programmacoördinator ANNO oktober en november 2021
Samenwerken loont De gemeenten Achtkarspelen, Dantumadiel, Noardeast-Fryslân en Tytsjerksteradiel, Provinsje Fryslân en Wetterskip Fryslân weten al jaren wat samenwerken is. Dat samenwerken loont, hebben deze partijen meer dan eens bewezen en het smaakt naar meer. De derde Agenda Netwerk NoordOost komt er! ANNO III is een vervolg op de eerdere ANNO I en ANNO II samenwerking. Hoewel provincie en wetterskip geen onderdeel van de regio an sich zijn, verbinden zij zich wel aan deze samenwerking, om zo ook eigen beleidsdoelen te realiseren. Partijen committeren zich voor de lange termijn aan deze Agenda, en plannen medio 2025 een heroverwegingsmoment in over het al dan niet voortzetten van de samenwerking. Deze oplegnotitie heeft tot doel om de lezer mee te nemen in de totstandkoming èn de bedoeling van de Agenda, en dient als begeleidend schrijven bij de Agenda.
Noordoost Fryslân heeft ambitie Wat een samenwerking helpt richten, is een heldere ambitie. Waar gaan we met z’n allen voor, waar geloven we in en worden we sterker van? Deze ambitie is geformuleerd tijdens het bepalen welke opgaven op de agenda horen; welke hebben een meerwaarde voor onszelf, voor de regio en hoe leveren deze een bijdrage aan die ambitie, wanneer we ze gezamenlijk oppakken? De gezamenlijke ambitie van de regio is om in 2040 de topregio te zijn in Noord Nederland, als het gaat om wonen, werken en recreëren, en de focus ligt daarbij op sûn, grien en ûndernimmend, vitaal, groen/duurzaam en ondernemend. We willen met ANNO III van de regio Noordoost-Fryslân een topregio maken. We willen de demografische ontwikkeling bijstellen waar dat mogelijk is. We willen een nieuw elan creeëren in de regio: It kin wol! Noordoost Fryslân is een regio met mensen als doorpakker, een regio die mogelijkheden ziet en een regio met bestuurskracht. Als regio willen we hetzelfde verhaal gaan vertellen. Wie we zijn, waar we van zijn, en waar we voor staan. Als onze positie helder is, zowel voor onszelf als voor buitenstaanders, dan komen we sterker over. Het regio-verhaal gebruiken we om onszelf in de etalage te zetten, waarvoor we een opgave gebiedspromotie geformuleerd hebben. We gebruiken het verhaal ook in de lobby. En het dient als basis voor de Agenda.
Pagina 1 van 5
Samen de schouders onder de opgaven Met de agenda agenderen de partners een aantal opgaven. Dat is nu nog behoorlijk abstract; de concrete uitwerking volgt hierna in uitvoeringsplannen. Dit doen we zoveel mogelijk met samenwerkingspartners. We trekken immers lang niet altijd zelf aan de touwtjes. De opgaven zijn ondergebracht in twee thema’s: duorsume ekonomy en boeie, brûzje en bine. De thema’s helpen om samenhang tussen de opgaven te organiseren en voor partijen om elkaar te ontmoeten en samen te werken. Dan over de regionale opgaven. Op sommige werken we al jaren samen en we noemen die de stevige basisopgaven. Er liggen visies of uitvoeringsplannen onder en we kennen elkaar goed. Daar blijven we vanzelfsprekend het ANNO-platform voor gebruiken. Daarnaast zijn er een aantal nieuwe opgaven geformuleerd, die te maken hebben met sûn, grien en ûndernimmend en die meehelpen de ambitie van topregio waar te maken. Ook daar gebruiken we het platform ANNO voor. Als laatste ‘smaak’ zijn er andere samenwerkingen die de regio sterker maken, zoals de Versnellingsagenda en andere overleggen over bijvoorbeeld onderwijs of participatie. Die gaan niet via het platform van ANNO maar het zijn wel samenwerkingen die de regio verder brengen. In de samenwerkingsagenda is opgenomen wat de inhoud van de agenda is, over de ambitie, de thema’s en de opgaven.
In het Handboek ANNO III staat beschreven op welke wijze we dit willen organiseren en aansturen. Beide documenten zijn bijlagen bij de Samenwerkingsovereenkomst uitvoering Agenda Netwerk Noordoost. Daarin leggen partners in Noordoost Fryslân vast op welke manier zij willen samenwerken op basis van de Agenda Netwerk Noordoost III.
Uitgangspunten voor een goede samenwerking Naast inhoud zijn in de Agenda ook uitgangspunten voor samenwerken opgenomen. Wat vinden we belangrijk in de manier waarop we samenwerken? Zo is de inhoud leidend, en dat betekent dat de opgave centraal staat. Het gaat om het boeken van resultaten, samen en met samenwerkingspartners. Daar is de structuur op gebaseerd. Zeggenschap is zo laag mogelijk georganiseerd, binnen de daarvoor vastgestelde kaders. Tweede uitgangspunt dat we er uit lichten, is die van lyts en linich. Dit betreft zowel de manier waarop het geheel georganiseerd is, met een fjoergroep en bestuurlijke en ambtelijke thematafels, als de wijze waarop de coördinatie en ondersteuning in Team ANNO vorm krijgt. Derde en laatste uitgangspunt dat hier aandacht behoeft, is dat er verschillende manieren van samenwerken zijn. Er zijn opgaven die zich ervoor lenen om stevig samen in de uitvoering op te pakken, zoals het maken van een woonzorgvisie. Daarnaast is ANNO nadrukkelijk ook een afstemmingsplatform, waar partijen elkaar ontmoeten en vinden en afstemmen, zoals bij grien & blau meer het geval is. Derde vorm van samenwerking is de lobby: hoe wenden we gezamenlijk onze invloed aan? Voor de overige uitgangspunten wordt verwezen naar de samenwerkingsagenda.
Pagina 2 van 5
Hoe we tot deze agenda gekomen zijn ANNO II is afgerond met een eindevaluatie, die is gepresenteerd in Burdaard in maart 2020. De groene kaarten gingen massaal omhoog toen de vraag werd gesteld of ANNO II een vervolg moest krijgen. Tegelijkertijd werd ook de Versnellingsagenda ingeregeld en zo de Regiodeal bezegeld, hetgeen de vraag opwierp wat er nog aan samenwerking nodig was naast deze Versnellingsagenda. In twee stappen zijn we als partners aan de slag gegaan met het formuleren van ANNO III. Eerst is besloten dat we willen samenwerken met een offensieve strategie en de ambitie om topregio te worden. Vervolgens is ingevuld hoe we willen samenwerken; met welke opgaven en welke structuur. Daarvoor is een concept-samenwerkingsagenda opgesteld, die in februari aan de colleges van B&W, GS en het DB is voorgelegd. De colleges hebben toen uitgesproken de samenwerking voort te willen zetten en de tweede stap in te gaan (de hoe). Daarom is de concept-agenda eind maart voorgelegd aan de raden, met de vraag of zij hun portefeuillehouders input mee wilden geven op inhoud, proces of organisatie. Ter voorbereiding op de bespreking in de gemeenteraden is op 3 maart een webinar georganiseerd. De raden waren overwegend positief over de samenwerking en hebben de gesprekken over de Agenda scherper gemaakt door input mee te geven aan portefeuillehouders.
Die inbreng is meegenomen naar de Verkenning van de opgaven, aan de zgn. Opgaventafels. Daar is door bestuurders en ambtenaren – en in een aantal gevallen in deze fase van agendavorming ook al samenwerkingspartners – verkend wat de opgaven zijn waarop we willen samenwerken, zodat we de ambitie om topregio te worden waar kunnen maken. Uit die Verkenning is de focus op sûn en grien voortgekomen. Bij die verkenning hebben we de zogenaamde regionale meetlat als afwegingskader gebruikt: wat levert samenwerken op voor iedere partner, wat levert het op voor de regio en hoe draagt het bij aan het realiseren van de ambitie om topregio te worden? Met de Agenda die in november ter besluitvorming wordt aangeboden aan de gemeenteraden, agenderen de partners een aantal opgaven. De concrete uitwerking volgt daarna, in uitvoeringsplannen. Welke projecten met welke resultaten we met wie oppakken, wordt dan nader uitgewerkt.
Voor niets gaat de zon op Samenwerken kost iets. Geld, inzet en energie. Het levert ook wat op, als we het goed doen. Resultaten, geld of energie. Wanneer we het over geld hebben, is het goed om onderscheid te maken tussen organisatiekosten en projectkosten. De organisatiekosten betreffen de kosten voor Team ANNO, dat lyts en linich met ongeveer 2 fte de samenwerking ondersteunt en coördineert. Het is de buitenboordmotor die de samenwerking laat draaien. Was de begroting bij ANNO II nog €330.000 op jaarbasis, bij ANNO III denken we dat voor €250.000 te kunnen organiseren. Dat kan doordat we zoveel mogelijk met eigen mensen willen gaan werken, die dus al op de loonlijst staan; hen uitlenen aan Team ANNO is goedkoper dan externe inhuur. Bovendien versterkt het de verbinding tussen de eigen organisaties en ‘de samenwerking’, wanneer we het met eigen mensen doen.
Pagina 3 van 5
In de uitvoeringsplannen worden de projectkosten en de benodigde ambtelijke inzet per opgave of project in beeld gebracht. De zes partners bepalen zelf wat zij daarin bijdragen, en of dit uit reeds vastgestelde budgetten komt. Ook kan het zijn dat er gezocht moet worden naar externe financiering, zoals van het rijk of Europa. Aan het uitvoeren van de opgaven in de samenwerkingsagenda hangt dus een prijskaartje. Naast een bijdrage in projectkosten vraagt het ook ambtelijke inzet. Op onderdelen vraagt regionaal samenwerken extra ambtelijke inzet, die niet uit de bestaande formatie gehaald kan worden. Bij het uitwerken van de uitvoeringsplannen brengen we de omvang in beeld. Het is lastig hier op voorhand een inschatting van te maken, omdat de beschikbare financiën (en dat is ambtelijke inzet tenslotte ook) mede bepalen hoe groot of klein we de opgave uitwerken. Een voorbeeld maakt dat wat duidelijker: de plus op de energieloketten. Dat kan een relatief kleine plus zijn door bijvoorbeeld een extra doelgroep te bedienen, maar ook een grote plus door een regionaal kenniscentrum te ontwikkelen die de loketten voeden. Het binnenhalen van externe financiering, ook om extra ambtelijke capaciteit uit te betalen, is een andere knop in de uitvoeringsplannen die bepaalt hoe de opgave uitgewerkt wordt. Samenwerken doen we er dus niet zomaar even bij.
Bij het opstellen van de uitvoeringsplannen brengen we per opgave in beeld hoeveel capaciteit het kan kosten. Binnen de kaders van de begroting neemt het college hier een besluit over en daarbuiten wordt dit aan de raad voorgelegd.
Organisatie en aansturing Bij het formuleren van de organisatie en aansturing hebben we ANNO II als uitgangspunt genomen. Wat immers goed werkt, hoef je niet te veranderen. We hebben dat bekeken door de bril van de uitgangspunten van samenwerking, zoals ‘de inhoud is leidend’ en ‘lyts en linich’. We hebben ook gekeken wat beter kon of waar nog iets miste; we willen het niet alleen zo eenvoudig mogelijk organiseren, maar ook goed! De zeggenschap moet op orde zijn, en de betrokkenheid zo groot mogelijk. Binnen de inhoudelijke en financiële kaders is de besluitvorming zo laag mogelijk belegd. Met deze insteek is het Handboek opgesteld. Over de betrokkenheid van raden, staten en AB is opgenomen dat deze in ieder geval jaarlijks een voortgangsrapportage kunnen verwachten. Daarnaast wordt – wanneer ANNO III eenmaal loopt – nog bepaald op welke wijze zij vanuit hun rollen, taken en verantwoordelijkheden betrokken blijven bij de samenwerking. Een regionale commissievergadering, zoals bij ANNO II, waar men naar politieke partij vergaderde en niet per bestuurlijke entiteit, is daarbij één van de opties.
Pagina 4 van 5
Communicatie De communicatie rondom het vaststellen van de Agenda Netwerk Noordoost III kent twee sporen, de communicatie naar buiten en naar binnen de zes organisaties. Na besluitvorming in de colleges (begin oktober) zal er een kort informatief persbericht naar buiten gaan (zie bijlage). In het voorjaar van 2021 is al helder geworden dat we samen ‘ja’ hebben gezegd tegen een herstart van de regionale samenwerking. De boodschap zal gaan over wat er nu nieuw is, met focus op de ambitie en opgaven die er liggen. Het onderscheid met andere zaken in de regio, zoals de Versnellingsagenda, maken we ook duidelijk. De heer Kramer doet namens de regio de algemene woordvoering, als bestuurlijk trekker ANNO III. Voor lokale media wordt doorverwezen naar de eigen burgemeester. Dezelfde boodschap zal tegelijkertijd in de interne organisaties gedeeld worden. Na besluitvorming in de raden, eind november, zullen we grootser uitpakken qua communicatie. Voor de vorm denken we nu aan een fysieke bijeenkomst om de nieuwe agenda te vieren, waarbij ook pers uitgenodigd wordt. Doel is om alle stakeholders, intern, maar vooral ook de maatschappelijke partners te enthousiasmeren en te betrekken bij de ambitie die we hebben. Ook is dit het moment om de rijkspartners te informeren over onze plannen.
Dit kan bij de ondertekening van de Samenwerkingsovereenkomst zijn, waarvoor we bijvoorbeeld ook een inspirerende spreker uitnodigen. Dit wordt nog nader uitgewerkt.
Pagina 5 van 5