09 - Bijlage 1 - Ruimtelijke onderbouwing
Tekst van het document
Douwelaan (tussen 86 en 88) Oentsjerk Nieuwbouw woning Gemeente Tytsjerksteradiel Ruimtelijke onderbouwing 28 februari 2023
Ruimtelijke onderbouwing Douwelaan (tussen 86 en 88) Oentsjerk Nieuwbouw woning Gemeente Tytsjerksteradiel Concept t.b.v. vooroverleg 28 februari 2023 Definitief t.b.v. aanvraag Adviseur AXON Adviseurs
Inhoudsopgave 1.
2.
3.
4.
5.
6.
INLEIDING ........................................................................................................................................ 1 1.1
Ligging en begrenzing projectgebied....................................................................................... 1
1.2
Vigerend bestemmingsplan en procedure .............................................................................. 2
1.3
Leeswijzer ................................................................................................................................ 2
OMSCHRIJVING PROJECT................................................................................................................. 3 2.1
Huidige situatie........................................................................................................................ 3
2.2
Uitgangspunten voor de ontwikkeling .................................................................................... 5
2.3
Stedenbouwkundig ontwerp en de woning ............................................................................ 5
BELEIDSKADER ............................................................................................................................... 10 3.1
Rijk ......................................................................................................................................... 10
3.2
Provincie ................................................................................................................................ 11
3.3
Gemeente Tytsjerksteradiel .................................................................................................. 12
OMGEVINGSASPECTEN ................................................................................................................. 14 4.1
Milieueffectrapportage ......................................................................................................... 14
4.2
Geluid .................................................................................................................................... 14
4.3
Luchtkwaliteit ........................................................................................................................ 16
4.4
Stikstof ................................................................................................................................... 16
4.5
Bodem ................................................................................................................................... 16
4.6
Milieuzonering....................................................................................................................... 17
4.7
Externe Veiligheid.................................................................................................................. 17
4.8
Trillingshinder ........................................................................................................................ 18
4.9
Water ..................................................................................................................................... 18
4.10
Archeologie en cultuurhistorie .............................................................................................. 18
4.11
Ecologie ................................................................................................................................. 20
4.12
Kabels en leidingen................................................................................................................ 22
UITVOERBAARHEID........................................................................................................................ 23 5.1
Maatschappelijke uitvoerbaarheid ....................................................................................... 23
5.2
Economische uitvoerbaarheid ............................................................................................... 23
EINDCONCLUSIE ............................................................................................................................ 24
BIJLAGEN Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4
25 Rapport Stikstof Verkennend bodemonderzoek Uitgangspunten watertoets Verslag participatie omwonenden
1.
INLEIDING
Deze ruimtelijke onderbouwing heeft betrekking op de nieuwbouw van een woning aan de Douwelaan (tussen 86 en 88) te Oentsjerk. Het perceel is kadastraal bekend bij de gemeente Giekerk sectie E nr 3231. Dit perceel is meer dan 50 jaar in gebruik als moestuin. De wens is om op dit perceel een woning te realiseren. Deze ontwikkeling past niet binnen het huidige bestemmingsplan. Om de ontwikkeling toch mogelijk te kunnen maken, dient een planologische procedure (artikel 3.10 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht) te worden doorlopen. De planologische haalbaarheid van het bouwproject wordt in een ruimtelijke onderbouwing aangetoond. Dit document voorziet in deze onderbouwing.
1.1 Ligging en begrenzing projectgebied Het perceel is gelegen aan de Douwelaan te Oentsjerk, tussen de huisnummers 86 en 88. Zie figuur 1 en 2.
Figuur 1: Ligging van het projectgebied
Figuur 2: Begrenzing van het projectgebied
1
1.2 Vigerend bestemmingsplan en procedure Het perceel waarop de woning is voorzien, is in gebruik als particuliere moestuin. Het perceel heeft volgens het vigerende bestemmingsplan Oentsjerk 2012 (vastgesteld 23 mei 2013) een woonbestemming (Wonen-A1 en Tuin). Zie figuur 3. Er ligt geen bouwvlak op het perceel, waardoor er geen bouwtitel voor een woning bestaat. Aan weerszijden van het perceel staan twee woningen, met de bestemmingen Wonen-A1 en Wonen-A2 (met aanduiding karakteristiek). Om de woning mogelijk te maken, dient een planologische procedure gevolgd te worden (artikel 3.10 Wabo).
Figuur 3: Uitsnede van het bestemmingsplan Oentsjerk 2012
1.3 Leeswijzer Na deze inleiding wordt in hoofdstuk 2 een beschrijving gegeven van de huidige situatie, de gewenste ontwikkelingen en ruimtelijke inpassing daarvan. In hoofdstuk 3 worden de uitgangspunten getoetst aan het, voor het project relevante, beleid op de verschillende niveaus. In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op de omgevingsaspecten. Vervolgens worden in hoofdstuk 5 de maatschappelijk en economische uitvoerbaarheid van het project besproken. Hoofdstuk 6 geeft ten slotte een beknopte samenvatting en conclusie van de ruimtelijke onderbouwing.
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
2
2. OMSCHRIJVING PROJECT 2.1
Huidige situatie
Het perceel waarop de nieuwbouw van de woning plaatsvindt, is gelegen aan de Douwelaan te Oentsjerk. De Douwelaan is een woonstraat die de N361 met de Keatsjemuoiwei verbindt. Langs de laan staan overwegend vrijstaande woningen, incidenteel afgewisseld met twee-onder-één kapwoningen of een appartementencomplex. De bebouwingsstructuur wordt gekenmerkt door lintbebouwing, waarin de woningen overwegend in een verspringende rooilijn zijn geplaatst. De oriëntatierichting van de woningen is divers: de voorgevels van de woningen staan overwegend haaks, maar soms ook in de breedte langs de weg. De bouwperioden van de woningen zijn divers.
86
88
Figuur 4: Kadastrale situatie projectgebied (nr 3231) en de directe omgeving
Het perceel (kadastraal nummer 3231, zie figuur 4) is al lange tijd in gebruik als particuliere moestuin. Uit historisch kaartmateriaal en informatie van de eigenaar / gebruiker blijkt dat tot circa 1970 een dubbele arbeiderswoning op de locatie aanwezig is geweest. De oppervlakte van het perceel is 680 m 2. Op de naastgelegen percelen staan vrijstaande woningen. De woning op nummer 86 is in het bestemmingsplan aangemerkt als ‘karakteristiek’ en bestaat uit een hoger schuurgedeelte met voorhuis. De woning is nagenoeg op de erfgrens gebouwd, de ramen zijn aan deze zijde ondoorzichtig (matglas). De woning op nummer 88 bestaat uit 1 bouwlaag met kap. De achterzijde van het perceel grenst aan de achtertuin van de woning aan de Keatsjemuoiwei 15. Foto’s van de bestaande situatie zijn opgenomen in de figuren 5 a t/m f. De Douwelaan is een woonstraat met een toegestane maximum snelheid van 30 km/uur.
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
3
Figuur 5a. foto links: de moestuin gezien vanaf de Douwelaan
Figuur 5b: foto linksonder: bebouwing Douwelaan 88 Figuur 5c: foto rechtsonder: bebouwing Douwelaan 86
Figuur 5d: Douwelaan in westelijke richting
Figuur 5e: Douwelaan in oostelijke richting
Figuur 5f: foto links: materiaalhokje
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
4
2.2
Uitgangspunten voor de ontwikkeling
De nieuwe woning en de inrichting van het perceel dienen optimaal in de omgeving te worden ingepast. Daarom zijn de volgende uitgangspunten voor het plan geformuleerd: Positionering van de woning op het perceel Het perceel waarop de woning wordt gebouwd, heeft een afmeting van circa 16 x 42 m. Met het bepalen van de positionering van de woning wordt rekening gehouden met dit langgerekte karakter van het perceel. Ook wordt met de positionering van de woning zoveel mogelijk rekening gehouden met de situering van de naastgelegen woningen (nummers 86 en 88), de wens van de buren en met de stedenbouwkundige kenmerken van de lintbebouwing langs de Douwelaan. Afmetingen Bij de keuze voor de hoofdvorm van de woning (hoofdgebouw en eventuele bijgebouwen), de kapvorm en de maatvoeringen wordt zoveel mogelijk aangesloten bij de bouwkenmerken van omliggende woningen. Hierbij worden de maatvoeringen uit het bestaande bestemmingsplan en de geldende welstandscriteria als uitgangspunt aangehouden: namelijk ‘Wonen A1’ (artikel 24): -
24.2.1.c : de goot- en bouwhoogte van het woonhuis is maximaal 9 m. Dit geldt niet voor de goothoogte binnen een afstand van 3 m gerekend vanaf de voorgevellijn. Hier geldt een goothoogte van maximaal 4 m.
Het ontwerp Het ontwerp van de woning dient te voldoen aan de redelijke eisen van welstand, zoals beschreven in de Welstandsnota van de gemeente Tytsjerksteradiel. De woning dient te voldoen aan de duurzaamheidsvereisten. Parkeren op eigen erf en inrit Het perceel wordt op de Douwelaan met een eigen inrit ontsloten. Het parkeren vindt op eigen erf plaats. Duurzaamheid Het plan dient te voldoen aan de wettelijke vereisten met betrekking tot duurzame woningbouw en de gemeentelijke ambities.
2.3
Stedenbouwkundig ontwerp en de woning
In deze paragraaf wordt op basis van de voorgenoemde uitgangspunten een toelichting gegeven op het ontwerp van de woning. Zie figuur 6. Stedenbouwkundige inpassing Er is behoefte aan vrijstaande woningen in Oentsjerk volgens de KAW monitor. Hier zijn er op dit moment veel van geprogrammeerd, maar nog niet allemaal gerealiseerd. Wenselijk zijn patiowoningen die nog niet zijn geprogrammeerd. Er is gekeken naar de mogelijkheid voor een woning in deze vorm of in de vorm van een 2^1 kap, dit is echter niet passend in het straatbeeld en niet passend bij de wens van initiatiefnemer. Aan de Douwelaan zijn er woningen met tussenstegen gesitueerd.
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
5
Er blijft hierdoor een voldoende ruime voortuin over, met voldoende ruimte voor twee parkeerplaatsen op het eigen terrein. Op het achtererf is ruimte voor een ruime achtertuin en de bouw van een schuur. De achtergevel van de woning komt in lijn met de voorgevel van nummer 88. De gevel gaat iets voorbij aan de achtergevel van nummer 86. Hier loopt op de erfgrens echter een dichte haag vanaf de achtergevel van no 86 tot achteraan op het perceel. Waardoor ook voor deze buren de privacy is geborgd. De afstand van de zijdelingse perceelsgrens tot de woning is 3,5 m (tot de grens met nummer 86) en 4,0 m (tot de grens met nummer 88). Door de woning iets dichter tot de erfgrens van nummer 86 te plaatsen, blijft er meer ruimte en lucht ten opzichte van de naar achter liggende woning op nummer 88.
Het perceel wordt ontsloten via een eigen inrit op de Douwelaan. De inrit ligt op de plek van de huidige toegang tot het perceel. De bestaande heg aan de voorzijde van het perceel wordt behouden. Afmetingen en ontwerp De woning bestaat uit één bouwlaag met kap (zie figuur 7). De bouwhoogte is 8,5 m. De goothoogte varieert. Aan de voorzijde van de woning (woonkamergedeelte) is de goothoogte hoger, namelijk 3,8 meter. Deze afmeting sluit goed aan bij de hoge kap van de naastgelegen schuurwoning op nummer 86. Aan de achterzijde van de woning is de goothoogte 3,0 m. Deze lagere goot sluit goed aan bij de woning op nummer 88. De breedte van de voorgevel is 6,5 m, de achtergevel is 8,8 m.
Door voor een smallere voorgevel te kiezen, ontstaat vanaf de Douwelaan een passend en gevarieerd bouwvolume. Voor de materialisering en het kleurgebruik van de woning is als volgt gekozen: Gevels: metselwerk antraciet Voeg: specie antraciet verdiept Gevels: hout zweeds rabat Kozijnen: hout wit ral 9001 Deuren: hout antraciet 7016 Ramen: hout wit ral 9001 Raamdorpelsteen: belgisch hardsteen Lekdorpels: aluminium antraciet Goten: zink mast goot Dakbedekking: keramische pan zwart
De welstandstoets voor het bouwplan van de woning zal in het kader van het vooroverleg met de gemeente plaatsvinden.
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
7
linker
linker
Figuur 7: zijaanzichten woning en plattegrond
8
Parkeren Het parkeren vindt plaats op eigen erf. Er is plaats voor 2 auto’s. Dit is overeenkomstig het beleid van de gemeente Tytsjerksteradiel. Duurzaamheid De woning wordt gasloos gebouwd. De woning wordt verwarmd/gekoeld door middel van een warmtepomp en zonnepanelen. Daarnaast wordt bij de inrichting van het perceel rekening gehouden met zo weinig mogelijk verharding.
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
9
3. BELEIDSKADER Dit hoofdstuk bevat een beschrijving van het voor het projectgebied van toepassing zijnde beleid, zowel van het rijk, provincie als de gemeente. Wanneer van toepassing, wordt aangegeven of dit beleid nadere uitgangspunten voor de gewenste ontwikkeling in het projectgebied oplevert.
3.1
Rijk
Nationale Omgevingsvisie De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is een onderdeel van de nieuwe Omgevingswet. Met de NOVI geeft het Rijk een langetermijnvisie op de toekomst en de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving in Nederland. Het ontwerp van de NOVI richt zijn op vier prioriteiten. Deze onderwerpen hebben onderling veel met elkaar te maken en ze hebben gevolgen voor hoe we onze fysieke leefomgeving inrichten: ruimte maken voor de klimaatverandering en energietransitie; de economie van Nederland verduurzamen en ons groeipotentieel behouden; onze steden en regio's sterker en leefbaarder maken; het landelijk gebied toekomstbestendig ontwikkelen. ➢
De conclusie is dat voor het onderhavige project geen rijksbelangen zijn gemoeid.
Ladder duurzame verstedelijking Voor het bepalen van de behoefte aan het project is de Ladder voor Duurzame Verstedelijking (hierna te noemen: de Ladder) doorlopen. Op 1 juli 2017 is het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) gewijzigd, waarbij een nieuwe Laddersystematiek geldt. Deze ladder bestaat uit twee treden en is bedoeld als hulpmiddel bij een zorgvuldige afweging van ruimtelijke en infrastructurele besluiten. Het doorlopen van de Ladder heeft als doel het realiseren van een goede ruimtelijke ordening in de vorm van een acceptabel woonen leefklimaat en een duurzaam ruimtegebruik. De Ladder voor Duurzame Verstedelijking kent de volgende stappen: 1. Nagegaan wordt in hoeverre de voorgenomen stedelijke ontwikkeling in een actuele regionale behoefte voorziet; 2. Indien uit 1) blijkt dat er sprake is van een actuele regionale behoefte, wordt beschreven in hoeverre in die behoefte binnen het bestaand stedelijk gebied van de betreffende regio kan worden voorzien door benutting van beschikbare gronden door herstructurering, transformatie of anderszins. Belangrijk bij de invulling van de treden is om te kijken naar zowel de kwantitatieve als de kwalitatieve aspecten. Het gaat dus niet alleen over programma's of oppervlakten, maar ook over de mogelijkheden om bepaalde functies goed te kunnen laten functioneren.
De stappen die worden gevraagd, bewerkstelligen dat de wens om een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk te maken, nadrukkelijk wordt gemotiveerd en afgewogen met oog voor de ontwikkelingsbehoefte van een gebied, maar ook met oog voor de toekomstige ruimtebehoefte en voor de ontwikkeling van de omgeving waarin het gebied ligt.
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
10
Of bij een voorziening sprake is van een stedelijke ontwikkeling, hangt af van de omvang en de gebruiksmogelijkheden. In de uitspraak van 25 maart 2015; ECLI:NL:RVS:2015:953 is bepaald dat woningbouwplannen met een omvang vanaf 12 woningen als stedelijke ontwikkeling kunnen worden gezien, terwijl in de uitspraak van de Afdeling van 16 september 2015 (ECLI:NBL:RVS:2015:2921) een plan van 11 woningen niet als stedelijke ontwikkeling werd gezien vanwege de beperkte omvang. ➢
3.2
Bij het onderhavige plan is geen sprake van een woningbouwlocatie welke aan te merken is als een stedelijke ontwikkeling. Het betreft de bouw van 1 woning. Volstaan kan worden met een onderbouwing of er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Deze ruimtelijke onderbouwing voorziet hierin.
Provincie
Omgevingsvisie Fryslân De Romte Diele De Omgevingsvisie geeft richting aan de activiteiten van de provincie. Hierin staan de ambities voor de lange termijn beschreven. De provincie wil met de samenleving goede ideeën en mooie plannen voor Fryslân realiseren. Bij de ruimtelijke inpassing van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen moet aandacht worden besteed aan het versterken van de ruimtelijke kwaliteit. Dit kan door efficiënt ruimtegebruik, bijvoorbeeld door de mogelijkheden van herstructurering te onderzoeken. Ook zijn een goede beeldkwaliteit en een zorgvuldige landschappelijke inpassing van groot belang. De provincie kiest voor een concentratie van wonen, werken en voorzieningen in stedelijke gebieden. ➢
De conclusie is dat voor het onderhavige project geen provinciale belangen zijn gemoeid.
Verordening Romte (2014) Op 25 juni 2014 hebben de Provinciale Staten de Verordening Romte Fryslân / werkwijze RO 2014 vastgesteld. In de Verordening Romte Fryslân wordt uitgegaan van bundeling van stedelijke functies. Om te voorkomen dat in het landelijk gebied verdere verstedelijking plaatsvindt, worden stedelijke functies geconcentreerd in het bestaand stedelijk gebied (artikel 1.1.1. lid 1). De voorkeur gaat uit naar herstructurering, transformatie of intensivering voordat gekeken wordt naar uitbreidingen buiten het bestaand stedelijk gebied (artikel 1.1.1 lid 2). ➢
Het onderhavige project is gelegen binnen bestaand stedelijk gebied. Er is sprake van intensivering. Het perceel ligt binnen de bebouwde kom en heeft reeds een woningbestemming (zonder bouwvlak). De ontwikkeling past binnen het beleid van de verordening.
Omgevingsverordening Fryslân (ontwerp 2021) Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet wordt de Verordening Romte vervangen door de Omgevingsverordening. Het ontwerp van de Omgevingsverordening heeft al ter inzage gelegen. De vaststelling door Provinciale Staten zal in het tweede kwartaal van 2022 plaatsvinden. ➢
De ontwikkeling past binnen de regels van de omgevingsverordening.
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
11
3.3
Gemeente Tytsjerksteradiel
Omgevingsvisie Tytsjerksteradiel 2021 – 2040 (ontwerp november 2021) De Koers van de gemeente is: ‘We wonen, werken en ontspannen in vitale en leefbare dorpen en in een aantrekkelijk buitengebied. De leefomgeving beweegt mee met de ontwikkelingen van deze tijd, met respect voor de bestaande ruimtelijke en sociaal-culturele kwaliteiten’. Eén van de ambities is om voor iedereen een passende woonruimte te hebben. De gemeente wil zorgen voor een woningvoorraad die aansluit bij de vraag en behoefte van onze inwoners, met name ook de jongeren en mogelijk mensen van buiten. Dat betekent dat er nieuwbouw mogelijk is wanneer die vraag er is. Ook wordt de mogelijkheid geboden om bestaande woningen aan te passen aan de veranderende samenstelling van gezinnen en zorgbehoefte. Daarnaast biedt de gemeente de mogelijkheid om nieuwe – mogelijk innovatieve – woonvormen toe te voegen aan de voorraad. Deze ambitie draagt bij aan global goal 11 (duurzame steden en gemeenschap). ➢
De bouw van een woning past in de koers en draagt bij aan de ambitie van de Omgevingsvisie.
Woonvisie 2019 - 2024 De gemeente vindt het belangrijk om voldoende woningen bouwen om te voorzien in de verwachte behoefte. Door de woningbehoefte in de toekomst goed te blijven monitoren, is er continue in beeld of er niet teveel of te weinig woningen worden gebouwd. De nieuwbouwopgave van Tytsjerksteradiel is deels ingevuld met harde plannen die in ontwikkeling zijn gebracht of nog komen. Niettemin vindt de gemeente dat er in elke kern van de gemeente ruimte moet blijven om woningen te kunnen bouwen. Belangrijke voorwaarde daarbij is dat er sprake moet zijn van een aantoonbare behoefte aan het beoogde initiatief. ➢
De behoefte is aantoonbaar. De initiatiefnemers van dit plan is een jong stel, een dame en heer van 23 en 22 jaar oud. Ze wonen thans nog bij hun ouders in respectievelijk Oentsjerk en Gytsjerk. Zij willen graag samenwonen. De heer heeft een eigen timmermansbedrijf met een (meer dan) gevulde opdrachtenportefeuille van bouwprojecten in en om de Trynwâlden. Mevrouw is 3e jaars PABO-student (NHL Leeuwarden) en wil in de regio aan de slag als lerares basisschool. De initiatiefnemers willen graag bouwen op het perceel dat in eigendom is van de familie. Het perceel is jarenlang door opa in gebruik geweest als moestuin, doch gezien zijn leeftijd is dit niet langer vol te houden. De initiatiefnemers kunnen via de familie de koop van het perceel en de bouw van de woning financieren. Door middel van zelfbouw kunnen de initiatiefnemers aanzienlijk op de kosten besparen. Omdat de grond al jaren in de familie is, en dit bij bouw door de initiatiefnemer zo blijft, is er mogelijkheid tot familie-financiering. Op ander wijze lukt dit niet: er zijn in de Trynwâlden weinig woningen te koop en die wel te koop staan zijn voor de initiatiefnemers voorlopig (> 3 jaar) onbereikbaar.
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
12
Welstandsnota gemeente Tytsjerksteradiel De gemeente heeft haar gemeentelijke welstandsbeleid opgenomen in de Welstandsnota (2019). Volgens de welstandsnota ligt de locatie in het welstandsgebied ‘lintbebouwing’ (figuur 8). Voor dit deelgebied zijn toetsingscriteria opgenomen die relevant zijn voor de bouw van de nieuwe woning.
Figuur 8: fragment uit de welstandskaart. Duurzaamheidsagenda Duoarsum Tegearre Dwaan De ambitie van de gemeente Tytsjerksteradiel is om in 2040 energieneutraal te zijn. ➢
Het initiatief voor de bouw van de woning past binnen de beleidskaders op het gebied van duurzaamheid. De woning wordt goed geïsoleerd, verwarmd en gekoeld, o.a. door toepassing van een warmtepomp en zonnepanelen. De woning is niet aangesloten op aardgas.
Doarpsfisy Oentsjerk 2008-2020 De toekomst voor Oentsjerk is door het dorp beschreven in de dorpsvisie. Voor de toekomst van het wonen ligt de overheersende wens om de functie van het dorp als woondorp in een groene omgeving te handhaven. De bouw van nieuwe woningen blijft gewenst vanwege de woonfunctie van het dorp en vanwege de toename van kleine gezinnen, maar in minder sterke mate dan voorheen. De bouw van woningen gaat bij voorkeur uit naar inbreidingslocaties, locaties dus binnen de bestaande bebouwingpatroon óf op geschikte open plekken. De woningen zijn geschikt voor jongeren en starters. Over het algemeen wordt er een tekort aan betaalbare starterswoningen gesignaleerd. Nieuwbouw zal vooral in de vorm van laagbouw plaatsvinden. ➢
Het initiatief past in de lijn van de dorpsvisie.
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
13
4. OMGEVINGSASPECTEN In dit hoofdstuk worden de relevante omgevingsaspecten beoordeeld.
4.1
Milieueffectrapportage
Voor besluiten en plannen die ontwikkelingen bevatten, die (mogelijk) belangrijke negatieve gevolgen voor het milieu kunnen hebben, geldt de plicht voor het opstellen van een milieueffectrapportage. Op die manier krijgt milieu een volwaardige rol in de afweging van belangen. De drempelwaarden voor projecten waarbij deze verplichting aan de orde is, zijn vastgelegd in het Besluit m.e.r. Bij deze ruimtelijke onderbouwing hoeft geen milieueffectrapportage te worden opgesteld. De ontwikkeling die met deze ruimtelijke onderbouwing mogelijk wordt gemaakt, ligt onder de drempelwaarden zoals die genoemd zijn in het Besluit m.e.r. (onderdeel D, kolom 2). In onderdeel D, D.11.2 wordt aangegeven dat voor ‘de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject, met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen’ een vormvrije Mer-beoordeling dient plaats te vinden. Vanaf 7 juli 2017 kan dit niet meer in de vorm van een paragraaf in de toelichting, maar moet door de initiatiefnemer een 'aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling worden opgesteld. Dit is alleen niet aan de orde indien het bevoegd gezag zelf initiatiefnemer is. Beoordeling woning Douwelaan Gelet op de aard en de omvang wordt dit project niet aangemerkt als een stedelijk ontwikkelingsproject als bedoeld in kolom 1 van categorie 11.2 van onderdeel D van de bijlage bij het Besluit m.e.r. (vgl.
de uitspraak van de Afdeling van 15 januari 2020, ECLI:NL:RVS:2020:100). Er hoeft derhalve geen vormvrije m.e.r.-beoordeling te worden uitgevoerd. Uit dit hoofdstuk van de ruimtelijke onderbouwing blijkt dat met de realisatie van dit project geen negatieve gevolgen voor het milieu optreden. Conclusie:. Het aspect ‘milieueffectrapportage’ vormt geen belemmering voor het planvoornemen.
4.2
Geluid
Voor het onderdeel geluidshinder is de Wet geluidhinder (Wgh) van kracht. Het doel van deze wet is het terugdringen van hinder als gevolg van geluid en het voorkomen van een toename van geluidshinder in de toekomst. Industrielawaai In of nabij Oentsjerk bevinden zich geen gezoneerde bedrijventerreinen als bedoeld in artikel 40 van de Wet geluidhinder. Beoordeling woning Douwelaan Het project voldoet aan de grenswaarden van de Wet geluidhinder. Vanuit het aspect industrielawaai zijn er geen belemmeringen voor het planvoornemen. Een akoestisch onderzoek naar industrielawaai is niet noodzakelijk.
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
14
Wegverkeerslawaai Wanneer geluidsgevoelige gebouwen (zoals woningen) binnen een zone behorend bij een zoneplichtige weg worden geprojecteerd bij een ruimtelijke procedure, dient door middel van een akoestisch onderzoek te worden aangetoond dat wordt voldaan aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. Wegen waar deze zone in principe niet geldt, zijn: -
wegen die gelegen zijn binnen een als woonerf aangeduid gebied; wegen waarvoor een maximumsnelheid geldt van 30 km/uur.
Beoordeling woning Douwelaan Het perceel ligt aan de Douwelaan. Hier geldt een maximum snelheid van 30 km/uur. De meest dichtbijgelegen weg is de Keatsjemuowei. Hier geldt een snelheid van 60 km/uur. Overeenkomstig artikel 74 van de Wet geluidhinder hebben deze wegen een geluidzone (aandachtsgebied voor geluid) van 200 meter aan weerszijden van de weg. Het projectgebied ligt binnen deze zones. In het kader van het vigerend bestemmingsplan Oentsjerk 2012 heeft akoestisch onderzoek plaatsgevonden. Op de computerplot is de ligging van de 48 dB-geluidscontouren (Lden-waarde) ten gevolge van wegverkeerslawaai op de betrokken zoneplichtige weg (Kaetsjemuoiwei) aangegeven in het maatgevende jaar 2025 (figuur 9). De daarbij behorende maatgevende waarneemhoogte bedraagt 4,5 m + maaiveld. Hieruit blijkt dat het projectgebied buiten de geluidscontour ligt. Nader akoestisch onderzoek is niet noodzakelijk. Conclusie: Het aspect geluid vormt geen belemmering voor het planvoornemen.
Figuur 9: fragment Onderzoek geluid en luchtkwaliteit wegverkeer (bijlage 3 bestemmingsplan Oentsjerk 2012)
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
15
4.3
Luchtkwaliteit
Voor het aspect luchtkwaliteit is de Wet milieubeheer van kracht. De wet is enerzijds bedoeld om de negatieve effecten op de volksgezondheid aan te pakken, als gevolg van te hoge niveaus van luchtverontreiniging. Volgens de Grootschalige Concentratie- en Depositiekaarten Nederland (2020) geldt in de directe omgeving van het projectgebied een gemiddelde fijnstof concentratie (PM10) van 18 μg/m3 en een gemiddelde concentratie stikstofdioxide (NO2) van 13 μg/m3. De norm voor beide stoffen ligt op 40 μg/m3 (jaargemiddelde concentratie vanaf 2015). Er is dus geen sprake van een dreigende overschrijding van de grenswaarden. Beoordeling woning Douwelaan De bouw van 1 woning valt onder de regeling ‘Niet in betekenende mate’ (luchtkwaliteitseisen) en draagt niet in betekenende mate bij aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. Aanvullend onderzoek naar het aspect luchtkwaliteit is niet noodzakelijk. Conclusie: het aspect luchtkwaliteit vormt geen belemmering voor het planvoornemen.
4.4
Stikstof
Projecten of handelingen (zoals bijvoorbeeld vestiging/uitbreiding van een bedrijf of een woningbouwplan) kunnen vergunningplichtig zijn in het kader van de Natuurbeschermingswet. Deze activiteiten kunnen stikstofdepositie veroorzaken ter plaatse van gevoelige habitattypes in nabijgelegen Natura 2000-gebieden. Beoordeling woning Douwelaan Voor het onderhavige project moet aangetoond worden of er negatieve effecten in het kader van de Wnb beschermde gebieden zullen optreden. Op basis daarvan kan worden bepaald of vervolgstappen nodig zijn, zoals het aanvragen van een vergunning van de Wnb. Op 27 februari 2023 is de berekening voor de stikstofdepositie voor onderhavig project uitgevoerd. Er is een berekening uitgevoerd separaat voor de realisatiefase en exploitatiefase. De berekening is opgenomen in bijlage 1. Uit deze berekening blijkt dat er geen wijziging in stikstofneerslag > 0,00 kg/j wordt veroorzaakt op omliggende Natura 2000 gebieden. Conclusie: het aspect stikstof vormt geen belemmering voor het planvoornemen.
4.5
Bodem
Het beleid ten aanzien van de bodemkwaliteit is op nationaal niveau vastgelegd in de Wet bodembescherming (Wbb) en het (bijbehorende) Besluit bodemkwaliteit. Gestreefd wordt naar een duurzaam bodembeheer. Bij een ruimtelijk plan moet de bodemkwaliteit van het betreffende gebied inzichtelijk worden gemaakt.
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
16
Hierbij is van belang te weten of er bodemverontreiniging is die de functiedoelen kan frustreren, of er gezondheidsrisico's of ecologische risico's daardoor zijn en wat de mogelijkheden zijn om er tijdig iets aan te doen. Om deze vragen te beantwoorden is wettelijk verplichte informatie over de bodemkwaliteit nodig. Het uitgangspunt wat betreft de bodem in het plangebied is, dat de kwaliteit ervan zodanig dient te zijn dat er geen risico's zijn voor de volksgezondheid bij het gebruik van het plangebied voor de beoogde functie(s). Beoordeling woning Douwelaan Volgens het Bodemloket.nl is het perceel geen verdachte locatie. In juli 2022 is een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. De lichte verontreinigingen in de grond en het grondwater geven geen aanleiding tot het uitvoeren van aanvullend onderzoek. Op basis van de resultaten van het verkennend bodemonderzoek worden, vanuit milieuhygiënisch oogpunt, geen belemmeringen verwacht ten aanzien van de beoogde nieuwbouw op de locatie. Het onderzoeksrapport is in bijlage 2 opgenomen. Conclusie: Het aspect bodem vormt geen belemmering voor het planvoornemen.
4.6
Milieuzonering
In het kader van een goede ruimtelijke ordening is ruimtelijke afstemming tussen bedrijfsactiviteiten, voorzieningen en gevoelige functies (woningen) noodzakelijk. Voor deze afstemming wordt de basiszoneringslijst van de VNG-brochure ’Bedrijven en milieuzonering’ (2009) gehanteerd. Een richtafstand kan worden beschouwd als de afstand waarbij onaanvaardbare milieuhinder als gevolg van bedrijfsactiviteiten redelijkerwijs kan worden uitgesloten. Beoordeling woning Douwelaan In de omgeving zijn geen functies aanwezig die een beperking op de bouw van de woning leggen. De woning legt geen beperking op in de omgeving aanwezige functies. Er wordt voldaan aan de VNG-richtafstanden. Conclusie: het aspect milieu vormt geen belemmering voor het planvoornemen.
4.7
Externe Veiligheid
Externe veiligheid gaat over het beheersen van de risico's voor de omgeving bij gebruik, opslag en vervoer van gevaarlijke stoffen als vuurwerk, lpg en munitie over weg, water en spoor en door buisleidingen. In het kader van het aspect externe veiligheid is de risicokaart en het bestemmingsplan Oentsjerk geraadpleegd. Beoordeling woning Douwelaan Vanuit de externe veiligheid bestaan geen uitgangspunten en belemmeringen voor het project. Een aanvullend onderzoek is niet noodzakelijk. Conclusie: vanuit het aspect externe veiligheid zijn er geen belemmeringen voor het planvoornemen.
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
17
4.8
Trillingshinder
In Nederland bestaat geen wetgeving voor het voorkomen van hinder of schade door trillingen. Wel dient het aspect trillingen in het kader van de goede ruimtelijke ordening en de zorgvuldige voorbereiding van besluiten wel te worden afgewogen indien een trillingsbron aanwezig is. Beoordeling woning Douwelaan In het projectgebied worden geen nieuwe trillingsbronnen toegevoegd. Ook liggen in de omgeving van het projectgebied geen functies die trillingen veroorzaken. Een indicatief onderzoek naar trillingshinder is derhalve niet noodzakelijk. Conclusie: vanuit het aspect trillingen zijn er geen belemmeringen voor het planvoornemen.
4.9
Water
Sinds 1 november 2003 is de toepassing van de watertoets wettelijk verplicht door de verankering in het Besluit op de ruimtelijke ordening 1985. De watertoets heeft betrekking op alle grond- en oppervlaktewateren en behandelt alle van belang zijn de waterhuishoudkundige aspecten (naast veiligheid en wateroverlast ook bijvoorbeeld waterkwaliteit en verdroging). De watertoets is een belangrijk procesinstrument om het belang van water een evenwichtige plaats te geven in de ruimtelijke ordening. Uit de waterparagraaf blijkt de betrokkenheid van de waterbeheerder in het planproces en de wijze waarop het wateradvies van de waterbeheerder is meegenomen in de uitwerking van het plan. Voor deze ontwikkeling is de digitale watertoets van het Wetterskip Fryslân doorlopen. De ontvangen uitgangspunten zijn in bijlage 3 opgenomen. Het resultaat van de watertoets is dat er bij de ingevoerde ruimtelijke activiteit geen sprake is van een waterschapsbelang. Het betreft de bouw van 1 woning, waarbij de toename van de verharding minder dan 200 m2 bedraagt. Conclusie: vanuit het aspect water zijn er geen belemmeringen voor het planvoornemen.
4.10
Archeologie en cultuurhistorie
Ter implementatie van het Verdrag van Malta in de Nederlandse wetgeving is in 2007 de Wet op de archeologische monumentenzorg als onderdeel van de Monumentenwet in werking getreden. De wet verplicht gemeenten bij het opstellen van ruimtelijke plannen en projecten rekening te houden met de in hun bodem aanwezige waarden. Bij het opstellen van plannen moeten cultuurhistorische waarden tijdig in beeld worden gebracht. Het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) stelt in dat verband specifieke eisen aan het opstellen van ruimtelijke plannen. Beoordeling woning Douwelaan De locatie is aan de FAMKE-kaart getoetst. De FAMKE is gebaseerd op twee bestaande landelijke kaarten: de Archeologische Monumentenkaart (AMK) en de Indicatieve Kaart Archeologische Waarden (IKAW).
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
18
De FAMKE bestaat uit twee advieskaarten, één voor de periode steentijd - bronstijd (300.000 - 800 v Chr), en één voor de periode ijzertijd - middeleeuwen (800 v Chr - 1500 n Chr). Steentijd-bronstijd Voor het plangebied aan de Douwelaan geldt ‘onderzoek bij grote ingrepen’. Van deze gebieden wordt vermoed, op basis van eerder onderzoek dat eventuele aanwezige archeologische resten uit de steentijd al ernstig verstoord zijn. Voor de meeste kleine ingrepen is hier dan ook geen verder onderzoek noodzakelijk. Diepere sporen en vondsten kunnen evenwel nog intact zijn. Een uitzondering maken wij daarom voor zeer omvangrijke ingrepen van meer dan 2,5 hectare. Voor dergelijke grote ingrepen adviseert de provincie een karterend proefsleuvenonderzoek. Aanbevolen wordt om hiervoor contact op te nemen met de provinciaal archeoloog. ➢
De onderhavige projectlocatie heeft een oppervlakte van 680 m2, en valt daarmee onder de categorie ‘kleine ingrepen’. Nader onderzoek is daarom niet noodzakelijk.
IJzertijd-middeleeuwen Voor het projectgebied aan de Douwelaan geldt ‘karterend onderzoek 3 (middeleeuwen)’. In deze gebieden kunnen zich archeologische resten bevinden uit de periode ijzertijd - middeleeuwen. Het gaat hier dan met name om vroeg en volmiddeleeuwse veenontginningen. Daarbij bestaat de kans dat er zich huisterpjes uit deze tijd in het plangebied bevinden. Ook de wat oudere boerderijen kunnen archeologische sporen of resten afdekken, hoewel de veengronden eromheen al afgegraven zijn. De provincie beveelt aan om bij ingrepen van meer 5000 m² een historisch en karterend onderzoek te verrichten, waarbij speciale aandacht moet worden besteed aan eventuele Romeinse sporen en/of vroeg-middeleeuwse ontginningen. Mochten er, als gevolg van het karterend archeologisch onderzoek, een of meerdere vindplaatsen worden aangetroffen, dan zal uit nader (waarderend) onderzoek moeten blijken hoe waardevol deze vindplaatsen zijn. De aard van dit waarderend (vervolg)onderzoek hangt af van het type aangetroffen vindplaats, en de strategie van onderzoek dient te worden bepaald door het desbetreffende onderzoeksbureau. Indien de vindplaats een nieuw aangetroffen terp betreft, geldt het advies: ‘waarderend onderzoek op terpen'.
De resultaten van het karterend onderzoek kunnen ook uitwijzen dat de voorgenomen ingreep niet bezwaarlijk is, of met welke randvoorwaarden in het plan rekening dient te worden gehouden. Mocht het plangebied een bebouwde kom betreffen, dan dient in de onderzoeksstrategie rekening te worden gehouden met recente verstoringen die zich kunnen hebben voorgedaan. ➢
De onderhavige projectlocatie heeft een oppervlakte van 680 m2. Historisch en karterend onderzoek is niet noodzakelijk.
Cultuurhistorie Het ontwerp van de woning voldoet aan de gestelde stedenbouwkundige en architectonische randvoorwaarden, passend bij de karakteristieke kenmerken van de stedenbouwkundige structuur van de Douwelaan.
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
19
Voor het overige zijn er geen cultuurhistorische waarden waarmee in het plangebied rekening gehouden moet worden. Conclusie: de aspecten archeologie en cultuurhistorie vormen geen belemmering voor het planvoornemen.
4.11
Ecologie
Bij elk ruimtelijk plan dient, met het oog op de natuurbescherming, rekening te worden gehouden met de Wet Natuurbescherming. De Wet natuurbescherming vervangt vanaf 1 januari 2017 drie wetten: de Natuurbeschermingswet 1998, de Boswet en de Floraen Faunawet. Doel van de Wet natuurbescherming is drieledig: 1. bescherming van de biodiversiteit in Nederland, 2. decentralisatie van verantwoordelijkheden en 3. Vereenvoudiging van regels. Beoordeling woning Douwelaan De bouw van de woning bevindt zich binnen de bebouwde kom van Oentsjerk. Gebiedsbescherming Natura 2000 Het plangebied ligt buiten de begrenzing van Natura 2000-gebied. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied is de Groote Wielen, op circa 4 kilometer afstand. Aangezien het plangebied buiten de begrenzing van Natura 2000-gebied ligt, is er geen sprake van direct negatieve effecten zoals oppervlakteverlies, versnippering en mechanische effecten. De mogelijke effecten beperken zich zodoende tot externe werking. NNN Het plangebied ligt niet binnen het Natuurnetwerk Nederland (NNN). Het dichtstbijzijnde NNN-gebied ligt op circa 1 kilometer afstand. Nadere toetsing aan NNN is niet nodig. Weidevogelgebied Het plangebied ligt buiten een weidevogelkansgebied. Ganzenfourageergebied Het plangebied ligt buiten aangewezen ganzenfoerageergebied. Wetland Dit project heeft geen negatieve invloed op wetlands.
Soortenbescherming Het eerste artikel in de Wet natuurbescherming betreft de zorgplicht en heeft betrekking op het voorkomen of beperken van schade aan soorten en gebieden, voor zover deze niet middels overige verbodsbepalingen zijn gereguleerd. Het gaat daarbij in de praktijk vooral om minder streng beschermde soorten, waarbij het onnodig doden, verwonden of beschadigen dient te worden vermeden. Overtreding van de zorgplicht is niet strafbaar gesteld; “de zorgplicht kan wel door toepassing van bestuursdwang worden gehandhaafd”.
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
20
Deze formulering van de zorgplicht brengt met zich mee dat wanneer men een bepaalde handeling wil verrichten die gevolgen voor natuurwaarden zou kunnen hebben, men zich daaraan voorafgaand op de hoogte stelt van de aanwezige natuurwaarden, de kwetsbaarheid ervan en de mogelijke gevolgen daarvoor van het voorgenomen handelen. De zorgplicht is te allen tijde van toepassing, ook al vindt er geen overtreding van een verbodsbepaling plaats. Beoordeling woning Douwelaan • In het projectgebied worden geen bomen gekapt. De bestaande heggen worden gehandhaafd. • De huismus is ter plaatse mogelijk aanwezig. De huidige moestuin en de heggen rondom het perceel kunnen potentieel een essentieel onderdeel van de leefomgeving zijn. De initiatiefnemer zegt toe dat de bestaande heggen rondom het perceel gehandhaafd blijven en dat in aanvulling daarop de perceelsrand met nieuwe hagen wordt ingericht. Daarnaast is de initiatiefnemer voornemens om de tuin rondom de nieuwe woning biodivers in te richten (o.a. met ruige hoekjes) en met plantsoorten die een positieve bijdrage leveren aan de biodiversiteit. Te denken valt aan Kardinaalsmuts, Hollandse vogelkers, Lijsterbes, Vlier en Sleedoorn. Zowel vogels als insecten profiteren hiervan. Daarmee blijft de leefomgeving van de huismus voldoende intact. Nader onderbouwing / onderzoek is niet noodzakelijk.
•
Niet uitgesloten is dat het perceel wordt gebruikt als foerageergebied van vleermuizen. Ook foerageergebieden kennen een zekere bescherming. Het is goed mogelijk dat de gevelbetimmering van het naastgelegen pand (nr 86) geschikt is als potentiële verblijfplaats voor vleermuizen. Er is geen sprake van dat deze verblijfplaats als gevolg van de nieuwbouw van de woning wordt vernietigd. Het naastgelegen pand blijft bestaan, hier zullen geen wijzigingen aan worden verricht. De nieuwe woning komt op voldoende afstand te staan van het naastgelegen pand. Bovendien zal de initiatiefnemer geen directe lichtbronnen op deze gevelbetimmering richten. Daarmee is voldoende onderbouwd dat deze potentiële verblijfplaats is beschermd en er als gevolg van de bouw van de woning geen negatieve significatante effecten zullen optreden. Nader onderzoek is niet noodzakelijk. Met de bouw van de woning wordt met de positionering van de woning op het perceel rekening gehouden dat aan weerzijden voldoende ruimte overblijft als fourageerroute. Bovendien blijven in de ruime omgeving van het perceel voldoende alternatieve fourageergebieden voor vleermuizen over. Uit de overzichtkaart (figuur 10) blijkt waar sprake is van geschikte open plekken in de omgeving (geel omlijnde gebieden, blauwe arcering is het plangebied): Tot slot is de initiatiefnemer voornemens om vleermuiskasten op te hangen.
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
21
Figuur 10: Overzichtskaart alternatieve fourageergebieden vleermuizen
•
•
Groei- en verblijfplaatsen van beschermde flora, grondgebonden zoogdieren, vissen, amfibieën, reptielen en ongewervelden zijn gezien het gebruik als moestuin en de terreinkenmerken, habitateisen en bekende verspreidingsgegevens uitgesloten. In het plangebied zijn enkele algemeen voorkomende grondgebonden zoogdieren te verwachten. Voor deze soorten geldt een vrijstelling van de verbodsartikelen. Conclusie: nader onderzoek is niet noodzakelijk. Het aspect ecologie vormt geen belemmering voor het planvoornemen.
4.12
Kabels en leidingen
Volgens het bestemmingsplan zijn in het plangebied geen kabels en leidingen aanwezig die een planologische belemmering met zich meebrengen. Voorafgaand aan de uitvoering worden de aanwezige kabels, leidingen en huisaansluitingen inzichtelijk gemaakt, zodat hiermee tijdens de werkzaamheden rekening kan worden gehouden.
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
22
5. UITVOERBAARHEID Een wettelijk onderdeel van de ruimtelijke onderbouwing is om inzicht te geven in de uitvoerbaarheid van het project. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in de maatschappelijke en economische uitvoerbaarheid.
5.1
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Participatie omwonenden In het kader van participatie is vroegtijdig met de omwonenden over het plan afgestemd. Het verslag van de participatie is in de bijlage 4 opgenomen. In het kader van de privacywetgeving is in het verslag de privacygevoelige informatie van de omwonenden geanonimiseerd. Tijdens de gesprekken bleken de reacties van de omwonenden op het plan positief. De gesprekken vormden geen aanleiding om het plan aan te passen. Formele procedure Via de uitgebreide procedure van de omgevingsvergunning dient de maatschappelijke uitvoerbaarheid van het project te worden aangetoond. Tijdens deze procedure zijn er verschillende wettelijke momenten waar op de plannen kan worden gereageerd. Op grond van artikel 6.18 van het Besluit omgevingsrecht (Bor) wordt de ontwikkeling voorgelegd aan de betrokken overlegpartners. Daarna wordt de ontwerp-omgevingsvergunning met bijbehorende stukken gedurende een periode van zes weken ter inzage gelegd. Tijdens deze periode bestaat de mogelijkheid tot het indienen van zienswijzen. Eenieder wordt in de gelegenheid gesteld om bedenkingen tegen het initiatief kenbaar te maken. De ingekomen zienswijzen worden door de gemeente beantwoord en meegewogen in de besluitvorming over het verlenen van de omgevingsvergunning. Tegen dit besluit bestaat de mogelijkheid voor beroep en hoger beroep.
5.2
Economische uitvoerbaarheid
Aangetoond moet worden dat het project economisch uitvoerbaar is. De economische uitvoerbaarheid wordt bepaald door de exploitatie van het plan (financiële haalbaarheid) en het kostenverhaal. Financiële haalbaarheid De gronden zijn in eigendom van de initiatiefnemer. De planontwikkelingskosten zijn voor rekening van de initiatiefnemer. Kostenverhaal Het project voorziet in de bouw van 1 woning. In de Wet ruimtelijke ordening is opgenomen dat voor dergelijke bouwplannen in verband met het kostenverhaal van de gemeente, een exploitatieplan moet worden vastgesteld. Omdat het kostenverhaal anderszins verzekerd is, is het vaststellen van een exploitatieplan niet noodzakelijk.
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
23
6. EINDCONCLUSIE De algehele conclusie van deze ruimtelijke onderbouwing is dat de bouw van de woning vanuit ruimtelijk en milieuhygiënisch oogpunt aanvaardbaar is.
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
24
Bijlagen
Bijlage 1
Rapport Stikstof
Bijlage 2
Verkennend bodemonderzoek
Bijlage 3
Uitgangspunten watertoets
Bijlage 4
Verslag participatie omwonenden
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
25
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
Bijlage 1 Rapport stikstof
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
27
RAPPORT STIKSTOFUITSTOOT Nieuwbouw woning Douwelaan 86a te Oentsjerk Projectnummer: Versie: Datum:
22169 V02 27-2-2023
Opdrachtgever: Axon adviseurs Jonkerschap 1 8806 KP Achlum Telefoon : 06-12647489 Contactpersoon: Mevr. A. van der Meer
Opgesteld door: PROJOULE ENERGIE- EN INSTALLATIEADVIES Kerkhoflaan 9 8723 BW KOUDUM Telefoon: 0514 594832 E-mail: bert@projoule.nl Contactpersoon: dhr. Ing. A. de Vries
1
UITGANGSPUNTEN
Voor de berekeningen zijn de onderstaande documenten gehanteerd: - situatie overzicht Douwelaan tussen 86 en 88. - opgave van realisatie 1 woning op de onderhavige kavel door Axon adviseurs. - Als bron voor de uitstootgegevens zijn de opgaven CBS/ER, d.d. 5 juli 2019 gehanteerd. - Uitvoering van onderhavige rapportage is ter verantwoording van uitvoerende participanten.
2.
Stikstof uitstootberekening
Er is een berekening uitgevoerd gecombineerd voor de realisatiefase en exploitatiefase. Beide berekeningen zijn als bijlage toegevoegd. Uit deze berekeningen blijkt dat er geen wijziging in stikstofneerslag > 0,00 kg/j wordt veroorzaakt op omliggende Natura 2000 gebieden.
BIJLAGE Aerius berekening
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:
www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Omschrijving Toelichting
Berekening
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
Totale emissie
Situatie 1 - Beoogd
Resultaten
Situatie 1 - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename van depositie Grootste afname van depositie
Rbic6BkRSf2a (27 februari 2023)
Projoule energie en installatieadvies Douwelaan 86a, 9062EN Oentsjerk woning Douwelaan Bouwfase en exploitatiefase gecombineerd nieuwbouw woning Rbic6BkRSf2a 27 februari 2023, 19:21 Wnb-rekengrid Rekenjaar
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
2023 -
19,9 g/j
3,3 kg/j
2/6
Projectberekening
Situatie 1 (Beoogd), rekenjaar 2023 Emissiebronnen 2 Wonen en Werken | Woningen | Voorziene bebouwing Verkeersnetwerk
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
19,9 g/j
3,0 kg/j 0,3 kg/j
Gebouwen 1 Gebouw 1
Rekenmaat (LxBxH, oriëntatie)
Rbic6BkRSf2a (27 februari 2023)
13,0 m x 8,2 m x 8,0 m, 0 °
3/6
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
Grootste afname van depositie Grootste toename van depositie Hoogste totale depositie
De bronnen op de kaart horen bij de Beoogde situatie.
Rbic6BkRSf2a (27 februari 2023)
4/6
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Situatie 1" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)
Totaal
Rbic6BkRSf2a (27 februari 2023)
-
Hoogste totale Met toename Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
-
-
-
Met afname (ha Grootste gekarteerd) afname (mol N/ha/jr)
-
-
5/6
Projectberekening
Situatie 1, Rekenjaar 2023 1
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Verkeer
Bestemmingsverkeer X:189753,33 Y:584806,4 553,67 m Binnen bebouwde kom (doorstromend) Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 2
Max. snelheid
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Wonen en Werken | Woningen
Naam Voorziene Uittreedhoogte Warmteinhoud bebouwing Locatie X:189711,68 Y:584933,57 Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie
1,0 m 0,000 MW
Links Rechts NOₓ 0,3 kg/j Type scherm - NO₂ 63,0 g/j Hoogte - NH₃ 19,9 g/j Afstand tot de weg - -
Aantal voertuigen
In file
6 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
NOₓ
3,0 kg/j
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2022_20230221_e1cb893112 Database versie 2022_e1cb893112 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/
Rbic6BkRSf2a (27 februari 2023)
6/6
Bijlage 2 Verkennend bodemonderzoek
Ruimtelijke onderbouwing woning Douwelaan Oentsjerk
AXON Adviseurs BV
22
Verkennend bodemonderzoek Douwelaan (tussen nrs. 86 en 88) te Oentsjerk
Opdrachtgever AXON Adviseurs Jonkerschap 1 8713 KD HINDELOOPEN Projectnummer
Autorisatie
220331
Redactie:
paraaf
De heer F. Visser Eindredactie/kwaliteitscontrole: De heer D.J. Westra
Bodemvisie Milieu & Veiligheid BV Singel 60, 9001 XP GROU Telefoon: +31 (0) 566-653130 Internet: www.bodemvisie.nl Rabobank, rekeningnummer NL38 RABO 0118.7529.79 KvK-nummer 58074201, BTW-nummer: NL852861825B01
paraaf
Datum
status
23-08-2022
Definitief
Datum
status
23-08-2022
Definitief
Project
: Verkennend bodemonderzoek Douwelaan (tussen nrs. 86 en 88) te Oentsjerk
Projectnummer
: 220331
INHOUD 1
INLEIDING
3
1.1
Voorwaarden en uitgangspunten
3
1.2
Indeling rapportage
3
2
VOORONDERZOEK
4
2.1
Algemeen
4
2.2
Bekende gegevens
4
2.3
Conclusies vooronderzoek en onderzoekshypothese
4
3
UITGEVOERDE WERKZAAMHEDEN
5
3.1
Algemeen
5
3.2
Veldwerkzaamheden
5
3.3
Chemisch-analytisch onderzoek
6
3.4
Toetsingskader
6
4
RESULTATEN
8
4.1
Zintuiglijke waarnemingen
8
4.2
Analyseresultaten verkennend bodemonderzoek
9
4.3
Interpretatie onderzoeksresultaten
9
4.4
Toetsing hypothese
10
5
CONCLUSIES EN ADVIES
11
BIJLAGEN: 1.
Topografische ligging
2.
Situatietekening met boorlocaties
3.
Profielbeschrijvingen
4.
Analysecertificaten
5.
Toetsing analyseresultaten
©Bodemvisie Milieu & Veiligheid BV, Singel 60, 9001 XP GROU
2 van 11
Project
: Verkennend bodemonderzoek Douwelaan (tussen nrs. 86 en 88) te Oentsjerk
Projectnummer
: 220331
1
INLEIDING In opdracht van AXON Adviseurs is door de Bodemvisie Milieu & Veiligheid BV een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van de Douwelaan (tussen nrs. 86 en 88) te Oentsjerk. Aanleiding tot het uitvoeren van het onderzoek betreffen de voorgenomen nieuwbouw op de locatie. Het onderzoek heeft als doel, inzicht te verschaffen in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse. Teneinde vast te kunnen stellen, of deze al dan niet een belemmering vormt voor de beoogde nieuwbouw.
1.1
Voorwaarden en uitgangspunten Bij een verkennend bodemonderzoek dienen de volgende normen te worden gevolgd. -
Voorafgaand aan het bodemonderzoek dient een vooronderzoek conform de richtlijnen in de Nederlandse Eind Norm (NEN) 5725: “Bodem, leidraad voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend, oriënterend en nader onderzoek” te worden verricht;
-
Het verkennend bodemonderzoek dient te voldoen aan de richtlijnen in de Nederlandse Eind Norm (NEN) 5740: “Bodem, onderzoeksstrategie bij verkennend onderzoek”.
Volledigheidshalve merken wij op dat Bodemvisie Milieu & Veiligheid BV een onafhankelijk opererend adviesbureau is, welke op generlei wijze verbonden is met de opdrachtgever voor het onderzoek of de eigenaar van de onderzoekslocatie.
1.2
Indeling rapportage In het onderhavige rapport wordt eerst ingegaan op de locatiegegevens en het vooronderzoek. Vervolgens komen de veldwerkgegevens, het laboratoriumonderzoek en de analyseresultaten aan bod. De rapportage wordt afgesloten met een bespreking van de analyseresultaten en de bijbehorende conclusies.
©Bodemvisie Milieu & Veiligheid BV, Singel 60, 9001 XP GROU
3 van 11
Project
: Verkennend bodemonderzoek Douwelaan (tussen nrs. 86 en 88) te Oentsjerk
Projectnummer
: 220331
2
VOORONDERZOEK
2.1
Algemeen Het vooronderzoek is gebaseerd op de NEN 5725. In het kader van het vooronderzoek is informatie ingewonnen uit de volgende bronnen:
2.2
-
informatie van de opdrachtgever;
-
informatie van het provinciaal bodeminformatiesysteem (Nazca-I);
-
interpreteren van topografische en geohydrologische kaarten;
-
een locatie-inspectie.
Bekende gegevens De onderzochte locatie aan de Douwelaan bevindt zich in de historische dorpskern van Oentsjerk, tussen de woningen met de nummers 86 en 88. Het perceel staat kadastraal bekend als: gemeente Giekerk, sectie E, nummer 3231 en heeft een oppervlakte van 680 m2. Uit historisch kaartmateriaal en informatie van de eigenaar blijkt, dat tot circa 1970 een dubbele arbeiderswoning op de locatie aanwezig is geweest. De locatie is momenteel in gebruik als moestuin. Het voornemen bestaat ter plaatse een nieuwe woning te realiseren. Als onderdeel van het opstellen van het onderzoeksvoorstel is het provinciaal bodeminformatiesysteem (Nacza-I) geraadpleegd, om inzicht te verkrijgen in mogelijke gegevens met betrekking tot eerder uitgevoerd bodemonderzoek, potentieel (voormalige) bodembedreigende activiteiten en/of uitgevoerde bodemsaneringen. Op de zuidzijde van het perceel is een voormalige watergang aanwezig. Het is onduidelijk of de watergang is gedempt met gebiedseigen grond of met ander materiaal. Tijdens het onderzoek is rekening gehouden met de aanwezigheid van de voormalige watergang, middels de uitvoering van een tweetal raaien van boringen. Voor het perceel en de directe omgeving is geen informatie bekend omtrent voorgaand bodemonderzoek.
2.3
Conclusies vooronderzoek en onderzoekshypothese Het onderzoek is uitgevoerd volgens de NEN 5740 ‘Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond. Van de locatie is bekend dat deze lange tijd in gebruik is geweest als moestuin. Op basis van dit gegeven, bestaat de mogelijkheid dat op de locatie in het verleden onkruidbestrijdingsmiddelen en pesticiden gebruikt zijn, welke mogelijk nog in verhoogde gehalten in de bodem aanwezig zijn. De locatie wordt derhalve als verdacht aangemerkt. Hierbij wordt bij de onderzoeksstrategie uitgegaan van de onderzoeksstrategie voor een verdachte niet lijnvormige locatie, diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde verontreiniging op schaal van monsterneming (VED-HE-NL). De grondmonsters zijn om deze reden,
naast
de
parameters
uit
het
basispakket
van
de
NEN
5740,
onderzocht
op
organochloorbestrijdingsmiddelen (OCB). NB: Bij de interpretatie van het totaal aan onderzoeksgegevens dient, gezien de gehanteerde strategie (gebaseerd op de Nederlandse Norm (NEN) 5740), welke is gericht op een indicatieve beoordeling van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem, rekening gehouden te worden met een zeker restrisico. Tevens wordt erop gewezen, dat onderhavig onderzoek een momentopname is.
©Bodemvisie Milieu & Veiligheid BV, Singel 60, 9001 XP GROU
4 van 11
Project
: Verkennend bodemonderzoek Douwelaan (tussen nrs. 86 en 88) te Oentsjerk
Projectnummer
: 220331
3
UITGEVOERDE WERKZAAMHEDEN
3.1
Algemeen De werkzaamheden zijn uitgevoerd op basis van de BRL SIKB 2000 protocol 2001: ‘Plaatsen van handboringen en peilbuizen en nemen van grondmonsters etc’. en protocol 2002: ‘Het nemen van grondwatermonsters’ (versie 6.0, 1 februari 2018). Voor deze protocollen is Bodemvisie Milieu & Veiligheid BV in het bezit een procescertificaat (certificaatnummer NC-SIKB-20350), welke is afgegeven door Normec Certification BV. De chemische analyses zijn uitgevoerd door het de door de Raad voor Accreditatie (RvA) geaccrediteerde