09 - Bijlage 4 - Was-wordt lijst Verordening op het burgerinitiatief 2021
Tekst van het document
WAS / WORDT LIJST Verordening op het burgerinitiatief Tytsjerksteradiel Deze was/wordt lijst behoort bij de verordening op het burgerinitiatief Tytsjerksteradiel 2021.
• • •
• o o o
• • •
•
Verordening op het burgerinitiatief 2003 Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 1
Verordening op het burgerinitiatief 2021 Hoofdstuk 1 Artikel 1 - Definities Artikel 1
In deze verordening wordt verstaan onder een burgerinitiatiefvoorstel: een voorstel van een initiatiefgerechtigde ter plaatsing op de agenda van de vergadering van de raad.
In deze verordening wordt verstaand onder: 1. Burgerinitiatief; een voorstel van een initiatiefgerechtigde tot het plaatsen van een onderwerp of voorstel op de agenda van de gemeenteraad. 2. Initiatiefgerechtigd; inwoner van de gemeente Tytsjerksteradiel die op de dag van indiening van het burgerinitiatief tenminste de leeftijd van 16 jaar heeft. 3. Gemeentebestuur; de gemeenteraad en het college van de gemeente Tytsjerksteradiel. Hoofdstuk 2 - Het burgerinitiatief Artikel 3 Artikel 3
Artikel 2 Artikel 2 1.De raad plaatst een burgerinitiatiefvoorstel op de agenda van zijn vergadering, indien daartoe door een initiatiefgerechtigde een geldig verzoek is ingediend. 2.Ongeldig is het verzoek dat: a. niet door ten minste 50 initiatiefgerechtigden wordt ondersteund b. een onderwerp als bedoeld in artikel 4 bevat, of c. niet voldoet aan de voorwaarden, gesteld in artikel 5. Artikel 3 Artikel 3
1. Een burgerinitiatief moet door ten minste 50 initiatiefgerechtigden worden ondersteund. 2. Een burgerinitiatief wordt niet in behandeling genomen indien het: a. niet voldoet aan de voorwaarden gesteld in artikel 1, of b. het een onderwerp betreft als bedoeld in artikel 2.
Artikel 1, lid 2.
1. Initiatiefgerechtigd zijn inwoners van de gemeente en maatschappelijke organisaties die in de gemeente werkzaam zijn. 2. Voor de beoordeling of aan de vereisten voor initiatiefgerechtigdheid is voldaan, is de toestand op de dag van indiening van het verzoek bepalend.
2. Initiatiefgerechtigd; inwoner van de gemeente Tytsjerksteradiel die op de dag van indiening van het burgerinitiatief tenminste de leeftijd van 16 jaar heeft.
Artikel 4
Artikel 2 1
• •
• • •
• o o o
o
Artikel 4
Artikel 2
Een burgerinitiatiefvoorstel houdt niet in: a. een onderwerp dat niet behoort tot de bevoegdheid van de raad; b. een onderwerp betreffende gemeentelijk beleid dat al in een vergevorderd stadium van ontwikkeling is,.
1. Een burgerinitiatief heeft betrekking op een onderwerp dat behoort tot de bevoegdheid van het gemeentebestuur. 2. Een burgerinitiatief kan geen betrekking hebben op: a. een initiatief buiten de gemeentegrenzen van Tytsjerksteradiel; b. een vraag over het gemeentelijk beleid; c. een onderwerp dat louter een privébelang betreft;
Artikel 5 Artikel 5
Artikel 4 Artikel 4
1. Het verzoek ter plaatsing van een burgerinitiatiefvoorstel op de agenda van de vergadering van de raad wordt schriftelijk ingediend bij de burgemeester of de griffier. 2. Het verzoek bevat ten minste: a. een nauwkeurige omschrijving van het burgerinitiatiefvoorstel; b. een toelichting op het burgerinitiatiefvoorstel; c. de achternaam, de voornamen, het adres, de geboortedatum en de handtekening van de verzoeker en zijn plaatsvervanger, en d. een lijst met de voornamen, achternamen, adressen, geboortedata en handtekeningen van de initiatiefgerechtigden die het verzoek ondersteunen.
1. Het verzoek tot plaatsing van een burgerinitiatief op de agenda van de vergadering van de raad wordt schriftelijk ingediend bij de voorzitter van de raad. 2. Het verzoek bevat ten minste: a. een nauwkeurige omschrijving van het burgerinitiatief; b. een toelichting op het burgerinitiatief; c. de achternaam, de voornamen, het adres, de geboortedatum en de handtekening van de initiatiefnemer en zijn plaatsvervanger; d. een lijst met de achternaam, voornamen, het adres, geboortedata en handtekeningen van de initiatiefgerechtigden die het verzoek ondersteunen.
•
Artikel 5 Nieuw lid 1,2, en 3 1. De griffier toetst of het burgerinitiatief voldoet aan hetgeen is gesteld in de artikelen 1, 2, 3 lid 1 en 4 lid 2. 2. Indien het burgerinitiatief niet voldoet aan het gestelde in lid 1 van dit artikel, dan stelt de griffier de initiatiefnemer gedurende een periode van maximaal 4 weken in de gelegenheid de gebreken te herstellen. 3. Indien na de periode van 4 weken het burgerinitiatief niet voldoet aan de in lid 1 van dit artikel genoemde artikelen, wordt het burgerinitiatief buiten behandeling gelaten. De griffier stelt de initiatiefnemer hiervan op de hoogte. 2
• • •
•
•
•
• • • • •
Artikel 6
Artikel 6
1. Indien het initiatiefvoorstel naar het oordeel van de griffier voldoet aan de gestelde criteria wordt het voorstel zo spoedig mogelijk op de agenda van de raad geplaatst. 2. De griffier nodigt de verzoeker schriftelijk uit voor de vergadering waarvoor het burgerinitiatiefvoorstel is geagendeerd. De verzoeker of zijn plaatsvervanger heeft tijdens deze vergadering de gelegenheid om zijn burgerinitiatiefvoorstel mondeling nader toe te lichten in maximaal twee termijnen. 3. Zo spoedig mogelijk nadat de raad over het burgerinitiatiefvoorstel een besluit heeft genomen, wordt dit besluit bekendgemaakt door kennisgeving van het besluit of van de zakelijke inhoud ervan in het plaatselijke huisaan-huisblad, dan wel op een andere geschikte wijze. 4. Tegelijkertijd met de bekendmaking wordt van het besluit mededeling gedaan aan de verzoeker.
1. Indien uit de toetsing van artikel 5 lid 1 van deze verordening blijkt dat het burgerinitiatief voldoet aan de gestelde eisen, dan wordt het in de eerstvolgende raadsvergadering voorgelegd aan de gemeenteraad. 2. Indien het burgerinitiatief geagendeerd wordt heeft de initiatiefnemer of zijn plaatsvervanger de mogelijkheid het voorstel mondeling in de raadsvergadering nader toe te lichten in maximaal twee termijnen. 3. De gemeenteraad kan besluiten dat het burgerinitiatief verder uitgewerkt wordt en stelt het initiatief hiervoor in handen van het college. 4. Indien de gemeenteraad besluit dat een initiatief verder uitgewerkt wordt, wordt tevens een afdoeningstermijn gesteld. 5. De initiatiefnemer wordt door de griffier ingelicht over de vervolgstappen inzake de uitwerking van het burgerinitiatief. 6. De gemeenteraad neemt, binnen de afgesproken afdoeningstermijn een besluit over het voorstel van het college over het burgerinitiatief. 7. Na uitwerking besluit de gemeenteraad of ingestemd kan worden met het uitgewerkte burgerinitiatief. 8. Indien niet met het burgerinitiatief wordt ingestemd, is er sprake van een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht waartegen bezwaar en beroep open staat. Hoofdstuk 3 - Slotbepaling Artikel 7
Artikel 7 1.Deze verordening kan worden aangehaald als de Verordening op het burgerinitiatief 3.Deze verordening treedt in werking op 29 januari 2003 mits geen verzoek wordt ingediend tot het houden van een referendum. Aldus vastgesteld door de Raad in de openbare vergadering van 28 november 2002
1. Deze verordening kan worden aangehaald als de Verordening op het burgerinitiatief Tytsjerksteradiel 2021. 3. Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van de bekendmaking. 4. Op het moment van inwerkingtreding van deze verordening wordt de Verordening op het burgerinitiatief d.d. 28 november 2002 ingetrokken. Aldus vastgesteld door de gemeenteraad van Tytsjerksteradiel in de openbare vergadering van 3 juni 2021.
3
Toelichting algemeen Burgerinitiatief betekent dat (groepen) burgers de mogelijkheid hebben om zelf onderwerpen op de raadsagenda geplaatst te krijgen. Burgerinitiatief wordt wel de verbindingsschakel tussen de representatieve en de participatieve democratie genoemd. Dit past in het versterken van de vertegenwoordigende functie van de raad in het duale stelsel. In het jaarlijkse burgerjaarverslag zal de burgemeester die hierin onder anderen rapporteert over burgerparticipatie ook rapporteren over het gebruik van het instrument burgerinitiatief.
Toelichting algemeen De doelstelling van de Verordening op het burgerinitiatief Tytsjerksteradiel is: de participatie en betrokkenheid van de mienskip van Tytsjerksteradiel vergroten en de bewoners de mogelijkheid bieden om direct invloed uit te oefenen op de politieke agenda.
Artikelsgewijze toelichting Artikel 1
Artikelsgewijze toelichting Inhoud vervalt
Deze bepaling biedt de mogelijkheid dat burgers een onderwerp aan de gemeenteraad aandragen, zonder dat hierbij een concreet voorstel is gevoegd. Overigens hebben burgers uiteraard ook de vrijheid om een concreet voorstel in te dienen. Artikel 2 Artikel 2
Artikel 1 Artikel 1
Uit dit artikel volgt dat de gemeenteraad een burgerinitiatiefvoorstel op de agenda van een raadsvergadering moet plaatsen, indien er sprake is van een geldig verzoek, ingediend door een initiatiefgerechtigde. De gemeenteraad zal zich in dat geval dus tenminste moeten uitspreken over het burgerinitiatiefvoorstel. Van een geldig verzoek is sprake als (a) het verzoek door tenminste 50 initiatiefgerechtigden wordt ondersteund, (b) het onderwerp van het burginitiatiefvoorstel niet in artikel 4 is uitgezonderd en (c) aan de in artikel 5 gestelde procedurele voorwaarden wordt voldaan. Het aantal van 50 ondersteunende handtekeningen is zodanig gekozen dat het een zekere garantie biedt dat het betreffende verzoek gedragen wordt door een gedeelte van de bevolking zonder dat deze drempel verhinderend geacht wordt.
Uit dit artikel volgt dat de gemeenteraad een burgerinitiatiefvoorstel op de agenda van een raadsvergadering moet plaatsen, indien er sprake is van een geldig verzoek, ingediend door een initiatiefgerechtigde. De gemeenteraad zal zich in dat geval dus tenminste moeten uitspreken over het burgerinitiatief. Het ligt voor de hand om het initiatiefrecht toe te kennen aan de inwoners van de gemeente. Van een geldig verzoek is sprake als (a) het verzoek door tenminste 50 initiatiefgerechtigden wordt ondersteund, (b) het onderwerp van het burginitiatiefvoorstel niet in artikel 2.2 is uitgezonderd en (c) aan de in artikel 4 gestelde procedurele voorwaarden wordt voldaan. Voor de toetsing of aan de vereisten voor initiatiefgerechtigdheid is voldaan, is het moment van indiening van het verzoek het meest aangewezen. Het verzoek vindt immers formeel op dit moment plaats. Artikelsgewijze toelichting; Artikel 1;
Artikel 3
4
Het ligt voor de hand om het initiatiefrecht toe Het ligt voor de hand om het initiatiefrecht toe te kennen aan de inwoners van de gemeente en te kennen aan de inwoners van de gemeente. aan maatschappelijke organisaties die in de gemeente werkzaam zijn. Artikel 4 Artikel 4
Artikel 2 Artikel 2
De beperkingen die dit artikel stelt aan de inhoud van een burgerinitiatiefvoorstel vloeien vooral voort uit doelmatigheidsoverwegingen. Het is bijvoorbeeld weinig efficiënt om de raad te belasten met de beraadslaging over een onderwerp waarover de raad uiteindelijk geen beslissingsbevoegdheid heeft. Ook moet worden voorkomen, dat het burgerinitiatief andere procedures zoals de bezwaar- of de klachtenprocedure doorkruist. Tenslotte is het evenmin de bedoeling dat zaken die recent nog in de raad aan de orde zijn geweest opnieuw onderwerp van bespreking worden als gevolg van een burgerinitiatief.
De beperkingen die dit artikel stelt aan de inhoud van een burgerinitiatiefvoorstel vloeien vooral voort uit doelmatigheidsoverwegingen. Het is bijvoorbeeld weinig efficiënt om de raad te belasten met de beraadslaging over een onderwerp waarover de raad uiteindelijk geen beslissingsbevoegdheid heeft. Ook moet worden voorkomen, dat het burgerinitiatief andere procedures zoals de bezwaar- of de klachtenprocedure doorkruist. Daarnaast is het evenmin de bedoeling dat zaken die recent nog in de raad aan de orde zijn geweest opnieuw onderwerp van bespreking worden als gevolg van een burgerinitiatief. Tot slot lenen individuele kwesties zich naar hun aard niet voor de inzet van een burgerinitiatief. Artikel 3
Artikel 5 Artikel 5
Het aantal van 50 ondersteunende handtekeningen is zodanig gekozen dat het een zekere garantie biedt dat het betreffende voorstel gedragen wordt door een gedeelte van de bevolking zonder dat deze drempel verhinderend geacht wordt. Artikel 4 Artikel 4
Het ligt voor de hand om het burgerinitiatiefvoorstel in te laten dienen bij de voorzitter of de griffier van de raad. Aan het verzoek moet een aantal minimumvereisten gesteld worden. Uit praktische overwegingen is er voor gekozen een standaardformulier voor burgerinitiatieven in te laten vullen. Op dit formulier zal de verzoeker naast het voorstel plus toelichting, in ieder geval zijn personalia en die van zijn plaatsvervanger moeten aangeven. Ook de initiatiefgerechtigden die het verzoek ondersteunen zullen uiteraard vermeld moeten worden. Om fraude met namen te voorkomen wordt naar personalia gevraagd. Met name adressen en geboortedata. Met name deze
Het burgerinitiatief wordt ingediend bij de voorzitter van de raad. Aan het verzoek moet een aantal minimumvereisten gesteld worden. Uit praktische overwegingen is ervoor gekozen een formulier voor burgerinitiatieven in te laten vullen. De formulieren voor burgerinitiatieven zijn via de website van de gemeente, de website van de gemeenteraad en via de griffie verkrijgbaar. Op dit formulier zal de verzoeker naast het voorstel plus toelichting, in ieder geval zijn personalia en die van zijn plaatsvervanger moeten aangeven. Ook de initiatiefgerechtigden die het verzoek ondersteunen moeten worden vermeld. Om fraude met namen te voorkomen wordt naar 5
laatste gegevens kunnen niet aan openbare personalia gevraagd, waaronder adressen en bronnen als telefoonboeken worden ontleend. geboortedata. Op grond van deze gegevens kan de gemeente onderzoeken of het voorstel de steun van voldoende daartoe gerechtigde personen heeft. Artikel 6 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 5 De burger moet erop kunnen vertrouwen dat zijn voorstel spoedig wordt getoetst aan de vereisten en zodra gebleken is dat het voorstel voldoet aan de in deze verordening opgenomen vereisten. De griffier zal in overleg met het seniorenconvent het burgerinitiatiefvoorstel zo spoedig mogelijk agenderen voor een raadsvergadering.
De griffie toetst het voorstel aan de hand van de criteria benoemd in deze verordening, om zo te bepalen of er sprake is van een geldig burgerinitiatief. De initiatiefnemer moet erop kunnen vertrouwen dat zijn voorstel spoedig wordt getoetst aan de vereisten.
Artikel 6 Zodra gebleken is dat het voorstel voldoet aan de vereisten van een burgerinitiatief wordt het burgerinitiatief zo spoedig mogelijk geagendeerd voor de raadsvergadering. De griffier nodigt de initiatiefnemers schriftelijk uit voor de raadsvergadering waarvoor het burgerinitiatiefvoorstel is geagendeerd. De initiatiefnemer of zijn plaatsvervanger heeft tijdens deze vergadering de gelegenheid om zijn burgerinitiatief mondeling nader toe te lichten in maximaal twee termijnen. Op basis van het ingediende burgerinitiatief en de mondeling toelichting maakt de gemeenteraad een afweging om het burgerinitiatief wel of niet verder uit te laten werken. Als de gemeenteraad besluit het burgerinitiatief verder uit te laten werken geeft zij hiertoe opdracht aan het college. Vervolgens wordt er een afdoeningstermijn afgesproken, het uitgangspunt is dat het college en de gemeenteraad samen tot een afdoeningstermijn komen. Binnen de afgesproken afdoeningstermijn komt het voorstel volgens de reguliere procesgang weer terug op de agenda van de gemeenteraad, de gemeenteraad behandelt het burgerinitiatief en neemt een besluit.
6
Zo spoedig mogelijk nadat de gemeenteraad over het burgerinitiatief een besluit heeft genomen, wordt dit besluit bekend gemaakt door kennisgeving van het besluit of van de zakelijk inhoud daarvan. Dit wordt gedaan via de gemeentewebsite, social-mediakanalen en in een overheidswege blad of een dag-, nieuws- of huis-aan-huisblad, dan wel op een andere geschikte wijze. Gelijktijdig met de bekendmaking wordt het besluit ook gedeeld met de initiatiefnemers. Vervolgens wordt de initiatiefnemer ingelicht over de vervolgstappen inzake de uitvoering van het burgerinitiatief.
7